bijlage 1 - Rapport inventarisatie voormalige stortplaatsen Wijchen (okt. 2025)
Tekst van het document
Risico-inventarisatie voormalige stortplaatsen Gemeente Wijchen
Omgevingsdienst Regio Nijmegen Oktober 2025
Inhoud 1. Inleiding .......................................................................................................................................... 1 1.1 Aanleiding en doelstelling .................................................................................................. 1 1.2 Achtergrondinformatie voormalige stortplaatsen ..................................................... 1 1.3 De “Warme overdracht” voor de gemeente Wijchen .............................................. 2 1.4 Leeswijzer ................................................................................................................................ 4
2. Methodiek ....................................................................................................................................... 5 2.1 Methode .................................................................................................................................... 5 2.2a Onderzoeksvragen: Aanwezige informatie over voormalige stortplaatsen . 6 2.2b Onderzoeksvragen: Stortplaatsen met kans op onaanvaardbare risico’s .... 7
3. Bevindingen onderzoek ........................................................................................................... 10 3.1 Aanwezige informatie over voormalige stortplaatsen .......................................... 10 3.2 Stortplaatsen met een verhoogde kans op onaanvaardbare risico’s.............. 10 3.3 Conclusies en aanbevelingen ......................................................................................... 12
Bijlage 1: Voormalige stortplaatsen ................................................................................Bijlagen
i
1. Inleiding 1.1 Aanleiding en doelstelling Met het in werking treden van de Omgevingswet per 1 januari 2024, is het bevoegd gezag voor bodemtaken verschoven van de provincie naar de gemeenten. Voormalige stortplaatsen vallen daardoor voortaan onder de bevoegdheid van de gemeente. Voor de gemeente Wijchen is er sprake van 13 geregistreerde voormalige stortplaatsen binnen de gemeente grenzen. Hiervan zijn er 5 (deels) in eigendom van de gemeente. De gemeente Wijchen heeft de Omgevingsdienst Regio Nijmegen opdracht gegeven voor het uitvoeren van een inventarisatie van de milieu hygiënische risico’s van deze voormalige stortplaatsen. De doelstelling van deze inventarisatie is om ten behoeve van de overdracht, voor de gemeente Wijchen te controleren of er (bodem)informatie mist en/of welke bodemrisico’s er zijn bij de voormalige stortplaatsen. Hierbij wordt opgemerkt dat er nóg een voormalige stortplaats is dat niet is meegenomen in het NAVOS traject of onderhavige rapportage. Het gaat om de Verlengde Broekstraat / Boskant III (AA029601310 en AA029600119). Vermoedelijk was tijdens het NAVOS traject geen toestemming gegeven om op de locatie onderzoek uit te voeren.
1.2 Achtergrondinformatie voormalige stortplaatsen Een voormalige stortplaats is een terrein waar, al dan niet onder toezicht van de overheid, in het verleden afval is gestort. De periode van storten kan variëren van zeer kort tot decennialang. Het stortoppervlak kan variëren van enkele vierkante meters tot meerdere hectaren. Het gestorte materiaal moet steekvast, bodemvreemd zijn en meer dan 50% van het volume uitmaken. Het totale volume van het stortmateriaal moet minimaal 25 m3 bedragen. Baggerspeciedepots, slootdempingen en erfverhardingen met opgebracht puin zijn expliciet uitgesloten. ‘Voormalige' betekent dat men voor 1 september 1996 is opgehouden met storten. In Gelderland liggen ruim 790 voormalige stortplaatsen die samen 920 hectare ruimte in beslag nemen, waarvan 13 stortplaatsen in Wijchen liggen. De voormalige stortplaatsen liggen verspreid binnen de provincie, maar vele liggen rond de Veluwe en in de uiterwaarden. Dit komt omdat hier van oudsher ontgrondingen voor zand of kleiwinning plaatsvonden. De ontstane gaten werden na afloop vaak gebruikt om afval te storten. Het gestorte afval kan bestaan uit bouwafval, huishoudelijk afval, bedrijfsafval of een combinatie van deze soorten. Lagen met afval werden vaak afgewisseld met lagen met zand of klei. De meeste voormalige stortplaatsen zijn uiteindelijk afgedekt met een laag grond.
Omdat de inhoud van een stort vaak onduidelijk is, zijn de aard en concentratie van de verontreinigingen bij stortplaatsen lastiger in te schatten dan bij meer reguliere bodemverontreinigingen. Hiernaast kunnen er problemen optreden zoals percolatie van stoffen naar het grondwater of erosie van de deklaag. In afbeelding 1 zijn de problemen die kunnen optreden bij stortplaatsen visueel weergegeven.
1
Afbeelding 1: Problemen van stortplaatsen (bron: Bodembeheer van de Toekomst, webinar BOUWSTEEN stortplaatsen, d.d. 30-11-2021)
1.3 De “Warme overdracht” voor de gemeente Wijchen De voormalige stortplaatsen vallen met de Omgevingswet onder de bevoegdheid van de gemeente. Hierop zijn er twee uitzonderingen: als de stortplaats in het beheergebied van Rijkwaterstaat valt (buitendijks gebied) of als de locatie onder het overgangsrecht valt. Overgangsrecht is bijvoorbeeld het geval als er een bodemsanering loopt of als onaanvaardbare risico’s aanwezig zijn (spoedeisende bodemverontreiniging). In dat geval blijft de provincie bevoegd gezag. Voor de gemeente Wijchen is er geen enkele stortplaats dat in het buitendijks gebied ligt of onder het overgangsrecht valt. Alle stortplaatsen zijn dus overgedragen van provincie naar de gemeenten, waarbij de betrokken overheden hebben ingezet op een Warme overdracht. De bescherming van de grondwaterkwaliteit blijft een gedeelde verantwoordelijkheid van het rijk, provincie, waterschappen en gemeenten. De vraag is wat de overdracht van de voormalige stortplaatsen voor de gemeente Wijchen in de rol van bevoegd gezag kan betekenen. De gemeente heeft in haar rol van bevoegd gezag een toetsende, toezichthoudende en handhavende taak ter voorkoming van onaanvaardbare risico ’s voor het milieu door bodemverontreiniging. De Omgevingswet biedt hierin diverse handvaten, welke navolgend beknopt zijn beschreven.
Zorgplicht Onder de Omgevingswet is er meer nadruk komen te liggen op de zorgplicht. Er wordt verwacht dat een terreineigenaar van een voormalige stortplaats bij nieuw ontdekte (bodem)risico‘s zelf de nodige maatregelen neemt om aansprakelijkheid te voorkomen op basis van de zorgplichten in de Omgevingswet. Toevalsvondst De Omgevingswet kent een vangnet voor zogenaamde toevalsvondsten (Afdeling 19.2 Omgevingswet). Onder een toevalsvondst van verontreiniging op of in de bodem wordt verstaan: een onverwachte vondst van verontreiniging op of in de bodem met onaanvaardbare risico’s voor de gezondheid als gevolg van blootstelling aan die
2
verontreiniging. Deze kan bijvoorbeeld ontdekt worden tijdens graafwerkzaamheden of tijdens het voorafgaand bodemonderzoek. Soms blijkt een verontreiniging anders te zijn dan eerder gedacht. Of door voortschrijdend inzicht kan een stof schadelijker blijken te zijn dan eerst gedacht. De eigenaar moet dan snel handelen om verdere blootstelling zo veel mogelijk te voorkomen. Als er sprake is van een toevalsvondst kan het bevoegd gezag een eigenaar op grond van de Omgevingswet verplichten onmiddellijk tijdelijke beschermingsmaatregelen te treffen indien deze nodig zijn, om daarmee onaanvaardbare risico's te voorkomen of beperken. Deze mogelijkheid bestaat alleen als deze maatregelen redelijkerwijs van de eigenaar kunnen worden verlangd. Wanneer de eigenaar niet onmiddellijk handelt of daartoe niet tijdig in staat is, heeft de overheid de taak (als vangnet) de samenleving te beschermen tegen blootstelling aan die onaanvaardbare risico’s voor de gezondheid. Als de eigenaar of erfpachter nalaat risicobeperkende maatregelen te nemen, wordt van de overheid verwacht dat zij optreedt en de maatregelen treft welke noodzakelijk zijn. Bij inwerkingtreding van de Omgevingswet is de gemeente het bevoegd gezag voor de aanpak van de verontreiniging. In dat geval zal de gemeente in contact moeten treden met het Rijk voor eventuele financiële middelen zoals SPUK gelden.
Mocht blijken dat een verontreiniging op een stortplaats in de toekomst toch ernstiger (met onaanvaardbare risico’s in de actuele situatie) blijkt dan op basis van de beschikbare informatie nu verwacht wordt, valt de locatie bij de SPUK-regeling niet in de categorie ‘toevalsvondst’, omdat de locatie al bekend is. Bij de SPUK-regeling valt de locatie dan onder de categorie “buitenproportionele opgave”. Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Graafwerkzaamheden waar geen sprake is van overgangsrecht, vallen onder algemene regels in het Bal. Als bevoegd gezag moet de gemeente meldingen en informatieplichten die volgen uit het Bal beoordelen. Daarnaast kan de gemeente de regels in de bruidsschat die gaan over activiteiten op een locatie met historische bodemverontreiniging (artikel 22.132) ook van toepassing verklaren op de locatie van de voormalige stortplaats. Deze bruidsschatregel is nu alleen van toepassing op locaties waarvoor op grond van de Wet bodembescherming een beschikking ernst, geen spoed is genomen. Omgevingsplan De gemeente kan in haar omgevingsplan aan een bepaalde locatie de functie ‘voormalige stortplaats’ toedelen en aan die functie maatwerkvoorschriften koppelen op basis waarvan toezicht en handhaving mogelijk zijn.
Hierin zijn meerdere mogelijkheden mede afhankelijk van de activiteiten/ontwikkelingen die op of in de omgeving van een voormalige stortplaats worden verwacht. Deze maatregelen kunnen betrekking hebben op zowel de grond als het grondwater. In de concept planregels voor de regio MARN (Milieusamenwerking en Afvalverwerking Regio Nijmegen) zijn voormalige stortplaatsen aangewezen als ‘‘locaties boven de interventiewaarde bodemkwaliteit‘. Hierbij geldt een informatieplicht voor het kleinschalig graven bij een omvang van minder dan 25 m3 (bron: notitie Concept planregels bodem en toelichtingen regio MARN, SOB026814.NOT002, d.d. 15 juli 2024). Omgevingsverordening In principe is bij grondwaterverontreinigingen de provincie als eerste aan zet. De provincie Gelderland heeft voor grondwaterverontreinigingen voorschriften opgenomen in de provinciale Omgevingsverordening en het Regionaal Waterprogramma. Hieruit komt naar voren dat alleen grondwaterverontreinigingen worden aangepakt als er sprake is van a) negatieve gezondheidseffecten (humane risico’s, dus ook bij toevalsvondst) en/of b) onaanvaardbare risico’s bij kwetsbare objecten zoals drinkwater-, intrekkings-, en grondwaterbeschermingsgebieden. Globaal valt het gebied ten westen van Bergharen en Hernen in een intrekgebied. Zie voor de regels voor o.a.
intrekkingsgebieden Afdeling 4.3 Grondwaterbedreigende activiteiten van de provinciale Omgevingsverordening.
3
Bij grondwaterverontreinigingen waar dit niet van toepassing is, hoeft in principe geen sanering uitgevoerd te worden. De gemeente kan wel in een omgevingsvisie extra ambitieuze doelen voor het plaatselijke grondwater vastleggen. De gemeente is niet verplicht om een programma voor grondwater vast te stellen, maar mag dit wel doen. De gemeente kan hiermee invulling geven aan gebiedsgericht grondwaterbeheer. Dit kan als de gemeente vanuit haar taken en ambities aanleiding ziet om verontreinigingen in het grondwater te beheren of te saneren. Dit doet zich bijvoorbeeld voor als de toebedeelde functies aan een gebied een bepaalde grondwaterkwaliteit verlangen. Of als aanwezige verontreinigingen belemmerend werken op het vestigingsklimaat. Bij het vormgeven van gebiedsgericht grondwaterbeheer is het belangrijk dat de gemeente de provincie betrekt. Bronnen: • Notitie ‘Risico’s en risicolocaties bij overdracht bevoegd gezag taak voor de voormalige stortplaatsen’ van het Gelders Ondergrond Overleg (GOO), d.d. 7 juni 2022; • Notitie ‘Voormalige stortplaatsen in provincie Gelderland’ (Concept versie), d.d. oktober 2024.
1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 is inzichtelijk gemaakt hoe de inventarisatie van de voormalige stortplaatsen is uitgevoerd en welke informatiebronnen zijn gebruikt. In hoofdstuk 3 zijn de resultaten van de inventarisatie samengevat. Hiernaast zijn in dit hoofdstuk de conclusies en aanbevelingen opgenomen. In de bijlage zijn de resultaten per stortplaats beschreven en is ‘de checklist’ van de stortplaatsen opgenomen.
4
2. Methodiek De doelstelling van deze inventarisatie is om ten behoeve van de overdracht, voor de gemeente Wijchen te controleren of er (bodem)informatie mist en/of welke bodemrisico’s er zijn bij de voormalige stortplaatsen. In de gemeente Wijchen zijn 13 voormalige stortplaatsen geregistreerd. Alle voormalige stortplaatsen binnen de gemeente Wijchen zijn met deze inventarisatie beoordeeld. Navolgend is beschreven hoe dit tot stand is gekomen. 2.1 Methode In samenwerking met het Gelders Ondergrond Overleg (GOO), de provincie Gelderland, enkele leden van het GOO en de Gelderse omgevingsdiensten is een projectgroep opgestart. Het doel van deze projectgroep is de “risico-locaties van voormalige stortplaatsen” inzichtelijk en bespreekbaar te maken en de te bespreken locaties identiek en gelijkwaardig te beoordelen. De bodemadviseurs van gemeenten en Omgevingsdiensten binnen deze projectgroep hebben nauw samengewerkt bij het opstellen van een checklist (excel). Op deze checklist staan de factoren die een voormalige stortplaats tot een risicolocatie kunnen maken vanuit het perspectief bevoegd gezag onder de Omgevingswet. Met het doorlopen van de checklist worden risicolocaties voor de gemeenten inzichtelijk gemaakt.
De voormalige stortplaatsen zijn hiervoor globaal ingedeeld in twee categorieën, die een verhoogd risico opleveren voor een gemeente in haar taakuitvoering van bevoegd gezag: 1. Stortplaatsen waarvan de informatie niet correct en/of niet toegankelijk is; 2. Stortplaatsen met een verhoogde kans op het ontstaan van onaanvaardbare risico’s voor de volksgezondheid en het grondwater. Hierbij merken wij op dat stortplaatsen die tot categorie 1 behoren, ook in categorie 2 kunnen vallen. Er is echter onvoldoende informatie om dit te kunnen beoordelen. Per categorie zijn in overleg met de projectgroep van GOO en de gemeente vragen opgesteld (“de checklist”) om de aanwezige risico’s van de voormalige stortplaatsen te kunnen inschatten. Alle geregistreerde voormalige stortplaatsen binnen de gemeente zijn binnen deze inventarisatie beoordeeld middels deze checklist. De checklist is zo goed mogelijk ingevuld middels een archiefonderzoek. Navolgend zijn de vragen van de checklist opgenomen en is aangegeven welke data hiervoor is verzameld. In paragraaf 2.3 zijn tevens aandachtspunten opgenomen met betrekking tot de verzamelde informatie. Uiteindelijk zijn in hoofdstuk 3 de bevindingen geïnterpreteerd en is per stortplaats een conclusie met advies gegeven.
5
2.2a Onderzoeksvragen: Aanwezige informatie over voormalige stortplaatsen Een risico bij voormalige stortplaatsen kan optreden als bij de overdracht essentiële informatie over de stortplaats ontbreekt waardoor niet duidelijk is of sprake is van een onaanvaardbaar bodemrisico. Bijvoorbeeld: • De contour van de stortplaats is niet duidelijk; • de afdeklaag is verontreinigd of de kwaliteit van de afdeklaag is niet bekend; • de afdeklaag is onvoldoende dik of de dikte in onbekend; • Er is onduidelijkheid over de aard van het stortmateriaal en hiermee samenhangende verontreinigingen; • het grondwater is verontreinigd of de kwaliteit is niet bekend. Bij dit laatste (de kwaliteit van het grondwater) is de provincie het bevoegd gezag. Om te controleren of de provincie Gelderland de gemeente Wijchen in voldoende mate heeft geïnformeerd over de voormalige stortplaatsen, zijn de volgende vragen gesteld: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14.
Wie is de eigenaar en zijn er publieksrechtelijke beperkingen van toepassing op het perceel? Staat de stortplaats op de Excelsheet van het onderzoek van TAUW? (projectnummer 1263952, d.d. 8 april 2019) Is de stortplaats opgenomen op de provinciale kaart? Zijn de gegevens op de kaart correct? Zo niet, wat mankeert dan aan deze informatie? Staat de stortplaats in het bodeminformatiesysteem Nazca? Is voor de stortplaats een conclusiebrief of besluit ernst en urgent genomen? Indien vraag 6 positief is beantwoord, is er dan een contour van de stortplaats ingetekend (bodem, grondwater)? Staan alle relevante informatie van het TAUW-rapport in het bodeminformatiesysteem Nazca? Wanneer vraag 9 negatief is beantwoord wat mankeert er dan aan deze informatie (behoudens dan het niet intekenen van de contouren van het grondwater)? Is er na het onderzoekstraject VOS-NAVOS-DOVOS-MOVOS nog nieuw onderzoek gedaan? Staat deze nieuwe informatie in de excel-tabellen van het rapport van Tauw? Is deze nieuwe informatie verwerkt op de provinciale kaart van voormalige stortplaatsen en baggerspeciedepots? Is deze nieuwe informatie verwerkt in het bodeminformatiesysteem Nazca?
De volgende informatiebronnen zijn gebruikt om deze vragen te beantwoorden: • I-GO (waaronder kadastrale gegevens): I-GO – Informatievoorziening Gezamenlijke Omgevingsdiensten; • Provincie Gelderland: Overzichtskaart (voormalige) stortplaatsen en baggerdepots in Gelderland, 14 januari 2023; • Tauw: Rapport warme overdracht stortplaatsen provincie Gelderland, projectnummer 1263952, d.d. 8 april 2019. Hieraan gekoppeld zijn drie databases (NAVOS: bestaande uit VOS, MOVOS en DOVOS) met informatie over de onderzoeksgegevens, kwaliteit deklaag en kwaliteit grondwater; • Provincie Gelderland: Datagegevens en gekoppelde documenten in bodeminformatiesysteem Nazca.
6
2.2b Onderzoeksvragen: Stortplaatsen met een verhoogde kans op onaanvaardbare risico’s Er is sprake van onaanvaardbare risico’s indien bepaalde normen worden overschreden (zoals opgenomen in het besluit kwaliteit leefomgeving), die gericht zijn op (humane) blootstelling aan stoffen in de bodem. De risico’s hangen samen met een verandering van de functie van de stortplaats (van minder gevoelige functie naar gevoelige functie), de afdeklaag (milieukwaliteit en dikte) en het risico op uitspoeling van verontreinigingen naar het grondwater (en mogelijk oppervlaktewater). Functieverandering stortplaats Stortplaatsen kunnen een gevoeliger functie krijgen of hebben gekregen dan tijdens het onderzoekstraject NAVOS. Naarmate de functie van een stortplaats gevoeliger wordt, kan het zijn dat de risicobeoordeling opnieuw gedaan moet worden of dat er aanvullende maatregelen nodig zijn. Om na te kunnen gaan of de voormalige stortplaatsen een gevoeliger functie hebben gekregen (of nog zullen krijgen) zijn de volgende vragen gesteld: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Wat is de huidige bestemming van de stortplaats? Was dat ook de bestemming tijdens het VOS-traject? Is de huidige bestemming meer gevoelig dan tijdens het VOS-traject? Ligt de stort direct aangrenzend aan een gevoelige bestemming? Welke gevoelige bestemming betreft dit? Worden binnen 5 jaren ontwikkelingen verwacht voor de stort of omgeving van de stort?
De volgende informatiebronnen zijn gebruikt om deze vragen te beantwoorden: • Atlas leefomgeving: Bestemmingsplannen (2023); • Google maps: luchtfoto’s en streetview; • Gemeente Wijchen (communicatie met de heer K. Gommer). Deklaag stortplaats Een slechte deklaag kan ontstaan door aantasting van de deklaag en/of een te dunne deklaag. Een andere oorzaak van een slechte deklaag is de aanwezigheid van sterke verontreinigingen in de deklaag. Hierdoor kunnen contactrisico’s met verontreinigde grond of stortmateriaal ontstaan. Dit kan leiden tot humane risico’s. Eventuele risico’s met betrekking tot de fysieke en chemische kwaliteit van de deklaag van de stortplaats zijn beoordeeld aan de hand van de volgende vragen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Bevat deklaag sterke verontreinigingen? Is de stortplaats openbaar toegankelijk? Wat is de aard van het gestorte afval? Bevat de deklaag een (sterke) loodverontreiniging? Hoeveel procent van de deklaag is minder dan 0,5 m dik? Is op het maaiveld van de stortplaats stortmateriaal zichtbaar? Is de stort in hoofdzaak begroeid of afgedekt?
De volgende informatiebronnen zijn gebruikt om deze vragen te beantwoorden: • Tauw: Rapport warme overdracht stortplaatsen provincie Gelderland, projectnummer 1263952, d.d. 8 april 2019. Hieraan gekoppeld zijn drie databases (NAVOS: bestaande uit VOS, MOVOS en DOVOS) met informatie over de onderzoeksgegevens, kwaliteit deklaag en kwaliteit grondwater; • Provincie Gelderland: Datagegevens en gekoppelde documenten in bodeminformatiesysteem Nazca.
7
Uitspoeling naar grond- en oppervlaktewater Door de aanwezigheid van verontreinigende stoffen in het stortmateriaal kan door uitloging het grondwater onder het stortmateriaal verontreinigd raken. Door verspreiding van dit verontreinigde grondwater ontstaan risico s voor nabijgelegen kwetsbare objecten zoals openbare drinkwaterwinningen en particuliere onttrekkingen en woonomgevingen. Door het oppompen van dit water voor drenking vee of sproeien kunnen ook risico’s ontstaan. Risico’s met betrekking tot oppervlaktewater en grondwater worden beoordeeld aan de hand van
de volgende vragen: 1. 2. 3. 4. 5.
Zijn in de directe nabijheid sloten, ander oppervlaktewater en/of grondwateronttrekkingsbronnen aanwezig? Waarvoor wordt dit water gebruikt? Ligt de stortplaats buitendijks op een drooggevallen oevergebied? Is het grondwater sterk verontreinigd? Is het grondwater van de stort een bedreiging voor de kwaliteit van de door de provincie geselecteerde kwetsbare objecten (Kaderrichtlijn Water)?
De volgende informatiebronnen zijn gebruikt om deze vragen te beantwoorden: • Tauw: Rapport warme overdracht stortplaatsen provincie Gelderland, projectnummer 1263952, d.d. 8 april 2019. Hieraan gekoppeld zijn drie databases (NAVOS: bestaande uit VOS, MOVOS en DOVOS) met informatie over de onderzoeksgegevens, kwaliteit deklaag en kwaliteit grondwater; • Provincie Gelderland: Datagegevens en gekoppelde documenten in Nazca; • Provincie Gelderland: Drinkwater, beschermingsgebieden; • Waterschap Rivierenland: vastgestelde legger wateren (2024); • Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: Geometrische begrenzing van oppervlaktewaterlichamen beheer van de waterkwaliteit.
8
2.3 Aandachtspunten voorgaand onderzoek naar voormalige stortplaatsen Structureel landelijk onderzoek naar stortplaatsen is tijdens de Wet bodembescherming gestart met NAVOS. In eerste instantie is eind jaren ’90 een verkennend onderzoek (VOS) uitgevoerd dat bestond uit een archiefonderzoek en een veldbezoek. Met deze gegevens werd bepaald of er een mogelijk gevaar voor de directe omgeving van de stortplaats aanwezig was en of een bodemonderzoek nodig was. In fases is vervolgens gekeken naar de kwaliteit van het grondwater (MOVOS) en de kwaliteit en dikte van de (af)deklaag die boven op de stortplaatsen was aangebracht (DOVOS). Het project NAVOS is afgerond in 2004. Voor deze onderzoeken zijn er enkele belangrijke aandachtspunten: • •
•
•
•
•
De eigenaren, functie, gebruik en bodemkwaliteit van de locatie kan veranderd zijn; De deklaag van een stortplaats maakt geen onderdeel uit van een eerdere Wbbprocedure, waardoor deze niet hetzelfde werd gehandhaafd als bijvoorbeeld een leeflaag van een sanering. De provincie heeft dan ook geen actief toezicht of controle uitgevoerd op de deklagen van voormalige stortplaatsen en had hier ook geen verantwoordelijkheden, deze liggen bij de eigenaar van de stortplaats. Naar aanleiding van het NAVOS onderzoek zijn middels gebruikersbrieven aanbevelingen gedaan hoe met een deklaag moet worden omgegaan. Het is niet uitgesloten dat in de afgelopen jaren door gebruik van de locatie de deklaag dunner is geworden of is beschadigd. De gemeente kan zelf bepalen of zij hier aanvullende regels voor willen stellen via het Omgevingsplan en of zij actief toezicht nodig acht op de voormalige stortlocaties. PFAS wordt sinds 2019 frequent meegenomen in bodemonderzoeken, voor asbest is dat 2007. De deklaag (en het stortmateriaal) is dus niet onderzocht op PFAS of asbest; Bij het grondwateronderzoek zijn bij sommige locaties minder meetrondes uitgevoerd door problemen bij de uitvoering.
Hiernaast zijn de peilbuizen gezet op of direct naast de stortplaatsen, waardoor eventuele grondwaterverontreinigingen groter kunnen zijn en er geen beeld is over mogelijke verspreidingsrisico’s; Bij de stortplaatsen in de provincie Gelderland geen enkele stortplaats beoordeeld als ‘mogelijk spoedeisend’. De term ‘waarschijnlijk niet-spoedeisend’ betekent hierbij niet dat er sprake is van een ‘stabiele situatie’ waarbij geen enkele verspreiding van verontreinigende stoffen in het grondwater meer plaats vindt. Onder de Wet bodembescherming is een grondwaterverontreiniging spoedeisend als sprake is van een verontreinigd volume van meer dan 6000 m3 of de verspreiding groter is dan 1000 m3 per jaar. Doordat de NAVOS-onderzoeken een verkennend karakter hadden was daarover geen conclusie te trekken (zie ook voorgaande aandachtspunt). Onder de Omgevingswet ligt de focus op humane risico’s en risico’s bij kwetsbare gebieden (zie paragraaf 1.3 van dit rapport); Er moet rekening mee gehouden worden dat deze informatie vaak op oude onderzoeken is gebaseerd. Bij nieuwe bouw- en graafactiviteiten in grond en bij grondwateronttrekkingen zal het meestal nodig zijn bodemonderzoek te doen.
Het bodeminformatiesysteem (Nazca) bevat informatie over locaties waar in het verleden onderzoek of een sanering van bodem is uitgevoerd. De VOS-onderzoeken zijn opgenomen in het bodeminformatiesysteem. Van de MOVOS en DOVOS onderzoeken zijn alleen Exceldatabases beschikbaar, afkomstig van een project van TAUW dat in 2019 de gegevens over de voormalige stortlocaties in Gelderland op een rij heeft gezet (rapport ‘warme overdracht stortplaatsen provincie Gelderland’, TAUW 24 jan. 2019). Naast genoemde onderzoeken van het NAVOS-traject zijn, door eigenaren of gemeenten, op verschillende locaties ook meer recente bodemonderzoeken uitgevoerd met het oog op herontwikkeling of functieverandering. Zover bekend staan deze ook in het bodeminformatiesysteem.
9
3. Bevindingen onderzoek Op basis van de vragen zoals opgesteld in hoofdstuk 3, is per stortplaats geïnventariseerd wat de milieu hygiënische risico’s zijn. Voor de resultaten per stortplaats wordt naar bijlage 1 verwezen. De inventarisatie heeft het volgende beeld opgeleverd.
3.1 Aanwezige informatie over voormalige stortplaatsen •
• •
•
•
•
•
• •
Voor de gemeente Wijchen is er sprake van dertien geregistreerde voormalige stortplaatsen binnen de gemeentegrenzen. Hiervan zijn vijf stortplaatsen (deels) in eigendom van de gemeente. Alle geregistreerde voormalige stortplaatsen in Wijchen die in het VOS-traject zijn betrokken, staan in de excelsheet van het TAUW-inventarisatierapport. Hierbij wordt opgemerkt dat er nóg een voormalige stortplaats is dat niet is meegenomen in het NAVOS traject of onderhavige rapportage. Het gaat om de Verlengde Broekstraat / Boskant III (AA029601310 en AA029600119). Vermoedelijk was tijdens het NAVOS traject geen toestemming gegeven om op de locatie onderzoek uit te voeren. Alle geïnventariseerde voormalige stortplaatsen in Wijchen zijn niet meer opgenomen op de kaart van voormalige stortplaatsen van de provincie Gelderland. Op de provinciale kaart staan alleen nog (bestaande) stortplaatsen (en baggerdepots) waar sprake is van nazorg. Zover bekend is bij één stortplaats (Heumenseweg 180, “Wijchense Berg”) het besluit ernstig geen spoed genomen (d.d. 3 april 2006, kenmerk 2006-002186) waarbij het besluit zelf NIET is opgenomen in het bodeminformatiesysteem Nazca. Bij de andere voormalige stortplaatsen zijn geen besluiten genomen. Bij de voormalige stortplaatsen in Wijchen zijn de contouren van een eventuele grondwaterverontreiniging niet ingetekend.
Dit komt omdat tijdens het NAVOS-traject de peilbuizen op of direct naast de stortplaats zijn geplaatst. Hierdoor is de omvang van eventuele grondwaterverontreinigingen niet volledig in beeld gebracht. De voormalige stortplaatsen in Wijchen zijn in het bodeminformatiesysteem Nazca ingevoerd. Hierin zijn de VOS-rapportages te vinden evenals de conclusies van de DOVOS en MOVOS-onderzoeken. De digitale bestanden van MOVOS en DOVOS zijn niet opgenomen in Nazca. Bij geen van de voormalige stortplaatsen zijn de conclusiebrieven aanwezig. Bij vrijwel geen enkele locatie is door de provincie informatie van na het NAVOS-traject uit 2004 ingevoerd. Soms is er wel nieuwe informatie door de gemeente ingevoerd. De gebruikte gegevens in deze inventarisatie zijn dus oud. De situatie zoals beschreven in het NAVOS-traject is niet meer actueel (zie tevens paragraaf 2.3 voor tekortkomingen die hieruit voortvloeien).
3.2 Stortplaatsen met een verhoogde kans op onaanvaardbare risico’s Functieverandering stortplaats • De stortplaats aan de Heumenseweg 180 (in de volksmond ‘Wijchense Berg’ genoemd) wordt tegenwoordig door mountainbikers en wandelaars gebruikt. Met name door deze locatie te gebruiken als mountainbiketerrein is de kans op beschadiging van de afdeklaag aannemelijk. Dit geldt echter niet voor de skipiste op de berg. Deze is bij de bouw voorzien van een dikke leemlaag, twee lagen folie met daartussen een foamlaag, waarop de skibaan is aangelegd, zodat de gebruikers van de skipiste niet in contact kunnen komen met het onderliggend stortmateriaal. De huidige bestemming van de gehele Wijchense Berg is recreatie. • Bij geen van de andere voormalige stortplaatsen is de bestemming van het ruimtegebruik sinds het NAVOS-onderzoek veranderd in een meer gevoeliger functie.
10
•
Mogelijk zal er in de toekomst bij de Oosterweg 279 woningbouw plaats vinden. Gezien de omvang van de stortplaats niet goed in beeld is en er in het onderzoek van 2022 lokaal een sterk verhoogd gehalte aan koper is gemeten, zijn voor het toekomstig gebruik als wonen risico’s.
Deklaag stortplaats • Er moet rekening mee worden gehouden dat navolgende informatie vaak op oude onderzoeken is gebaseerd (zie 2.3). Bij 10 locaties voldoet de deklaag niet aan een dikte van 0,50 m. Bij twee locaties voldoet de leeflaag wel aan 0,5 m en bij 1 stortplaats is er sprake van een verharding (Oosterweg ong.). De meeste gemeenten hanteren een leeflaag met een dikte van 0,50 m met hierop openbaar groen als voldoende om niet in contact te komen met het stortmateriaal. Bij een bodemsanering wordt echter uitgegaan van een dikte van minimaal 1,0 m. Op de Heumensweg 180 is zelfs ter hoogte van het mountainbike-parcours hier en daar geen afdeklaag aanwezig. • Bij twee voormalige stortplaatsen, Hoogeerdstraat (koper, lood) en Sluisstraat ong. (PAK), is de afdeklaag sterk verontreinigd (> I). Bij het gemeentelijk gronddepot is de afdeklaag niet onderzocht, omdat deze is verhard (Oosterweg ong.); • Bij de meeste stortplaatsen zijn gedurende het NAVOS-traject puin en andere bodemvreemde bijmengingen in de deklaag aangetroffen. Puin wordt tegenwoordig als asbestverdacht gezien, maar er zijn zover bekend geen asbestonderzoeken uitgevoerd op de stortlocaties. Naast asbest, zijn de deklagen in het verleden ook niet onderzocht op PFAS. Daarnaast kunnen er andere verdachte stoffen zijn, afhankelijk van de herkomst van de grond, die in het verleden niet zijn onderzocht, zoals OCB.
Uitspoeling naar grond- en oppervlaktewater • De stortplaats bij de Maasdijk is de enige locatie waarvan het grondwater in het NAVOStraject van 2004 niet is onderzocht. Het grondwater zou licht verontreinigd op basis van een onderzoek (IGN, kenmerk MU96.1456, 30 juli 1996). Dit onderzoek staat niet in Nazca, maar is wel beschreven in het VOS onderzoek uit 2000. • Het grondwater nabij de andere voormalige stortplaatsen is wel onderzocht. Hierbij dient te worden opgemerkt dat er een standaard analysepakket is gehanteerd, niet afgestemd op het stortmateriaal. De omvang van de grondwaterverontreinigingen zijn niet in beeld gebracht. Ook kan er geen uitspraak worden gedaan ten aanzien van de verspreiding van deze verontreinigingen. • Uit het grondwateronderzoek ter hoogte van de stortplaatsen gelegen aan de Bredeweg en Elzendweg t.o. nr. 31 bleek dat de tussenwaarde van barium, nikkel en/of arseen werd overschreden. Dit zijn metalen die beschouwd kunnen worden als van nature verhoogd achtergrondwaarden, welke geen direct gevaar vormen. • Bij het gemeentelijk gronddepot bij de Oosterweg ong. werd in voormalig grondwateronderzoek voor koper de interventiewaarde overschreden. • Op de stortplaatsen Bredeweg en Heumenseweg bevat het bedrijfsafval vermoedelijk ook chemisch afval.
Bij de Heumenseweg wordt dit bevestigd gezien het feit dat daar vanaf 1988 in de eerste jaren van de grondwatermonitoring restanten van chemisch afval in het grondwater zijn gemeten. Deze chemische stoffen zijn rond 2003 niet meer in het grondwater aangetroffen, waarna het analysepakket versoberd kon worden. Het grondwater is hierna, naast arseen en barium, alleen nog geanalyseerd op de zogeheten gidsparameters CZV en Chloride. Deze parameters hebben een signalerende functie m.b.t. de aanwezigheid van chemische stoffen in het grondwater. Tot dusver zijn die verhogingen van deze gidsparameters niet waargenomen, wat inhoudt dat er de laatste 10 jaar geen chemische stoffen meer vanuit de voormalige stort zijn uitgespoeld naar het grondwater.
11
3.3 Conclusies en aanbevelingen •
•
•
•
•
•
•
•
•
De gebruikte informatie is vaak op oude onderzoeken gebaseerd. De locaties van geregistreerde voormalige stortplaatsen zijn bekend, maar over het algemeen is er geen actueel beeld van de deklaag en de verontreinigingssituatie. Bij nieuwe bouw- en graafactiviteiten in grond en bij grondwateronttrekkingen adviseren wij daarom een bodemonderzoek incl. asbest en PFAS uit te voeren; Wij adviseren om in het Omgevingsplan aan de bekende voormalige stortplaatsen, de functie ‘voormalige stortplaats’ toe te kennen en aan die functie maatwerkvoorschriften te koppelen op basis waarvan toezicht en handhaving mogelijk zijn. Denk hierbij aan gebruiksbeperkingen, zoals een verbod op graafwerkzaamheden, grondwateronttrekking en/of een vergunningsplicht bij activiteiten. Ook kunnen eventueel in samenspraak met de provincie extra ambities worden opgenomen met betrekking tot grondwaterverontreinigingen; Wij adviseren bij voormalige stortplaatsen die openbaar toegankelijk zijn en in openbaar groen liggen te verharden (met klinkers, beton of asfalt) of een afdeklaag aan te brengen met een minimale dikte van 0,50 m. Hierbij lichten wij de stortplaats aan de Heumenseweg 180 specifiek uit, omdat deze door mountainbikers en wandelaars wordt gebruikt.
In openbaar gebied en overige gemeentelijk terrein wordt geadviseerd het aanbrengen van deze leeflaag en/of verharding aan te brengen als hier activiteiten plaatsvinden waardoor de leeflaag beschadigd kan worden. Dit, om te voorkomen dat het stortmateriaal bloot komt te liggen en men er mee in aanraking kan komen; Voor de stortplaatsen met een afdeklaag van geringe dikte die niet openbaar toegankelijk zijn, adviseren wij een afdeklaag te realiseren van tenminste 50 cm op een natuurlijk moment in de toekomst. Dus bijvoorbeeld bij een gebruiks- of functiewijziging of wanneer er (graaf)werkzaamheden voor de herinrichting verricht gaan worden. Bij particuliere stortplaatsen of bij bedrijven wordt geadviseerd om dit als gemeente niet zelf te doen, maar de betreffende eigenaar hiertoe aan te zetten. Dit kan in eerste instantie door met de eigenaar van de stortplaats in gesprek te gaan over de situatie en zo nodig hiervoor regels op te nemen in het Omgevingsplan; Bij twee voormalige stortplaatsen is de afdeklaag sterk verontreinigd (Hoogeerdstraat – koper, lood, en de Sluisweg - PAK). Beide locaties liggen op particulier terrein.
Aanbevolen wordt de afdeklaag bij deze locaties opnieuw door de provincie te laten onderzoeken op de chemische samenstelling en aan de hand hiervan de locatie opnieuw te evalueren; Bij het gemeentelijk gronddepot (Oosterweg ong.) is de afdeklaag niet onderzocht omdat deze is verhard. Door de verharding zijn de contactrisico's gering. In onze ogen hoeft hier geen verder onderzoek te worden uitgevoerd, maar moet de locatie opnieuw beoordeeld worden bij een gebruiks- of functiewijziging; Wij adviseren om de grondwaterkwaliteit bij de stortplaats bij de Maasdijk te laten onderzoeken, aangezien dit in het verleden nog niet gedaan is. De gemeente kan de provincie vragen deze kosten voor haar rekening te nemen; Bij het gemeentelijk gronddepot bij de Oosterweg ong. werd gedurende het NAVOS-traject het grondwater voor koper de interventiewaarde overschreden. Onze verwachting is dat er geen (humane) risico’s zijn, gezien de geringe toxiciteit van deze parameter en gezien het feit dat daar geen kwetsbare objecten aanwezig zijn; Op de stortplaatsen Bredeweg en Heumenseweg 180 bevat het bedrijfsafval ook chemisch afval. Bij de Heumenseweg wordt de grondwaterkwaliteit gemonitord aan de hand van arseen, barium, CZV en Chloride. Zover bekend, is bij de Bredeweg de grondwaterkwaliteit niet meer onderzocht.
Daarom wordt geadviseerd dat de provincie bij de Bredeweg nieuw grondwateronderzoek laat uitvoeren met een breder analysepakket. De gemeente kan de provincie vragen deze kosten voor haar rekening te nemen.
12
Bijlage 1: Voormalige stortplaatsen
1. Oosterweg 279 2. Elzendweg t.o. nr. 31 3. Bredeweg ten noorden van nr. 18 4. Sluisstraat ong. I 5. Meerenburg ong. 6. Breekwagen 2 7. Heumenseweg 180 8. Wijksestraat ong. 9. Heumenseweg ten oosten van nr. 463 10. Maasdijk 11. Oosterweg ong. 12. Hoogeerdstraat ong. 13. Sluisstraat ong. II
Bijlagen
Locatie 1
Oosterweg 279
Code
AA029600176
Globis-code
GE029600012
Kadastraal
Gemeente Wijchen, sectie H, perceelsnummer 4691, kadastrale grootte 18.330 m2
Dossier
Ortageo, Verkennend bodem- en asbestonderzoek Oosterweg 279, projectnummer 216492, d.d. 18 februari 2022. Ten noorden van in Nazca ingetekende contour. EnviroPlan; Verkennend bodemonderzoek Oosterweg 279, project P002130, d.d. 7-12, 2000 De Straat Milieu-adviseurs: VOS Gelderland Oosterweg 279, rapportnr. VOSGE/455/013, d.d. 10 april 2000 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). Tweetal korte notities (d.d. 28-1-2008 en 14-11, 2008) van de provincie. Gegevens over de dikte van de afdeklaag en op milieukwaliteit van het grondwater ontbreken in het dossier. De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca. Wij merken hierbij op dat in Nazca de contour is ingetekend aan de hand van overschrijdingen van de achtergrondwaarde van de deklaag. Het stortlichaam is niet onderzocht destijds en kan dus groter zijn dan aangegeven in Nazca. Dit lijkt inderdaad het geval te zijn, op basis van de aangetroffen bodemvreemde materialen in het onderzoek van 2022 (met name puin en baksteen, maar ook beton en sporadisch plastic, glas en kolen in de laag van ca. 0 tot 2,0 m-mv).
Eigenaar
Particulier.
Functie
In het verleden is deze locatie gebruikt voor het storten van betonplaten afkomstig van renovatiewerkzaamheden aan de Graafseweg. Tevens is het terrein opgehoogd met grond. Vanaf 1988 bevindt zich op het deel van het terrein een hoveniersbedrijf. Het perceel is verder is in gebruik als grasland.
Verontreiniging
In het MOVOS werden zowel arseen als barium in het grondwater aangetroffen in gehalten boven de Interventiewaarde. Deze zijn van natuurlijke herkomst. Uit het DOVOS-onderzoek blijkt dat de deklaag op een klein deel van de stortplaats 0,5 m tot 1,0 m dik is (486 m2), waardoor niet voldaan wordt aan vereiste dikte van 1,0 m. Bij het onderzoek uit 2022 is lokaal een sterk verhoogd gehalte koper gemeten in de bovengrond.
Besluiten
Geen
Risico’s
De omvang van de stortplaats is onduidelijk en/of is mogelijk te klein ingetekend in Nazca. Bij het onderzoek uit 2022 is een sterk verhoogd gehalte gemeten aan koper in bovengrond. Mogelijk is er ook asbest in de ondergrond. Daarnaast zal in de toekomst mogelijk woningbouw plaats vinden (bodemgevoelige locatie).
Bijlagen
Figuur 1: Oosterweg 279
Bijlagen
Locatie 2
Elzendweg t.o. nr. 31
Code
AA029600014
Globis-code
GE029600014
Kadaster
Kadastraal gemeente Bergharen, sectie H perceelsnummers 147, 643 en 1367.
Dossier
De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca. De Straat Milieu-adviseurs: VOS Gelderland Elzendweg tegenover nr. 31 te Bergharen, rapportnr. VOSGE/455/007, d.d. 10 april 2000. Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS).
Eigenaar
Stichtin.
Functie
Op de luchtfoto is te zien dat deze locatie in gebruik is als bos.
Verontreiniging
Vermoedelijk stortplaats voor huisvuil, bedrijfsafval en bouw- en sloopafval. De deklaag van de stortplaats is voor minder dan 50% dunner dan 0,50 m (DOVOS, 2006). In het grondwater zijn matig verhoogde concentraties barium en nikkel aangetroffen op basis van de excel-databases van Tauw.
Besluiten
Geen.
Risico’s
De huidige dikte van de afdeklaag.
Bijlagen
Figuur 2: Elzendweg t.o. nr. 31
Bijlagen
Locatie 3
Bredeweg ten noorden van nr. 18
Code
AA029600176
Globis-code
GE029600015
Kadaster
Gemeente Bergharen, sectie G, perceelsnummer 44, kadastrale grootte 5.610 m2
Dossier
Op het moment van schrijven wordt op het zuidelijk deel van de locatie bodemonderzoek uitgevoerd in verband met voorgenomen woningbouw. De Straat Milieu-adviseurs: VOS Gelderland Bredeweg ten noorden van nr. 18 te Bergharen, rapportnr. VOSGE/455/015, d.d. 10 april 2000 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). Contouren zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
Particulier
Functie
Op de luchtfoto is te zien dat deze locatie in gebruik is als weiland.
Verontreiniging
Vermoedelijk stortplaats voor huisvuil, bedrijfsafval en bouw- en sloopafval De deklaag van de stortplaats is voor minder dan 10% dunner dan 0,50 m (DOVOS, 2006). In het grondwater zijn matig verhoogde gehalten aan barium en arseen aangetroffen.
Besluiten
Geen
Risico’s
De huidige dikte van de afdeklaag. Aan de zuidzijde zal mogelijk woningbouw plaats vinden (bodemgevoelige locatie).
Bijlagen
Figuur 3: Bredeweg ten noorden van nr. 18
Bijlagen
Locatie 4
Sluisstraat ong. I
Code
AA029601213
Globis-code
GE029600016
Kadaster
Gemeente Bergharen, sectie E, perceelsnummer 551, kadastrale grootte 3.890 m2
Dossier
De Straat Milieu-adviseurs: VOS Gelderland Sluisstraat te Hernen, rapportnr. VOSGE/455/016, d.d. 10 april 2000 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
Stichting
Functie
Op de luchtfoto is te zien dat deze locatie in gebruik is als bos.
Verontreiniging
Vermoedelijk stortplaats voor huisvuil, bedrijfsafval en bouw- en sloopafval. De deklaag van de stortplaats is voor minder dan 33% dunner dan 0,50 m (DOVOS, 2006). In het grondwater zijn matig verhoogde gehalten aan barium en arseen aangetroffen.
Besluiten
Geen
Risico’s
De huidige dikte van de afdeklaag.
Bijlagen
Figuur 4: Sluisstraat ongenummerd (I)
Bijlagen
Locatie 5
Meerenburg ong.
Code
AA029600017
Globis-code
GE029600017
Kadaster
Gemeente Bergharen, sectie D, perceelsnummer 341, kadastrale grootte 20.890 m2
Dossier
De Straat Milieu-adviseurs: VOS Gelderland Meerenburg ongenummerd te Hernen, rapportnr. VOSGE/455/011, d.d. 10 april 2000 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
Gemeente Wijchen
Functie
Op de luchtfoto is te zien dat deze locatie in gebruik is als wal in een bocht van de Meerenburg (weg).
Verontreiniging
Vermoedelijk stortplaats voor huisvuil, bedrijfsafval en bouw- en sloopafval De deklaag van de stortplaats is voor minder dan 20% dunner dan 0,50 m (DOVOS, 2006). In het grondwater zijn matig verhoogde concentraties nikkel aangetroffen op basis van de excel-databases van Tauw.
Besluiten
Geen
Risico’s
De huidige dikte van de afdeklaag.
Bijlagen
Figuur 5: Meerenburg ong.
Bijlagen
Locatie 6
Breekwagen 2
Code
AA029601213
Globis-code
GE029600018
Kadaster
Gemeente Bergharen, sectie G, perceelnummers 411, 412, 653, 654, 661 en 663
Dossier
De Straat Milieu-adviseurs: VOS Gelderland Breekwagen 2 te Bergharen, rapportnr. VOSGE/455/002, d.d. 10 april 2000 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
Bedrijf, particulieren
Functie
Op de luchtfoto is te zien dat direct naast de stortplaats twee woningen zijn gerealiseerd. De tuinen van deze woningen liggen binnen de contouren van de stortplaats.
Verontreiniging
Vermoedelijk stortplaats voor huisvuil, bedrijfsafval en bouw- en sloopafval De deklaag van de stortplaats is voor minder dan 10% dunner dan 0,50 m (DOVOS, 2006). In het grondwater is een matig verhoogd gehalte aan EOX aangetroffen.
Besluiten
Geen
Risico’s
De huidige dikte van de afdeklaag in combinatie met de huidige functie van de locatie.
Bijlagen
Figuur 6: Breekwagen 2
Bijlagen
Locatie 7
Heumenseweg 180
Code
AA029600021
Globis-code
GE029600021
Kadaster
Gemeente Wijchen, sectie D, perceelnummers 740, 1936, 2205, 2177, 2178 en 2179. Opgelet: In het bodeminformatiesysteem Nazca is de contour van de
stortplaats nog een stuk groter ingetekend. Dossier
Monitoringsrapportage, Witteveen & Bos, december 1997 Historisch onderzoek, De Straat Milieuadviseurs, november 1999 Oriënterend bodemonderzoek, StraMoNa, december 2004 Deelsaneringsplan kabeltracé Heumenseweg 180, Stantec, mei 2021 Evaluatieverslag kabeltracé Heumenseweg 180, Stantec, februari 2022 Daarnaast zijn de volgende onderzoeken uitgevoerd, maar zijn er geen documenten beschikbaar in Nazca: Oriënterend bodemonderzoek, Keuringsdienst van Waren, mei 1983 Oriënterend bodemonderzoek, Witteveen & Bos, januari 1984 Historisch onderzoek, Dienst Milieuhygiëne gemeente Apeldoorn, juli 1985 Oriënterend bodemonderzoek, Witteveen & bos, september 1985 Oriënterend bodemonderzoek, Witteveen & Bos, maart 1986 Oriënterend bodemonderzoek, Witteveen & Bos, juni 1988 Nader onderzoek, Wittenveen & Bos, juni 1988 Oriënterend bodemonderzoek, Witteveen & Bos, oktober 1990 Aanvullend rapport, Witteveen & Bos, december 1994 Oriënterend bodemonderzoek, Witteveen + Bos, april 1996 Oriënterend bodemonderzoek, Witteveen + Bos, juli 1997 Verkennend bodemonderzoek Heumenseweg 180, Enviroplan, dec.
2003 Monitoringsrapportage, Witteveen + Bos, december 1997 Monitoringsrapportage, Witteveen + Bos, juli 2001 Monitoringsrapportage, Witteveen + Bos, november 2001 Monitoringsrapportage, Witteveen + Bos, mei 2003 Monitoringsrapportage, Witteveen + Bos, september 2004 Monitoringsrapportage, Witteveen + Bos, juli 2005, december 2005 Saneringsevaluatie voormalige stortplaats Heumenseweg, april 2006 Deelsaneringsplan Heumenseweg 180, Stantec, juni 2020 Evaluatie deelsaneringsplan, Stantec, november 2020
Eigenaar
Gemeente (kern stortplaats). Zoals ingetekend in Nazca tevens particulieren, Staatsbosbeheer, Waterschap Rivierenland, een stichting, en een bedrijf.
Functie
Natuurgebied en skicentrum
Verontreiniging
Het betreft een voormalige stortplaats van de gemeente Wijchen waarin in het verleden huishoudelijk afval, bedrijfsafval en bouw- en sloopafval is gestort. In 1988 is in de westhoek van de stortplaats in het freatisch grondwater een sterke verontreiniging aangetroffen. Op grotere diepte is sprake van een vuiltong (8-15 m-mv). Er vindt nauwelijks horizontale verspreiding plaats. Tot 2005 heeft bij deze stortplaats ieder jaar monitoring van het grondwater plaatsgevonden. Hierbij werden regelmatig voor barium, arseen, kobalt,
Bijlagen
cadmium, nikkel, zink, benzeen, xylenen, fenolen, cis-1,2 dichlooretheen en 1,1,1,-trichloorethaan concentraties boven de tussenwaarden gemeten. Van de periode daarna zijn bij de provincie geen gegevens over het grondwater meer bekend. Op basis van het project “voormalige stortplaatsen in Gelderland” concludeert de provincie dat stortplaatsen een geval van ernstige bodemverontreiniging zijn waarbij sprake kan zijn van sterke verontreiniging van het grondwater. Uit de monitoringsresultaten van de afgelopen 10 jaren waarbij tweejaarlijks gemeten is, blijkt niet dat de interventiewaarden worden overschreden. Uit de gegevens van DOVOS uit 2006 blijkt dat 40% van de afdeklaag dunner is dan 0,50 m. Op 5% zou zelfs helemaal geen afdeklaag aanwezig en ligt het afval aan het oppervlak. Momenteel wordt er deklaagonderzoek uitgevoerd (Sweco, kenmerk 51027322-003, d.d. mei 2025). Hieruit wordt geschat dat minder dan 25% van de afdeklaag minder dik is dan 0,50 m en op ca. 1-2% van het terrein geen afdeklaag aanwezig is. De exacte gegevens hiervan zijn beschikbaar bij de gemeente Wijchen. Sanering
Op de stortplaats heeft op een klein gedeelte in deklaag een sanering plaatsgevonden. De sanering bestaat uit het weggraven van de sterk verontreinigde grond tot 1 m-mv. Vervolgens is een leeflaag aangebracht van 1,0 m dik geschikt voor de functie wonen.
Besluiten
In Nazca is een brief van de ODRA opgenomen (ODRA22MA0667, d.d. 22 maart 2022), waarin staat dat op 3 april 2006 een “besluit ernst en geen spoed” is genomen (kenmerk 2006-002186). In Nazca zijn verder geen gegevens hierover aanwezig.
Risico
De afdeklaag voldoet niet aan de minimale dikte van 0,50 m en incidenteel is deze helemaal niet aanwezig. De stortplaats wordt gebruikt als fietscrossbaan. Bij deze stortplaats zijn en dus directe contactrisico’s met het afvalmateriaal. Hiernaast is de milieukwaliteit van het grondwater een aandachtspunt.
Bijlagen
Figuur 7: Heumenseweg 180. Opgelet: In het bodeminformatiesysteem Nazca is de contour van de stortplaats groter ingetekend.
Bijlagen
Locatie 8
Wijksestraat ong.
Code
AA029600046
Globis-code
GE029600046
Kadaster
Gemeente Bergharen, sectie H, perceelnummer 689 en 1224
Dossier
De Straat Milieu-adviseurs: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen Gelderland, Wijksestraat ong. te Bergharen, VOSGE/455/016, d.d. 10-4, 2000 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
Gemeente Wijchen
Functie
In het VOS-rapport van deze stortplaats is beschreven dat tussen 1960 en 1970 huishoudelijk en bedrijfsafval (o.a. puin) is gestort. De locatie is nu in gebruik als groengebied. Naast de stortplaats staat een huisje voor telecommunicatie (niet bewoond).
Verontreiniging
De afdeklaag is licht verontreinigd met zware metalen en PAK. Het grondwater is licht verontreinigd. Het stortlichaam zelf is nooit onderzocht. De dikte van afdeklaag is overal ruim 0,50 m dik.
Besluiten
BUS-melding, d.d. 6-8, 2021. Deze had betrekking op activiteiten langs de rand van de stort. Er is geen beschikking genomen na afloop van de BUSmelding
Risico’s
Niet bij het huidig gebruik.
Bijlagen
Figuur 8: Wijksestraat
Bijlagen
Locatie 9
Heumenseweg ten oosten van nr. 463
Code
AA029600053
Globis-code
GE029600053
Kadaster
Gemeente Wijchen, sectie D, perceelnummer 519, 603, 1240, 1503 en 1812
Dossier
De Straat Milieu-adviseurs: Historisch Onderzoek, Heumenseweg ten oosten van nr. 463, GE/000/00027, d.d. 10-11-1999 StraMoNa: Orienterend bodemonderzoek, Heumenseweg II, 19.0.0/GE000027, 2-12-2004 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
Particulieren
Functie
Natuur en wonen met archeologische waarden. Op de stortplaats lijkt op basis van luchtfoto’s een beachvolleybalveld te zijn gerealiseerd.
Verontreiniging
Uit de analyseresultaten van de contactzone (deklaag) blijkt dat de deklaag ter plaatse licht verontreinigd is. Er is geen onderzoek uitgevoerd naar het stortlichaam, daarom kan wel sprake zijn van gehalten boven interventiewaarde. Op basis van de databases van Tauw (2019) is het grondwater matig verontreinigd met arseen. De deklaag van de stortplaats is voor minder dan 3% dunner dan 0,50 m (DOVOS, 2006).
Besluiten
Geen.
Risico’s
De huidige dikte van de afdeklaag in combinatie met de huidige functie van de locatie.
Bijlagen
Figuur 9: Heumenseweg ten oosten van nr. 463
Bijlagen
Locatie 10
Maasdijk 5
Code
AA029601943
Globis-code
GE029600059
Kadaster
Gemeente Batenburg, sectie E, perceelnummer 93, 305, 508 en 511
Dossier
Verkennend onderzoek NVN5740, documentnummer 12310, TAUW: Inventarisatie mogelijke probleemlokaties (Wbb) voor bedreiging kwetsbare objecten (KRW/RWP), R001-1271890TNY-V03-ril-NL, april 2021 (rapport niet aan dossier toegevoegd) De Straat Milieu-adviseurs: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen Gelderland, Maasdijk 5 te Batenburg, VOSGE/455/010, d.d. 10-4, 2000 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
Particulieren, Waterschap Rivierenland
Functie
De locatie is in het verleden gebruikt voor het storten van afval. De locatie wordt nu gebruikt als grasland. Aan de westzijde is in 2023 een vakantiehuisje o.i.d. gerealiseerd.
Verontreiniging
Op basis van de monitoringsrapportage uit 2003 en het bodemonderzoek uit 2000 komt de provincie tot de conclusie dat de afdeklaag licht verontreinigd is met zware metalen, PAK en EOX. De ondergrond is licht verontreinigd met cadmium, lood en zink, matig verontreinigd met koper en zwaar verontreinigd met zink. Het grondwater zou licht verontreinigd op basis van een onderzoek (IGN, kenmerk MU96.1456, 30 juli 1996). Dit onderzoek staat niet in Nazca maar is wel beschreven in het VOS onderzoek uit 2000. Zover bekend is hierna geen grondwateronderzoek uitgevoerd, ook niet in het kader van het NAVOS traject. Uit DOVOS blijkt dat 66% van de dikte van de afdeklaag dunner is dan 0,50 m. Het grondwater is niet onderzocht.
Besluiten
Geen
Risico’s
De dikte van de afdeklaag in combinatie met bodemgevoelig gebruik (wonen). Grondwater is niet / nauwelijks onderzocht.
Bijlagen
Figuur 10: Maasdijk 5
Bijlagen
Locatie 11
Oosterweg ong.
Code
AA029600116
Globis-code
GE029600116
Kadaster
Gemeente Wijchen, sectie F, perceelnummer 2838 en 3113
Dossier
De Straat Milieu-adviseurs: Monitoringsrapportage, B3605/455_022, d.d. 29-10-1999 De Straat Milieu-adviseurs: Historisch onderzoek, Gemeentelijke groenopslag, GE/000/00027, d.d. 19-11-1999 StraMoNa: Orienterend bodemonderzoek, Zuiderdreef, 19.0.0/GE000027, d.d. 2-12-2004 Auteur onbekend: Bouwstoffenbesluit, VOSGE/455/022, d.d. 16-12-2005 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
Gemeente Wijchen, Waterschap Rivierenland
Functie
Tijdelijke opslagplaats voor grond
Verontreiniging
De locatie is grotendeels verhard en de deklaag is dus niet onderzocht. Er is geen onderzoek uitgevoerd naar het stortlichaam, daarom kan wel sprake zijn van gehalten boven interventiewaarde. Het grondwater is sterk verontreinigd met koper. De dikte van de deklaag is onbekend door de aanwezige verharding (DOVOS, 2006). Door de verharding zijn er op dit moment geen contactrisico's. Bij toekomstige werkzaamheden of een herinrichting kan dit veranderen.
Besluiten
Geen.
Risico’s
Milieukwaliteit van het grondwater. Onbekende kwaliteit van de deklaag bij eventuele toekomstige werkzaamheden of ontwikkelingen.
Bijlagen
Figuur 11: Oosterweg ong.
Bijlagen
Locatie 12
Hoogeerdstraat ong.
Code
AA029600120
Globis-code
GE029600120
Kadaster
Gemeente Niftrik, sectie B, perceelnummer 218 en 378
Dossier
De Straat Milieu adviseurs: Historisch onderzoek, Hoogeerdstraat ongenummerd, GE/000/00027, d.d. 24-1-2001 De Straat Milieu-adviseurs: Monitoringsrapportage, B00B0279/455_026, d.d. 30-1-2001 De Straat Milieu-adviseurs: Verkennend onderzoek, VOSGE/455/026, d.d. 16-7-2002 StraMona: Orienterend bodemonderzoek, Hoogeerdstraat II, 19.0.0/GE000027, d.d. 2-12-2004 Provincie Gelderland, Bouwstoffenbesluit, MW2002.36654, d.d. 6-3-2006 Provincie Gelderland: Verkennend Onderzoek Stortplaatsen (VOS), MonitoringsOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (MOVOS), DeklaagOnderzoek Voormalige Stortplaatsen (DOVOS). De contouren van de stortplaats zijn ingetekend in Nazca.
Eigenaar
De Staat (landbouwperceel), Gemeente Wijchen (wegberm)
Functie
Landbouw met bosrand en wegberm
Verontreiniging
Uit de analyseresultaten van de contactzone (deklaag) blijkt dat de deklaag sterk verontreinigd is met koper en lood (lood: 550 mg/kg ds). Er is geen onderzoek uitgevoerd naar het stortlichaam en daarom kan wel sprake zijn van gehalten boven interventiewaarde. Het grondwater is licht verontreinigd. De deklaag van de stortplaats is voor minder dan 20% dunner dan 0,50 m (DOVOS, 2006).
Besluiten
Geen.
Risico’s
De dikte en milieukwaliteit (met name met betrekking tot lood) van de afdeklaag.
Bijlagen
Figuur 12: Hoogeerdstraat
Bijlagen
Locatie 13
Sluisstraat ong. (II)
Code
AA029600121
Globis-code
GE029600121
Kadaster
Gemeente Hernen, sectie E, perceelnummer 61, 62 en 364
Dossier
De Straat Milieu adviseurs: Historisch onderzoek, Sluisstraat ongenummerd (II), GE/000/00027, d.d. 24-1-2001 De Straat Milieu-adviseurs: Monitoringsrapportage, B00B0279/455_027, d.d. 30-1-2001 De Straat Milieu-adviseurs: Verkennend onderzoek, VOSGE/455/027, d.d. 7-2-2001 De Straat Milieu-adviseurs: Verkennend onderzoek, VOSGE/455/027, d.d. 16-7-2002 StraMoNa: Orienterend bodemonderzoek, Sluisstraat II, 19.0.0/GE000027, d.d. 2-12-2004 Provincie Gelderland: Bouwstoffenbesluit, MW2002.36654, d.d. 6-3-2006
Eigenaar
Stichting, landbouwbedrijf
Functie
Op de luchtfoto is te zien dat deze locatie in gebruik is als bos.
Verontreiniging
Uit de analyseresultaten van de contactzone (deklaag) blijkt dat de deklaag sterk verontreinigd is met PAK en matig verontreinigd met zware metalen. Er is geen onderzoek uitgevoerd naar het stortlichaam daarom kan wel sprake zijn van gehalten boven interventiewaarde. Het grondwater is licht verontreinigd. De deklaag van de stortplaats is voor minder dan 33% dunner dan 0,50 m (DOVOS, 2006).
Besluiten
Geen.
Risico’s
De dikte en milieukwaliteit van de afdeklaag.
Bijlagen
Figuur 13: Sluisstraat ong. (II)
Bijlagen