Bijlage III Quickscan natuur
Tekst van het document
QUICK SCAN BESCHERMDE NATUUR MAASUITERWAARDEN DE LYMEN
Toetsing Wet natuurbescherming, onderdelen soortenbescherming en gebiedsbescherming.
In opdracht van: Natuurmonumenten Opgesteld door: N. van der Pol Projectnummer: 21-229 Datum: 06-04-2022 NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV Radboud Universiteit, Toernooiveld 1 Postbus 6508, 6503 GA Nijmegen
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p T (024) 352 88 01
info@natuurbalans.nl www.natuurbalans.nl
Rapporttitel Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen Toetsing Wet natuurbescherming, onderdelen soortenbescherming en gebiedsbescherming. Getekend voor akkoord Naam en functie van vertegenwoordigingsbevoegde
R.F.M. Krekels - directeur
Handtekening
Datum
6 april 2022
Colofon 2022 Natuurbalans - Limes Divergens BV / Natuurmonumenten Tekst en samenstelling: N. van der Pol Veldonderzoek: N. van der Pol Projectleiding: N. van der Pol Eindverantwoordelijk: R.F.M. Krekels Projectnummer: 21-229 In opdracht van:
Natuurmonumenten
Foto’s omslag:
Zicht op ingreeplocatie de Lymen vanaf de Maasdijk. Foto: N. van der Pol.
Wijze van citeren:
Van der Pol, N., 2022. Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen. Toetsing Wet natuurbescherming, onderdelen soortenbescherming en gebiedsbescherming. Projectnr. 21-229. Natuurbalans - Limes Divergens BV, Nijmegen.
Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van scanning, internet, druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Natuurmonumenten en Natuurbalans Limes Divergens BV noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Gegevens die afkomstig zijn uit de NDFF (Nationale Databank Flora en Fauna) mogen niet zonder toestemming van BIJ12 worden verstrekt aan derden of op enige andere wijze openbaar gemaakt worden. Natuurbalans - Limes Divergens BV is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Natuurbalans - Limes Divergens BV. Natuurmonumenten vrijwaart Natuurbalans - Limes Divergens BV voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. Natuurbalans - Limes Divergens BV is lid van het Netwerk Groene Bureaus, brancheorganisatie voor kwaliteitsbevordering en belangenbehartiging. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Natuurbalans - Limes Divergens BV is gecertificeerd door EBN Certification en voldoet aan de eisen gesteld in de norm ISO 9001:2015.
INHOUD
1
INLEIDING ......................................................................................................................................... 4
2
BESCHRIJVING VOORGENOMEN INGREEP ....................................................................................... 6 2.1 Ingreeplocatie en onderzoeksgebied ....................................................................................... 6 2.2 Werkzaamheden en toekomstig gebruik ................................................................................. 6
3
ONDERZOEKSMETHODE ................................................................................................................. 10 3.1 Bureauonderzoek ................................................................................................................... 10 3.2 Veldonderzoek ....................................................................................................................... 10 3.3 Opzet quick scan .................................................................................................................... 10
4
TOETSING WET NATUURBESCHERMING: ONDERDEEL SOORTENBESCHERMING.......................... 12 4.1 Overzicht van beschermde soorten ....................................................................................... 12 4.2 Vaatplanten en mossen ......................................................................................................... 13 4.3 Vleermuizen ........................................................................................................................... 13 4.4 Grondgebonden zoogdieren .................................................................................................. 14 4.5 Broedvogels............................................................................................................................ 16 4.6 Reptielen ................................................................................................................................ 17 4.7 Amfibieën ............................................................................................................................... 18 4.8 Vissen ..................................................................................................................................... 18 4.9 Ongewervelden ...................................................................................................................... 18
5
TOETSING WET NATUURBESCHERMING: ONDERDEEL GEBIEDSBESCHERMING ........................... 20
6
TOETSING NATUURNETWERK NEDERLAND ................................................................................... 21
7
CONCLUSIES ................................................................................................................................... 22 7.1 Consequenties natuurwetgeving ........................................................................................... 22 7.2 Vervolgonderzoek .................................................................................................................. 22 7.3 Mitigerende maatregelen ...................................................................................................... 23 7.4 Samenvatting ......................................................................................................................... 24
8
BRONNEN ....................................................................................................................................... 25
BIJLAGE 1 – CONCEPT INRICHTINGSPLAN DE LYMEN ........................................................................... 26
1
INLEIDING
Aanleiding Vereniging Natuurmonumenten is voornemens natuur te ontwikkelen in de Maasuiterwaarden tussen Batenburg en Appeltern. Dit gebied bestaat op dit moment uit intensief agrarisch gebied met akkers en graslanden. Door een aantal inrichtingsmaatregelen zal het gebied omgevormd worden tot natuur met o.a. wateren, moeras, graslanden en struwelen. Realisatie van deze ingreep kan leiden tot overtreding van verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming (Wnb), die onder andere de bescherming regelt van dier- en plantensoorten en Natura 2000-gebieden. Overtreding van verbodsbepalingen uit de Wnb vereist mogelijk een ontheffing en/of vergunning. Ten behoeve van de uitvoerbaarheid en vergunbaarheid van de voorgenomen ingreep dient een actueel en volledig beeld te bestaan van het voorkomen van beschermde soorten en habitattypen op de ingreeplocatie of binnen de invloedsfeer ervan. Aan de hand daarvan dient de voorgenomen ingreep getoetst te worden aan de bepalingen in de Wnb. Opdrachtformulering Op verzoek van Natuurmonumenten heeft Natuurbalans - Limes Divergens BV een quick scan uitgevoerd waarbij de voorgenomen ingreep is getoetst aan de Wnb.
De quick scan bestaat uit een eenmalig bezoek aan de ingreeplocatie, waarbij op basis van uitvoerige kennis over ecologie en verspreiding van flora en fauna een inschatting is gemaakt van de potenties van de ingreeplocatie voor beschermde natuurwaarden. Aan de hand van deze inschatting zijn mogelijke effecten op beschermde natuurwaarden in beeld gebracht en zijn maatregelen aangegeven om eventuele schade te mitigeren of te compenseren. Tenslotte is aangegeven of nader veldonderzoek noodzakelijk is. Doelstelling De quick scan heeft als doel de impact van de voorgenomen ingreep op beschermde soorten en gebieden vast te stellen, om zo te kunnen bepalen welke mitigerende en/of compenserende maatregelen getroffen dienen te worden en of een ontheffing of vergunning noodzakelijk is. Het onderzoek geeft antwoord op de volgende vragen: Traject Wet natuurbescherming: onderdeel soortenbescherming 1. Komen op de ingreeplocatie beschermde soorten voor of kunnen deze hier worden verwacht? 2. Wat zijn eventuele negatieve effecten van de voorgenomen ingreep op deze beschermde soorten? 3. Op welke wijze kunnen eventuele negatieve effecten voorkomen of beperkt worden? 4. Is er een kans op overtreding van verbodsbepalingen uit artikel 3.1 (soorten Vogelrichtlijn), 3.5 (soorten Habitatrichtlijn) of 3.10 (andere soorten)? 5. Is een ontheffing van de Wnb nodig? 6.
Wordt vervolgonderzoek noodzakelijk geacht?
Traject Wet natuurbescherming: onderdeel gebiedsbescherming Door middel van een voortoets wordt antwoord gegeven op de vraag of er een kans is op negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000gebieden. Hierop zijn twee antwoorden mogelijk: 1. Er is geen kans op een significant negatief effect. Voor het project geldt geen vergunningplicht. 2. Er is kans op een significant negatief effect. Een vergunningaanvraag is aan de orde. Voor de toetsing dient een passende beoordeling te worden opgesteld. In het kader van voorliggend project is Provincie Gelderland het bevoegde gezag ten aanzien van de Wnb. Traject Natuurnetwerk Nederland 1. Ligt de ingreeplocatie in het Gelders Natuurnetwerk? 2. Worden vervolgstappen noodzakelijk geacht?
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
5
2
BESCHRIJVING VOORGENOMEN INGREEP
2.1 INGREEPLOCATIE EN ONDERZOEKSGEBIED Uiterwaard de Lymen (figuur 1) ligt aan de noordzijde van de Maas, ten zuiden van de dorpen Appeltern (gemeente West Maas en Waal) en Batenburg (gemeente Wijchen), in de provincie Gelderland. De ingreeplocatie (in het oosten) bestaat uit agrarische percelen (figuur 2). Op de ingreeplocatie bevindt zich een droge greppel tussen twee percelen (figuur 3). De Maasoever op de ingreeplocatie bestaat uit zandige strandjes, kort gemaaid gras en enkele grote oude (baken)bomen (figuur 4). Binnen het onderzoeksgebied (in het westen) lopen twee aftakkingen van de Maas richting het binnenland, om daar over te gaan in de Nieuwe Wetering. In het midden van het onderzoeksgebied bevindt zich een omgeploegde akker met daarnaast een droge greppel, die bij hoog water in verbinding staat met de Maas (figuur 5). Parallel aan deze akker bevindt zich op de Maasoever een dichtbegroeide strook met ruigte van o.a. braam en riet (figuur 6). In het oosten van het onderzoeksgebied bevinden zich kort gemaaide agrarische graslanden met een wandelpad langs de Maasoever (figuur 7).
Figuur 1. Ligging en begrenzing van de ingreeplocatie (geel) en het onderzoeksgebied (rode lijn) van de Lymen in gemeenten Wijchen en West Maas en Waal.
2.2 WERKZAAMHEDEN EN TOEKOMSTIG GEBRUIK Door een aantal inrichtingsmaatregelen zal het gebied omgevormd worden tot natuur met o.a. wateren, moeras, graslanden en struwelen. Het concept inrichtingsplan is te vinden in Bijlage 1.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
6
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
Figuur 2. De ingreeplocatie bestaat uit agrarische percelen. De foto is gemaakt in oostelijke richting.
Figuur 3. De droge greppel op de ingreeplocatie. De foto is gemaakt in noordelijke richting.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
7
Figuur 4. De Maasoever op de ingreeplocatie bestaat uit zandige strandjes, kort gemaaid gras en enkele grote oude (baken)bomen. De foto is gemaakt in oostelijke richting.
Figuur 5. De omgeploegde akker in het onderzoeksgebied met daarnaast een droge greppel, die bij hoog water in verbinding staat met de Maas. De foto is gemaakt in zuidelijke richting.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
8
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
Figuur 6. Parallel aan de akker uit figuur 5 bevindt zich op de Maasoever een dichtbegroeide strook met ruigte van o.a. braam en riet.
Figuur 7. De kort gemaaide agrarische graslanden in het oostelijke deel van het onderzoeksgebied, met een wandelpad langs de Maasoever. De foto is gemaakt in westelijke richting.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
9
3
ONDERZOEKSMETHODE
3.1 BUREAUONDERZOEK Voor het onderzoek zijn archiefgegevens verzameld van streng beschermde planten en dieren die voorkomen in de omgeving van de ingreeplocatie (tot 2 km afstand). Als basis hiervoor is de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) geraadpleegd. Deze databank bevat waarnemingen van beschermde en zeldzame planten en dieren in Nederland. De NDFF-aanvraag is gedaan op 01-03-2022 en bevat alle waarnemingen van beschermde soorten over de afgelopen 10 jaar. 3.2 VELDONDERZOEK Op 09-02-2022 is de ingreeplocatie door een ecoloog van Natuurbalans - Limes Divergens onderzocht op het actuele voorkomen van beschermde soorten. Aan de hand van aanwezige biotopen is tevens ingeschat welke functie de ingreeplocatie kan vervullen voor beschermde soorten. Aanvullend is op basis van uitvoerige kennis over ecologie en landelijke verspreiding van beschermde soorten bepaald of het voorkomen van andere beschermde soorten verwacht kan worden en of nader onderzoek noodzakelijk is. Het veldonderzoek dat is uitgevoerd ten behoeve van de quick scan was beperkt van opzet. Mocht aanvullend onderzoek nodig zijn, dan is dat in de aanbevelingen opgenomen. 3.3 OPZET QUICK SCAN Toetsing aan de Wet natuurbescherming: onderdeel soortenbescherming Door middel van een effectanalyse wordt onderzocht of de voorgenomen ingreep leidt tot negatieve effecten op beschermde soorten.
Daarbij wordt in de Wnb onderscheid gemaakt in drie beschermingsregimes: 1) Soorten Vogelrichtlijn (§ 3.1 Wnb): alle van nature in Nederland in het wild levende vogels. 2) Soorten Habitatrichtlijn (§ 3.2 Wnb): alle soorten van bijlage IV van de Habitatrichtlijn, bijlage I en II van het Verdrag van Bern en bijlage II van het Verdrag van Bonn, met uitzondering van de soorten bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn. 3) Andere soorten (§ 3.3 Wnb): alle soorten die vanuit nationaal oogpunt beschermd worden met uitzondering van vrijstellingen. Indien uit de effectanalyse blijkt dat er een kans is op overtreding van verbodsbepalingen uit de Wnb zijn vervolgstappen nodig: a) Treffen van maatregelen om negatieve effecten te voorkomen. b) Werken volgens een goedgekeurde gedragscode. c) Aanvragen van een ontheffing van de Wnb. a. Treffen van maatregelen Door het treffen van maatregelen kunnen negatieve effecten op beschermde soorten worden voorkomen, verminderd of hersteld. Daarbij kan het gaan om mitigerende maatregelen (voorkomen of verminderen van effecten of herstel op de locatie van handeling) of om compenserende maatregelen (herstel of verbetering op een andere locatie).
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
10
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
b. Werken volgens goedgekeurde gedragscode Handelingen in het kader van ruimtelijke ontwikkeling of inrichting leiden niet tot overtreding van verbodsbepalingen uit artikel 3.1, 3.5 en 3.10 indien deze handelingen aantoonbaar worden uitgevoerd conform een goedgekeurde gedragscode. In dat geval is geen ontheffing nodig. c. Ontheffing Wnb ten aanzien van beschermde soorten Kan overtreding van verbodsbepalingen - ondanks voorgaande stappen - niet geheel worden voorkomen en geldt er geen vrijstelling, dan is ontheffing van de verbodsbepalingen nodig. Een ontheffing kan uitsluitend worden verleend onder de volgende voorwaarden: 1. Er is geen andere bevredigende oplossing. 2. Er is sprake van een wettelijk belang. 3. Er is geen verslechtering/afbreuk van de staat van instandhouding van beschermde soorten. Het aanvragen van een ontheffing voor soorten kan op twee manieren: 1) een afzonderlijke ontheffing aanvragen bij provincie Gelderland of 2) als onderdeel van de omgevingsvergunning bij de gemeente. Toetsing aan de Wet natuurbescherming: onderdeel gebiedsbescherming Door middel van een voortoets wordt bepaald of er voor de voorgenomen ingreep een vergunningplicht geldt ex artikel 2.7 van de Wnb. In de voortoets worden de volgende vragen beantwoord: 1. Ligt een Natura 2000-gebied binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep? 2.
Wat zijn de mogelijke negatieve effecten van de voorgenomen ingreep op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied in kwestie? Daarbij wordt ook ingegaan op effecten van stikstofuitstoot (NOx) en -depositie op stikstofgevoelige habitats. 3. Kan de ingreep, gelet op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000gebied: a. de kwaliteit van de natuurlijke habitats of de habitats van soorten in dat gebied verslechteren? b. een significant verstorend effect hebben op de soorten waarvoor dat gebied is aangewezen? Uiteindelijk wordt in voorliggende natuurtoets een antwoord gegeven op de vraag of er een kans is op een significant effect, en of er dus een passende beoordeling dient te worden uitgevoerd. In dat geval dient voor uitvoering van de ingreep een vergunning aangevraagd te worden. Indien mitigerende of compenserende maatregelen nodig zijn om schade te verzachten of te compenseren, houdt dat per definitie in dat er een kans is op significant negatieve effecten.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
11
4
TOETSING WET NATUURBESCHERMING: ONDERDEEL SOORTENBESCHERMING
4.1 OVERZICHT VAN BESCHERMDE SOORTEN Tabel 1. Overzicht van streng beschermde soorten in de omgeving van de ingreeplocatie. De gegevens zijn afkomstig uit waarnemingsarchieven (NDFF van laatste 10 jaar binnen 2 km van de ingreep). Van de nationaal beschermde soorten (A) zijn alleen de soorten opgenomen waarvoor geen vrijstelling geldt; van de vogels zijn alleen soorten opgenomen met jaarrond beschermde nestplaatsen. WNB:
Soort is opgenomen in de Wet natuurbescherming (VR = Vogelrichtlijn, HR = Habitatrichtlijn, A = Andere beschermde soort). RL: Soort is opgenomen op de Rode lijst (GE = gevoelig, KW = kwetsbaar, BE = bedreigd, EB = ernstig bedreigd, VN, VNW, VW1, VW2, VW3 = verdwenen). Jaar: Laatste jaar van waarneming. Records: Aantal records in de NDFF binnen een zone van 2 km rond de ingreep.
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
WNB
RL
Jaar
Records
Baardvleermuis
Myotis mystacinus
HR
2020
3
Gewone dwergvleermuis
Pipistrellus pipistrellus
HR
2019
14
Gewone grootoorvleermuis
Plecotus auritus
HR
2020
19
Laatvlieger
Eptesicus serotinus
HR
2020
12
Rosse vleermuis
Nyctalus noctula
HR
2017
1
Watervleermuis
Myotis daubentoni
HR
2019
1
Bever
Castor fiber
HR
2021
195
Bunzing
Mustela putorius
A
2021
3
Das
Meles meles
A
2022
108
Eekhoorn
Sciurus vulgaris
A
2012
1
Steenmarter
Martes foina
A
2020
3
Boomvalk
Falco subbuteo
VR
2021
3
Buizerd
Buteo buteo
VR
2022
56
Gierzwaluw
Apus apus
VR
2021
18
Havik
Accipiter gentilis
VR
2021
2
Huismus
Passer domesticus
VR
2022
89
Kerkuil
Tyto alba
VR
2021
9
Ooievaar
Ciconia ciconia
VR
2022
253
Ransuil
Asio otus
VR
2022
20
Roek
Corvus frugilegus
VR
2021
57
Slechtvalk
Falco peregrinus
VR
2022
38
Steenuil
Athene noctua
VR
2022
117
Rana lessonae
HR
2020
15
Misgurnus fossilis
A
2020
6
Vleermuizen
KW
Overige zoogdieren
KW
Vogels KW
GE
KW
KW
Amfibieën Poelkikker Vissen Grote modderkruiper
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
12
KW
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
4.2 VAATPLANTEN EN MOSSEN Aanwezigheid op de ingreeplocatie De NDFF bevat geen waarnemingen van streng beschermde planten- en mossensoorten. Op basis van expert judgement kan worden gesteld dat dergelijke soorten niet op de ingreeplocatie voorkomen. Een intensief beheerd agrarisch landschap is niet geschikt zijn om als groeiplaats voor deze soorten te fungeren. Toetsing aan de Wet natuurbescherming Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van vaatplanten en mossen worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor vaatplanten en mossen is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig. 4.3 VLEERMUIZEN Aanwezigheid op de ingreeplocatie De NDFF bevat waarnemingen van 6 streng beschermde vleermuizen: baardvleermuis, gewone dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis en watervleermuis. Het betreft zowel gebouw- als boombewonende soorten. Er zijn geen waarnemingen bekend binnen de Lymen. De waarnemingen uit de directe omgeving zijn afkomstig uit de bebouwde kom van Batenburg. Verblijfplaatsen Er zijn geen gebouwen aanwezig op de ingreeplocatie. Langs de Maas bevinden zich verspreid over de oever enkele grote oude bomen, deze (baken)bomen blijven behouden. Er zijn geen holtes en spleten in deze bomen aangetroffen die mogelijk dienst zouden kunnen doen als verblijfplaats.
Negatieve effecten op verblijfplaatsen van vleermuizen zijn daarmee uitgesloten. Foerageergebieden Binnen de ingreeplocatie vormt de Maasoever geschikt foerageergebied voor vleermuizen. Er is geen sprake van essentieel foerageergebied, in de omgeving is alternatief foerageergebied in ruime mate voorhanden. Na het uitvoeren van de herinrichtingsmaatregelen ontstaat er meer foerageergebied voor vleermuizen, door de ontwikkeling van een nevengeul, zachthoutooibos, doornstruweel en moerasvegetatie. Negatieve effecten op foerageergebieden van vleermuizen zijn daarmee uitgesloten. Vliegroutes Er zijn geen lijnvormige elementen aanwezig binnen de ingreeplocatie die een functie voor vleermuizen kunnen hebben als vliegroute. Door de ruime afstand tussen de bakenbomen op de Maasoever (> 30 m), vormen deze bomen geen vliegroute voor vleermuizen. Daarmee zijn negatieve effecten op vliegroutes van vleermuizen uitgesloten. Toetsing aan de Wet natuurbescherming Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van vleermuizen worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor vleermuizen is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
13
4.4 GRONDGEBONDEN ZOOGDIEREN Aanwezigheid op de ingreeplocatie De NDFF bevat waarnemingen van 5 streng beschermde grond gebonden zoogdieren: bever, bunzing, das, eekhoorn en steenmarter. Bever is verspreid waargenomen bij de Maas en andere watergangen in het omliggende gebied. De Maasoever vormt geschikt leefgebied voor deze soort. Tijdens het veldbezoek werd een beverburcht (figuur 8) aangetroffen in het onderzoeksgebied (figuur 9). Ook werden verspreid over de oever verse vraatsporen aangetroffen. Langs de burcht ligt een wandelpad (figuur 7) waar mensen met honden lopen. De afstand van de burcht tot de ingreeplocatie bedraagt > 230 m. Gezien deze afstand en de ligging van de burcht op een locatie waar reeds verstoring aanwezig is, wordt geen verstorend effect op de functionaliteit van vaste voortplantings- en rustplaatsen van bever verwacht. Negatieve effecten op deze soort zijn daarmee uitgesloten.
Figuur 8. De beverburcht op de oever van de Maas in de Lymen. De foto is genomen in zuidelijke richting.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
14
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
Figuur 9. Ligging van de beverburcht en de dassenpijpen op de oever van de Maas in de Lymen.
Bunzing en steenmarter zijn beide waargenomen in de directe omgeving rondom de Lymen. Op de ingreeplocatie zijn geen robuuste landschapselementen aanwezig, zoals heggen, struweel en houtwallen, die geschikt leefgebied vormen voor bunzing, steenmarter of voor hermelijn en wezel (niet bekend uit de NDFF). De droge greppel binnen de ingreeplocatie (figuur 3) vormt geen geschikt leefgebied voor deze soorten, de vegetatie in de greppel is niet voldoende dicht om volledige dekking te bieden en staat niet in verbinding met ander potentieel leefgebied. De greppel loopt vanaf de kale oever met zandige strandjes en kort gemaaid gras (figuur 4) het agrarische perceel in en eindigt op ongeveer driekwart hiervan. Ook door het ontbreken van verblijfplaatsen, zoals takken- of stenenhopen of oude schuurtjes vormt de ingreeplocatie geen geschikt leefgebied voor marterachtigen. Na uitvoering van de herinrichtingsmaatregelen zal de ingreeplocatie een stuk aantrekkelijker worden voor deze soorten, door de ontwikkeling van zachthoutooibos, doornstruweel en moerasvegetatie. Negatieve effecten op bovengenoemde marterachtigen als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn daarmee uitgesloten. Das is veelvuldig waargenomen in de omgeving rondom de Lymen.
Tijdens het veldbezoek zijn op twee locaties in het onderzoeksgebied (figuur 9) dassenpijpen aangetroffen, ter hoogte van de droge greppel (figuur 5) en circa 80 m ten oosten daarvan, in de strook met ruigte (figuur 6). Binnen de ingreeplocatie zijn geen verblijfplaatsen of andere sporen van das aangetroffen, zoals prenten, neusputjes of latrines. Mogelijk gebruikt das de ingreeplocatie om te foerageren. Tijdens de ingrepen blijft er voldoende foerageergebied aanwezig op de akkers en weilanden buiten de ingreeplocatie. Gezien de ruime afstand (> 680 m) tussen de dassenpijpen en de ingreeplocatie wordt er geen verstorend effect op de functionaliteit van vaste voortplantingsen rustplaatsen van das verwacht. Negatieve effecten op deze soort zijn daarmee uitgesloten.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
15
Eekhoorn is één keer waargenomen, aan de overzijde van de Maas. Tijdens het veldbezoek zijn geen eekhoornnesten waargenomen. Het uitgestrekte agrarisch landschap vormt geen geschikt leefgebied voor deze soort. Negatieve effecten op eekhoorn als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn uitgesloten. Toetsing aan de Wet natuurbescherming Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van grondgebonden zoogdieren worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor grondgebonden zoogdieren is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig. 4.5 BROEDVOGELS Wettelijke status Bij uitvoering van de werkzaamheden dient rekening gehouden te worden met het broedseizoen van vogels, dat globaal loopt van maart tot en met juli. Tijdens het broedseizoen vallen namelijk bewoonde nesten onder de reikwijdte van artikel 3.1 van de Wnb en zijn daardoor beschermd. Een nest is de plek die vogels vervaardigen om de eieren uit te broeden en de jongen te verzorgen. Voor een verdere aanscherping van het begrip ‘nest’ wordt onderscheid gemaakt tussen broedseizoen en niet-broedseizoen. Nesten jaarrond beschermd Van een aantal vogels is het nest jaarrond beschermd, dus ook buiten het broedseizoen.
Zo vallen de nesten van roofvogels, uilen (met uitzondering van bosuil), gierzwaluw, grote gele kwikstaart, huismus, ooievaar en roek het hele jaar onder de definitie van ‘voortplantingsplaats of rustplaats’ in art. 3.1 van de Wnb. Deze nesten zijn, voor zover niet permanent verlaten, jaarrond beschermd. Nesten beschermd tijdens broedseizoen Nesten van de overige vogelsoorten vallen buiten het broedseizoen niet onder de definitie van ‘nesten, rustplaatsen of voortplantingsplaatsen’ zoals benoemd in artikel 3.1 van de Wnb. Ze worden namelijk het daaropvolgende broedseizoen niet weer in gebruik genomen en zijn buiten het broedseizoen niet van belang voor de instandhouding van de soort. Aanwezigheid op de ingreeplocatie De NDFF bevat archiefwaarnemingen van 11 broedvogels met een jaarrond beschermd nest: boomvalk, buizerd, gierzwaluw, havik, huismus, kerkuil, ooievaar, ransuil, roek, slechtvalk en steenuil. Alle waarnemingen zijn gedaan buiten de Lymen. De bomen binnen het onderzoeksgebied bevatten geen nesten van boombewonende soorten, zoals boomvalk, buizerd, havik, ransuil en roek. Er zijn geen gebouwen aanwezig op de ingreeplocatie en daarmee ontbreekt het aan geschikte verblijfplaatsen voor de gebouwbewonende soorten gierzwaluw, huismus en kerkuil. Ooievaar broedt in de nabijheid van mensen, op hoge structuren zoals hoogspanningsmasten, palen en steenfabrieken.
Deze zijn niet aanwezig binnen de ingreeplocatie.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
16
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
Slechtvalk broedt op hoogspanningsmasten binnen agrarisch gebied en op richels en in nissen van hoge bouwwerken in stedelijk gebied. Dergelijke structuren zijn niet aanwezig binnen de ingreeplocatie. Steenuil komt voor binnen een afwisseling van kleine weilandjes, bosschages en schuurtjes. Het ontbreekt aan dergelijk habitat binnen de ingreeplocatie. Tijdens het veldbezoek zijn ook geen nestkasten aangetroffen binnen het onderzoeksgebied. Potentieel geschikte broedlocaties voor vogels zijn aanwezig op de agrarische percelen, in de bomen op de Maasoever en mogelijk in de droge greppel (figuur 3). Nesten die ook buiten het broedseizoen vallen onder de definitie van ‘voortplantingsplaats of rustplaats’ (jaarrond beschermde nesten), zijn niet aanwezig binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep. Negatieve effecten van de voorgenomen ingreep Gedurende het broedseizoen kan het uitvoeren van werkzaamheden leiden tot beschadiging van nesten van broedende vogels (Wnb art. 3.1, lid 2). Voorkómen van negatieve effecten Om negatieve effecten ten aanzien van broedvogels te voorkomen, dienen de werkzaamheden uitgevoerd te worden buiten het broedseizoen van aanwezige broedvogels. Dat loopt globaal van maart t/m juli, maar in het kader van de Wnb wordt geen standaardperiode gehanteerd. Van belang is of een broedgeval aanwezig is, ongeacht de periode.
Als het niet mogelijk is om buiten het broedseizoen te werken kunnen voorbereidende maatregelen worden getroffen om de ingreeplocatie voorafgaand aan het broedseizoen ongeschikt te maken voor vogels om er te broeden, op voorwaarde dat met zekerheid is vastgesteld dat er geen essentiële functies, zoals verblijfplaatsen en vliegroutes, voor andere beschermde soorten aanwezig zijn. Dat kan door binnen de begrenzing van het werkterrein (werkputten, grond- en materiaalopslag, parkeerplaatsen, etc.) de vegetatie op de agrarische percelen en in de greppel (figuur 3) kort te houden. Dergelijke maatregelen dienen uitsluitend voor het voorkómen van vestiging, niet voor het bestrijden van al aanwezige broedgevallen. Op deze wijze wordt voorkomen dat broedvogels gaan broeden op het werkterrein, waarna werkzaamheden ook in het broedseizoen kunnen plaatsvinden. Toetsing aan de Wet natuurbescherming Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van vogels worden niet overtreden, mits de voorgestelde mitigerende maatregelen worden getroffen. Een ontheffing van de Wnb voor vogels is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet noodzakelijk. 4.6 REPTIELEN Aanwezigheid op de ingreeplocatie Uit de NDFF zijn geen waarnemingen bekend van reptielen.
Mede op basis van het ontbreken van geschikte reptielbiotopen, zoals heide, heischrale graslanden of goed ontwikkelde bosranden, kan worden aangenomen dat beschermde reptielen niet op de ingreeplocatie voorkomen.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
17
Toetsing aan de Wet natuurbescherming Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van reptielen worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor reptielen is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig. 4.7 AMFIBIEËN Aanwezigheid op de ingreeplocatie Uit de NDFF zijn waarnemingen bekend van poelkikker. Deze soort is verspreid waargenomen in de omgeving rondom de Lymen. Poelkikker komt uitsluitend voor binnen stilstaande wateren met een rijke begroeiing van waterplanten. Binnen de ingreeplocatie zijn geen watergangen aanwezig die dienst kunnen doen als voortplantingswater voor poelkikker of andere amfibieën. De droogstaande greppel (figuur 3) is vermoedelijk alleen in natte periodes waterhoudend en valt tijdens de lente/zomer droog. Verder ontbreekt het op de ingreeplocatie aan geschikt landhabitat, zoals struweel en houtwallen. Negatieve effecten op amfibieën als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn dan ook uitgesloten. Toetsing aan de Wet natuurbescherming Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van amfibieën worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor amfibieën is daarmee niet aan de orde. Nader volgonderzoek is niet nodig. 4.8 VISSEN Aanwezigheid op de ingreeplocatie De NDFF bevat waarnemingen van grote modderkruiper uit de omgeving (> 1,5 km) rondom de Lymen. Binnen de ingreeplocatie zijn geen watergangen aanwezig.
Grote modderkruiper kan periodieke droogval overleven door zich in te graven in de modderbodem. De droogstaande greppel (figuur 3) is vermoedelijk alleen in natte periodes waterhoudend en valt tijdens de lente/zomer droog. De greppel vormt geen geschikt leefgebied voor grote modderkruiper. Negatieve effecten op vissen als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn daarmee uitgesloten. Toetsing aan de Wet natuurbescherming Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van vissen worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor vissen is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig. 4.9 ONGEWERVELDEN Aanwezigheid op de ingreeplocatie Uit de NDFF zijn geen beschermde dagvlinders, libellen of overige ongewervelden bekend en deze worden ook niet verwacht. Reden daarvoor is dat de habitatkwaliteit ter plaatse van de ingreeplocatie van marginale kwaliteit is, waardoor de locatie geen essentieel onderdeel uitmaakt van het leefgebied van beschermde ongewervelden. De gunstige staat van instandhouding van beschermde ongewervelden komt niet in gevaar.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
18
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
Toetsing aan de Wet natuurbescherming Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van ongewervelden worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor ongewervelden is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
19
5
TOETSING WET NATUURBESCHERMING: ONDERDEEL GEBIEDSBESCHERMING
De ingreeplocatie ligt ruim buiten de begrenzing van Natura 2000-gebieden. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied Rijntakken ligt op circa 7 km afstand van de ingreeplocatie (figuur 10). Er is geen kans op externe werking. Ook effecten van stikstofuitstoot (NOx) en -depositie op stikstofgevoelige habitats en soorten worden als nihil ingeschat, gezien de afstand tot de Rijntakken en de aard en duur van de werkzaamheden. Verdere toetsing aan de Wnb voor het onderdeel gebiedsbescherming is niet noodzakelijk.
Figuur 10. Ligging van de Lymen (rode omlijning) ten opzichte van het Natura 2000-gebied Rijntakken. Het betreft Vogelrichtlijngebied (lichtpaarse vlakken) en Habitatrichtlijngebied (donkerpaarse vlakken).
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
20
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
6
TOETSING NATUURNETWERK NEDERLAND
De maatregel ligt binnen het Gelders Natuurnetwerk (GNN). Het natuurdoeltype waar het voornemen plaats vindt is geclassificeerd als N00.001 Nog om te vormen landbouwgrond naar natuur. Het gebied is door provincie Gelderland beschikbaar gesteld voor ontwikkeling naar natuur (N01.03 Rivier- en moeraslandschap). Het voornemen ligt binnendijks circa 100 meter van natuurbeheertype N12.06 Ruigteveld en N12.03 Glanshaverhooiland. Buitendijks sluit het gebied aan bij N14.01 Rivier- en beekbegeleidend bos en N10.02 Vochtig hooiland. Door de maatregel wordt het areaal riviergebonden natuur vergroot. De realisatie van de geul is erop gericht om de waterkwaliteit van wateren zowel chemisch als ecologisch naar een gewenst niveau te brengen en heeft daarom een positief effect op het bereiken van de kwaliteit van NNN. De maatregelen dragen bij aan de kwaliteit als leefgebied van een diversiteit aan soorten als ook aan de verbindende functie door de verbinding met de rivier. Het type natuur verandert. De omvang van het NNN blijft gelijk.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
21
7
CONCLUSIES
7.1 CONSEQUENTIES NATUURWETGEVING Wet natuurbescherming – onderdeel soortenbescherming Het verspreidingsbeeld van beschermde soorten op de ingreeplocatie en binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep is voldoende actueel en volledig om (negatieve) effecten van de ingreep te kunnen beoordelen. Vervolgonderzoek is niet nodig. Gedurende het broedseizoen dient rekening gehouden te worden met broedende vogels. Negatieve effecten op broedvogels kunnen worden voorkomen door het treffen van mitigerende maatregelen voorafgaand of tijdens de werkzaamheden. Indien de voorgestelde mitigerende maatregelen uit paragraaf 5.3 worden uitgevoerd, wordt overtreding van verbodsbepalingen uit artikel 3.1 van de Wnb voorkomen. Wet natuurbescherming – onderdeel gebiedsbescherming Er ligt geen Natura 2000-gebied binnen de invloedsfeer van de voorgenomen ingreep. Significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen van een Natura 2000gebied zijn op voorhand uitgesloten. Verdere toetsing en vergunningverlening zijn niet nodig. Natuurnetwerk Nederland De Lymen ligt binnen het Gelders Natuurnetwerk. Door de maatregel wordt het areaal riviergebonden natuur vergroot. De realisatie van de geul is erop gericht om de waterkwaliteit van wateren zowel chemisch als ecologisch naar een gewenst niveau te brengen en heeft daarom een positief effect op het bereiken van de kwaliteit van NNN.
Verdere toetsing is niet nodig.
7.2 VERVOLGONDERZOEK Uit de quick scan is gebleken dat het verspreidingsbeeld van streng beschermde soorten op de ingreeplocatie en binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep voldoende actueel en volledig is om (negatieve) effecten van de ingreep te kunnen beoordelen. Vervolgonderzoek is niet nodig.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
22
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
7.3 MITIGERENDE MAATREGELEN Broedvogels De werkzaamheden worden uitgevoerd buiten het broedseizoen (globaal maart t/m juli). Als het niet mogelijk is om buiten het broedseizoen te werken kunnen voorbereidende maatregelen worden getroffen om de ingreeplocatie voorafgaand aan het broedseizoen ongeschikt te maken voor vogels om er te broeden, op voorwaarde dat met zekerheid is vastgesteld dat er geen essentiële functies, zoals verblijfplaatsen en vliegroutes, voor andere beschermde soorten aanwezig zijn. Dat kan door binnen de begrenzing van het werkterrein (werkputten, grond- en materiaalopslag, parkeerplaatsen, etc.) de vegetatie op de agrarische percelen en in de greppel (figuur 3) kort te houden. Dergelijke maatregelen dienen uitsluitend voor het voorkómen van vestiging, niet voor het bestrijden van al aanwezige broedgevallen. Op deze wijze wordt voorkomen dat broedvogels gaan broeden op het werkterrein, waarna werkzaamheden ook in het broedseizoen kunnen plaatsvinden.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
23
7.4 SAMENVATTING In onderstaande tabel is een samenvatting gegeven van de resultaten van de quick scan. De kleuren geven aan of specifiek aandacht besteed moet worden aan de aanwezige natuurwaarden.
GROEN ORANJE ROOD PAARS
geen problemen: de werkzaamheden kunnen zonder meer worden uitgevoerd. mitigerende maatregelen: de werkzaamheden zijn gebonden aan een periode of wijze van uitvoer. vervolgonderzoek: bekende gegevens zijn onvoldoende actueel of volledig voor toetsing. ontheffing: voor uitvoering van de werkzaamheden is een ontheffing/vergunning nodig. NEGATIEVE EFFECTEN ALS GEVOLG VAN DE INGREEP
MITIGERENDE MAATREGELEN
Planten
Geen
Geen
Nee
Vleermuizen
Geen
Geen
Nee
Zoogdieren
Geen
Geen
Nee
Broedvogels
Verstoring in broedseizoen
Werken buiten broedseizoen voor vogels (dat loopt van maart t/m juli), of mitigerende maatregelen treffen vóór aanvang broedseizoen
Nee
Reptielen
Geen
Geen
Nee
Amfibieën
Geen
Geen
Nee
Vissen
Geen
Geen
Nee
Ongewervelden
Geen
Geen
Nee
Geen
Geen
Nee
Geen
Geen
Nee
NATUURWAARDEN
ONTHEFFING NODIG?
WNB: SOORTENBESCHERMING
WNB: GEBIEDSBESCHERMING Locatie ligt buiten Natura 2000-gebied, geen externe werking. NATUURNETWERK NEDERLAND Locatie ligt in Gelders Natuurnetwerk, geen verdere toetsing noodzakelijk.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
24
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
8
BRONNEN
Nationale Databank Flora en Fauna, gegevensaanvraag 01-03-2022.
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen
adviesbureau voor natuur & landschap
25
BIJLAGE 1 – CONCEPT INRICHTINGSPLAN DE LYMEN
NATUURBAL ANS – LIMES DIVERGENS BV
26
adviesbureau voor natuur & landschap
Quick scan beschermde natuur Maasuiterwaarden de Lymen