Bijlage 2 Financiele vertaling
Tekst van het document
Bijlage 2 - Financiële vertaling van de bezuinigingsmaatregelen Een indicatie van de financiële vertaling van de bezuinigingsmaatregelen die nog vastgesteld moeten worden is hieronder weergegeven.
Maatregelen Wat levert het (financieel) op? Categorie 1 1.1. Aanpassing besliskader SWT Aanpassing, waarmee ook aanscherping wordt beoogd, zal als aannemelijk gevolg hebben dat de routing naar ondersteuning effectiever en efficiënter kan verlopen waardoor de voorzieningen meer op maat kunnen worden ingezet. Een financiële vertaling hiervan is op voorhand niet te geven, daar dit van meer factoren afhankelijk is, waaronder de instroom. 1.2. Afbakening productniveau en Door een toereikend ondersteuningsaanbod te indicatiestelling naar bieden in plaats van een onbeperkt toereikend aanbod ondersteuningsaanbod kan het zijn dat het ondersteuningsaanbod niet meer zo kleurrijk is, echter wel adequaat. De verwachting is dat bij een ondersteuningsvraag de meest goedkope, adequate zorgaanbieder aan de cliënt aangeboden wordt. Door minder dure aanbieders te kiezen die adequaat antwoord geven op de ondersteuningsvraag is de verwachting dat de kosten voor maatwerkvoorzieningen verminderen. Mochten inwoners kiezen voor een ander, duurder, aanbod dan is dit uiteraard mogelijk, maar (qua meerprijs) voor eigen rekening. Categorie 2 2.1. Aanpassing verordening Door de verordening maatschappelijke ondersteuning WMO/Jeugdwet en Jeugdhulp te actualiseren krijgt aanscherping en afbakening een juridische basis. Een financiële vertaling hiervan is op voorhand niet te geven.
Dit gaan we wel volgen na aanpassing. 2.2. Regie op medische Op december 2020 waren er 450 cliënten in verwijsroute. behandeling. In de laatste maanden van 2020 zien we een toename van GGZ problematiek, gerelateerd aan corona. De toename door corona speelt nog steeds in 2021. De ambitie is in de tweede helft van 2021 stabilisatie te realiseren en in 2022 5% minder verwijzingen van de huisarts naar GGZ maatwerk door extra inzet van de SOH. Financieel betekent dit een bezuiniging van €50.000 in 2021 en €100.000 in 2022. 2.3. Positionering Wmo en Jeugdwetindicaties in relatie tot andere wet en regelgeving
Jeugd: enkel kinderen zonder ontwikkelperspectief komen in aanmerking voor de WLZ. Omdat kinderen vaak toch nog een klein ontwikkelperspectief hebben is doorverwijzing naar WLZ lastig. Onze ambitie: bij kinderen met verzorging, begeleiding en dagbesteding 2% vermindering van het totaal unieke cliënten vanaf tweede helft 2021. Dit levert financieel in 2021 een bezuiniging op van €18.000 en in 2022 €36.000. WMO: Het aflopen jaar is door de aanscherping van
Pagina 1 van 3
2.4. Maximeren begeleiding en dagbesteding
2.5. Nieuw normenkader huishoudelijke hulp instellen
2.6. Beleid ontwikkelen ‘eigen kracht’
het besliskader het aantal klanten voor begeleiding en dagbesteding fors gedaald. Door het striktere besliskader komt de overgang naar de Wlz eerder in beeld. Daarnaast heeft het toepassen van het besliskader ervoor gezorgd dat strikter gestuurd wordt op de omvang van een indicatie. Ook heeft Corona een rol gespeeld. We beschikken sinds 2020 over een tool waardoor de gemeente wekelijks geïnformeerd wordt over afgegeven Wlz-indicaties. Tegenover deze afname staat de verwachte toename van beroep op de Wmo door de vergrijzing. De bezuinigingsmaatregelen zorgen ervoor dat we de stijgingen die te verwachten verminderen. We gaan verdere ontwikkelingen volgen via de monitoring. We maken geen financiële vertaling omdat deze maatregel gericht is om het kostenniveau gelijk te houden. Jeugd: goed kijken naar grenzen van de wet. Wanneer is het Wlz, Zvw of onderwijs. Daarnaast zetten we de begeleidingsnoodzaak af tegen de gebruikelijke zorg te leveren door de ouders. Buiten de bezuiniging genoemd bij 2.3 is de bezuiniging hiervan niet verder financieel te vertalen. WMO: Ook hier kijken we naar de afbakening met andere wetten zoals de Zvw en de Wlz. Ook gaan we, n.a.v. recente jurisprudentie van de CRvB, nader kijken naar wat onder gebruikelijke hulp valt binnen een huishouden.
Het betreft zowel voor de Jw als de Wmo een aanscherping van de huidige werkwijze waardoor de bezuiniging minimaal zal zijn. Daardoor kunnen we dit op voorhand niet financieel vertalen. We volgen de effecten via de monitoring. In het kader van de beheersing van de kosten hulp bij het huishouden werken we momenteel diverse scenario’s uit gebaseerd op het instellen van een nieuw normenkader. De scenario’s worden in september aan de gemeenteraad voorgelegd. Het gekozen scenario wordt in Q4 2021 geïmplementeerd, waarna de effecten vanaf 2022 zichtbaar worden. Door meer gebruik te maken van eigen kracht en het toeleiden naar vrij toegankelijke voorzieningen en het reguliere verenigingenaanbod in Wijchen verwachten we een vermindering van het aantal maatwerkvoorzieningen. Dit is een doorontwikkeling van de huidige uitvoering. We onderzoeken op welke wijze we bij aanvragen Wmo ook rekening kunnen houden met de financiële draagkracht. Totaal maken 3200 inwoners van Wijchen gebruik van jeugd of Wmo voorzieningen. Dit berekenen we in punt 3.1.
Categorie 3 3.1. Verplicht eerst inzetten van Er maken in Wijchen 3200 inwoners gebruik van vrij toegankelijk aanbod Jeugd- of Wmo voorzieningen. Door het verplicht eerst inzetten van vrij toegankelijk aanbod willen wij een afname van 5% realiseren in de 2e helft van 2021. Deze reductie van het aantal gebruikers heeft alleen betrekking op de reguliere bouwstenen. Dit is verzorging, dagbesteding, reguliere begeleiding, reguliere begeleiding in een groep en vaktherapie. Verwachte bezuiniging in 2021 is €45.000 en in 2022 €90.000.
Pagina 2 van 3
3.2. Ontwikkelen hybride gezinshuis
3.3. Inrichten van een steunpunt voor lichte ondersteuningsvragen
Over het hybride gezinshuis zijn we in gesprek met zorgaanbieders. Dit zit nog in een ontwikkelfase waardoor een financiële vertaling pas in 2022 gemaakt kan worden. Het besluit om een hybride gezinshuis daadwerkelijk in te gaan zetten wordt pas genomen als de financiële vertaling beschikbaar is. Doelstelling is om het steunpunt te starten in het najaar 2021. We verwachten hiervan een vermindering van het aantal individuele indicaties voor reguliere begeleiding (voor inwoners die behoefte hebben aan maximaal 1 uur per week). Het geldt zowel voor Wmo ondersteuning als jeugdhulp. We hebben een ambitie dat minimaal 60% van de indicaties van 1 uur per week gaat lopen via het steunpunt. We zijn hierbij wel afhankelijk van het aantal nieuwe aanvragen en herindicaties. Daarnaast zijn er kosten verbonden aan het steunpunt. Dit maakt dat we de financiële vertaling pas in 2022 kunnen maken.
Pagina 3 van 3