Bijlage 1d. Bouwhistorische beschrijving Terpstraschool
Tekst van het document
Bouwhistorische verkenning Terpstraschool te Nieuw-Loosdrecht
Algemene gegevens Algemene gegevens Adres:
Nieuwe Loosdrechtsedijk 65 1231 KM Loosdrecht
Gemeente:
Wijdemeren
Monument:
Gemeentelijk monument sinds 2010
Complex:
n.v.t.
Functie:
school
Bouwperiode:
1931
Stijl:
Geïnspireerd op de Amsterdamse School
Architect:
H. Gassenaar
Redengevende omschrijving:
De Terpstraschool is van belang vanwege de sociaal-culturele ontwikkeling van Loosdrecht. De Gereformeerde school toont de historische oorsprong van het huidige onderwijssysteem. Daarnaast is het ontwerp van de Utrechtse architect Gassenaar, met simpele maar krachtige vormen, een karakteristiek voorbeeld van de toen in zwang zijnde stijlopvattingen. De karakteristieke paraboolvormige ingangspartij en de tegeltableaus in het interieur vergroten de monumentale waarden van het pand.
De Terpstraschool ligt iets terug van de Nieuwe Loosdrechtsedijk, dit is één van de belangrijkste straten in het dorp. Het gebouw volgt niet de rooilijn van de weg, maar ligt hier iets vanaf. Het perceel heeft een L-vorm. De nieuwbouw bevindt zich aan de korte zijde van de L.
2
3
Het onderzoek 2.
Achtergrond De Terpstraschool aan de Nieuw Loosdrechtsedijk 65 is in 1931 als gereformeerde lagere school in opdracht van de Vereniging voor gereformeerd schoolonderwijs gebouwd. De keuze voor de bouw van de school houdt verband met de uitbreiding van Nieuw-Loosdrecht en de veranderde eisen die aan onderwijsgebouwen werden gesteld. De Terpstraschool droeg vroeger de naam ‘School met den Bijbel’ en was een gereformeerde school. De dorpsschool sluit in zijn vormgeving aan bij de architectuurstromingen uit die tijd en vertoont elementen van de Amsterdamse School en ‘jaren-30’ architectuur. Kenmerkend zijn de krachtige vormen, het verticale karakter en de hoge kap. De school is aangewezen als gemeentelijk monument. Het schoolplein en de latere aanbouwen vallen buiten deze bescherming. Tegenwoordig doet het gebouw dienst als lagere school voor protestants-christelijk basisonderwijs (onderdeel van Stichting Proceon). Het pand is in 2010 aangewezen als gemeentelijk monument. Deze school zal samen een school op een locatie elders worden samengevoegd in een nieuw schoolgebouw. Daarmee komt de school in 2017 leeg te staan en zal er een nieuwe bestemming voor het monumentale pand, dat naar ontwerp van de Utrechtse architect Gassenaar is gebouwd, moeten worden gezocht.
Doel en reikwijdte van het onderzoek Het doel van het onderzoek is om tot een passende herbestemming van het schoolgebouw te komen, waarbij de monumentale waarde van het gebouw zo min mogelijk worden aangetast. In het onderzoek zijn drie mogelijke bestemmingen verder uitgewerkt en de kosten en baten op een rijtje gezet.
Ontwikkelingspotentie: hierin worden de mogelijkheden voor de school verder onderzocht. Er wordt hierbij gekeken naar: a. Beleid en ruimtelijke aspecten: uitgangspunten van het beleid van de overheid worden meegenomen als kaderstelling voor mogelijkheden net als de regelgeving vanuit het bestemmingsplan; b. Marktanalyse: aan de hand van gesprekken met onder andere de gemeente worden kansrijke bestemmingsopties in beeld gebracht. c. Technische condities: op basis van cascoherstelkosten ten behoeve van het monument wordt berekend wat de basiskosten zijn van herstel van het monument. 3. Aan de hand van de resultaten uit de voorgaande onderzoeken zijn drie schetsplannen gemaakt. Hierin wordt weergegeven wat er ruimtelijk mogelijk is binnen de kaders van de monumentwaarde en de ontwikkelingspotentie. 4. De drie schetsplannen zijn financieel doorgerekend. Deze financiële berekening bestaat uit twee onderdelen: a. De kosten van het inbouwpakket b. De eventuele opbrengsten 5. Er is nog een vijfde hoofdstuk toegevoegd waarin de optie voor het nemen van maatregelen op het gebied van duurzaamheid nader wordt geanalyseerd. Het gehele rapport wordt afgesloten met een conclusie en advies. De verschillende deelrapporten zijn in een aparte bijlage opgenomen.
Opzet en leeswijzer Uitgangspunt voor het onderzoek naar de herbestemmingsmogelijkheden is het gegeven dat de school is aangewezen als gemeentelijk monument. Om de haalbaarheid van herbestemmingsmogelijkheden goed te kunnen onderzoeken heeft Hylkema Erfgoed de volgende deelonderzoeken laten uitvoeren: 1. Cultuur/bouwhistorie: op basis van een waardestelling onderzoek van een monument wordt de transformatieruimte van een herbestemming in beeld gebracht;
4
Links: Plattegrond en achtergevel op de ontwerptekeningen uit 1930. Rechts: Plattegrond en achtergevel op de tekening uit 1965. Te zien is dat er zowel aan het interieur als aan de gevel enkele ingrijpende wijzigingen worden uitgevoerd.
6
1
Cultuurhistorische waarden
1.1
Inleiding
Elk herbestemmingsonderzoek beginnen wij met een bouwhistorisch onderzoek omdat het gebouw als uitgangspunt dient voor verdere ontwikkelingen. De belangrijkste onderdelen van dit onderzoek worden hieronder beschreven. De volledige versie van het rapport is in bijlage 1 te vinden.
1.2
Ontstaansgeschiedenis
In 1981 kreeg Nieuw-Loosdrecht, een dorp langs de ontginningsas van de Loosdrechtsedijk, een ‘School met den Bijbel’. Eerst met één klaslokaal en tien jaar later kwam er een tweede lokaal. In het begin van de twintigste eeuw werden de eisen die vanuit het rijk aan schoolgebouwen werden gesteld strenger. Een schoolgebouw moest voldoende licht- en luchttoetreding hebben. Men vond dat essentieel voor een gezond leerklimaat. Het gevolg was dat de inspecteur van de Volksgezondheid de school in 1926 ongeschikt verklaarde voor het geven van onderwijs. Doordat de gemeente en het schoolbestuur lijnrecht tegenover elkaar stonden duurde het tot 1931 voor men met de bouw van de nieuwe school kon beginnen. De oude school bleef nog enige tijd in gebruik als gymnastieklokaal.
1.3
naar Mr. Jan Terpstra, die in de periode 1929-1933 minister was van Onderwijs en secretaris was van de schoolraad voor de Scholen met de Bijbel. De school onderging verschillende verbouwingen. In 1965 werden de vensters gemoderniseerd zodat de school meer licht binnen zou krijgen. In de jaren ’70 werd de wijk Hallinckveld gebouwd, de school werd derhalve met vier lokalen, gymnastiekzaal en een lerarenkamer vergroot. In 1985 werd de school uitgebreid met een gemeenschapsruimte met handenarbeidruimte en een 8e lokaal werd nog later toegevoegd. De bouwgeschiedenis wordt samengevat in onderstaande dateringsplattegrond. Hierbij moet opgemerkt worden dat in het geval van het hoofdgebouw, de datering vaak betrekking heeft op de gewijzigde vensters, het omliggende metselwerk is wel ouder.
Bouwhistorie
Het nieuwe gebouw werd schuin tegenover de oude school gerealiseerd. Het nieuwe gebouw omvatte drie lokalen en werd ontworpen door de Utrechtse architect H. Gassenaar. Kenmerkend voor de school zijn de krachtige plastische vormen van met name de grote kap en de ingangspartij. De school werd vernoemd
7
1.4
3)
Aanwezige waarden
Er zijn twee typen waarderingen, de externe en de interne waardering. Bij de externe waardering wordt gekeken naar de monumentwaarde van het object in relatie met andere gebouwen in de gemeente (omdat het een gemeentelijk monument is). Het gaat er dus om waarom het gebouw is aangewezen als monument. Bij de interne waardering wordt onderzocht in welke onderdelen van het monument deze monumentwaarde is terug te vinden. De interne monumentwaarde wordt samengevat in tekst en een waarderingsplattegrond.
4)
Externe monumentwaarde
+
++
1. Cultuurhistorische waarde
x
2. Architectonische waarde
x
3. Ensemblewaarde
x
4. Gaafheid/herkenbaarheid 5. Zeldzaamheid 1)
2)
+++
x x
De cultuurhistorische waarde is te danken aan het belang van het object als bijzondere uitdrukking van (een) culturele, sociaal-economische en/of geestelijke ontwikkeling. Het is een voorbeeld van een dorpsschool uit de tijd van de onderwijsvernieuwing. De school heeft een positief belang voor de geschiedenis van de architectuur en/of bouwtechniek en de hoogwaardige esthetische kwaliteit van het ontwerp.
5)
De ensemblewaarde is gemiddeld positief. De betekenis van de school als essentieel onderdeel van een groter geheel, dat cultuurhistorisch, architectuurhistorisch en stedenbouwkundig van belang is, is hoog. Dit komt vooral door zijn ligging aan de Nieuwe Loosdrechtsedijk en het duidelijk herkenbare schoolplein. De bijzondere betekenis wegens de wijze van verkaveling/inrichting/voorzieningen is gering. De betekenis van de school voor het aanzien van Nieuw Loosdrecht is wel positief. De architectonische gaafheid van het exterieur/interieur is gering. Dit komt mede door de wijziging van de klaslokaalvensters, de wijziging van de bouwdelen tussen uitbouw en middenentree, de wijzigingen van de uitbouwen, het ontbreken van de schoorstenen en dakkapellen (achterzijde) en de uitbreiding van de school. De school heeft wel een positieve waarde vanwege het belang van de school in relatie met de structurele en/of visuele gaafheid van de omgeving. Qua zeldzaamheid heeft de school een positieve score. Binnen de gemeente heeft de school een positief belang wegens de architectuurhistorische, bouwtechnische, topologische en functionele zeldzaamheid.
Interne monumentwaarde Exterieur Bouwmassa De bouwmassa heeft een hoge monumentwaarde. De bouwmassa is bepalend in het ontwerp van de architect. Kenmerkend is de simpele krachtige vorm met een hoge, relatief gesloten kap. De nadruk ligt op de horizontale elementen zoals de kap en de lage onderbouw. De entree doorbreekt dit door de topgevels en deparaboolvormige entree. Gevels De gevels hebben een hoge monumentwaarde omdat deze net als de bouwmassa bijdragen aan de herkenbaarheid en architectonische vormgeving. De grote klaslokaalvensters aan de achterzijde laten duidelijk zien dat het om een schoolgebouw gaat. Deze vensters zijn echter gewijzigd en hebben derhalve geen hoge, maar een positieve waarde. Het grote venster heeft een positieve waarde, de latere invulling heeft een indifferente waarde. De duidelijk aanwezige entree aan de voorzijde laat, net als de klaslokaalvensters, duidelijk zien dat het hier om een schoolgebouw gaat en heeft een hoge monumentwaarde. 8
Latere wijzigingen aan de gevels hebben een indifferente waarde. Ze hebben over het algemeen geen storend effect op de monumentwaarde omdat ze in dezelfde stijl als de oorspronkelijke onderdelen zijn uitgevoerd. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om de gewijzigde vensters van de twee kleinere aanbouwen aan de voorzijde en de gewijzigde entree in de zijgevel. De uitgebouwde toiletten hebben een positieve monumentwaarde, omdat hierbij gebruik is gemaakt van het bestaande metselwerk van de bloembakken. De vensters zijn wel van latere datum. Deze hebben een indifferente waarde.
Interieurelementen met een indifferente monumentwaarde: Alle niet oorspronkelijke elementen zoals de wastafels en tegelwerk in de lokalen, de latere vloer- wand- en plafondafwerkingen, de later geplaatste deuren en niet oorspronkelijke vensterbanken.
De monumentwaarde wordt samengevat in de onderstaande waarderingsplattegrond. De plafonds hebben een indifferente monumentwaarde.
Constructie De kapconstructie heeft een positieve monumentwaarde omdat deze uit de bouwperiode komt en bijdraagt aan de bouwmassa. Het materiaal en de constructiemethode zijn echter niet dermate bijzonder om een hoge monumentwaarde aan de kap te geven. Interieur De herkenbaarheid van de school met portaal, gang en klaslokalen heeft een hoge monumentwaarde. Interieurelementen met een hoge monumentwaarde: De tegellambrisering en tegeltableaus in het portaal bij de entree. Interieurelementen met een positieve monumentwaarde: De nog aanwezige inbouwkasten in de lokalen. Het gaat hierbij om oorspronkelijke elementen die, met de roedeverdeling van de ruiten, naar ontwerp van de architect zijn gemaakt. De hoge ‘lambriserings’ lat die rondom in het lokaal loopt, ter hoogte van de bovenzijde van de deur. Deze is kenmerkend voor deze periode en werd veelvuldig toegepast in klaslokalen. De vloertegels in de gang. Deze zijn mogelijk oorspronkelijk al lopen ze ook door in de overgang naar de vleugel uit 1970. Mogelijk had men nog enkele oorspronkelijke vloertegels bewaard en hier toegepast. Qua vorm en kleur sluiten de tegels aan bij de tegels uit de bouwperiode. De klasdeuren hebben een licht positieve waarde. De deuren zijn wel aangepast. Oorspronkelijk had het glas een roedeverdeling.
De oorspronkelijke opzet van een deur met twee zijlichten is alleen nog aanwezig bij het middelste lokaal. De andere lokalen en twee uitbouwen hebben nog wel hun oorspronkelijke deuren. Deze deuren zijn alleen aan de onderzijde voorzien van een opdekplaat.
9
1.5
Afweging en advies t.a.v de bouwhistorische waarde
De monumentale waarde van de school wordt mede bepaald door de herkenbaarheid en de architectonische verschijningsvorm. Bij herbestemming van het gebouw is het daarom belangrijk om die elementen te behouden die bepalend zijn voor het gebouw. De hoofdvorm dient (vooral vanaf de straatzijde) zoveel mogelijk intact te blijven. Kenmerkend voor deze hoofdvorm zijn de grote overstekende kap en het horizontale karakter van de onderbouw, waarbij de nadruk ligt op het entreeportaal. Het dakvlak dient aan de voorzijde bij voorkeur gesloten te blijven. Eventuele nieuwe raamopeningen (bij voorkeur aan de achterzijde of rechterzijde) dienen óf in dezelfde architectuurstijl uitgevoerd te worden, dus een horizontaal karakter te hebben, óf een duidelijk nieuwe toevoeging te zijn uit deze tijd. De hoofdopzet van de school (gang met drie lokalen) dient behouden en zoveel mogelijk beleefbaar te blijven. Oorspronkelijk waren twee lokalen middels een harmonicawand met elkaar verbonden, eventueel kan dit teruggebracht worden. Interieurelementen, kenmerkend voor deze tijd, functie en vormgeving dienen behouden te blijven. Hierbij moet gedacht worden aan de tegellambrisering in het portaal en de inbouwkasten in de lokalen. De nieuwbouw heeft geen monumentale waarde en kan vervangen worden. Het schoolplein aan de voorzijde draagt bij aan de herkenbaarheid van de school.
De inrichting van het plein is echter niet oorspronkelijk. Op een oude foto is te zien dat het plein een symmetrisch karakter had met een recht pad naar de entree.
10
11
2
Conclusies en aanbevelingen
Uit de bouwhistorische verkenning is gebleken dat het schoolgebouw uit 1931 ondanks zijn monumentale status - wel degelijk ontwikkelingsmogelijkheden heeft. Met name rond 1965 is er veel aan de school gewijzigd. Deze wijzigingen geven de mogelijkheid om opnieuw ingrepen op deze plekken uit te voeren. Bijvoorbeeld door de vensters in de achtergevel aan te passen. Om de monumentale waarde niet aan te tasten dienen de voorzijde (entree, symmetrische karakter en de gesloten kap), de entreepartij (interieur en exterieur), de driedeling met klaslokalen en een deel van de gang-structuur gehandhaafd te blijven.
Hylkema Erfgoed 20 november 2017
12
Colofon
Product Terpstraschool te Nieuw-Loosdrecht Projectnummer: 555 Versie:
20-11-2017
Opdrachtgever Gemeente Wijdemeren
Opdrachtnemer Hylkema Erfgoed Auteurs: Ir. Sascha van Esch: architect Sebastiaan Haasnoot: bouwkundige drs. Katheleine Koornstra: bouwhistoricus met dank aan: Ruben Dral, MBE Ontwikkeling Jille Koop, Groene Grachten Mariehoek 4 3511 LD Utrecht 030-232 88 66
13