verslag cie IZM 01
Tekst van het document
Verslag van de digitale vergadering van de commissie Inwonerszaken & Middelen, gehouden op donderdag 7 januari 2021 om 20.00 uur. Aanwezig
Mede aanwezig
: mevrouw M. van der Gaag, mevrouw A. Vermeer, mevrouw J. Krajenbrink, mevrouw L.M. Hamstra en de heren D.D. van Orselen, C.B. Mentink, T.I. Fransman, W.A. Sjoukes, F. den Hoed, G. Plantinga, H. Heijndijk, C. Sommeling, E.G. Mulder, J.A.M. Merkx en J.W.J. Driesprong. : burgemeester De Jong en de wethouders mevrouw J.D. de Jongh, L. van der Pol en W.A.J. Borgonjen.
Voorzitter
: de heer N.A.M. Groenewegen.
Griffier
: de heer R. de Vries.
Notuliste
: mevrouw M. van Eijsden-Briggeman.
1.
Opening.
De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom en wenst iedereen een voorspoedig 2021. 2.
Vaststelling agenda.
De voorzitter deelt mee dat agendapunt 12: ‘Syntrophos, 2e tussenrapportage’ van de agenda is verwijderd, omdat er een nieuw voorstel wordt gemaakt. Dit voorstel zal in de commissie van februari worden besproken. De agenda wordt vervolgens vastgesteld. 3.
Mededelingen.
Wethouder De Jongh zegt ten aanzien van de Ahri-procedure dat de gemeente ervan uit is gegaan, dat wanneer er een uitname uit voorzieningen en reserves wordt gedaan, dit aan de Provincie moet worden voorgelegd, en een aantal voorstellen dus onderhavig zijn aan de Ahri-procedure. Inmiddels is gebleken dat dit niet zo is en het drempelbedrag € 100.000 is. Maandag 11 januari aanstaande zal er een 1e instemmingsoverleg plaatsvinden waarin dit nog eens wordt nagevraagd. De labeling van voorstellen onder de Ahri-procedure blijft tot die tijd gehandhaafd. Vervolgens zegt de wethouder dat er een brief van dhr. Hamerslag van Nissewaard is ontvangen die optreedt in de aandeelhouderscommissie Stedin namens Voorne-Putten. In de brief geeft hij o.a. aan hoe de behoefte aan financiering vanuit Stedin is verlopen. Er wordt eveneens in de brief gesproken over de mogelijkheid om een bijeenkomst te houden met de aandeelhouders van Voorne-Putten. De raad zal morgen de kopie van de brief samen met het weekbericht ontvangen. Burgemeester De Jong meldt dat het schadebedrag als gevolg van vuurwerk € 1.430 bedraagt. Hij zegt blij te zijn met het lage bedrag maar het toch te betreuren dat er ondanks het vuurwerkverbod schade is ontstaan. De mededelingen worden voor kennisgeving aangenomen.
1
4.
Rondvraag.
De heer Plantinga (GBW) zegt dat inwoners van de gemeente door de bedrijven die glasvezelkabel aanleggen worden aangesproken om mee te doen. Hij vraagt of het verplicht is om mee te doen wanneer er al glasvezelkabel ligt tot aan het huis. Vervolgens vraagt hij aandacht voor de toename van hondenpoep en vraagt hier strenger tegen op te treden. De heer Plantinga vraagt vervolgens of de mensen die overtredingen hebben begaan tijdens Oud & Nieuw worden beboet. Burgemeester De Jong zegt op de vraag over de glasvezel schriftelijk terug te zullen komen. De opmerking over de hondenpoep wordt meegenomen. Ten aanzien van de overtredingen tijdens Oud & Nieuw zegt hij dat er mensen zijn aangeschreven en er is beboet waar de overtredingen zijn geconstateerd. 5.
Verslag van de commissievergadering van 1 december 2020.
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 6.
Overzicht van toezeggingen.
De heer Merkx (PvdA) vraagt naar aanleiding van toezegging 02-2019: ‘overzicht van acties n.a.v. de managementletter’ naar de stand van zaken. Vervolgens vraagt hij een datum te willen koppelen aan toezegging 22-2019: ‘Museaal platform Voorne’. Wethouder De Jongh zegt dat aan het SMART maken van de managementletter wordt gewerkt. Zij zegt dat er binnenkort een advies aan de commissie wordt voorgelegd. Vervolgens zegt zij nog geen datum te kunnen koppelen aan de toezegging met betrekking tot een Museaal platform Voorne, omdat er in het kader van de fusie nog een onderzoek plaatsvindt met betrekking tot de prioritering. Zij zegt hierbij afhankelijk te zijn van de partners en de uitwerking van het plan van aanpak. Zodra hierover meer bekend is wordt hier nader op teruggekomen. Het overzicht van toezeggingen wordt vervolgens voor kennisgeving aangenomen. 7.
Mededelingen uit regionale samenwerking.
Geen. 8.
Evaluatie Covid-19.
Mevrouw Krajenbrink (GBW) is blij met de evaluatie en dat de geleerde lessen worden geïmplementeerd in de organisatie. De heer Heijndijk (IBW) sluit zich aan bij de woorden van mevrouw Krajenbrink en zegt blij te zijn met de evaluatie. IBW maakt een compliment aan de burgemeester, medewerkers en handhavers van Westvoorne voor de aanpak. IBW vindt de maatregelen die op dit moment worden genomen goed maar de situatie blijft zorgelijk en hij vraagt om alert te blijven.
2
De heer Merkx (PvdA) maakt eveneens een compliment voor het goede rapport. Hij vraagt vervolgens aandacht voor de betrokkenheid van de raad bij de besluiten die genomen worden. De PvdA is van mening dat de besluiten die genomen gaan worden een gedragen karakter zouden moeten krijgen. De heer Van Orselen (PW) maakt eveneens een compliment over het rapport dat een goede terugblik geeft en ook een stuk verwachting naar de toekomst laat zien. Vervolgens vraagt hij aandacht voor respondentenlijst die hij erg beperkt vindt. Hij zegt dat er meer ondernemers zijn die als gevolg van COVID-19 worden geraakt. Vervolgens vraagt hij aandacht voor de steun aan de verschillende horecaondernemers en de steun vanuit de overheid. Hij zegt dat er scheefstand ontstaat binnen de ondernemers en vraagt hoe de gelijkheid wordt geborgd. De heer Driesprong (VVD) is blij met het rapport en zegt dat de gemeente trots kan zijn op hetgeen zij heeft bereikt. Hij maakt vervolgens een compliment aan de organisatie en ook aan de inwoners van Westvoorne. De VVD neemt het rapport voor kennisgeving aan. De heer Fransman (CDA) maakt een compliment over het rapport en zegt trots te zijn op de stabiele situatie die in deze onzekere tijd is ontstaan. Het rapport geeft vervolgens een goede kijk op de sfeer in Westvoorne.
De heer Mulder (D66) spreekt zijn waardering uit voor het rapport en zegt dat de lessen die zijn geleerd dienen als een verbetering. Hij zegt trots te zijn dat er ook zonder draaiboek goed is geacteerd en spreekt de hoop uit dat iedereen op deze wijze handelt. Burgemeester De Jong bedankt de commissie voor de gemaakte complimenten. Hij onderschrijft het belang van een evaluatie en zegt dat in tijden van een crisis er standaard geëvalueerd moet worden. Hij zegt dat Westvoorne één van de weinige gemeenten is waar een evaluatie plaatsvindt en stelt voor om, als de crisis voorbij is, nogmaals te evalueren. Vervolgens zegt hij dat er e.e.a. is gewijzigd in de wet en per 1 december 2020 het college volledig betrokken is bij deze crisis en er ook een andere betrokkenheid is van de raad en de burgemeester. Ten aanzien van de respondentenlijst zegt de burgemeester dat het college hierin nu ook een rol heeft. In het Presidium zal de gewijzigde wet worden besproken. Ten aanzien van de opmerking van de heer Van Orselen over scheefstand tussen verschillende doelgroepen zegt de burgemeester dat het juist is dat er een verschil is in behandeling door de rijksoverheid, maar dit kan niet door de gemeente worden veranderd. Wanneer er situaties zijn waarin vanuit rijkswege niet kan worden voorzien, kan dit in de commissie worden besproken.
Mevrouw Puijk zegt namens BDO (opsteller van het rapport) dat er is gesproken met een groep respondenten. De keuze is gemaakt om intern bij de gemeente en met de stakeholders te spreken. Zij bevestigt dat er een grotere groep is geraakt maar dat niet met iedere ondernemer is gesproken. De voorzitter concludeert dat de commissie zich kan vinden in de evaluatie. De commissie vraagt: - De vinger aan de pols te houden - De nieuwe aanpak met elkaar te bespreken - Aandacht voor groepen die tussen wal en schip dreigen te vallen - Wanneer de crisis voorbij is e.e.a. opnieuw te evalueren.
3
9.
Uitbreiding basisschool de Zeewinde.
De voorzitter zegt dat reeds op 11 november 2020 hierover een presentatie is gegeven in de commissie. Vervolgens zegt hij dat dit voorstel onder de Ahri-procedure valt. De heer Mulder (D66) zegt de inhoud van de eerder gevoerde discussie terug te kunnen vinden in het voorstel en zich hierin te kunnen vinden. Hij vraagt of een eventuele vertraging door de Arhi-procedure de voortgang van het project kan vertragen. De heer Driesprong (VVD) kan zich vinden in het voorstel en vraagt zo snel mogelijk te starten. De heer Fransman (CDA) sluit zich aan bij de woorden van D66 en kan zich vinden in het voorstel. Mevrouw Krajenbrink (GBW) kan zich eveneens vinden in het voorstel en vindt scenario I het meest flexibel. Mevrouw van der Gaag (IBW) hoopt dat deze flexibele oplossing niet tot gevolg heeft dat er over een aantal jaren weer een uitbreiding nodig is die tot kosten leidt. Zij vraagt vervolgens of er geen geluidsoverlast is, ondanks dat er vouwwanden worden geplaatst. De heer Merkx (PvdA) zegt het jammer te vinden dat er wordt gekozen voor de goedkoopste oplossing. Hij zegt liever gezien te hebben dat er was gekozen voor meer ruimte voor nu en in de toekomst omdat hij toch een groei van de bevolking verwacht. Mevrouw Vermeer (PW) sluit zich aan bij de woorden van de heer Merkx. Partij Westvoorne kiest liever voor scenario 2, omdat dit wel toekomstbestendig is.
Zij vraagt waarom door het college toch voor scenario 1 is gekozen. Wethouder Borgonjen zegt dat scenario 1 op dit moment voldoende toekomstgericht is. Hij zegt vervolgens dat zowel met scenario 1 als scenario 2, 2 lokalen worden gecreëerd. Mevrouw Vermeer (PW) vindt het toch jammer dat er niet voor scenario 2 wordt gekozen. Zij zegt dat er steeds meer mensen in Rockanje komen wonen en dat het goed zou zijn een optimale situatie te creëren en te profiteren van alle mogelijkheden. Zij zegt dat ook de gebruikers graag zouden zien dat er zo min mogelijk aan het speellokaal getornd wordt. Wethouder Borgonjen merkt op dat er 1 jaar geleden nog sprake was van een inbreiding in de grote steden. Hij zegt dat er nu 2 lokalen bijkomen en het college toch de afweging heeft gemaakt om te kiezen voor scenario 1 en het speellokaal in de sportzaal te realiseren. De heer Heijndijk (IBW) vraagt of er geen problemen ontstaan doordat verenigingen overdag gebruik maken van de sportzaal. Wethouder Borgonjen zegt dat de meeste verenigingen na werktijd gebruik maken van de sportzaal. De heer Van der Pol zegt over de geluidsoverlast dat de vouwwanden ook geluiddempend kunnen worden uitgevoerd en het geluid dan tot een minimum beperkt kan worden. Mevrouw Vermeer (PW) en de heer Merkx (PvdA) zijn niet overtuigd door de woorden van de wethouder en vinden een vouwwand niet ideaal.
4
Mevrouw Krajenbrink zegt dat bij scenario 1 een eventueel vervolg ook niet is uitgesloten. Mevrouw Vermeer blijft bij haar mening dat het beter is om het in 1 keer goed te doen en te kiezen voor scenario 2. Wethouder Borgonjen zegt dat bij beide varianten het speellokaal wordt omgebouwd tot 2 lokalen en er dus bij beide varianten evenveel lokalen zijn. Beiden zijn ook toekomstbestendig. Een punt van discussie zou kunnen zijn om het speellokaal apart te maken of in de sportzaal. In de sportzaal is nu al een vouwwand aanwezig, dus is het al mogelijk dat 2 klassen gelijktijdig gebruik maken van de sportzaal. De wethouder zegt dat dit nog niet heeft geleid tot klachten. Hij zegt vervolgens dat er ook geen geluidsoverlast wordt verwacht bij de speelzaal. De voorzitter concludeert dat de commissie zich in meerderheid kan vinden in het voorstel, de fracties van IBW, PW en PvdA maken een voorbehoud. De vergadering wordt vervolgens geschorst van 21.21 tot 21.27 uur voor een korte pauze. 10.
Verordening Wmo.
De heer Driesprong (VVD) vraagt of de mantelzorgers belastingtechnisch niet in de problemen kunnen komen als zij een mantelzorgwaardering van € 100 ontvangen. De heer Plantinga (GBW) zegt zich te kunnen vinden in de mantelzorgwaardering en vindt dit een positief gebaar. Vervolgens vraagt ook de heer Plantinga of dit als extra inkomen wordt aangemerkt bij de belastingdienst. Tenslotte vraagt hij wat het project Waakvlam voor de toekomst kan betekenen. Mevrouw Vermeer (PW) sluit zich aan bij de vorige sprekers en zegt dat een waardering in deze vorm erg goed wordt ontvangen omdat de mensen dan zelf kunnen beslissen wat ze hiermee doen. De heer Merkx (PvdA) zegt blij te zijn met het project Waakvlam en ziet dit als een zinvolle aanvulling. Hij vraagt om de waardering niet in de vorm van een kille overschrijving uit te keren maar dit in een leuk jasje te steken. Tenslotte merkt de heer Merkx op dat dezelfde kwaliteitseisen worden gesteld bij de besteding van een pgb bij zowel erkende als niet erkende zorgverleners. Hij vraagt of dit geen afbreuk doet aan het idee van een pgb, waarbij je de vrijheid hebt om te bepalen bij wie je de zorg inkoopt. Mevrouw van der Gaag (IBW) zegt eveneens blij te zijn met de mantelzorgwaardering en sluit zich aan bij de woorden van de heer Merkx om de waardering in een leuk jasje te steken.
De heren Fransman (CDA) en Mulder (D66) sluiten zich aan bij de woorden van mevrouw van der Gaag en de heer Merkx, dat de mantelzorgwaardering niet alleen een kille overdracht van geld moet zijn. Wethouder Borgonjen ondersteunt het idee om de mantelzorgwaardering in een leuk jasje te steken. Hij zegt vervolgens dat dit misschien gecombineerd kan worden met de dag van de mantelzorgers en zegt dit te zullen bekijken. Vervolgens zegt hij na te zullen gaan of de mantelzorgwaardering als extra inkomen wordt aangemerkt.
5
Mevrouw van der Gaag (IBW) merkt nog op voorzichtig te zijn als mensen een bijstandsuitkering ontvangen en ook een mantelzorgwaardering. Het risico bestaat dat de gemeente deze € 100 dan terug gaat vorderen. Wethouder Borgonjen zegt dit aspect mee te nemen. Naar aanleiding van de vraag van de heer Merkx ten aanzien van de pgb criteria zegt de heer Blanken dat voorheen bij een pgb wat eenvoudigere vormen van zorg werden geleverd en er door de complexiteit van de handelingen een noodzaak was om dit aan te scherpen en er kwaliteitscriteria worden gesteld bij degenen die de zorg verlenen. Meegedeeld wordt dat hiermee wordt voorkomen dat iemand met een pgb bij de verkeerde mensen zorg inkoopt. De voorzitter concludeert dat de commissie unaniem positief adviseert en voorstelt het voorstel als hamerstuk in de raad te behandelen. 11.
Zienswijze op Kadernota 2022 van GR Jeugdhulp Rijnmond.
Mevrouw van der Gaag (IBW) zegt zich te kunnen vinden in de zienswijze. Vervolgens vraagt zij aandacht voor verbeteringen in de jeugdzorg. De laatste maanden bereiken haar regelmatig berichten dat de jeugdzorg, met name voor de jongeren met complexe problemen, nog niet goed is geregeld. Zij vraagt de wethouder om meer controle uit te oefenen op de uitvoering van de jeugdhulp en actie te ondernemen en de raad hierover regelmatig te rapporteren. De heer Fransman (CDA) zegt zich te kunnen vinden in de zienswijze. De heer Driesprong (VVD) zegt zich eveneens te kunnen vinden in de zienswijze. Vervolgens vraagt hij zich af of het niet meer deelnemen van drie gemeenten aan de gemeenschappelijke regeling gevolgen heeft voor Westvoorne. Naar aanleiding van de opmerking van mevrouw van der Gaag stelt de heer Driesprong voor deze problematiek later een keer in de commissie te bespreken. De heer Mulder (D66) constateert dat het niet lukt om goede professionele zorg te leveren, terwijl dit toch het streven moet zijn van de gemeenschappelijke regeling. Hij vindt de zienswijze bescheiden en zegt dat deze wel wat pittiger had mogen zijn. De heer Plantinga (GBW) kan zich vinden in de zienswijze.
Hij vraagt vervolgens of de drie gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam inderdaad uit de gemeenschappelijke regeling zijn gestapt en wat daar de reden voor was en of dit nog financiële consequenties heeft voor de gemeente Westvoorne. Hij vraagt of hiermee ook de inleg door de diverse gemeenten wordt herberekend. Vervolgens vraagt de heer Plantinga of de bijdrage voor het 3e en 4e kwartaal hoger uit zal vallen in verband met de coronacrisis en of er een nacalculatie gaat komen. De heer Plantinga spreekt vervolgens zijn zorg uit over het steeds verder oplopen van de kosten. De heer Merkx (PvdA) zegt zich te kunnen vinden in de zienswijze. Mevrouw Vermeer (PW) zegt zich te kunnen vinden in de zienswijze die in lijn is met de visie zoals deze is besproken. Zij sluit zich aan bij de woorden van de heer Mulder en vindt ook dat de zienswijze wel wat pittiger had gemogen.
6
Vervolgens vraagt zij nog toe te voegen dat de specialistische zorg zoveel mogelijk naar het kind moet worden gebracht. De lokale zorg rondom het gezin is erg belangrijk en tevens het investeren in de kwaliteit van de dienstverlening. Tenslotte zegt mevrouw Vermeer te hopen dat na de coronacrisis weer aandacht kan worden gevraagd voor de pleegzorg en het werven van nieuwe pleegouders. Wethouder Borgonjen zegt dat de jeugdzorg inderdaad zorgelijk is. Een deel van deze problematiek heeft ermee te maken dat er in deze coronatijd een grotere toeloop is van jongeren naar de zorg. Dit is ook in deze regio te zien. Wanneer de maatregelen worden afgeschaald, is de vraag of de mensen weer fysiek naar de hulpverlener zullen gaan. De wethouder zegt de signalen zoals genoemd door mevrouw Van der Gaag op te zullen pakken. Hij zegt graag nader hierover met mevrouw Van der Gaag te willen spreken, zodat hierop gericht geacteerd kan worden. Hij zegt, wanneer de commissie dit wenst, in commissieverband over deze problematiek te willen spreken. Vervolgens zegt hij dat het goed is, dat Westvoorne is aangesloten in de gemeenschappelijke regeling en er kan worden meegelift met het aanbod van Rotterdam dat in Westvoorne kan worden gegenereerd. De wachtlijsten blijven een punt van zorg en dit heeft ook met personeelstekorten te maken.
Er zijn geen signalen dat de gemeenschappelijke regelingen meer kosten zouden hebben gemaakt, dit zou dan moeten blijken uit de calculatie. Ten aanzien van de vraag of er drie gemeenten uit de gemeenschappelijke regeling zijn gestapt zegt de wethouder, dat na intensief overleg met de gemeenschappelijke regeling dit voornemen is teruggetrokken. De drie gemeenten creëren wel een aparte inkoopsituatie en het is voor de gehele gemeenschappelijke regeling interessant om af te wachten hoe dit gaat uitpakken en of hieruit lering kan worden getrokken. Tenslotte zegt de wethouder dat de toevoeging van mevrouw Vermeer om te investeren in kwalitatief goede professionals wordt toegevoegd. De voorzitter concludeert dat de commissie zich kan vinden in de zienswijze, inclusief de toevoeging van mevrouw Vermeer en dat de commissie voorstelt het voorstel als hamerstuk in de raad te behandelen. Vervolgens wordt de vergadering van 22.11 tot 22.16 uur geschorst voor een korte pauze. 13.
Dekking vacaturegelden concerncontroller.
De heer Van Orselen (PW) stelt voor om de kosten uit frictiekosten te dekken in plaats van uit de algemene reserve. Reden hiervan is dat in de nabije toekomst er een budget wordt toegekend vanuit het fusietraject. Mevrouw Hamstra (VVD) sluit zich aan bij de woorden van de heer Van Orselen en zegt dat er wellicht een deel van de kosten kan worden opgenomen als frictiekosten. De heer Merkx (PvdA) vraagt naar het verschil in de bedragen voor 2021 en 2022. Vervolgens vindt hij bij de vacatureomschrijving onder argumenten, dat dit weinig aantrekkelijk is geformuleerd. Hij zou een aanpassing op zijn plaats vinden. De heer Fransman (CDA) vraagt of het budget dat op basis van formatie wordt ontvangen hiervoor niet kan worden aangewend. De heer Mulder (D66) sluit zich aan bij de vorige sprekers aangaande de opmerking over de frictiekosten en hij kan zich vinden in de opmerking van de heer Merkx over de formulering.
7
Wethouder De Jongh zegt dat het een wettelijk vastgestelde taak is van de gemeente om een concerncontroller te hebben en dat dit niet onder frictiekosten kan worden opgenomen. Zij zegt dat er echter weinig respons komt op de vacature, die tijdelijk van aard is. Er wordt daarom ook gekozen voor inhuur en dit zou misschien wel onder frictiekosten kunnen vallen. De wethouder zegt dit na te zullen gaan en de commissie hierover schriftelijk te zullen informeren. Ten aanzien van de vraag van de heer Merkx over het verschil tussen het bedrag van 2021 en 2022 zegt de wethouder dat dit te maken heeft met de ruimte in de vacaturegelden. Er wordt voor 2021 gekeken wat er nog aan ruimte is in de vacaturegelden en dit wordt aangevuld met een deel uit de algemene reserve om dit voor 2021 financieel dekkend te krijgen. Voor 2022 is het de bedoeling dat dit regulier als incidentele uitgave in de begroting wordt opgenomen, omdat dan ook duidelijk is wat de concerncontroller gaat kosten. Tenslotte zegt de wethouder dat de vacaturetekst inderdaad zakelijk is geschreven, maar dat er een duidelijke financiële grens wordt aangegeven. Zij zegt dat wanneer iemand alleen kiest voor de financiën, dit geen aantrekkelijke vacature is. De voorzitter concludeert vervolgens dat de commissie zich kan vinden in het voorstel en voorstelt dit als hamerstuk in de raad te behandelen. 14.
Startnotitie ‘Gezond blijvende begroting’.
Wethouder Borgonjen geeft een korte inleiding. De heren Merkx (PvdA) en Mulder (D66) willen graag informele raadsbijeenkomsten vermijden (bladzijde 3) en vragen dit te schrappen. De heer Mulder (D66) vraagt vervolgens aandacht voor het risico dat ontstaat bij het opdelen van het project in 3 deelprojecten. D66 is bang dat dan de integraliteit verloren zal gaan en hij vindt dit juist erg belangrijk. Tenslotte vraagt D66 om de relatie met het risicoreductieplan hierin mee te willen nemen. De heer Fransman (CDA) zegt zich te kunnen vinden in de startnotitie. Het spreekt het CDA aan dat alle wethouders hierbij betrokken zijn. Tenslotte sluit het CDA zich aan bij de woorden van de heer Mulder. Mevrouw Hamstra (VVD), Krajenbrink (GBW) en de heer Heijndijk (IBW) kunnen zich vinden in de startnotitie. Mevrouw Vermeer (PW) is verbaasd dat er een krediet wordt gevraagd voor deelproject 1 en 2 en niet voor deelproject 3. Zij wil hierover graag meer informatie. Wethouder Borgonjen zegt dat het college te allen tijde probeert om de integraliteit te bewaken en alles in samenhang te bezien. Naar aanleiding van de opmerking over de deelprojecten zegt de wethouder dat deze klus te groot is voor 1 medewerker en daarom is opgeknipt in 3 deelprojecten. Het krediet dat wordt gevraagd geeft geen prioritering of een zwaarte van een project aan.
Vervolgens zegt de wethouder dat de relatie met het risicoreductieplan aanwezig is. De risico’s zullen worden geïnventariseerd en aan de commissie worden voorgelegd. Ten aanzien van de opmerking over informele bijeenkomsten zegt de wethouder dat het aan de raad is om hierover te beslissen en dit in het Presidium kan worden besproken. De wethouder is het overigens eens met degene die zegt dat bijeenkomsten bij voorkeur openbaar zouden moeten zijn, omdat dit onderwerp tenslotte wel over de inwoners van Westvoorne gaat.
8
De voorzitter concludeert dat de commissie zich kan vinden in het voorstel.
15.
Punten voor een volgende vergadering.
Mevrouw Van der Gaag verzoekt om de problematiek in de Jeugdzorg in een volgende commissie te bespreken. De heer Driesprong (VVD) sluit zich hierbij aan. De voorzitter zegt dat het verzoek in het Presidium wordt besproken. 16.
Sluiting.
De voorzitter sluit de vergadering om 22.50 uur.
9