Bijlage 1 Uitvoeringsovereenkomst BIZ Nootweg 2025 2029
Tekst van het document
Uitvoeringsovereenkomst Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Nootweg Wijdemeren 2025 2029 Ondergetekenden, De gemeente Wijdemeren, ter zake van deze overeenkomst rechtsgeldig vertegenwoordigd door burgemeester drs. M. Verheijen, handelende ter uitvoering van het daartoe strekkende besluit van burgemeester en wethouders van Wijdemeren, hierna verder te noemen “de gemeente”; en Stichting Nootweg Loosdrecht, ten deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer C. van Dam en de heer S.W. Buffing, hierna te noemen “de stichting”, Gemeente en stichting hierna gezamenlijk te noemen: “partijen”, Overwegende: −
−
− − − − − − − − − −
stichting Nootweg Loosdrecht kenbaar heeft gemaakt te willen komen tot het invoeren van een bedrijveninvesteringszone (BIZ) zoals bedoeld in de Wet op de bedrijveninvesteringszones (Wet BIZ) en de gemeente Wijdemeren heeft verzocht hieraan haar medewerking te verlenen; stichting Nootweg Loosdrecht voor de uitvoering van de BIZ activiteiten op 22 juni 2011 is opgericht. En de stichting uitsluitend als statutaire doelstelling heeft het uitvoeren van activiteiten die gericht zijn op het bevorderen van de leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit, economische ontwikkeling of een ander gezamenlijk belang op het bedrijventerrein in de openbare ruimte en op het internet, en het verrichten van al wat hiermee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn.
Tot dit doel hoort niet het doen van uitkeringen aan de oprichter(s) of aan hen die deel uitmaken van organen van de stichting; de stichting het plan, getiteld Nootweg biz-plan 2025-2029, heeft opgesteld, dat bij deze overeenkomst is gevoegd, waarin zij aangeeft hoe zij voornemens is de BIZ-subsidie aan bovengenoemde activiteiten te besteden; dat de vertegenwoordigers van de stichting voorstander zijn van een BIZ als bedoeld in de Wet op de Bedrijveninvesteringszones voor Winkelcentrum Nootweg; de stichting een informele draagvlakmeting heeft gehouden onder de ondernemers (gebruikers van de panden) in het gebied genoemd in de Verordening, die erop duidt dat er onder de potentiële bijdrageplichtigen voldoende steun lijkt te zijn voor een hernieuwde BIZ; de gemeente en de stichting te kennen hebben gegeven zich daarom te zullen inspannen om te komen tot een bedrijveninvesteringszone; dat deze overeenkomst betrekking heeft op de in de verordening gedefinieerde BIZ die zich uitstrekt over de Nootweg zoals aangegeven op de in het BIZ-plan opgenomen kaart; dat deze uitvoeringsovereenkomst behoort bij de beschikking waarin de subsidie aan de stichting gaat worden toegekend; dat ter uitvoering van de toekomstige subsidieverlening deze uitvoeringsovereenkomst is opgesteld; op de aan de stichting te verstrekken subsidie de bepalingen over subsidies uit de Algemene wet bestuursrecht van
toepassing zijn; artikel 7 lid 3 van de Wet BIZ bepaalt dat de gemeente met de subsidieontvanger een overeenkomst sluit als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb); de partijen mede gelet op de inzet van publieke gelden te allen tijde een transparante en een democratische wijze van verantwoording zullen hanteren.
Komen het volgende overeen: 1. Definities In deze overeenkomst wordt verstaan onder: - Wet: de Wet op de Bedrijveninvesteringszones; - Verordening: Verordening bedrijveninvesteringszone Nootweg Wijdemeren 2025 – 2029; - BIZ-bijdrage: hetgeen daaronder in de wet en de verordening wordt verstaan; - BIZ-subsidie: de op basis van de Verordening en de Wet te verlenen subsidie; - BIZ-Plan: Nootweg biz-plan 2025-2029; - College: het College van Burgemeester en Wethouders van Wijdemeren; - BI-zone: de in en bij de Verordening aangewezen bedrijveninvesteringszone. - Stichting: Stichting Nootweg Loosdrecht.
2. Doel van de uitvoeringsovereenkomst 1. De overeenkomst is gebaseerd op artikel 7 van de Wet. Zij beoogt de afspraken tussen partijen te regelen met betrekking tot de instelling van een BIZ voor het gebied genoemd in de Verordening, de dienstverlening door de gemeente in deze BIZ, alsmede afspraken te maken over de activiteiten waarvoor de BIZ-subsidie wordt verleend. 2. Deze overeenkomst is een uitvoeringsovereenkomst zoals bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht. 3. Met deze overeenkomst verplicht de stichting zich om de activiteiten zoals opgenomen in het Nootweg biz-plan 2025-2029, uit te voeren en om de te ontvangen subsidie uitsluitend daarvoor aan te wenden. 3. Duur van de uitvoeringsovereenkomst 1. De uitvoeringsovereenkomst treedt in werking zodra de Verordening BIZ Nootweg 2025 2029 in werking is getreden. 2. De overeenkomst eindigt van rechtswege op 31 december 2029, tenzij partijen uiterlijk 3 maanden daarvoor besluiten deze te verlengen. Voorts eindigt deze overeenkomst op de dag dat het College vaststelt dat blijkens de uitslag van de draagvlakmeting niet wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 4 van de Wet. 3. De stichting en de gemeente hebben de intentie om de subsidierelatie steeds voor de duur van 5 jaar te verlengen.
Grondslag hiervoor is de jaarlijkse subsidieaanvraag van de stichting alsmede de jaarlijkse verantwoording van de activiteiten die de stichting in het kader van de jaarlijkse subsidievaststelling opstelt. 4. De looptijd van de uitvoeringsovereenkomst impliceert nadrukkelijk geen toezegging over de hoogte van de jaarlijkse subsidieverstrekking door de gemeente. 5. Onder een subsidiejaar wordt in deze overeenkomst een kalenderjaar verstaan. 4. Omschrijving van het gebied waarop deze overeenkomst betrekking heeft Het gebied waarvoor de Stichting Nootweg Loosdrecht wordt ingesteld omvat de straten of delen van straten, die gelegen zijn binnen de begrenzing die staat aangegeven op de kaart. Deze kaart maakt deel uit van de Verordening.
5. Subsidie 1. De stichting dient jaarlijks een schriftelijk verzoek om subsidie in, met een bijbehorende begroting en activiteitenplan op hoofdlijnen. De hiervoor bedoelde stukken worden jaarlijks uiterlijk op 1 september voorafgaand aan het betreffende subsidiejaar ingediend bij het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente. 2. Overeenkomstig de bovenvermelde subsidiebeschikking bedraagt de jaarlijkse subsidie de gerealiseerde opbrengst van de BIZ-bijdragen voor de uitvoering van de onder 6. tussen stichting en gemeente overeengekomen activiteiten. 3. De subsidie bedraagt maximaal het bedrag van de jaarlijks te ontvangen BIZ-bijdragen. 4. De bedragen worden overgemaakt naar het bankrekeningnummer van de stichting onder vermelding van ‘Subsidie BIZ Nootweg’ onder toevoeging van de periode waarop de betaling betrekking heeft. 5. Bevoorschotting van de subsidie door de gemeente zal plaatsvinden in een jaarlijkse termijn tot een maximum van 100% van het in de subsidiebeschikking genoemde bedrag. 6. Activiteiten/overeengekomen prestaties Een aantrekkelijk winkelgebied voor zowel de klant als de ondernemer door onder meer een intensieve samenwerking, promotie, marketing en communicatie, sfeerverlichting, aankleding openbare ruimte (o.a. bloembakken), gezamenlijke activiteiten (zoals Jaarmarkt), overige gerichte sfeeracties.
Zie voor een overzicht van de activiteiten de conceptbegroting in het BIZ-plan. 7. Verplichtingen stichting 1. De stichting zal geen verplichtingen met financiële gevolgen aangaan die hoger zijn dan de voorziene jaarlijkse subsidie van de gemeente. 2. De stichting zal geen verplichtingen met financiële gevolgen aangaan die de looptijd van het BIZ-Plan overschrijden. 3. De stichting is verplicht de gemeente onverwijld te berichten over voorgenomen wijzigingen in haar statuten en eventuele reglementen, dan wel in de uitvoering van het biz-plan (artikel 8, lid 2 van de Wet). 8. Draagvlakmeting 1. De gemeente zal zich inspannen om binnen 12 weken na vaststelling van de Verordening een draagvlakmeting uit te voeren, zoals bedoeld in artikel 4 eerste lid, van de Wet om te onderzoeken of er voldoende steun bestaat voor de heffing van de BIZ-bijdrage onder de bijdrageplichtigen, zoals bepaald in artikel 5 van de Wet. 2. De stichting zal zich inspannen om voldoende draagvlak voor de BI-zone te creëren en de gemeente ter zijde staan bij deze meting. 9. Verordening BIZ Nootweg Wijdemeren 2025 - 2029 De gemeenteraad zal uiterlijk in december 2024 de Verordening vaststellen, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet op de BIZ. In deze Verordening wordt bepaald, dat een BIZ-bijdrage zal worden geheven van degenen die de in de BIZ gelegen onroerende zaken in gebruik en in eigendom hebben.
Het tarief van de BIZ-bijdrage per gebruiker en eigenaar is opgenomen in het biz-plan.
Indien een belastingobject bij het begin van het kalenderjaar geen gebruiker kent, wordt de BIZbijdrage geheven van degene die van die zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. Voor de toepassing van dit artikel wordt als eigenaar aangemerkt de genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van de onroerende zaak. Dit is degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. 10. Verantwoording 1. De stichting dient jaarlijks bij de subsidieaanvraag een sluitende exploitatiebegroting voor het volgende jaar in te sturen. Deze begroting gaat vergezeld van een activiteitenplan. 2. De stichting draagt zorg voor een sluitende begroting en jaarrekening en voert een transparante administratie. 3. In geval van afwijkingen in de realisatie van de overeengekomen contractafspraken, neemt de stichting initiatief tot overleg met de gemeente. Bij negatieve afwijkingen heeft het College het recht de subsidie lager vast te stellen dan verleend, tenzij de stichting kan aantonen dat de oorzaken van de afwijking buiten haar invloedssfeer liggen. 11. Overleg, evaluatie en rapportage 1. Minimaal één keer per jaar vindt een voortgangsgesprek plaats tussen de stichting ende gemeente. Doelen van dit overleg zijn: a.
algemene informatie-uitwisseling en het signaleren van nieuwe ontwikkelingen; b. bespreken van de voortgang en het door de stichting tijdig signaleren van eventuele afwijkingen van de contractafspraken; c. aan de hand van de voortgangsgegevens tussentijds de gemaakte afspraken bijsturen; d. het anticiperen op volgende jaren. 2. De stichting neemt het initiatief voor deze gesprekken. Contactpersoon namens de stichting is de als voorzitter ingeschreven persoon bij de Kamer van Koophandel. 3. Partijen verplichten zich elkaar tijdig, volledig en juist te informeren omtrent ontwikkelingen die invloed hebben op hetgeen in deze overeenkomst is overeengekomen. 12. Inzet van de gemeente 1. Met de BIZ-subsidie kunnen alleen activiteiten worden ondernomen, bedoeld om een hogere kwaliteit aan voorzieningen tot stand te brengen die de gemeente op grond van een optimale verdeling van de beschikbare middelen zelf niet kan en hoeft te realiseren. 2. Op grond van artikel 7 lid 5 van de Wet, geeft de gemeente hierbij het minimale niveau van de gemeentelijke dienstverlening binnen het BIZ-gebied aan voor de periode dat de BIZbijdrage wordt geheven. De gemeente zal gedurende de bij Verordening vastgestelde looptijd van de BIZ-bijdragen, het netheidsniveau van de openbare ruimte op een voldoende peil houden. Dit wordt gemonitord via de systematiek die door CROW is ontwikkeld. 3.
Voor de verschillende onderdelen zal de gemeente zorgdragen voor de volgende minimale niveaus:
Groen
C
Verharding
C
Straatmeubilair
C
Onkruid
C
Zwerfvuil
C
Verklaring van de waarden: A+ A B C D
perfect goed voldoende matig slecht/onacceptabel
4. Bij wijziging van bovengenoemd niveau van gemeentelijke dienstverlening, wordt de stichting hiervan op de hoogte gebracht. 5. De investeringen die de stichting opbrengt door middel van het ondernemersfonds komen niet in de plaats van die van de gemeente. De gemeente is en blijft verantwoordelijk voor de basiskwaliteit van de openbare ruimte. De in het meerjarenplan en jaarplan opgenomen activiteiten zijn voor zover er overlap is, aanvullend bedoeld. 13. Jaarverslag, verantwoording na afloop subsidiejaar 1. De stichting brengt het College uiterlijk op 1 juli van het jaar volgende op het subsidiejaar een financieel en inhoudelijk verslag uit van de door haar gerealiseerde activiteiten. Het inhoudelijk deel van het jaarverslag bevat een verantwoording van de uitvoering van het BIZplan en activiteitenplan. Ook blijkt hieruit welke uitgaven er gedaan zijn en hoe die zijn toe te rekenen aan de activiteiten zoals opgenomen in het biz-plan en de gevolgen daarvan voor de balans van de stichting. In geval van een substantieel verlies of batig saldo op de balans, wordt toegelicht hoe hiermee in de subsidieaanvraag en activiteitenplan voor het volgende kalenderjaar zal worden om gegaan. 2. De stichting kan het College schriftelijk en met redenen omkleed verzoeken om maximaal 4 weken uitstel voor het uitbrengen van het hiervoor bedoelde verslag.
Dit verzoek moet uiterlijk 2 weken voor het verstrijken van bovengenoemde datum bij de gemeente worden ingediend. Uiterlijk 2 weken na ontvangst van het verzoek om uitstel besluit het College of het verzoek wordt ingewilligd. 3. Het verslag dient te zijn vastgesteld in overeenstemming met de statuten van de stichting. 4. Het verslag is voorzien van een goedkeurende verklaring van een accountant. 14. Vaststelling BIZ-subsidie en eindafrekening 1. Binnen zes weken na ontvangst van de subsidieverantwoording stelt het College de hoogte van de BIZ-subsidie over het voorgaande subsidiejaar definitief vast. 2. Wanneer een deel van de BIZ-subsidie niet is besteed, wordt dit doorgeschoven naar de volgende periode. 3. Wanneer het vastgestelde bedrag hoger is dan het verstrekte voorschot, zal de gemeente het verschil binnen vier weken aan de stichting uitbetalen. 4. Wanneer (bijvoorbeeld door oninbare posten of gehonoreerde bezwaar- en beroepschriften) het vastgestelde bedrag lager is dan verstrekte voorschot, zal dit verschil worden verrekend met de uit te betalen subsidie van het dan lopende subsidiejaar, dan wel zal de stichting het verschil binnen vier weken aan de gemeente betalen.
5. Wanneer de stichting kennelijk in gebreke blijft bij de uitvoering van het activiteitenplan, kan het College na overleg met de Stichting besluiten het vast te stellen subsidiebedrag daarop aan te passen. 6. Bij het niet nakomen van de subsidieverplichtingen kan de BIZ-subsidie lager worden vastgesteld of worden ingetrokken. 7. Na lagere vaststelling of intrekking van de BIZ-subsidie, wordt het teveel verstrekte bedrag aan subsidie teruggevorderd. 15 Voorschotbetaling De gemeente zal voorschotbetalingen van de subsidie doen uiterlijk op de volgende data van een kalenderjaar: - 25% uitbetaling op 1 april. - 50% uitbetaling op 1 juni. - 25% uitbetaling op 1 september. 16. Beëindiging van de BIZ 1. De stichting kan de gemeente, indien zij voldoet aan de voorwaarden die worden genoemd in artikel 6 van de Wet, verzoeken de Verordening in te trekken. 2. Het College zal, indien na een verzoek als genoemd in artikel 6, lid 2, van de Wet en de daaropvolgende draagvlakmeting, gebleken is dat onder de bijdrageplichtigen voldoende steun is voor intrekking van de Verordening, de gemeenteraad verzoeken om de Verordening in te trekken. 3. Indien de gemeenteraad daartoe besluit: a.
stelt het College de subsidie vast met ingang van de datum van het intrekken van de Verordening, waarbij de eindafrekening plaatsvindt naar deze datum met dien verstande dat: - indien een batig saldo overblijft, dit door de stichting conform haar statuten zal worden besteed; - indien een tekort overblijft, dit voor rekening van de stichting blijft. 4. Als, ongeacht om welke reden, de Verordening (deels) onverbindend wordt verklaard, wordt ingetrokken of anderszins zijn werking verliest, wordt subsidieverlening op grond van de Verordening beëindigd. 17. Wanprestatie/overmacht 1. Ieder der partijen is gerechtigd deze subsidie-uitvoeringsovereenkomst en daarmee de subsidierelatie te beëindigen, indien de andere partij, na schriftelijk in gebreke te zijn gesteld waarbij een redelijke termijn wordt gegeven, in ernstige mate tekort schiet in de nakoming van een of meer krachtens deze overeenkomst op die partijen rustende verplichtingen, tenzij er sprake is van overmacht in de zin van artikel 6:75 van het Burgerlijk Wetboek. 2. De bepalingen uit de Wet op de Bedrijveninvesteringszones en de Algemene wet bestuursrecht zijn hierbij van toepassing, en worden door ieder der partijen in acht genomen.
18. Wettelijke grondslag Op de subsidieverlening is naast de Wet op de Bedrijveninvesteringszones de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. 19. Schadeplicht Deze overeenkomst kan niet leiden tot schadeplichtigheid van partijen jegens elkaar. De Algemene Subsidieverordening is niet van toepassing op de subsidie die uitgekeerd wordt in het kader van de BIZ-heffing.
20. Geschillen 1. Partijen streven ernaar geschillen betreffende de uitleg, uitvoering of nakoming van deze overeenkomst in onderling overleg op te lossen. 2. Ieder geschil tussen partijen ter zake van de overeenkomst zal bij uitsluiting worden voorgelegd aan de daartoe bevoegde rechter in het arrondissement Midden-Nederland, tenzij partijen alsnog een andere vorm van geschillenbeslechting zullen overeenkomen. In tweevoud opgesteld en ondertekend te Wijdemeren op
Ondertekening De gemeente Wijdemeren, Namens deze, J.H.J Kea
Namens het bestuur van de Stichting Nootweg Loosdrecht. C. van Dam
Bijlage 1 Bijlage 2
S.W. Buffing
Nootweg biz-plan 2025-2029 d.d. 26-04-2024.
Verordening BIZ-bijdrage Nootweg Wijdemeren.