20250304 Onderzoeksplan 2025 Rekenkamer gemeente Wijchen def.
Tekst van het document
Onderzoeksplan 2025 Rekenkamer Wijchen
1
Leden v.l.n.r.: Karin Homan Ron Soehawan Paula den Hartogh
2
Voorwoord Hierbij bied ik u het onderzoeksplan 2025 van de rekenkamer Wijchen aan. In dit onderzoeksplan 2025 geeft de rekenkamer aan wat ze wil bereiken, welke onderzoeken ze wil starten, welke kosten ze begroot voor de werkzaamheden en de daaraan gekoppelde planning. Voor het onderzoeksjaar 2025 heeft de rekenkamer ervoor gekozen om de bestaande groslijst van mogelijke onderzoeksonderwerpen zoals deze eind 2023 tot stand is gekomen te actualiseren. Hiervoor is toentertijd naast een uitvraag bij de raadsfracties en bij de leden van de klankbordgroep, input vanuit de bewoners van de gemeente via de ‘Wegwijs’ opgehaald en eigen inbreng van de rekenkamerleden bij elkaar gebracht. Na prioritering van deze onderwerpen aan de hand van een set aan criteria, is deze longlist teruggebracht tot een shortlist met een beperkt aantal mogelijke onderzoeksonderwerpen. Beide lijsten zijn vervolgens in november 2024 voorgelegd aan en besproken met de klankbordgroep rekenkamer. Na dit goede en constructieve overleg met de klankbordgroep, volgde een derde ronde waarin de rekenkamer genoemde shortlist heeft teruggebracht tot drie definitieve onderzoeksonderwerpen. Het betreft de volgende drie onderzoeken: 1.
Klimaat en Energie op lokaal en regionaal niveau: hoe geeft de gemeente sturing aan de realisatie van haar klimaatdoelstellingen? En op welke wijze draagt de regionale samenwerking bij aan deze realisatie? 2. Regionale Samenwerking: gezamenlijk regionaal onderzoek naar het Werkbedrijf Rijk van Nijmegen: in hoeverre heeft Werkbedrijf in de periode 2020-2023 doeltreffend en doelmatig invulling gegeven aan de in het beleidskader Werk Voorop! opgenomen kader. 3. Onderbesteding: geeft de wijze waarop in de gemeente wordt begroot, de raad een goed inzicht in de baten en lasten en kan dit worden verbeterd? De rekenkamer zal uw raad via de klankbordgroep tijdig informeren wanneer een onderzoek wordt gestart, tussentijds informeren over het verloop van de onderzoeken. En zal de rekenkamer de eindrapportage, inclusief bestuurlijke reactie van het college hierop, aanbieden aan uw raad.
Namens de rekenkamer,
Ron Soehawan, Voorzitter
3
Inhoudsopgave 1. Inleiding: taak, missie en werkwijze .............................................................. 7 2. Hoe heeft de rekenkamer de onderzoeksonderwerpen 2025 geselecteerd? ......... 8 3. Wat zijn de criteria die de rekenkamer hanteert? ............................................. 9 4. Welke onderzoeken gaat de rekenkamer doen in 2025? ................................. 10 4.1. Onderzoek 1: Klimaat en Energie op lokaal en regionaal niveau ....................... 10 4.2. Onderzoek 2: Regionale Samenwerking: gezamenlijk regionaal onderzoek naar Werkbedrijf Rijk van Nijmegen : ......................................................................... 10 4.3. Onderzoek 3: Landelijk Doe Mee Onderzoek (Vereniging van Rekenkamers): Onderbesteding (ook wel onder-uitputting of onderschrijding)................................ 10 5. Wat mag het kosten? .................................................................................. 11 6. Nadere uitwerking rekenkameronderzoeken 2025 .......................................... 12 6.1 Onderzoek 1: Klimaat en energie ..................................................................
12 6.2 Onderzoek 2: Regionale Samenwerking: gezamenlijk regionaal onderzoek naar het Werkbedrijf Rijk van Nijmegen (onder voorbehoud goedkeuring regionale partners Rijk van Nijmegen) ................................................................................................. 14 6.3. Onderzoek 3: Landelijk Doe Mee Onderzoek (Vereniging van Rekenkamers): Onderbesteding (ook wel onder-uitputting of onderschrijding)................................ 16 Bijlagen .............................................................................................................. 18 Bijlage 1 Groslijst van mogelijke onderzoeken ...................................................... 18 Bijlage 2: Stappenplan ...................................................................................... 22 Bijlage 3: Vragenlijst inventarisatie mogelijke onderzoeksonderwerpen onderzoeksjaar 2025 Rekenkamer Wijchen Selectiecriteria voor onderzoeksonderwerp: .................. 23
4
5
Onderzoeksplan 2025 in één oogopslag Taak rekenkamer Rekenkamer onderzoekt doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van gevoerd bestuur. Missie rekenkamer Ondersteunt gemeenteraad bij kaderstellende en controlerende taak. Bijdragen aan meer inzicht in prestaties en waar nodig aanbevelingen doen voor de toekomst. Werkwijze rekenkamer De rekenkamer staat in verbinding met de gemeente, werkt zorgvuldig en is opbouwend, verbreedt het beeld van bestuurders, voedt het debat en is van toegevoegde waarde.
Onderzoeken in 2025 1. Klimaat en Energie: • Wijze van sturing realisatie klimaatdoelstellingen • De bijdrage van de regionale samenwerking hieraan 2. Regionale Samenwerking: gezamenlijk regionaal onderzoek Werkbedrijf Rijk van Nijmegen • De mate van doeltreffendheid en doelmatigheid bij uitvoering beleidskader Werk Voorop! in de periode 2020-2023 3. Landelijk DoeMee-Onderzoek: Onderbesteding •
Geeft de wijze waarop in de gemeente wordt begroot, de raad een goed inzicht in de baten en lasten en kan dit worden verbeterd?
Relevante ontwikkelingen • • •
Landelijk: houdbaarheid gemeentelijke financiën Regionaal: efficiency en transparantie van samenwerking Gemeentelijk: wijze van governance
Financiën Totaal: Onderzoek 1: Onderzoek 2: Onderzoek 3: Presentiegeld: Overig:
€53.200 €25.315 €10.000 €500 €16.285 €1.100
6
1. Inleiding: taak, missie en werkwijze
De Rekenkamer Wijchen is een onafhankelijk orgaan dat per 1 juli 2023 formeel van start is gegaan. Dit markeert tevens de formele overgang van de situatie van een rekenkamercommissie bestaande uit leden van de raad naar een onafhankelijke rekenkamer. Taak De rekenkamer geeft invulling aan de taken die vallen onder de Gemeentwet (artikel 81a t/m 81k en artikel 182 t/m 185), te weten de verankerde taak om onderzoek te doen naar de doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde beleid. Missie De rekenkamer ondersteunt de gemeenteraad bij zijn kaderstellende en controlerende taak. En helpt de raad bij het verder uitdiepen, het vergroten van inzichten, versterken van de controle en het stellen van kaders. De rekenkamer wil bijdragen aan meer inzicht in de prestaties en waar nodig aanbevelingen doen voor de toekomst. Werkwijze De rekenkamer voert daartoe onderzoeken uit en bepaalt vanuit haar onafhankelijkheid zelf welke onderwerpen worden onderzocht en hoe het onderzoek wordt ingericht. Hierover rapporteert zij aan de gemeenteraad. Het werk van de rekenkamer is relevant, noodzakelijk en kwalitatief hoogwaardig. De rekenkamer laat zich hierbij leiden door een aantal principes: • • • •
Zij staat in verbinding met de gemeente; Zij werkt zorgvuldig en is opbouwend in haar adviezen; Zij verbreedt het beeld van de bestuurders en voedt het debat; Zij is van toegevoegde waarde.
7
2. Hoe heeft de rekenkamer de onderzoeksonderwerpen 2025 geselecteerd?
Voor het onderzoeksjaar 2025 heeft de rekenkamer de groslijst met mogelijke onderzoeksonderwerpen, die eind 2023 is opgesteld, geactualiseerd. Destijds is input verzameld via een uitvraag bij raadsfracties en leden van de klankbordgroep, evenals via bijdragen van inwoners via de ‘Wegwijs’ en de eigen inbreng van de rekenkamerleden. Deze input is samengevoegd tot een groslijst. Vervolgens zijn de onderwerpen beoordeeld op basis van een set criteria, waarna de lijst is teruggebracht tot een shortlist met een beperkt aantal mogelijke onderzoeksonderwerpen. In november 2024 zijn beide lijsten voorgelegd aan en besproken met de klankbordgroep van de rekenkamer. Na dit goede en constructieve overleg met de klankbordgroep volgde een derde ronde waarin de rekenkamer genoemde shortlist heeft teruggebracht tot drie definitieve onderzoeksonderwerpen. De rekenkamer heeft zich ook laten leiden door relevante ontwikkelingen op nationaal, regionaal en lokaal vlak en gekeken in hoeverre deze een impact hebben op de gemeente en het gemeentelijk beleid.
Denk hierbij aan vraagstukken met betrekking tot de governance; hoe zit het met de sturing, beheersing, verantwoording en toezicht? De wijze waarop regionale samenwerking wordt vormgegeven: hoe transparant, effectief en efficiënt is deze? En de wijze waarop de gemeente haar financiën inzichtelijk maakt mogelijke kansen biedt om sneller te anticiperen op toekomstige tegenvallers.
8
3. Wat zijn de criteria die de rekenkamer hanteert?
De rekenkamer laat zich leiden door de volgende criteria bij het maken van onderwerpkeuzes: 1. Het onderwerp raakt de burger. 2. Er is sprake van grote financiële en/of maatschappelijke belangen en dus grotere risico’s. 3. Er is behoefte aan meer effectiviteit, doelmatigheid en rechtmatigheid. 4. Het te verrichten onderzoek is nieuw. Dat wil zeggen dat er recentelijk geen vergelijkbaar onderzoek is verricht over het betreffend onderzoeksonderwerp. Noch dat het onderzoeksonderwerp deel uitmaakt van staand onderzoek, noch dat het onderdeel is van bestaand beleid. 5. Bij de keuze dient er sprake te zijn van een evenwichtige spreiding tussen het fysieke en het sociale domein. 6. Het onderzoek moet passen binnen de taakopdracht van de rekenkamer.
9
4. Welke onderzoeken gaat de rekenkamer doen in 2025?
Naar aanleiding van de positieve ervaringen uit het eerste onderzoeksjaar heeft de rekenkamer besloten om zich in 2025 wederom te focussen op één groot onderzoek en twee (budgettair kleinere) gezamenlijke onderzoeken (één landelijk en één regionaal onderzoek).
4.1. Onderzoek 1: Klimaat en Energie op lokaal en regionaal niveau Hoe geeft de gemeente sturing aan de realisatie van haar klimaatdoelstellingen? En op welke wijze draagt de regionale samenwerking hieraan bij?
4.2. Onderzoek 2: Regionale Samenwerking: gezamenlijk regionaal onderzoek naar Werkbedrijf Rijk van Nijmegen : In hoeverre heeft Werkbedrijf in de periode 2020-2023 doeltreffend en doelmatig invulling gegeven aan de in het beleidskader Werk Voorop! opgenomen kader? Dit is een gezamenlijk onderzoek met de regionale partnergemeenten Rijk van Nijmegen, de precieze vraagstelling kan daarom nog aangepast worden.
4.3. Onderzoek 3: Landelijk Doe Mee Onderzoek (Vereniging van Rekenkamers): Onderbesteding (ook wel onder-uitputting of onderschrijding). Geeft de wijze waarop in de gemeente wordt begroot, de raad een goed inzicht in de baten en lasten en kan dit worden verbeterd? Dit betreft een onderzoek onder regie van de Vereniging van Rekenkamers. Rekenkamer Wijchen is deelnemer, maar verricht geen actieve rol in het verdere proces. Rekenkamer Wijchen ontvangt aan het einde van het onderzoek het gezamenlijke eindrapport en een infographic met de onderzoeksresultaten voor de gemeente Wijchen.
10
5. Wat mag het kosten?
De rekenkamer krijgt een jaarlijks budget toegekend door de raad. Voor het onderzoeksjaar 2025 heeft de raad een bedrag van €53.200 vastgesteld. Dit budget is met name bedoeld voor de bijdrage aan onderzoeksbureaus en voor de vergoeding van de leden van de rekenkamer. In onderstaand tabel is een inschatting gemaakt van de kosten. Voor ieder onderzoek wordt een onderzoeksplan opgesteld met daarbij een definitieve raming van de kosten.
Omschrijving
Schatting kosten (incl. BTW)
Rekenkameronderzoek 1
€ 25.315
Rekenkameronderzoek 2
€ 10.000
Rekenkameronderzoek 3
€ 500
Presentiegeld
€ 16.285
Lidmaatschap van de NVR
€ 450
Overig
€ 650
Totaal
€53.200
11
6.
Nadere uitwerking rekenkameronderzoeken 2025
6.1 Onderzoek 1: Klimaat en energie Hoe geeft de gemeente sturing aan de realisatie van haar klimaatdoelstellingen? En op welke wijze draagt de regionale samenwerking hieraan bij? Onderwerp omschrijving “Wijchen pakt haar verantwoordelijkheid en zet stevige stappen op het gebied van klimaat, energie en duurzaamheid. Dat blijven we de komende jaren doen met realistische doelen volgens het landelijke tempo. Samen met onze inwoners en de regio werken we aan onze klimaatplannen en zoeken we kansen in de energietransitie. Als gemeente geven we natuurlijk het goede voorbeeld en werken we aan draagvlak” (coalitieakkoord 2022-2026). De gemeente werkt hard aan de realisatie van haar eigen doelstellingen op het gebied van klimaat, energie en duurzaamheid. Bestuurlijke prioriteiten zijn al dan niet (reeds) vertaald in beleidsdocumenten en doelstellingen (of deze documenten zijn nog volop in de maak)1. In het Strategisch Kompas bevestigde de gemeenteraad de ambitie voor de overstap naar duurzame energiebronnen, zoals zonnepanelen op daken en windmolens op plaatsen waar dit kan. Op 22 april 2021 stelde de Wijchense gemeenteraad de regionale energiestrategie (RES 1.0) vast. Ook koos de gemeenteraad van Wijchen voor het opstellen van een Lokale Energie Strategie (LES). In juli 2024 heeft de raad de Visie op wind- en zonne-energie Gemeente Wijchen: Op weg naar 2035 vastgesteld.
Diverse gemeentelijke onderdelen zetten zich in om de hieraan verbonden doelstellingen te realiseren. Hoe brengt de gemeente ordening aan in de veelheid aan thema’s als klimaatadaptatie, energiebesparing en warmte in de gebouwde omgeving, duurzame mobiliteit, bedrijven en industrie, (grootschalige) opwek van duurzame elektriciteit, circulariteit? Hoe vertaalt de gemeente deze metabegrippen in concrete acties? In hoeverre is er sprake van integraliteit tussen de diverse beleidsterreinen, sluiten de diverse gemeentelijke initiatieven op elkaar aan? Is de som der delen meer dan het geheel? Kortom, wat is nu de huidige stand van zaken m.b.t. klimaat, energie en duurzaamheid? En nog belangrijker, hoe wordt hierop gestuurd? En is de gemeente hierdoor in control daar waar het gaat om de realisatie van haar eigen doelstellingen in deze? Extra dimensie wordt gebracht door de regionale samenwerking. In hoeverre vormt deze regionale samenwerking een versterking en/of aanvulling op de gemeentelijke doelstellingen? Is er sprake van plus? Regelmatig komen er vragen over de effectiviteit en efficiency van de diverse regionale samenwerkingsverbanden / gemeenschappelijke regelingen (een besluit tot samenwerking tussen gemeenten, provincies of waterschappen om bepaalde taken of diensten gezamenlijk uit te voeren).
Deze vragen komen vooral naar voren bij bijvoorbeeld de raadsbehandelingen van zienswijzen op
1
Transitievisie warmte, Warmteplan Wijchen, Isolatiesubsidie, Beleidsstrategie 'elektrisch rijden', Mobiliteitsvisie Druten en Wijchen, Mobiliteitsplan Druten en Wijchen, Meerjaren uitvoeringsprogramma mobiliteit Wijchen (MUP), Visie op winden zonne-energie gemeente Wijchen, Op weg naar 2035.
12
gemeenschappelijke regelingen. De vragen impliceren een bepaalde mate van een gebrek aan overzicht (bij de raadsfracties) op de efficiency en doeltreffendheid van deze gemeenschappelijke regelingen. Ook de mate waarin regionale samenwerking bijdraagt aan de gemeentelijke doelstellingen is onderwerp van discussie. Dit beeld wordt bevestigd in de gesprekken die zijn gevoerd met de klankbordgroep. Ook in de overleggen van de regionale Rekenkamers wordt vaak melding gemaakt van het feit dat de diverse raadsfracties regelmatig het verzoek doen om meer inzicht en overzicht te verkrijgen in deze – voor hun soms taaie en op afstand staande – gemeenschappelijke regeling. Gekozen is om bij dit hoofdonderzoek dan ook de regionale samenwerking meteen mee te nemen. Op welke wijze draagt de regionale samenwerking in de vorm van de Groene Metropoolregio (GMR) bij aan de realisatie van de gemeentelijke klimaatdoelstellingen? En wat is de impact of bijdrage van de RES (Regionale Energie Strategie Gelderland) hierbij? Immers de GMR is een Gemeenschappelijke Regeling waar ook Wijchen aan deelneemt en de RES is onderdeel/middel/manier om de ambities voor de pijler ‘circulariteit, duurzaamheid, klimaat en energie’ te kunnen realiseren. Een integrale tussenbalans kan antwoord geven op de vraag hoe ver de gemeente en de GMR is met de realisatie van de klimaatdoelstellingen.
De rekenkamer neemt de LES overigens mee in haar onderzoek. Het rekenkameronderzoek wordt zo vormgegeven en ingepland dat het de programmering en planning van de LES niet raakt.
Kosten €26.000
Planning Q2/Q3-2025: uitvraag, selectiegesprekken en definitieve keuze onderzoeksbureau. Q4-2025: start en uitvoer onderzoek. Q1-2026 Oplevering rapportage en aanbieden voor de raadsvergadering.
13
6.2.Onderzoek 2: Regionale Samenwerking: gezamenlijk regionaal onderzoek naar het Werkbedrijf Rijk van Nijmegen (onder voorbehoud goedkeuring regionale partners Rijk van Nijmegen) Hoe doeltreffend en doelmatig was de inzet van Werkbedrijf Rijk van Nijmegen ten aanzien van het bereiken van de ambities zoals deze waren opgenomen in het ‘Beleidskader Werk Voorop!’?
Onderwerp omschrijving WerkBedrijf Rijk van Nijmegen is ontstaan uit een samenwerking tussen voormalig Breed (sociale werkvoorziening) en de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Nijmegen en Wijchen. De afstemming en samenwerking binnen deze zeven gemeenten is geregeld in de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR). Werkbedrijf geeft -namens deze gemeenten- uitvoering aan de Participatiewet. Daartoe bemiddelt zij tussen werkgevers en werknemers. Voor een vaste of tijdelijke baan, zo nodig met begeleiding op de werkplek. WerkBedrijf adviseert organisaties en werkgevers en plaatst en begeleidt werkzoekenden. Deze werkzoekenden bestaan in hoofdlijnen uit twee doelgroepen, te weten banenindicatie kandidaten en overige Participatiewet kandidaten. In 2023 liep het (regionale) Beleidskader ‘Werk voorop!’ af. In de eerste helft van 2024 stelden de deelnemende gemeenteraden het Beleidskader arbeidsmarkt en re-integratie 2024-2027 regio Rijk van Nijmegen ‘Klaar voor nieuwe kansen!’ vast. En daarmee de kaders voor de uitvoering van de arbeidsmarkt- en re-integratietaken van het regionaal WerkBedrijf voor de periode 2024-2027. Opvallend hierbij is dat, hoewel het gebruikelijk is bij de actualisatie van beleid, er geen evaluatie is uitgevoerd2. In het nieuwe beleidskader wordt enkel vooruit gekeken.
Opvallend kenmerk van het aflopende en ook (weer) het nieuwe beleidskader is het werken met zogenaamde ‘focusgroepen’. Interessante vraag is daarbij uiteraard welke resultaten uit de vorige periode maken dat dezelfde aanpak wordt gecontinueerd. De omvang van de hiervoor door de zeven samenwerkende gemeenten beschikbaar gestelde middelen bedraagt circa €20 miljoen. Vanuit de klankbordgroep van de Rekenkamer en de raad is de vraag gesteld hoe het zit met deze regionale samenwerkingsvorm en met name de effectiviteit ervan. Deze kwestie leeft ook onder de Interessant detail, de gemeenteraad van Wijchen heeft op 16 juni 2020 een motie aangenomen waarin het college werd opgeroepen “een onafhankelijk onderzoek uit te laten voeren naar de wijze waarop WerkBedrijf uitvoering heeft gegeven aan zijn taken”. De overige deelnemende gemeenten verenigd in het algemeen bestuur van de MGR hebben deze oproep toen overgenomen. Uit een onderzoek uit 2021 komt naar voren dat WerkBedrijf jaarlijks rapporteert over de prestaties op het vlak van arbeidsbemiddeling, sociale werkvoorziening en arbeidsmatige dagbesteding.
Het beeld komt naar voren dat de verantwoording van WerkBedrijf over het algemeen adequaat is, maar dat de deelnemende gemeenten zouden willen dat de verantwoording zowel kwantitatief als kwalitatief diepgravender wordt en antwoord geeft op vragen als: Hoe duurzaam is de uitstroom? Welke verhalen hoor je van kandidaten? Welke tussenstapjes zetten kandidaten op weg naar werk? WerkBedrijf stuurt (te) veel op ‘harde’ kwantitatieve indicatoren die te weinig zeggen over de daadwerkelijke ervaringen van mensen. Gezien de aard van de SW – mensen ontwikkelen – zou de verantwoording ook meer daarop gericht moeten zijn. De beschikbare data zijn niet toereikend om een compleet inzicht te verkrijgen in de kwaliteit en effectiviteit van de dienstverlening, in langetermijntrends en in de prestaties van de arbeidsmarktregio Rijk van Nijmegen in vergelijkend perspectief. WerkBedrijf heeft geen targets geformuleerd op het niveau van outcome, zoals kwaliteit van leven van kandidaten of duurzaamheid van werk. De prestatie-indicatoren hebben vooral betrekking op output zoals uitstroom uit de uitkering en throughput, zoals het aantal kandidaten dat wordt begeleid. Maar biedt geen inzicht in de effectiviteit van de dienstverlening of de kwaliteit van de uitstroom.
14
collega-gemeenten. Daarom is ervoor gekozen om een (vervolg-)onderzoek te doen naar Werkbedrijf Rijk van Nijmegen. Doordat er sprake is van een regionaal onderzoek, kunnen de kosten gespreid worden over de deelnemers, waardoor enerzijds het totale onderzoeksbudget groter is en de individuele bijdrage per deelnemende gemeente kleiner. Gelet op het recent vastgestelde beleidskader en de vaststelling dat er voorafgaand geen evaluatie heeft plaats gevonden, is van belang om te onderzoeken in hoeverre Werkbedrijf in de periode 20202023 doeltreffend en doelmatig invulling heeft gegeven aan de in het beleidskader Werk Voorop! opgenomen kader. Voorts daaruit lessen te trekken en te bezien in hoeverre deze zijn meegenomen in het recent vastgestelde beleidskader voor de periode 2024-2027. Kortom, een ex post en een ex durante evaluatie. Dat laat zich vertalen in de volgende twee centrale onderzoeksvragen. a. Hoe doeltreffend en doelmatig was de inzet van Werkbedrijf Rijk van Nijmegen ten aanzien van het bereiken van de ambities zoals deze waren opgenomen in het ‘Beleidskader Werk Voorop!’? b. Hoe zijn de ervaringen en resultaten uit de periode 2020-2023 meegenomen in het beleidskader Klaar voor nieuwe Kansen! Disclaimer: momenteel wordt onderzocht of en in welke vorm genoemd onderzoek in regionaal verband kan worden uitgevoerd. Hierover vindt nog overleg plaats.
Ook speelt mee dat het MGR voornemens is om een vierjaarlijks evaluatieonderzoek te doen. Ook hier vindt nadere afstemming plaats opdat er straks geen sprake is van overlap en of dubbelingen. Indien er uiteindelijk geen gezamenlijk regionaal onderzoek wordt uitgevoerd, zullen de begrote onderzoeksgelden worden overgeheveld naar het onderzoek Klimaat & Energie.
Kosten €10.000. Dit bedrag is gebaseerd op budgetten voor eerdere gezamenlijke onderzoeken (o.m. het onderzoek ‘Informatieveiligheid & privacybescherming’).
Planning Q2/Q3-2025: Uitvraag, selectiegesprekken en definitieve keuze onderzoeksbureau. Q3-2025: start en uitvoer onderzoek. Q4-2025: oplevering rapportage en aanbieden voor de raadsvergadering.
15
6.3. Onderzoek 3: Landelijk DoeMee-Onderzoek (Vereniging van Rekenkamers): Onderbesteding Geeft de wijze waarop in de gemeente wordt begroot de volksvertegenwoordigers een goed inzicht in de baten en lasten en kan dit worden verbeterd? Onderwerp omschrijving Met een zekere regelmaat doen rekenkamers onderzoek naar onderbesteding. Dit omdat volksvertegenwoordigers onderbesteding als een probleem ervaren. Onderbesteding kan er bijvoorbeeld op duiden dat niet realistisch wordt begroot, dat activiteiten niet zijn uitgevoerd of dat extra middelen zodanig laat in het jaar beschikbaar komen dat besteding niet meer haalbaar is. Met onderbesteding (ook wel onder-uitputting of onderschrijding) wordt bedoeld dat de kosten lager en/of de opbrengsten hoger zijn dan begroot. Onderbesteding is dus de tegenhanger van overbesteding of budgetoverschrijding. De Zuidelijke rekenkamer geeft een heldere definitie: onderbesteding is “het positieve verschil tussen het begrote resultaat (zowel oorspronkelijk als na wijziging) en het werkelijke resultaat. (..) Het resultaat betreft het saldo van de lasten en baten. Uitgaande van deze definitie kan sprake zijn van onderbesteding doordat minder is uitgegeven dan begroot (lagere lasten) en/of er meer is ontvangen dan begroot (hogere baten).” De probleemstelling wordt nader uitgewerkt in 3 deelvragen. 1. Onderbesteding 1a.
Is er sprake van onderbesteding ten opzichte van de oorspronkelijke of gewijzigde begroting in de organisatie? 1b. En zo ja, hoe groot is de onderbesteding (gescheiden naar baten en lasten)? 1c. Is daarnaast ook sprake van structurele onderbesteding? 1d. Binnen welke programma’s c.q. op welke taakvelden? 2. Normenkader voor Begroting en Verantwoording van Onderbesteding 2a. Wat zijn de landelijke regels voor provincies/ gemeenten/ waterschappen over de wijze waarop moet worden begroot en onderbesteding moet worden verantwoord? 2b. Welke normen kunnen uit deze regels worden afgeleid? 2c. In hoeverre zijn deze normen bekend binnen de organisatie? 2d. Welke normen heeft de organisatie zelf toegevoegd (artikel 212 Gemeentewet/Financiële verordening), actie rekenkamers lokaal. 2e. In hoeverre zijn deze normen in interne documenten overgenomen door de onderzochte organisatie? 2f. Wordt daadwerkelijk volgens deze normen begroot en verantwoord over onderbesteding? 3. Analyse en Gevolgen van Onderbesteding 3a. Wat zijn de oorzaken van de onderbesteding (gescheiden naar baten en lasten)? 3b. Wat zijn de (politieke) gevolgen van de onderbesteding? 3c. Hoe problematisch vindt de organisatie c.q. de volksvertegenwoordiging de onderbesteding? Kosten 16
€500 per deelnemende rekenkamer. Planning Resultaten van het onderzoek zijn gereed op 1 oktober 2025. Oplevering rapportage en aanbieden voor de raadsvergadering staat gepland voor ultimo einde 2025.
17
Bijlagen
Bijlage 1 Groslijst van mogelijke onderzoeken3 Portefeuille
Onderwerp
1
Algemene zaken
a. Controlerende rol van de raad (zie ook 9c.)
2
Openbare orde en veiligheid
a. Grip op ondermijning
3
Regionale samenwerking
a. Oorzaak personeelsverloop Werkorganisatie Druten Wijchen b. WDW doorgronden. Voordelen van de ambtelijke fusie? c. Zicht en controle van de raad op Gemeenschappelijke Regelingen als de Groene Metropoolregio.
4
Versterken inwonerbetrokkenheid
5
Toezicht en handhaving, dierenwelzijn
6
Vluchtelingenopvang (Zie ook punt 25)
3
a. Inwonersparticipatie bij bouwprojecten. De raad ontvangt geregeld signalen dat inwonersparticipatie bij (grote) bouwproject te wensen overlaat. Inwoners worden nauwelijks of te laat betrokken en gebrekkig geïnformeerd. Participatie lijkt een wassen neus, inwoners voelen zich vaak niet gehoord c.q. serieus genomen. In hoeverre voldoen de participatietrajecten in 2021-2023 aan de eigen maatstaven van de gemeente? Wat zijn de oorzaken van de gebrekkige participatie? Hoe kan participatie bij (grote) bouwprojecten in de toekomst verbeterd worden? b. Inwonersparticipatie/omgevingswet. Hoe zag het beleid eruit en hoe kan dit beter?
De effectiviteit en doelmatigheid van de opvang statushouders en Oekraïners.
In ‘groen’ zijn de onderzoeken die in 2024 zijn verricht en afgerond. In ‘blauw’ die onderwerpen die in 2025 worden onderzocht.
18
7
ICT
8
Evenementen
9
Financiën
a. De kosten van afvalverwerking voor inwoners (zie 29a). b. Inhuur van adviesbureaus en externe inhuur bij gemeenten (zie ook 34a.) c. Vast personeel versus inhuur en controleerbaarheid voor de raad (zie ook 34 b.) d. Controlerende rol van de raad (zie ook 1a.)
10
Wonen
a. Regelingen voor starters op de woningmarkt. b. Effectiviteit beleid sociale huurwoningen.
11
Gebiedsontwikkeling
12
Ruimtelijke ordening
13
Grondzaken
14
Hart van Zuid
15
Klimaat en energie
a. Hoe geeft gemeente sturing aan de realisatie van haar klimaatdoelstellingen? b. Wat is de voortgang op het gebied van duurzaamheid? c. Onderzoek naar de realisatie van het eerste zonnepark van Wijchen in Hernen, aangezien Wijchen op dat moment nog geen beleid had voor zonneparken.
16
Wmo en Jeugdzorg
a. Mantelzorgbeleid. b. Inkomensondersteunende maatregelen voor de minima (zie ook punt 23) c. Toegankelijkheid wmo
17
Welzijn en gezondheid
a. Implementatie Inclusie agenda.
18
Sport(accommodaties)
19
19
Kunst, cultuur en recreatie
20
Economie en toerisme
21
Onderwijs
22
Werk en inkomen
23
Armoede- en minimabeleid
24
Arbeidsmarkt
25
Statushouders en inburgering (zie ook punt 6)
26
Warenmarkt en horeca
27
Onderwijs huisvesting
28
Mobiliteit en openbare ruimte
29
Milieu en afval
30
Maatschappelijk vastgoed
31
Leefbaarheid
32
Archeologie
33
Monumenten
a. De impact van toerismebeleid op de leefbaarheid op en rond Alverna. Wat is de rol van de gemeente binnen alle planvormingen en is deze rol gepast binnen de bevoegdheden van de gemeente?
a. Effectiviteit bestrijding kinderarmoede/minimabeleid.
a. De effectiviteit en doelmatigheid van de opvang statushouders en Oekraïners.
a. De kosten van afvalverwerking voor inwoners (zie 10a).
20
34
Bedrijfsvoering
a. Inhuur van adviesbureaus en externe inhuur bij gemeenten (zie ook 9b.) b. Vast personeel versus inhuur en controleerbaarheid voor de raad (zie ook 9c.) c. Rol van de raad in de druk op de ambtelijke organisatie; wat kosten moties eigenlijk aan geld en inzet van ambtenaren? d. Grip op risicovolle projecten
35
Algemeen
d. Onderwerpen waar Wijchen (nog) geen beleid voor had ten tijde van de aanvraag, zoals bijvoorbeeld ook deelscooters of drones, AI, etc.
36
Dienstverlening
a. Vindbaarheid en duidelijkheid website b. Vindbaarheid openbare bekendmakingen
21
Bijlage 2: Stappenplan Voor de concrete uitvoering hanteert de rekenkamer een vast stappenplan I.
Aankondiging onderzoek
II.
o
De uitvoering van een onderzoek start met een aankondiging daarvan bij diegenen die bestuurlijk en ambtelijk eindverantwoordelijk zijn voor het onderwerp.
o
Het onderzoek wordt uitgevoerd door een extern bureau.
Hoor- en wederhoorprocedure en rapportage o
Na afronding feitenonderzoek en opstellen onderzoeksrapport, wordt deze door de ambtelijk eindverantwoordelijken gecontroleerd op feitelijke juistheid. Eventuele onjuistheden worden gecorrigeerd.
o
Daarna voegt de rekenkamer haar conclusie en aanbevelingen toe aan het rapport.
o
Dit hoofdrapport wordt vervolgens voor bestuurlijk hoor en wederhoor gezonden aan het college van B&W.
o
De bestuurlijke reactie wordt in zijn geheel opgenomen in het eindrapport.
o
De rekenkamer reageert hierop in een nawoord. Het definitieve rapport bevat:
III.
V.
de onderzoeksrapportage met bevindingen (nota van bevindingen);
▪
de conclusies en aanbevelingen van de rekenkamer;
▪
de bestuurlijke reactie van het college van B en W;
▪
het nawoord van de rekenkamer
o
De Rekenkamer stelt een raadsvoorstel op met haar conclusies en aanbevelingen en stuurt deze inclusief het definitieve rapport naar de raad.
o
De agendacommissie van de raad besluit over de agendering.
Presentatie rekenkamerrapport tijdens een informatiebijeenkomst (optioneel) o
IV.
▪
De rekenkamer presenteert haar rapport in een informatiebijeenkomst. Deze bijeenkomst is bedoeld voor raads- en commissieleden en geeft hen de gelegenheid om onderzoekstechnische en inhoudelijke vragen te stellen over het rapport.
Bestuurlijke bespreking in de raad o
Het is aan de raad om te bepalen welke politiek bestuurlijke gevolgen hij verbindt aan de uitkomsten van het onderzoek.
o
Nadat de raad een besluit heeft genomen over de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport, zal het college de raad in een plan van aanpak informeren over de wijze waarop het aan deze conclusies en aanbevelingen gevolg geeft.
Nazorg en vervolgonderzoek
In artikel 185a Gemeentewet is bepaald dat het college jaarlijks verantwoording moet afleggen van de stand van zaken van de uitvoering van raadsbesluiten, die zijn genomen naar aanleiding van rekenkamerrapporten. Als de Rekenkamer hiertoe reden ziet kan de Rekenkamer besluiten een vervolgonderzoek te starten. 22
Bijlage 3: Vragenlijst inventarisatie mogelijke onderzoeksonderwerpen onderzoeksjaar 2025 Rekenkamer Wijchen Selectiecriteria voor onderzoeksonderwerp: •
Het onderzoeksonderwerp betreft reeds uitgevoerd gemeentelijk (of regionaal) beleid;
•
Het onderzoeksonderwerp vertegenwoordigt een substantieel financieel, organisatorisch, bestuurlijk of maatschappelijk belang;
•
Het onderzoeksonderwerp draagt een financieel risico voor de gemeente;
•
Er is twijfel over de effectiviteit van het beleid, de doelmatigheid van de uitvoering of de rechtmatigheid van het beleid;
•
Het onderzoeksonderwerp levert nieuwe informatie op die niet reeds uit andere bronnen bekend is;
•
Het onderzoeksonderwerp leent zich goed voor het doen van aanbevelingen en verwachte leereffecten. Naam onderzoeksonderwerp (Max. 3)
Waarom is dit onderwerp geschikt voor een Rekenkameronderzoek? (Max. 100 woorden)
1. 2. 3.
23
Wat is de vraagstelling? Op welke vraag zoekt u antwoord? (Max. 3)
Wie moet volgens u hiervoor worden geïnterviewd?