CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-RI-99 Bestuurlijke reactie Rekenkamerbrief Begroting 2026

gemeenteraad 13 november 2025, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Programmabegroting 2026-20291.053 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Wijdemeren Postbus 190 1230 AD Loosdrecht

Aan de leden van de gemeenteraad van de gemeente Wijdemeren Door tussenkomst van de raadsgriffier Rading 1 1231 KB Loosdrecht

Datum: Uw kenmerk Ons kenmerk Onderwerp

Bezoekadres Rading 1 1231 KB Loosdrecht T. 14 035 T. +31 35 65 59 595 E. info@wijdemeren.nl www.wijdemeren.nl

21 oktober 2025 Z.90089/D.445985 RIB bestuurlijke reactie rekenkamebrief begroting 2026

Geachte leden van de gemeenteraad, De Rekenkamer heeft op 9 oktober 2025 haar Rekenkamerbrief bij de Programmabegroting 2026 aan u aangeboden. Het college waardeert de onafhankelijke en constructieve reflectie van de Rekenkamer, temeer omdat dit de laatste begroting betreft vóór de herindeling per 1 januari 2027. De opmerkingen en aanbevelingen ondersteunen de raad bij zorgvuldige beraadslaging en besluitvorming. In het onderstaande treft u de bestuurlijke reactie per punt. 2.1 Bestuursovereenkomst met Hilversum Het college heeft de bestuursakkoord met de gemeente Hilversum ondertekend, waarin de financiële uitgangspunten en spelregels rond herindeling, frictiekosten en preventief toezicht expliciet zijn vastgelegd. Ter borging van de uitvoering en integraliteit is een stuurgroep ingericht (bestuurlijke aansturing) en een regiegroep (operationele regie en monitoring) waarin beide gemeenten zijn vertegenwoordigd. Daarmee is zowel de interbestuurlijke afstemming als het toezicht op voortgang structureel geborgd. De basis voor gezamenlijke invulling van het preventief toezicht is het door beide raden vastgestelde protocol van 27 maart 2025. 2.2 Investeringen en realiteitsgehalte MIP De rekenkamer constateert dat het investeringsprogramma realistischer is dan in voorgaande jaren, maar dat de uitvoeringscapaciteit aandacht vraagt.

In 2025 zijn door het college gerichte stappen gezet om te komen tot een realistisch Meerjarig Investeringsprogramma (MIP). Het MIP is geactualiseerd en herijkt; kapitaallasten zijn doorgerekend en waar nodig gefaseerd, zodat de lasten in 2026 realistisch zijn geraamd. De raad wordt conform de reguliere P&C-cyclus via voortgangsrapportages en jaarstukken meegenomen in de realisatie en de benutting van ambtelijke capaciteit. Hiermee wordt invulling gegeven aan de aanbeveling van de Rekenkamer om de uitvoerbaarheid en capaciteit actief te volgen. 2.3 Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) De rekenkamer vraagt aandacht voor de borging en besteding van de onderwijshuisvestingsmiddelen. De eerdere aanbevelingen van de Rekenkamer zijn opgevolgd, de onderwijskredieten zijn geactualiseerd, de kapitaallasten zijn opgenomen en de projecten zijn in de begroting expliciet benoemd, waaronder de Joseph Lokinschool, Meester Kremerschool, Warinschool en de start van de nieuwbouw Jozefschool. De fusie heeft geen negatieve invloed op de beschikbaarheid van de kredieten in 2026. Conform gemaakte afspraken worden in 2026 de ambtelijke werkzaamheden verricht om zodoende het beleid van Wijdemeren uitvoering te geven. De investeringskredieten zijn of worden beschikt aan de schoolbesturen. De scholen gebruiken dit geld om tot planvorming en realisatie te

komen. Inzet van de ambtelijke organisatie is nodig rondom projectbegeleiding en vergunningverlening. Het college heeft hierover bestuurlijke afspraken gemaakt met Hilversum om de besteding en continuïteit in 2026 te waarborgen.

2.4 Specifieke uitkeringen en transparantie (SISA) De Rekenkamer vraagt aandacht voor het monitoren van de beoogde effecten van specifieke uitkeringen. Het college onderschrijft het belang van transparantie over specifieke uitkeringen en de beoogde effecten. Alle SISA-regelingen worden door ons gemonitord op besteding en doelrealisatie. Conform het Besluit Begroting en Verantwoording wordt de SISA-verantwoording opgenomen in de jaarrekening, zodat inzicht bestaat in de bestedingen en de gerealiseerde prestaties. Hiermee sluiten wij aan bij de aanbeveling om de effecten beter zichtbaar en toetsbaar te maken in de reguliere P&Cproducten. 2.5 Afvalstoffen- en rioolheffing De rekenkamer constateert dat de transparantie en kostendekkenheid zijn verbeterd, maar dat de tarieven relatief hoog blijven. De aanbevelingen omtrent transparantie, kostendekkendheid en overheadtoerekening zijn doorgevoerd en in de begroting 2026 inhoudelijk toegelicht. Daarmee is uitvoering gegeven aan de lijn die reeds in 2025 met de raad is besproken en verwerkt in programma’s en de paragraaf lokale heffingen. Het college blijft sturen op evenwichtige tarieven en heldere onderbouwingen conform de financiële verordening en het BBV. Het tarief van de afvalstoffenheffing wordt in de raadsvergadering van december vastgesteld op basis van de dan meest actuele informatie van de GAD.

De 8,4% stijging in de begroting is een voorlopig beeld. 3. Begrotingssaldi en meerjarig perspectief De Rekenkamer constateert dat het begrotingssaldo 2026 en het structurele resultaat sluitend zijn. Dit vormt een robuuste basis voor de herindeling. Ten aanzien van OZB en heffingen merkt het college op dat in 2026 een verlaging van de OZB voor woningen met 6% is doorgevoerd en dat taakstellingen voor toekomstige verhogingen zijn geschrapt. Het meerjarig beeld en eventuele harmonisatie-effecten na 2026 blijven daarbij nadrukkelijk in beeld. De opmerking van de Rekenkamer over een negatieve begroting is onjuist en gebaseerd op een eerdere conceptversie van de brief.

4. Reserves, voorzieningen en EMU-saldo De Rekenkamer wijst terecht op de omvang van de investeringen, de onttrekkingen aan de algemene reserve en de ontwikkeling van de schuldenlast. Het college benadrukt dat de reservepositie na onttrekkingen voldoende robuust blijft, conform het bestuursakkoord gaat Wijdemeren de herindeling in met een positieve reservepositie. Het negatieve EMU-saldo 2026 is overwegend het logische gevolg van de investeringsomvang in deze periode en geen indicatie van een structureel begrotingstekort. Het EMU-saldo is voor gemeenten geen direct sturingsinstrument maar een macro-economische indicator op rijksniveau; het heeft daarmee geen directe doorwerking op de structurele financiële gezondheid van de gemeente. De schuldontwikkeling achten wij beheersbaar en uitlegbaar, passend binnen de herindelingskaders, waarbij het college via de reguliere P&C-cyclus actief stuurt op de liquiditeits- en leningenpositie. 5. Conclusie en aanbevelingen Het college ziet met tevredenheid dat een aanzienlijk deel van de eerdere aanbevelingen is opgevolgd, met name op het gebied van onderwijshuisvesting, specifieke uitkeringen en de kostendekkendheid van heffingen. De begroting 2026 is structureel sluitend en biedt daarmee een solide basis voor een verantwoorde overgang naar de nieuwe gemeente.

Het college neemt de door de Rekenkamer geformuleerde aandachtspunten mee in de uitvoering en borging richting herindeling, met nadruk op:

• Borging van IHP-middelen na 2026 in overleg met Hilversum; • Sturing op MIP-realisatie en capaciteit via voortgangsrapportages; • Een robuuste reserve- en schuldpositie met transparante duiding van EMU en investeringsritme. • Effectgericht monitoren van specifieke uitkeringen in P&C-producten Het college dankt de Rekenkamer voor haar inzet en blijf zich inzetten op zorgvuldige uitvoering en transparantie richting de nieuwe gemeente Hilversum.

Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Wijdemeren, de secretaris, de burgemeester,

drs. E.L. Ruizeveld de Winter

drs. M.L. Verheijen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16158096/1