Bijlage 03. Bijlagen bij ruimtelijke onderbouwing
Tekst van het document
Projectgebied, met projectlocaties, februari 2021 (Mees Ruimte & Milieu)
Mees Ruimte & Milieu | 21034.RO.1.1
Pagina | 43
Quickscan Wet natuurbescherming, december 2020 (BK bouw- & Milieuadvies)
Mees Ruimte & Milieu | 21034.RO.1.1
Pagina | 44
BK Bouw & Milieuadvies Daltonstraat 30D 3301 DB Dordrecht 088 321 25 10 info@bkmilieuadvies.nl www.bkmilieuadvies.nl BANK NL45ABNA058640729 KVK 24459961 BTW NL820721141B01 Gecertificeerd volgens ISO 9001
Quickscan flora en fauna Mijnden te Loosdrecht
Opdrachtgever: Mijnden B.V.
de heer X.L.Z. van Rijswijk Bloklaan 22a Loosdrecht
Projectnummer: 20200609. Versienummer: 1.0 Plaats, datum: Dordrecht, 2 december 2020 Auteur: N. van Wijngaarden MSc Controleur: G. Kalkman, BSc.
BK Bouw & Milieuadvies pagina 2 van 40 Inhoudsopgave 1 Inleiding
3
1.1 Aanleiding en doel
3
2 Wettelijk kader 2.1 Gebiedsbescherming
4 4
2.2 Soortbescherming
3 Bureaustudie
3.1 Gebiedsbescherming 3.2 Soortbescherming
4 Beperkt veldonderzoek 4.1 Veldwerk
4.2 Resultaten veldbezoek 5 Conclusie en Advies
5.1 Algemene conclusies
5.2 Conclusie per soortsgroep 5.3 Zorgplicht 5.4 werkzaamheden
5.5 Conclusie nader onderzoek 6 Fotobijlage
6.1 fotobijlage
4
5
5 7
12
12 12
13
13 13 14
14
15
16
16
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 3 van 40
1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel Ten behoeve van sloop en nieuwbouw is een inventarisatie van aanwezige en (mogelijk) aanwezige flora en fauna gewenst. In dit kader is, in opdracht van de opdrachtgever, een Quick Scan flora- en faunaonderzoek uitgevoerd. Deze rapportage gaat in op het wettelijk kader, gebiedsbescherming, soortenbescherming, veldonderzoek en conclusies en resultaten in relatie tot de voorgenomen ontwikkeling. Afbeelding 1: Projectlocatie (omlijnd in blauw)
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 4 van 40
2 Wettelijk kader 2.1 Gebiedsbescherming Gebieden met bijzondere natuurwaarden zijn in Nederland wettelijk en/of planologisch beschermd. Hierbij gaat het om gebieden die bescherming genieten op basis van de Wet natuurbescherming (Wnb), internationale bescherming via Natura 2000-gebieden, Natuurnetwerk Nederland (NNN) en andere in bestemmingsplannen aangeduide gebieden.
2.2 Soortbescherming Bescherming van flora en fauna is geregeld in de Wet natuurbescherming (2017). Binnen de wet natuurbescherming zijn de Europese vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn opgenomen. Naast deze richtlijnen zijn er tevens soorten die nationaal beschermd zijn onder de wet natuurbescherming. De soorten die beschermd zijn onder de wet natuurbescherming zijn hierdoor in drie groepen te verdelen: Broedvogels (artikelen 3.1 tot en met 3.4 Wnb): kunnen zich potentieel in het hele gebied vestigen; Dier- en plantensoorten die strikt beschermd zijn op grond van de Habitatrichtlijn en de verdragen van Bern en Bonn (art. 3.5-3.9). Hiertoe behoren onder anderen alle Europese vleermuissoorten ; Nationaal beschermde dier- en plantensoorten vermeld in de bijlage bij de wet (art. 3.10-3.11). Dit zijn circa 145 soorten, waaronder een groot deel van de inheemse zoogdieren, amfibieën en reptielen, en een aantal bedreigde vissen, dagvlinders, libellen, kevers en vaatplanten. Voor de soorten die beschermd zijn onder de Wet natuurbescherming gelden verbodsbepalingen. Deze verbodsbepalingen stellen dat deze beschermde soorten niet gedood, gevangen, verontrust, geplukt of verzameld mogen worden. Bovendien mag de directe leefomgeving van deze beschermde soorten niet vernietigd, beschadigd of verstoord worden.
Wanneer overtreding van een verbodsbepaling onvermijdelijk is, moet een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming worden aangevraagd. Het kan zijn dat de provincie bepaalde soorten in haar provincie een vrijstelling heeft geven van deze verbodsbepalingen. Naast de beschermde soorten geldt er een algemene zorgplicht voor alle in het wild levende planten en dieren (algemene zorgplicht, artikel 1.11 Wnb).
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 5 van 40
3 Bureaustudie Middels een bureaustudie is, in de onderstaand paragrafen, het plan en de locatie getoetst aan de eventueel in de omgeving aanwezige beschermde gebieden en soorten.
3.1 Gebiedsbescherming Natura 2000-gebieden
Natura 2000-gebieden zijn aangewezen in het kader van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn wegens de aanwezigheid van bepaalde zeldzame en kwetsbare soorten en habitat-typen (de zogenoemde kwalificerende waarden). De bescherming ervan is geregeld in de Wet natuurbescherming. Overheden dienen de kwaliteit van deze gebieden te waarborgen, waarbij deze aangewezen waarden centraal staan. Deze kwaliteit is mede afhankelijk van de omgeving. Invloeden buiten het gebied kunnen een negatief effect hebben op de natuurwaarden binnen het gebied. Zo kunnen ontwikkelingen op korte afstand kwalificerende soorten in het Natura 2000-gebieden verstoren of verontrusten (externe werking van de bescherming). Afbeelding 2: Ligging projectgebied ten opzichte van Natura 2000-gebied, projectlocatie in blauw omlijnd (bron: At
Analyse en conclusie Het projectgebied grenst aan het Natura 2000-gebied Oostelijke Vechtplassen. Door de kenmerken van het projectgebied, de afstand tot het Natura 2000-gebied en de aard van het tussenliggende gebied zijn geen, met mogelijke uitzondering van stikstofdepositie, negatieve effecten aan de orde als gevolg van de toekomstige inrichting van het projectgebied op het Natura 2000-gebied en de instandhoudingsdoelen. Natuurnetwerk Nederland (NNN) Het NNN is een aaneengesloten of met elkaar in verbinding staand stelsel van belangrijke Nederlandse natuurgebieden. Het NNN is veel groter dan de voorgestelde Habitatrichtlijn- en Vogelrichtlijngebieden. In de Structuurvisie is het NNN op provinciaal niveau uitgewerkt. Het NNN omvat kerngebieden (natuurreservaten), natuurontwikkelingsgebieden en ecologische verbindingszones.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 6 van 40 Afbeelding 3: Ligging projectgebied ten opzichte het Natuurnetwerk Nederland, projectlocatie in blauw omlijnd (bron: Atlas Leefomgeving)
Analyse en conclusie Het projectgebied aan een NNN gebied. Gezien de stedelijke omgeving met reeds aanwezige verstoringsfactoren als licht, geluid et cetera worden op gebiedsniveau geen nadelige effecten verwacht. Conclusie gebiedsbescherming
Op basis van de uitgevoerde bureaustudie naar de gebiedsbescherming, blijkt dat er geen negatieve effecten zijn te verwachten op de genoemde beschermde gebieden. Nader onderzoek op dit onderdeel is niet noodzakelijk.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 7 van 40
3.2 Soortbescherming De werkzaamheden van het initiatief kunnen leiden tot verstoring van alle aanwezige flora en fauna. De zorgplicht uit de Wet natuurbescherming geldt voor alle voorkomende soorten. Dit betekent dat bij de werkzaamheden, zoveel als redelijkerwijs mogelijk is, zorg wordt gedragen voor een zo min mogelijke verstoring of aantasting van de aanwezige flora en fauna. Om te bepalen of er beschermende flora- fauna aanwezig is, is een bureaustudie en een beperkt veldonderzoek uitgevoerd. Voorgaand onderzoek - Bureaustudie Behoudens van het oriënterend veldonderzoek is tevens gebruik gemaakt van gegevens van derden voor de bureaustudie (in dit geval quickscanhulp). Quickscanhulp.nl
Voor de bureaustudie is gebruik gemaakt van de online applicatie Quickscanhulp.nl. Deze applicatie geeft een afgeleide weer van data uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). In de onderstaande tabellen zijn de beschermde soorten opgenomen die binnen 10 kilometer afstand vanaf het plangebied zijn waargenomen. De soorten staan gesorteerd per soortgroep.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 8 van 40 Tabel 1: Beschermde grondgebonden zoogdieren waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming op basis van:
Baardvleermuis
Myotis mystacinus
Habitatrichtlijn
Bever
Castor fiber ssp. albicus
Habitatrichtlijn
Boommarter
Martes martes
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Bosvleermuis
Nyctalus leisleri ssp. leisleri
Habitatrichtlijn
Bunzing
Mustela putorius
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Damhert
Dama dama
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Das
Meles meles
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Dwergmuis
Micromys minutus
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Dwergspitsmuis
Sorex minutus
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Eekhoorn
Sciurus vulgaris
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Egel
Erinaceus europeus
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Franjestaart
Myotis nattereri
Habitatrichtlijn
Gewone dwergvleermuis
Pipistrellus pipistrellus
Habitatrichtlijn
Gewone grootoorvleermuis
Plecotus auritus ssp. auritus
Habitatrichtlijn
Gewone/Grijze grootoorvleermuis
Plecotus auritus ssp. Auritus/ssp. Austriacus
Habitatrichtlijn
Gewone/Kleine/Ruige dwergvleermuis
Pipistrellus pipistrellus/s pygmaeus/nathusii
Habitatrichtlijn
Hermelijn
Mustela erminea
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Huisspitsmuis
Crocidura russula
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Kleine dwergvleermuis
Pipistrellus pygmaeus
Habitatrichtlijn
Laatvlieger
Eptesicus serotinus ssp. serotinus
Habitatrichtlijn
Meervleermuis
Myotis dasycneme
Habitatrichtlijn
Myoot (soort onbekend)
Myoot species
Habitatrichtlijn
Noordse woelmuis
Microtus oeconomus ssp. arenicola
Habitatrichtlijn
Otter
Lutra lutra ssp. lutra
Habitatrichtlijn
Rosse vleermuis
Nyctalus noctula ssp. noctula
Habitatrichtlijn
Rosse woelmuis
Clethrionomys glareolus
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Ruige dwergvleermuis
Pipistrellus nathusii
Habitatrichtlijn
Steenmarter
Martes foina
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Tweekleurige bosspitsmuis
Sorex coronatus
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Tweekleurige vleermuis
Vespertilio murinus ssp. murinus
Habitatrichtlijn
Veldmuis
Microtus arvalis
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Waterspitsmuis
Neomys fodiens
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Watervleermuis
Myotis daubentoni ssp. daubentoni
Habitatrichtlijn
Wezel
Mustela nivalis
Wezel/Hermelein
Mustela nivalis/ Mustela erminea
Bijlage, behorende bijMijnden artikel 3.10 van de te Loosdrecht Wnb Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020 Habitatrichtlijn
BK Bouw & Milieuadvies pagina 9 van 40 Tabel 2: Beschermde amfibieën waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming op basis van:
Alpenwatersalamander
Mesotriton alpestris
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Bastaardkikker/middelste groene kikker Pelophylax kl. esculentus
behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Heikikker
Rana arvalis ssp. arvalis
Habitatrichtlijn
Kamsalamander
Triturus cristatus
Habitatrichtlijn
Meerkikker
Rana ridibunda
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Poelkikker
Rana lessonae
Habitatrichtlijn
Rugstreeppad
Bufo calamita
Habitatrichtlijn
Vroedmeesterpad
Alytes obstetricans ssp. obstetricans Habitatrichtlijn
Tabel 3: Beschermde reptielen waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming op basis van:
Hazelworm
Anguis fragilis
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Levendbarende hagedis
Zootoca vivipara
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Ringslang
Natrix natrix
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Tabel 4: Beschermde insecten waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming op basis van:
Grote parelmoervlinder
Argynnis aglaja
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Grote vos
Nymphalis polychloros
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Veldparelmoervlinder
Melitaea cinxia
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Gevekte glanslibel
Somatochlora flavomaculata
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Gevelkte witsnuitlibel
Leucorrhinia pectoralis
Habitatrichtlijn
Groene glazenmaker
Aeshna viridis
Habitatrichtlijn
Sierlijke witsnuitlibel
Leucorrhinia caudalis
Habitatrichtlijn
Gestreepte waterroofkever
Graphoderus bilineatus
Habitatrichtlijn
Tabel 5: Beschermde vissen waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming op basis van:
Grote modderkruiper
Misgurnus fossilis
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Kwabaal
Lota lota
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Tabel 6: Beschermde overige diersoorten waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming op basis van:
Platte Schijfhoren
Anisus vorticulus
Habitatrichtlijn
Zeggekorfslak
Vertigo moulinsiana
Habitatrichtlijn
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 10 van 40 Tabel 7: Beschermde planten waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming op basis van:
Akkerboterbloem
Ranunculus arvensis
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Akkerdoornzaad
Torilis arvensis
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Akkerogentroost
Odontites vernus subsp. vernus
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Blaasvaren
Cystopteris fragilis
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Brede wolfsmelk
Euphorbia platyphyllos
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Dreps
Bromus secalinus
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Glad biggenkruid
Hypochaeris glabra
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Groenknolorchis
Liparis loeselii
Habitatrichtlijn
Groot spiegelklokje
Legousia speculum-veneris
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Grote leeuwenklauw
Aphanes arvensis
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Karthuizeranjer
Dianthus carthusianorum
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Kleine wolfsmelk
Euphorbia exigua
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Kluwenklokje
Campanula glomerata
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Korensla
Arnoseris minima
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Naakte lathyrus
Lathyrus aphaca
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Naaldenkervel
Scandix pectenveneris
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Rood peperboompje
Daphne mezereum
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Wilde ridderspoor
Consolida regalis
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
Wilde weit
Melampyrum arvense
Bijlage, behorende bij artikel 3.10 van de Wnb
In de onderstaande tabel staan de waargenomen vogels met jaarrond beschermde nesten binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Tabel 8: Vogels met jaarrond beschermde nesten waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied (br Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Jaarrond beschermde nesten
Boomvalk
Falco subbuteo
In alle provincies
Buizerd
Buteo Buteo
In alle provincies
Gierzwaluw
Apus Apus
In alle provincies
Grote Gele Kwikstaart
Motacilla cinerea
In alle provincies
Havik
Accipiter gentili
In alle provincies
Huismus
Passer domesticus
In alle provincies
Kerkuil
Tyto alba
In alle provincies
Ooievaar
Ciconia ciconia
In alle provincies
Ransuil
Asio otus
In alle provincies
Roek
Corvus frugilegus
In alle provincies
Slechtvalk
Falco peregrinus
in alle provincies
Sperwer
Accipiter nisus
in alle provincies
Steenuil
Athene noctua
In alle provincies
Wespendief
Pernis apivorus
In alle provincies
Zwarte Wouw
Milvus migrans
In alle provincies
In de onderstaande tabel staan de waargenomen soorten opgenomen die zijn vrijgesteld door de provincie.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 11 van 40 Tabel 9: Vrijgestelde soorten waargenomen binnen 10 kilometer afstand van het plangebied. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam vrijgesteld?
Bunzing
Mustela putorius
Vrijgesteld in alle provincies behalve in Noord- en Zuid-Holland
Dwergmuis
Micromys minutus
Vrijgesteld in alle provincies
Dwergspitsmuis
Sorex minutus
Vrijgesteld in alle provincies
Eekhoorn
Sciurus vulgaris
Alleen vrijgesteld in Limburg
Egel
Erinaceus europeus
Vrijgesteld in alle provincies
Huisspitsmuis
Crocidura russula
Vrijgesteld in alle provincies
Rosse woelmuis
Clethrionomys glareolus
Vrijgesteld in alle provincies
Steenmarter
Martes foina
Alleen vrijgesteld in Limburg en Friesland
Tweekleurige bosspitsmuis Sorex coronatus
Vrijgesteld in alle provincies behalve in Zuid-Holland
Veldmuis
Microtus arvalis
Vrijgesteld in alle provincies
Wezel
Mustela nivalis
Vrijgesteld in alle provincies behalve in Noord-en Zuid-Holland
Meerkikker
Rana ridibunda
Vrijgesteld in alle provincies
Middelste groene kikker
Pelophylax kl. esculentus
Vrijgesteld in alle provincies
Hazelworm
Anguis fragilis
Alleen vrijgesteld in Limburg
Met behulp van beschikbare verspreidingsatlassen (zoogdieren, reptielen en amfibieën, libellen en broedvogels) is tevens nagegaan in hoeverre diverse beschermde soorten ook daadwerkelijk verwacht kunnen worden in de omgeving van het betreffende projectgebied. Conclusie soortbescherming Op basis van de bureaustudie wordt er een diversiteit aan algemeen voorkomende soorten verwacht, aandachtssoorten vanuit de bureaustudie zijn de: vleermuizen, grondgebonden zoogdieren, amfibieën, reptielen, insecten en vogels met jaarrondbeschermde nesten..
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 12 van 40
4 Beperkt veldonderzoek 4.1 Veldwerk Een veldonderzoek wordt bij voorkeur in het voorjaar of de zomer uitgevoerd. In de overige periodes kan wel een veldonderzoek worden uitgevoerd, maar wordt de methode aangepast om de betrouwbaarheid te garanderen. Indien het onderzoek in de wintermaanden wordt uitgevoerd, is het als gevolg van het seizoen niet goed mogelijk alle flora en fauna waar te nemen die aanwezig is. Als gevolg van het oriënterende karakter van het onderzoek heeft op 8 juli 2020 een beperkt veldbezoek plaatsgevonden. In de onderstaande tabel zijn de gegevens samengevat van het uitgevoerde veldbezoek en de weersgesteldheid. Tabel 10: Uitgevoerd veldbezoek en weersgesteldheid (bron: KNMI, weerstation De Bilt) Datum
Aanvang bezoek
Temperatuur (gem)
Wind (richting en snelheid)
Bewolking
8 juli 2020
11:00
17 graden
2 Bft Z
Half bewolkt
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door Mevrouw N. Van Wijngaarden, MSc. ecoloog (gekwalificeerd en ervaren, conform de eisen van RVO) van BK Bouw- en Milieuadvies.
4.2 Resultaten veldbezoek Het projectgebied bestaat uit een recreatiepark met recreatiewoningen. De soorten die tijdens het veldbezoek zijn waargenomen staan in de onderstaande tabel. Tabel 11: Waargenomen soorten tijdens veldbezoek. Waargenomen soort witte kwikstaart oeverzwaluw valk (soort onbekend) huismus Tabel 12: Waargenomen soortgroepen. Soortgroep
Waargenomen?
Geschikt biotoop?
Broedvogels
Waargenomen
Geschikt biotoop aanwezig
Vogels met jaarrond beschermde nesten
Waargenomen
Geschikt biotoop aanwezig
Grondgebonden zoogdieren
Niet waargenomen
Geschikt biotoop aanwezig
Vleermuizen
Niet waargenomen
Geschikt biotoop aanwezig
Amfibieën
Niet waargenomen
Geschikt biotoop aanwezig
Reptielen
Niet waargenomen
Geschikt biotoop aanwezig
Vissen
Niet waargenomen
Geschikt biotoop aanwezig
Ongewervelden
Niet waargenomen
Geen geschikt biotoop aanwezig
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 13 van 40
5 Conclusie en Advies 5.1 Algemene conclusies Uit het veldbezoek en de bureaustudie komen de volgende conclusies: Gebaseerd op de bureaustudie wordt een diversiteit aan algemeen voorkomende soorten op de locatie verwacht. Er worden op de locatie zwaar beschermde soorten verwacht. Tijdens het veldbezoek zijn zwaar beschermde soorten waargenomen. Voor de algemeen voorkomende beschermde soorten geldt dat ze niet ontheffingsplichtig zijn, mits de zorgplicht in acht wordt gehouden.
5.2 Conclusie per soortsgroep In de volgende alinea's bespreken we per soort de resultaten en geven we de conclusies weer van het uitgevoerde veldbezoek. Vogels
Binnen het plangebied zijn broedvogels te verwachten. Voor alle beschermde inheemse (ook de algemeen voorkomende) vogelsoorten geldt vanuit de Wet natuurbescherming een verbod op handelingen die nesten of eieren beschadigen of verstoren. In de praktijk betekent dit dat storende werkzaamheden alleen buiten het broedseizoen uitgevoerd mogen worden. Handelingen die een vaste rust- of verblijfplaats van beschermde vogels verstoren, zijn eveneens niet toegestaan. Nestlocaties van boomvalk, buizerd, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, havik, huismus, kerkuil, oehoe, ooievaar, ransuil, roek, slechtvalk, sperwer, steenuil, wespendief en zwarte wouw worden gezien als jaarrond beschermde vaste rust- en verblijfplaats. Tijdens het veldonderzoek zijn vier vogelsoorten waargenomen: de huismus, een valk, een witte kwikstaart en een overzwaluw. De huismus en de valk zijn jaarrond beschermde vogels. De oeverzwaluw en de witte kwikstaart zijn niet jaarrond beschermd. De omgeving is geschikt voor huismussen en biedt voldoende beschutting/schuilmogelijkeheden, voedselaanbod, mogelijkeheid tot zandbaden et cetera. De valk gebruikt het terrein als foerageergebied en kan een verblijfplaats in een van de bomen hebben. Voor de verstoring van deze verblijfplaatsen en belangrijk leef- of foerageergebied is ook buiten het broedseizoen een ontheffing noodzakelijk.
Met de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied worden mogelijk jaarrond beschermde nest-locaties verstoord of verwijderd. Nader onderzoek of de aanvraag tot ontheffing voor (één van) deze soorten is noodzakelijk. Grondgebonden zoogdieren
Tijdens de veldronde zijn geen beschermde grondgebonden zoogdieren, opening of holen van beschermde grondgebonden zoogdieren waargenomen. Agemeen voorkomende soorten kunnen wel voorkomen. De bomenrijen en struikgewassen/houtwallen zijn geschikt voor marterachtigen. Indien deze worden verwijderd dient nader onderzoek te worden uitgevoerd. Wel kunnen algemeen voorkomende soorten voorkomen en moet de zorgplicht in acht worden genomen. Vleermuizen
De locatie wordt geschikt bevonden als foerageergebied en/of vliegroute met betrekking tot de groep van vleermuizen. Indien er bomenrijen of watergangen worden verwijderd dient nader onder te worden uitgevoerd naar vleermuis foerageergebieden en vliegroutes. De te slopen caravans zijn niet geschikt voor vleermuisbewoning gezien er geen openingen, spleten of ruimte onder dakpannen aanwezig is. Ook de blokhut en het receptiegebouw zijn niet geschikt. Met het uitvoeren van de werkzaamheden wordt niet verwacht dat belangrijke verblijfplaatsen worden verstoord of zullen verdwijnen. Nader onderzoek naar de functie van foerageergebied en vliegroute is noodzakelijk. Amfibieën
Tijdens de veldronde zijn geen beschermde amfibieën waargenomen, deze worden wel verwacht. Op het terrein zijn diverse smalle sloten aanwezig, indien deze sloten gedempt worden dient er nader onderzoek te worden uitgevoerd naar de rugstreeppad. De oevers van de Loodrechtse plassen op het terrein zijn allen hoog en niet natuurlijk, waardoor deze niet geschikt zijn voor de rugstreeppad. Reptielen
Tijdens de veldronde zijn geen beschermde reptielen waargenomen, deze worden wel verwacht. Op het terrein komen mogelijk ringslangen voor. De zand/grond/steenhopen zijn zeer geschikt als broeihopen.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 14 van 40 Vissen
Tijdens de veldronde is een geschikt biotoop waargenomen voor een beschermde vissoort, nader onderzoek moet worden uitgevoerd. Indien er sloten worden gedempt, is nader onderzoek naar de grote modderkruiper noodzakelijk. Ongewervelden
Tijdens de veldronde zijn geen beschermde ongewervelden waargenomen, deze worden ook niet verwacht. Wel zullen algemeen voorkomende soorten op de locatie voor kunnen komen en moet rekening worden gehouden met de zorgplicht. Overzicht soortgroepen
In de onderstaande tabel staan de effecten en conclusies met betrekking tot nader onderzoek opgenomen per soortgroep. Tabel 13: Beschrijving van de effecten Soortgroep
Beschrijving effecten
Conclusie
Broedvogels
Geen effect verwacht
Werken buiten het broedseizoen
Vogels met jaarrond beschermde nesten
Negatief effect verwacht
Nader onderzoek benodigd
Grondgebonden zoogdieren
Negatief effect verwacht
Nader onderzoek benodigd
Vleermuizen
Negatief effect verwacht
Nader onderzoek benodigd
Amfibieën
Negatief effect verwacht
Nader onderzoek benodigd
Reptielen
Negatief effect verwacht
Nader onderzoek benodigd
Vissen
Negatief effect verwacht
Nader onderzoek benodigd
Ongewervelden
Geen effect verwacht
Geen nader onderzoek benodigd
5.3 Zorgplicht Er bevinden naar alle waarschijnlijkheid meerdere niet beschermde soorten op het terrein. Voor deze soorten moet de zorgplicht in acht wordt gehouden. De algemene zorgplicht volgens Wet Natuurbescherming houdt in dat: Een ieder voldoende zorg in acht neemt voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. De zorg, bedoeld in het eerste lid, houdt in ieder geval in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen voor flora of fauna kunnen worden veroorzaakt, verplicht is dergelijk handelen achterwege te laten voor zover zulks in redelijkheid kan worden gevergd, dan wel alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd teneinde die gevolgen te voorkomen of, voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. De zorgplicht geldt altijd en voor alle planten en dieren, of ze beschermd zijn of niet, ook in het geval dat ze beschermd zijn en er een ontheffing of vrijstelling is verleend.
5.4 werkzaamheden Gezien er mogelijk diverse werkzaamheden gaan plaatsvinden op het terrein, en de invloed op mogelijk aanwezige flora en fauna van de werkzaamheden sterk samenhangen met de aard van deze werkzaamheden. Is in de onderstaande tabel aangegeven welk nader onderzoek uitgevoerd dient te worden indien de aangegeven werkzaamheden worden uitgevoerd.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 15 van 40 Tabel 14: Conclusie per werkzaamheden werkzaamheden
conclusie nader onderzoek
Graafwerkzaamhed
Nader onderzoek naar de rugstreeppad, werkzaamheden in één richting uitvoeren ten behoeve van algemeen voorkomende kleine zoogdieren.
Werkzaamheden aan sloten/watergangen
Nader onderzoek naar de rugstreeppad, grote modderkruiper, ringslang en vleermuisvliegroutes.
Rooien van bomen
Nader onderzoek naar de aanwezigheid van valkennesten, marterachtigen en vleermuisvliegroutes.
Weghalen van struikgewassen Nader onderzoek naar de huismus en marterachtigen. Weghalen/slopen van de stacaravans
Nader onderzoek is niet benodigd.
Neerzetten van Nader onderzoek is niet benodigd vakantiewoningen/stacaravans Weghalen Nader onderzoek naar rugstreeppad, marterachtigen en ringslang grond/zand/steen/hout hopen
5.5 Conclusie nader onderzoek Nader onderzoek is afhankelijk van de specifieke werkzaamheden. Wel kunnen echter veranderingen in de situatie binnen het plangebied of in de planvorming altijd leiden tot andere inzichten en daarmee tot wijziging van deze conclusies.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 16 van 40
6 Fotobijlage 6.1 fotobijlage Onderstaand zijn de relevante foto's opgenomen, die gemaakt zijn tijdens het veldbezoek.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 17 van 40 Afbeelding 4: Watergang met oevervegetatie geschikt voor de grote modderkruiper.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 18 van 40 Afbeelding 5: Groene omgeving met bomen geschikt voor vleermuis vliegroute en foerageergebied. Bomen zijn ook geschikt voor broedvogels.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 19 van 40 Afbeelding 6: Watergang met veel oevervegetatie, mogelijk geschikt voor de grote modderkruiper.De struikgewassen zijn geschikt voor marterachtigen.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 20 van 40 Afbeelding 7: Zandhopen op het terrein die geschikt zijn voor ringslangen en rugstreeppadden.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 21 van 40 Afbeelding 8: Braakliggend terrein. De stapel stenen is geschikt voor ringslangen als schuilplaats.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 22 van 40 Afbeelding 9: Zandhopen op het terrein geschikt voor ringslangen. De struikgewassen zijn geschikt voor marterachtigen.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 23 van 40 Afbeelding 10: Bomen in een rij die geschikt zijn als vliegroute en foerageergebied voor vleermuizen
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 24 van 40 Afbeelding 11: Geen ruimte onder de dakrand. Het is dus niet geschikt voor vleermuizen.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 25 van 40 Afbeelding 12: Groene omgeving met watergang geschikt voor marterachtigen en grote modderkruiper.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 26 van 40 Afbeelding 13: Bebouwing op het terrein is niet geschikt voor vleermuisbewoning.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 27 van 40 Afbeelding 14: Bebouwing op het terrein is niet geschikt voor vleermuisbewoning.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 28 van 40 Afbeelding 15: Groene omgeving met bomen, geschikt als foerageergebied voor vleermuizen. De struikgewassen zijn geschikt voor marterachtigen.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 29 van 40 Afbeelding 16: Tijdelijke plassen op braakliggend terrein, geschikt voor de rugstreeppad. De struikgewassen zijn geschikt voor marterachtigen
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 30 van 40 Afbeelding 17: Watergang met veel oevervegetatie, mogelijk geschikt voor de grote modderkruiper.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 31 van 40 Afbeelding 18: Braakliggend terrein geschikt voor de rugstreeppad door makkelijk vergraafbare grond en aanwezigheid van (tijdelijke) watertjes in de omgeving.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 32 van 40 Afbeelding 19: Watergang, oevervegetatie en braakliggend terrein, geschikt voor rugstreeppad, marterachtigen en grote modderkruiper.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 33 van 40 Afbeelding 20: Chalet op het terrein. Het chalet is te laag voor vleermuisbewoning. Omgeving geschikt voor marterachtigen.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 34 van 40 Afbeelding 21: Chalet op terrein. Er is geen ruimte voor vleermuisbewoning. De groene structuren zijn wel geschikt voor vleermuis als orïentatie punt van een vliegroute.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 35 van 40 Afbeelding 22: Braakliggend terrein erg geschikt voor rugstreeppad.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 36 van 40 Afbeelding 23: Receptie, niet geschikt voor vleermuisbewoning.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 37 van 40 Afbeelding 24: Watergang met oevervegetatie en braakliggend terrein.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 38 van 40 Afbeelding 25: Chalet, niet geschikt voor vleermuisbewoning. Het struikgewas ernaast is wel geschikt voor marterachtigen.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 39 van 40 Afbeelding 26: Braakliggend terrein, geschikt voor rugstreeppad.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
BK Bouw & Milieuadvies pagina 40 van 40 Afbeelding 27: Steiger langs het water. De groene lijnvormige elementen aan de linkerzijde zijn geschikt als vliegroute voor vleermuizen.
Mijnden te Loosdrecht Quickscan flora en fauna | 20200609. | 2 december 2020
Rapportage stikstof incl. AERIUS-berekening, september 2020 (BK bouw- & milieuadvies)
Mees Ruimte & Milieu | 21034.RO.1.1
Pagina | 45
BK Bouw- & Milieuadvies B.V. Daltonstraat 30D Postbus 3064 3301 DB Dordrecht 088 321 25 10 info@bkbouwenmilieuadvies.nl www.bkbouwenmilieuadvies.nl
Beoordeling stikstofdepositie Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht
Opdrachtgever:
Mijnden B.V. De heer X.L.Z. van Rijswijk Bloklaan 22a 1231 AZ Loosdrecht
Projectnummer:
203119
Versienummer:
1.0
Plaats, datum:
Dordrecht, 30 september 2020
Auteur:
K. Romijn
Controleur:
G. Kalkman
BANK NL45ABNA0586840729 KVK 24459961 BTW NL820721141B01
BK bouw- & milieuadvies pagina 2 van 11
Inhoudsopgave
pagina
1
Inleiding ............................................................................................................................................................................................................ 3 1.1 Aanleiding .............................................................................................................................................................................................. 3 1.2 Wettelijke kader .................................................................................................................................................................................. 3 2 Stikstofdepositie ............................................................................................................................................................................................ 5 2.1 Afstand tot Natura-2000 gebieden ............................................................................................................................................. 5 2.2 Uitgangspunten...................................................................................................................................................................................
5 3 Aanlegfase ....................................................................................................................................................................................................... 6 4 Gebruiksfase .................................................................................................................................................................................................... 8 4.1.1 Verkeersaantrekkende werking ............................................................................................................................................... 8 4.1.2 Verwarming...................................................................................................................................................................................... 8 4.1.3 Verwarming huidige situatie..................................................................................................................................................... 8 4.2 Intern salderen gebruik en bouwfase ........................................................................................................................................ 8 5 Conclusie .......................................................................................................................................................................................................... 9
Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
BK bouw- & milieuadvies pagina 3 van 11
1
Inleiding
1.1
Aanleiding
Voor het recreatiepark in Mijnden te Loosdrecht zijn plannen om dit te vernieuwen en te renoveren. Bestaande kampeervoorzieningen vervallen, hiervoor worden duurzame vakantiechalets / waterwoningen voor terug geplaatst. Dit uitvoering zal gefaseerd uitgevoerd worden over meerdere jaren. Zoals vermeldt worden de nieuwe recreatie woningen niet meer aangesloten op het gas en worden deze voorzien van een warmtepomp. Onderstaand is de luchtfoto van het plangebied weergegeven.
figuur 1: projectgebied, plan- en onderzoeksgebied, rood omkaderd, [bron: google maps 2019]
Gevraagd is om een nadere onderbouwing met betrekking tot de stikstofdepositie van het project op de omliggende Natura-2000 gebieden. Leeswijzer Onderstaand wordt het wettelijk kader geschetst. In hoofdstuk 2 wordt in gegaan op de omliggende gebieden, in hoofdstuk 3 wordt stikstofdepositie van het planvoornemen beschreven, in hoofdstuk 4 is opgenomen wat de mogelijkheden zijn tot het intern salderen, in hoofdstuk 5 worden de conclusies opgenomen. Als bijlage is het stappenplan weergegeven van de Rijksoverheid, waarin weergegeven is wanneer er sprake is van een vergunningsplicht.
1.2
Wettelijke kader
Voorheen diende op grond van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) – dat juli 2015 van kracht werd – berekend te worden of een nieuwe (bouw)activiteit leidde tot een significante toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Onder het PAS golden enkele drempel- en grenswaarden die bepaalden of een toename van stikstofdepositie significant was en zo ja, of er dan een meldingsplicht of een vergunningplicht gold. Door te rekenen met het voorgeschreven rekenprogramma AERIUS Calculator werd automatisch met die drempelwaarden rekening gehouden. In
Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
BK bouw- & milieuadvies pagina 4 van 11
het geval van de meldingsplicht kon de planontwikkeling aanspraak kan maken op benutting van de ontwikkelingsruimte die voor een Natura 2000-gebied gold, totdat deze niet meer voorradig was. Als gevolg van de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 mag het PAS niet meer gebruikt worden als toestemmingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen die leiden tot een toename van stikstofdepositie op (stikstofgevoelige habitattypen in) Natura 2000-gebieden. De drempel- en grenswaarden uit het PAS zijn daarmee ook niet meer van toepassing. Hierdoor kan een project met een geringe depositietoename van 0,01 mol/ha/jaar al vergunningplichtig zijn (artikel 2.7 en 2.8 Wnb). Oftewel, ook relatief kleinschalige projecten dienen zorgvuldig op hun stikstofdepositie getoetst te worden om aan Europese regelgeving te kunnen voldoen (en stand te houden bij de Raad van State in geval van een beroep). Sinds de vernieuwing van AERIUS Calculator op 16 september 2019 en 14 januari 2020 kan correct berekend worden of er überhaupt sprake is van stikstofdepositie op een relevant Natura 2000-gebied. Daarbij dient zowel de bouw/aanlegfase als de gebruiksfase doorgerekend te worden. Zodra er geen rekenresultaten boven de 0,00 mol/ha/j. is er geen belemmering. Bij een uitkomst van stikstofdepositie boven 0,00 mol/ha/jr.
zal verder bepaald moeten worden welke opties er mogelijk zijn tot het verkrijgen van een vergunning, zie ook de bijlage die hier verder op ingaat.
Disclaimer De analyse is op 30 september 2020 uitgevoerd. Ondanks dat dit rapport met de juiste zorg is opgesteld, geldt dat de berekeningen en conclusies met betrekking tot de stikstofdepositie zijn gebaseerd op aangeleverde informatie, praktijkervaringen en rekenkundige benaderingen. De uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 heeft gevolgen voor de berekening en toetsing van stikstofdepositie. Om in de nieuwe situatie na de uitspraak een goede toetsing van de vergunningplicht en eventuele toenames van stikstofdepositie mogelijk te maken, is de Aerius calculator aangepast. Daarnaast werken bevoegde gezagen aan een toetsingskader om duidelijk te maken waaraan aanvragen moeten voldoen. Zodra hierover meer bekend is, zal worden gecommuniceerd via de website van Bij12 nieuws en de veelgestelde vragen Toekomstige politieke besluiten en gerechtelijke uitspraken in deze, zorgen ervoor dat de berekening overnieuw of aangepast moeten worden, waarbij een andere uitkomst mogelijk kan zijn.
Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
BK bouw- & milieuadvies pagina 5 van 11
2
Stikstofdepositie
Nieuwe plannen moeten beoordeeld worden op de mogelijke stikstofdepositie op de nabijgelegen Natura2000 gebieden. Om inzichtelijk te maken, wat de mogelijke stikstofdepositie is, wordt in dit hoofdstuk ingegaan op de afstand tot Natura2000 gebieden, het huidige gebruik en toekomstig gebruik (inclusief realisatie).
2.1
Afstand tot Natura-2000 gebieden
In onderstaande afbeelding, zijn de nabij gelegen Natura2000-gebieden weergegeven. De volgende gebieden zijn in de omgeving van het planvoornemen gelegen: Oostelijke Vechtplassen; Botshol. Overigens wordt in de AERIUS-berekening de invloed op alle Natura-2000 gebieden beschouwd / berekend.
Figuur 2: Afstand Natura-2000 tot het planvoornemen (bron: https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/googlemapszoek2.aspx)
2.2
Uitgangspunten
Voor het berekenen van de stikstofdepositie in de relevante Natura 2000-gebieden in de omgeving van het plangebied, is gebruik gemaakt van AERIUS Calculator versie 2019a. In de berekeningen zijn de emissies van NOx en NH3 van de relevante bronnen meegenomen. Het gaat hierbij om: 1. Emissies van vrachtverkeer en mobiele werktuigen in de aanlegfase (realiseren sloop en nieuwbouw); 2. De verkeersgeneratie ten gevolge van de nieuwe situatie; Er zijn in dit onderzoek twee berekeningen uitgevoerd om de stikstofdepositiebijdrage van het herontwikkelingsplan op de omliggende Natura 2000-gebieden in kaart te brengen, te weten: 1. de stikstofdepositie ten gevolge van de aanlegfase; 2. stikstofdepositie in de gebruiksfase.
Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
BK bouw- & milieuadvies pagina 6 van 11
3
Aanlegfase
Om het planvoornemen te kunnen realiseren zijn er bouwwerkzaamheden noodzakelijk. Daarbij wordt gebruik gemaakt van machines en zal er de nodige verkeersaantrekkende werking zijn van het bouwverkeer. Daarmee is de bouwfase aan te merken als stikstofbron voor de omgeving en de omliggende Natura-2000 gebieden (een jaar). Aangezien de nieuwbouw gefaseerd wordt uitgevoerd, is de berekening gebaseerd op de realisatie van het volledige plan in vier jaar. De woningen, het appartementengebouw en de overige gebouwen zullen zoveel als mogelijk worden gemaakt van houten prefab onderdelen die op de bouwplaats worden geassembleerd. Als materieel zal gebruik worden gemaakt van machines die voorzien zijn van een NOx filter. Na assemblage van de casco gebouwen zal op de bouwplaats zal alleen nog de afbouw ter plaatse plaats vinden waarbij het aantal verkeersbewegingen zo minimaal mogelijk zal worden gehouden. Alle gebouwen zullen gasloos worden opgeleverd. Onderstaande globale planning is opgeleverd door de opdrachtgever. Hieruit blijkt dat de werkzaamheden circa 5 jaar in beslag nemen.
Bouwdeel
H+L O M N J+E+D J+E+D F A+B+C
Omschrijving
Aanvang bouw
Infrastructurele werkzaamheden Sloopwerk bestaande restaurant Villa's 70 m2 (24 st) Restaurant Appartementen (20 app) Groepsaccomodatie Villa's 55m2 (154 st) Villa's 50m2 (24 st) Entreegebouw en havengebouw Recreactiewoningen 3 stuks Infrastructurele werkzaamheden
aug-21 nov-21 nov-21 dec-21 mrt-22 jun-22 okt-22 apr-23 feb-23 mei-23
Oplevering
okt-22 mrt-22 mei-22 jun-23 sep-23 aug-24 mrt-24 jan-23 mrt-25
Op basis van deze planning is globaal bepaald welke uitstoot per jaar te verwachten is. De gegevens in de tabel zijn gebaseerd op gegevens uit een publicatie van TNO 1 en aannames van BK, o.a. het vermogen is gebaseerd op expert judgement door specialisten van BK. Onderdeel
Eenheden
Aantal dagen
Totaal inzet in uren / aantal bewegingen
Verbruik l/j
Heistelling - fundering Bouwkraan Graafmachine Shovel Betonpomp Overige machines (worst-cases) Levering materiaal – vrachtverkeer Personenbusjes
1 1 1 1 1
20 20 30 30 10
160 160 240 240 80
3.200 2.400 3.600 3.600 800
Stage IV 130 - 560 kW Stage IV 130 - 560 kW Stage IV 75 - 130 kW Stage IV 75 - 130 kW Stage IV 56 - 75kW
1
40
320
3.200
Stage IV 75 - 130 kW
3 per dag
200
1.200
-
Zwaar verkeer
5 per dag
200
2.000
-
Licht verkeer
Vermogens klasse
Tabel 1 Overzicht bouwmachines per jaar
1 J.H.J. Hulskotte, R.P. Verbeek, Emissiemodel Mobiele Machines gebaseerd op machineverkopen in combinatie met brandstof afzet (EMMA), TNO, 2009
Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
BK bouw- & milieuadvies pagina 7 van 11
De deellastfactoren zijn overgenomen uit genoemd TNO-rapport en gelden als default waarden voor gebruik van het betreffende werktuigen. Deze deellastfactoren zijn ook in AERIUS opgenomen. De emissies van de mobiele werktuigen zijn gemodelleerd als een oppervlaktebron met de contouren van het projectgebied. Het totaal aan vrachtwagen- en personenbus bewegingen zijn in AERIUS als wegverkeer gemodelleerd totdat deze “opgaan in het heersend verkeersbeeld”. Intern salderen bouwfase Gezien de ligging van het project is interne saldering noodzakelijk. In de bouwfase zal dit ook het geval zijn. Omdat niet alle gasverbruik bronnen per direct worden beëindigt, is alleen het buiten gebruik stellen van het restaurant en havenkantoor meegenomen (zie paragraaf 4.1.3). Echter is in de praktijk meer ruimte beschikbaar omdat meerdere gasverbruik bronnen tijdens de bouw buiten gebruik worden gesteld. Tevens zal de verkeersaantrekkende werking tijdelijk afnemen tijdens de verbouwing. Dit levert een vermindering van de stikstofuitstoot op van 13,4 kg stikstof. Deze hoeveelheid wordt ingezet voor de bouwfase. Per bouwjaar (2021 t/m 2024) is dan ook verschil berekening gemaakt.
Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
BK bouw- & milieuadvies pagina 8 van 11
4
Gebruiksfase
In de toekomstige situatie is de locatie bestemd voor recreëren. Om de toekomstige stikstofdepositie te bepalen is onderstaand weergegeven welke NOX uitstoot (stikstofoxiden) te verwachten is door de realisatie van het planvoornemen. 4.1.1
Verkeersaantrekkende werking
Voor het bepalen van de rittenberekening is gebruikt gemaakt van het verkeersonderzoek uit het bestemmingsplan Recreatiecentrum Mijnden dd. 01-06-2017. Hierin blijkt dat door de uitvoering van het planvoornemen de verkeersintensiteit toeneemt met 261 voertuigen per etmaal. Het totaal aantal bewegingen komt op 629 voertuigen per etmaal. Bovenstaande is ingevoerd in de Aerius Calculator. Waarbij gekozen is om de verkeersontsluiting te modeleren tot N403. De volledige en de locatie van de ontsluitingswegen is opgenomen in de PDF-bijlage van de Aeriusberekening. AERIUS Calculator berekent zelf de emissie op basis van de ingetekende rijlijnen. Het wegverkeer is gemodelleerd als ‘verkeer binnen de bebouwde kom’. Bovenstaande is opgenomen in de Aerius calculator, hieruit blijkt dat er in de gebruiksfase een NO X uitstoot optreedt van 23,1 kg per jaar. 4.1.2
Verwarming
Aangezien het project in toekomst aardgasloos is kan gesteld worden er geen NO X uitstoot wordt veroorzaakt door CV-installatie’s. Daarnaast worden er geen open-haarden, hout- of palletskachels toegepast. Wel is onderstaand een verschil berekening gemaakt voor het intern salderen van de diverse gasgestookte installaties. 4.1.3
Verwarming huidige situatie
In de huidige bestemming is de locatie ook al in gebruik als recreatiecentrum. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de wijzigingen. Belangrijkste punt hierbij is het vernieuwen van alle faciliterende gebouwen zoals de entree, receptie, havenkantoor en sanitaire voorzieningen. Gasverbruik De bestaande gebouwen worden gesloopt. De nieuwe panden worden voorzien van duurzame warmte opwekking zoals luchtwarmtepompen. Het gasverbruik van de panden is middels energierekeningen van de afgelopen twee jaar inzichtelijk gemaakt. Hieruit blijkt dat gemiddeld per jaar circa 33.100 m3 aardgas wordt verstookt. Op basis van de Invoerinstructie Aerius, is bepaald wat de stikstof-uitstoot is van de installaties. Vanuit de invoerinstructie blijkt dat met het verbruik van 1 m3 aardgas circa 11,55 Nm3 rookgas ontstaat. Met een gasverbruik van 33.100 m3 per jaar ontstaat 382.305 Nm3 rookgas per jaar. Met een emissiegrenswaarde van 70 mg/Nm 3 NOx bedraagt de NOx emissie 26,8 kg/jaar. Hiervan wordt de helft veroorzaakt door het havenkantoor en het restaurant.
4.2
Intern salderen gebruik en bouwfase
Bovenstaande is ingevoerd in de Aerius-calculator, waarbij een verschil berekening is gemaakt tussen de huidige situatie (verkeersaantrekkende werking + gasverbruik) en de toekomstige situatie (verkeersaantrekkende werking). Stikstofuitstoot huidige situatie De stikstofuitstoot in de huidige situatie bedraagt 39,48 kg per jaar. Stikstofuitstoot toekomstige situatie In de toekomstige situatie bedraagt de stikstofuitstoot 21,67 kg per jaar. De beschikbare stikstofruimte ruimte die vrijkomt, zal in eerste instantie worden ingezet voor de bouwfase (13,4 kg). Uiteindelijk neemt in de toekomstige situatie de stikstofuitstoot af met 17,81 kg. Zie voor de resultaten de bijgevoegde Aeriusberekening. Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
BK bouw- & milieuadvies pagina 9 van 11
5
Conclusie
In de vorige hoofdstukken is een analyse uitgevoerd naar de stikstofanalyse. Hieruit blijkt dat de NO X uitstoot in de toekomstige gebruiksfase 21,67 kg bedraagt. Dit is een afname van 17,81 kg per jaar ten opzichte van de huidige situatie. Ook in de bouwfase is sprake van een berekende afname van de stikstofdepositie.
Dit is een vermindering van de stikstofuitstoot in de huidige situatie. Omdat gebruik wordt gemaakt van de interne saldering is een vergunning aangevraagd in het kader van de Wet natuurbescherming.
Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
BK bouw- & milieuadvies pagina 10 van 11
Recreatiecentrum Mijnden te Loosdrecht Rapportage stikstofdepositie | 203119 | 30 september 2020
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Oude situatie en Nieuwe situatie Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RvkXujePPSWi (02 september 2020) pagina 1/9
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Oude situatie en Bouwfase Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 1/10
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
-
-, - -
Omschrijving
AERIUS kenmerk
203119 Mijnden - intern salderen - bouwfase
RxJqeK1KPLJu
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
14 september 2020, 11:38
2021
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
13,40 kg/j
21,36 kg/j
7,96 kg/j
NH3
-
< 1 kg/j
< 1 kg/j
Resultaten
Natuurgebied
Verschil
Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Oostelijke Vechtplassen
0,00
Toelichting
Resultaten
-
Oude situatie Bouwfase
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 2/10
Resultaten
Locatie Oude situatie
Emissie Oude situatie
Bron Sector
Verwarming Wonen en Werken | Recreatie
Resultaten
Oude situatie Bouwfase
Emissie NH3
Emissie NOx
-
13,40 kg/j
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 3/10
Resultaten
Locatie Bouwfase
Emissie Bouwfase
Bron Sector
Verkeersaantrekkende werking Wegverkeer | Binnen bebouwde kom Bouwwerkzaamheden Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie
Resultaten
Oude situatie Bouwfase
Emissie NH3
Emissie NOx
< 1 kg/j
1,32 kg/j
-
20,04 kg/j
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 4/10
Resultaten
Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden
Natuurgebied
Oostelijke Vechtplassen
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
0,01
0,01
0,00
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
-
(mol/ha/j)
*
Resultaten
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
Oude situatie Bouwfase
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 5/10
Resultaten
Resultaten per habitattype
Oostelijke Vechtplassen Habitattype
(mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000gebieden met het hoogste resultaat
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
ZGH3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,01
0,01
0,00
-
Lg05 Grote-zeggenmoeras
0,00
0,01
0,00
-
*
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
Oude situatie Bouwfase
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 6/10
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Oude situatie
Uitstoothoogte Warmteinhoud Temporele variatie NOx
Resultaten
Oude situatie Bouwfase
Verwarming 130854, 467953 1,0 m 0,000 MW Continue emissie 13,40 kg/j
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 7/10
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam
Bouwfase
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Verkeersaantrekkende werking 130610, 468270 1,32 kg/j < 1 kg/j
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
2.000,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
1.200,0 / jaar NOx NH3
1,17 kg/j < 1 kg/j
Oude situatie Bouwfase
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 8/10
Resultaten
Naam Locatie (X,Y) NOx
Voertuig
Omschrijving
Brandstof verbruik (l/j)
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Heistelling
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Bouwkraan
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
3.200
NOx
3,87 kg/j
2.400
NOx
2,90 kg/j
STAGE IV, 75 – Graafmachine 130 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
3.600
NOx
4,27 kg/j
STAGE IV, 75 – Shovel 130 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
3.600
NOx
4,27 kg/j
STAGE IV, 56 – 75 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
800
NOx
< 1 kg/j
3.200
NOx
3,79 kg/j
Betonpomp
STAGE IV, 75 – Overige machines 130 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
Resultaten
Bouwwerkzaamheden 130514, 468192 20,04 kg/j
Oude situatie Bouwfase
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 9/10
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS
versie 2019A_20200805_f3dee6357e
Database
versie 2019A_20200805_f3dee6357e
Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2019A
Resultaten
Oude situatie Bouwfase
RxJqeK1KPLJu (14 september 2020) pagina 10/10
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
-
-, - -
Omschrijving
AERIUS kenmerk
203119 Mijnden - intern salderen - gebruiksfase
RvkXujePPSWi
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
02 september 2020, 09:17
2021
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
39,48 kg/j
21,67 kg/j
-17,81 kg/j
NH3
< 1 kg/j
1,31 kg/j
< 1 kg/j
Resultaten
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Uw berekening heeft geen verschillen opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Toelichting
Resultaten
-
Oude situatie Nieuwe situatie
RvkXujePPSWi (02 september 2020) pagina 2/9
Resultaten
Locatie Oude situatie
Emissie Oude situatie
Bron Sector
Verkeersaantrekkende werking Wegverkeer | Binnen bebouwde kom Verwarming Wonen en Werken | Recreatie
Resultaten
Oude situatie Nieuwe situatie
Emissie NH3
Emissie NOx
< 1 kg/j
12,68 kg/j
-
26,80 kg/j
RvkXujePPSWi (02 september 2020) pagina 3/9
Resultaten
Locatie Nieuwe situatie
Emissie Nieuwe situatie
Bron Sector
Verkeersaantrekkende werking Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
Resultaten
Oude situatie Nieuwe situatie
Emissie NH3
Emissie NOx
1,31 kg/j
21,67 kg/j
RvkXujePPSWi (02 september 2020) pagina 4/9
Resultaten
Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden
Natuurgebied
Oostelijke Vechtplassen
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
0,01
0,00
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
0,00
(mol/ha/j)
*
Resultaten
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
Oude situatie Nieuwe situatie
RvkXujePPSWi (02 september 2020) pagina 5/9
Resultaten
Resultaten per habitattype
Oostelijke Vechtplassen Habitattype
(mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000gebieden met het hoogste resultaat
ZGH3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,01
0,00
0,00
Lg05 Grote-zeggenmoeras
0,01
0,00
0,00
H91D0 Hoogveenbossen
0,01
0,00
0,00
*
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
-
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
Oude situatie Nieuwe situatie
RvkXujePPSWi (02 september 2020) pagina 6/9
Resultaten
Emissie (per bron)
Verkeersaantrekkende werking 130558, 468295 12,68 kg/j < 1 kg/j
Naam
Oude situatie
Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
368,0 / etmaal NOx NH3
12,68 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Warmteinhoud Temporele variatie NOx
Resultaten
Oude situatie Nieuwe situatie
Verwarming 130630, 468324 1,0 m 0,000 MW Continue emissie 26,80 kg/j
RvkXujePPSWi (02 september 2020) pagina 7/9
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam
Nieuwe situatie
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Verkeersaantrekkende werking 130558, 468295 21,67 kg/j 1,31 kg/j