Toelichting en Regels bestemmingsplan 'Oosterweg 188 Wijchen'
Tekst van het document
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
47
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
Hoofdstuk 2 Artikel 3
Bestemmingsregels
Wonen - 1
3.1
Bestemmingsomschrijving
3.1.1
Algemeen
De voor 'Wonen - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. beroep of bedrijf aan huis; c. na een omgevingsvergunning als bedoeld in sublid 3.5.1, recreatieve voorzieningen in de vorm van een bed & breakfast; d. de opwekking van duurzame energie in de vorm van windenergie en zonne-energie alsmede warmte-koude opslag; e. waterhuishoudkundige doeleinden; een en ander met de bijbehorende voorzieningen, zoals perceelsontsluitingen, tuinen en erven en overeenkomstig de in sublid 3.1.2 opgenomen nadere detaillering van de bestemmingsomschrijving.
3.1.2
Nadere detaillering van de bestemmingsomschrijving
In het onderstaande is een nadere detaillering opgenomen van het bepaalde in sublid 3.1.1: a. Aantal woningen Per bestemmingsvlak is maximaal één woning toegestaan, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' het aantal wooneenheden niet meer mag bedragen dan het aangegeven aantal; b. Aan huis verbonden beroep Binnen deze bestemming is gebruik van een deel van de woning en/of de daarbij behorende aangebouwde of vrijstaande bijgebouwen ten behoeve van de uitoefening van een nietpublieksgerichte beroepsactiviteit aan huis toegestaan, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. het (mede) ten behoeve van een aan huis verbonden beroep in gebruik te nemen vloeroppervlak maximaal 40 % van de vloeroppervlakte van de woning en/of de bijgebouwen mag bedragen met een maximum van 80 m²; b. degene die de activiteiten in de woning en/of de bijgebouwen uitoefent, dient tevens de bewoner van de woning te zijn; c. de parkeerbehoefte van de activiteit moet in zijn geheel op eigen terrein opgevangen worden; d. de verkeersaantrekkende werking dient te zijn afgestemd op de feitelijke ontsluitingssituatie; e. er mag geen detailhandel of groothandel plaatsvinden; hieronder worden niet begrepen handelsactiviteiten via het internet; f. vanaf de openbare weg zichtbare excessieve reclame-uitingen niet zijn toegestaan. c.
Aan huis verbonden bedrijf Aan huis verbonden (bedrijfs)activiteiten zijn niet toegestaan, behalve na verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in sublid 3.5.3. d. Duurzame energie De opwekking van duurzame energie is uitsluitend toegestaan als ondergeschikte functie.
3.2
Bouwregels
3.2.1
Toegestane bebouwing
Uitsluitend mogen worden opgericht bouwwerken ten dienste van de bestemming, zoals woningen met bijgebouwen en bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
48
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
3.2.2 Situering a. Indien in een bestemmingsvlak bouwvlakken zijn aangeduid zijn gebouwen uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak', met dien verstande dat bijgebouwen tevens zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen'. b. ter plaatse van de aanduiding 'landschap' is bebouwing niet toegestaan, met dien verstande dat: 1. deze gronden niet dienen te worden beschouwd als erf in de zin van artikel 1 van bijlage II behorende bij het Besluit omgevingsrecht, zoals dat artikel luidt op het moment van de datum van inwerkingtreding van dit plan. c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn binnen het gehele bestemmingsvlak toegestaan, uitgezonderd ter plaatse van de aanduiding 'landschap'. 3.2.3 Maatvoering a. De goot- en bouwhoogte van een hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m.), maximum bouwhoogte (m.) is opgenomen, met dien verstande dat een hoofdgebouw dient te worden afgedekt met een kap, waarbij zowel aan de voorzijde, als aan de achterzijde van het dak een overstek van maximaal 0,5 m wordt gerealiseerd; b. Indien de onder sub a bedoelde aanduiding ontbreekt, dient aan het volgende te worden voldaan: Hoofdgebouw van de woning
Maximum
goothoogte
6,0 m
(bouw)hoogte
9,0 m
c.
de oppervlakte van een hoofdgebouw niet meer mag bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwd oppervlak (m2)' is aangegeven; d. Indien de onder sub c bedoelde aanduiding ontbreekt, dient aan het volgende te worden voldaan: Hoofdgebouw van de woning
Maximum
inhoud
600 m³
Bijgebouwen bij woning
Maximum
gezamenlijke oppervlakte per woning
120 m², indien de bestaande oppervlakte groter is dan 120 m², geldt de bestaande oppervlakte als maximum.
goothoogte
3,0 m
(bouw)hoogte
6,0 m
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Maximum
bouwhoogte erfafscheidingen
1,0 m voor erfafscheidingen voor de voorgevel, anders 2,0 m
bouwhoogte carports c.q. overkappingen
3,0 m
oppervlakte carports c.q. overkappingen
20,0 m²
bouwhoogte overige bouwwerken geen gebouwen 6,0 m zijnde
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
49
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
3.2.4
Herbouw
Aanvullend gelden voor herbouw van bestaande woningen de volgende voorwaarden: a. de herbouw vindt grotendeels plaats op de (voor zover aanwezig) bestaande fundamenten van de woning; b. de voorgevel van de te herbouwen woning wordt geplaatst in de (voormalige) voorgevelrooilijn van de woning; c. de bouwwijze (d.w.z. vrijstaand, halfvrijstaand of aaneengebouwd) van de te herbouwen woning(en) wijkt niet af van de bouwwijze van de oorspronkelijke woning(en). 3.2.5
Zwembaden
In afwijking van het bepaalde in sublid 3.2.3 geldt voor zwembaden, niet zijnde een gebouw, dat: a. deze uitsluitend op het zij- en/of achtererf worden gebouwd; b. de maximum bouwhoogte 1,0 m bedraagt; c. de minimum afstand tot de grens van het bouwperceel bedraagt 2,0 m; d. de gezamenlijke maximum oppervlakte bedraagt 50 m²; e. de gezamenlijke maximum oppervlakte van de bouwwerken op het zij- en achtererf bedraagt 50 % van de oppervlakte van dat zij- en achtererf. 3.2.6
Ondergronds bouwen
Ondergrondse ruimten (kelders) bij woningen zijn uitsluitend toegestaan in één bouwlaag en mogen uitsluitend worden gesitueerd onder de woning (met inbegrip van aanbouwen, uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen) dan wel tot maximaal 25 m² buiten de woning, alsmede onder de vrijstaande bijgebouwen.
3.3
Afwijken van de bouwregels
3.3.1
Omgevingsvergunning maatvoering
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sublid 3.2.3 om de voorgeschreven goot- en bouwhoogte met 10 % van de voorgeschreven hoogte te verhogen.
3.3.2
Omgevingsvergunning inhoud woning
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 3.2.3 teneinde de toegestane inhoud van de woningen te vergroten, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. de inhoud van de woning mag niet meer bedragen dan 1.000 m3; b. de voorgeschreven goot- en bouwhoogte mag met maximaal 10% van de voorgeschreven maatvoering worden verhoogd; c. de rayonarchitect/ dorpsbouwmeester dient om advies gevraagd te worden met betrekking tot de stedenbouwkundige aanvaardbaarheid van het voornemen; d. er is sprake van een zorgvuldige landschappelijke inpassing, dat wordt onderbouwd en gevisualiseerd in een terrein-/ beplantingsplan; dat wordt onderbouwd en gevisualiseerd in een terrein-/ beplantingsplan; e. het woon- en leefmilieu van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; dit betekent in ieder geval dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden beperkt; f. het gebruik mag niet leiden tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende agrarische bedrijven, voortvloeiende uit de milieu- en dierenwelzijnswetgeving.
50
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
3.3.3
Omgevingsvergunning kleine windturbines
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sublid 3.2.3 om binnen het bestemmingsvlak de oprichting van 1 kleine windturbine ten behoeve van (aanvullende) stroomvoorziening op het betreffende perceel mogelijk te maken, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de maximum ashoogte van de kleine windturbine bedraagt 15,0 m; b. de maximum tiphoogte van de kleine windturbine bedraagt 20 m; c. het woon- en leefmilieu van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; dit betekent in ieder geval dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden beperkt; 3.3.4
Omgevingsvergunning m.b.t. herbouw
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sublid 3.2.4 onder b teneinde de voorgevel te kunnen plaatsen buiten de (voormalige) voorgevelrooilijn, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de nieuwe situering van de woning is stedenbouwkundig, verkeerskundig en milieukundig aanvaardbaar; b. er dient sprake te zijn van (zekerheidsstelling omtrent de) sloop van de bestaande woning; c. door de herbouw wordt het landelijke karakter van het gebied niet onevenredig aangetast; d. de nieuwe situering van de woning leidt niet tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende bedrijven, voortvloeiende uit milieuregelgeving; e. er moet voldaan worden aan de Wet geluidhinder; f. er is sprake van een zorgvuldige landschappelijke inpassing, dat wordt onderbouwd en gevisualiseerd in een terrein-/ beplantingsplan; g. het woon- en leefmilieu van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; dit betekent in ieder geval dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden beperkt. 3.3.5
Omgevingsvergunning t.b.v. kapschuur
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sublid 3.2.3 voor zover het de maximale goothoogte van bijgebouwen bij de woning betreft, teneinde een maximale goothoogte van 4,5 m aan één zijde te kunnen toestaan ten behoeve van een zgn kapschuur (schuur met ongelijke goothoogte) met dien verstande dan het woon- en leefmilieu van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; dit betekent in ieder geval dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden beperkt.
3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1
Strijdig gebruik
In aanvulling op het bepaalde van artikel 2.1 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt onder gebruik strijdig met de bestemming in ieder geval begrepen, het gebruiken en/of het laten gebruiken van gronden en/of opstallen voor: a. vrijstaande bijgebouwen als zelfstandige woning en als afhankelijke woonruimte; b. een aan huis verbonden bedrijfsactiviteit. 3.4.2
Voorwaardelijke verplichting waterberging
Het bebouwen van de gronden met deze bestemming is slechts toegestaan als is voorzien in de aanleg van voldoende waterberging conform de ten tijde van de vergunningverlening geldende Beleidsregels Keur Waterschap Rivierenland.
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
51
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
3.4.3
Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing
Het gebruik van de woningen, zoals beschreven in deze bestemming, is pas toegestaan indien en zolang aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de landschappelijke inpassing zoals deze is opgenomen in bijlage 1 van deze regels moet binnen 1 jaar na het verlenen van de omgevingsvergunning voor bouwen voor de woning/het woongebouw zijn aangelegd en vervolgens in stand worden gehouden. 3.5
Afwijken van de gebruiksregels
3.5.1
Omgevingsvergunning bed & breakfast
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen als bedoeld in sublid 3.1.1 onder c teneinde een bed & breakfastvoorziening voor maximaal 8 personen in maximaal 4 kamers toe te staan, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. deze nevenactiviteit is enkel in de (bedrijfs)woning en de daarbij behorende bijgebouwen toegestaan; b. de nevenactiviteit is ondergeschikt van aard; c. de voor bed & breakfast gebruikte oppervlakte mag niet meer bedragen dan 100 m²; d. ten behoeve van de bed & breakfast voorzieningen zijn maximaal 8 (éénpersoons)bedden toegestaan; e. permanente bewoning of huisvesting van tijdelijke werknemers is niet toegestaan; f. er wordt een nachtregister bijgehouden; g. het gebruik mag niet leiden tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende agrarische bedrijven; h. de verkeersaantrekkende werking dient te zijn afgestemd op de feitelijke ontsluitingssituatie; i. er dient op eigen terrein te worden voorzien in de parkeerbehoefte; j. het woon- en leefklimaat mag niet onevenredig worden aangetast. 3.5.2
Omgevingsvergunning mantelzorg
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 3.4.1 onder a en toestaan dat een (vrijstaand) bijgebouw wordt gebruikt als afhankelijke woonruimte ten behoeve van mantelzorg, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. een dergelijke bewoning is aantoonbaar nodig vanuit een oogpunt van mantelzorg. Alvorens een omgevingsvergunning te verlenen vraagt het bevoegd gezag hieromtrent advies aan een onafhankelijk terzake deskundige instantie; b. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van in het geding zijnde belangen, waaronder die van omwonenden en (agrarische) bedrijven; c. de afhankelijke woonruimte wordt ingepast binnen de vigerende regeling inzake bijgebouwen; met dien verstande dat de maximale oppervlakte van de afhankelijke woonruimte niet meer dan 120 m² mag bedragen; d. er dient gebruik te worden gemaakt van het dichtst bij de hoofdwoning gelegen bijgebouw, tenzij op grond van doelmatigheidsmotieven een ander op het perceel gelegen bijgebouw/bedrijfsgebouw meer geschikt is; e. de afhankelijke woonruimte dient te worden bewoond door degene(n) die de zorg nodig heeft/ hebben; f. de voorziening dient te voldoen aan de eisen van het bouwbesluit; g. zakenrechtelijke splitsing is niet toegestaan; h. de afhankelijke woonruimte mag geen eigen perceelsontsluiting hebben; i.
parkeren dient op eigen erf plaats te vinden.
52
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
3.5.3
Omgevingsvergunning aan huis verbonden bedrijfsactiviteit
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sublid 3.4.1 onder b voor de uitoefening van een aan huis gebonden (bedrijfs)activiteit, met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. het ten behoeve van de aan huis gebonden (bedrijfs)activiteit in gebruik te nemen vloeroppervlak bedraagt maximaal 40 % van de vloeroppervlakte van de woning en/of de aangebouwde en vrijstaande bijgebouwen met een maximum van 80 m²; b. degene die de activiteiten in de woning en/of de bijgebouwen uitoefent, dient tevens de bewoner van de woning te zijn; c. de noodzakelijke parkeervoorzieningen dienen op eigen terrein te worden gesitueerd; d. de verkeersaantrekkende werking dient te zijn afgestemd op de feitelijke ontsluitingssituatie; e. het bedrijf dient qua aard, milieubelasting en uitstraling te passen in een woonomgeving; f. er mag geen detailhandel of groothandel plaatsvinden, uitgezonderd een beperkte verkoop als ondergeschikte activiteit en wel in verband met de aan huis verbonden activiteit alsmede handelsactiviteiten via het internet; g. vanaf de openbare weg zichtbare excessieve reclame-uitingen zijn niet toegestaan.
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
53
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
Artikel 4 4.1
Waarde - Archeologie 2
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor behoud en bescherming van waardevolle verwachte archeologische informatie in de bodem. Het gaat hierbij om gebieden met een hoge archeologische verwachting.
4.2
Bouwregels
Ten aanzien van het oprichten van bebouwing gelden de volgende regels: a. Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor bouwen voor het oprichten van een bouwwerk groter dan 120 m² dient de aanvrager een rapport te overleggen, waarin de archeologische waarden van de gronden waarop de aanvraag betrekking heeft naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate zijn vastgesteld. b. In afwijking van het gestelde onder a hoeft de aanvrager van een omgevingsvergunning voor bouwen geen rapport als bedoeld onder a te overleggen, indien: 1. de aanvraag om omgevingsvergunning voor bouwen betrekking heeft op het vervangen van bestaande bebouwing (waaronder bestaande ondergrondse kelders), waarbij de oppervlakte aan bebouwing niet wordt uitgebreid en de bestaande fundering wordt benut; 2. de aanvraag om omgevingsvergunning voor bouwen betrekking heeft op het uitbreiden van bestaande bebouwing tot maximaal 2,5 m uit de bestaande fundering; 3. de aanvraag om omgevingsvergunning voor bouwen betrekking heeft op het bouwen in de bodem tot een diepte van 0,3 m onder het bestaande maaiveld; 4. naar oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. c.
Indien uit het onder a genoemde rapport of uit de beschikbare informatie als bedoeld in b onder 4, blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het oprichten van het vergunde bouwwerk zullen worden verstoord, kan het bevoegd gezag één of meerdere van de volgende voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning voor bouwen: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen; 3. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij die voorschriften te stellen kwalificaties; 4. de verplichting om na beëindiging van de werken en werkzaamheden een verslag uit te brengen waaruit blijkt op welke wijze met de archeologische waarden is omgegaan. 4.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.3.1
Omgevingsvergunningsplicht
Onverminderd het in de Erfgoedwet bepaalde is het verboden op of in de in dit artikel bedoelde gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegde gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, te doen of te laten uitvoeren: a. grondwerkzaamheden, zoals afgraven, egaliseren, frezen, scheuren van grasland, diepploegen, aanbrengen van oppervlakteverhardingen, aanleg van drainage, verwijderen van funderingen en aanleg of rooien van bos, boomgaard, boom- of fruitteelt of diepwortelende beplanting. b. graven, dempen, dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, sloten en greppels; c. aanleggen van leidingen; d. verlagen van de waterstand.
54
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
4.3.2
Uitzonderingen
Het in sublid 4.3.1 opgenomen verbod geldt niet: a. In het kader van archeologisch onderzoek en archeologische opgravingen, mits deze worden verricht door een ter zake deskundige als bedoeld in de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie; b. voor werken en werkzaamheden in het kader van het normale beheer en onderhoud, met inbegrip van onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen, drainage, kabels, leidingen en beplantingen voor zover deze werkzaamheden zich beperken tot reeds geroerde gronden; c. voor werken en werkzaamheden in het kader van het normale agrarische gebruik, waaronder de aanleg van teeltondersteunende voorzieningen; d. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft tot een diepte van 0,3 m onder het bestaande maaiveld; e. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft over een maximale oppervlakte van 120 m²; f. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft binnen een afstand van maximaal 2,5 m uit een bestaande fundering van een bestaand bouwwerk; g. voor werken en werkzaamheden die op het moment van het van kracht worden van het plan legaal in uitvoering zijn of legaal kunnen worden uitgevoerd krachtens een voor dat tijdstip geldende dan wel aangevraagde vergunning; h. ingeval op grond van de Erfgoedwet een vergunning is vereist. 4.3.3 Verlening a.
de in sublid 4.3.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend voor zover de archeologische waarden niet onevenredig worden aangetast, hetgeen moet blijken uit een rapport dat de aanvrager bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning dient te overleggen. In het rapport moeten de archeologische waarden van de gronden waarop de aanvraag betrekking heeft naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate zijn vastgesteld. Een rapport is niet noodzakelijk indien naar het oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld; b. indien het rapport of andere beschikbare informatie daartoe aanleiding geeft, dient op advies van een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg, die voldoet aan door het bevoegd te stellen kwalificaties zo nodig archeologisch vervolgonderzoek plaats te vinden. 4.3.4
Voorwaarden
Overeenkomstig het in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht bepaalde kan het bevoegd gezag de omgevingsvergunning onder beperkingen verlenen en kunnen zij voorschriften aan de omgevingsvergunning verbinden, waaronder de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden.
4.4
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen, teneinde: a. de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van aanvullend en/of definitief archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken gronden geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn dan wel er niet langer archeologische begeleiding of zorg nodig is. b. de dubbelbestemming Waarde - Archeologie 1 op te nemen, indien uit nader onderzoek blijkt, dat ter plaatse archeologische waarden aanwezig zijn.
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
55
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
Artikel 5
Waarde - Cultuurhistorisch waardevol gebied
5.1
Bestemmingsomschrijving
5.1.1
Algemeen
De voor 'Waarde - Cultuurhistorisch waardevol gebied' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud, beheer en versterking van de cultuurhistorische waarden.
5.1.2
Nadere detaillering van de bestemming
De cultuurhistorisch waardevolle gebieden als bedoeld in sublid 5.1.1 betreffen de gebieden die zijn opgenomen in de Cultuurhistorische waarderingskaart, zoals deze is opgenomen in bijlage 2 van deze regels, en zijn aangeduid als cultuurlandschappelijke waardering zeer hoog, hoog en middelhoog. De waardering van deze gebieden is gebaseerd op de, op het moment van vastelling geldende, beleidsnota cultuurhistorie 'Samen in verscheidenheid'. a Oude bebouwingslinten en historische wegen en waterlopen Onder de gebieden zoals genoemd in sublid 5.1.2 bevinden zich ook de oude bebouwingslinten en de belangrijkste (historische) doorgaande wegen en waterlopen. De cultuurhistorische waarden van deze gebieden bestaan uit: de mate van visueel-ruimtelijke relatie met de (agrarische) percelen en het onderscheid daarin tussen de verschillende landschapstypen (open, half-open of gesloten); de overwegend agrarische oorsprong van de bebouwing in de linten; de maat en schaal van de bebouwing; de variatie van rooilijnen en bouwmassa's langs de linten; de compactheid van de bebouwingsensembles op de afzonderlijke percelen; hoofdgebouwen die gericht zijn op de bebouwingslinten; een herkenbaar onderscheid in situering en massa tussen hoofd- en bijgebouwen. 5.2
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen gelet op het bepaalde in lid 5.1 nadere eisen stellen ten aanzien van de situering, de oppervlakte en de (goot)hoogte van bebouwing.
5.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.3.1
Omgevingsvergunningplicht
Het is verboden binnen deze bestemming zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag (omgevingsvergunning voor werken en werkzaamheden) de in het schema in sublid 5.3.4 opgenomen omgevingsvergunningplichtige werken en werkzaamheden uit te (doen) voeren.
5.3.2
Uitzonderingen omgevingsvergunningplicht
Het in sublid 5.3.1 vervatte verbod geldt niet voor werken of werkzaamheden: a. waarvoor ten tijde van het van kracht worden van het bestemmingsplan reeds een aanlegvergunning of omgevingsvergunning voor werken en werkzaamheden is verleend; b. welke ten tijde van het van kracht worden van het bestemmingsplan in uitvoering waren; c. welke betreffen het normale onderhoud en/of plaatsvinden in het kader van het normale beheer en gebruik van de gronden; d. die plaatsvinden ter plaatse van een 'bouwvlak' of ter plaatse van een andere bestemming dan Agrarisch of Agrarisch met waarden - 1, 2 en 3.
56
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
5.3.3
Verlening
De in sublid 5.3.1 genoemde omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien en voor zover voldaan wordt aan de criteria gesteld in sublid 5.3.4.
5.3.4
Schema omgevingsvergunningplichtige werken en werkzaamheden
Omgevingsvergunningplichtige werken/ werkzaamheden
Criteria voor verlening van de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden
- het aanbrengen van (half-)verhardingen; de werkzaamheden mogen geen onevenredige - het rooien of vellen van houtgewas; aantasting tot gevolg hebben van de - het afgraven, vergraven, ophogen en egaliseren cultuurhistorische waarden van de in lid 5.1 van de bodem; bedoelde gronden. - het graven of dempen van sloten; - het verwijderen van perceelsrandbeplanting; - het aanleggen van wegen of paden; - het wijzigen van perceels- of kavelgrenzen; - het aanbrengen van hoogopgaande beplanting anders dan het herplanten van gerooide / gevelde houtopstanden; - het verwijderen van wegen of paden.
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
57
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
Hoofdstuk 3 Artikel 6
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 7 7.1
Algemene bouwregels
Ondergeschikte bouwdelen
Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding niet meer dan 0,75 m bedraagt.
7.2
Afwijkende maatvoering
Bestaande gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die zijn opgericht in overeenstemming met de Woningwet of Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, maar waarvan de maatvoering afwijkt van de bouwregels van dit bestemmingsplan, zijn toegestaan in de bestaande maatvoering.
7.3
Parkeren
Ten aanzien van parkeren geldt dat: a. bij de uitoefening van de bevoegdheid tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen of een omgevingsvergunning voor het afwijken van een bestemmingsplan geldt de regel dat er voldoende parkeergelegenheid voor auto's en fietsen aanwezig is of wordt gerealiseerd op eigen terrein; b. deze parkeergelegenheid dient in stand gehouden te worden; c. voldoende parkeergelegenheid betekent dat voldaan wordt aan de parkeernormen zoals opgenomen in onderstaande tabel: Type woning
Parkeernorm
Vrijstaande woning
2,8 parkeerplaatsen per woning
d. van het bepaalde onder c. kan worden afgeweken, indien kan worden aangetoond dat er geen parkeerdruk ontstaat en de verkeersveiligheid niet in het geding komt.
Artikel 8 8.1
Algemene gebruiksregels
Strijdig gebruik
Onder het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, wordt in ieder geval begrepen het gebruiken van gronden of bouwwerken voor seksinrichtingen.
58
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
Hoofdstuk 4 Artikel 9 9.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10 %. c. Lid a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 9.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in lid a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Lid a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Artikel 10
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Oosterweg 188 Wijchen'
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
59
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
Bijlagen regels
60
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
Bijlage 1
Landschappelijke inpassing
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
61
Oosterweg 188, Wijchen Inrichtingsschets
Oosterweg 188
Bomen en groenstrook worden gehandhaafd Nieuwe inrit Drie parkeerplaatsen per woning, 5,0 x 2,5 m per parkeerplaats Twee nieuwe, modulaire woningen met zonnepanelen Fruitboomgaard, met bijv. Malus domes�ca, Pyrus communis en/of Prunus avium Indien erfafscheiding dan haag, soort bijv.: Fagus sylva�ca Struweelhaag, soort: bijv. mix van Crataegus monogyna, Acer campestre, Carpinus betulus Huidige schuur blij� behouden voor het stallen van fietsen e.d. Schaal: 1:500 (A3-formaat) Datum: 07-07-2021 0
5
10
15
20
25m
N
bestemmingsplan Oosterweg 188 Wijchen
Bijlage 2
62
Cultuurhistorische waarderingskaart
bestemmingsplan "Oosterweg 188 Wijchen" (definitief)
169500
170000
170500
171000
171500
172000
172500
173000
173500
174000
174500
175000
175500
176000
176500
177000
177500
178000
178500
179000
Ewijk
179500
180000
180500
181000
181500
182000
182500
Moespotsche Waai
183000
183500
Bovenbroek
Gemeente Wijchen
431000
he Leigraaf
431000
Cultuurhistorische waarderingskaart schaal 1:12.500
legenda Winssensche Veld
Cultuurlandschappelijke waardering Molenhoek
waardering
Alst
Noordenbroek
niet gewaardeerd zeer laag
middelmatig
Hoeve
De Morgenster
hoog
430500
430500
laag
Galgenberg
Duivelswaa
zeer hoog
Langakker
Overig gemeentegrens
Heerlijkheid Horssen
Beuningen De Elzent
430000
430000
Het Laagveld
ersteind Horssen
Heuvepark
429500
429500
Schoenaker
Het Arnpark
Hooge Veld Het Broek Ewijksche Velden
429000
429000
Bergharen
Wijksche Broek
Westkan
Beuningsche Veld
Beuningsche Veld
De Groene Heuvels
428500
428500
Hooge Veld
Ewijksche Broek
De Hooge Peer Het Schaar
Kinderdorp Neerbosch
428000
De Mekkers
428000
Hof van Wezel
Wielerbaan
Het Broek
Buiten- en Binnen Geest Kampbroek
Wezel
Personnenbos
Hernensche Broek
427500
427500
Nieuwe Wetering Woeziksche Leigraaf
Hernen
Wezelsche Veld
Hernensche Bosch
De Tuut
Leursche Broek
Laak
427000
427000
Neerveldsche Blok
Lindenholt
Wezelse Plas
Laakse Bos Spitsberg 426500
426500
Hernensche Meer
Leursche Bosch Schebbelaarsche Veld
Den Hoef
Leursche Leigraaf
Batenburg
Achterlo Bojenkamp
426000
De Lymen
426000
Leursche Veld Woezik Wijchen Zwanenveld
Dieden
Liendensche Waard
425500
425500
Leur
Tolhuis Wijchen Dukenburg Teersdijk
Noord
Demen Achterlo
425000
425000
Lienden Meijhorst Meijhorst
Waaijes De Vlam
Achterlo
De Berendonck
424500
424500
Niftriksche Wetering
Hoogbroek
Niftriksche Waarden
Dukenburg
Wijchen Valendries
Neerlangel De Pas
Aldenhof
Vormerse Plas
424000
424000
De Vlamen
Wijchensche Meer
Alverna
Deursen-Dennenburg
423500
423500
Wijchensche Vennen
Middelwaard
Klispoel Ravenstein
Balgoijsche Wetering
423000
423000
Niftrik De Rotten Hongerveld
Meiberg Heiveld Kerkeveld
Rakenberg
422500
422500
Wighenerhorst
Uiversnest
Heidsche Broek
Overasseltsche- en Hatertsche Vennen Bullenkamp
Boskant Huisseling
422000
422000
Neerloon
Lunensche Broek
Zandberg
421500
421500
Lunen
Balgoij Hessenberg
De Schatkuil
421000
421000
Neder- en Overasseltsche Broek Valenberg De Brug
Engelbeemden
Overlangel
Het Broek Keent
Kleine Koolwijk 420500
420500
Putwielen
Herpen
0
Binnenveld 169500
TE1/wycu3_kb_wrdrng_te1
170000
170500
171000
171500
172000
172500
173000
173500
174000
Hamelspoel
174500
175000
175500
250
Nederasselt
500
Broekkampen
m 176000
176500
177000
177500
Lage Wijth
178000
178500
Hooge Wijth
179000
179500
180000
Molenhoek 180500
181000
181500
182000
182500
183000
183500