CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Begroting 2024 Plassenschap

gemeenteraad 28 september 2023, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Raadsvoorstel zienswijze jaarstukken Plassenschap (Het geamendeerde raadsvoorstel unaniem aangenomen)9.360 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BEGROTING 2024 CONCEPTVERSIE 12 MEI 2023

1

1 Voorwoord Nieuw: Voor u ligt de programmabegroting 2024 van het Plassenschap Loosdrecht e.o., opgesteld door de gemeente Wijdemeren, in opdracht van het bestuur van het Plassenschap. Ingevolge de in 2022 tussen partijen opgestelde Samenwerkingsovereenkomst is de gemeente verantwoordelijk voor de taakuitvoering van het Plassenschap, binnen de door het bestuur vastgestelde kaders en budgetten. Plassenschap Loosdrecht e.o. is in 2023 een bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO), een samenwerkingsvorm op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Binnen deze BVO werken de gemeenten Wijdemeren, Stichtse Vecht en de Provincies Utrecht en Noord-Holland samen aan het beheer van publiek toegankelijke recreatiegebieden voor inwoners en bezoekers van de regio. De taak van het Plassenschap Loosdrecht e.o. ingevolge de nieuwe BVO is het beheer en onderhoud en eventueel de exploitatie van eigendommen van het Plassenschap en de daarop aanwezige voorzieningen, het in stand houden van het natuur en landschapsschoon dat het schap in eigendom heeft, voor zover samenhangend met deze taak, alsmede het financieel beheer dat met deze taak samenhangt. De eigendommen van het schap liggen in het gebied van de Loosdrechtse Plassen, de beide Noordelijke- en Zuidelijke Kievitsbuurt en omvatten voorts een pad. Ten westen van de A2 liggen een vijftal terreinen en drie paden in het Veenweidegebied.

Het plassengebied biedt daarmee publieke mogelijkheden voor ontspanning, rust, beweging en plezier voor inwoners én bezoekers van de regio. De deelnemers hebben afgesproken dat gedurende de jaren 2023 en 2024 de besparingen die worden gerealiseerd in de bedrijfsvoering ten opzichte van de voorgaande periode worden ingezet ten behoeve van kwaliteitsverbetering van het product. Na deze twee jaren wordt dit uitgangspunt geëvalueerd. Begin 2023 zijn onderzoeken uitgezet om een meer nauwkeurig beeld te verkrijgen van de meerjarige onderhoudsverplichtingen die met het beheer samenhangen. Daarbij wordt onderscheiden naar de taakpakketten: terreinen, vaarwegen, sluizen en vastgoed. Op basis van deze inzichten, die rond de zomer van 2023 worden verwacht, zal een Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) en een Meerjaren Investeringsplan aan het bestuur (MJIP) worden voorgelegd. Dit geeft input voor het Beheerplan en de vier-jarige financiële doorkijk waarom het bestuur gevraagd heeft. Ook zullen de uitkomsten input geven voor het jaarlijks beheerplan onderhoud. Verwacht wordt dat deze beleidsstukken en de daarop gebaseerde keuzes aanleiding zullen geven tot een begrotingswijziging, die in het najaar van 2023 aan het bestuur zal worden voorgelegd. Het schap moet daarmee op basis van de keuzes die het bestuur maakt een inzichtelijk perspectief krijgen op de toekomst.

De op 24 november 2022 vastgestelde Kadernota vormt de basis voor deze begroting.

2

ONDERTEKENING Aldus vastgesteld door het bestuur d.d. 12 mei 2023

A. Wisseborn Voorzitter

Mevr. J. Brand Secretaris

3

INHOUD 1

Voorwoord ....................................................................................................................................... 2

Ondertekening ......................................................................................................................................... 3 Inhoud ...................................................................................................................................................... 4 Beleidsbegroting ...................................................................................................................................... 6 2

Programmaplan ............................................................................................................................... 6 2.1

Inleiding ................................................................................................................................... 6

2.2

Programma 1: Beheer, onderhoud en exploitatie.................................................................... 7

2.2.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ............................................... 7

2.2.2

Wat mag het kosten? ....................................................................................................... 9

2.3

Programma 5: Algemeen (incl. overhead) ............................................................................. 11

2.3.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we doen? ............................................................ 11

2.3.2

Wat gaan we daarvoor doen? ....................................................................................... 11

2.3.3

Wat mag het kosten? ..................................................................................................... 12

....................................................................................................................................................... 12 3

Paragrafen ..................................................................................................................................... 15 3.1

Paragraaf lokale heffingen ..................................................................................................... 15

3.2

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing ........................................................... 15

3.2.1

Inventarisatie en toelichting beschikbare weerstandscapaciteit .................................... 17

3.3

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................ 19

3.4

Paragraaf financiering ........................................................................................................... 19

3.4.1

Beleidsuitgangspunten .................................................................................................. 19

3.4.2

Risicobeheer .................................................................................................................. 20

3.4.3

Kasgeldlimiet ................................................................................................................. 20

3.4.4

Renterisiconorm............................................................................................................. 20

3.4.5

Mutaties in de leningenportefeuille ................................................................................ 20

3.4.6

BBV en rentetoerekening .............................................................................................. 20

3.5

Paragraaf bedrijfsvoering ...................................................................................................... 21

3.5.1

Bedrijfsvoering ............................................................................................................... 21

3.5.2

Overhead en toerekening personeelskosten ................................................................. 21

3.6

Paragraaf verbonden partijen ................................................................................................ 21

Financiële begroting .............................................................................................................................. 22 4

Overzicht baten en lasten per programma en toelichting .............................................................. 22

5

Overzicht baten en lasten per kostensoort .................................................................................... 23

6

Overzicht incidentele baten en lasten ........................................................................................... 24 6.1

Overzicht incidentele baten en lasten en toelichting ............................................................. 24

6.2

Presentatie van het structureel begrotingssaldo ................................................................... 24 4

7

Uiteenzetting van de financiële positie .......................................................................................... 25 7.1

Financiële gevolgen bestaand en nieuw beleid..................................................................... 25

7.2

geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar ......................................... 25

7.3

EMU-saldo ............................................................................................................................. 25

7.4

Meerjaren investeringsbegroting ........................................................................................... 26

7.5

Stand en verloop van de reserves en voorzieningen ............................................................ 27

7.6

Baten en lasten per taakveld ................................................................................................. 28

7.7

Deelnemersbijdrage 2024 ..................................................................................................... 29

5

BELEIDSBEGROTING

2 Programmaplan 2.1 Inleiding Het Plassenschap richt zich als BVO op een doelmatig beheer van de bezittingen, afgestemd op de wensen van de gebruikers van het gebied. Naast de recreanten die er ontspanning zoeken zijn dit ook de diverse ondernemingen die er hun brood verdienen. De gemeente Wijdemeren verzorgt het beheer voor het plassenschap, maar stemt keuzes die gemaakt moeten worden af met ambtelijke vertegenwoordigers van de vier deelnemers. Waar nodig wordt opgeschaald naar het bestuur, dat zich in eerste instantie bezig houdt met kaderstelling (o.a. beeldkwaliteitsnorm) en de vaststelling van de budgetten. Om een integer proces te waarborgen zijn de secretaris- en controlfunctie ondergebracht bij de provincie Utrecht. Hiermee wordt beoogd de overhead slank en doeltreffend te organiseren. Het Plassenschap is eigenaar van de volgende eilanden Geitekaai, Markus Pos, Meent, Robinson Crusoe en Weer. Verder de terreinen: de Aa, Bijltje, Bosdijk, de Geer, Fuut, Oukoperdijk, de Strook en Zwaan. Daarnaast beheert het schap een aantal fiets- en wandelpaden – de Boterwal, fietspad Scheendijk en de Uitweg van Portengen – alsmede diverse vaarwegen en alle sluizen die toegang geven tot de Loosdrechts plassen. Daarnaast bezit het schap vele legakkers en natuuroevers, zowel in de Loosdrechtse plassen als de Noordelijke- en Zuidelijke Kievitsbuurt.

Leeswijzer De begrotingen van 2022 en 2023 zijn opgebouwd uit een vijftal programma’s. Van deze programma’s is programma 2 “Toezicht en handhaving” inmiddels komen te vervallen omdat de betreffende taken zijn teruggegaan naar de gebiedsgemeenten. Programma 3 “Ontwikkeling” bevatte alleen de baggerbijdrage aan de Oostelijke Vechtplassen (gebiedsakkoord) wat in feite een beheerbijdrage betreft. Programma 4 “Exploitatie” is een gemengd programma, die niet volledig recht doet aan de feitelijke omstandigheden. Enerzijds ontbreken beheerkosten van het te exploiteren deel, anderzijds zijn alle kapitaallasten hier verantwoord, dus ook van de beschoeiingen langs de vaarwegen, de eilanden de legakkers in de Kievitsbuurten en de terreinen in het veenweidegebied. Daarentegen waren de beheeren onderhoudslasten van de exploitaties Mijndense Sluis, de Strook en Meent hier niet verantwoord. Voor de duidelijkheid is ervoor gekozen om de programma’s 1,3 en 4 samen te voegen tot 1 programma. “Beheer, onderhoud en exploitatie”. In de verantwoording van de 2 programma’s zijn de bedragen van realisatie 2022 en de begroting 2023 reeds samengevoegd. In de overzichtstabellen in deze begroting zijn de ramingen in de oorspronkelijke versies voor 2022 en 2023 weergegeven. De begroting 2024 is opgebouwd naar de aard van de activiteiten van het schap:  

Programma 1. Beheer, onderhoud en exploitatie (inclusief baggerbijdrage) Programma 5. Algemeen (incl. overhead).

Programma 2.Toezicht en handhaving is in 2023 reeds komen te vervallen en in 2023 reeds samengevoegd met programma 1. Programma 3.Ontwikkeling is vervallen t.o.v. 2023 en samengevoegd met programma 1. Programma 4 Exploitatie is vervallen t.o.v. 2023 en samengevoegd met programma 1.

 

6

2.2 Programma 1: Beheer, onderhoud en exploitatie. 2.2.1 2.2.1.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? Beheer en onderhoud algemeen (beheerplannen regulier en groot onderhoud en vervangingsinvesteringen).

Momenteel worden er beheerplannen opgesteld voor regulier jaarlijks onderhoud, groot onderhoud (MJOP) en een meerjarig investeringsplan (MJIP) , uit deze beheerplannen zal het werkelijk benodigde budget voor regulier jaarlijks onderhoud, groot onderhoud en vervangingsinvesteringen volgen. De uitkomsten worden separaat aan het bestuur ter besluitvorming voorgelegd. Dit zal gevolgen (kunnen) hebben voor de hoogte van het hier verantwoorde budgetten.

2.2.1.2 Beheer & Onderhoud (lasten) Beheer en onderhoud omvat het beheer en (dagelijks, groot- en vervangings-) onderhoud van de bezittingen. Het niveau van beheer & onderhoud verschilt per terrein, per seizoen en is afhankelijk van onder meer wet- en regelgeving, de functie, de intensiteit van gebruik en de behoefte van de gebruikers. Het bestuur van het Plassenschap zal het daarbij behorende, gedifferentieerde kwaliteitsniveau vaststellen. Ook op het gebied van beheer & onderhoud moeten we inspelen op en rekening houden met diverse ontwikkelingen. In onderstaande paragrafen worden de belangrijkste ontwikkelingen geschetst. Om efficiënter te kunnen werken is uit de besparingen op overhead de onderhoudsploeg versterkt met een coördinerend schipper, naast twee 'gewone' schippers. 2.2.1.3 Optimalisatie In 2023 wordt op basis van de opgedragen inspecties verder gewerkt aan het op orde brengen van de basis door het opstellen/verbeteren van de onderhoudsbestekken voor dagelijks onderhoud, het Meerjarig onderhoudsplan (MJOP) en de vervangingsinvesteringen (MJIP). De digitalisering van het areaal in het GIS-systeem Geovisia worden voortgezet en voorstellen worden getoetst aan de door het bestuur bepaalde beeldkwaliteit.

2.2.1.4 Duurzaamheid/natuur De thema’s duurzaamheid ‘klimaatverandering’/‘klimaatadaptatie’, ‘biodiversiteit’, ‘circulaire economie’ en ‘energietransitie’ staan steeds hoger en prominenter op de politieke agenda’s. Het schap heeft in de afgelopen jaren een aantal stappen gezet op het gebied van duurzaamheid. Waar mogelijk wordt ecologisch beheerd ter bevordering van de biodiversiteit en worden natuurvriendelijke oevers aangelegd. In 2023 streven we naar verdere verduurzaming. Het Natura2000 beheerplan Oostelijke Vechtplassen wordt hierbij betrokken maar natuurbeheerplannen zullen niet worden opgesteld. Het Plassenschap is immers niet ingericht als TBO en ontvangt derhalve ook geen beheervergoedingen. 2.2.1.5 Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen (Bijdrage baggerwerkzaamheden). Dit onderdeel is in de begroting 2023 nog verantwoord onder programma 3 Ontwikkeling, maar is feitelijk onderdeel van programma 1 Beheer en onderhoud, daar het hier om een bijdrage aan de in het plassengebied uit te voeren baggerwerkzaamheden betreft. Het Plassenschap brengt geen recreatieve ontwikkelingen op gang, maar werkt er wel actief aan mee. De afwegingskaders voor de haalbaarheid van ruimtelijke ingrepen liggen niet binnen de scope van het Plassenschap. Het Plassenschap Loosdrecht e.o. is mede ondertekenaar van het Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen (OVP).

Binnen het OVP zijn diverse projecten benoemd, waarbij de medewerking van het Plassenschap een rol speelt. Het Plassenschap is daarmee een verplichting aangegaan van in totaal € 906.000 als bijdrage aan de uit te voeren baggerwerkzaamheden. De totale bijdrage dient volgens een vastgesteld kasritme te worden bijgedragen in de periode 2017-2027. 7

Vanaf 2020 wordt rekening gehouden met een jaarlijks te financieren bedrag van afgerond € 70.900. In het laatste jaar van het Gebiedsakkoord wordt het resterende deel van de bijdrage ad. € 390.600 verrekend. Binnen de organen van het Gebiedsakkoord wordt het Plassenschap vertegenwoordigd door de gemeenten Wijdemeren en Stichtse Vecht. 2.2.1.6 Routebureau (lasten) Het Plassenschap is – namens deelnemende gemeenten - een van de opdrachtgevers van het Routebureau Utrecht. Een uniform beheer en onderhoud, ontwikkeling en informatievoorziening & marketing m.b.t. de bewegwijzerde routenetwerken voor fietsen, wandelen en varen (sloepen) loopt via het Routebureau. De bijdrage van het Plassenschap bedraagt in 2024 € 22.200 (2023 afgerond € 21.700). Met het Routebureau wordt in 2023 geëvalueerd of deze bijdrage nog wel recht doet aan de geleverde diensten. Totdat de evaluatie is afgerond, wordt conform de voorgaande begroting geraamd. 2.2.1.7 Kwaliteitsbijdrage toezicht en handhaving (lasten) Dit betreft de bijdrage van het Plassenschap aan de gebiedsgemeenten m.b.t. toezicht en handhaving. Daar staat tegenover een van de gemeente Wijdemeren ontvangen instandhoudingsbijdrage. Vanaf 2023 voert het Plassenschap de taken uit van Toezicht en Handhaving niet langer uit. In plaats daarvan wordt een “kwaliteitsbijdrage toezicht en handhaving” opgenomen in de begroting.

De twee plassengemeenten ontvangen vanuit de begroting van het Plassenschap een vergoeding in de vorm van een “kwaliteitsbijdrage toezicht en handhaving”, die overeenkomt met het gebudgetteerde nadeel van de twee gemeenten. De gebiedsgemeenten dienen hiertoe wel een in gezamenlijk toezichtplan op te stellen, die door het bestuur wordt vastgesteld. De begroting van het Plassenschap blijft met betrekking tot deze taak even hoog als in de periode dat de werkzaamheden nog daadwerkelijk door het Plassenschap werden uitgevoerd. Het Plassenschap verstrekt een kwaliteitsbijdrage aan beide gemeenten, daarmee kan de verdeelsleutel in stand blijven. Dat betekent verder dat er binnen het Plassenschap bestuurlijke en ambtelijke afstemming is over de werkzaamheden (en het kwaliteitsniveau) van de taken op het gebied van toezicht en handhaving. Beide gemeenten rapporteren daarover ook aan het Plassenschap. In de praktijk voert Wijdemeren de feitelijke werkzaamheden uit, ook voor Stichtse Vecht. 2.2.1.8 Instandhoudingsbijdrage Wijdemeren en deelnemers (baten) De te betalen vergoeding voor de ontheffing snelvaren omvat naast leges een component ‘instandhoudingsbijdrage’ gerelateerd aan de extra druk die het snelvaren op het gebied legt. Dit bedrag stelt de gemeente Wijdemeren, die deze instandhoudingsbjjdrage feitelijk incasseert, ter beschikking aan het Plassenschap.

Deze instandhoudingsbijdrage is afhankelijk van het feitelijk aantal uitgegeven ontheffingen en de kosten die de gemeente maakt voor het verstrekken ervan. Het hier geraamde bedrag kan als gevolg hiervan fluctueren. In deze begroting is deze instandhoudingbijdrage geraamd op € 215.700. Daar staat tegenover dat er een “kwaliteitsbijdrage voor toezicht en handhaving” van totaal € 325.000 (Zie 2.2.1.5) aan de gemeenten wordt verstrekt. Het geraamde saldo van deze twee bedragen bedraagt in 2024 € 109.300. Dit bedrag is als extra bijdrage aan de deelnemersbijdragen toegevoegd. 2.2.1.9 Exploitatie (baten) Exploitatie biedt de mogelijkheid om de recreatieve meerwaarde van het gebied te vergroten en/of meer inkomsten te genereren. Tegenover de gerealiseerde opbrengsten staan de kosten van onder meer personeel, beheer en onderhoud, kapitaallasten, belasting en verzekeringen, energie en overige kosten. De exploitatie van het Plassenschap betreft het uitbaten van bezittingen, via erfpacht-, opstal-, huur- en gebruiksovereenkomsten. Erfpachtovereenkomsten worden voor een lange termijn aangegaan, huuren gebruiksovereenkomsten zijn vaak voor een korte(re) termijn. 8

Het schap heeft erfpachtovereenkomsten voor Paviljoen De Strook, Recreatiecentrum Mijnden en (tegen een symbolisch tarief) eiland Robinson Crusöe. Het opstal op eiland Meent wordt verhuurd. Deze overeenkomsten vormen een belangrijke bron van inkomsten (Mijnden) en/of dragen bij aan recreatief gebruik van het Plassengebied. Huur- en gebruiksovereenkomsten worden verder aangegaan voor het gebruik van terreinen door hondenuitlaatservices, het gebruik van een steiger, visrecht, het gebruik van een eiland of terrein voor een activiteit zoals een scoutingkamp, suppen etc. Dit zijn zeer diverse overeenkomsten voor (regelmatig terugkerende) eenmalige activiteiten of korte termijn gebruik. Verder is er de Mijndense Sluis waar sluiswachters de boten schutten. Voor het schutten worden sluisgelden geïnd.

2.2.2

Wat mag het kosten?

We presenteren een sluitende begroting. De deelnemersbijdragen dekken per saldo het negatieve resultaat van de programma’s. Programma 1

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

1.868 2.802 -934 0 71 -1.005

2.127 2.229 -102 20 88 -170

2.302 2.234 68 3 71 0

Lasten Baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

De lasten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 1 a. Doorbelaste personeelskosten beheer en onderhoud en exploitatie (excl. Overhead) b. Inhuur personeel derden c. Onderhoud en vuilafvoer d. Routebureau e. Dotatie voorziening groot onderhoud f. Kwaliteitsbijdrage toezicht en handhaving g. Kapitaallasten h. Baggerbijdrage OVP (gebiedsakkoord) i. Energie- en waterkosten j. Belastingen en verzekeringen k. Bestuurs-, apparaat- en overige kosten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Begroting 2023

Begroting 2024

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

673

706

112 318 0 288 315 311 71 24 10 5

116 326 22 288 325 384 71 26 33 5

2.127 20 88 2.059

2.302 3 71 2.234

De uitgaven zijn bruto weergegeven, dus daar waar van toepassing inclusief BTW. Deze BTW wordt naar rato doorgeschoven naar de deelnemers. Het aandeel transparantie BTW in de lasten bedraagt voor programma 1 afgerond € 190.000. Dit bedrag is verantwoord bij de baten.

9

2.2.2.1 Toelichting lasten Ad. a. De lasten zijn in 2024 gebaseerd op de inzet van 3,60 fte. (2023 3,52 fte) .aan formatie voor dagelijks beheer en onderhoud en 0,76 fte. aan formatie voor groot onderhoud en vervangingsinvesteringen (is 0,04 fte. minder dan de raming 2023). Totaal voor beheer en onderhoud, groot onderhoud en vervangingsinvesteringen 4,36 fte. Voor de exploitatie cq. bediening van de Mijndense sluis is 1,55 fte. beschikbaar. In deze middelen zijn tevens opgenomen de voor 2024 vrijgemaakte middelen t.b.v. ambtelijke capaciteit om beheer op minimaal vereiste hoogte te brengen € 52.000, de capaciteit in het kader van voorbereiding van projecten op sterkte brengen € 52.000 en bestuurlijk afwegingsbudget voor kwaliteitsimpuls € 78.000. Ad. b Betreft voor € 38.000 budget voor inhuur van specialisten (conform 2023) en voor € 78.000 voor inhuur in het kader van de voor uitvoering regulier exploitatie taken (conform 2023). Ad. c. Betreft het beschikbare budget t.b.v. beheer en onderhoud in het gebied. Dit budget is t.o.v. de begroting 2023, conform de vastgestelde kadernota 2024, met 2,4% verhoogd. Ad. d. Betreft de bijdrage aan het routebureau. Zie de toelichting bij 2.2.1.6. Ad. e. In november 2021 is het MJOP vastgesteld. De jaarlijkse dotatie aan de “Voorziening groot onderhoud” is op dat moment verhoogd van € 115.000 naar € 288.000.

Uit nadere studie in 2022 blijkt dit bedrag ontoereikend is onder meer vanwege de gestegen kosten voor grondstoffen en energie. Voor 2023 is dit budget begroot en ook de raming in de begroting 2024 is hierop vooralsnog gebaseerd De investeringen, die voor 2023 en 2024 onontkoombaar zijn, maken wel deel uit van deze begroting. f. Kwaliteitsbijdrage toezicht en handhaving. Zie de toelichting bij 2.2.1.7. g. De raming van de kapitaallasten is gebaseerd op de investeringen tot en met de jaarrekening 2022 en de uitgevoerde/nog uit te voeren investeringen 2023/2024 uit de vastgestelde begroting 2023. De rente is berekend op 3% en volgt uit de staat van geldleningen. h. Baggerbijdrage Oostelijke Vechtplassen. De jaarlijkse bijdrage loopt tot en met 2027 en wordt gedekt uit de reserve Oostelijke Vechtplassen. Zie de toelichting bij 2.2.1.5. 2.2.2.2 Toelichting baten De baten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 1

Begroting 2023

Begroting 2024

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

Opbrengsten van eigendommen Overige baten Instandhoudingsbijdrage Wijdemeren

424 61 209

408 63 216

Deelnemersbijdragen Toegerekende deelnemersbijdragen

1.118

1.248

Kwaliteitsbijdrage toezicht en handhaving

106

109

Transparantie BTW

311

190

2.229 2.229

2.234 2.234

Saldo van baten en lasten Gerealiseerd resultaat

10

In de vastgestelde begroting 2023 en de bijbehorende meerjarenbegroting 2024-2026 is taakstellend een structurele opbrengst van € 62.500 geraamd voor de verkoop van eigendommen en dan met name groen. Deze taakstellende opbrengst wordt niet realistisch gevonden en is derhalve uit de ramingen gehaald. Dit betekent een structurele verlaging van in eerdere begrotingen geraamde baten. De opbrengsten van eigendommen bestaan uit erfpacht Mijnden, erfpacht Strook en de sluisgelden Mijndense sluis. Deze baten zijn al 90% van de totale opbrengsten. De overige 10% bestaan uit verhuur kiosk eiland Meent, de verhuur van ligplaatsen in de ’s Gravelandse Vaart, hondenuitlaatservices en overige opbrengsten.

2.3 Programma 5: Algemeen (incl. overhead) 2.3.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we doen?

Programma 5 is een beleidsarm programma. Naast de algemene dekkingsmiddelen en de post onvoorzien zijn tevens de lasten voor overhead De overhead betreft de uitvoering van de reguliere overheadfuncties zoals HRM, financiën en control, ICT, communicatie, management, juridische zaken en archief (DIV). De functies zijn ingebed in de reguliere organisatie van Wijdemeren.

2.3.2

Wat gaan we daarvoor doen?

Programma 5 bestaat uit hoofdzakelijk uit doorbelasting van personeel en apparaatskosten vanuit de gemeente Wijdemeren. De bedrijfsvoeringsfuncties vervullende de volgende taken: a) het Management geeft adequate leiding en (bij)sturing aan de uitvoering van werkzaamheden, deze worden gecoördineerd vanuit het team Beleid en Ontwikkeling. b) HRM zorgt voor de personeels- en salarisadministratie alsmede het HR beleidskaders c) Juridische ondersteuning zorgt voor juridische kaders, juridische beleid en juridische advisering d) Huisvesting en facilitaire zaken zorgt voor adequate huisvesting en facilitaire ondersteuning. e) Communicatie zorgt voor adequate informatie aan burgers en bedrijven; de website van de gemeente Wijdemeren wordt hiervoor ingezet. f) DIV zorgt voor documentenstromen en archivering g) ICT zorgt voor de beschikbare kantoorautomatisering, ICT advisering en overige digitale systemen h) Financiën zorgt voor administratie en consolidatie van de inkomsten en uitgaven, financiële advisering van het bestuur en levert de ten behoeve van de jaarstukken benodigde informatie (aan de controller). Vanuit bedrijfsvoering van de gemeente Wijdemeren wordt een relatie gelegd met de secretaris- en controllersfunctie, welke door de provincie Utrecht wordt ingevuld.

11

2.3.3

Wat mag het kosten?

Programma 5

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

1.479 0 1.479 0 0 1.479

950 780 -170 0 0 -170

728 728 0 0 0 0

Lasten Baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

De in de jaarrekening 2022 verantwoorde lasten overhead zijn veel hoger dan de ramingen 2023 en 2024. Dit wordt veroorzaakt door de eenmalige kosten horende bij de transitie- en liquidatiekosten van R.M.N. 2.3.3.1 Toelichting lasten De lasten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 5 Doorbelaste personeelskosten Doorbelaste apparaatskosten Rente en afschrijving Bestuur- en apparaatskosten Belastingen en verzekeringen Publiciteits- en overige kosten (incl. onvoorzien) Netto lasten

Begroting 2023

Begroting 2024

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

556 335 5 39 7 8 950

431 249 0 40 0 8 728

Betreft het aanbod van Wijdemeren. De lasten bestaan vooral uit doorbelaste personele en apparaatskosten. Betreft alle lasten in kader van overhead. Zie de toelichting bij 2.6.3.5. De baten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 5

Begroting 2023

Begroting 2024

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

Deelnemersbijdragen Toegerekende deelnemersbijdragen

636

608

Transparantie BTW Saldo van baten en lasten Gerealiseerd resultaat

144 780 780

120 728 728

12

2.3.3.2 Overzicht algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen zijn die inkomsten die geen specifiek bestedingsdoel kennen. Het BBV schrijft voor een overzicht algemene dekkingsmiddelen op te nemen. In onderstaand overzicht worden de bedragen voor de begroting van 2023 t/m 2027 weergegeven evenals realisatiecijfers van 2022. Omdat conform de regeling taakvelden de deelnemersbijdrage toegerekend dient te worden aan de taakvelden waaraan zij besteed wordt, is bij het Plassenschap geen sprake van algemene dekkingsmiddelen.

Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is Algemene uitkeringen Dividend Saldo financieringsfunctie Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal algemene dekkingsmiddelen

2022

2023

2024

2025

2026

2027

realisatie

Begroting

begroting

begroting

begroting

begroting

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

13

2.3.3.3 Bedrag onvoorzien Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording is het verplicht het jaarlijks opgenomen bedrag voor onvoorziene lasten in de begroting afzonderlijk te presenteren. De omvang van de post onvoorzien is gebaseerd op circa 0,1% van de totale lasten en bedraagt € 3.100 2022

2023

2024

2025

2026

2027

realisatie

Begroting na wijziging

begroting

begroting

begroting

begroting

0 0%

3.100 0,1%

3.100 0,1%

3.200 0,1%

3.300 0,1%

3.700 0,1%

Post onvoorzien In % totale lasten

2.3.3.4 Overzicht overhead Sinds de begroting van 2018 moeten gemeenschappelijke regelingen overhead centraal begroten en verantwoorden in de begroting en jaarstukken. Voor 2024 zijn de kosten voor overhead separaat opgenomen. Onder overhead wordt verstaan het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Enkele voorbeelden van overhead zijn: leidinggevende primair proces, juridische zaken, facilitaire zaken, ICT, huisvesting en financiën, toezicht en controle op de eigen organisatie. Deze werkzaamheden worden m.i.v. 2023 voor het Plassenschap uitgevoerd door de gemeente Wijdemeren. Het is verplicht een overzicht van kosten van overhead op te nemen. In onderstaand overzicht is weergegeven hoe het bedrag voor overhead is opgebouwd. Overhead Lasten Baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

(bedragen in € 1.000)

0 0 0 0 0 0

948 780 168 0 0 168

720 720 0 0 0 0

14

3 Paragrafen Op grond van het BBV is het verplicht om voor zeven programma-overschrijdende thema’s verantwoording af te leggen in een afzonderlijke paragraaf. Voor het Plassenschap geldt dat, gelet op de aard van de activiteiten van het Plassenschap, niet alle paragrafen van toepassing zijn. Om die reden zijn alleen die paragrafen opgenomen die van toepassing zijn. Paragaaf Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid

Wel/niet opgenomen Wel Wel Wel Wel Wel Wel Niet

Toelichting Zie §3.1. Terug naar de gemeenten. Zie §3.2 Zie §3.3 Zie §3.4 Zie §3.5 Er zijn geen verbonden partijen LSD voert geen grondbeleid.

3.1 Paragraaf lokale heffingen Het Plassenschap Loosdrecht e.o. verleende ontheffing van een aantal verboden die waren opgenomen in de Verordening Plassenschap Loosdrecht e.o., het Besluit Motorboten, Voorrangsregeling Mijndense sluis en de Woonschepenverordening. Deze taak is m.i.v. 2023 teruggevallen naar de beide gemeenten. Wijdemeren verzorgt de uitvoering, mede namen Stichtse Vecht. De tarieven voor de ontheffingen zijn op basis van de (met indexatie) door het schap geheven tarieven in de gemeentelijke tarieven overgenomen. In 2022 heeft het schap nog baten gegenereerd, vanaf 2023 zijn deze komen te vervallen.

3.2 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing De risico’s van het Plassenschap hebben zowel betrekking op de te realiseren exploitatieopbrengsten als op de kosten voor beheer & onderhoud vanwege achterstanden in het onderhoud, klimaatveranderingen en kostenstijging als gevolg van de diverse problemen in de wereld. Het schap onderscheidt de volgende risico’s:

1 2 3 4 5 6 7 8

Omschrijving risico Erfpacht en huur Schutgelden Mijndense sluis Bestrijding overmatige waterplanten Rente Klimaatverandering Marktwerking Uitkomsten beheerplan, MJOP en MJIP Onvoorziene risico’s Totaal

Bedrag 15.000 6.000 40.000 9.000 40.000 P.M. P.M. 45.000 155.000

Wanneer 2024 e.v. 2024 e.v. 2024 e.v. 2024 e.v. 2024 e.v. 2024 e.v. 2024 e.v. 2024 e.v. en P.M.

Frequentie Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks

1. Erfpacht en huur De geraamde omzet uit erfpacht en verhuur bedraagt ca. € 300.000. Het risico dat de exploitant niet aan zijn verplichtingen kan voldoen is aanwezig. Het risico wordt ingeschat op 5% van de omzet, zijnde € 15.000. 2. Schutgelden Mijndense sluis De omzet die is gerealiseerd met het schutten bij de Mijndense Sluis is in de afgelopen 3 jaar gemiddeld nagenoeg conform de in de begroting geraamde bedragen. 15

Bij normale weersomstandigheden is de raming realistisch. Bij tegenvallende weersomstandigheden kan de opbrengst zomaar € 10.000 lager uitvallen. Het gemiddelde risico bedraagt € 6.000. 3. Bestrijding overmatige waterplanten Bestrijding van overmatige waterplanten behoort tot het OVP project Exotenbestrijding waarbinnen een gezamenlijk plan van aanpak voor de aanpak van ‘overmatige begroeiing door waterplanten’ is opgesteld. De verschillende beherende overheden dragen hun eigen kosten; voor het uitvoeren van maatregelen bij bedrijven wordt aan 50% cofinanciering gedacht, waarvoor externe dekking wordt gezocht. Ook wordt een fonds gevormd voor bijzondere omstandigheden. Het schap is bereid aan de uitvoering van de plannen mee te werken maar niet bereid extra geld beschikbaar te stellen voor een calamiteitenfonds en een innovatiefonds. Bij de berekening van het risico wordt alleen gerekend met kosten van bestrijding van overmatige waterplanten in vaarwateren die in eigendom c.q. beheer bij het Plassenschap zijn. Het is niet bekend wat dit financieel voor het Plassenschap betekent. Als risico voor het schap ramen we, op basis van de cijfers uit het hiervoor genoemde plan van aanpak, een bedrag van € 40.000. 4. Rente Het rentepercentage voor nieuwe vaste geldleningen is voor 2024 geraamd op 3,0%.

Dit percentage is gebaseerd op een reële inschatting van de marktrente op het moment van afsluiten. Een rente van 1,0% hoger dan deze verwachting resulteert in extra lasten van € 9.000 per jaar. 5. Klimaatverandering Een belangrijke tendens is te zien in de merkbare gevolgen van klimaatveranderingen voor de onderhoudsmaatregelen. Er moet rekening worden gehouden met de volgende aspecten:    

langer groeiseizoen (waardoor extra maaibeurten nodig zijn, die extra kosten met zich meebrengen); droogte, waarmee begroeiingen verloren gaan; wateroverlast (beschadiging van oevers, beschoeiingen en beplanting); ontwikkeling van ziektes en exoten.

Elk seizoen is anders en onderhoudswerkzaamheden zijn lastig te vergelijken per jaarschijf. Droogte, extra water en extra maaien zijn lastig te kwantificeren. Op basis van de ervaringscijfers in eerdere jaren hebben we het risico ook voor 2024 ingeschat op € 40.000. 6. Marktwerking De meeste dagelijkse beheer- en onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd door de gemeente met eigen personeel (al dan niet overgenomen van RMN). Enkele werkzaamheden worden uitbesteed aan aannemers. Gezien de internationale ontwikkelingen stijgen met name de prijzen van energie en van grondstoffen excessief. Leveranciers willen daardoor geen prijzen meer vastleggen – zo de levering al kunnen garanderen. We kunnen moeilijk inschatten met welke prijsstijgingen we voor 2024 rekening moeten houden. 7. Beheerplan, MJOP en MJIP De technische inspecties die in het voorjaar van 2023 worden uitgevoerd zullen leiden tot de totstandkoming van beheerplannen, een meerjarenonderhoudsplan groot onderhoud (MJOP herijkt) en een meerjareninvesteringsplan (MJIP). Naar verwachting zullen deze plannen aanleiding geven tot wijziging van de begroting; hierover ontstaat in de loop van 2023 duidelijkheid. Vooralsnog P.M. geraamd.

16

8. Onvoorziene risico’s Naast bovengenoemde grote risico’s heeft onze gemeenschappelijke regeling te maken met kleinere risico’s, zoals het illegaal dumpen van giftige afvalstoffen, niet verhaalbare vernielingen en wijzigingen in wetgeving met mogelijk financiële gevolgen. Deze worden niet afzonderlijk benoemd en gekwantificeerd, maar hiervoor wordt gedurende de meerjaren termijn een gelijkblijvend risicobedrag aangehouden van € 50.000. We gaan er vanuit dat niet alle risico’s zich tegelijkertijd zullen voordoen. Om hiervoor te corrigeren wordt een percentage van 90% berekend over het totaal berekende risicobedrag.

3.2.1

Inventarisatie en toelichting beschikbare weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen waarover Plassenschap Loosdracht beschikt om niet begrote financiële tegenvallers op te vangen. Net als tegenvallers kan ook de weerstandscapaciteit worden onderverdeeld in incidenteel en structureel. Incidentele weerstandscapaciteit is aanwezig in de vorm van begrotingsposten voor onvoorzien en aanwezige reserves met een weerstandsfunctie. Structurele weerstandscapaciteit betreft de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. Het gaat dan om herschikking binnen bestaande budgetten van het Plassenschap Loosdrecht e.o. De omvang van de incidentele en de structurele weerstandscapaciteit worden hieronder gepresenteerd. 3.2.1.1

Incidentele weerstandscapaciteit Begroot 2024 56 0 3 59

Algemene reserve (afgerond) Stille reserves materiële vaste activa1 Post onvoorzien in de begroting Totaal incidentele weerstandscapaciteit

3.2.1.2

Structurele weerstandscapaciteit

Heroverweging bestaand beleid Totaal structurele weerstandscapaciteit

Beschikbaar 31-122022 P.M. 0

Begroot 2024 P.M. 0

Heroverweging bestaand beleid Door bestaand beleid te heroverwegen zijn er mogelijkheden om de structurele nadelen in de begroting op te vangen.

1 De materiele vaste activa zijn conform het BBV gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingprijs dan wel

lagere marktwaarde. Indien de marktwaarde echter boven de verkrijgings- of vervaardigingsprijs ligt dan is sprake van een stille reserve. Deze wordt gekapitaliseerd bij verkoop van het betreffende actief.

17

3.2.1.3 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de relatie weer tussen de risico’s en de weerstandscapaciteit.

Weerstandscapaciteit

Risico's

Weerstandsvermogen

De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt voor 2024 afgerond € 59.000 (2023 € 59.000) Het weerstandsvermogen wordt berekend door de risico’s te delen door de beschikbare weerstandscapaciteit. Op basis van de beschikbare weerstandscapaciteit van € 59.000 en € 155.000 aan risico’s komt het de verhouding tussen het weerstandsvermogen en de risico’s in de begroting 2024 uit op 0,4. Het bestuur heeft in de kadernota vastgelegd dat per ultimo 2026 de algemene reserve gelijk moet zijn aan de omvang van de gekwantificeerde risico’s. Het kengetal komt daarmee op 1,0. Dit kan naar verwachting alleen worden gerealiseerd door aanpassing van de deelnemersbijdragen. Relatie weerstandsvermogen en financiële kengetallen Gemeenschappelijke regelingen zijn verplicht in de paragraaf weerstandsvermogen een zestal financiële kengetallen op te nemen voor het laatste rekeningjaar, het lopende begrotingsjaar en het nieuwe begrotingsjaar. In onderstaande tabel zijn de betreffende kengetallen opgenomen en vervolgens voorzien van een beoordeling. De kengetallen grondexploitaties en onbenutte belastingcapaciteit zijn als niet van toepassing opgenomen omdat het Plassenschap Loosdrecht geen grondexploitaties heeft en geen gemeentelijke belastingen oplegt.

18

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteit Kengetal grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Onbenutte belastingcapaciteit

2022 105%

2023

2024

2025

2026

2027

145%

199%

183%

169%

162%

105%

145%

199%

183%

169%

162%

11% n.v.t. -17%

6% n.v.t. -9%

8% n.v.t. 0%

6% n.v.t. 0%

6% n.v.t. 0%

1% n.v.t. 0%

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Omdat de kengetallen in de eerste plaats bedoeld zijn om inzicht te geven in de financiële positie ten behoeve van de horizontale verantwoording, is een externe normering niet aan de orde. Het is de rol van het bestuur om aan de hand van de kengetallen de financiële positie te duiden en bijstellingen voor te stellen. Het bestuur volgt de in dat kader, de voorheen door de Plassenraad, gestelde normen ten aanzien van de financiële kengetallen: -

Schuldquote: Indien de schuldquote groter dan 130% wordt, dient het dagelijks bestuur maatregelen voor te stellen om te waarborgen dat de operationele kasstroom toereikend is om de aflossingsverplichting van de langlopende leningen te kunnen voldoen.

-

Solvabiliteit: Deze moet tenminste 15% bedragen

-

Structurele exploitatieruimte: Deze moet ten minste 0,0% bedragen.

-

Weerstandsvermogen: de verhouding tussen het weerstandsvermogen en de risico’s zoals gekwantificeerd in de risicoparagraaf van de begroting en jaarstukken dient minimaal 1:1 te zijn. In de kadernota 2024 is afgesproken dat het weerstandsvermogen per ultimo 2026 weer een ratio van 1 moet hebben.

Op basis van de huidige begroting worden de door het bestuur gestelde normen ruimschoots overschreden. De deelnemers aan het Plassenschap zullen maatregelen moeten nemen om de financiële situatie te verbeteren, maar uiteindelijk zullen ze ook via de deelnemersbijdragen de negatieve effecten dienen te neutraliseren.

3.3 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen In 2020 is gestart met inspecties om op basis daarvan een nieuw onderhoudsplan op te stellen. Dit onderhoudsplan is opgesteld in 2021 en vorig jaar in uitvoering gebracht. Het MJOP is inmiddels geactualiseerd aan het huidige prijspeil. De gemeente Wijdemeren zal het MJOP in 2023 actualiseren en/of herijken, tevens zal in 2023 een investeringsplan voor de komende jaren aan het bestuur ter besluitvorming worden voorgelegd. Voor een nadere beschrijving van de beleidsvoornemens ten aanzien van het onderhoud van de verschillende kapitaalgoederen verwijzen wij u naar de toelichting bij programma 1 Beheer en onderhoud. 7

3.4 Paragraaf financiering 3.4.1

Beleidsuitgangspunten

Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasurystatuut.

19

3.4.2

Risicobeheer

De Wet financiering decentrale overheden vermeldt twee normen. Het doel is te voorkomen dat bij herfinanciering van leningen bij aanzienlijk hogere rente grote schokken optreden in de hoogte van de rente die het schap moet betalen. De normen beperken de budgettaire risico’s.

3.4.3

Kasgeldlimiet

In de Uitvoeringsregeling Financiering Decentrale Overheden (UFDO) geeft het ministerie aan tot welk bedrag gemeenschappelijke regelingen mogen financieren met kortlopende geldleningen: de kasgeldlimiet. Het betreft een percentage van het totaal van de begroting, zijnde momenteel 8,2 %. Als de gemeenschappelijke regeling deze kasgeldlimiet structureel overschrijdt, dient ze de kortlopende schuld om te zetten in een langlopende schuld. Met name bij korte financiering is er sprake van een renterisico. De verwachte kasgeldlimiet voor 2024 kan als volgt worden weergegeven: Totaal van de lasten begroting 2024 € 3.030.600 (2023 € 3.077.500). De verwachte limiet is 8,2% zijnde afgerond € 248.500 (2023 € 252.300).

3.4.4

Renterisiconorm

De renterisiconorm is een bedrag ter grootte van een percentage van het begrotingstotaal, met als doel het beperken van de gevolgen van een stijgende rente op de rentelasten van het schap. De norm stelt dat per jaar maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking mag komen voor verplichte aflossingen en renteherzieningen. De verwachte renterisiconorm voor 2024 kan als volgt worden weergegeven. Totaal van de lasten begroting 2024 € 3.030.600 (2023 € 3.077.500). De limiet is 20% zijnde afgerond € 606.000 (2023 € 615.500). De begrote aflossingen voor 2024 zijn € 285.600 (2023 € 217.100) zodat deze binnen de limiet passen.

3.4.5

Mutaties in de leningenportefeuille

Omschrijving (bedragen x €1.000) Stand per 1 januari Nieuwe leningen Reguliere aflossing Stand per 31 december

2024 5.180 900 286 5.794

2025 5.794 0 306 5.488

2026 5.488 0 296 5.192

2027 5.192 200 296 5.097

Het uitgangspunt is dat in deze begrotingsperiode in totaal € 1.100.000 aan nieuwe leningen wordt opgenomen. Dit is met name ter afdekking van voorgenomen investeringen en om te waarborgen dat vaste activa ook met vaste passiva worden gefinancierd. Het nog te presenteren meerjareninvesteringsplan (MJIP) zal gevolgen hebben voor de omvang van de leningenportefeuille.

3.4.6

BBV en rentetoerekening

Het BBV bevat voorschriften met betrekking tot de rentetoerekening. De interne rentetoerekening is afhankelijk van de verhouding netto rentelasten afgezet tegen de integraal gefinancierde activa. Het schap heeft geen grondexploitaties zodat een aparte renteberekening hiervoor buiten beschouwing kan worden gelaten. Projectfinanciering is eveneens niet van toepassing. De interne rentetoerekening loopt via het taakveld 0.5 treasury. Conform historie wordt er geen renteresultaat begroot en worden de netto rentelasten 100% verdeeld naar de omvang van de vaste activa. Over reserves, voorzieningen en eigen vermogen wordt geen rente toegerekend.

20

3.5 Paragraaf bedrijfsvoering 3.5.1

Bedrijfsvoering

In de begroting van het schap is geen apart programma bedrijfsvoering opgenomen. Dit komt omdat de bedrijfsvoering inclusief al het personeel is ondergebracht bij de gemeente Wijdemeren. Hiertoe worden de personeels- en apparaatskosten binnen de begroting van de gemeente Wijdemeren opgesteld en doorbelast aan het plassenschap.

3.5.2

Overhead en toerekening personeelskosten

Overeenkomstig het BBV dienen de kosten van overhead verantwoord te worden op een afzonderlijk daarvoor aangewezen taakveld. Dit betreft enerzijds (een percentage van) de personele kosten zoals directeur, afdelingshoofden en medewerkers van ondersteunende afdelingen. Anderzijds betreft het apparaatskosten zoals ICT en huisvesting. Direct toewijsbare personeels- en apparaatskosten dienen op het taakveld verantwoord te worden waar deze betrekking op hebben. De verdeling op taakveldniveau is in bijlage 4 van deze begroting opgenomen. De (doorbelaste) overhead voor de begroting 2024 is bepaald op afgerond € 720.000 ( 2023 € 947.700) waarvan € 431.000 (2023 € 570.300) aan personeelslasten. De overige kosten van overhead bestaan uit de doorbelaste apparaatslasten vanuit de gemeente Wijdemeren.

3.6 Paragraaf verbonden partijen Het Plassenschap Loosdrecht e.o. is een gemeenschappelijke regeling en heeft sinds de opheffing van Recreatie Midden-Nederland geen verbonden partijen.

21

FINANCIËLE BEGROTING

4 Overzicht baten en lasten per programma en toelichting M.i.v. 2024 zijn de programma’s 1,3 en 4 samengevoegd tot 1 programma “Beheer, onderhoud en exploitatie”. De cijfers uit de jaarrekening 2022 en de begroting 2023 worden hier in de oorspronkelijke raming weergegeven. Programma

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

1.110.300 324.800 70.900 361.800 1.479.200

1.436.700 0 70.900 619.100 950.800

2.302.300 0 0 0 728.300

2.366.100 0 0 0 756.900

2.411.300 0 0 0 783.300

2.766.600 0 0 0 811.000

1.479.200 0 0 3.347.000

947.700 3.100 0 3.077.500

720.000 3.100 5.200 3.030.600

748.300 3.200 5.400 3.123.000

774.400 3.300 5.600 3.194.600

801.500 3.700 5.800 3.577.600

1.191.600 677.000 76.100 857.500 0

1.235.600 0 0 993.000 780.400

2.233.800 0 0 0 728.300

2.297.600 0 0 0 756.900

2.342.800 0 0 0 783.300

2.378.300 0 0 0 811.000

0 0 0 2.802.200 544.800

780.400 0 0 3.009.000 68.500

728.300 0 0 2.962.100 68.500

756.900 0 0 3.054.500 68.500

783.300 0 0 3.126.100 68.500

811.000 0 0 3.189.300 388.300

Mutaties reserves Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Totaal mutaties reserves

0 70.900 -70.900

19.720 88.241 -68.500

2.400 70.900 -68.500

2.400 70.900 -68.500

2.400 70.900 -68.500

2.300 390.600 -388.300

Geraamd resultaat

473.900

0

0

0

0

0

Lasten Programma 1 Beheer & onderhoud Programma 2 Toezicht en handhaving Programma 3 Ontwikkeling Programma 4 Exploitatie Programma 5 Algemeen (incl. overhead)  Waarvan overhead  Waarvan onvoorzien  Waarvan overig Totaal lasten Baten Programma 1 Beheer & onderhoud Programma 2 Toezicht en handhaving Programma 3 Ontwikkeling Programma 4 Exploitatie Programma 5 Algemeen (incl. overhead)  Waarvan overhead  Waarvan onvoorzien  Transitie RMN Totaal baten Saldo van baten en lasten

De baten, lasten en mutaties in reserves zijn gebaseerd op de beleidsinhoudelijke doelstellingen zoals per programma opgenomen in het programmaplan. Voor een nadere toelichting verwijzen wij daarom naar de individuele programma’s in het programmaplan.

22

5 Overzicht baten en lasten per kostensoort Begrotingspost

1a

Wijdemeren Doorbel. Personeelskosten

1b

Wijdemeren Doorbel. apparaatskosten

1c 1d

RMN Doorbel. Personeelskosten RMN Doorbel. apparaatskosten Kwaliteitsbijdrage toezicht en handhaving aan derden Inhuur personeel derden Rente en afschrijvingen ** Huur en pachten Bestuurs- en apparaatskosten Transitiebudget (Wijdemeren) Belastingen en verzekeringen Energie- en waterkosten Onderhoud en vuilafvoer ** Gebiedsakkoord, baggeren Routebureau, bijdrage Voorzieningen ** Publiciteits- en overige kosten Nagekomen lasten Onvoorzien Totaal lasten

3 5 7 9 11 11a. 13 15 17 17a 17b 19 21 23 25

2 4 6 2a 8 10 12 14 14a 14b 14b 14c

Realisatie Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2022 2023 2024 2025 2026 2027

1.303.700

1.215.000

1.266.000

1.319.200

1.374.600

944.218 1.071.677

335.500 -

248.800 -

254.800 -

260.900 -

267.200 -

57.217 218.872 31.801 133.100 34.038 29.868 462.798 70.914 288.384 3.793 299 -

315.000 37.000 316.000 42.300 17.000 24.000 318.000 70.900 288.000 7.000 3.100

325.000 37.900 384.200 43.300 32.800 26.600 325.600 70.900 22.200 288.000 7.200 3.100

335.300 38.800 397.400 44.300 33.600 27.200 333.400 70.900 22.700 288.000 7.400 3.200

345.900 39.700 386.800

356.900 40.700 364.400

45.400

46.500

34.400 27.900 341.400 70.900 23.200 288.000 7.600 3.300

35.200 28.600 349.600 390.600 23.800 288.000 7.800 3.700

3.346.979

3.077.500

3.030.600

3.123.000

3.194.600

3.577.600

Opbrengsten van eigendommen Rechten Rente Opbrengsten van eigendommen Overige baten Externe baten toezicht en handhaving Nagekomen baten Dekkingsmiddelen Deelnemersbijdragen Deelnemersbijdragen (extra) Instandhoudingsbijdrage plassengebied Transparantie BTW Totaal baten

389.663 328.466 78.976 438 2.004.675 1.539.100 -

361.200 62.500 61.000 209.000 2.315.300 1.754.100 -

408.000 62.500 215.700 2.275.900 1.809.300 46.800

415.700 64.000 222.500

423.700

431.700

65.500 229.500

67.100 236.800

2.352.300 1.866.500 50.700

2.407.400 1.925.500 30.900

2.453.700 1.986.300 -

465.575 2.802.218

106.000 455.200 3.009.000

109.300 310.500 2.962.100

112.800 322.300 3.054.500

116.400 334.600 3.126.100

120.100 347.300 3.189.300

Saldo van baten en lasten

(544.761)

(68.500)

(68.500)

(68.500)

(68.500)

(388.300)

Toevoegingen aan reserves

-

19.700

2.400

2.400

2.400

2.300

Onttrekkingen aan reserves

70.914

88.200

70.900

70.900

70.900

390.600

(473.847)

-

-

-

-

-

Gerealiseerd resultaat

-

23

6 Overzicht incidentele baten en lasten 6.1 Overzicht incidentele baten en lasten en toelichting Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en de notitie Incidentele baten en lasten van de Commissie BBV is het verplicht een overzicht op te nemen van de incidentele baten en lasten in de begroting inclusief een toelichting op de belangrijkste posten hieruit.

Incidentele lasten Betaling OVP Totaal incidentele lasten Incidentele baten Totaal incidentele baten Mutaties in reserves Incidentele toevoegingen aan reserves Incidentele onttrekkingen aan reserves Totaal incidentele mutaties in reserves Saldo incidentele baten en lasten

2024

2025

2026

2027

70.900

70.900

70.900

390.600

70.900

70.900

70.900

390.600

0

0

0

0

2.400 70.900 68.500 -2.400

2.400 70.900 68.500 -2.400

2.400 70.900 68.500 -2.400

2.400 390.600 388.200 -2.400

Onderstaand zijn de belangrijkste incidentele baten, lasten en reservemutaties (groter dan € 50.000) toegelicht: -

Op basis van het Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen heeft Plassenschap Loosdrecht een verplichting om in totaal € 906.000 bij te dragen, deze bijdragen loopt volgens een vastgesteld kasritme van € 70.900 tot-en-met 2027. Om dit te bereiken dient er jaarlijks een klein aanvullend bedrag van € 2.400 gestort te worden in de reserve.

6.2 Presentatie van het structureel begrotingssaldo Om inzicht te bieden in het structureel begrotingssaldo is onderstaand opgenomen wat het effect is van de incidentele baten en lasten op de begroting 2024-2027. Dit overzicht is gebaseerd op het modeloverzicht zoals geadviseerd door de Commissie BBV in de notitie Incidentele baten en lasten.

Saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begrotingssaldo na bestemming Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel begrotingssaldo (positief bedrag = tekort)

2024 68.500 -68.500 0 -2.400

2025 68.500 -68.500 0 -2.400

2026 68.500 -68.500 0 -2.400

2027 388.200 -388.200 0 -2.400

-2.400

-2.400

-2.400

-2.400

24

7 Uiteenzetting van de financiële positie 7.1 Financiële gevolgen bestaand en nieuw beleid De begroting 2024 van het Plassenschap is conform de opgaven een beleidsarme begroting. Alleen reeds eerder vastgestelde vervangingsinvesteringen in het werkgebied en van materieel zijn geraamd.

7.2 geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar (Bedragen in €) Activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Totaal vaste activa Uitzettingen < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal vlottende activa Totaal activa Passiva Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schuld Totaal vaste passiva Vlottende schuld .Overlopende passiva Totaal vlottende passiva Totaal passiva

2022

2023

2024

2025

2026

2027

0 4.722.086 4.722.086 2.523.852 260.402 134.250 2.918.504 7.640.590

0 6.483.369 6.483.369 1.000.000 150.000 50.000 1.200.000 7.683.369

0 7.122.831 7.122.831 1.000.000 150.000 50.000 1.200.000 8.322.831

0 6.875.483 6.875.483 1.000.000 150.000 50.000 1.200.000 8.075.483

0 6.630.227 6.630.227 1.000.000 150.000 50.000 1.200.000 7.830.227

0 6.401.962 6.401.962 1.000.000 150.000 50.000 1.200.000 7.601.962

842.119 926.555 4.042.601 5.811.275 1.686.171 143.144

649.565 523.384 5.179.286 6.352.235 1.100.000 231.134

581.065 644.975 5.793.643 7.019.683 1.100.000 203.148

512.565 769.689 5.488.000 6.770.254 1.100.000 205.229

444.065 895.291 5.192.357 6.531.713 1.100.000 198.514

55.765 1.183.291 5.096.714 6.335.770 1.100.000 166.192

1.829.315

1.331.134

1.303.148

1.305.229

1.298.514

1.266.192

7.640.590

7.683.369

8.322.831

8.075.483

7.830.227

7.601.962

7.3 EMU-saldo Het (EMU-saldo) is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor de EMU-enquête worden de gemeenten, de provincies en de waterschappen integraal waargenomen. Bij de gemeenschappelijke regelingen wordt een deelwaarneming gedaan. Een gemeenschappelijke regeling valt binnen de deelwaarneming indien het totaal aan baten of lasten op de exploitatierekening groter is dan 20 miljoen euro. Omdat het begrotingstotaal van het Plassenschap onder deze grens van € 20 miljoen ligt is toelichting van het EMU saldo niet verplicht en derhalve niet opgenomen.

25

7.4 Meerjaren investeringsbegroting In deze begroting is tevens een investeringsbegroting opgenomen voor de jaren 2023 en 2024. Deze begroting is gebaseerd op de netto investering (investering -/- eventueel van derden ontvangen specifieke bijdrage/subsidie). Op investeringen wordt afgeschreven vanaf het jaar volgend op het jaar van ingebruikname van het activum. In 2023 wordt een nieuw meerjarig investeringsprogramma (MJIP) opgesteld, die de vervangingsinvesteringen gedurende een langere periode inzichtelijk maakt. Dit nieuwe MJIP is nog niet beschikbaar en zal apart aan het bestuur worden voorgelegd. Dit nieuwe MJIP zal gevolgen hebben voor de kapitaallasten in de ramingen vanaf 2025. Omschrijving (bedrag in €)

Afschrijvingstermijn (jaar)

2023

2024

Beschoeiing de Strook Remmingswerken Sluis Mijnden Overige investeringen Totaal per jaarschijf

40 30 5-30 jaar

659.200 200.000 148.800 1.008.000

879.100

2025

2026

879.100

26

7.5 Stand en verloop van de reserves en voorzieningen Reserves zijn middelen die onder het eigen vermogen vallen en waarvan het algemeen bestuur over de inzet kan besluiten. Onderstaand is per reserve het verloop gedurende de begrotingsperiode weergegeven. Stand ultimo 2023 Algemene reserve Algemene reserve Totaal algemene reserve Bestemmingsreserves Oostelijke Vecht en Plassen Inspecties Totaal bestemmingsreserves Rekeningresultaat Totaal reserves

2024 Af

Bij

55.765 55.765

-

593.800 -

2.400

649.565 0 649.565

2.400 0 2.400

Stand ultimo

2025 Af

Bij

Stand ultimo

55.765 55.765

-

-

70.900

525.300 -

2.400

70.900 0 70.900

581.065 0 581.065

2.400 0 2.400

2026 Af

Bij

Stand ultimo

2027 Af

Bij

Stand ultimo

55.765 55.765

-

-

55.765 55.765

-

-

55.765 55.765

70.900

456.800 -

2.400

70.900

388.300 -

2.300

390.600

0 -

70.900 0 70.900

512.565 0 512.565

2.400 0 2.400

70.900 0 70.900

444.065 0 444.065

2.300 0 2.300

390.600 0 390.600

55.765 0 55.765

Voorzieningen zijn middelen die dienen ter dekking van risico’s en verplichtingen waarvan de omvang redelijkerwijs kan worden ingeschat. Daarnaast kunnen voorzieningen gevormd ter egalisatie van lasten (bijv. groot onderhoud). Onderstaand is per voorziening het verloop gedurende de begrotingsperiode opgenomen:

Voorzieningen Onderhoudsvoorziening Totaal voorzieningen

Stand ultimo 2022

Bij

2024 Af

523.400 523.400

288.000 288.000

166.400 166.400

Stand ultimo

Bij

2025 Af

645.000 645.000

288.000 288.000

163.300 163.300

Stand ultimo

Bij

2026 Af

769.700 769.700

288.000 288.000

162.400 162.400

Stand ultimo

Bij

895.300 895.300

288.000 288.000

2027 Af

P.M. P.M.

Stand ultimo

1.183.300 1.183.300

Dit betreft nog de dotatie op basis van het door het bestuur van het Plassenschap vastgestelde MJOP. Het uitvoeringsplan besloeg een periode tot en met 2026. In 2023 wordt een geactualiseerd MJOP opgesteld, dit heeft waarschijnlijk gevolgen voor de hoogte van de jaarlijkse dotatie en de jaarlijkse onttrekking. Vooralsnog is ook voor 2027 een dotatie groot onderhoud opgenomen, die gelijk is aan de jaarlijkse dotatie over de periode tot en met 2026.

27

7.6 Baten en lasten per taakveld Conform artikel 7 lid 3 sub c van het BBV is het verplicht een overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld op te nemen in de begroting. Dit overzicht, inclusief de koppeling van taakvelden naar programma’s, is hieronder opgenomen. Taakveld 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.8 Overige baten en lasten 1.2 Openbare orde en veiligheid 2.3 Recreatieve havens 2.4 Economische havens en vaarwegen 3.4 Economische promotie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie Totaal van de lasten 2.3 Recreatieve havens 2.4 Economische havens en vaarwegen 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie Totaal van de baten Saldo van baten en lasten 0.10 Mutaties reserves (stortingen) 0.10 Mutaties reserves (onttrekkingen) Totaal resultaat van baten en lasten 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten Gerealiseerd resultaat

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

38.400 947.800 3.100

39.300 728.300 3.200

40.300 756.900 3.300

41.200 783.300 3.400

42.200 811.000 3.500

226.500 20.400 3.800 1.837.500 3.077.500 97.700 3.200 2.908.100 3.009.000 68.500 19.700 88.200 -68.500 0 0

236.000 20.900 3.900 1.999.000

246.000 21.400 4.000 2.051.100

256.200 21.900 4.100 2.084.500

267.000 22.400 4.200 2.427.300

3.030.600

3.123.000

3.194.600

3.577.600

90.000 3.300 2.868.800

90.200 3.400 2.960.900

90.400 3.500 3.032.200

90.600 3.600 3.095.200

2.962.100 68.500

3.054.500 68.500

3.126.100 68.500

3.189.400 388.200

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13057112/1