Bijlage 2 Ontwerpbegroting OFGV 2025
Tekst van het document
Ontwerpbegroting 2025
1
Colofon Auteur:
Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek Botter 14-15 Postbus 2341 8203 AH LELYSTAD T. 088-6333 000 E. info@ofgv.nl W. www.ofgv.nl
Opdracht:
Begroting OFGV 2025
Versie: Datum:
Concept voor Dagelijks Bestuur 8 maart 2024 2
Inhoudsopgave Voorwoord ................................................................................................................................. 4 Inleiding.................................................................................................................................... 6 A. Beleidsbegroting 2025 ............................................................................................................ 7 A.1. Programmaplan Milieu en Leefomgeving ................................................................................. 7 A.1.1. Wat willen we bereiken? ......................................................................................... 7 A.1.2. Wat gaan we daarvoor doen? .................................................................................. 7 A.1.3. Wat mag het kosten? ............................................................................................. 8 A.2. Paragrafen .......................................................................................................................... 9 A.2.1. Lokale heffingen .................................................................................................... 9 A.2.2. Weerstandsvermogen ............................................................................................. 9 A.2.3.
Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................. 15 A.2.4. Financiering ........................................................................................................ 15 A.2.5. Bedrijfsvoering .................................................................................................... 16 A.2.6. Verbonden partijen .............................................................................................. 16 A.2.7. Grondbeleid ........................................................................................................ 17 A.2.8 Rechtmatigheid..................................................................................................... 17 A.2.9 Openbaarheid Woo ................................................................................................ 17 B. Financiële begroting 2025 ...................................................................................................... 18 B.1. Overzicht van baten en lasten en de toelichting ..................................................................... 18 B.1.1. Begroting 2025 en Meerjarenraming 2026-2028 ...................................................... 18 B.1.2. Toelichting op het overzicht van baten en lasten ...................................................... 21 B.1.3.
Algemene dekkingsmiddelen ................................................................................. 24 B.1.4. Kosten van overhead ............................................................................................ 25 B.1.5. Stelposten, vennootschapsbelasting en onvoorzien................................................... 25 B.1.6. Incidentele baten en lasten ................................................................................... 25 B.2. Financiële positie en toelichting ........................................................................................... 26 B.2.1. Uitgangspunten en ontwikkelingen ten opzichte van 2024 ......................................... 26 B.2.2. Geprognosticeerde eindbalans ............................................................................... 26 B.2.3. Jaarlijks terugkerende arbeidsgerelateerde verplichtingen ......................................... 26 B.2.4. Investeringen in vaste activa ................................................................................. 26 B.2.5. Financiering ........................................................................................................ 26 B.2.6. Reserves en voorzieningen .................................................................................... 27 B.2.7.
EMU-saldo ........................................................................................................... 27
3
Voorwoord Voor u ligt de begroting 2025 van de Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV), opgesteld aan de hand van de kaders die het Algemeen Bestuur van de OFGV op 7 februari 2024 meegaf. In de kadernota 2025 is een stevige ontwikkelopgave opgenomen. Deze ontwikkelopgave komt voort uit het Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel (IBP VTH), het opvolgen van de in 2022 uitgevoerde visitaties en de opdracht van het bestuur aan de nieuwe directeur om te komen tot een toekomstbestendige dienst die alle basistaken op een adequaat niveau uitvoert. Het doel is dat de OFGV uiterlijk 1 april 2026 voldoet aan de landelijk vastgestelde criteria voor robuustheid. Het Algemeen Bestuur heeft de opdracht aan het Dagelijks Bestuur gegeven om de kadernota te vertalen naar begrotingsvoorstellen en een met een voorstel te komen voor gefaseerde invoering van de gevolgen van de kadernota. Bovenstaande betekent dat afzonderlijke deelnemers nog wettelijke basistaken op het gebied van asbest, toezicht en vergunningverlening bij bedrijven en toezicht op energiebesparing zullen inbrengen.
Daarnaast zal de OFGV voorstellen doen voor het op het juiste kwaliteitsniveau uitvoeren van collectieve basistaken zoals strafrechtelijke handhaving, ketentoezicht, het actualiseren van vergunningen en advisering over onder andere circulaire economie, omgevingsveiligheid en zeer zorgwekkende stoffen. De financiële consequenties van deze basistaken zijn indicatief in de kadernota 2025 opgenomen. Elke taak wordt uitgewerkt in een voorstel dat eerst aan het bestuur wordt voorgelegd en vervolgens als begrotingswijziging voor zienswijzen aan de deelnemende raden en Staten wordt gezonden. Voor 2025 zal de eerste overdracht van basistaken door individuele deelnemers in juni 2024 aan het Algemeen Bestuur worden voorgelegd en worden de andere inbreng van basistakentaken, strafrecht, circulaire economie en het actualiseren van vergunningen in november 2024 aan het Algemeen Bestuur voorgelegd. Voor 2026 zijn dat casemanagement en ketentoezicht. De overige voorstellen worden voor 2027 en verder uitgewerkt. Dit valt samen met de nieuwe periode van de kostenverdeelsystematiek 20272029. Daarom zijn deze taken zowel beleidsmatig als financieel nog niet in de begroting 2025 verwerkt.
Voor het structurele innovatie en ontwikkelbudget volgt het Dagelijks Bestuur de kaders die het Algemeen Bestuur op 7 februari 2024 stelde, dit budget is in de begroting 2025 verlaagd van € 400.000 naar € 200.000. Het budget wordt vervolgens aangevuld vanuit de Bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling. De ontwikkeling van de OFGV gaat verder dan het inbrengen van basistaken door de deelnemers. In het ontwikkelplan zijn naast deze opgave nog zes andere ontwikkelopgaven benoemd op het vlak van organisatie, dienstverlening en bedrijfsvoering. Dit zijn onder andere het investeren in samenwerking met de deelnemers, het verbeteren van werkprocessen en het optimaliseren van datagedreven werken. Ook speelt dat de ICT en VTH-systemen vervangen moeten worden, de verwachting is dat de aanbesteding en implementatie in 2025 plaatsvindt. Daarnaast wordt in 2025 de financieringssystematiek samen met de deelnemers geëvalueerd. In de evaluatie wordt de gewijzigde taakuitvoering als gevolg van de Omgevingswet betrokken en wordt onderzocht of spelregels dusdanig aangepast kunnen worden zodat de financiering meebeweegt met wijzigingen in taken en ambities. De ambities van deelnemers inzake het beschermen van de fysieke leefomgeving met betrekking tot de milieutaken in het werkgebied van de OFGV zijn opgenomen in de Regionale Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2027.
De OFGV heeft samen met de deelnemers outcomegerichte doelstellingen geformuleerd. De verdere doorvertaling van 4
beleid naar uitvoering in de Big 8 cyclus wordt samen met de deelnemers vormgegeven. De doelstellingen zijn tekstueel verwerkt in de begroting 2025. Met de grote uitdagingen en ontwikkelingen (en bijbehorende bestuurlijke ambities) op het gebied van milieu, klimaat, energie en gezondheid is een uitvoeringspartner nodig die in staat is om deze vraagstukken adequaat voor de deelnemers op te pakken en daarover te adviseren. Met deze lijn van doorontwikkeling (doorvertaling kadernota naar begroting en ontwikkelplan) verwachten we dat de OFGV zich kan ontwikkelen tot een slagvaardige robuuste toekomstbestendige dienst die de taken op het gebied van de fysieke leefomgeving kwalitatief, effectief en efficiënt kan uitvoeren. Lelystad, 28 juni 2024 de Voorzitter
de Secretaris
5
Inleiding De begroting 2025 van de OFGV sluit aan bij de kaders die het Algemeen Bestuur (AB) heeft vastgesteld. Leeswijzer Deze programmabegroting bevat de volgende onderdelen: Hoofdstuk A1: Het programmaplan Dit hoofdstuk geeft antwoord op de vragen: wat willen we bereiken, hoe gaan we dat realiseren, welke kosten zijn daaraan verbonden en welke risico’s lopen we? Hierbij is van belang dat de relatie tussen beleid en uitvoering en de bijdragen van deelnemers onderwerp is van het ontwikkelplan en komende jaren doorontwikkeling behoeft. Hoofdstuk A2: De paragrafen In de paragrafen wordt behandeld hoe het weerstandsvermogen is opgebouwd, welke financieringsrisico’s de OFGV loopt en wat de uitdagingen in de bedrijfsvoering zijn. De paragraaf risico’s en weerstandsvermogen bevat ook de wettelijk verplichte kengetallen over solvabiliteit en liquiditeit. Hoofdstuk B1: Baten en lasten Dit hoofdstuk bevat de begroting en meerjarenraming, inclusief een toelichting op de verschillende begrotingsposten. De wijzigingen ten opzichte van 2024 zijn per begrotingspost weergegeven. Hoofdstuk B2: Financiële positie In dit hoofdstuk wordt aandacht besteed aan balansposities (activa en reserves) en aan terugkerende verplichtingen voor het personeel. Inclusief een geprognosticeerde eindbalans van de activa en passiva.
Proces De conceptversie van de programmabegroting 2025 is op 8 maart 2024 door het Dagelijks Bestuur (DB) vastgesteld. Vervolgens is deze, samen met de voorgestelde begrotingswijzigingen 2024, aangeboden aan de raden en Staten van de 14 deelnemende partijen. Zij kunnen tot 7 juni 2024 zienswijzen indienen. In het DB van 30 mei 2024 worden de binnengekomen zienswijzen en de mogelijke wijzigingen van de begroting besproken. De begroting 2025 wordt vervolgens, inclusief zienswijzen en een reactie van het DB, ter vaststelling voorgelegd aan het AB. In haar vergadering van 28 juni 2024 besluit het AB over de begroting 2025.
6
A. Beleidsbegroting 2025 A.1. Programmaplan Milieu en Leefomgeving A.1.1. Wat willen we bereiken? De algemene doelstelling van de OFGV is het behouden dan wel verbeteren van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving (veiligheid, gezondheid, leefbaarheid en duurzaamheid) in Flevoland en de regio Gooi en Vechtstreek. De doelstellingen afkomstig uit de Regionale Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 20242027 zijn: • Bevorderen van de naleving van wet- en regelgeving en vergunningvoorschriften door bedrijven in het werkgebied. • Verbeteren van de bodemkwaliteit en voorkomen van de aanwezigheid van schadelijke stoffen in de bodem en het grondwater door toe te zien op bodembedreigende activiteiten en het toepassen van bodembeschermende maatregelen. • Bevorderen van omgevingsveiligheid en minimaliseren van risico's voor mens, milieu en infrastructuur. • Beperken van geluidsoverschrijdingen en overmatige hinder. • Verminderen van het energiegebruik en stimuleren van alternatieve energiebronnen in de regio. • Voorbereiden op en bijdragen aan een circulaire economie in 2050. • Tegengaan van ondermijning en milieucriminaliteit door verbeterde detectie, preventie en handhaving. • Voorkomen of beperken van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) in de leefomgeving. • Voorkomen van gezondheidsrisico’s als gevolg van asbest door het beperken van asbestvezels in de lucht, bodem en water.
• Bijdragen aan een betere luchtkwaliteit en verminderen van geuroverlast. A.1.2. Wat gaan we daarvoor doen? De algemene activiteiten van de OFGV betreffen regulering van, toezicht en handhaving op en advisering en voorlichting geven over milieubelastende activiteiten in samenwerking met deelnemers en ketenpartners. • Zorgdragen voor actuele en goed handhaafbare vergunningen waarin specifieke eisen worden gesteld ter bescherming van de fysieke leefomgeving. • Beoordelen van meldingen, rapportages en onderzoeken. • Uitvoeren van effectieve risicogerichte en informatiegestuurde inspecties en interventies. • Handhaven op overtredingen. • Afhandelen van klachten binnen de gestelde termijnen. • Verstrekken van specialistische en juridische adviezen. • Informeren van bedrijven over wet- en regelgeving. • Vertegenwoordigen van de OFGV en de deelnemers in bezwaar- en beroepsprocedures. De aanvullende activiteiten afkomstig uit de Regionale Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2027 zijn: • Beoordelen van bodem- en grondwateronderzoeken om de aanwezigheid en concentratie van schadelijke stoffen te identificeren en te monitoren. • Identificeren van en passend reageren op niet-gemelde activiteiten die de bodem- of grondwaterkwaliteit kunnen bedreigen, zoals grondverzet, lozingen en aanleg van ondergrondse systemen. 7
• • • • • • • • • •
Het invullen en actueel houden van het Register Externe Veiligheid. Het uitvoeren van geluidcontroles en geluidmetingen. Het informeren van bedrijven en instellingen over de voordelen en mogelijkheden van energiebesparing en duurzame energieopwekking. Het verzamelen van energiegebruiksgegevens van bedrijven en instellingen in de regio teneinde inzicht te krijgen in het aantal bedrijven dat moet voldoen aan de informatieverplichting, de energiebesparingsplicht en de onderzoekplicht. Het gebruiken van data-analyses om regionale trends en patronen in het energiegebruik te identificeren. Het informeren van bedrijven over circulaire mogelijkheden waaronder het beperken van het gebruik van grondstoffen en het stimuleren van het hergebruik van afvalstoffen. Het meedenken over aanpassingen in afvalstoffenwetgeving, het Circulair Materialen Plan, het inzetten van het VTH-instrumentarium ten behoeve van circulaire economie en einde-afvalstatus oordelen. Het inzichtelijk maken van de omvang van het dreigingsbeeld en type milieucriminaliteit. Het ontwikkelen van indicatoren die het zicht op Zeer Zorgwekkende Stoffen in grondstofstromen en bij bedrijven vergroot. Het uitvoeren van projecten en vrije veldcontroles om illegale asbestsaneringen op te sporen.
In de uitvoeringsprogramma’s van de deelnemers neemt de OFGV specifieke activiteiten en projecten op die bijdragen aan de doelstellingen. Samen met de deelnemers worden indicatoren benoemd waar de OFGV per deelnemer over rapporteert. Naast de reguliere taken voert de OFGV in 2025 vijf innovatieprojecten uit. De specificatie hiervan vindt u op pagina 23. A.1.3. Wat mag het kosten? De specificatie van de baten en lasten staat in hoofdstuk B van deze begroting. Het totaaloverzicht van de lasten en baten inclusief de 3e begrotingswijziging 2024 is als volgt: Overzicht baten en lasten 2025 Programma Milieu en Leefomgeving Algemene dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting Onvoorzien Saldo van baten en lasten Onttrekking reserves Resultaat
Totaal baten Totaal directe lasten Totaal overhead Totaal onvoorzien Saldo van baten en lasten Onttrekking reserves Resultaat
Baten Lasten Saldo € 17.746.045 € 13.413.006 € 4.333.039 € € 17.746.045 € 1.200.000 € 18.946.045
5.473.917
€
€ 59.122 € 18.946.045 € € 18.946.045
-5.473.917
€ -59.122 € -1.200.000 € 1.200.000 € 0
Begroting na 3e BW
Begroting excl. Index
Index
Begroting incl. index
Wijziging I&O budget
Begroting incl. index
2024 € 16.774.222 € 12.136.570 € 5.173.835 € 58.191 € -594.374 € 594.374 € -
2025 € 16.733.632 € 12.501.606 € 5.173.835 € 58.191 € -1.000.000 € 1.000.000 € -
2025 812.415 511.401 300.082 931 -
2025 € 17.546.046 € 13.013.007 € 5.473.917 € 59.122 € -1.000.000 € 1.000.000 € -
2025 200.000 200.000 200.000
2025 17.746.045 13.413.006 5.473.917 59.122 -1.200.000 1.200.000 -
€ € € € € € €
€ € € € € € €
€ € € € € € €
Meerjarenraming
€ € € € € € €
2026 18.468.042 12.847.726 5.560.248 60.068 -
€ € € € € € €
2027 19.013.132 13.237.558 5.714.545 61.029 -
€ € € € € € €
2028 19.707.397 13.771.722 5.873.670 62.006 -
8
A.2. Paragrafen A.2.1. Lokale heffingen De OFGV is niet bevoegd om lokale belastingen op te leggen. Deze bevoegdheid ligt bij de gemeenten en provincies. De OFGV legt wel leges op voor vergunningen namens de provincie Flevoland. Het legestarief wordt bepaald door Provinciale Staten van Flevoland. A.2.2. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de risico's waarvoor geen specifieke maatregelen zijn getroffen enerzijds, en de capaciteit van middelen en mogelijkheden (weerstandscapaciteit) die de organisatie heeft om niet begrote kosten op te vangen anderzijds. Het beleid over het weerstandsvermogen is door het AB vastgesteld middels de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement. Het beleid bevat het risicoprofiel van de OFGV, het doel en de hoogte van de Algemene Reserve en overig weerstandsvermogen en de methode voor het kwantificeren van risico’s. Risicobeleid Risicoprofiel Het risicoprofiel bestaat uit de hoeveelheid risico’s die een organisatie kan of wenst te accepteren. In de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement is vastgelegd dat de OFGV een variabele ratio (norm) tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit hanteert met een bandbreedte van 0,8 tot 1,2. Het hanteren van een variabele ratio leidt tot minder schommelingen in de mutaties van de reserves.
De gekwantificeerde risico’s mogen samen niet hoger zijn dan de beschikbare middelen in de weerstandscapaciteit. Bij de daling van een feitelijk ratio onder 0,8 wordt tijdig gekeken naar mogelijkheden om weer richting de bandbreedte te komen. Weerstandsvermogen Tot de weerstandscapaciteit worden de volgende bestanddelen gerekend: Bestanddeel Algemene Reserve Bestemmingsreserves (voor zover niet bestemd) Onvoorzien Begrotingsruimte Stille reserves Kostenreductie (bezuinigingen)
Incidentele Weerstandscapaciteit X
Structurele weerstandscapaciteit
X X X X X
De Algemene Reserve is bedoeld als buffer om fluctuaties in de exploitatie en onverwachte tegenvallers in de toekomst op te kunnen vangen. Het rekeningresultaat wordt met de Algemene Reserve verrekend. Wanneer de maximale hoogte van 5% van het begrotingstotaal wordt overschreden, wordt in het voorstel tot resultaatbestemming een voorstel gedaan tot bestemming van dat meerdere. Bestemmingsreserves en voorzieningen worden gebruikt om substantiële risico’s respectievelijk voorziene uitgaven die verstorend werken op het begrotingsevenwicht te dekken. Een bestemmingsreserve of voorziening heeft een concreet doel. Het gaat om bestedingen voor niet-reguliere taken. Het instellen van een bestemmingsreserve of voorziening gaat gepaard met spelregels over het bestedingsdoel, de verwachte looptijd en een boven- en ondergrens van de hoogte van de reserve of voorziening. De begrotingspost “onvoorzien” is bedoeld om onvoorziene uitgaven op het gebied van 9
bedrijfsvoering te dekken. Samen met ruimte in de begroting zijn dit structurele (jaarlijks terugkomende) onderdelen van de weerstandscapaciteit. Soorten risico’s De OFGV onderscheidt operationele, tactische en strategische risico’s. Operationele risico’s zijn risico’s in de financiële bedrijfsvoering die binnen de AO/IC van beheersmaatregelen zijn voorzien. Tactische risico’s zijn risico’s in de operationele processen zoals imagoschade, informatiebeveiliging en aansprakelijkheid. Beheersmaatregelen hiervoor zijn onder andere het uitvoeren van integriteitsbeleid, informatiebeveiligingsbeleid en het afsluiten van verzekeringen. Kenmerkend aan strategische risico's is dat er sprake is van niet of nauwelijks beïnvloedbare (externe) risico's. De OFGV verstaat onder strategische risico’s onder meer: a. Exploitatieverlies door kostenstijging; b. Exploitatieverlies door opbrengstendaling; c. Schaalnadeel door taakverandering; d. Productiviteitsverlies door ziekteverzuim; e. Productiviteitsverlies door inefficiëntie. Risicokwantificatie De risico’s met een ingeschatte waarde van € 50.000 en hoger zijn benoemd en opgenomen in een risicoregister. Kleinere risico’s vormen een onderdeel van de reguliere bedrijfsvoering. Per risico worden de beheersmaatregelen geformuleerd en uitgevoerd.
Het doel hiervan is de risico’s en de impact van deze risico’s (welk bedrag is er mee gemoeid) te verkleinen. De vermenigvuldiging van de wegingsfactoren voor kans en impact levert de kwantificatie van het risico op. Dit is het benodigd weerstandsvermogen voor het risico. De tabel op de volgende pagina bevat het totaaloverzicht van alle risico’s met hun wegingsfactoren voor kans en impact. De tabel bevat de optelsom van de benodigde weerstandscapaciteit. Benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit 2025 Aanwezige weerstandscapaciteit Vrije weerstandscapaciteit Algemene Reserve Onvoorzien
Totaal vrije weerstandscapaciteit Niet vrije weerstandscapaciteit Bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling Bestemmingsreserve Weesp uittreding uit de GR OFGV
Totaal niet vrije weerstandscapaciteit
Saldo 2025 € 839.372 € 58.191
€ 897.563 € 71.908 €0
€ 71.908
De vrij beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt in 2025 € 897.563. De benodigde weerstandscapaciteit komt uit op € 972.500. De verhouding tussen de vrije en benodigde weerstandscapaciteit is 0,9 en valt binnen de afgesproken bandbreedte van 0,8 – 1,2 conform de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement van de OFGV.
10
Tabel risico’s en benodigd weerstandsvermogen In de begroting zijn de belangrijkste (financiële) risico’s voor de OFGV vermeld. In deze begroting is het model voor risicobeoordeling en kwantificering aanbevolen door het Ministerie van BZK gehanteerd conform de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement. Bij het opstellen van elk planning & control document worden de risico’s beoordeeld. Op de volgende pagina’s is de stand van zaken weergegeven. Omschrijving risico 1
Effect
2
Indexering Implementatiekosten ICT & VTH systemen
3
Datagericht werken
4
Functiewaardering Ontwikkelingen op arbeidsmarkt
5
Beheersmaatregel
Exploitatieverlies kosten
Exploitatieverlies opbrengsten
6
Overige opbrengsten
7
Eisen aan de taakuitvoering
8
Ziekteverzuim
Productiviteitsverlies
Kostenbesparing inkoop Vacatures niet of later invullen Rekeningresultaat 2023 hiervoor aanwenden Programma van eisen aanbesteding VTH systemen Structurele ophoging van het salarisbudget Arbeidsmarktcommunicatie Werving en selectie Inzicht uitvoering takenpakket Wet- en regelgeving volgen Uniforme uitvoering in PDC Uniforme U&H strategie Verzuimbeleid Flexibele schil
Financieel
Klasse Impact
€ 348.468
4
€ 625.000
2
0,20
€ 125.000
€ 1.000.000
4
€ 625.000
3
0,50
€ 312.500
€ 200.000
3
€ 175.000
3
0,50
€ 87.500
€ 350.000
4
€ 625.000
3
0,50
€ 312.500
€ 100.000
2
€ 75.000
3
0,50
€ 37.500
€ 370.424
4
€ 625.000
1
0,10
€ 62.500
€0
3
€0
2
0,20
€0
€ 136.278
3
€ 175.000
2
0,20
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
Klasse/ Impact
Financieel
Wegingsfactor
1
< 50.000
€ 25.000
2
50.001 – 100.000
€ 75.000
3
100.001 – 250.000
€ 175.000
4
250.001 – 1.000.000
€ 625.000
5
> 1.000.000
€ 1.000.000
Benodigde Wegingsfactor Klasse Wegingsfactor weerstandsImpact Frequentie Frequentie capaciteit
€ 35.000
€
Klasse/ Kans Frequentie
972.500
Wegingsfactor
1 1 keer per 10 jaar of minder
0,10
2 1 keer per 5-10 jaar
0,20
3 1 keer per 2-5 jaar
0,50
4 1 keer per 1-2 jaar
0,75
5 1 keer per jaar of meer
1,00
11
1. Indexering In de Gemeenschappelijke Regeling heeft het AB afspraken gemaakt rondom de indexering van de OFGV begroting. Conform de Gemeenschappelijke Regeling wordt jaarlijks bij het vaststellen van de begroting voor 80% van de begroting een indexering toegepast gebaseerd op de Loonvoet sector overheid en voor 20% van de begroting een indexering gebaseerd op de Prijs overheidsconsumptie, netto materieel uit de “Septembercirculaire gemeentefonds” van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Desondanks blijft de OFGV, als gemeenschappelijke regeling, financieel afhankelijk van de deelnemende partijen en beperkt in het mogen aanhouden van reserves. Dat maakt de organisatie extra kwetsbaar als de werkelijke kostenstijging hoger uitvalt dan in de begroting voorzien en loopt de OFGV risico. Begroting 2025 De kans dat de indexering van de budgetten in 2024 en 2025 onvoldoende is om de kosten te dekken blijft aanwezig. Het salarisbudget is in 2024 met 4,8% geïndexeerd terwijl het akkoord van de cao-onderhandelingen leidt tot een salarisverhoging van in totaal 6%. De materiële budgetten zijn in 2024 met 2,4% geïndexeerd terwijl diverse leveranciers hun tarieven met ongeveer 5% hebben verhoogd. De OFGV heeft het risico van een te lage indexering voor 2025 berekend als 2% van de lasten.
Door kostenbesparing op de inkoop en het langer openstaan van diverse vacatures is de kans ten opzichte van de begroting 2024 verlaagd. 2. Implementatie ICT en VTH-systemen In 2025 vinden naar waarschijnlijkheid de aanbestedingen plaats voor de ICT-infrastructuur en VTH-systemen. De implementatiekosten van de nieuwe systemen worden geschat op € 1 mln. Idealiter worden deze incidentele kosten uit incidentele middelen zoals een positief rekeningresultaat betaald. In deze begroting is een onttrekking aan de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling voorzien die zonder extra toevoegingen niet toereikend is. Begroting 2025 De OFGV zal voorstellen de incidentele implementatiekosten te dekken uit het rekeningresultaat 2023. Wanneer het rekeningresultaat 2023 aan de bestemmingsreserve wordt toegevoegd, is deze toereikend voor zowel de implementatiekosten van ICT en VTHsystemen als voor de incidentele kosten voortvloeiend uit het ontwikkelplan. Het AB besluit over de bestemming van het rekeningresultaat in november 2024. Daarom is de kans op het risico gemiddeld. 3. Datagericht werken Er is een toenemende vraag naar informatie over de effecten van de werkzaamheden van de OFGV en het beleid van de deelnemers.
Daarnaast biedt het gebruik van data over bijvoorbeeld milieubelastende activiteiten en het combineren van die data met gegevens over vastgoed, bedrijven en topografie de mogelijkheid voor effectievere en efficiëntere taakuitvoering. Dat vraagt om meer specialisatie en differentiatie in de gebruikte informatiesystemen en meer aandacht voor afspraken over dataverzameling, datakwaliteit en datamodellering. Tegelijkertijd dient de data beschermd te worden volgens de Baseline Informatiebeveiliging Overheden. Het risico bestaat dat het beschikbare budget niet toereikend is voor deze kwaliteitsverbetering. Begroting 2025 De OFGV heeft het risico berekend op € 200.000 voor het inrichten van een eigen datawarehouse en het upgraden van beveiligingscertificaten. De eisen en wensen over datakwaliteit en het combineren daarvan met andere databases worden verwerkt in het programma van eisen van de aanbestedingen ICT en VTH-systemen. Daarom is de kans op het risico gemiddeld. 4. Functiewaardering Sinds de start van de OFGV in 2013 hebben er veranderingen plaatsgevonden in de werkzaamheden van medewerkers terwijl die niet (volledig) zijn verwerkt in de 12
functieomschrijvingen. Ten opzichte van andere omgevingsdiensten zijn een aantal functies lager ingeschaald, waardoor de concurrentiepositie van de OFGV op de arbeidsmarkt is verslechterd. In 2024 onderzoekt de OFGV of de werkzaamheden nog aansluiten bij de functiewaardering volgens het functieboek HR21 en de kwaliteitscriteria. Het risico bestaat dat functies hoger ingeschaald zullen worden. Begroting 2025 De OFGV acht de kans reëel dat 35 functies hoger ingeschaald worden tegen een gemiddelde van € 10.000 per functie. Daarmee is het risico berekend op € 350.000. De kans op het risico is gemiddeld. 5. Ontwikkelingen op arbeidsmarkt Als gevolg van de aantrekkende economie is het voor de specialistische functies uiterst moeilijk personeel te werven. Ook het behouden van het huidige personeel bij de huidige arbeidsmarkt vraagt meer aandacht en inzet dan voorheen. De groeiende krapte op de arbeidsmarkt heeft als reëel gevolg dat voor specialistische functies een hogere inschaling nodig is. Begroting 2025 De genoemde risico’s blijven aanwezig, zowel op het vinden en behouden van personeel als op de ‘concurrentiestrijd’ ingezet door hogere waardering in functies of arbeidsmarkttoelages. Het risico is geraamd op het plaatsen van 10 functies in een hogere schaal, waarmee het risico is berekend op € 100.000. 5.
Overige opbrengsten De begroting van de OFGV bevat de post overige opbrengsten die jaarlijks door de OFGV wordt ingevuld met het behalen van de overige inkomsten. Deze opbrengsten worden gegenereerd door meer taken voor de deelnemers uit te voeren en door het organiseren van opleidingen voor andere overheden. Het risico is dat de OFGV deze extra opbrengsten niet kan behalen. Begroting 2025 Het begrote bedrag voor de overige opbrengsten bedraagt in 2025 € 389.000. Ondanks het vertrek van de ODNL Academie waardoor de OFGV geen opbrengsten meer zal genereren door het organiseren van opleidingen, verwacht de OFGV ook in 2025 voldoende extra inkomsten te genereren door het uitvoeren van meerwerkopdrachten voor de deelnemende partijen. Daarom is de kans op het risico laag. 7. Eisen aan de taakuitvoering De begroting is gebaseerd op een uniforme VTH-procesgang. Afwijkende situaties per deelnemer (zoals de beleidsvrijheid en bestuurlijke afwegingsruimte in de Omgevingswet of het stellen van afwijkende eisen) zetten de efficiencydoelstellingen onder druk. Begroting 2025 In de Producten- en Dienstencatalogus (PDC) zijn standaard producten en diensten aangeboden die voor alle deelnemers gelijk zijn. Afwijkende eisen zijn toegestaan, maar worden apart geprijsd.
Door het vaststellen van de Regionale Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2027 gaat de OFGV uit van uniforme taakuitvoering voor de deelnemers. Daarom is het risico op nihil gezet. 8. Ziekteverzuim In de begroting is een budget opgenomen van 1% van de salarissom voor inhuur ter vervanging van langdurig zieken. In geval van een hoger ziekteverzuim is er sprake van productiviteitsverlies. 13
Begroting 2025 Het risicobedrag is bepaald op 2% van de salarissom minus het beschikbare inhuurbudget en bedraagt € 136.278. De OFGV blijft aandacht besteden aan verzuimpreventie door middel van gesprekken, trainingen, het verstrekken van informatie over gezondheid en vitaliteit en het focussen op wat de medewerker nog wél kan bij ziekte. Dit alles om het risico zo veel mogelijk te beperken en laag houden. Kengetallen De paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing bevat vijf financiële kengetallen. De berekenwijze van de kengetallen is vastgelegd in een ministeriële regeling. Mede op basis van deze kengetallen geeft deze paragraaf bestuurders inzicht in de financiële positie van de OFGV. De indicatoren zijn te grofmazig om een volwaardige uitspraak te kunnen doen over de financiële positie van een organisatie.
Kengetallen Netto schuld quote Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Indicatoren OFGV Realisatie Begroting Begroting 2023 2024 2025 -4% -4,4% 2,3% -4% -4,4% 2,3% 44% 34% 21% nvt nvt nvt 4,9% 0% 0% nvt nvt nvt
Netto schuld quote en netto schuld quote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuld quote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de OFGV ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. De tabel presenteert hiernaast ook de schuldquote gecorrigeerd voor de leningen die de OFGV heeft uitstaan (deze middelen vloeien immers op termijn terug). Op beide indicatoren scoort de OFGV goed. Dit omdat de OFGV geen leningen heeft en dus ook geen rente en aflossingen betaalt. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft de mate aan waarin de bezittingen (balanstotaal) zijn gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). Dit geeft inzicht in de mate waarin de OFGV in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De OFGV scoort op begrotingsbasis 21% op deze indicator. Volgens de VNG-norm is 50% een gezonde indicator, dat wil zeggen dat de helft van de balans uit eigen middelen bestaat. De OFGV scoort lager omdat de OFGV conform het door het AB vastgestelde risicobeleid beperkt is in het aanhouden van reserves. Dit heeft direct invloed op het percentage. Grondexploitatie Het financiële kengetal 'grondexploitatie' geeft aan hoe groot de investeringen in grondposities (boekwaarde) zijn ten opzichte van de jaarlijkse baten.
Deze indicator is niet van toepassing omdat de OFGV geen grondposities heeft. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Voorbeelden van structurele baten zijn de partnerbijdragen. Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld de personeelslasten en kapitaallasten. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. De indicator 'structurele exploitatieruimte' geeft aan hoe groot de 14
structurele vrije ruimte is. Dit laat zien in hoeverre de OFGV in staat is om structurele tegenvallers op te vangen. Volgens de VNG-norm is 0,6% een gezonde indicator, dat wil zeggen dat er structureel 'geld over' is op de begroting. De OFGV scoort nihil omdat de bijdragen van de deelnemende partijen en die uit overige opbrengsten gelijk zijn aan de structurele uitgaven. Belastingcapaciteit Het financiële kengetal 'belastingcapaciteit' geeft aan hoe belastingtarieven zich verhouden tot het landelijk gemiddelde. Deze indicator is niet van toepassing omdat de OFGV geen belastingen heft. A.2.3. Onderhoud kapitaalgoederen De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bevat op grond van het BBV in ieder geval de volgende kapitaalgoederen: wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Voor de OFGV is geen van deze onderdelen van toepassing. Het gebouw waarin de OFGV is gevestigd wordt gehuurd. Voor de activa van de OFGV en de steunpunten groene handhaving is een meerjarig onderhoudsplan opgesteld. A.2.4. Financiering Gegeven de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) is elke overheid of Gemeenschappelijke Regeling (GR) verplicht om een financieringsparagraaf in haar begroting en jaarrekening op te nemen.
Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de rente-risiconorm, de verwachte toeen/of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. De randvoorwaarden waarbinnen de treasury zich kan en mag bewegen zijn geformuleerd in het treasurystatuut. Uiteraard valt dit binnen het wettelijke kader zoals gesteld door de Wet FIDO. Het treasurystatuut is aangepast naar het wettelijk verplichte schatkistbankieren: overtollige middelen tot € 500.000 worden aangehouden in rekening-courant bij de BNG, het meerdere wordt aangehouden bij de schatkist. Rentevisie Tijdens het opstellen van deze conceptbegroting heeft de OFGV geen leningen lopen en worden geen leningen voorzien. Koers -en valutarisico Koersrisicobeheer is het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. De OFGV bezit geen derivaten, daardoor is er geen sprake van koersrisico. Valutarisicobeheer is het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de waarde van de vreemde valutastromen, uitgedrukt in eigen valuta, afwijkt van wat er verwacht werd op het beslissingsmoment. De OFGV bezit geen vreemde valuta, daardoor is er geen sprake van valutarisico.
Renterisico’s Renterisicobeheer is het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de rentelasten van het vreemd vermogen hoger en/of de renteopbrengsten van activa lager zijn dan geraamd. De Wet FIDO hanteert voor de beheersing van het renterisico de kasgeldlimiet en de rente risiconorm. De wet normeert via percentages het maximale risico dat een gemeenschappelijke regeling mag lopen op de vaste (de rente risiconorm) en de vlottende schuld (de kasgeldlimiet).
15
Rente-risiconorm Aangezien de OFGV geen langlopende schulden heeft, is er geen sprake van een mogelijk risico. Uit de liquiditeitenplanning blijkt dat de OFGV het hele jaar een positief banksaldo heeft. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het bedrag dat een overheid mag financieren met kortlopende geldleningen. De toegestane kasgeldlimiet 2025 betreft het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage 8,2% * het begrotingstotaal ad € 17.576.046 = € 1.455.176. Aangezien de OFGV geen kortlopende schulden heeft, wordt de norm niet overschreden. Financieringssystematiek Deze begroting is opgesteld met de bijdragen van de deelnemers berekend op basis van de herijkte Kostenverdeelsystematiek (KVS). De KVS geldt voor de partnerbijdragen in de jaren 2024-2026. A.2.5. Bedrijfsvoering •
In 2025 evalueert de OFGV het gebruik van de kantoor- en vergaderruimtes middels een nulmeting en een enquête onder de medewerkers. Hieruit moet blijken of de inrichting van het pand voldoet aan alle wensen omtrent werken, ontmoeten en verbinden.
•
De OFGV werkt volgens de Europese kwaliteitsmanagementstandaard EFQM. De OFGV wil de kwaliteit van de uitvoering borgen in de werkprocessen, in systemen en in het handelen van medewerkers. In 2025 voert de OFGV audits op de werkprocessen uit met als doel de doelmatigheid en doeltreffendheid van de VTH-taken te vergroten.
•
De KVS wordt in 2025 samen met de deelnemers geëvalueerd. In de evaluatie wordt de gewijzigde taakuitvoering als gevolg van de Omgevingswet betrokken en wordt onderzocht of spelregels dusdanig aangepast kunnen worden zodat de financiering meebeweegt met wijzigingen in taken en ambities. Ook wordt onderzocht of de KVS nog aanpassing behoeft als gevolg van de aanbevelingen vanuit het IBP VTH omtrent de financieringssystematiek van omgevingsdiensten. De uitkomsten van de evaluatie dienen als input voor de volgende KVS periode 2027-2029.
•
Voor de werving en selectie van medewerkers is het van belang dat de OFGV zichtbaar is voor potentiële nieuwe medewerkers. In 2025 ligt de nadruk op het uitvoeren van activiteiten uit het strategisch wervings- en mediaplan en arbeidscommunicatie. Daarnaast blijft de OFGV inzetten op het opleiden van nieuwe medewerkers middels een traineeprogramma en het stimuleren van doorstroming binnen de organisatie.
•
In 2025 voert de OFGV opnieuw een medewerkerstevredenheidsonderzoek uit. De OFGV pakt acties op die bijdragen aan het boeien en binden van medewerkers.
•
In 2025 vinden aanbestedingen plaats voor de ICT-infrastructuur en VTH-systemen. De implementatie van de nieuwe systemen start in 2025. De ICT-infrastructuur moet plaatsonafhankelijk werken optimaal ondersteunen en voldoen aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid. Voor de VTH-systemen ligt de nadruk op datagericht werken ter ondersteuning van een effectievere en efficiëntere taakuitvoering.
A.2.6. Verbonden partijen De Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Almere, Blaricum, Dronten, Gooise Meren, 16
Hilversum, Huizen, Laren, Lelystad, Noordoostpolder, Urk, Wijdemeren en Zeewolde, de provincie Flevoland en de provincie Noord-Holland. De OFGV heeft zelf geen verbonden partijen. A.2.7. Grondbeleid Het grondbeleid omvat het instrumentarium dat een gemeente of provincie ter beschikking heeft om de vastgestelde ruimtelijke en deels ook economische doelstellingen te realiseren. De OFGV is niet bevoegd om een (eigen) grondbeleid op te stellen. A.2.8 Rechtmatigheid De OFGV heeft zijn bedrijfsvoeringsprocessen op het gebied van financiën, inkoop en HRM beschreven in een Administratieve Organisatie volgens de 6-w methode: wat is de processtap, wie voert die uit, waarom wordt dat gedaan, waarmee wordt de stap uitgevoerd, wanneer wordt de stap uitgevoerd en waartoe leidt dat? In de processen zijn beheersmaatregelen opgenomen om mogelijke risico’s te ondervangen. Elk jaar worden deze processen geëvalueerd en worden de Administratieve Organisatie en het Interne Controle Plan geüpdatet. De interne controle ondersteunt de rechtmatigheidsverantwoording door het Dagelijks Bestuur. Jaarlijks legt de OFGV een frauderisicoanalyse aan het Algemeen Bestuur voor. A.2.9 Openbaarheid Woo Onder de Omgevingswet heeft de OFGV geen mandaat om zelfstandig Woo-verzoeken te beantwoorden.
Voor de komende periode hanteren we de huidige praktijk met betrekking tot Woo verzoeken en komt de OFGV met een voorstel hoe Woo-verzoeken in de toekomst te organiseren. Hierover wordt gecommuniceerd met de bevoegde gezagen. De prognose voor 2025 (gebaseerd op het gemiddelde van de jaren 2021-2022-2023) is het behandelen van tien Woo-verzoeken. De Woo-verzoeken worden voornamelijk ingediend door omwonenden die klachten hebben over specifieke bedrijven. Zij vragen dan alle informatie op over het bedrijf, zoals de vigerende vergunningen, verslagen van uitgevoerde controles, handhavingszaken, klachten en overige correspondentie.
17
B. Financiële begroting 2025 B.1. Overzicht van baten en lasten en de toelichting B.1.1. Begroting 2025 en Meerjarenraming 2026-2028 a. Regulier budget BATEN REGULIER BUDGET
Nummer Post 1 BIJDRAGEN DEELNEMERS 1.1 Almere 1.2 Lelystad 1.3 Zeewolde 1.4 Flevoland 1.5 Urk 1.6 Dronten 1.7 Noordoostpolder 1.8 Noord Holland 1.9 Gooise Meren 1.10 Hilversum 1.12 Huizen 1.13 Wijdemeren 1.14 Blaricum 1.15 Laren 1.16 PM-post bodemtaken* Subtotaal 2 ANDERE BIJDRAGEN 2.6 Overige opbrengsten Totaal baten regulier budget
€ € € € € € € € € € € € € € €
Begroting na 3e BW
Begroting excl. index
Index
Begroting incl. index
Wijziging I&O budget
Begroting
2024
2025
2025
2025
2025
2025
2.053.427 1.478.662 741.289 4.682.235 380.809 1.216.618 1.743.815 247.597 1.077.121 788.150 314.601 646.463 157.175 203.446 -
€ € € € € € € € € € € € € € €
2.053.427 1.478.662 741.289 4.682.235 380.809 1.216.618 1.743.815 247.597 1.077.121 788.150 314.601 646.463 157.175 203.446 -
€ € € € € € € € € € € € € € €
102.974 74.151 37.174 234.803 19.097 61.010 87.448 12.416 54.015 39.524 15.776 32.419 7.882 10.202 -
€ € € € € € € € € € € € € €
2.156.401 1.552.814 778.463 4.917.038 399.906 1.277.629 1.831.263 260.013 1.131.136 827.674 330.377 678.882 165.057 213.648
€ € € € € € € € € € € € € €
26.106 18.799 9.424 59.527 4.841 15.467 22.170 3.148 13.694 10.020 4.000 8.219 1.998 2.586
€ 15.731.410
€ 15.731.410
€
788.892
€ 16.520.301
€
200.000
€ 370.424 € 16.101.834
€ 370.424 € 16.101.834
€ €
18.576 807.468
€ 389.000 € 16.909.301
€ €
200.000
€ € € € € € € € € € € € € € €
Meerjarenraming
2026
2027 € € € € € € € € € € € € € € €
2.358.492 1.698.338 851.418 5.377.847 437.384 1.397.364 2.002.883 284.381 1.237.143 905.240 361.339 742.504 180.526 233.671 -
2028
2.182.507 1.571.612 787.887 4.976.565 404.747 1.293.096 1.853.433 263.161 1.144.830 837.694 334.377 687.100 167.055 216.235 -
€ € € € € € € € € € € € € € €
2.273.966 1.637.471 820.904 5.185.110 421.708 1.347.284 1.931.102 274.189 1.192.805 872.797 348.389 715.893 174.056 225.296 -
€ € € € € € € € € € € € € € €
2.446.392 1.761.635 883.150 5.578.278 453.685 1.449.444 2.077.530 294.980 1.283.251 938.979 374.806 770.177 187.254 242.380 -
€ 16.720.301 € € 389.000 € 17.109.301
€
17.420.971
€ 18.068.530
€ 18.741.940
€ €
405.301 17.826.272
€ 420.366 € 18.488.896
€ 436.033 € 19.177.973
18
LASTEN REGULIER BUDGET
Nummer Post 1 PERSONEEL 1.1a Salarissen 1.1b Samenwerking bedrijfsvoering 1.1c Flexibele schil 1.1d Inhuur bij ziekte Subtotaal personeelskosten 1.2 Opleidingskosten 1.3 Algemene personeelskosten 3 KAPITAALLASTEN 3.1 Afschrijving ICT 3.2 Afschrijving Meubilair 3.3 Afschrijving Verbouwing 4 INDIRECTE KOSTEN 4.1 Huisvesting (pandgebonden) 4.2 Huisvesting (niet-pandgebonden) 4.3 Informatiemanagement 4.4 Wagenpark 4.5 Diverse kosten 4.6 Accountant 4.7 HRM 4.8 Innovatie en ontwikkeling 5 ONVOORZIEN 5.1 Onvoorzien Totaal lasten regulier budget
Begroting na 3e BW
Begroting excl. index
Index
Begroting incl. index
Wijziging I&O budget
Begroting incl. index
2024
2025
2025
2025
2025
2025
Meerjarenraming
2026
2027
2028
€ € € € € € €
12.921.275 40.503 129.619 13.091.397 441.617 610.219
€ € € € € € €
12.921.275 40.503 129.619 13.091.397 441.617 610.219
€ € € € € € €
749.434 2.349 7.518 759.301 7.066 9.764
€ € € € € € €
13.670.709 42.852 137.136 13.850.698 448.683 619.982
€ € € € € € €
-
€ € € € € € €
13.670.709 42.852 137.136 13.850.698 448.683 619.982
€ € € € € € €
14.326.904 44.909 143.719 14.515.532 455.862 629.902
€ € € € € € €
14.928.633 46.796 149.755 15.125.184 463.155 639.981
€ € € € € € €
15.555.636 48.761 156.045 15.760.442 470.566 650.220
€ € €
125.691 75.819 81.112
€ € €
125.691 75.819 81.112
€ € €
2.011 1.213 1.298
€ € €
127.702 77.032 82.409
€ € €
-
€ € €
127.702 77.032 82.409
€ € €
129.745 78.264 83.728
€ € €
131.821 79.517 85.067
€ € €
133.930 80.789 86.428
€ € € € € € € €
181.319 114.049 880.309 128.020 209.349 29.094 75.647 -
€ € € € € € € €
181.319 114.049 880.309 128.020 209.349 29.094 75.647 -
€ € € € € € € €
2.901 1.825 14.085 2.048 3.350 466 1.210 -
€ € € € € € € €
184.220 115.873 894.394 130.069 212.698 29.560 76.858 -
€ € € € € € € €
200.000
€ € € € € € € €
184.220 115.873 894.394 130.069 212.698 29.560 76.858 200.000
€ € € € € € € €
187.168 117.727 908.704 132.150 216.101 30.033 78.087 203.200
€ € € € € € € €
190.163 119.611 923.243 134.264 219.559 30.513 79.337 206.451
€ € € € € € € €
193.205 121.525 938.015 136.412 223.072 31.002 80.606 209.754
€ 58.191 € 16.101.834
€ 58.191 € 16.101.834
€ €
931 807.468
€ 59.122 € 16.909.301
€ €
200.000
€ 59.122 € 17.109.301
€ €
60.068 17.826.272
Begroting na 3e BW
Begroting excl. index
Index
Begroting incl. index
Wijziging I&O budget
Begroting
2024
2025
2025
2025
2025
2025
€ 61.029 € 18.488.896
€ 62.006 € 19.177.973
b. Directe productiekosten DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN Nummer Post 1 BATEN DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 1.4 Directe productiekosten Flevoland 1.1 Directe productiekosten Almere 1.9 Directe productiekosten Gooise Meren 1.8 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal baten directe productiekosten 6 DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6.1 Directe productiekosten Flevoland 6.2 Directe productiekosten Almere 6.3 Directe productiekosten Gooise Meren 6.4 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal lasten directe productiekosten
c.
Meerjarenraming
2026
2027
2028
€ € € € €
285.475 1.381 13.327 8.975 309.158
€ € € € €
285.475 1.381 13.327 8.975 309.158
€ € € € €
4.568 22 213 144 4.947
€ € € € €
290.043 1.403 13.540 9.118 314.104
€ € € € €
-
€ € € € €
290.043 1.403 13.540 9.118 314.104
€ € € € €
294.684 1.425 13.757 9.264 319.130
€ € € € €
299.399 1.448 13.977 9.413 324.236
€ € € € €
304.189 1.471 14.200 9.563 329.424
€ € € € €
285.475 1.381 13.327 8.975 309.158
€ € € € €
285.475 1.381 13.327 8.975 309.158
€ € € € €
4.568 22 213 144 4.947
€ € € € €
290.043 1.403 13.540 9.118 314.104
€ € € € €
-
€ € € € €
290.043 1.403 13.540 9.118 314.104
€ € € € €
294.684 1.425 13.757 9.264 319.130
€ € € € €
299.399 1.448 13.977 9.413 324.236
€ € € € €
304.189 1.471 14.200 9.563 329.424
Subsidies
19
SUBSIDIES Nummer Post 2 OVERIGE BIJDRAGEN - BATEN SUBSIDIES 2.7 Diverse subsidies Totaal baten subsidies 7 OVERIGE KOSTEN - LASTEN SUBSIDIES 7.5 Diverse subsidies Totaal lasten subsidies
Begroting na 3e BW
Begroting excl. index
Index
Begroting incl. index
Wijziging I&O budget
Begroting
2024
2025
2025
2025
2025
2025
Meerjarenraming
2026
2027
2028
€ €
363.230 363.230
€ €
322.640 322.640
€ €
-
€ €
322.640 322.640
€ €
-
€ €
322.640 322.640
€ €
322.640 322.640
€ €
200.000 200.000
€ €
200.000 200.000
€ €
363.230 363.230
€ €
322.640 322.640
€ €
-
€ €
322.640 322.640
€ €
-
€ €
322.640 322.640
€ €
322.640 322.640
€ €
200.000 200.000
€ €
200.000 200.000
d. Reserves RESERVES Nummer Post 2 OVERIGE BIJDRAGEN - BATEN RESERVES 2.1 Onttrekking bestemmingsreserve I&O Totaal baten reserves 7 OVERIGE KOSTEN - LASTEN RESERVES 7.1 Implementatiekosten ICT en VTH systemen 7.7 Invoeringskosten Omgevingswet 7.8 Diverse innovatieprojecten Totaal lasten reserves
Begroting na 3e BW
Begroting excl. index
Index
Begroting incl. index
Wijziging I&O budget
Begroting
2024
2025
2025
2025
2025
2025
Meerjarenraming
2026
2027
2028
€ €
594.374 594.374
€ €
1.000.000 1.000.000
€ €
-
€ €
1.000.000 1.000.000
€ €
200.000 200.000
€ €
1.200.000 1.200.000
€ €
-
€ €
-
€ €
-
€ € € €
211.374 383.000 594.374
€ € € €
1.000.000 1.000.000
€ € € €
-
€ € € €
1.000.000 1.000.000
€ € € €
200.000 200.000
€ € € €
1.000.000 200.000 1.200.000
€ € €
-
€ € €
-
€ € €
-
20
Bij het opstellen van de begroting 2025 is onder meer uitgegaan van de volgende uitgangspunten: •
Deze begroting is opgesteld met de bijdragen van de deelnemers doorberekend op basis van de Kostenverdeelsystematiek (KVS) voor de periode 2024-2025-2026 en verhoogd met de jaarlijkse indexatie.
•
Het begrotingstotaal in 2025 wordt geïndexeerd conform de vigerende Gemeenschappelijke Regeling. Salarissen en kosten van inhuur (ongeveer 80% van het begrotingstotaal) worden verhoogd met de Loonvoet sector overheid en de overige kosten (circa 20% van het begrotingstotaal) met de prijs overheidsconsumptie, netto materieel uit de “Septembercirculaire gemeentefonds” van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Deze prijsindexen in de septembercirculaire gemeentefonds bedragen 5,8% respectievelijk 1,6% voor 2025.
•
De basis voor de begroting 2025 is de begroting 2024 na 3e begrotingswijziging. De 3e begrotingswijziging 2024 is voor zienswijzen aan de raden en Staten voorgelegd en gaat voor een besluit naar het AB samen met deze ontwerpbegroting. De begrotingswijziging is alvast verwerkt in deze begroting met als doel om een zo actueel mogelijk beeld te geven over het begrotingsjaar 2025. De wijzigingen gaan in per 1 januari 2024 en hebben betrekking op: a. De structurele verhoging van de partnerbijdrage van Noord-Holland met € 5.250 in verband met de uitvoering van de taak stedelijk afvalwater; b. De structurele verhoging van de partnerbijdrage van Almere met € 100.000 in verband met extra asbesttoezicht.
•
In de kadernota 2025 zijn de inbreng van wettelijke basistaken door afzonderlijke deelnemers en de uitvoering van collectieve basistaken op het juiste kwaliteitsniveau opgenomen. Elke taak wordt uitgewerkt in een voorstel die eerst aan het bestuur wordt voorgelegd en vervolgens als begrotingswijziging voor zienswijzen aan de deelnemende raden en Staten wordt gezonden. Daarom zijn deze taken nog niet in de begroting 2025 verwerkt.
•
In de kadernota 2025 is een structureel innovatie en ontwikkelbudget van € 400.000 opgenomen, dit komt overeen met het gemiddelde budget in de afgelopen jaren. De minimale hoogte volgens het IBP VTH is 1% van het begrotingstotaal. Het Algemeen Bestuur gaf het Dagelijks Bestuur als kader mee om € 200.000 structureel op te nemen in de begroting en het meerdere aan te vullen vanuit de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling.
B.1.2. Toelichting op het overzicht van baten en lasten Baten reguliere begroting Bijdragen deelnemers De bijdragen van de deelnemende partijen aan de begroting van 2025 zijn berekend op basis van de Kostenverdeelsystematiek (KVS) 2024-2025-2026 en verhoogd met de structurele uitbreiding van het takenpakket en de indexering. Het stemrechtpercentage wordt conform artikel 7 lid 1 van de Gemeenschappelijke Regeling OFGV bepaald naar rato van de totale financiële bijdrage per deelnemer van het voorgaande kalenderjaar. De verdeling van de stemmen in 2025 wordt bepaald aan de hand van de jaarcijfers over 2024. 21
Overige inkomsten De post overige inkomsten is het deel van de OFGV begroting dat niet gedekt wordt door de structurele partnerbijdragen, maar wordt gedekt met de overige inkomsten. Dit bedrag van € 389.000 wordt onder andere gerealiseerd door het uitvoeren van extra opdrachten. Lasten reguliere begroting Personeelskosten Het begrotingsbedrag voor personeelskosten bedraagt in 2025 € 13.671.000. Dit bedrag wordt aangewend voor de salarissen van vast personeel, de kosten voor flexibele schil en inhuur bij ziekte. Ten opzichte van de oorspronkelijke meerjarenschijf 2025 uit de begroting 2024 is het bedrag met € 311.000 gestegen. Dat wordt veroorzaakt door de structurele taakuitbreiding en de indexering. Opleidingskosten Het budget voor opleidingskosten is nodig voor de noodzakelijke kwaliteitsverbetering van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Ook het bijhouden van bestaande kennis in het kader van aanpassingen in wet- en regelgeving drukken op dit budget. De raming voor 2025 bedraagt € 449.000. Algemene personeelskosten Het budget voor algemene personeelskosten bedraagt € 620.000 en is ten opzichte van de oorspronkelijke meerjarenschijf uit de begroting 2024 verhoogd met € 16.000 in verband met de structurele taakuitbreiding.
Het budget is bestemd voor de vergoedingen aan personeel zoals reiskosten, piket en overwerk en voor personeelsgerelateerde kosten zoals werkkleding, OR/GO en de personeelsvereniging. Afschrijvingen De raming van de afschrijvingen is als volgt: Activa Verbouwing pand Meubilair ICT hardware (computers, laptops, tablets) Telefoons Totaal afschrijvingen
Termijn 10 jaar 10 jaar 3 jaar 2 jaar
Afschrijving € 82.409 € 77.032 € 85.202 € 42.500 € 287.143
De afschrijven voor de verbouwing van het pand en voor het meubilair zijn het gevolg van de gemaakte keuzes over het plaats-onafhankelijk werken en de inrichting van het pand. De afschrijvingskosten voor de handhavingsschepen van de provincie Flevoland zijn verwerkt in de directe productiekosten. Deze kosten worden niet door overige deelnemers betaald en zijn daarom niet opgenomen onder de reguliere kapitaallasten. Huur en services De pandgebonden huisvestingslasten zijn de huurlasten zoals overeengekomen met de verhuurder. Het huurcontract wordt jaarlijks verhoogd met de CBS-index huurprijzen. Ook bevat deze post andere lasten verbonden aan de huisvesting zoals gas-water-licht, verzekering, belasting, schoonmaak en beveiliging. Het begrotingsbedrag bedraagt € 184.000. Dit bedrag is ten opzichte van de oorspronkelijke meerjarenschijf uit de begroting 2024 verlaagd met € 179.000 omdat de OFGV van vier naar twee verdiepingen huur is gegaan als gevolg van het plaats-onafhankelijk werken. Huisvesting (niet-pandgebonden) De dienstgebonden huisvestingslasten betreffen het budget van € 115.000 voor onderhoud, 22
inrichting, catering en dergelijke. Dit bedrag is ten opzichte van de oorspronkelijke meerjarenschijf uit de begroting 2024 verlaagd met € 39.000 omdat de OFGV van vier naar twee verdiepingen huur is gegaan als gevolg van het plaats-onafhankelijk werken. Informatiemanagement De kosten voor informatiemanagement betreffen de kosten voor hardware, software, onderhoud en dergelijke. Het budget bedraagt € 894.000 en is ten opzichte van de oorspronkelijke meerjarenschijf uit de begroting 2024 verhoogd met € 3.000 als gevolg van de structurele taakuitbreiding en de indexering. Wagenpark Het budget voor het wagenpark van € 130.000 is bestemd voor de leasekosten van handhavingsvoertuigen. Diverse kosten Het budget voor diverse kosten bedraagt € 213.000 en is bestemd voor kosten zoals porti, kantoorartikelen, telefoonkosten, verzekeringen en dergelijke. Accountant Het budget is bestemd voor de accountantscontrole en bedraagt € 30.000. HRM Het budget van € 77.000 is bestemd voor diverse kosten op het gebied van HRM zoals arbo en integriteit. Innovatie en ontwikkeling Het budget van € 200.000 is bestemd voor innovatieprojecten en ontwikkelingen en is een vereiste vanuit het IBP VTH. Het budget wordt aangevuld tot € 400.000 vanuit de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling. De innovatieagenda voor 2025 bevat de onderstaande projecten.
Voor elk innovatieproject wordt een voorstel aan het DB voorgelegd. Innovatieagenda 1. Circulaire economie 2. Strafrechtelijke handhaving opstarten 3. Pilot financiële zekerheid 4. Wijzigingen Woo 5. Ketentoezicht opstarten 6. Locatiebestand op orde 7. Actualiseren vergunningen opstarten 8. Visitatie 2025 9. Altijd actuele digitale vergunning 10. Casemanagement opstarten Totaal
2024 2025 € 180.000 € 55.000 € 35.000 € 20.000 € 25.000 € 100.000 € 38.000 € 100.000 € 30.000 € 20.000 € 80.000 € 100.000 € 383.000 € 400.000
Onvoorzien Het bedrag voor onvoorzien bedraagt in 2025 € 59.000. Het budget onvoorzien maakt deel uit van het weerstandsvermogen en is bestemd voor risico’s in de bedrijfsvoering.
23
Directe productiekosten Directe productiekosten zijn budgetten van deelnemers die nodig zijn voor het uitvoeren van specifieke taken. Deze directe productiekosten worden niet procentueel verdeeld over alle deelnemers maar worden door de specifieke deelnemers overgedragen aan de Omgevingsdienst. De specificatie is als volgt: DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN PROVINCIE FLEVOLAND Groene handhaving kapitaallasten vaartuigen Groene handhaving vaartuigen Handhaving groen en buitengebied Advertenties milieuwetten Extern advies vergunningverlening Extern advies handhaving Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden Beheer grondwatermeetnet Subtotaal Legesheffing vergunningen (ontgrondingen grondwater) Legesheffing vergunningen (milieu) Vergoeding groene handhaving randmeren Totaal Provincie Flevoland
€ € € € € € € € € €
35.068 64.056 100.364 40.913 20.923 20.923 86.097 79.503 447.848 151.960
€ €
5.845 290.043
DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN GEMEENTE ALMERE Geluidsmeter Totaal Gemeente Almere
€ €
1.403 1.403
DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN GEMEENTE GOOISE MEREN Algemeen uitbesteed werk Totaal Gemeente Gooise Meren
€ €
13.540 13.540
DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN PROVINCIE NOORD-HOLLAND Advertentie-, onderzoek en kadasterkosten Totaal Provincie Noord-Holland
€ €
9.118 9.118
In overleg met de provincie Flevoland is nog geen raming opgenomen van de legesopbrengsten voor omgevingsvergunningen. In de loop van 2024 worden op basis van ervaringscijfers de legesopbrengsten geëxtrapoleerd voor het jaar 2025 en worden afspraken gemaakt over de financiële verwerking daarvan. Subsidies Het in deze begroting geraamde bedrag voor de subsidies van € 323.000 in 2025 betreft de Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparing (SPUK-THE). Deze subsidie loopt van 2022 tot en met 2026 en is in de meerjarenschijf 2026 verwerkt. Voor 2027 en verder is de stelpost van € 200.000 geraamd. Reserves Voor 2025 zijn twee onttrekkingen aan de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling geraamd. Dit betreft de implementatiekosten van ICT en VTH systemen zoals ook genoemd in de risicoparagraaf en de onttrekking voor innovatieprojecten zoals ook genoemd in het voorwoord van deze begroting. Zodra het AB besluit over het ontwikkelplan, zal een begrotingswijziging worden voorgelegd om ook de eenmalige kosten van het ontwikkelplan aan de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling te onttrekken. B.1.3. Algemene dekkingsmiddelen De OFGV ontvangt geen algemene dekkingsmiddelen.
24
B.1.4. Kosten van overhead De specificatie van de overhead is als volgt: Specificatie overhead Personele lasten overhead personeel Overige personeelskosten Afschrijvingen Facilitair Informatiemanagement Financiën Totaal
Realisatie 2023 2.723.679 1.641.967 172.580 605.352 571.196 34.045 5.748.819
Begroting 2024 2.411.589 1.127.483 282.622 632.737 690.309 29.094 5.173.835
Begroting 2025 2.664.437 1.145.523 287.143 642.861 704.394 29.560 5.473.917
Meerjarenraming 2026 2027 2028 2.792.330 2.909.608 3.031.811 1.163.851 1.182.473 1.201.393 291.737 296.405 301.147 653.147 663.597 674.214 718.704 733.243 748.015 30.033 30.513 31.002 5.649.802 5.815.839 5.987.583
De personele overhead mag maximaal 24% bedragen. De OFGV blijft hier onder. Percentage personele overhead Personele lasten overhead personeel Personele lasten direct personeel % personele overhead