Bijlage 1 - Toelichting bestemmingsplan ‘Loodijk 18 te ‘s-Graveland’
Tekst van het document
4.8.1 Archeologie In Europees verband is als wettelijk toetsingskader het zogenaamde 'Verdrag van Malta' tot stand gekomen. Uitgangspunt van dit verdrag is het archeologisch erfgoed zo veel mogelijk te behouden. Waar dit niet mogelijk is, dient het bodemarchief met zorg ontsloten te worden. Bij het ontwikkelen van ruimtelijk beleid moet het archeologisch belang vanaf het begin meewegen in de besluitvorming. In de Erfgoedwet is vastgelegd dat Rijk, provincies en gemeenten in ruimtelijke plannen rekening houden met het aspect 'archeologie'. De wet beoogt het archeologische erfgoed in hoofdzaak in situ te beschermen. De gemeente Wijdemeren heeft in 2011 haar archeologisch beleid vastgesteld. Op de onderstaande afbeelding is de beleidskaart van de gemeente Wijdemeren weergegeven. Ter plaatse van het plangebied geldt een drempelwaarde van 2.500 m2 voor bodemingrepen dieper dan 40 cm. Dit beleid is doorvertaald naar het geldende bestemmingsplan op locatie. Op basis van het geldende bestemmingsplan is het plangebied bestemd met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 4'.
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
33
Figuur: Archeologische beleidskaart van de gemeente Wijdemeren, Husken 2010 (Bron: Bureau voor Archeologie, rapprtnummer: 1363, ISSN: 2214-6687) In de regels van de geldende dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 4' is een onderzoeksplicht opgenomen voor werkzaamheden over een oppervlak van meer dan 2.500 m². Voor grondwerkzaamheden geldt een onderzoeksplicht voor grondbewerkingen met een diepte groter van 40cm. Het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of andere wijze indrijven van voorwerpen, behoort tevens tot de onderzoeksplichtige werkzaamheden. Het beoogde bouwwerk kan echter niet zonder graafwerkzaamheden niet dieper dan 40cm en zonder heiwerkzaamheden worden geplaatst. Vanwege het overschrijven van de drempelwaarde dient door middel van een archeologisch onderzoek te worden aangetoond, dat op de locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn of de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. 4.8.1.1 Bureau- en inventariserend booronderzoek Aangezien een ontwikkeling met grondwerkzaamheden is voorzien boven de drempelwaarde van 2.500 m2 , is door Bureau voor Archeologie een archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek (rapportnummer: 1363, d.d. 17 augustus 2023; Bijlage 1) uitgevoerd.
De conclusie van het onderzoek luidt als volgt: In het plangebied kunnen prehistorische archeologische resten aanwezig zijn uit het Laat Paleolithicum tot en met het Midden Neolithicum. Eventuele resten bevinden zich in de top van het Pleistocene dekzand dat tussen 150 en 195 cm -mv ligt (-167 en -207 cm NAP). Bureau voor Archeologie adviseert bij graafwerkzaamheden een bufferzone van 30 cm aan te houden boven het Pleistocene dekzand. Dit betekent dat graafwerkzaamheden dieper dan 120 cm onder het maaiveld (-127 cm NAP) bij voorkeur worden vermeden. Voor zover bekend zijn dergelijke graafwerkzaamheden niet voorzien en is verder onderzoek niet nodig. Als
34
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
wel graafwerkzaamheden dieper dan 120 cm onder het maaiveld (-127 cm NAP) zijn voorzien, dan wordt geadviseerd een vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een karterend booronderzoek. 4.8.1.2 Conclusie voor het bestemmingsplan Het College is het bevoegd gezag om aan de hand van een archeologisch onderzoek af te wijken van de beperkingen die volgen uit de archeologische dubbelbestemming. Er zijn geen graafwerkzaamheden noodzakelijk die dieper reiken dan 120 cm onder het maaiveld. De bodemlaag waarin archeologische resten kunnen worden aangetroffen wordt met het planvoornemen niet verstoord. Het planvoornemen is daarmee uitvoerbaar. Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor het voorliggend bestemmingsplan. 4.8.2 Cultuurhistorie In de Erfgoedwet is geregeld dat in het kader van de goede ruimtelijke ordening in een ruimtelijke onderbouwing een beschrijving dient te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten, rekening is gehouden. Ook de facetten historische bouwkunde en historische geografie dienen te worden meegenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren.
Uitsnede Informatiekaart Landschap en Cultuurhistorie met globale ligging plangebied geel omlijnd Op basis van de Informatiekaart Landschap en Cultuurhistorie is het plangebied gelegen binnen de Nieuwe Hollandse Waterlinie. In paragraaf 3.2.2 is reeds aangetoond dat er met het planvoornemen geen afbreuk wordt gedaan aan de kernwaarden van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Er is geen cultuurhistorisch waardevolle bebouwing of weg binnen het plangebied gelegen. In de omgeving bevinden zich tevens geen rijks- of gemeentelijke monumenten waarop met het voorgenomen initiatief invloed heeft. Daarnaast is het plangebied niet gelegen in en beschermd dorps- of stadsgezicht. Gelet op bovenstaande vormt het aspect cultuurhistorie geen belemmering voor het planvoornemen.
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
35
4.9
Verkeer en parkeren
4.9.1 Parkeren Op 4 februari 2021 is door de gemeenteraad van gemeente Wijdemeren het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren Wijdemeren 2019' vastgesteld. Conform het parapluplan is het gemeentelijk parkeerbeleid van de gemeente Wijdemeren vastgelegd in de 'Beleidsregel parkeernormen van de gemeente Wijdemeren', zoals vastgesteld door burgemeester en wethouders op 31 maart 2015. Met voorliggend plan wordt een bedrijfsverzamelgebouw bestaande uit 17 bedrijfsunits gerealiseerd. Het bedrijfsverzamelgebouw heeft een bedrijfsvloeroppervlak (bvo) van 2.000 m². Verkeerskundig kan de bedrijfslocatie worden beschouwd als onderdeel van het landelijk gebied. Hiervoor geldt een parkeernorm van 2,2 parkeerplaatsen per 100 m². Dit komt neer op een parkeernorm van ((2.000/100) * 2,2) 44 parkeerplaatsen. Het planvoornemen voorziet in de realisatie van 45 parkeerplaatsen. Hiermee wordt voldaan aan de gestelde parkeernorm op locatie. In de regels van het voorliggend bestemmingsplan zijn de algemene gebruiksregels uit het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren Wijdemeren 2019' overgenomen. Daarmee is in het plan geborgd dat voldoende parkeervoorzieningen worden gerealiseerd. 4.9.2 Verkeer In de 'Beleidsregel parkeernormen van de gemeente Wijdemeren' zijn geen kengetallen opgenomen om de verkeersgeneratie ten gevolge van het planvoornemen te bepalen.
Hierom is aangesloten bij kengetallen voor verkeersgeneratie conform de CROW publicatie 318 (uitgave december 2018). Op basis van gegevens van het CBS heeft gemeente Wijdemeren een Omgevingsadressendichtheid (OAD) van 600. Op basis hiervan is de locatie gelegen in weinig stedelijk gebied (OAD van 500-1.000). Het plangebied is gelegen binnen de zonering 'Rest bebouwde kom'. Huidige situatie Conform de CROW geldt op locatie voor een café, bar of cafetaria eveneens geen kengetal voor verkeersgeneratie per etmaal. Toekomstige situatie Conform de CROW geldt op locatie voor een bedrijfsverzamelgebouw een maximale verkeersgeneratie van 8,7 verkeersbewegingen per 100 m² bvo. Met het planvoornemen wordt een bedrijfsverzamelgebouw van 2.000 m² mogelijk gemaakt. Dit komt neer op een maximale verkeersgeneratie van afgerond 174 verkeersbewegingen per etmaal ten gevolge van het planvoornemen. In werkelijkheid zal de toename van het maximaal aantal verkeersbewegingen per etmaal lager zijn. Op dit moment is er een horecaonderneming met een bvo van circa 450 m² (incl. terras) binnen het plangebied aanwezig. Met het planvoornemen blijft de bestaande inrit op gebiedsontsluitingsweg Loodijk behouden. Het verkeer wordt overeenkomend met de huidige situatie afgewikkeld op de Loodijk.
De bestaande infrastructuur heeft een zodanig profiel en capaciteit dat de toename aan verkeersbewegingen geen probleem is en de verkeersveiligheid niet in het geding komt. Het aspect verkeersgeneratie vormt hiermee op voorhand geen belemmering voor het planvoornemen.
4.10
Leidingen
In het plangebied zijn geen leidingen met een planologisch relevante beschermingszone gelegen, noch overlapt een beschermingszone van een planologisch relevante leiding met het plangebied.
36
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
4.11
Vormvrije m.e.r.-beoordeling
De milieueffectrapportage is een hulpmiddel om bij diverse procedures het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming te geven. Milieueffectrapportage (m.e.r.) is wettelijk verankerd in hoofdstuk 7 Wet milieubeheer (Wm). Naast de Wet milieubeheer is het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.) belangrijk om te kunnen bepalen of bij de voorbereiding van een plan of een besluit de m.e.r.-procedure moet worden doorlopen. Een m.e.r.-procedure is noodzakelijk als een besluit wordt genomen over een activiteit waarbij belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. De vraag of door voorgenomen activiteiten belangrijke nadelige milieugevolgen veroorzaakt kunnen worden staat dan ook centraal bij het beoordelen of een m.e.r. moet worden uitgevoerd. De Europese Unie heeft in de richtlijn m.e.r. reeds aangegeven bij welke activiteiten er zeer waarschijnlijk sprake is van belangrijke nadelige milieugevolgen. Deze activiteiten zijn door de Nederlandse regering overgenomen en verwerkt in onderdeel C van het Besluit m.e.r. Voor deze activiteiten geldt direct een m.e.r.-plicht. Ook zijn in het Besluit m.e.r. activiteiten aangewezen waarvoor het niet zeker is of er belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. Deze zijn beschreven in onderdeel D van het Besluit m.e.r.
Om te bepalen of er bij deze activiteiten uit onderdeel D sprake kan zijn van belangrijke nadelige milieugevolgen dient hiervoor per geval een m.e.r.-beoordeling uitgevoerd te worden. De belangrijkste wijziging is onder andere: het meer in overeenstemming brengen van het Besluit m.e.r. met de Europese richtlijn m.e.r. Hierbij hebben onder andere de zogenaamde drempelwaarde voor activiteiten een indicatief karakter gekregen. Met deze wijziging is bepaald dat voor activiteiten die op de bij het besluit m.e.r. behorende C- en D lijst zijn opgenomen, áltijd aandacht aan m.e.r. geschonken dient te worden. Hierbij dient te worden bepaald of een m.e.r. of m.e.r.-beoordeling noodzakelijk is. Het komt er op neer dat voor elk besluit of plan dat betrekking heeft op activiteit(en) die voorkomen op de Dlijst die beneden de drempelwaarden vallen een toets moet worden uitgevoerd of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. Voor deze toets, die dus een nieuw element is in de m.e.r.regelgeving, wordt de term vormvrije m.e.r.-beoordeling gehanteerd. Deze vormvrije m.e.r.-beoordeling kan tot twee conclusies leiden: belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten: er is geen m.e.r.
of m.e.r.-beoordeling noodzakelijk; belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een m.e.r.-beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor m.e.r. De toetsing in het kader van de vormvrije m.e.r.-beoordeling dient te geschieden aan de hand van de selectiecriteria in bijlage III van de Europese-richtlijn milieueffectbeoordeling. In deze bijlage staan drie hoofdcriteria centraal: de kenmerken van het project; de plaats van het project; de kenmerken van de potentiële effecten. In de D-lijst van het Besluit milieueffectrapportage is een dergelijke ontwikkeling aangemerkt als nummer D11.2 'De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen'. De drempelwaarde voor een m.e.r.-beoordeling zoals opgenomen in lijst D van het Besluit m.e.r. op betreft gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: een oppervlakte van 100 hectare of meer, een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
37
In het kader van de voorbereiding is geconstateerd dat het plan niet binnen een kwetsbaar of waardevol gebied ligt. In Hoofdstuk 2 zijn de kenmerken van het project beschreven. Daaruit is gebleken dat de drempelwaarde uit lijst D van het Besluit milieueffectrapportage niet wordt overschreden. Verder zijn in de voorgaande paragrafen van Hoofdstuk 4 van deze onderbouwing de verschillende milieuaspecten behandeld. Een m.e.r.–beoordeling voor dit project is daarom niet noodzakelijk. Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat het milieubelang van de onderhavige ontwikkeling in voldoende mate is afgewogen en dat er geen nadelige effecten zijn te verwachten. Het aspect m.e.r.-beoordeling vormt geen belemmering voor het project.
38
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische plantoelichting
Algemene plansystematiek
Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en regels tezamen vormen het juridisch bindende deel van het plan. De toelichting bevat een motivatie en verantwoording van de keuzes die gemaakt zijn. Het plan voldoet aan de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP 2012). Hiermee is het plan digitaal uitwisselbaar conform de laatste standaarden.
5.2
De bestemmingen
Het voorliggende bestemmingsplan is voor een groot deel een voortzetting van de geldende juridische regeling. De juridische regels uit het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied Ankeveen' zijn, voor zover van toepassing, overgenomen in het voorliggende plan. Binnen het plangebied komen de bestemmingen 'Bedrijf', Waarde - Archeologie - 4' en 'Waterstaat Waterkering' voor. De reden voor de bestemmingsplanwijziging is dat het beoogde gebruik als bedrijfsverzamellocatie niet passend is binnen de huidige horecabestemming. Bedrijf De regeling ten behoeve van de bedrijfsbestemming betreft maatwerk. Binnen de bedrijfsbestemming is de realisatie van een bedrijfsverzamelgebouw mogelijk gemaakt. De aanleg van bijbehorende parkeerplaatsen en erfverhardingen wordt tevens mogelijk gemaakt binnen de bedrijfsbestemming. Waarde - Archeologie -4 De regeling ter bescherming van archeologische verwachtingswaarden is overgenomen uit de regeling van het geldende bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied Ankeveen'. De bescherming is in de vorm van een dubbelbestemming opgenomen. Een dubbelbestemming werkt primair ten opzichte van de onderliggende enkelbestemming. Waterstaat - Waterkering De regeling ter bescherming van de waterkering is overgenomen uit de regeling van het geldende bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied Ankeveen'.
De bescherming is in de vorm van een dubbelbestemming opgenomen. Een dubbelbestemming werkt, zoals reeds vermeld, primair ten opzichte van de onderliggende enkelbestemming.
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
39
40
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
De ontwikkeling die mogelijk wordt gemaakt betreft een particulier initiatief waarbij alle kosten voor rekening komen van de initiatiefnemer. Voor de gemeente zijn derhalve aan de ontwikkeling van dit plan geen kosten verbonden. De gemeente Wijdemeren heeft met de initiatiefnemer een privaatrechtelijke voorovereenkomst en een anterieure overeenkomst afgesloten, waarin wordt vastgelegd dat de verantwoordelijkheid voor gemaakte kosten betreffende eventuele planschade bij de initiatiefnemer ligt. De exploitatie is op deze manier anderszins verzekerd. Het opstellen van een exploitatieplan is daarom niet nodig. Het plan is economisch uitvoerbaar en heeft verder geen consequenties voor de gemeentelijke kas.
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
41
42
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
Hoofdstuk 7
Overleg, inspraak en procedure
De gemeente hanteert een nieuwe werkwijze voor bouwplannen/projecten die in strijd zijn met het geldende bestemmingsplan. Deze werkwijze houdt in dat de initiatiefnemer de omgeving vanaf het begin te betrekt bij het plan, waardoor het besluitvormingsproces vaak beter en sneller verloopt. Op basis van het vernieuwd stappenplan werkproces participatie zijn directe omwonenden geïnformeerd over het plan. Het bestemmingsplan zal worden gepubliceerd en gedurende zes weken ter inzage worden gelegd. Hiertegen kan men eventueel een zienswijze indienen, die zal worden meegewogen in het kader van de definitieve besluitvorming omtrent het vaststellen van het plan.
bestemmingsplan Loodijk 18 te 's-Graveland
43