CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

verslag raad 11 extra

Gemeenteraad 14 december 2022, gemeente WestvoorneBij agendapunt: 7 november 20227.110 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag van de extra openbare raadsvergadering van maandag 7 november 2022 om 16.00 uur in de raadzaal van het gemeentehuis te Rockanje. Aanwezig

: mevrouw R.M. Roggeveen, mevrouw M. Hamstra, mevrouw J. Krajenbrink, mevrouw A. Vermeer en de heren E.G. Mulder, J.W.J. Driesprong, C.B. Mentink, J. Noordermeer, D.D. van Orselen, T.I. Fransman, N.A.M. Groenewegen, C. Sommeling, H. Heijndijk en P. Kraaijenbrink.

Afwezig

: de heer W.A. Sjoukes.

Mede aanwezig

: wethouders mevrouw J.D. de Jongh, mevrouw L. van der Pol en de heren H. de Graad en W.A.J. Borgonjen.

Voorzitter

: de heer P.E. de Jong.

Griffier

: de heer R. de Vries.

Notuliste

: mevrouw M. van Eijsden-Briggeman.

1.

Opening.

De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. Hij meldt dat de heer Sjoukes is verhinderd, en mevrouw Vermeer waarschijnlijk later komt. 2.

Vaststelling agenda.

De heer Fransman (CDA) stelt voor om na agendapunt 3 (spreekrecht) de vergadering te schorsing voor overleg. De raad stemt hiermee in. De agenda wordt vervolgens vastgesteld. 3.

Spreekrecht.

De voorzitter zegt dat drie personen zich hebben aangemeld voor het spreekrecht, te weten: - De heer Ouwehand, directeur van de Natuur- en milieufederatie Zuid-Holland; - De heer Den Bakker namens LTO Noord; - De heer Kome. De heer Ouwehand licht de brief van 4 november jongstleden toe. Hij zegt dat de Natuur- en milieufederatie betrokken is bij de bredere stikstofopgave in ZuidHolland en deelneemt aan de provinciale sectortafel stikstof. Daarnaast is de Natuur-en milieufederatie bij veel gebiedsontwikkelingen betrokken, en werken zij met veel overheden en organisaties samen. De Natuur- en milieufederatie haalt eveneens staand beleid en beleidsvoornemens op bij gemeenten en provincie. De Natuur- en milieufederatie is geen bevoegd gezag of opdrachtgever in te ontwikkelen, of te starten gebiedsprocessen, en levert alleen vanuit de maatschappelijke agenda een inbreng. De heer Ouwehand zegt dat Voorne-Putten en met name de kop van Voorne een prachtig gebied is en wordt bedreigd door te veel emissies en de grote recreatiedruk, die de draagkracht van het Nature 2000 gebied ver te boven gaat. De Natuur- en milieufederatie zou dit graag met de gemeenten willen veranderen. Vanuit de gebiedsgerichte aanpak stikstof wil hij graag een bijdrage leveren.

1

Hij zegt verbaasd te zijn geweest over het artikel in weekblad Westvoorne waar alles wat verboden kan worden werd toegedicht aan de Natuur- en milieufederatie. Hij zegt dat het artikel haaks staat op hetgeen de Natuur- en milieufederatie doet, en wil bereiken. Hij betreurt de fout die is gemaakt door de Natuur- en milieufederatie om in de nieuwsbrief van juni 2022 bij een voortgangsbericht van het Zuid-Hollandse natuur- en milieunetwerk bij het artikel de eerste nog niet uitgewerkte schets te plaatsen van de kansenkaart, en die te duiden als masterplan met bijgevoegd logo van de gemeente Voorne aan Zee. Hij zegt dat zij dit niet hadden moeten doen. De Natuur- en milieufederatie zal zich blijven inzetten op meer natuurherstel en natuurontwikkeling in combinatie met duurzame recreatie en landbouw op Voorne-Putten. Hij hoopt samen deze kansen voor Voorne aan Zee te kunnen verzilveren. Mevrouw Krajenbrink (GBW) vraagt waarom in juni het logo van de nieuwe gemeente Voorne aan Zee op de website is geplaatst bij het genoemde stuk. De heer Ouwehand zegt dat de Natuur- en milieufederatie wilde anticiperen op de nieuwe gemeente, en dit niet juist is geweest. Mevrouw Roggeveen (PvdA) betreurt het dat een onderwerp dat zo belangrijk is voor de gemeente, op deze manier in de publiciteit is gekomen.

Zij vraagt vervolgens wat er wordt bedoeld met het beter opvangen van de recreatiedruk op Voornes Duin. De heer Ouwehand zegt dat steeds meer natuurgebieden worden benut voor recreatie, waardoor de draagkracht van natuurgebieden onder druk komt te staan. De Natuur- en milieufederatie wil graag dat er nieuwe verbindingen worden gecreëerd, zodat de druk op de natura 2000 gebieden afneemt. Vervolgens vraagt mevrouw Roggeveen wat wordt bedoeld met het creëren van groene bufferzones, en of hierdoor iets verandert voor de bevolking. De heer Ouwehand zegt dat het hier gaat om natuurlijk ingerichte zones in combinatie met recreatie en landschappelijke elementen en landbouw. Deze bufferzones hebben een andere status dan Natura 2000 gebieden, en zijn hierdoor minder bedreigend voor de economische ontwikkeling. Hij geeft aan dat dit concept ook door het kabinet wordt omarmd. Mevrouw Roggeveen vraagt of dit tot gevolg heeft dat er een verandering van gebruik van de huidige natuurgebieden gaat ontstaan, nadat de kansenkaart is uitgewerkt, en wat de toegankelijkheid wordt van de nieuwe natuurgebieden. De heer Ouwehand zegt dat dit niet het geval zal zijn, en dat de mensen zeker niet geweerd zullen worden uit de natuurgebieden. Mevrouw Roggeveen vraagt waarom LTO Noord niet is betrokken bij het opstellen van de kansenkaart.

De heer Ouwehand zegt dat dit een bewuste keuze is geweest, en dat de Natuur- en milieufederatie ook niet betrokken wordt bij de overdenkingen van LTO Noord. Hij zegt dat ervan is uitgegaan, dat er straks door gemeente Voorne aan Zee een eigen gebiedsgerichte aanpak gaat ontstaan, waarbij alle partijen betrokken zullen worden. De Natuur- en milieufederatie zou hierin graag een rol willen spelen. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) vraagt hoe de Natuur- en milieufederatie denkt bij te kunnen dragen aan oplossingen voor dit probleem, door een standpunt in te nemen om bijvoorbeeld LTO niet te betrekken, en te kiezen voor polarisatie. De heer Noordermeer is van mening, dat het beter zou zijn een dergelijk probleem integraal aan te pakken, en de natuurbezitters, belangenbehartigers en de gebruikers van de natuur hierbij te betrekken.

2

De heer Ouwehand zegt dat het hier een onderzoek en verkenning betreft, en dit geen vastgesteld plan is. Hij zegt dat de Natuur- en milieufederatie polarisatie probeert te voorkomen, en op hoog niveau met diverse partijen samenwerkt. Hij zegt geen oordeel te geven over hoe e.e.a. zich de afgelopen weken in Westvoorne heeft ontwikkeld. De heer Noordermeer merkt vervolgens op, dat volgens de kansenkaart gevolgbestrijding een oplossing zou zijn, en om een ring om de natuur te leggen. Onderzoeken tonen echter aan dat dit niet zal gaan werken, omdat dit de overbelasting niet weg zal nemen. De heer Noordermeer is van mening, dat de oorzaak moet worden bestreden, en vraagt waarom deze keuze wordt gemaakt. Vervolgens vraagt hij of de veelheid aan mensen in de natuur de oorzaak zijn van stikstofdepositie. De heer Ouwehand zegt dat het hier gaat om de aanpak van de bron, natuurherstel en natuurontwikkeling. Hij zegt vervolgens dat stikstof niet alleen het probleem is, maar dat overlast en verstoring ook een oorzaak is, en de natuur in kleinere gebieden onder druk komt te staan. In de gebiedsgerichte aanpak zou daarom ook moeten worden gekeken naar bronmaatregelen. Hij benadrukt nogmaals dat er nog geen plan ligt.

De heer Noordermeer vraagt waarom er niet wordt geluisterd naar de wens van de raad en het college van Westvoorne, om het logo van de nieuwe gemeente Voorne aan Zee van de website te verwijderen. Hij zegt dat hier al meerdere keren om is verzocht. De heer Ouwehand zegt dat het systeem van de nieuwsbrief is gekoppeld, en het hierdoor niet mogelijk was dit gelijk te verwijderen. Hij zegt zoveel mogelijk te proberen om het college en de raad tegemoet te komen, maar niet alles kan bewerkstelligen. De heer Mentink (VVD) zegt begrepen te hebben dat de Natuur- en milieufederatie ook lid is van de provinciale stikstoftafel en vraagt of het juist is dat hier is aangegeven dat er met minder partijen overleg wordt gevoerd, dan in eerste instantie was gezegd. De heer Ouwehand zegt dat zijn organisatie op verzoek van de Commissaris van de Koning al vanaf het begin deel uitmaakt van de stikstoftafel. Hij zegt dat in de vergadering van juni aan LTO Noord is aangegeven waar de Natuur- en milieufederatie mee bezig is, en dit niet heeft geleid tot kritiek. In het verslag van deze vergadering stond aangegeven, dat er sprake is van een samenwerking met de gemeente Westvoorne, en hij heeft aangegeven dat dit niet juist is en dit gecorrigeerd moet worden. De heer Ouwehand zegt dat de raad waarschijnlijk reageert op hetgeen in dat verslag stond vermeld.

De heer Mentink (VVD) vraagt hoe de gedeputeerde heeft gereageerd op het plan van de Natuur- en milieufederatie. De heer Ouwehand zegt op generlei wijze kritiek te hebben gekregen, en dat hij de indruk krijgt dat het op prijs wordt gesteld dat de organisatie zich lokaal verdiept, voordat er met standpunten wordt gekomen. De heer Mentink zegt dat in het verslag staat opgenomen dat er geen plannen gemaakt moeten worden buiten het gebiedsproces, en dat initiatieven moeten aansluiten bij het gebiedsproces. De Natuur- en milieufederatie is vervolgens wel bezig met het maken van plannen buiten het gebiedsproces om. De heer Ouwehand bestrijdt dit, en zegt dat het gebiedsproces centraal staat. Hij zegt dat er op dit moment wordt verkend en onderzoek wordt gedaan op welke manier er goede standpunten ingenomen kunnen worden voor natuuroplossingen.

3

De heer Mentink heeft begrepen dat de Natuur- en milieufederatie een plan wil gaan presenteren aan de nieuwe gemeente Voorne aan Zee. Hij merkt op dat de heer Ouwehand eerder heeft aangegeven dat er geen plan is. De heer Ouwehand zegt dat er een eindrapport van de verkenning en het onderzoek zal worden gemaakt, en zij dit graag willen delen met de gemeente Voorne aan Zee. Er ligt dus geen gebiedsgericht plan, het gaat hier alleen om opvattingen hoe de organisatie om denkt te gaan met bepaalde zaken. Het zegt overigens dat deze werkwijze van de Natuur- en milieufederatie gebruikelijk is. De heer Mentink merkt op dat er wel een masterplan wordt gepresenteerd, en dit toch een verschil vindt ten opzichte van een verkenning. Hij zegt vervolgens dat het stikstofprobleem overal veel stof doet opwaaien, en begrijpt daarom niet waarom de Natuur- en milieufederatie niet eerst afwacht wat er wettelijk gaat gebeuren. Vervolgens vraagt de heer Mentink waarom er niet samen wordt gewerkt met de agrariërs, LTO, de natuurorganisaties, de recreatie en de raden. De heer Mentink zegt het idee te hebben dat de agrariërs en de recreatie hierin niet worden betrokken. De heer Ouwehand zegt dat zijn organisatie geen partner is geweest in het versnellingsakkoord van LTO, bouwend Nederland en andere partijen, en hier ook niet voor is uitgenodigd.

Hij benadrukt nogmaals, dat er geen plan is en er ook geen gebiedsgericht proces wordt gevoerd. De organisatie onderzoekt en verkent om op die manier een goede bijdrage te leveren. Hij betreurt de weerstand, en wil die graag wegnemen. Hij geeft aan dat er gemeenten zijn in Zuid-Holland, die juist blij zijn met de verkenningen en de inbreng van de organisatie. De heer Mentink zegt tenslotte teleurgesteld te zijn dat de heer Ouwehand blijft herhalen dat hij een goed proces volgt, terwijl de raad van mening is dat dit geen goed proces is. De heer Ouwehand zegt ervan overtuigd te zijn dat er een goed proces wordt gevoerd, en hij er het beste voor Voorne aan Zee uit wil halen. De heer Mulder (D66) bedankt de heer Ouwehand voor de duidelijke toelichting. Hij vraagt of de heer Ouwehand nog een les heeft getrokken uit de timing van het publiceren van de kansenkaart. De heer Ouwehand zegt dat het hem spijt, en hij in het vervolg zal proberen transparanter te zijn, en niet meer zo snel iets te publiceren en zeker niet in combinatie met een logo. De heer Den Bakker, vice-voorzitter van LTO Noord (afdeling Voorne-Putten),en voorzitter van de agrarische commissie van de nieuwe gemeente Voorne aan Zee spreekt namens het agrarische bedrijfsleven.

Hij zegt dat het gepubliceerde masterplan Voorne aan Zee van de Natuur- en milieufederatie in samenwerking met de gemeente Westvoorne en het Havenbedrijf, waarbij het buitengebied op de schop zou gaan, en een dijken- en krekenstructuur van vroeger zouden terugkomen een concreet einde van agrarische sector op Voorne zou betekenen. Door inkrimping zal dit ook voor de toeleveranciers en afnemers desastreus zijn. De agrarische sector is op geen enkele manier gekend over het bestaan van het plan. Hij zegt dat dit haaks staat op de motie stikstof, die afgelopen zomer is aangenomen door de raad waarin werd opgeroepen tot samenwerking met de agrarische sector om tot mogelijke oplossingen te komen voor de stikstofcrisis. De heer Den Bakker zegt dat het plan zo goed als klaar is, en direct in het proces van het NPLG (Nationaal Programma Landelijk Gebied) zal worden meegenomen. Hij benadrukt dat het plan van de Natuur- en milieufederatie van tafel moet, en zegt dat de agrarische sector graag mee wil denken over het vormgeven van de transitie van het buitengebied, waarbij perspectief voor de toekomst het uitgangspunt moet zijn.

4

De heer Groenewegen (CDA) vraagt of de heer Den Bakker gerustgesteld is door de toezegging van de wethouder dat LTO wordt betrokken bij het proces. Vervolgens vraagt de heer Groenewegen een nadere uitleg waarom het masterplan het einde zou zijn van de agrarische sector. De heer Den Bakker zegt dat er sinds afgelopen week contact is met de gemeente, waarbij zij worden meegenomen in een nieuw plan, dat in samenwerking met alle ondernemers en belanghebbenden opgesteld zou kunnen worden. Het masterplan waarin wordt beoogd natuur aan te leggen binnen een agrarisch gebied, zal voor ieder agrarisch bedrijf grote gevolgen hebben, omdat zij worden beperkt in hun activiteiten. Hij zegt dat wanneer in het agrarisch natuurgebied natuur wordt aangelegd, dit agrarisch moet zijn, en het dan geen gevolgen heeft voor de agrarische sector. De heer Sommeling (Vrij Voorne) vraagt of het juist is dat er slechts 1x is gesproken met LTO Noord over deze casus. De heer Den Bakker zegt dat er dit jaar 3x overleg heeft plaatsgehad met wethouders en ambtenaren. De heer Mulder (D66) zegt dat er een proces door minister Remkes is ingezet, en vraagt of de heer Den Bakker het terecht vindt dat er nu uitsluiting zou plaatsvinden van de gedachtegang van de Natuur- en milieufederatie.

De heer Den Bakker geeft aan geen problemen te hebben met de gedachtegang van de Natuur- en milieufederatie, maar hij vindt dat het dan wel duidelijk moet zijn dat dit alleen een plan is van de milieufederatie, en geen plan in samenspraak met de gemeente Westvoorne en het Havenbedrijf. De heer Mulder (D66) is van mening, dat het zeker belangrijk is dat er plannen komen uit verschillende sectoren om een goede afweging te kunnen maken. Hij vraagt of de heer Den Bakker er problemen mee heeft als verschillende rapporten hierbij een rol gaan spelen. De heer Den Bakker benadrukt niet achter de woorden van de heer Ouwehand te staan. Hij heeft er wel vertrouwen in als er van beide zijden bereidheid en respect wordt getoond om een plan te maken, waarbij perspectief wordt getoond. Hij zegt dat hij het perspectief op dit moment mist in het plan. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) vraagt hoe LTO er tegenover staat dat zij nu sinds kort wel uitgenodigd wordt, terwijl sinds september 2021 de gemeente Westvoorne in gesprek is met de Natuur- en milieufederatie over deze kansenkaart, en LTO een jaar lang is achtergesteld. Hij vraagt vervolgens of LTO bereid is om na te denken over oplossingen, en het proces aan te gaan. De heer Den Bakker betreurt het dat LTO tot 9 juni jongstleden niets wist van een masterplan, terwijl er rond die tijd nog overleg is geweest met de gemeente.

Hij zegt dat LTO graag wil dat er een breed gedragen plan komt, waarbij iedereen haar of zijn inbreng heeft. De heer Mentink (VVD) zegt blij te horen dat LTO is uitgenodigd om samen met de regio een nieuw plan te maken. Hij vraagt of de heer Den Bakker verwacht dat het plan van de milieufederatie hiermee van tafel zal gaan. Tenslotte zegt de heer Mentink dat hij nog steeds het idee heeft dat er bij de provinciale stikstoftafel is gesuggereerd dat iedereen achter het masterplan stond. Hij zegt het gevoel te hebben dat er is voorgesorteerd om het masterplan doorgang te laten vinden, omdat hiermee subsidiegelden zouden zijn gemoeid.

5

De heer Den Bakker zegt de indruk die de heer Mentink heeft eveneens te hebben, omdat het plan dit suggereert. Hij zegt dat LTO graag het overleg blanco in wil gaan. Mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt blij te zijn dat alle inzet ertoe heeft geleid dat er nu een beter contact is met de gemeente. Vervolgens vraagt zij of de heer Den Bakker is geïnformeerd over het feit dat LTO bij de stikstoftafel op de hoogte is gebracht van de ontwikkelingen met betrekking tot de kansenkaart. De heer Den Bakker zegt te hebben gevraagd of het bekend was bij de provincie dat dit plan er lag. De heer Kome (agrariër) benadrukt, dat het bij dit soort zaken altijd de grondeigenaar zal zijn die hierbij betrokken moet worden. Hij zegt dat landbouw ook een vorm is van natuur, en wanneer je de landbouw te veel gronden afneemt, de sector niet kan blijven bestaan. Zijn advies is om versterking en/of ondersteuning van de natuur te laten realiseren door de lokale agrariërs, en hierdoor de kwaliteiten te verbeteren. Hij adviseert om met de eigenaren in gesprek te gaan. Richting LTO zegt hij dat er op 22 november een bijeenkomst plaatsvindt van natuurlijk Voorne-Putten over de vraag hoe natuur kan worden verbonden met het GLB (gemeenschappelijk landbouwbeleid). Wellicht dat hier een extra dimensie kan worden gegeven.

De heer Mentink (VVD) merkt op dat er in het duingebied in de loop van de jaren plantensoorten zijn verdwenen door o.a. stikstof. Hij vraagt op welke wijze deze planten op die plek terug kunnen komen, en of dit kan door natuur te ontwikkelen in een ander gebied, of er ergens anders natuur moet worden toegevoegd. De heer Kome zegt dat eerst vastgesteld moet worden of die planten verdwenen zijn door stikstof. Hij zegt dat er namelijk nog meer factoren zijn die invloed hebben op natuur en milieu en de agrarische sector. Het kan ook zo zijn dat er verkeerd beheer plaatsvindt. De vergadering wordt vervolgens geschorst voor een pauze van 17.00 tot 17.30 uur. 5.

Brief van college ‘Dossier Stikstof’.

De voorzitter zegt dat er door Partij Voorne aan Zee een motie is aangekondigd. Hij stelt voor deze motie in te dienen, zodat deze onderdeel kan worden van de beraadslagingen in de eerste termijn. Hij stelt voor om in de eerste termijn iedere fractie de kans te geven haar standpunt kenbaar te maken, en in de 2e termijn het debat te voeren. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) stelt een andere werkwijze voor. Hij stelt voor om in de eerste termijn vragen kenbaar te maken, en daarna de vergadering te schorsen voor overleg. Vervolgens de motie in te dienen als apart onderdeel, en deze te bespreken in de 2e termijn. De heer Kraaijenbrink (GBW) zegt dat er op maandag 31 oktober jongstleden in de commissievergadering aan de wethouder is gevraagd om afstand te nemen van het stuk van de natuur- en milieufederatie. Hij betreurt het dat dit niet is gebeurd, en de raad daarom vanavond weer bij elkaar zit. De fractie van GBW verzoekt nogmaals afstand te nemen van het stuk en een nieuwe start te maken door met alle partijen tot een goede oplossing te komen. De heer Mulder (D66) zegt blij te zijn met de toelichting door de natuur- en milieufederatie, en met de bevestiging dat zij dit voor hun eigen oriëntatie hebben gemaakt.

Het zou D66 betreuren als het college geen medewerking zou verlenen aan iedereen die zich goed wil voorbereiden op een dergelijk moeilijk vraagstuk, dit geldt voor LTO en alle andere belangengroeperingen.

6

Hij zegt vervolgens dat er nog gesprekken zullen plaatsvinden bij de provincie om tot een samenwerkingsresultaat te komen, er nog een landbouwakkoord moet komen, kamerbrieven over de hoofdlijnen van de toekomst voor de landbouw, en de doelstellingen van het NLPG. D66 is van mening, dat er in dit proces nog geen standpunten kunnen worden ingenomen of partijen uit te sluiten, voordat alle belangen gewogen kunnen worden. Vervolgens vraagt hij of er door LTO verzocht is om medewerking, of dat de gemeente dit heeft aangeboden. D66 spreekt de hoop uit dat het college in de nieuwe gemeente Voorne aan Zee voortvarend aan de slag zal gaan met de aanpak van deze problematiek. D66 hoopt dat de natuur zal worden versterkt, en de biodiversiteit in stand blijft, en hopelijk kan verbeteren. De kansen voor recreatie en klimaatadaptatie moeten niet onbenut blijven. Hij pleit er voor om te streven naar een gezamenlijke inzet in het belang van de natuur, de recreatiesector, de agrarische sector en de inwoners, en hoopt dat de raad deze aanpak onderschrijft. De heer Mentink (VVD) zegt dat de VVD het betreurt dat er al bovenwettelijk wordt gekeken welke maatregelen er mogelijk zijn, omdat hiervoor geld beschikbaar is.

Hij is van mening, dat er eerst moet worden gekeken wat er wettelijk op iedereen afkomt, en dan de dialoog met elkaar te voeren, zodat iedereen die hier woont en werkt een mooi plekje kan krijgen. De VVD is van mening als het in het grootstedelijk gebied niet mogelijk is om daar windmolens te plaatsen, het niet de bedoeling is dat deze dan maar op Voorne worden geplaatst. De VVD is van mening, dat ieder een eigen bijdrage moet leveren. De heer Mentink wil graag helder krijgen waarom er in de stukken van de Natuur- en milieufederatie wordt gesuggereerd dat er een breed draagvlak is, terwijl dit niet zo blijkt te zijn. Hij vraagt vervolgens wat de medewerking is geweest van de gemeente, en of dit alleen het aanleveren van data is geweest of het geven van richting. Tenslotte moet er voor wat de VVD betreft in goed overleg met alle partijen een plan worden opgesteld, dat moet leiden tot de oplossing voor het stikstofprobleem. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) sluit zich aan bij de woorden van de VVD. Hij zegt vervolgens in de commissie GG/Milieu van maandag 31 oktober jongstleden geconstateerd te hebben dat de wethouder achter het masterplan en de kansenkaart staat, terwijl het college aangeeft niet achter dit plan te staan. De heer Noordermeer vraagt wat hier de oorzaak van is. Vervolgens vraagt hij hoe het zit met de groene bufferzones.

Er is eveneens door de wethouder in de commissie Beelvorming van 9 juni jongstleden gezegd dat zij bezig was voor deze projecten geld te vragen van andere overheden, zodat deze plannen tot uitvoering kunnen worden gebracht. Hij vraagt of er door het college, c.q. wethouder initiatieven ontplooid zijn om te zorgen dat een deel van deze plannen worden uitgevoerd. De heer Noordermeer benadrukt, dat de raad de kaders stelt en het geld beschikbaar stelt, maar hij begrijpt nu dat de wethouder zich actief heeft ingezet voor dit plan, en ook actief gebruik heeft gemaakt van ambtelijke inzet. De heer Noordermeer zegt dat de raad hiervoor geen opdracht heeft gegeven, en vraagt aan de wethouder om een uitleg. De heer Sommeling (Vrij Voorne) vraagt evenals de heer Noordermeer of er een plan ligt met betrekking tot bufferzones. Vervolgens vraagt hij welke initiatieven er zijn ontplooid om gelden van overheden binnen te krijgen. De fractie van Vrij Voorne vraagt of de wensen van milieu- en natuurorganisaties de basis zijn om de land- en tuinbouw perspectief te bieden. De heer Sommeling roept op te stoppen met het masterplan en de kansenkaart, en te beginnen met een juiste basis. Tenslotte vraagt hij waarom de gespreksverslagen met LTO niet met de raad zijn gedeeld.

De heer Heijndijk (IBW) blikt eveneens terug op de commissie GG/Milieu van maandag 31 oktober jongstleden waar dit onderwerp uitvoerig is besproken, en waar de wethouder aangaf geen afstand te nemen van het masterplan en de kansenkaart.

7

In de nieuwe brief die de raad heeft ontvangen wordt gezegd dat het proces met betrekking tot de concept kansenkaart van de Natuur-en milieufederatie wordt opgeschort, en dit na 1 januari 2023 in de nieuwe gemeente Voorne aan Zee weer op te pakken. De fractie van IBW is eveneens van mening, dat het masterplan en de kansenkaart van tafel moet, en met gezamenlijke inzet van alle belanghebbenden te komen tot een goed plan. De heer Heijndijk verzoekt nogmaals aan de wethouder om afstand te nemen van het masterplan en de kansenkaart. Vervolgens zegt de heer Heijndijk geschrokken te zijn dat het logo van de nieuwe gemeente Voorne aan Zee is gebruikt door de Natuur- en milieufederatie, en hij vraagt waarom er ambtelijke ondersteuning heeft plaatsgevonden. Met betrekking tot groene bufferzones vraagt de heer Heijndijk naar de status hiervan, en of dit uit de koker komt van de Natuur- en milieufederatie. Hij vraagt wat de status is van de gesprekken met de natuurorganisaties, en wat voor toezeggingen er door de wethouder zijn gedaan. Tenslotte zegt hij dat er gewaakt moet worden dat het op Voorne geen natuurreservaat gaat worden. De heer Groenewegen (CDA) zegt het verstandig van de wethouder te vinden dat zij afstand neemt van het masterplan van de Natuur- en milieufederatie, en tegemoet te komen aan de wens van de commissie om met LTO en andere belanghebbenden in gesprek te gaan.

De heer Groenewegen heeft het gevoel dat er alleen met de Natuur- en milieufederatie wordt gesproken, en zegt dat dit anders moet. Het nieuwe college moet de ruimte krijgen om met een ieder in gesprek te gaan. Het CDA vindt de discussie van vanavond dan ook vrij zinloos, en zou deze dan ook graag afsluiten. Hij zegt dat in deze laatste raadsperiode er geen uitspraken meer worden gedaan en dit voor het nieuwe college is. Mevrouw Roggeveen (PvdA) ondersteunt de laatste woorden van de heer Groenewegen. De PvdA vindt de ontwikkeling en het in stand houden van Natura 2000 gebieden erg belangrijk voor Westvoorne. De PvdA ondersteunt wel het plan van de Natuur- en milieufederatie dat een onderdeel is van de verdere gebiedsvisie. Vervolgens is de PvdA blij dat er nu door de gemeente samengewerkt gaat worden met de agrarische sector. Mevrouw Roggeveen zegt het wel te betreuren dat de agrarische sector slecht is geïnformeerd door de LTO afdeling vanuit de provincie, en is blij dat de agrariërs zelf een actieve rol spelen. De PvdA juicht een compensatie op Voorne toe, maar dan wel in overeenstemming met alle partijen. Tenslotte hoopt mevrouw Roggeveen dat er op termijn in overleg tot een goede gebiedsvisie wordt gekomen. Vervolgens wordt op verzoek van wethouder Van der Pol de vergadering geschorst van 18.05 tot 18.20 uur. Namens het college legt de voorzitter een verklaring af.

Hij zegt dat het proces van het masterplan van de Natuur- en milieufederatie Zuid-Holland een proces in wording is, en waartoe de milieufederatie een kansenkaart heeft gepresenteerd. Deze publicatie heeft een dynamiek gekregen, zowel in de politiek als in de samenleving die te betreuren valt en ongewenst is. Namens het college is het traject van de milieufederatie op verschillende momenten onderwerp van bespreking geweest, of aan is gerefereerd (cie Beeldvorming van 9 juni 2022 en cie GG & Milieu van 31 oktober 2022). Tussentijds heeft de raad een raadsinformatiebrief van het college ontvangen op 12 september jongstleden. Het doel hiervan was om de raad zo goed mogelijk te informeren over het traject van de milieufederatie, en de (niet) betrokkenheid van de gemeente, en de context waarin e.e.a. plaatsvindt. Het college constateert dat na de commissievergadering van 31 oktober jongstleden de brief voor veel raadsleden niet het gewenste resultaat heeft gehad, en de brief veel vragen oproept. Op 4 november jongstleden is de raad geïnformeerd dat het college deze brief intrekt.

8

De raad is eveneens geïnformeerd over de brief die het college aan de milieufederatie heeft gestuurd. Het is echter aan de milieufederatie om te beslissen wat zij met het eigen proces doet, maar het college van Westvoorne vindt het verstandig dat de milieufederatie haar plan te zijner tijd aanbied aan de raad en het college van Voorne aan Zee. Het college van Westvoorne heeft de milieufederatie verzocht haar werkzaamheden in het traject van het masterplan op te schorten tot de nieuwe gemeente Voorne aan Zee daar is. Het college hecht aan een integrale afweging, waarin ook de inbreng van andere betrokken partijen is gewaarborgd. De inbreng van LTO Noord is hierbij essentieel. Een voldragen inbreng van alle betrokken partijen kan leiden tot de juiste discussie op basis van verifieerbare feiten en/of onderbouwde meningen. Dit stelt de gemeenteraad van Voorne aan Zee in staat om tot een afgewogen oordeel te komen van alle inbreng van de betrokken partijen. Met betrekking tot de aard van de medewerking van de gemeente Westvoorne zegt hij, dat het plan van de milieufederatie een initiatief is van de milieufederatie. Er is door het college van Westvoorne of namens het college geen enkele rol gespeeld bij de keuze van de milieufederatie om dit initiatief te nemen.

De ambtelijke organisatie is op een zeker moment door de milieufederatie benaderd om inzicht te geven over reeds lopende zaken in de gemeente, die passend zouden zijn in het masterplan. De burgemeester zegt dat deze informatie is verstrekt. De wijze waarop deze informatie is verwerkt door de milieufederatie is door de organisatie op juistheid van inbreng beoordeeld. Hij benadrukt, dat het verstrekken van informatie niet hetzelfde is als draagvlak geven aan het plan. Het traject van de milieufederatie heeft niet geleid tot nieuwe planvorming binnen het college, laat staan tot enerlei wijze van verwerken in de begroting. Dit geldt dus ook voor het genoemde bedrag van 10 miljoen euro waar vragen over zijn gesteld. Het gebruik van het logo van de nieuwe gemeente Voorne aan Zee op de website van de milieufederatie heeft zowel de raad als het college geïrriteerd. Het college denkt dat dit een zeker aanleiding is geweest voor deze problematiek. Bij de behandeling van de motie op 6 juli heeft het gebruik van het logo tot vraagtekens geleid. Er is toen aan het college verzocht om de milieufederatie dit logo te laten verwijderen. Het college heeft dit na de raadsvergadering van 6 juli meerdere malen kenbaar gemaakt bij de milieufederatie. Het verwijderen van het logo is inmiddels gebeurd, maar veel te laat.

De voorzitter hoopt dat deze verklaring namens het gehele college, en de aanvullende verklaring van de wethouder die hierop nog volgt, tot de gewenste duidelijkheid leidt bij de raad. Hij hoopt dan ook na deze vergadering op goede voet met elkaar door te kunnen gaan tijdens de laatste dagen van deze gemeente. Wethouder Van der Pol zegt dat het college sinds 2020 de raad een aantal keren heeft geïnformeerd over de stand van zaken met betrekking tot het stikstofproces. Hierbij is altijd gestreefd naar een transparante informatieoverdracht over de problematiek in Voornes Duin, en ook de inzichten die er waren ten aanzien van de stikstofaanpak, en hoe dit zich verhoudt tot de bronnen. De wethouder zegt dat e.e.a. is gepresenteerd in beeldvormende commissievergaderingen. Zij zegt het te betreuren dat de raad zich onvoldoende geïnformeerd voelt, met name ook doordat de raad maar 1 gespreksverslag heeft ontvangen. De wethouder zegt het overige gespreksverslag zo snel mogelijk toe te zullen sturen. Vervolgens benadrukt de wethouder, dat het plan van de Natuur- en milieufederatie geen plan is van de gemeente, en niet op initiatief van de gemeente tot stand is gekomen. De gemeente heeft medewerking verleend door het aanleveren van data, en hierover gesprekken te hebben gevoerd.

Wanneer de gemeente wordt benaderd door maatschappelijke organisaties over haar gebied is het gebruikelijk aan deze vraag tegemoet te komen. Aan de Natuur- en milieufederatie is meegegeven dat recreatie, klimaatadaptatie en een integrale afweging belangrijk is. Het proces met de provincie in het kader van de NPLG aanpak moet nog starten, en daarin kunnen verschillende partijen, dus ook de natuur- en milieufederatie, en LTO Noord hun inbreng doen, en kan er een integrale afweging worden gemaakt.

9

Het college heeft LTO Noord aangeboden om hun bij dit proces te ondersteunen, om gebied specifieke kennis aan te dragen, die zij kunnen gebruiken om in het proces mee te nemen. De eerste gesprekken in dit kader worden gepland. De wethouder zegt dat de uitkomst van het proces zal leiden tot een nieuw plan, waarin een integrale afweging wordt gemaakt. De gemeente en de provincie moeten erop toezien dat er een eerlijk proces plaatsvindt, waarin alle partijen hun inbreng kunnen hebben. Iedereen in dit proces die hierin belang heeft mag hierin inbreng hebben, en wanneer dit leidt tot nieuwe inzichten en nieuwe plannen zullen die worden voorgelegd aan de gemeenteraad. Mevrouw Krajenbrink (GBW) zegt dat er nu al uren wordt gesproken over een proces, maar dat er nog geen schot in zit. De fractie van GBW is groot voorstander voor een integrale aanpak, maar zegt die wel te hebben gemist door het logo van de gemeente Voorne aan Zee, dat door de Natuur- en milieufederatie boven de kansenkaart is geplaatst. De Natuur- en milieufederatie is een belangrijk onderdeel van dit proces, en zal dus zeker meegenomen worden in de besluitvorming van de provincie richting de gebiedsvisie. De fractie van GBW zegt van mening te zijn, dat er moet worden begonnen bij de bron (de agrarische sector).

GBW vindt het belangrijk dat de agrarische sector met een plan komt, omdat deze sector op dit moment wordt gemist. De heer Mulder (D66) zegt een goed antwoord te hebben gekregen op de vragen die hij heeft gesteld, en de verdere beraadslaging af te wachten. De heer Mentink (VVD) bedankt voor de duidelijke verklaringen die zijn gegeven. Hij zegt dat er nog steeds wordt gesuggereerd dat de gemeente actief heeft meegewerkt, omdat meedenken in de ogen van de VVD meer is dan alleen informatie verstrekken. Het is van belang dat wanneer de gemeente wordt benaderd gekeken moet worden in welke vorm deze medewerking wordt verleend. De raad moet duidelijk aangeven aan de nieuwe raad hoe Westvoorne dit had gewild. Hij zegt eveneens gelezen te hebben in de brief dat er door de gemeente een aantal pilotprojecten zijn aangedragen, vanwege aanvullende financieringsmogelijkheden voor deze projecten. De VVD is vervolgens van mening, dat er in de provinciale stikstofkamer door de Natuur- en milieufederatie wordt gesuggereerd dat gemeenten actief meewerken. Vervolgens wordt de kansenkaart wel gezien als inbreng in het nationaal programma, en dit vindt de VVD totaal ongewenst. Naar aanleiding van de verklaring waarom het logo niet eerder kon worden verwijderd zegt de heer Mentink zich hierover zeer te verbazen, omdat dit met 1 telefoontje kan worden geregeld.

De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt dat er al vanaf september 2021 gesprekken worden gevoerd, en er ambtelijke ondersteuning is voor de Natuur- en milieufederatie. Hij zegt dat dit haaks staat op de woorden dat de raad goed is geïnformeerd. De heer Noordermeer zegt dat Partij Voorne aan Zee zich slecht voelt geïnformeerd. Vervolgens vraagt hij waarom LTO Noord sinds kort pas gesprekspartner is in dit dossier, hij vindt dat dit eerder had moeten gebeuren. De heer Noordermeer vraagt nogmaals of het college in de afgelopen periode initiatieven heeft ontplooid, zowel ambtelijk als bestuurlijk om uitvoering te geven aan financiële bijdragen voor projecten, zoals die worden aangegeven op de kansenkaart, dan wel projecten verwoord in de commissie van 3 juni en 31 oktober jongstleden. Vervolgens vraagt de heer Noordermeer of de gemeente heeft meegewerkt, of dat er informatie is aangeleverd aan de Natuur- en milieufederatie, dit omdat dit 2 maal anders is gezegd. De heer Noordermeer stelt opnieuw zijn vragen die nog niet zijn beantwoord: Hij constateert, dat het college zegt dat er geen projecten klaarstaan in samenhang met de groene buffer, en de wethouder zegt dat er door haar inzet een bufferzone komt. De wethouder zegt achter het masterplan en de kansenkaart van de natuur- en milieufederatie te staan, het college geeft aan dit niet te doen.

10

De wethouder heeft aangegeven dat zij het niet handig vond om het masterplan en de kansenkaart naar buiten te brengen. De heer Noordermeer vraagt of zij hiermee bedoelt dat dit geheim had moeten blijven. De ambtelijke inzet die vanaf september 2021 is gepleegd was niet opgenomen in de begroting, en is ook niet aan de raad gevraagd. De heer Noordermeer vraagt waarom de wethouder ervan uit is gegaan dat het goed was om zo te handelen. De heer Sommeling (Vrij Voorne) bedankt voor de verklaringen, en zegt geen verdere vragen te hebben. De heer Heijndijk (IBW) bedankt eveneens de voorzitter en de wethouder voor de duidelijke uitleg en beantwoording. Hij is van mening, dat er met een schone lei moet worden begonnen in de nieuwe gemeente Voorne aan Zee. Met betrekking tot de ambtelijke ondersteuning aan de Natuur- en milieufederatie vraagt ook de heer Heijndijk of er is meegewerkt, of dat er alleen informatie is gegeven. Hij zegt dat dit nog niet duidelijk is. De heer Groenewegen (CDA) zegt blij te zijn met de beantwoording door de voorzitter en de wethouder. Hij is vervolgens van mening, dat er naar de toekomst moet worden gekeken, en de nieuwe gemeente Voorne aan Zee hiermee verder kan gaan. Het is van belang dat alle partijen die hierin belangen hebben hierbij worden betrokken.

De heer Groenewegen is het er niet mee eens dat er nu gezegd wordt, dat er niet gesproken mag worden met de Natuur- en milieufederatie. Mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt geen vragen meer te hebben, en het jammer te vinden dat het proces op deze wijze van start is gegaan. De voorzitter zegt met betrekking tot het informeren van de raad en de informatie die is verstrekt aan de Natuur- en milieufederatie, dat de gemeente data en informatie heeft gegeven aan de milieufederatie, en dat er geen sprake is geweest dat er medewerking is verleend aan het masterplan en de kansenkaart. Hij benadrukt nogmaals dat het normaal is dat er antwoord wordt gegeven als partijen, in dit geval de milieufederatie vragen stelt. De voorzitter zegt nogmaals dat het traject van de milieufederatie niet heeft geleid tot initiatieven op basis van het masterplan. De vergadering wordt vervolgens geschorst van 19.00 tot 19.20 uur. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt dat er door de wethouder is gezegd dat er is meegewerkt, en dit haaks staat op de woorden dat het college niet achter het masterplan staat. De voorzitter zegt dat het van belang is of de gemeente sturing heeft gegeven aan het masterplan. Hij zegt dat de gemeente hieraan geen sturing heeft gegeven. Wethouder Van der Pol zegt dat het hier gaat om informatieverstrekking aan de milieufederatie.

De heer Mentink (VVD) vraagt aan de wethouder of zij de milieufederatie steunt dat er gewerkt wordt aan een bovenwettelijk plan. Wethouder Van der Pol zegt dat de gemeente niet bezig is met bovenwettelijke maatregelen, en dat er op dit moment geen plannen in voorbereiding zijn, of met het college, of op ambtelijk niveau. Er wordt een eerlijk proces voorbereid, waarbij alle belangen afgewogen worden en er een integraal plan komt te liggen, waar o.a. natuur, landbouw, klimaat etc. een plek in zullen krijgen. Er zijn ambtelijk openbare zaken ingebracht conform staand beleid, en geen zaken die op eigen initiatief zijn ingebracht. Zij zegt dat het hier gaat om informatieverstrekking naar aanleiding van vragen van de milieufederatie. Zij zegt dat het

11

college geen afstand heeft genomen van de inbreng van de milieufederatie, omdat iedere partij die hierin belangen heeft haar inbreng mag geven. Zij benadrukt, dat het er nog niet om gaat wat het college of de raad hiervan vindt, dit zal pas plaatsvinden in het proces dat nog moet starten. De wethouder betreurt het ten zeerste, dat er zoveel onrust is ontstaan en zegt dat het haar spijt als zij hierin een aandeel heeft gehad, en zegt dat dit nooit haar bedoeling is geweest. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) dient vervolgens namens de fracties van GBW, IBW, Vrij Voorne en Partij Voorne aan Zee een motie Masterplan Voorne aan Zee in (zie bijlage). De motie wordt door de heer Noordermeer toegelicht. De heer Mentink (VVD) zegt de motie sympathiek te vinden, maar is van mening dat er een krachtiger signaal moet worden afgegeven, en ziet graag dat er namens het college een brief wordt gestuurd in plaats van een motie. De heer Groenewegen (CDA) zegt na de woorden van de wethouder de motie niet te ondersteunen, en dit een verkeerd signaal te vinden en sluit zich aan bij de woorden van de VVD om door middel van een brief een krachtig signaal af te geven. Mevrouw Roggeveen (PvdA) en de heer Mulder (D66) sluiten zich bij bovengenoemde sprekers aan. Wethouder Van der Pol zegt dat er zaken in de motie staan die onjuist zijn, en deze niet over te zullen nemen.

Zij zegt zich te kunnen vinden in het voorstel van de VVD om namens het college een brief te sturen, waarin duidelijk wordt verwoord hoe de gemeente dit proces voorstaat, waarin de rol en een eerlijke afweging wordt geduid, en waarin wordt aangegeven wat de raad belangrijk vindt in dit proces. De voorzitter zegt toe, dat de brief de volgende dag wordt opgesteld, en dat ook de brief die naar de milieufederatie is gestuurd ter informatie hieraan zal worden toegevoegd. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt de motie zoals deze er ligt in stemming te willen brengen. De motie wordt vervolgens in stemming gebracht. De heer Kraaijenbrink (GBW) zegt in een stemverklaring voor de motie te stemmen, omdat er op dit moment nog geen brief is opgesteld. Wanneer er wel een brief was geweest, had hij niet ingestemd met de motie. Hij zegt op dit moment te kiezen voor zekerheid. De heer Mentink (VVD) zegt in een stemverklaring tegen de motie te zullen stemmen in deze vorm. Hij gaat ervan uit dat de brief tot stand zal komen in samenwerking met de heer Noordermeer. De heer Mulder (D66) zegt in een stemverklaring tegen de motie te zullen stemmen. De motie is door de toezegging van het college om deze brief te sturen overbodig geworden. De heer Sommeling (Vrij Voorne) vraagt om een schorsing van de vergadering. De vergadering wordt geschorst van 19.42 tot 1947 uur.

De heer Sommeling (Vrij Voorne) zegt in een stemverklaring voor de motie te stemmen, maar van mening is dat er ook een brief moet worden gestuurd. Mevrouw Krajenbrink (GBW) en de heer Heijndijk (IBW) zeggen in een stemverklaring voor de motie te stemmen, maar eveneens van mening te zijn dat er ook een brief moet worden gestuurd.

12

De motie wordt vervolgens met 6 stemmen voor (PVaZ, IBW, GBW, Vrij Voorne) en 7 stemmen (CDA, D66, PvdA, VVD) tegen verworpen. 6.

Sluiting.

De voorzitter sluit de vergadering om 19.49 uur.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 14 december 2022 de griffier, de voorzitter.

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12121564/2