CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerp Begroting 2022 Plassenschap Loosdrecht e.o.

gemeenteraad 10 juni 2021, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Financiële stukken Plassenschap7.765 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BEGROTING 2022 ONTWERPVERSIE 1 APRIL 2021

1 Voorwoord Voor u ligt de Programmabegroting Plassenschap Loosdrecht e.o. 2022, opgesteld namens het dagelijks bestuur door bedrijfsvoeringsorganisatie Recreatie Midden-Nederland (RMN). Plassenschap Loosdrecht e.o. is een gemeenschappelijke regeling (GR) op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Binnen deze GR werken de gemeenten Wijdemeren, Stichtse Vecht, Utrecht en de Provincies Utrecht en Noord-Holland samen aan het beheer van toegankelijke recreatiegebieden voor inwoners en bezoekers van de regio. Plassenschap Loosdrecht e.o. zet zich in voor openluchtrecreatie en zorgt voor het behoud van natuur, landschap en de cultuurhistorische elementen die bepalend zijn voor de kwaliteit het recreatiegebied. Daarnaast zorgt het Plassenschap voor het nautisch- en vaarwegbeheer van het openbaar water binnen het werkgebied. Het werkgebied van Plassenschap Loosdrecht e.o. omvat alle wateren van de Loosdrechtse Plassen, de legakkergebieden, moeras- en rietlanden en aangrenzende veenweidegebieden. Het recreatiegebied en de verschillende terreinen bieden mogelijkheden voor ontspanning, rust, beweging en plezier voor inwoners én bezoekers van de regio. Het Plassenschap heeft de uitvoering van zijn werkzaamheden - Beheer & Onderhoud, Toezicht & Handhaving, Exploitatie, Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning - belegd bij RMN.

RMN is dé uitvoeringsorganisatie voor Plassenschap Loosdrecht e.o., recreatieschap Stichtse Groenlanden, Routebureau Utrecht en het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug. Het zijn turbulente tijden voor het Plassenschap. Vanwege de corona-crisis en maatregelen om de verspreiding van het coronavirus te beperken, worden de plassen, eilanden en terreinen vaker en door meer mensen bezocht. Hierdoor nemen de werkzaamheden en de werkdruk voor onze toezichthouders en beheer- en onderhoudsmedewerkers toe. Daarnaast heeft het schap eind 2020 uitgesproken geen toekomst te zien in de wijze waarop de samenwerking momenteel georganiseerd is. Naar verwachting wordt het Plassenschap omgevormd tot een ander samenwerkingsverband met een ‘lichtere’ structuur en wordt uitvoeringsorganisatie RMN geliquideerd. Deze onzekerheden leggen extra druk op de uitvoeringsorganisatie die al onvoldoende toegerust was op haar taak. De begroting 2022 is opgesteld in een onzekere periode waar de toekomst van het Plassenschap en haar uitvoeringsorganisatie ter discussie staat. Omdat het toekomstperspectief nog ongewis is en er nog geen besluiten zijn genomen (ten tijde van het opstellen van de stukken), gaat de begroting uit van een ongewijzigde situatie, ook al weten we dat de toekomst er anders uit komt te zien.

ONDERTEKENING Aldus vastgesteld door het algemeen bestuur d.d. dag-maand-jaar

Mevr. C. Larson Voorzitter

Mevr. S. Stolwijk Secretaris

INHOUD Beleidsbegroting ...................................................................................................................................... 5 2

Programmaplan ............................................................................................................................... 5 2.1

Inleiding ................................................................................................................................... 5

2.2

Programma 1: Beheer en onderhoud ...................................................................................... 6

2.2.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ............................................... 6

2.2.2

Wat mag het kosten? ....................................................................................................... 6

2.3

2.3.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ............................................... 7

2.3.2

Wat mag het kosten? ....................................................................................................... 7

2.4

Programma 3: Ontwikkeling .................................................................................................... 8

2.4.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ............................................... 8

2.4.2

Wat mag het kosten? ....................................................................................................... 8

2.5

Programma 4: Exploitatie ........................................................................................................ 9

2.5.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ............................................... 9

2.5.2

Wat mag het kosten? ....................................................................................................... 9

2.6

3

Programma 2: Toezicht en handhaving .................................................................................. 7

Programma 5: Algemeen (incl. overhead) ............................................................................. 10

2.6.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we doen? ............................................................ 10

2.6.2

Wat gaan we daarvoor doen? ....................................................................................... 10

2.6.3

Wat mag het kosten? ..................................................................................................... 10

Paragrafen ..................................................................................................................................... 12 3.1

Paragraaf lokale heffingen ..................................................................................................... 12

3.2

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing ........................................................... 12

3.2.1

Inventarisatie en toelichting beschikbare weerstandscapaciteit .................................... 14

3.3

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................ 16

3.4

Paragraaf financiering ........................................................................................................... 16

3.4.1

Beleidsuitgangspunten .................................................................................................. 16

3.4.2

Risicobeheer .................................................................................................................. 16

3.4.3

Kasgeldlimiet ................................................................................................................. 17

3.4.4

Renterisiconorm............................................................................................................. 17

3.4.5

Mutaties in de leningenportefeuille ................................................................................ 17

3.4.6

BBV en rentetoerekening .............................................................................................. 17

3.5

Paragraaf bedrijfsvoering ...................................................................................................... 17

3.5.1

Bedrijfsvoering ............................................................................................................... 17

3.5.2

Overhead en toerekening personeelskosten ................................................................. 18

3.6

Paragraaf verbonden partijen ................................................................................................ 18

Financiële begroting .............................................................................................................................. 19

4

Overzicht baten en lasten per programma en toelichting .............................................................. 19

5

Overzicht incidentele baten en lasten ........................................................................................... 20

6

5.1

Overzicht incidentele baten en lasten en toelichting ............................................................. 20

5.2

Presentatie van het structureel begrotingssaldo ................................................................... 20

Uiteenzetting van de financiële positie ......................................................................................... 21 6.1

Financiële gevolgen bestaand en nieuw beleid..................................................................... 21

6.2

geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar ......................................... 21

6.3

EMU-saldo ............................................................................................................................. 21

6.4

Meerjaren investeringsbegroting ........................................................................................... 22

6.5

Stand en verloop van de reserves ......................................................................................... 23

6.6

Baten en lasten per taakveld ................................................................................................. 24

6.7

Deelnemersbijdrage 2022 ..................................................................................................... 25

Bijlagen .................................................................................................................................................. 26 7

Bijlage: begroting ‘oude’ stijl .......................................................................................................... 26

BELEIDSBEGROTING

2 Programmaplan 2.1 Inleiding Het Plassenschap is een gemeenschappelijke regeling (GR) op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Op basis van deze wet kunnen gemeenten, provincies en waterschappen publiekrechtelijk samenwerken aan een belang dat verder strekt dan de gemeente- of provinciegrens. Het belang van recreatie, natuur en landschap is regionaal van aard. De behartiging daarvan — waaronder begrepen het dragen van de kosten die gepaard gaan met de instandhouding en verbetering van voorzieningen — is daarom in een intergemeentelijk of regionaal samenwerkingsverband georganiseerd. Plassenschap Loosdrecht e.o. is in 1957 opgericht voor “de behartiging van de belangen van de openluchtrecreatie, alsmede het zorgdragen voor de instandhouding van natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische elementen die de kwaliteit van het recreatiegebied bepalen en het nautisch beheer van het openbaar water binnen het werkgebied.” Deze taakomschrijving is en blijft ongewijzigd, maar wat hieronder wordt verstaan en hoe hier invulling aan wordt gegeven, is wel aan verandering onderhevig. Plassenschap Loosdrecht e.o. heeft als taak ‘beheer & onderhoud’, ‘toezicht & handhaving’, ‘ontwikkeling’ en ‘exploitatie’ van (vrij) toegankelijke en eigentijdse recreatievoorzieningen in het buitengebied.

Dit buitengebied omvat het Loosdrechtse Plassengebied en de terreinen in het veenweidegebied in de gemeente Stichtse Vecht (Breukelen). Wandelen, fietsen, varen, vissen, zwemmen en watersporten: het kan allemaal in de gebieden van Plassenschap Loosdrecht e.o.. Het Plassenschap zorgt voor de volgende eilanden en terreinen: de Aa, Bijltje, Bosdijk, de Geer, Geitekaai, Fuut, Markus Pos, Meent, Oukoperdijk, Robinson Crusoe, de Strook, Weer en Zwaan. Daarnaast beheert het schap een aantal fiets- en wandelpaden – de Boterwal, fietspad Scheendijk en de Uitweg van Portengen – maar ook diverse vaarwegen en sluizen. Transitie Momenteel zijn het Plassenschap en RMN ‘in transitie’. Naar verwachting wordt het Plassenschap in 2021 omgevormd tot een ander samenwerkingsverband en wordt RMN geliquideerd. Streven is om per 1 januari 2022 over te gaan in de nieuwe situatie/rechtsvorm. Derhalve is voor 2022 een beleidsarme begroting opgesteld, waarbij de bedragen voor 2022 zullen worden geïndexeerd conform de uitgangspunten die zijn vastgesteld in de Kadernota 2022. Leeswijzer De begroting 2022 is opgebouwd naar de aard van de activiteiten van het schap: • • • • •

Programma 1. Beheer en Onderhoud Programma 2. Toezicht & handhaving Programma 3. Ontwikkeling Programma 4. Exploitatie Programma 5. Algemeen (incl. overhead)

2.2 Programma 1: Beheer en onderhoud 2.2.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen?

Beheer & Onderhoud omvat het beheer en (dagelijks, groot- en vervangings-) onderhoud van de terreinen en plassen, fiets- en wandelpaden en het onderhouden van voorzieningen. Het niveau van beheer & onderhoud verschilt per terrein, per seizoen en is afhankelijk van onder meer wet- en regelgeving, de functie, de intensiteit van gebruik en de behoefte van recreanten en de opdracht van het Plassenschap. Ook op het gebied van beheer & onderhoud moeten we inspelen op en rekening houden met diverse ontwikkelingen. In onderstaande alinea’s worden de belangrijkste ontwikkelingen geschetst. 2.2.1.1 Optimalisatie In 2021 wordt ‘de basis op orde’ gebracht door het opstellen/verbeteren van de onderhoudsbestekken voor Dagelijks Onderhoud, het MeerJarenOnderhoudsPlan (MJOP), de digitalisering van het areaal in het GIS-systeem Geovisia en het opstellen van nieuw beleid en richtlijnen. In 2022 zullen de resultaten van deze inspanningen zichtbaar worden en zal de nadruk liggen op het verder verbeteren/optimaliseren en waar mogelijk digitaliseren van deze processen. 2.2.1.2 Duurzaamheid De duurzaamheid-thema’s ‘klimaatverandering’/‘klimaatadaptatie’, ‘biodiversiteit’, ‘circulaire economie’ en ‘energietransitie’ staan steeds hoger en prominenter op de politieke agenda’s. Het schap heeft in de afgelopen jaren een aantal stappen gezet op het gebied van duurzaamheid.

Waar mogelijk wordt ecologisch beheerd ter bevordering van de biodiversiteit en worden natuurvriendelijke oevers aangelegd. In 2022 streven we naar verdere verduurzaming. Dit sluit aan bij het Natura2000 beheerplan Oostelijke Vechtplassen.

2.2.2

Wat mag het kosten?

Programma 1

Begroting 2022 (bedragen in €)

Lasten Baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

729.400 844.000 -114.600 115.000 -122.300 -121.900

2.2.2.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) zijn als volgt opgebouwd: -

Doorbelaste personeelskosten: Lasten onderhoud en beheer recreatiegebieden:

2.2.2.2 Toelichting baten De baten bestaan uit toegerekende dekkingsmiddelen.

330.500 391.600

2.3 Programma 2: Toezicht en handhaving 2.3.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen?

Onze toezichthouders (BOA’s) zorgen ervoor dat onze inwoners en bezoekers prettig en veilig gebruik kunnen maken van onze recreatiegebieden en -voorzieningen. De toezichthouders zijn gastheer én handhaver en zetten zich in om overlast te voorkomen of bestrijden. De behoefte aan toezichthouders neemt toe, te meer omdat de politie steeds minder aanwezig is in het buitengebied. Onze toezichthouders handhaven onze eigen verordening (bestuursrechtelijk), maar hebben ook strafrechtelijke taken. We werken aan een intensieve en integrale samenwerking met onze partners op het gebied van ‘snelvaren’, milieudelicten (stroperij) en mogelijke ondermijningszaken. In 2022 is de begrote capaciteit voor toezicht & handhaving 1,83 fte. Dit betekent dat de BOA’s doorgaans alleen toezicht houden en het niet mogelijk is om iedere dag in het gebied toezicht te houden.

2.3.2

Wat mag het kosten?

Programma 2

Begroting 2022 (bedragen in €)

Lasten Baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

255.500 580.200 -324.700 0 0 -324.700

2.3.2.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) zijn als volgt opgebouwd: -

Doorbelaste personele lasten: Afschrijvingen en rentelasten: Belastingen en verzekeringen: Brandstofkosten:

167.000 60.300 28.200 16.557

2.3.2.2 Toelichting baten De baten zijn als volgt opgebouwd: -

Snelvaarvergunningen: Overige ontheffingen en vergunningen Toegerekende dekkingsmiddelen

267.500 17.100 295.600

2.4 Programma 3: Ontwikkeling 2.4.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen?

2.4.1.1 Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen Het Plassenschap Loosdrecht e.o. is mede ondertekenaar van het Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen (OVP). Het Plassenschap is daarmee een verplichting aangegaan van in totaal € 906.000. De totale bijdrage dient volgens een vastgesteld kasritme te worden bijgedragen in de periode 2017-2028. Het Plassenschap betaalt met name voor uit te voeren baggerwerkzaamheden. Vanaf 2020 wordt rekening gehouden met een jaarlijks te financieren bedrag van € 70.900. In het laatste jaar van het Gebiedsakkoord wordt het resterende deel van de bijdrage mogelijk verrekend. 2.4.1.2 Terreinen Plassengebied Er zijn geen ontwikkelingen gepland voor de recreatie-eilanden (afgezien van de reguliere beheer & onderhoudswerkzaamheden). 2.4.1.3 Terreinen Veenweidegebieden Er zijn geen ontwikkelingen gepland voor de recreatieterreinen (afgezien van de reguliere beheer & onderhoudswerkzaamheden).

2.4.2

Wat mag het kosten?

Programma 3

Begroting 2022 (bedragen in €)

Lasten Baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

70.900 82.000 -11.100 19.200 70.900 -62.800

2.4.2.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) betreffen de bijdrage (volgens kasritme) van het Plassenschap aan het OVP. 2.4.2.2 Toelichting baten De baten bestaan uit toegerekende dekkingsmiddelen.

2.5 Programma 4: Exploitatie 2.5.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen?

De exploitatie van het Plassenschap betreft het uitbaten van bezittingen, via erfpacht-, opstal-, huuren gebruiksovereenkomsten. Erfpachtovereenkomsten worden voor een lange termijn aangegaan, huur- en gebruiksovereenkomsten zijn vaak voor een korte(re) termijn. Het schap heeft erfpachtovereenkomsten voor Paviljoen De Strook, Recreatiecentrum Mijnden en eiland Robinson Crusöe. Deze exploitanten vormen een belangrijke bron van inkomsten en/of dragen bij aan recreatief gebruik van het Plassengebied. Huur- en gebruiksovereenkomsten worden aangegaan voor het gebruik van terreinen door hondenuitlaatservices, het gebruik van een steiger, visrecht, het gebruik van een eiland of terrein voor een activiteit zoals een scoutingkamp, suppen etc. Dit zijn zeer diverse overeenkomsten voor (regelmatig terugkerende) eenmalige activiteiten of korte termijn gebruik. Verder is het Plassenschap is – namens deelnemende gemeenten - een van de opdrachtgevers van het Routebureau Utrecht. Uniform beheer en onderhoud, ontwikkeling en informatievoorziening & marketing m.b.t. de bewegwijzerde routenetwerken voor fietsen, wandelen en varen (sloepen) loopt via het Routebureau. Het Plassenschap draagt €37.000 aan bij. Exploitatie biedt de mogelijkheid om de recreatieve meerwaarde van het gebied te vergroten en/of meer inkomsten te genereren.

2.5.2

Wat mag het kosten?

Programma 4

Begroting 2022 (bedragen in €)

Lasten Baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

639.500 1.248.600 -609.100 0 0 -609.100

2.5.2.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) zijn als volgt opgebouwd: -

Doorbelaste personele lasten: Inhuur personeel: Afschrijvingen vaste activa: Rente vastgeldleningen: Overige lasten:

164.700 36.700 275.900 136.200 25.900

2.5.2.2 Toelichting baten De baten zijn als volgt opgebouwd: -

Toegerekende dekkingsmiddelen: Pacht en verhuur opbrengsten: Rechten en sluisgelden Overige baten

740.100 334.300 90.200 84.000

2.6 Programma 5: Algemeen (incl. overhead) 2.6.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we doen?

Programma 5 is een beleidsarm programma. Naast de algemene dekkingsmiddelen en de post onvoorzien zijn tevens de lasten voor overhead opgenomen.

2.6.2

Wat gaan we daarvoor doen?

Programma 5 is een beleidsarm programma.

2.6.3

Wat mag het kosten?

Programma 5

Begroting 2022 (bedragen in €)

Lasten Baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

1.126.500 0 1.126.500 0 0 1.126.500

2.6.3.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) zijn als volgt opgebouwd: -

Doorbelaste personele lasten: Doorbelaste apparaatskosten: Afschrijvingen vaste activa: Bestuurs- en apparaatskosten: Overige lasten:

557.900 510.600 5.000 38.500 14.500

2.6.3.2 Toelichting baten Aan dit programma zijn geen dekkingsmiddelen toegerekend. 2.6.3.3 Overzicht algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen zijn die inkomsten die geen specifiek bestedingsdoel kennen. Het BBV schrijft voor een overzicht algemene dekkingsmiddelen op te nemen. In onderstaand overzicht worden de bedragen voor de begroting van 2020 t/m 2024 weergegeven evenals realisatiecijfers van 2019. Omdat conform de regeling taakvelden de deelnemersbijdrage toegerekend dient te worden aan de taakvelden waaraan zij besteed wordt, is bij het Plassenschap geen sprake van algemene dekkingsmiddelen.

Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is Algemene uitkeringen Dividend Saldo financieringsfunctie Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal algemene dekkingsmiddelen

2019

2021

2022

2023

2024

2025

realisatie

Begroting

begroting

begroting

begroting

begroting

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

2.6.3.4 Bedrag onvoorzien Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording is het verplicht het jaarlijks opgenomen bedrag voor onvoorziene lasten in de begroting afzonderlijk te presenteren. De omvang van de post onvoorzien is gebaseerd op 0,1% van de totale lasten en bedraagt €2.800. 2020

2021

2022

2023

2024

2025

realisatie

Begroting na wijziging

begroting

begroting

begroting

begroting

0 0%

2.500 0,1%

2.800 0,1%

2.900 0,1%

3.000 0,1%

3.000 0,1%

Post onvoorzien In % totale lasten

2.6.3.5 Overzicht overhead Met ingang van de begroting 2018 moeten gemeenschappelijke regelingen overhead centraal begroten en verantwoorden in de begroting en jaarstukken. Voor 2022 zijn de kosten voor overhead separaat opgenomen. Onder overhead wordt verstaan het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Enkele voorbeelden van overhead zijn: leidinggevende primair proces, juridische zaken, facilitaire zaken, ICT, huisvesting en financiën, toezicht en controle op de eigen organisatie. Deze werkzaamheden worden voor het Plassenschap uitgevoerd door Recreatie Midden Nederland. Het is verplicht een overzicht van kosten van overhead op te nemen. In onderstaand overzicht is weergegeven hoe het bedrag voor overhead is opgebouwd. Overzicht overhead Lasten

Begroting 2022 (bedragen in €) 1.123.700

Baten Saldo van baten en lasten

1.123.700

Onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

1.123.700

3 Paragrafen Op grond van het BBV is het verplicht om voor zeven programma-overschrijdende thema’s verantwoording af te leggen in een afzonderlijke paragraaf. Voor het Plassenschap geldt dat, gelet op de aard van de activiteiten van het Plassenschap, niet alle paragrafen van toepassing zijn. Om die reden zijn alleen die paragrafen opgenomen die van toepassing zijn. Paragaaf Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid

Wel/niet opgenomen Wel Wel

Toelichting

Wel Wel Wel Wel Niet

Zie §3.3 Zie §3.4 Zie §3.5 Zie §3.6 LSD voert geen actief of passief grondbeleid.

Zie §3.1 Zie §3.2

3.1 Paragraaf lokale heffingen Het Plassenschap Loosdrecht e.o. verleent ontheffing van een aantal verboden die zijn opgenomen in de Verordening Plassenschap Loosdrecht e.o., het Besluit Motorboten, Voorrangsregeling Mijndense sluis en de Woonschepenverordening. De tarieven voor het in behandeling nemen en verstrekken van ontheffing worden geheven op grond van de tarieventabel behorende bij de Legesverordening Plassenschap Loosdrecht e.o. De tarieventabel wordt jaarlijks aangepast aan het gestegen prijspeil. Beoogd wordt de tarieven zodanig vast te stellen dat de totale kosten die veroorzaakt worden door de behandeling van ontheffingsaanvragen worden gedekt. De belangrijkste vergoedingen en rechten zijn: 2021 2022 Rechten snelvaaronheffingen € 263.200 € 267.400 Rechten motorbootvaren en pleziervaartuigen € 13.300 € 13.500 Overige ontheffingen € 1.000 € 1.100 Voorrangsrecht Mijndense sluis € 2.600 € 2.700 Totaal € 280.100 € 284.700 Ten opzichte van 2021 zijn de tarieven voor 2022 conform de kadernota 2022 met 1 % geïndexeerd.

3.2 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing De risico’s van het Plassenschap hebben zowel betrekking op de te realiseren exploitatieopbrengsten en inkomsten uit leges, als op de kosten voor beheer & onderhoud vanwege achterstallig onderhoud, klimaatveranderingen en kostenstijging als gevolg van de aantrekkende economie. Het schap onderscheidt de volgende risico’s:

1 2 3 4 5 6 7 8 9

Omschrijving risico Erfpacht en huur Schutgelden Mijndense sluis Bestrijding overmatige waterplanten Rente Klimaatverandering Marktwerking Uitkomsten inspecties MJOP RMN in transitie Onvoorziene risico’s Totaal

Bedrag 17.000 6.000 40.000 36.000 40.000 9.000 PM PM 45.000 193.000

Wanneer 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v. 2022 e.v.

Frequentie Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks

1. Erfpacht en huur De geraamde omzet uit erfpacht en verhuur bedraagt ca. € 334.000. Het risico dat de exploitant niet aan zijn verplichtingen kan voldoen is aanwezig. Het risico wordt ingeschat op 5% van de omzet, zijnde € 17.000. 2. Schutgelden Mijndense sluis De omzet die is gerealiseerd met het schutten bij de Mijndense Sluis is in de afgelopen 3 jaar gemiddeld nagenoeg conform de in de begroting geraamde bedragen. Bij normale weersomstandigheden is de raming realistisch. Bij tegenvallende weersomstandigheden kan de opbrengst zomaar € 10.000 lager uitvallen. Het gemiddelde risico bedraagt € 6.000. 3. Bestrijding overmatige waterplanten Bestrijding van overmatige waterplanten behoort tot het OVP project Exotenbestrijding waarbinnen een gezamenlijk plan van aanpak voor de bestrijding van ‘overmatige begroeiing door waterplanten’ is opgesteld. Voor het uitvoeren van alle voorgestelde maatregelen is 50% cofinanciering nodig. Het schap is bereid aan de uitvoering van de plannen mee te werken maar niet bereid extra geld beschikbaar te stellen voor een calamiteitenfonds en een innovatiefonds. Bij de berekening van het risico wordt alleen gerekend met kosten van bestrijding van overmatige waterplanten in vaarwateren die in eigendom c.q. beheer bij het Plassenschap zijn. Het is niet bekend wat dit financieel voor het Plassenschap betekent.

Als risico voor het schap ramen we, op basis van de cijfers uit het hiervoor genoemde plan van aanpak, een bedrag van €40.000. 4. Rente Het rentepercentage voor nieuwe vaste geldleningen is voor 2022 geraamd op 2,5%. Dit percentage is gebaseerd op een reële inschatting van de marktrente op het moment van afsluiten. Een rente van 1,0% hoger dan deze verwachting resulteert in extra lasten van € 36.000 per jaar. 5. Klimaatverandering Een belangrijke tendens is te zien in de merkbare gevolgen van klimaatveranderingen voor de onderhoudsmaatregelen. Er moet rekening worden gehouden met de volgende aspecten: •

langer groeiseizoen (waardoor extra maaibeurten nodig zijn, die extra kosten met zich meebrengen);

•

wateroverlast (beschadiging van oevers, beschoeiingen en beplanting);

•

ontwikkeling van ziektes en exoten.

Elk seizoen is anders en onderhoudswerkzaamheden zijn lastig te vergelijken per jaarschijf. Extra water en extra maaien zijn lastig te kwantificeren. Op basis van de ervaringscijfers in eerdere jaren hebben we het risico ingeschat op €40.000. 6. Marktwerking De meeste dagelijkse beheer- en onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd door RMN met eigen personeel. Enkele werkzaamheden worden uitbesteed aan aannemers. We kunnen niet altijd goed inschatten met welke prijsstijgingen we rekening moeten houden

7. MJOP In de jaarrekening 2019 is de voorziening groot onderhoud vrijgevallen omdat onvoldoende aansluiting bestond tussen de administratieve en de technische staat van het onderhoud. In 2020 en begin 2021 zijn inspecties uitgevoerd naar de technische staat van het onderhoud. De uitkomsten van deze inspecties geven inzicht in het benodigde onderhoud en worden verwerkt in de herijking van het MJOP. Het risico bestaat dat uit de inspecties blijkt dat de kosten voor onderhoud hoger zullen zijn dan nu in de begroting opgenomen. Omdat via de inspecties dit inzicht verkregen wordt, is het op dit moment niet mogelijk het risico te kwantificeren. 8. RMN in transitie De bedrijfsvoeringsorganisatie RMN wordt vermoedelijk geliquideerd. Het toekomstperspectief is nog niet/onvoldoende helder om te kunnen uitdrukken in cijfers. De juridische-, personele- en financiële consequenties zijn op het moment van de totstandkoming van deze begroting nog niet bekend. Daarom is een PM post Transitiekosten RMN als risico opgenomen. 9. Onvoorziene risico’s Naast bovengenoemde grote risico’s heeft onze gemeenschappelijke regeling te maken met kleinere risico’s, zoals het illegaal dumpen van giftige afvalstoffen, niet verhaalbare vernielingen en wijzigingen in wetgeving met mogelijk financiële gevolgen.

Deze worden niet afzonderlijk benoemd en gekwantificeerd, maar hiervoor wordt gedurende de meerjaren termijn een gelijkblijvend risicobedrag aangehouden van € 50.000. We gaan er vanuit dat niet alle risico’s zich tegelijkertijd zullen voordoen. Om hiervoor te corrigeren wordt een percentage van 90% berekend over het totaal berekende risicobedrag.

3.2.1

Inventarisatie en toelichting beschikbare weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen waarover Plassenschap Loosdracht beschikt om niet begrote financiële tegenvallers op te vangen. Net als tegenvallers kan ook de weerstandscapaciteit worden onderverdeeld in incidenteel en structureel. Incidentele weerstandscapaciteit is aanwezig in de vorm van begrotingsposten voor onvoorzien en aanwezige reserves met een weerstandsfunctie. Structurele weerstandscapaciteit betreft de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. Het gaat dan - naast de mogelijkheid van herschikking binnen bestaande budgetten - om de heffingscapaciteit van Plassenschap Loosdrecht. De omvang van de incidentele en de structurele weerstandscapaciteit worden hieronder gepresenteerd. 3.2.1.1

Incidentele weerstandscapaciteit

Algemene reserve Stille reserves materiële vaste activa1 Post onvoorzien in de begroting Totaal incidentele weerstandscapaciteit

Begroot 2022 262.100 0 2.800 264.900

1 De materiele vaste activa zijn conform het BBV gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingprijs dan wel

lagere marktwaarde. Indien de marktwaarde echter boven de verkrijgings- of vervaardigingsprijs ligt dan is sprake van een stille reserve. Deze wordt gekapitaliseerd bij verkoop van het betreffende actief.

3.2.1.2

Structurele weerstandscapaciteit

Onbenutte ruimte heffingen Heroverweging bestaand beleid Totaal structurele weerstandscapaciteit

Beschikbaar 31-12-2019 0 P.M. 0

Begroot 2022 0 P.M. 0

Onbenutte ruimte leges en heffingen Voor zover de hoogte van leges en andere heffingen niet gebonden is aan landelijk vastgestelde tarieven, is het beleid zoveel mogelijk gericht op 100% kostendekking. Zowel bedrijfseconomische factoren (vraaguitval), draagvlak (relatieve hoogte tarieven in vergelijking tot andere recreatieschappen) en beleidsinhoudelijke argumenten geven in de praktijk een begrenzing aan het volledig benutten van de aanwezige onbenutte capaciteit. Heroverweging bestaand beleid Door bestaand beleid te heroverwegen zijn er mogelijkheden om de structurele nadelen in de begroting op te vangen. 3.2.1.3 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de relatie weer tussen de risico’s en de beschikbare weerstandscapaciteit.

Weerstandscapaciteit

Risico's

Weerstandsvermogen

De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt voor 2022 € 264.900. Het weerstandsvermogen wordt berekend door de risico’s te delen door de beschikbare weerstandscapaciteit. Op basis van de beschikbare weerstandscapaciteit van € 264.900 en € 193.000 aan risico’s komt het de verhouding tussen het weerstandsvermogen en de risico’s in de begroting 2022 uit op 1,4. Relatie weerstandsvermogen en financiële kengetallen Gemeenschappelijke regelingen zijn verplicht in de paragraaf weerstandsvermogen een zestal financiële kengetallen op te nemen voor het laatste rekeningjaar, het lopende begrotingsjaar en het nieuwe begrotingsjaar. In onderstaande tabel zijn de betreffende kengetallen opgenomen en vervolgens voorzien van een beoordeling. De kengetallen grondexploitaties en onbenutte belastingcapaciteit zijn als niet van toepassing opgenomen omdat Plassenschap Loosdrecht geen grondexploitaties heeft en geen gemeentelijke belastingen oplegt.

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteit Kengetal grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Onbenutte belastingcapaciteit

2021 113,70% 113,70% 25,14% n.v.t. 1,64% n.v.t.

2022

2023

2024

2025

128,91% 128,91% 28,01%

138,90% 138,90% 25,13%

126,69% 126,69% 25,37%

114,54% 114,54% 25,42%

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

0,41%

0,43%

0,98%

2,60%

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Omdat de kengetallen in de eerste plaats bedoeld zijn om inzicht te geven in de financiële positie ten behoeve de horizontale verantwoording, is een externe normering niet aan de orde. Het is de rol van het dagelijks bestuur om aan de hand van de kengetallen de financiële positie toe te lichten en de rol van het algemeen bestuur om eventueel bijstellingen te verlangen. De plassenraad heeft in dit kader normen gesteld ten aanzien van de financiële kengetallen: -

Schuldquote: Deze mag niet groter zijn dan 130%. Indien de schuldquote groter dan 130% wordt, dient het dagelijks bestuur maatregelen voor te stellen om te waarborgen dat de operationele kasstroom toereikend is om de aflossingsverplichting van de langlopende leningen te kunnen voldoen.

-

Solvabiliteit: Deze moet tenminste 15% bedragen

-

Struturele exploitatieruimte: Deze moet ten minste 0,0% bedragen.

-

Weerstandsvermogen: de verhouding tussen het weerstandsvermogen en de risico’s zoals gekwantificeerd in de risicoparagraaf van de begroting en jaarstukken dient minimaal 1:1 te zijn. Komt de verhouding onder de 1 dan bespreekt het dagelijks bestuur een voorstel met de Plassenraad om te waarborgen dat het weerstandsvermogen weer op een voldoende niveau komt

Op basis van de huidige begroting is het risico klein dat de door de Plassenraad gestelde normen overschreden worden in 2022.

3.3 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen In 2020 is gestart met inspecties om op basis daarvan een nieuw onderhoudsplan op te stellen. Voor een uitgebreide beschrijving van de beleidsvoornemens ten aanzien van het onderhoud van de verschillende kapitaalgoederen verwijzen wij u naar de toelichting bij programma 1 Beheer en onderhoud.

3.4 Paragraaf financiering 3.4.1

Beleidsuitgangspunten

Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasurystatuut.

3.4.2

Risicobeheer

De Wet financiering decentrale overheden vermeldt twee normen. Het doel is te voorkomen dat bij herfinanciering van leningen bij aanzienlijk hogere rente grote schokken optreden in de hoogte van de rente die het schap moet betalen. De normen beperken de budgettaire risico’s.

3.4.3

Kasgeldlimiet

In de Uitvoeringsregeling Financiering Decentrale Overheden (UFDO) geeft het ministerie aan tot welk bedrag gemeenschappelijke regelingen mogen financieren met kortlopende geldleningen: de kasgeldlimiet. Het betreft een percentage van het totaal van de begroting, zijnde momenteel 8,2 %. Als de gemeenschappelijke regeling deze kasgeldlimiet structureel overschrijdt, dient ze de kortlopende schuld om te zetten in een langlopende schuld. Met name bij korte financiering is er sprake van een renterisico. Van de ene kant voorkomt de GR grote fluctuaties in de rentelasten door deze financieringsvorm in te kaderen. Van de andere kant is het schap sinds de invoering van de Wet FIDO flexibeler en krijgt ze grotere vrijheid om het cashmanagement vorm te geven. De verwachte kasgeldlimiet voor 2022 kan als volgt worden weergegeven: Totaal van de lasten begroting 2021 € 2.821.800. De verwachte limiet is 8,2% zijnde € 231.400.

3.4.4

Renterisiconorm

De renterisiconorm is een bedrag ter grootte van een percentage van het begrotingstotaal, met als doel het beperken van de gevolgen van een stijgende rente op de rentelasten van het schap. De norm stelt dat per jaar maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking mag komen voor verplichte aflossingen en renteherzieningen. De verwachte renterisiconorm voor 2022 kan als volgt worden weergegeven: Totaal van de lasten begroting 2021 € 2.821.800. De verwachte limiet is 20% zijnde € 564.400. De begrote aflossingen voor 2022 zijn € 171.100 zodat deze binnen de limiet van € 564.400 passen.

3.4.5

Mutaties in de leningenportefeuille

Omschrijving Stand per 1 januari Nieuwe leningen Reguliere aflossing Stand per 31 december

2022 2.773.571 1.000.000 171.143 3.602.429

2023 3.602.429 500.000 181.143 3.921.286

2024 3.921.286 0 201.143 3.720.143

2025 3.720.143 0 176143 3.544.000

Het uitgangspunt is dat in deze begrotingsperiode in totaal € 1.000.000 aan nieuwe leningen wordt opgenomen. Dit is met name ter afdekking van de investeringen in beschoeiingen.

3.4.6

BBV en rentetoerekening

Het BBV bevat voorschriften met betrekking tot de rentetoerekening. De interne rentetoerekening is afhankelijk van de verhouding netto rentelasten afgezet tegen de integraal gefinancierde activa. Het schap heeft geen grondexploitaties zodat een aparte renteberekening hiervoor buiten beschouwing kan worden gelaten. Projectfinanciering is eveneens niet van toepassing. De interne rentetoerekening loopt via het taakveld 0.5 treasury. Conform historie wordt er geen renteresultaat begroot en worden de netto rentelasten 100% doorverdeeld naar de activa. Over reserves, voorzieningen en eigen vermogen wordt geen rente toegerekend. De omslagrente komt uit op 4,0%.

3.5 Paragraaf bedrijfsvoering 3.5.1

Bedrijfsvoering

In de begroting van het schap is geen apart programma bedrijfsvoering opgenomen. Dit komt omdat de bedrijfsvoering inclusief al het personeel is ondergebracht binnen de gemeenschappelijke regeling Recreatie Midden Nederland (RMN). Hiertoe worden de personeels- en apparaatskosten binnen de begroting van RMN opgesteld en via vaste percentages doorbelast naar de schappen waar RMN werkzaamheden voor verricht. Voor het Plassenschap Loosdrecht is dit percentage 31%.

Recreatie Midden-Nederland is de uitvoeringsorganisatie van Plassenschap Loosdrecht e.o. RMN is ‘under construction’. Momenteel werkt RMN aan een plan van aanpak om de benodigde verbeteringen in de bedrijfsvoering te realiseren. Er worden verschillende scenario’s verkend waarvan de financiële consequenties nog niet bekend zijn.

3.5.2

Overhead en toerekening personeelskosten

Overeenkomstig het BBV dienen de kosten van overhead verantwoord te worden op een afzonderlijk daarvoor aangewezen taakveld. Dit betreft enerzijds (een percentage van) de personele kosten zoals directeur, afdelingshoofden en medewerkers van ondersteunende afdelingen. Anderzijds betreft het apparaatskosten zoals ICT en huisvesting. Direct toewijsbare personeels- en apparaatskosten dienen op het taakveld verantwoord te worden waar deze betrekking op hebben. De verdeling op taakveldniveau is in bijlage 4 van deze begroting opgenomen. De (doorbelaste) overhead voor de begroting 2022 is bepaald op € 1.068.500 waarvan € 557.900 personeelslasten. De overige kosten van overhead bestaan uit de doorbelaste apparaatslasten vanuit RMN.

3.6 Paragraaf verbonden partijen Het Plassenschap is deelnemer aan de bedrijfsvoering organisatie RMN, de uitvoeringsorganisatie voor twee recreatieschappen. Recreatie Midden Nederland (RMN) Vestigingsplaats

Utrecht

Rechtsvorm

Gemeenschappelijke regeling – bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO)

Doelstelling/Publiek belang

Het bieden van een op de behoefte van de recreatieschappen afgestemd uitvoeringsapparaat en het vervullen van de daarmee samenhangende rol van werkgever, alsmede het bevorderen van de onderlinge afstemming tussen de recreatieschappen van de uit te voeren werkzaamheden

Zeggenschap / bestuurlijk belang

Het bestuur van RMN bestaat uit 3 leden en een secretaris. Namens het Plassenschap heeft dhr. M. van Dijk zitting in het bestuur van RMN.

Samenwerkingspartners

RMN kent drie deelnemers: Recreatieschap Stichtse Groenlanden, Plassenschap Loosdrecht en provincie Utrecht.

Financieel belang

Deelnemers financieren via een deelnemersbijdrage de kosten van RMN en zijn gezamenlijk aansprakelijk voor eventuele tekorten.

Risico's / weerstandsvermogen

Er zijn geen materiële risico’s die effect hebben op de begroting van het Plassenschap. Alle kosten van RMN worden doorbelast aan de deelnemende schappen.

Kerncijfers

Bedragen in €

31-12-2018

31-12-2019

217.998

0

Vreemd Vermogen

1.777.429

2.582.294

Resultaat

0

0

Eigen vermogen

Overige informatie / website

https://www.recreatiemiddennederland.nl

FINANCIËLE BEGROTING

4 Overzicht baten en lasten per programma en toelichting Programma

Lasten Programma 1 Beheer & onderhoud Programma 2 Toezicht en handhaving Programma 3 Ontwikkeling Programma 4 Exploitatie Programma 5 Algemeen (incl. overhead) • Waarvan overhead • Waarvan onvoorzien • RMN in transitie Totaal lasten Baten Programma 1 Beheer & onderhoud Programma 2 Toezicht en handhaving Programma 3 Ontwikkeling Programma 4 Exploitatie Programma 5 Algemeen (incl. overhead) • Waarvan Overhead • Waarvan bedrag onvoorzien Totaal baten Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Totaal mutaties reserves Geraamd resultaat

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

729.400 255.500 70.900 639.500 1.126.500 1.123.700 2.800 PM

794.000 246.700 70.900 631.200 1.160.000 1.157.100 2.900 PM

828.800 251.000 70.900 635.300 1.169.100 1.166.100 3.000 PM

844.000 255.300 70.900 639.500 1.191.000 1.188.000 3.000 PM

2.821.800

2.902.800

2.955.100

3.000.700

844.000 580.200 82.000 1.248.600

912.800 572.700 81.500 1.253.900

949.100 581.200 81.200 1.275.400

991.400 598.300 83.300 1.306.500

2.754.800

0 0 0 2.820.900

0 0 0 2.886.900

2.979.500

67.000

81.900

68.200

21.200

193.200 134.200

209.200 134.200

211.400 134.200

213.600 134.200

-59.000

-75.000

-72.200

-79.500

-8.000

-6.900

9.000

58.200

De baten, lasten en mutaties in reserves zijn gebaseerd op de beleidsinhoudelijke doelstellingen zoals per programma opgenomen in het programmaplan. Voor een nadere toelichting verwijzen wij daarom naar de individuele programma’s in het programmaplan.

5 Overzicht incidentele baten en lasten 5.1 Overzicht incidentele baten en lasten en toelichting Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en de notitie Incidentele baten en lasten van de Commissie BBV is het verplicht een overzicht op te nemen van de incidentele baten en lasten in de begroting inclusief een toelichting op de belangrijkste posten hieruit.

Incidentele lasten Betaling OVP Totaal incidentele lasten Incidentele baten Totaal incidentele baten Mutaties in reserves Incidentele toevoegingen aan reserves Incidentele onttrekkingen aan reserves Totaal incidentele mutaties in reserves Saldo incidentele baten en lasten

2022

2023

2024

2025

70.900

70.900

70.900

70.900

70.900

70.900

70.900

70.900

0

0

0

0

19.200 70.900 51.700 -19.200

19.200 70.900 51.700 -19.200

19.200 70.900 51.700 -19.200

19.200 70.900 51.700 -19.200

Onderstaand zijn de belangrijkste incidentele baten, lasten en reservemutaties (groter dan €50.000) toegelicht: -

Op basis van het Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen heeft Plassenschap Loosdrecht een verplichting om in totaal €906.000 bij te dragen, deze bijdragen loopt volgens een vastgesteld kasritme van €70.900 tot-en-met 2028.

5.2 Presentatie van het structureel begrotingssaldo Om inzicht te bieden in het structureel begrotingssaldo is onderstaand opgenomen wat het effect is van de incidentele baten en lasten op de begroting 2022-2025. Dit overzicht is gebaseerd op het modeloverzicht zoals geadviseerd door de Commissie BBV in de notitie Incidentele baten en lasten.

Saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begrotingssaldo na bestemming Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel begrotingssaldo

2022

2023

2024

-67.000

-81.900

-68.200

2025 -21.200

59.000

75.000

72.200

79.400

-8.000 -19.200 11.200

-6.900 -19.200 12.300

9.000 -19.200 28.200

58.200 -19.200 77.400

6 Uiteenzetting van de financiële positie 6.1 Financiële gevolgen bestaand en nieuw beleid De begroting 2022 is een beleidsarme begroting. Dit mede als gevolg van de transitie waar de bedrijfsvoeringsorganisatie van het Plassenschap, RMN, zich in bevindt. Om die reden is er voor gekozen geen nieuw beleid in de begroting 2022 te verwerken. De begroting 2022 is daarmee volledig gebaseerd op bestaand beleid.

6.2 geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar (Bedragen in €) Activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Totaal vaste activa Uitzettingen < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal vlottende activa Totaal activa Passiva Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schuld Totaal vaste passiva Vlottende schuld Overlopende passiva Totaal vlottende passiva Totaal passiva

2020

2021

2022

2023

2024

2025

27.068

20.301

13.534

6.767

0

0

4.242.322 4.269.390 243.400 50.300 10.900 304.600

4.246.541 4.266.842 243.400 50.300 10.900 304.600

5.037.761 5.051.295 243.400 50.300 10.900 304.600

5.328.480 5.335.247 243.400 50.300 10.900 304.600

5.004.200 5.004.200 243.400 50.300 10.900 304.600

4.679.919 4.679.919 243.400 50.300 10.900 304.600

4.573.990

4.571.442

5.355.895

5.639.847

5.308.800

4.984.519

1.613.952 0 2.359.389 3.973.341

1.559.024 0 2.773.571 4.332.596

1.500.047 0 3.602.429

1.417.078 0 3.921.286

1.346.897 0 3.720.143

1.267.049 0 3.544.000

5.102.475

5.338.363

5.067.040

4.811.049

365.649

3.847

18.420

66.484

6.760

108.962

235.000 600.649

235.000 238.847

235.000 253.420

235.000 301.484

235.000 241.760

64.508 173.470

4.573.990

4.571.443

5.355.895

5.639.847

5.308.800

4.984.519

6.3 EMU-saldo Het (EMU-saldo) is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor de EMU-enquête worden de gemeenten, de provincies en de waterschappen integraal waargenomen. Bij de gemeenschappelijke regelingen wordt een deelwaarneming gedaan. Een gemeenschappelijke regeling valt binnen de deelwaarneming indien het totaal aan baten of lasten op de exploitatierekening groter is dan 20 miljoen euro. Omdat het begrotingstotaal van het Plassenschap onder deze grens van € 20 miljoen ligt is toelichting van het EMU saldo niet verplicht en derhalve niet opgenomen.

6.4 Meerjaren investeringsbegroting In de begroting is tevens een meerjaren investeringsbegroting 2 opgenomen. Deze begroting is gebaseerd op de netto investering (investering -/- eventueel van derden ontvangen specifieke bijdrage/subsidie). Op investeringen wordt afgeschreven vanaf het jaar volgend op het jaar van ingebruikname van het activum. Omschrijving Beschoeiingen afmeerpalen Rimboe: herinrichting beschoeiing Rimboe: herinrichting bestrating Rimboe: herinrichting bedrijfsgebouw Beschoeiingen vaarwegen Kalverstraat Beschoeiing Eiland Geitekaai Beschoeiing Eiland Markus Pos Totaal per jaarschijf

2022 15.000 50.000 32.500 170.000

267.500

2 Deze is nog niet gebaseerd op het in 2021 herijkte MJOP.

2023 15.000 50.000 32.500 170.000 800.000

1.067.500

2024

275.000 325.000 600.000

2025

0

6.5 Stand en verloop van de reserves Reserves zijn middelen die onder het eigen vermogen vallen en waarvan het algemeen bestuur over de inzet kan besluiten. Onderstaand is per reserve het verloop gedurende de begrotingsperiode weergegeven. Stand ultimo 2021 Algemene reserve Algemene reserve Totaal algemene reserve Bestemmingsreserves Oostelijke Vecht en Plassen Onderhoud Totaal bestemmingsreserves Totaal reserves

2022 Af

Bij

Stand ultimo

2023 Af

Bij

Stand ultimo

2024 Af

Bij

Stand ultimo

2025 Af

Bij

Stand ultimo

671.668 671.668

0

0

671.668 671.668

0

8.041 8.041

663.627 671.668

0

6.959 6.959

670.586 671.668

0

8.948 8.948

661.638 671.668

681.530 205.826

19.222 115.000

70.900 122.300

629.853 198.526

19.222 115.000

70.900 138.250

578.175 175.276

19.222 115.000

70.900 140.462

526.497 149.814

-

70.900 -

455.597 149.814

887.356 1.559.024

134.222 134.222

193.200 193.200

828.379 1.500.047

134.222 134.222

209.150 217.191

753.451 1.417.078

134.222 134.222

211.362 204.403

676.311 1.346.897

-

70.900 79.848

605.411 1.267.049

6.6 Baten en lasten per taakveld Conform artikel 7 lid 3 sub c van het BBV is het verplicht een overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld op te nemen in de begroting. Dit overzicht, inclusief de koppeling van taakvelden naar programma’s, is hieronder opgenomen. Taakveld 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.8 Overige baten en lasten 1.2 Openbare orde en veiligheid 2.3 Recreatieve havens 2.4 Economische havens en vaarwegen 3.4 Economische promotie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie Totaal van de lasten 2.3 Recreatieve havens 2.4 Economische havens en vaarwegen 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie Totaal van de baten Saldo van baten en lasten 0.10 Mutaties reserves (stortingen) 0.10 Mutaties reserves (onttrekkingen) Totaal resultaat van baten en lasten 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten Gerealiseerd resultaat

Begroting 2021 37.400 1.090.000 2.670 161.000 288.400 20.900 3.700 1.213.300 2.817.400 99.900 3.100 2.651.800

2.741.700 -75.200 134.200 209.900 0 0 0

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

38.000 1.068.500 2.800 167.000 309.100 20.600 3.800 1.212.000 2.821.800 101.500 3.200 2.716.300 2.754.800 -67.000

38.600 1.101.300 2.900 170.700 323.400 20.400 3.800 1.241.700 2.902.800 103.100 3.200 2.780.600 2.820.900 -81.900

39.300 1.118.000 3.000 174.500 325.900 20.400 3.900 1.270.200 2.955.200 104.700 3.300 2.886.800 -68.200

39.900 1.139.300 3.000 178.300 328.400 20.400 3.900 1.287.500 3.000.700 99.900 3.100 2.651.800 2.979.400 -21.200

134.200 193.200

134.200 209.200

134.200 211.400

213.600 134.200

-8.000 -8.000 -8.000

-6.900 -6.900 -6.900

9.000 9.000 9.000

58.200 58.200 58.200

2871500

6.7 Deelnemersbijdrage 2022 De deelnemersbijdrage voor 2022 is als volgt: Deelnemersbijdrage LSD

2021

2022

Totale deelnemersbijdrage

1.509.000

1.539.180

30.180

422.555

189.954 1.319.046

196.223 1.342.957

6.268 23.912

53.870 368.686

194.427

197.952

3.525

54.344

442.936 637.363

450.965 648.917

8.029 11.554

123.805 178.149

413.125

420.614

7.489

115.472

268.558 681.683

273.426 694.040

4.868 12.357

75.064 190.537

1.509.000

1.539.180

30.180

422.555

Gemeente Utrecht

Indexatie 3,3%

Totaal te verdelen Provincie Utrecht Provincie NoordHolland Totaal provincies

14,74% 33,58%

Gemeente Wijdemeren Gemeente Stichtse Vecht Totaal gemeenten

31,32% 20,36%

Totale deelnemersbijdrage

Verschil

Transparantie BTW

BIJLAGEN

7 Bijlage: begroting ‘oude’ stijl Begrotingspost (bedragen in ) Doorbelaste personeelskosten Doorbelaste apparaatskosten Inhuur personeel derden

Realisatie 2019

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

1.092.395

1.393.100

1.220.100

1.246.400

1.273.200

1.300.700

457.334

333.500

510.600

531.100

535.300

543.800

37.300 400.400 -

37.900 421.400 -

38.500 420.300 -

83.215

36.200

Rente en afschrijvingen

277.883

341.000

Huur en pachten Bestuurs- en apparaatskosten Belastingen en verzekeringen Energie- en waterkosten

-

-

36.700 356.700 -

96.150

32.600

41.400

42.000

34.200

34.700

30.725

26.600

27.100

27.500

27.900

28.400

23.245

27.700

Onderhoud en vuilafvoer

454.424

616.500

Voorzieningen Publiciteits- en overige kosten Nagekomen lasten

-297.676

28.100 590.600 -

28.600 578.900 -

29.000 585.300 -

29.500 593.900 -

7.500

7.600

7.700

7.900

8.000

-

2.700

2.232.881

2.817.400

2.800 2.821.800

2.900 2.902.800

3.000 2.955.100

3.000 3.000.700

360.545

445.400

424.500

442.900

461.300

467.300

304.821

280.100

284.600 84.000 1.961.700 1.539.200 422.600 2.754.800

289.100 85.300 2.003.600 1.574.600 429.000 2.820.900

293.700 86.700 2.045.100 1.610.800 434.300 2.886.900

298.400 88.100 2.125.700 1.647.800 441.200 2.979.500

-67.000 193.200 134.200 -

-81.900 209.200 134.200 -

-68.200 211.400 134.200 -

-21.200 213.600 134.200 -

-8.000

-6.900

9.000

58.200

Onvoorzien Totaal lasten Opbrengsten van eigendommen Rechten Rente Overige baten

7.671 7.515

-

-

193.478

82.700

Nagekomen baten

401

Dekkingsmiddelen

1.730.698

1.933.500

Deelnemersbijdrage

-

1.509.000

Transparantie BTW

-

424.600

2.589.943

2.741.700

Saldo van baten en lasten

357.062

--75.700

Toevoegingenaanreserves

414.912

134.200

Onttrekkingenaanreserves

362.400

209.950

Gerealiseerdresultaat (-=tekort,+=overschot)

409.574

0

Totaal baten

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10127402/1