CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Participatieverslag

gemeenteraad 1 juli 2026, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Nota van uitgangspunten Woningbouw Ankeveen12.601 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Overkoepelend Sportbord en Geen variant lost dit Beleidsconflict, vraagt uitleg voor sportlaag variant 1 binnen gegeven en eventueel sportkader op alternatievenonderzoek In fasen bouwen Overkoepelend in Variant 1 Geldt in praktijk voor Past bij eis van uitvoering alle varianten sportcontinuïteit

De bovenstaande vergelijking bevestigt dat de foto’s samen niet naar één vanzelfsprekende voorkeursvariant wijzen, maar wel naar een consistente voorkeurslogica: een variant wordt kansrijk zodra zij compact genoeg is om de woningopgave te dragen, maar niet zo compact dat zij als stedelijke enclave wordt ervaren; groen en water zichtbaar ruimtelijk organiseert; parkeren niet als dominant maaiveldprogramma toont; en de relatie met bestaande woonstraten beheerst. Dat profiel ligt het dichtst bij variant 2, mits parkeren en clubhuispositie goed worden uitgewerkt.

4.6.2 Wat de ene variant oplost, veroorzaakt de andere Andere variant die de Zorg bij een variant Nieuwe zorg die daar terugkomt zorg vermindert Variant 1 voelt te massaal Variant 2 en 3 Variant 2 houdt parkeeropgave; variant 3 schuift naar en te stedelijk rand- en Walelaanproblematiek Variant 1 heeft veel auto’s Variant 2 deels door Nog steeds behoefte aan verzonken of minder zichtbare in beeld groenere opzet parkeeroplossing Variant 3 voelt dorpser Variant 3 zelf Dicht op bestaande woningen; grotere footprint; sterker debat over stijl 30

Zorg bij een variant Variant 2 voelt evenwichtiger Geen kunstgras

Andere variant die de zorg vermindert Variant 2 Geen van de drie woonvarianten

Nieuwe zorg die daar terugkomt Minder duidelijke programmaprikkel; risico op “redelijk voor iedereen, optimaal voor niemand” Vereist bestuurlijke keuze over sportuitgangspunt zelf

De belangrijkste les is daarmee dat niet gezocht moet worden naar een variant zonder bezwaren, maar naar een variant waarvan de bezwaren het best beheersbaar en uitlegbaar zijn. Dat is wezenlijk iets anders.

31

4.6.3 Kunstgras en sportcontinuïteit De opmerkingen “geen kunstgras” zijn inhoudelijk relevant, maar botsen met het centrale sportuitgangspunt van de concept-NvU: concentratie van sport op één multifunctioneel veld voor voetbal en handbal. Daarnaast blijkt uit officiële sportbronnen dat gecertificeerde sportvloeren moeten voldoen aan sportbond- en NOC*NSF-eisen, dat competitievelden aan minimale kwaliteitseisen moeten voldoen, en dat op kunstgras extra lijnen kunnen worden toegepast mits die onderscheidbaar zijn van de voetballijnen. In bestuurlijke termen: een generiek verbod op kunstgras is binnen de huidige projectlogica niet geloofwaardig zonder het sportconcept zelf te heropenen. 4.6.3 Hoogte en beeldkwaliteit De varianten laat 4 lagen uitsluitend toe als beperkt accent en koppelt daaraan extra eisen aan afstand, schaduwwerking en beeldkwaliteit. De foto’s laten evenwel zien dat deze bandbreedte politiek precair is: bewoners lezen het niet als technisch accent, maar als risico op schaalbreuk. Onder de Omgevingswet kan beeldkwaliteit bovendien niet alleen via een latere welstandstoets worden meegegeven; ook in een BOPA-beoordeling kunnen welstands- en beeldkwaliteitseisen onderdeel zijn van de ETFAL-afweging en aan voorschriften worden verbonden.

Dat maakt het des te belangrijker dat de raad niet volstaat met abstracte woorden als “dorps” of “goede beeldkwaliteit”, maar vraagt om een concreet beeldkwaliteits- en hoogteprofiel. 4.6.4 Parkeren, zaterdagmarkt en Walelaan De varianten behandelt parkeren terecht als randvoorwaarde en eist een parkeerbalans plus piek- en cumulatieanalyse, inclusief samenloop met de zaterdagmarkt en sport. De post-its bevestigen dat het dossier politiek niet alleen over aantallen parkeerplaatsen gaat, maar over zichtbaarheid, veiligheid en ruimtebeslag. Voor de Walelaan is de situatie nog scherper: er moet niet worden uitgegaan van een structurele hoofdontsluiting via Elisabeth de Walelaan. Daarmee is de post-it “huizen te dicht bij de Walelaan” niet slechts een gevoelsreactie, maar een signaal dat deze rand ook stedenbouwkundig en verkeerskundig zeer zorgvuldig moet worden behandeld. 4.6.5 Privicay / inkijk Privacy en inkijk vormen geen zelfstandig recht, maar maken onderdeel uit van de beoordeling of sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Bij de verdere planuitwerking moet worden aangetoond dat de situering en oriëntatie van bebouwing niet leidt tot een onevenredige aantasting van de privacy van bestaande woningen.

4.6.5 Uitzicht en openheid Hoewel er geen recht bestaat op blijvend vrij uitzicht, moet in het kader van een evenwichtige toedeling van functies worden beoordeeld of de verandering in ruimtelijke beleving en openheid aanvaardbaar is. 4.6.6. Geluid en licht Naast de sportfunctie moet ook de woningbouw zelf worden getoetst op geluidbelasting en verkeersgeluid. Daarbij dient cumulatief te worden beoordeeld of sprake blijft van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

4.6.7. Relatie met proces en fasering De bovenstaande aandachtspunten worden niet allemaal in deze fase volledig uitgewerkt. De huidige fase (Nota van Uitgangspunten) is gericht op het vaststellen van de kaders en randvoorwaarden. Dit betekent dat: 32

 

in deze fase wordt bepaald wat moet worden aangetoond; en in de vervolgfase wordt onderzocht of en hoe daaraan kan worden voldaan.

In de vervolgfase worden deze thema’s nader onderbouwd via onderzoeken en vertaald naar een concreet stedenbouwkundig plan. Indien uit deze onderzoeken blijkt dat niet aan de gestelde randvoorwaarden kan worden voldaan, wordt het plan aangepast of niet verder ontwikkeld.

4.7

Slotbeschouwing

Op basis van de visuele analyse van vijf fotoborden met post-itreacties worden de opgehaalde signalen systematisch gelegd naast de Concept Nota van Uitgangspunten van de gemeente Wijdemeren voor het Dorpshart Ankeveen. Variant 1 komt uit de fotoanalyse naar voren als de variant met de beste balans tussen programma, dorpsschaal en groen. Variant 1 draagt het sterkst bij aan doorstroming en betaalbaar programma, maar De reacties zijn tweeledig. Enerzijds roept het model veel bijval op vanwege het gevarieerde en groene karakter. Anderzijds roept het model weerstand op op het gebied van massa, bouwhoogte en “stedelijkheid”. Variant 2 heeft een vergelijkbaar programma, maar wordt als te massaal en fors beschouwd. Het mist de variatie die variant 1 biedt. Variant 3 sluit voor sommigen sterker aan bij dorpse identiteit, maar verschuift het probleem naar de randen van het plan, vooral richting Walelaan, en heeft een grotere ruimtelijke footprint. Omwonende vonden de bebouwing daardoor te dichtbij komen en het woonprogramma is lager dan bij variant 1 en 2. Veel bewoners waren voor een optimaal programma vanwege de grote woningvraag.

4.8

Open vragen en beperkingen

De essentie van deze notitie blijft echter overeind: de participatie wijst niet op een afwijzing van woningbouw als zodanig, maar op duidelijke condities waaronder woningbouw maatschappelijk en bestuurlijk verdedigbaar wordt. Voor de raad ligt de kernbeslissing daarom niet tussen “wel of niet bouwen”, maar tussen verschillende manieren van doseren, inpassen en borgen binnen een dorpse context waar wonen, sport en ontmoeting onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden. De reacties van direct omwonenden maken duidelijk dat de acceptatie van het plan niet wordt bepaald in het middengebied, maar aan de randen, waar nieuwe bebouwing de bestaande woonkwaliteit direct raakt.

33

5.

Verslag meedenkgroep 17 april

Op 17 april is met de meedenkgroep de opbrengst van de inloopsessie van 15 april besproken. Deze bijeenkomst had als doel om de eerste reacties uit het dorp te verdiepen, te duiden en waar nodig aan te scherpen. De bespreking laat zien dat een aantal thema’s uit de participatie niet alleen wordt herkend, maar ook inhoudelijk verder wordt aangescherpt. Daarmee vormt deze “afdronk” een belangrijke tussenstap tussen het ophalen van signalen en het vertalen daarvan naar randvoorwaarden voor de Nota van Uitgangspunten en de vervolgfase.

5.1

Parkeren en verkeersdruk

De parkeerdruk in het dorp, met name tijdens piekmomenten rondom sportactiviteiten, is opnieuw als belangrijk aandachtspunt bevestigd. De meedenkgroep onderstreept dat:  niet alleen het aantal parkeerplaatsen van belang is, maar juist ook de tijdelijke piekbelasting;  de samenloop van functies (sport, wonen en overige activiteiten) hierin bepalend is;  en dat oplossingen niet mogen leiden tot verschuiving van parkeerdruk naar omliggende woonstraten. Daarnaast is expliciet aandacht gevraagd voor de consequenties van het benutten van de Joseph Lokinlaan. Het vervallen van parkeerruimte op deze locatie vraagt om compensatie binnen het plangebied. Door de ontsluiting centraler door het gebied te laten lopen, wordt dit vraagstuk in beginsel beter opgevangen, maar dit moet in de vervolgfase nader worden onderbouwd. Dit bevestigt dat parkeren niet alleen een kwantitatief vraagstuk is, maar een ruimtelijk en functioneel vraagstuk dat integraal moet worden opgelost.

5.2

Sportinpassing en multifunctioneel gebruik

De discussie over het combineren van sportfuncties is verder aangescherpt. Aanleiding hiervoor is het signaal dat voetbal en handbal mogelijk niet gecombineerd kunnen worden op één veld. Dit heeft geleid tot:  de vraag of handbal op een tennisveld kan worden georganiseerd;  en de wens om, indien combinatie niet mogelijk blijkt, ruimtelijk rekening te houden met een aparte voorziening voor handbal. De eerdere aanname van volledige multifunctionaliteit wordt hiermee minder vanzelfsprekend. Dit vraagt in de vervolgfase om:  een expliciete sporttechnische toets;  en mogelijk om een robuustere ruimtereservering binnen het sportcluster.

5.3

Positionering en gebruik van het clubhuis

De positionering van het clubhuis is uitgebreid besproken, zowel vanuit ruimtelijk als functioneel perspectief. Daarbij zijn de volgende aspecten aan de orde gekomen:  de ligging ten opzichte van woningen en het open landschap;  de vraag of een drankvergunning mogelijk is binnen (of nabij) een stiltegebied;  en alternatieve locaties, waaronder positionering aan de andere zijde van het veld. 34

Als referentie is onder andere gewezen op de situering van clubgebouwen bij vergelijkbare verenigingen, zoals vv Nederhorst. Het clubhuis wordt nadrukkelijk gezien als:  sociaal hart van het sportcluster, maar tegelijkertijd  een potentieel bron van hinder (geluid, gebruiksintensiteit). De positionering van het clubhuis is daarmee niet alleen een ontwerpopgave, maar een balansvraagstuk tussen ontmoeting en leefbaarheid.

5.4

Financiële haalbaarheid en transparantie

Aan de meedenkgroep is expliciet aangegeven dat de financiële haalbaarheid van het plan als randvoorwaarde wordt gezien. kwaliteit, maar ook van de transparantie en geloofwaardigheid van de financiële onderbouwing.

5.5

Ontsluiting en ruimtelijke logica

De keuze om de ontsluiting centraler door het plangebied te laten lopen wordt door de meedenkgroep herkend als verbetering. Dit heeft als effect dat:  de druk op bestaande woonstraten wordt verminderd;  en parkeer- en verkeersstromen beter binnen het plangebied kunnen worden opgelost. Dit sluit aan bij de stedenbouwkundige logica om functies zoveel mogelijk intern te organiseren en de belasting van de bestaande omgeving te beperken.

5.6

Initiatief vanuit de gemeenschap (zelfontwikkeling)

Vanuit de meedenkgroep is de wens uitgesproken om (delen van) het project in eigen beheer te ontwikkelen. De achterliggende doelen zijn:  het reduceren van kosten;  en het vergroten van lokale betrokkenheid en eigenaarschap. Dit signaal past binnen de bredere lijn van het project, waarin de gemeenschap een actieve rol speelt. Tegelijkertijd vraagt dit om een zorgvuldige afweging in relatie tot:  risicoverdeling;  professionaliteit van uitvoering;  en borging van kwaliteit.

5.7

Conclusie en doorwerking

De bespreking van 17 april laat zien dat de eerste participatieopbrengsten niet alleen worden bevestigd, maar ook inhoudelijk worden verdiept. De belangrijkste aanscherpingen zijn:  parkeren als integraal en piekgestuurd vraagstuk;  sportinpassing als minder vanzelfsprekend dan eerder aangenomen;  clubhuispositionering als cruciale balans tussen ontmoeting en hinder;  en financiële haalbaarheid als expliciete randvoorwaarde voor draagvlak. Daarnaast laat de bijeenkomst zien dat de gemeenschap niet alleen reageert, maar ook actief wil bijdragen aan de ontwikkeling. 35

De “afdronk” bevestigt dat de kern van de opgave niet ligt in de keuze tussen varianten, maar in het zorgvuldig vaststellen van de randvoorwaarden waarbinnen deze varianten uitvoerbaar en aanvaardbaar zijn.

36

6. Terugkoppeling en Presentatie Herziene Plannen De bijeenkomst vond plaats op 12 mei en werd geopend door dorpsregisseur Veronique Jansen. Zij introduceerde de aanwezige sprekers: wethouder Rosalie van Rijn, projectleider Ashna Vishnudatt, stedenbouwkundige en landschapsarchitect Tom Bullen, de adviseur wonen, de beleidsadviseur sport en de cartoonist die de avond visueel vastlegde. In een korte en persoonlijke opening werd op een laagdrempelige manier contact gelegd met de aanwezigen. Wethouder Rosalie schetste vervolgens de bredere context van de woningbouwverkenning. Zij gaf aan dat in vrijwel alle dorpen sprake is van een grote woningbehoefte, met name voor starters, jongeren, jonge gezinnen en senioren die graag in hun eigen dorp willen blijven wonen. Tegelijkertijd benadrukte zij dat ontwikkelingen in Ankeveen complex zijn vanwege de ligging in een beschermd en groen landschap. De gemeenteraad heeft eerder een motie aangenomen om woningbouwambities te koppelen aan eigen gronden, woningbehoefte en verduurzaming. Daaruit zijn drie gebieden geselecteerd: Nederhorst den Berg, Loosdrecht (rond de bibliotheek) en Ankeveen. In Ankeveen werken de voetbalvereniging en de kerk actief mee aan de toekomstverkenning. Rosalie blikte terug op het participatieproces tot dan toe. In november vond de eerste bewonersavond plaats om de eerste reacties en belangstelling op te halen.

Sindsdien is een klankbord- en meedenkgroep actief betrokken bij de verdere uitwerking. In april volgde een inloopbijeenkomst in De Dillewijn, waarbij varianten werden gepresenteerd en opmerkingen van bewoners zijn opgehaald. Het doel van deze avond was om inzichtelijk te maken wat met die eerdere input is gedaan en welke aangepaste varianten nu voorlagen. Daarnaast werd toegelicht dat de gemeente voor de zomer, op 2 juli, de uitgangspuntennotitie aan de gemeenteraad wil voorleggen. In deze notitie worden onder andere afspraken opgenomen over een voorkeursvariant, woningbouwcategorieën en uitgangspunten voor sociale huur, middenhuur en vrije sector. Ook werd benoemd dat dit proces plaatsvindt in het licht van de voorgenomen fusie met Hilversum. Aan het einde van de avond kregen aanwezigen de mogelijkheid om individueel hun voorkeur uit te spreken voor één van de twee overgebleven varianten. Dit gebeurde via een formulier dat als input dient voor de verdere bestuurlijke afweging.

6.1

Samenvatting en verwerking van inwonersfeedback

Projectleider Ashna Vishnudatt presenteerde vervolgens de opbrengsten uit de eerdere participatierondes. In april zijn drie varianten aan bewoners voorgelegd. De ontvangen reacties zijn thematisch geanalyseerd en geclusterd. Uit de participatie kwamen verschillende duidelijke aandachtspunten naar voren:  Het behoud van het dorpse karakter werd door veel bewoners als essentieel benoemd, al verschilt de interpretatie daarvan per persoon.  Zorgen over bouwhoogte, massa en dichtheid van de bebouwing kwamen regelmatig terug.  Verkeer en parkeren werden nadrukkelijk genoemd als aandachtspunt.  Het belang van sport en het clubgebouw als sociale ontmoetingsplek werd breed onderschreven.  Groen, water en landschap worden gezien als belangrijke kwaliteiten van Ankeveen die behouden en waar mogelijk versterkt moeten worden.  Betaalbaarheid voor inwoners van Ankeveen werd als belangrijke randvoorwaarde genoemd. Daarbij is toegelicht dat lokaal toewijzen binnen sociale huur onder voorwaarden mogelijk is en dat bij koopwoningen lokale communicatie voorafgaand aan landelijke verkoop kan bijdragen aan lokale kansen. 37

De voorlopige hoofdconclusie uit de participatie luidde dat er geen fundamentele afwijzing van woningbouw zichtbaar is, maar wel duidelijke voorwaarden waaronder ontwikkeling passend en acceptabel wordt gevonden. Daarbij is benadrukt dat de planvorming nog niet definitief is. Gesprekken met de kerk over de positionering van bouwblokken en gesprekken met de sportverenigingen over onder andere pétanque en handbal liepen op dat moment nog door. Uiteindelijk zijn twee varianten overgebleven:  een appartementenvariant;  en een gemengde variant met appartementen, beneden-bovenwoningen en grondgebonden woningen. Uit de toelichting bleek dat de plannen zodanig zijn opgezet dat sportvoorzieningen, inclusief de clubfunctie, ook in de toekomst duurzaam en functioneel kunnen blijven functioneren. Daarnaast is toegelicht dat analyses wijzen op een brede woningbehoefte in Ankeveen, onder meer voor senioren, starters en doorstromers. Vanuit landelijke beleidskaders geldt daarbij het uitgangspunt dat minimaal 33% van het programma uit sociale huur bestaat en circa twee derde betaalbaar moet zijn. Over exacte woningprijzen konden nog geen uitspraken worden gedaan vanwege de lange doorlooptijd van het project.

6.2

Presentatie van de herziene plannen

Stedenbouwkundige Tom Bullen lichtte vervolgens de herziene varianten toe. Daarbij werd uitgelegd dat binnen het bestaande sportgebied wordt gezocht naar ruimte voor woningbouw, terwijl sportvoorzieningen compacter en efficiënter worden geclusterd in een ander deel van het gebied. Tijdens eerdere participatiemomenten waren al verschillende reacties opgehaald over de combinatie van sport en woningbouw. Daarbij kwamen zowel positieve reacties als zorgen naar voren. Positief werd gereageerd op de compacte sportindeling, waarbij functies dichter bij elkaar worden georganiseerd en het clubgebouw als verbindend middelpunt blijft functioneren. Tegelijkertijd leefden zorgen over onder andere geluid, parkeerdruk en de impact op het naastgelegen natuur- en stiltegebied. Ook bleek het combineren van handbal met kunstgras technisch complex. Daarnaast werd nadrukkelijk uitgesproken dat pétanque bij voorkeur onderdeel moet blijven van het sportpark vanwege de nabijheid van voorzieningen en de kantine. Vanuit deze reacties zijn verschillende randvoorwaarden en keuzes benoemd:  Sportfuncties blijven zoveel mogelijk geconcentreerd binnen het bestaande sportgebied en worden niet verder richting natuurgebied uitgebreid.  Clubgebouwen blijven bij voorkeur op de huidige locatie om afstand tot het natuurgebied te behouden.

 Er loopt aanvullend onderzoek naar parkeerdruk, verkeersveiligheid en het gebruik van het marktplein.  De suggestie om parkeren in de Waleelaan te ontmoedigen door middel van een hek of poort is besproken naar aanleiding van zorgen van bewoners over verkeersdrukte.  Extra parkeerplaatsen aan de Waleelaan zijn vooralsnog niet opgenomen vanwege ecologische beperkingen, ruimtelijke kwaliteit en kosten.  Verplaatsing van het clubhuis naar achteren is niet verder uitgewerkt vanwege bezwaren vanuit de omgeving, onder andere rondom de terrasfunctie.  Door de komst van een kunstgrasveld is een apart trainingsveld niet langer noodzakelijk, waardoor ruimte ontstaat voor een nieuwe plek voor pétanque.

38

6.2.1 Woningbouw bij de kerk Over de woningbouw rondom de kerk werden overwegend positieve reacties ontvangen. Tegelijkertijd leefden er zorgen bij bewoners aan de overzijde van de Lokinlaan over de confrontatie met appartementen en de bestaande parkeerdruk. Daarom is in de herziene plannen gekozen om de ontsluiting niet langer via de Lokinlaan te laten verlopen, met uitzondering van een beperkte ontsluiting voor de kerkfunctie. Daarnaast is extra parkeren op eigen terrein opgenomen. 6.2.2 •

Beoordeling van de varianten Variant 1 bestond uit losse woonblokken op gemeentegrond. Bewoners waardeerden hierbij vooral de speelsheid, doorkijkjes, afstand tot bestaande woningen en parkeren rondom de gebouwen. Tegelijkertijd bleven zorgen bestaan over de bouwhoogte en de eerdere ontsluiting via de Lokinlaan, die in de herziene opzet is vervallen.

•

Variant 2 kende een meer gesloten en compacte opzet rond een centraal parkeerplein. Deze variant werd door veel aanwezigen ervaren als massaal en te stedelijk. Mede daarom is besloten deze variant niet verder uit te werken.

•

Variant 3 combineerde appartementen met grondgebonden woningen en benedenbovenwoningen. Deze variant werd gewaardeerd vanwege de grotere variatie in woningtypen en de meer dorpse uitstraling. Tegelijkertijd werden zorgen geuit over de nabijheid van bebouwing ten opzichte van bestaande woningen. Daarom wordt deze variant verder verfijnd, onder andere door opnieuw te kijken naar de positionering en oriëntatie van appartementengebouwen.

6.2.3 Dorpskarakter en ruimtelijke beleving Tijdens de presentatie werd uitgebreid stilgestaan bij de vraag wat het dorpse karakter van Ankeveen precies inhoudt. Daarbij werd toegelicht dat Ankeveen door de jaren heen organisch is gegroeid en juist wordt gekenmerkt door variatie in architectuur, schaal en bouwperiodes. Volgens de stedenbouwkundige hoeft een dorp daarom niet uit één uniforme stijl te bestaan. Daarnaast werden referentiebeelden getoond van projecten waarbij appartementen op een dorpse manier zijn vormgegeven, onder andere door:  schuine kappen;  kleinschalige opbouw;  variatie in kleur en materialisering;  en het behouden van zichtlijnen en groenstructuren. Er werd toegelicht dat hoogtebeleving niet alleen afhankelijk is van het aantal lagen, maar ook van afstand, groen en de manier waarop gebouwen zijn opgebouwd. Daarbij zijn verschillende impressies getoond om inzicht te geven in de ruimtelijke beleving vanaf maaiveldniveau.

6.2.4 Programma, aantallen en parkeren Tijdens de bijeenkomst is toegelicht dat het woningprogramma ten opzichte van de vorige bewonersavond ongewijzigd is gebleven. Voor de locatie rondom de kerk wordt in alle varianten uitgegaan van 24 appartementen. Binnen het sportveldgebied bestaan verschillen tussen de twee overgebleven varianten:  Variant 1 gaat uit van circa 95 appartementen;  Variant 3 combineert circa 76 appartementen met grondgebonden woningen en benedenbovenwoningen. 39

Dit leidt tot een totaalprogramma van:  circa 119 woningen in variant 1;  en circa 100 woningen in variant 3. Tijdens de vraag- en antwoordsessie werd voor variant 1 ook een totaal van 120 woningen genoemd. Dit verschil hangt samen met afronding en nadere uitwerking van het programma. Voor parkeren wordt uitgegaan van de gemeentelijke parkeernormen, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende woningtypen en prijscategorieën. Daarnaast zijn ook de parkeerbehoeften van sportvoorzieningen meegenomen in de berekeningen. Op basis van de huidige inzichten omvat:  variant 1 circa 122 parkeerplaatsen;  en variant 3 circa 110 parkeerplaatsen. Daarmee voldoen beide varianten in beginsel aan de gemeentelijke parkeernormen. Tegelijkertijd is benadrukt dat het verkeers- en parkeeronderzoek nog loopt. In de vervolgfase vindt verdere verdieping plaats naar onder andere verkeersveiligheid, piekbelasting en de parkeerdruk in de omgeving. De uitkomsten hiervan kunnen nog leiden tot aanpassingen in de verdere planuitwerking.

40

6.3

Bewonersavond 12-05 – Vragen, zorgen en antwoorden

6.3.1 Verkeer & Parkeren • Zorgen over toenemende parkeerdruk rondom de woningen en sportvelden. • Antwoord: Er loopt nog een aanvullend parkeer- en verkeersonderzoek om piekbelasting en effecten op de omgeving beter inzichtelijk te maken. • •

Bewoners ervaren nu al hoge parkeerdruk aan de Lokinlaan en omliggende straten. Antwoord: In de nieuwe varianten wordt ontsluiting via de Lokinlaan zoveel mogelijk voorkomen.

• •

Bezorgdheid dat ontsluiting via de Lokinlaan extra verkeersoverlast veroorzaakt. Antwoord: De ontsluiting wordt aangepast zodat verkeer via het centrale parkeerplein loopt in plaats van via de Lokinlaan.

•

Vraag of de verkeers- en parkeeronderzoeken nog worden meegenomen vóór besluitvorming. Antwoord: De basis parkeernormen worden nu al meegenomen. Verdiepend onderzoek naar verkeersveiligheid en piekbelasting volgt in de volgende fase.

• •

Zorg dat parkeerproblemen tijdens sportdagen verder toenemen. Antwoord: De gemeente erkent dat er nu al drukte is tijdens sportmomenten en wil dit meenemen in vervolgonderzoek.

•

Bewoners geven aan nu al hun auto niet kwijt te kunnen op zaterdag door sportactiviteiten. Antwoord: Hiervoor is nog geen definitieve oplossing. Dit wordt onderzocht in de volgende fase.

• •

Vraag hoeveel parkeerplaatsen per woning gerealiseerd worden. Antwoord: Variant 1 bevat circa 122 parkeerplaatsen, variant 3 circa 110 parkeerplaatsen. Dit voldoet volgens de gemeente aan de parkeernormen.

• •

Vraag of bestaande parkeerplaatsen verdwijnen door het plan. Antwoord: Het grote parkeerterrein blijft behouden. Mogelijk verdwijnen slechts één of twee plekken door een nieuwe inrit.

• •

Suggestie om extra parkeerplaatsen toe te voegen nabij het handbalveld. Antwoord: Dit is lastig vanwege ecologische waarden en bestaande gemeentelijke kaders. Mogelijkheden worden later verder onderzocht.

•

Bewoner heeft zelf parkeerinventarisatie gedaan en concludeert dat de wijk nu al onvoldoende capaciteit heeft. Zorgen over verkeersveiligheid en piekbelasting bij evenementen, markt en sportactiviteiten. Antwoord: De verkeerskundige onderzoekt specifiek de effecten van markt, sport en piekmomenten.

•

•

Vraag hoe sporters straks richting sportvelden lopen en of dit via het woongebied gaat. Antwoord: Sporters lopen via het bestaande parkeerterrein en een wandelpad richting de sportvelden.

41

6.3.2 •

Sportvoorzieningen Waardering voor het compact samenbrengen van sportvoorzieningen.

• •

Zorgen dat handbal combineren op het kunstgrasveld technisch niet mogelijk blijkt. Antwoord: Daarom wordt gekeken naar een aparte locatie voor handbal.

• •

Petanquevereniging wil nadrukkelijk onderdeel blijven van het sportpark. Antwoord: In de aangepaste plannen krijgt petanque een plek op het sportpark.

• •

Vraag waar handbal en petanque exact worden geplaatst. Antwoord: Handbal komt bovenin het sportgebied. Het voormalige trainingsveld wordt ingezet voor petanque.

•

Zorgen vanuit bewoners rondom sportgerelateerde geluidsoverlast richting woningen en natuurgebied. Antwoord: Clubhuizen blijven zoveel mogelijk op de huidige locatie zodat afstand tot het natuurgebied behouden blijft.

• •

Suggestie om clubhuis elders te positioneren vanwege geluid en terrasfunctie. Antwoord: Dit is besproken, maar omwonenden gaven juist aan het huidige clubhuis liever op de bestaande plek te houden.

•

Vraag waarom sport niet op huidige locatie kan blijven en woningen elders gerealiseerd worden. Antwoord: Achterliggende gebieden vallen binnen beschermd natuur- en stiltegebied waardoor woningbouw daar niet mogelijk is.

•

• •

6.3.3

Opmerking dat in het plan rekening gehouden moet worden met drie containers bij de sport/marktvoorzieningen. Antwoord: Deze opmerking is meegenomen in de aangepaste plannen.

Woningbouw & Bouwmassa

• •

Zorg over bouwhoogte en massa van de appartementen. Antwoord: Volgens de stedenbouwkundige sluiten de hoogtes aan bij bestaande grotere gebouwen in het dorp, zoals kerk en pastorie.

• •

Vraag wat precies wordt verstaan onder “dorps karakter”. Antwoord: De gemeente ziet juist variatie in bouwstijlen, openheid, groen en zichtlijnen als onderdeel van het dorps karakter.

•

Bewoners vrezen inkijk vanuit appartementen richting bestaande woningen en tuinen. Antwoord: Daarom zijn bouwblokken anders georiënteerd en verder van bestaande woningen geplaatst.

• •

Zorg dat sommige varianten te massaal of “te stedelijk” aanvoelen. Antwoord: Variant 2 kreeg hier veel kritiek op en wordt daarom niet verder uitgewerkt.

•

Waardering voor varianten met meer openheid, zichtlijnen en lucht tussen gebouwen. Antwoord: Deze opmerkingen zijn meegenomen in de aangepaste opzet van variant 1 en 3. Verdeelde meningen over appartementen versus grondgebonden woningen.

•

42

• •

Vraag hoeveel woningen per variant gerealiseerd worden. Antwoord: Variant 1 bevat circa 120 woningen, variant 3 circa 100 woningen.

• •

Vraag waarom er zoveel woningen (circa 100) nodig zijn. Antwoord: Volgens de gemeente blijkt uit woningbehoefte-analyses dat er vraag is naar woningen voor starters, senioren en doorstromers. Daarnaast moet het plan financieel haalbaar zijn en bijdragen aan behoud van voorzieningen zoals sport, school en sociale functies in het dorp.

• •

Vraag of ontwerpen en architectuur al definitief vastliggen. Antwoord: Nee, de ontwerpen liggen nog niet vast. Er wordt nog gewerkt met varianten en voorkeuren vanuit het dorp worden meegenomen.

• • •

Behoefte aan woningen voor starters, senioren en inwoners uit Ankeveen zelf. Vraag hoe woningen daadwerkelijk beschikbaar blijven voor Ankeveners. Antwoord: Bij sociale huur kan gewerkt worden met voorrang voor inwoners van Ankeveen. Bij koop kan lokaal geadverteerd worden.

• •

Vraag naar toekomstige woningprijzen en betaalbaarheid. Antwoord: Exacte prijzen zijn nog niet bekend omdat de realisatie nog jaren duurt.

•

Vraag of woningen gefaseerd gebouwd kunnen worden om overlast en impact te beperken. Antwoord: Hier is tijdens de bijeenkomst nog geen concreet antwoord of uitwerking op gegeven.

6.3.4

Groen, Natuur & Landschap

•

Behoud van groen, water en landschap wordt gezien als belangrijke kwaliteit.

• •

Zorgen over impact op natuurgebied en stiltegebied. Antwoord: Sportfuncties worden zoveel mogelijk op bestaande sportlocaties gehouden en niet richting natuurgebied uitgebreid.

•

Vraag over het kappen van bos/bomen nabij het hondenuitlaatveld voor handbalvoorzieningen. Antwoord: Voor handbal wordt inderdaad gekeken naar die locatie binnen gemeentelijke grond.

•

• •

Zorgen over ecologische impact van extra parkeerplaatsen en sportvoorzieningen. Antwoord: Ecologische waarden zijn volgens de gemeente een belangrijke reden om terughoudend te zijn met extra verharding.

•

Vraag waarom woningbouw in achterliggend gebied niet mogelijk is vanwege natuurregels. Antwoord: De provincie beschermt dit gebied vanwege stilte- en natuurwaarden.

•

Kritische vergelijking met uitbreiding van bedrijventerrein in stiltegebied: waarom industrie wel en woningen niet? Antwoord: Volgens de gemeente zal de provincie altijd eerst kijken naar bouwen dichter bij de kern voordat uitbreiding richting natuurgebied wordt toegestaan

•

43

6.3.5 • •

Proces & Participatie Bewoners willen dat hun voorkeur tussen varianten serieus wordt meegenomen. Antwoord: De voorkeuren uit het dorp worden meegenomen in de keuze voor verdere uitwerking.

•

Vraag of onderzoeken en aanvullende analyses nog invloed hebben op het uiteindelijke plan. Antwoord: Ja, verkeers- en parkeeronderzoeken kunnen in de volgende fase nog leiden tot aanpassingen.

•

Bewoners geven aan dat zorgen blijven bestaan, maar willen wel weten onder welke voorwaarden ontwikkeling acceptabel is.

• •

Vraag hoe definitief de huidige plannen en varianten zijn. Antwoord: De plannen zijn nog niet definitief en blijven voorlopig beweegbaar.

•

Vraag waar bewoners actuele informatie, tekeningen en updates kunnen terugvinden. Antwoord: De gemeente verwijst bewoners naar de gemeentelijke website en de BouwApp voor verdere communicatie en updates rondom het project.

6.3.4 Eindstemming voorkeur varianten: Aan het einde van de avond zijn bewoners gevraagd individueel hun voorkeur uit te spreken voor één van de twee overgebleven varianten. Daarbij ging de meeste voorkeur uit naar variant 3, de variant met een mix van appartementen en grondgebonden woningen in een meer dorpse opzet. Deze variant ontving 27 stemmen. Variant 1, de meer compacte appartementenvariant, ontving 17 stemmen. Vier aanwezigen hebben geen voorkeur uitgebracht. De uitslag is gebruikt als één van de signalen binnen het participatieproces en vormt daarmee input voor de verdere bestuurlijke afweging.

44

Bijlage – Visuele impressies en cartoons uit het participatieproces Tijdens verschillende bewonersavonden en participatiebijeenkomsten zijn cartoons ingezet als ondersteunend participatie-instrument. De cartoons zijn gebruikt om complexe ruimtelijke en maatschappelijke dilemma’s op een toegankelijke en laagdrempelige manier bespreekbaar te maken. Daarbij ging het nadrukkelijk niet om het bagatelliseren van zorgen of belangen, maar juist om het zichtbaar maken van de verschillende perspectieven die binnen het dorp leven rondom:  woningbouw;  sport;  parkeren;  landschap;  leefbaarheid;  en dorpsidentiteit. De inzet van beeld en humor hielp om gesprekken op een open manier te voeren en spanningen tussen uiteenlopende belangen bespreekbaar te houden. De cartoons vormden daarmee geen formeel onderdeel van de besluitvorming, maar wel een ondersteunend middel binnen het participatieproces.

45

46

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17039352/1