CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Startnotitie startnotitie veranderopgave inburgering Wijdemeren

gemeenteraad 4 februari 2021, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Startnotitie veranderopgave inburgering Wijdemeren4.265 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Startnotitie Veranderopgave Inburgering Wijdemeren

Margy Overeynder december 2020 Wijdemeren

2

Inhoudsopgave 1.

Inleiding ........................................................................................................................................... 3 1.1 Aanleiding ...................................................................................................................................... 3 1.2 Visie ............................................................................................................................................... 3 1.3 Regionale samenwerking .............................................................................................................. 4 1.4 Doelgroepen en aantallen ............................................................................................................. 4

2.

Veranderingen en vernieuwingen, wat verandert er ...................................................................... 5 2.1 Hoofdlijnen van de wet ................................................................................................................. 5 2.2 Brede intake en PIP (Plan Inburgering en Participatie) (nieuw) ................................................... 6 2.3 Verhoging van de taaleis en drie leerroutes (nieuw) .................................................................... 7 2.4 Participatieverklaringstraject (aangepast) .................................................................................... 7 2.5 Module Arbeidsmarkt & Participatie (nieuw) ............................................................................... 7 2.6 Financieel “ontzorgen” (nieuw en alleen voor de doelgroep vergunninghouders) ...................... 7 2.7 Regie gaat naar gemeenten (nieuw) ............................................................................................. 8 2.8 Re-integratie (bestaand)................................................................................................................ 8 2.9 Maatschappelijke begeleiding (deels aangepast) .........................................................................

9 2.10 Naleving verplichtingen (nieuw).................................................................................................. 9

3.

Uitgangspunten beleid en uitvoering .............................................................................................. 9

4 .Aandachtspunten .............................................................................................................................. 10 4.1 Belang van integratieconsulent en werkadviseur ...................................................................... 10 4.2 Beleidsregels en verordeningen .................................................................................................. 11 4.3 Technische aspecten ................................................................................................................... 11 5.Financiën ............................................................................................................................................ 11

3

1. Inleiding Iedereen doet mee, het liefst via betaald werk. Dat is het uitgangspunt van de nieuwe inburgeringswet. Naar verwachting zal deze wet per 1 januari 2022 in werking treden, nadat de ingangsdatum overigens al drie keer is verschoven. Gemeenten krijgen een centrale rol in de intake, de begeleiding en advisering van inburgeringsplichtigen en het organiseren van de taal- en participatie onderdelen van de inburgering. In het regeerakkoord van 2017 was een stelselwijziging van de huidige Wet Inburgering al aangekondigd. De afgelopen twee jaar heeft Wijdemeren stevig ingezet op de groep (ex) statushouders met een uitkering van de Participatiewet richting scholing, activering en participatie zoals nu uitgewerkt in de nieuwe Wet Inburgering, waardoor velen van hen (p-t) werk hebben, of actief zijn in een traject, anderen dienen nog verder geschoold, gemotiveerd en geactiveerd te worden. Deze startnotitie is bedoeld om enerzijds de nieuwe Wet Inburgering toe te lichten en anderzijds in beeld te brengen welke uitgangspunten Wijdemeren hanteert in de implementatie en uitvoering van de nieuwe wet. Na vaststelling van de uitgangspunten wordt een plan van aanpak opgesteld, waarin uitvoerig omschreven wordt hoe de nieuwe wet inburgering in de praktijk uitgevoerd gaat worden.

1.1 Aanleiding In de jaren 2015 tot en met 2017 kreeg ons land te maken met een grote instroom van vluchtelingen. Nog altijd staan gemeenten voor een opgave voor gehuisveste en nog te huisvesten statushouders, waar het gaat om participatie en integratie. Tussen 1 januari 2015 en eind 2019 hebben we in Wijdemeren 194 statushouders gehuisvest. Circa de helft van deze personen is ouder dan 18 jaar. Wanneer een nieuwe statushouder in Wijdemeren komt wonen, heeft hij/zij al een lang traject doorlopen. Het proces vanaf de aankomst in het asielzoekerscentrum tot het moment van inschrijving in de nieuwe gemeente noemen we voorinburgering. Hierna volgt het inburgeringsproces. De verantwoordelijkheid voor de inburgering ligt op dit moment voor een deel bij de statushouder zelf (hij of zij koopt zelf de inburgeringscursus in) en voor een deel bij de gemeente (Participatiewet). Met de onverwacht grote aantallen kwamen de manco’s van het huidige inburgeringsstelsel aan het licht: het stelsel staat teveel op zichzelf, waardoor er geen samenhang is tussen inburgering en participatie. Mensen doen te lang over het inburgeringsproces en worden onvoldoende gestimuleerd om een hoger taalniveau te halen. Het leenstelsel via DUO heeft de prijs van de cursussen opgedreven en maakt dat inburgeraars onder het voor hen haalbare niveau presteren of zelfs bewust aansturen op ontheffing.

Ook wordt er toenemende fraude door cursusinstellingen geconstateerd. Om al deze redenen wordt de inburgering herzien, met als werknaam: Veranderopgave Inburgering. 1.2 Visie De visie van het nieuwe wetsvoorstel – “Iedereen doet mee, het liefst via betaald werk en daar moet de inburgering aan bijdragen.” – sluit aan bij het huidige beleid en praktijk van de gemeente Wijdemeren. Door te investeren in participatie in de breedste zin des woords willen we bewerkstelligen dat inburgeringsplichtigen snel en volwaardig meedoen in de Nederlandse maatschappij, liefst via betaald werk. De nadruk ligt op het bereiken van sociale en economische zelfredzaamheid. Dat betekent uitstroom naar een (beroeps)opleiding of duurzame uitstroom naar betaald werk.

4 1.3 Regionale samenwerking Als kleine gemeente maar ook als regio zien we de meerwaarde van samenwerking op inburgering. In de voorbereiding van de nieuwe Wet Inburgering willen we gezamenlijk blijven optrekken. We delen kennis en bereiden gezamenlijk de inkoop voor met ondersteuning van de regio. Hierbij kan gekozen worden om te werken in meerdere percelen, waarbij iedere gemeente (of combinatie van gemeenten) een eigen overeenkomst af kunnen sluiten. Uitgangspunt is: lokaal wat kan, (sub)regionaal wat effectief en efficiënt is. Regionaal geldt vooral voor de inkoop van de verschillende leerroutes. De verschillende onderdelen (o.a. Persoonlijk plan Inburgering en Participatie (PIP), Brede intake, Participatieverklaringstraject (PVT) en de module arbeid en participatie (MAP) kunnen optimaal geïntegreerd worden binnen de huidige lokale dienstverlening. Ook vergemakkelijkt dit een integrale aanpak binnen het sociaal domein. Aspecten van taal, werk, huisvesting, zorg en onderwijs worden gewogen en opgenomen in het Persoonlijk plan Inburgering en Participatie (PIP). 1.4 Doelgroepen en aantallen Wie is volgens de Wet inburgering (Wi) inburgeringsplichtig? Dat zijn asielstatushouders en hun (nareizende, meerderjarige) gezinsleden, gezinsmigranten (regulier) en “overigen” (bijvoorbeeld geestelijk bedienaren).

Asielstatushouders of Vergunninghouders Vergunninghouders zijn nieuwkomers met een verblijfsvergunning op basis van asiel. De taakstelling voor het huisvesten van vergunninghouders in 2020 was 17. Op basis van instroom van afgelopen jaren schatten we in dat het hier over ongeveer 11 volwassenen gaat. Er gaan stemmen dat de taakstelling voor 2021 beduidend hoger zal zijn. Figuur 1

geplaatste statushouders t/m 2020 70

60 55

60 4442

50 40 30 20 10

40 32

28 21

18

3335 24 19

1717

2019

2020

8

0 2013

2014

2015

2016

taakstelling

2017

2018

geplaatst

Gezinsmigranten De gemeente krijgt een grotere verantwoordelijkheid bij de gezinsmigranten. Het Rijk vindt het belangrijk dat gezinsmigranten in het nieuwe inburgeringsstelsel (meer) steun en begeleiding kunnen krijgen dan nu het geval is. Gezinsmigranten zijn onder andere personen die hier voor gezinshereniging of gezinsvorming zijn, bijvoorbeeld omdat zij een Nederlandse echtgeno(o)t(e) of partner hebben. Ook geestelijk bedienaren en vreemdelingen met een verblijfsvergunning voor een niet-tijdelijk humanitair verblijfsdoel behoren tot deze doelgroep. Vanaf het moment dat de participatieverklaring in 2017 een verplicht onderdeel voor deze groep werd, zien we dat dit in Wijdemeren over ongeveer 8 personen (ouder dan 18 jaar) per jaar gaat. Turkse nieuwkomers Nieuw is dat Turkse nieuwkomers (weer) inburgeringsplichtig worden. Het kabinet gaat Turkse nieuwkomers verplichten om de Nederlandse taal te leren en kennis op te doen over de Nederlandse samenleving en arbeidsmarkt. Turkse burgers die naar Nederland komen moeten

5 straks met succes het inburgeringsexamen afleggen om een permanente verblijfsvergunning te krijgen. Daarnaast zien we ook meer Turkse asielstatushouders- wij hebben deze groep al vanaf 2019 op vrijwillige basis ondersteund in hun trajecten naar werk. Het gaat in Wijdemeren om een beperkte groep mensen.

2. Veranderingen en vernieuwingen, wat verandert er Het nieuwe stelsel zet in op een doorlopende lijn vanuit de opvang. Met in het AZC vanaf dag één taal en het programma ‘’Voorbereiding op de inburgering’’ (op vrijwillige basis!). De regierol van de gemeenten in deze doorlopende leerlijn begint met een brede intake (niet te verwarren met de intake voor de uitkering) De veranderingen gelden niet alleen voor de mensen die zich hier nieuw gaan vestigen, maar ook voor de - veel grotere groep – oudkomers die al in onze samenleving leven. Om een beeld te geven; we verwachten ca. 15 nieuwe inburgeraars vanaf 1 januari 2021, de groep oudkomers (sinds 2015) bestaat zoals gezegd uit 170 personen. Ook deze groep moet meedoen, als zij nog niet actief betrokken zijn in (betaald) werk of participatie. 2.1 Hoofdlijnen van de wet Wat zijn in het kort de hoofdpunten van de nieuwe wet? De nieuwe wet heeft als doel om “nieuwkomers” zo snel mogelijk in staat te stellen te participeren, het liefst via betaald werk. ” 1. Nieuwkomers krijgen bij de gemeente een brede intake en een Persoonsplan Inburgering en Participatie (PIP); 2. Verhoging van de taaleis (minimaal B1 in plaats van A2) en meerdere leerroutes. Ontheffing van de inburgeringsplicht is niet meer mogelijk. Ook kunnen gemeenten eerder boetes uitdelen bij onvoldoende inzet; 3 Regie gaat naar gemeenten.

Het leenstelstel wordt afgeschaft, gemeenten kopen de inburgeringslessen in; 4 Nieuwkomers worden in de eerste periode financieel “ontzorgd”. Gemeenten betalen huur en kosten voor verzekeringen vanuit de bijstand; Hieronder worden deze punten in een schema weergegeven, en vervolgens kort nader toegelicht Figuur 2

6

2.2 Brede intake en PIP (Plan Inburgering en Participatie) (nieuw) Het nieuwe stelsel gaat uit van een doorlopende leer-/ontwikkellijn die start bij plaatsing in het asielzoekerscentrum (AZC). Vanuit het AZC wordt gestart met het aanbieden van taalprogramma's, de gemeente heeft de gemeente de verantwoordelijkheid voor het afnemen van een brede intake. Deze brede intake moet resulteren in een persoonlijk plan: Plan Inburgering en Participatie (PIP). Daarin wordt de route en de looptijd naar het einddoel vastgelegd, met afspraken rond vier thema’s: 1) inburgering, onder andere de passende leerroute 2) participatie, waaronder Participatieverklaring (PVT) , Module arbeidsmarkt en participatie (MAP) 3) ontzorgen 4) begeleiding Het PIP zal naar de inburgeraar worden verzonden in de vorm van een beschikking. Dit geeft de mogelijkheid om dwingend op te kunnen treden wanneer een inburgeraar niet aan zijn verplichtingen voldoet. In het PIP wordt opgenomen welke inburgeringsroute doorlopen wordt. Verplichte onderdelen voor alle inburgeraars zijn het Participatieverklaringstraject (PVT) en de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP). Verderop worden deze nader toegelicht. Deze verplichte onderdelen dienen binnen 18 maanden na huisvesting te zijn afgerond. Het PIP moet binnen 10 weken na huisvesting in de gemeente worden vastgesteld en is niet vrijblijvend.

Knelpunt hierbij kan de leerbaarheidstoets zijn, de toets waarbij het (taal)niveau van de inburgeraar wordt bepaald. Omdat deze wordt uitgevoerd door een onafhankelijke derde, zal het Rijk deze toets gaan regelen. Dit betekent dat gemeentes hier moeilijker regie kunnen voeren op de termijnen. De inburgeraars hebben een resultaatverplichting, de gemeente biedt de voorziening aan. In geval van een uitkering Participatiewet, wat bij de meeste statushouders het geval is, moeten zij verplicht gebruik maken van de door de gemeente aangeboden voorziening. Op grond daarvan moet er gehandhaafd worden.1 Voor het afronden van de inburgering staat een maximale termijn van 3 jaar. Figuur 3

1

Handhaving van de plicht en het afnemen van de examens en KNM (Kennis Nederlandse Maatschappij) is belegd bij DUO .

7

2.3 Verhoging van de taaleis en drie leerroutes (nieuw) Inburgering moet effectiever, met het eindniveau Nederlands dat voorheen vereist werd konden statushouders nog steeds moeilijk uit de voeten, vandaar dat de taaleis verhoogd wordt van A2 (groep 6 basisonderwijs) naar B1 (eind VMBO) Echter, niet iedereen heeft het vermogen dit niveau te bereiken en daarom wordt er nu een stelsel gecreëerd met 3 leerroutes die aansluiten bij leerniveau, vaardigheden en andere afspraken uit het PIP. Het niveau van de inburgeraar wordt bepaald door een leerbaarheidstoets. Deze wordt ontwikkeld door het ministerie van SZW, die tevens de uitvoerder zal aanwijzen. Voor de inburgering zullen drie routes worden ingericht: 1. B1-route: om het mogelijk te maken dat de meeste inburgeraars zo snel mogelijk, maar maximaal binnen drie jaar, taalniveau B1 behalen en hun perspectief op de arbeidsmarkt vergroten, is het van belang dat het leren van de taal gecombineerd wordt met (vrijwilligers)werk. Voor sommigen is zelfs B2 haalbaar. Voor wie B1 na objectieve toetsing niet haalbaar is, kan examen doen op A2 niveau. 2. Onderwijsroute: deze route is gericht op het behalen van een Nederlands schooldiploma voor een goede startpositie op de arbeidsmarkt, minimaal MBO-2. Na een taalschakeltraject worden jonge inburgeraars tot 28 jaar daarom zo snel mogelijk doorgeleid naar een Nederlandse opleiding.

Bij analfabetisme eerst de Z-route en later overstappen. 3. Zelfredzaamheidsroute (Z-route): voor mensen voor wie de onderwijs- of B1-route buiten bereik ligt, komt er een leerroute waarbij iedereen zich in de maatschappij leert te redden. Er worden geen ontheffingen op basis van aantoonbaar geleverde inspanningen meer verleend.

2.4 Participatieverklaringstraject (aangepast) Gemeenten moeten naast de inburgeringsroute ook het Traject Participatieverklaring (PVT) aanbieden. Zonder deze verklaring kan een inburgeraar geen diploma krijgen. Elk land heeft zijn eigen normen, waarden, rechten en plichten. Denk hierbij aan gelijke rechten voor mannen en vrouwen, het recht om jezelf te ontplooien door onderwijs, het mogen kiezen van je partner en het recht om je eigen mening te uiten. Het PVT blijft onderdeel van de inburgering maar wordt in het nieuwe stelsel geïntensiveerd van 4 naar 12 uur. Een vast bestanddeel van het traject moet een excursie of activiteit zijn. De bijeenkomsten zijn bedoeld om inburgeraars kennis te laten maken met de normen en waarden van Nederland, binnen 18 maanden na vestiging in een gemeente. De bijeenkomsten worden afgesloten met het ondertekenen van de Participatieverklaring. In Wijdemeren wordt de PVT uitgevoerd door deskundige vrijwilligers van het Kursusprojekt Loosdrecht. Het mooie is dat al die tijd al voldaan werd aan de verzwaarde eisen van 12 uur en een uitgebreide excursie om kennis te maken met de eigen woonkern. Waar nodig passen we de inhoud aan zodat deze in 2021 aan alle eisen van de nieuwe wet voldoet.

2.5 Module Arbeidsmarkt & Participatie (nieuw) In het nieuwe stelsel gaan gemeenten inburgeraars begeleiden via de MAP (module Arbeidsmarkt en Participatie) bij: - Begeleiding bij het oriënteren en participeren op de Nederlandse arbeidsmarkt. - Gericht op het in beeld brengen van competenties en arbeidskansen op de (lokale) arbeidsmarkt. - Vaardigheden aanleren hoe men een baan vindt. 2.6 Financieel “ontzorgen” (nieuw en alleen voor de doelgroep vergunninghouders) Om te voorkomen dat statushouders in de schulden komen worden ze vanaf het begin verplicht geactiveerd en ontzorgd. Financieel ontzorgen betekent dat het beheer van inkomsten en uitgaven geheel of gedeeltelijk uit handen wordt genomen. In deze nieuwe taak zijn gemeenten verplicht om alle bijstandsgerechtigde vergunninghouders 6 maanden te ontzorgen. Deze periode gaat in op het moment dat het recht op bijstand ontstaat. De vaste lasten worden door de gemeente betaald uit de

8 bijstand en de statushouder ontvangt het resterende bedrag en de toeslagen. Onder vaste lasten worden verstaan: huur, premie voor de verplichte zorgverzekering, voorschotten voor de rekeningen van gas, water, licht. Na deze periode kan dit, mits nodig, als maatwerk worden voortgezet binnen de kaders van de Participatiewet. Tijdens de zes maanden van ontzorging moet er aandacht worden besteed aan het financieel zelfredzaam maken van statushouders, zodat ze later niet alsnog in de problemen komen. Gemeenten mogen wel zelf weten hoe zij ontzorgen. Dat kan bijvoorbeeld door vaste lasten direct uit de uitkering te betalen door de gemeente of via het beheer van een budgetrekening. Kiezen we voor het laatste, wie gaat dit dan uitvoeren. Kiezen we ervoor om de vaste lasten direct via de uitkering te betalen dan betekent dit een flinke aanpassing in de administratie mét de bijbehorende uitvoeringskosten. Financiële zelfredzaamheid betekent dat iemand zodanige keuzes maakt dat de financiën in balans zijn, zowel op de korte als op de lange termijn. Daarvoor is het nodig dat zij/hij kennis heeft van het Nederlandse financiële systeem en van wat geld hier waard is. Bij financieel ontzorgen ontstaat een spanningsveld met financiële zelfredzaamheid. Dit omdat de bijstandsgerechtigde statushouder weinig (in) zicht krijgt op de financiën wanneer rekeningen automatisch betaald worden.

Men kan alleen financieel zelfredzaam worden als er ook voldoende aandacht uitgaat naar begeleiding en/of stimulering van financiële zelfredzaamheid. Wanneer wordt gekozen voor alleen ontzorgen, zonder in te zetten op begeleiding, verschuiven financiële problemen naar een later moment. Belangrijk dus dat financieel ontzorgen en zelfredzaamheid elkaar aanvullen. 2.7 Regie gaat naar gemeenten (nieuw) Gemeenten krijgen in het nieuwe inburgeringsstelsel de regierol op de uitvoering van de inburgering. De gemeente heeft een centrale rol in de intake, de begeleiding en advisering van inburgeringsplichtigen en het organiseren van de taal- en participatiecomponenten van het inburgeringsaanbod. Gemeenten krijgen onder andere de wettelijke plicht om ervoor te zorgen dat een inburgeringsplichtige tijdig een inburgeringsaanbod wordt gedaan dat aansluit bij de leerroute en andere afspraken die in het Plan Inburgering en Participatie (PIP) zijn vastgelegd. Een belangrijke wijziging ten opzichte van de huidige situatie is de nadruk op de combinatie van het leren van de taal en participeren. Dit vraagt een duaal karakter van inburgeringstrajecten. Het leenstelsel via DUO wordt afgeschaft, gemeenten kopen zelf de inburgeringslessen in. De aanbodplicht van gemeenten verschilt per inburgeringsdoelgroep: asielstatushouders, gezinsmigranten en overige inburgeraars.

De tabel hieronder laat de verantwoordelijkheid van gemeenten zien voor het aanbod aan alle inburgeraars. Figuur 4

2.8 Re-integratie (bestaand) Wijdemeren vindt het belangrijk dat iedereen mee kan doen in de samenleving, het liefst via betaald werk. Een groot deel van de vergunninghouders heeft ook recht op een uitkering. Hierdoor ontstaat er voor die doelgroep een samenloop met de Participatiewet. Bij de brede intake kijkt een de integratieconsulent integraal naar de mogelijkheden van een inburgeraar en bepaalt samen met de klant welke leerroute gevolgd gaat worden. In het geval er sprake is van een uitkering kijkt de

9 consulent ook naar de re-integratie mogelijkheden en vindt er begeleiding richting (betaalde) arbeid plaats. Het PIP wordt dan vastgelegd in een gemeentelijke beschikking met een bezwaar- en beroepsmogelijkheid volgens de Participatiewet.

2.9 Maatschappelijke begeleiding (deels aangepast) Maatschappelijke begeleiding is een bestaande taak en wordt nu voor ons uitgevoerd door VluchtelingenWerk Midden-Nederland. De maatschappelijke begeleiding bestaat in ieder geval uit twee onderdelen. Eerste onderdeel is praktische hulp bij het regelen van basisvoorzieningen (inkomen, afsluiten van contracten huur, gas, water licht en de zorg- en WAverzekering ) en verdere praktische hulp na de huisvesting, zoals hulp bij woninginrichting, scholen voor de kinderen en nog veel meer. Het tweede onderdeel is relatief nieuw en betreft voorlichting over leefgebieden in de Nederlandse samenleving. Deze taak moet aan de hand van de nieuwe wet iets anders worden ingevuld. Het hoe is nog niet duidelijk. Dit moet nog landelijk in de lagere wetgeving beschreven worden. Maatschappelijke begeleiding is een breed begrip. Ook gezinsmigranten en Turkse nieuwkomers kunnen maatschappelijke begeleiding op diverse onderdelen nodig hebben. Een gemeentelijke consulent kan daar een rol in spelen en doorverwijzen naar andere relevante partijen. Hoe dit precies vorm kan krijgen moet in de komende periode onderzocht worden.

2.10 Naleving verplichtingen (nieuw) Gemeenten en DUO hebben beide een handhavende rol in het nieuwe stelsel. DUO stelt de inburgeringsplicht vast en handhaaft deze plicht. De gemeente handhaaft het PIP en het verloop van het inburgeringstraject en zet in op het behalen van de inburgeringsplicht binnen de daarvoor gestelde termijn. Deze taak is nieuw voor inburgering maar vanuit de Participatiewet is handhaving al een bekend terrein. Gedurende het gehele inburgeringstraject monitoren wij tussentijds de ontwikkelingen en vorderingen van de uitvoering van het PIP, zowel met de inburgeraar als met externen. Eventueel leggen wij een boete op bij het verwijtbaar niet nakomen van de verplichtingen. De werkprocessen worden hier op aangepast.

3. Uitgangspunten beleid en uitvoering Vanuit onze visie en op basis van de praktijk kiezen we de volgende uitgangspunten voor de veranderopgave Inburgering, met de kanttekening dat dit onder voorbehoud van vastgestelde wetgeving is. We opereren lokaal, maar regionaal waar dit efficiënter is, zoals bij de inkoop van leerroutes Lokaal hebben we al een voorschot genomen op de werkwijze van de nieuwe wet door extra in te zetten op (taal) stages en begeleiding , dit zetten wij voort. In de voorbereiding van de nieuwe Wet Inburgering willen we gezamenlijk blijven optrekken. We delen kennis en bereiden gezamenlijk de inkoop voor met ondersteuning van de regio. Hierbij kan gekozen worden om te werken in meerdere percelen, waarbij iedere gemeente (of combinatie van gemeenten) een eigen overeenkomst af kunnen sluiten. We hanteren een integrale aanpak, want voor een inburgeraar is het niet van belang wat er onder welke wet valt. Samenhang met andere disciplines in het sociale domein, zoals laaggeletterdheid, participatie, kinderopvang, schuldhulpverlening en gezondheid is evident, de verbinding hiertussen bestaat al of wordt gezocht. De brede intake (nieuwe taak) voeren we lokaal uit. Hierdoor ontstaat een goed beeld van de inburgeraar, de startpositie en ontwikkelmogelijkheden op het gebied van inburgering en

10 participatie, waardoor in persoonlijk contact ook het Plan Inburgering en Participatie (PIP) een goede start krijgt. Het Plan Inburgering en Participatie (PIP) (nieuwe taak) geven we lokaal vorm, behalve de leerbaarheidstoets. In afstemming met de inburgeringsplichtige wordt een persoonlijk plan gemaakt om tot een succesvolle inburgering te komen. Hierin wordt onder andere de leerroute vastgesteld. Wel zijn we hierin afhankelijk van de (onafhankelijke) Leerbaarheidstoets, die door het Rijk zal worden geïmplementeerd. De regie op het Participatieverklaringstraject (PVT) (aangepaste taak) en Module Arbeid en Participatie (MAP) (nieuwe taak) beleggen we lokaal waar mogelijk. Op grond van de nieuwe wet worden inburgeringsplichtigen geacht in de eerste 18 maanden na de inburgeringstermijn zowel het PVT als de MAP af te ronden. De PVT bevat een inleiding in de kernwaarden van de Nederlandse samenleving, binnen de MAP brengt de inburgeringsplichtige de eigen competenties en arbeidskansen in kaart. Het financieel ontzorgen (nieuwe taak) en het begeleiden naar financiële zelfredzaamheid Gedurende 6 maanden zal de gemeente vanuit de bijstandsuitkering de huur, gas, water stroom en verplichte zorgverzekering betalen. Het hoofddoel is financiële zelfredzaamheid.

Teneinde inburgeraars te coachen naar zelfredzaamheid kunnen we gebruik maken van vrijwilligers, of aansluiting zoeken bij de Kredietbank voor degenen die veel moeite hebben met budgetteren. We gaan dit de komende tijd nader onderzoeken en zoeken de verbinding met het nieuwe beleid schuldhulpverlening. Maatschappelijke begeleiding (bestaande taak) sluit aan bij de al bestaande dienstverlening van Vluchtelingenwerk: praktische hulp bieden bij basisvoorzieningen en het wegwijs maken in de samenleving. Als er na twee jaar nog behoefte is aan begeleiding dan neemt Versa deze over. Oudkomers worden meegenomen in het nieuwe inburgeringsproces. We verwachten in 2021 circa 30 personen met een inburgeringsplicht. Daarnaast zijn nog zo’n 58 huishoudens met oudkomers vanaf 2013, in totaal circa 98 volwassenen (echtparen en kinderen boven de 18) . Bijna allemaal zijn zij nu bezig met een (taal)traject. Ook hen blijven wij monitoren en begeleiden.

4 .Aandachtspunten 4.1 Belang van integratieconsulent en werkadviseur De integratieconsulent, maar ook de werkadviseur die cliënten 1-op-1 begeleidt naar werk hebben bij de uitvoering van de inburgering zoals we die nu al vormgeven een heel belangrijke rol. Daarnaast leveren ook de sociaal makelaar en de activeringsconsulent tegenprestatie een grote bijdrage. Hun aller rol zal bij de implementatie van de nieuwe wet nog groter worden. Niet alleen de groep nieuwe inburgeraars, ook de grote groep statushouders vanaf 2015, en ook nog van eerder, wordt nu geactiveerd. Zoals vermeld heeft Wijdemeren de afgelopen twee jaar stevig ingezet op de groep (ex) statushouders met een uitkering van de Participatiewet. Een deel van hen is nu (p-t) aan het werk. Bijna de helft van het bestand in Wijdemeren bestaat uit (ex) statushouders, voldoende formatie om hen goed te begeleiden is daarom cruciaal. Persoonlijke aandacht en maatwerk blijkt te leiden tot sneller verlaten van de bijstand- dit geldt des te meer voor deze groep. Bij geringe begeleiding verdwijnen mensen uit zicht, hun taalvaardigheid in het Nederlands verdwijnt ook weer, evenals hun motivatie en daarmee hun kansen op de arbeidsmarkt, waardoor de kans bestaat dat zij jaren lang in de uitkering blijven.

11

4.2 Beleidsregels en verordeningen Naar verwachting zal de VNG ook in het kader van deze wet met modelverordeningen komen. Zoals dit meestal het geval is worden de verordening en beleidsregels in (sub)regionaal verband opgepakt. We starten hiermee in het 2e kwartaal 2021.

4.3Technische aspecten ICT De gegevens van brede intake, PIP, en MAP moeten worden vastgelegd in de systemen van Pink Roccade/Civision. Toen in 2013 de huidige wet inburgering werd ingevoerd en de gemeentelijke rol in de inburgering kwam te vervallen heeft Wijdemeren niet meer geïnvesteerd in ICT-ondersteuning op het gebied van inburgering. Pink zal naar verwachting de applicatie ‘updaten’ naar de nieuwe wetgeving. We starten een onderzoek welk applicatie systeem we gaan gebruiken. Koppeling met DUO en IND Bij DUO vindt de centrale registratie van de inburgeringsresultaten plaats. Er komt een koppeling DUO / PinkRoccade waarbij de gegevens vanuit DUO in Pink worden overgezet. Op dit moment kunnen wij DUO gegevens zien in een koppeling die DUO met Suwinet heeft. Het inburgeringsresultaat is medebepalend voor de IND om een permanente verblijfsvergunning te beoordelen. Naar verwachting zal de IND de informatie van DUO betrekken en niet rechtstreeks van gemeenten. AVG Een actueel en complex aspect van de informatievoorziening is de gegevensuitwisseling van de gemeente met de diverse ketenpartners gelet op de huidige privacywetgeving (AVG). Voor de trajectregie is het wenselijk snel over gegevens te kunnen beschikken. Denk aan resultaten taalonderwijs, urenregistratie Z-route, registratie Participatieverklaring e.d.

Landelijk heeft Minister Ollongren (Binnenlandse Zaken) het initiatief genomen tot nadere regelgeving om de gegevensuitwisseling in het sociaal domein te verbeteren (waarbij ook de nieuwe Inburgeringswet is begrepen), dit onder de noemer UPP-traject (Uitwisseling persoonsgegevens en Privacy Sociaal Domein)

5.Financiën Gemeenten krijgen incidentele middelen ter bekostiging van de invoeringskosten, daarnaast krijgen gemeenten ook structurele middelen, te weten de uitvoeringskosten enerzijds en anderzijds de kosten voor de inburgeringsvoorzieningen. Op de begroting is structureel een post opgenomen voor inburgering. De voorbereidingen geven we vooralsnog vorm met inzet van reguliere capaciteit. Het gaat dan vooral om projectkosten tot 1 januari 2022. Qua personele invulling werkt een beleidsfunctionaris aan de veranderopgave. De regio wordt door het Rijk ondersteund via een regiocoördinator. Omdat onlangs bekend is geworden dat de wet (weer) een half jaar is uitgesteld, is nog niet duidelijk wat de financiële gevolgen hiervan zijn. In de decembercirculaire volgt nog een bijstelling aan de hand van de nieuwste gegevens. De kosten voor o.a. de leerroutes worden pas in 2021 bekend gemaakt in de lagere wet- en regelgeving behorende bij de Wet inburgering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9593722/1