6d. 5.2 P011 voorstel bijzondere bijstand 2022-08-16
Tekst van het document
Voorstel Datum: Van: Voor: Onderwerp:
30 augustus 2022 Kwartiermaker/Vincent Florijn (Team Voorne aan Zee) BRT Harmoniseren minimabeleid, deel 3 Bijzondere bijstand
Doorsturen naar: WOR-platform: BRT:
ja/nee ja
Interne adviezen: PMO’er Communicatie Migratietoets In te vullen
positief / negatief / n.v.t. positief / negatief / n.v.t. positief / negatief / n.v.t. Positief / negatief
1. Besluit
1. 2.
Instemmen met de inkomensgrens van 120% voor de bijzondere bijstand voor de inwoners van Voorne aan Zee per 1 januari 2023. Instemmen met het nader uitwerken van beleidsregels bijzondere bijstand voor de nieuwe gemeente Voorne aan Zee op basis van onderstaande uitgangspunten.
2. Aanleiding
De gemeenten op Voorne voeren afzonderlijk beleid ten aanzien van het verstrekken van bijzondere bijstand. De gemeenten op Voorne fuseren per 1 januari 2023. In het kader van de Wet algemene regels herindeling (Wet arhi) moet een nieuwe gemeente binnen een termijn van 2 jaar, na de datum van herindeling, ervoor zorgen dat de regelgeving van de opgeheven gemeenten wordt geharmoniseerd door middel van vaststelling van de regeling dat geldend is de gehele gemeente (artikel 28 en 29 Wet arhi). De gemeenten op Voorne kennen diverse minimaregelingen. We gaan het minimabeleid in drie delen harmoniseren. In het eerste deel worden de volgende onderdelen geharmoniseerd, inkomenstoeslag, kindpakket en participatiefonds. In het tweede deel wordt de invulling van de gemeentepolis geharmoniseerd en in het derde deel de bijzondere bijstand. Het voorliggende voorstel heeft betrekking op de bijzondere bijstand. Het bijzondere bijstandsbeleid van de gemeenten op Voorne wijkt op een groot aantal punten van elkaar af. Denk hierbij aan de te hanteren inkomensnorm en de kostensoort waarvoor bijzondere bijstand wordt verstrekt. Geadviseerd wordt de beleidsregels bijzondere bijstand per 1 januari 2023 te harmoniseren, zodat er op een efficiënte wijze uitvoering gegeven kan worden aan de bijzondere bijstand en dat er rechtsgelijkheid onder inwoners van Voorne zaan Zee bestaat. 3. Argumenten/resultaten
De bijzondere bijstand is geregeld in artikel 35 Participatiewet. De gemeente kan met betrekking tot bijzondere bijstand beleid opstellen. Voor de gemeente Voorne aan Zee worden beleidsregels bijzondere bijstand opgesteld. In de beleidsregels wordt onder meer opgenomen hoe wordt omgegaan met draagkracht (inkomen- en vermogensgrenzen) en welke kosten voor vergoeding in aanmerking komen.
De gemeente Voorne aan Zee wil aan haar inwoners gelijke dienstverlening en rechtsgelijkheid bieden. Het harmoniseren van beleidsregels per 1 januari 2023 levert voor de uitvoering tevens eenduidige werkprocessen op. Inkomensnorm en vermogensgrens De gemeenten Westvoorne en Hellevoetsluis hanteren een inkomensnorm van 110% van de toepasselijke bijstandsnorm. De gemeente Brielle hanteert een inkomen van 120% van de toepasselijke bijstandsnorm. Dit betekent dat inkomen boven deze norm als draagkracht wordt aangemerkt. In eerdere voorstellen over het minimabeleid en de collectieve zorgverzekering is voorgesteld de inkomensnorm op 120% van de toepasselijke bijstandsnorm vast te stellen. Geadviseerd wordt om voor de bijzondere bijstand ook een inkomensnorm van 120% van de toepasselijke bijstandsnorm te hanteren. Zodat er een eenduidig beleid voor de minima is. De gemeenten op Voorne hanteren een vermogensgrens zoals vermeld in artikel 34 van de Participatiewet. Voorgesteld wordt deze vermogensgrens ook in de gemeente Voorne aan Zee te hanteren. Voor woonkostentoeslag wordt per gemeente een andere inkomensnorm gehanteerd. Hellevoetsluis hanteert een inkomensgrens van 110% van de toepasselijke bijstandsnorm, Brielle 100% van de toepasselijke bijstandsnorm en Westvoorne 100% van de toepasselijke bijstandsnorm.
Woonkostentoeslag wordt verstrekt aan inwoners die door omstandigheden geen beroep kunnen doen op huurtoeslag. Daarnaast kan woonkostentoeslag worden verstrekt aan woningeigenaren die niet meer in staat zijn de hypotheek te betalen door een inkomensdaling. De hoogte van de woonkostentoeslag wordt berekend aan de hand van de berekening voor huurtoeslag op grond Wet huurtoeslag. Voorgesteld wordt de inkomensnorm voor woonkostentoeslag op 100% van de toepasselijke bijstandsnorm vast te stellen. Het inkomen boven bijstandsniveau dient dan volledig te worden aangewend voor deze kosten. Indien dit niet gebeurt, ontvangen mensen met een inkomen boven bijstandsniveau een hogere woonkostentoeslag, dan wat gebruikelijk is bij dat inkomen. Het verlagen van de inkomensgrens voor woonkostentoeslag betekent voor de inwoner van Hellevoetsluis een versobering, maar daar staat tegenover dat de doelgroep bijzondere bijstand wordt verruimd. Er wordt voorgesteld om geen maximaal bedrag voor woonkostentoeslag te hanteren in de beleidsregels. Terugwerkende kracht De gemeente Hellevoetsluis hanteert een ruimhartig beleid ten aanzien van het met terugwerkende kracht toekennen van bijzondere bijstand. Voor kosten die korter dan een jaar voor aanvraag zijn ontstaan, maar nog niet zijn betaald, kan een aanvraag voor bijzondere bijstand in behandeling worden genomen.
De gemeente Brielle hanteert een grens van 6 maanden. De gemeente Westvoorne heeft hierover niets in het beleid opgenomen. Zij hanteert de Participatiewet. In geval van bijzondere omstandigheden wordt hiervan afgeweken.
Indien een inwoner na een jaar pas bijzondere bijstand aanvraagt voor de kosten die zijn gemaakt, kan ervan worden uitgegaan dat de kosten door de belanghebbende zelf of het netwerk van de belanghebbende zijn voldaan. Voorgesteld wordt daarom een termijn van 6 maanden te hanteren. Bijzondere bijstand voor schulden (voor de aflossing van een schuld) is slechts in uitzonderlijke gevallen bijzondere bijstand mogelijk. Volgens de wet is namelijk het recht op bijstand uitgesloten wanneer men tijdens het ontstaan van de schuld, of nadien beschikte over voldoende middelen van bestaan. Draagkracht In de gemeenten worden verschillende draagkrachtberekeningen gehanteerd. De gemeente Westvoorne heeft in beleid geregeld hoe de draagkracht wordt berekend en de gemeente Hellevoetsluis heeft een hele uitgebreide draagkrachtberekening die voor de uitvoering praktisch slecht uitvoerbaar is. De draagkracht wordt bij incidentele bijzondere bijstand in de gemeenten berekend over een periode van twaalf maanden. De kostendelersnorm wordt niet toegepast, aangezien de kostendelersnorm alleen van toepassing is bij de algemene bijstandsuitkering.
Voorgesteld wordt de volgende draagkrachtberekening voor de gemeente Voorne aan Zee te hanteren: - bij incidentele bijzondere bijstand wordt draagkracht berekend over een periode van twaalf maanden, vanaf de eerste dag van de maand waarop de aanvraag is gedaan; - Inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm betreft geen draagkracht. Inkomen boven de 120% volledige draagkracht; - Het vermogen boven de vermogensgrens als bedoeld in artikel 34 lid 3 Participatiewet wordt gezien als draagkracht; - Indien een aanvrager is toegelaten tot de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) of als een minnelijk schuldhulpverleningstraject loopt wordt de aanvrager geacht niet over draagkracht te beschikken; - Vakantiegeld wordt meegenomen in de draagkracht berekening; - De kostendelersnorm wordt niet toegepast op de draagkrachtberekening. Bijzondere bijstand voor kostensoorten De gemeente Hellevoetsluis heeft een heel uitgebreid bijzondere bijstandsbeleid waarin diverse kostensoorten zijn opgenomen. Voorgesteld wordt in het nieuw bijzondere bijstandsbeleid alleen kostensoorten op te nemen die veelvuldig worden verstrekt. Daarnaast komt een aantal kostensoorten niet meer terug in het beleid, omdat uit jurisprudentie is gebleken dat geen bijzondere bijstand kan worden verstrekt voor dergelijke kosten.
Voorgesteld wordt de volgende kostensoorten in het bijzondere bijstandsbeleid van de gemeente Voorne een Zee op te nemen: -
reiskosten jongerentoeslag woonkostentoeslag kinderopvang verhuis-en inrichtingskosten en duurzame gebruiksgoederen kosten van bewindvoering, curatele en mentorschap voor-en vroegschoolse educatie kosten rechtsbijstand
-
Overbruggingsuitkering doorbetaling vaste lasten verblijf in een inrichting of detentie kosten van een uitvaart.
De gemeente Hellevoetluis heeft een uitgebreid artikel opgenomen over bijzondere bijstand voor medische kosten. Voorgesteld wordt een algemeen artikel op te nemen over deze kostensoort. Het is op grond van artikel 35 lid 1 Participatiewet niet mogelijk om bijzondere bijstand te verlenen voor kosten welke niet als noodzakelijk zijn te kenmerken. Eventueel kan het college hiertoe wel buitenwettelijk beleid ontwikkelen. In het algemeen is het zo dat de Wlz en Zvw alle noodzakelijke kosten vergoeden die verband houden met medische of paramedische behandeling. Uit jurisprudentie blijkt dat Wlz en Zvw samen gelden als een aan bijstandsverlening in de weg staande voorliggende voorziening om (aanvullende) bijstand te verlenen. Voorgesteld wordt daarom deze kostensoorten niet in het bijzondere bijstandsbeleid van Voorne aan Zee op te nemen. De gemeente heeft voor haar minima een collectieve zorgverzekering afgesloten. Deze verzekering dekt een groot deel van de medische kosten. Indien inwoners door omstandigheden alsnog niet in staat zijn de medische kosten te betalen, kan er op individuele gronden alsnog bijzondere bijstand worden versterkt. Dit geldt overigens voor alle bijzondere kosten van bestaan. Het college kan op grond van artikel 35 Participatiewet op individuele gronden bijzondere bijstand verstrekken.
In de het huidige beleidsregel bijzondere bijstand van Hellevoetsluis komt de eigen bijdrage voor aantoonbare medisch geïndiceerde hulp(middelen) voor vergoeding in aanmerking. In onderstaand overzicht zijn de verstrekkingen 2021 opgenomen. Soort verstrekking Bril Geneesmiddelen Hulpmiddelen geen bril Fysiotherapie Kosten specialist Kosten tandarts
Aantal verstrekkingen per jaar 2 12 4 14 2 58
Indien bovengenoemde kostensoorten niet meer worden opgenomen in de beleidsregels bijzondere bijstand, betekent dit niet dat er geen bijzondere bijstand voor deze kostensoorten kan worden verstrekt. Op individuele gronden kan dit nog wel. De verstrekkingen van medische kosten zijn minimaal, omdat in de uitvoering al wordt uitgegaan dat de zorgverzekering voorliggend is. In de was-wordt tabel die bij voorstel is gevoegd staan de huidige voorzieningen vermeld en de voorzieningen waarvoor beleidsregels worden opgesteld. 4. Aanpak/uitvoering
Na vaststelling van dit voorstel worden de beleidsregels bijzondere bijstand opgesteld en ter besluitvorming aangeboden aan het college.
5. Communicatie
Zie punt 4. 6. Kosten en dekking
Voorgesteld wordt de inkomensgrens vast te stellen op 120% van de toepasselijke bijstandsnorm. Voor Hellevoetsluis en Westvoorne betekent dit een verhoging van 110% naar 120% van de toepasselijke bijstandsnorm. Beiden gemeenten hanteren overigens bij het kindpakket al wel een inkomensgrens van 120% van de toepasselijke bijstandsnorm. Landelijk zie je ook een trend dat de norm verschuift naar 120% van de toepasselijke bijstandsnorm, bijvoorbeeld bij de energietoeslag. In het beleid van Hellevoetluis is vastgelegd dat de hoogte van individuele bijzondere bijstand anders dan reiskosten, maximaal 70% van de bedragen binnen de Prijzengids van het NIBUD, tenzij anders wordt gesteld. Voorgesteld is deze NIBUD norm los te laten en per kostensoort de hoogte van de bijzondere bijstand te bepalen aan de hand van een globaliseringslijst, zoals die is opgesteld door de gemeente Rotterdam. Ook is voorgesteld een aantal voorzieningen niet meer op te nemen in het bijzondere bijstandsbeleid waaronder medische kosten. Dit zal een kleine besparing opleveren. Door het verstrekken van bijzondere bijstand en het voeren van minimabeleid wordt voorkomen dat inwoners onder de armoedegrens moeten leven en het risico op schuldensituaties worden hierdoor verkleind. Het voeren van bijzondere bijstandsbeleid en minimabeleid is daarom noodzakelijk voor inwoners om te blijven participeren in de samenleving.
In de oplegnotitie minima CZV bijzondere bijstand is een doorrekening opgenomen voor wat betreft het hanteren van de norm van 120% van de toepasselijke bijstandsnorm. Uitvoeringskosten Het aantal aanvragen bijzondere bijstand zal waarschijnlijk stijgen. Dit betekent dat bij een ongewijzigde werkwijze de uitvoeringslasten ook toenemen. Dit zal worden gemonitord. Er wordt ook gekeken op welke wijze het proces rondom de bijzondere bijstand effectiever en efficiënter kan worden ingericht. 7. Risico’s en maatregelen
De fijnstructuur van de nieuwe organisatie is nog niet gepresenteerd. Over capaciteit en uitvoering kan in dit voorstel dan ook nog geen helder beeld worden geschetst.
Bijlage(n): 1. Wat wordt tabel minimaregelingen. 2. Financieel tabel en overzicht berekeningen.