verslag cieGGM 12
Tekst van het document
Verslag van de digitale vergadering van de commissie Grondgebied en Milieu, gehouden op maandag 6 december 2021 om 19.30 uur. Aanwezig
: mevrouw R.M. Roggeveen en de heren C.B. Mentink, N.A.M. Groenewegen, E.G. Mulder, A. van Vliet, W.A. Sjoukes, J. Noordermeer, G. Plantinga, P. Kraaijenbrink en F. den Hoed.
Mede aanwezig
: wethouders mevrouw L. van der Pol en de heer H. de Graad.
Voorzitter
: de heer J.W.J. Driesprong.
Cie. griffier
: mevrouw S. van Leeuwen.
Notuliste
: mevrouw M. van Eijsden-Briggeman.
1.
Opening.
De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. 2.
Vaststelling agenda.
Mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt dat in het presidium is besloten om agendapunt 14: ‘Motie van gemeente Nissewaard “Oproep tot wetswijziging afschaffing 6-maanden toetsing huur” van de agenda af te voeren. De voorzitter zegt dat agendapunt 14 van de agenda wordt verwijderd. 3.
Mededelingen.
Wethouder v.d. Pol zegt dat het initiatief om zonne-energie op te wekken aan de Konneweg in Tinte erg complex is en de voorbereiding om deze maand de raad hierover een uitspraak te laten doen vertraagd is. Zij zegt dat door de initiatiefnemer het verzoek is gedaan om het project in de commissie van januari te presenteren. Zij vraagt in het presidium te willen bespreken om dit dan in de commissie GG&Milieu te doen, omdat dit onderwerp ook in deze commissie wordt behandeld. De heer Groenewegen (CDA) doet enige mededelingen uit de adviescommissie Vervoersautoriteit MRDH. Hij zegt dat er als gevolg van COVID-19 zorgen zijn geuit over het openbaar vervoer en dan met name op financieel gebied en met betrekking tot het personeelstekort. Vervolgens lopen hoofdzakelijk in de spits de reizigersaantallen weer terug, hetgeen te maken heeft met de schooljeugd. Hij zegt dat er door het Rijk tot 1 januari 2023 een beschikbaarheidsvergoeding (voor het openbaar vervoer) voor 90% is toegezegd. Hij zegt dat dit betekent dat er haltes en buslijnen geschrapt worden. Op Voorne-Putten zijn er op dit moment nog geen veranderingen. Vervolgens zegt de heer Groenewegen dat er te zijner tijd voor de gemeenten in de Metropoolregio 70 tot 80% subsidie beschikbaar komt voor het aanleggen van fietspaden.
Hij vraagt om in het presidium meer aandacht te besteden aan de Metropoolregio en om het fietsplan in de commissie Beeldvorming onder de aandacht te willen brengen. De mededelingen worden voor kennisgeving aangenomen.
1
4.
Rondvraag.
Mevrouw Roggeveen (PvdA) vraagt of via het presidium kan worden besproken of het mogelijk is om het facet bestemmingsplan geluid in de commissie te bespreken. Wethouder v.d. Pol stelt voor om door de DCMR een presentatie te laten voorbereiden en deze in de commissie te presenteren. De voorzitter zegt dat het verzoek in het presidium wordt besproken. De heer Mulder (D’66) zegt in de krant te hebben gelezen dat de provincie akkoord is met de verplaatsing van voetbalvereniging Rockanje. Hij vraagt wanneer de commissie hierover met elkaar in gesprek kan gaan. Wethouder De Graad zegt dat de raad hierover reeds is geïnformeerd door middel van een raadsinformatiebrief en het nog te opportuun is om hier nu al over te spreken. De commissie geeft aan geen raadsinformatiebrief over dit onderwerp te hebben ontvangen. De wethouder zegt dat er 3 weken geleden door de provincie mondeling is toegezegd dat zij akkoord gaan met de verplaatsing van de voetbalvereniging, zodat er ruimte op de Drenkeling ontstaat. Hij zegt dat dit binnenkort in de commissie aan de orde zal komen. De raadsinformatiebrief zal alsnog worden toegezonden. De heer Plantinga (GbW) zegt dat er bij de MRDH is gesproken over de plaatsing van 5G masten en hij vraagt of er al enig idee is waar die moeten worden geplaatst. Vervolgens vraagt hij naar de stand van zaken met betrekking tot de aanleg van glasvezel in Westvoorne.
Wethouder v.d. Pol zegt dat de commissie reeds een stuk heeft ontvangen hoe om te gaan met beleid rondom 5G. Zij zegt dat dit grote ontwikkelingen zijn waar expertise voor nodig is en de MRDH reeds een club van experts heeft opgericht en deze nauwlettend wordt gevolgd. De wethouder zegt de commissie om kaders te zullen vragen wanneer e.e.a. actueel wordt. Met betrekking tot de aanleg van glasvezel zegt de wethouder de laatste stand van zaken op te zullen vragen bij de initiatiefnemer. De heer Groenewegen (CDA) vraagt naar de stand van zaken met betrekking tot de huisvesting van arbeidsmigranten en zegt het belangrijk te vinden dat hier snel duidelijkheid over komt. Wethouder De Graad zegt dat de grote lijnen door de provincie aangegeven moeten worden en dit nog niet bekend is. Het heeft daarom nog geen zin om hiervoor beleidskaders vast te stellen. De wethouder zegt wanneer er vanuit de provincie meer duidelijkheid is over het te voeren beleid dat dit kan worden opgenomen in de kaders. De heer Mentink (VVD) zegt gelezen te hebben dat de toewijzing van woningen aan eigen inwoners waarschijnlijk wordt opgetrokken van 25 naar 30% en vraagt wat deze verhoging van 5% betekent voor Westvoorne en het gemeentelijk woonbedrijf aangaande de huurwoningen en goedkope koopwoningen. Hij merkt op dat er nog steeds een grote behoefte is aan woningen voor de eigen inwoners.
Wethouder De Graad zegt dat deze 5% geen lucht geeft op de woningmarkt. Hij zegt dat er op Voorne wordt gekeken op welke wijze de doorstroming kan worden bevorderd. De wethouder zegt dat er een toelichting zal komen met betrekking tot het functioneren van de woningmarkt op Voorne.
2
De heer Mulder (D’66) merkt op dat de gemeente Utrecht met betrekking tot de huisvesting van eigen inwoners erg creatief te werk gaat. Hij vraagt aandacht voor de creatieve vondsten die inmiddels in Nederland zijn gedaan. 5.
Verslag commissievergadering 8 november 2021.
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 6.
Overzicht van toezeggingen.
Het overzicht van toezeggingen wordt voor kennisgeving aangenomen. 7.
Brief actiecomité Aanwonenden Strandweg (AAS).
Namens het actiecomité Aanwonenden Strandweg zijn aanwezig de heren Christiaanse en Soetens. De heer Christiaanse zegt dat de commissie de uitgebreide brief van het actiecomité heeft ontvangen en hij vanavond deze in het kort zal toelichten. Hij zegt dat de aanwonenden van de Strandweg al jaren geluidsoverlast ervaren. Het probleem richt zich op geluidsoverlast door het verkeer dat te hard rijd over de Strandweg, de harde muziek in de auto en een verslechtering van het wegdek door zeer beperkt, en voor ZOAB onvoldoende onderhoud. In combinatie met een toename van badgasten in het zomerseizoen, ontwikkeling c.q. nieuwbouw ‘De Drenkeling’ en afsluiting van toeleidingswegen voor vrachtverkeer leidt dit tot een verhoogde verkeersintensiteit. Vervolgens zegt hij dat er een aanzienlijk geluid is door terugkaatsing van de hoger opgetrokken geluidswal aan de overzijde van de Strandweg. De geluidswal dient volgens het bestemmingsplan 1.65 boven het maaiveld te liggen en de omwonenden menen dat de wal in de loop van de jaren is ingeklonken. De heer Christiaanse zegt dat de aanwonenden graag zien dat er een geluidsonderzoek wordt uitgevoerd en hij vraagt de commissie dit te willen ondersteunen en in samenspraak met de aanwonenden te komen tot geluidsremmende maatregelen en handhavend op te treden zodat er niet meer hard wordt gereden.
De heer Mentink (VVD) vraagt of de aanwonenden zelf ideeën hebben hoe e.e.a. opgelost zou kunnen worden. Mevrouw Roggeveen (PvdA) vraagt of de heer Christiaanse als burger al eens bij een burgerparticipatietraject betrokken is geweest over deze problematiek. De heer Mulder (D’66) vraagt zich af of het niet beter zou zijn om gelijk een onderzoek naar geluidswerende maatregelen te starten omdat anders de kans bestaat dat het in twee stukken wordt geknipt. Hij zegt het belangrijk te vinden dat de focus ligt bij een oplossing. Vervolgens vraagt hij naar de visie van het actiecomité aangaande de tijdslijn waarop dit aangepakt zou kunnen worden. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt het een goede zaak te vinden dat een groep mensen zich verenigt en een probleem aan de orde stelt. Hij sluit zich vervolgens aan bij de woorden van de heer Mulder om niet alleen te kijken naar het geluidsniveau, maar ook naar de oplossingen die er zijn. Tenslotte hoopt de heer Noordermeer dat het onderzoek binnen niet al te lange termijn kan worden uitgevoerd.
3
De heer Van Vliet (IBW) sluit zich aan bij de woorden van de heren Mulder en Noordermeer. De heer Plantinga (GbW) is het eens met de vorige sprekers. Hij vraagt vervolgens of het mogelijk is om van de Strandweg een pilotproject te maken en de weg in te richten als een 30 km. weg. Hierbij zou dan ook de toplaag kunnen worden vervangen. De heer Christiaanse zegt dat het actiecomité denkt aan oplossingen, zoals het verhogen van de geluidswal en hierop begroeiing aan te brengen. Hij geeft vervolgens aan dat de grootste overlast zit in de piekbelasting waarmee automobilisten met hoge snelheid over de Strandweg rijden. Het actiecomité is van mening dat het wegvak anders ingericht zou moeten worden zonder dat er voortdurend afgeremd hoeft te worden, maar er hierdoor wel minder hard gereden kan worden. Vervolgens denkt zij aan een geluidsreducerende toplaag en juicht een 30 km/h-zone van harte toe. Ook een bewustwordingscampagne zou wellicht kunnen bijdragen. De heer Christiaanse zegt dat hij via facebook heeft deelgenomen aan het burgerparticipatietraject inzake de RES. Hij zegt dat het actiecomité graag een geluidsonderzoek zou willen en juicht het toe als ook een onderzoek naar geluidswerende maatregelen zou worden gedaan. Het probleem speelt al ruim 20 jaar en het zou mooi zijn als er voor de zomer wat gedaan zou kunnen worden.
De heer Groenewegen (CDA) is van mening dat de klachten van de bewoners serieus moeten worden opgepakt. Uit de brief van het actiecomité proeft hij een beetje dat de gemeente hier te gemakkelijk over denkt. Hij vraagt om met de bewoners en verkeerskundigen om tafel te gaan en te zoeken naar een voor iedereen aanvaardbare oplossing. De heer Mulder (D’66) zegt dat dit probleem al ruim 20 jaar speelt en vraagt zich af waarom hier dan nog niets aan is gedaan. Hij spreekt zijn waardering uit voor het actiecomité over de wijze waarop dit probleem naar voren wordt gebracht en er ook aandacht wordt gevraagd voor andere delen van Rockanje en Oostvoorne. De heer Mulder ziet dat er een relatie wordt gelegd met de ontwikkeling van de Drenkeling en hij zegt dat dit zou kunnen betekenen dat hierdoor extra druk komt op de bestaande wegen. Hij zegt meer signalen te hebben gehoord over de verkeersafwikkeling rondom de Drenkeling en vraagt eens te willen kijken naar de inrichting van de Strandweg als een 30 km/h-weg. Tenslotte vraagt hij aan de wethouder hoe hij de gesprekken met de bewoners heeft ervaren. De heer Van Vliet (IBW) is van mening dat een 30 km/h-weg lastig zal zijn voor de hulpdiensten, die veel gebruik maken van deze weg. Ten aanzien van de geluidswal merkt hij op, dat door bewoners is aangegeven dat begroeiing als hinderlijk wordt ervaren.
De heer Van Vliet is van mening dat de oplossing gezocht moet worden in het anders inrichten van de weg en er dan ook handhaving plaats moet vinden. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt dat het probleem niet alleen de Strandweg betreft en vraagt daarom breder te willen kijken. Ten aanzien van een 30 km/h-zone zegt hij dat de 4 grote steden reeds het voortouw hebben genomen om de kernen in te richten met een 30 km/h-zone, dus hij vraagt in deze situatie hier ook naar te kijken.
4
Hij is van mening dat door de ontwikkeling van de Drenkeling de verkeersintensiteit op de Strandweg zal toenemen en hij vraagt hier onderzoek naar te doen. Uit het onderzoek moet blijken wat het geluid is in de piekperiode, wat de ontwikkeling van de Drenkeling voor gevolgen zal hebben voor de Strandweg, en integraal te kijken naar de oplossingen die er zijn. Vervolgens zou er ook per oplossing een analyse moeten worden gemaakt van de reductie van het geluid en de kosten. Partij Voorne aan Zee zegt graag een rapport te ontvangen, zodat hierover in de commissie kan worden gediscussieerd. De heer Mentink (VVD) zegt naar aanleiding van de opmerking van de heer Noordermeer over de grote steden dat er ook wettelijke beperkingen zijn wanneer een weg als een 30 km/ h-zone wordt ingericht. Hij zegt dat er dan ook verkeersremmende maatregelen moeten komen en een groot nadeel is dat er in een 30 km/h-zone niet gehandhaafd gaat worden. De VVD denkt dat er aan andere oplossingen moet worden gedacht. De heer Mentink zegt dat eerst de verkeersbewegingen zullen moeten worden gemeten en dit over een langere periode moet worden gedaan. Vervolgens moet de gemiddelde snelheid op de Strandweg worden gemeten en zal het geluid moeten worden gemeten. De VVD is van mening dat dit minimaal gedurende een periode van 6 maanden moet worden gemeten om een goed beeld te kunnen krijgen.
Vervolgens vraagt hij hoe oud het verkeerscirculatieplan Rockanje is en of dit nog voldoet aan de eisen die nu worden gesteld. Ten aanzien van het aanbrengen van een geluidsreducerende toplaag vraagt de heer Mentink wanneer deze weg staat ingepland voor groot onderhoud, zodat dit wellicht meegenomen kan worden. Tenslotte vraagt de heer Mentink er voor te waken dat dit punt vanwege de drukte rondom de fusie niet blijft liggen, maar voortvarend wordt opgepakt. De heer Plantinga (GbW) zegt dat het rijden met een veel te hoge snelheid niet alleen een probleem is op de Strandweg, maar dat dit geldt voor geheel Westvoorne en hij van mening is dat de handhaving moet worden verbeterd. Hij vraagt vervolgens te kijken of geluidsarm asfalt zoals aan de Ruy, wellicht voor de Strandweg ook een oplossing zou kunnen zijn. Tenslotte zegt hij dat het in feit gaat om de mentaliteit van de weggebruikers en wanneer hier niets aan gedaan wordt dit zal verergeren. Mevrouw Roggeveen (PvdA) vindt de combinatie van een verkeers- en een geluidsonderzoek belangrijk. Zij vindt dat de burgers moeten worden meegenomen in een burgerparticipatietraject zodat een oplossing zo breed mogelijk gedragen wordt. Wethouder De Graad zegt een 3-tal gesprekken te hebben gevoerd met de omwonenden van de Strandweg, de gesprekken goed zijn verlopen en hij zegt goed naar de omwonenden te hebben geluisterd.
Hij zegt vervolgens dat er vanaf 2016 een onderzoek is gedaan door de DCMR naar de geluidsbelasting op de gevel van de woning van een oud raadslid. Hieruit bleek dat de geluidsbelasting op de gevel van 3 meter hoogte binnen de norm was. Dit onderzoek is objectief uitgevoerd en beschikbaar gesteld. De wethouder zegt het te betreuren dat er behoorlijk wat verkeershufters zijn die overlast geven, maar zegt dat hier weinig aan te doen is omdat dit voornamelijk een gedragsprobleem betreft. Hij zegt dat er is gekeken naar de fysieke omgeving van de Strandweg en het asfalt voldoende is. Het type verharding dat daar ligt heeft een geluidswerende kwaliteit en 2x per jaar wordt het asfalt gecontroleerd. Het asfalt voldoet aan de eisen die ten tijde van de aanleg zijn gesteld. De wethouder zegt dat er vooralsnog geen reden is om het asfalt te vervangen.
5
Ten aanzien van de oplossing om een 30 km/h- zone in te stellen zegt de wethouder, dat de Strandweg een rondweg is, en tevens een ontsluitingsweg en een 30 km/h-weg dan niet gebruikelijk is. Vervolgens zegt hij dat er bij een 30 km/h- zone door de politie niet meer gehandhaafd wordt omdat een 30 km/h- zone zelf handhavend is. Hij zegt dat binnenkort een raadsinformatiebrief aan de raad wordt toegestuurd met betrekking tot de verkeersveiligheid in deze gemeente. Hij bestrijdt dat Westvoorne onveilig is en zegt dat uit statistieken is gebleken dat Westvoorne de veiligste gemeente in Zuid-Holland is. Er zullen echter zeker wel een aantal plekken zijn waar verbetering nodig is. De wethouder zegt vervolgens een geluidsonderzoek te willen laten uitvoeren wanneer de raad hiervoor middelen beschikbaar wil stellen. Hij zegt dat hiervoor binnen de begroting geen ruimte is. Het onderzoek zou dan in het laag- en hoogseizoen moeten plaatsvinden om ook te kijken wanneer de piekbelasting het hoogst is. Om het aantal verkeersbewegingen te weten zal er 4 seizoenen moeten worden gemonitord. Er is reeds een matrixbord geplaatst en dit geeft aanleiding tot nader onderzoek. De bewoners zullen worden meegenomen in een burgerparticipatietraject. Met betrekking tot de opmerkingen over de geluidswal zegt de wethouder dat het een aanname is dat deze ingeklonken is.
De Wethouder geeft aan dat de geluidswal prima is. Ten aanzien van een extra belasting als gevolg van de ontwikkeling van de Drenkeling zegt de wethouder dat voor fase I een onderzoek is uitgevoerd naar de verkeersbewegingen en dit ook voor fase II en III zal worden gedaan. De wethouder zegt dat het verkeer zeker zal toenemen in de komende jaren, maar nog ruim binnen de rekenmodellen zal blijven, en hij verwacht niet dat deze toename voor grote overlast zal zorgen. Vervolgens zegt de wethouder dat het verkeerscirculatieplan uit 1998 redelijk actueel is. De wethouder zegt dat de intentie is om een oplossing te zoeken voor dit probleem. Hij zegt dat de commissie zal worden voorzien van de juiste informatie zodat zij een goed besluit kan nemen. De heer Christiaanse zegt dat het gesprek met wethouder De Graad goed is verlopen. Vervolgens zegt hij dat uit het gesprek naar voren kwam dat de geluidsreducerende kwaliteiten van de toplaag geen onderdeel uitmaken van de kwaliteitscontrole van het asfalt. Het actiecomité is van mening, dat dit wel onderdeel zou moeten zijn. De heer Christiaanse zegt vervolgens nog steeds geen helderheid te hebben over wijzigingen in het rapport van de DCMR uit 2016. Zij zou graag willen weten welke wijzigingen dit zijn geweest.
Hij is het vervolgens met de wethouder eens dat het gaat om een gedragsprobleem en er onder de inwoners ook verkeershufters zijn die stelselmatig te hard rijden. De heer Groenewegen (CDA) is blij dat de wethouder de klachten van de inwoners serieus wil nemen. Hij vraagt om op korte termijn met oplossingen te komen en denkt bijvoorbeeld aan een flitspaal en voor de lange termijn naar de gehele verkeerssituatie in Rockanje te kijken. De heer Mulder (D’66) is van mening dat meten niet zijn prioriteit heeft. Hij zegt dat er gekeken moet worden naar een snel onderzoek dat gericht is op oplossingen. Hij zegt dat op basis van modellen en prognoses, de verkeersdrukte en de intensiteit die ontstaat als gevolg van een aantal factoren uitgerekend kan worden. Vervolgens is de heer Mulder van mening dat het goed zou zijn als het verkeerscirculatieplan zou worden geactualiseerd. Hij zegt van mening te zijn dat er maatregelen genomen moeten worden die toekomstbestendig zijn.
6
De heer Plantinga (GbW) zegt naar aanleiding van de opmerking van de wethouder dat de politie in een 30 km/h- zone niet meer zou handhaven, dat handhaving ongeacht de maximum snelheid die gereden mag worden moet plaatsvinden. De heer Van Vliet (IBW) spreekt de hoop uit dat er snel oplossingen worden gevonden die de overlast voor de omwonenden verminderen. Mevrouw Roggeveen (PvdA) is blij dat er gesprekken zijn geweest met de bewoners en dat het probleem bekend is. Zij zegt er voorstander van te zijn, dat er op korte termijn een verkeerskundig onderzoek wordt uitgevoerd door een verkeerskundig adviesbureau. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) sluit zich aan bij de woorden van de heer Mulder en zegt dat de modellen en data reeds beschikbaar zijn. Vervolgens vraagt de heer Noordermeer het college te kijken naar een actualisatie van het verkeerscirculatieplan Rockanje. Hij zou graag het college door middel van een raadsbesluit de opdracht geven voor een onderzoek naar de situatie aan de Strandweg en de situatie in Rockanje zoals die werkelijk is. Ten aanzien van een 30 km/h- zone zegt hij dat deze vaak niet goed worden ingericht volgens de politie zodat er niet gehandhaafd kan worden. Hij vraagt wanneer een 30 km/h-zone als oplossing zal worden gezien, hier goed naar gekeken moet worden.
De heer Mentink (VVD) zegt dat Westvoorne dan wel de veiligste gemeente van ZuidHolland mag zijn, maar de VVD van mening is dat er in de gemeente nog steeds plekken zijn waar dit verbeterd kan worden. Vervolgens vraagt de heer Mentink zich af hoe hoog de geluidswal moet zijn om het geluid te verminderen, en eveneens wanneer het wegdek wordt voorzien van ander asfalt. Ten aanzien van het verkeerscirculatieplan uit 1998 dat volgens de VVD erg oud is, kan de heer Mentink zich niet voorstellen dat er in al die jaren niet veel veranderd is. De VVD is van mening, dat het verkeerscirculatieplan geactualiseerd moet worden met een vooruitziende blik tot 2030. Wethouder De Graad zegt dat het college op korte termijn met een advies naar de raad zal komen om op korte termijn een geluidsonderzoek uit te voeren. De raad zal via een raadsinformatiebrief worden geïnformeerd wanneer zij dit advies kan verwachten. Ten aanzien van maatregelen op korte termijn zegt de wethoude dat er wordt gewerkt om op een aantal plekken flitspalen te plaatsen. Vervolgens zegt de wethouder ten aanzien van de gesprekken met de omwonenden dat hij op voorhand geen toezeggingen kan doen in gesprekken met burgers zonder dat hij eerst met de commissie en raad heeft gesproken. Hij zegt dat de BOA’s na de gesprekken met de bewoners regelmatig aan de Strandweg zijn geweest.
De wethouder zegt ten aanzien van een 30 km/h- zone dat een weg goed ingericht moet zijn om te kunnen handhaven. Hij zegt vervolgens dat ander asfalt ongetwijfeld wat zal opleveren, maar dit uiteindelijk pas kan worden ervaren door te meten. Hij zegt vervolgens dat het verhogen van de geluidswal 1 of 2 decibel op zou leveren, dit is al eerder onderzocht. Hij zegt dat dit echter niet ten voordele van de bewoners zal zijn. De wijze waarop de burgerparticipatie moet plaatsvinden zal met de commissie worden besproken. Vervolgens stelt de heer Noordermeer voor om de agendapunt 8 t/m 11 in 1 keer als hamerstuk te behandelen. De commissie gaat hiermee akkoord, maar mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt nog een vraag te hebben ten aanzien van agendapunt 9.
7
8.
Ontwikkeling en overeenkomst Sleepseweg 2 Oostvoorne.
De commissie kan zich vinden in het voorstel en stelt voor dit als hamerstuk in de raad te behandelen. 9.
Ontwikkeling en exploitatieovereenkomst Ruigendijk 4 Tinte.
Mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt dat het hier gaat om 2 percelen en zij vraagt of het onmogelijk maken van een bedrijfswoning voor beide percelen geldt. Wethouder De Graad zegt dat deze vraag schriftelijk wordt beantwoord. De commissie kan zich vinden in het voorstel en stelt voor dit als hamerstuk in de raad te behandelen. De heer Mulder (D’66) merkt op, dat wanneer het antwoord op de vraag van mevrouw Roggeveen mocht leiden tot een heroverweging er in de raadsvergadering de mogelijkheid moet zijn hierover te discussiëren. Vervolgens wordt de vergadering geschorst van 21.26 tot 21.35 uur voor een korte pauze. 10.
Ontwikkeling en exploitatieovereenkomst Aelbrechtsweg 16 Oostvoorne.
De commissie kan zich vinden in het voorstel en stelt voor dit als hamerstuk in de raad te behandelen. 11.
Ontwikkeling en planschadeovereenkomst Colinslandsedijk 4 Tinte.
De commissie kan zich vinden in het voorstel en stelt voor dit als hamerstuk in de raad te behandelen. 12.
Raadsinformatiebrief van het college “VTH beleid”.
De heer Groenewegen (CDA) vraagt aan welke oplossingen wordt gedacht om toch kostendekkend te kunnen werken. De heer Plantinga (GbW) plaatst vraagtekens bij het capaciteitstekort en vraagt hoe dit opgelost gaat worden. Hij vraagt vervolgens of dit in de nieuwe gemeente ook het geval zal zijn. De heer Sjoukes (IBW) sluit zich aan bij de woorden van het CDA en GbW. Vervolgens merkt hij op dat het stuk vol staat met termen die onduidelijk zijn voor een leek. Hij vraagt om een publieksvriendelijke versie te maken. Mevrouw Roggeveen (PvdA) zet eveneens vraagtekens bij het capaciteitstekort en vraagt of eventueel de BOA’s kunnen worden ingezet. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt zich te kunnen vinden in het voorstel. Hij zegt dat het belangrijk is om als gemeente prioriteiten te stellen, en alleen te kijken naar zaken die je als gemeente belangrijk vindt om te doen.
8
De heer Den Hoed (VVD) zegt dat de communicatie met de bewoners belangrijk is en het boekje met daarin de belangrijkste punten van het VTH-beleid een belangrijk middel gaat worden. Hij zegt ook de flyer een nuttig instrument te vinden. Vervolgens vraagt hij of het verhogen van de leges de oplossing is voor het capaciteitstekort. Wethouder De Graad zegt dat het capaciteitstekort een probleem is. Hij zegt dat de ambitie hoog is, maar ondanks de inzet van de organisatie niet alle werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd. Hij zegt dat door middel van een jaarplan door de raad een prioritering kan worden aangegeven welke gebieden extra aandacht moeten krijgen, en welke minder. Vervolgens zegt de wethouder dat de BOA’s niet kunnen worden ingezet voor deze werkzaamheden. Tenslotte zegt de wethouder dat het komende jaar zal moeten worden geroeid met de riemen die er zijn. De heer Groenewegen (CDA) zegt te begrijpen dat er prioriteiten gesteld moeten worden, maar hij benadrukt dat er wel gehandhaafd moet worden. Hij vraagt vervolgens of het nieuwe legesmodel kostendekkend zal zijn. De heer Mulder (D’66) zegt de situatie zorgelijk te vinden en is van mening dat er alles aan gedaan moet worden om zo goed mogelijk te handhaven, zodat er later niet al te veel bijsturing noodzakelijk is. Hij merkt op dat er wellicht met extra middelen via uitbesteding naar een oplossing kan worden gezocht.
De heer Plantinga (GbW) sluit zich aan bij de woorden van D’66. Mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt het prioriteitenplan af te wachten en vraagt hier met name aandacht voor het landelijk gebied waar heel wat misstanden bij agrariërs aan de orde zijn. De heer Den Hoed (VVD) vindt het een goede zaak om een prioriteitenplan op te stellen. Hij constateert dat het capaciteitsprobleem vooral aan de orde is bij de vergunningen en vraagt of er wel aan de wettelijke termijnen kan worden voldaan. Wethouder De Graad zegt dat goed zal worden geselecteerd wat wel of geen prioriteit heeft. Ten aanzien van het nieuwe legesmodel zegt hij dat dit niet kostendekkend is, maar er wel wordt geprobeerd om zoveel mogelijk activiteiten kostendekkend te doen. Het is vervolgens moeilijk in te schatten welke initiatieven er zullen komen, en in hoeverre die vergunningsplichtig zijn. De wethouder hoopt dat er volgend jaar kostendekkend kan worden gewerkt, dit zal mede afhangen van de initiatieven van de inwoners. Vervolgens zegt de wethouder dat er nog steeds aan de wettelijke termijnen wordt voldaan. Naar aanleiding van de opmerking van mevrouw Roggeveen zegt de wethouder dat er aandacht is voor de misstanden in het landelijk gebied en dat dit valt onder het landelijk beleid. De commissie kan zich vervolgens vinden in het voorstel. 13.
Brief van college “verzoek heroverwegen standpunt principeverzoek realiseren winkel (Aldi) en woningen in Oostvoorne”. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt dat zijn partij graag zou zien dat er nog eens in gesprek wordt gegaan met Aldi over de mogelijkheden om een winkel of woningen te kunnen ontwikkelen op een andere locatie. Hij denkt hierbij bijvoorbeeld aan de locatie Kleidijk in Oostvoorne.
9
De heer Mentink (VVD) zegt altijd blij te zijn als er een winkelketen is die belangstelling heeft in de gemeente Westvoorne, maar hij van mening is dat hierover al genoeg is gesproken en dat het initiatief niet bij de gemeente ligt. Ten aanzien van de Kleidijk merkt hij op dat dit een doorgaande weg is tussen Oostvoorne en Brielle en hij denkt dat Oostvoorne daarmee niet gebaat is. Hij vraagt om bij de herontwikkeling van Rockanje te kijken of er een partij is die een supermarkt wil ontwikkelen in deze kern. De fractie van de VVD kan zich vinden in het standpunt van het college. De heer Groenewegen (CDA) zegt het eveneens niet verstandig te vinden wanneer er een Aldi aan de Kleidijk gerealiseerd zou worden. Hij vraagt vervolgens naar de motivatie van Aldi om geen supermarkt in Rockanje te realiseren. Hij is tevens van mening dat het initiatief bij Aldi moet liggen om te zoeken naar een locatie in of nabij het centrum. De heer Mulder (D’66) zegt dat een dergelijke voorziening buiten het centrum niet goed is voor de kernen, dus hiervan zeker geen voorstander te zijn. Hij is van mening dat er in Rockanje juist meer behoefte is aan een 2e supermarkt. De fractie van D’66 kan zich vinden in het standpunt van het college. De heer Plantinga (GbW) juicht de initiatieven van een Aldi toe, maar dan wel in het buitengebied.
De heer Sjoukes (IBW) zegt het vreemd te vinden dat er als commissie specifiek over een Aldi wordt gesproken. Hij vindt dat er beter gesproken kan worden over een mogelijkheid voor een 2e supermarkt in Rockanje. Mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt zich te kunnen vinden in het standpunt van het college. Vervolgens zegt zij dat er aan een 2e supermarkt in Rockanje behoefte is. Wethouder De Graad zegt vooralsnog niet opnieuw in gesprek te gaan met Aldi. Ten aanzien van de locatie Kleidijk zegt de wethouder dat dit een mogelijkheid zou zijn, maar een grootschalige Aldi niet in overeenstemming is met het beleid dat door de raad is vastgesteld. Vervolgens zal een supermarkt in het buitengebied geen meerwaarde zijn voor de andere winkels. Het is goed als de koopkracht binnen de gemeente blijft. Een Aldi past niet op de locatie de Ruy, aan de Ruy is woningbouw voorzien. De provincie heeft vervolgens nee gezegd tegen een Aldi op het bedrijventerrein en zal dit ook zeggen over de locatie Kleidijk. De Aldi kiest voor Oostvoorne omdat de afzet in Rockanje onvoldoende is. De wethouder zegt in gesprek te blijven met Aldi wanneer zij met een initiatief komt. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) merkt op dat het aanbod van Aldi niet alleen een winkel betreft, maar ook woningen.
Hij zegt dat Aldi wellicht een serieuze ontwikkelaar kan zijn die de gemeente kan helpen bij het ontwikkelen van woningen. Vervolgens zegt de heer Noordermeer ten aanzien van de opmerking van de wethouder over de mening van de provincie, dat er in Heenvliet ook een supermarkt is gerealiseerd, dus hij vindt dat het college in gesprek moet blijven met Aldi en dat er wellicht in Rockanje bredere mogelijkheden moeten worden bekeken. De heer Groenewegen (CDA) is eveneens van mening dat het college in gesprek moet blijven met Aldi over de mogelijke combinatie met woningbouw. Het verbaast de heer Groenewegen dat er toch commissieleden zijn die een supermarkt in het buitengebied willen.
10
De heer Mentink (VVD) geeft duidelijk aan dat de VVD geen voorstander is van een supermarkt in het buitengebied. De heer Mulder (D’66) sluit zich aan bij de woorden van de VVD. Hij zegt juist te kiezen voor een supermarkt in het centrum van Rockanje. Wethouder De Graad zegt geen meerwaarde te zien in een combinatie met woningbouw, omdat Aldi over een aanzienlijk minder aantal woningen spreekt. De commissie kan zich vervolgens vinden in het voorstel. 15.
Brief van college “voortgang realisatie infrastructurele maatregelen N496/N18”.
De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) is van mening dat het goed is als er een aanpassing plaatsvindt. Hij vraagt vervolgens te kijken naar de mogelijkheden voor een fietstunnel voor het langzame verkeer. Hij denkt dat dit wenselijk is wanneer hier veel vrachtverkeer passeert, en dit een calamiteitenroute wordt, en dit dus veilig zou moeten worden gemaakt. Hij vraagt vervolgens om ook de aansluiting naar de Pinnepot veiliger te maken. De heer Groenewegen (CDA) sluit zich aan bij de woorden van de heer Noordermeer en zegt dat wanneer dit tot de mogelijkheden behoort het CDA hier blij mee zou zijn. De heer Mulder (D’66) sluit zich aan bij bovenstaande sprekers. Hij zegt benieuwd te zijn naar het tempo waarop dit gerealiseerd zou kunnen worden, omdat er nogal wat blokkades zijn in het gebied met betrekking tot het verwerven van grond. De heer Plantinga (GbW) zegt het belangrijk te vinden dat er een goede doorstroming komt en kinderen veilig naar school kunnen. Hij sluit zich aan bij de vorige sprekers om ook te kijken naar de afslag naar de Pinnepot. De heer Sjoukes (IBW) sluit zich aan bij de vorige sprekers. Hij refereert vervolgens aan eerdere plannen voor een fietstunnel bij de Tichelarijweg, en dat dit wellicht ook tot de mogelijkheden zou kunnen behoren. Mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt het wel een erg gemakkelijke uitspraak te vinden om een fietstunnel aan te leggen.
Zij merkt op dat het hier om grote bedragen geld gaat. De heer Mentink (VVD) vindt het een goede zaak als er een rotonde wordt aangelegd. Hij is van mening dat de grootste winst hiervan is, dat Oostvoorne ontlast wordt van het doorgaande verkeer. Hij sluit zich aan bij de overige sprekers voor wat betreft de afslag naar de Pinnepot. Hij zegt vervolgens dat wanneer er aan de Kleidijk géén fietstunnel kan worden gerealiseerd, dit wellicht ergens anders kan. Vervolgens vraagt hij aandacht voor de gevaarlijke situatie op de provinciale weg ter hoogte van de Tichelarijweg, waar mensen met de fiets nog steeds proberen de weg over te steken. Wethouder De Graad zegt het een goede zaak te vinden dat iedereen wil meedenken aan oplossingen. Hij zegt vervolgens dat de rotonde deels zal worden aangelegd op grondgebied van Westvoorne. Ten aanzien van de vraag van de heer Mulder over het tijdsbestek waarop dit gerealiseerd zou kunnen zijn zegt de wethouder dat hij niet verwacht dat dit binnen 2 jaar zal zijn. Er zal
11
eerst een onderzoek moeten plaatsvinden omdat er ook leidingen en kabels liggen waarmee rekening moet worden gehouden. De wethouder zegt het voorstel van de heer Noordermeer voor een fietstunneltje een goed idee te vinden en zegt dat het aan de specialisten is om te bepalen waar deze dan zou kunnen worden gerealiseerd. Hij zegt dat het college haar best zal doen om zo snel mogelijk de rotonde gerealiseerd te krijgen en het nut van een fietstunnel te bepleiten. Hij zegt het niet eens te zijn met de opmerking van mevrouw Roggeveen, de wethouder vindt het juist realistisch om een fietstunnel te realiseren. Hij zegt vervolgens te zullen kijken naar de onveilige situatie rondom de Tichelarijweg. Mevrouw Roggeveen (PvdA) blijft bij haar standpunt en zegt een fietstunnel onrealistisch te vinden. Zij zegt blij te zijn dat er naar de onveilige situatie rondom de Tichelarijweg wordt gekeken. De commissie kan zich vinden in het voorstel. 16. Raadsinformatiebrief van het college “Ontwikkelaars bekend voor realiseren windproject op VRM-locatie Noordzeeboulevard”. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt dat de raad heeft besloten dat er geen onderzoek mag worden gedaan aan de oostzijde van de Brielse gatdam omdat deze locatie onder Natura 2000 gebied valt. De heer Noordermeer ziet nu dat de oostzijde wel wordt onderzocht en maakt hier bezwaar tegen.
De heer Plantinga (GbW) vraagt naar de gehanteerde richtlijnen inzake de MER voor wat betreft de hoogte van de windmolens. Mevrouw Roggeveen (PvdA) hoopt op een oplossing waardoor de natuur zo min mogelijk wordt geschaad. De heer Sjoukes (IBW) merkt op dat het waterschap zeggenschap heeft over het blauwe gedeelte (oostzijde van de Brielse Gatdam). De heer Mentink (VVD) betreurt het dat Partij Voorne aan Zee vanavond weer terugkomt op zaken die al besproken zijn. Hij zegt dat er reeds door de raad een motie is ingediend dat er geen windmolens mogen komen in het Natura 2000 gebied. Wethouder v.d. Pol zegt dat op het moment dat de opdracht aan de ontwikkelaar is gegund, de toezegging nog niet was gedaan. Zij zegt dat in januari de effecten van de fasering en de consequenties in de commissie worden besproken. De wethouder zegt dat de fasering wordt voorbereid en dat de commissie bij alle stappen wordt betrokken. Zij zegt ten aanzien van de opmerking van de heer Noordermeer het niet verstandig te vinden om bij iedere informatiebrief over dit onderwerp weer een discussie op te roepen. De heer Noordermeer (Partij Voorne aan Zee) zegt te refereren aan een toezegging en hij nu geen zekerheid heeft dat er nooit windmolens in het Natura 2000 gebied zullen komen. Hij zegt ieder moment te willen benutten om er voor te zorgen dat dit nooit gebeurd.
12
De overige commissieleden sluiten zich aan bij het antwoord van de wethouder dat het geen zin heeft om iedere keer een discussie op te werpen. De commissie kan zich vinden in het voorstel. 17.
Punten voor een volgende vergadering.
De heer Groenewegen (CDA) vraagt om het fietsplan van de metropoolregio in de commissie te bespreken. De heer Mulder (D’66) vraagt aandacht voor de governance van het woonbedrijf en hoopt dit binnenkort in de commissie te kunnen bespreken. De voorzitter zegt dat de verzoeken in het Presidium worden besproken. 18.
Sluiting.
De voorzitter sluit de vergadering om 23.00 uur.
13
14