Bijlage 4: Bijlagen bij de regels
Tekst van het document
Bestemmingsplan - Bijlagen bij regels -
VAB Woordsestraat1-3 Wijchen Gemeente Wijchen
BESTEMMINGSPLAN - Bijlagen bij regels -
VAB Woordsestraat1-3 Wijchen Gemeente Wijchen
IDN-nummer:
NL.IMRO.0296.BGBwoordsestr1en3-DFBP
Status:
vastgesteld
Datum:
7 april 2023
Locatie Nijmegen St. Stevenskerkhof 2 6511 VZ Nijmegen
Locatie Rosmalen Berlicumseweg 6D 5248 NT Rosmalen
024 - 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl
Inhoudsopgave Bijlagen bij regels
5
Bijlage 1
Voorwaardelijke verplichting
6
Bijlage 2
Cultuurhistorische waarderingskaart
19
Bijlage 3
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
21
Bijlage 4
Beleidsnota samen in verscheidenheid
38
bestemmingsplan VAB Woordsestraat1-3 Wijchen
3
4
bestemmingsplan VAB Woordsestraat1-3 Wijchen
Bijlagen bij regels
bestemmingsplan VAB Woordsestraat1-3 Wijchen
5
Bijlage 1
6
Voorwaardelijke verplichting
bestemmingsplan VAB Woordsestraat1-3 Wijchen
Pouderoyen Tonnaer Is een handelsnaam van Pouderoyen BV
MEMO / ADVIES Aan:
JK Consultancy
T.a.v. :
mevrouw J.M.P. Kamp
Van:
de heer ir. L.A.W. van Berkel
Datum:
14 oktober 2021
Betreft:
Woordsestraat 1-3 Natuurinclusief Plan
Project:
P201256
Vestigingen te Nijmegen, Vught, Baexem en Voerendaal
Geachte mevrouw J.M.P. Kamp, Voor Woordsestraat 1-3 in de gemeente Wijchen hebben wij een plan voor de stedenbouwkundige en landschappelijke inpassing van de VAB-ontwikkeling uitgewerkt. In het kader van het KPI-traject is geconstateerd dat er nog een aanvulling wenselijk is voor wat betreft het puntje ‘natuurinclusief bouwen’. De wijze waarop daaraan invulling gegeven kan worden op deze locatie, is in voorliggend memo uitgewerkt. In een vervolgfase kan e.e.a. nader worden gedetailleerd en aangevuld op basis van een nog uit te voeren ecologische quickscan, die evenwel pas bij een planologische procedure aan de orde zal zijn. In voorliggende notitie is aangeven op welke wijze ecologische waarden geïntegreerd worden in het bouwplan en in het landschapsplan.
Pouderoyen BV
P201256.003/LBE, pagina 2 van 11
Natuurinclusief bouwen Op de locatie blijft de bestaande woonboerderij met 2 woningen en aangebouwde bijgebouwen behouden. De rieten kap op de hoofdbouw vormt een ecologisch meest waardevolle daktoepassing, die voortdurend wordt beheerd en onderhouden. De rieten kap en de zadel- en schilddaken op de aanbouwen verschillende overstekken, goten of druiplijnen, waaronder nestelmogelijkheden voor o.a. zwaluwen behouden blijven. Ook de verschillende oudere gevels, baksteen met deels openingen in stootvoegen, kleine gaten etc. bieden ruimte aan eventueel vleermuizen, mussen en insecten. De nieuwbouw zal worden gerealiseerd in de vorm van vier vrijstaande woningen. Deze worden uitgevoerd in een landelijke woonstijl met bijpassende architectuur en detaillering, passend in dit buurtschap. Dit betekent o.a. toepassing van zadeldaken met ruime overstekken en traditionele bouwmaterialen. In het bouwplan worden natuur-inclusief oplossingen meegenomen zoals: -
-
Vleermuizen, mussen en zwaluwen: toegankelijke nokvorsten, gevelpannen en vleermuisen huismuspannen bij pannendak, vleermuiskasten, nestplanken en nestkasten onder de overstekken en/of in de muur geïntegreerd voor vogels, open stootvoegen in de buitenmuur met toegang naar de spouw; Insecten: openingen in de gevel, insectenhotels in gevelstenen geïntegreerd en insectentoegankelijke kieren, spleten en gaten in gevels, dakrandaansluitingen, etc. en toepassing van hout, waartussen insecten kunnen verblijven, bijvoorbeeld bij een gepotdekselde gevel.
Bovendien worden bestaande erfverhardingen en recentere stalgebouwen gesloopt, waardoor ruimte wordt gemaakt voor boerentuinen (zie hierna), die ecologisch veel meer divers en waardevol zijn dan de bestaande erfverhardingen.
Ecologische meerwaarde landschapsplan In toenemende mate wordt een waardevol en aantrekkelijk landschap geassocieerd met een ecologisch rijk, natuurlijk gebied. Een hoogwaardige en gradiëntrijke, robuuste ecologische inrichting is daarmee onderdeel van een goede landschappelijke inrichting, naast dat dit een extra laag vormt in het ruimtegebruik. Tegelijkertijd wordt met de landschappelijke inpassing, gericht op gebiedseigen beplantingsstructuren en plantsoorten, een rijker, meer divers netwerk van groen gerealiseerd, dat als ecologisch raamwerk gebiedsversterkend is. Zoals eerder onderzocht, maakt de planlocatie en de ruimere omgeving geen deel uit van ecologisch beschermde gebieden. Wel heeft het gebied zijn eigen intrinsieke ecologische waarde, die met dit plan versterkt zal worden. De belangrijkste
P201256.003/LBE, pagina 3 van 11
natuurwaarden in de ruime omgeving van het plangebied worden gevonden in wegbermen, slootkanten, bosjes en lijnvormige beplantingen, welke ook aanwezig zijn langs de bestaande wegen Rijdtsestraat en Woordsestraat. De cultuurgronden binnen deze straten en het grotendeels verharde erf bij de bestaande boerderij hebben door het moderne agrarische gebruik nog slechts een gering belang voor weide- en akkervogels. Vooral de erven in de omgeving vormen voor vele soorten vogels van het kleinschalige agrarische cultuurlandschap een belangrijke broedplaats. Ook onderhavig erf zal daarvoor versterkt worden. Hierna is het landschapsplan weergegeven dat voor deze VAB-ontwikkeling is uitgewerkt. Daarin zijn gebiedseigen landschapselementen bijeengebracht tot een samenhangende nieuwe landschapsstructuur rond een gezamenlijk erf van woningen. Om de ecologische waarde te versterken worden de landschappelijke maatregelen zoals hierna weergegeven en beschreven tevens met de volgende ecologische doelstellingen gerealiseerd.
P201256.003/LBE, pagina 4 van 11
Lijnen in het landschap Momenteel vormt de laanbeplanting langs de Rijdtsestraat een gefragmenteerd, doodlopende ecologische structuur als oriëntatielijnen voor o.a. foeragerende vleermuizen, insecten en vogels. Daarnaast zijn deze lijnen monotoon qua structuur en soortensamenstelling. Met voorliggend plan worden verbindingen en doorlopende route gesloten en worden meer diverse randen toegevoegd, waardoor migratie- en foerageermogelijkheden sterk toenemen. De te realiseren ontbrekende schakels zijn in onderstaand beeld aangegeven en betreffen: -
Verspreid staande solitaire bomen en boomgroepen in de weide; Robuuste struweelhaag met enkele boomvormers, noord-zuid, tussen Woordsestraat en Rijdtsestraat, midden door het erf; Boomgaardrand, en haagbeplanting als verbindende schakel tussen voornoemde struweelhaag en de dubbele laanbeplanting noordelijk langs de Woordsestraat.
P201256.003/LBE, pagina 5 van 11
Fruitbomen, notenbomen en lindes Hoe klein ook; notenbomen en lindes in de weide en tuinranden en de boomgaard met hoogstamfruitbomen in de noordflank van de planlocatie zijn vanuit ecologische optiek een zeer waardevolle toevoeging in het landschap. Muizen en andere kleine zoogdieren profiteren van het valfruit en de noten. Soorten als egel, konijn, haas en ree kunnen foerageren in het bloemrijke grasland in de ondergroei. Voor vleermuizen kunnen de randen van de boomgaarden en rond de solitaire bomen – juist op deze plek samen met het bebouwde erf – een sluitstuk vormen in oriëntatielijnen in het landschap van opeenvolgende erven. Vogels vinden hier hun voedsel, schuil- en broedplaatsen. Dit geldt ook voor vele insecten, vlinders etc., waarvoor fruitbomen en lindes belangrijke waardsoorten zijn. De combinatie van hagen en de fruitbomen in de boomgaard, die meer schaduwrijk en vochtig is dan de bezonde erven, zal ruimte bieden aan vocht- en schaduw minnende kruidachtigen. Te denken valt aan soorten zoals hondsdraf, vogelmuur, ridderzuring, witte klaver, pinksterbloem, scherpe boterbloem, speenkruid, veldzuring etc. Om deze groeiplaatsfactoren te versterken, kan overwogen worden het dakwater van de gebouwen af te voeren naar de erfranden en juist daar te laten infiltreren.
P201256.003/LBE, pagina 6 van 11
Hagen De hagen rond het erf vormen lijnvormige dichte groenelementen die talloze vogelsoorten, kleine zoogdieren en insecten een schuilplaats, broedplaats en foerageerplaats bieden. De afwisseling van lagere en hoge hagen en de directe aansluiting op de boomgaard en bomenrijen langs de Woordsestraat en Rijdtsestraat en de gevarieerde boerenerfinrichting, leidt tot ecologisch waardevolle gradiënten en overgangen. De hagen geven verbinding aan de verschillende landschapselementen op en rond het erf, waardoor het erf en directe omgeving leefgebied kunnen vormen voor talloze diersoorten. De hagen en struwelen bestaan uit een mengsel van gebiedseigen beplantingen passend bij de standplaats met bloemdragende en vruchtdragende struik- en struweelsoorten zoals sleedoorn, hazelaar, kornoelje, veldesdoorn en diverse soorten wilgen (geoorde wilg, grauwe wilg, kraakwilg en schietwilg). Meer diversiteit wordt bereikt door groepsgewijs bijmenging toe te passen van bloeiende en besdragende soorten, zodat de landschappelijke en ecologische waarde wordt versterkt. Toegepast kunnen worden: egelantier, sporkehout, gewone vlier, kardinaalsmuts, krent en mispel.
P201256.003/LBE, pagina 7 van 11
Bloemrijke weiden in bufferzone In de weiden rond het boerenerf zullen drogere vormen van fauna- en kruidenrijke graslanden tot ontwikkeling worden gebracht. Door beplanting (zie hiervoor), zullen gradiënten ontstaan tussen natte en drogere standplaatsen en zon- en schaduwplaatsen, waardoor als vanzelf ook een gradueel verloop in de plansoorten zal ontstaan. Fauna- en kruidenrijk grasland omvat graslanden die kruidenrijk zijn, maar niet tot de schraallanden, vochtig hooiland of glanshaverhooiland behoren. Immers is ter plaatse de bodem door historisch landbouwkundig gebruik te rijk aan nutriënten. De vegetatie kan gegeven de groeiomstandigheden behoren tot allerlei verbonden van graslandvegetaties; ondermeer kamgrasvegetaties of de meer algemene witbolgraslanden. Het grasland wordt extensief beheerd. Het beheertype Fauna- en kruidenrijk grasland kan voorkomen op diverse bodems van vochtig tot droog en heeft doorgaans een (matig) voedselrijk karakter. Faunaen kruidenrijk grasland komt in vrijwel alle landschapstypen voor. Toch is het areaal de laatste veertig jaar enorm afgenomen door de gangbare landbouwpraktijk: sterke bemesting gecombineerd met periodiek doodspuiten van de grasmat en opnieuw inzaaien met hoog productieve grasvariëteiten. Het nu in te zaaien kruidenrijk grasland zal een tijdelijk fase zijn.
Na verloop van jaren zullen de benodigde abiotische omstandigheden voor schraallanden geleidelijk verbeteren en zal de natuurwaarden en zeldzaamheid van het grasland geleidelijk toenemen. Fauna- en kruidenrijk grasland wordt bij een goede kwaliteit gekenmerkt door variatie in structuur en een kruidenrijke graslandbegroeiing die rijk is aan kleine fauna. Kenmerkende of bijzondere soorten van schralere beheertypen ontbreken grotendeels binnen Fauna- en kruidenrijk grasland, maar graslanden zijn vaak wel rijk aan minder zeldzame soorten. Het type is o.a. van belang voor vlinders en andere insecten, vogels en kleine zoogdieren.
P201256.003/LBE, pagina 8 van 11
Boerenerf Het boerenerf rond de bestaande en te realiseren woningen biedt, door zijn verscheidenheid aan planten, bomen, struiken, hoekjes, schuren en ruigten, aan vele planten en dieren een plaats om te schuilen, te foerageren of om zich voort te planten. Denk bijvoorbeeld aan zwaluwen, kerkuilen, zaadetende en insectenetende zangvogels, vleermuizen, kikkers, padden en salamanders (bij een tuinvijver of poel), egels, hermelijnen en wezels. Ook veel planten, struiken en bomen vinden een eigen plekje op het boerenerf. Bloemrijke randen, ruigtes met braam, de begroeiing van taluds langs sloten en hagen zijn daar een voorbeeld van. De erfbeplantingen zijn met name in de open gebieden van groot belang voor de flora en fauna. Door hun verscheidenheid in hoog-laag en dicht-open vormen ze in de meer open een grootschalige agrarische omgeving rond buurtschap Lunen een uitstekende schuil- en foerageerplaats. Ze zijn te beschouwen als eilandjes van opgaande beplanting in een open landschap. Deze eilandjes worden met elkaar verbonden door middel van verbindingszones (sloten, bermen, perceelsranden en houtwallen en -singels). De erven kunnen ook fungeren als tijdelijke verblijf- en rustplaats langs verbindingszones tussen meerdere erven. De afstanden tussen natuurgebieden zijn vaak groot en voldoende "stepping stones" en kunnen deze gebieden verbinden.
Zo wordt voorkomen dat de natuurgebieden eilanden worden die onbereikbaar zijn voor flora en fauna.
P201256.003/LBE, pagina 9 van 11
Fauna De toe te passen inheemse hagen, bomenrijen, solitaire bomen en fruitbomen, maar ook de droge fauna- en kruidenrijke graslanden en de boerenerven zijn waardevol als schuilgelegenheid, foerageergebied en migratielijnen in het landschap voor talloze diersoorten, zoals vogels, zoogdieren, insecten, vlinders etc. Binnen het boerenerf zullen aanvullende voorzieningen worden gerealiseerd die het rijke ecologische leven verdergaand versterken, zoals de plaatsing van enkele insectenen bijenkasten, takkenrillen en ook zullen de bloembedden deels braak gehouden worden als open zand, met veel licht en warmte, voor meer variatie in bodem- en vegetatiestructuur; randjes en open zand voor aan zandbodem gebonden insectensoorten, zoals bijenwolf, heidezandbij, heideviltbij en graafwespen en hun parasieten. Bloemrijke graslanden trekken veel algemene soorten aan zoals insecten (vlinders, bijen, hommels, zweefvliegen, sprinkhanen en kevers), die op hun beurt weer insectenetende vogels aantrekken. Insectenrijke graslanden langs struweelranden of bomenrijen zijn jachtplekken voor vleermuizen. Bloemrijke graslanden vormen het leefgebied van diverse zoogdieren, zoals (spits)muizen, konijn, haas en egel.
Daarnaast zullen er in het plangebied enkele inrichtingsmaatregelen getroffen worden die voor specifieke soorten (maar ook voor andere soorten die vergelijkbare biotoopeisen stellen) een meerwaarde vormen: -
-
-
-
-
-
Steenuil: realisatie foerageergebied door extensief maaibeheer, kruidenzomen, planten met bessen/noten/vruchten in de hagen en op enkele plaatsen in de hagen hoge paaltjes (zitplaatsen) niet dicht langs de weg (donkerte en rust); Kerkuil: realisatie foerageergebied door open plekken met korte vegetatie, kruidenzomen, struweel, planten met bessen/noten/vruchten, paaltjes als ziten uitkijkpost, houtstapels, takkenrillen; Kleine marters: realisatie van foerageergebied aan de randen van het terrein bij en onder struiken/hagen, plekken met hoge bloemrijke vegetatie, dichte begroeiing, rommelhoekjes, takkenrillen; Das: realisatie van foerageergebied in het grasland met delen met een korte vegetatie, struiken met bessen/noten/vruchten, struiken/hagen en de appelgaard met valfruit; Bijen en zweefvliegen: insectenhotel in de fruitgaard, foerageergebied door toepassing van stuifmeel- en nectarbloemen, extensief en gefaseerd maaibeheer, vergraafbare open zandgrond in de zon (onder/aan de rand van hagen en op bezonde randen; Grondgebonden zoogdieren (egel, konijn): leefgebied, verblijfplaatsen in kruidenzomen, extensief maaibeheer, struweel, takkenrillen, heggen en hagen; Vleermuizen: realisatie foerageergebied in kruidenzomen, struiken/hagen.
P201256.003/LBE, pagina 10 van 11
Aan de rand van de boomgaard worden gespreid vier palen als uitkijkpost voor de steenuil en andere vogelsoorten geplaatst en in de fruitgaard een bijenhotel en uilenkast. Extensief en ook gefaseerd maaibeheer (deels korter gemaaid en deels ruiger) draagt bij aan de soortenrijkdom in zowel flora als fauna. Het bewust laten liggen/ aanbrengen van (delen van het) snoeihout aan de rand van de boomgaard en in het verlangde van hagen is ook van belang voor het bevorderen van biodiversiteit. Houtrot trekt schimmels en daardoor insecten aan. De insecten dienen als voedsel voor onder andere vogels, vleermuizen en grondgebonden zoogdieren. Door het inzaaien en inplanten van een variëteit aan soorten, wordt de huidige monocultuur in vegetatie geleidelijk vervangen door een meer divers, ecologisch robuust vegetatiepakket. Daarmee ontstaat een basis voor meer soortenrijkdom. Dit is alleen al voor de locatie zelf van waarde, maar ook als ecologische stapsteen naast andere lijnen en elementen van ecologische waarde in deze omgeving.
P201256.003/LBE, pagina 11 van 11
Slotnoot Wij hebben nog de ‘Ecologische quickscan Rijdtsestraat 7, Wijchen (uitgevoerd In het kader van de natuurwetgeving (2013) voor het destijds vervaardigde bestemmingsplan) nagelopen. Deze is wat gedateerd, maar geeft geen aanleiding voor verwachting beschermde soorten in het gebied. Evenwel zal, als in de inleiding aangegeven, bij de planologische procedure van de wijziging van de bestemming naar wonen op deze locatie ook een quickscan flora en fauna worden uitgevoerd, die zou kunnen leiden tot additionele ecologische maatregelen die wellicht nog niet benoemd zijn in voorliggend memo. Hopende u voldoende geïnformeerd te hebben.
Met vriendelijke groet, Pouderoyen Tonnaer
de heer ir. L.A.W. van Berkel
0
10
20
30
40
50m
N
P201256 Oktober 2021 Schetsontwerp Woordsestraat, Wijchen
Bijlage 2
Cultuurhistorische waarderingskaart
bestemmingsplan VAB Woordsestraat1-3 Wijchen
19
Den Dyk
Groot
Pl 260
Westerhout
Hooge
Pl 130
lakenweg
oe
Veldzigt Hoppenhof
r
jk
St ee g
Mo len we g
af gra We g
lse
er n la a
wei
e en ro
kan aal
En erg iew eg
Re ek str aa t
f aa Gr
St ee nw ijk sc he
ring
t
98
De Steeg
Rietbroek g
Wa al
s
aat
nst r ize rhu Bij ste
Maas-
erd ijk Pa lk
D uk en bu rg se
e uw
we
eit
G
lse
171
N329
n Baa Lag
e
D'n Heuvel
172
173
174
175
176
Elshof Lindenhof
Heijtmor
gen
MAA
Pl 200
Pl 190
Pl 168
177
Grave
De Elft
S
Papenberg 165
Ridderveld
180
181
Hog
Veld AZC 14
Kraaienpad
Verenhof
van C
uijk
Pl 170
ge Lan
Km
Mook
123
Mendoza
Katwijk
Linden
W
92 rl
Escharensche
179
Haven
n sse a l P
straat Lommer
N271
28
Pl 170 Maaskampen
Ganzenorgel
ve
Km
182 end
183
rgse nbe e j i a Kra 184
Pa
Linden 185
186
Hetsberg
De Cork ijk
4
Gr Geest 5
e
(Gemeentehuis te Mook)
Pl 240
Villa Nova
De Kampen
2
178 N324 Binckhof
Sl
at
g 13
Pl 172
ks
Bisselt
en Middelaar
Pl 166 Pl 180
Pl 171
a
Vogel enzangschewe
Velp
m Huize St Joseph
170
ee
Pagode
124 Pl 167
Hooge Voort
Sl Sl
Mook
sb
Pl 169
171
O
Reek
1000
St ee g
170 133
Kerkweg
169 Dominee
Prinssenhoeve
St raa t ra St
ee
168
Ganzenven Munse Hoef
Brok
4 shoef
500
C ui jk sc he
n
Rijs
Schaijk
nen ven
Pl 80
173
oe Gr
Mookerschans
93
Steegstraat
laa
at Stra
Langstraat
De Naaldhof
Hippisch Centrum
e
Lievendaal
0
Mookerheide
Gem
169
Pl 70
st
R
ens
27 2
187
29
188
k ker
167
v uis
bandijk Maas
Den Tempel
Zaalheuvel
Korendal
Pl 1
a Gans
Nieuwe
St Willibrordusput
la an
St Annastr
aa t
bo nen on Pe rs p Ka m ers
tel w eg
Laagkamp 2 N321
Pl
aat
166
cfa
Pl 30
167
Pl 60
172
aat
r rst
Witte Hoef
3
Pl 40
Toppenberg Dijk
Jachthaven
Zuiveringsinst
Pl 173 Vegetas Helstr
Vogelzang
traat Valks
Manege
St r
De Kampen
134
Breemhaer Do
G ar st ka m ps e
at Hoefstra
Hongersteeg
15
Kolken
pe
n
gs ber
e
122 Mookerheide Pl 164 189
190
164 Startsche Veld
eg
418
Crossbaan
Groene
Heumense
168
he
De Eikelaar
Wa te
Docfa park Hazenakker
g eltse we
419
Groot
16 Overass
Heumense Schans
Pl 10
Heumen
t aa
A50
Ravenstein
sc
Theofaan (Blindeninst)
De Zittert
ot
Heide
2 Sl
125
Pl 20 De Heegt
Bloemershof
De Zomp
De Mookerheide
26
Bergzicht
1
Pl 50
Zeldenrust
wet er ing
Molenhoek
Sch sl
Pl 320
Hertogs
N271
127
17
94
N846
Ewijk
se
3
13
174
De Elzen
126 J J Ludenlaan
Worsum
14
en
0
an
at
Overasselt
um
420
Mars
Jachthaven
van
land
htla
Joanus (Km)
Kaasboerderij
Het Roth
at
Grave
h Sc
Voorste Stortplaats
Het Goor e ch es He
Boven
t aa
at
at tra ks oe tbr Rie
Vier Winden
stra
len emeu 't Oli
Bos
Weg
na
M
at
l idde
an Ba
str
stra
eg pelw Koe
Julia
Sl ee bu rg se
Pl 90
N625
Singel
Jac
Duifhuis rstra
Heumense Baan Baan
He
Pl 100 Vee
135 t me
De Lier
n
Kle efs e
Ganzenven Achterste Heide
Heumen
95
(Gem huis te Malden)
Manege
12
175
Houtkamp
ijk
Gem
se
a Ba
De Scheenen
s
ut
Mulderskop Manege
jk di
Ma as d
rh
eg
Donderberg
Sleeburg
Pl 175 g
Hoenderberg Die Hooghe Hoenderberg
Tarhut
Broekkampen
d ijk
ergse
El
Klein Rietbroek
et er in
W
Munnikhof
Pl 310
dijk
Groot
Pl 110
11
Pannestaart 100
e
Erf
Her to g sw
De Bronkhorst
Openluchttheater Klompven
Gaasselt
(Gem huis te Malden)
Mars
Lage
Emmaus (Klooster)
Brandtoren 25
al na Ka
an orm Mo
Lindenwiel
Herperduin
laan
Uiterwaard
Hooge
vlak
Blankenberg
Ta
n ba as Ma
Uitzichttoren
in g se
Heumen am
N277 eg Bosw
Vlag
Weg
e
Nederasselt
Marsstr a atje
se
lts
ijk
Cantecleer ek
se
rd
In de Gemeente
be
r st e Oo
jk
Heidse Hof
Straat
fdi
ud
Landweer
t traa Heis
ge
Lan
b Zeven
Kortfoort
Er
Velpse Sl Sto o f we ter in g
Mars
De Poort
Pl 3
Schuurgraaf
11 Mary's Hoeve
Stuw
O
uwe Nie
Wijth
Sluispolder
Kl en Gr Park
Heide
Gr o es
Heumensche Bosch
Molenhoek
10
Hooge Ui
te
nweg Scheene
Moleneind
136
Broekse Hof
Baan
Maldens
Steenfabr
96
Schoonenburg ge
Ons Plekske
Heikamp
De Piekenhof Danenhoef
Pl 176
Wijth
Lage
veld
Ho
veld
Spell
aat
Hooge
Ra
Manege
Molen
Bra kel str
10
De
43
e Heid
176
Van Sasse
2 De Bosrand
2
Keentsche
De Sluis
Koolwijk
Rowaldhoeve
Vennen
Valenberg
Pl 177
Keent
't Hamspoel
Heide
41
Gem
Dijkzicht
Mol en st raa t
44
42
t
Binnen
Zweefvliegterrein
Bu rc ht se laa n
Den Broekberg
Kasteelse
2
Broek
't Broek
99
se
Berghem
Graafsche
Overasseltsche
en
van
177
g we
Hamelspoel
Straa
Pl 130
Pl 178
hof Weg
Schadewijk
W eg
Einds e
Pl140
e Maldens Maldense
Bis
Overlangel
178 Sl
as Ma
Berghem
Neder-
Dam
n
Pl 340 45
Leigraaf
9
sse
ele
Ke en tse
24
Betonfabr
sche
di
Kraaiendal
ijk ald na ka r te es W
Broek
de
Hessenberg
Gaa
twi
Zonnenberg str aa t
Herpen
Kleine Koolwijk
dijk
Muntberg
Malden
Meeuwenven
Ba ron
at
Engelbeemden Wo oij
Zee
Bothalenshof
De Schatkuil
e
at ra St
Broek
Walrick (Runne)
ksch
ij Zeed
Werkenrode (Internaat) Romeinse wachtpost
97 Worsumsche
Overasseltse Vennen Pu
Oude
Het
k
raaf Leig
N845 Amalthea
af
jk
Bro nk
Koolw ij
der stra
kse
Beem d
Hertogstraat
137
oe Br
Oude Maashoeve
De Brug
Buu n
Straa
ring
W
ina elm ilh W
n
W eg
Straat
Loonse
Pl 350
enwe g
Steeg
Nieuwe
4
a gr
Lage Zwaluwe e
421
421
Wete
46
Domenees-
Balgoy
Aardgaslocatie
t s
aal kan
Horzak
te
Pl 150
ter
Pl 4
w eg
Zandberg
n
De Bieskamp
418
Hatertsche
N324
ba
't Woaster
De Steegh
Sl
gswe
Oss
23
i
Lunensche Broek
De Wegelaer
as Ma
Vennekes
Klein e Duurendseind
Gement
Bulk
Pl 179
3 N844
Hoge Brug
g
He
straat
Herto
47
Gd
Rusheuvel
St Wilpertslaan
Broek ee
eg
Lunen
at
Het Hoog
W
8
179
Teersche
r
Gemeente
Pomona
Hemelrijkstraat
Haven
165
He s
Leliaard
str aa t
r stra
W
Ma as
ng La
St Br ed e
g We
Mu ld
Bal ve ren la an va n
De Reit
He rre We g
Vossenkamp
Gement
420
't Lakenhof
Bullenkamp
Waaiendonk
se rg
Ringelenburg
138
TE1/wycu3_kb_wrdrng_te1
P a r k s e st
Overasseltsche- en
be
Ha ren se
422
Neerloon
8
Rijd tse
f fe
Groenehove
4
Lage Langeberg
422
Huisseling
kstraat
Sl
97 Ganzewei
De Veenhoeve
A73 E31 Heidsche
Uiversnest
Kalfsheuvel
14
139 48
Ha
slo ot
n
Tesseldon
e ring
De Rakenberg
17
ate
De Geer
wet
Bonenhof
Boskant
t
se
Groote Elzenburg
Her tog s
Herbergh d'n Dort
straat
W
Burgemeester
Geer
Pl 180
Zwaanshof
Wijchen
g
ch
w eg
Sl
Gd
at
Stijbeemden
St Isidorus
2
Pl 370
ra
Broek
Gemeente
Ju
Pl 5
98
Moetselaarshof
7
Pl 160
Rakenberg
e
Berg
Pl 181 Maasdijk
ng
Geer
180
Meiberg
Gr aa fs
Weg hem se
anaal Delenk
er me er
MAAS
49
at
Heiveld
alrick St W
e ed Br
tra
ing
es
2
Schietbaan
Heumensoord
Vogelzang
Broek
Dekkerswald (Med Centrum)
Elshof
To
Wighenerhorst (Bungalowpark)
er
ks
Jachthaven
Pl 380
Zoetenborn
Het
Eijkeloord
Groesbeek
Berkenhof
Betonfabr
Diervoort We g
Kerkeveld et
dij
De Beving ar ela nd Be
2
Gemeente
Elshof
l aa W saa M
n
99
He um en se
Van Citters II
Waard
Dekkerswald (Med Centrum)
423
ne
r St
eld
Munnekehof
Delsenhof
Weezenhof
Eikenhorst
De Guldekamer
6
Loonse
22
2
Loonse Waard
181
140
Hooge Langeberg
4
eg W
oe
kev
Ven
Skibaan
Klispoel
Pl 190
veld
t aa
vi
Het Sl
t straa
De
N324
7
Be
k
k
ss O
M
Oos terw eg
Pl 182
Winkel
Gd
s
e
Mun n e
ijk nd ba as a M
182
stra at Gr
8
n
g en
Balgoysche
De Rotten
2
Wijchensche (Natuurreservaat)
Pl 170
50
it
ve
WIJCHEN
Vormer
Pl 180
Honger
Klein Heumen
NIJMEGEN
Berendonk
eg lsw
Magnolia
Ravenstein
't Grnske Gr Stal
Aldenhof
6
W
Hoogoord
141
e
N842
Hatert
Malvert
100
Alverna
eg
g we Sion s
eg
an Ba
423
5 s tein
Meer
ens che W i jch
Wilard
Soeterbeeck
Nijmegen
eid
w ings
g
De Witte Hoeve De
Plas
Niftrik
Klooster
we Bos
at Breb
oe
De Rotten ij
stra
Br
Me er d
De Hut
Hoge Hoeve
Sch
Huis Hatert
Vormerse
nse
kamp
Oss
Gemeente
Oelehof
Bethlehem
aat
Valendries
Wijchen
Pl 200
Gem
Wester Meerwijk
Brakkenstein
Grootstal
Dukenburg
De Berendonck Golfbaan
Meerwijkse Laan
Nieuwland
De Winckelsteegh (Internaat)
Meijhorst
De Grimberg
Groesbeek
Lankforst
4
Ra
waard
Brakkenstein 21
Meijhorst
De Eysvogel
Km
Lu um pt
Bosse
Houtw eg
N626
Hill ek am p
De Tuinlangel
t str
Molenwoord
Crematorium
Gem Groesbeek
Heilig Landstichting
Psychiatrisch Centrum
Jonkerbos
De Berendonck
5
N845
e els
Gars
Dukenburg
Heilig Landstichting
Brakkestein
Berchmanianum
Woonwagen centrum
Hoogbroek
Middel Broek
Hoogoorde
4
W eg
Cenakelkerk
e lts se es Bi
straat
9
Gem
en aft Ha
51
Harensche
Sl
Straa t
Eke
Beiershof
N844
Hatertse Hei
Tuin
n laa
2
De Meerlangel
Pl 183
CWZ
't Pannenhuis
54
A50
Hoeve Doeiakker
Sanadome
Dukenburgse Brug
Teersdijk
57
W
2
e Ni
Tolhuis
Botanische Heyendaal
eg Witte W
tra
Dorpenweg
Gd
Pl 400
183
Erebegraafpl
Psych Inr
Maridnbosch
20
Stadion
n
gs
Sl
weg
Zwanenveld
60 Trafostation
eg
424
Deursen-Dennenburg
Haren Dorpen
at
Het Zand 52
W
ing
t
Macharen
58
53
De Peppelen
N626
Groenewoud Universiteit
Winkelsteeg
IJsbaan
59
Noord
Maridnboom
St Radboud
k en Be u
2
Sch sl
Vijverhof Volkspark de Goffert
N324
Oversteeg
Gemeente
Kwakkenberg
Va
Stamhof
102
WIJCHEN
4 Pl 210
Villandry
g
De Vlamen
Bulk
Wete r
dijk
eg W
Neerlangel
t
at
raa
ra
nst
St
lge
He rp se
Ga
Pas
Waarden
63
Rijksw e
Os str aa t De
Vl am en
aat
142
Sl
Kwakkenberg
Graafse Brug
St Anna
4
Niftriksche
La
bosstr
Hazenkamp
61
g rgwe enbu Ros Van
Achterlo
aa
Kastee lstraat
Luistenstraat
N329
e Megen s
De
Elzen
Sl
Gem Nijmegen
Straat
4
g
Ni ftri ks ch e
g we lse ffe Ru
Van Citters I
St Maartenskliniek
Klooster
Str
424
Het Voorhuis
Palkerplein
2
e Lag
jk Di
Pl 530
Sl
sweg Panhui
Pl 520
Zand
Sl
ng e
10
A326
Achterlo
Knooppunt Bankhoef
Sl iet
Galgenveld
Groene
llaan
Pl 184
tvl
64
De Refter
Hengstdal
Albertinum
Knooppunt Lindenholt
Noord
3
Nije Veld
Neerbosch Oost
Kaste e
RadioTV toren
184
2
19
Ve nd am
Pl 540
Sterrebosch
Ui
Vlam
Altrade
101
Kuyperke
St Isidorus De
De Sterreschans
se
De Hunnerberg
4
g
De
Waaijes
Pl 460
Randweg
De Krul
sche
ban
Ossekampen On der weg
Oo igr aa f
eg ldw Ve
W g we de er
rs aa en Nift rik
t Str aa t
Waarden
in
k ddij Sta
De
er
Bijsterhuizen Noord
Woezik
Bergharen
raa
rst
He
et
e We
Pl 410 Voorm Kasteel Oijen
5 ek
N326
Wijchen
Knooppunt Bankhoef 1
f fe
Lan ges tr
Ma
Waard
Demen
be
Rustoord W
Ru
aat
St ra at Ko rte
Maasdijk as ac ker
Oss
Gem
Lienden
Veldzicht
at
es
18
fse aa Gr
Heseveld
62
Achterlo
2
425
425
stra
eg W
Lindenholt
Pe rs ing en se
rtje
426
Pl 220 ns
65
Pl 10
103
t
1
4
Rolenhof
Bankhoeve
Pl 185
at
ro
Bottendaal
eg Driehuizerw
2
aure
Ba n k ho
tra
G
Hees
aa
't M ee
Hunnerberg
Neerbossche Brug
108 eks
Str
N325
eg ew rw Ta
Pl 193 Pl 550
St L
143
Ka
Oostkanaaldijk
Wielerbaan Bro
se
Schependom
Keizer Karelplein
109
en
Het Ooijsche
Kinderdorp Neerbosch
Bosch
't Hof
e ve
Pl 11
6
De Hazenberg
Leurs Pl 420
5
A326
De Fleerde
en
av naalh
Pl 100
6
Knooppunt Neerbosch
4
Leur De
Gem Wijchen
Woeziksveld
e
Liendensche dijk
Kav elp ad
De Merwerd
Pl 186
Maas
Dieden
Huis te Leur
Werf
Westkanaaldijk
A73 E31
Sl Beuningen
eg
De Vli et
Pl 480
185
Broek
eg
Ossekamp
M AAS
W
N329
193
se
Pl 510
Pl 194
rg
Pl 430
Maasakker
1
be
Pl 450
ns
at ra St
Scheles
Maasbommel
ra
at
Jachthaven
de
rg
Leursche
Le i gr aaf
A50 en
Dijk
194
st
Stella Polaris (Km)
Li
a rd
Km
Lie nd en se
wa Rijs
Ru lst ra at
Pl 350
De Gordenaars
Pl 187 186
Pl 340
Leursche Veld
Pl 230
ee
4
Bojenkamp
't Veerhuis
Uiterdijk
Megen
dijk
Wezel
Spitsberg
Sl
nd
Pl 440
Maasakker Pl 192
192
n
De Lymen
187
Veld
ra af
W
le Mo
M
bu
e
Veld
Dis
nk Ba th
rd
Runne
Pl 240 Hog en hof straat
Schebbelaarsche
Go
Km
Pl 250
Diedensche
Pl 490
eg
Za
Klooster
efw
Wezelsche
e os
Oss
Gemeente
Ho
Batenburg
jk
ren
e
Valkhof Biezen
Hoge Brug
Wezelse Plas
rl te
Pl 500
di
rn
ch
g Ho
104
Wezel
De Kavel
h Ac
M a as
Pl 188
He
Jachtlust
he
Pl 190
De Schebbelaar
s en
110
npas
Pompstation
ez els e
Straa t se Berg hare n
Bo
427
We
Den Hoef
Pl 260
c Leurs
MAAS Pl 191
Km 144
188
426
g We
at
n
De Risters
ra
Pl 189 190
Gemeente Wijchen
Else
Het Broek
Welgelegen
Bosch
at
er nk Jo
De Hoeve
c
Leursche
St
t aa str el
Laakse Bos
Sluisgraaf
NIJMEGEN St Stevenskerk
2
Hernensche
M ee r
en
st
De Gansakker
Veld
e
427
Kap
Spijkswiel
Pl 270
De Dreef
a str
A73 E31
e uw Nie
Wesselkamp
De Wijnakker
Gd W o e zi k s
Waardse Sluis
Wolfskuil
Hoog Vonder
roek
L eig
t se ak La
189
a ra
Neerveldsche Blok
Veld
Hof van Wezel
Hernensche Broek Bro ek s tra at
Waalbrug
eg W
N847
Schoenaker
Sl
Beuningsche
g
Templet
Kasteel
Gem Beuningen
Waalkad
Waal haven
Emmahoeve
se nd La
4
Biesterhuizen
enb
145
Reeksche Hof
111
Scheerskamp
Kampbroek
Pl 90
884
Zuiveringsinst
Broek
Nieuwe
nse Herne
Laak
ring
Sl
g Mek k erste e
n ve
Wilgenhof
pas
3
Zwemsel
Piek
12
g We
Appeltern
Beuningsche
Elsen
Fica rystr aat
Hernen
1
1
Victorie
Sl
at
Kl Lindenhout
De Sluis
laa
Stra
e
Stortplaats
lmin a
S
ars cha
eld Neerv
13
Kijfhoeve
St Pieter Kampen
Buiten- en Binnen Geest e uw Nie
de
Wete
146
Oude Waal
Lu rv in kp ad
112
Wil he
g
A50 E31
Velden
Beuningen
Pollenbroek
(Gem hs te Beek-Ubbergen)
4
he
Moringerwaarden
De Egel
La
we
g
as
Broek
raaf
Pl 290
Ewijksche
Heuvels De Groene (Recreatiecentrum)
Schaar
De Mekkers
Spekshof
et
Pl 150
Pl 80
Pl 160
np
St ra at
147
Buitengeest
Gp
Weg
Elberse
Pl 280
H
eak ee St
A50
Weterin
De Ruige Plaat
Blok
G
De ijn sc he
Broek
Dijk
g we
terin
Tiengeboden
Gemeente Ubbergen
Pl 30
Het Arnpark
We ze lse
We
Bloemers
d
Nijmegen
Gemeente
113
Els e
Aaldert
Str aa t Schaarse
Het
Meerg
Dijk
De Maaslanden
lan
Heemstr aweg
Elektr Centrale
Keizershoeve
De Tolbrug
Ou d e
t
De Tuut
ge
Lent
Weurt
Rolland
Heuvepark
Laarsdijk
Neerveld
Hanzeland
15
Pl 170
Vogelzang
Ewijksche
Pl 320
Jachthaven
De Vlietberg
at ra St
ds e el
l ev l ge Sin
Me kke r
al eW Slu
iss
ek
ng La
Bl
De Aspert
Het Vogeleiland
Pl 330
Dijkmagazijn
Pl 40
2
Pl 13
Crematorium
e
g in er et W
au
we
Van Coo th weg
weg Dries kweg rkoe
Me
430 429
Pepe
Hooge Hof
De Schaarsenhof
Zuiveringsinst
Hooge
Eendenkooi
191
882
9 Voorm Fort
428
se
meer
De Gouden Ham (Watersportgebied)
waai
429
Oos
De Zoare
weg Vissers
tra
Pl 140
Duivels
tra at
Langstraat
ng rsi Pe
Wijksche
jk Di
14
t
g dwe Hoe
e rs
Voorm Fort Sl
Distelakker
Van
4
t
n
428
aa
Groen
430
str
Het
se ijk W
Veld
Peer
Binnen
at
Pl 50 De Pol
Schoenaker ary
pe
Zuid
aa
un
Beuningen
Den Alst
Ewijk
f
Br ee k w
ag en
Zuidweg
M
Waarden
an la ke ec Pi
Veld
m Sto
Noord
straat
tr ts Pu
n De
Ve ew eg
Poldersche
Fic
Bergharen
Hooge
Het Heufke
rt Aspe
Molen
De
Labor vincet
De Acht Morgen
Pl 300
881 Sprok
883
aa
weg
g ee st
Veld
Appelternsche
M a a s dijk
Groene Eiland
Zuiveringsinst
Knooppunt
igr
itein
Dijk g raaf de Leeuww eg
't Mun
jk di
He
Sl
at
Hooge
Het
Pl 180
885
Km
Sunten
eg stw Oo
De Viersprong
Kippelenberg
14
887
m
Ko n ing s
Ou
2
Blauwesluis
De Maashaerd
Pl 130
Waaiensteinkolk
De Weeropper
886
Le
Kap
Straat
Stra
De Heuvel Sl
Oosterblok
Br en Sl
Oosterhoutsche
Kapel
e
Feyehof den
Altforst
Pl 310
Pl 881
L
Sl
114
h sc
Ro ed en se
Str aat weg
Molenblok
Doornik 10
Alst Akker
148
Br o e k
Mid
Woerd
Veld
Da
't Haasje
g
De Kleine Roede
15
Het
Beg ijne nst raa t
N322
Ze lle rst raa t
Modelvliegveld
Koudenhoek
Pl 190
Wolfsgat
't Uiverstuk
Elzent
Duifhuis
A
Pl 60
2
Alst
Marialust
Munnikhof
De Klimop
blok
68
Verburgtskolk
888
A
Langakker
De Horst
Den Heppert
Hoge Woerd
Pl
De
Sl
Moespotsche Waai
He em stra we g
Aaldert
Altforse
Zuider
Karnemolen
Heuvelsrust
Go ors traa t
De Robbert
Muldershof
Honselaars
f
Gemeente
Hoeve
we
Horssen Neersteind
se Sluis
Ossenwaard
Br en Sl
't Derde
Het Dijkmagazijn am
149
d
blok
Noorder De Woerd
aa
Veld
2
Groene Steeg
en
Sl
tr
z El
St Isidorushoeve
Verwachting
Weg
Galgenberg
Melenveld
Keizershof
16
igr
Brede
re ns
t
Woerdse Brug
Le
Laagveld
Het
N329
Henricushoeve
Vis ser t
or
Ko ois traa t
Hoekgraaf
aa
Go
Winssensche
eld
Pl 70
f aa gr
sc
Ulanden
Ulandse
Zegeweg Sl
oningsbeemden
He
he
Het
Annahoeve
ek Ho
di
Stra at
(Gem huis te Beneden-Leeuwen) Huize Olpoda
Horssen
4
Bloemhof
nd
West Maas en Waal Moste rdwal
Kw
n
Huis Oosterhout
Van
Sloten
67
Stren gstraa t
Wetering
Heerlijkheid
Bi
Begijenhof
eg
Bovenbroek
Noordenbroek
Klo oster weg
Rijksche
De Zwaanheuvels
2
880
Sl
W
Staartjeswaard
sc
aat
Za
Eendenkooi
Ho
Leigraaf
Sl
Hosterdstraat
steeg Br
ste
Pl 70
Sc ho
he
Molenhoek
Eendenkooi
ars
Ewijk
150
Ambtswaard
Groote Boel
g
2
Broek
Het
66
Buske
Pl 200
Roodslag
uk
B r o e ks c
st r
at
Veeweide
Fl
431
N322
Zwanenheuvel
stra
at
De Eendenkooi
Sl
17
Kampen
Brouwers Hofstad tra
Bouwlust
e els Po
Pl 120
Malakhof
Waardsendam
Sl
Straat
Kr
62
61 Meerkampen
ers
13
431
Vee
V
Ge
Dw
Ravenswaard
K o o i s t r aa t
Gemeente Druten
Druten a at tr
de
2
60 Kooistraat
Benedenbroek
Kortendijk
Gemeente s eld
eg
ng
n
Schut
63
De Friesekamp
65
64 N322
Sl
Eendenkooi
Vette
Lei g r aaf
Oude Weide
Pompstation
Grote Altena Pl 80
Doddendael Poelhof
rle
laa
Geerstraat
af
Bobbert
Lage
aalw
aa lban dijk
aa f
Bobbert Trafostation
en W
Spitshoek
Ooijrijksche
't Hemeltje
Tergouw
ne n
at
Hooge
Ve
NijmegenOosterhout
Pl 210
ten
Sl
Maas
Sl
Manege
Gasthuishof
Be
De Vissert
k
Uiling
Deets che
Kuipershof
Broekgra
at Goorstra
Stra
raat
aldij
Pl W
Pl 90
De Vossen
Oud e
Friesse St
Veld
890
Sl
Bemmelsche- Gendtsche- en
Pl
Elshof
4
't Klumke Wa
Waard
Hooge
ing
De Pas
11
Pl 220
891
Sl
Kon
at Stra
at
Oosterhout
Pl 100
Pl 110
Winssen
aweg
Laarstraat
Schrikse Str
Leeuwensche
Sl
Puiflijk
Koekampen
eemstr
Sl
De Uivermeertjes
Afferden
Weis e
2
57 Sl
Venhoeve
De Ham
Smitshof
Plaat 151 Hooge Kamp
Van H
aat
Va n
N322 De Heuterik
Stra
(Gemeentehuis te Bemmel)
Danenburgh
Gr
st He
em
De Gelenberg Poelakker
59
Anna's Hof
Lingewaard
432
432
56
12
Pl 230
Buitenpolder
892
Ewijkse
Beatrix (Km)
2
N322
Pl 894
Vredelust Welkom
Str aat
't Gripstuk
De Steenoven
2
Sl
he
ra
58
Scharenburg
at
Slijk-Ewijk
Pl Loenensche
Distelberg
419
Brinkshoeve
at
g we
Druten-Zuid
gstra
Waarden Pl 120
Uiversnest
55
len
t se
Pl 110
Gem t Straa
Konin
Hoek
z e w eg
Sl
Bo e i s e s t r a a t
De Drie Waaien (Km)
Middelveld
e Vr i
Sl
Manege
Trambaan
Oe
hou
Pl 240
De Ruif Stra
Veld Steenkampen
Eendenkooi
Pl 250
r
Wagenmansbouwing
433
Ganzenkuil
Oude Dries
Sl
ste
Ressen
ijk
433
am
Oo
De Woerdt 12
rdse
rkd
Tochtslo ot
Buitenzorg
12
Pijp
Ke
Straat
an ren la Balve
Van
psche
Gasthuisbouwing
Loenense
Loenen 893
De Grift
Viskwekerij
Woe
Druten
Rie t kam
Pl 260
Gp
Pl 170
De Drie Waaijen
Sl
Leeuwen
54
152
11
Huize 't Spyck
De Grote Doorn
Kasteel Loenen
gemeentegrens Ressense Brug
iftd Gr
Pl 270
Pl 180
Havikland Rie tgr aa f
Do nd erb erg we g
dijk Waa lb an
Grote Allee
Winssensche
Pl 140
159
158
Catharinahof
De Hulk
Uiterwaard
Deest
Meergraaf
't Kempke Pl 270
894 Pl 190
Vogelenzang
wal Noord
Akkerstraat
Waald ijk
895
4
161
te Kor
Huis te Leeuwen
Loenen
Wolferen
Steenfabr
Boven-Leeuwen
A50 E31
A15
eg
en Deestsche Waarden
Afferdensche-
Overig
153 38
Lindenhout
Pl 897
Vredenburg Sl
4
Pijp
Het Hoog
karakteristiek/beeldbepalend gebouw
162
Strandpark Slijk-Ewijk
r e n sc he
Edenoord
909
11
B a nd i jk
Zuiveringsinst
ij k
Pl 150
Biesterveld
Haesbaert
Gp
Pl 160
Re e
Ooijse
Pl 200
an d
157 De Hooge Brug
Plakselaan
Bemmel zone met beleidsmatige vertaling (zie § 4.2 en 4.3)
l
a a lb
Cultuurhistorisch163beleid 13
434
Pl 240
W
De Kolk Laksbos
Elshout
e ths
Merckenhorst
Pl 280
Werf
Huis Reet
Verloren Zeeg
Groote Waai Sl
fe
Herveld-Zuid
Wolferen Boldershof
Pl 230
ol
164
legenda
Knooppunt Ressen
Straat
Houtakkersche Pijp
t aa str
WAAL
Druten
Pl 220
W
10
aa
Doorlaatbrug
Waarden
Pl 902
Pl 903 Pl 210
Vale Dries
897
al
Pl 904 Werf
Huis de Haer
Reeth Leijgraaf
Oostheim
Gemeenten Beuningen, Druten, Heumen en Wijchen schaal 1:25.000
(Gemeentehuis te Elst)
A50 E31
Wa
898
De Bosoven
Drutensche
(Gemeentehuis te Elst)
Pl 300
Mermse Brug
sche Merm
Gemeente Overbetuwe Klipstraat
Waalwaard (Steenfabr)
190
Cultuurhistorische beleidskaart Nieuwe Vergert
Overbetuwe
De Aling
899
Betonfabr n
Gemeente
189Kattenleger
14
De Vork
3
22 De Rietkamer
Pl 907
434
De Horst
900
905
Deelenshoeve
W
154
Conservenfabr
188
10
Zeeg
che
lds ve ter Els
156
187
Ou de
Uiterwaarden
(Gemeentehuis te Opheusden)
Pl 906
L AA
Km
De Bossen
Gemeente Neder-Betuwe
Pl
908
N863
186
eg Ze
Knooppunt Valburg
De Smeenng
De Pas
185
Eimeren
Steenenkamer
Pl 310
Werf
184
De fe ns ie ka de
De Snor
902
183
ds e
Oude Veerweg
182
Waa ldijk
Straat
Herveld-Zuid
Gemaro
4
181
Me lk
e
Sl
21
904 907
Groen k
Andelst
Pl 60 Pl 70
903
dij
De Toren
155
Moordakker
180
Za n
Buitenpolder
Pl 905
an
Veldstraat
179
Zwarte W eg
906
Pl 150
Hiensche
Pl 50
alb
178
eg
Buitenpolder
Wa
De Str ang
177
435
435
Ochten
Sl
176
Ze
Pl 120
Pl 130
175
traat
Pl 140
IJzendoorn
174
Herveld-Noord
Wely
De Engel
Pl 330
173
re
Rehob(th
Appelenborg
Ochtensche
Dodewaard
172
n s
Sl
171
n
170
Ve rl o
169
Horstw eg
168
e
167 Sl
ne Bin
t
166
t aa str lke Ka
Akkerstraat
straa
Weltevreden
165
Pl 80
De Alle
Pl 110
Sl
pheusden)
Ochtensche
Lange
Betuwe
af Leigra
Keizershove
St
ar
weg
Bijlage 3 Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
bestemmingsplan VAB Woordsestraat1-3 Wijchen
21
in de toekomst zullen leven, wordt algemeen erkend. Van die geschiedenis zijn er in onze omgeving nog tal van tastbare resten te zien en te beleven. Overal om ons heen vinden we gebouwen of gebieden die elementen van vroeger laten zien of in zich herbergen. Voor eigenaren en overheden betekent dat een opgave: hoe houden we bij het veranderen of het beheren van een gebouw, complex van gebouwen of een gebied zo goed mogelijk rekening met de bouwkundige of landschappelijke geschiedenis? Om hierin een verantwoorde keuze te maken, kan men het beste een analyse van de bouw- en gebruiksgeschiedenis en een waardestelling laten maken. Een uitgelezen manier daarvoor is bouwhistorisch onderzoek. In sommige gevallen vereist de overheid een dergelijk onderzoek om het plan in verband met een vergunning of subsidie op de juiste waarde te kunnen toetsen. Deze Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek zijn bedoeld voor eigenaren, gebruikers en beheerders van gebouwen, complexen en gebieden. Tevens bieden zij een handreiking aan overheden, architecten en adviseurs, aan projectmanagers en aan bouwhistorici zelf. Vanzelfsprekend vormen de richtlijnen lesstof in opleidingen op het gebied van historie en bouwkunde.
De Richtlijnen kwamen tot stand onder verantwoordelijkheid van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de Stichting Bouwhistorie Nederland, de Vereniging Nederlandse Gemeenten, het Atelier Rijksbouwmeester en de Rijksgebouwendienst. Voor vragen naar aanleiding van deze publicatie kunt u zich tot deze instanties wenden. Bij gemeenten is bovendien de Brochure bouwhistorisch onderzoek verkrijgbaar; deze bevat een korte samenvatting van het hoe en waarom van bouwhistorisch onderzoek.
ISBN/EAN: 978-90-9024049-7 Den Haag, april 2009
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
Het belang van de geschiedenis voor hoe we nu en
Lezen en analyseren van cultuurhistorisch erfgoed
Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Stichting Bouwhistorie Nederland Vereniging Nederlandse Gemeenten Atelier Rijksbouwmeester Rijksgebouwendienst
Inhoud
1
Inleiding
2
Bouwhistorisch onderzoek
2.1 Vraagstelling en Plan van Onderzoek 2.2 Vormen van bouwhistorisch onderzoek
3
Inbedding van bouwhistorisch onderzoek in het bouwproces
4
Systematisch bouwhistorisch onderzoek
4.1 Uitvoering 4.2 Methodologie 4.3 Waardestelling 4.4 Rapportage 4.5 Presentatie 4.6 Toegankelijkheid van resultaten
5
Gebruikte termen en illustraties
Richtlijnen bouwhistorisch bouwhistorisch onderzoek Richtlijnen onderzoek
1
1 - Inleiding
Het verleden vinden we terug in geschriften en boeken,
bouwmaterialen en de afwerking. Zij kijken dus naar
op tekeningen en foto’s, maar ook in de structuur van
de ‘oorspronkelijke’ of primair gerealiseerde situatie én
landschappen, in de plattegronden van steden en
naar de veranderingen in de loop der tijd (de bouw-
dorpen en in vormen en constructies van gebouwen.
en gebruiksfasen). Zelfs bij gebrek aan schriftelijke
Het zijn allemaal belangrijke bronnen voor het onder-
gegevens of oude afbeeldingen, kunnen bouwhistorici
zoek naar de geschiedenis van onze cultuur.
de bouw-, verbouwings- en gebruiksgeschiedenis in
Elke verandering in de omgeving of bebouwing heeft
kaart brengen. Het gebouw, het gebouwencomplex,
gevolgen voor de mate waarin we de cultuurhistorie
het landschapselement – het object van onderzoek – is
daar nog aan kunnen aflezen. Nieuwe ingrepen kunnen
dan zelf de belangrijkste ‘gegevensbron’ voor zijn eigen
die ‘leesbaarheid’ van de cultuurhistorie vergroten door
geschiedenis.
historische aspecten opnieuw zichtbaar te maken, of verrijken door er nieuwe elementen aan toe te voegen
Om hun onderzoek zoveel mogelijk diepgang te geven,
(historische gelaagdheid).
doen bouwhistorici vaak een beroep op andere vakdis-
In de afgelopen decennia is de interesse voor cultuur-
ciplines. Andersom leveren bouwhistorici vanuit hun
historie enorm toegenomen: bij historici, bij bewoners
kennis en analyse van individuele gebouwen of gebou-
en bezoekers (toeristen) en bij de overheid. Wie een in-
wencomplexen vaak een bijdrage aan onderzoek naar
greep aan een gebouw of gebied wil doen, moet steeds
grotere ruimtelijke eenheden (stads- en dorpskernen,
vaker verantwoorden in welke mate die ingreep de lees-
bouwblokken, gebieden en landschappen) of naar
baarheid van de cultuurhistorie schaadt. In de cultuur-
het werk van individuele architecten, architectuur-
historie onderscheiden we in de fysieke omgeving:
stromingen en institutionele opdrachtgevers.
- het bodemarchief; - het cultuurlandschap;
Men kan bouwhistorisch onderzoek voor verschillende
- het bouwkundig erfgoed (gebouwen en structuren).
doelen inzetten. Het meest gebruikelijk is het onderzoek naar individuele gebouwen. Eigenaars en archi-
Om cultuurhistorische aspecten volwaardig mee te
tecten nemen de onderzoeksresultaten en de daaruit
kunnen wegen bij besluiten tot bouwkundige of plano-
voortkomende ‘waardestellingen’ dan als uitgangspunt
logische ingrepen, moet er eerst specialistisch onder-
voor verbouwingen. Overheidsdiensten kunnen ze
zoek naar zijn gedaan. Eén van de belangrijke vormen
gebruiken als toetsingskader voor de monumenten-
daarvan is bouwhistorisch onderzoek. In principe zijn
en/of bouwvergunning.
het opdrachtgevers die dergelijk onderzoek initiëren;
Met bouwhistorisch onderzoek kan men ook een
eigenaars, projectontwikkelaars, overheden of andere
bijdrage leveren aan waarden- en verwachtingskaarten
initiatiefnemers en belanghebbenden van bouw- en
van gebieden, of selecties opstellen ten behoeve van
herinrichtingsplannen.
monumentenlijsten.
De cultuurhistorie in de ondergrond is het onderwerp
Ten behoeve van verdergaand historisch onderzoek is
van de archeologie. Zij legt de oude bewonings- en
het nuttig om te beschikken over een nauwgezette do-
bebouwingssporen bloot. Bovengronds bestuderen
cumentatie van historische gebouwen, waardoor meer
onder meer historisch-geografen, cultuur-, architectuur-
inzicht ontstaat in bouwactiviteiten en -processen in het
en bouwhistorici onze cultuurgeschiedenis.
verleden en in het veranderende gebruik van gebouwen en complexen.
Bouwhistorici analyseren gebouwen of complexen van gebouwen bij uitstek aan de hand van de onderlinge samenhang, de vorm, de constructies, de gebruikte 2
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
3
2 - Bouwhistorisch onderzoek
2.1 - Vraagstelling en Plan van Onderzoek
kunnen worden. Voor een goede vergelijking is het bovendien van belang dat de bouwhistorici hun inter-
Bouwhistorisch onderzoek is steeds maatwerk. Het
pretatie van het PvO geven in de vorm van een goede
doel, de omvang en de diepgang van het onderzoek
werkomschrijving. Op basis van hun eigen ervaringen
zijn afhankelijk van de plannen en wensen van de
en kennis van het vakgebied kunnen zij ook aan-
opdrachtgever, van de aard van het onderzoeksobject
passingen van het PvO voorstellen. De aanbestedings-
en van eventuele eisen van gemeenten of andere
procedure moet voldoende soepel zijn om op zulke
overheidsinstellingen. De logische gang van zaken is
voorstellen in te kunnen spelen.
dat men eerst de uitgangspunten van het onderzoek vastlegt in een Plan van Onderzoek (PvO), zodat het
Vaak wordt bouwhistorisch onderzoek in verschil-
voor iedereen duidelijk is waar het onderzoek voor
lende fasen uitgevoerd, bijvoorbeeld voorafgaand aan
bedoeld is en wat het kan opleveren. Op basis van het
het ontwerp, bij het begin van de uitvoering van de
PvO kan men een werkomschrijving, begroting en
werkzaamheden (ontmanteling) en tijdens de werk-
offerte opstellen en de opdracht verlenen.
zaamheden. Deze fasering kan worden vastgelegd in het PvO. Ook kan men ervoor kiezen om voor even-
Bij het opstellen van een PvO speelt de opdrachtgever
tuele vervolgfasen één of meer nieuwe, aanvullende
of initiatiefnemer van een verbouwing natuurlijk een
PvO’s te maken.
cruciale rol, omdat die weet hoe omvangrijk zijn plannen zijn. Maar als de overheid voor een monumenten- of bouwvergunning een bouwhistorisch onderzoek verplicht heeft gesteld, is het raadzaam om met die overheid overeenstemming te bereiken over de criteria waaraan het bouwhistorisch onderzoek moet voldoen. Die criteria staan niet altijd op papier. Een PvO kan heel uitgebreid en gedetailleerd zijn, of juist bestaan uit een korte omschrijving, een standaardomschrijving of een aanvinklijst. Bijvoorbeeld bij kleine ingrepen en weinig gecompliceerde objecten kan een beperkt PvO volstaan als onderlegger voor een offerte en een opdrachtbevestiging. Een beperkt PvO kunt u zelfs laten maken door dezelfde bouwhistoricus die later het onderzoek zal uitvoeren. Bij grotere onderzoeksobjecten en gebiedsgericht onderzoek is een gedetailleerd PvO gewenst, zeker als er meerdere disciplines aan het onderzoek deelnemen. In dit geval kunt u het gedetailleerde PvO beter laten opstellen door een onafhankelijke partij die het uiteindelijke onderzoek niet zelf zal uitvoeren. Als een onderzoek in concurrentie wordt aanbesteed dienen de bureaus hetzelfde PvO te krijgen, zodat de uitgebrachte offertes goed met elkaar vergeleken 4
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
5
2 - Bouwhistorisch onderzoek
2 - Bouwhistorisch onderzoek
A
B
Administratieve gegevens ten behoeve van het onderzoek
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Welke positie heeft de opdrachtgever in het proces (eigenaar, initiatiefnemer van een verbouwing, architect, gemeente)? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Wat is de achtergrond van de vraag (beheer, restauratie, verbouwing, toetsing van bouwplan)? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Waar bevindt het gebouw of gebied zich, welke functie heeft het, hoe groot is het, wat is er bijzonder aan, hoe ingewikkeld is het? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Wat is de formele status van het object (beschermd monument, onderdeel van een beschermd stadsof dorpsgezicht)? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Hoe is de
toegankelijkheid van het object of het gebied geregeld? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Welke eerdere (onderzoeks)rapporten, publicaties en tekeningen zijn beschikbaar? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Hoe wordt het onderzoek gefaseerd en wanneer moet het af zijn? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Wie begeleidt en toetst het onderzoek? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Mag het onderzoek openbaar worden gemaakt of gepubliceerd worden (geheimhouding)? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Moet de onderzoeker zijn resultaten rechtstreeks aan overheidsinstanties verstrekken of doet de opdrachtgever dat?
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Mag het rapport worden verstrekt aan archiefinstellingen (bijvoorbeeld de bibliotheek van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de Koninklijke Bibliotheek)? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Wie heeft de publicatierechten van het rapport? ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Het Plan van Onderzoek (PvO) omvat twee delen. Het eerste deel (A) bestaat uit een aantal administratieve gegevens, het tweede deel (B) vormt een specificatie van de onderzoeksvraag.
Specificatie en definiëring van de onderzoeksvraag
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Wat is het doel van het onderzoek? Staat het onderzoek ten dienste van de planvorming en de aanvraag van een vergunning? --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Wat is de gewenste diepgang van het bouwhistorisch onderzoek, afgestemd op de onderzoeksvraag (ensemble, gebouw, cluster, ruimte, element of component) en op de eisen van overheidsinstanties? Kan een bepaalde onderzoeksvraag los van de context worden beantwoord of niet? Voor een detailvraag kan het soms noodzakelijk zijn om toch het gehele object te onderzoeken. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Is een waardestelling wenselijk? Zo ja, dan moet men van tevoren het beschouwingsniveau en de diepgang helder vaststellen.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Zijn er andere disciplines bij het onderzoek nodig: architectuur- en/of kunsthistorici, dendrochronologen, interieurhistorici, kleuronderzoekers, onderzoekers van stedenbouwgeschiedenis, historisch-geografen, tuinhistorici? Is er specialistisch onderzoek nodig naar de (oorspronkelijke) functie van het object en naar de achtergronden of omstandigheden van voormalige eigenaars en bewoners? --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Welke bronnen moeten onderzocht worden: omgeving, terrein, gebouw, literatuur, archieven? Of oral history door interviews met oud-bewoners, beheerders en eerder betrokken architecten of aannemers? --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Moeten er opmetingen en/of documentatietekeningen worden gemaakt? Zo ja, welke schaal moet worden gehanteerd?
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Hoe moeten de resultaten van het onderzoek worden vastgelegd en aangeleverd? --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Welke afbeeldingen zijn minimaal noodzakelijk of wenselijk; foto’s van de bestaande toestand, historische foto’s en tekeningen (houdt rekening met levertijden van archieven), bouwtekeningen, recente opmetingstekeningen? Moeten er faserings- en/of reconstructietekeningen worden gemaakt? --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Wordt het onderzoek in één of meerdere fasen uitgevoerd? Moeten er op verschillende momenten rapporten of conceptrapporten worden aangeleverd? --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Welke mogelijkheden zijn er voor nader onderzoek op verzoek van de vergunningverlenende instantie, indien er naar aanleiding van de ingediende plannen
gedetailleerde vragen opgeroepen worden? Wordt dit een stelpost in het huidige PvO, of komt daar een aanvullend PvO voor? --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Is er tijdens de uitvoering van herstel- of wijzigingswerkzaamheden gelegenheid om nog nader onderzoek of documentatie te verrichten? Zo ja, voor wiens rekening? --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------o Moet het onderzoek worden uitgewerkt tot een wetenschappelijke publicatie? Welke eisen worden aan de wetenschappelijke publicatie gesteld en waar moet deze gepubliceerd worden? Wie draagt de kosten voor een publicatie in die vorm? ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
6
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
7
3 - Inbedding van bouwhistorisch onderzoek in het bouwproces
2 - Bouwhistorisch onderzoek
opnames kunnen ook een hulpmiddel zijn om een
Bij het veranderen van een gebouw of complex van
Men moet daarvoor kennis hebben van de bouw-,
object (cultuurhistorisch) verantwoord te beheren.
gebouwen is het van belang om zorgvuldig rekening
verbouwings- en gebruiksgeschiedenis. Aan de hand
Er zijn drie vormen van bouwhistorisch onderzoek:
De diepgang van een bouwhistorische opname hangt
te houden met cultuurhistorische waarden, zowel
daarvan is te begrijpen hoe het gebouw of complex
bouwhistorische inventarisatie, bouwhistorische
af van de wensen en eisen van de opdrachtgever en
vanuit het perspectief van de eigenaar als de overheid.
van gebouwen tot stand is gekomen, en kan tevens
opname en bouwhistorische ontleding. Het Plan van
de overheid, zoals die in het PvO zijn geformuleerd.
Ook bij dagelijks beheer en onderhoud is het van
vastgesteld worden welke cultuurhistorische waarden
Onderzoek (PvO) geeft voor elke vorm de mate van
Een bouwhistorische opname op hoofdlijnen wordt
belang om de cultuurhistorische waarden te kennen.
daarin aanwezig zijn. Bij beschermde monumenten is
diepgang, breedte en uitwerking aan.
ook wel een ‘bouwhistorische verkenning’ of ‘quick
Deze kunnen dan samen met andere waarden, zoals
weliswaar van overheidswege al vastgesteld dat ze cul-
scan’ genoemd.
vastgoedeconomische- en gebruiksoverwegingen,
tuurhistorische waarden hebben, echter dat betekent
leiden tot afgewogen en integrale besluitvorming.
meestal niet dat alle waarden ook in beeld zijn.
2.2 - Vormen van bouwhistorisch onderzoek
Bouwhistorische inventarisatie Bij een bouwhistorische inventarisatie classificeert
Bouwhistorische ontleding
de bouwhistoricus de structuren en de bebouwing
Bij een bouwhistorische ontleding levert de bouw-
Hoe valt de cultuurhistorische waarde van een wille-
deringen, en liefst ook bij dagelijks beheer en onder-
van een gebied of beheerportefeuille (een verzame-
historicus een gedetailleerde documentatie van een
keurig gebouw of complex van gebouwen te bepalen?
houd, aangetoond moeten worden dat er zorgvuldig
ling gebouwen op meerdere locaties, van één of meer
bouwwerk of object. Om dit te kunnen doen, moet de
Wat moet een individuele eigenaar doen om dat te
met monumentwaarden wordt omgegaan.
eigenaars) aan de hand van geconstateerde of vermoe-
bouwhistoricus vaak later aangebrachte interieur-
weten te komen?
delijke monumentwaarden. Gewoonlijk beperkt een
afwerkingen (gedeeltelijk) verwijderen: voorzetwanden,
bouwhistorische inventarisatie zich tot een beoorde-
pleisterlagen of verlaagde plafonds. Het is een stan-
ling van de objecten vanaf de buitenzijde. De onder-
daardprocedure om bij deze ontmanteling eerst een
zoeker kan dan een uitspraak doen in termen van
waardestelling te maken van de interieurafwerkingen
mogelijke, vermoede of zekere monumentwaarden.
die moeten worden verwijderd.
Indien hij de objecten ook van binnen kan bezoeken,
Essentiële onderdelen van een bouwhistorische ont-
krijgt de bouwhistorische inventarisatie de vorm van
leding zijn gedetailleerde opmetingen, fotodocumen-
een aantal lichte bouwhistorische opnames.
tatie, faseringstekeningen en reconstructietekeningen
De resultaten van een bouwhistorische inventarisatie
per bouwfase. Bij de meeste bouwhistorische ontle-
zijn bruikbaar voor het opstellen van (bouw- of cul-
dingen komen ook specialistische onderzoekingen aan
tuurhistorische) waarden- of verwachtingenkaarten,
de orde: dendrochronologisch onderzoek, materiaal-
voor het ontwikkelen van ruimtelijk beleid of bestem-
technisch onderzoek, interieurhistorisch onderzoek
mingsplannen, of voor het opstellen of herzien van
en kleuronderzoek.
een monumentenlijst.
Een bouwhistorische ontleding kan leiden tot
Bouwhistorische inventarisaties maken vaak deel uit
gedetailleerde waardestellingen ten behoeve van
van een breder opgezet en multidisciplinair onder-
een restauratie of verbouwing. Een bouwhistorische
zoek naar de ruimtelijke opbouw van een gebied,
ontleding kan van toepassing zijn op volledige bouw-
waarbij men bijvoorbeeld ook de archeologische en
werken, maar ook op kleinere eenheden, zoals één
landschappelijke waarden in beeld brengt.
wand of plafond. We spreken dan meestal van een
Ook bij beschermde monumenten zal er bij veran-
Opdrachtgever
Gebruik en Beheer
Inventarisatie vraag, bepaling scope, Plan van Onderzoek (PvO), aanvraag offerte, aanbesteding, opdrachtverlening.
Uitvoerder van (bouw)historisch onderzoek
INITIATIEF Offerte op basis van het PvO en plan van aanpak van het onderzoek. Uitvoering van het onderzoek.
B O U W - of G E B I E D S O N T W I K K E L I N G S P R O J E C T
Resultaten worden gebruikt bij programma van eisen (voor het gebied of voor de bouw).
Verdere inbedding van resultaten in ontwerpproces en vooroverleg toezichthouder(s).
DEFINITIE
ONTWERP
Presentatie van de onderzoeksresultaten (overdrachtsprotocol).
Advisering.
Gebruik en Beheer
Aanvraag vergunning en vergunningsprocedures.
Aandacht voor vondsten tijdens de uitvoering.
Beschikbaar stellen van resultaten van het onderzoek en informatie over de besluitvorming tijdens het proces (kennisoverdracht).
UITWERKING
UITVOERING
NAZORG
Documentatie tijdens uitvoering, en eventueel aangepaste waardestelling n.a.v. nieuwe vondsten.
Evaluatie van de nieuwe situatie, aanbevelingen voor beheer, publicatie.
‘deelontleding’. Bouwhistorische opname Bij een bouwhistorische opname onderzoekt de bouwhistoricus de bouw- en gebruiksgeschiedenis van een object (de gebouwde structuur) en brengt hij in kaart welke elementen uit de verschillende bouwfasen het object nu nog bevat. Op basis hiervan bepaalt hij een waardestelling, die weer kan dienen als uitgangspunt en toetsingskader voor restauratie, verbouwing of herbestemming. Bouwhistorische 8
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek
9
3 - Inbedding van bouwhistorisch onderzoek in het bouwproces
Bouwhistorisch onderzoek zal daarom altijd in een
productomschrijving zijn, of een uitvoerige notitie.
zo vroeg mogelijk stadium plaats moeten vinden,
Indien de gemeente geen uitgeschreven criteria voor
voordat er sprake is van het ontwikkelen van plan-
een bouwhistorisch onderzoek hanteert kan het nut-
nen. In het schema op pagina 9 is aangegeven hoe
tig zijn om het PvO eerst nog voor te leggen aan de
bouwhistorisch onderzoek ingebed kan worden in
beoordelingsinstanties. Nadat het PvO is vastgesteld,
een proces van beheer, onderhoud en verandering.
de offerte is aangevraagd en de opdracht is verleend, begint het eigenlijke bouwhistorische onderzoek:
Sommige gemeenten eisen een bouwhistorisch
de uitvoering en de rapportage. Dit wordt nader
onderzoek bij een aanvraag voor wijziging van een
omschreven in hoofdstuk 4.
beschermd monument (monumentenvergunning)
Als de monumentwaarden eenmaal voldoende
en soms ook bij bouwaanvragen in een beschermd
bekend zijn, kan een ontwerpplan worden gemaakt
stads- of dorpsgezicht. Het rapport van het bouwhis-
en, indien noodzakelijk, een monumenten- en/of
torisch onderzoek dient dan als toetsingskader voor
een bouwvergunning worden aangevraagd.
de beoordeling van het plan door de welstands- en/of monumentencommissie, de gemeente, de Provincie
Vervolgens wordt het plan getoetst door de eerder
en/of de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
genoemde overheidsinstanties, waarbij het onder-
Voor een goede afstemming is contact met de gemeente
zoek en de waardestelling als toetsingskader wordt
in een vroegtijdig stadium van het onderzoek