Printversie verslag
Tekst van het document
stemming gebracht en als twee wordt aangenomen, nadat één niet is aangenomen, dan wordt amendement drie niet meer in stemming gebracht. Ik hoop dat u het volgt, ik vertel het nog een keer, voordat wij gaan stemmen en als u daar vragen over heeft, dan licht ik nog toe. Ik geef nu eerst het woord aan de heer Goetheer, volgens mij, klopt dat? Ja? En wellicht wil u een en ander nog toelichten. Aan u het woord. De heer Goetheer: Dank u wel, goedenavond allemaal. Ook al zijn er drie amendementen en één motie, ik zal het kort houden, dat zal u allen deugd doen, denk ik. Kort even over wat er net gezegd werd in het vorige agendapunt, dat was van de heer Torsing, participatie, top, komen wij zo meteen op en ook de VVD ondersteunt de participatie. Nou, dat maakt mij natuurlijk zeer gelukkig om dat te horen, zeker met de motie, die hier zo meteen voorligt. Wanneer wij kijken, wel nog één ander punt, wanneer wij naar de website gaan, naar het raadsvoorstel, dan is dat voor mij niet te zien hierin, wel bij de commissie bij de vorige. Ik begreep dat dat ook bij anderen het geval was, dus mogelijk dat dat ook iets is om in de toekomst naar te kijken.
Wanneer we kijken naar het amendement A-10-1, is dat, dat is eigenlijk het meest complete amendement, heb ik of heeft de Lokale Partij zich geprobeerd te houden aan wat er onlangs uit het rapport van de rekenkamer is gekomen van: hoe moeten wij nou kijken naar een raadsvoorstel? En wat is er nu precies belangrijk in een raadsvoorstel? Nou, beslispunt één en twee, daar wordt gesproken over dat wij iets vaststellen. Vaststellen doen wij hier dus nu niet. Waarom niet? Omdat beslispunt vijf is een contradictie daarmee. Wij gaan deze stukken nog een keer bespreken, waardoor wij nu niets vaststellen, maar ter kennisgeving aannemen. Dat is een wezenlijk verschil, maar dat is de enige juiste conclusie op het moment dat wij iets nog gaan bespreken en het daarna pas gaan vaststellen. Dus vaststellen doen we nu niet, dus beslispunt één en twee staan gewoon verkeerd verwoord, moeten we even aanpassen, daarvoor dit amendement en dat is eigenlijk en ik zal niet spreken over een blanco cheque bij beslispunt vier, maar het komt wel redelijk in de buurt, aangezien het voorliggende besluit, als wij kijken naar punt vier. Het geeft geen enkele beperking in tijd, geen beperking in locaties. Het behelst wel een voorstel voor uitvoering en handhaving door snelheidsverlagingen alleen visueel terug te brengen.
Nou, mijnheer Torsing zou zeggen: het is geen blanco cheque, maar het komt wel aardig in de buurt. Dus dat is eigenlijk het amendement. Het ene is iets juister verwoorden en beslispunt vier, laten wij het daar met zijn allen nog goed over hebben, wanneer wij zo meteen bij onderdeel C het hier over gaan hebben. Daar kan dit mogelijk wel een, waar kan dit mogelijk wel plaatsvinden? Waar ook niet en hoe verhoudt zich dit ook tot de motie die aangenomen is in de Tweede Kamer? Om er nu als cheque vier even in mee te gaan, zonder enige beperking, dat gaat wel heel ver en nogmaals, ik noem het geen blanco cheque, maar ik hoor graag hoe u dit dan wel zou moeten noemen. Nou, de andere amendementen zijn hier variaties op. Ik hoop natuurlijk dat deze er gewoon mee doorgaat, maar mogelijk, als dat niet het geval is, dan hopelijk de anderen wel. Wanneer we dan kijken naar de motie, inspraak is niet hetzelfde als participatie. Nou, de titel stond ook al ergens in de NieuwsSter of Weekblad Wijdemeren, dus eigenlijk was, ja, stond de titel ook iets anders in en daarom had ik het even over de participatie. De inwoners die kwamen spreken over dit onderwerp, die schetsen een bepaald beeld. Die hadden zich goed verdiept in het onderwerp en zij zeiden een aantal zeer zinnige dingen volgens mij.
Om tegemoet te komen aan de wens van de inwoners, hebben wij dan ook een verzoek neergelegd bij het college. Voordat ik het verzoek van het college wil uitspreken, neem ik u even mee, zeer kort, ik zal het kort houden ook, naar een wensbeeld. Het mobiliteitsplan is opgesteld in overleg met bewoners, maatschappelijke organisaties, werkgevers, kennisinstellingen, provincie, omliggende gemeenten en het Rijk. Vanaf het begin is een interactief werkproces doorlopen in diverse bijeenkomsten. In 2019 en 2020 heeft de gemeente samen met bewoners, organisaties en andere overheden nagedacht over de wenselijke verkeersnetwerken en de bijbehorende maatregelen. Dat gebeurde niet alleen tijdens het gesprek met de stad in november 2019 en twee digitale workshops met inwoners in juni 2020, maar ook tijdens diverse werksessies met medeoverheden, belangenorganisaties, kennisinstellingen en werkgevers. Het bewonersinitiatief het Wiel heeft tussentijds als klankbord voor de gemeente gefungeerd. Dan zouden wij
allemaal denken: wat mooi, wat goed geregeld, wat een wensbeeld. En dit blijkt gewoon uitgevoerd te zijn door de gemeente Utrecht. Dus als wij gewoon kijken naar hoe de gemeente Utrecht heeft uitgevoerd, maar ook heel veel andere gemeenten, dan is daar een hele duidelijke participatie van de inwoners. En dan denkt de Lokale Partij, zeker met een horizon van 2045 en het belang van een juist mobiliteitsplan: laten wij hier goed naar kijken en laten we het draagvlak van de inwoners vergroten, door ze hier meer bij te betrekken. En daarom verzoeken wij het college om de voorgestelde inspraak aan te passen naar participatie van inwoners, bij het gehele mobiliteitsplan Wijdemeren 2020-2045, waarbij inwoners toegelaten worden tot de klankbordgroep en hierop zo kort als mogelijke termijn mee te starten, in ieder geval voor de start van deel C, zodat de inwoners nog iets te zeggen hebben over deel A en B. En als punt twee, de raad te informeren in vervolgstappen, dat wij dus gaan nemen bij plan of stap C over welke adviezen vanuit de klankbordgroepen wel en niet zijn opgenomen. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Goetheer. Dan ga ik naar wethouder Boermans voor een reactie vanuit het college. Wethouder Boermans? De heer Boermans: Ja, dank u wel, voorzitter.
Ja, een mooi betoog, mijnheer Goetheer, zo ken ik u ook, maar ik moet toch zeggen dat ik het wat jammer vind, dat u hier op dit moment meekomt. Waarom? Omdat wij al een lang proces hebben gevoerd, rondom het mobiliteitsplan, dat is niet iets van: je kan iedere keer weer gaan zoeken of iets anders gaan doen, we hebben eerder al de 80%-versie van het mobiliteitsplan vastgesteld. U bent er ook in meegenomen via verschillende sessies, ook nu voor dit plan bent u … De voorzitter: Wethouder Boermans, ook collegeleden spreken via de voorzitter graag. De heer Boermans: Uiteraard, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Ja, dank u wel. De heer Boermans: Dus mevrouw de voorzitter, wat ik de heer Goetheer wil meegeven, volgens mij moet ik het zo zeggen, mevrouw de voorzitter, is dat ik het jammer vind dat hij op dit moment hiermee aan komt zetten. Waarom? Omdat het proces van het mobiliteitsplan, dat is juist aan de voorkant op een bepaalde wijze ingestoken, waardoor ook de leden van de klankbordgroep aan de voorkant zijn betrokken, waarom bepaalde wensen of situaties zich kunnen voordoen en waarom bijvoorbeeld de hulpdiensten er op een bepaalde manier tegenaan kijken of de woningbouwvereniging, om een heel andere dwarsstraat te noemen of andere partijen.
Aan inwoners is aan de voorkant en volgens mij heeft de heer Goetheer daar ook al ooit eens een keer nog zelfs een voorzet voor gehouden, toen zelfs ook al in onze plannen staan, hebben wij inwoners gevraagd om zelf aan te geven: wat vinden zij dat er goed gaat? Welke wensen hebben die beter kunnen? En wat gaat er eventueel minder goed? Dat is allemaal verwerkt, daar zijn heel veel reacties op binnengekomen en wij hebben er bewust voor gekozen om allerlei mensen in de klankbordgroep te zetten, die bijvoorbeeld vanuit een woningbouwvereniging betrokken zijn in deze gemeente, die vanuit de ondernemers betrokken zijn bij deze gemeente en tal van andere organisaties. U heeft het over Veilig Verkeer Nederland, Natuurmonumenten, u heeft ze allemaal in de lijst zien staan. Op het moment dat je nu ervoor kiest om bewoners toe te gaan voegen, dan is mijn eerste vraag aan u, of via de voorzitter aan u, mijnheer Goetheer: welke bewoners wilt u dan toelaten? Want ik neem aan dat u niet alle 24.000 inwoners van deze gemeente wil toelaten, dus op basis waarvan wil de heer Goetheer dan die keuze maken, wie ik wel of niet ga toelaten en vervolgens vraag ik ook aan de heer Goetheer, hij heeft het over, althans, volgens mij hoor ik iets over blanco cheques. Ik vraag hier helemaal niet om een blanco cheque, ik vraag überhaupt niet om een cheque. Ik vraag namelijk helemaal niet om geld.
Maar op het moment dat u zegt, dat de heer Goetheer zegt, dat er een heel
nieuw proces gevormd moet worden om inspraak van inwoners toe te gaan voegen en daarmee dit proces te gaan vertragen, dan vraag ik ook aan, via de voorzitter, aan hem van: waar is dan dat budget om dat te gaan begeleiden en te gaan doen? Want dat gaat toch niet even op een avondje koffiedrinken in het gemeentehuis, als dat weer mag. Dus ik ben het daar niet mee eens. Dan wat betreft de punten in amendement één, wat gaat over het voor kennisgeving aannemen, punt één en twee van de heer Goetheer, zoals hij dat heeft van de Lokale Partij, zoals ze dat hebben verwoord. Ik snap wel wat u bedoelt, laat dat heel goed zijn, alleen ik probeer u al heel lang uit te leggen, dat het een totaalpakket is, waar wij mee bezig zijn. Wij zijn nu met de tussenfase van deel één en twee of A en B bezig, wat moet leiden tot informatie voor deel drie en op het moment dat de gemeenteraad en dat heb ik nu al vaker aangegeven, alleen maar hebben op het tijdsplan deel A voor kennisgeving aanneemt, dan is dat in de formele zin, is dat geen, is daarbij geen sprake van instemming. En dat betekent dat wij daarmee niet door kunnen gaan met die informatie naar het tweede deel.
En volgens mij, wat u wilt, is uiteindelijk nog ja of nee kunnen zeggen tegen het gehele plan of wat de heer Goetheer wil, moet ik zeggen en dat kan de heer Goetheer ook gewoon doen, mevrouw de voorzitter, want in het najaar zullen wij ook gewoon het hele mobiliteitsplan in zijn geheel in stemming brengen, nadat inwoners zijn geraadpleegd en daar ook hun reactie op hebben kunnen geven. Dus op dat moment, kan de hele raad nog zeggen: wij zijn het ermee eens of wij zijn het er niet mee eens of we hebben wijzigingen. Dus vandaar dat ik echt afraad, de punten waar staat: voor kennisgeving aannemen. Ja, en punt vier, ja, sorry voorzitter, dat ik toch wat lang nodig heb, maar het zijn drie verschillende moties of amendementen en een motie. Ik probeer ze in één keer te behandelen. Punt vier haalt u eruit, ik begrijp heel goed of haalt de heer Goetheer eruit.
Ik begrijp het heel goed, dat de heer Goetheer dat probeert of voorstelt, maar u heeft ook, of de heer Goetheer en alle andere raadsleden hebben ook gezien in de bijlages, die meegestuurd zijn en overigens zeg ik tegen, via u, mevrouw de voorzitter, tegen de heer Goetheer: ik kan het niet helpen als stukken niet op het RIS toegankelijk zijn voor de raadsleden, want wij hebben het ook nog gewoon aangeleverd, dus laat dat ook even duidelijk zijn, maar u treft in de bijlages, zoals eerder al gezegd, treft u de brief van de brandweer, die daar nadrukkelijk, een reactie op heeft gegeven, dat is ook de reden waarom punt vier hierin is opgenomen. Er is dus totaal geen sprake van een blanco cheque, maar het gaat er wel om, dat wij geen, nou, ik zou haast zeggen, knollen voor citroenen willen verkopen en aan alle inwoners duidelijk willen maken en ook aan alle raadsleden en andere betrokkenen, dat wij wel maatregelen willen nemen om visueel tot 30 kilometerzones te komen, maar dat dat niet op alle wegen in Wijdemeren kan. En ten slotte zeg ik tegen u, mevrouw de voorzitter, in reactie op de heer Goetheer, die het heeft over een motie in de Tweede Kamer: uiteraard heb ik kennis van die motie, die is ook al vaker in deze discussie rondom het mobiliteitsplan hier ter tafel geweest.
Maar dat is een motie in de Tweede Kamer en zodra de Tweede Kamer een motie aanneemt, is het daarmee nog geen wet en sterker nog, op het moment en dat heeft u ook in Binnenlands Bestuur en op andere plekken kunnen lezen, ik vind het heel goed als wij overal 30 kilometerzones zouden gaan instellen, alleen dan moet er ook geld bijkomen via het gemeentefonds om dat overal ook te kunnen gaan doen, want onder andere de hulpdiensten zeggen wel van: prachtig om dat te doen, maar dan hebben wij wel meer plekken nodig om ook de bereikbaarheid aan te kunnen in het kader van de brandveiligheid. Ook daar heb ik in de commissie al het nodige over gezegd, maar ik vind het hier echt van belang om dat nogmaals te herhalen, voorzitter. Ja, volgens mij heb ik verder alles toegelicht, voorzitter. Ja, ik weet dat ik één termijn heb, dus ik probeer nog even heel goed te kijken of ik niks heb gemist, maar volgens mij heb ik hiermee alle punten van de heer Goetheer, via u, beantwoord. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dat heeft u ook heel netjes gedaan, wethouder Boermans, via de voorzitter. Goed, dank. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik zie de heer Voigt, handjes opsteken graag voor degenen die een tweede termijn willen en als u wilt interrumperen, dan via de chat. Dan houden wij dat in de gaten. Ik geef eerst het woord aan de heer Voigt.
De heer Voigt: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik zal er geen uitgebreid verhaal van maken. Er zijn drie amendementen ingediend. De wethouder heeft uitgelegd waarom hij het niet verstandig vindt om deze amendementen over te nemen. De uitleg van de wethouder volgen wij, voorzitter, dus wij zullen de amendementen niet steunen. Wat betreft de motie, daarin verzoekt, wordt het college verzocht inspraak aan te passen naar participatie van inwoners, maar dan komt het: bij het gehele mobiliteitsplan, dus de heer Goetheer wil, nadat wij dit hebben vastgesteld, alsnog participatie over het gehele mobiliteitsplan, deel A en B en C, wat nog gaat komen. Nou, daar zijn wij geen voorstander van. Wat wij wel zouden willen, is dat over onderdeel C participatie gaat plaatsvinden. Onderdeel C gaat over de concrete invulling van straten, als ik het goed heb begrepen en dan kan ik mij wel voorstellen dat er verschillende klankbordgroepen gaan komen. Je moet niet één klankbord nemen voor de hele gemeente dan, maar doe het per kern, dat is misschien ook nog te groot, maar per cluster van straten. En wij zullen de motie dus niet steunen, maar wel een toezegging van de wethouder, dat hij zal kijken of er op die manier participatie kan plaatsvinden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, dan hou ik die nog even vast, uw vraag aan de wethouder en dan ga ik eerst naar de heer Poels.
De heer Poels: Voorzitter, dank u wel. Ja, wij zullen ook op het amendement, want ik ga er even vanuit dat het om A-10-1 gaat, voorzitter, zullen wij reageren en de motie. Ja, ik zou alleen maar zeggen: wat jammer dat de heer Goetheer en dat is wel jammer, vind ik, en vaker, dat hij de spullen zo laat in de besluitvorming brengt, want anders had ik met hem medeondertekend. Dit is precies wat wij in de commissie ook hebben opgemerkt, voorzitter en het gaat te snel, het gaat te hard en de burgerparticipatie of de burgerbetrokkenheid is te gering. Er gebeuren een aantal belangrijke dingen momenteel, waar wij tijd aan moeten besteden, onder andere, ik heb het ook in de commissie genoemd, de bestendigheid van de corona of die van mobiliteit, dat gaat iets opleveren. Andere belangrijke ontwikkelingen, de wethouder noemde zelf al, ja, het kilometerverhaal, natuurlijk, dat ligt op het moment in de Tweede Kamer en komt naar ons toe. Er wordt te veel gas gegeven en daardoor raken wij het zicht op een aantal ontwikkelingen, raken we kwijt, voorzitter. Dus wij kunnen ons heel goed vinden in het amendement A-10-1 en in de motie van de heer Goetheer. Wij zullen die ondersteunen met nogmaals het verzoek, de heer Goetheer, begint u eens wat eerder met dit soort dingen naar ons toe te komen.
Ik heb he m in ieder geval pas vanmiddag ontvangen en nauwelijks gehad om het goed te bekijken, de tijd gehad, maar dat is meer een tip aan de heer Goetheer, via de voorzitter, maar wij zullen het amendement en de motie zullen wij ondersteunen, omdat op dit moment een pas op de plaats moet worden gemaakt, voorzitter, omdat wij daar last van gaan krijgen. Wij hebben gezien hoe goed onze inwoners zijn geïnformeerd. Als wij dat nu straks in deel C allemaal met elkaar gaan doen, dan krijgen wij dat in onze tijdsvisie, krijgen wij dat op onze boterham. Haal het naar voren, haal die participatie naar voren en daar dient dat motie, volgens mij, ook uitstekend voor. Dus wij zullen beiden, zowel het amendement als de motie, zullen wij ondersteunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dan ga ik naar de heer Torsing. De heer Torsing: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, even over de motie A-10-1, amendement A-10-1 en de motie. Ja het was een heel duidelijk verhaal, een heel prettig verhaal van de wethouder. Hij heeft mij keurig uit kunnen leggen wat er bedoeld wordt en waar hij mee bezig is en waar de momenten komen, juist ook wat mijnheer Poels net zegt, wanneer we echt gaan participeren, dus ik vind, wij zullen het amendement en de motie niet steunen.
Wat ik wel vind, dat is maar één rond, begrijp ik, voorzitter, want er werd ook voor wensbeelden gevraagd en die heb ik inderdaad ook gestuurd, maar ik wil namens de CDA-fractie toch ook even heel kort onze wensbeelden hebben, die wij mee willen geven en of die in B nog ingepast kunnen worden? Dat is te
beginnen met 8-1 en dat heeft te maken met fietspaden, om het Bergse Pad te ontlasten, zou het mooi zijn als op de Horstermeerdijk, vanaf de Goog, Nederhorst langs Spiegelplas, op het Stichts End, Ankeveen een fietspad wordt aangelegd. Het Bergse Pad is nu een fietspad, waar ook veel gewandeld wordt en het is erg smal. Dan kan het Bergse Pad veranderen van fietspad naar voetpad, daar hoeven wij ook geen extra ‘’Doe eens lief’-borden te plaatsen. Voor 8.2, voetgangers, wat ons opvalt, is dat hier gekozen wordt voor veilige looproutes voor kwetsbare deelnemers. Wij zouden het ook fijn vinden als daar juist de recreatieve routes in beschouwing worden genomen qua veiligheid, rolstoelvriendelijkheid en een duidelijke bewegwijzering et cetera. Voor 8.4, te maken met het autoverkeer. Het wensbeeld van het CDA is dat wij graag willen dat alle wegen in onze dorpen, waar fietsers en autoverkeer gebruik maken van dezelfde rijbaan en geen andere mogelijkheid hebben, dat deze wegen allemaal 30 km/h worden. En voor 8.5, vrachtverkeer, is de laatste, willen wij graag dat meerdere wegen verboden worden voor vrachtverkeer, buiten bestemmingsverkeer en dat zeg ik natuurlijk met hoofdletters, buiten bestemmingsverkeer, voorbeeld Kortenhoefsdijk, Moleneind, Horndijk, Stichts End, Hollands End, Nieuw-Loosdrechtsedijk, Herenweg, Breukelen et cetera.
Dat is voorlopig de bijdrage van het CDA met ons wensbeeld. Dank u wel. De voorzitter: Goed, dank u wel. Dan ga ik naar mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen: Dank u, voorzitter. De wethouder heeft een glashelder betoog gegeven en ook mijnheer Voigt, die als eerste aan het woord kwam, na de wethouder, heeft ook een glashelder betoog gegeven. Daar kan ik mij volledig bij aansluiten. Ik kan het natuurlijk gaan herhalen, maar ik sprak van de week nog een inwoner en die zei: wat mij nou zo opvalt, dat wanneer er een onderwerp behandeld wordt, dat iedereen hetzelfde zegt. Dus vandaar dat ik zeg: ik sluit mij aan bij mijnheer Voigt om tijd te besparen en ook om de inwoner niet steeds hetzelfde verhaal te laten horen. Dank u wel. De heer Voigt: Als iedereen dat nou doet, voorzitter? Dan zijn wij gauw klaar. De voorzitter: Heel goed, mijnheer Voigt. Goed, mijnheer Goetheer, u was net even eerder met uw handje dan mijnheer Roosenschoon, maar ik laat even mijnheer Roosenschoon voor en dan kunt u dan afsluiten. Is dat goed? Ik zie u knikken. Dank. Mijnheer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Ja, voorzitter, om met de woorden van mevrouw Vermeulen te spreken en de heer Voigt, daar zal ik mij volledig bij aansluiten, dus laten wij het heel kort houden. Het betoog van de wethouder was duidelijk.
De antwoorden waren duidelijk, de reacties zijn duidelijk en ik denk dat de wensbeelden van de heer Torsing erg zijn plaats zou kunnen vinden in de verdere uitwerking. Dus daar wil ik het bij laten, voorzitter. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Goetheer, er is wel een vraag gesteld aan de wethouder of hij bereid is ten aanzien van deel C om daarop te participeren. Wilt u het antwoord van de wethouder daarop afwachten, voordat het u uw bijdrage levert of wilt u zelf eerst uw bijdrage leveren in tweede termijn? De heer Goetheer: De wethouder kan daar antwoord op geven. Ik zal zo meteen dan ook willen schorsen, want dan pas ik de motie aan naar zoals de heer Voigt hem verwoordde en dan is dat, denk ik, het meest haalbare. De voorzitter: Nou, dan geef ik eerst het woord aan wethouder Boermans, hoe hij daarin zit en dan kunt u verder gaan met uw tweede termijn. Akkoord? Ja?
De heer Goetheer: Absoluut. De voorzitter: Wethouder Boermans, kunt u daar antwoord op geven, op die vraag? De heer Boermans: Ja, volgens mij, voorzitter, waren er twee vragen. Er was een vraag van de heer Torsing met betrekking tot de wensbeelden en inderdaad een vraag van de heer Voigt over … De voorzitter: Dat was geen vraag vanuit het CDA over de wensbeelden, die zijn medegedeeld. Daar hoeft u niet op te reageren, want het is ook geen amendement. De heer Boermans: Oké, voorzitter, dan zal ik dat niet doen, maar dan doe ik dat omdat u dat mij vraagt en ik luister graag naar u. Wat betreft de gevraagde toezegging van de heer Volgt, als ik u goed begrijp, zegt u van: straks, voordat deel C wordt vastgesteld en er wordt gesproken over bepaalde straten, er worden straks uitvoeringsplannen gemaakt per straat. Overigens de uitvoeringsplannen zullen niet alleen per straat zijn, in sommige gevallen zal dat ook over een heel gebied zijn, maar ik kan mij voorstellen dat bij wijze van spreken heel Nederhorst dan uitnodigen voor een informatie-avond. Dat kan ik u uiteraard toezeggen. Maar wel met dus die kanttekening daarbij, dat dat in sommige gevallen niet, ja, per straat kan. Want ja, als wij het hebben over een parkeerbeleid, ik noem maar wat, dan doe je dat natuurlijk ook breder. Maar voor de rest heel prima.
Ik heb u ook al eerder een brief gestuurd, waarin ik ook al aangeef, dat wij daar ook meer tijd voor willen nemen, dus volgens mij sluit dat aan. Maar dan wel op de toezegging, zoals u hem heeft gevraagd. De voorzitter: Goed, ik begrijp dat ertoe wordt gezegd voordat C in behandeling wordt genomen, bestuurlijk, dat er dan participatie op plaatsvindt. De heer Boermans: Nog even voor de helderheid, voordat het in de besluitvorming komt. De voorzitter: Ja. Goed, mijnheer Goetheer, aan u. De heer Goetheer: Ja, dank u wel voorzitter. Dan wil ik toch nog één verduidelijkende vraag stellen aan de wethouder. U heeft het nu over participatie en niet meer over inspraak, want inspraak staat in het gehele mobiliteitsplan, maar er wordt dus nu daadwerkelijk toegezegd, dat er sprake is van participatie van de inwoners, voordat er besluitvorming komt over onderdeel C. En dat is iets anders dan inspraak. De voorzitter: Wethouder Boermans? De heer Boermans: Ja, voorzitter, ik wil daar graag op reageren, ja. Daarom gaf ik ook nadrukkelijk aan, dat het gaat over deel C. Deel C gaat over het uitvoeringsprogramma, dat is heel iets anders, de heer Goetheer, zeg ik via mevrouw voorzitter, dan de visie die in deel A is beschreven en het wensbeeld dat in deel twee is beschreven of in deel B is beschreven, dus vandaar dat ik dat zo zei.
De voorzitter: Ja, maar de concrete vraag is: er is geen sprake van inspraak, er is echt sprake van participatie, voor de helderheid, wethouder Boermans? De heer Boermans: Ja, er is sprake van participatie per straat op het uitvoeringsprogramma. De voorzitter: Oké. De heer Boermans: Daar waar dat kan.
De voorzitter: Ja, oké. Mijnheer Goetheer. De heer Goetheer: Voorzitter, dan een vraag aan u met deze toezegging van de wethouder en het besluitpunt vijf, daarin staat namelijk na eventuele aanpassingen als gevolg van de inspraak over het gehele mobiliteitsplan Wijdemeren ’20-‘45 een definitief besluit te nemen. Met de toezegging van de wethouder net, zou die zin dus anders moeten zijn, want dan klopt dit besluitpunt niet meer. De voorzitter: Nou, die toezegging, die ligt er al, dus die heeft u in handen, dat is ook genoteerd. Als u zegt: ik hecht eraan, dat het ook in het besluit gewijzigd wordt, dan zal dat met een amendement moeten. De heer Goetheer: Oké, mag ik vragen wat u of de griffie daarover aanraadt? Is dan een toezegging voldoende of zou u zeggen: het besluitpunt, is verstandig om dat aan te passen. De heer Boermans: Voorzitter? De voorzitter: Een toezegging is voldoende in deze, want dat is genoteerd en daar kunt u een wethouder ook verder aanhouden dan, op aanspreken, laat ik het zo stellen. Dus de toezegging is in principe voldoende. De heer Boermans: Voorzitter, mag ik interruptie plegen? De voorzitter: Ja, wethouder Boermans. De heer Boermans: Ik zeg het, want juist punt vijf kan dan gewoon blijven staan, want inderdaad een toezegging is, daar kunt u mij aanhouden en dat is, punt vijf komt pas nadat C is, in behandeling is genomen.
De heer Goetheer: Maar dan wordt, pardon, ja. De voorzitter: Oké, goed, wilt u nog iets kwijt in de tweede termijn? Wilt u nog iets zeggen? De heer Goetheer: Zeer zeker, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Oké, goed, gaat uw gang. De heer Goetheer: Dank u wel. Ik kan ook een beetje tellen, dus jammer genoeg zullen de amendementen en de moties, en de motie het niet halen. Mijnheer Poels, u heeft helemaal gelijk, mijn excuus daarvoor, die heb ik u al vaker aangeboden, maar deze keer nogmaals en ik zal proberen mijn leeftijd in te verbeteren. Als ik mag inhaken op een aantal dingen, die de wethouder net heeft gezegd, een aantal zaken, lang proces, jammer dat de Lokale Partij hier nu pas mee komt. Nou, daar kunnen natuurlijk een aantal dingen over gezegd worden. Bij deel A, de 80% vaststelling, heeft de lokale Partij meerdere zaken benoemd, die toen jammer genoeg ook in het amendement niet meegenomen zijn. Wij hebben op meerdere momenten geprobeerd de koers iets te wijzigen, dus dan is het een beetje gek om nu te zeggen van: jammer dat u er nu pas mee komt, terwijl uiteindelijk, ook pas na deel C het nog een keertje met iedereen besproken wordt en dan pas definitief wordt vastgesteld. Dus dan zou ik kunnen zeggen: liever nu ten halve gekeerd, dan ten hele gedwaald en daarnaast hebben wij ook op eerdere momenten geprobeerd bij te sturen.
Wanneer dan, een aantal punten hoor, ik loop ze even langs, medeklankbordgroep van tevoren gehoord? Nou, we hebben ook in de inspraak gehoord dat niet ieder lid van de klankbordgroep zich daar even van bewust is geweest en een groot punt is natuurlijk dat de inwoners geen onderdeel daarvan hebben uitgemaakt. Aan de voorkant, inwoners bevraagd? Absoluut, heel fijn, was ook een mooi startpunt om op die manier mee te beginnen, heb ik toen inderdaad, volgens mij
was het gemeente Huizen, die dat toen ook al deed, hebben wij, de wethouder en ik, mevrouw de voorzitter, hebben de wethouder en ik het toen over gehad, dus dat is ook helemaal prima. Een aantal vragen, die daarna worden gesteld. Nou, mevrouw de voorzitter, ik wil bij deze zeggen: ik heb geen enkele ambitie om wethouder te worden, maar mooie vragen, ik hoef daar eigenlijk, welke bewoners wilt u toelaten? Ik wil het daar best een keer met u over hebben, want mijnheer Voigt zei per wijk, je kan mensen zelf laten, zichzelf laten aanmelden. Ik denk dat wij zeer mondige bewoners hebben, inwoners, die zich graag hierbij iets van zich zouden willen laten horen, waar wij ook echt wat aan hebben. Dat heeft u ook gezien bij de inspraak. Nou, dat zijn goed onderbouwde verhalen werden daar verteld. Laten wij onze inwoners ook daadwerkelijk een stem geven in het mobiliteitsplan. Er wordt dan gezegd: er wordt geen geld gevraagd bij punt vier? Nee, bij een blanco cheque wordt ook eigenlijk geen geld gevraagd, maar wordt het alleen maar uitgegeven en er wordt meerdere keren gezegd dat u het heel goed begrijpt. Nou, dank u wel daarvoor en dan als laatste nog motie Tweede Kamer, is nog geen wet. Nee, maar het is een motie, wij weten allemaal wat dat inhoudt en het extra geld, ja, wij zullen wel vaker extra geld in Den Haag moeten gaan vragen.
Dan hoop ik dat ik eigenlijk het stuk of de vraag van wethouder Boermans heb beantwoord. Om dan terug te komen op eigenlijk de andere inspraak. Ik ben blij dat er toch meer ruimte gaat komen voor participatie van de inwoners hierin. Ik sluit mij ook zeker aan bij de woorden van de heer Poels, dat ik denk, dat er heel veel behoefte is aan participatie op dit onderwerp, dat er heel veel veranderingen zijn, ook wanneer wij kijken naar andere mobiliteitsplannen, dan zijn die echt heel wat beter geschreven. Dat is mijn eigen classificatie eraan. Dan het stuk wat bij ons op dit moment voorligt, met de visie, die wat mij betreft, geen vlees en geen vis is. Wij hebben behoefte aan een concrete visie, waar onze inwoners wat aan hebben, waar wij allen wat aan hebben en hopelijk, komt die er nog, dankzij de participatie van de inwoners en daar dank ik u allen alvast voor. Tot zover voorzitter. De voorzitter: Goed, dank u wel. Dan vraag aan u: u laat gewoon de amendementen, zoals nu ingediend en de motie zoals ingediend in stand? Oké. Is er verder nog behoefte aan een tweede termijn? Neen? Dan zullen wij overgaan tot stemming. Ik ga het nog één keer aan u toelichten. Wij zullen eerst over amendementen stemmen, vervolgens over het raadsvoorstel en daarna over de motie. Ten aanzien van de amendementen, dat zijn er drie, A-10-1, A-10-2 en A-10-3.
Indien A-10-1 wordt aangenomen, dan worden amendementen 2 en 3 niet meer in stemming gebracht. Indien A-10 wordt verworpen, dan wordt amendement 2 in stemming gebracht. Indien deze wordt aangenomen, wordt 3 niet meer in stemming gebracht, wordt deze verworpen, dan wordt 3 wel in stemming gebracht en dan, nou ja, goed, dan is dat beslist natuurlijk of 3 al dan niet wordt aangenomen. Goed, is dat voor iedereen helder, want als iemand daar nog een vraag over heeft, dan hoor ik het nu graag? Nee? Oké. Dan gaan wij nu stemmen over amendement A-10-1. De stemming is geopend. Excuus, ik ben vergeten te vragen of iemand een stemverklaring wilde uitbrengen? Nee. Oké. Goed. Met zeven voor en 12 tegen is het amendement verworpen. Dan gaan wij stemmen over amendement A-10-2. Is er behoefte aan een stemverklaring? Nee? Dan kunt u nu gaan stemmen. Met zes voor en 13 tegen is amendement A-10-2 verworpen. Dan zullen wij gaan stemmen over amendement A-10-3. Is er behoefte aan een stemverklaring? Nee? Dan is de stemming geopend. Mevrouw Hennis en mijnheer Van Balen, lukt het? Ja. Met zes voor en 13 tegen is amendement A-10-3 verworpen. Dan breng ik het ongewijzigde raadsvoorstel in stemming. Dat is mobiliteitsplan Wijdemeren 2020-2045, deel A 100%, deel B 80%. Is er behoefte aan een stemverklaring? De heer Poels. De heer Poels: Voorzitter, dank u wel. Wij zullen tegen het raadsvoorstel stemmen.
Wij hadden gehoopt dat via de amendementen een paar van onze kritiekpunten, die wij ook in de commissie hebben gegeven, terecht zouden komen. Het gaat te snel, het gaat te hard. De participatie is onvoldoende, beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Wij zullen tegen het voorstel stemmen, voorzitter. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel en dan geef ik het woord aan de heer Goetheer. De heer Goetheer: Dank u wel, voorzitter. De Lokale Partij zal tegen stemmen, omdat wij ons niet kunnen vinden in het proces tot heden. Het niet voldoen aan de eigen doelstellingen en het ontbreken van voldoende participatie van de inwoners. De voorzitter: Dank u wel. Is er verder behoefte aan een stemverklaring? Nee? Mijnheer Poels, wilt u uw handje weer omlaag doen? Dank u wel. Dan breng ik het ongewijzigde raadsvoorstel in stemming. U kunt nu stemmen. En met 13 voor en zes tegen is het voorstel aangenomen. Agendapunt 11 is naar de hamerstukkenlijst gegaan. Oh, de motie. Ja. Het is goed dat de griffie er is. Wij hebben nog de motie, M-10-1, daar gaan wij nog over stemmen. Is er behoefte aan een stemverklaring? De heer Voigt. De heer Voigt: Dank, voorzitter. Eigenlijk heb ik in eerste termijn ook al laten doorschemeren. Wij zullen deze motie niet steunen, omdat er wordt voorgesteld om participatie te laten plaatsvinden, ook nog over de onderdelen A en B. De wethouder heeft toegezegd dat alvorens onderdeel C in het bestuurlijke besluitvormingscircuit komt, dat daar wel participatie over plaatsvindt. Dat is voor ons voldoende. Dus de motie zullen wij niet steunen. De voorzitter: Dank u wel.
Is er verder behoefte aan een stemverklaring? Nee? Dan breng ik de motie M-10-1 inspraak is niet hetzelfde als participatie in stemming. Met zes voor en 13 tegen is de motie verworpen. 12. Verklaring van geen bedenkingen Dammerweg achter 73 te Nederhorst den Berg De voorzitter: Dan gaan wij door naar agendapunt 12. Ik wil voorstellen om na agendapunt 12, dan hebben wij nog twee bespreekstukken en ook de hamerstukken, om dus na agendapunt 12 nog even kort te schorsen met uw goedvinden. Eerst deze afronden. Mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen: Dank u, voorzitter. Ik zal bij dit agendapunt niet deelnemen aan de beraadslagingen en ook mij onthouden van stemming. De voorzitter: Dank u wel. Zo genoteerd ook. Goed, het betreft agendapunt 12, verklaring van geen bedenkingen Dammerweg achter 73 te Nederhorst den Berg. Toelichting hierop is dat tijdens de commissiebehandeling heeft u gevraagd om het raadsvoorstel te verduidelijken. Dit is gebeurd en u bent daarover geïnformeerd. De tekst van het besluit is overigens niet gewijzigd, dus u heeft wel een erratum ontvangen. Dat betreft wat wijzigingen ten aanzien van bewoordingen in de tekst, maar het heeft geen betrekking op het raadsbesluit zelf, het erratum en om die reden is die niet gewijzigd en kan hij zo voor blijven liggen.
Het voorgestelde besluit luidt: één, in te stemmen met de nota zienswijzen inzake de ontwerpverklaring van geen bedenkingen en twee, de verklaring van geen bedenkingen af te geven voor het recreatiewoonschip op perceel Dammerweg achter 73 te Nederhorst den Berg. De Lokale Partij heeft een amendement aangekondigd over het niet afgeven van een verklaring van geen bedenkingen. Dat is amendement A-12-1 en dan aan wie kan ik het woord geven? Dat is de heer Zagt? De heer Zagt: Ja, voorzitter, ja, ik moet altijd even naar mijn muis zoeken, dat hij op het juiste dingetje gaat klikken. De voorzitter: Dat is goed. Aan u het woord.
De heer Zagt: Maar u zag aan mijn beweging, dat ik het zou worden. Ja, voorzitter, dank u wel. U zei het al: het besluit is niet aangepast. De tekst hier en daar in het raadsvoorstel wel. Nou was het besluit maar aangepast, want dan zou het zich in ieder geval verhouden tot het raadsvoorstel en ook tot hetgeen in de nota zienswijze verwoord is. Voorzitter, ik maak daarmee gelijk de switch, zeg maar, naar het amendement. De Lokale Partij stelt voor om het besluit, nou ja, dat is eigenlijk dit keer heel eenvoudig, om het te wijzigen, door niet in te stemmen met de nota zienswijze en ook de verklaring van geen bedenkingen niet af te geven en waarom, voorzitter? Ik heb dat uitgebreid verwoord in de toelichting. Ik zal dat zo compact mogelijk, voorzitter, verwoorden. Je mag volgens mij als gemeenteraad ervan uitgaan, dat zaken zich volledig juist ten opzichte van elkaar verhouden, maar wat is hier het geval? De nota van zienswijze, de beantwoording, verhoudt zich helemaal niet meer tot het besluit. Zelfs vandaag, voorzitter, is het raadsvoorstel nog weer aangepast hè, vandaag, vandaag, 11 maart 2021. Nou, als je in de geschiedenis van dit dossier bekijkt, dan lijkt het wel een atletiekbaan met een hordenloop, die je, maar regelmatig wat omvalt.
Klip en klaar staat er nu in dat het schip niet volledig in het bestemmingsvlak past, precies hetgeen, wat de heer Frank van Ruitenbeek en ik destijds ook al, vorig jaar, eind vorig jaar in de commissie beweerden. Maar het tegenovergestelde, namelijk dat het schip past binnen het bestaande bestemmingsvlak, wordt beweerd in de nota zienswijze. Nou, u begrijpt het al, dat verhoudt zich natuurlijk niet tot elkaar, dus je kan nooit in die zin, die nota zienswijze zo vaststellen. De nota zienswijze is dus niet correct of het raadsvoorstel is niet correct. Dan het volgende punt, in de ruimtelijke onderbouwing en ook door het college in de nota zienswijze wordt beweerd dat geen provinciale ontheffing nodig is, omdat de ontwikkeling binnen een bestaand bouwblok plaatsvindt, maar nu het college in het aangepaste raadsvoorstel stelt, dat de ontwikkeling niet binnen het bouwvlak plaatsvindt, is conform de PRV wel een ontheffing nodig. Er wordt immers gebouwd buiten het bouwblok en bovendien wordt het bebouwde oppervlak vergroot. Volgens de ruimtelijke onderbouwing van 14 × 5 m, naar 18 × 6.
De toetsing aan de PRV kan dit initiatief dus niet doorstaan en in de cyclus van januari 2020, ik schetste het al, het loopt al heel lang, januari 2020, geen tikfout, is op technische vragen van de Lokale Partij ambtelijk al aangegeven, dat wanneer een ontwikkeling het bouwvlak overschrijdt, er wel een provinciale ontheffing nodig is, die na de besluitvorming over de ontwerpverklaring van geen bedenkingen, bij GS van Noord-Holland moet worden verkregen. Nou, dat besluit over die ontwerpverklaring, dat namen wij 6 februari 2020, daarna had dus die verklaring aangevraagd moeten worden bij GS van Noord-Holland. Dat is niet gebeurd, tenminste niet bij mijn weten of het moet vanavond alsnog bekend gemaakt worden. Dat zou nieuw zijn, maar ook op dit punt, voorzitter, is de nota zienswijze dus niet correct of is het raadsvoorstel niet correct. En dan het laatste punt. Ik laat mij niet uit over de belangrijkheid van deze drie onderdelen, maar het is ook zeker een groot punt. Tijdens de commissiebehandeling vorige week, was dat, ja, 4 maart is na het vijfde verzoek van de Lokale Partij om aan te tonen wanneer het besluit over grotere maatvoering in de gehele gemeente Wijdemeren, dan wel de voormalige gemeente Nederhorst den Berg genomen zou zijn, klip en klaar aangetoond dat dit besluit nooit heeft plaatsgevonden. Dat klopt ook, want het bestaat helemaal niet.
Ik loop al een tijdje mee, voorzitter, dus ik zou het misschien ook zelf kunnen weten. Collega-raadslid Roosenschoon bevestigde dit in het openbaar en ook de wethouder ging daarin mee. De laatstgenoemde, de wethouder, gaf zelfs aan dat hij een studie voor een parapluplan zou laten maken en daar ooit op terug zou komen. Wat gesteld wordt, in de nota zienswijze en dat raadsvoorstel over besluitvorming door de raad met betrekking tot nieuwe maatvoering van woonschepen in Nederhorst den Berg in brede zin, is dus niet correct. Het betrof destijds een partiële herziening voor een projectgebied op een onvergelijkbare locatie en bovendien betrof het daar geen recreatie, maar permanente bewoning. Voorzitter, het wordt eentonig, maar ook op dit punt is de nota zienswijze en het raadsvoorstel niet correct. Voorzitter, ja, afrondend, want ik hoop dat de collega’s allemaal hierop ingaan. Ik heb het vanmiddag laat toegestuurd, dat had een, een persoonlijke achtergrond in de familiesituatie, niet echt iets ernstigs, maar soms geef je prioriteit aan zaken die je belangrijker vindt. Ik realiseer mij, dat ik laat was, maar dank voor de tijd, dat ik nu heb toe mogen lichten. Ik denk dat het duidelijk is. Ik kan mij niet voorstellen
dat wij kennis hebben of wetenschap hebben om van deze feiten, dit voorstel zouden kunnen steunen. Maar daar gaat u als raadsleden, collega’s, allemaal zelf over en ik ben ook zeer benieuwd naar de reactie van de wethouder. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Zagt. Uw collega’s krijgen de gelegenheid om daarop te reageren in tweede termijn. Ik ga eerst naar wethouder De Kloet voor een reactie vanuit het college. Wethouder De Kloet. De heer De Kloet: Ja, dank u wel, voorzitter. Het is volgens mij het nieuwe vergaderen, of hoe het nu heet, niet de bedoeling dat wij de hele commissievergadering nog een keertje gaan overdoen met allerlei technische vragen beantwoorden, die nu wel, volgens mij, voor een groot deel gesteld zijn en waar ik wel op terug kan komen is dat de tekst op verzoek van de commissie, dat zal ik maar even zeggen en er werden ook wat namen genoemd, is aangevuld met wat verduidelijking. Ik heb toen gezegd van: wij hebben hier te maken met kleine afwijkingen. Het verschil is inderdaad wel aanwezig, maar klein en dusdanig dat het toegestaan is en daar wil ik het, wat dit betreft, bij laten.
U ziet wel dat er een aantal dingen inderdaad even zijn aangepast daarop op uw verzoek ook, dus vandaar dat inderdaad het besluit gelijk is gebleven en volgens mij gaat uw raad er ook over met de toevoeging dat de teksten inderdaad zijn aangepast, ook conform de wens van de commissie. Omdat het zo’n kleine afwijking betreft, mijnheer Zagt zegt van: ja, wij moeten eigenlijk weer een routing naar de provincie, zal dat ook niet nodig zijn, dus wat dat betreft, is dat goed in ieder geval onderzocht en wat hij zei op het parapluplan, ik heb daar inderdaad een mededeling over gedaan, of wij daarnaar kunnen kijken om dat goed te regelen in één keer in zo’n parapluplan, dus ook dat is inderdaad, wat nog staat. Even kijken, ik heb mijn oude aantekeningen erbij van vorige week, die zal ik dan niet meer gaan oplezen. Ja, en wat betreft het amendement, zult u begrijpen, dat wij die ontraden. Daar wil ik het even op dit moment bij laten. De voorzitter: Oké, dank u wel. Is er behoefte aan een tweede termijn? De heer Duikersloot. De heer Duikersloot: Ja, dank u, voorzitter. In september is het al voor de tweede keer teruggekomen in de commissie.
Naar aansluiting toen nog van een satellietfoto bleek dat het ingetekende plaatje van het bestemmingsplan niet klopte met de satellietfoto en wat er gebeurd was toen, was dat er een satellietfoto is genomen, plaatje met een ruimtelijk plan eroverheen hadden gelegd, maar wat Markgever, dus wat in de ruimte op klapper.nl staat, nou ja, een satellietfoto plus de tekening klopte toen gewoon en kennelijk heeft niemand gevraagd waar die satellietfoto toen vandaan kwam. Wij waren voor en dat zullen wij nu ook blijven, er zijn natuurlijk wel hele kleine grensoverschrijdingen, maar ja, dat is zo weinig. Wij hebben besloten dat wij gewoon voor zijn, voor dit raadsvoorstel en wij zullen, nou ja, tegen het amendement stemmen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Van Balen. De heer Van Balen: Ja, ik dacht gezien de, dat ik misschien als laatste kunnen spreken? Ja? De voorzitter: Dan laat ik u als voorlaatste, want ik geef de eer als laatste aan de heer Zagt, want die heeft een amendement ingediend. Goed, dan ga ik, de heer Verbruggen. De heer Verbruggen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, u zult misschien wel een punthoofd krijgen van alle procedures vanavond, maar toch heb ik even een vraag over mevrouw Vermeulen, die niet meestemt.
Zij is nog wel aanwezig in de vergadering en ik heb altijd begrepen dat op het moment dat je niet wilt meestemmen, dien je de zaal te verlaten en dus nu de vergadering te verlaten. Of dat juist is of niet, misschien kunt u dat nog even nagaan in de tussentijd, voordat de stemming gaat plaatsvinden. Ik heb ook nog een
aantal vragen aan de portefeuillehouder, want hij erkent of geeft toe of zegt dat er afwijkingen zijn van het bouwvlak wat de heer Zagt geeft en voorzitter, dan de vraag aan de wethouder: zijn die afwijkingen binnen de marges? Hoeveel procent? Kan de wethouder dat aangeven, hoeveel procent de afwijking mag zijn en hoeveel procent het is? En het andere punt wat mij triggert, wat de heer Zagt net ter tafel bracht in het raadsvoorstelagenda of raadsbesluit punt één: instemmen met de nota van zienswijze en de verklaring van geen bedenkingen af te geven, dat die in strijd zijn met elkaar. Is het noodzakelijk om met beide besluiten in te stemmen of is het mogelijk, technisch juridisch gezien om niet in te stemmen met de nota van zienswijze? Toch misschien wel heel technisch, maar voor ons is dat wel van belang omdat het tegenstrijdig is en als het dan mogelijk is, zullen wij alleen instemmen met punt 2 en als dat niet kan, middels een stemverklaring. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Ja, dank u wel. Het zijn wel hele technische vragen die u stelt. Eigenlijk niet de bedoeling in de raadsvergadering, maar ik wil het nu wel toestaan, omdat er wel heel veel gedoe is geweest om het raadsvoorstel, dus bij wijze van uitzondering wil ik u tegemoet komen.
De heer Verbruggen: En niet om tegemoet te komen, maar ik wil als fractie, wil ik een goed besluit nemen en daarom vind ik het belangrijk dat dit nog wel even uitgezocht moet worden. De voorzitter: Ja, maar als wij het hebben over procedures, dan had dit ook anders gemoeten, technische vragen, dus bij deze, vandaar. Terugkomend op uw vraag over mevrouw Vermeulen. Ja, normaal gesproken is zo, als wij fysiek vergaderen, dat diegene dan ook de zaal verlaat. U vraagt van: goh, moet mevrouw Vermeulen dan niet deze vergadering verlaten? Ik wil bij wijze van, mevrouw Vermeulen heeft aangegeven dat zij niet deelneemt aan de beraadslagingen, zij zal ook niet gaan stemmen. Wij hebben te maken gehad met heel veel technische problemen bij de start van deze raadsvergadering, ook mevrouw Vermeulen en ik wil echt voorkomen dat zij technisch uit de vergadering gaat en dan vervolgens weer veel problemen gaat ondervinden bij het binnenkomen van de vergadering. Dat is voor ons allemaal niet fijn, dus met uw goedvinden, met haar verklaring dat, wil ik die interpreteren als: zij is niet bij deze vergadering aanwezig, bij de bespreking van dit agendapunt. De heer Verbruggen: Akkoord. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dan ga ik naar mijnheer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Dank u wel, voorzitter. Nou, ik denk inderdaad dat, het gaat waarschijnlijk om heel kleine verschillen.
Zoals de heer Verbruggen ook zei, voorzitter, om hoeveel procent verschil of meter verschil hebben wij het? Dat is wel van belang. Tweede punt is dat ik denk dat uit de toelichting van de heer Zagt blijkt dat formeel gezien er inderdaad een aantal stappen niet genomen zijn of waar het voorstel niet voldoet aan de provinciale ruimtelijke verordening, dus dat zijn wel belangrijke dingen, oh, handmatig inbellen, ik neem even aan dat ik … De heer Wouters: De heer Roosenschoon is eventjes eruit gevallen, voorzitter. Hij zal eventjes opnieuw in moet loggen en dan komt hij er later weer even op terug. De voorzitter: Oké. Is goed. Wat goed dat u ervan op de hoogte bent. Goed, dan houden we even vast, de bijdrage van mijnheer Roosenschoon en dan ga ik eerst naar de heer Poels.
De heer Poels: Voorzitter, dank u wel. De heer Zagt gaf het al aan, alle begrip uiteraard voor zijn persoonlijke omstandigheden, geen enkele discussie over mogelijk, maar het stuk kwam wel verdomde laat binnen in dat kader en dat is jammer, omdat het onvoldoende voorbereidingstijd geeft. Ik sluit aan bij de vragen van de heer Verbruggen, want ze zijn niet alleen maar technisch, ze zijn ook procedureel en in die zin wel van belang. Voor mij en voor onze fractie is vooral van belang, mevrouw de voorzitter, in hoeverre die overschrijding, die steeds genoemd wordt, zeg maar, inderdaad niet gemeld hoeft te worden bij de provincie. Dat is voor ons cruciaal, omdat die binnen een of andere marge valt en als de wethouder dat nog een keer kan bevestigen, dan zou ons dat in ons besluit een stuk verder helpen. Dus afhankelijk van dat verhaal zullen wij ons stemgedrag bepalen. Dank u wel. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dan ga ik naar de heer Van Balen. De heer Van Balen: Ja, voorzitter, ik hoor hier toch weer een hele technische discussie over geringe afwijkingen, want daar gaat het natuurlijk om, maar dat is al veel langer bekend en dat speelt bij heel veel woonboten in die omgeving. Ze zijn recent in de vergadering van, wanneer was het, 4 februari, zijn er ook nog twee woonboten op de Eilandseweg 4A en nummer 10 vastgesteld.
Daar waren volgens mij min of meer dezelfde zaken mee aan de hand en ja, ik vraag me eigenlijk af en dat zou ik dan toch aan de heer Zagt vragen, waarom zij dan toen niet tegen deze plannen hebben gestemd en waarom zijn ze dan zo kritisch over deze situatie? Dus, kijk wij zullen dit amendement niet steunen, dat moge duidelijk zijn en wij vinden gewoon dat dit ‘…’. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel en ik begrijp dat de heer Roosenschoon weer terug is? De heer Roosenschoon: Ja. De voorzitter: Ja, kijk, daar bent u weer. De heer Roosenschoon: Ik ben weer terug, voorzitter. Heel lastig als je er uitgegooid wordt, terwijl je net bezig bent, maar eigenlijk wat voor ons van belang is, dat juist omdat het gaat om een raadslid, de procedure zo zuiver mogelijk moet zijn en als er ook maar de minste twijfel zou zijn over de juistheid van het raadsbesluit, dan moeten wij dit toch wel in acht nemen en eventueel dit vooruitschuiven, totdat het wel volledig oké is, maar wij kunnen niet het risico lopen dat een raadslid, onterecht, laten we zeggen, beschuldigd wordt van belangenverstrengeling of wat dan ook, waar dat niet het geval is. Waar het gewoon een kleine wijziging is van het bouwvlak, dat moet gewoon verholpen worden en daar mag geen twijfel over bestaan. Dat is eigenlijk onze inbreng op het ogenblik. Ik vind het een erg moeilijk geval op het ogenblik.
Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Goed. Ja, dank u wel. De heer Zagt, wilt u eerst dat ik wethouder Kloet de vraag laat beantwoorden, voordat u, ja? Dan ga ik naar wethouder de Kloet. Er zijn wel heel technische vragen aan u gesteld. Lukt het u om daar, om die te beantwoorden? De heer De Kloet: Ik zal mijn best doen in ieder geval, voorzitter. En het is aan uw raad, als controlerend orgaan, om daar een oordeel over te vellen. De vraag of in het besluit het een zonder het ander kan? Dat is niet zo, het is inderdaad zo dat beide punten in het besluit vastgesteld moeten worden door de raad, als het betreft en daar ging de vraag over, voorzitter, over de nota van zienswijze. Nog even voor de duidelijkheid, wat hier ook een rol speelt en dat is ook, zegt iets over de provincie, wat ook een rol speelt hier, is dat het geen nieuwe ark is in die zin dat het een ark is, die nog niet daar gelegen heeft. Het is, zoals u weet, een vervanging van een ark en ook dat is een argument, wat meespeelt. Dat had ik nog even niet vermeld, maar
voor de duidelijkheid, ik weet dat het allemaal in de stukken staat, wil ik dat toch even onderstrepen, want dat is wel een belangrijk element. Als het gaat over de afwijking, is het zo dat de oppervlakte van het bouwvlak en de oppervlakte van de ark zelf, zijn gelijk. Daar zit geen verschil in. Het gaat om de situering en dat is waar de afwijking in zit. Als u de plaatjes over elkaar heen legt, dat is, ja, binnen de marges werd er gevraagd en procenten. Het is zo dat de afwijking is afwijking in dit geval en daarmee is ook, zeg maar, de afwijking, zoals die nu is, die is niet groot, zeg maar, iets afwijkt van het bouwvlak, ongeveer een meter is nagemeten, ook ter plekke, dus wat dat betreft, valt het binnen de oppervlakte en daarmee ook binnen de lengte- en breedtematen van het bouwvlak zelf. Ja, dus over die percentages, ja, dat is dus niet op die manier, op die manier niet te beantwoorden en vanwege de strijdigheid van het bestemmingsplan, want daar is inderdaad iets over gezegd over de mate daar heeft uw raad eerder al een uitspraak over gedaan, is die verklaring van geen bedenkingen noodzakelijk en ja, wat het afwijken betreft, wil ik nog een keer onderstrepen, het gaat dus om de situering vooral. Daar gaat het dus om. Tot zover, voorzitter.
De voorzitter: En ten aanzien van het amendement? Wat is het advies vanuit het college? De heer De Kloet: Dat advies had ik al eerder gegeven, in de eerste termijn en daarbij heb ik gezegd dat wij het amendement ontraden. De voorzitter: Oké. Voor de helderheid. Goed, de heer Zagt, als indiener, aan u het woord. De heer Zagt: Ja. Ja, voorzitter, ingewikkelde kwestie. De heer Verbruggen heeft zeer to the point technische vragen gesteld. Nou ja, ik mis een inhoudelijk antwoord van de wethouder, zeker niet to the point. Hij praat in algemeenheden: de afwijking is niet groot en de maten vallen binnen het bouwvlak. Ja, dank je de koekoek, dat weten wij ook wel maar de boot valt niet binnen het bouwvlak en dat gaat ook niet om eenzelfde boot of een nieuwe boot, het gaat om een grotere boot en juist de provinciale verordening is daar heel stellig over, ik zal u de artikelen besparen, want dat is nu ook niet relevant en anders krijg ik nog te horen dat ik te technisch ben, maar die heeft u allemaal vast gelezen in de ruimtelijke onderbouwing en ik verzin het allemaal niet zelf, voorzitter, en dat is nou ook precies het antwoord op de heer Van Balen. Mijnheer Van Balen, er ligt hier een zienswijze, waarin zaken worden beweerd.
Dan moeten wij door in te stemmen of niet in te stemmen met de nota van zienswijze, nemen wij daar een besluit over cq vellen wij daarover een oordeel, maar dat klopt gewoon niet, doordat dan wel niet het besluit, maar wel het raadsvoorstel inhoudelijk gewijzigd is, verhoudt de nota zienswijze zich niet meer tot het raadsvoorstel en zaken die daardoor indieners van zienswijze beweerd worden of werden, moeten wij nu op een andere manier weerlegd worden of kunnen niet weerlegd worden. Dat is mijn essentie van het verhaal en dat is ook het verschil, mijnheer Van Balen, met die andere locaties, waar geen reactie vanuit de omgeving was. Dan, voorzitter, ik kijk even, ja … De voorzitter: De heer Zagt, er is een interruptie van de heer Van Balen. De heer Van Balen: Het verbaast mij, kijk, er mogen dan wel geen reacties uit de omgeving zijn geweest, maar die boten waren nog groter, mijnheer Zagt, dus en ik vraag mij, en dat is toch ongeveer hetzelfde bestemmingsplan of zie ik dat verkeerd? Dat zie ik niet verkeerd, denk ik. De heer Zagt: Voorzitter? De voorzitter: Nou, mijnheer Van Balen, graag via de voorzitter.
De heer Van Balen: Oh, sorry voorzitter. Ja. Nee, kijk, voorzitter, wat de heer Zagt stelt, dat die boot groter is, nou, qua breedte niet in ieder geval. Hij is misschien iets langer, maar hij is een stuk lager dan die andere woonboten, die zijn gebouwd en die zijn ook nog eens een stuk groter, maar het valt allemaal onder hetzelfde bestemmingsplan en ja, kijk, ik zou zeggen: gelijke monniken, gelijke kappen. Ik vroeg eigenlijk aan mijnheer Zagt: kijk, ik begrijp best dat we extra kritisch moeten zijn, als het een raadslid betreft, maar ja, dan hadden wij ook wat misschien wat scherper naar die andere gevallen moeten kijken. Ik vind dit wel, ja, ik vind het wel, kijk, die boot ligt er niet meer en daarom begrijp ik best, dat er een hele hoop mensen problemen mee hebben dat hij terugkomt, maar in wezen gaat het allemaal over gelijke gevallen, dat is toch wel het probleem en daarom zou ik toch ook wel, ja, ik zie het probleem niet, eerlijk gezegd. Ik zeg het maar eerlijk. Gelijke monniken, gelijke kappen. De voorzitter: De heer Zagt. De heer Zagt: Ja, voorzitter. Ik was inderdaad aan het woord. Ik hoor geen vraag. Ik wil er best iets over zeggen. Het is natuurlijk een totaal onvergelijkbare situatie. Wij hebben het hier over een solo-ark aan een leghaak in een natuurgebied, niet een woonark in de Vecht voor permanente bewoning.
Wij hebben het hier over recreatie, ik kan het allemaal herhalen, ik heb het ook zojuist naar voren gebracht. Ik was bij mijn punt, dat de heer De Kloet, de wethouder heeft gezegd, dat de tekst op verzoek van de commissie is aangevuld met wijzigingen. Ja, dat zal, maar had het dan ook compleet gemaakt, had dan ook vindplaatsen aangeduid, had dan ook, net zoals de heer Verbruggen verzoekt, aangegeven waar wij wat hadden kunnen vinden, dan hadden wij zelf wel zo mans geweest om dat na te kijken. Het ontbreekt allemaal en nogmaals, collega’s, het besluit verhoudt zich niet meer tot de nota zienswijze. Ik denk ook, voorzitter, dat ik daarmee af ga sluiten. Het is niet een vervanging, het is een nieuwe ark, hij is groter. Het staat klip en klaar in de ROB, ik verzin het niet en hij ligt gewoon buiten het bouwvlak en hoeveel dat is, ik ga het allemaal niet nameten, maar de heer Van Ruitenbeek en ondergetekende hebben dat wel geconstateerd. Het wordt nu ook bevestigd door de gemeente, in tegenstelling tot eerdere beweringen en dan gelden er gewoon andere regels. Ik kan er niets aan doen, zo is het en ik kijk alleen maar naar de zienswijze. Het besluit moet standhouden als de indieners van zienswijze het hogerop zoeken en wij gaan onderuit, daar hebben wij allemaal niets aan. Voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.
Ik zie geen handjes meer, dus er is geen behoefte meer aan, denk ik, aan een tweede termijn. Ik ga nu het amendement in stemming brengen en daarna het raadsvoorstel. Goed, ten aanzien van het amendement. Is er behoefte aan een stemverklaring? De heer Roosenschoon: Ja, voorzitter. De voorzitter: De heer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Ja, heb ik het woord? De voorzitter: Ja. De heer Roosenschoon: Heb ik het woord, voorzitter? De voorzitter: Ja, ja. De heer Roosenschoon: Ja. Er is al eerder gezegd, het probleem is voor ons …
De voorzitter: Oh. Mijnheer Roosenschoon, u ligt er voor ons in ieder geval weer uit, dus ik wacht totdat het verholpen is. Ik ga alvast … De heer Wouters: Weer is hij eruit geknikkerd. Ik weet niet hoe dat kan, maar het is eventjes niet anders. Mijnheer Roosenschoon, ik zal het verhaal even afmaken, wij zullen verdeeld stemmen in deze casus. De voorzitter: Oké, als mijnheer Roosenschoon maar wel kan stemmen zo meteen. Ik hoop dat dat wel het geval is. De heer Wouters: Voorzitter, kunt u mij horen? Ja, mijnheer Roosenschoon is er weer uit gevallen, dus helaas, ik zal zijn verhaal even afmaken, sorry, wij zullen verdeeld stemmen, wat betreft deze amendement. De voorzitter: Ja, dat hebben wij al gehoord, maar mijn vraag was of mijnheer Roosenschoon nog wel kan stemmen, maar dat is door de griffie wel bevestigd. De heer Wouters: Mijnheer Roosenschoon is bezig, dus als wij heel eventjes kunnen wachten. De voorzitter: Ja, maar ik zie andere stemverklaringen, dus dat gaat vast lukken. Ik ga eerst naar de heer Nienhuis voor de stemverklaring. De heer Nienhuis: Ja, dank u vriendelijk, voorzitter. Ik, helaas hoor ik nog te veel twijfels en ik heb altijd geleerd: bij twijfel niet inhalen en ik zou graag tegen dit amendement willen stemmen en voor het raadsvoorstel, maar ik durf het toch niet aan, dus ik ga tegen stemmen, voor het amendement en tegen het raadsvoorstel, voorzitter.
Nog te veel onduidelijkheden. De voorzitter: Ja, dit was eigenlijk de bedoeling dat u alleen een stemverklaring zou geven voor het amendement, dus u mag straks weer in de herkansing voor het raadsvoorstel, want het wordt op die manier ook wel gedocumenteerd. Goed, dan zie ik de heer Poels. De heer Poels: Voorzitter,’…’, voorzitter, klopt dat? De voorzitter: Ja, ik hoor iemand, maar ik vermoed dat dat mijnheer Roosenschoon is, die er nu net binnenkomt. Dus gaat u verder, mijnheer Poels. De heer Poels: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ingewikkelde kost, het is geen makkelijk dossier, maar het is de vierde keer dat het dossier hier voorkomt en wij zullen tegen het amendement stemmen en voor het raadsvoorstel. Er moet nu een knoop worden doorgehakt en wij gaan ervan uit dat de uitspraak van de portefeuillehouder, dat het valt binnen de marges, die hier voor de provincie acceptabel zijn, dat dat klopt, dus in die zin zullen wij niet met het amendement meestemmen, gaan en wel met het raadsvoorstel instemmen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En ik meende dat ik nog een handje zag, of zijn we er? Mijnheer Zagt, ja, uw handje was even weg. U heeft een stemverklaring ten aanzien van het amendement? De heer Zagt: Nee, ik heb nog een vraag, voorzitter.