Bijlage 4 - Bijlagen bij toelichting bestemmingsplan ‘Loodijk 18 te ‘s-Graveland’
Tekst van het document
‘PWN-transportleiding Weesperkarspel-Laarderhoogt, provincie Noord-Holland; archeologische begeleiding cultuurtechnisch Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
29 onderzoek’. RAAP-rapport 430. Amsterdam: RAAP Archeologisch Adviesbureau. DANS. https://doi.org/10.17026/dans-xf5-xp3j. Kadaster. 2013. ‘BAG-Viewer’. http://bagviewer.geodan.nl/index.html. ———. ‘Bonnebladen’. http://www.kadaster.nl/web/artikel/producten/Bonnebladen.htm. Kadaster en PDOK. 2014. ‘AHN2 en 3 - WCS service’. http://nationaalgeoregister.nl. Leijnse, K. 2004. ‘Provinciale weg N236, traject Loosdrechtdreef-Noordereind, provincie Noord-Holland’. RAAP rapport 1093. RAAP Archeologisch Adviesbureau. DANS. https://doi.org/10.17026/dans-xgv-eyke. Lups, H.M. en H. v.d. Klugt. 2020. ‘Beroepen van toen’. http://www.beroepenvantoen.nl/. Maas, G.J., W.M. van der Meij, S.P.J. van Delft en A.H. Heidema. 2019. ‘Toelichting bij de legenda Geomorfologische kaart Nederland 1:50.000 (2019), achtergronddocument bij het landsdekkende digitale bestand’. Wageningen: Wageningen Environmental Research. http://legendageomorfologie.wur.nl/. de Mulder, E.J.F. 2003. ‘De ondergrond van Nederland’. Wolters-Noordhoff. Nationaal Georegister. 2022. ‘BRT Achtergrond’. https://www.nationaalgeoregister.nl/geonetwork/srv/dut/catalog.search#/ map. ———. ‘Luchtfoto Beeldmateriaal RGB 25cm en 8cm WMTS’. https://www.nationaalgeoregister.nl/geonetwork/srv/dut/catalog.search#/ metadata/c82a783a-9a58-4761-a809-b4c5d90dcd35. Nederlands Normalisatie Instituut. 1989.
Geotechniek: classificatie van onverharde grondmonsters. Delft: Nederlands Normalisatie-instituut. Onbekende Cartograaf. 1750. ‘Nieuwe kaart van het Baljuwschap van Gooyland, de Loosdrechten, Mynden, Hollands Loenen en Weesper Karspel: ter ophelderinge van den tegenwoordigen staat der Vereenigde Nederlanden’. Amsterdam: Tirion. Universiteitsbibliotheek Utrecht. https://uu.oldmapsonline.org/maps/561e2db5-da76-524f-abc656f2a2663447/. ———. 1779. ‘Kaart in kleur van de geconcipieerde veenderij en droogmakerij van de Hollandse Ankeveense polder onder Ankeveen’. archieven.nl. https://proxy.archieven.nl/0/E4367A77C0BB407485218B6D4E3DE8B6. ‘Ondergrondgegevens | DINOloket’. 2021. Geraadpleegd april 9. https://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens. PDOK. 2012. ‘Dataset: Basisregistratie Topografie (BRT) TOPNL’. www.pdok.nl. https://www.pdok.nl/downloads/-/article/basisregistratie-topografie-brttopnl. ———. ‘TOP25raster WMS’. Publieke Dienstverlening Op de Kaart (PDOK). https://geodata.nationaalgeoregister.nl/top25raster/ows. ———. ‘Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) - gedetailleerde grootschalige basiskaart’. https://www.pdok.nl/introductie/-/article/basisregistratie-grootschaligetopografie-bgt-. RAF. 1940. ‘Wageningen UR GeoPortal: RAF aerial photographs’. 1945. http://library.wur.nl/WebQuery/geoportal/raf. Rensink, E., H.J.T. Weerts, M. Kosian, H. Feiken en B.I. Smit. 2015.
‘Archeologische Landschappenkaart van Nederland. Methodiek en kaartbeeld’. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. https://doi.org/10.17026/dans-xf6-ywnd.
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
30 linies en stellingen’. https://landschapinnederland.nl/bronnen-enkaarten/militaire-landschapskaart. ———. 2017. ‘Rijksmonumentenregister’. Cultureelerfgoed.nl. https://cultureelerfgoed.nl/monumentenregister. ———. 2021. ‘Archis3 - Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed’. https://archis.cultureelerfgoed.nl/#/login. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Data Archiving and Networking Services. ‘e-depot voor de Nederlandse archeologie’. http://www.edna.nl. Rijkswaterstaat Ministerie van Infrastructuur en Milieu. ‘Bodemloket’. http://www.bodemloket.nl/. Roodenburg, F. 2023. ‘Plan van Aanpak inventariserend veldonderzoek, verkennend booronderzoek Loodijk 18, ’s-Graveland, gemeente Wijdemeren’. Bureau voor Archeologie. ‘Ruimtelijkeplannen.nl’. http://www.ruimtelijkeplannen.nl/web-roo/roo/bestemmingsplannen? tabFilter=ACTUEEL. van der Sijs, N. 2010. ‘Etymologiebank’. http://www.etymologiebank.nl. SIKB. 2018. ‘BRL 4000: Beoordelingsrichtlijn Archeologie, versie 4.1’. SIKB. https://www.sikb.nl/doc/BRL4000/BRL%20SIKB%204000%20Archeologie %20versie%204_1.pdf. Stichting RAAP. 2017. ‘Indicatieve Kaart Militaire Waarden (IKME)’. TNO en Geologische Dienst Nederland. 2020. ‘Pleistoceen zand’. https://www.grondwatertools.nl/wat-doen-wij-geologische-kaarten/themati sche-kaarten. TNO-GDN. 2021. ‘Geologische kaart van het koninkrijk der Nederlanden’. TNO Geologische Dienst Nederland.
Tol, A.J., J.W.H.P. Verhagen en M. Verbruggen. 2012. ‘Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek’. SIKB. Topografische Dienst. ‘Topografische kaarten 1927-1995’. Emmen: Staat der Nederlanden. Vos, P. en S. de Vries. 2013. ‘2e generatie palaeogeografische kaarten van Nederland (versie 2.0)’. Deltares. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). https://archeologieinnederland.nl/bronnen-en-kaarten/paleogeografischekaarten. Waternet. 2022. ‘Kaartlagen behorend bij de regelgeving van het waterschap’. Vastgestelde Waterpeilen. Wullink, A. 2008. ‘Een archeologisch bureau-onderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van boringen in de Hollands Ankeveense Polder te Ankeveen, gemeente Wijdemeren (N.-H.)’. 2008-48. ARCrapporten. ARC. DANS. https://dx.doi.org/10.17026/dans-23j-4jcx.
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
31
Figuren
Figuur 2: Topografische kaart (PDOK).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
32
Figuur 3: Luchtfoto actueel (Nationaal Georegister).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
33
Figuur 4: Onderzoeksgebied van het bureauonderzoek als straal van 500 meter rondom het plangebied (Nationaal Georegister 2022).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
34
Figuur 5: Archeologische beleidskaart van de gemeente Wijdemeren (Husken 2010).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
35
Figuur 6: De huidige situatie (boven; PDOK) ten opzichte van de nieuwe (onder; afbeelding verstrekt door opdrachtgever).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
36
Figuur 7: Impressie van de nieuwe situatie gezien vanaf de Loodijk (afbeelding verstrekt door opdrachtgever).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
37
Figuur 8: Luchtfoto detail (Nationaal Georegister).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
38
Figuur 9: Het plangebied gezien vanaf de Loodijk (Google Street View, september 2022).
Figuur 10: Horecagelegenheid De Colonie gezien vanaf de Loodijk (Google Street View, september 2022).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
39
Figuur 11: Bestemmingsplannen (‘Ruimtelijkeplannen.nl’).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
40
Figuur 12: Diepteligging van de top van het Pleistocene niveau ten opzichte van het NAP (TNO en Geologische Dienst Nederland 2020).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
41
Figuur 13: Geologisch boorprofiel ten zuidoosten van het plangebied (‘Ondergrondgegevens | DINOloket’ 2021).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
42
Figuur 14: Geologische overzichtskaart 2021 (TNO-GDN 2021).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
Figuur 15: Globale geologische ontwikkeling in de omgeving van het plangebied (Vos en De Vries 2013).
44
Figuur 16: Geomorfologische kaart (Maas e.a. 2019).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
45
Figuur 17: Hoogte-reliëfkaart (Actueel Hoogtebestand Nederland 2018).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
46
Figuur 18: Hoogte-reliëfkaart detail (Actueel Hoogtebestand Nederland 2018). Hoogtewaarden in meters ten opzichte van N.A.P.
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
47
Figuur 19: Bodemkaart (Alterra Wageningen UR 2012).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
48
Figuur 20: Kaart van het Gooiland uit 1636 (Dankersz de Rij 1636). Het noorden is onder (zie windroos).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
49
Figuur 21: Kaart van de omgeving van Amsterdam uit 1735 (Covens en Mortier 1735).
Figuur 22: Kaart van het baljuwschap van Gooiland, de Loosdrechten, Mynden, Hollands Loenen en Weesper Karspel (Onbekende Cartograaf 1750).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
50
Figuur 23: Kaart met daarop een plan tot inpoldering van de Ankeveense plassen (Onbekende Cartograaf 1779). Dit plan is nooit uitgevoerd. Het noorden is onder (zie windroos).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
51
745 746
744
747
Figuur 24: Kadastraal minuutplan uit de periode 1811 tot en met 1832 van de voormalige gemeente Weespercarspel, sectie H, blad 5 (‘Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed’, MIN07127H05). Het lichtblauw omrande perceel 747 is viswater. De percelen 744, 745 en 746 zijn bos. Ten oosten van de ‘s-Gravelandse Vaart ligt het kadastraal minuutplan van Hilversum, sectie A, blad 1 (MIN07049A01).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
52
Figuur 25: Topografisch militaire kaart 1850 (Bureau van de Militaire Verkenningen 1850).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
53
Figuur 26: Bonneblad, 387-1005-ANKEVEEN-1881 (Kadaster). Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
54
Figuur 27: Bonneblad, 387-1012-ANKEVEEN-1922 (Kadaster).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
55
Figuur 28: Topografische kaart, 25H-1949-Bussum / Muiden / Naarden / Weesp (Topografische Dienst).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
56
Figuur 29: Luchtfoto uit 1945 (RAF 1940-1945).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
57
Figuur 30: Topografische kaart, 25H-1961-Bussum / Muiden / Naarden / Weesp (Topografische Dienst).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
58
Figuur 31: Topografische kaart, 25H-1993-Bussum / Muiden / Naarden / Weesp (Topografische Dienst).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
59
Figuur 32: Topografische kaart 2012 (PDOK 2012).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
60
Figuur 33: Archeologische onderzoeken uit ARCHIS (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 2021).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
61
Figuur 34: Resultaten van archeologisch onderzoek ten oosten van het plangebied (Jager 1999).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
62
Figuur 35: Situatie in de Romeinse tijd (Van Dinter 2013). De in het rapport genoemde vondstlocaties uit ARCHIS zijn in geel weergegeven (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 2021).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
63
Figuur 36: Overzicht van (potentiële) bodemverstoringen. •
De blauwe lijnen geven sloten aan die in 1811 het plangebied kruisen (figuur 24).
•
De blauw gearceerde zone staat ‘onder water’ in 1881 (figuur 26). Hier is een dempingspakket aanwezig.
•
De rood gearceerde zone is (ongeveer) de contour van bebouwing in 1881 (figuur 26).
•
De grijs gearceerde zone is een gesloopt gebouw uit 1961 (figuur 30).
•
In groen staat de huidige bebouwing aangegeven (figuur 32).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
64
Figuur 37: Boorpuntenkaart en archeologische indicatoren (PDOK).
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
65
Figuur 38: Schematische weergave van boorprofielen. In boorprofiel 1 ligt onder het ongeroerde veen een kalkrijke zandlaag. Dit zand is waarschijnlijk van bovenaf in het boorgat gevallen aangezien het hetzelfde materiaal is als de bovenliggende opgebrachte grond.
Bureau voor Archeologie Rapport 1363
's-Graveland Loodijk 18
Bijlage 1: Boorbeschrijvingen nr.
grens cm -mv
grond bijmenging
mediaan kleur
kalk
antropogene bijmengingen
Interpretatie boortype
overig
boven onder 1
grondwaterstand tijdens boring: 60 cm -mv; beschrijver: F. Roodenburg; datum boring: 9augustus-2023 0
5 klinker
handmatig
5
20 zand
zwak siltig
20
60 zand
60
zeer grof bruin-grijs
klinker
kalkrijk
opgebrachte grond
zwak siltig; matig grof zwart zwak grindig; sterk humeus
kalkloos
spoor baksteen; spoor opgebrachte glas grond
7cm- Edelman zeer grote spreiding; zand hoekig; basis geleidelijk; opgebrachte grond; modern glas; kalkbrokken; hard grijs keramisch materiaal, mogelijk gres
100 zand
zwak siltig; matig grof zwart zwak grindig; sterk humeus
kalkloos
spoor baksteen
opgebrachte grond
7cm- Edelman zeer grote spreiding; zand hoekig; basis geleidelijk; opgebrachte grond; veel zandbrokjes; kalkrijke zandbrokken
100
130 veen
sterk zandig; zwak grindig
donkerbruin-grijs
kalkloos
spoor baksteen
omgewerkte grond
7cm- Edelman basis scherp; omgewerkte grond; sterk amorf
130
150 veen
mineraalarm; zwak grindig
donkergrijs-bruin
kalkloos
omgewerkte grond
7cm- Edelman basis scherp; omgewerkte grond; veel zandbrokjes; zwak amorf; zeggeveen; kalkrijke zandbrokken
150
160 veen
zwak zandig
bruin
kalkloos
veen
7cm- Edelman basis scherp
160
165 zand
zwak siltig; zwak grindig
kalkrijk
opgebrachte grond
4cmZuigerboor
matig grote spreiding; zand afgerond; basis scherp; omgewerkte grond; van boven ingevallen
165
180 zand
zwak siltig; matig fijn donkerzwak humeus bruin
kalkloos
dekzand (Bhorizont)
4cmZuigerboor
matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk
180
230 zand
zwak siltig
kalkloos
dekzand (Chorizont)
4cmZuigerboor
matig kleine spreiding; zand afgerond
zeer grof bruin-grijs
matig fijn bruin-grijs
2
7cm- Edelman matig kleine spreiding; zand hoekig; basis scherp; opgebrachte grond; cunet
grondwaterstand tijdens boring: 100 cm -mv; beschrijver: F. Roodenburg; datum boring: 9augustus-2023 0
30 zand
zwak siltig; matig fijn donkermatig humeus grijs-bruin
kalkloos
30
50 zand
zwak siltig;
kalkloos
matig fijn donker-
spoor baksteen
opgebrachte grond
7cm- Edelman matig grote spreiding; zand hoekig; basis scherp; opgebrachte grond
opgebrachte
7cm- Edelman matig grote spreiding; zand hoekig; basis scherp;
nr.
grens cm -mv
grond bijmenging
mediaan kleur
kalk
antropogene bijmengingen
Interpretatie boortype
overig
grond
opgebrachte grond
boven onder matig humeus
bruin-grijs
50
90 zand
zwak siltig; matig fijn donkermatig humeus bruin-grijs
kalkloos
spoor baksteen; opgebrachte grond spoor aardewerkfragmenten
7cm- Edelman matig grote spreiding; zand hoekig; basis scherp; opgebrachte grond; veel zandbrokjes; grijsbruine matig fijne tot matig grove kalkloze zandbrokken; roodbakkend geglazuurd aardewerkfragment.
90
150 veen
sterk zandig
donkerbruin-grijs
kalkloos
omgewerkte grond
7cm- Edelman basis geleidelijk; omgewerkte grond; sterk amorf
150
195 veen
zwak zandig
donkerbruin-grijs
kalkloos
spoor omgewerkte aardewerkfragmenten grond
7cm- Edelman basis geleidelijk; sterk amorf; gelig dun tweezijdig geglazuurd; omgewerkte grond
195
210 zand
zwak siltig; matig fijn bruin zwak humeus
kalkloos
dekzand (Bhorizont)
4cmZuigerboor
matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk
210
230 zand
zwak siltig
kalkloos
dekzand (Chorizont)
4cmZuigerboor
matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk
matig fijn bruin-grijs
3
grondwaterstand tijdens boring: 40 cm -mv; beschrijver: F. Roodenburg; datum boring: 9augustus-2023 0
30 grind
sterk zandig; zwak grindig
matig grof grijs-bruin grind
kalkrijk
veel baksteen; opgebrachte grond spoor aardewerkfragmenten
7cm- Edelman basis scherp; opgebrachte grond; puinlaag; plastic; tweezijdig geglazuurd rood en wit aardewerk
30
110 zand
zwak siltig; matig grof donkerzwak grindig; bruin-grijs matig humeus
kalkloos
weinig baksteen
opgebrachte grond
7cm- Edelman matig grote spreiding; zand hoekig; basis geleidelijk; oranjerode baksteenbrokken; stukje blauw plastic; witte geglazuurde aardewerkfragmenten; opgebrachte grond
110
150 veen
zwak zandig
grijs-bruin
kalkloos
omgewerkte grond
3cm- Guts
basis geleidelijk; zwak amorf; rietveen; ook zegge; paar roodoranje baksteenbrokjes, mogelijk van boven ingevallen of omgewerkt
150
160 veen
matig zandig
grijs-bruin
kalkloos
veen
3cm- Guts
basis scherp; zwak amorf; rietveen; ook zegge
160
190 zand
zwak siltig; matig fijn bruin zwak humeus
kalkloos
dekzand (Bhorizont)
3cm- Guts
matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk
190
200 zand
zwak siltig
matig fijn geel-bruin
kalkloos
dekzand (BC- 3cm- Guts horizont)
matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk
200
230 zand
zwak siltig
matig fijn bruin-grijs
kalkloos
dekzand (Chorizont)
matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk
3cm- Guts
nr.
grens cm -mv
grond bijmenging
mediaan kleur
kalk
antropogene bijmengingen
Interpretatie boortype
overig
boven onder 4
grondwaterstand tijdens boring: 50 cm -mv; beschrijver: F. Roodenburg; datum boring: 9augustus-2023 0
10 klinker
handmatig
10
30 zand
zwak siltig
matig grof bruin-grijs
kalkrijk
30
85 zand
zwak siltig; matig fijn donkersterk humeus bruin-grijs
kalkloos
85
110 veen
mineraalarm
zwart
110
140 veen
mineraalarm
140
160 veen
zwak zandig
160
180 zand
180
230 zand
klinker
opgebrachte grond
7cm- Edelman matig kleine spreiding; zand afgerond; basis scherp; spoor schelpmateriaal; opgebrachte grond
opgebrachte grond
7cm- Edelman matig kleine spreiding; zand afgerond; basis scherp; oranjerode en gele baksteenbrokken; opgebrachte grond
kalkloos
omgewerkte grond
7cm- Edelman basis scherp; sterk amorf; omgewerkte grond
donkerbruin-grijs
kalkloos
veen
7cm- Edelman basis scherp; licht van gewicht, veel draderig plantmateriaal; zeggeveen; opgebrachte grond
donkerbruin-grijs
kalkloos
veen
7cm- Edelman basis scherp; matig amorf
zwak siltig; matig fijn bruin zwak humeus
kalkloos
dekzand (Bhorizont)
4cmZuigerboor
matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk
zwak siltig
kalkloos
dekzand (Chorizont)
4cmZuigerboor
matig kleine spreiding; zand afgerond
matig fijn bruin-grijs
weinig baksteen
5
grondwaterstand tijdens boring: 100 cm -mv; beschrijver: F. Roodenburg; datum boring: 9augustus-2023 0
10 veen
mineraalarm
grijs-bruin
kalkloos
opgebrachte grond
7cm- Edelman basis scherp; strooisellaag
10
75 zand
zwak siltig; matig fijn donkerzwak grindig; bruin-grijs sterk humeus
kalkloos
opgebrachte grond
7cm- Edelman matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk; weinig plantenresten; doorworteld; fragmentje kleipijp
75
110 zand
zwak siltig; matig fijn donkerzwak grindig; bruin-grijs sterk humeus
kalkloos
opgebrachte grond
7cm- Edelman matig kleine spreiding; zand afgerond; basis geleidelijk
110
150 veen
zwak zandig
kalkloos
spoor omgewerkte aardewerkfragmenten grond
150
170 zand
zwak siltig;
kalkloos
dekzand (B-
donkerbruin-grijs matig fijn donker-
7cm- Edelman basis geleidelijk; sterk amorf; roodbakkend tweezijdig geglazuurd aardewerkfragment 7cm- Edelman matig kleine spreiding; zand afgerond; basis
nr.
grens cm -mv
grond bijmenging
mediaan kleur
kalk
antropogene bijmengingen
Interpretatie boortype
overig
horizont)
geleidelijk; spoor plantenresten; mogelijk een BChorizont met ingespoelde humus vanuit het veen
boven onder zwak humeus 170
190 zand
zwak siltig
grijs-bruin matig fijn grijs-bruin
Coördinaten van de boringen: nr.
X (m RD)
Y (m RD)
Z (cm NAP)
1
136895
475455
-3
2
136885
475493
4
3
136873
475473
-33
4
136860
475449
-47
5
136852
475488
-17
kalkloos
dekzand (Chorizont)
7cm- Edelman matig kleine spreiding; zand afgerond
Bijlage 2
76
Stikstofnotitie
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
Pouderoyen Tonnaer is een handelsnaam van Pouderoyen B.V. Vestigingen te Nijmegen, Rosmalen, Baexem en Voerendaal
Notitie beoordeling stikstof Aan
RvR Onroerend Goed B.V.
Van
R.P.E.F. van Meurs
Datum
3 augustus 2023
Betreft
Notitie beoordeling stikstof
Project
P230090
Geachte heer/ mevrouw, Aan de Loodijk 18 te S’-Graveland bestaat het voornemen een bestaande horecalocatie te herontwikkelen naar een bedrijfsverzamelgebouw. Voor deze ontwikkeling is een beoordeling ten aanzien van het aspect stikstof aan de orde. In onderstaande notitie wordt hier nader op ingegaan.
Aanleiding Aanleiding voor deze notitie is de situatie die is ontstaan na de uitspraak van de Raad van State op 29 mei 2019, waarin zij heeft geoordeeld dat het Programma Aanpak Stikstof (PAS) niet meer als basis mag worden gebruikt voor toestemming voor activiteiten in het kader van de Wet natuurbescherming, zoals een vergunning of een melding. Ook de “standaard grenswaarde” die in het PAS was opgenomen, kan nu niet meer worden gebruikt Zo waren veel woningbouwprojecten tot voor kort voor het aspect stikstof vergunningsvrij en was ook een melding vaak niet nodig, omdat de extra stikstofemissies beperkt waren en de depositie onder de grenswaarde lag. Nu de landelijke grenswaarde onder de PAS niet meer kan worden gebruikt, is een stikstofbeoordeling en mogelijk ook een vergunning Wet natuurbescherming voor heel veel activiteiten nodig is. Voor elke toename, hoe klein ook, is vooralsnog een eigen onderbouwing nodig. Voor ruimtelijke ontwikkelingen kan, naast een planologische titel en/of een omgevingsvergunning voor (o.a.) bouwen, ook een Wet natuurbescherming (Wnb) toestemming (o.a. i.v.m. stikstof) nodig zijn. Of er Wnbtoestemming vanwege stikstof nodig is, is afhankelijk van een stikstofberekening en/of een ‘voortoets’ (= milieukundig/ecologisch vooronderzoek). Het is niet zo dat nu voor ieder project een Wnb-toestemming nodig is.
Maar er is geen (generieke) drempelwaarde meer waaronder een vergunning niet nodig is. Dat moet nu per aanvraag beoordeeld worden. Dat is nodig bij planologische procedures (zoals een bestemmingsplan) en bij de verlening van een omgevingsvergunning (i.v.m. het zogenaamde ‘aanhaken’).
Op onze dienstverlening zijn de DNR 2011 voorwaarden van toepassing die u vindt op pouderoyentonnaer.nl
P230090.008/RME, pagina 2 van 12
Ligging plangebied Het plangebied is gelegen ten westen van de (Provinciale ontsluitingsweg N236) Loodijk, in het buitengebied van Ankeveen, echter behorend tot het dorp 's-Graveland in de gemeente Wijdemeren. Parallel langs de Loodijk verloopt de 's-Gravelandsche Vaart. De locatie grenst met de noord-, en westzijde aan bedrijventerrein De Boomgaard.
Figuur 1
Luchtfoto plangebied
Het plangebied ligt op korte afstand van het Natura 2000-gebied ‘Oostelijke Vechtplassen’ (175 meter).
Figuur 2
Ligging plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden in de omgeving
P230090.008/RME, pagina 3 van 12
Planvoornemen Het planvoornemen betreft de ontwikkeling van een bedrijfsverzamelgebouw. Onderstaand is het bouwplan weergegeven.
Figuur 3
Bouwplan
Wettelijk kader sinds 2 november 2022 De uitspraak van de Raad van State op 29 mei 2019 heeft bepaald dat het Programma Aanpak Stikstof (PAS) niet meer als basis gebruikt mag worden voor toestemming voor activiteiten in het kader van de Wnb en dat de “standaard grenswaarde” uit het PAS niet meer gebruikt mag worden. Dit houdt in dat voor planologische procedures en bij de verlening van een omgevingsvergunning een stikstofbeoordeling en, afhankelijk van een stikstofberekening en/of voortoets, mogelijk ook een vergunning Wet natuurbescherming nodig is. Voor elke toename in stikstofneerslag boven de 0,00 mol/ha/jaar, hoe klein dan ook, is een onderbouwing nodig. Na de PAS uitspraak van mei 2019 werd er gewerkt aan een nieuw wettelijk kader om de stikstofproblematiek aan te pakken. Uitvloeisel daarvan was de Wet Stikstofreductie en Natuurherstel. Met deze wet werd voorzien in de wettelijke verankering van de door het kabinet aangekondigde structurele aanpak van de stikstofproblematiek. De wet werd op 17 december 2020
P230090.008/RME, pagina 4 van 12
aangenomen door de Tweede Kamer en op 9 maart 2021 aangenomen door de Eerste Kamer. Op 1 juli 2021 trad de wet in werking. Onderdeel van deze wet was een partiële vrijstelling voor bouwactiviteiten van de natuurvergunningplicht als bedoeld in artikel 2.7, tweede lid Wnb, opgenomen in artikel 2.9a Wnb. Hierin waren de tijdelijke bouwactiviteiten generiek vrijgesteld van beoordeling en was voor plannen en projecten enkel een beoordeling van de permanente gebruikseffecten aan de orde. Op 2 november 2022 is door de Raad van State uitspraak gedaan in de zaak betreffende het ondergrondse CO2-opslagproject Porthos waarin de vrijstelling van deze bouwactiviteiten ter beoordeling voor lag. Het college heeft geoordeeld dat de stikstof die in de bouwfase vrijkomt niet buiten beschouwing mag worden gelaten. Concreet betekent dit dat de bouwvrijstelling geschrapt is en de juridische situatie teruggedraaid is naar het wettelijk kader vóór 1 juli 2021. Dit houdt in dat voor alle plannen en projecten zowel de tijdelijke bouwfase alsook de permanente gebruiksfase beoordeeld dient te worden. Stikstofemissie Op basis van dit bouwplan zijn ten aanzien van het aspect stikstof verschillende fasen te onderscheiden: 1. Bestaande gebruiksfase: effecten ten aanzien van huidige gebruik; 2. Realisatiefase: tijdelijke effecten ten gevolge van sloop-, bouw- en aanlegactiviteiten; 3.
Gebruiksfase: effecten voor onbepaalde tijd na ingebruikname van de nieuwbouw. Navolgend worden de stikstofrelevante activiteiten per fase beschreven. Daarbij is in eerste instantie de emissie als gevolg van de het planvoornemen in kaart gebracht. Dat wil zeggen de emissie die aan de orde is in de realisatiefase en de nieuwe gebruiksfase. Indien de emissie van stikstof in deze fases niet leidt tot een significante toename van de stikstofdepositie op nabijgelegen natura 2000 gebieden (d.w.z. een toename groter dan 0,00 mol/ ha/ jaar), dan kan het planvoornemen doorgang vinden zonder vergunningsplicht ten aanzien van de Wet natuurbescherming. Indien de stikstofemissie ten tijde van de realisatie- dan wel gebruiksfase wel tot een overschrijding leidt, kan er worden gekeken of deze depositie middels intern salderen kan worden gemitigeerd. Bepalen van de actuele referentiesituatie Een belangrijk aspect, zo niet het belangrijkste aspect, bij intern salderen is het bepalen van de referentiesituatie: het stikstofemissieniveau waartegen het nieuwe emissieniveau mag worden afgezet. Hierbij is het van belang allereerst te bepalen of er sprake is van de plan- danwel projecttoets. In de Wet Natuurbescherming wordt onderscheidt gemaakt tussen een project en plan.
Binnen de Wnb is een project een handeling die leidt tot mogelijk significant negatieve gevolgen op een Natura 2000-gebied en waarvoor een passende beoordeling opgesteld dient te worden. Hierbij wordt het project beoordeeld op zijn effecten, het zijnde de specifieke handeling waarvoor een vergunning vereist is, bijvoorbeeld een bouwvergunning. De referentiesituatie die geldt bij een (eventuele) natuurvergunning (een project) bestaat uit:
P230090.008/RME, pagina 5 van 12
Een vigerende vergunning die verleend is op basis van de Wet natuurbescherming (Wnb) of diens voorloper (Natuurbeschermingswet 1998, Nb-wet); Een vigerende omgevingsvergunning die verleend is op basis van de Wabo met een verklaring van geen bedenkingen (VVGB) op grond van de Wnb of Nb-wet; Een toestemming op de Europese referentiedatum. Voor bedrijven geldt dat, als de depositie na de Europese referentiedatum publiekrechtelijk is beperkt (bijvoorbeeld via een latere omgevingsvergunning), dan die lagere depositie als referentiesituatie geldt.
Bij een plan, bijvoorbeeld een bestemmingsplan, is dat anders. Een bestemmingsplan is kaderstellend. Daarbij moeten alle potentiële activiteiten worden beoordeeld die het bestemmingsplan mogelijk maakt. Dit betreft dus een cumulatieve doorrekening van de effecten. Daarbij moeten ook eventuele binnenplanse mogelijkheden worden meegewogen. Het verschil tussen de plan- en de projecttoets heeft niet alleen gevolgen voor de beoordeling van de effecten, maar ook voor het bepalen van de referentiesituatie. Van belang daarbij is dat bij een plan (zoals een bestemmingsplan of omgevingsplan) een andere referentiesituatie geldt dan bij de natuurvergunning. Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling geldt de feitelijke en planologisch legale situatie (ten tijde van de vaststelling van het plan c.q. op een eerder moment dat kan worden gemotiveerd vanuit de beoordeling) als referentiesituatie bij de toetsing van een plan aan de Wet natuurbescherming. Het besluit waarop deze beoordeling betrekking heeft betreft een bestemmingsplan. Er is daarmee sprake van een plan. In dit geval geldt volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling de feitelijke en planologisch legale situatie (ten tijde van de vaststelling van het plan c.q. op een eerder moment dat kan worden gemotiveerd vanuit de beoordeling) als referentiesituatie bij de toetsing van een plan aan de Wnb.
In de huidige situatie is het plangebied in gebruik door een horecabedrijf. Dit gebruik is ook toegestaan op basis van het op de locatie geldende bestemmingsplan. De activiteiten ter plekke zullen ten faveure van de beoogde ontwikkeling worden gestaakt, waardoor er sprake is van een functionele samenhang. Schouw op locatie heeft uitgewezen dat de locatie ook daadwerkelijk aanwezig is en uit de energierekening is gebleken dat de locatie ook nog functioneel is geweest. Inschatting van emissies planvoornemen Om op basis van de Aerius-calculator te komen tot een analyse van effecten van het planvoornemen, dient een inschatting te worden gemaakt van de emissies per fase. Onderstaand zijn op basis van de huidige plangegevens de emissiebronnen per fase inzichtelijk gemaakt. 1) Huidige gebruiksfase - Emissies ten aanzien van huidig gebruik; 2) Realisatiefase : - Emissies ten aanzien van inzet mobiele werktuigen bij realisatie nieuwbouw; 3) Nieuwe gebruiksfase - Emissies ten aanzien van verkeersgeneratie nieuwe functie; - Geen stookemissies, want gasloos gebouwd.
P230090.008/RME, pagina 6 van 12
1) Huidige gebruiksfase – emissies gebruik horeca In de huidige situatie is er op de locatie een horecazaak gesitueerd. Met het wegnemen van deze functie zullen de emissies die samenhangen met het exploiteren van dit bedrijf vervallen. Om deze emissies in beeld te brengen is gekeken naar het recente gasverbruik. In 2022 is er 14.970 m3 gas verbruikt op de locatie. Het jaarlijks gasverbruik kan worden omgezet naar emissies in NOx op basis van de Infomil publicatie L40, Handleiding meten van luchtemissie'. Hieronder is de input voor deze berekening weergegeven:
Het gasverbruik wordt in de regel voor een dergelijke berekening uitgedrukt in Nomaal kubieke meter, dit is het volume aardgas onder normale omstandigheden. Bij een gasverbruik van 14.970 m3 is dat 15.789 Normaal kubieke meter (Nm3). Op basis van de formule kan met een dergelijk verbruik het droog rookgasdebiet worden uitgerekend, zijnde 139996 Nm3/ jaar. Een dergelijk debiet correspondeert volgens de formule met een jaarlijkse emissie van 9,7 kg NOx. Op dit moment is er een horecaonderneming met een bvo van circa 450 m² (incl. terras) binnen het plangebied aanwezig. Conform de CROW geldt op locatie voor een café, bar of cafetaria eveneens geen kengetal voor verkeersgeneratie per etmaal. Dat is er wel voor parkeren. Op basis van het BVO dient er op locatie een parkeervoorziening te zijn van 36 plaatsen. Op basis van een volledige bezetting per etmaal komt dit neer op 72 verkeersbewegingen per etmaal.
P230090.008/RME, pagina 7 van 12
2) Realisatiefase – mobiele werktuigen Sloopfase Op de locatie zijn sloopwerkzaamheden aan de orde. Om tot een inschatting te komen van de inzet van mobiele werktuigen is onderstaand eerst een inschatting gemaakt van de werkzaamheden op de locatie en de tijdsduur die daarmee gemoeid is. Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: De inzet van mobiele werktuigen zal zoveel mogelijk worden beperkt op locatie; Om tot een inschatting te komen van de sloopwerkzaamheden is een inschatting gemaakt van het bouwvolume op het plangebied. De te slopen bebouwing bestaat uit gebouwen met een footprint van ca. 350 m2. De bouwhoogte is ingeschat op ca. 8 meter. Op basis van deze footprint en de maximale bouwhoogte is het maximaal bouwvolume binnen het plangebied bepaald. Dit bedraagt 2800 m3; Er wordt uitgegaan dat het sloopvolume 10% van het bouwvolume behelst; Het voorgaande leidt tot een te slopen volume van ca. 280m3; Om tot sloop van deze woningen te komen zal een graafmachine worden ingezet; Verder zullen er vrachtwagens worden ingezet om het puin weg te voeren; Er wordt aangenomen dat de puinfractie gelijk is aan het te slopen volume. Daarmee leiden de sloopwerkzaamheden tot 280 m3 aan puin. Er is uitgegaan van een gemiddeld laadvermogen van een vrachtwagen van ca.
25 m3; Het voorgaande leidt tot de volgende inschatting van draaiuren voor de mobiele werktuigen tijdens de sloopfase: Activiteit
Hoeveelheid
Eenheid
Werktuig
Aantal dagen
Uren/ dag
Uren/ jaar
Sloopwerkzaamheden
280 m3
300 m3/ dag
graafmachine
1
8
8
En daarnaast tot het volgende aantal verkeersbewegingen ten aanzien van de afvoer van het puin en sloopwerkzaamheden: Activiteit
Hoeveelheid
Eenheid
wagens
bewegingen
Aantal / jaar
Afvoer puin bouwvakkers
280 m3
25 m3/ wagen
11
22
22 10
Bouwfase Er wordt met het planvoornemen 1.803 m2 aan nieuwe bedrijfsbebouwing gerealiseerd. Voor de bouwwerkzaamheden worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: Er wordt uitgegaan van een betonfundering. Uitgaande van een funderingspercentage van 10% en betondikte van 70 centimeter, betreft de betonhoeveelheid 126 m3; Er wordt aangenomen dat de betonmixers een laadvermogen hebben van 20 m3 en de betonstorters een stortvermogen van 100 m3/ dag. Daarmee zijn er 7 betonmixers nodig en 11 uur storten;
P230090.008/RME, pagina 8 van 12
Daarnaast wordt er uitgegaan van een betonvloer van 19 centimeter. Dit leidt tot een hoeveelheid beton van 343 m3. Op basis van de capaciteit van betonmixers en betonstorters leidt dit tot 18 betonmixers en 28 uur betonstorten; Voor de verdieping een prefab kanaalplaatvloer gebruikt, hetgeen niet tot extra betonstort leidt, maar wel tot het vervoeren van deze plaatdelen (10 verkeersbewegingen); Er wordt daarnaast uitgegaan van een gemiddelde wandhoogte van 10 meter en een wandpercentage van 15%. Daarmee komt het aantal m2 wand neer op ca. 2704 m2. Op basis van een vermogen van 100 m2/uur hijskraan en 50 m2 ladingvermogen per vrachtwagen komt dat neer op 27 draaiuren voor de hijskraan en 55 vrachtwagens; Er wordt daarnaast aangenomen dat het dakoppervlak gelijk is aan het bebouwingsoppervlak van 1.803 m2. Op basis van het laadvermogen van de vrachtwagens en het vermogen van de hijskraan komt dat neer op respectievelijk 37 vrachtwagens en 18 draaiuren voor de hijskraan; Het plaatsen van de spanten gebeurd eveneens door een hijskraan. Er wordt uitgegaan van 36 uur voor plaatsing.
Er wordt aangenomen dat er 50 verkeersbewegingen noodzakelijk zijn voor het aanvoeren; Er wordt aangenomen dat voor de afbouw en leidingwerk 10 draaiuren voor de hijskraan aan de orde zijn en 8 draaiuren van een kleine graafmachine; De verkeersbewegingen van licht verkeer worden ingeschat op 30 bewegingen per 100 m2 en middelzwaar verkeer worden ingeschat op 10 beweging per 100 m2 bebouwingsoppervlakte.
Resumerend komt dit neer op de volgende draaiuren: Activiteit Hoeveelheid Eenheid
Werktuig
Uren/ jaar
Fundering storten
126 m3
100 m3/ dag
betonstorter
11
Betonvloer storten
343 m3
100 m3/ dag
betonstorter
28
Wanden plaatsen
2704 m2
100 m2/ uur
hijskraan
27
Daken plaatsen
1803 m2
100 m2/ uur
hijskraan
18
Spanten plaatsen
hijskraan
36
Afbouw en leidingwerk
hijskraan
10
Afbouw en leidingwerk
Kleine graafmachine
8
En tot de volgende verkeersbewegingen: Activiteit Hoeveelheid Eenheid Fundering storten
126 m3
20 m3/ wagen
wagens
bewegingen
Aantal / jaar
7
14
14
P230090.008/RME, pagina 9 van 12
Betonvloer storten Kanaalplaat Wanden plaatsen Daken plaatsen Spanten plaatsen Licht verkeer
343 m2
20 m2/ wagen
Middelzwaar verkeer
1803 m2
2
18
36
36
10 110
10 110
74 50 541
74 50 541
180
180
2
2704 m
50 m / wagen
55
1803 m2
50 m2/ wagen
37
1803 m2
30 bewegingen/ 100 m2 10 bewegingen/ 100 m2
Redelijkerwijs kan worden aangenomen dat mobiele werktuigen van minstens Stageklasse IV gebruikt worden. Voor de hijskraan geldt een gemiddeld brandstofverbruik van 19 liter per uur. Voor de kleine graafmachine wordt een brandstofverbruik aangenomen van 12 liter per uur, voor de reguliere een verbruik van 19 liter per uur. Voor de betonstorter geldt een brandstofverbruik van 30 liter per uur. Voor een worst case scenario berekening wordt aangenomen dat het AdBlue verbruik 6% van het brandstofverbruik per uur bedraagt. Daarnaast wordt voor deze mobiele werktuigen een vermogensklasse ingeschat van 75-560 kW. Er wordt aangenomen dat de bouwwerkzaamheden over 2 rekenjaren worden uitgevoerd. Het voorgaande leidt tot de volgende kenmerken van de inzet van mobiele werktuigen: werktuig
Stageklasse
Vermogen
Brandstof verbruik [liter/jaar]
AdBlue verbruik [liter/jaar]
Uren/jaar
Graafmachine Kleine graafmachine Betonstorter/ mixer Hijskraan
IV IV IV IV
75-560 kW < 56 kW 75-560 kW 75-560 kW
76 48 600 874
5 0 36 53
4 8 20 46
3) Nieuwe gebruiksfase - verkeersgeneratie Het bedrijfsverzamelgebouw zal gasloos worden uitgevoerd. Er is derhalve enkel sprake van een verkeersgeneratie.Conform de CROW geldt op locatie voor een bedrijfsverzamelgebouw een maximale verkeersgeneratie van 8,7 verkeersbewegingen per 100 m² bvo. Met het planvoornemen wordt een bedrijfsverzamelgebouw van 1.803 m² mogelijk gemaakt. Dit komt neer op een maximale verkeersgeneratie van afgerond 157 verkeersbewegingen per etmaal ten gevolge van het planvoornemen. Verschilberekeningen Op basis van de aannames en feiten uit de voorgaande paragrafen kan nu een verschilberekening worden gemaakt tussen de emissies ten tijde van het gebruik als referentie en de emissies ten tijde van de realisatie en beoogde gebruiksfase. Deze emissies zijn ingevoerd in de Aerius calculator en de effecten zijn met elkaar vergeleken.
P230090.008/RME, pagina 10 van 12
Uit de Aerius-berekeningen volgt dat per saldo geen stikstofeffect optreedt voor de omliggende Natura 2000 gebieden, voor zowel de bouwfase als de gebruiksfase (bijlage 1 en 2). Significant negatieve effecten voor de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000 gebieden zijn daarmee op voorhand uit te sluiten. Er is geen ontheffing noodzakelijk in het kader van de Wet natuurbescherming. Conclusie Het voornemen leidt niet tot een toename van stikstofdepositie op omliggende Natura 2000gebieden. Significant nadelige effecten ten aanzien van de instandhoudingsdoelstellingen voor Natura 2000 gebieden kunnen derhalve op voorhand worden uitgesloten. Voor het plan is daarom geen vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming vereist. Hopende u voldoende geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, Pouderoyen Tonnaer
R.P.E.F. van Meurs
P230090.008/RME, pagina 11 van 12
Bijlage 1
Verschilberekening realisatiefase
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Pouderoyen Tonnaer St. Stevenskerkhof 2, 6511VZ Nijmegen Notitie beoordeling stikstof Realisatiefase
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
Rck2MhkDGE8D 04 augustus 2023, 00:21 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Bouwfase - Beoogd
0,03 mol/ha/j -
5092286
Referentiesituatie - Referentie Bouwfase - Beoogd Referentiesituatie - Referentie Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
Rck2MhkDGE8D (04 augustus 2023)
2023 2024
0,03 mol/ha/j
0,3 kg/j 0,4 kg/j
5092286
12,2 kg/j 9,6 kg/j
Oostelijke Vechtplassen Oostelijke Vechtplassen
2/8
Projectberekening
Bouwfase (Beoogd), rekenjaar 2024 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Emissie uit bouw Verkeersnetwerk
Rck2MhkDGE8D (04 augustus 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,4 kg/j 14,1 g/j
9,2 kg/j 0,4 kg/j
3/8
Projectberekening
Referentiesituatie (Referentie), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1
Wonen en Werken | Recreatie | Gasgestookte emissies Verkeersnetwerk
Rck2MhkDGE8D (04 augustus 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,3 kg/j
10,0 kg/j 2,2 kg/j
4/8
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). Rck2MhkDGE8D (04 augustus 2023)
5/8
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Bouwfase " (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
-
-
Onderstaand is een overzicht opgenomen van alle Natura 2000-gebieden (binnen de maximale rekenafstand van 25 km) waar in de "Beoogde situatie" een bijdrage groter dan 0,00 mol/ha/jaar is berekend, maar waar in de "Projectberekening" (=verschilberekening) geen toe- of afname is berekend. Het effect vanuit de "Projectberekening" op deze gebieden is daarmee 0,00 mol/ha/jaar. Oostelijke Vechtplassen
Rck2MhkDGE8D (04 augustus 2023)
6/8
Projectberekening
Bouwfase , Rekenjaar 2024 1
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte
Emissie uit bouw X:136873,13 Y:475471,55 0,38 ha
Kleine graafmachine
Stage-IV, 2014-2018, <= 56 kW, diesel, SCR: nee
Betonstorter
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 600 l/j SCR: ja
20 u/j
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 874 l/j SCR: ja
46 u/j
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, 76 l/j SCR: ja
4 u/j
Naam
Hijskraan Graafmachine
2
NOₓ NH₃
Stageklasse
Brandstofverbruik
Draaiuren AdBlue verbruik
48 l/j
4 u/j
Bouwverkeer X:136960,79 Y:475312,55 442,04 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Rck2MhkDGE8D (04 augustus 2023)
Max. snelheid
Stof Emissie
NOₓ NH₃ NOₓ
53 l/j
NOₓ NH₃
5 l/j
NOₓ NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
36 l/j
NH₃
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
9,2 kg/j 0,4 kg/j
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
276,0 p/jaar 180,0 p/jaar 158,0 p/jaar 0,0 p/jaar
1,0 kg/j 0,0 kg/j 3,3 kg/j 0,1 kg/j 4,7 kg/j 0,2 kg/j 0,2 kg/j 18,2 g/j 0,4 kg/j 0,1 kg/j 14,1 g/j
In file
10,0 % 10,0 % 10,0 % 0,0 %
7/8
Projectberekening
Referentiesituatie , Rekenjaar 2023 1
Wonen en Werken | Recreatie
Naam Gasgestookte Uittreedhoogte emissies Warmteinhoud Locatie X:136873,3 Spreiding Y:475471,65 Oppervlakte 0,44 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie 2
1,0 m 0,000 MW 1m
NOₓ
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Verkeersgeneratie X:136970,57 Y:475286,87 403,07 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Max. snelheid
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
10,0 kg/j
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
72,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
2,2 kg/j 0,5 kg/j 0,3 kg/j
In file
10,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022.2_20230704_bb872f8ea4 Database versie 2022.2_bb872f8ea4 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
Rck2MhkDGE8D (04 augustus 2023)
8/8
P230090.008/RME, pagina 12 van 12
Bijlage 2
Verschilberekening gebruiksfase
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Pouderoyen Tonnaer St. Stevenskerkhof 2, 6511VZ Nijmegen Notitie beoordeling stikstof Gebruiksfase
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
S36APv3wha2F 04 augustus 2023, 00:24 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Gebruiksfase - Beoogd
0,02 mol/ha/j 0,00 ha 0,58 ha 0,00 mol/ha/j 0,01 mol/ha/j
5092286
Referentiesituatie - Referentie Gebruiksfase - Beoogd Referentiesituatie - Referentie Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
S36APv3wha2F (04 augustus 2023)
2023 2025
0,03 mol/ha/j
0,3 kg/j 0,6 kg/j
5092286
12,2 kg/j 5,0 kg/j
Oostelijke Vechtplassen Oostelijke Vechtplassen
2/8