Notitie financieel evenwicht 2026-2029 Wijchen
Tekst van het document
Notitie financieel evenwicht Wijchen 2026-2029 Inleiding Voor u ligt een notitie over het financieel evenwicht binnen de gemeente Wijchen. Met deze notitie geeft de raad de kaders weer voor het oplossen van het begrotingstekort vanaf 2026 (het zogenaamde ‘ravijn’). Met een motie heeft de gemeenteraad bij de Begroting 2025 het college opgeroepen om bij de Perspectiefnota 2025 een concreet voorstel uit te werken met nieuwe inkomstenbronnen en kostenbesparingen, buiten de OZB. Daarbij is ook aangegeven het proces met de ambtelijke organisatie en raad te doorlopen. Met deze stap in het proces geeft de raad richting aan een evenwichtige balans in het nog op te stellen pakket aan maatregelen. Hiermee stelt de raad het college beter in staat een voorstel uit te werken in de Perspectiefnota om, met de kennis van de meicirculaire, tot een sluitende begroting te komen. Waarop je wel en waarop je niet wilt bezuinigen is primair een politieke keuze. Deze keuzes baseren we zo veel mogelijk op de aanwezige strategische documenten, waarin heldere uitgangspunten voor de koers van de gemeente Wijchen zijn vastgelegd.
In eerste instantie ziet deze notitie erop toe om de hoogte van het begrotingstekort met de kennis van nu te bepalen, wetende dat een begroting van een gemeente dynamisch is door zowel ontwikkelingen aan de kostenkant op het gebied van onder andere de jeugdzorg, WMO en bijstandsontwikkeling. Maar zeker ook aan de inkomstenkant, waar we voor het grootste gedeelte afhankelijk zijn van de bijdrage van het Rijk. Vervolgens beschrijven we het prioriteringskader voor het kunnen wegen van de diverse bezuinigingsmogelijkheden. Deze notitie vormt de basis voor de keuzes die het college middels de Perspectiefnota zal voorleggen aan uw raad. Bij de behandeling van de Perspectiefnota in juli, kan de raad richting geven aan de uitwerking in de meerjarenbegroting. In november neemt de raad definitief beslissingen over de mogelijke bezuinigingen in 2026.
1
Inhoud Inleiding ............................................................................................................... 1 Het ravijn ............................................................................................................. 3 Proces gemeente Wijchen ....................................................................................... 3 Actuele begroting Wijchen ...................................................................................... 5 Financieel afwegingskader ...................................................................................... 6 Bezuinigingsopgave ............................................................................................... 8 Prioriteringskader bezuinigingen .............................................................................. 9
2
Het ravijn Vanaf 2026 krijgen gemeenten onvoldoende geld van het Rijk om hun taken uit te voeren. Het kabinet kort het gemeentefonds dan met maar liefst € 2,4 miljard. Landelijk wordt niet voor niets gesproken van een ravijn, omdat 75% van de gemeenten dan in de rode cijfers terecht komt. Zo ook de gemeente Wijchen. Gemeenten in Nederland zijn voor gemiddeld 70% van hun inkomsten afhankelijk van het Rijk. Als dat ineens minder wordt, merken gemeenten dat meteen. Het vorige kabinet heeft een nieuwe financieringssystematiek voor het gemeentefonds aangekondigd en vooruitlopend daarop een korting op het gemeentefonds doorgevoerd vanaf 2026. Die nieuwe systematiek is er nooit echt gekomen, maar de korting is wel blijven staan. Dat betekent dat gemeenten vanaf 2026 minder geld krijgen, terwijl ze wel al hun taken moeten blijven uitvoeren. Een bezuiniging dus. Daarbij is er nog een flinke financiële tegenvaller. Gemeenten krijgen te weinig geld van het Rijk om de stijgende kosten door inflatie, vergrijzing en bevolkingsgroei op te vangen. Dat komt door een nieuw financieringssysteem voor inflatiecompensatie, dat gebaseerd is op ramingen van het Centraal Planbureau (CPB). Het probleem? Het CPB heeft de inflatie de afgelopen 7 jaar steeds te laag ingeschat. Hierdoor krijgen gemeenten jaarlijks € 400 miljoen te weinig.
Ook op het gebied van de jeugdzorg krijgen gemeenten onvoldoende geld van het Rijk. De onafhankelijke adviescommissie-Van Ark adviseert in haar rapport van januari 2025 om de besparingen op basis van de hervormingsagenda jeugd voorlopig terug te draaien en gemeenten voldoende geld te geven om de jeugdzorgtaken gewoon uit te kunnen voeren.
Proces gemeente Wijchen Hoewel duidelijke signalen (niet alleen vanuit gemeenten) naar het Rijk gaan over de nadelige gevolgen van de bezuinigingen voor inwoners, is er tot op heden geen compensatie aangekondigd door het Rijk. Gemeenten hebben de wettelijke taak een structureel sluitende begroting vast te stellen en worden ook door de Provincies hierop getoetst. We moeten dus aan te slag met de tekorten. Binnen de gemeente Wijchen zijn we in 2023/2024 al gestart met voorbereidingen. In de Perspectiefnota 2024 hebben we mogelijke oplossingsrichtingen opgenomen. Bij de Begroting 2025 zijn de eerste keuzes gemaakt, waarmee de begroting 2025 sluitend is gemaakt en de opgave voor 2026 en verder is verkleind. Naarmate het jaar 2026 dichterbij komt en meer duidelijkheid komt over (het gebrek aan) de compensatie vanuit het Rijk, moeten er steeds concretere besluiten genomen worden. Op de volgende pagina hebben we het proces weergegeven. Met deze notitie stelt de raad het financieel afwegingskader vast en het prioriteringskader voor de mogelijke bezuinigingen. In de meicirculaire zien we de vertaling terug van de voorjaarsnota van het Rijk, naar een actuele berekening van de algemene uitkering aan gemeenten. Dit kan een behoorlijke impact hebben op de huidige financiële opgave.
Zodra de meicirculaire bekend is, kan het college in de Perspectiefnota een eerste (inhoudelijke) voorstel doen van noodzakelijke maatregelen om het financiële evenwicht te herstellen. De raad kan bij de behandeling van de Perspectiefnota het debat hierover voeren en richting geven aan de uitwerking in de Begroting 2026. In november neemt de gemeenteraad de beslissingen op de noodzakelijke maatregelen.
3
Perspetiefnota 2024, eerste oplossingsrichtingen Begroting 2025 sluitend, voorbereiden op ravanijn vanaf 2025
Financieel afwegingskader
Prioriteringskader bezuinigingen
Prioriteren bezuinigingen (na verschijnen meicirculaire)
Voorgenomen keuzes in Perspectiefntoa
Raad geeft richting bij behandeling Perspectiefnota
Besluit Begroting 2026 November (na verschijnen Septembercirculaire)
Op de volgende pagina gaan we in op de actuele situatie in Wijchen. Door middel van het innemen van standpunten concretiseren we in eerste instantie de financiële omvang, waarna we kaders stellen voor het invullen van de opgave. Vervolgens beschrijven we het prioriteringskader, waarmee we de mogelijke bezuinigingsmaatregelen kunnen afwegen.
4
Actuele begroting Wijchen De Begroting 2025 van de gemeente Wijchen laat een structureel tekort zien vanaf 2026. Om deze tekorten om te buigen is in 2023/ 2024 een ombuigingsproces opgestart. Oplossingsrichtingen zijn gepresenteerd in de Perspectiefnota 2024 en bij de Begroting 2025 zijn al maatregelen doorgevoerd op het gebied van OZB, duurzaamheid en jeugdzorg. Na het vaststellen van de Begroting 2025 hebben er ontwikkelingen plaatsgevonden en ook naar de toekomst toe zien we ontwikkelingen op ons af komen, die nog van invloed zijn op ons begrotingssaldo. Tabel 1: Ontwikkelingen ten opzichte van de vastgestelde meerjarenbegroting (Begroting 2025). Bedragen x € 1 mln
2026
2027
2028
2029
Begroting 2025-2028
-3,0
-2,5
-2,1
-1,8
BUIG uitkering Decembercirculaire accres Ontwikkelingen bestaand beleid Coalitieakkoord 2026-2030 Onvoorzien Gemeentefonds Begrotingssaldo
-0,6 0,2 0,3 0,0 -0,5 Pm -3,7
-0,6 0,3 0,2 -0,2 -0,5 Pm -3,4
-0,6 0,4 0,1 -0,4 -0,5 Pm -3,1
-0,6 0,5 -0,4 -0,6 -0,5 Pm -3,4
Onder de post ‘ontwikkelingen bestaand beleid’ hebben we een aantal actualisaties ten opzichte van de vastgestelde begroting opgenomen, zoals hogere te verwachten inkomsten uit toeristenbelasting en mogelijke mutaties op vastgoed bijvoorbeeld vanuit het op te stellen integraal huisvestingsplan scholen en de wettelijke taak tot verduurzaming van onze gebouwen. Een grove inschatting van ontwikkelingen laat een structureel begrotingstekort zien tussen de € 3 miljoen en € 4 miljoen in de komende vier jaren. Dit ervan uitgaande dat er geen compensatie vanuit het Rijk komt in de algemene uitkering. In eerste instantie gaan we in het volgende hoofdstuk in op het concretiseren van bovenstaand begrotingssaldo met het financieel afwegingskader. Daarmee bepalen we de financiële opgave van dit moment en geven we richting aan de oplossingen hiervoor.
5
Financieel afwegingskader Met onderstaande standpunten komen we tot het verder concretiseren van de financiële opgave met de kennis van nu. 1. We prioriteren onze bezuinigingsmogelijkheden, maar wachten de meicirculaire af voor het nemen van besluiten op voorgenomen bezuinigingsmaatregelen. De hoogte van de algemene uitkering is bepalend voor de uiteindelijke omvang van de bezuinigingsopgave. Er zijn verschillende ontwikkelingen gaande die de hoogte van de algemene uitkering sterk kunnen beïnvloeden, zoals het advies deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd, actualisatie van de maatstaf huishoudens laag inkomen en de omvang van het ravijn. Dit betekent dat we niet stil gaan zitten afwachten maar uitvoering geven aan het bezuinigingsproces en in kaart brengen welke bezuinigen afgewogen en mogelijk zijn.
2. We accepteren een niet sluitende begroting in het eerste begrotingsjaar, als dat in het verloop van de vier jaren in het meerjarenperspectief wel tot stand wordt gebracht. We gaan geen voorzieningen afbreken, of belastingen tijdelijk verhogen, om het eerste jaar van de meerjarenbegroting sluitend te krijgen. De reservepositie van Wijchen is goed genoeg om een tekort in het eerste jaar, of daaropvolgende jaren, op te vangen. Wijchen staat voor een robuuste meerjarenbegroting, waarbij de inwoner kan rekenen op een stabiel voorzieningenaanbod en belastingniveau.
3. We accepteren tijdelijk de komende vier jaar een structureel tekort van maximaal € 750k. We vangen dit tekort op uit onze reserves, door inzet van het surplus van de algemene reserve. Zodra de algemene reserve hier niet meer voldoende in voorziet, dan verlagen we dit toegestane begrotingstekort naar rato. We mogen van de toezichthouder 10% van het surplus inzetten als structureel dekkingsmiddel. De afgelopen jaren is in de praktijk vrijwel continu een voordeel ten opzichte van de begroting gerealiseerd. Daarmee is de kans aanzienlijk dat we feitelijk geen onttrekking uit de algemene reserve hoeven te doen, als blijkt dat dit beeld zich doorzet naar de toekomst. We vinden dit, vanuit een financieel robuuste gedachte, echter geen uitgangspunt om te handhaven voor de middellange, tot lange termijn. We evalueren via de P&C cyclus het verloop van de feitelijk resultaat en de ontwikkeling van de algemene reserve, en streven naar een neutrale begroting op de middellange termijn.
4. We zoeken met de maatregelen naar een evenwichtige balans in de begroting. Voor het beoordelen van een evenwichtige balans over de gemeentelijke begroting, kunnen we de begroting in drie categorieën indelen. ‘Bestuur en ondersteuning’ bestaat voornamelijk uit de kosten van het bestuur en de bijdrage aan de WDW. De ‘zachte sector’ betreft alle kosten voor het sociaal domein, onderwijs, cultuur en sport. De ‘harde sector’ heeft betrekking op veiligheid, wonen en bouwen, economie en milieu. We toetsen of de maatregelen in lijn liggen met de huidige verdeling tussen deze categorieën.
6
Daarmee streven we naar: • Een evenwichtige verdeling van maatregelen, zodat geen enkele sector of groep onevenredig wordt getroffen. • Het beperken van de financiële lasten voor inwoners en ondernemers, tenzij dit onvermijdelijk is. • Het behoud van essentiële voorzieningen en infrastructuur, met oog voor de sociale en economische samenhang binnen de gemeenten.
5. We richten ons in eerste instantie op bezuinigingen, dan wel extra inkomsten, met relatief grote financiële impact, maar met een zo laag mogelijke maatschappelijke impact.. Hiermee beogen we om met relatief weinig maatregelen een grote financiële impact te realiseren met een zo laag mogelijke maatschappelijke impact en hoeven we niet over de hele breedte het voorzieningenniveau af te schalen. Wel kan het zijn dat breder moeten kijken, wanneer de gevonden maatregelen niet in balans zijn zoals benoemd in standpunt 4.
6. We leveren bestaand beleid in om nieuw beleid te realiseren. Zowel voor het coalitieakkoord als andere nieuwe ontwikkelingen waar we als gemeente zelf voor kiezen, of waar de gemeente als gevolg van nieuwe wet- en regelgeving mee geconfronteerd wordt, maken we geld vrij door in bestaande voorzieningen te snijden, of door meer inkomsten te genereren. Zo lang het financieel perspectief niet in positieve zin wijzigt, zoeken we in eerste instantie binnen het programma naar dekking voor nieuw beleid. Dat kan zijn vanuit de prioriteringslijst die we maken voor het herstellen van het financieel evenwicht, maar kan ook gevonden worden door naar verdere mogelijkheden te zoeken in het betreffende programma.
7. De OZB laten we voor inwoners in 2026 naast de inflatiecorrectie niet verder stijgen dan de opgenomen 7,5% in de Begroting 2025, maar kan vanaf 2027 wel verder stijgen. In de raad van november is bij de begrotingsbehandeling 2025 een amendement aangenomen, waarmee de raad een plafond heeft ingesteld voor de OZB-stijging 2026. De OZB mag in 2026 naast de inflatiecorrectie niet verder stijgen, dan de 7,5% die nu in de begroting is opgenomen. Dit standpunt respecteren we. Wel houden we de optie open om te kijken naar een aanpassing in de verhouding tussen de OZB woningen en nietwoningen. Daarnaast houden we de optie open voor verhogingen in het meerjarenperspectief, meer dan alleen de indexatie.
8. We nemen de mogelijke bezuinigingen op de GR’en, waartoe we ze regionaal hebben opgeroepen, in de prioriteringslijst pas mee nadat we hier inhoudelijke voorstellen vanuit de GR’en hebben ontvangen. Per brief hebben we samen met de regio de gemeenschappelijke regelingen (GGD, ODRN, VRGZ en MGR) verzocht om in de begroting 2026 te komen met bezuinigingsvoorstellen, rekening houdend met de financiële situatie van de gemeenten. Deze begrotingen ontvangen we pas in april en pas dan kunnen we inhoudelijke afwegingen daarop maken. Daarmee is het voor die tijd niet mogelijk om maatregelen af te wegen tegen de andere bezuinigingsvoorstellen.
7
Bezuinigingsopgave In tabel 1 op pagina 4 hebben we de ontwikkelingen ten opzichte van de meerjarenbegroting geschetst. Wanneer we de standpunten uit het hier voorgaand beschreven afwegingskader vertalen, ziet de financiële opgave er als volgt uit: Tabel 2: Financiële opgave als gevolg van het financieel afwegingskader Bedragen x € 1 mln
Begrotingssaldo Coalitieakkoord opvangen in bestaande budgetten Inzet surplus algemene reserve Gemeentefonds Opgave bestaand beleid
2026 -3,7
2027 -3,4
2028 -3,1
2029 -3,4
0 0,8 Pm -2,9
0,2 0,8 Pm -2,4
0,4 0,8 Pm -1,9
0,6 0,8 Pm -2,0
Bovenstaande tabel laat zien dat we een bezuinigingsopgave van € 2 tot € 3 miljoen hebben in de komende jaren, als er geen extra geld van het rijk bij komt.
8
Prioriteringskader bezuinigingen Op basis van het hier voorgaand beschreven financieel kader is de bezuinigingsopgave met de kennis van nu € 2 miljoen tot € 3 miljoen in de komende vier jaar. In zijn algemeenheid wordt het bezuinigingsproces geleid door de volgende uitgangspunten: • • •
Het streven naar een evenwichtige verdeling van maatregelen, zodat geen enkele sector of groep onevenredig wordt getroffen. Het beperken van de financiële lasten voor inwoners en ondernemers, tenzij dit onvermijdelijk is. Het behoud van essentiële voorzieningen en infrastructuur, met oog voor de sociale en economische samenhang binnen de gemeenten. Het tijdelijk inzetten van reserves als vangnet, maar uitsluitend in situaties die bijdragen aan structurele oplossingen.
Waarop we wel en waarop we niet willen bezuinigen is primair een politieke keuze. Deze keuzes baseren we zo veel mogelijk op de aanwezige strategische documenten, waarin heldere uitgangspunten voor de koers van de gemeente Wijchen zijn vastgelegd. De meest recente strategische documenten zijn: Speerpunten Strategisch kompas 2035: - Voldoende woningen voor inwoners in elke levensfase; - Aantrekkelijke wijken en kernen, met goede voorzieningen en goede bereikbaarheid; - Iedereen aan het werk. Bij het vestigen van bedrijven geldt kwaliteit boven kwantiteit; - Een sterke, gezonde, sociale samenleving, met oog voor mentale en fysieke gezondheid, preventie, maatwerk en zorg dichtbij huis; - Energie neutraal en fossielvrij; - Krachtige samenwerking tussen gemeenten, inwoners, ondernemers en partners. Coalitieakkoord 2022-2026: - Wijchen is er voor de inwoners; - Wijchen houdt koers op de grote opgaven van morgen; - Wijchen is een teamspeler in de regio. Gemeenschappelijke regelingen Samen met de regio heeft het college een brief gestuurd naar de gemeenschappelijke regelingen, met de opdracht om scenario’s uit te werken, waarbij de structurele vermindering van gemeentelijke middelen als uitgangspunt wordt gehanteerd. Medio april verwachten we de Ontwerpbegroting van deze gemeenschappelijke regelingen.
Werkorganisatie Druten Wijchen Een bezuiniging op de werkorganisatie koppelen we aan het vervallen van concrete taken voor die werkorganisatie. Pas als taken worden geschrapt heeft dit consequenties voor de financiering van de werkorganisatie. Daarbij kijken we ook naar de ondersteunende kosten van bedrijfsvoering. Overige factoren Bij het beoordelen en wegen van de mogelijke maatregelen nemen we de mate van uitvoerbaarheid en de hoogte van eventuele frictie- of transitiekosten mee. Met de mate van uitvoerbaarheid bedoelen we wat ervoor nodig is om de besparing te realiseren, of we daar afhankelijk bij zijn van externe factoren en of het binnen een jaar, of pas na meerdere jaren besparing oplevert.
9
Balans over programma’s Voor het beoordelen van een evenwichtige balans over de gemeentelijke begroting, kunnen we de begroting in drie categorieën indelen. Bestuur en ondersteuning bestaat voornamelijk uit de kosten van het bestuur en de bijdrage aan de WDW. De zachte sector betreft alle kosten voor het sociaal domein, onderwijs, cultuur en sport. De harde sector heeft vooral betrekking op veiligheid, wonen en bouwen, economie en milieu. Programma 0 1 2 3 4 5 6 7 8
Programma omschrijving Bestuur en ondersteuning Veiligheid Verkeer en vervoer Economie Onderwijs Sport, cultuur, recreatie Sociaal domein Volksgezondheid en milieu Wonen en bouwen
Bedrag x € 1.000 37.718 3.391 3.486 97 3.159 7.743 46.189 3.485 156
Categorie Bestuur en ondersteuning Harde sector Harde sector Harde sector Zachte sector Zachte sector Zachte sector Harde sector Harde sector
In onderstaande tabel laten we de verhouding zien in de structurele begroting. Daar komt bij dat bij alle sectoren het grootste deel van de begroting niet beïnvloedbaar is vanwege de uitvoering van wettelijke taken. Categorie
Bestuur en ondersteuning Harde sector Zachte sector
Aandeel in structurele begroting 36% 10% 54%
10