Bijlage 1 : ODRN Inflatie en indexering Powerpoint met QA
Tekst van het document
ODRN Inflatie en indexering De rek is eruit
De huidige situatie Indexering blijft sterk achter bij inflatie: o index 2022 0%, 2023 3,75% en 2024 3,55% o huidige inflatie rond 10% Vermogenspositie raakt uitgehold: o verwacht tekort in 2022 o vermogen deels aangewend voor meerkosten invoering Omgevingswet. Liquiditeit is kwetsbaar, ons kredietlimiet bij BNG is € 2,4 mln. Min. BZK, onze toezichthouder, verlangt een sluitende begroting en een positief vermogen De gemiddelde CPI inflatie in Nederland in 2022 was 10%.
Vermogenspositie ultimo 2022 in €
Saldo 31 12 2022 na resultaatbestemming
Algemene reserve
718.070
Bestemmingsreserve invoeringskosten OW
339.000
Resultaat 2022 Totaal eigen vermogen
pm 1.057.070
Algemene reserve ultimo 2022 is € 7 ton. (voor winstbestemming, dus exclusief het resultaat van 2022) Indexering van indicatief 10% geeft kostenstijging van ongeveer € 2,5 mln. in 2023.
Bijsturen door ODRN Mogelijkheden zijn beperkt: • Gebonden aan CAO • Inhuur hebben we hard nodig • Gastheerschap Nijmegen berekent ook CAO Wel kredietlimiet bij BNG verhogen en inhuurtarieven zijn gelimiteerd
Oplossingsrichting AB 16 februari 2023: Kennis nemen van het voornemen tot: • een aanvullende bijdrage van onze deelnemers over 2023 • een aanvullende indexering vanaf 2024. Besluit over aanpassing van het huidige bevoorschottingsschema
Antwoorden op vragen van partners en bestuurders Is dit geen DB besluit? Antwoord: Het gaat om een voornemen/besluit dat het prijskaartje van alle deelnemers raakt en het gaat om een afwijking van de BRN 2024. Daarom is dit aan het AB. Onze liquiditeit staat ook onder druk. Kunnen jullie het niet zelf oplossen? Antwoord: Als kleine organisatie zijn we kwetsbaar voor liquiditeitsschommelingen. Ons kredietlimiet is € 2,4 mln. Als een grote deelnemer het voorschot niet op tijd betaalt komen we gelijk in de gevarenzone. Met nagenoeg geen vermogen meer en met forse kostenstijgingen in het verschiet, willen we geen risico lopen. Kun je de liquiditeitsbehoefte met een liquiditeitsprognose onderbouwen? Antwoord: dat kan zeker, maar het blijft een prognose met veel onzekerheden. Betaalgedrag van onze opdrachtgevers bijvoorbeeld, maar ook de kostenstijgingen (CAO 2023) zijn nog niet volledig in beeld.
Waarom een AB besluit over bijdrage deelnemers 2023 en aanpassing indexering 2024? Dat voelt niet goed zonder dat de consequenties in beeld zijn. Antwoord: Beslispunt is aangepast naar kennis te nemen van het voornemen tot…. Wijziging van bevoorschottingsschema is nog wel een besluit. Voorstel bevoorschotting is als volgt: januari april juli oktober
Huidig schema Q1 Q2 Q3 Q4
Voorstel Q1 Q2, 3 en 4 Aanvullende bijdrage 2023
Tegenvoorstellen: Jan Q 1 en Q2, april Q3 juli Q4 of jan Q1 en Q2 en juli Q4 Antwoord: Het voorschot van januari 2023 kunnen we niet meer aanpassen. De facturen zijn al verstuurd. Het AB is op 16 februari. We wachten eerst dat besluit af. We verwachten dat we Q1 2023 kunnen overbruggen.
Door over 2023 alleen een aanvullende bijdrage van deelnemers te vragen, betalen overige opdrachtgevers niet mee. Kunnen we van overige opdrachtgevers een coulance bijdrage vragen? Antwoord: DVO’s van onze overige opdrachtgevers hebben verschillende of geen bepalingen over indexering. Zo kent de overeenkomst met de provincie Overijssel geen tussentijdse indexering. We zijn dus afhankelijk van de welwillendheid van deze partijen. We zullen dit het stelsel aankaarten. Waarom een aanvullende bijdrage over 2023? We kunnen toch ook op een tekort aansturen zodat deelnemers basis van de jaarcijfers 2023 bijstorten? Antwoord: Zonder aanvullende bijdrage kunnen we over 2023 geen sluitende begroting afgeven. Ons vermogen is dermate uitgehold dat we een tekort waarschijnlijk zelf niet kunnen opvangen, mogelijk een negatief vermogen dus. Verscherpt toezicht van het BZK hangt dan boven het hoofd. Ook verwachten we zonder aanvullende bijdrage liquiditeitsproblemen.
Hoe ga je de aanvullende bijdrage over 2023 en de index 2024 berekenen? Antwoord: Op basis van de medio februari beschikbare informatie: o (inschatting van) CAO 2023 o Voorlopig resultaat 2022 o Ontwikkeling januari 2023 o Ontwikkeling CPI o Ontwikkeling inhuurkosten In ieder geval transparant en uitlegbaar. Onze colleges hebben al ingestemd met de BRN 2024 Antwoord: een afwijking van de BRN zal meegenomen worden in de begroting 2024. Deze zullen we ter zienswijze aan raden en staten voorleggen. Onze Algemeen Bestuur zal besluiten met inachtneming van de zienswijzen. Het is handig als de ODRN aansluit bij indexpercentages waarop ook de meicirculaire 2023 is gebaseerd. Antwoord: Deze percentages zijn pas eind mei/begin juli bekend. Dat is te laat voor onze begroting. Belangrijk is dat we een bijdrage afspreken die de werkelijke kostenstijgingen zo goed mogelijk benadert.
Hoe kom je aan een inflatie% van 10% Dat is een indicatief percentage obv de Consumenten Prijs Index (CPI): De gemiddelde CPI inflatie in Nederland in 2022 was 10%. Bron: https://indeflatie.nl/cpi-inflatie-nederland-2022/ Waarom geen tariefsverhoging in 2023 doorvoeren? Een tussentijdse tariefsverhoging geeft meer gedoe. Dat betekent dat we de in de begrotingsrichtlijnen afgesproken index 2023 ophogen. Bij een aanpassing halverwege het jaar zullen we de tarieven, om op jaarbasis uit te komen op 10%, met het dubbele moeten verhogen. Alternatief is verhogen met terugwerkende kracht vanaf 1/1/2023. Beide opties zijn kostenverhogend ook voor onze overige opdrachtgevers: de provincie Overijssel en de stelsel OD’s. Tussentijds de spelregels aanpassen is niet goed voor de relatie en dat vergt diverse overleggen. Deze partijen zullen de kosten weer bij hun gemeenten moeten verhalen. Bovendien is een tussentijdse tariefaanpassing bij deze partijen mogelijk juridisch niet haalbaar. Het effect van het in 2023 niet meebetalen door deze partijen is beperkt: indicatief € 1 ton.
Kun je een liquiditeitsprognose opstellen? Deze prognose is beschikbaar. De liquiditeit is nu nog niet zorgelijk, bankstand 14 febr: + € 3 mln. We verwachten een verslechtering in de tweede helft van 2023. De liquiditeit zal met een bandbreedte van + of - € 1 mln: tussen + en – € 3 mln schommelen. De uitkomst is wel afhankelijk van veel onzekere factoren (CAO, betaalgedrag van onze opdrachtgevers, omzetontwikkeling). Deze prognose houdt geen rekening met het aanpassen van het bevoorschottingsschema en een aanvullende bijdrage voor de indexering 2023. Deze maatregelen geven hebben een positief effect op onze liquiditeitspositie.