CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel vaststelling IHP (Het raadsvoorstel is zonder stemming aangenomen.)

gemeenteraad 18 april 2024, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Vaststelling integraal huisvestingsplan3.387 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL

Par.afd.hfd.

Zaaknummer Raadsvergadering Commissie(s)

Gewijzigd voorstel Portefeuillehouder Domein Team Bijlagen

Z.69156/D.356319 18 april 2024 Maatschappelijke Zaken Datum: 11 april 2024 Nee Wethouder R. de Haan Inwoners Sociaal Domein Beleid Integraal Huisvestingsplan Wijdemeren 2024-2039 Integraal Huisvestingsplan Jaarlasten 2024-2035 19 Mrt. 2024 Vaststellen Integraal Huisvestingsplan scholen (IHP)

Datum Onderwerp CONCEPT-BESLUIT Voorgesteld wordt: 1. Het Integraal Huisvestingsplan (IHP) 2024-2039 vast te stellen 2. Het Integraal Huisvestingsplan elke 4 jaar te actualiseren 3. Te kiezen voor het financiële scenario 3 4. De financiële gevolgen hiervan op te nemen in de voorjaarsnota 2024 en de kosten 2025 en verder mee te nemen bij de integrale afweging in de programmabegroting 2025 en verder. 5. Het krediet Integraal Huisvestingsplan jaarlijks te indexeren op basis van het actuele prijspeil (BDB-Bouwindex) 6. Te voorzien in de financiering voor ruimte voor kinderdagopvang, wanneer hiervoor een kostprijsdekkende huurder is gevonden die meerjarig deze huur kan betalen 7. Het circulair slopen van schoolgebouwen te financieren, onder voorwaarde dat hiervoor externe financiering beschikbaar is die de extra kosten ten opzichte van normale sloop dekken.

1. Inleiding Gemeenten hebben een wettelijke zorgplicht voor de huisvesting van het primair onderwijs. Kosten voor (ver)nieuwbouw en uitbreiding van onderwijshuisvesting komen voor rekening van de gemeente. Daarvoor wordt geld ontvangen via het gemeentefonds. Dit geld is niet gelabeld. Aan de hand van de gemeentelijke verordening voorzieningen huisvesting onderwijs worden investeringsbijdragen beschikbaar gesteld voor deze wettelijke taak. Schoolbesturen ontvangen van het Rijk de middelen voor onderhoud en exploitatie. Deze taakverdeling vraagt om samenwerking en afstemming van exploitatie en investeringen. De minister voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap werkt nu aan een wetswijziging met betrekking op Onderwijshuisvesting. Eén van de belangrijkste punten van deze wijziging is dat er een verplichting voor gemeenten komt om in samenspraak met de schoolbesturen een Integraal Huisvestingsplan (IHP) voor het onderwijs op te stellen, waarschijnlijk voor een periode van tenminste 15 jaar. De bedoeling is dat deze wet per 1 januari 2025 inwerking treedt. Het Integraal Huisvestingsplan (IHP) is een technisch financieel plan. Het gaat niet over de realisatie waar, in welke ontwerpvorm en hoe de schoolhuisvesting wordt gerealiseerd.

Het IHP is, in combinatie met de Meer Jaren Onderhoudsplannen (MJOP’s) van schoolbesturen, de basis voor meerjarige planningen van investeringen in gebouwen gebruikt voor onderwijs. MJOP’s gaan over regulier en groot onderhoud en kleine renovaties. Het IHP omvat gehele (bouwkundige) renovaties, nieuwbouw en sloop. Een gehele renovatie is een volwaardig alternatief voor nieuwbouw. In het IHP wordt rekening gehouden met samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang en andere maatschappelijke functies. In 2021 heeft uw raad voor de begroting van 2022 geld gereserveerd voor de projectbegeleiding van het opstellen van een IHP. In de afgelopen twee jaar is, onder begeleiding van ICS adviseurs, in co-creatie tussen gemeente en schoolbesturen het voorliggende IHP opgesteld. De opgave voor de komende 15 jaar is om huisvesting te realiseren voor ongeveer 12% extra leerlingen en om gebouwen die aan het einde van hun technische levensduur zijn, te renoveren of te vervangen. Het voorliggend IHP omvat diverse beleidskeuzes, zoals het actief ruimte realiseren voor inclusief en passend onderwijs, doorlopende leerlijnen (via IKC-vorming) en flexibel gebruik van de onderwijslocaties als brede voorziening (Multifunctionele accommodatie of MFA).

De focus in het IHP ligt op het duurzaam ontwikkelen van de schoolgebouwen waarbij, in lijn met het Nederlandse klimaatakkoord en de transitievisie Wijdemeren, wordt gestreefd naar energieneutrale en aardgasvrije gebouwen. Het IHP draagt daarnaast bij aan het streven naar brede voorzieningen in de dorpskernen van Wijdemeren door het aantrekkelijk maken van multifunctioneel en flexibel ruimtegebruik. Dit IHP biedt ten slotte ruimte voor passend onderwijs dichtbij en voor kinderdagopvang, om zo doorlopende leerlijnen een plek te geven. 2. Argumenten 1.1 De gemeente is per 1 januari 2025 wettelijk verplicht om een IHP op te stellen in gezamenlijkheid met schoolbesturen. Per 1 januari 2025 is de gemeente wettelijk verplicht om een IHP samen met de schoolbesturen in Wijdemeren vast te stellen. 1.2 De gemeente is wettelijk verplicht zorg te dragen voor voldoende en adequate onderwijshuisvesting. Volgens de prognoses stijgt het aantal leerlingen in Wijdemeren tot 2037 met ruim 12%. Daarnaast naderen verschillende schoolgebouwen het einde van hun technische levensduur. Voor deze gebouwen is nieuwbouw of renovatie noodzakelijk. 1.3 VNG, PO- en VO-raad pleiten voor een IHP met duidelijke afspraken tussen schoolbesturen en gemeente.

Genoemde organisaties benadrukken dat schoolbesturen en gemeenten gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van de schoolgebouwen en dat er daarom heldere afstemming moet zijn over nieuwbouw, renovatie en onderhoud. Dat wordt in dit IHP geregeld. 1.4 Het IHP geeft duidelijkheid voor de toekomst van onderwijshuisvesting in Wijdemeren. Het IHP maakt het voor schoolbesturen duidelijk wanneer hun gebouw wordt gerenoveerd of aan de beurt is voor nieuwbouw. Zo weten schoolbesturen welke investeringen zij tot die tijd aan hun gebouwen dienen te doen en worden onnodige investeringen voorkomen. Daarnaast geeft dit IHP de gemeente duidelijkheid over de te verwachten financiële lasten/uitdagingen in de onderwijshuisvestingportefeuille voor de komende 15 jaar. 1.5 Uitvoering van het plan draagt bij aan de duurzaamheidsdoelen uit het klimaatakkoord. De te realiseren vernieuwbouw en renovatie van de onderwijshuisvestingsportefeuille draagt bij aan de verduurzaming van de onderwijshuisvestingsportefeuille. Het Klimaatakkoord, dat de gemeente ook nastreeft, heeft een streefdoel van 55% CO2-reductie. Door uitvoering van het voorgestelde IHP wordt een CO2-reductie binnen de onderwijsportefeuille van 57% verwacht in 2030. Hiermee wordt voldaan

aan het streefdoel uit het Klimaatakkoord. De duurzaamheidsambitie in dit akkoord voor de lange termijn is klimaatneutraal zijn in 2050. Dat betekent dat er netto geen broeikasgassen meer worden uitgestoten. Mede hierom kiest dit IHP voor het bouwen van Energieneutrale Gebouwen (ENG) in plaats van Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG). Het eerst bouwen van BENG en vervolgens opwaarderen naar ENG kost daarnaast veel geld. Het is economisch voordeliger om bij bouw al ENG te realiseren. Om deze twee redenen wordt in het IHP de ambitie om ENG te bouwen voorgesteld. 1.6 Het IHP heeft draagvlak onder de schoolbesturen in Wijdemeren. Het voorliggende IHP is in samenwerking met AT Scholen, Talent Primair, Proceon en de gemeente tot stand gekomen. De volgordelijkheid van de uit te voeren projecten wordt gedragen door de schoolbesturen. 2.1 Veranderende demografische trends De bevolkingssamenstelling kan in vier jaar tijd veranderen. Hierdoor kunnen de behoeften aan faciliteiten verschuiven. Door het IHP elke vier jaar bij te werken, kan worden gereageerd op deze veranderingen en kunnen de beschikbare onderwijsvoorzieningen aansluiten bij de behoeften vanuit de gemeente. 3.1 Financieel herstelplan Door te kiezen voor scenario 3 wordt binnen de kaders van het financieel herstelplan gebleven.

4.1 Kosten voor (ver)nieuwbouw en uitbreiding van onderwijshuisvesting komen voor rekening van de gemeente. Artikel 91, 92 en 105 wet op het primair onderwijs, stelt de gemeente verantwoordelijk voor de financiering van onderwijshuisvesting voor de scholen in haar gemeente. Hiervoor ontvangt zij geld via het gemeentefonds. De gemeente krijgt vanuit het gemeentefonds financiering voor alle kosten die betrekking hebben op onderwijshuisvesting. De gemeente is ook verantwoordelijk voor tijdelijke huisvesting, sloopkosten, verhuizingskosten, VAT-kosten en afschrijvingskosten. 4.2 Het IHP maakt inzichtelijk wat de financiële consequenties zijn om aan haar wettelijke zorgplicht in onderwijshuisvesting te voldoen. Gemeenten hebben een wettelijke zorgplicht voor de huisvesting van het primair onderwijs. Kosten voor (ver)nieuwbouw en uitbreiding van onderwijshuisvesting komen voor rekening van de gemeente. 5.1 De kostenontwikkeling in de bouw is de afgelopen jaren zeer onvoorspelbaar gebleken. De kosten voor onderwijshuisvesting kunnen sterk wijzigen door veranderingen in de prijzen. Een IHP begroot kosten voor 15 jaar. In deze 15 jaar kunnen prijzen sterk veranderen. Om hier rekening mee te houden wordt door ICS aangeraden om de kosten te indexeren met de BDB-Bouwindex (zie IHPhoofdstuk 9.2).

Dit doet de gemeente ook bij de meest recente kredietverstrekking voor IKC-Talent Primair (zie RV/1663/221005 en het hierbij horende amendement A10-1). 5.2 De BDB prijsindex voor de bouw is het meest accuraat voor de prijsontwikkeling van de bouw van scholen. Dit is de reden dat de gemeente aansluit bij deze index. 6.1 Realisatie van vierkante meters voor kinderdagopvang is een bovenwettelijke taak die geld kost De kosten voor de bouw van kinderdagopvang bij een school zijn geen wettelijke taak voor de Gemeente. Een kinderdagopvang organisatie is een commerciële organisatie. Daardoor is het logisch om hier tenminste kostprijs dekkende huur te vragen. 6.2 Geen leegstand bouwen.

De gemeente wil leegstand in gebouwen tegengaan en wil geen leegstand bouwen. Op het moment dat niet duidelijk is dat ruimte voor kinderdagopvang daadwerkelijk gehuurd gaat worden, wordt deze niet gebouwd. 7.1 Externe financiering mogelijkheden voor circulaire beleidsambities. Er zijn meerdere mogelijkheden voor externe financiering van de beleidsambitie circulair slopen. Zo zijn er provinciaal en bij het Rijk subsidie- of SPUK-(specifieke uitkering)mogelijkheden voor duurzaamheid en circulariteitsambities. Deze kunnen voor deze beleidsambities worden aangevraagd. 7.2 Wanneer er externe financiering wordt gevonden voor circulair slopen, blijft het IHP binnen de financiële kaders die de raad heeft vastgesteld in het financieel herstelplan. Wanneer niet gezocht wordt naar externe financiering voor circulair slopen, ontstaat een klein negatief resultaat gedurende de looptijd van het financieel herstelplan van €65.900. Wanneer de ambitie circulaire sloop volledig wordt gesubsidieerd, is er in de periode 2024-2035 een positief resultaat van €144.100, ten opzichte van het financieel herstelplan. 3. Kanttekeningen/Risico’s 1.1 Termijn van het IHP. Het IHP is opgesteld voor een periode van 15 jaar. In die periode kunnen onvoorziene zaken voorvallen, zoals onverwachte groei en krimp van scholen door veranderingen in de bevolkingssamenstelling.

Dit zal meegenomen worden in de jaarlijkse actualisatie van de begroting. 1.2 Veranderingen in animo voor individuele scholen. Gedurende de werking van het IHP, kan het animo voor één school ten opzichte van een andere school binnen een dorpskern toe- of afnemen. Mede hierom zal de gemeente voordat toekenning van een krediet aan een schoolbestuur plaatsvindt, het krediet herijken op de dan meest recente leerlingprognose. Dit is in lijn met de verordening onderwijshuisvesting 2015. Daarnaast maken we afspraken met schoolbesturen over aannamebeleid en medegebruik lokalen. 1.3 Om de ambities in het Klimaatakkoord voor 2050 te halen zijn meer inspanningen nodig. Niet alle scholen in Wijdemeren zijn opgenomen voor vervanging of renovatie de komende 15 jaar. Hierdoor is nog niet de volledige schoolvastgoedportefeuille energieneutraal. Om de ambities van 2050 te kunnen halen, vraagt dit in de toekomst om verdere investeringen, renovaties en mogelijke vernieuwbouw van scholen, die nu niet zijn opgenomen in dit IHP. Hierbij blijft de gemeente de landelijke ontwikkelingen volgen. Veranderende landelijke ontwikkelingen kunnen leiden tot een verhoogde rijksuitkering via het gemeentefonds om de ambitie te kunnen waarmaken. 1.4 Netcongestie Net als in het grootste deel van Nederland, is in Wijdemeren het elektriciteitsnet overbelast.

Daardoor kunnen nieuwe projecten niet altijd direct aangesloten worden op het elektriciteitsnet. Dit geldt ook voor onderwijsprojecten. Het is daarom van belang hier in het ontwerpproces rekening mee te houden en waar nodig voorzorgmaatregelen te nemen. Het kan noodzakelijk zijn om in een tijdelijke oplossing te voorzien om een gebouw operationeel te krijgen. Hiervoor zijn op dit moment geen extra voorzieningen genomen in de begroting. 1.5 Dit besluit heeft geen directe actie tot gevolg. Voordat er uitvoering plaatsvindt aan dit IHP wordt de integrale relatie met woningbouw, maatschappelijk vastgoed en de omgevingsvisie gezocht. Bij de uitvoering wordt het IHP op project- en gebiedsniveau in relatie gebracht met andere integrale ontwikkelingen. 1.6 De schoolbesturen en de gemeente zijn in gesprek over of de scholen in Nederhorst den Berg met 3 op 1 locatie of 2 op 1 locatie gaan worden gebouwd.

De schoolbesturen geven aan dat zij twee maatschappelijke ontwikkelingsvlakken wensen voor huisvesting van de scholen in Nederhorst den Berg: één op locatie Warin en één op locatie Jozefschool. Bij het (her)huisvesten van de drie scholen binnen één ontwikkelingsvlak liggen naar verwachting de realisatiekosten lager en ontstaat er meer ruimte voor andere maatschappelijke opgaven in het dorp, zoals woningbouw. Het IHP houdt rekening met de meest kostbare variant. Bij de uitwerking tot realisatie komt de definitieve integrale afweging voor 1 of 2 locaties aan de orde. Dat ligt buiten de scoop van het IHP. 4.1 De baten en of kosten van mogelijke afstoot of aankoop van grond voor ontwikkeling van scholen zijn niet meegenomen in het IHP. Om het IHP uit te voeren, kan eventueel in de projectfase blijken dat grond aankoop of verkoop gewenst is. Deze kosten of baten zijn locatie, ontwerp en situatie gebonden. Deze worden pas duidelijk bij ontwerp van een nieuw schoolgebouw. Hierdoor zijn deze baten of kosten op moment van spreken nog niet duidelijk. 4.2 Mogelijke kosten voor eerste inrichting onderwijsleerpakket zijn niet meegenomen in dit IHP. Een school heeft eenmalig recht op bekostiging van het onderwijsleerpakket, wel te weten bij de oprichting van de school. Dus niet bij verhuizing naar een nieuw schoolgebouw.

Wanneer een school meer leerlingen heeft dan waar zij bekostiging voor heeft ontvangen, dan kan zij hiervoor een aanvullende eerste inrichting onderwijsleerpakket voor ontvangen. Deze financiële bijdrage is momenteel nog onbekend. 4.3 Er heeft nog geen asbestinventarisatie plaatsgevonden bij de scholen. In het IHP is geen rekening gehouden met het mogelijk vinden van nu nog eventueel verborgen asbest bij de sloop. Voor alle scholen in Wijdemeren is in het verleden een eerste asbestinventarisatie gedaan (asbestinventarisatie A). De huidige schoolgebouwen zijn veilig voor leerlingen en leerkrachten. Ook zijn de kosten voor sloop van de scholen gedekt in dit IHP. Echter, pas voor sloop, als het gebouw leegstaat, is het mogelijk om op veilige wijze een destructief asbestonderzoek (B) te doen. Er is daarom op moment van spreken een onvolledig beeld van de aan- of afwezigheid van verborgen asbest. 4.4 In het gereserveerde krediet is een post onvoorzien opgenomen, maar het is op dit moment onduidelijk of dit alle mogelijke onvoorziene kosten kan dekken. Het bouwen van een gebouw brengt altijd bepaalde risico’s met zich mee. Voorbeelden van deze risico’s zijn: bodemvervuiling, stikstof, PFAS, archeologische vondsten, draagkracht grondpakket of ecologie. Deze risico’s kunnen in deze fase nog niet worden uitgesloten en kunnen op termijn leiden tot een overschrijding van de kosten.

De onvoorziene kosten kunnen hierdoor hoger liggen dan waar rekening mee wordt gehouden in dit IHP. 6.1 Een kinderdagopvang organisatie is een commerciële organisatie. Bij faillissement van een kinderdagopvangorganisatie kan leegstand ontstaan. Hierdoor kan de gemeente inkomsten missen. 7.1 Het is op dit moment onduidelijk of tegen de tijd dat gebouwen gesloopt worden deze gebouwen in aanmerking komen voor subsidies die deze ambitie financieel mogelijk maken. Op dit moment is onduidelijk op de mogelijke subsidies en SPUK’s (Specifieke uitkeringen) die in 2027, 2028 en 2031 aan de gemeente kunnen worden toegekend. De aanvraag en goedkeuring van mogelijke subsidies wordt tijdens initiatie en realisatiefase duidelijk. De gemeente sorteert in de tussenliggende jaren voor op deze beleidsambitie.

4. Financiële consequenties De tabel op de volgende pagina bevat scenario 1, waarin een overzicht van de totale lasten, inclusief de investering en kapitaallasten voor de realisatie van de kinderdagopvang is opgenomen. De eenmalige kosten bestaan uit kosten voor tijdelijke huisvesting, verhuizing, projectbegeleiding, businesscases en circulaire sloopkosten. Ook zijn de eenmalige kosten voor de afwaardering van de restant boekwaarden (afschrijving ineens) meegenomen. In de bijlagen is een uiteenzetting van de jaarlasten opgenomen. Ten opzichte van het financieel herstelplan geeft dit wat de jaarlasten betreft een negatief resultaat van € 1.660.000 over een periode van 11 jaar. De jaarlasten bestaan uit de eenmalige kosten, afschrijving ineens en de kapitaallasten.

Onderstaande tabel bevat scenario 2, waarin ten opzichte van scenario 1, het financiële effect van de kostpijsdekkende huur is verwerkt (beslispunt 6). In de bijlagen is een uiteenzetting van de jaarlasten opgenomen. Ten opzichte van het financieel herstelplan geeft dit wat de jaarlasten betreft een negatief resultaat van € 65.900 over een periode van 11 jaar. De jaarlasten bestaan uit de eenmalige kosten, afschrijving ineens en de kapitaallasten.

Onderstaande tabel bevat scenario 3, waarin naast het financiële effect van de kostprijsdekkende huur voor de kinderdagopvang, ook het financiële effect van externe financiering van de extra kosten ten behoeve van circulair slopen is verwerkt (beslispunt 6 en 7). Het laatste betreft de kosten bovenop de normale sloopkosten. In de bijlagen is een uiteenzetting van de jaarlasten opgenomen. Ten opzichte van het financieel herstelplan geeft dit wat de jaarlasten betreft een positief resultaat van € 144.100 over een periode van 11 jaar. De jaarlasten bestaan uit de eenmalige kosten, afschrijving ineens en de kapitaallasten.

5. Aanpak (planning/uitvoering/communicatie) Na vaststelling van dit IHP wordt door de gemeente, in lijn met het IHP, twee jaar voorafgaand aan de geplande uitvoering, een voorbereidingskrediet aan het schoolbestuur toegezegd. Dit vindt plaats aan de hand van een separaat raadsvoorstel. Specifiek betekent dit dat de gemeente, na wederzijds akkoord over de voorwaarden en afspraken, een voorbereidingskrediet aan de Meester Kremer (Nederhorst den Berg) en Warinschool (Nederhorst den Berg) in 2025, de Jozefschool (Nederhorst den Berg) in 2026, de Curtevenne (Kortenhoef) en Regenboog (Kortenhoef) in 2029 en de Catamaran (Oud-Loosdrecht) in 2033 wordt toegezegd. De gemeenteraad heeft bij deze separate besluiten en bij de P&C-cyclus mogelijkheid tot bijsturing. De Gemeente zoekt per project samen met de school naar mogelijke (gedeeltelijke) kostprijsdragers, zoals woningbouw of maatschappelijke huurders. Dit vindt altijd plaats in synergie en samenspraak met het betrokken schoolbestuur. Hierbij is maatschappelijke meerwaarde doorslaggevend. Het schoolbestuur is in principe bouwheer over het te realiseren bouwproject. Dit betekent dat het schoolbestuur verantwoordelijk is voor de bouw van de school en communicatie met de buurt. De gemeente volgt en controleert de voortgang van de bouw. In geval van krediet overschrijding wordt om aanvullend krediet gevraagd bij de gemeenteraad.

Daarnaast wordt, bij vaststelling, in 2027 gewerkt aan een herziening van het IHP onderwijs. In dat jaar wordt een nieuw IHP opgesteld voor 2028-2043 en voorgelegd aan de gemeenteraad. Uitgangspunt voor het IHP 2027 is het vastgestelde IHP. 6. Duurzaamheidsaspecten Er zijn verschillende duurzaamheidsaspecten van toepassing bij het IHP. Dit IHP stelt als kader ENG (Energie Neutraal Gebouw) bouwen. Het voorgestelde IHP gaat uit van circulair slopen van een schoolgebouw. De duurzaamheidsaspecten worden per project verder ingevuld op basis van een businesscase. Deze businesscase onderzoekt de specifieke mogelijkheden voor verduurzaming op de locatie binnen de financiële en beleidsmatige kaders van dit IHP. 7. Participatie Het IHP is opgesteld in samenspraak met de schoolbesturen in Wijdemeren. In 2022 zijn gesprekken tussen gemeente en de schoolbesturen gestart en opgepakt. Deze gesprekken hebben een periode stilgelegen, wegens personele wisselingen en de onduidelijke financiële situatie van de gemeente. De schoolbesturen vinden het niet prettig dat dit proces stil was komen liggen. Na de zomervakantie van 2023 zijn de gesprekken weer opgepakt. Voor de kerst is een eerste concept opgesteld van het IHP en aan de schoolbesturen voorgelegd, welke hier feedback op konden geven.

In de loop van januari 2024 is de feedback verwerkt en op 25 januari zijn gemeente en schoolbestuur tot dit voorgelegde IHP gekomen. 8. Voorgaande besluitvorming - Collegebesluit 14 december 2021 voor het opstellen van een IHP. - Begroting 2024 9. Standpunt commissies (en derden) De gecombineerde commissies BMMSZ d.d. van 11 april 2024 adviseert dit voorstel te behandelen als Bespreekstuk in de raad van 18 april 2024 Burgemeester en wethouders van Wijdemeren, de secretaris, de burgemeester, mr. E.T. Halman-van der Linden MBA

Ch.B. Aptroot

RAADSBESLUIT

De raad der gemeente Wijdemeren; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 19 maart 2024; BESLUIT 1. 2. 3. 4.

Het Integraal Huisvestingsplan (IHP) 2024-2039 vast te stellen; Het Integraal Huisvestingsplan elke 4 jaar te actualiseren; Te kiezen voor het financiële scenario 3; De financiële gevolgen hiervan op te nemen in de voorjaarsnota 2024 en de kosten 2025 en verder mee te nemen bij de integrale afweging in de programmabegroting 2025 en verder; 5. Het krediet Integraal Huisvestingsplan jaarlijks te indexeren op basis van het actuele prijspeil (BDB-Bouwindex); 6. Te voorzien in de financiering voor ruimte voor kinderdagopvang, wanneer hiervoor een kostprijsdekkende huurder is gevonden die meerjarig deze huur kan betalen; 7. Het circulair slopen van schoolgebouwen te financieren, onder voorwaarde dat hiervoor externe financiering beschikbaar is die de extra kosten ten opzichte van normale sloop dekken.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 18 april 2024 De raad voornoemd, de griffier,

drs. E.B Hörchner

Afschriften van dit besluit naar:

de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13954449/3