CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Programmabegroting 2026 - 2029

gemeenteraad 13 november 2025, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Programmabegroting 2026-202937.042 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

7 alinea's met “vreemd”: 995 1028 1047 1069 1091 1118 1142

De aanlegjaren van de beschoeiingen (en damwanden) zijn niet goed in beeld. Waarschijnlijk zijn de aanlegjaren van de beschoeiingen gelijk aan de aanlegjaren van de wegen of van de bebouwing waarnaast zij gelegd zijn.

70

Uitgevoerde onderzoeken Eens per vier jaar vindt visuele inspectie van alle kunstwerken (bruggen en beschoeiingen) plaats. Op basis van de inspectie die in 2023 voor het laatst is uitgevoerd, en eventueel aanvullende constructieberekeningen en detailinspecties, worden de minimaal benodigde technische onderhoudsmaatregelen gepland. Huidige kwaliteit Om het onderhoudsniveau van civiele kunstwerken te bepalen, hanteren we de richtlijnen van het CROW. In dit geval wordt de richtlijn 323 ‘Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte 2013’ gebruikt. Bij het onderhoud is minder aandacht voor cosmetische toonbaarheid. De focus ligt voornamelijk op het voorkomen van kapitaalvernietiging door achterstallig onderhoud en het verhelpen van schades die de levensduur (fors) doen afnemen. Inventarisaties uit voorgaande jaren en de meest recente visuele inspectie dit jaar toonden aan dat er momenteel sprake is van achterstallig onderhoud in het beheer van bruggen en beschoeiingen. Belangrijkste beleidsuitgangspunten Hieronder is voor zowel bruggen als beschoeiingen een aantal acties geformuleerd waarmee we de achterstanden willen wegwerken. De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn het tegengaan van kapitaalvernietiging en het garanderen van (weg)veiligheid.

Bruggen Van de bruggen die de gemeente beheert, is in kaart gebracht wat de huidige staat is en welke bruggen op korte termijn vervangen moeten worden. Dit betreft concreet zeven bruggen die in slechte conditie verkeren. De hiermee gemoeide kosten bedragen ongeveer € 200.000 per jaar voor de komende vier jaar. Daarnaast voeren we een cyclisch beheer kunstwerken in. Dit betekent dat de bruggen op cyclische wijze worden geïnspecteerd en onderhouden. Zo wordt duidelijk wat de huidige conditie van de bruggen is, waardoor we kunnen sturen op dagelijks onderhoud of eventueel vervangingsonderhoud. Beschoeiingen Waar de areaalgegevens van de bruggen grotendeels op orde zijn, is dit voor de beschoeiingen nog niet het geval. Voor beschoeiingen is het daarom noodzakelijk het gegevensbeheer (verder) op orde te krijgen. Daarnaast is geconstateerd dat er sprake is van een grote achterstalligheid op het gebied van beheer en onderhoud van beschoeiingen. Een groot deel van het areaal heeft te maken met houtrot, waardoor beschoeiingen op instorten staan. Ook de stalen of betonnen beschoeiingen zijn aan vervanging toe. Openbare verlichting Het bovengrondse OVL-areaal binnen de gemeente Wijdemeren bestaat uit 4578 masten en 4589 armaturen. Het overgrote deel van de OVL-installatie is aangesloten op het voedingsnet van netbeheerders Liander en Stedin.

Op ons eigen net zijn ongeveer 70 masten aangesloten. De vervangingswaarde van het openbare verlichtingsareaal is ongeveer 4,6 miljoen euro. Uitgevoerde onderzoeken Voor het verkrijgen van inzicht in de kwaliteit en toestand van het areaal staan twee instrumenten tot onze beschikking: de jaarlijkse schouw en periodieke inspecties. Tijdens een schouw wordt alles gecontroleerd, zoals werking, scheefstand en netheid. Daarnaast zijn er drie soorten inspecties die uitgevoerd dienen te worden: de visuele controle op het functioneren en de stand van de mast, meting en beproeving van de elektrische veiligheid van de installatie en het testen van de mechanische veiligheid van lichtmasten. Huidige kwaliteit De kwaliteit van de lichtmasten is, op basis van eerdere waarnemingen, redelijk tot goed. Het areaal van de armaturen verkeert op basis van eerdere waarnemingen in redelijke staat.

71

Op basis van de economische levensduur is er een achterstand in zowel de vervanging van masten als armaturen. Voor de masten geldt dat circa 30% de economische levensduur heeft overschreden (aandeel masten van voor 1984). Voor de armaturen bedraagt dit percentage ongeveer 30% (aandeel armaturen van voor 2004). Belangrijkste beleidsuitgangspunten Om de openbare verlichting in de gemeente Wijdemeren te verbeteren en de doelstelling van het Energieakkoord te halen, wordt advies gegeven op de punten vervanging, Energieakkoord en dimmen, netbeheer en databeheer. Straatmeubilair Binnen het straatmeubilair onderscheiden we een aantal categorieën, namelijk: afzettingen, bebording, verkeersobjecten, reclameobjecten, afvalbakken en overig straatmeubilair. De totale vervangingswaarde van straatmeubilair komt uit op ruim 1,76 miljoen euro. Bebording is de grootste post hiervan: meer dan de helft van de totale vervangingswaarde bestaat uit verkeersborden, dragers en straatnaamborden. Uitgevoerde onderzoeken De beeldkwaliteit van objecten in de openbare ruimte meten we aan de hand van de kwaliteitscatalogus van het CROW. In 2017 is een inventarisatie van de bebording (verkeersborden + straatnaamborden) uitgevoerd. Daarbij is beoordeeld op basis van het beeldkwaliteitsniveau.

Voor de afzettingen, verkeersobjecten, reclameobjecten, afvalbakken en overig straatmeubilair is de (beeld)kwaliteit tot op heden niet bepaald. Huidige kwaliteit Uit de inventarisatie van 2017 bleek dat 35% van de verkeersborden zeer laag scoort en 25% laag. Van de straatnaamborden scoort 43% zeer laag en 26% laag. Zoals eerder vermeld, is voor de rest van het areaal de (beeld)kwaliteit nog niet inzichtelijk gemaakt. Belangrijkste beleidsuitgangspunten In 2023 is een begin gemaakt met het in kaart brengen van het areaal straatmeubilair. De verschillende categorieën straatmeubilair zijn onderzocht en gekwantificeerd, en er is een eerste indruk van de kwaliteit van het areaal verkregen. In de komende planperiode werken we aan verdere professionaliseing van het beheer van het straatmeubilair door middel van aanvullend onderzoek en aanvullende inventarisaties. Voor de komende planperiode wordt op twee thema’s advies gegeven: beeldkwaliteit en (digitaal) beheersysteem. Speel- en beweegvoorzieningen De gemeente Wijdemeren heeft op dit moment 49 speel- en beweegplekken met 220 toestellen. Gebaseerd op de controle van januari 2023 is de waarde van het totale areaal aan toestellen ruim € 1,1 miljoen euro excl. installatie en ondergronden. De ondergrond is afhankelijk van de hoogte van het toestel en de daaraan verbonden vrijevalruimte.

Uitgevoerde onderzoeken Een externe partij controleert tweemaal per jaar alle speeltoestellen met de daarbij vereiste (val)ondergrond. Dit betreft een operationele, visuele en functionele inspectie. Hierbij worden evidente defecten als gevolg van vandalisme, gebruik of weersomstandigheden gesignaleerd. Daarnaast controleert een daarvoor opgeleide medewerker van de buitendienst de speelplekken en toestellen maandelijks of tweemaandelijks, afhankelijk van de situatie. Eventuele meldingen van defecten door bewoners worden direct opgevolgd. Zo nodig worden er adequate maatregelen uitgevoerd.

72

Huidige kwaliteit De levensduur van de nieuwe toestellen is geraamd op gemiddeld 15 jaar. Daarna volgt het onderhoud en vervanging op basis van de levenscyclus. Hierbij heeft de aanschaf van houten toestellen niet de voorkeur in verband met de vele onderhoudsmeldingen. In de berekende (theoretische) vervangingsopgave zijn na 2024 grote pieken en dalen te zien. De beschouwde periode loopt van 2024 tot 2039. De vervanging is gebaseerd op de installatiedatum en de daaraan gekoppelde verwachte levensduur van een toestel. De voorspelling is dat regelmatige controles en reparaties leiden tot een betere spreiding van de vervangingen over de jaren. Belangrijkste beleidsuitgangspunten Het beheer en onderhoud van de speel- en beweegvoorzieningen is grotendeels op orde. De wettelijke taken voor controles en inspecties worden planmatig uitgevoerd. Daarnaast worden alle gegevens in een actueel logboek bijgehouden. Voor de komende planperiode wordt op de thema’s veiligheid en vervangingsopgave advies gegeven. Water en riolering Riolering is aangelegd ter bescherming van de volksgezondheid en het milieu. Een goed werkend rioleringssysteem is cruciaal voor een gezonde leefomgeving en het voorkomen van vervuiling en wateroverlast.

De gemeente heeft de wettelijke zorgplichten voor de inzameling en transport van huishoudelijk afvalwater (vuilwater) naar de zuiveringsinstallatie, voor de inzameling en verwerking van afvloeiend regenwater (waar perceeleigenaren dit niet zelf kunnen) en voor het beperken van structurele nadelige gevolgen van de grondwaterstand, mits dit doelmatig is. In het eind 2023 bestuurlijk vastgestelde Water- en Rioleringsprogramma 2023-2027 staat verwoord op welke wijze we invulling geven aan de gemeentelijke watertaken. Onderhoud aan de riolering gebeurt zowel preventief als correctief, planmatig en op basis van inspecties en meldingen. Vervangingen en verbeteringen van de riolering combineren we met groot onderhoud aan de wegen en vergroening. Dit stemmen we af met nutsbedrijven. Ook nemen we in de openbare ruimte maatregelen om de gevolgen van klimaatverandering te beperken. Waar staan we nu? Van het areaal water en riolering is momenteel het areaal gemeentelijke riolering het meest gedetailleerd in beeld. De totale vervangingswaarde van het huidige rioleringsstelsel wordt geraamd op circa € 200 miljoen euro. In onderstaande tabel zijn de beschikbare kengetallen van het areaal terug te vinden. Het areaal gemeentelijk water onderhouden we op basis van kennis bij de buitendienst en aannemers.

In de komende planperiode wordt het gemeente areaal water in beeld gebracht, geïnventariseerd en vastgelegd.

73

Tabel: Areaal gemeentelijke riolering Totale hoofdriolering gemengde riolering gescheiden riolering vuilwater riolering (DWA) hemelwater riolering (HWA) infiltratiekratten persleidingen persleidingen van rioolgemalen persleidingen van drukriolering inspectieputten vrij verval riolering bergbezinkbassins en bergbezinkleiding rioolgemalen mini-gemalen drukriolering kolken

213 38,5 101,7 54,1 46,1 1,5 72,7 12,2 60,5 3.770 4 37 580 8.250

km km km km km km km km km stuks stuks stuks stuks stuks

Wat willen we bereiken (visie, ambitie en beleid) In de komende jaren willen we ‘Doelmatig en Sober’ voortzetten en het bestaande beleid intensiveren. Dit gebeurt aan de hand van tien thema’s: 1. Doelmatig stedelijk waterbeheer 2. Meten en data op orde 3. Reiniging en inspectie 4. Rioolvernieuwing 5. Wijdemeren klimaatbestendig 6. Grondwater 7. Waterveiligheid 8. Veilig en gezond water Wijdemeren 9. Wijdemeren duurzaam 10. Beheersbaar en betaalbaar Gebouwen Beleidskader Het MeerJarenOnderhoudsPlan (MJOP) en financieel herstelplan. MJOP Om het onderhoud en de structurele financiële effecten van het maatschappelijk vastgoed te monitoren, is het MeerJarenOnderhoudsPlan (MJOP) voor de gemeentelijke gebouwen opgesteld. Vanuit de BBV-regels heeft een aanpassing van de storting in de voorziening plaatsgevonden. Alleen de kosten van Groot Onderhoud (GO) mogen ten laste van de voorziening worden gebracht. Taakstelling vastgoed vanuit financieel herstelplan Vanuit het financieel herstelplan is een taakstelling opgenomen voor het vastgoed. De gemeente Wijdemeren heeft vastgoed in haar bezit. Een aantal van deze panden staat leeg. Het college wil het vastgoed inzetten voor het behalen van de gemeentelijke doelstellingen door – zodra dit mogelijk is – het afstoten van niet-strategisch vastgoed of door ontwikkelingen in de kapitaal- en onderhoudslasten.

74

De procedures voor de verkoop van vastgoed zijn, voornamelijk door juridische aspecten, trajecten die veel tijd in beslag nemen. De taakstelling voor het verminderen van de structurele lasten zal – voor een deel – in 2026, gelijk aan 2025, gerealiseerd worden door incidentele verkopen. In de jaren vanaf 2027 zal door hergebruik of een (her)ontwikkeling van het huidige gemeentehuis aan Rading 1 een significante bijdrage geleverd worden aan de taakstelling, waardoor deze structureel gerealiseerd wordt.

75

5.4 Paragraaf 4 Financiering Inleiding Bij financiering gaat het om de vraag hoe de gemeente regelt dat zij steeds voldoende geld heeft om alle rekeningen te betalen. Dreigt de gemeente tijdelijk te weinig ‘in kas’ te hebben, dan moet zij lenen. Heeft de gemeente tijdelijk teveel in kas, dan is het wettelijk verplicht om bedragen van boven een drempel in de schatkist te storten. Zie ook de toelichting bij saldo- en liquiditeitenbeheer. Ook sluit de gemeente langlopende geldleningen af, om bijvoorbeeld de aankoop van gronden of grote investeringen te financieren. Al deze activiteiten leiden ertoe dat de gemeente een financieringsportefeuille heeft. Die moet worden beheerd om de daaraan verbonden kosten en risico`s te beperken. Volgens artikel 13 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) bevat de paragraaf financiering in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille. Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten: 1. De gemeente mag leningen of garanties op grond van de ‘publieke taak’ uitsluitend verstrekken aan door de gemeenteraad goedgekeurde derde partijen, waarbij vooraf advies wordt ingewonnen over de financiële positie en de kredietwaardigheid van de betreffende partij. 2.

De gemeente kan middelen uitzetten op grond van de treasuryfunctie, indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet zijn gericht op het genereren van inkomen door het lopen van overmatig risico. Het prudente karakter van deze uitzettingen wordt gewaarborgd middels de richtlijnen en limieten van het treasurystatuut. 3. Van financiële derivaten wordt geen gebruikgemaakt. De belangrijkste financiële risico`s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn koersrisico, renterisico en kredietrisico. Risicobeheer Koersrisico De gemeente beperkt de koersrisico’s op uitzettingen uit hoofde van treasury door daarbij uitsluitend vastrentende waarden en/of hoofdsomgarantieproducten te gebruiken. Bovendien beperkt de gemeente de koersrisico’s door overeenkomstig artikel 7 van het treasurystatuut de looptijd van de uitzettingen af te stemmen op de liquiditeitenplanning. Risico vlottende schuld (kasgeldlimiet) De kasgeldlimiet bepaalt de maximale omvang waarvoor gemeenten kortlopende leningen (korter dan 1 jaar) mogen aangaan. Deze limiet wordt conform de Wet financiering decentrale overheden (Fido) berekend naar een vast percentage (8,5%) van het begrotingstotaal per 1 januari. Voor 2026 bedraagt de kasgeldlimiet € 6,5 miljoen euro (2025 € 5,8 miljoen euro). Zolang de korte rente lager is dan de rente voor langere looptijden zal de kasgeldlimiet optimaal worden benut.

Over het moment waarop een kortlopende schuld wordt omgezet in een langlopende schuld spelen rentevisie en de liquiditeitsprognose een belangrijke rol.

76

Bedragen * € 1.000

Kasgeldlimiet 1. toegestane kasgeldlimiet Begrotingstotaal Toegestane kasgeldlimiet Kasgeldlimiet

2026

2027

2028

2029

77.042 8,5% 6.549

73.154 8,5% 6.218

74.241 8,5% 6.310

75.320 8,5% 6.402

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

3. Vlottende middelen Tegoeden in rekening-courant (schatkistbankieren) Liquide middelen Overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar Totaal vlottende middelen

10.000 500 0 10.500

0 500 0 500

0 500 0 500

0 500 0 500

4. Toets kasgeldlimiet Totaal netto vlottende middelen Toegestane kasgeldlimiet Ruimte(+) c.q. overschrijding (-)

10500 6.549 17.049

500 6.218 6.718

500 6.310 6.810

500 6.402 6.902

2. Omvang vlottende korte schuld Schulden in rekening-courant Opgenomen gelden korter dan 1 jaar Overige geldleningen, niet zijnde vaste schuld

In artikel 4 van het treasurystatuut is onder lid 1 de volgende bepaling opgenomen: “De kasgeldlimiet als bedoeld in de Wet Fido wordt niet overschreden. Indien de gemeente voor het derde achtereenvolgende kwartaal de kasgeldlimiet overschrijdt, stelt het daarvan de toezichthouder op de hoogte, en legt het de kwartaalrapportage en een plan om binnen de kasgeldlimiet te blijven ter goedkeuring voor aan de toezichthouder.” Risico vaste schuld (renterisiconorm) Voor het renterisico over het begrotingstotaal geldt een norm van maximaal 20% per jaar. Dit houdt in dat in enig jaar niet meer dan 20% van het totaal van de begroting mag worden geherfinancierd (herfinanciering als gevolg van aflossingen dan wel renteherzieningen). Deze norm is door het Rijk ingesteld om een enigszins stabiele rentelast over de jaren te bewerkstelligen. In onderstaand overzicht is dit voor onze gemeente weergegeven voor de komende vier jaren. Het overzicht is inclusief de voorgenomen investeringen uit het investeringsplan 2026-2029.

77

Renterisiconorm 1 Renteherziening Renteherziening op vaste schuld o/g Renteherziening op vaste schuld o/g Netto renteherziening op vaste schuld

2026

2027

2028

2029

-

-

-

-

2. Mutatie vaste schuld Nieuwe aangetrokken vaste schuld Nieuwe vaste schuld IP 2026-2029 Nieuwe verstrekte lange leningen Netto nieuw aangetrokken vaste schuld

32.000 PM 32.000

53.000 PM 53.000

75.000 PM 75.000

69.000 PM 69.000

3. Betaalde aflossingen

1.736

1.736

1.736

1.736

4. Herfinanciering (laagste van 2 en 3)

1.736

1.736

1.736

1.736

5. Renterisico op vaste schuld (1+4)

1.736

1.736

1.736

1.736

6. Renterisiconorm Begrotingstotaal (lasten) Toegestane renterisiconorm Renterisiconorm

77.042 20% 15.408

73.154 20% 14.631

74.241 20% 14.848

75.320 20% 15.064

15.408 1.736 13.672

14.631 1.736 12.895

14.848 1.736 13.112

15.064 1.736 13.328

7. Toets renterisiconorm Renterisiconorm Renterisico op vaste schuld (1+4) Ruimte(+) c.q. overschrijding (-) Bedragen * € 1.000

Gegarandeerde geldleningen De gemeente staat garant voor de betaling van de rente en aflossing bij een aantal afgesloten leningen van externe partijen. Het bedrag waarvoor de gemeente eventueel kan worden aangesproken is het restantbedrag van de lening op het moment dat niet meer aan de betalingsverplichting wordt voldaan en is afhankelijk van het percentage dat is overeengekomen in de garantstelling. De risico`s van de verstrekte gemeentegaranties en/of gemeentelijke leningen aan toegelaten instellingen (woningbouwcorporaties) zijn overgedragen aan het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Hiervoor hebben de gemeente en het Rijk een zogenoemde achtervangpositie ingenomen waarvoor een achtervangovereenkomst met het WSW is afgesloten, ieder voor 50%. De kans dat een beroep wordt gedaan op onze gemeente voor deze achtervangpositie is uiterst klein omdat:  Elke toegelaten instelling die deelnemer is bij het WSW jaarlijks wordt onderworpen aan een kredietwaardigheidtoets.  Het WSW een zodanige buffer heeft opgebouwd en eventueel nog aanvullend kan beschikken over de gelden (obligo`s) die de corporaties verplicht hebben aangehouden. Financieringsbehoefte Voor de berekening van de financieringsbehoefte wordt het totaal van de geraamde boekwaarden van de activa afgezet tegen het totaal van het eigen en vreemd vermogen.

De berekening van de financieringsbehoefte geeft een indicatie of het aangaan van vaste geldleningen al dan niet noodzakelijk is. In onderstaande raming van de boekwaarde is het investeringsplan 2026, voor zover van toepassing, in het bedoelde jaar verantwoord.

78

De uiteindelijke financieringsbehoefte wordt vooral bepaald door het tempo waarin voorgenomen investeringen worden gerealiseerd en de invloed van mutaties binnen de nog overgebleven grondexploitatie. De berekening van de kapitaalbehoefte per 1 januari en 31 december 2026 is als volgt (deze raming is inclusief het investeringsplan 2026-2029, jaarschijf 2026):

Financieringstekort/overschot Boekwaarde geïnvesteerd bedrag Boekwaarde IP 2026 Af : Reserves en voorzieningen Af : Geldleningen (inclusief waarborgsommen) Af : Geldleningen IP 2026 Financieringtekort

1-1-2026 31-12-2026 79.540

92.439

6.424

23.517

34.975

35.048

43.253

41.516

0

30.000

7.736

9.392

Bedragen * € 1.000 Saldo- en liquiditeitenbeheer Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen: Bij het aantrekken van financieringsmiddelen voor korter dan één jaar gelden de volgende uitgangspunten: 1. De gemeente streeft naar concentratie van de liquiditeiten binnen één rente-compensatiecircuit bij de bank met de gunstigste condities. 2. Indien het saldo in rekening-courant de doelmatigheidsdrempel overstijgt (2% van de begrote lasten over dat begrotingsjaar) wordt het meerdere dagelijks afgestort naar de schatkist, dit is wettelijk verplicht. Zie Schatkistbankieren. 3. Naast het verplichte schatkistbankieren, is het aanhouden van gelden in rekening-courant bij de bank voor een periode korter dan één jaar toegestaan. 4. Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat, kan de gemeente kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt de kasgeldlimiet niet overschreden. Bij het aantrekken van financieringsmiddelen voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten: 1. Financieringsmiddelen worden enkel aangetrokken ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak in samenhang met de totale gemeentelijke financieringsbehoefte. 2.

Financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen te gebruiken teneinde de renterisico`s en het renteresultaat te optimaliseren. 3. Bij het aantrekken van financieringsmiddelen maakt de gemeente gebruik van onderhandse leningen. Schatkistbankieren (zie ook bovenstaande toelichting) De Wet FIDO is eind 2013 in werking getreden. Vanaf dat moment werd het schatkistbankieren verplicht en moesten gemeenten overtollige middelen in de schatkist afstorten, met inachtneming van een doelmatigheidsdrempel van 2% (met een minimum van € 1.000.000) van het begrotingstotaal in 2026, zijnde € 77.042.000. Schatkistbankieren impliceert voor Wijdemeren dat liquide middelen boven het bedrag van € 1.540.840 verplicht bij het Rijk moeten worden ondergebracht. Liquiditeit De gemeente beperkt haar liquiditeitsrisico’s door de treasury-activiteiten te baseren op een meerjarige liquiditeitsplanning met een looptijd van minimaal vier jaar.

79

De rekening-courantverhouding met de BNG Bank N.V. is zodanig dat de overtollige liquiditeiten, beneden de eerder genoemde doelmatigheidsdrempel van de schatkist, binnen een circuit van rentecompensatie worden geconcentreerd tegen zo gunstig mogelijk condities. Opgenomen langlopende geldleningen De geraamde leningenportefeuille voor de periode 2026-2029 ziet er als volgt uit (incl. investeringen opgenomen in IP 2026-2029):

Leningenportfeuille Stand vaste geldleningen per 1-1 Nieuwe leningen Nieuwe leningen (IP 2026-2029) Reguliere aflossingen Aflossingen nieuwe geldleningen Stand vaste geldleningen per 31-12 Bedragen x € 1.000

2026 43.253 0 32.000 -1.736 PM 73.517

2027 41.516 0 53.000 -1.736 PM 92.780

2028 39.781 0 75.000 -1.736 PM 113.045

2029 38.046 0 69.000 -1.736 PM 105.310

Berekening rente-omslagpercentage De renteomslag is een berekening van de gemiddelde rente die wordt toegerekend aan alle investeringen, met uitzondering van de investeringen die met eigen vermogen zijn gefinancierd, de grondexploitaties en investeringen waaraan een vaste rente wordt toegerekend. Dit laatste geldt bijvoorbeeld voor diverse verstrekte geldleningen. Bij het bepalen van het financieringstekort wordt de boekwaarde investeringen bepaald op basis van de stand van de boekwaarde aan het einde van het vorige begrotingsjaar. Hierbij wordt rekening gehouden met de laatst bekende rekeningcijfers. Ook wordt ervan uitgegaan dat ramingen uit het investeringsprogramma van het vorige begrotingsjaar en restanten van voorgaande jaren in het vorige begrotingsjaar zijn uitgevoerd. In de gemeente Wijdemeren wordt over nieuwe investeringen in het eerste jaar geen rente berekend. De afschrijvingen vinden plaats vanaf het eerste jaar na aanschaf of de ingebruikname. De berekende omslagrente per 1 januari 2026 bedraagt afgerond 1%. Investeringsplan De infrastructuur van onze gemeente is tot stand gekomen in de periode na de Tweede Wereldoorlog en nadert het einde van de levensduur. Het investeringsplan voorziet in de noodzakelijke vervangingen en aanpassingen die horen bij de opgaven van deze tijd (klimaatadaptie/duurzaamheid).

Het investeringsplan heeft als uitgangspunt sober en doelmatig, waarbij onder meer het van ‘gevel tot gevel’-beleid en een complete herinrichting niet vanzelfsprekend zijn. In de activastaat 2026-2029 staan nog restantkredieten voor totaal 26,3 miljoen open. In het investeringsplan ‘IP 2026-2029’ worden investeringen voorgesteld voor in totaal afgerond 65,2 miljoen. De projecten die zijn genoemd starten in ieder geval in deze planperiode. Voltooiing en vertaling van de financiële gevolgen zijn voor een aantal investeringen pas van toepassing na 2029. De gerealiseerde investeringen waarover in deze begroting de kapitaallasten worden berekend bedragen in totaal € 53,8 miljoen. Over de overige investeringen, zijnde 11,4 miljoen, start de afschrijving na voltooiing van de werkzaamheden, dat is in de periode na 2029. De kosten daarvan zijn nu niet zichtbaar in de ramingen van deze begroting, maar leiden tot hogere kapitaallasten in de jaren vanaf 2030. Zie ook de paragraaf Weerstandsvermogen bij toelichting op de ‘netto schuldquote’.

80

5.5 Paragraaf 5 Bedrijfsvoering Met ingang 1 januari 2026 treden alle medewerkers van Wijdemeren in dienst van de gemeente Hilversum. Enige uitzonderingen zijn de gemeentesecretaris Wijdemeren, de griffier Wijdemeren en de medewerkers van de griffie Wijdemeren. Zij blijven conform het sociaal plan Wijdemeren in 2026 rechtspositioneel onderdeel van de gemeente Wijdemeren uitmaken. Dit betekent dat alle werkzaamheden met betrekking tot bedrijfsvoering uitgevoerd worden vanuit de gemeente Hilversum. Samenwerkingsovereenkomst Om te borgen dat het gemeentebestuur van Wijdemeren voldoende wordt gefaciliteerd, is een samenwerkingsovereenkomst opgesteld. Met de samenwerkingsovereenkomst wordt geborgd op welke wijze de ambtelijke organisatie van Hilversum het gemeentebestuur van Wijdemeren in 2026 ondersteunt. Vanuit de ambtelijke organisatie Hilversum wordt in 2026 de aanwezige kennis en kunde waar nodig en mogelijk ingezet voor het gemeentebestuur, de inwoners en ondernemers van Wijdemeren. Daarom wordt voor heel 2026 (en alleen voor dat jaar) een ‘team Wijdemeren’ gevormd.

Het Team Wijdemeren bestaat uit: Gemeentesecretaris Wijdemeren Bestuurssecretariaat Wijdemeren Communicatieadviseur Wijdemeren Bestuursadviseur(s) – maximaal twee personen – Wijdemeren Financieel adviseur Wijdemeren Ruimtelijk strateeg Wijdemeren Financiële toelichting 2026 ten opzichte van jaarschijf 2025 salarissen In 2026 worden alle salarislasten (bezette formatie en vacatureruimte), op de achterblijvende formatie na, overgemaakt aan de gemeente Hilversum. Het gaat om een bedrag van afgerond € 19,8 miljoen. Informatisering en automatisering In 2026 blijft de huidige ICT-omgeving van Wijdemeren bestaan. Vanaf 1-1-2026 hebben de ‘oude’ medewerkers van de gemeente Wijdemeren zowel toegang tot de ICT-systemen van Hilversum als die van Wijdemeren. De ICT-ondersteuning van de primaire processen van de gemeente Wijdemeren wordt in 2026 verzorgd door de systemen die we ook in 2025 gebruiken. In 2026 vindt de overgang/samensmelting plaats van twee aparte applicatielandschappen van de beide gemeenten naar één landschap per 1-1-2027. De kosten van de Wijdemeren-omgeving zijn daarom in 2026 op hetzelfde niveau als in 2025. Meer informatie staat in de paragraaf bedrijfsvoering in de programmabegroting 2026 van de gemeente Hilversum.

81

5.6 Paragraaf 6 Verbonden partijen De gemeente werkt samen met verbonden partijen, andere gemeenten en andere partijen om invulling te geven aan haar publiekrechtelijke taken en om haar maatschappelijke doelen te kunnen bereiken. Er is sprake van een verbonden partij wanneer de gemeente een financieel en bestuurlijk belang heeft in de samenwerking. Bij alleen een bestuurlijk belang of alleen een financieel belang is geen sprake van een verbonden partij. De samenwerking is dan bijvoorbeeld gebaseerd op een overeenkomst (opdracht en/of samenwerking), een incidenteel gezamenlijk belang, zoals het regionaal aanbesteden van in te kopen producten of diensten of de samenwerking op diverse onderdelen met de gemeente Hilversum. De gemeente Wijdemeren is aandeelhouder in twee andere partijen zonder verantwoordelijk te zijn voor eventuele tekorten: dit zijn de BNG Bank en drinkwaterbedrijf Vitens. Organisatievormen van een verbonden partij zijn:  Gemeenschappelijke regeling (publiekrechtelijk)  Regeling tussen gemeenten en/of provincie(s)  Deelname in een stichting  B.V. of N.V. (privaatrechtelijk)  Een publiek-private samenwerking Deze paragraaf geeft het doel van deze samenwerkingen en een overzicht van de verbonden partijen weer. De verbonden partijen zijn gerangschikt naar omvang van de financiële bijdrage (van groot naar klein).

Per partij is onder andere de volgende informatie opgenomen:  De wijze waarop de gemeente Wijdemeren een belang heeft in de verbonden partij en het openbaar belang dat ermee gediend wordt.  De bijdrage van de gemeente aan de verbonden partij in 2026.  De stemverhouding.  De verwachte omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar.  De verwachte omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het begrotingsjaar.  De eventuele risico’s. Rol van de raad De samenwerkingsverbanden van de gemeente zijn de laatste jaren in beweging. In lijn met de Nota Verbonden Partijen 2025 verschuift de sturing naar ‘op afstand’: het gedeelde belang staat voorop. Dit kan betekenen dat we op onderdelen minder directe invloed hebben en bewuster keuzes maken over waar we inleveren of loslaten. Voor de raad betekent dit gericht kaders stellen en daarop consequent laten verantwoorden binnen de planningen-controlcyclus. Omdat verbonden partijen verschillen in omvang, aantal deelnemers en wettelijke opgaven, werken we in 2026 met een uniform informatieformat en een helder ritme voor zienswijzen, begrotingen en jaarstukken. Per partij komt tijdig dezelfde kerninformatie beschikbaar over doelen, prestaties, financiën en risico’s, inclusief relevante wijzigingen in governance of deelname.

Zo houdt de raad overzicht en blijft duidelijk op welke momenten het mogelijk is om invloed uit te oefenen, of het nu gaat om een zienswijze, een aandeelhoudersinstructie of een besluit over toe- of uittreding. In verband met de voorgenomen herindeling gaan de deelnemingen van Wijdemeren in verbonden partijen per 1 januari 2027 van rechtswege over op Hilversum; een separaat uittredingsbesluit is niet nodig.

82

Regio Gooi en Vechtstreek Naam VP

Regio Gooi en Vechtstreek

Programma Nummer VP Vestigingsplaats Vorm Visie/Openbaar belang

5, 6 1 Bussum Openbaar lichaam o.g.v. artikel 8 Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Uitvoering regionale taken en behartiging deelnemende gemeenten op de gebieden waaronder Wmo, jeugdzorg, GGD, afvalinzameling en energietransitie. De Regio kan voor de gemeenten de navolgende taken uitvoeren: belangenbehartiging/lobby; delen kennis, capaciteit en deskundigheid; bevorderen onderlinge afstemming; visieontwikkeling; verwerving van budgetten; beleidsvoorbereiding; inkoop en contractbeheer; gezamenlijk beheer. Regionale samenwerkingsagenda: Op basis van de door de gemeenteraden vastgestelde speerpunten voor de Regionale Samenwerkingsagenda (2023-2026) is een uitvoeringsprogramma opgesteld. De gemeente Wijdemeren heeft bevoegdheden aan de Regio overgedragen voor: a. het verlenen van ambulancezorg op grond van de Tijdelijke wet ambulancezorg en de uitvoering van het ambulancedeel in de meldkamer die gemeenschappelijk met politie en brandweer wordt beheerd; b. de uitvoering van hoofdstuk 10 van de Wet milieubeheer inzake afvalstoffen, voor zover deze aan gemeenten is opgedragen, met uitzondering van het bepaalde over afvalwater; c.

de uitvoering van de artikelen 2 (algemeen), 5 (jeugdgezondheidszorg), 5a (ouderengezondheidszorg) 6 lid 1 (algemene infectieziekte bestrijding), 15 (beschikbaarstelling deskundigheid) en 15a (vaststelling meldcode signalen huiselijk geweld en kindermishandeling) van de Wet publieke gezondheid. d. de Regio is voor de gemeenten belast met de uitvoering van het Advies en Meldpunt Huiselijk geweld en Kindermishandeling Gooi en Vechtstreek als bedoeld in het bepaalde bij of krachtens hoofdstuk 4 van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015). Programma 5 Sociaal domein, programma 3 Openbare ruimte, programma 4 Economische zaken, recreatie en toerisme, programma 6 Natuur en milieu en programma 7 Ruimtelijke ontwikkeling. Zie ontwikkelingen/veranderingen in het belang Blaricum, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren, Wijdemeren en Eemnes (partieel). Elk lid heeft één stem in het AB. AB: één wethouder per gemeente, DB: drie wethouders. Wethouder G. Zagt neemt deel in het AB, Wethouder G. Zagt is voorzitter AB-portefeuille Economie en Innovatie en wethouders R. van Rijn en G. Zagt zijn portefeuillehouders voor Ruimte en Mobiliteit. In 2024 hebben de provincie en regiogemeenten een tweede strategische samenwerkingsagenda vastgesteld, waarmee zij gezamenlijk sturen op de gedeelde gebiedsopgaven in de Gooi en Vechtstreek.

In datzelfde jaar is meer duidelijkheid gekomen over het accommodatiebeleid van de Regio, waaronder een strategische heroriëntatie op de huisvesting. Daarbij ligt de nadruk op de opgaven van de GAD: de wens om de locatie aan de Hooftlaan te verplaatsen vanwege de binnenstedelijke ligging, en de noodzaak om het verouderde scheidingsstation in Bussum te vervangen. In 2025 worden scenario’s uitgewerkt voor de realisatie van deze opgave, waarbij nadrukkelijk wordt gekeken naar

Taken

Bevoegdheden

Link met programma

Beleidsrealisatie Deelnemende partijen stemverhouding Bestuurder(s)

en

Ontwikkelingen/veranderingen in het belang

83

Naam VP

Risico’s

Risicoscore

Balans Eigen vermogen Vreemd vermogen Bestemming rekeningresultaat Restitutie aan gemeenten Financieel resultaat Begrotingstotaal Bijdrage gemeente

Regio Gooi en Vechtstreek samenwerking met andere maatschappelijke partners zoals diensten van de Regio (RAV en Vervoer), de Tomingroep en gemeenten. De opgaven zijn breed en raken thema’s als voedselproductie, wonen, klimaatadaptatie, inflatiedruk, zorg en energie. Ook landelijke ontwikkelingen, zoals afspraken uit het regeerakkoord over energietransitie, woningmarkt en mobiliteit, vragen om een integrale en zorgvuldige aanpak richting een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Een actuele en ingrijpende ontwikkeling is het heroverwegingstraject van de begroting 2026-2029 van de regio Gooi en Vechtstreek. Door teruglopende rijksinkomsten moeten ook verbonden partijen bezuinigen. In het najaar van 2025 vindt daarom een apart besluitvormingsproces plaats, waarin alle gemeenteraden een zienswijze geven op de voorgestelde begrotingswijziging. Eind 2025 of begin 2026 besluit het Algemeen Bestuur over de aanpassing. Deze heroverweging kan directe gevolgen hebben voor de uitvoering van regionale opgaven en vormt daarmee een belangrijk aandachtspunt voor de kaderstellende en controlerende rol van de raad. De mogelijke financiële consequentie die hieruit voortvloeit zal worden verwerken bij de een tussentijdse rapportage.

Bij de inventarisatie van de risico’s van de gemeente Wijdemeren (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) is geen rekening gehouden met risico’s van deze verbonden partij. Risico: laag Impact: hoog

31-12-2026 11.549.000 53.890.000 0 0 0 111.751.000 6.640.602

31-12-2027 11.398.000 53.901.000 0 0 0 109.408.000 6.688.313

31-12-2028 11.397.000 51.771.000 0 0 0 109.424.000 6.713.872

31-12-2029 11.396.000 50.257.000 0 0 0 109.376.000 6.720.653

84

Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek Naam VP

Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek

Programma Nummer VP Vestigingsplaats Vorm Visie/Openbaar belang

2 2 Hilversum Openbaar lichaam o.g.v. artikel 8 Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Op basis van de Wet Veiligheidsregio (Wvr) is de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek opgericht. Brandweerzorg, geneeskundige zorg, bevolkingszorg en rampenbestrijding en crisisbeheersing. Ter uitvoering van genoemde taken. Programma 2 Veiligheid Zie ontwikkelingen/veranderingen in het belang. Blaricum, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren en Wijdemeren. Elk lid heeft één stem in het AB. AB: een burgemeester per gemeente, DB: twee burgemeesters, de burgemeester van Wijdemeren neemt deel in het AB en DB. Het aandeel van de gemeente Wijdemeren bedraagt € 2.285.286 op een begrotingstotaal van € 25.791.692 in de regiobegroting 2026. De beleidsthema’s die in 2026 centraal staan, sluiten aan bij bovengenoemde maatschappelijke ontwikkelingen en komen voort uit het beleidsplan. De vier centrale doelen uit het beleidsplan zijn ‘veilige leefomgeving’, ‘toekomstbestendige crisisbeheersing’, ‘toekomstbestendige brandweerzorg’ en ‘wendbare organisatie’. In deze programmabegroting wordt per beleidsdoel aangegeven welke activiteiten er in 2026 worden ondernomen. In de inventarisatie van de risico’s van de gemeente Wijdemeren (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) is geen rekening gehouden met risico’s van deze verbonden partij. Risico: laag Impact: hoog

Taken Bevoegdheden Link met programma Beleidsrealisatie Deelnemende partijen stemverhouding Bestuurder(s)

en

Financieel belang Ontwikkelingen/veranderingen in het belang

Risico’s

Risicoscore

Balans

31-12-2026

31-12-2027

31-12-2028

31-12-2029

Eigen vermogen Vreemd vermogen Financieel resultaat Begrotingstotaal Bijdrage gemeente

4.163.140 18.867.436 0 25.791.692 2.285.286

3.500.140 17.399.162 0 25.791.692 NB

2.899.515 15.630.888 0 25.791.692 NB

2.659.515 13.862.614 0 25.791.692 NB

85

Werkvoorzieningsschap Tomingroep Naam VP

Werkvoorzieningsschap Tomingroep

Programma Nummer VP Vestigingsplaats Vorm Visie/Openbaar belang

5 3 Hilversum Openbaar lichaam o.g.v. artikel 8 Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Het Werkvoorzieningsschap Tomingroep (het Schap) voert namens de deelnemende gemeenten taken uit in het kader van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) die gericht zijn op het aanbieden van aangepast werk aan mensen met een arbeidsbeperking. Tomingroep heeft als doel om zoveel mogelijk mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te helpen bij het verkrijgen van een betaalde baan binnen of buiten Tomingroep. Dit gebeurt door het bieden van werk, scholing, begeleiding en bemiddeling. De sw-werknemers werken volgens een volwaardige arbeidsovereenkomst en zijn collectief gedetacheerd bij Tomingroep BV. In een samenwerkingsovereenkomst zijn de verhoudingen tussen het werkvoorzieningsschap Tomingroep en de Tomingroep BV vastgelegd. De gemeenten hebben hun bevoegdheden en verplichtingen uit hoofde van de Wsw overgedragen aan het werkvoorzieningsschap. Programma 5 Sociaal domein In de begroting 2026 wordt uitgegaan van een verdere afname van de bezetting in SE (Standaard Eenheden). In 2024 en 2025 is reeds sprake van een daling, en deze trend zet zich in 2026 door. De bezetting neemt af met circa 7% in 2025 en nogmaals 6% in 2026, wat neerkomt op een vermindering van ongeveer 80 SE’s in twee jaar tijd.

Een standaardeenheid staat voor een fte van een geïndiceerde medewerker, gewogen naar de zwaarte van de arbeidsbeperking. De krimpende bezetting wordt veroorzaakt doordat de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) per 1 januari 2015 is beëindigd, waardoor er geen nieuwe instroom van medewerkers meer plaatsvindt. Dit leidt tot een structurele daling van het aantal werkplekken bij Tomingroep. Almere, Blaricum, Eemnes, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren en Wijdemeren. In het algemeen bestuur hebben de leden stemrecht naar rato van het gemiddeld gemeentelijk aandeel in het aantal SE sw-werknemers over de afgelopen tien jaar (tienjaars voortschrijdend gemiddelde), gemeten op 31 december van het voorgaande jaar. AB: een lid van het college van B&W per gemeente, DB: een te benoemen lid uit het AB en de voorzitter en de vicevoorzitter van het Schap. Wethouder Van Rijn neem deel in het AB en DB. In 2024 en 2025 hebben zich bij Tomingroep diverse ontwikkelingen voorgedaan die hun weerslag hebben op de financiële resultaten vanaf 2026. De verhoging van het wettelijk minimumloon heeft geleid tot structureel hogere loonkosten. Tegelijkertijd neemt het aantal fte’s in de doelgroep af, doordat de uitstroom van Wsw-werknemers sneller verloopt dan verwacht en de instroom vanuit de Participatiewet in meerdere gemeenten achterblijft.

Hierdoor is sprake van een aanzienlijke onderbezetting van werkplekken, waardoor opbrengsten uit productie achterblijven en de druk op het eigen vermogen toeneemt. Onvoldoende resultaat in Tomingroep BV. De Tomingroep BV is winstgevend en compenseert negatieve resultaten van het werkvoorzieningsschap.

Taken

Bevoegdheden Link met programma Beleidsrealisatie

Deelnemende partijen stemverhouding

en

Bestuurder(s)

Ontwikkelingen/veranderingen in het belang

Risico’s

86

Naam VP

Risicoscore

Balans Eigen vermogen Vreemd vermogen Financieel resultaat Begrotingstotaal Bijdrage gemeente

Werkvoorzieningsschap Tomingroep Sociaaleconomische ontwikkelingen die leiden tot verdere bezuinigingen op de rijkssubsidie dan nu voorzien in de begroting. In de inventarisatie van de risico’s van de gemeente Wijdemeren (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) is rekening gehouden met mogelijke hogere bijdrage. Risico: gemiddeld Impact: hoog

31-12-2026 6.077.000 9.188.000 0 26.633.000 Rechtstreeks Rijk

31-12-2027 3.905.000 11.266.000 0 24.766.000 Rechtstreeks Rijk

31-12-2028 2.152.000 12.925.000 0 23.416.000 Rechtstreeks Rijk

31-12-2029 856.000 14.128.000 0 22.369.000 Rechtstreeks Rijk

87

Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek Naam VP

Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV)

Programma Nummer VP Vestigingsplaats Vorm Visie/Openbaar belang

4, 6 4 Lelystad Openbaar lichaam o.g.v. artikel 8 Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Adequate uitvoering van milieutaken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving voor de provincie Flevoland en de regio Gooi en Vechtstreek. De OFGV heeft een producten- en dienstencatalogus (PDC). De door de OGFV overgenomen taken van de gemeenten betreffen grotendeels basistaken conform de wet VTH. Daarnaast zijn er deelnemers die plustaken hebben overgedragen. Dit zijn extra taken die per deelnemende partij kunnen verschillen. Ook zijn er deelnemers die meerwerk hebben belegd bij de OFGV. Het uitvoeren van meerwerk gaat via uitgebrachte offertes. Bevoegdheden die voortvloeien uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Programma 2 Veiligheid De OFGV werkt in 2026 aan het tijdig en zorgvuldig afhandelen van vergunningaanvragen en meldingen binnen de wettelijke en onderlinge termijnen. Daarbij vraagt de invoering van de Omgevingswet om extra aandacht en capaciteit, gezien de complexiteit en omvang van de nieuwe regelgeving. Ook in 2026 blijft de uitvoering van toezicht en handhaving gericht op het waarborgen van veiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid. Alle controles uit de jaarprogramma’s van de deelnemende gemeenten worden uitgevoerd en klachten worden binnen de afgesproken termijnen behandeld.

Naast vergunningverlening en handhaving levert de OFGV beleidsmatige en juridische expertise aan de gemeenten. Deze ondersteuning bestrijkt de terreinen bodem, water, energie, asbest, stortplaatsen, geluid, lucht, externe veiligheid en zwemwater. In 2026 wordt dit takenpakket verder uitgebreid met nieuwe aandachtsgebieden, zoals de circulaire economie en het opstarten van het Register Externe Veiligheid (REV). Hiermee draagt de OFGV bij aan een duurzame en veilige leefomgeving voor de regio. De gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Almere, Blaricum, Dronten, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren, Lelystad, Noordoostpolder, Urk, Wijdemeren en Zeewolde, de provincies Flevoland en Noord-Holland. De verdeling van de stemmen geschiedt naar rato van de omvang van de ingebrachte taken en derhalve naar rato van de financiële bijdrage per deelnemer aan de gemeenschappelijke regeling, met dien verstande dat een deelnemer niet meer dan 49% van het totaal aantal stemmen kan hebben. AB: een lid van het college van B&W per gemeente en of van GS per provincie. DB: dagelijks bestuur bestaat uit een lid namens de provincies, twee leden namens de Noord-Hollandse gemeenten en twee leden namens de Flevolandse gemeenten. Deze leden worden door en uit het AB aangewezen. Wethouder J. Kea neem deel in het AB.

Zie financiële gegevens.

Taken

Bevoegdheden Link met programma Beleidsrealisatie

Deelnemende partijen stemverhouding

Bestuurder(s)

Financieel belang

en

88

Naam VP

Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV)

Ontwikkelingen/veranderingen in het belang

In 2026 werkt de OFGV verder aan de uitvoering van de Regionale Uitvoeringsen Handhavingsstrategie 2024-2027. Centraal daarbij staat het bevorderen van naleving van wet- en regelgeving en vergunningvoorschriften door bedrijven in de regio. De aandacht gaat uit naar het verbeteren van de bodemkwaliteit en het voorkomen van schadelijke stoffen in bodem en grondwater, evenals het versterken van de omgevingsveiligheid en het minimaliseren van risico’s voor mens, milieu en infrastructuur. Ook het beperken van geluidsoverlast en hinder blijft een belangrijk speerpunt. Daarnaast wordt gewerkt aan verduurzaming door het verminderen van energiegebruik, het stimuleren van alternatieve energiebronnen en het verder voorbereiden op de overgang naar een circulaire economie in 2050. Tegelijkertijd is er in 2026 extra aandacht voor het tegengaan van ondermijning en milieucriminaliteit door betere detectie, preventie en handhaving. Ook wordt ingezet op het beperken van de aanwezigheid van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) in de leefomgeving, het terugdringen van gezondheidsrisico’s door asbest, het verbeteren van luchtkwaliteit en het verminderen van geuroverlast. Nieuwe accenten zijn de uitvoering van de Omgevingswet, het opstarten van het Register Externe Veiligheid (REV) en de verdere uitwerking van de circulaire economie-opgave.

Daarmee wordt in 2026 concreet invulling gegeven aan de gezamenlijke ambities op het gebied van een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving. In de inventarisatie van de risico’s van de gemeente Wijdemeren (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) is geen rekening gehouden met risico’s van deze verbonden partij. Impact: laag

Risico’s

Risicoscore

Balans Eigen vermogen Vreemd vermogen Financieel resultaat Begrotingstotaal Bijdrage gemeente

31-12-2026 1.395.268 4.712.292 0 19.396.353 826.484

31-12-2027 1.395.268 4.712.292 0 20.234.315 826.484

31-12-2028

31-12-2029

1.395.268 4.712.292 0 20.977.842 893.871

1.395.268 4.712.292 0 21.749.661 926.759

89

Plassenschap Loosdrecht en omstreken Naam VP

Plassenschap Loosdrecht en omstreken

Programma Nummer VP Vestigingsplaats Vorm Visie/Openbaar belang

4 5 Loosdrecht Wet gemeenschappelijke regelingen, art. 51 Het Plassenschap Loosdrecht e.o. is verantwoordelijk voor de ontwikkeling, exploitatie, toezicht en beheer van recreatievoorzieningen en terreinen en treedt op als belangenbehartiger op het gebied van recreatie. Zie visie/openbaar belang Zie visie/openbaar belang Programma 4 Economische zaken, recreatie en toerisme en programma 6 Natuur en Milieu zie de toelichting bij: Ontwikkelingen/ veranderingen in het belang De Provincie Utrecht en de provincie Noord-Holland en de gemeenten Stichtse Vecht, en Wijdemeren. Ieder lid van de plassenraad heeft 1 stem. Voor Wijdemeren komt het stemrecht op 1/4 = 25%. Het bestuur bestaat uit vier leden, te weten: een vertegenwoordiger van de gemeente Stichtse Vecht, een vertegenwoordiger van de gemeente Wijdemeren, een vertegenwoordiger van de provincie Noord-Holland, een vertegenwoordiger van de provincie Utrecht. De wethouder van Stichtse Vecht is voorzitter van het bestuur Zie financiële gegevens In 2024 is het uitvoeringsplan 2024–2027 vastgesteld, waarin zowel het groot onderhoud (MJOP) als de investeringen (MJIP) in beeld zijn gebracht. Voor 2026 liggen de belangrijkste accenten bij de voorbereiding en uitvoering van noodzakelijke vervangingsinvesteringen, waarbij fasering essentieel is om de kapitaallasten binnen de financiële kaders te houden.

Verder zijn er inhoudelijk geen grote beleidswijzigingen of nieuwe taken voorzien, waardoor de ontwikkelingen in het belang van de deelnemers beperkt blijven. In de inventarisatie van de risico’s van de gemeente Wijdemeren (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) is geen rekening gehouden met risico’s van deze verbonden partij. Impact: laag

Taken Bevoegdheden Link met programma Beleidsrealisatie Deelnemende partijen stemverhouding

en

Bestuurder(s)

Financieel belang Ontwikkelingen/ veranderingen in het belang

Risico’s

Risico score

Balans

31-12-2026

31-12-2027

31-12-2028

31-12-2029

Eigen vermogen Vreemd vermogen Financieel resultaat Begrotingstotaal Bijdrage gemeente

875.000 12.687.700 0 3.598.900 762.972

486.800 14.686.400 0 4.190.900 832.882

486.800 15.904.100 0 4.032.800 891.149

486.800 17.013.200 0 4.119.000 909.679

90

BNG Bank N.V. Naam VP

BNG

Programma Nummer VP Vestigingsplaats Vorm Visie/Openbaar belang

0.4 6 Den Haag Wet gemeenschappelijke regelingen, art. 51. De BNG Bank is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Daardoor is het voor de gemeente mogelijk om op eenvoudige wijze toegang te krijgen tot de geldmarkt. Toelichting: het eigenaarschap van gemeenten, provincies en de Staat, alsmede het door de statuten beperkte werkterrein van de bank, bieden financiers het vertrouwen dat het risico van kredietverlening aan dit instituut zeer beperkt is. BNG Bank bundelt de uiteenlopende vraag van klanten tot een beroep op de financiële markten dat aansluit op de behoefte van beleggers wat betreft volume, liquiditeit en looptijd. Door de combinatie van beide elementen heeft de bank een uitstekende toegang tot financieringsmiddelen tegen zeer scherpe prijzen, die weer worden doorgegeven aan decentrale overheden en aan instellingen voor het maatschappelijk belang. Dat leidt voor de burger uiteindelijk tot lagere kosten voor tal van voorzieningen. Zie visie/openbaar belang Zie visie/openbaar belang

Taken Bevoegdheden Link met programma Beleidsrealisatie Deelnemende partijen stemverhouding

en

Bestuurder(s) Financieel belang Ontwikkelingen/veranderingen in het belang

Risico’s Risicoscore Aantal aandelen

De Staat is houder van de helft van de aandelen, de andere helft is in handen van gemeenten, provincies en een hoogheemraadschap. Wijdemeren heeft 33.930 aandelen van de 55.690.720 en daarmee 0,01% stemrecht op de AVA (Algemene vergadering van Aandeelhouders). De gemeente wordt op de AVA vertegenwoordigd door de wethouder Financiën. Algemene vergadering van aandeelhouders. Zie financiële gegevens. BNG Bank behaalde in 2024 een nettowinst van € 294 miljoen, een stijging ten opzichte van het voorgaande jaar. Conform het dividendbeleid wordt 50% van de winst uitgekeerd, wat neerkomt op € 140 miljoen of € 2,51 per aandeel. De bank beschikt over een sterke kapitaalpositie en solide liquiditeitsratio’s en blijft daarmee een financieel gezonde en betrouwbare partner voor de publieke sector. Risico: laag Impact: laag 33.930

91

Vitens N.V. Naam VP

Vitens NV

Programma Nummer VP Vestigingsplaats Vorm Visie/Openbaar belang

0.4 7 Zwolle Naamloze vennootschap Vitens is het grootste drinkwaterbedrijf in Nederland en verzorgt de drinkwatervoorziening in de gemeente Wijdemeren. Vitens is in 2006 ontstaan uit fusies van lokale en regionale drinkwaterbedrijven. Zie visie/openbaar belang Zie visie/openbaar belang

Taken Bevoegdheden Link met programma Beleidsrealisatie Deelnemende partijen stemverhouding

en

Bestuurder(s) Financieel belang Ontwikkelingen/veranderingen in het belang risico’s

Risicoscore Aantal aandelen

De gemeenten en provincies in het verzorgingsgebied van Vitens zijn de publieke aandeelhouders. De gemeente Wijdemeren is aandeelhouder van Vitens N.V. en bezit 8.956 van de 5.777.247 aandelen (ongeveer 0,16%) met stemrecht in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. Algemene vergadering van aandeelhouders.

In de inventarisatie van de risico’s van de gemeente Wijdemeren (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) is geen rekening gehouden met risico’s van deze verbonden partij. Risico: laag Impact: laag 8.956

92

5.7 Paragraaf 7 Grondbeleid Kern van de paragraaf grondbeleid is het – als ware de gemeente een bedrijf – door de gemeente exploiteren van de in gemeentelijk eigendom zijnde (bouw)gronden. De gemeente zet het grondbeleid in voor de ontwikkeling van onder andere woningbouw en om daar waar mogelijk bij te dragen aan een goede ruimtelijke ontwikkeling. Beleidskader De paragraaf grondbeleid geeft inzicht in het grondbeleid en de doelstellingen die worden nagestreefd. Ook wordt de financiële positie van de grondexploitaties uiteengezet. Doelstellingen grondbeleid Op 6 februari 2020 is de nota Grondbeleid 2020-2024 vastgesteld door de gemeenteraad. In de nota is vastgelegd dat de gemeente kiest voor een situationeel grondbeleid. Een situationeel grondbeleid betekent dat de gemeente per ontwikkeling overweegt welk type grondbeleid het meest geschikt is voor die ontwikkeling en de motivering daarvoor vastlegt in een startdocument per project. De faciliterende rol past de gemeente nog steeds goed en is de voorkeursrol, maar daar waar marktpartijen niet (tijdig) in staat en bereid zijn om de gemeentelijke ambities op die plek te realiseren, kan de gemeente een actievere rol overwegen. De gemeente schept bij faciliterend grondbeleid de voorwaarden voor de locatieontwikkeling via een omgevingsvisie en het omgevingsplan, en legt de actieve rol neer bij marktpartijen/grondeigenaren.

Wanneer de gemeente er niet in slaagt vooraf een overeenkomst af te sluiten, kan kostenverhaal afgedwongen worden via kostenverhaalsregels in het omgevingsplan (voorheen: exploitatieplan). Het voeren van actief grondbeleid bij het ontwikkelen van locaties houdt in dat de gemeente zelf probeert de benodigde gronden in handen te krijgen om deze vervolgens zelf te verkopen. De gemeente kan vervolgens kiezen om grond zelf bouw- en/of woonrijp te maken en uit te geven of het concessiemodel toe te passen waarbij de ontwikkelaar dit doet. Een manier voor de gemeente om de risico’s te beperken, is het weer verkopen van eventueel aangekochte gronden aan het einde van de planvormingsfase. Het belangrijkste argument voor de gemeente om te kiezen voor een situationeel grondbeleid is dat dit de mogelijkheid biedt om maatwerk te leveren. De gemeente ziet de landelijke opgave om de komende 10 jaar een aanzienlijke woningopgave te realiseren, voldoende werkgelegenheid te hebben en tegelijk zorgvuldig de kwetsbare natuur te beschermen. Hierbij is bovendien een versnelling gewenst, maar regelgeving beperkt de mogelijkheden in onze gemeente in grote mate. Verwachting is dat hiervoor in sommige gevallen een actievere rol dan voorheen nodig is, overigens met nadrukkelijk oog voor de daarmee gepaard gaande (financiële) risico’s.

Het belangrijkste instrument in de Nota Grondbeleid 2020-2024 is het hanteren van een aparte reserve (stimuleringsreserve ruimtelijke ontwikkelingen) om plussen en minnen die samenhangen met (nieuwe) gebiedsontwikkelingen te verevenen. Faciliterend versus actief grondbeleid Voor faciliterend (passief) grondbeleid geldt:  Toerekenen van de door de gemeente gemaakte plan- en uitvoeringskosten inclusief kosten voor bovenwijkse voorzieningen als dit kostenverhaal juridisch is toegestaan.  Zo optimaal mogelijke borging van de gewenste ruimtelijke kwaliteit en fasering in de tijd. Voor actief grondbeleid geldt:  Opstellen van een globale grondexploitatieberekening waarbij eveneens een inschatting wordt gemaakt van de beschikbare interne capaciteit en risico’s.  Grond wordt in exploitatie genomen indien uit een exploitatieberekening blijkt dat het verwachte resultaat positief zal zijn of, indien een negatief resultaat wordt geprognosticeerd, het verwachte tekort wordt afgedekt door een verliesvoorziening.  Het mogelijk maken van een gewenste ontwikkeling door het tijdig doen van strategische aankopen binnen de randvoorwaarden voor het strategisch verwervingsbeleid.  In een vroeg stadium bepalen waarop de aankoopstrategie gericht is en hoe het eigen bezit wordt geëxploiteerd.

93

Zorgen dat de verworven gronden en opstallen tijdelijk beschikbaar komen voor gemeentelijke grondexploitatie, of bij tijdelijk beheer marktconform worden verhuurd.

Oordeel Hoge Raad Didam arrest De Hoge Raad heeft in 2021 een uitspraak gedaan met grote gevolgen voor de praktijk van gebiedsontwikkeling. Gemeenten moeten bij gronduitgifte gelegenheid bieden aan (potentiële) gegadigden om mee te dingen naar een locatie. Grond aanbieden aan één partij is slechts in uitzonderingsgevallen mogelijk. Het arrest vraagt extra tijd en aandacht bij alle voorgenomen grondverkopen binnen de gemeente om zorgvuldige afwegingen te maken. Vennootschapsbelasting (Vpb) De Wet modernisering vennootschapsbelasting heeft als gevolg dat ondernemingsactiviteiten van overheden sinds 2016 belastingplichtig zijn, tenzij er een vrijstelling van toepassing is. Uit een eerste inventarisatie en impactanalyse blijkt dat vooralsnog de grondexploitaties de belangrijkste Vpb-belaste prestaties van de gemeente zijn. In het licht van de tussentijds gepresenteerde resultaatsverslechtering van de grondexploitaties is het niet waarschijnlijk dat de gemeente Vpb hoeft te betalen op korte termijn. Het voornemen om komende jaren diverse gemeentelijke grondposities te verkopen, vraagt in dit kader aandacht. Overigens is veel afhankelijk van feiten en omstandigheden en het standpunt van de Belastingdienst in deze. Omgevingsvisie In 2021 is de Omgevingsvisie Wijdemeren 2040 - Groenblauwe parel in de metropoolregio vastgesteld.

De gemeente heeft in haar eerste omgevingsvisie een toekomstbestendige basis gelegd voor een integrale ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie is van belang in verband met (eventueel) publiekrechtelijk kostenverhaal. Het primaire streven bij het kostenverhaal is de privaatrechtelijke (anterieure) overeenkomst tussen gemeente en private partij(en). Echter, als dit niet mogelijk blijkt te zijn, zal de gemeente terugvallen op het publiekrechtelijke kostenverhaal door middel van kostenverhaalsregels in het omgevingsplan. Woonvisie De doelstellingen c.q. uitgangspunten van de woonvisie zijn eveneens leidend voor het te voeren grondbeleid. De woonvisie is vastgesteld door de gemeenteraad op 8 juli 2021. De actualisatie van de woonvisie is aangeleverd voor de raad van oktober 2025. Risico's Het voeren van een grondexploitatie brengt financiële risico’s met zich mee. Risico’s doen zich in alle stadia van het proces voor. De risico’s verschillen van aard en omvang. Tijdig vooronderzoek in de beginfase brengt de risico’s in beeld. In dat stadium gaat het in hoofdzaak om onderzoek op het gebied van archeologie en milieu. Zodra het nieuwe plan planologisch mogelijk is gemaakt, veranderen de risico’s van aard. In deze fase krijgt de gemeente (meer) te maken met risico’s waarop zij geen invloed heeft, renteschommelingen, economische conjunctuur en dergelijke.

Het uitsluiten van risico's is onmogelijk. Het zo goed mogelijk beheersen van risico's kan natuurlijk wel. In de grondexploitaties wordt gewerkt met het geïndexeerd laten stijgen van de kosten en de opbrengsten. Verder bevatten de grondexploitaties posten onvoorzien, om eerste tegenvallers op te kunnen vangen. Om de risico’s financieel af te dekken is een voldoende hoog weerstandsvermogen nodig. Twee keer per jaar, bij de jaarrekening en de begroting, wordt de risicoparagraaf van de grondexploitaties geactualiseerd en worden de uitkomsten verwerkt in de paragraaf Weerstandsvermogen van de gemeente. Budgetbewaking grondexploitaties Het bewaken van grondexploitaties geschiedt ambtelijk op basis van de door de raad vastgestelde grondexploitaties. Uit de grondexploitaties worden kredieten beschikbaar gesteld. Op basis van deze jaarschijven worden budgetten afgegeven ten behoeve van te verrichten werkzaamheden in het kader van het project. De jaarschijven worden bewaakt door toetsing van de budgetaanvragen aan de onderbouwing van de grondexploitatie en aframing van restbudgetten. Mutaties van meer dan € 50.000 op het eindresultaat van de grondexploitaties worden op grond van de actieve informatieplicht van het college, buiten de P&C-cyclus om, gemeld aan de raad.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16013430/1