CConstaterende datwijchen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage: Rapportage impactonderzoek dorpsondersteuners

Raad openbaar Wijchen 25 november 2021, gemeente wijchenBij agendapunt: 66677 Evaluatie dorpsondersteuners3.702 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Eindrapportage 13 september 2021 Dio Simmelink

Inhoud • • • • • • •

Inleiding Plan van Aanpak Onderzoeksaanpak Conclusies Reflectie Aanbevelingen Bijlage A: Casussen Dorpsondersteuners

2 2

Inleiding MeerVoormekaar is aan het nadenken over hoe het beste aan preventie gewerkt kan worden. Sinds de beëindiging van Rondom Wijchen (1 januari 2020) ligt deze taak ineens weer alleen bij welzijn en weer minder bij de zorgpartijen. Een beperkende factor in die zoektocht is dat nog niet genoeg duidelijk meetbaar is wat het welzijnswerk doet en tot welke maatschappelijke en financiële effecten dat leidt. Dezelfde soort vragen leven ook bij de gemeente. Ze weten dat investeren in preventie nodig is, maar wordt dat gedaan op de juiste plekken, gericht genoeg en met de beste Social Return On Investment? In een ideale situatie identificeren de partijen gezamenlijk een aantal KPI’s waaraan de effectiviteit van de inzet gemeten kan worden, zodat er gewerkt kan worden aan maximale impact voor de samenleving. Dit is echter een complex vraagstuk met veel verschillende actoren en partijen die verschillende beelden hebben over wat impact is en hoe dat het beste te meten. Daarom wordt niet verwacht dat het ‘ei van Columbus’ snel te vinden is. MeerVoormekaar wil samen met het sociaal wijkteam en de gemeente op zoek naar een gezamenlijk antwoord op wat de toegevoegde waarde van welzijn in Wijchen is. Daarvoor is het interessant om te kijken naar twee concrete producten van MeerVoormekaar, waarbij deze impactmeting zich richt op de volgende centrale vraag:

‘Wat wordt er verstaan onder impact, en welke impact hebben de activiteiten van MeerVoormekaar?’ 3

Plan van Aanpak 1 De centrale vraag bestaat uit 2 onderdelen: 1. Wat verstaan de betrokken partijen onder impact, welke informatie wordt gevraagd en waarvoor? 2. Welke impact hebben de producten en diensten van MeerVoormekaar? Om deze vragen te beantwoorden worden twee casussen van concrete producten van MeerVoormekaar onderzocht: 1. Opstap; vervoersdienst, voornamelijk gebruikt door WMO en dagbesteding. Gestart als burgerinitiatief en door de gemeente Wijchen overgenomen om het WMO-vervoer te organiseren. 2. Dorpsondersteuners; sinds september 2019 als dorpsinitiatief als pilot gestart om bewoners, netwerken en initiatieven in de kernen Bergharen, Hernen en Leur te activeren, verbinden en ondersteunen. Omdat er vooraf geen eenduidig beeld bestaat over de uitgangspunten en doelstellingen van de impactmeting (vraag 1), is er gekozen voor aan plan van aanpak waarin het gezamenlijk komen tot een onderzoeksplan een aanzienlijk onderdeel vormt van het traject. Dit onderzoeksplan vormt de basis voor de verdere dataverzameling voor de impactmeting (vraag 2). De dataverzameling bestaat uit een documentstudie en een aantal (groeps)interviews. Zie voor een overzicht de tabel hiernaast.

2

Vormgeving Op de agenda

1. 2. 3. 4.

Uitgangspunten voor het onderzoek vaststellen Inventarisatie van best practices Stakeholders identificeren en uitnodigen Onderzoeksplan opstellen

Meting Op de agenda

5. 6. 7.

Groepsinterviews met stakeholders Dataverzameling voor de nulmeting Analyse en verslaglegging van de resultaten

Documenten

Interviews

Subsidieaanvraag MVM

Afvaardiging Gemeente Wijchen

Jaarverslag 2020 MVM

Afvaardiging MeerVoormekaar

Projectplan Dorpsondersteuners

Iny Bemelmans (werkgroep dorpsondersteuners)

Groningen Dorpsondersteuners Onderzoek

Els Wilmink (dorpsondersteuner)

Evaluatie effecten en bereikte doelen dorpsondersteuners

Ilse Kuypers (dagopvang ‘t Kuyperke)

Vacaturetekst Dorpsondersteuners

Marijke en Huub Schaminee (vrijwilligers Opstap) Henk Strik (chauffeur Opstap) 4

Onderzoeksaanpak ‘Met elkaar op zoek gaan’ betekent ook een pragmatische onderzoeksaanpak. In een gezamenlijke startbijeenkomst met de gemeente en de welzijnsorganisatie is deze zoektocht gestart en dit heeft geleid tot de volgende conclusies met betrekking tot het onderzoeksplan: -

Er zijn tussen beide organisaties verschillen in doelstellingen en verwachtingen met betrekking tot de impact van Opstap en de Dorpsondersteuners. Waar de gemeente meer nadruk legt op financiën en bezuinigen, kijkt welzijn meer naar maatschappelijke impact, een term waarvan de definitie ook bínnen de organisaties vaak niet eenduidig is. Dit maakt het lastig om een goed inhoudelijk gesprek te voeren over prestaties en toegevoegde waarde van de producten.

-

Het is gewenst om de impactmeting zo vorm te geven dat dit gesprek goed gevoerd en jaarlijks herhaald kan worden. Dat betekent dus dat er aan de kant van de opdrachtgever (de gemeente) een inventarisatie gedaan moet worden van de verwachtingen, en aan de kant van de opdrachtnemer (MeerVoormekaar) gemeten moet worden wat de daadwerkelijke effecten zijn. Daarbij is het nuttig om onderscheid te maken tussen ‘output’ en ‘outcome’: - Output: Dit betreft de kwantitatieve cijfers van bijvoorbeeld het aantal ritten, kosten per rit, doorverwijzingen, doelgroep etc. Wat spreek je aan de voorkant af dat je gaat doen, en wat heb je daadwerkelijk gedaan? Ook om een betrouwbare vergelijking te kunnen maken met beschikbare alternatieven. - Outcome: Dit zijn de maatschappelijke effecten, afgeleid van de doelstellingen. Dit kan een mix zijn van kwalitatief, narratief en perceptief. Welk effect hebben de inspanningen op eenzaamheid, sociale samenhang, dagbesteding van vrijwilligers, doorverwijzing naar professionele ondersteuning etc. Door de vele variabelen en opbrengsten elders in de keten en in de tijd, is het voor een onderzoek van deze omvang onmogelijk een betrouwbaar financieel effect te meten. Die poging wordt ook niet gedaan.

-

-

Dit leidt tot het onderzoeksmodel op de volgende pagina. 5

Minder professionele hulpvragen

Verhalen over zingeving

Perceptie van afgevangen zorgvragen

Outcome x budget

EFFECTEN

DOELSTELLING

Bevorderen sociale cohesie

x aantal ritten x prijs per rit doelgroep Participatie bevorderen

Verwachting

x inwoners benaderd

Geleverd

Perceptie van teruggedrongen eenzaamheid

x inwoners gekoppeld

Voorzieningen op peil houden

De variabelen zijn hypothetisch. Het vaststellen hiervan is onderdeel van de volgende inventarisatie

In stand gehouden voorzieningen

6

Conclusies voor Opstap De verschillende interviews en documenten geven een goed beeld van de aspecten waar men het over eens is, waar er nog onduidelijkheid of verschillen van inzicht bestaan, en waar nog verder onderzoek nodig is. De conclusies zijn geordend op output en outcome, en hebben betrekking op de twee onderzoeksvragen: 1) Wat verstaan de betrokken partijen onder impact, welke informatie wordt gevraagd en waarvoor, en 2) Welke impact hebben de producten en diensten van MeerVoormekaar? Output: - Op hoofdlijnen is duidelijk wat er van MeerVoormekaar verwacht wordt (21.000 ritten op jaarbasis), wat dit de gemeente kost (€145.372), wie er gebruik van maken (particulier en dagbesteding) en tegen welke prijs: €5,50,- per rit voor dagbegeleidingsritten, en €2 per rit voor particulieren. Bedragen zijn voor enkele ritten, retour kost het dubbele. - Bestemmingen voor particulieren zijn: Fysio (60%) Tandarts/huisarts (15%) Kapper/centrum (20%) Familie/visite (5%). - Er is bij de gemeente behoefte aan trendanalyses en cijfers die de vergelijking met alternatieven (Avan, Automaatje), mogelijk maken.

Het initiatief voor het maken van deze vergelijking ligt bij de gemeente, maar MeerVoormekaar kan helpen om dit mogelijk te maken door een gedetailleerd overzicht te maken op de volgende onderdelen: - Kosten en opbrengsten per rit; - Uitsplitsing van kosten per rit naar verschillende doelgroepen; - Bij welk soort bestemming wordt een af- of toename gezien van het aantal ritten en wat betekent dat voor toekomstige dienstverlening. - De coronaperiode heeft een aanzienlijk negatief effect gehad op de vraag naar ritten en inzetbaarheid van chauffeurs. Dagbegeleidingsritten zijn inmiddels weer hervat, maar bij veel passagiers van particuliere ritten is nog steeds terughoudendheid te bemerken. Daarom is het moeilijk om een trend waar te nemen in het aantal ritten van de afgelopen jaren. Daarbij is het onzeker welk effect de afgelopen periode heeft op het gedrag van passagiers en vrijwilligers in de toekomst. 7

Conclusies voor Opstap Outcome: - Onderdeel zijn van Opstap zorgt voor de circa 75 vrijwilligers voor een zinvolle dagbesteding. Ze hebben het gevoel iets zinvols te doen voor de maatschappij en krijgen daar dankbaarheid en vriendschap voor terug. - Contact met andere vrijwilligers zorgt voor geestelijke verruiming. De diversiteit aan achtergronden verbreedt de kennis van de mensen. - Vrijwilliger zijn van Opstap zorgt voor een groter sociaal netwerk: “Alsof je er ineens 75 collega’s bij krijgt”. - Er lijken mogelijkheden te zijn voor uitbreiding. Daarbij dient te worden vermeld dat daarmee wel een groter beroep wordt gedaan op planning en coördinatie op piekmomenten. - Er zijn chauffeurs die ook graag weekenddiensten zouden willen rijden. - Door de afgenomen vraag naar particuliere ritten tijdens corona staat er nu permanent een bus stil Die kan eventueel gebruikt worden voor ritten naar het ziekenhuis. - Opstap zorgt voor een verhoogde participatie. Ouderen komen vaker buiten de deur. - (Kleinere) dagbestedingsorganisaties leunen op Opstap voor het vervoer. Eigen of alternatief vervoer regelen is niet rendabel, of is soms niet mogelijk. - Voor bezoekers van de dagbesteding is het vervoer door een vertrouwde organisatie (Opstap) en bekende chauffeur (vaak dezelfde) een voorwaarde om mee te kunnen doen. Hier zijn geen goede alternatieven voor.

- Dit verlicht ook de mantelzorgers en zorgt ervoor dat mensen langer thuis kunnen blijven wonen. - Het komt ongeveer wekelijks voor dat door een direct signaal van een vrijwilliger professionele ondersteuning wordt ingeschakeld. Daarnaast vervullen vrijwilligers een nog grotere rol op het gebeid van sociaal toezicht. Ze hebben goed door wat er zich in Wijchen afspeelt en delen dit met elkaar en de medewerkers van MeerVoormekaar. - Kwaliteit van vervoer met Opstap is sterk afhankelijk van de vaardigheden van de vrijwilligers. Denk dan aan omgang met mensen met Alzheimer, het kunnen helpen met de rolstoel of rollator en het goed inplannen van ritten. Dit vergt veel communicatie met en opvoeding van de vrijwilligers. - Het contact met medewerkers/coördinatoren van MeerVoormekaar wordt als erg prettig ervaren. 8

Conclusies voor de Dorpsondersteuners Output: - De verwachtingen en doelstellingen tussen de gemeente en MeerVoormekaar zijn helder en uitvoerig beschreven. Dit draagt bij aan duidelijke wederzijdse verwachtingen. - Iedereen is enthousiast en positief, maar een kwantitatieve onderbouwing is lastig te maken. - Een kwantitatieve onderbouwing met betrekking tot efficiëntie en effectiviteit is voor de betrokken ambtenaren minder van belang omdat het een dorpsinitiatief is. - Het gesprek over financiële consequenties is voor een product als dorpsondersteuners lastig te voeren. De vraag is of er uit een dergelijke analyse betrouwbare conclusies kunnen worden getrokken. Dit komt doordat er financiële voordelen zijn op terreinen die niet te verantwoordelijkheid zijn van de gemeente en meer algemeen omdat financiële doorrekeningen met moeilijk te controleren variabelen moeilijk betrouwbaar te maken zijn. - De resultaten van de dorpsondersteuners zijn uitvoerig omschreven in het jaarverslag van MVM en lijken te voldoen aan de doelstellingen: - Uitgebreid netwerk opgebouwd onder Inwoners, organisaties, verenigingen, scholen; - 200 huishoudens bezocht’. Inwoners durven ‘meer’ vragen te stellen; - 14 individuele hulpvragen afgehandeld en diverse collectieve activiteiten ondersteund; - Er is goed contact met alle verenigingen en organisaties in de 3 dorpen.

In de zin dat er in ieder geval eenmalig contact is geweest met alle 75 partijen (100%) en de dorpsondersteuners worden niet (meer) gezien als concurrentie; - Iedereen in de 3 dorpen weet wie de dorpsondersteuners zijn; - SWT blijft nog ver weg: het is onduidelijk hoeveel vragen er afgevangen worden. - Ook de samenwerking met de huisartsen verloopt moeizaam. Ze hebben niet het idee dat de huisarts veel doorverwijst. Huisartsen geven aan dat deze samenwerking in coronatijd voor hun ook geen prioriteit heeft gehad. - Fysiotherapeuten zijn wel goed aangehaakt. De netwerkgroep functioneert goed. Zij het wel voor een beperkte doelgroep: de ouderen. 9

Conclusies voor de Dorpsondersteuners Outcome: - Doelen en instrumenten worden door de gemeente en MeerVoormekaar door elkaar gebruikt. Instrumenten (zoals: informeren & kennismaken, individuele begeleiding en lockdown-activiteiten) zijn ondergeschikt aan de doelen, waar brede overeenstemming over is: - Door meer onderlinge contacten gaat kwaliteit van leven en welzijn (of welbevinden) omhoog - Verminderde kans op eenzaamheid - Samenleving is veerkrachtig en kan problemen zelf cq. samen oplossen - Voor de gemeente is van belang dat de impactmeting inzicht geeft in hoeverre de dorpsondersteuners een waardevolle aanvulling zijn op de hoofddoelstelling van positieve gezondheid en dat de meting een aanvulling is op de al bestaande evaluatie. - Daarom is ervoor gekozen om de toegevoegde waarde van de dorpsondersteuners te vertalen naar de 6 dimensies van positieve gezondheid (zie voor beschreven casussen bijlage A): - Meedoen (8): Dorpsondersteuners koppelen doorlopend inwoners, verenigingen, professionele instanties aan elkaar om ervoor te zorgen dat iedereen kan participeren. - Dagelijks functioneren (4): Dorpsondersteuners zijn voor ‘dagelijks functioneren’ vaak een informatieportaal of verwijzen door naar andere instanties. - Lichaamsfuncties (4): Hierbij hebben ze dezelfde rol als bij ‘Dagelijks functioneren’.

- Mentaal welbevinden (7): Ze luisteren, ondersteunen en activeren het netwerk bij mensen die dit zelf (nog) niet kunnen. Vaak de wat complexere casussen. - Zingeving (7): Ze onderhouden een netwerk van personen die iets voor het dorp willen betekenen, ook als er niks te betekenen is en het slechts gaat om onderling contact. - Kwaliteit van leven (9): Alle activiteiten van dorpsondersteuners zijn van invloed op de kwaliteit van leven. Dit is dan ook een overkoepelende dimensie. 10

Conclusies voor de Dorpsondersteuners Outcome: - Het concept van dorpsondersteuners is niet 1-op-1 te kopiëren naar andere kernen: - Dorpsondersteuners moeten kennis van het dorp of de wijk hebben en er eigenlijk ook wonen. Uitzonderingen daargelaten. - Een proactieve houding is vereist. Je moet de straat op, niet achter een tafel blijven zitten. - Er zijn idealiter twee dorpsondersteuners per kern/wijk. Anders wordt het al snel te kwetsbaar. Daarnaast wordt het fijn gevonden om te sparren en kan men elkaar op thema aanvullen. - Elke wijk vraagt om iets anders. Aandachtspunten kunnen dus ook verschillen. - De dorpsondersteuners komen voort uit de leefbaarheidsgroep, niet andersom zoals soms gedacht wordt. Leefbaarheidsgroep gaat over alle onderwerpen die leefbaarheid aangaan (voorzieningen, openbare ruimte, etc.). Positieve gezondheid is een onderdeel van de leefbaarheid en dorpsondersteuners geven daar invulling aan. Dorpsondersteuners komen wel vaker achter de voordeur en kunnen vaker initiatieven aanjagen. - Dorpsondersteuners helpen nu relatief veel ouderen, maar zijn er voor iedereen in het dorp, van 0 tot 100 jaar. Door de beperkingen in de coronaperiode hebben ze de verbinding tussen jong en oud nog niet voldoende kunnen organiseren. - De dorpsondersteuners dragen op verschillende manier bij aan ondersteuning van mantelzorgers.

Hierdoor kunnen mantelzorgers langer meedoen aan activiteiten en zullen ze minder snel in een sociaal isolement terechtkomen. Daardoor kunnen ze de zorg voor hun partner, vader/moeder, kind etc. langer volhouden en de aanname is dat ze minder snel een beroep hoeven doen op betaalde zorg. - Dorpsondersteuners kunnen snel reageren op (hulp) vragen, er zijn geen wachtlijsten of andere belemmeringen. - Het initiatief moet genomen worden, of gedragen worden door de inwoners. - Begeleiding en ondersteuning in de vorm van coaching of intervisie is belangrijk voor het doorontwikkelen en op peil houden van de kwaliteit van de dorpsondersteuners. 11

Reflectie Deze impactmeting is op een aantal punten een atypische. Het proces in aanloop naar het formuleren van een onderzoeksmodel en de juiste onderzoeksvragen (fase 1) duurde aanzienlijk langer dan de daadwerkelijke meting (fase 2), die in omvang vrij beperkt is gebleven. Daarom, of misschien wel daardoor, is de looptijd (1,5 jaar vanaf de verkennende gesprekken) langer geweest dan normaal gesproken is te verwachten bij onderzoeken van deze omvang. Naast dat dit logisch te verklaren is door een coronaperiode waar er andere prioriteiten waren en er veel activiteiten niet uit te voeren en dus te meten waren, vraagt dit om een nog iets nadere duiding. De behoefte om kwantitatief en feitelijk te meten is een logische. Ook bij deze twee casussen werd er in eerste instantie door betrokken partijen gevraagd om cijfermatige analyses en financiële doorrekeningen. Het gesprek over KPI’s en nulmetingen is dan ook wel gevoerd, maar eindigt vaak bij de vraag: ‘als we dit meten, wat hebben we dan eigenlijk?’. Welzijnswerk valt vanwege de vele variabelen moeilijk te vangen in enkele KPI’s. De context (soms) is ongrijpbaar, te complex en moeilijk af te bakenen. Zo is een persoon die door Opstap naar dagbesteding kan geestelijk vitaler en minder eenzaam, maar het is niet te meten hoeveel zorg deze persoon daardoor níet heeft gehad.

Daarnaast hebben we voor deze impactmeting ook niet de makkelijke route gekozen. Met Opstap en Dorpsondersteuners is er bewust gekozen voor een pilot en diensten waarbij de vraag op tafel lag of er wel of niet verlengd zou moeten worden. In de loop van het onderzoek werd steeds vaker de kernvraag gesteld: ‘waarom willen we dit weten?’. Opdrachtgever (gemeente) en opdrachtnemer (MeerVoormekaar) hebben hier niet altijd een antwoord op. Laat staan hetzelfde antwoord. Verwachtingen over te behalen doelstellingen en beelden bij (in)directe effecten blijken vaak niet op elkaar aan te sluiten: ‘hebben we nog hetzelfde beeld bij waarom we hiermee begonnen zijn?’. Hierdoor verzandt een gesprek over impact af en toe in een Babylonische spraakverwarring. Dit leidt tot een zoektocht naar wat je van elkaar verwacht. Wanneer het gesprek over doelstellingen, verwachtingen en effecten wél goed gevoerd wordt, blijkt iedereen in de basis hetzelfde na te streven. Een impactmeting hoeft dan minder gericht te zijn op KPI’s en controle (wat blijft er over van elke euro die erin gestopt wordt), maar kan zich veel meer focussen op continuïteit (doen we nog steeds het juiste en hoe kunnen we verbeteren?). Vooral in het geval van de dorpsondersteuners is er al veel gemeten en geëvalueerd, maar wordt er te weinig gesproken over hoe deze te interpreteren. Meer informatie gaat dan niet helpen.

Betere afstemming wel. De volgende aanbevelingen richten zich dan ook voornamelijk op het optimaliseren van het proces tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Met als doel te komen tot een eenduidige manier van impactmeten. 12

Aanbevelingen 1.

2.

3. 4. 5. 6.

De meest open deur in deze aanbevelingen is uiteraard dat het begint bij goede afstemming tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Jaarlijks moet samen worden bepaald wat jullie willen weten, waarom jullie dat willen weten en wat de beste manier is om dat inzichtelijk te maken. Maak tijd en ruimte voor dit gesprek. Er zijn het afgelopen jaar zeker goede gesprekken geweest over de subsidie, maar hier gaat het over het continue verbeteren van producten en diensten, in overleg met opdrachtgever. Breng meer focus aan in de te meten effecten. Wat zijn de kerndoelstellingen en hoe kunnen we die meetbaar maken. Welzijnswerk heeft impact op veel (leefbaarheids)aspecten, die zich lang niet altijd even makkelijk laten meten. De verleiding is om deze allemaal te benoemen. Dat zorgt voor een warrig beeld. Focus op de belangrijkste doelstellingen en kom tot een gezamenlijke visie op hoe de prestaties meten en rapporteren. Kostenreductie in de keten is lastig te bewijzen. Maak dit in goed overleg met de gemeente dan ook geen KPI, maar leg de focus op continue verbetering. Dit betekent ook het wederzijds scheppen van heldere financiële kaders. Voor het gesprek over Opstap met elkaar met behulp van een gedetailleerde doorrekening van de kosten per rit, kilometer, doelgroep en bestemming. Alleen zo is een goede vergelijking te maken tussen Opstap en alternatieven.

Schrijf samen (gemeente en MeerVoormekaar) een visie voor de toekomst van Opstap. Overleg met de gemeente welke managementinformatie ze nodig hebben en bouw dat in het digitale systeem in. Stap af van losse declaratie van dagbegeleidingsritten WMO, om administratieve last bij financiën te verlichten.

13

Bijlage A: Casussen Dorpsondersteuners Mentaal welbevinden: sneeuwruimen, boodschappen doen, voedselpakket voedselbank brengen, boeken bezorgen, Mevrouw A. werd aangemeld via POH met de vraag om haar te stimuleren naar activiteiten medicijnen afhalen, tuinonderhoud, huiswerkbegeleiding, administratieve ondersteuning, etc. buiten de deur. Mevrouw had nog niet zo lang geleden haar man verloren en was volgens POH Lichaamsfuncties eenzaam. De druk op (enige) zoon was erg groot, hij voelde zich erg verantwoordelijk voor zijn Wij zijn verantwoordelijk voor het uitleenpunt van rolstoelen en duofiets in BHL. moeder. We stimuleren bewegen, gezond voelen en fitheid door de duofiets te promoten en uit te Het bleek dat mevrouw voldoende netwerk had maar nog volop in het rouwproces zat en nog lenen. niet toe was aan activiteiten buitenshuis. Ook met een beperking is het goed om te blijven bewegen. Het stimuleert de activiteit van de Wij hebben haar middels huisbezoeken ondersteund in haar rouwproces, haar verhaal hersenen en samen fietsen is ook nog eens goed voor de sociale contacten. aangehoord en haar angst weggenomen. Haar behoefte was op dat moment niet meer dan Het is dus belangrijk om actief mee te doen voor het fit blijven maar het doet ook wat met je een luisterend oor en rouwen. geluksgevoel. Daar dragen wij aan bij. Mevrouw B.

heeft op eigen initiatief contact gezocht met de vraag om ondersteuning bij het vinden van activiteiten en vergroten netwerk. Mevrouw heeft een complexe psychische achtergrond en vond het daarom moeilijk om aansluiting te vinden bij anderen en ze vond het lastig om het in haar ‘eigen dorp’ te zoeken. Mevrouw worstelde bovendien met het loslaten van haar bijna volwassen dochter waar ze veel mee deed. N.a.v. het huisbezoek hebben wij een aantal mogelijkheden aangedragen en haar ook doorverwezen naar collega’s in Wijchen. Mevrouw maakt inmiddels gebruik van het aanbod.

Sociaal maatschappelijk participeren/meedoen (V) echtscheidingsproblematiek doorverwezen, voorlichting gegeven over woonmogelijkheden binnen de dorpen, hulpvraag t.a.v. inkomen doorverwezen naar professionals ter voorkoming van schulden, nieuwe dorpsbewoners in contact gebracht met sportactiviteiten. Kwaliteit van leven Heer A. had 1 wens: om nog een keer te gaan zwemmen. Er waren allerlei hindernissen waardoor het er niet van kwam. Na wat uitzoekwerk hebben wij samen met thuiszorg, dochter, kleinzoon en mt/medewerkers zwembad een datum gepland en het mogelijk gemaakt dat zijn wens in vervulling kwam.

Zingeving Mevrouw C. werd bij ons aangemeld (overgedragen) door de dominee die naar een andere gemeente werd overgeplaatst. Hij maakte zich zorgen over haar nu hij haar niet meer kon bezoeken. We hebben mevrouw bezocht en ondersteund in haar hulpvraag. In haar terminale fase hebben wij de dominee op de hoogte gebracht, wat er toe heeft geleid dat hij nog net op Heer B. werd door huisarts naar ons doorverwezen met een hulpvraag om samen te kijken tijd haar familie heeft kunnen benaderen en de uitvaart heeft kunnen regelen. Daar was hij en welke mogelijkheden er waren om hem te ondersteunen in de zorg van zijn chronisch zieke de familie ons zeer erkentelijk voor en tijdens de afscheidsdienst werden wij en het belang van vrouw. ons werk nog genoemd. Heer was overbelast. Beide wilden graag zo lang mogelijk samen in hun huis blijven wonen en De dorpsbewoners, in aantal 12, die zich bij ons aangemeld hebben omdat zij graag dat zou in gevaar komen als de heer uitviel. maatschappelijk betrokken willen zijn en iets voor een ander willen betekenen. Wij blijven Samen gekeken welke mogelijkheden er zijn om dit te kunnen waarborgen. regelmatig met hun in contact ook als er geen hulpvraag is en zij niet ingezet worden.

Oplossingen zijn er gevonden, de heer wordt ontlast in zijn zorgtaken en kan weer iets voor Dagelijks functioneren Wij ondersteunen met behulp van dorpsbewoners diverse hulpvragen zoals vervoer,

zichzelf doen.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=wdw&id=97c8deda-aecf-4276-a3fc-55b660e468d6