Raadsvoorstel weigeren VVGB Jachthaven t.h.v. Boegspriet 7 Oud-Loosdrecht
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Par.afd.hfd.
Zaaknummer Raadsvergadering Commissie(s)
Gewijzigd voorstel Portefeuillehouder Domein Team
Z.92225/D.453121 1 juli 2026 Ruimte & Economie Datum: 23 juni 2026 nee Wethouder G. Zagt Strategie & Projecten Beleid & Ontwikkeling
Bijlagen
Bijlagen 1. 20260508 concept ontwerp VVGB a. Notitie p-onderzoek Porseleinhaven Oud-Loosdrechtsedijk mei-aug, inclusief bijlagen b. A7918-07 Stikstofberekening, Boegspriet 7, Loosdrecht_rap2.1, inclusief bijlagen 2. Aanvraag omgevingsvergunning jachthaven ter hoogte van Boegspriet 7 incl. bijlagen 3. 260511 Ontwerpbesluit weigering omgevingsvergunning jachthaven n.a.v. uitspraak
Datum Onderwerp
2 juni 2026 Weigeren Verklaring van geen bedenkingen Jachthaven t.h.v. Boegspriet 7 Oud-Loosdrecht
CONCEPT-BESLUIT Voorgesteld wordt: 1. Het ontwerpbesluit tot weigering verklaring van geen bedenkingen ten behoeve van de verlening van een omgevingsvergunning voor de realisatie van een jachthaven aan de Boegspriet naast huisnummer 7 vast te stellen; 2. Het ontwerpbesluit weigering verklaring van geen bedenkingen als onderdeel van het ontwerpbesluit weigering omgevingsvergunning gedurende zes weken ter inzage te leggen waarbij belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld hun zienswijzen kenbaar te maken; 3. De weigering verklaring van geen bedenkingen voor de omgevingsvergunning voor de jachthaven naast het perceel Boegspriet 7 definitief vast te stellen indien geen zienswijzen tegen het ontwerpbesluit worden ingediend.
1. Inleiding Op 15 november 2020 is een aanvraag ingediend voor een omgevingsvergunning voor een jachthaven. Deze aanvraag is op 2 en 8 september 2021 aangevuld met nadere stukken. De aanvraag ziet op een jachthaven met 36 ligplaatsen op de locatie Boegspriet naast huisnummer 7 in Oud-Loosdrecht. Oorspronkelijke omgevingsvergunning, september 2021 De omgevingsvergunning voor deze jachthaven is oorspronkelijk verleend op 28 september 2021. Op dat moment was het idee dat in de parkeervraag van deze jachthaven voorzien zou worden bij de herinrichting van het Vuntusplein. Uiteindelijk bleek dat de herinrichting van het Vuntusplein enkel zou Pagina 1 van 6
kunnen voorzien in de parkeervraag van de jachthaven, als vrijwel al het groen op dit plein zou verdwijnen. Veel buurtbewoners hebben daarom bezwaar gemaakt tegen de omgevingsvergunning. Beslissing op bezwaar omgevingsvergunning, november 2022 Het college heeft op de bezwaren van de omwonenden beslist op 11 november 2022. Het college heeft de omgevingsvergunning toen herroepen en alsnog geweigerd, omdat bleek dat het niet mogelijk was te voorzien in de parkeerbehoefte van de jachthaven op het Vuntusplein. Tegen dat besluit is door de vergunningaanvrager en door verschillende omwonenden beroep ingesteld. De vergunningaanvrager vond dat hij wel een omgevingsvergunning voor de jachthaven mocht hebben. De omwonenden vonden dat het college om andere redenen de vergunning had moeten weigeren en dat zij ten onrechte geen proceskostenvergoeding hadden gekregen. Beroep bij rechtbank, maart 2025 De rechtbank heeft de beroepen behandeld. De omwonenden hadden volgens de rechtbank geen belang bij beoordeling van hun beroep. Zij hadden immers in bezwaar de uitkomst die zij wensten, namelijk een geweigerde vergunning. De vergunningaanvrager kreeg van de rechtbank gedeeltelijk gelijk.
Volgens de rechtbank heeft het college bij de beslissing op bezwaar geen rekening gehouden met het gerechtvaardigde vertrouwen dat door het college bij de vergunningaanvrager is gewekt dat de parkeervraag van zijn jachthaven zou worden opgelost in de openbare ruimte. Dit vertrouwen is in verschillende gesprekken en brieven gewekt volgens de rechtbank. Het college, de vergunningaanvrager en de omwonenden zijn in hoger beroep gegaan tegen de uitspraak van de rechtbank. In de rechtbankuitspraak heeft de rechter het besluit van 11 november 2022 vernietigd. Ook heeft de rechtbank aangegeven dat de aanvraag niet past binnen het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren Wijdemeren 2019'. Dit komt doordat dit plan voorschrijft dat nieuwe projecten moeten voorzien in voldoende parkeerplaatsen op het eigen terrein. De aangevraagde jachthaven heeft op grond van het Parapluplan een parkeervraag van 24 parkeerplaatsen. Op het eigen terrein kan in het geheel niet worden voorzien in parkeerplaatsen. Omdat de aangevraagde jachthaven niet past binnen de regels van het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren' en het niet mogelijk is om van dit bestemmingsplan af te wijken met een binnenplanse afwijking of een kruimelvergunning, kan enkel met een grote buitenplanse afwijking van dit plan worden afgeweken.
Nieuw besluit gemeenteraad: bestuurlijk juridische afweging Bovenstaande betekent dat aan de gemeenteraad gevraagd moet worden of het ruimtelijk aanvaardbaar is om van het Parapluplan Parkeren af te wijken en de jachthaven toch toe te staan. De gemeenteraad geeft dit aan door een verklaring van geen bedenkingen af te geven of te weigeren. 2. Argumenten 1.1 Het toestaan van de jachthaven leidt tot nog ergere parkeeroverlast in het dorpscentrum van OudLoosdrecht. Het dorpscentrum van Oud-Loosdrecht heeft in de zomermaanden te kampen met een hoge parkeerdruk. Er is door het college onderzoek gedaan naar de parkeerdrukte in de zomer in OudLoosdrecht. Dit onderzoek is gevoegd bij de stukken die behoren bij de aanvraag. Uit dit parkeerdrukonderzoek blijkt dat er in Oud-Loosdrecht op dagen met mooi weer sprake is van zeer ernstige parkeeroverlast, welke tot grote hinder leidt. Er is op deze momenten een groot gebrek aan parkeerplaatsen. Deze verkeershinder is zelfs zo erg dat de doorstroming van het verkeer in OudLoosdrecht dusdanig gehinderd wordt dat er een risico bestaat op gevaarlijke situaties doordat hulpdiensten problemen kunnen ondervinden met tijdig door het dorpscentrum rijden. Deze problemen worden veroorzaakt door foutparkeerders en door bezoekers aan het dorpscentrum die, op Pagina 2 van 6
zoek naar een vrijkomende parkeerplek, door het centrum blijven rijden. Dit betekent dat er op momenten met goed weer, het maatgevende moment voor een jachthaven, geen enkele parkeerplek beschikbaar is in de omgeving van de aangevraagde jachthaven. 1.2 Er zijn geen alternatieve locaties voor de parkeervraag Oorspronkelijk was voorzien om de parkeervraag op het Vuntusplein te voorzien. Daarvoor moet echter vrijwel al het groen op dat plein verdwijnen. Dat is onwenselijk. In de omgeving van de aangevraagde jachthaven is ook geen andere locatie waarop in de parkeervraag voorzien kan worden. 1.3 Toevoeging jachthaven is niet nodig voor de economie en/of de levendigheid van het dorpscentrum Het belang van waterrecreatie voor het karakter van Wijdemeren en de inkomsten die hieruit voortkomen voor ondernemers in de gemeente wegen ook mee in de belangenafweging. De gemeente kent echter al veel waterrecreatie. De eventuele inkomsten van jachthavens als deze zijn niet groot omdat de gemiddelde jachthavengebruiker zijn eigen eten en drinken meeneemt. 1.4 Ook een onderzocht alternatief waarbij de vergunningaanvrager een kleinere jachthaven wenste of ligplaatsen wilde verhuren aan bewoners van het dorpscentrum om de parkeervraag te drukken is onderzocht en niet haalbaar gebleken.
Blijkens de toelichting op het bestemmingsplan Dorpscentrum was het altijd de bedoeling om 2/3 van de ligplaatsen te verhuren aan bewoners van het dorpscentrum. Ook na uitspraak van de rechtbank is in overleg getreden met vergunningaanvrager om te onderzoeken of er bereidheid bestaat bij de vergunningaanvrager om in bindende afspraken vast te leggen dat de ligplaatsen verhuurd/verkocht zullen worden aan bewoners van de Porseleinhaven. Ook is overlegd over het aanvragen van een kleinere jachthaven, waarmee eveneens sprake zou zijn van minder parkeerdruk. De vergunningaanvrager heeft aangegeven hier niet aan mee te willen werken (in bindende afspraken). De vergunningaanvrager gaf wel aan bereid te zijn een kleinere jachthaven aan te vragen met minder parkeerbehoefte. De vergunningaanvrager gaf echter niet aan welke grootte van een jachthaven hij dan minimaal zou wensen. De vergunningaanvrager is van mening dat de gemeente hier een voorstel (voor vergoeding) voor moet doen. Een verkleining van de jachthaven gaat logischerwijs gepaard met een kleinere parkeerbehoefte, maar zal deze parkeerbehoefte niet volledig oplossen. Dat zou anders zijn indien deze verkleining wordt gecombineerd met verhuur/ verkoop van ligplaatsen aan omwonenden.
Zonder verhuur/ verkoop aan omwonenden zal de jachthaven namelijk altijd een parkeervraag opleveren, die niet kan worden voorzien in de openbare ruimte. Zonder bindende afspraken over de verhuur/verkoop van ligplaatsen, waartoe de vergunningaanvrager niet bereid is gebleken, zal de jachthaven altijd negatieve gevolgen hebben voor de parkeerdruk in het al zeer drukke dorpscentrum van Oud-Loosdrecht. De gemeente heeft geprobeerd (financiële) overeenstemming te bereiken met de vergunningaanvrager en hem een aanbod gedaan. Overeenstemming is tot nu toe niet bereikt en lijkt ook niet aannemelijk op (afzienbare) termijn. 1.5 Er is sprake van een financieel belang en gewekt vertrouwen bij de vergunningaanvrager, waar we ons bewust van zijn De vergunningaanvrager heeft een financieel belang bij het realiseren van de jachthaven. De jachthaven zal voor hem inkomsten genereren. Verder speelt bij het belang van de vergunningaanvrager mee dat hem in het verleden namens het college is toegezegd dat de gemeente zorg zou dragen voor het realiseren van voldoende parkeerplaatsen. De vergunningaanvrager had er volgens de rechtbank vanuit mogen gaan dat de Pagina 3 van 6
parkeerplaatsen voor de jachthaven in het openbaar gebied zouden worden gerealiseerd en dat hem niet tegengeworpen zou worden dat er te weinig parkeerplekken voor de jachthaven beschikbaar zouden zijn. Burgers mogen ervan uitgaan dat de overheid zich houdt aan gedane toezeggingen. Dat betekent echter niet dat deze toezeggingen te allen tijde moeten worden gehonoreerd. Het belang van de vergunningaanvrager moet hierbij worden afgewogen tegen de andere bij dit besluit betrokken belangen. 3. Kanttekeningen/Risico’s 1.1. Een besluit van de gemeenteraad zal niet leiden tot beëindiging van de verschillende lopende procedures. Er spelen verschillende procedures met de vergunningaanvrager. Deze procedures vinden hun oorsprong in het feit dat de vergunningaanvrager oorspronkelijk een deel van de grond in bezit had waar het dorpscentrum nu op wordt ontwikkeld. Met de vergunningaanvrager zijn in het verleden meermaals overeenkomsten gesloten. Eerst een overeenkomst om deze gronden te verwerven (een ruilovereenkomst) en later een vaststellingsovereenkomst om geschillen die voortkwamen uit de ruilovereenkomst proberen op te lossen. Onderdeel van deze overeenkomsten is dat de vergunningaanvrager op de aangevraagde locatie een jachthaven mag realiseren, maar binnen de geldende publiekrechtelijke kaders.
De vergunningaanvrager zal zich waarschijnlijk niet kunnen vinden in een weigering van de vergunning en zal mogelijk – naast de lopende bestuursrechtelijke procedure – ook privaatrechtelijk de gemeente willen aanspreken. 4. Financiële consequenties N.v.t. 5. Preventief toezicht Wet Arhi N.v.t. 6. Aanpak (planning/uitvoering/communicatie) Nadat de raad zich heeft uitgesproken over de weigering van de Verklaring van geen bedenkingen, zal dit ontwerpbesluit, samen met het ontwerpbesluit voor de weigering van de omgevingsvergunning van het college, voor zes weken ter inzage worden gelegd. Gedurende deze periode kunnen zienswijzen worden ingediend. In het geval er zienswijzen zijn ingediend, zullen deze bij de uiteindelijke besluitvorming worden betrokken. De raad zal in dat geval de kwestie opnieuw moeten beoordelen in het licht van de ingediende zienswijzen en de beantwoording daarop, en zal moeten beslissen over de definitieve (weigering van) de verklaring van geen bedenkingen. In het geval er geen zienswijzen zijn ingediend, zal dit besluit als definitieve (weigering) verklaring van geen bedenkingen worden beschouwd. 7. Duurzaamheidsaspecten Aangezien het ontwerpbesluit ziet op de weigering van een verklaring van geen bedenkingen voor een omgevingsvergunning, zijn hier geen duurzaamheidsaspecten aan verbonden. 8.
Voorgaande besluitvorming Op 28 september 2021 heeft het college een omgevingsvergunning voor dit project verleend. Deze omgevingsvergunning is op 11 november 2022 door het college herroepen, omdat bleek dat er niet kon worden voorzien in voldoende parkeerplaatsen voor de jachthaven. Het besluit van 11 november 2022 is door de rechtbank vernietigd. Daarmee is het besluit van 28 september 2021 herleefd (want het Pagina 4 van 6
besluit waarmee dit besluit was herroepen is vernietigd). Voorafgaand aan dit raadsbesluit heeft het college het besluit van 28 september 2021 nogmaals herroepen. Daarmee komt het voorgestelde besluit te gelden als onderdeel van het besluit op de aanvraag van voor dit project. 9. Standpunt commissies (en derden) De commissie RE van 23 juni 2026 adviseert dit voorstel te behandelen als hamerstuk in de raad van 1 juli '26.
Burgemeester en wethouders van Wijdemeren, de secretaris, de burgemeester,
drs. E.L. Ruizeveld de Winter
Pagina 5 van 6
drs. M.L. Verheijen
RAADSBESLUIT
De raad der gemeente Wijdemeren; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 2 juni 2026 Gelet op BESLUIT 1. Het ontwerpbesluit tot weigering verklaring van geen bedenkingen ten behoeve van de verlening van een omgevingsvergunning voor de realisatie van een jachthaven aan de Boegspriet naast huisnummer 7 in Oud-Loosdrecht vast te stellen; 2. Het ontwerpbesluit weigering verklaring van geen bedenkingen als onderdeel van het ontwerpbesluit weigering omgevingsvergunning gedurende zes weken ter inzage te leggen waarbij belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld hun zienswijzen kenbaar te maken; 3. De weigering verklaring van geen bedenkingen voor de omgevingsvergunning voor de jachthaven naast het perceel Boegspriet 7 in Oud-Loosdrecht definitief vast te stellen indien geen zienswijzen tegen het ontwerpbesluit worden ingediend.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 1 juli 2026 De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
drs. E.B. Hörchner
drs. M.L. Verheijen
Afschriften van dit besluit naar:
Pagina 6 van 6