CConstaterende datwijchen
Koppel je AI →
Document · PDF

Reactie op motie Onderzoek sociale wijkteams.pdf

Raad openbaar Wijchen 28 januari 2021, gemeente wijchenBij agendapunt: 55805 Reactie op motie Onderzoek sociale wijkteams2.017 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Openbaar

Zaaknummer: Z/20/055805

Informatienota voor de gemeenteraad Onderwerp: Reactie op motie Onderzoek sociale wijkteams Aanleiding Met deze informatienota reageert het college op de motie 19/5/21405 Onderzoek naar Sociale wijkteams. Door de ontwikkelingen rond Rondom Wijchen, de noodzakelijke overname van alle contracten Wmo en Jeugdhulp en het herstellen van de aansturing van het Sociale wijkteam zijn we niet in staat geweest tijdig te reageren op deze motie. Het afgelopen jaar zijn de nodige veranderingen doorgevoerd om de basis op orde te krijgen. U bent hierover geïnformeerd middels een viertal uitgebreide informatienota’s. Het onderzoek naar het effect van de inzet van wijkteams op het Wmo-zorggebruik in de Wijchense situatie gedurende de periode 2015-2017 is op onderdelen achterhaald. Gewenst resultaat De motie van de raad is beantwoord. Vraagstelling motie: De raad roept het college op:  Te onderzoeken of de bevindingen van het Centraal Planbureau rapport “De wijkteambenadering nader bekeken – Het effect van de inzet van wijkteams op Wmo-zorggebruik, 2019” van toepassing zijn op de Wijchense situatie.  Te onderzoeken of het zinvol is de aanbevelingen over te nemen.  De raad hierover te informeren voor de begroting 2020.

Hoofdconclusie van het CPB-rapport Uit het onderzoek blijkt dat de inzet van wijkteams in de periode van 2015-2017 gezorgd heeft voor een stijging van het aantal cliënten in een Wmo-maatwerktraject met 14 procent. Sociale wijkteams leiden niet tot afschaling van Wmo-zorg, terwijl afschalen van dure vormen van ondersteuning juist een van de doelen van de Wmo 2015 was. In het CPB-rapport worden de volgende verklaringen gegeven voor deze conclusie: 1. De achtergrond van de indicatiesteller in het SWT lijkt een belangrijke rol te spelen. Indien medewerkers een zorg- of welzijnsachtergrond hebben blijken zij vaker te denken in zorgarrangementen en hiernaar toe te verwijzen. 2. Uit recenter onderzoek blijkt volgens het CPB dat een indicatiesteller met een ambtelijke achtergrond (in dienst bij gemeente) doorgaans minder snel doorverwijst naar 2de lijnszorg. Een mogelijke verklaring is dat de Wmo-consulent van de gemeente naast de belangen van de cliënt ook rekening houdt met de kosten voor de gemeente. 3. Wijkteams die outreachend werken en dus in de wijk op zoek gaan naar verborgen problematiek, zullen naar verwachting meer doorverwijzen dan een Wmo-loket dat alleen binnengekomen hulpvragen beoordeelt. 4. Wijkteams zijn beter in staat om, via een integrale aanpak, eerder op te schalen naar een maatwerkvoorziening om erger te voorkomen.

Met het bij elkaar brengen van meerdere zorgdisciplines zijn wijkteams er namelijk voor bedoeld om op een integrale manier multi-problematiek te bestrijden.

Pagina 1 van 5

Openbaar

Zaaknummer: Z/20/055805

5. Wijkteams lijken onvoldoende systematisch te kunnen werken om afschaling naar Wlz (Wet langdurige zorg) en Zvw (Zorgverzekeringswet) tijdig en juist te kunnen bewerkstelligen. Zijn de bevindingen van het Centraal Planbureau rapport “De wijkteambenadering nader bekeken – Het effect van de inzet van wijkteams op Wmo-zorggebruik” van toepassing zijn op de Wijchense situatie? In Wijchen zien wij ook een toename van indicaties Wmo in de periode 20152017 In het CPB-onderzoek is gekozen om alleen naar de Wmo-maatwerkvoorzieningen individuele begeleiding en dagbesteding te kijken. Deze voorzieningen maken 85 procent uit van het totale aanbod aan Wmo-voorzieningen waarvoor gemeenten vanaf 2015 verantwoordelijk zijn geworden. In Wijchen is in de periode van 2015 tot en met 2017 sprake van een forse stijging van het aantal cliënten met een nieuwe Wmomaatwerkvoorziening, namelijk 44%. In januari 2015 bedroeg het aantal unieke nieuwe Wmo-klanten 349 en in december 2017 502. Het aantal indicaties steeg in de genoemde periode met 42,6%. De stijging in Wijchen is dus aanzienlijk hoger dan de landelijke stijging (14%). De hoogte van de stijging kan deels verklaard worden door het feit dat dagbesteding voor ouderen in Wijchen een maatwerkvoorziening is (en dus meetelt in de indicaties) en geen algemene voorziening, zoals in vele andere gemeenten.

Hieronder geven wij aan in hoeverre de verklaringen voor de stijging zoals die genoemd worden in het CPB-rapport ook in Wijchen van toepassing waren/zijn. 

Als medewerkers een zorg- of welzijnsachtergrond hebben, denken zij vaker in zorgarrangementen en verwijzen zij eerder hiernaartoe. In de periode 2015-2017 had Wijchen twee sociale wijkteams. Naast Wmo-consulenten in gemeentelijke dienst, maakten wijkverpleegkundigen en een welzijnsmedewerker deel uit van de wijkteams. De welzijnsmedewerker stelde indicaties en werd, vanwege de welzijn kennis, betrokken bij de beoordelingen van klantvragen. De wijkverpleegkundigen waren toegevoegd om met name de somatische kennis aan het wijkteam toe te voegen. Ze werden naast preventieve activiteiten, voornamelijk ingezet voor ouderen en (chronisch) zieken. De wijkverpleegkundigen mochten zowel indicaties voor de Zorgverzekeringswet als de Wmo afgeven en vervulden een belangrijke intermediaire rol naar huisartsen, zorgtrajectbegeleiders dementie en andere wijkverpleegkundigen in Wijchen. De constatering uit het onderzoek dat het hebben van een zorg- of welzijnsachtergrond vaker leidt tot denken in zorgarrangementen, gaat waarschijnlijk ook voor Wijchen op.  Outreachend werken leidde tot een toename van cliënten met zorgindicatie. In 2015-2017 werd er nog niet outreachend gewerkt door het Wmo team. De Wmo vragen bereikten ons in deze periode vooral via de cliënten of hun sociaal netwerk, maatschappelijke organisaties of verwijzers zoals huisartsen en zorgtrajectbegeleiders dementie.

Deze constatering is beperkt van toepassing op de gemeente Wijchen. 

Indien het wijkteam werkt met een integrale benadering met meer disciplines in haar team, maakt dat dit team beter instaat is om eerder op te schalen naar maatwerkvoorzieningen om erger te voorkomen. Met het bij elkaar brengen van meerdere zorgdisciplines kan het sociale wijkteam op een integrale manier multi problematiek bestrijden. Soms kan bij Multi-probleemgevallen opschaling vanuit een maatschappelijk oogpunt wenselijk zijn. Het sociale wijkteam is om deze reden aangevuld met wijkverpleegkundigen en een welzijnswerker. Daarnaast werkten de interne collega’s van schuldhulpverlening en werk

Pagina 2 van 5

Openbaar

Zaaknummer: Z/20/055805

en inkomen ook samen met het sociale wijkteam wat een integrale aanpak bevordert. Dit laatste stond in 2015-2017 nog in de kinderschoenen. Wij vinden dat de integrale werkwijze van het sociale wijkteam zodanig was/is dat deze conclusie uit het onderzoek van toepassing is op de Wijchens situatie. 

Wijkteams lijken onvoldoende systematisch te kunnen werken om afschaling naar Wlz (wet langdurige zorg) en Zvw (Zorgverzekeringswet) tijdig en juist te kunnen bewerkstelligen. In de periode 2015-2017 was de afbakening tussen de verschillende wettelijke regimes op onderdelen nog onvoldoende uitgekristalliseerd. Ook hadden we nog niet het uitgebreide beoordelingskader dat we nu hebben voor het sociale wijkteam. Dit betekent dat het voor medewerkers uit het sociale wijkteam met regelmaat een zoektocht was of een voorziening op grond van de Wmo of anders gefinancierd diende te worden. Het is aannemelijk dat deze conclusie uit het onderzoek van toepassing was op de Wijchense situatie. Vergelijking conclusies met de huidige situatie Rondom Wijchen heeft in de periode na 2017 geëxperimenteerd met het betrekken van zorgprofessionals in de sociale wijkteams. Ook is de gemeente toen meer op afstand gekomen doordat de aansturing van het sociale wijkteam onder de verantwoordelijkheid van Rondom Wijchen viel. Na het stoppen van Rondom Wijchen heeft de gemeente Wijchen de regie over het sociale wijkteam teruggepakt. Onder de noemer “de basis op orde” zijn de nodige verbeteringen doorgevoerd. Dit kunt u lezen in de vier informatienota’s die u het afgelopen jaar heeft ontvangen over de stand van zaken in het sociale domein in Wijchen. Zie voor de meest recente Z/20/054798.

Er is een stringent beoordelingskader opgesteld voor het sociale wijkteam waarlangs zij hun beoordeling doen. Ook is een manager aangesteld die stuurt op de werkwijze en inhoudelijke kennis van het sociale wijkteam. De medewerkers zijn vanaf 2021 overwegend in dienst van de Werkorganisatie. Daar waar medewerkers gedetacheerd zijn (wijkverpleegkundigen van ZZG en opbouwwerkers van MeerVoormekaar) maken we duidelijke afspraken over de inbreng in het sociale wijkteam. We zien daarnaast dat door het complexer worden van de casuïstiek het integraal werken met verschillende disciplines in het sociale wijkteam belangrijk is. Zo wordt er samengewerkt met de schuldhulpverleners en de inkomensconsulenten van de gemeente om vroegtijdig financiële problemen te onderkennen en op te lossen. Met de doorontwikkeling van het regieteam kunnen we bij kwetsbare complexe inwonersvragen outreachend werken vanuit het sociale wijkteam. We richten ons hier specifiek op zorgelijke situaties. Daarnaast werken we met dorpsondersteuners. Op deze wijze bereiken we inwoners op een laagdrempelige manier waarbij de inzet zich richt op zelf verstrekking en ondersteuning vanuit het dorp “de gemeenschap”. En niet direct op maatwerkvoorzieningen volgens de Wmo of Jeugdwet.

Is het zinvol de aanbevelingen uit het CPB-rapport over te nemen? Het onderzoek levert een aantal aangrijpingspunten op om grip te houden op het gebruik van maatwerkvoorzieningen. De aanbevelingen richten zich op de kostenkant en staan los van mogelijke baten van het sociaal wijkteam en baten van doorverwijzingen naar de tweede lijn. Hieronder geven wij kort de aanbevelingen weer met daarop onze reactie of het zinvol is om deze aanbeveling over te nemen. Aanbevelingen:

Pagina 3 van 5

Openbaar

Zaaknummer: Z/20/055805

1. Een mogelijkheid om het aantal doorverwijzingen te beperken is om de toeleiding voor relatief simpele hulpvragen via Wmo-loketten te laten lopen, in plaats van wijkteams. Alleen voor complexe casussen wijkteams in te zetten om via een integrale aanpak tot een oplossing te komen. In Wijchen hebben wij enkele jaren geleden door de opheffing van Vraagwijzer, de beweging gemaakt naar één sociaal wijkteam voor alle ondersteuningsvragen. Het is niet opportuun om nu op deze keuze terug te komen. We voeren veranderingen door binnen deze ene toegang. Zo brengt de welzijnsmedewerker kennis is over collectief aanbod, maar heeft deze niet langer een indicerende rol. 2. Schroef de invloed van aanbieders in het wijkteam terug. Momenteel is het sociale wijkteam in Wijchen volledig onder aansturing van de gemeente. Aanbieders hebben alleen een adviesrol. 3. Verbeter het kennisniveau van Wmo-consulenten en andere gemeentelijke medewerkers in wijkteams. Met deze aanbeveling zijn wij het volledig eens. Wij zijn doorlopend bezig met het verder trainen en opleiden van onze wijkteammedewerkers. Hierbij is o.a. aandacht voor zorginhoudelijke kennis, kostenbewustzijn en het omgaan met druk vanuit klanten of aanbieders. Zo wordt bij productbestellingen de kostprijs van de indicatie zichtbaar voor de medewerker om meer kostenbewustzijn te creëren. 4.

Geef het wijkteam alleen een adviserende rol, maar maak de beslissing over doorverwijzing uiteindelijk zelf als gemeente. Deze aanbeveling zou tot veel extra bureaucratie leiden. Zoals gesteld wordt het sociaal wijkteam momenteel volledig aangestuurd vanuit de gemeente. Ook is er een CTA-overleg (consultatie, toetsing en afhandeling) in het leven geroepen waarin de caseload met verschillende disciplines wordt doorgenomen. Aan de hand van het nieuwe besliskader vindt de inhoudelijke afweging plaats bij de toekenning van voorzieningen. Hiermee hebben we goed zicht op welke voorzieningen vanuit welke grondslag worden toegekend en of dit een juiste beoordeling is. 5. Vergelijk wijkteams, aanbieders of consulenten met elkaar om de grip op de inzet van voorzieningen te versterken. Deze aanbeveling is zinvol om verder uit te werken. Momenteel gebruiken we al informatie over verschillen in trajectkosten tussen aanbieders voor het contractmanagement. Aanbieders die een sterke groei laten zien en wervend gedrag vertonen worden hierop aangesproken. Grote verschillen in doorverwijzingen tussen medewerkers kan aanleiding zijn om hier met elkaar over in gesprek te gaan. 6. Kies de meest passende bekostigingsstructuur. Het is Rondom Wijchen niet gelukt om vanuit de gedachte van populatiegebonden bekostiging een kentering aan te brengen. Inmiddels zijn we weer terug bij een p*q-bekostiging.

Aan alle bekostigingsstructuren zijn voor- en nadelen verbonden. Voorlopig hebben wij niet de behoefte om de wijze van bekostiging aan te passen. We blijven als gemeente Wijchen de landelijke onderzoeken volgen en gebruiken om onze kennis te vergroten en werkzame bestanddelen uit op te halen. Blijvend informeren van de raad over de ontwikkelingen van het sociale wijkteam. In 2021 blijven we via de bestaande P en C-cyclus de raad frequent informeren over de ontwikkelingen van onder andere het sociale wijkteam (toegang).

Pagina 4 van 5

Openbaar

Zaaknummer: Z/20/055805

Geheimhouding: N.v.t. Bijlagen Bijlage 1: Motie Onderzoek sociale wijkteams 2019. Bijlage 2: Rapport CPB, De wijkteambenadering nader bekeken – Het effect van de inzet van wijkteams op Wmo-zorggebruik, 2019

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=wdw&id=9575c385-5909-499a-b636-fc1d93496f27