verslag cie GGM 06 extra RES
Tekst van het document
Verslag van de digitale openbare extra commissie Grondgebied & Milieu, gehouden op donderdag 24 juni 2021 om 20.00 uur. Aanwezig:
mevrouw R.M. Roggeveen, mevrouw M. v.d. Gaag, mevrouw M. Hamstra (vanaf 20.43 uur), mevrouw J. Krajenbrink en de heren G. Plantinga, C.B. Mentink, N.A.M. Groenewegen, A. van Vliet, H. Heijndijk, W.A. Sjoukes, T.I. Fransman, E.G. Mulder, F. den Hoed en D.D. van Orselen.
Mede aanwezig:
wethouders mevrouw L. v.d. Pol en de heer H. de Graad.
Voorzitter:
de heer J.W.J. Driesprong.
Griffier :
de heer R. de Vries.
Notuliste:
mevrouw M. van Eijsden-Briggeman.
1.
Opening.
De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. Hij meldt dat mevrouw Hamstra later komt. 2.
Vaststelling agenda.
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3.
Regionale Energie Strategie, RES, van de energieregio Rotterdam-Den Haag.
De voorzitter zegt dat er vanavond een toelichting zal worden gegeven over hoe het proces van de RES in de regio is geweest, en over hoe Westvoorne heeft bijgedragen binnen de samenwerking Voorne-Putten en de RES-regio. In dit kader zijn aanwezig mevrouw De Vroed (procesregisseur energietransitie VoornePutten), mevrouw Van Boxel (ambtenaar gemeente Westvoorne) en de heren Beerepoot, namens de energieregio Rotterdam-Den Haag, en Kooijman (partner Bureau Buiten, procesbegeleiding samenwerking Voorne-Putten). Door de heer Beerepoot wordt vervolgens een toelichting gegeven hoe het proces van de RES in de regio is geweest. Vervolgens wordt er een toelichting gegeven door mevrouw Van Boxel hoe Westvoorne heeft bijgedragen binnen de samenwerking Voorne-Putten en de RES-regio. De heer Groenewegen (CDA) zegt positief te zijn over de RES 1.0 en onderschrijft de noodzaak en de ambitie hiervan. Hij zegt dat tijdens het onlangs gehouden coalitieoverleg is geopperd om bijlage 4 van de RES, dat gaat over Voorne-Putten neutraal, in zijn geheel als amendement in te dienen, en vraagt of dit eventueel mogelijk is. Hij vraagt vervolgens of alle partijen zich willen uitspreken over de RES 1.0 en of zij een amendement wenselijk vinden.
Het CDA zegt geen behoefte te hebben een amendement in te dienen, maar, wanneer de meerderheid voor het indienen van een amendement is, hieraan wel mee te willen werken.
1
De heer Plantinga (GBW) vraagt naar de status van de oplegnotitie voor de andere gemeenten. Vervolgens spreekt hij zijn zorg uit over de grootte van het zoekgebied en vreest hij dat, als er te weinig windmolens en zonnevelden kunnen worden geplaatst in de regio, er bijgeplaatst zal worden. De heer Plantinga vraagt vervolgens onderzoek te laten doen naar de gevolgen van het laag frequent geluid van windmolens voor de gezondheid van mens en dier. Zijn partij vindt dat hier niet genoeg aandacht voor is. Tevens zegt hij dat de uitkomst van de burgerparticipatie geen waarde heeft en beter opgepakt moet worden. Vervolgens vindt GBW dat de conclusies uit de MER onvoldoende zijn weergegeven, en wil graag meer opheldering. De heer Plantinga mist tenslotte de vele moties, die reeds door Westvoorne zijn ingediend, hij ziet hiervan geen enkele terug in de RES. Mevrouw v.d. Gaag (IBW) sluit zich aan bij de opmerking van de heer Plantinga inzake de grootte van de zoekgebieden. De fractie van IBW heeft het gevoel dat dit vraagt om het volbouwen met windmolens en zonneweiden. Mevrouw v.d. Gaag zegt dat al meerdere malen is aangegeven om zelf de regie te houden. Vervolgens mist ook IBW de moties, die reeds door Westvoorne zijn ingediend en vindt zij de burgerparticipatie te minimaal.
Mevrouw Roggeveen (PvdA) zegt er voorstander van te zijn om bijlage 4 als amendement aan het besluit toe te voegen. Vervolgens denkt mevrouw Roggeveen dat het doel om energieneutraal te zijn moeilijk haalbaar zal zijn, en is zij van mening dat hier qua bewoording voorzichtig mee moet worden omgegaan. De PvdA wil vervolgens zekerheid hebben over de toetsing aan de Europese wetgeving bij de plaatsing van windmolens in verband met de volksgezondheid. De heer Van Orselen (PW) zegt dat het voorstel om bijlage 4 als amendement bij de RES te voegen niet zijn voorkeur heeft. Partij Westvoorne is van mening dat dit geen enkele meerwaarde tot gevolg zal hebben. Vervolgens merkt de heer Van Orselen op geen resultaat van de moties te hebben gezien, en vindt Partij Westvoorne het participatieproces zeer zorgelijk. In een aantal gevallen heeft de heer Van Orselen misleidende informatie gelezen, ook naar de raad toe. Hij spreekt van een niet democratisch proces. De heer Van Orselen zegt de RES 1.0 een massaal document te vinden, met een impact waar de burger geen weet van heeft. Partij Westvoorne heeft haar voorkeur uitgesproken om voorzichtig te beginnen en te kijken welke initiatieven er ontstaan, zodat gaandeweg het doel kan worden behaald. Hij zegt dat er door diverse ministers wordt aangegeven dat er ook andere mogelijkheden zijn.
Recent is door stichting Urgenda gepleit te stoppen met deze massale ontwikkelingen. De heer Van Orselen is van mening, dat hetgeen waarmee de raad gevraagd is in te stemmen meer is dan 35 Terawattuur. Hij is van mening dat terug moet worden gegaan naar de basis van 35 Terawattuur, waaraan moet worden voldaan en daarna in gesprek te gaan over de argumenten die door stichting Urgenda worden aangedragen om te kijken wat dit betekent voor de routekaart Voorne-Putten. De heer Mulder (D66) bedankt voor de toelichting, die voor hem duidelijk is. Hij zegt zich te kunnen vinden in de RES 1.0. De heer Mentink (VVD) bedankt eveneens voor de toelichting en zegt dat de VVD zich er zeker van bewust is dat er iets gedaan moet worden, maar niet blij te zijn met de weg hiernaartoe.
2
Hij vraagt hoeveel moties, amendementen en oplegnotities er zijn ingediend door de gemeenten die de RES hebben goedgekeurd. Ten aanzien van de burgerparticipatie merkt de heer Mentink op, dat reeds voor de Covid-19 er sessies zijn geweest over de RES waaraan ook hijzelf heeft deelgenomen. Hij zegt toen de indruk te hebben gehad, dat er al een plan lag en de ingeslagen richting niet kon worden veranderd. Hij zegt dit jammer te vinden, omdat dit het proces niet ten goede komt. De VVD juicht Voorne-Putten energie-neutraal toe, maar is van mening dat er veel nadelen zijn omdat VP een onderdeel is van de RES Rotterdam-Den Haag. Een nadeel hiervan is, dat het landschap op Voorne-Putten relatief veel windmolens en zonnevelden kwijt kan, maar de vraag is of wij dat ook willen. Door middel van moties en amendementen is reeds aangegeven dat er geen windmolens of zonnevelden in de Natura 2000 gebieden mogen komen, maar de heer Mentink concludeert, dat de grens toch beetje bij beetje opgerekt gaat worden. De heer Mentink benadrukt dat het de VVD niet gaat om de RES 1.0, want hierin staan goede dingen, maar ook zaken waarmee zij het niet eens zijn. Naar aanleiding van de vraag van de heer Groenewegen om bijlage 4 als amendement bij het besluit in te dienen vraagt de heer Mentink wat de waarde hiervan zal zijn. Andere gemeenten weten immers niet wat er wordt ingediend.
Hij sluit zich aan bij de woorden van de heer Van Orselen om stapje voor stapje te nemen in het tempo zoals Voorne-Putten neutraal. Mevrouw Van Boxtel zegt ten aanzien van de status van de oplegnotitie dat deze op dit moment ter toelichting is, en dus geen wettelijke status heeft. Als de raad besluit hiervan een motie of amendement te maken, wordt hiermee een opdracht meegegeven aan het college en krijgt dit een status. De raad heeft hier dus voor een deel de regie over Ten aanzien van de grootte van de zoekgebieden zegt zij dat in de beginfase is gekeken naar het landschap, waarbij nog niets is vastgelegd, maar dit een startpunt is voor nader onderzoek. Er zal worden gekeken wat de mogelijkheden zijn in het gebied, en waar draagvlak voor is. De zoekgebieden zijn veel groter dan wat er nodig is aan zon en/of windenergie. Met betrekking tot het onderzoek naar het laag frequent geluid in het kader van het windproject Noordzeeboulevard zegt mevrouw Van Boxtel dat hier regelgeving voor is, en hier aandacht aan wordt gegeven. Vanwege de zorg die hierover bestaat wordt het onderzoek van het RIVM hierin meegenomen. De heer Plantinga (GBW) benadrukt nogmaals dat er bewoners zijn in Heenvliet die ziek worden door de windmolens, terwijl deze molens niet stop worden gezet. Hij zegt dit te willen voorkomen voor de bewoners van Westvoorne.
Mevrouw Van Boxtel zegt dat de zorg van de heer Plantinga wordt gedeeld, en benadrukt dat er heel goed wordt gekeken naar de onderzoeken die hiernaar worden gedaan en hier zeker aandacht voor is. Het proces MER voor het project Noordzeeboulevard moet nog worden uitgevoerd. Ten aanzien van het burgerparticipatieproces wordt meegedeeld dat het altijd even zoeken is wanneer hiermee wordt gestart. Er wordt gekeken naar een zoekgebied, en zodra dat is gedefinieerd kan een participatieproces in gang worden gezet. De heer Mentink (VVD) zegt dat er niet is geparticipeerd op het gebied van de zoekgebieden. Hij zegt in stukken van de provincie te hebben gelezen dat zoekgebieden een integraal onderdeel gaan worden van de opgestelde omgevingsplannen en wanneer er een zoekgebied is vastgesteld, het voor de gemeente moeilijk zal worden om nee te zeggen, wanneer er een initiatiefnemer komt die windmolens in het betreffende gebied wil plaatsen.
3
De heer Beerepoot zegt dat de provincie veel gesprekken heeft gevoerd over de status van de RES in relatie tot de startnotitie omgevingsvisie (module energietransitie). Het voornemen is dit te starten in het najaar. Meegedeeld wordt dat dit door de provincie wordt gezien als een bouwsteen en er met betrekking tot de zoekgebieden zeker nog weging plaats zal vinden. De heer Mentink (VVD) zegt dat in de stukken van de RES iets anders staat dan wat de provincie heeft gezegd, en het dus onduidelijk is waar de raad ja tegen gaat zeggen. De heer Beerepoot zegt dat e.e.a. in de omgevingsvisies verder vorm zal krijgen. Hij zegt vervolgens dat nog 5 partijen de besluitvorming over de RES moeten doorlopen. Er zijn op dit moment 33 aangenomen moties en 1 amendement. Het amendement is ingediend door de gemeente Den Haag en heeft betrekking op een lokale aangelegenheid. Met betrekking tot de moties zal er worden gekeken of deze onderwerpen bevatten op lokaal of regionaal niveau. Bij onderwerpen op regionaal niveau zal hierover verder gesproken worden in de komende periode en zou dit een rol kunnen spelen in de uitvoering of van invloed kunnen zijn op een processtap in de RES 2.0. Het document RES 1.0 is integraal aangenomen door de gemeenten die de besluitvorming over de RES 1.0 hebben doorlopen.
De heer Mentink (VVD) is van mening dat wanneer het document RES 1.0 goed is en door alle gemeenten gedragen zou worden, er geen moties en amendementen hoeven te worden ingediend. Hij vraagt wat de waarde is van het vaststellen van de RES met daarbij een motie of amendement. De heer Beerepoot zegt dat veel van de aangenomen moties zich richten op een lokale aangelegenheid en geen RES aangelegenheid. Hij zegt dat een overzicht van de moties en het amendement inzichtelijk kan worden gemaakt. Een totaaloverzicht en de eventueel daaruit voortvloeiende consequenties voor het document RES en het vervolg kan pas worden gegeven als het proces is afgerond. Hij zegt dat de partijen die inmiddels de RES 1.0 integraal hebben vastgesteld daarbij moties hebben aangenomen die voor het vervolg van de RES van toepassing kunnen zijn. De heer Van Orselen (PW) zegt niet positief te zijn over de RES 1.0 Hij zegt dat Westvoorne inmiddels al veel moties heeft aangenomen met daarin wat zij wel en niet wil, maar dat er toch windmolens in het document staan ingetekend. Tevens staan er zinsneden in het document waaruit blijkt, dat het mogelijk is dat deze windmolens hier toch worden gerealiseerd. Partij Westvoorne vindt het document onduidelijk en vraagt evenals de VVD waarover de raad gaat besluiten. De heer Kooiman zegt de zorg die door met name de VVD en PW wordt uitgesproken te begrijpen.
Hij zegt dat het hier een nieuw proces betreft en het dus zoeken is welke weg er moet worden gelopen en hoe dit samen vorm kan worden gegeven. De gemeente Westvoorne is samen met de samenwerkende gemeenten op Voorne-Putten bezig met de andere partijen in de RES om te kijken naar de gezamenlijke invulling van de opgave voor de regio. De heer Kooiman zegt dat er in het visiedocument RES 1.0 nog voldoende ruimte en vrijheid is om dit met elkaar in te gaan vullen. Na 1 juli is het de bedoeling dat Voorne-Putten haar eigen ambitie vorm gaat geven in de zoekgebieden, zoals gedefinieerd in de RES. Er zal met inwoners, bedrijven, stakeholders en eveneens de raad worden gekeken wat er in de zoekgebieden mogelijk en wenselijk is. De voorstellen die daaruit komen, komen eerst langs de raad. Hij benadrukt dat het traject dus met elkaar wordt afgelegd.
4
De heer Kooiman zegt er alle vertrouwen in te hebben dat dit op een zorgvuldige wijze gedaan zal worden, waarbij ook de raad zal worden betrokken. Ten aanzien van het participatieproces zegt hij dat dit wellicht beter had gekund en hiermee ook aan de slag wordt gegaan. Tenslotte zegt hij dat er tot nu toe is gewerkt met de bewezen technieken zon en wind, maar dat er wellicht over een aantal jaren ook andere technieken kunnen worden meegenomen. De ambitie die omschreven wordt in de RES 1.0 zal stapje voor stapje worden vertaald in wat er kan en wat wenselijk is op Voorne-Putten. Mevrouw Roggeveen (PvdA) vraagt of het de bedoeling is dat de provincie aan de hand van de RES 1.0 een ontwerp omgevingsplan gaat opstellen waarop de gemeente Westvoorne nog een reactie kan geven, zoals dit bij alle andere processen ook gebruikelijk is. De heer Van Orselen (PW) benadrukt nogmaals dat de reeks met moties die vorig jaar door de raad zijn ingediend niet of nauwelijks in de uitwerking van de RES 1.0 zijn terug te vinden. Hij vindt het dan ook onbegrijpelijk dat er wordt gezegd dat de raad nog invloed heeft door middel van het indienen van moties. Partij Westvoorne vraagt zich af wat de waarde is van het indienen van een amendement, tenzij dit een amendement is op regionaal niveau. Hij concludeert dat het amenderen van de RES niet mogelijk is. Mevrouw v.d.
Gaag (IBW) concludeert dat er steken zijn laten vallen bij het burgerparticipatietraject en vraagt daarom hoe de raad een besluit kan nemen over de RES als de inwoners niet in het proces zijn meegenomen. Zij betreurt de gang van zaken. De heer Beerepoot zegt ten aanzien van de provinciale omgevingsvisie dat deze volgens de normale procedure zal verlopen met inspraak en participatiemogelijkheden. Hij zegt vervolgens dat er met de provincie gesprekken worden gevoerd over afstemming met betrekking tot de participatie. Op deze momenten kunnen de gemeenten door middel van zienswijzen betrokken zijn. Naar aanleiding van de opmerkingen van de heer Van Orselen over de invloed van de raad via moties zegt hij, dat de moties van Westvoorne samen met de wensen en bedenkingen van de andere partijen zijn meegenomen in de ontwerpstappen die zijn gemaakt in de RES 1.0. De moties zijn dus procesmatig dan wel inhoudelijk in de RES betrokken, echter wanneer het gaat om een lokale aangelegenheid wordt het lastig om dit regionaal te verankeren in de RES. De heer Beerepoot zegt dat het ook zo kan zijn dat er elementen van moties niet zijn terug te leiden, omdat dit geen onderdeel was van de opdracht van de RES. De invloed die moties zouden kunnen hebben zijn dus de moties die richting regionale procesorganisatie gaan en zullen worden geagendeerd.
Hij benadrukt dat wanneer de raad invloed wil hebben, zij alle middelen heeft om dit te doen. De heer Mentink (VVD) merkt op dat de moties van Westvoorne niet hebben geleid tot een aanpassing van de concept RES 1.0. Hij zegt dat in een aantal moties is aangegeven dat Westvoorne geen zon op land wil, maar dat de zoekgebieden voor zon toch zijn opgenomen. De heer Beerepoot zegt dat zon en wind bewezen technieken zijn en deze in de scope van de RES zitten. Zon en wind zijn als element van de RES onderdeel van de zoekgebieden en hierin is geen selectie gemaakt. Gekeken is naar het landschap en welk landschap zich leent voor energieopwekking en welke vormen hier mogelijk zouden kunnen zijn. De kenmerken zijn dus opgenomen in de zoekgebieden. De heer Kooiman zegt naar aanleiding van de opmerking van mevrouw v.d. Gaag dat er wellicht steken zijn laten vallen ten aanzien van het participatietraject, maar dat er wel
5
degelijk participatie is gepleegd en er veel mensen bij betrokken zijn, maar het altijd beter kan. Mevrouw De Vroed zegt dat 1,5 jaar geleden gestart is met de RES en dat het participatieproces dat in maart zou worden gestart, vanwege COVID-19 er anders heeft uitgezien. Er is een omslag gemaakt naar digitaal werken en er hebben digitale bijeenkomsten plaatsgevonden, er zijn telefonische interviews gehouden en er hebben gesprekken plaatsgevonden met de samenleving. De rapportage hierover is met de raad gedeeld. Vervolgens is er daarna met de ondernemers, agrarische sector en de Vereniging Verontruste Burgers gesproken. De informatie die hieruit is opgehaald is gebundeld, en zal worden meegenomen bij de gebiedsprocessen. Vervolgens zegt zij dat er inwonersavonden zijn georganiseerd en avonden voor de raad. Tevens is er een website ontwikkeld waarop alle informatie staat over de energietransitie op Voorne-Putten. Het is duidelijk dat iedereen anders tegen participatie aankijkt en mevrouw De Vroed roept de commissie op om aan te geven, wat zij een goede participatie vindt. De heer Van Orselen (PW) zegt ten aanzien van het rapport, waarbij informatie is opgehaald, dit niet is opgehaald op Voorne-Putten en dus nergens op is gebaseerd. Hij zegt dat is gesignaleerd dat het verhaal mooier is dan de werkelijkheid en dat de mensen niet weten wat er op hun afkomt.
De heer Groenewegen (CDA) zegt dat er altijd overlast zal zijn welke oplossing ook gekozen zal worden. Hij is van mening dat er een basis van wederzijds vertrouwen moet zijn en dat de raad te allen tijde haar invloed moet kunnen uitoefenen. Vervolgens wordt de vergadering geschorst van 21.30 tot 21.39 uur voor een korte pauze. De heer Groenewegen vraagt vervolgens of de commissie van mening is dat bijlage 4 van de RES in zijn geheel als amendement moet worden ingediend. De meerderheid van de commissie is van mening dat het indienen van een amendement geen waarde heeft. De fracties van D66, PvdA en het CDA zeggen zich te kunnen vinden in de RES 1.0. Mevrouw Roggeveen (PvdA) wil nog wel graag een antwoord op haar vraag over de toetsing aan de Europese wetgeving bij de plaatsing van windmolens. De heer Mulder (D66) zegt het jammer te vinden dat er zo weinig enthousiasme is voor een amendement. Hij zou het jammer vinden wanneer in de raad van 30 juni aanstaande geen meerderheid is, die achter de RES 1.0 kan staan. De fracties van GBW, IBW en VVD maken een voorbehoud. De fractie van PW zegt zich niet in de RES 1.0 te kunnen vinden, omdat zij vindt dat dit geen democratisch proces is, en dat ieder amendement of motie die wordt ingediend geen enkele waarde heeft. De heer Beerepoot benadrukt nogmaals dat de RES 1.0 geen plan is, maar een visiedocument.
Vervolgens zegt hij dat een amendement een bekrachtiging van de RES zou betekenen. Wethouder v.d. Pol zegt nog steeds de zorg over het verlies van zeggenschap te horen bij de raad, onder andere over de relatie tussen de RES en de omgevingsvisies. Zij zegt aan de
6
provincie te zullen vragen of zij aan kunnen geven hoe er vanuit de gebiedsprocessen naar beleid wordt gewerkt. Zij benadrukt dat Voorne-Putten onderdeel blijft van de provincie, en het niet uitmaakt of de raad voor of tegen de RES 1.0 zal stemmen. Tenslotte zegt zij dat de vraag van de heer Plantinga over het laag frequent geluid in relatie tot gezondheid schriftelijk wordt beantwoord. De wethouder zegt dat verdere vragen nog tot aan de behandeling van de RES 1.0 in de raad van 30 juni aanstaande kunnen worden gesteld. 4.
Sluiting.
De voorzitter sluit de vergadering om 22.07 uur.
7