Definitieve rapportage Hoogwaardige fietsroute Alverna
Tekst van het document
Rapportage onderzoek Hoogwaardige fietsroute Alverna – TKWM Wijchen
Colofon Opdracht Rapportage onderzoek hoogwaardige fietsroute Alverna – TKWM Wijchen
Opdrachtgever Gemeente Wijchen t.a.v. G. de Kock Kasteellaan 27 6602 DB Wijchen
Opdrachthouder Studio Verbinding B.V. Nieuwe Dukenburgseweg 9 6534 AD Nijmegen +31 (0) 24 420 00 65 www.studioverbinding.nl
Projectnummer 6078
Projectmedewerkers Lucas Bijl Rens Korsten Ferry van der Haar Fleur Alofs
Status Definitieve versie
Controle Alexander Beterams
Datum 19 juni 2023
Pagina 2 van 67
Inhoudsopgave Colofon ..................................................................................................................................... 2 Inhoudsopgave ........................................................................................................................ 3 1
Achtergrond en aanleiding ............................................................................................. 5
2
Methode ............................................................................................................................ 6 2.1 Omschrijving onderzoeksgebied ............................................................................... 6 2.1.1 Route 1 – Leemweg ............................................................................................... 6 2.1.2 Route 2 – Valendrieseweg..................................................................................... 7 2.1.3 Route 3 – Oosterweg ............................................................................................. 7 2.2 Werkwijze .................................................................................................................. 7 2.2.1 Hoogwaardige fietsroute ........................................................................................ 7 2.2.2 Fietsbaarheid ......................................................................................................... 8 2.2.3 Vier ruimtelijke thema’s .......................................................................................... 8 2.2.4 Structuur en dataverzameling ................................................................................ 9
3
Inventarisatie gegevens ................................................................................................ 10 3.1
Mobiliteitsvisie Druten-Wijchen ................................................................................ 10
3.2 Verkeerstelling ......................................................................................................... 10 3.2.1 Belangrijkste data ................................................................................................ 11 3.2.2 Verhouding fiets/auto ........................................................................................... 12 3.3 Verkeersongevallen en snelheid ............................................................................. 13 3.3.1 Ongevallen .............................................................................................................. 13 3.3.2 Snelheid .................................................................................................................. 15 3.3.3 Vergelijking met verkeerstelling .............................................................................. 16 3.4 Verkeersmodel 2032................................................................................................ 16 3.4.1 Toename gemotoriseerd verkeer 2032 ............................................................... 16 4
Fietsbaarheid ................................................................................................................. 18 4.1
Directheid ................................................................................................................. 18
4.2 Bestemmingen ......................................................................................................... 20 4.2.1 Lokale bestemmingen om en nabij route ............................................................. 20 4.2.2 Bestemmingen in omgeving ................................................................................ 22 4.3 Veiligheid ................................................................................................................. 23 4.3.1 Knelpunten ........................................................................................................... 23 4.3.2 Autoparkeren langs de routes.............................................................................. 27 4.3.3 Overzicht Veiligheid ............................................................................................. 28 4.4 5
Comfort .................................................................................................................... 29
Beoordeling en routekeuze........................................................................................... 31 Conclusie ............................................................................................................................. 32
6
Inrichting hoogwaardige fietsroute Leemweg ............................................................ 33 6.1
Minimale breedtes inrichtingen hoogwaardige fietsroute ........................................ 34
6.2
Dwarsprofiel en passende inrichting per traject ...................................................... 35
6.3
Keuze inrichting hoogwaardige fietsroute................................................................ 39
Pagina 3 van 67
6.3.1 6.3.2 6.3.3 6.4 7
Continuïteit route ................................................................................................. 39 Voordelen van een fietsstraat .............................................................................. 40 Varianten fietsstraat ............................................................................................. 41 Conclusie inrichting .................................................................................................. 43
Aanpak knelpunten en visualisaties fietsstraat ......................................................... 45 7.1
Algemene knelpunten .............................................................................................. 45
7.2
Shared space (tussen N324 en traject 1) ................................................................ 46
7.3
Traject 1 ................................................................................................................... 46
7.4
Traject 2 ................................................................................................................... 48
7.5
Traject 3 ................................................................................................................... 53
7.6
Traject 4 ................................................................................................................... 56
7.7
Traject 5 ................................................................................................................... 59
Bijlage 1: Intensiteiten uit verkeersmodel .......................................................................... 63 Bijlage 2: Toename intensiteiten per rijrichting ................................................................. 64 Bijlage 3: Toename intensiteiten ochtend- en avondspits per rijrichting........................ 65 Bijlage 4 : Details ongevallen uit ViaStat ............................................................................ 67
Pagina 4 van 67
1 Achtergrond en aanleiding Gemeente Wijchen heeft in het coalitieakkoord 2022-2026 uitgesproken fietsen en wandelen te stimuleren door dit aantrekkelijker te maken. Hieraan wordt invulling gegeven door fietsers betere fietsverbindingen te bieden. Het realiseren van hoogwaardige, aantrekkelijke en veilige fietsroutes is hier onderdeel van. Een van de verbindingen waar u een hoogwaardige fietsroute wenselijk acht, is die tussen Alverna en het centrum van Wijchen, hierna TKWM (Tussen Kasteel en Wijchens Meer) genoemd. Langs de huidige routes zijn verschillende scholen en sportverenigingen gelegen, waardoor er op piekmomenten veel fietsverkeer tussen Alverna en Wijchen is. Een hoogwaardige fietsroute op de juiste plek verbetert de veiligheid en het comfort voor het grote aantal fietsers en maakt fietsen hier nog aantrekkelijker. Hierbij wordt ook aansluiting gezocht met de ontwikkeling van TKWM. Het TKWM wordt in de toekomst meer nadrukkelijk een verblijfsgebied, waar de realisatie van een hoogwaardige fietsverbinding vanaf Alverna goed bij aansluit. Omdat er meerdere routes mogelijk zijn om als hoogwaardige fietsverbinding in te richten is het van belang om een onderbouwde keuze voor de beste route te maken. U heeft Studio Verbinding daarom gevraagd om te onderzoeken welke route tussen Alverna en TKWM in Wijchen het meest geschikt is om als hoogwaardige fietsroute in te richten.
Daarnaast wilt u graag weten welke inrichting(en) het meest geschikt is/zijn voor de gekozen route. Om een meetbaar, onderbouwd advies te geven voor de keuze van de meest geschikte route onderzoeken wij de fietsbaarheid aan de hand van onze fietsbaarheidstool. Als input voor de tool heeft u aangegeven welke thema’s u belangrijk vindt voor een hoogwaardige fietsroute. Dit zijn de directheid, de bestemmingen, de veiligheid en het comfort van de route. Nadat we in overleg met u de meest geschikte route hebben gekozen, volgt een uitwerking van de inrichting van deze route.
Pagina 5 van 67
2 Methode 2.1
Omschrijving onderzoeksgebied
Het onderzoeksgebied (Figuur 1) bevindt zich tussen Alverna en het centrum van Wijchen. Aan de westkant van het gebied ligt de woonwijk Valendries en aan de oostkant de Graafseweg (N324). Deze provinciale weg loopt van Nijmegen via Wijchen/Alverna richting Grave. Binnen het studiegebied bevinden zich drie wegen vanaf de N324 richting TKWM in Wijchen, namelijk de Leemweg, Valendrieseweg en Oosterweg. Deze drie wegen vormen ook de drie te onderzoeken routes.
Alverna
TKWM
Figuur 1: Onderzoeksgebied hoogwaardige fietsroute Alverna - TKWM
2.1.1
Route 1 – Leemweg
De Leemweg is de meest noordelijke weg in het onderzoeksgebied. De Leemweg is vanaf Alverna voor auto’s bereikbaar via een parallelweg van de Graafseweg. Voor fietsers en voetgangers is de Leemweg ook bereikbaar vanaf de Heumenseweg. Vanaf hier is er een fiets- en voetgangersoversteek met VRI over de N324. De Leemweg is overwegend erftoegangsweg (ETW-30), met gedeeltes waar 30 km/uur en 50 km/uur gereden mag worden. De weg is aan weerszijden verlicht en kent verschillende gelijkwaardige kruispunten met wegen in noord-zuid richting. Voor fietsers is vanaf Alverna aan weerszijden van de Leemweg een vrijliggend fietspad aanwezig. Tussen de rijbaan en de twee fietspaden bevindt zich een in breedte wisselende berm of een smalle afscheiding tussen de rijbaan en de fietspaden. De laatste circa 150 meter van de Leemweg, tussen de Acaciastraat en de Kasteellaan, bestaat uit een gemengde rijbaan. Route 1 splitst zich hierna op in drie sub-routes. De eerste sub-route (1A) is gesitueerd via de Acaciastraat en de Lindenstraat, tot het kruispunt met de Meester van Coothlaan. Deze sub-
Pagina 6 van 67
route bestaat volledig uit een gemengde rijbaan en ligt in een woonwijk met weinig doorgaand autoverkeer. In de Acaciastraat, ter hoogte van het Everardusplein is een ‘knip’ voor gemotoriseerd verkeer. Route 1B volgt een aftakking van de Leemweg en sluit aan op de Kasteellaan. Dit is een ETW-30, maar heeft meer een gebiedsontsluitend karakter dan route 1A. Fietsers worden op fietssuggestiestroken afgewikkeld. De Kasteellaan ligt door het centrum, maar route 1B loopt tot het kruispunt met de Meester van Coothlaan. Route 1C volgt vanaf de Leemweg eerst een deel van de Acaciastraat en buigt daarna af naar de Ringlaan. De Ringlaan sluit aan op de Kasteellaan, waar routes 1B en 1C weer samengevoegd worden.
2.1.2
Route 2 – Valendrieseweg
De Valendrieseweg is vanaf Alverna voor zowel auto’s als fietsers bereikbaar vanaf een parallelweg van de Graafseweg. De gehele weg is een ETW en bestaat uit een gemengde rijbaan van ongeveer vijf meter breed, met deels een maximum snelheid van 30 km/uur en deels 50 km/uur. De route is verlicht en kent verschillende kruisingen waar rechts voorrang heeft. Om de snelheid richting kruisingen te verminderen, zijn verkeersdrempels en -plateaus geplaatst. Route 2 sluit aan op de Meester van Coothlaan, ter hoogte van de Emilia van Nassaustraat.
2.1.3
Route 3 – Oosterweg
De Oosterweg is vanaf de rotonde op de N324 bereikbaar voor auto’s en fietsers. Het eerste gedeelte van de Oosterweg is een gebiedsontsluitingsweg waar een maximum snelheid van 50 km/uur geldt (GOW-50). Langs de eerste circa 900 meter vanaf de rotonde is aan weerszijden van de weg een vrijliggend fietspad aanwezig. Daarna gaat de weg verder naar het zuiden als de Meerdreef. Bij dit kruispunt steken fietsers de GOW-50 over, waarna ze afslaan naar het tweede gedeelte van de Oosterweg. Hier vervolgd de route als fietsstraat. Dit gedeelte van de Oosterweg kent voornamelijk gelijkwaardige kruispunten, waar de snelheid afgeremd wordt door middel van verkeersdrempels en -plateaus.
2.2
Werkwijze
2.2.1
Hoogwaardige fietsroute
Wijchen en Alverna zijn verbonden door drie routes die elk hun eigen karakter en potentieel hebben als hoogwaardige fietsroute. Maar waar moet een fietsroute aan voldoen om de titel ‘hoogwaardig’ te mogen dragen? Voor een hoogwaardige fietsroute hanteert de provincie Gelderland de volgende definitie en ambitie: ‘We leggen hoogwaardige fietsroutes aan op deels bestaande fietsroutes, die we slim met elkaar verbinden tot een doorlopend traject. De hoogwaardige fietsroutes hebben vlak asfalt en weinig obstakels. Verder is er op deze fietsroutes zoveel mogelijk voorrang voor fietsers en weinig hinder van ander verkeer. We leggen hoogwaardige fietsroutes aan zodat u sneller kiest voor de fiets naar uw werk of studie.’1 De provincie Gelderland onderscheidt hiernaast een aantal voordelen/kwaliteiten die een hoogwaardige fietsroute de fietser moet bieden: • Tijdsbesparend: weinig omwegen, voorrang voor de fietser en routes tot in stadshart; • Comfortabel: Flauwe bochten, vlak asfalt en lichte hellingen; • Ruim: ruimte om met z’n tweeen naast elkaar te fietsen en om in te halen; 1
Provincie Gelderland (geen datum). Hoogwaardige Fietsroutes.
Pagina 7 van 67
• •
Veilig: auto’s en fietsers zoveel mogelijk gescheiden en goede verlichting; Herkenbaar: eenduidige bewegwijzering en herkenbaar rood asfalt.
De fietsroute tussen Alverna en TKWM dient ook zoveel mogelijk over deze kwaliteiten te beschikken.
2.2.2
Fietsbaarheid
De potentie die elk van de drie routes heeft als hoogwaardige fietsroute is afhankelijk van tal van ruimtelijke aspecten. Omdat veel aspecten een rol spelen is de keuze voor de meest voor de hand liggende route, bijvoorbeeld alleen op basis van kortste afstand, niet automatisch de beste keuze. Daarom gebruiken we in dit onderzoek de fietsbaarheidstool. Met deze tool kunnen we ondanks de ruimtelijke complexiteit in één oogopslag beoordelen hoe geschikt een (potentiele) fietsroute eigenlijk is voor de fietser. Fietsbaarheid overkoepelt namelijk alle ruimtelijke aspecten die van belang zijn voor een specifieke omgeving en context. Sommige ruimtelijke aspecten spelen in een andere omgeving een grotere rol dan in het onderzoeksgebied het geval is. De ruimtelijke aspecten in dit onderzoek zijn daarom op maat gekozen.
2.2.3
Vier ruimtelijke thema’s
De fietsbaarheid van de route tussen Alverna en TKWM wordt bepaald door middel van een beoordeling van vier thema’s en de daarbij horende aspecten. Deze thema’s vormen de pijlers die essentieel zijn voor de beoogde hoogwaardige fietsroute en zijn gekozen in overleg met de gemeente Wijchen. Elk thema bestaat uit een of meer relevante aspecten die te operationaliseren en in kaart te brengen zijn. Directheid De directheid van een route wordt bepaald door het berekenen van de omrijfactor. De omrijfactor wordt berekend door de daadwerkelijke afstand van de route te delen door de hemelsbrede afstand. Des te hoger de omrijfactor is, des te verder een route om fietsen is. Bestemmingen De route die een fietser neemt wordt voor een groot deel bepaald door de herkomst en bestemming. Een route moet ergens beginnen en ergens eindigen. Als dit een route is die voor veel mensen tussen plaats van herkomst en bestemming(en) ligt, heeft deze veel potentie als fietsroute. De bestemmingen zijn opgesplitst in twee types: • Lokaal, om en nabij de route, waar de bestemming langs de route ligt of op maximaal 2 minuten fietsen van een route. • In de omgeving van Wijchen en Alverna. De route kan onderdeel zijn van een langere route. De ligging in het wegennetwerk speelt hiervoor een belangrijke rol.
Veiligheid De veiligheid van de route is erg belangrijk voor een kwetsbare verkeersdeelnemer als de fietser. Op een veilige route dienen conflicten met andere verkeersdeelnemers worden geminimaliseerd en de verdere inrichting dient zo veel mogelijk enkelvoudige ongevallen te voorkomen. Fietsers die een route onveilig vinden zullen eerder een alternatieve route of alternatief vervoer nemen. Gevoel van veiligheid is subjectief, maar de verkeersveiligheid is wel meetbaar te maken door middel van de volgende aspecten: • • • •
Conflictpuntenwaar gevaarlijke situaties ontstaan tussen verschillende verkeersdeelnemers; Verkeersongevallen; Snelheid gemotoriseerd verkeer; Autoparkeren langs route.
Pagina 8 van 67
Comfort Het comfort van de route bepaalt deels hoe aantrekkelijk de route is. Een route met veel hobbels, versmallingen en andere obstakels is minder prettig voor een fietser dan een route met glad asfalt. Comfort hangt deels samen met veiligheid, want een obstakels en versmallingen vergroten ook de kans op ongelukken. De volgende aspecten bepalen het comfort: • Soort fietsvoorziening en breedte; • Type verharding; • Obstakels en andere bijzonderheden die het fietsen minder comfortabel maken.
2.2.4
Structuur en dataverzameling
In hoofdstuk 3 hebben we per aspect de relevante data en gegevens verzameld, verwerkt en in een of meerdere themakaarten gevisualiseerd. Vervolgens is in hoofdstuk 4 op basis van dit kaartmateriaal geanalyseerd hoe elk van de drie routes scoort op elk thema. Deze beoordeling hebben we vertaald naar de consequenties die het heeft voor de fietsbaarheid van de routes. In hoofdstuk 5 is dit overzichtelijk in beeld gebracht in een beoordelingsmatrix, waarin elk aspect voor elke route een kleurcode is toegekend. In hoofdstuk 6 concluderen we welke route het meest geschikt is om als hoogwaardige fietsroute in te richten. We hebben een inventarisatie gedaan van de beschikbare data, die relevant is voor het onderzoek. Hiervoor hebben we kennis genomen van de mobiliteitsvisie Druten-Wijchen, het regionaal verkeersmodel 2032, ViaStat, Cyclomedia en Google Streetview. Daarnaast hebben we primaire data verzameld over het gebruik van elke route. In januari 2023 hebben we op acht locaties verkeerstellingen uitgevoerd, voornamelijk om inzicht te krijgen in de huidige (fiets)intensiteiten en snelheden. De uit deze inventarisatie resulterende data is vervolgens geschikt gemaakt voor een ruimtelijke analyse. De routes zijn verdeeld in een aantal segmenten, waarbij rekening is gehouden met een (mogelijke) verandering van elk relevant aspect voor de fietsbaarheid tussen ieder segment.
Pagina 9 van 67
3 Inventarisatie gegevens De mobiliteitsvisie van Druten-Wijchen 2020-2030 dient als kader voor de beoordeling van deze aspecten. Om actuele gegevens van het gebruik van de routes te verkrijgen hebben we een verkeerstelling uitgevoerd op een achttal locaties, verspreid over de drie potentiele routes. Uit Viastat halen we data over (fiets)ongevallen en door snelheden van gemotoriseerd verkeer. Het regionaal verkeersmodel geeft een beeld van de huidige en toekomstige intensiteiten op het wegennetwerk, waaruit een verwachte toename wordt afgeleid. Daarnaast hebben we Cyclomedia en Google Streetview gebruikt om de routes te ‘doorlopen’ en alle bijzonderheden op de route in kaart te brengen.
3.1
Mobiliteitsvisie Druten-Wijchen
In de mobiliteitsvisie komt naar voren dat de fiets een belangrijk vervoersmiddel is voor de toekomst. De fiets draagt bij aan een verbetering van de aspecten gezondheid, milieu en duurzaamheid. Uit een vragenlijst en verdiepingssessie die zijn uitgevoerd met bewoners, ondernemers en belangengroepen, komt naar voren dat de vraag naar meer ruimte voor fietsers met name aanwezig is in de kernen, winkelcentra en waar realistisch in woongebieden. Specifieke doelstellingen of maatregelen om de fiets aantrekkelijker te maken zijn: • Het realiseren van directere routes naar de belangrijkste bestemmingen; • Het realiseren van routes via belangrijke bestemmingen; • Bestaande fietsroutes veiliger en comfortabeler maken; • Inzetten op fietsen op korte afstanden; • Meer ruimte voor fietsers in grote kernen en (nieuwe) woonwijken; • Betere fietsverbindingen tussen de kernen; • Inzetten op fiets- en OV-verbindingen. Een betere fietsverbinding kan bijdragen aan toenemend fietsverkeer. Hierdoor verplaatsen mensen zich op een duurzame manier, terwijl fietsen daarnaast een gezonde manier is van verplaatsing. In de toekomstvisie is het volgende opgenomen: ‘Fietsen leidt tot een langer en gezonder leven. Fietsen is ontspannend, gemakkelijk, voordelig en resulteert in minder uitstoot van broeikasgassen en luchtverontreiniging dan gebruik van de auto (en de meeste andere vervoermiddelen).
Door het realiseren van directere routes naar de belangrijkste bestemmingen en door bestaande fietsroutes veiliger en comfortabeler te maken, zetten Druten en Wijchen in op het aantrekkelijker maken van fietsverkeer.’
3.2
Verkeerstelling
In een periode van twee weken, van donderdag 12 januari tot en met donderdag 26 januari 2023, hebben we op acht locaties een verkeerstelling uitgevoerd. In Figuur 2 staan de locaties waar geteld is aangegeven.
Pagina 10 van 67
Figuur 2: Locaties van verkeerstelling van 12 januari t/m 26 januari 2023.
De tellingen zijn uitgevoerd door middel van telslangen over de doorsnede van de rijbaan en fietspaden. Zowel het gemotoriseerd verkeer als het fietsverkeer is geregistreerd. Van het gemotoriseerd verkeer zijn zowel de intensiteiten als de snelheden gemeten. Van het fietsverkeer zijn alleen de intensiteiten gemeten. De locaties zijn gekozen op basis van een inschatting van de belangrijkste fietsverkeerstromen op de drie potentiële routes. Een belangrijke factor voor deze inschatting is de locatie van de verschillende middelbare scholen op de routes. Op locatie 7 (Leemweg west) is het fietsverkeer onbedoeld niet gemeten tijdens de telling in januari. Op deze locatie hebben we het fietsverkeer begin april (29 maart t/m 13 april) alsnog gemeten. Daarnaast hebben we geobserveerd dat veel scholieren op de rijbaan fietsen op locaties 6 en 7. We hebben het aantal fietsers op de rijbaan dus ook meegenomen in de intensiteiten.
3.2.1
Belangrijkste data
In Tabel 1 is de belangrijkste en meest relevante data uit de tellingen opgenomen. Deze data geeft inzicht in het totale gebruik van elke route door fietsers en auto’s, de snelheden die gereden worden en de verdeling van het verkeer over een etmaal. De intensiteiten in de tabel zijn een combinatie van beide richtingen samen.
Pagina 11 van 67
Locatie
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Acaciastraat west Acaciastraat oost Valendriese weg Oosterweg west Oosterweg oost Leemweg oost Leemweg west** Lindenstraat
Werkdag etmaal mvt fietsers 158
554
944
712
544
167
917
108
8842
246
487
814
591
1286
428
613
Piekintensiteit mvt piekmo intensit ment eit 15:0017 16:00 08:00102 09:00 16:0052 17:00 16:0090 17:00 17:00869 18:00 08:0044 09:00 15:0051 16:00 08:0051 09:00
Piekintensiteit fietsers piekmo intensit ment eit 08:0082 09:00 08:00125 09:00 08:0023 09:00 16:0010* 17:00 08:0028 09:00 08:00121 09:00 08:00195 09:00 08:0071 09:00
V85 in km/uur ri. Wijchen 28
ri. Alverna 28
24
28
47
43
46
52
56
52
38
38
39
35
27
30
Tabel 1: Belangrijkste data per tellocatie *Hier is sprake geweest van meerdere, aansluitende piekuren, waar de intensiteit even hoog was. **De data van tellocatie 7 dateert van maart 2023.
De kolom ‘werkdag etmaal’ bevat het gemiddelde aantal motorvoertuigen en fietsers per werkdag. Het eerste wat hierin opvalt is het grote aantal auto’s op de Oosterweg oost. Dit is een belangrijke ontsluitingsweg voor Wijchen van en naar de provinciale weg (N324). De kolommen ‘piekintensiteiten mvt’ en piekomenten ‘fietsers’ laten per locatie het gemiddeld drukste moment op een werkdag en de daarbij horende intensiteit zien. Hier valt op dat de piekmomenten voor het fietsverkeer op de meeste locaties tijdens de ochtendspits zijn, terwijl dit voor autoverkeer per locatie wisselt tussen de ochtend- en avondspits. Dat de piek voor het fietsverkeer tijdens de ochtendspits plaatsvindt is te wijden aan de lestijden van de scholen. Voor de meeste leerlingen beginnen de lessen op hetzelfde moment, terwijl de eindtijden meer verschillen. De laatste kolom ‘V85 in km/uur’ geeft een indicatie van de gereden snelheden ter hoogte van de tellocaties. Hier valt vooral op dat de V85 op de Valendrieseweg en de Oosterweg west veel hoger is dan de maximum toegestane snelheid. Zo is de V85 op de Oosterweg west in de richting van Alverna 52 km/uur, terwijl deze weg een 30-zone is en ingericht is als fietsstraat.
3.2.2
Verhouding fiets/auto
Inzicht in het gebruik van elke route is van belang voor de uiteindelijke routekeuze en hangt nauw samen met de veiligheid en comfort dat de fietser op elk van de routes ervaart. Op elk van de drie routes is namelijk (deels) sprake van een gemengde rijbaan. De verhouding tussen het aantal fietsers en het aantal auto’s speelt een belangrijke rol in de keuze voor de meeste geschikte fietsroute. Als er op een route veel meer auto’s dan fietsers rijden, is er meer kans op conflict tussen beide. De fietser zal deze route als minder veilig en comfortabel ervaren. De route is daardoor minder geschikt als hoogwaardige fietsroute. De verhouding tussen het aantal fietsers en auto’s per locatie is uit Tabel 1 af te leiden en deze is in Figuur 3 gevisualiseerd. Per locatie is het aantal auto’s een rode cirkel en het aantal fietsers een (doorzichtige) blauwe cirkel. Hoe groter de cirkel, hoe hoger het aantal fietsers of auto’s. De exacte intensiteiten staan ook met labels bij de bijbehorende cirkel aangegeven. In hoofdstuk 6 gaan we dieper in op de verhouding van het aantal fietsers en auto’s en wat dit betekent voor de inrichting van de gekozen route.
Pagina 12 van 67
Figuur 3: Visualisatie van de verhouding in intensiteiten tussen de auto en fiets per tellocatie
Ten behoeve van een hoogwaardige fietsroute is de verhouding tussen fietsers en auto’s het meest gunstig op route 1 via de Leemweg. Over het grootste deel van de route (tellocaties 1,6, 7 en 8) is het aantal fietsers zelfs groter dan het aantal auto’s. Op tellocatie 2 is deze in het ‘voordeel’ van de auto door het afslaand verkeer vanaf de Ringlaan en Kasteellaan. Op tellocatie 7 is het grootste aantal fietsers waargenomen. Dit is te verklaren door de stroom fietsers, voornamelijk leerlingen, die vanuit het noorden van Wijchen aansluiten op de Leemweg. De routes via de Valendrieseweg en de Oosterweg worden veel minder gebruikt door fietsers dan door auto’s. Ondanks de (gedeeltelijke) inrichting van de Oosterweg als fietsstraat is de auto ook hier dominant.
3.3
Verkeersongevallen en snelheid
Voor het bemachtigen van data over ongevallen en gereden snelheden is de webapplicatie ViaStat geraadpleegd. ViaStat is een monitoring- en analysetool welke een set aan gegevens aanbiedt met betrekking tot de verkeersveiligheid. De beschikbare data over alle verkeersongevallen zijn verzameld in de periode 2014-2023. De door motorvoertuigen gereden snelheden zijn afkomstig uit januari 2023.
3.3.1 Ongevallen Binnen het onderzoeksgebied zijn er gegevens beschikbaar met betrekking tot ongevallen. In Figuur 4 zijn de ongevallen gepresenteerd waarbij fietsers zijn betrokken op wegvakken en kruispunten rondom de drie gepresenteerde routes. Alleen ongevallen die op een van de routes plaatsvonden worden hier besproken. De ongevallen op de kruispunten met de Meester van Coothlaan zijn ook meegenomen in het overzicht. ViaStat maakt onderscheid tussen ongevallen met alleen materiele schade (UMS), ongevallen met letsel en ongevallen
Pagina 13 van 67
met dodelijke afloop. In bijlage 4 is een tabel met gedetailleerde informatie over de ongevallen opgenomen. In het onderzoeksgebied hebben meerdere ongevallen plaatsgevonden sinds 2014 (Tabellen 2 en 3). Deze cijfers zijn absolute getallen. In bijlage 3 van deze rapportage zijn meer gegevens over de aard van de ongevallen opgenomen. Bij het interpreteren van deze getallen moet rekening gehouden worden met het feit dat de intensiteiten in fietsverkeer verschillen per route en per wegvak en kruispunt. Op de Leemweg wordt momenteel meer gefietst dan op de andere potentiële routes (paragraaf 3.5). Aangenomen wordt dat dit ook de afgelopen jaren zo was. Een andere kanttekening bij deze data is dat fietsongevallen niet altijd gemeld en geregistreerd worden. Dit geldt met name voor enkelzijdige ongevallen, waarbij slechts één fietser betrokken is.
Figuur 4: Ongevallen in onderzoeksgebied, opgesplitst in ongevallen waar geen fietsers en waar wel fietsers bij betrokken waren.
De ongevallen worden meegenomen in de beoordeling van de conflictpunten op elke route. Route Route 1: via Leemweg Route 2: via Valendrieseweg Route 3: via Oosterweg Totaal
Ongevallen totaal 9
Ongevallen UMS 8
Ongevallen Letsel 1
Ongevallen Dodelijk 0
Slachtoffers
3
2
1
0
1
5
4
1
0
1
17
14
3
0
3
1
Tabel 2: Overzicht van ongevallen per potentiële route.
Pagina 14 van 67
Route
Ongevallen UMS 14
Ongevallen Letsel 2
Ongevallen Dodelijk 0
Slachtoffers
Kruispunt
Ongevallen totaal 16
Wegvak
1
0
1
0
1
Totaal
17
14
3
0
3
2
Tabel 3: Overzicht van ongevallen per wegsegment.
3.3.2 Snelheid ViaStat levert ook gegevens waaruit de snelheden van motorvoertuigen worden afgelezen.. De rijsnelheid is een belangrijke indicator voor verkeersveiligheid. Snelheidsdata wordt verzameld door middel van ‘floating car data’, afkomstig uit navigatiesystemen zoals die van TomTom en Google Maps. De V85 is de snelheid die door 85% van de motorvoertuigen niet wordt overschreden en door de overige 15% wel wordt overschreden. In Figuur 5 zijn de overschrijdingen van de V85 gevisualiseerd per wegvak. Deze overschrijdingen worden per potentiële fietsroute toegelicht. Per wegvak is de hoogste V85 van beide rijrichtingen gekozen. De Labels ‘30’ en ‘50’ geven de maximaal toegestane snelheid weer en de zwarte strepen geven de grenzen hier tussen weer.
Figuur 5: Maximum snelheden en overschrijding hiervan door de V85 in km/uur..
Wat opvalt is dat de V85 op grote delen van alle routes hoger is dan de maximum toegestane snelheid. Er zijn maar enkele segmenten waar de V85 de maximum snelheid niet overschrijdt en waar men zich dus aan de snelheid houdt. Op de meeste segmenten overschrijdt de V85 de maximum snelheid met niet meer dan 10 km/uur. Toch heeft elke route een paar segmenten waar dit wel het geval is. Met name net na het inrijden van de 30-zone, komend vanaf Alverna, wordt er duidelijk te hard gereden. In hoofdstuk 5 nemen we de V85 data mee in de beoordeling van de verkeersveiligheid van de routes.
Pagina 15 van 67
3.3.3 Vergelijking met verkeerstelling Om te controleren of er geen uitschieters in de snelheidsdata zitten, vergelijken we deze met de gemeten snelheden in de verkeerstelling in dezelfde maand. Ook hier hebben we gekeken naar de hoogste V85 op een van beide rijrichtingen. Tellocaties 3, 4 en 7 laten een forse overschrijding zien. De V85 ligt 15 tot 19 km/uur hoger dan de maximum snelheid. Dit komt overeen met het beeld op Figuur 5, die ook donkerrood kleuren Op tellocaties 5 en 6 is er sprake van een lichte overschrijding door de V85 (4-8 km/uur). Ook dit komt aardig overeen met de data uit ViaStat. Op tellocaties 1, 2 en 8 overschrijdt de V85 de maximumsnelheid niet volgens de telling. ViaStat laat op de bijbehorende segmenten wel een (wisselende) overschrijding zien, met name op tellocatie 2 Ondanks dat de data uit de telling op één punt is gemeten en de data uit ViaStat over een wegvak, komen deze over het algemeen goed overeen met elkaar.
3.4
Verkeersmodel 2032
Op basis van het regionaal verkeersmodel 2032 kan een beeld worden geschetst van de toename van verkeer ten opzichte van de huidige situatie. Deze verkeersmodellen zijn theoretische berekeningen die een goede aanname vormen voor de verkeerssituatie in de toekomst. Op basis van het verkeersmodel kunnen we een aanname doen over de af- of toename van het gemotoriseerd verkeer op de routes tussen Alverna en TKWM Wijchen. . Hierbij moet vermeld worden dat het model is gefocust op het regionaal wegennet en in mindere mate op lokaal, fijnmazig niveau. Hierdoor kunnen de waarden afwijken van wat reeel gezien mogelijk is. Het verkeersmodel hanteert 2020 (voor corona) als basisjaar. Van het basisjaar zijn de intensiteiten opgenomen in bijlage 1. Dit is het aantal motorvoertuigen per werkdagetmaal. Om te controleren of de data uit het basisjaar representatief is voor de werkelijke intensiteiten, vergelijken we deze met de data uit de verkeerstelling. In onderstaande tabel zijn de intensiteiten per werkdag etmaal, in twee richtingen, naast elkaar gezet: Tellocatie 1. Acaciastraat west 2. Acaciastraat oost 3. Valendrieseweg 4. Oosterweg west 5. Oosterweg oost 6. Leemweg oost 7. Leemweg west 8. Lindenstraat
Intensiteit telling 158 944 544 917 8842 487 591 428
Intensiteit verkeersmodel geen data 1400 900 1000 8300 600 400 0*
Tabel 4: Vergelijking intensiteiten telling en verkeersmodel *De werkelijke intensiteit is niet 0. Het regionaal model geeft dit echter aan omdat de intensiteit lager dan 100 mvt per etmaal is en omdat het is honderdtallen rekent.
Uit deze vergelijking blijkt dat het verkeersmodel de intensiteiten niet voor elke weg accuraat kan voorspellen. Met name op ETW’s zit een grotere foutmarge. De grootste verschillen zijn zichtbaar op tellocaties 2, 3 en 8.
3.4.1
Toename gemotoriseerd verkeer 2032
Om de groei van het gemotoriseerd verkeer tussen 2020 en 2032 te visualiseren, is eerst per wegvak de intensiteit in 2020 afgetrokken van de intensiteit in 2032. Deze data is in kaart gebracht in Figuur 6. Hierin is de procentuele toename van de intensiteit over één etmaal te zien. In bijlage 2 zijn extra kaarten met de intensiteiten per rijrichting en voor de ochtend- en avondspits opgenomen.
Pagina 16 van 67
De toename is een prognose die berekend is op basis van berekeningen in het model, het blijft dus een inschatting. Daarom hanteren we deze data als indicatie die grofweg laten zien hoe de verkeersstromen zich ontwikkelen. Vooral de toenames op de segmenten van tellocaties 2, 3 en 8 zijn minder representatief. De kaarten laten per route wel een duidelijke tendens zien. De kleur rood laat een (sterke) groei van het verkeer zien en de kleur groen een lichte toename of zelfs een afname van het verkeer. Het eerste deel van route 1 vanaf Alverna laat een relatief sterk toename zien van het autoverkeer in beide richtingen. Vervolgens is er een matige groei op routes 1B en 1C zichtbaar. In het basisjaar rijden hier per richting circa 2.000 mvt/etm. Een toename van circa 500 mvt/etm is dus aanzienlijk. Het verloop van route 2 verschilt meer per gedeelte. Vanuit Alverna is er een matige tot sterke groei van het verkeer zichtbaar. Richting TKWM verdwijnt deze toename en blijft de intensiteit ongeveer gelijk. Over de gehele route lijkt het verkeer dus licht toe te nemen. Route 3 valt op door de groene kleur en de voorspelde, lichte afname van het verkeer.
Figuur 6: Procentuele toename intensiteiten motorvoertuigen per etmaal
Pagina 17 van 67
4 Fietsbaarheid Aan de hand van de fietsbaarheidstool geven wij een onderbouwd advies voor de keuze van de route die het meest geschikt is als hoogwaardige fietsroute tussen TKWM in Wijchen en Alverna. Wij bepalen de fietsbaarheid aan de hand van de volgende thema’s en bijbehorende aspecten, die in hoofdstuk 2 al toegelicht en in hoofdstuk 3 al deels uitgewerkt zijn: • • •
•
4.1
Directheid: o Omrijfactor en afstand; Bestemmingen: o Lokaal, om en nabij het onderzoeksgebied; o In de omgeving van Wijchen en Alverna; Veiligheid: o Conflictpunten; o Verhouding fietsers/auto’s o Verkeersongevallen fiets; o Snelheid gemotoriseerd verkeer; o Autoparkeren langs route; o Toename autoverkeer 2032; Comfort: o Soort fietsvoorziening en breedte; o Type verharding; o Obstakels.
Directheid
De directheid van een route wordt bepaald door het berekenen van de omrijfactor. De omrijfactor wordt berekend door de daadwerkelijke afstand van de route te delen door de hemelsbrede afstand. Des te hoger de omrijfactor is, des te verder een route om fietsen is. Idealiter heeft een fietsroute een omrijfactor van 1,2 of lager. De bovengrens voor deze factor is 1,5. Voor een hoofdfietsroute wordt vaak een lagere omrijfactor gehanteerd dan voor een secundaire fietsroute. De beoogde route wordt de primaire fietsroute tussen Alverna en TKWM, dus een omrijfactor van 1,2 is hiervoor passend. Een route die verder om is dan 1,5 keer de hemelsbrede afstand is niet aantrekkelijk voor fietsers en niet geschikt als fietsroute. Omrijfactoren van de routes, gemeten vanaf de H. Jozef kerk in Alverna naar de Markt in Wijchen: • • • • •
Route 1a: 2.630 meter / 2.340 meter = 1,124 Route 1b: 2.650 meter / 2.340 meter = 1,132 Route 1c: 2.670 meter / 2.340 meter = 1,141 Route 2: 2.660 meter / 2.340 meter = 1,137 Route 3: 3.110 meter / 2.340 meter = 1,329
Pagina 18 van 67
Figuur 7: Afstand en omrijfactor per route, gemeten in Google Maps van de H. Jozef kerk in Alverna naar de Markt in het centrum van Wijchen.
In Figuur 7 zijn de routes inclusief afstand en omrijfactor gevisualiseerd. Route 1 via de Leemweg en route 2 via de Valendrieseweg zijn het meest direct, deze routes gaan in een redelijk rechte lijn van de Markt in Wijchen naar de kerk (en het centrum) van Alverna en hebben een lage omrijfactor. Route 3 via de Oosterweg komt op de N324 uit, verder ten zuiden van Alverna, waardoor de fietser 500 meter verder moet fietsen ten opzichte van route 1. Dit is een groot verschil op een afstand van circa 2,5 kilometer. Van de verschillende uitvoeringen van route 1, is route 1a via de Acaciastraat het meest direct met een afstand van 2630 meter en een omrijfactor van 1,124. Wanneer de fietser alleen op basis van de directheid een route kiest, valt route 3 via de Oosterweg af. De (in)directheid van deze route heeft veel invloed op het nut en de relevantie voor de verbinding tussen Alverna en Wijchen, wat ten nadele gaat van de fietsbaarheid.
Pagina 19 van 67
4.2
Bestemmingen
Het onderdeel bestemmingen bestaat uit een analyse van de bereikbaarheid van belangrijke bestemmingen vanuit de verschillende routes. De bereikbaarheid voor belangrijke bestemmingen in de omgeving is een belangrijke aspect van de fietsbaarheid. Beter bereik voor fietsers zal ertoe leiden dat meer mensen de fiets kiezen als vervoersmiddel, zoals ook in de mobiliteitsvisie is opgenomen. De bestemmingen zijn opgesplitst in lokale bestemmingen om en nabij de routes en bestemmingen in de omgeving van Wijchen en Alverna.
4.2.1
Lokale bestemmingen om en nabij route
Figuur 8: Belangrijkste bestemmingen in en rondom het onderzoeksgebied. De kleuren van de bestemmingen corresponderen met de voor die bestemming meest dichtbij zijnde en relevante route.
Lokale bestemmingen zijn de bestemmingen die direct bereikbaar zijn via een van de routes of op maximaal 2 minuten fietsen hiervan. Hier zitten met name bestemmingen bij waarvoor vervoer per fiets een grote rol speelt. In Figuur 8 zijn de routes afgebeeld met een eigen kleur. Route 1 en 1A zijn rood en route 1b en 1c zijn respectievelijk roze en paars Route 2 is geel en route 3 is groen. De gekleurde vlakken zijn de bestemmingen. De kleur van ieder vlak correspondeert met de route van dezelfde kleur. Zo is in een oogopslag te zien via welke route iedere relevante bestemming het best bereikbaar is. De vlakken die roodgekleurd zijn, zijn bijvoorbeeld het beste bereikbaar vanuit route 1. Een paar bestemmingen hebben een afwijkende kleur. Deze zijn namelijk even goed bereikbaar via twee routes. Route 1 – Leemweg Langs de Leemweg liggen verschillende lokale bestemmingen. Aan de westkant van de Leemweg ligt de wijk Valendries, waar veel woningen aanwezig zijn. Ook aan de oostkant zijn een aantal woningen aanwezig. Naast woningen zijn er ook andere bestemmingen langs de Leemweg. Zo zitten er een middelbare school, tennisbanen en een atletiek- en
Pagina 20 van 67
voetbalvereniging. Deze route komt uit in het centrum van Alverna, waar zich ook een buurthuis en kerk bevinden. Vanuit route 1 is het station het beste bereikbaar, dit geld ook voor het gemeentehuis en het kasteel. Locaties als het station, de middelbare school en sportvoorzieningen zijn bestemmingen die waar vervoer per fiets een belangrijke rol speelt. Dit betekent dat route 1 door de vele belangrijke bestemmingen die direct aan de route liggen de fietsbaarheid kan verbeteren voor personen die van of naar de middelbare school, de tennisbanen of de altetiek- en voetbalvereniging willen. Het feit dat de route midden in het centrum van Alverna uit komt draagt ook positief bij aan de fietsbaarheid tussen Alverna en Wijchen. De route zal de fietsbaarheid voor bewoners van de wijk Valendries verbeteren. Route 2 – Valendrieseweg De Valendrieseweg heeft minder lokale bestemmingen dan de Leemweg of de Oosterweg. Het heeft een meer landelijke uitstralling en een aantal woningen zijn hieraan gelegen. Het westelijke gedeelte ligt ook in de wijk Valendries en op dit gedeelte is een hogere dichtheid aan woningen. Aan de Valendrieseweg ligt wel onder andere een sportcentrum en een speeltuin. Het wijkcentrum van Valendries is zowel via route 1 als route 2 bereikbaar. Dit zijn locaties die bij voorkeur goed bereikbaar zijn met de fiets.
Door deze locaties die direct aan de route liggen zal route 2 de fietsbaarheid ook verbeteren, echter wel in mindere mate dan dat route 1 dit zal doen. Voor personen die van of naar het sportcentrum of de speeltuin willen zal de fietsbaarheid toenemen. Ook route 2 zal de fietsbaarheid voor bewoners van de wijk Valendries op een vergelijkbare manier verbeteren. Route 3 – Oosterweg Aan de Oosterweg liggen een aantal belangrijke lokale bestemmingen. Vanaf de Oosterweg is het mogelijk om door middel van een fietspad een middelbare school, hockeyvereniging, sportcentrum en een sociaalcultureel centrum, waar onder andere een bibliotheek en theater in zit,te bereiken. Langs het oostelijke deel van de Oosterweg zijn weinig bestemmingen gelegen. Een klein aantal bedrijven en woningen is hier gevestigd. Op het gedeelte dat erftoegangsweg is zijn meer woningen gelegen. Vanuit Route 3 is het zwembad het makkelijkst te bereiken. Locaties als de middelbare school, de hockeyvereniging en het sportcentrum zijn bij voorkeur goed bereikbaar op de fiets. Route 3 zal de fietsbaarheid verhogen voor personen die van of naar de middelbare school, de hockeyvereniging, het sportcentrum, het zwembad en het sociaal/cultureel centrum willen. Ook route 3 komt door de wijk Valendies, waardoor bewoners een grotere fietsbaarheid zullen ervaren.
Pagina 21 van 67
4.2.2
Bestemmingen in omgeving
Figuur 9: Belangrijkste bestemmingen in de omgeving van Wijchen en Alverna. De kleuren van de bestemmingen corresponderen met de voor die bestemming meest relevante route.
De bestemmingen in de omgeving betreffen alle dorpen, wijken, recreatiegebieden en bedrijventerreinen die met de fiets vanuit Alverna of TKWM via een van de routes bereikbaar zijn. Voor deze bestemmingen in de omgeving hebben we geanalyseerd welke route het beste aansluit op de volledige route naar deze bestemmingen. In Figuur 9 is deze analyse weergegeven. Voor de routes en vlakken met de bestemmingen zijn dezelfde kleurcodes gebruikt. Een paar bestemmingen hebben een afwijkende kleur. Deze zijn namelijk even goed bereikbaar via twee routes. Route 1 – Leemweg Het overgrote deel van de belangrijke locaties in de omgeving, vooral ten noorden en oosten van Wijchen, is het beste bereikbaar via route 1. Dit bevat alle wijken in Wijchen ten Noorden van TKWM Wijchen, maar ook grote kernen en wijken zoals Beuningen en de wijken in Nijmegen-Zuid. Daarnaast zijn vele recreatiegebieden, zoals de recreatiegebied Berendonck via route 1 het beste te bereiken, dit geldt ook voor de bedrijventerreinen in Wijchen en Beuningen. Voor de bereikbaarheid van belangrijke locaties in de omgeving lijkt route 1 dus een goede keuze. Dit is te verklaren door de goede ligging in het wegennetwerk. De Leemweg sluit namelijk direct aan op de Heumenseweg, die onderdeel is van de fietsroute naar bestemmingen in het oosten en zuidoosten.
Ook in het noorden is het makkelijk om vanaf route 1 aan te sluiten op andere belangrijke fietsroutes. Het Maas Waalcollege langs de route trekt daarnaast veel scholieren uit de omgeving naar deze route. Route 2 – Valendrieseweg Vooral locaties iets ten zuiden van TKWM Wijchen zijn het beste bereikbaar via route 2. Route 2 zorgt voor de beste bereikbaarheid van de wijken in het Zuidwesten van Wijchen. Voor belangrijke locaties buiten Wijchen is route 2 niet de route die de beste verbinding biedt. Route 2 lijkt daarom minder aantrekkelijk voor belangrijke locaties in de omgeving, vooral voor locaties buiten Wijchen. Hierbij speelt mee dat route 2 vooral een recreatieve route is die
Pagina 22 van 67
tussen route 1 en 3 gelegen is. De fietser komt in de meeste gevallen eerder uit op een van deze routes. Route 3 – Oosterweg De belangrijke bestemmingen in de omgeving ten zuiden van Wijchen zijn vooral het beste bereikbaar via route 3. Via deze route worden de routes naar de zuidoostelijke wijken in Wijchen en een aantal kernen zoals Balgoij, Nederasselt en Overasselt ontsloten.. Route 3 heeft met name een verzorgingsgebied voor de fietser ten zuiden van TKWM. De andere vestiging van het Maas Waalcollege langs deze route trekt ook een aantal scholieren uit de omgeving naar deze route.
4.3
Veiligheid
In hoofdstuk 3 zijn verschillende aspecten binnen het thema veiligheid al aan bod gekomen en op kaart gevisualiseerd. Met de data uit de verkeerstelling hebben we de verhouding tussen het aantal fietsers en auto’s in kaart gebracht. Uit ViaStat is het aantal en de ernst van de fietsongevallen verzameld en beschreven per route. Hetzelfde is gedaan voor de snelheid van het gemotoriseerd verkeer in beide richtingen. Daarnaast is het verkeersmodel gebruikt om per route en aanname van de groei van het autoverkeer te doen. In deze paragraaf komen de knelpunten en het autoparkeren langs de routes aan bod. Alle veiligheidsaspecten zijn gebundeld in een overzicht. Hiervoor zijn er twee kaarten opgenomen, een per rijrichting ten behoeve van de snelheden.
4.3.1
Knelpunten
Op elke route is er een aantal knelpunten te identificeren dat ten koste gaan van de veiligheid en in sommige gevallen ook het comfort van de fietser. Per route bespreken we de meest opvallende knelpunten aan de hand van foto’s2, steeds van Alverna richting TKWM. Om deze knelpunten te bepalen, hebben we onder andere naar de locaties van ongevallen gekeken. Ook punten waar er een verandering in de inrichting optreedt en waar bijvoorbeeld een verwarrende voorrangssituatie ontstaat, zijn geidentificeerd als knelpunten. Nadat er een routekeuze is gemaakt, werken we in hoofdstuk 6 alle knelpunten op de gekozen route uitgebreider uit. Route 1 – Leemweg
Figuur 10: Leemweg – Graafseweg
Vanaf de Heumenseweg steekt de fietser eerst de provinciale weg over, waar een VRI (verkeersregelinstallatie) de doorstroom regelt (zie Figuur 10). Bij deze oversteek heeft twee keer een ongeval met een fietser plaatsgevonden, waarbij enkel materiele schade is gemeld 2 De foto’s zijn uitsneden van de meest recente beelden in Google Streetview.
Pagina 23 van 67
Vervolgens komt de fietser in een brede shared space terecht, waar de auto geen toegang tot heeft. Om het vrijliggende fietspad te bereiken moet een rij paaltjes gepasseerd worden die niet goed ingeleid worden en niet allemaal opvallen. De voorrangsregeling komend vanaf Alverna kan verwarrend zijn.
Figuur 11: Leemweg - Sint Jorispad
Bij het kruispunt met het Sint Jorispad komen er verschillende fietspaden bij elkaar, waar het niet duidelijk is dat de fietser van rechts hier voorrang heeft (zie Figuur 11). Dit komt onder andere door het ‘lappendeken’ van verharding.
Figuur 12: Leemweg - Acaciastraat
Bij de overgang naar de Acaciastraat verdwijnt het fietspad en deelt de fietser de rijbaan met de auto (zie Figuur 12). Daarnaast zijn de witte scheidingsbanden niet geschikt voor een vrijliggend fietspad.
Pagina 24 van 67
Figuur 13: Acaciastraat - Lindenstraat
Komend vanaf de Acaciastraat moet de fietser twee keer achter elkaar afslaan om de ‘knik’ in de route door te komen (zie Figuur 13). Route 2 – Valendrieseweg
Figuur 14: Valendrieseweg - Sint Jorispad
Bij het kruispunt met het Sint Jorispad, aangeduid als gevaarlijke kruispunt, steken fietsers die op het Sint Jorispad rijden de Valendrieseweg over. Het is een gelijkwaardig kruispunt, maar wordt niet zo ervaren door de verschillende typen verharding en asfalt die op elkaar aansluiten. Dit kan verwarrend zijn en gevaarlijke situaties opleveren (zie Figuur 14).
Pagina 25 van 67
Route 3 – Oosterweg
Figuur 15: Zuiderdreef - Oosterweg
Er zijn twee fietsersoversteken over de Zuiderdreef/Oosterweg, een per richting (zie Figuur 15). Deze wegen kennen hoge intensiteiten en een hoge V85, en vormen een knelpunt in een route die daarbuiten weinig onderbroken wordt.
Figuur 16: Oosterweg - Sint Jorispad
Voor de fietser de fietsstraat in rijdt moet deze een tweerichtingen fietspad oversteken (zie Figuur 16). Daarnaast slaan auto’s via de inritconstructie af naar de fietsstraat. Dit kan voor onoverzichtelijke situaties zorgen.
Pagina 26 van 67
Figuur 17: Oosterweg - Meester van Coothlaan
Voordat de fietser TKWM bereikt vanaf Alverna, dient de Meester van Coothlaan overgestoken te worden, ongeacht welke route wordt gekozen. De gelijkwaardige kruispunten van de routes met deze weg zijn ook allen knelpunten, te zien aan het aantal ongevallen (6) op deze punten. Op elk van deze kruispunten heeft een of twee ongevallen plaatsgevonden, waarbij enkel materiele schade is gemeld. De Meester van Coothlaan heeft een meer ontsluitend karakter dan de kruisende wegen, waardoor de voorrangssituatie verwarring kan oproepen (Figuur 17).
4.3.2
Autoparkeren langs de routes
Langs een aantal segmenten van de routes wordt geparkeerd. Dit gaat ten koste van de veiligheid van de route, want fietsers zijn niet altijd goed zichtbaar voor automobilisten die inen uitparkeren. Met name haaksparkeervakken leveren een risico op, zeker als er veel verloop is in de benutting van de parkeerplaatsen. In Figuur 18 is een deel van de Acaciastraat te zien waar aan beide zijden van de rijbaan geparkeerd wordt. Dit is het enige segment op route 1 waar haaksparkeren plaatsvindt. Deze parkeercapaciteit is hier gelegen ten behoeve van de voorzieningen in deze straat. Tussen het Sint Jorispad en TKWM zijn er langs de meeste segmenten langsparkeervakken/havens.
Figuur 18: Parkeervakken langs de Acaciastraat
Langs het grootste deel van route 2 zijn geen parkeervoorzieningen aangelegd. Een uitzondering is de circa 11 haaksparkeervakken ter hoogte van de Ringlaan. Door de inrichting van de Oosterweg als GOW-50 en fietsstraat zijn er geen parkeervakken langs deze route. Langs de fietsstraat mag in principe geparkeerd worden, want er geldt geen parkeerverbod.
Pagina 27 van 67
4.3.3
Overzicht Veiligheid
In Figuur 19 is een overzicht van de veiligheid weergegeven waarin alle veiligheidsaspecten zijn opgenomen. Route 1 kent de nodige knelpunten voor fietsers. Over een groot deel van de route wordt te hard gereden, zeker over routes 1B en 1C. De Acaciastraat is een stuk autoluwer, waardoor de rijbaan veilig gedeeld kan worden met gemotoriseerd verkeer. Langs route 1 wordt relatief veel geparkeerd. Ondanks het grote aantal fietsers zijn er relatief weinig fietsongevallen. Route 2 is de meest autoluwe route en kent in het eerste deel vanaf Alverna relatief weinig knelpunten door een gebrek aan kruispunten. Op de route zijn weinig ongevallen, maar de hoeveelheid verkeer is hier ook laag. De snelheden van het gemotoriseerd verkeer overschrijden de maximum snelheid aanzienlijk, wat juist op deze route met voornamelijk gemengde rijbaan gevaar oplevert. Route 3 kent veel autoverkeer en, zeker naar verhouding, weinig fietsverkeer. Er zijn weinig knelpunten op de route, maar waar de Oosterweg van GOW-50 overgaat in fietsstraat hebben relatief veel fietsongevallen plaatsgevonden. De snelheid ligt ook hier te hoog, zeker in de fietsstraat, waar de maximum snelheid van 30 ruim wordt overschreden door de V85. Wat verder opvalt is dat elke route gedeeltelijk een 50-zone is. Voor route 3 is dit logisch, dit is namelijk deels een GOW-50 met veel autoverkeer.
Routes 1 en 2 zijn grotendeels ETW-30, maar bij de overgang van Alverna naar Wijchen veranderen deze routes kortstondig in een 50-zone, terwijl de inrichting hetzelfde blijft. Zeker op route 2 gaat dit ten koste van de veiligheid, omdat de fietser de rijbaan deelt met de auto, die hier sneller dan 50 km/uur rijdt.
Figuur 19: Overzicht van de aspecten die het thema veiligheid vormen.
Pagina 28 van 67
4.4
Comfort
Het laatste thema dat in dit onderzoek onderdeel uitmaakt van de fietsbaarheid is comfort. Het comfort van de routes beoordelen we aan de hand van het soort fietsvoorziening, de breedte van deze voorziening, het type verharding en een aantal bijzonderheden/obstakels. Dit thema bestaat uit aspecten die ook van belang zijn voor de veiligheid. Zo is de soort fietsvoorziening ook van invloed op de veiligheid, maar in dit onderzoek als onderdeel van comfort beschouwd. In Figuur 20 is het soort fietsvoorziening per wegvak in kaart gebracht en zijn er labels van de breedte van die voorziening toegevoegd. Op de oranje segmenten is er sprake van een gemengde rijbaan, waar labels de breedte van de rijbaan aangeven. Hier is geen sprake van een fietsvoorziening, maar de breedte van de rijbaan is wel relevant voor het comfort van de fietser. In Figuur 21 is per wegvak het type verharding weergegeven en zijn de bijzonderheden op de routes als label opgenomen. Een aantal van deze bijzonderheden zijn al besproken in paragraaf 4.3.1.
Figuur 20: Soort/type fietsvoorziening en de breedte ervan.
Route 1 – Leemweg Langs een groot deel van de route is aan weerszijden van de rijbaan een vrijliggend fietspad, uitgevoerd in asfalt gelegen. Op de meeste plaatsen is dit fietspad tussen 1,5 en 2 meter breed, met hier en daar een versmalling zoals in Figuur 15 is aangegeven. Komend vanaf de Heumenseweg komt de fietser eerst een VRI oversteek tegen en vlak daarna een rij fietspaaltjes. Vanaf de splitsing van route 1B deelt de fietser de rijbaan met de auto. Route 1C loopt via de Ringlaan, waar fietsers over een beklinkerde parallelweg kunnen fietsen of over een geasfalteerde hoofdrijbaan. Langs de Kasteellaan op routes 1B en 1C ligt een fietssuggestiestrook van circa 1,5 meter. Op route 1A varieert de rijbaanbreedte tussen 5 en 6 meter. Er is een ‘knip’ voor auto’s ter hoogte van het Everardusplein, waar fietsers door een versmalling rijden. Voor alle subroutes geldt dat er op meerdere kruispunten plateaus in klinkers liggen. Het comfort is goed langs een groot deel van de route, maar als men de wijk in fietst via een van de drie subroutes, is dat het meest comfortabel via route 1B en het minst via route 1A.
Pagina 29 van 67
Route 2 – Valendrieseweg De Valendrieseweg is qua inrichting de meest uniforme route. Over de gehele route deelt de fietser de rijbaan met de auto. Op sommige plekken is de rijbaan aan de smalle kant met 4,5 meter. Auto’s kunnen elkaar hier lastig passeren zonder in de berm te rijden. De kans is hier groter dat een fietser moet uitwijken naar de berm. De route is volledig geasfalteerd. Echter, op de kruispunten in de wijk liggen vaak plateaus in klinkers uitgevoerd. Ook liggen er enkele drempels op het oostelijke deel van de route. Verder zijn er op het gebied van comfort weinig bijzonderheden op de route. Het soort en de breedte van de fietsvoorzieningen laat op deze route veel te wensen over, waardoor deze route minder comfortabel is dan route 1. Route 3 – Oosterweg De Oosterweg kent twee soorten fietsvoorzieningen over de hele route. Het oostelijke deel is een 2 meter breed vrijliggende fietspad aan weerszijden en het westelijke deel is een fietsstraat van 5 meter breed. Tussen de Huurlingsedam en de Waszinkweg is aan de noordkant van de route een tweerichtingen fietspad aanwezig. De gehele route is geasfalteerd en er zijn weinig obstakels. Het eerder besproken knelpunt bij de fietsoversteken is het enige, maar is meer van invloed op de veiligheid. Daarnaast zijn er weinig drempels of plateaus.
Figuur 21: Type verharding en bijzonderheden/knelpunten op de routes.
Pagina 30 van 67
5 Beoordeling en routekeuze De beoordelingen van de aspecten en thema’s in het vorige hoofdstuk hebben we in een de beoordelingsmatrix in Figuur 22 gebundeld. Elke route heeft per aspect en per thema een kleurcode toegekend gekregen. De definitie van de kleurcodes is opgenomen in tabel 5. Zeer positief Positief Gemiddeld Slecht Zeer slecht Tabel 5: Definitie van kleurcodes
Door een blik op de kolommen van elke route te werpen ontstaat al een beeld van de fietsbaarheid van de route. In aanvulling hierop zijn scores gebruikt om elk aspect te kwantificeren. De scores per thema zijn bewust niet gewogen ten opzichte van elkaar, omdat daarmee onbedoeld het belang van de afzonderlijke aspecten uit het oog verloren worden. Van de drie hoofdroutes scoort route 1A het meest positief op de meeste aspecten, wat resulteert in een betere fietsbaarheid van deze route. Routes 2 en 3 zijn duidelijk minder geschikt als fietsroute. Het duidelijke verschil tussen route 1 en route 2 en 3 is met name te verklaren door de directheid van route 1 ten opzichte van route 3 en het aantal bestemmingen, zowel lokaal als in de omgeving, dat beter te bereiken is via route 1. Daarnaast is te zien dat route 1 over het algemeen positiever scoort, terwijl routes 2 en 3 een aantal positieve, maar ook vooral negatieve uitschieters kennen. Route 3 scoort door het vrijliggend fietspad en de fietsstraat op het gebied van comfort wel goed. De thema’s veiligheid en comfort zijn nog te verbeteren door een route op te waarderen naar hoogwaardige fietsroute. Uiteraard zijn er knelpunten en andere ruimtelijke aspecten van invloed op de veiligheid die lastig te verhelpen zijn bij een herinrichting. De verhouding tussen het aantal fietsers en auto’s is op route 1 ook het meest gunstig.
Daarentegen liggen de directheid en de bestemmingen vrij vast in de ruimtelijke context. Deze kunnen niet verbeterd worden bij een nieuw weginrichting. Het verschil tussen sub-routes 1A, 1B en 1C is niet groot, maar wel lichtelijk in het voordeel van route 1A. Dit is de meest logische route, de fietser hoeft namelijk niet af te slaan, maar kan grotendeels rechtdoor fietsen. Dit is terug te zien in de score voor de directheid.
Pagina 31 van 67
Figuur 22: Beoordelingsmatrix voor de fietsbaarheid van elke route.
Conclusie Wij adviseren om de Leemweg in te richten als hoogwaardige fietsroute tussen Alverna en TKWM. De route is voor deze verbinding aanzienlijk beter geschikt dan de routes via de Valendrieseweg en de Oosterweg. Van de drie onderzochte opties voor route 1 (1A, 1B, 1C) is 1A op basis van de algehele fietsbaarheid beter geschikt dan opties 1B en 1C. Op het gebied van veiligheid en comfort is er nog veel te winnen bij de inrichting als hoogwaardige fietsroute. Dit komt met name door het aantal knelpunten en obstakels die de fietser op de route tegenkomt.
Pagina 32 van 67
6 Inrichting hoogwaardige fietsroute Leemweg Route 1A via de Leemweg is opgedeeld in vijf trajecten (Figuur 23) die overeenkomen met vijf type inrichtingen in de huidige situatie. We hebben van elk traject van een maatgevende locatie een dwarsprofiel geschetst van de huidige situatie. Met behulp van deze dwarsprofielen gaan we na welke inrichting het meest geschikt is per traject. Hierbij gaan we voor de fietsvoorziening uit van drie verschillende opties die geschikt zijn voor een hoogwaardige fietsroute: • • •