CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Accountantsverslag over 2023

gemeenteraad 10 juli 2024, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Jaarverslag en Jaarrekening 2023 (Het raadsvoorstel is zonder stemming aangenomen.)10.235 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Accountantsverslag 2023 Gemeente Wijdemeren

Publieke Sector Accountants B.V. Arcadialaan 20 E 1813 KN Alkmaar www.publiekesectoraccountants.nl info@psa-ra.nl

Aan de raad van de gemeente Wijdemeren Postbus 190 1230 AD LOOSDRECHT

Onderwerp Accountantsverslag 2023 Datum 25 juni 2024 Kenmerk 312022007.24.373

Geachte leden van de raad, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2023 van uw gemeente afgerond. De jaarrekening van de gemeente Wijdemeren is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 20 juni 2024 hebben wij een aantal controlebevindingen afgestemd met de bij de jaarrekening 2023 betrokken medewerkers. Op 27 juni 2024 bespreken wij onze bevindingen met de auditcommissie. Bij de jaarrekening 2023 hebben wij op 25 juni 2024 een goedkeurende controleverklaring afgegeven. Vanaf 2023 ziet ons oordeel uitsluitend toe op het aspect getrouwheid en niet meer op het aspect rechtmatigheid. De rechtmatigheid is door de gemeente Wijdemeren zelf gecontroleerd en verantwoord in de rechtmatigheidsverantwoording welke onderdeel is van de jaarrekening 2023. Ons oordeel bij de jaarrekening 2023 ziet daarom ook toe op de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2023. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt.

Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders. Wij geven u toestemming om dit accountantsverslag (de was getekend-versie) te publiceren via de agenda’s van de raadscommissies en de gemeenteraad. Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V.

A. Booij RA

Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409.

Inhoudsopgave

Contact

1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij ....................... 2 De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag: Arie Booij

2. Financiële positie en resultaat ................................................. 7 3. Bevindingen eindejaarscontrole ............................................. 11

Tel: 06 – 1509 2689

4. Interne beheersing ................................................................ 23

Gert Scheele

5. Overige aangelegenheden ..................................................... 25

Tel: 06 – 1098 0213

6. Verplichte tabel SiSa .............................................................. 30

1.

Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij

312022007.24.373 - 1

1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Reikwijdte van de controle

Met de opdrachtbevestiging van 8 september 2023 (kenmerk 312022007.23.385) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2023. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van de gemeente Wijdemeren. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in onze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2023 voldoende voor de doelstelling van onze controle. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle is verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), de Nota verwachtingen accountantscontrole 2023, het Controleprotocol voor de accountantscontrole over de jaarrekening 2023, zoals vastgesteld door de raad op 7 december 2023, en de Regeling Controleprotocol WNT 2023 vallen.

Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het Besluit accountantscontrole decentrale overheden en uw controleprotocol accountantscontrole 2023

De wijze waarop wij de materialiteit bepaald hebben, sluit aan op het door de gemeenteraad op 7 december 2023 vastgestelde Controleprotocol voor de accountantscontrole over de jaarrekening 2023. Het normenkader 2023 is ook op 7 december 2023 door de raad vastgesteld. De maximaal toe te passen marges voor de accountantscontrole zijn vastgelegd in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado). In uw controleprotocol heeft u geen lagere marges vastgesteld. De bij onze controle van de jaarrekening 2023 toegepaste goedkeuringstoleranties bedragen derhalve:

Bron: jaarrekening 2023 Goedkeuringsmaterialiteit

Fouten

Onzekerheden € 640.000

€ 1.920.000

De gemeenteraad heeft in het controleprotocol geen rapporteringstolerantie vastgesteld. Bij ons overleg met de auditcommissie op 12 oktober 2023 is aangegeven dat wij, net als in voorgaande jaren het geval was, uit moeten gaan van een rapporteringstolerantie van 5% van de goedkeuringsmaterialiteit, ofwel € 32.000.

312022007.24.373 - 2

Onze aanpak is gericht op risico’s

Voor de jaarrekeningcontrole 2023 onderkennen wij een aantal risico’s en aandachtspunten, die een verhoogd (bruto) risico met zich mee (kunnen) brengen op een materiële fout in uw jaarrekening en die een mogelijke impact op de bedrijfsvoering kunnen hebben. De risico’s en aandachtspunten zijn hieronder weergegeven. Opname van een risicogebied of aandachtspunt in deze opsomming betekent niet dat daadwerkelijk sprake is van risico’s die zich daadwerkelijk voordoen, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed. De onderkende risico’s en aandachtspunten voor 2023 zijn: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

▪ ▪ ▪ ▪

De ontwikkeling van uw beheers instrumentarium (waaronder procesbeschrijvingen, risicoanalyse, uitvoering verbijzonderde interne controle (VIC) en rapportage uitkomsten VIC) in relatie tot de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording. De voortgang investeringsplanning en beheersing van investeringskredieten. De waardering en risico-inschatting met betrekking tot de lopende grondexploitaties (Porseleinhaven en Nedervecht). De volwaardigheid van uw vorderingen (beheer openstaande vorderingen, uitvoering invorderingsbeleid en bepaling voorziening oninbaarheid). De status van de actualisatie van beheerplannen voor onderhoud aan uw kapitaalgoederen en het treffen van voorzieningen daarvoor. De kostentoerekening aan het product riolering in relatie tot de getroffen voorziening. Het treffen van een voorziening voor verlofsparen. Naleving van de (Europese) aanbestedingsregels, mede in relatie tot afwijkingen in 2022 voor een bedrag van € 1.041.000. Management override of controls. Dit betreft de mogelijkheid die het college en management heeft om specifieke controlemaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen of het schattingsproces. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor de gemeente Wijdemeren.

Risico’s en onzekerheden in het sociaal domein, waaronder de afwikkeling van de over boekjaar 2022 gerapporteerde onzekerheden rondom de prestatielevering Wmo en Jeugd ad € 1.084.000 (PGB € 598.000, ZIN WMO/Jeugd in eigen beheer € 454.000 en via de Regio Gooi- en Vechtstreek € 32.000). Uw afhankelijkheid van derden (Regio Gooi- en Vechtstreek (Sociaal Domein) en Gemeente Hilversum (Belastingen). De voortgang van het financieel herstelplan. De follow-up ten aanzien van eerder gerapporteerde aandachtspunten vanuit de interne en externe controle. De actualisatie van de (fraude-)risicoanalyse.

Ter voorkoming van een materiële fout in de jaarrekening heeft het college voor bovenstaande risicogebieden beheersmaatregelen getroffen. Wij hebben ons tijdens de controle gericht op de opzet en het bestaan van de door het college ingerichte beheersingsomgeving, die deze risico’s moeten verkleinen. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘Bevindingen eindejaarscontrole’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.

312022007.24.373 - 3

Uw rechtmatigheidsverantwoording

In de jaarrekening 2023 legt het college voor het eerst verantwoording af over een drietal rechtmatigheidscriteria die niet expliciet blijken uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het college toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de raad vastgestelde kaders zoals de begroting, verordeningen en met de bepalingen in de relevante wet- en regelgeving, zoals opgenomen in het normenkader voor de financiële rechtmatigheid. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door de raad vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door de raad bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 1.920.000. In de rechtmatigheidsverantwoording geeft het college aan dat zij niet rechtmatig heeft gehandeld.

De onrechtmatigheden, totaal € 5.638.000, hebben betrekking op: ▪

▪

Afwijkingen begrotingscriterium € 4.742.000. Dit betreft voor een bedrag van € 553.000 aan afwijkingen van de geraamde baten en lasten, die niet tijdig aan de raad zijn gemeld en daardoor als onrechtmatig kwalificeren. Daarnaast is sprake van begrotingsafwijkingen voor een bedrag van € 4.189.000 welke, op grond van afgesproken "spelregels” tussen uw raad en het college als acceptabel kwalificeren. Afwijkingen voorwaardencriterium € 896.000. Deze bevinding heeft betrekking op inkopen die ten onrechte niet Europees zijn aanbesteed.

In hoofdstuk 3 gaan wij nader op de rechtmatigheidsverantwoording in.

De baten en lasten, alsmede Op basis van uw Controleprotocol voor de accountantscontrole over de jaarrekening 2023 en uw normenkader 2023 hebben wij de naleving van het financieel rechtmatigheidskader voor uw gemeente met betrekking tot de specifieke uitkeringen balansmutaties met gecontroleerd. Hierbij zijn geen materiële bijzonderheden geconstateerd. Uw gemeente voert 23 regelingen met betrekking tot betrekking tot specifieke specifieke uitkeringen uit. Deze zijn verantwoord via de SiSa-bijlage in uw jaarrekening. uitkeringen zijn rechtmatig Onze conclusie is dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen, rechtmatig zijn weergegeven in de jaarrekening 2023.

De jaarrekening voldoet aan Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeente Wijdemeren. Daarnaast vereisen zij van het college van burgemeester en wethouders het het BBV toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om

312022007.24.373 - 4

inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn. De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van de gemeente Wijdemeren zijn uiteengezet in de jaarrekening 2023 in onderdeel 5.3 ‘Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling’. In de jaarrekening 2023 heeft zich ten opzichte van 2022 één wijziging voorgedaan in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen. Deze wijziging heeft betrekking op de kaders die van toepassing zijn op de rechtmatigheidsverantwoording die vanaf het verslagjaar 2023 voor het eerst in de jaarrekening is opgenomen. Verder is geen sprake van wijzigingen in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen, die van invloed zijn op de baten en lasten en/of de financiële positie van de gemeente Wijdemeren. Wij hebben het door het college van burgemeester en wethouders toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).

Geen geïdentificeerde materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken

Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole, resteren er geen van materieel belang zijnde ongecorrigeerde afwijkingen of onzekerheden. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn derhalve niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring), maar zijn naar onze mening vooral van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de niet materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.

Goedkeurende controleverklaring

Wij zijn van oordeel dat de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2023 van de gemeente Wijdemeren een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van de baten en lasten over 2023 en van het vermogen op 31 december 2023 in overeenstemming met het BBV. Daarnaast zijn wij van mening dat de door het college afgegeven rechtmatigheidsverantwoording een getrouwe weergave geeft van de rechtmatigheid van het door haar gevoerde financieel beheer. Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door de raad wordt vastgesteld. Wij verzoeken u derhalve ons een door voorzitter van de raad en de griffier ondertekend besluit van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.

312022007.24.373 - 5

2.

Financiële positie en resultaat

312022007.24.373 - 6

2. Financiële positie en resultaat De vermogenspositie van uw gemeente neemt zowel in relatieve zin als in absolute zin toe

In het Bbv, de verslaggevingsregels voor gemeenten, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten 2023 bedraagt € 3.970.000 voordelig. Per saldo is tussentijds € 630.000 aan de reserves onttrokken, zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2023 € 4.600.000 voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans. In het hiernavolgende overzicht hebben wij de ontwikkeling van het eigen vermogen opgenomen.

Eigen vermogen (in € 1.000)

2023

2022

2021

2020

Eigen vermogen per 1 januari

18.439

14.723

16.524

19.184

Tussentijdse resultaatbestemming

-/- 630

389

-/- 600

-/- 1.287

Gerealiseerd resultaat

4.600

3.327

-/- 1.201

-/- 1.373

Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’)

3.970

3.716

-/- 1.801

-/- 2.660

Eigen vermogen per 31 december

22.410

18.439

14.723

16.524

NB: door afronding op € 1.000 kunnen geringe afrondingsverschillen of afwijkingen van de jaarstukken ontstaan.

De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van uw gemeenteraad. In de jaarrekening zijn daarom extra toelichtingen opgenomen bij enkele reserves opgenomen. De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2023 24,1% van het balanstotaal (2022: 23,1% van het balanstotaal). Zowel in absolute zin als relatieve zin is het eigen vermogen gestegen in 2023. In de toelichting op balans bij het onderdeel eigen vermogen van de jaarrekening geeft het college een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2023. Wij verwijzen u naar deze toelichting.

312022007.24.373 - 7

Resultaat 2023 is beïnvloed door reservemutatie(s)

Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeente Wijdemeren ook het gerealiseerde resultaat. Dit is het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse stortingen in reserves. De stortingen in dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van door u genomen besluiten. Het gerealiseerde resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeente het volgende: Exploitatieresultaat (in € 1.000)

Realisatie

Realisatie

Begroting na wijziging

Begroting na wijziging

Totale baten

67.384

63.710

Totale lasten

63.415

60.752

Gerealiseerde saldo van baten en lasten (voordelig) Af: stortingen in reserves Bij: onttrekkingen aan reserves Saldo mutaties reserves Gerealiseerd resultaat (voordelig)

3.970

2.958

630

564

1.260

944 630

380

4.600

3.388

NB: door afronden op €1.000 kunnen kleine afrondingsverschillen ontstaan.

De exploitatie over 2023 laat een voordelig gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten van € 3.970.000 zien, ten opzichte van een begroot (na wijziging) saldo van € 2.958.000 voordelig. Dit is derhalve € 1.012.000 voordeliger. Het gerealiseerde voordelig resultaat ad € 4.600.000 is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting (na wijziging) en de gerealiseerde baten en lasten verklaard. Wij verwijzen u hiervoor naar de jaarrekening, onderdeel “Verschillen tussen begroting 2023 en realisatie 2023”. Wij merken hierbij op dat de kwaliteit van de toelichtingen naar onze mening soms scherper en meer op hoofdlijnen kan. In het verlengde daarvan adviseren wij u om te onderzoeken of u de omvang van uw jaarstukken kunt terugbrengen. In de programmaverantwoording worden bij de diverse

312022007.24.373 - 8

programma's de doelen (wat wilden we bereiken) en acties (wat zouden we daarvoor gaan doen) bijvoorbeeld erg gedetailleerd beschreven en is in elk programma een leeswijzer met betrekking tot de verklaring van afwijkingen opgenomen. Het voordelige exploitatieresultaat 2023 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is eveneens inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven. Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting.

Het college van burgemeester en wethouders geeft aan dat het beschikbare weerstandsvermogen ruim voldoende is om de onderkende risico’s op te kunnen vangen

Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico’s. De beschikbare weerstandscapaciteit (voor de samenstelling, zie de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) heeft het college bepaald op € 4.299.000. In 2022 bedroeg deze € 1.446.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is derhalve ten opzichte van 2022 gestegen. In de beschikbare weerstandscapaciteit is onder meer een bedrag van € 100.000 aan “stille reserves” meegerekend. Dit bedrag is een inschatting van het college van de mogelijke marktwaarde van activa die u bezit, maar feitelijk niet gebruikt, en daarom ook lager of niet (meer) gewaardeerd zijn op uw balans. Om uw beeld in de stille reserves te versterken en daarmee ook in uw weerstandscapaciteit, adviseren wij u om periodiek de objecten waar sprake is van stille reserves te laten toetsen, bijvoorbeeld door een taxateur. In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft het college een opsomming gegeven van ingeschatte risico’s. Deze cumuleren voor 2023 tot een bedrag van € 10.333.000 (bruto) en na “kanseffect” tot een bedrag van € 2.475.950 (2022: bruto risico’s € 9.851.000, na “kanseffect”€ 2.476.000). Op basis van deze kwantificering is de weerstandsratio voor 2023, zo schrijft het college, 1,67 (2022: 0,38).

Bij een ratio van 1,0 is de beschikbare weerstandscapaciteit gelijk aan de benodigde weerstandscapaciteit. In de nota risicomanagement 2019 heeft u de ondergrens van de ratio weerstandsvermogen op 1,0 vastgesteld. Het college concludeert derhalve dat het weerstandsvermogen van Wijdemeren in 2023 als “ruim voldoende” kwalificeert en derhalve in staat is om de onderkende risico’s op te vangen. In 2022 was de kwalificatie nog “ruim onvoldoende”. In 2023 is hier derhalve een aanzienlijke verbetering in opgetreden. Wij verwijzen u voor de onderkende risico’s en de kwantificering daarvan naar de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Overigens merken wij hierbij op dat deze cijfers niet aan accountantscontrole of een beoordelingsopdracht zijn onderworpen.

312022007.24.373 - 9

3.

Bevindingen eindejaarscontrole

312022007.24.373 - 10

3. Bevindingen eindejaarscontrole Oplevering was voldoende en de samenwerking verliep soepel

Bij de start van de controle waren de jaarstukken grotendeels gereed en waren de werkafspraken door uw medewerkers grotendeels afgerond. Ten opzichte van vorig jaar is een aanzienlijke versnelling van het controleproces gerealiseerd. De onderbouwing van de jaarrekeningposten (opsteldossier) was over het algemeen van een acceptabel niveau, waarbij ten opzichte van vorig jaar ook een positieve ontwikkeling is doorgemaakt. Waar onderbouwingen bij de start van onze jaarrekening nog niet opgeleverd waren, hebben wij de volledige medewerking gekregen van uw medewerkers om deze onderbouwingen gedurende onze jaarrekeningcontrole aan te leveren. Wij hebben net als in vorige jaren op een constructieve manier met uw organisatie en medewerkers samengewerkt. Wij zullen na afronding van de jaarrekeningcontrole een evaluatie plannen met de bij het jaarrekeningproces betrokken medewerkers, waarbij we samen zullen onderzoeken op welke onderdelen we de aanlevering van informatie weer verder kunnen verbeteren.

Rechtmatigheidsverantwoording is opgenomen in de jaarrekening

Tot en met het boekjaar 2022 hebben wij als accountant een controleverklaring met een oordeel inzake getrouwheid en rechtmatigheid bij de jaarrekening gegeven. Met de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording vanaf het jaar 2023 is dit gewijzigd en geven wij uitsluitend nog een getrouwheidsoordeel bij de jaarrekening. Het college neemt vanaf 2023 een rechtmatigheidsverantwoording op in de jaarrekening en verantwoord zich daarmee over de rechtmatigheid van het gevoerde financieel beheer. Omdat de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening wordt opgenomen, valt deze ook onder ons getrouwheidsoordeel. Welke kaders gelden voor uw rechtmatigheidsverantwoording? Verantwoordings- en rapporteringsgrens Met het vaststellen van het “Controleprotocol op de accountantscontrole over de jaarrekening 2023 van de gemeente Wijdemeren” op 7 december 2023 heeft uw raad de verantwoordings- en rapporteringsgrens vastgesteld. De verantwoordingsgrens is daarmee vastgesteld op 3% van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves. Voor 2023 is dat een bedrag van (afgerond) € 1.920.000. De rapportagegrens (wanneer geconstateerde afwijkingen in de paragraaf bedrijfsvoering moeten worden toegelicht) is vastgesteld op € 95.000.

Wanneer onrechtmatigheden en onduidelijkheden de verantwoordingsgrens niet overschrijden, is – in materiële zin - sprake van rechtmatig handelen door het college en zijn de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand gekomen. Wanneer onrechtmatigheden en onduidelijkheden de verantwoordingsgrens wel overschrijden, dan

312022007.24.373 - 11

worden deze in de rechtmatigheidsverantwoording opgenomen. De rapporteringsgrens bepaalt de diepgang van de toelichting van het college in de paragraaf bedrijfsvoering. Normenkader Het college heeft het van toepassing zijnde normenkader in kaart gebracht. Dit normenkader is door uw raad vastgesteld op 7 december 2023. Het normenkader is van belang voor de interne controle (en verantwoording) met betrekking tot de drie rechtmatigheidscriteria die van belang zijn voor de rechtmatigheidsverantwoording. Hierop gaan wij hierna in. Begrotingscriterium Bij de rechtmatigheidsverantwoording vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten, laste en balansmutaties, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en de hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). Uitgangspunt hiervoor is het niveau waarop de raad de budgetten in de begroting en bij investeringen geautoriseerd heeft. In de begroting zijn de bedragen voor de lasten en baten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting. In beginsel gelden voor de evaluatie van begrotingsafwijkingen de volgende criteria: ▪ ▪ ▪ ▪

▪

Overschrijdingen van lasten op programma's (of indien van toepassing een ander door de raad vastgesteld autorisatieniveau) zijn onrechtmatig; Overschrijdingen op investeringsbudgetten (kredieten) zijn onrechtmatig; Ongeautoriseerde reservemutaties (wat overigens ook getrouwheidsfouten zijn die in de jaarrekening kunnen worden aangepast) zijn onrechtmatig; Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan de raad zijn gemeld (dit hangt af van de intern vastgelegde spelregels in bijvoorbeeld de financiële verordening art. 212 Gemeentewet over de planning & controlcyclus, budgetafwijkingen, budgetoverheveling etc.) zijn onrechtmatig; Onderschrijdingen van investeringsbudgetten (kredieten) van afgesloten kredieten, die niet tijdig zijn gemeld aan de raad, zijn onrechtmatig.

Bij categorie 4 en 5 hoeft het overigens niet zo te zijn dat alle afwijkingen onrechtmatig zijn. Wanneer u bijvoorbeeld in uw beleid heeft geregeld dat afwijkingen kleiner dan een bepaald bedrag op een vooraf gedefinieerd autorisatieniveau niet tussentijds gemeld hoeven te worden, dan tellen deze afwijkingen niet mee bij het bepalen van de begrotingsafwijkingen. De raad en het college kunnen dus nadere afspraken maken in welke situatie lastenoverschrijdingen onrechtmatig maar acceptabel zijn (lastenoverschrijdingen zijn en blijven onrechtmatig, maar zijn onder voorwaarden acceptabel wat betekent dat het college deze niet hoeft toe te lichten in de paragraaf bedrijfsvoering). In de jaarrekening heeft het college in de “Grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording” de toegepaste kaders voor de beoordeling van de begrotingsrechtmatigheid als volgt uitgewerkt: 312022007.24.373 - 12

“Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn. In het controleprotocol en artikel 11 van de financiële verordening 2024 zijn afspraken gemaakt wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Deze afspraken zijn in voorgaande jaren ook toegepast en daarom voor 2023 ook gehanteerd. Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld”. Voorwaardencriterium Uw gemeente stelt via de financiële verordening en/of onderliggende nota’s kaders vast die van invloed zijn op verslaggeving. Het gaat hier om de invulling van de ruimte die het BBV geeft voor eigen kaders. Het voorwaardencriterium schrijft voor dat financiële handelingen alleen mogen plaatsvinden onder de voorwaarden zoals opgenomen in de wet of in een verordening en heeft betrekking op de eisen die worden gesteld aan de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen c.q. voorwaarden zijn afkomstig uit de relevante wet- en regelgeving zoals opgenomen in het normenkader, en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur.

In het controleprotocol is, in hoofdstuk 4.3, aangegeven dat voor wat betreft het voorwaardencriterium in de lijn met voorgaande jaren, alleen op de aspecten recht, hoogte en duur getoetst hoeft te worden. Misbruik en oneigenlijk gebruik Het is aan de organisatie om effectieve maatregelen te nemen om misbruik en oneigenlijk (M&O) gebruik te voorkomen. Op basis van de eisen in de wet- en regelgeving zal een vertaling plaats vinden naar de opzet van de interne organisatie. Toelichting in paragraaf bedrijfsvoering In het controleprotocol is opgenomen dat in de paragraaf bedrijfsvoering geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) nader moeten worden toegelicht. De rapporteringsgrens 2023 is bepaald op € 95.000. Uw rechtmatigheidsverantwoording 2023 De rechtmatigheidsverantwoording is opgenomen in de jaarrekening op blz. 132 (paragraaf 5.4). Wij hebben vastgesteld dat deze voldoet aan het voorgeschreven model. Uit de in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording blijkt dat het college niet rechtmatig gehandeld heeft, omdat de totale rechtmatigheidsafwijkingen € 5.638.000 bedragen. Deze afwijking is als volgt bepaald: Totaal begrotingsonrechtmatigheden € 4.742.000 waarvan € 4.189.000 als acceptabel kwalificeert De totale begrotingsonrechtmatigheid, inclusief het deel wat als “acceptabel” kwalificeert, is als volgt bepaald (zie volgende pagina):

312022007.24.373 - 13

1.

Overschrijdingen van lasten op programma's

€ 4.189.000

2.

Overschrijdingen op investeringsbudgetten

€ 553.000

3.

Ongeautoriseerde reservemutaties

€0

4.

Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan de raad zijn gemeld

€0

5.

Onderschrijdingen van investeringsbudgetten (kredieten) van afgesloten kredieten, die niet tijdig zijn gemeld aan de raad

€0

Totaal begrotingsafwijkingen Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1, 2 en 3) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid.

€ 4.742.000 € 4.189.000

Resterend saldo aan begrotingsonrechtmatigheden welke als “niet acceptabel” kwalificeert.

€ 553.000

Zie voor een nadere toelichting ook de paragraaf bedrijfsvoering. Afwijkingen voorwaardencriterium € 896.000 Wij hebben vastgesteld dat het college het normenkader heeft toegepast om tot de rechtmatigheidsverantwoording en de toelichtingen in de paragraaf bedrijfsvoering te komen. Bij de interne controle is vastgesteld dat voor een bedrag van € 896.000 niet is voldaan aan de voorwaarden voor Europese aanbestedingen. Bevindingen M&O-criterium U beschikt over een overkoepelend M&O-beleid die mede de basis vormt voor uw interne controlewerkzaamheden gericht op M&Obeleid. Vanuit zowel de interne controlewerkzaamheden (vanuit onder andere de verbijzonderde interne controles) als onze controlewerkzaamheden zijn geen indicaties gebleken dat sprake is geweest van misbruik dan wel oneigenlijk gebruik. Daarom geen sprake van daadwerkelijke afwijkingen die mee moeten worden genomen in ons oordeel dan wel bij het opstellen van de rechtmatigheidsverantwoording (en is toelichting in paragraaf bedrijfsvoering terecht).

312022007.24.373 - 14

Ons oordeel bij uw rechtmatigheidsverantwoording Op basis van onze toetsing aan de wettelijke voorschriften inzake de rechtmatigheidsverantwoording en de kaderstelling door de raad hebben wij vastgesteld dat de rechtmatigheidsverantwoording van het college een getrouw beeld geeft. De jaarrekening (rechtmatigheidsverantwoording) en het jaarverslag (paragraaf bedrijfsvoering) bevat alle voorgeschreven informatie. Alle verplichte onderdelen zijn toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Welke adviezen geven wij u mee voor 2024 en verder? Naar aanleiding van de controle van de rechtmatigheidsverantwoording 2023, willen wij u voor 2024 en verder de volgende adviezen meegeven: ▪ ▪

▪ ▪

Stel tijdig, wat ons betreft zo vroeg mogelijk, maar in ieder geval in de eerste helft van het kalenderjaar een intern controleplan op. Voer het interne controleplan overeenkomstig uw planning uit. Wellicht ten overvloede willen wij vermelden dat het interne controleplan, op basis van artikel 30 uit uw financiële verordening, ook gericht moet zijn op de controle van de getrouwheid van het financieel beheer. Stel ruimschoots voordat de jaarrekeningcontrole gaat starten, een integrale rapportage van de interne controle uitkomsten op. Deze dient immers als onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording. Overleg in welke mate de criteria die nu gelden om begrotingsafwijkingen als acceptabel te kwalificeren, voldoende duidelijk en passend zijn voor uw organisatie en stel deze, wanneer u dat nodig acht, bij.

SaaS-oplossing ten onrechte Conform het BBV mogen zogenaamde SaaS-oplossingen (Software as a Service) niet als materiële vaste activa worden geactiveerd. Het economisch eigendom van de software die is aangeschaft en wordt gebruikt ligt immers niet bij de gemeente. Meestal is hier geactiveerd

sprake van een jaarlijks abonnement dat in de exploitatie wordt verantwoord. Steeds vaker wordt door gemeenten gebruik gemaakt van deze SaaS-oplossingen. De commissie BBV heeft hierbij ook aangegeven dat aanloopkosten voor implementatie van dergelijke software ook niet mogen worden geactiveerd. Uw gemeente heeft in 2023 voor een bedrag van € 51.000 software geactiveerd die niet in eigendom is van de gemeente (een SaaS-oplossing dus) en dus als last in de exploitatie verantwoord had moeten worden. In de jaarrekening 2023 is dit niet meer gecorrigeerd, zodat wij dit bedrag als ongecorrigeerde fout hebben meegewogen in onze foutenevaluatie. Gezien de omvang van de afwijking heeft dit geen invloed op de goedkeurende strekking van onze controleverklaring. Wij adviseren u om in de toekomst bij aanschaf van software na te gaan of hier sprake is van een SaaS-oplossing, en in die gevallen zowel de software als de aanloopkosten voor implementatie van deze software als lasten te verantwoorden in het jaar dat de kosten zich voordoen. 312022007.24.373 - 15

Waardering belastingvorderingen leidt tot bijstelling voorziening

Uw gemeente heeft de heffing en inning van de gemeentelijke belastingen uitbesteed aan de gemeente Hilversum. Het college ontvangt gedurende het jaar financiële overzichten, op basis waarvan zij de belastingopbrengsten in uw administratie verantwoord. Ook ontvang het college overzichten van openstaande vorderingen, waarbij tevens een inschatting door gemeente Hilversum is gemaakt van het invorderingsrisico. Op basis daarvan wordt door het college de voorziening voor oninbaarheid jaarlijks bijgesteld. Ultimo 2023 is de voorziening voor oninbare belastingvorderingen ten opzichte van 2022 toegenomen terwijl het openstaande saldo aan vorderingen fors is afgenomen. Dit blijkt uit het volgende beeld:

Saldo openstaande vorderingen Voorziening voor oninbaarheid

2022 1.778.000 192.000

2023 1.272.000 298.000

Waarde van de vorderingen

1.586.000

974.000

De toename van de voorziening houdt voor een belangrijk deel verband met het fors toegenomen aantal bezwaarschriften naar aanleiding van de aanslagoplegging over 2023. Dit volgt, zo geeft gemeente Hilversum aan, daarmee een landelijke trend. Het hoge aantal bezwaarschriften heeft impact op de inschatting van het college van de mate van inbaarheid, waarbij opgemerkt kan worden dat uw college in overleg is met gemeente Hilversum over het invorderingsproces met betrekking tot vorderingen op belastingplichtigen van uw gemeente. Wij adviseren u dit te volgen en u zich hierover te laten informeren.

Uw vorderingen op bijstand Wanneer blijkt dat bijstand onterecht of voor een te hoog bedrag is verleend, vordert uw college dat terug van de personen aan wie cliënten zijn zeer voorzichtig betalingen hebben plaatsgevonden. Ultimo 2023 staan er in dat verband vorderingen open voor een bedrag van in totaal € 520.000 (2022: € 540.000). Deze vorderingen zijn in de jaarrekening op nihil gewaardeerd. Gelet op het karakter van de soort vorderingen en gewaardeerd de aflossingscapaciteit van deze debiteuren, is een voorzichtige waardering naar onze mening ook terecht. In de praktijk zien wij daarom vaak dat de oninbaarheid wordt ingeschat op 60% - 80%. Omdat blijkt dat er jaarlijks wel aflossingen plaatsvinden, is het de vraag of het thans toegepaste oninbaarheidspercentage door het college van 100% terecht is. Wij adviseren u dan ook om hier in 2024 nader onderzoek naar uit te voeren.

De actualisatie van uw grondexploitaties is verwerkt in de jaarrekening 2023

Momenteel is sprake van twee lopende grondexploitaties, te weten Porseleinhaven en Nedervecht. De grondexploitaties hebben ultimo 2023 een (netto) boekwaarde van nihil, wat gelijk is aan 2023. Dit komt omdat beide exploitaties verlieslatend zijn en er derhalve voorzieningen voor het verwachte verlies zijn getroffen. Vanuit financieel perspectief zijn de ontwikkelingen, en daardoor de mutaties in 2023 beperkt geweest. Bij het opstellen van de jaarrekening 2023 is het college nagegaan, wat op basis van de meest actuele inzichten het verwachte resultaat van beide exploitaties is. Het verwachte resultaat is immers van belang om te valideren of de tot 2022 getroffen voorziening toereikend was c.q. deze in de jaarrekening 2023 aangepast zou moeten worden. 312022007.24.373 - 16

Van het verloop van de boekwaarde in 2023 kan het volgende overzicht gemaakt worden: (bedragen x € 1.000) Boekwaarde 1-1-2023 Investeringen 2023 Verminderingen 2023 Boekwaarde 31-12-2023 Inschatting resultaat (eindwaarde) - verlies Balanswaarde 31-12-2023 Voorziening resterende verlies

Porseleinhaven 9.056

Nedervecht 1.951

Totaal 11.007

231 5 9.282 9.337 55

17

248 5 11.250 11.337 87

1.968 2.000 32

Voor beide complexen geldt dat het ingeschatte verlies groter is dan de boekwaarde per 31 december 2023. Omdat, op basis van het Bbv, een grondexploitatie niet “negatief” mag worden, is het verwachte verlies wat boven de boekwaarde uitkomt, totaal € 87.000, aan de creditzijde van de balans onder de voorzieningen opgenomen. De voorziening is in 2023 per saldo met € 82.000 toegenomen (Porseleinhaven € 86.000 toename en Nedervecht € 4.000 vrijval) op basis van de geactualiseerde grondexploitaties. Lichte verbetering resultaat Nedervecht De resterende looptijd van het complex Nedervecht is naar verwachting van het college beperkt. De verwachte afronding heeft zij ingeschat in 2024. Door de beperkte resterende looptijd van de exploitatie, is het inzicht van het college in de nog te verrichten werkzaamheden daardoor scherp en kan een betrouwbare inschatting van de nog te maken kosten worden gemaakt. Deze zijn door het college ingeschat op circa € 32.000. Er worden geen opbrengsten meer verwacht. De raming voor de nog te maken kosten is ultimo 2023 met circa € 4.000 neerwaarts bijgesteld. Dit heeft vooral te maken met het feit dat de exploitatie nagenoeg gereed is en door de voortgang de resterende posten, met name de plankosten, neerwaarts bijgesteld konden worden.

Door deze neerwaartse bijstelling van de restraming, kon de voorziening op deze exploitatie derhalve met € 4.000 vrijvallen. Het verwachte resultaat Porseleinhaven is verslechterd Voor het project Porseleinhaven levert de herziening een resultaatsverslechtering op van € 86.000 ten opzichte van vorig jaar. Het verwachte resultaat is, op basis van de actualisatie van de grondexploitatie, vooral afgenomen, omdat de kosten van het projectteam en de juridische kosten, hoger uit zijn gevallen en naar verwachting hoger uit zullen uitvallen. Ook is sprake van kostenstijgingen als gevolg van de oplopende inflatie. Aan de opbrengstenkant heeft het college ingeschat dat de risico’s beperkt zijn op basis van de contractuele afspraken die zijn gemaakt met betrekking tot de toekomstige grondoverdracht.

312022007.24.373 - 17

De hogere nog te maken kosten betekent dat het toekomstige resultaat nadelig beïnvloed wordt. Om die reden is de verliesvoorziening toegenomen. Wij adviseren u om hier in de komende actualisatie en tussentijdse informatievoorziening ook rekening mee te blijven houden.

Het college zal in 2024 voorzieningen voor groot onderhoud gaan vormen

In de jaarrekening 2023 zijn diverse bestemmingsreserves voor groot onderhoud aan uw kapitaalgoederen opgenomen. De reden hiervan is dat u tot en met 2023 niet beschikte over beheerplannen die voldoen aan de vereisten zoals opgenomen in het BBV om een voorziening voor groot onderhoud te vormen. Het college is in 2023 bezig geweest met het opstellen van beheerplannen. Deze beheerplannen en de meerjarige financiële vertaling voldoen naar de mening van het college aan de eisen van het BBV, zodat ook weer een voorziening voor groot meerjarig onderhoud getroffen kan gaan worden vanaf 2024. Eind 2023 zijn beheerplannen voorgelegd aan de raad en in 2024 is, met het vaststellen van de nota reserves en voorzieningen, besloten om in 2024 de tot en met 2023 gevormde bestemmingsreserves die dienden ter dekking van de kosten van groot onderhoud, om te zetten in voorzieningen. Vanaf 2024 zullen de gemaakte kosten voor groot onderhoud dan ten laste van de gevormde voorzieningen worden gebracht. Daarbij is het van belang dat het college regelmatig onderzoekt, of de dotatie die op basis van de beheerplannen aan de onderhoudsvoorzieningen gedaan worden, nog toereikend zijn. Wij adviseren u om jaarlijks het onderhoudsplan middels backtesting te beoordelen en de dotatie waar nodig hierop aan te passen.

Tevens adviseren wij om de beheerplannen als dynamisch document te blijven zien, jaarlijks te evalueren en daar waar nodig tussentijds te actualiseren. Dit betekent overigens niet dat jaarlijks het gehele plan bijgesteld hoeft te worden, maar wel dat een financiële evaluatie met impact op de jaarrekening jaarlijks als onderdeel van de planning- en controlcyclus dient plaats te vinden.

Bewaak de tijdige besteding Uw gemeente ontvangt diverse subsidies van het Rijk of andere overheidsinstanties. Zowel in aantal als in financiële omvang neemt het nog te besteden bedrag in de afgelopen jaren toe. Ultimo 2023 staat er een nog te besteden bedrag van € 2.224.000 op de van ontvangen balans (2022: € 802.000) aan vooruit ontvangen bedragen. subsidievoorschotten Het financiële risico voor de jaarrekening is vooralsnog beperkt, omdat uit de controle van de bestedingen (zie onze bevindingen bij SiSa 2023) geen bijzonderheden komen. Voor het bedrag aan rechtmatige bestedingen valt dan een deel van het vooruit ontvangen bedrag vrij en wordt als baten verantwoord. De nog te besteden middelen zijn verantwoord onder de kortlopende schulden, waarmee een eventueel terugbetalingsrisico is afgedekt. Wij adviseren u de tijdige besteding van vooruit ontvangen subsidiebijdragen goed te monitoren zodat een weloverwogen keuze gemaakt kan worden omtrent de besteding.

Verplichting voor sparen IKB terecht in de jaarrekening opgenomen

Volgens het BBV mag voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen met een jaarlijks gelijkblijvend karakter geen verplichting of voorziening worden gevormd, maar dient dit bedrag jaarlijks vanuit de begroting te worden gedekt. Bij uw gemeente is echter gebleken dat een aantal werknemers hun IKB-verlof opspaart voor een vervroegd pensioen of een langdurig verlof anderszins. De IKB-verplichting is in 2023 daardoor sterk toegenomen ten opzichte van 2022. Daardoor heeft de jaarlijkse omvang van de openstaande IKB-verplichten van uw gemeente aan haar werknemers geen gelijkblijvend karakter meer. Het college heeft daarom 312022007.24.373 - 18

terecht besloten om de IKB-verplichting te voorzien voor een bedrag van € 83.000. Dit is in overeenstemming met het BBV. Wij adviseren u om komende jaren deze verlofstand actief te blijven monitoren, en te analyseren voor welke omvang het fluctuerende karakter in deze spaarpot voor IKB-verlof blijft bestaan.

Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) kan financiële effecten hebben

In 2024 heeft er een wijziging van de voor een deel van uw medewerkers geldende CAO Gemeenten plaatsgevonden. Hierin is de Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) opgenomen. Deze houdt in dat medewerkers die 41 jaar hebben gewerkt voor een bij het ABP aangesloten werkgever, waarvan de laatste 10 jaar in de gemeentesector, per 31 december 2023 recht hebben op een RVU, mits zij maximaal 2 jaar voor hun AOW-gerechtigde leeftijd zitten. Momenteel heeft niemand bij uw gemeente nog van deze regeling gebruikt gemaakt. In de praktijk zien we dat dit middel inmiddels sporadisch wel ingezet wordt. Per medewerker die aangeeft van de regeling gebruik te willen maken, dient u direct een voorziening te vormen voor de toekomstige RVU-uitkeringen. Per persoon kan het dan om aanzienlijke bedragen gaan (van ruim € 50.000). Wij adviseren u dan ook goed te volgen of er medewerkers potentieel gebruik van de regeling kunnen gaan maken.

Onzekerheden in het sociaal domein

Zorg in natura Jeugd en WMO Het college is voor het vaststellen van de getrouwheid en rechtmatigheid van de geleverde zorg en de daadwerkelijke levering (mede) afhankelijk van de controle-informatie van zorgaanbieders. De gemeente heeft aan de zorgaanbieders een productieoverzicht gevraagd en, als de productie een bepaald bedrag overschrijdt, een controleverklaring van de externe accountant van de zorgaanbieder over de rechtmatigheid van de in totaal in rekening gebrachte lasten door de desbetreffende zorgaanbieder op basis van het landelijk controleprotocol. Daarnaast heeft uw gemeente voor een aantal grote aanbieders waarvoor nog geen productieverantwoording en/of goedkeurende controleverklaring was verkregen zelf onderzoek verricht om de levering van de zorg alsnog zeker te maken. De resterende onzekerheid hebben wij per de datum van dit rapport bepaald op maximaal € 503.000. Een onzekerheid betekent niet dat een bedrag in de jaarrekening fout is of dat er lasten voor dit bedrag gaan komen.

De lasten zitten terecht in de jaarrekening 2023, alleen is het op dit moment niet met voldoende zekerheid te zeggen of deze lasten getrouw en rechtmatig zijn of heeft het vanuit controleperspectief geen toegevoegde waarde meer om de exacte omvang van de onzekerheid te onderzoeken, wanneer duidelijk is (zie ook onze opmerking bij de Pgb’s) dat de totale onzekerheid nooit meer materieel kan zijn. De door ons genoemde onzekerheden zijn dan ook maximale bedragen en zullen, wanneer wij hier meer controlewerkzaamheden aan verrichten, alleen maar lager worden. Onzekerheden Pgb’s (Wmo en Jeugdzorg) Bij de controle op de Persoonsgebonden budgetten (Pgb’s) voor de Wmo en de Jeugdwet is het van belang om de rechtmatigheid van de lasten vast te stellen. Uw gemeente kent de Pgb’s toe voor jeugdzorg en Wmo. De Pgb-bestedingen zijn door uw gemeente (verplicht) belegd bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De accountant van de SVB heeft een controleverklaring met beperking bij de verantwoordingen 2023 verstrekt vanwege diverse rechtmatigheidsafwijkingen.

312022007.24.373 - 19

De Auditdienst SVB controleert niet de prestatielevering die ten grondslag dient te liggen aan de Pgb's, omdat de SVB niet op prestatielevering toetst. Daarom dient de gemeente zelfstandig onderzoek naar de prestatielevering uit te voeren, bijvoorbeeld aan de hand van de BADO-notitie "PGB-verantwoording/controle door gemeenten" d.d. 13 maart 2018, om vast te stellen dat er daadwerkelijk prestaties aan de Pgb's ten grondslag liggen. Uw college heeft een dergelijk onderzoek naar de prestatielevering van de Pgb’s niet uitgevoerd voor 2023. Het totaal van de Pgbbestedingen van € 600.000 hebben wij daarom als onzekerheid aangemerkt in het kader van zowel de getrouwheid als de rechtmatigheid, omdat de prestatielevering niet kon worden vastgesteld. Onzekerheden lasten via de Regio Gooi & Vechtstreek Belangrijke (administratieve) onderdelen van de WMO en Jeugdwet worden voor uw gemeente door de Regio Gooi- en Vechtstreek (hierna: de Regio) uitgevoerd. De Regio heeft op 30 april 2024 de eindverantwoording 2023 aan uw gemeente verstrekt over de bestedingen. Bij deze verantwoording is een controleverklaring opgenomen dat de in deze verantwoording opgenomen bedragen (in materiële zin) zijn verantwoord in overeenstemming met de tussen uw gemeente en de Regio gemaakte afspraken.

Er is door de accountant een bedrag als onzeker aangemerkt van € 58.000 als gevolg van enkele aspecten waar de accountant van de Regio nog onvoldoende informatie kon verkrijgen om de uitgaven goed te keuren. Dit bedrag hebben wij ook meegewogen als onzekerheid in onze oordeelsvorming. De onzekerheden passen ruimschoots binnen de daarvoor geldende marges.

Wet normering topinkomens (WNT)

De Wet normering topinkomens (WNT) regelt de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, en stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Bij wet is vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over 2023 van € 223.000 niet te boven gaat. Daarnaast dient het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. Ook dienen de ontvangen vergoedingen die bij andere WNT plichtige instellingen zijn ontvangen te worden verantwoord in de WNTverantwoording. Aangezien het voor ons niet mogelijk is de volledigheid vast te stellen van de dienstbetrekkingen en de ontvangen vergoedingen, is in de Regeling Controleprotocol WNT opgenomen dat wij de anticumulatiebepaling niet hoeven te controleren. In onze controleverklaring is dit ook als zodanig toegelicht. De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden.

In 2023 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen. Bij de controle van de WNT-verantwoording 2023 stelden wij wel vast dat geen sprake was van een sluitende interne controle op de opgestelde WNT-verantwoording. Wij adviseren u om in het vervolg voordat de WNT-verantwoording voor controle wordt aangeboden zichtbaar interne controle uit te laten voeren. Wel was de oplevering van de achterliggende documentatie van voldoende niveau. 312022007.24.373 - 20

In het kader van de WNT attenderen wij u erop dat u de plicht heeft om uiterlijk 1 juli 2024 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2023 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken, voor een periode van tenminste zeven jaar. Indien op grond van andere op de verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking.

Geen fouten en onzekerheden met betrekking tot de SiSabijlage 2023

Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de fouten en onzekerheden van de specifieke uitkeringen die in 2023 onder Single information, Single audit (SiSa) vallen. Wij doen dit met een tabel, die ook opgenomen moet worden als er geen fouten of onzekerheden geconstateerd zijn. Per regeling is hierin aangegeven of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd. Wij merken op dat wij geen fouten of onzekerheden hebben geconstateerd die groter zijn dan € 125.000 (of groter dan de rapporteringsgrens) zoals voorgeschreven via de Nota verwachtingen accountantscontrole SiSa (en het door de gemeenteraad vastgestelde controleprotocol met bijhorend normenkader voor de rechtmatigheidscontrole). In overeenstemming met de Nota verwachtingen accountantscontrole SiSa is de tabel leeg als er geen bevindingen zijn. De tabel met fouten en onzekerheden treft u in hoofdstuk 6 van dit accountantsverslag aan.

312022007.24.373 - 21

4.

Interne beheersing

312022007.24.373 - 22

4. Interne beheersing Kernboodschappen interim- Naar aanleiding van de interim-controle hebben wij een managementletter aan het college uitgebracht, en hebben wij een boardletter aan de raad uitgebracht. Voor een nadere duiding van onze opmerkingen en aanbevelingen uit de boardletter 2023 controle 2023 verwijzen wij daarnaar. Hieronder hebben wij de samenvatting uit de boardletter opgenomen.

312022007.24.373 - 23

5.

Overige aangelegenheden

312022007.24.373 - 24

5. Overige aangelegenheden Geen meningsverschil met het college van burgemeester en wethouders

Er zijn geen meningsverschillen met het college van burgemeester en wethouders geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door het college en de medewerkers van uw gemeente de volledige medewerking verleend en hebben wij volledige toegang tot de benodigde informatie gehad.

Bevestigingen van het college van burgemeester en wethouders ontvangen

Wij hebben namens het college van burgemeester en wethouders een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen.

Naleving van wet- en regelgeving

Wij hebben geen kennis van te rapporteren omstandigheden in verband met het niet-naleven van wet- en regelgeving met uitzondering van de bevindingen die het college heeft opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording ten aanzien van het naleven van regelgeving met betrekking tot Europese aanbestedingen.

Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving

Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen.

Geen aanwijzingen van fraude

In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Wij merken op dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd met het controleteam en met het financieel management en de directie van de gemeente Wijdemeren, waarbij wij zijn nagegaan of er sprake is van vermoedens van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken. Van het management en directie hebben wij de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn geconstateerd waarbij het management of werknemers die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing of

312022007.24.373 - 25

anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn op de jaarrekening, zijn betrokken. Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die gericht waren op het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het management te detecteren. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en schattingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensanalyses onderzocht. Hoewel wij op grond van de controle- en overige standaarden een kritische houding moeten hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, merken wij op dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2023 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van materiële fraude. Vorig jaar hebben wij het college geadviseerd om een integrale frauderisicoanalyse op te stellen, deze regelmatig te actualiseren en te rapporteren aan de auditcommissie over frauderisico’s en de beheersing daarvan. Het college heeft dit opgepakt en werkt momenteel aan een basisdocument. Dit zal worden besproken met de verschillende afdelingen, en op basis van input daaruit verder wordt aangevuld en geconcretiseerd.

Hoewel er nog een weg te gaan is, is met de uitwerking van de frauderisicoanalyse een belangrijke stap gezet in het kader van fraudepreventie en beheersing. De verwachting van het college is dat in 2024 een eerste integrale frauderisicoanalyse beschikbaar zal zijn. We hebben kennis genomen van de meest actuele frauderisicoanalyse en concluderen dat de risico's die daarin zijn opgenomen terecht zijn gesignaleerd. Uw controller heeft aangegeven dat dit een eerste stap is, en dat sprake is van een continu proces. In het voorjaar van 2024 is de planning om deze volgende stap in deze cyclus gereed te hebben. Wij hebben het college verder nog het volgende meegeven: ▪ ▪

▪ ▪

Bevestiging onafhankelijkheid

Zorg ervoor dat de frauderisicoanalyse een blijvend dynamisch proces is. Er is een goede start gemaakt, maar nu is het vooral ook een zaak van vasthouden en doorpakken. Zorg ervoor dat de kans op optreden van het risico en de impact wanneer het risico zich voor zou doen ook worden benoemd in de analyse, en om deze impact ook te kwantificeren (inschatting maken van de mogelijk financiële gevolgen). Door dit te benoemen kunt u immers weloverwogen keuzes maken ten aanzien van de vraag hoe u de risico’s wilt beheersen. Zorg ervoor dat de beheersing van onderkende risico’s zichtbaar plaats vindt. Rapporteer periodiek aan de raad over het proces, de uitkomsten en bevindingen.

De voorschriften in het kader van onafhankelijkheid zijn binnen de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (de NBA) opgenomen in de ‘Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO)’ en vormen een belangrijk onderdeel van het ‘normenkader’ waaraan een accountant moet voldoen. De naleving van de ViO is binnen Publieke Sector Accountants ingebed.

312022007.24.373 - 26

In overeenstemming met Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder de Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO) van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), dient de externe accountant mogelijke conflicten met betrekking tot zijn onafhankelijkheid, zowel in wezen als in schijn, onder de aandacht te brengen van het college en de gemeenteraad. Op basis van onze toetsing concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij gemeente Wijdemeren in 2023 voldoende is gewaarborgd en bevestigen wij dat onze onafhankelijke positie ten opzichte van de gemeente Wijdemeren overeenstemming met de Nederlandse wettelijke en beroepsvoorschriften. Wij zijn van mening dat onze objectiviteit gedurende het afgelopen jaar niet is aangetast.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14350180/2