CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag cie Beeldvorming 11

Commissie GG & Milieu 28 november 2022, gemeente WestvoorneBij agendapunt: Verslag commissie Beeldvorming 2 november 20223.156 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1 alinea's met “sluiting”: 47

Verslag van de openbare vergadering van de commissie Beeldvorming, gehouden op woensdag 2 november 2022 om 20.00 uur in de raadzaal van het gemeentehuis te Rockanje. Aanwezig

: mevrouw R.M. Roggeveen, mevrouw M. Hamstra en de heren G. Plantinga, D.D. van Orselen, E.G. Mulder, N.A.M. Groenewegen, M. Segers, H. HeijnDijk, C. Sommeling en C.B. Mentink, J.W. Driesprong, C.B. Mentink en T.I. Fransman.

Mede aanwezig

: wethouder L. van der Pol en mevrouw M. van Boxel en de heer D. Kemps.

Voorzitter

: de heer W.A. Sjoukes.

Griffier

: de heer R. de Vries.

Notuliste

: mevrouw M. van Eijsden-Briggeman.

1.

Opening.

De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. 2.

Vaststelling agenda.

De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3.

Mededelingen.

Geen. 4.

Verslag van de commissievergadering van 7 september 2022.

Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 5.

Financiële participatie Zonnepark Konneweg.

Aanwezig is de heer Olthuis van Energiecoöperatie Voorne-Putten. Wethouder Van der Pol geeft een korte inleiding. De heer Olthuis geeft een presentatie. Aan de orde komen de volgende punten: - VPE & bestuurlijke ontwikkelingen; - Contact tussen partijen; - Vorm van financiële participatie; - Conclusie. De heer Van Orselen (Partij Voorne aan Zee) zegt het verwarrend te vinden om de presentatie te koppelen aan de motie die de raad destijds heeft aangenomen, waarbij de inwoners voorop staan om hiervan te kunnen profiteren.

1

Hij mist in de presentatie de mogelijkheid dat de omgeving hiervan profijt kan hebben. Door de raad is de wens voor 50% deelname door de inwoners uitgesproken, maar hij ziet nu een model waarbij er een verdeling plaatsvindt, en er uiteindelijk maar 25% terugkomt naar de inwoners. Hij zegt dat 25% geen 50% lokaal eigendom is, en vraagt wat het betekent als de aandelen worden verdeeld tussen een stichting en privé. Uit de presentatie komt volgens de heer Van Orselen naar voren dat een soort pyramidespel wordt ingezet tussen meerdere partijen, waarbij de ene partij aandeelhouder is van de andere partij, er geld geleend wordt van de inwoners op basis van obligaties (vreemd vermogen) en dit weer wordt ingezet als eigen vermogen. De heer Van Orselen zegt dit geen juiste gang van zaken te vinden. Hij betreurt het dat op deze manier wordt omgegaan met de motie, die is ingediend voor de inwoners, en er nu met een uitwerking wordt gekomen waarvan de inwoners geen profijt hebben. De voorzitter verzoekt de commissie om niet te gedetailleerd in te gaan op dit onderwerp, omdat het hier gaat om een beeldvormende vergadering. De motie is een politieke uitspraak geweest en de uitwerking hiervan hoort thuis in een andere commissievergadering. Mevrouw Roggeveen (PvdA) is blij met de presentatie van vanavond.

Zij vraagt of er een vaste rente geldt voor de obligaties, en hoe lang een periode loopt. Mevrouw Hamstra (VVD) vraagt waarom het adres van de Energiecoöperatie in Schiedam is, en vraagt wat Solar Energy Works precies is. Vervolgens sluit zij zich aan bij enkele opmerkingen die door de heer Van Orselen zijn gemaakt. Zij zegt er moeite mee te hebben dat er voor de obligaties wordt gekozen voor een afgesproken rente, in plaats van een bepaald rendement, en is van mening dat na 7 jaar het rendement voor Solar Energy Works hoger zal zijn, doordat de inwoners 25% hebben geleverd. Vervolgens vraagt zij of de maatschappelijke gebouwen in de gemeente voorzien kunnen worden van de stroom, die opgewekt wordt door de zonnepanelen. Zij vraagt op welke wijze de controlerende taak wordt vorm gegeven, en hoe de inwoners kunnen toezien op de Energiecoöperatie. Tenslotte vraagt zij naar de jaarlijkse kosten. De heer Mulder (D66) vraagt naar het doel van de stichting, en wie dan eventueel de doelstelling zou kunnen wijzigen. De heer Groenewegen (CDA) vindt dat de presentatie hem nog niet veel duidelijkheid heeft gegeven en hij wil graag meer uitleg over de financiële participatie. Hij zegt het vreemd te vinden dat er geld wordt gevraagd van de inwoners voor de exploitatie van het zonnepark, terwijl de rente nog niet bekend is.

Hij is van mening, dat er eerst zekerheden moeten zijn voor de inwoners, alvorens zij hieraan gaan deelnemen. Vervolgens vindt hij het vreemd dat inwoners niet kunnen deelnemen aan het project, maar alleen financieel kunnen bijdragen, en dit een gemiste kans te vinden. De heer Groenewegen vraagt op welke wijze de inwoners dan kunnen meeprofiteren, en waarom er wordt gekozen voor een looptijd van 7 jaar. Vervolgens vraagt hij wie gaat bepalen wat er aan de obligatiehouders toekomt. Tenslotte vraagt hij hoe de Energiecoöperatie denkt dit proces onder de aandacht van de inwoners te brengen, zodat zij hierover enthousiast zullen worden. De heer Segers (Vrij Voorne) vraagt of de inwoners na 7 jaar hun investering nog verder kunnen laten renderen. De heer Otlhuis zegt voorafgaand aan de beantwoording van de vragen, dat de Energiecoöperatie Voorne-Putten alles wat verdiend gaat worden inzet voor nieuwe projecten en dit dus geen verdienmodel is voor de coöperatie.

2

Aangegeven wordt dat de ontwikkelaar van de zonneweide (Solar Energy Works) een project BV heeft opgericht. Solar Energy Works is voor 75% aandeelhouder en de Energiecoöperatie wordt voor 25% aandeelhouder gedurende de looptijd van het project. Bij verkoop van obligaties uit de project BV zal er over de prijs onderhandeld worden. In deze prijs zit het eigen vermogen. Er is sprake van een achtergestelde lening, achtergesteld op de hypotheek van de bank. Het eigen vermogen is 1/3 en 2/3 zal door de bank worden gefinancierd. Door het uitgeven van obligaties komt de coöperatie aan geld. Wanneer de inwoners van Westvoorne obligaties verkrijgen hebben zij recht op rente. Over een half jaar zal bekend moeten zijn of er sprake is van een vaste, of van een variabele rente. Meegedeeld wordt dat er in een prospectus die wordt uitgegeven, de burgers exact worden geïnformeerd. Ook zal er in de plaatselijke bladen, en op de website informatie worden gegeven, zodat dit volledig openbaar wordt. Na een looptijd van plm. 7 tot 10 jaar zullen de opbrengsten uit de project BV naar de coöperatie toekomen, die op haar beurt weer financiële ruimte heeft voor nieuwe projecten. De aandeelhouders kunnen door middel van de algemene ledenvergadering toezicht uitoefenden op de Energiecoöperatie. Het project wordt bewaakt door het stichtingsbestuur, waarin 1 persoon zit van het project, en 2 inwoners.

Met betrekking tot de vraag waarom er een adres in Schiedam wordt genoemd wordt meegedeeld, dat er nog geen vaste locatie is op Voorne-Putten, en het adres in Schiedam het adres is van de penningmeester. Wethouder Van der Pol zegt verbaasd te zijn over de uitleg van de heer Othuis over het beleid. Het beleid dat in samenwerking met de unie van coöperaties tot stand is gekomen zou er juist voor moeten zorgen te voorkomen, dat het te vrijblijvend zou zijn. De wethouder zegt dat hierop eerder had moeten worden ingegrepen, en betreurt het dat voor dit project een wijziging van het beleid, gezien de tijd, niet meer mogelijk is. De heer Othuis zegt dat over dit punt met verschillende ambtenaren op Voorne-Putten is gesproken, maar dat e.e.a. niet afdwingbaar is. De heer Van Orselen (Partij Voorne aan Zee) zegt nogmaals het niet juist te vinden dat er geld van de inwoners wordt gevraagd, en de Energiecoöperatie als aandeelhouder hier tussen zit, en mede verantwoordelijk is voor het resultaat van de exploitatiemaatschappij. Vervolgens zegt hij dat er geen garantie is op kansen na afloop van het project, omdat ook de project BV failliet kan gaan of geen winst zou kunnen maken, en het aandeel dan niets waard zal zijn. Mevrouw Roggeveen (PvdA) is blij dat de coöperatie nu deskundige leiding heeft. Zij vraagt wat een eventueel risico voor de obligatiehouders zou kunnen zijn.

De heer Olthuis zegt dat in de brochure alle mogelijke risico’s uitgebreid zullen worden vermeld, en alles open en transparant zal zijn. Mevrouw Hamstra (VVD) vraagt of er voor ieder project een aparte projectentiteit wordt opgericht. Zij vraagt vervolgens naar de maximale kosten, omdat dit van belang is voor de inwoners. Vervolgens vraagt mevrouw Hamstra of het gaat om een achtergestelde obligatielening, of om een reguliere obligatielening, die achtergesteld is op de bank. De heer Mulder (D66) vraagt of er jaarlijks een aflossing plaatsvindt van de lening, of dat dit in een keer gebeurt. De heer Groenewegen (CDA) vraagt hoe een inwoner over deze constructie met een achtergestelde lening enthousiast kan worden. Hij vraagt of de transparantie van het proces voor iedereen openbaar is, en hoe dit kan worden gevolgd.

3

De heer Segers (Vrij Voorne) vraagt of andere projecten na 7 tot 10 jaar met wellicht andere partijen, ook volgens deze constructie worden opgestart. De heer Plantinga (GBW) vraagt waar de Energiecoöperatie geld vandaan gaat halen, wanneer de burgers onvoldoende obligaties afnemen. De heer Olthuis zegt dat wanneer de burgers van Westvoorne onvoldoende obligaties afnemen e.e.a. wordt uitgebreid naar respectievelijk Voorne-Putten, regio Rijnmond of alle coöperaties in Nederland, en wanneer dit nog onvoldoende is, er geld gehaald kan worden uit een fonds dat door de koepel van Energiecoöperaties is ingericht. De praktijk leert echter dat de obligaties in korte tijd uitverkocht zijn. Ten aanzien van de vraag of er jaarlijks een aflossing plaatsvindt zegt de heer Olthuis, dat nog wordt bekeken wat belastingtechnisch handig is, en er zoveel mogelijk wordt overgehouden voor het doel waarvoor de coöperatie staat. Ten aanzien van de vraag of de maatschappelijke gebouwen in de gemeente voorzien kunnen worden van stroom, die opgewekt wordt door de zonnepanelen wordt meegedeeld, dat de coöperatie lid is van een landelijke coöperatieve energieleverancier OM Nieuwe Energie, en de opbrengsten van OM Nieuwe Energie teruggaan naar de coöperatie. OM Nieuwe Energie is bezig met een aantal gemeenten om de energievoorziening slim te regelen, zodat gemeenten kunnen besparen op hun energierekening.

Er wordt op dit moment een model toegepast bij gemeenten in het land, waarbij een gemeente efficiënter met energie om kan gaan en hierdoor minder gaat betalen. Vervolgens sluit de project BV een stroomleveringscontract af met degene die de stroom af wil nemen. Als de gemeente dit zou willen, dan kunnen zij hierin meedoen, en kan er een prijs worden afgesproken voor 3, 10 of 15 jaar. Meegedeeld wordt dat er geen energie geleverd kan worden aan de gemeente vanuit het zonnepark. Tenslotte zegt de heer Olthuis dat de coöperatie zo breed mogelijk aandacht wil vragen via de huis-aan-huis bladen, en andere media voor de uitgifte van obligaties. In de algemene ledenvergadering van de coöperatie wordt het jaarverslag besproken, en al dan niet goedgekeurd. In het jaarverslag staan o.a. alle zaken betreffende dit project. Daarnaast moet de project BV een opgave doen aan de KvK (zgn. publicatiebalans) en hiermee is alles volledig transparant. De vergadering wordt vervolgens geschorst van 21.05 tot 21.15 uur voor een pauze. 6.

Plan van aanpak aardwarmte in Goudhoek/Oostvoorne.

Wethouder Van der Pol geeft een korte inleiding. Mevrouw Laukens van Bureau &Flux geeft een presentatie. Aan de orde komen de volgende punten: - Context; - De opdracht; - Publieke waarden in de warmtetransitie; - Warmtebronnen; - Warmtevraag en- bronnen; - Scope; - Gebiedsgerichte aanpak; - Volgende stappen. De heer Heijndijk (IBW) bedankt voor de presentatie. Hij vraagt naar de tijdelijke oplossing, wanneer de warmtebron uit zou vallen.

4

Vervolgens vraagt hij of er al afspraken zijn gemaakt met bedrijven over het benutten van restwarmte. Meegedeeld wordt, dat je met één warmtebron heel kwetsbaar bent voor een eventuele uitval, en er dan overgestapt zal moeten worden op back-up bronnen. Aangegeven wordt dat hiervoor meerdere mogelijkheden zijn en dat de gemeente op dat moment deze keuze moet maken. Met betrekking tot restwarmte wordt er nu nog gekeken wat de mogelijkheden zijn, en of die restwarmte ook beschikbaar komt, en of hierover afspraken zijn te maken. De heer Plantinga (GBW) vraagt of aardwarmte geschikt is voor elk type woning, en denkt hierbij aan de binnenstad van Brielle met haar oude panden. Meegedeeld wordt dat aardwarmte in principe geschikt is voor alle soorten woningen, en anders altijd passend kan worden gemaakt. De heer Sommeling (Vrij Voorne) vraagt hoe het zit met de continuïteit. Hij heeft namelijk begrepen dat er 17 tuinbouwbedrijven kunnen worden aangesloten, maar dat 18 bedrijven al moeilijk zou worden. Hij vraagt hoe groot de gegarandeerde levering is. Meegedeeld wordt dat het op dit moment moeilijk is om nu in te zetten op de aardwarmtebron, omdat het geen gegarandeerde levering is. Het is ook nog maar de vraag of deze warmte beschikbaar is voor de wijk Goudhoek, en daarom wordt er ook gekeken naar andere warmtebronnen.

Alle warmteprofielen zijn verschillend en worden daarom op elkaar gelegd om zo een profiel te creëren. De heer Groenewegen (CDA) stelt zich voor dat de gemeente Voorne aan Zee wellicht zelf een warmtebedrijf zou kunnen opzetten. Hij vraagt of dit tot de mogelijkheden zou kunnen behoren, omdat hij het belangrijk vindt om als overheid hier de leiding in te nemen. Meegedeeld wordt dat als dit de wens is van de gemeente, dit zeker tot de mogelijkheden zou kunnen behoren. De heer Mulder (D66) vindt het treffend om nu vast te moeten stellen dat aardwarmte in de wijk Goudhoek niet alleen de oplossing is, dit omdat het project te klein zou zijn. Hij vraagt of er al zicht is hoe een warmteplatform vorm zal moeten krijgen, en hoe dit gaat functioneren, en vraagt of er voorbeelden zijn in Nederland van een dergelijk platform. Meegedeeld wordt, dat er op dit moment een vraag uitstaat aan verschillende partijen om vorm te geven aan een platform. De heer Mentink (VVD) zegt bij het aardwarmteproject in Tinte te zijn geweest en te hebben gehoord dat de warmte die daar wordt opgewekt voldoende zou zijn voor 40.000 woningen. Hij vraagt of, wanneer er alleen een warmtebron voor woningen wordt gemaakt, dit rendabel kan worden. Vervolgens heeft hij gehoord dat er alleen maar warmte mag worden gewonnen, en dat de elektriciteit die vrijkomt alleen gebruikt mag worden voor de eigen pompen.

Hij vraagt in hoeverre het mogelijk is om met die warmte elektriciteit te maken. Hij zegt dat dit misschien een oplossing zou kunnen zijn voor de zomerperiode. De conclusie is dat de Goudhoek alleen te klein zou zijn. De heer Mentink is echter van mening dat dit toch wel zou moeten kunnen, wanneer dit in combinatie met de tuinbouw zou kunnen worden gedaan. Met betrekking tot de restwarmte van de industrie merkt de heer Mentink op, dat in de RES 2.0 heel duidelijk staat dat de restwarmte van de industrie, wat betreft Maasvlakte I en II niet

5

voor Voorne is bestemd, en dat hij hieruit concludeert dat Westvoorne hiervan niet gaat profiteren. Naar aanleiding van de vraag, waarom de Goudhoek te klein zou zijn wordt meegedeeld, dat er maar een kleine afzet is, en een infrastructuur daarom heel duur is, en deze niet kan worden terugverdiend. Een oplossing zou zijn wanneer ook naastgelegen wijken op het warmtenet worden aangesloten, en er dus een koppeling plaatsvindt. In de RES gaat het voornamelijk over het warmteproject dat richting Leiden zou gaan. Waar nu over wordt gesproken, en wat wordt onderzocht, is het gebruik van de warmte die vrijkomt bij de omzetting van de elektriciteit uit wind op zee in waterstof. Wethouder Van der Pol zegt dat de RES hierover dus niets te zeggen heeft, maar dat de RES wel zegt dat het verstandig is om samen te werken. De heer Van Orselen (Partij Voorne aan Zee) zegt eveneens gehoord te hebben dat het project in Tinte heel goed in staat is om de leiding door te trekken naar bijvoorbeeld het zwembad, de Goudhoek of een andere wijk. Er wordt echter in de presentatie gesproken over grootschalige projecten, en hij vraagt of dit betrekking heeft op een visie op lange termijn. Hij is van mening, dat het warmtenet in eerste instantie beperkt zou moeten blijven tot de wijk Goudhoek. Hij vraagt vervolgens in hoeverre er in de visie rekening is gehouden met een warmtemix.

Zonnepanelen die waterstof kunnen ontwikkelen voor huiselijk gebruik is volgens hem een innovatie die realistisch wordt geacht om op de markt te zetten. Hij vraagt daarom hoe houdbaar een grootschalige opzet van het warmtenet is, omdat er dan over 10 tot 20 jaar steeds minder vraag gaat ontstaan naar warmtenetwarmte. Hij vraagt of een grootschalig warmtenet rendabel is, omdat hiervoor veel geld nodig is. Meegedeeld wordt, dat het antwoord op de vraag of een grootschalig warmtenet rendabel is onderzocht wordt, en er moet worden gekeken wat de eventuele kosten hiervan zullen zijn. Er zal gekeken moeten worden wat de beste investering zal zijn, en dit zal aan hand van een onderzoek helder moeten worden. Het is wel de bedoeling dat dit een wamtemix gaat worden, maar het beeld hoe dit eruit komt te zien ontbreekt nu nog. Mevrouw Roggeveen (PvdA) sluit zich aan bij de gedachte van de heer Van Orselen om eerder een kleinschalig warmtenet te ontwikkelen, in plaats van dit grootschalig op te zetten. Het is belangrijk om evenwicht tussen vraag en aanbod te houden met betrekking tot de energie. Zij vraagt vervolgens in hoeverre de gemeente financieel participeert in dit soort projecten. Meegedeeld wordt dat hiervoor gekeken zou moeten worden naar de onrendabele top, en manieren om deze te dekken.

De heer Mentink (VVD) vraagt wanneer er concreet kan worden gestart in de Goudhoek en vraagt waarop wordt gewacht. De heer Van Orselen (Partij Voorne aan Zee) vindt eveneens dat er moet worden gestart. Hij vraagt wel wie dit allemaal gaat betalen. Wanneer de gemeente het initiatief neemt, betekent dit dan dat er voor de komende 10 tot 20 jaar veel geld moet worden gereserveerd, of gaat dit op een andere manier zonder dat de gemeentelijke begroting onder druk komt te staan. Meegedeeld wordt, dat wanneer de gemeente het initiatief neemt, dit niet betekent dat zij hiervoor ook de rekening betaalt. Het gaat dan meer om de regie van het proces.

6

Naar aanleiding van de vraag wanneer er concreet kan worden begonnen wordt meegedeeld, dat op dit moment de visie ontbreekt voor de verdere aansluiting. Wanneer er dus een visie ligt kan er snel met projecten worden begonnen, en kan er ook aanspraak gemaakt worden op subsidies. Wethouder Van der Pol concludeert dat de behoefte voor snelheid duidelijk is en ze begrijpt de haast om met een platform te gaan starten en integrale netwerken te gaan bouwen. Daarnaast is het van belang dat de participatie voor de inwoners goed wordt opgezet, en ze zegt dat dit wordt uitgezet. De heer Mentink (VVD) vraagt om aan te geven wat voor investering er nodig is om een wijk zoals de Goudhoek aan te sluiten op het huidige net. Wethouder Van der Pol zegt deze vraag schriftelijk te zullen beantwoorden. 7.

Punten voor een volgende vergadering.

Mevrouw Roggeveen (PvdA) vraagt of de milieufederatie een presentatie van de kanskaart kan geven. De voorzitter zegt dat dit punt aan het Presidium wordt voorgelegd. 8.

Sluiting.

De voorzitter sluit de vergadering om 22.10 uur.

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12064139/2