Bijlage 2. Subsidiebeleid Onderwijs Wijdemeren 2019
Tekst van het document
Subsidiebeleid Onderwijs Wijdemeren 2019
Afdeling : Sociaal Domein Beleid Datum : 2 april 2019
2
Samenvatting In de gemeente Wijdemeren bestaan verschillende subsidieregelingen voor basisscholen. In de huidige situatie heeft de gemeente echter geen formeel subsidiebeleid voor het onderwijs. Een nadeel hiervan is dat hoewel scholen wel de mogelijkheid hebben om subsidie aan te vragen, zij slechts beperkt op de hoogte zijn van de diverse regelingen. Een gevolg is dat, met name de laatste jaren, het aantal subsidieaanvragen van scholen is afgenomen. Bovendien zijn de verschillende regelingen, die door de jaren heen zijn opgesteld, niet meer aangepast of geactualiseerd. Het is wenselijk om bestaande regelingen onder de loep te nemen en deze, al dan niet in aangepaste versie, te integreren in één samenhangend document subsidieregelingen onderwijs. Dit rapport is daarvoor de eerste aanzet. Het rapport bestaat uit verschillende onderdelen. Allereest wordt een beeld van de huidige situatie geschetst. Vervolgens wordt de huidige situatie geëvalueerd middels een sterktezwakteanalyse (SWOT-analyse). Daarna worden elf voorstellen geformuleerd om het huidige beleid te vernieuwen. Tot slot wordt stilgestaan bij de stappen die nodig zijn om het nieuwe beleid te implementeren, waaronder de financiën. In de volgende alinea’s volgt een overzicht van de hoofdlijnen van de verschillende onderdelen.
Platform Onderwijs 2032 heeft, in opdracht van de staatssecretaris van OC&W, onderzoek gedaan (2015-2016) naar de Nederlandse samenleving en het onderwijs dat kinderen nodig hebben om te leven en te werken in deze samenleving. Hieruit blijkt het toenemende belang van digitale vaardigheden, de Engelse taal, burgerschapsvorming en het leren nadenken over interdisciplinaire vraagstukken. Gesteld wordt dat het belangrijk is dat scholen (primair en secundair onderwijs) hier meer aandacht aan besteden binnen hun curricula. De Gemeente Wijdemeren telt twaalf basisscholen. Het aantal leerlingen op deze scholen is gedaald van 2312 (2005) naar 1852 (2018). Naar verwachting zal dat aantal de komende jaren ongeveer hetzelfde zal blijven. De gemeente streeft naar een duurzame, vitale samenleving, waarbij met iedereen wordt gewerkt aan leefbaarheid, verbondenheid en het algemeen welbevinden. In het kader hiervan vindt de gemeente het belangrijk dat kinderen veilig en gezond kunnen opgroeien en onderwijs kunnen genieten dat bijdraagt aan hun ontwikkeling en zelfstandigheid. Voor het onderwijs zijn er vier subsidieregelingen. De subsidieregelingen zijn (I) begeleiding scholen, (II) bezoek musea, (III) bijdrage sportdag en (IV) leer- en hulpmiddelen. Veel scholen doen een aanvraag voor het museumbezoek.
De subsidieregelingen begeleiding scholen en bijdrage sportdag worden de laatste jaren minder benut dan voorheen. Schooldirecteuren zijn over het algemeen wel tevreden met de subsidiemogelijkheden. Tegelijkertijd zeggen meerdere directeuren dat ze niet volledig op de hoogte zijn van alle mogelijkheden en graag informatie willen hebben. Daarnaast hebben de directeuren ook zelf ideeën voor subsidiemogelijkheden aangedragen. Op basis van een SWOT-analyse zijn elf verschillende voorstellen geformuleerd om het nieuwe beleid vorm te geven. Allereerst wordt voorgesteld om één document op te stellen waarin alle regelingen duidelijk staan omschreven. Ook wordt voorgesteld om dit document te publiceren op de gemeentelijke website. Op deze manier zal het voor scholen duidelijk worden welke subsidieregelingen er zijn en hoe zij een aanvraag kunnen indienen. Een ander voorstel is om schoolklassen te subsidiëren als zij een bezoek willen brengen aan een plaatselijke culturele instelling of museum, zoals bijvoorbeeld kasteel-museum Sypesteyn. Verondersteld mag worden dat wanneer de subsidieregelingen beter bekend zijn bij scholen, zij meer gebruik zullen maken van de subsidies. De verwachting is dat de aangepaste subsidieregelingen niet zullen leiden tot overschrijding van de huidige budgetten.
3
4
Inhoud 1.
INLEIDING ..................................................................................................................... 7 1.1 Aanleiding .................................................................................................................... 7 1.2 Leeswijzer .................................................................................................................... 7
2.
HUIDIGE SITUATIE ....................................................................................................... 8 2.1 Landelijke ontwikkelingen en trends ............................................................................. 8 2.2 Lokale situatie .............................................................................................................. 9 2.3 Bestaande regelingen .................................................................................................11 2.4 Opvattingen van directeuren .......................................................................................14
3. EVALUATIE VAN HUIDIGE SITUATIE ............................................................................15 3.1 Sterke punten .............................................................................................................15 3.2 Zwakke punten ...........................................................................................................15 3.3 Kansen/mogelijkheden ................................................................................................15 3.4 Risico’s .......................................................................................................................16 4.
CONTINUEREN EN ACTUALISEREN VAN HUIDIGE REGELINGEN ..........................17 4.1 Opstellen formeel subsidiebeleid ................................................................................17 4.2 Bestaande en nieuwe subsidieregelingen ...................................................................17
5.
STAPPEN NAAR REALISATIE .....................................................................................20 5.1 Financiële implicaties ..................................................................................................20 5.2 Ontwikkeling en publicatie: Subsidieregelingen Onderwijs Wijdemeren ......................21
6.
NOTEN EN LINKS ........................................................................................................22
5
6
1. INLEIDING 1.1 Aanleiding In de gemeente Wijdemeren bestaat al geruime tijd de mogelijkheid voor onderwijsinstellingen om subsidie aan te vragen ten behoeve van de educatie van leerlingen en de ontwikkeling van het onderwijs. Hoewel scholen de mogelijkheid hebben om subsidie aan te vragen, bestaat echter geen formeel subsidiebeleid specifiek voor het onderwijs. Gemeente Wijdemeren hecht evenwel waarde aan duidelijkheid, transparantie en dienstbaarheid. Het is daarom wenselijk om bestaande regelingen, al dan niet in aangepaste versie, te integreren in één samenhangend document subsidieregelingen onderwijs.
1.2 Leeswijzer Het voorliggende rapport geeft in hoofdstuk 2 een overzicht van de huidige situatie. Hiertoe worden in paragraaf 2.1 allereerst verschillende landelijke ontwikkelingen en trends beschreven. Daarna volgt in paragraaf 2.2 een beschrijving van de verantwoordelijkheden en de visie die de gemeente heeft op het gebied van onderwijs. Vervolgens wordt stilgestaan bij de wensen en uitdagingen van scholen en leerlingen binnen Wijdemeren. In paragraaf 2.3 volgt een overzicht van de bestaande regelingen en projecten die de gemeente heeft op het gebied van onderwijs. Paragraaf 2.4 behandelt de opvattingen van de schooldirecteuren over de subsidieregelingen. In hoofdstuk 3 wordt de huidige situatie geëvalueerd middels een SWOT-analyse (sterkte-zwakte analyse). Daarin wordt in vier paragrafen een beschrijving gegeven van de sterke punten, zwakke punten, de kansen en risico’s betreffende de subsidieregelingen voor het onderwijs. Hoofdstuk 4 behandelt elf voorstellen voor (1) het opstellen van formeel subsidiebeleid en (2) het behouden en aanpassen van de subsidieregelingen. Ten slotte wordt in hoofdstuk 5 vooruit gekeken naar hoe de voorstellen gerealiseerd kunnen worden. Tevens wordt stilgestaan bij de financiële implicaties.
7
2. HUIDIGE SITUATIE Om de subsidieregels die momenteel in gebruik zijn goed te kunnen evalueren, is het belangrijk om een context te hebben waarbinnen de evaluatie kan plaatsvinden. Hiertoe zal eerst een overzicht worden gegeven van zowel de landelijke ontwikkelingen als de lokale situatie.
2.1 Landelijke ontwikkelingen en trends In 2015 heeft de staatssecretaris van OC&W geconstateerd dat omdat de samenleving voortdurend verandert, het belangrijk is om vooruit te kijken en te discussiëren over hoe het onderwijs er in 2032 uit zou kunnen zien. Hiertoe heeft de staatssecretaris opdracht gegeven aan het Platform Onderwijs2032 om een maatschappelijke dialoog te voeren over de inhoud en doelen van het primair en het voortgezet onderwijs. Het hieruit voortgekomen eindadvies1 is gepubliceerd in 2016 en adviseert het ministerie onder andere over het kerncurriculum; gericht op 2032. Hieronder wordt ingegaan op vier hoofdlijnen uit dit rapport waarvan de auteurs zeggen dat het goed is als (basis)scholen hier (meer) aandacht aan gaan besteden. 1) Digitale geletterdheid Allereerst constateert het Platform, op basis van rapportages van het CPB, de SER en de WRR, dat technologische ontwikkelingen leiden tot fundamentele veranderingen op het gebied van werk en de wijze van samenleven in een mondiale maatschappij. Toekomstgericht onderwijs maakt leerlingen digitaal vaardig en mediawijs. Hoewel veel scholen ICT hoog op de agenda hebben staan, blijkt dat in de klas slechts beperkte structurele aandacht bestaat voor digitale vaardigheden.
Het Platform stelt dat leerlingen: basiskennis van ICT moeten hebben, informatievaardigheden moeten oefenen, mediawijs moeten worden, en aan de slag moeten gaan met computational thinking, bijvoorbeeld door te leren programmeren. Dit alles vangt men onder de noemer ‘digitale geletterdheid’. 2) Engelse taal De Engelse taal neemt (online en offline) een dominante positie in binnen de Nederlandse maatschappij. Waar Engels al een kernvak is in het voortgezet onderwijs, zijn er binnen het basisonderwijs weinig eisen en vertoont het aanbod een grote verscheidenheid. Gezien het belang van de Engelse taal is het belangrijk dat het vak een meer prominente positie krijgt in het basisonderwijs en waar nodig het aanbod te intensiveren. Ook blijkt dat basisscholen die nu al in de onderbouw Engels geven daar goede ervaringen mee hebben en dat de leerlingen communicatief sterker zijn dan leerlingen die later Engels krijgen. 3) Cultuur en burgerschapsvorming Alle scholen, ongeacht pedagogische visie of levensbeschouwelijke oriëntatie, hebben opdracht om kinderen te leren leven in een democratische samenleving. Zo is het van belang dat leerlingen sociale en maatschappelijke competenties opdoen, een moreel kompas ontwikkelen, zich op gemeenschappelijke waarden oriënteren en ontdekken hoe die waarden een rol spelen in de omgang met anderen. Vooral nu de samenleving meer pluriform is.
De school is dan een goede oefenplaats voor burgerschapsvaardigheden, democratische gezindheid en biedt leerlingen de mogelijkheid hun eigen plaats in de samenleving te kunnen verkennen én te ontdekken wat zij zelf kunnen bijdragen aan wijk, dorp, land en wereld (maatschappelijke verantwoordelijkheid). Momenteel besteden Nederlandse scholen, in vergelijking met andere landen, weinig aandacht aan burgerschap2. Dit wordt bevestigd in het eindrapport van de staatscommissie 1 Bureau Platform Onderwijs2032 (2016). Ons onderwijs2032: Eindadvies. 2 Maslowski, Isac, Oonk & Van der Werf (2010).
8
parlementair stelsel3, dat stelt dat democratisch burgerschap meer aan bod moet komen in het onderwijs. Burgerschapsvorming hangt nauw samen met cultuureducatie. Cultuur bepaalt namelijk in hoge mate wat we doen en maken, hoe we betekenis geven aan de wereld om ons heen en hoe we met elkaar omgaan. Zo is het van belang dat leerlingen vanuit verschillende perspectieven leren kijken naar de samenleving en leefomgeving, bijvoorbeeld het historische perspectief: wat zijn de gevolgen van gebeurtenissen in het verleden op de huidige samenleving? 4) Interdisciplinaire vraagstukken Veel zaken zijn complex en zijn moeilijk te overzien, denk aan zaken als gezondheid, veiligheid en duurzaamheid. Het is daarom belangrijk om ook gebruik te leren maken van een interdisciplinaire aanpak. Zo kan je nadenken over vragen als : - Wat zorgt ervoor dat de mens psychisch en fysiek gezond wordt of blijft? o onderwerpen: werking menselijk lichaam, belang van bewegen, voedingsleer, werking van het brein, etc. - Hoe zorgen we voor een rechtvaardige en veilige leefomgeving? o Onderwerpen: veiligheid in de dorp, maar ook (inter)nationaal recht, macht, gezag, bestuur, democratie, rechtstaat, migratie, internationale samenwerking, etc. - Hoe houden we onze omgeving leefbaar voor ons en voor de komende generaties? o Onderwerpen: grondstoffen, klimaat, bevolkingsgroei, inrichting landschap, etc.
Kortom, het gaat over vraagstukken van blijvende maatschappelijke betekenis die gerelateerd kunnen worden aan actuele kwesties, waar geen simpele antwoorden voorhanden zijn. Ten slotte staat in het adviesrapport ook dat toekomstgericht onderwijs niet kan wachten tot 2032. Zowel de samenleving als de leerlingen zijn erbij gebaat dat veranderingen zo snel mogelijk in gang worden gezet. Landelijk bekeken constateert het Platform Onderwijs 2032 dat diverse scholen al bezig zijn zelf vorm te geven aan vernieuwingen in het onderwijs. Deze scholen kunnen het adviesrapport zien als een stimulans om door te gaan op de ingeslagen weg. Voor andere biedt het aanknopingspunten om te beginnen.
2.2 Lokale situatie Rol van de gemeente Een gemeente heeft verschillende taken op het gebied van onderwijs: - Zorgen dat er voldoende scholen zijn voor openbaar onderwijs - Medeverantwoordelijk voor de financiering van nieuwe schoolgebouwen (zowel openbaar als bijzonder) - Medeverantwoordelijk voor het onderhoud van bestaande schoolgebouwen - Medeverantwoordelijkheid in het voorkomen van schooluitval. - Verantwoordelijk voor leerlingenvervoer waar leerlingen (en hun ouders) aanspraak op kunnen maken wanneer dit nodig is. Bijvoorbeeld als een kind een beperking heeft. - Medeverantwoordelijkheid in het voorkomen van onderwijsachterstanden en in de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt - Samen met samenwerkingsverbanden verantwoordelijk voor passend onderwijs. Veel van de bovengenoemde verantwoordlijkheden worden overigens uitgevoerd in samenwerking met de Regio Gooi en Vechtstreek. Kortom, de gemeente heeft veel verantwoordelijkheden met betrekking tot het onderwijs. De gemeente heeft echter geen directe zeggenschap over het beleid, de visie en de strategieën van de scholen. Dat wil niet zeggen dat de gemeente geen invloed heeft. Zo streeft de gemeente Wijdemeren onder meer naar een duurzame, vitale samenleving; waarbij het meedoen van inwoners centraal staat én waar alle kinderen gezond en veilig moeten kunnen 3 Staatscommissie parlementair stelsel (2018).
9
blijven opgroeien. Waar de gemeente bijvoorbeeld niet kan bepalen hoeveel uren bewegingsonderwijs leerlingen krijgen, kan ze wel subsidie beschikbaar stellen voor een door de scholen te organiseren sportdag. De gemeente kan zo onder meer door subsidieregelingen haar beleid vormgeven binnen het onderwijs. Visie van de gemeente Wijdemeren Er zijn veel veranderingen gaande die van invloed zijn op de maatschappij en de mensen die daar deel van uit maken. In het geval van het onderwijs, betekent dit dat scholen hun curricula hierop aanpassen. De samenleving is de afgelopen jaren verder geïndividualiseerd en onderwijs wordt gepersonaliseerd op maat aangeboden. Onderwijs is er voor de leerling maar ook voor de maatschappij. De maatschappij is meer dan de som der delen. Deze gedachte leeft ook in de gemeente Wijdemeren waar voortdurend wordt gewerkt aan de leefbaarheid, verbondenheid en het algemeen welbevinden van inwoners die sámen de gemeente Wijdemeren vormen. Zo hecht de gemeente er ook waarde aan dat iedereen in Wijdemeren, inclusief LHBTI+’s, zichzelf kunnen zijn4. Binnen deze brede visie spelen onderwijs, sport en cultuur een belangrijke rol. Op deze gebieden heeft de gemeente in het verleden veel initiatieven ontplooid en beleid ontwikkeld waarvan veel nog steeds, al dan niet in vernieuwde vorm, wordt uitgevoerd.
Een voorbeeld hiervan is Combinatiefunctie Wijdemeren 2011-2016 en de daaropvolgende Combinatiefuncties in Wijdemeren 2017-2020 waarbij prioriteit wordt gegeven aan het verbinden van de jeugd aan kunst, cultuur, sport en maatschappelijke vorming. Zo draagt men bij aan het vergroten van de fysieke en sociale gezondheid van de inwoners. Ook probeert de gemeente, onder andere middels het kernenbeleid, te werken aan een samenleving waarin bewoners zich maatschappelijk betrokken voelen en zorg dragen voor elkaar én de samenleving. Scholen in Wijdemeren Binnen Wijdemeren zijn twaalf scholen voor primair onderwijs. Er zijn geen scholen voor voortgezet onderwijs. Ook is er geen MBO, HBO of universiteit. Special Onderwijs wordt aangeboden binnen de Regio Gooi en Vechtstreek. Wanneer men kijkt naar de leerlingaantallen is bij alle basisscholen de afgelopen tien jaar een daling te zien, zie ook tabel 1. Gelet op de resultaten van de leerlingtellingen van 2017 en 2018 lijkt de daling te zijn gestopt. Het leerlingenaantal is met name belangrijk voor kleinere scholen in dorpen waar maar één basisschool staat. Zowel in Oud-Loosdrecht als in Ankeveen is maar één basisschool. Beide zitten onder de instandhoudingsnorm. De stichtingsbesturen van deze scholen krijgen financiële middelen van de nationale overheid om deze scholen instand te houden, vanwege de leefbaarheid van de dorpen.
De Joseph Lokinschool heeft het kleinste aantal leerlingen. In 2018 hadden zij 72 leerlingen, waar zij in 2005 nog 117 leerlingen hadden. Zoals echter ook uit tabel 1 duidelijk wordt is deze daling in 2016-2017 gestagneerd. De verwachting is dat de school voldoende leerlingen heeft om de komende jaren te blijven bestaan. Daarnaast heeft de school op locatie een kinderopvang. Dit zorgt ook voor nieuwe instroom. Een andere recente ontwikkeling is de bouw van twee integrale kindcentra (IKC’s) in Loosdrecht. De Rehobothschool en de Mr. J. Terpstraschool komen dan samen met een kinderopvang in één gebouw terecht (naar verwachting 2020). Ook de Sterrenwachter en de Linde gaan samen met een kinderopvang in één gebouw (naar verwachting 2021).
4
Aangenomen motie D66 Gemeente Wijdemeren 2018. 10
Tabel 1. Leerlingaantallen scholen Wijdemeren School
Jaar 20052018
2005
2007
2009
2011
2013
2015
2017
2018
St. Antonius
344
336
307
279
254
260
261
251
-27 %
Joseph Lokinschool
117
114
112
105
82
72
71
72
-38 %
Jozefschool
231
214
196
189
177
188
208
215
-7 %
De Sterrenwachter
140
150
145
147
148
157
165
178
+27 %
Terpstraschool
175
182
220
167
128
104
96
94
-46 %
Rehobothschool
265
269
277
280
267
252
220
185
-30 %
Regenboog
227
228
206
194
181
184
198
244
+7 %
Warinschool
186
159
153
129
111
98
80
82
-56%
De Linde
154
152
114
116
141
127
112
114
-26 %
De Catamaran
81
77
n.b.
90
82
76
78
86
+6 %
Curtevenne
245
274
298
286
289
245
221
211
-14 %
Meester Kremer
147
164
179
162
161
139
117
120
-18 %
Totaal
2312
2319
n.b.
2144
2021
1902
1827
1852
-20 %
2.3 Bestaande regelingen In Wijdemeren zijn verschillende regelingen relevant voor de basisscholen. Zo kan er onderscheid worden gemaakt tussen jaarlijkse subsidieregelingen en meerjarige projecten. Momenteel zijn er vier subsidieregelingen. De subsidieregelingen zijn (I) begeleiding scholen, (II) bezoek musea, (III) bijdrage sportdag, (IV) leer- en hulpmiddelen. Voorbeelden van meerjarige projecten zijn Verkeersveiligheid scholen en Muziekonderwijs. In dit rapport zullen de meerjarige projecten buiten beschouwing worden gelaten, omdat deze geen betrekking hebben op de jaarlijkse subsidieregelingen, waarop scholen jaarlijks een beroep kunnen doen.
Op de volgende pagina volgt een tabel met een beschrijving van de regelingen. Daarna volgt een overzicht van de kosten.
11
Tabel 2. Beschrijving van huidige subsidieregelingen Subsidieregeling Begeleiding scholen
Bezoek musea
Bijdrage sportdag
Leer- en hulp middelen
Toelichting Wat Subsidie voor de ondersteuning van scholen bij de uitvoering van hun onderwijstaak en bij het ontwikkelen van de kwaliteit van het onderwijs. Bijvoorbeeld een bijdrage aan cursus voor leerkrachten of lesmaterialen voor in de klassen. Wat levert school aan 1. School stuurt brief naar het college van B&W met daarin een korte beschrijving voor welk doel de subsidie aangevraagd wordt. 2. Hoogte van het aangevraagde bedrag op basis van berekening (zie ook ‘subsidiebedragen’). 3. Rekeningnummer e.d. Subsidiebedragen De hoogte van het subsidiebedrag wordt berekend aan de hand van het aantal leerlingen op de school. Per leerling kan de school maximaal € 7,- vragen. Het totale gemeentelijke budget wisselt. De laatste drie jaar was het € 17.446,-. Dit is voldoende toereikend. Beoordeling Op basis van de beschrijving en de berekening van de kosten. Wat Ieder jaar kan groep 8 van elke school één keer een bezoek aan een museum brengen waarin aandacht is voor de Jodenvervolging en de Tweede Wereldoorlog. Scholen kunnen kiezen uit: het Anne Frank huis, het Verzetsmuseum, het Nationaal Militair Museum of de Hollandsche schouwburg. Via Wijdemeren Tours kan de school zelf het busvervoer regelen, waarbij de rekening wordt betaald door de gemeente.
Wat levert school aan De school stuurt een brief met daarin beschreven (1) welk museum ze willen bezoeken en (2) met hoeveel leerlingen en begeleiders ze willen gaan. Daarnaast sturen ze een kopie van de rekening van het museum. De rekening van Wijdemeren Tours komt direct bij de gemeente terecht. Subsidiebedragen Sinds 2014 is er in totaal € 7.000,- beschikbaar. Elke school krijgt ongeveer 500 à 600 euro subsidie. Met uitzondering van 2017 was dit telkens voldoende. Beoordeling Wanneer de school met groep 8 naar één van de voorgeschreven musea is gegaan, wordt de subsidie toegekend. Wat Wanneer scholen een sportdag organiseren voor hun leerlingen, bijvoorbeeld op Koningsdag of een zomerse dag richting het eind van het schooljaar. Wat levert school aan 1. School stuurt brief naar het college van B&W met daarin een korte beschrijving voor welk doel de subsidie aangevraagd wordt. 2. Hoogte van het aangevraagde bedrag op basis van berekening (zie ook ‘subsidiebedragen’). 3. Rekeningnummer e.d. Subsidiebedragen De hoogte van het subsidiebedrag wordt berekend aan de hand van het aantal leerlingen op de school. Per leerling kan de school maximaal € 3,- vragen. Een school krijgt zo’n 300 à 600 euro subsidie. Sinds 2017 is het gemeentelijke budget € 2000,-. Dit is de laatste jaren toereikend. Beoordeling Op basis van de beschrijving en de berekening van de kosten.
Wat Deze regeling is door de jaren heen voor verschillende doeleinden gebruikt. Zo is in meerdere jaren het geld besteed aan de aanschaf van Anne Frank kranten. Alle kinderen in groep 8 kregen deze krant om deze met de leerkracht te behandelen. Wat levert school aan School hoeft geen specifieke subsidieaanvraag te doen. Wel moet de school doorgeven hoeveel leerlingen er in groep 8 zitten. Bedragen en/of beoordeling Sinds 2013 is er een bedrag van €1100,- per jaar beschikbaar. Dit is voldoende om genoeg Anne Frank kranten aan te schaffen.
12
Overzicht van de kosten In deze paragraaf wordt overzichtelijk gemaakt welke budgetten er zijn voor de verschillende subsidieregelingen voor de periode 2013-2018. Er wordt in tabel 3 onderscheid gemaakt tussen de begrote kosten en de werkelijke kosten. Daarnaast wordt een korte opsomming gemaakt van verschillende zaken die opvallen op basis van de cijfers. Tabel 3. Budgetten subsidieregelingen Subsidie Begeleiding scholen
Bezoek musea
Bijdrage sportdag
Leer- en hulp middelen
Totaal
2013
2014
2015
2016
2017
2018
Begroot
€ 11.500,00
€ 8.500,00
€ 8.500,00
€ 17.446,00
€ 17.446,00
€ 17.446,00
Gebruikt
€ 11.655,00
€ 6.727,00
€ 11.471,00
€ 12.215,00
€ 3.780,00
€ 4.417,00
Verschil
-€ 155,00
€ 1.773,00
-€ 2.971,00
€ 5.231,00
€ 13.666,00
€ 13.029,00
Begroot
€ 10.500,00
€ 7.000,00
€ 7.000,00
€ 7.000,00
€ 7.000,00
€ 7.000,00
Gebruikt
€ 7.236,37
€ 6.533,99
€ 5.821,59
€ 5.985,10
€ 7.203,50
€ 6.910,10
Verschil
€ 3.263,63
€ 466,01
€ 1.178,41
€ 1.014,90
-€ 203,50
€ 89,90
Begroot
€ 6.500,00
€ 1.000,00
€ 2.500,00
€ 2.500,00
€ 2.000,00
€ 2.000,00
Gebruikt
€ 1.371,31
€ 748,82
€ 804,00
€ 1.236,30
€ 1.047,00
€ 990,00
Verschil
€ 5.128,69
€ 251,18
€ 1.696,00
€ 1.263,70
€ 953,00
€ 1.010,00
Begroot
€ 1.100,00
€ 1.100,00
€ 1.100,00
€ 1.100,00
€ 1.100,00
€ 1.100,00
Gebruikt
€ 365,00
€ 375,00
€ 471,90
€ 0,00
€ 0,00
€ 1.028,85
Verschil
€ 735,00
€ 725,00
€ 628,10
€ 1.100,00
€ 1.100,00
€ 71,15
Begroot
€ 29.600,00
€ 17.600,00
€ 19.100,00
€ 28.046,00
€ 27.546,00
€ 27.546,00
Gebruikt
€ 20.627,68
€ 14.384,81
€ 18.568,49
€ 19.436,40
€ 12.030,50
€ 13.345,95
Verschil
€ 8.972,32
€ 3.215,19
€ 531,51
€ 8.609,60
€ 15.515,50
€ 14.200,05
Analyse budgetten: - Begeleiding scholen: Begroting is laatste jaren groter dan in eerdere jaren. Werkelijke kosten zijn sinds 2017 sterk gedaald. - Bezoek musea: Begroting is in 2014 beperkt tot € 7.000,-; voorheen was het € 10.500,-. Werkelijke kosten zijn de laatste jaren om en nabij het begrote budget. - Bijdrage sportdag: Begroting was in 2013 nog € 6.500,00. Daarna is er bezuinigd op deze post. Sinds 2017 is wordt er € 2.000,- begroot. Werkelijke kosten vallen de laatste jaren ongeveer € 1.000,- lager uit dan begroot. - Leer- en hulpmiddelen: Sinds 2013 is elk jaar € 1.100,00 begroot. Geld is meerdere jaren gebruikt voor de aanschaf van Anne Frank kranten. Budget is toereikend. Interpretatie werkelijke kosten Zoals hierboven vermeld zijn de werkelijke kosten van de ‘begeleiding scholen’ steeds verder gedaald. Terwijl de werkelijke kosten van ‘musea bezoeken’ vrijwel gelijk zijn gebleven. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat sommige schooldirecteuren nieuw zijn. De leerkrachten weten natuurlijk wel van het museumbezoek , maar misschien niet van de Begeleiding scholen. De regelingen worden tijdens het periodiek overleg met schooldirecteuren wel kenbaar gemaakt, maar dit is wellicht niet genoeg. Daarnaast maken ook maar een paar scholen gebruik van de bijdrage sportdag.
Uit deze gegevens ontstaat het beeld dat scholen niet allemaal even goed bekend zijn met de subsidieregelingen.
13
2.4 Opvattingen van directeuren Om een breder beeld te krijgen van de huidige subsidieregelingen is ook gevraagd naar de opvattingen van de (adjunct)directeuren van de basisscholen. Er is geïnformeerd naar wat zij van de huidige subsidieregelingen vinden en wat voor ideeën zij hebben voor andere subsidieregelingen. De resultaten worden hieronder kort weergegeven. Uit deze gesprekken kwam naar voren: - Directeuren zijn over het algemeen wel tevreden; - Niet alle directeuren zijn bekend met alle subsidieregelingen. (adjunct)directeuren hadden de volgende ideeën/wensen qua subsidiemogelijkheden: - Lesmethodes/middelen/instructies voor programmeren en ICT; - Verduurzaming: binnen & buiten de school. Bijvoorbeeld schoolplein vergroenen; - Bezoeken erfgoed Kasteel-Museum Sypesteyn; zodat elk kind daar een keer is geweest; - Vakleerkracht gym; - School zelf een budget geven (bijvoorbeeld 10 euro / leerling / jaar), vrij te besteden. Achteraf korte rapportage met hoe geld besteed is; - Boekje 4/5 mei voor groep 7; waarin wordt stilgestaan bij de Tweede Wereldoorlog en de betekenis van dodenherdenking en bevrijdingsdag.
14
3. EVALUATIE VAN HUIDIGE SITUATIE In dit hoofdstuk wordt gereflecteerd op verschillende aspecten van de huidige subsidieregelingen middels een SWOT-analyse. Dit houdt in dat op basis van bovenstaande gegevens wordt vastgesteld wat de sterke punten zijn (Strengths), de zwakke punten (Weaknesses), de kansen/mogelijkheden (Opportunities) en de risico’s (Threats).
3.1 Sterke punten De directeuren geven aan tevreden te zijn met de verschillende huidige subsidieregelingen. Een goed gebruikte subsidieregeling is die van de musea. Veel scholen laten hun groepen 7 en/of 8 naar een museum gaan dat aandacht besteed aan de Tweede Wereldoorlog en Jodenvervolging. De gemeente heeft dit altijd al belangrijk gevonden en ook uit de actualiteit blijkt dat dit van belang blijft.5 De subsidieregeling Begeleiding scholen voorziet in een mogelijkheid dat scholen zich kunnen ontwikkelen en professionaliseren in richtingen die aansluiten bij de visie en het beleid van de gemeente Wijdemeren.
3.2 Zwakke punten Ten eerste is gebleken dat veel (adjunct)directeuren van de basisscholen in Wijdemeren niet volledig op de hoogte zijn van de huidige subsidieregelingen. Zo is bijvoorbeeld de subsidieregeling voor de sportdag de laatste twee jaar maar door twee directeuren aangevraagd. Daarnaast hecht de gemeente in haar huidige beleid veel waarde aan de bevordering van lokale cultuur. De huidige subsidieregelingen bieden wel de mogelijkheid voor schoolklassen om een museum te bezoeken over de Tweede Wereldoorlog en Jodenvervolging, maar er is geen mogelijkheid om een lokale culturele locatie (bijv. kasteel-museum Sypesteyn) te bezoeken.
3.3 Kansen/mogelijkheden In de beschrijving van de landelijke ontwikkelingen en trends (2.1) is beschreven in welke opzichten de samenleving verandert en welke uitdagingen er liggen voor het onderwijs, met het oog op de 2032. Vier belangrijke thema’s van het Platform Onderwijs 2032 (werkend in opdracht van het ministerie OC&W) zijn: digitale geletterdheid; Engelse taal; cultuur en burgerschapsvorming; interdisciplinaire vraagstukken zoals gezondheid, rechtvaardigheid en leefbaarheid/duurzaamheid. Sommige scholen zijn hier al wel mee bezig. Bijvoorbeeld door Engelse activiteiten te doen met kleuters. Zoals eerder gesteld, heeft de gemeente Wijdemeren geen zeggenschap over het beleid van scholen. De gemeente vindt het wel belangrijk dat scholen hun onderwijs aan leerlingen zo vormgeven dat het aansluit bij veranderingen in de maatschappij. Scholen stimuleren en ondersteunen in het vernieuwen van hun curricula middels subsidie is een goede mogelijkheid. Het is daarnaast belangrijk om scholen meer duidelijkheid te verschaffen over de verschillende subsidieregelingen en de specificaties en voorwaarden. Dit zal waarschijnlijk leiden tot een toename van subsidieaanvragen, met als gevolg dat scholen werken aan diverse doelen waar de gemeente waarde aan hecht.
Eén idee van een schooldirecteur is om elk kind gedurende zijn schoolcarrière een bezoek te laten brengen aan kasteel-museum Sypesteyn. Behalve dat dit voor kinderen een mooie aanvulling kan zijn op de geschiedenislessen, biedt dit ook de mogelijkheid om kinderen kennis te laten maken met lokale cultuur en geschiedenis en hierop te reflecteren. Wellicht dat 5 Heck (2018).
15
leerlingen van scholen van buiten Loosdrecht naar een andere lokale cultureel-historische locatie kunnen in de buurt van hun school. Bovendien hecht de gemeente belang aan de gezondheid van haar inwoners. Bewegingsonderwijs voor kinderen draagt hier aan bij. Dit is ook reden voor de gemeente om een door de school georganiseerde sportdag de subsidiëren. Het organiseren van een sportdag is een veelomvattende opgave voor scholen. Het zou mede daarom interessant zijn om te kijken of scholen meer gestimuleerd kunnen worden om samen een sportdag te organiseren. Samen een sportdag organiseren leidt tot verlaging van de werkdruk en biedt mogelijkheden om de sportdag meer professioneel op te zetten.
3.4 Risico’s Er is de afgelopen jaren op verschillende budgetten bezuinigd, mede doordat sommige subsidies minder door scholen werden aangevraagd. Wanneer de gemeente meer energie zal steken in de informatieverschaffing rondom de mogelijkheden, bestaat de kans dat meer scholen de subsidies zullen vragen, waardoor sommige huidige budgetten, zoals die van de sportdag, niet meer toereikend zullen zijn.
16
4. CONTINUEREN EN ACTUALISEREN VAN HUIDIGE REGELINGEN In dit hoofdstuk zullen verschillende voorstellen worden gedaan om te komen tot een formeel subsidiebeleid onderwijs. Allereerst volgt een voorstel waarin wordt beschreven hoe de stap kan worden gemaakt van de huidige situatie waarin sprake is van losse subsidieregelingen die niet volledig bekend zijn bij onderwijsinstellingen, naar een toekomstige situatie waarin sprake is van een coherent formeel subsidiebeleid dat goed bekend is bij alle scholen. Daarna volgen voorstellen die specifiek ingaan op de inhoud van zowel bestaande als mogelijk nieuwe subsidieregelingen.
4.1 Opstellen formeel subsidiebeleid Voorstel 1) Opstellen document ‘Subsidieregelingen Onderwijs Wijdemeren’. Argumentatie 1) Scholen zijn niet volledig op de hoogte van alle subsidieregelingen die er zijn in Wijdemeren. Het opstellen van een coherent document waarin alle regelingen en specificaties staan omschreven, zal bijdragen aan de bekendheid van de subsidieregelingen. Dit resulteert waarschijnlijk in meer (toegekende) subsidieaanvragen, waarmee uitvoering wordt gegeven aan het daaraan ten grond liggende gemeentelijke beleid van deze subsidieregelingen; zoals bevordering van de gezondheid. Voorstel 2) Online publiceren document ‘Subsidieregelingen Onderwijs Wijdemeren’. Argumentatie 2) Wanneer de regelingen online worden geplaatst op de gemeentelijke website is de informatie goed toegankelijk voor alle scholen. Tevens draagt dit bij aan de gemeentelijke dienstbaarheid en transparantie. Voorstel 3) Hanteren online aanvraagformulieren. Argumentatie 3) Het online plaatsen van een aanvraagformulier per subsidieregeling zorgt voor een eenduidige procedure waarbij scholen duidelijk kunnen zien welke informatie zij moeten aanleveren om aanspraak te maken op subsidie.
4.2 Bestaande en nieuwe subsidieregelingen Begeleiding scholen Voorstel 4) Behoud de subsidieregeling Begeleiding scholen al dan niet in aangepaste vorm (zie voorstel 5). Argumentatie 4) Deze subsidieregeling stelt de gemeente in staat projecten van scholen te ondersteunen die aansluiten bij het beleid van de gemeente. Denk bijvoorbeeld aan het aanschaffen van lesmiddelen, óf het trainen van personeel, op gebieden zoals digitale geletterdheid, wetenschap en techniek of seksuele diversiteit (LHBTI+).
17
Voorstel 5) Aanlevering schoolplan met korte beschrijving in de aanvraag wordt een vereiste om aanspraak te maken op de subsidieregeling. Argumentatie 5) De gemeente wil projecten van scholen ondersteunen die zorgen voor beter onderwijs. Het is hierbij belangrijk dat de gemeente kan beoordelen of de projecten aansluiten bij een doorlopende ontwikkelingslijn van de school. Deze beoordeling kan plaatsvinden door te kijken naar het schoolplan, waarin de school een vierjarenplan uiteenzet. In de aanvraag zal de school (1) het schoolplan toevoegen als bijlage en (2) een korte beschrijving geven van hoe het project aansluit bij een onderdeel uit het schoolplan. Bezoek Musea Voorstel 6) Behoud de subsidieregeling Bezoek musea. Argumentatie 6) Ieder jaar kan groep 8 van elke school één keer een bezoek aan een museum brengen waarin aandacht is voor de tweede wereldoorlog. De voornaamste reden voor de gemeente om te subsidiëren is dat het voor de kinderen een belangrijke ervaring is en dat ze weten wat er in de aanloop naar en in de Tweede Wereldoorlog is gebeurd met de joden en met andere minderheidsgroepen. Uit de volgende musea kan worden gekozen: het Anne Frank huis, het Verzetsmuseum, het Nationaal Militair Museum of de Hollandsche Schouwburg. Voorstel 7) Creëer subsidieregeling waarbij een schoolklas een lokale cultuurinstelling kan bezoeken.
Argumentatie 7) De gemeente hecht veel waarde aan de bevordering van lokale cultuur, sterke sociale dorpskernen en burgerschapsvorming. Waar momenteel wel de mogelijkheid bestaat om een museum te bezoeken over de Tweede Wereldoorlog en Jodenvervolging, is er geen mogelijkheid om een lokale culturele locatie te bezoeken. Een subsidieregeling die jaarlijks een bovenbouwklas de mogelijkheid biedt een lokale culturele instelling (zoals bijvoorbeeld kasteel-museum Sypesteyn, Trompenburgh of Kasteel Nederhorst) te bezoeken, vult deze leemte en draagt bij aan de cultuur-historische ontwikkeling van de kinderen uit Wijdemeren. Bijkomend voordeel is dat een instelling als Sypesteyn zo ook een extra impuls krijgt. Bijdrage sportdag Voorstel 8) Behoud de subsidieregeling Bijdrage sportdag. Argumentatie 8) Ondersteuning van een sportdag sluit goed aan bij het gezondheidsbeleid van de gemeente. Voorstel 9) Scholen stimuleren om samen een sportdag te organiseren. Scholen kunnen nu € 3,- per leerling krijgen ter ondersteuning. Voorstel is om dit bedrag te verhogen naar € 3,50 wanneer drie of meer scholen samen één sportdag (op één locatie óp één dag) organiseren. Argumentatie 9) Wanneer scholen gezamenlijk een sportdag organiseren heeft dit verschillende voordelen. Het organiseren en houden van een sportdag is logistiek een grote opgave.
Wanneer dit samen wordt opgepakt kunnen de taken meer verdeeld worden. Daarnaast draagt een gezamenlijke sportdag met meerdere scholen bij aan het samenhorigheidsgevoel van de kinderen in het
18
dorp/de gemeente. Tevens wordt het ook makkelijk om samen te werken met de combinatiefunctionaris sport en sportorganisaties. Leer- en hulpmiddelen Voorstel 10) Behoudt de regeling leer- en hulp middelen. Argumentatie 10) Met deze regeling kan de gemeente scholen stimuleren lesmateriaal (Anne Frank krant) te behandelen, waarmee leerlingen zich kunnen verdiepen in het verhaal van Anne Frank in relatie tot de Jodenvervolging en waardoor ze meer te weten komen over de Tweede Wereldoorlog. Ook leren ze hoe ze een gesprek aangaan over de betekenis ervan voor vandaag. Budgetten subsidieregelingen Voorstel 11) Pas budgetten aan zodat begroting realistisch is. Argumentatie 11) Wanneer de subsidieregelingen meer bekend worden bij de onderwijsinstellingen, is de kans groot dat er meer aanvragen zullen komen, waardoor sommige budgetten niet meer toereikend zijn. Daarnaast zal er ook extra budget nodig zijn voor een subsidiëring van een lokale cultuurinstelling en de verhoogde bijdrage wanneer scholen gezamenlijk een sportdag organiseren. Zie ook het volgende hoofdstuk voor een overzicht van de financiën waarin verschillende scenario’s zijn uitgewerkt.
19
5. STAPPEN NAAR REALISATIE In dit hoofdstuk zijn de elf voorstellen financieel vertaald. Daarnaast worden verschillende stappen beschreven die nodig zijn om het nieuwe subsidiebeleid te implementeren.
5.1 Financiële implicaties In 2018 (okt.) zaten er op de basisscholen in Wijdemeren 1852 leerlingen. In tabel 4 worden de budgetten van de huidige situatie vergeleken met een toekomstige situatie conform de elf voorstellen én waarbij de subsidies goed bekend zijn bij de scholen. In dit scenario zullen alle scholen subsidies aanvragen voor het maximum aantal leerlingen. Op deze manier wordt duidelijk hoe hoog de kosten maximaal kunnen worden. Tabel 4. Toekomstig scenario waarbij alle 12 de scholen maximaal subsidies aanvragen Subsidie
Begeleiding scholen Bezoek musea Tweede Wereldoorlog/Ann e Frank Bijdrage sportdag Leer- en hulpmiddelen
Bezoek lokaal museum/culturele instelling
Gezamenlijke sportdag
2018 Kosten Begroot € 17.446,00 Werkelijk € 4.417,00 Begroot
€ 7.000,00
Werkelijk
€ 6.910,10
Begroot
€ 2.000,00
Werkelijk
€ 990,00
Begroot
€ 1.100,00
Werkelijk
€ 1.028,85
Begroot
n.v.t.
Werkelijk
n.v.t.
Begroot
n.v.t.
Werkelijk
n.v.t.
Wanneer scholen maximaal subsidies aanvragen Berekening
Totaal
€ 7,- * 1852 =
€ 12.964,-
200 (entree) + 318 (vervoer) = 518 euro per € 8216,-. gemiddeld bezoek. 518 * 12 scholen = € 6216,-.+ € 2000,- andere kosten.
Als scholen individueel organiseren: € 3,- * 1852 =
€ 5556,-.
N.v.t. Gemeente koopt pakketten met Anne Frank Kranten en handleidingen.
€ 1.100,-
€ 3 * 370
€ 1.110,-
Wanneer alle scholen gezamenlijk € 926,-. sportdagen zouden organiseren nemen de kosten toe met: € 0,50 * 1852
In dit toekomstige scenario: 1) Blijkt dat er momenteel genoeg geld is voor de subsidie Begeleiding scholen. Er blijft ongeveer € 4.000,- over. 2) Is er een tekort van ongeveer € 1.000 voor Bezoek musea Tweede Wereldoorlog/Anne Frank 3) Is er € 3.500,- tekort wanneer scholen zelfstandig een sportdag organiseren. 4) Is er ongeveer € 1.100 euro nodig om een deel van een bezoek aan een lokaal museum / culturele instelling te vergoeden. 5) Is ongeveer € 900,- extra nodig in het geval scholen allemaal gezamenlijk de sportdag organiseren. 20
Opmerkingen: 1) Voor de sportdag wordt nu € 2.000,- begroot. Dit bedrag zou kunnen worden verhoogd naar het bedrag van 2013, namelijk € 6.500,-. Op deze manier is er voldoende geld voor de sportdag. 2) Voor beide musea is € 2.100,- extra nodig. 3) Mogelijk kan de € 4.000,- die over is van de Begeleiding scholen, gebruikt worden voor de sportdag en musea.
Zowel in 2018 als in 2019 bedroeg het budget voor subsidies van het basisonderwijs € 27.546,00. In het geval dat alle twaalf de scholen maximaal subsidie zullen aanvragen voor alle regelingen, kost dit jaarlijks ongeveer € 2.600,- meer dan momenteel begroot. Hoewel het onwaarschijnlijk is dat alle scholen een aanvraag zullen doen voor elke subsidie, is het in het geval dat deze situatie zich toch voordoet mogelijk om deze extra kosten bij te ramen bij de voorjaarsnota van 2020.
5.2 Ontwikkeling en publicatie: Subsidieregelingen Onderwijs Wijdemeren Het ontwikkelen en online publiceren vereist dat: - Documentatie wordt opgesteld met daarin alle subsidieregelingen voor het onderwijs inclusief voorwaarden en specificaties. - In overleg met Communicatie op de gemeentelijke website een webpagina wordt ingericht met de opgestelde documentatie.
21
6. NOTEN EN LINKS Bureau Platform Onderwijs2032 (2016). Ons onderwijs2032: Eindadvies. Den Haag. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2016/01/23/eindadvies-platformonderwijs2032-ons-onderwijs2032 Gemeente Wijdemeren (2018). M3 - D66 Iedereen moet zichzelf kunnen zijn in Wijdemeren! aangenomen 11v-6t. https://wijdemeren.raadsinformatie.nl/modules/6/Toezeggingen/478891 Heck, W. (10 december 2018). Joden voelen zich steeds onveiliger in Europa. NRC. https://www.nrc.nl/nieuws/2018/12/10/joden-voelen-zich-steeds-onveiliger-in-europaa3060125 Maslowski, R., Naayer, H.M., Isac, M.M., Oonk, G.H., & Werf, M.P.C. van der (2010). Eerste bevindingen van de International Civic and Citizenship Education Study (ICCS): Nationaal rapport. Groningen: GION, Gronings Instituut voor Onderzoek van Onderwijs, Opvoeding en Ontwikkeling, Rijksuniversiteit Groningen. Staatscommissie parlementair stelsel (2018). LAGE DREMPELS, HOGE DIJKEN. Democratie en rechtsstaat in balans. Eindrapport van de staatscommissie parlementair stelsel. Amsterdam: Boom.
22