22 10 Monitor Sociaal Domein 2021 Westvoorne voorstel
Tekst van het document
Raadsvoorstel 2022
Rockanje, 23 augustus 2022
Nr. 21562-2022 Raadsvergadering van 19 oktober 2022 Aan Agendanummer 9b Onderwerp Monitor sociaal domein 2021
de gemeenteraad
1. Gevraagd besluit Kennis te nemen van de monitor sociaal domein 2021. 2. Begrotingsprogramma, relatie met eerdere besluiten Programma Leven: het verder doorontwikkelen van en uitvoering geven aan de transformatie Sociaal Domein. Er worden in 2022 cliëntervaringsonderzoeken uitgevoerd. Er wordt – onder meer – in de monitor sociaal domein gerapporteerd over deze onderzoeken. 3. Aanleiding Jaarlijks wordt een monitor sociaal domein opgesteld. Er wordt in de monitor zowel vooruit gekeken als naar het verleden om de gegevens zoveel als mogelijk te kunnen duiden. 4. Argumenten De monitor geeft een totaaloverzicht en geeft u zodoende de mogelijkheid om grote lijnen te zien op het gebied van sociaal domein en om hier rekening mee te houden op de langere termijn. De monitor geeft eerst een uitleg over de gebruikte bronnen en omvang. Er is voor gekozen om de monitor op te delen in een hoofdstuk over het sociaal gebiedsteam, de Wmo, Jeugdwet, Participatiewet en overig. Voor ieder van de drie wetten worden algemene ontwikkelingen weergegeven, vervolgens de aantallen, daarna de financiële kant en tot slot de klachten en/of bezwaarschriften en cliëntervaringen. Onder het hoofdstuk Participatiewet komen naast de Participatiewet aan de orde: Ioaw/Ioaz, Bbz, Tozo, re-integratie en sociale werkvoorziening, minimaregelingen en bijzondere bijstand, schuldhulpverlening en debiteuren.
Onder het hoofdstuk ‘Overig’ wordt informatie gegeven over statushouders, slachtofferhulp en discriminatie. Er wordt afgesloten met een conclusie en korte blik op 2022. Onderstaand een kort overzicht van opvallende ontwikkelingen en/of aandachtspunten: Wmo Keukentafelgesprek De afgelopen twee jaren hebben minder inwoners een keukentafelgesprek gehad. Voor 2020 is dat een gevolg van de coronacrisis waarin contactmomenten zo veel als mogelijk werden beperkt. Voor 2021 is dat enerzijds ook het geval geweest in sommige periodes van het jaar en anderzijds is er sprake geweest van een tekort aan capaciteit bij de gemeente. Er is in meer gevallen voor gekozen om telefonisch in gesprek te gaan met inwoners met een hulpvraag. Er is daarvoor gekozen om de wachtlijsten zo spoedig mogelijk te kunnen inlopen, hetgeen ook daadwerkelijk is gelukt. Het uitgangspunt voor 2022 en verder is dat iedere inwoner met een hulpvraag de mogelijkheid heeft van een keukentafelgesprek. 1
Cliëntondersteuning De bekendheid met de cliëntondersteuner stijgt langzaam zo blijkt uit het cliëntervaringsonderzoek Wmo. Inwoners worden na een hulpvraag via de ontvangstbevestiging en contact met medewerkers van Stichting MEE en SBO gewezen op de mogelijkheid van cliëntondersteuning. Daarnaast geeft ook de gemeentelijke website informatie over de mogelijkheid van onafhankelijke cliëntondersteuning. Naast het feit dat de bekendheid is gestegen is gebleken dat inwoners soms wel cliëntondersteuning ontvangen maar in de veronderstelling verkeren dat zij contact hebben met gemeentelijke medewerkers. Zowel de gemeente als Stichting MEE en SBO zullen aandacht besteden aan het duidelijk maken van de functie die zij vervullen in gesprekken met cliënten. Algemeen waarderingscijfer en contact met de gemeente Voor het eerst is gevraagd aan inwoners of zij de gemeente goed bereikbaar vinden. 47% van de ondervraagde inwoners heeft aangegeven dat de gemeente goed bereikbaar is. Inwoners hebben de gemeente daarnaast een lager cijfer dan eerdere jaren gegeven voor de manier waarop zij geholpen zijn bij het aanvragen van ondersteuning: een 7,3 (2020: 8, 2019: 8 en 2018: 7,6). Via het traject ‘Fit aan de start’ onder leiding van BMC zal onder meer een visie op de toegang voor het sociaal domein voor de nieuwe gemeente op worden gesteld.
De bereikbaarheid van de gemeente en manier van ondersteuning bij een hulpvraag van een inwoner zijn daarin aandachtspunten. Jeugdwet Cliëntervaringsonderzoek Ook voor de uitvoering van de Jeugdwet is een cliëntervaringsonderzoek gedaan. De respons voor dit onderzoek is laag (16%). Sinds 2019 wordt dit onderzoek uitgevoerd en wordt door de gemeente ingezet op het verhogen van de respons. Zo wordt gedurende het jaar onderzoek gedaan zodat de vragen kort op het contact met de gemeente volgt, zijn de vragen aan de doelgroep aangepast, kan de vragenlijst schriftelijk of online worden ingevuld en worden herinneringen verstuurd. Niettemin heeft het onderzoek een betrouwbaarheidsmarge van 95%. Uit het onderzoek blijkt onder meer dat veel ondervraagden (jongeren en ouders) vooraf wisten dat ze bij de gemeente terecht konden voor hulp (88%), dat 66% vond dat ze (te) lang moesten wachten tot de hulp daadwerkelijk startte en dat de hulp er veelal toe leidt dat de jeugdige zich beter voelt (78% positief over resultaten). De bereikbaarheid van de gemeente is een aandachtspunt waar eveneens via het traject ‘Fit aan de start’ aan wordt gewerkt. Specialistische jeugdhulp De wachttijden zijn in 2021 regionaal gezien opgelopen als gevolg van diverse factoren. De GRJR heeft samen met gemeenten, zorgaanbieders en gecertificeerde instellingen een plan gemaakt om deze wachtlijsten terug te dringen.
Eind 2021 heeft een derde van de jeugdigen binnen 0-2 weken hulp ontvangen. Nadere uitvoering van het plan maakt dat de verwachting is dat eind 2022 iedere jeugdige met een specialistische hulpvraag binnen drie maanden hulp ontvangt. Effect corona In het najaar van 2021 heeft de GGD samen met partners een meting naar de gezondheid en het welbevinden van jongeren uitgevoerd. Het doel was om de impact van de coronacrisis op in kaart te brengen. Met het grootste deel van de jongeren gaat het goed en zijn de scores vergelijkbaar met de regio.
Participatiewet Aantal uitkeringen Het aantal uitkeringsgerechtigden is in 2021 ten opzichte van eerdere jaren nagenoeg gelijk gebleven. De enige uitzondering daarop is de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (Tozo), waarvan het gebruik ten opzichte van 2020 weer is afgenomen. Minimabeleid Het gebruik van minimaregelingen is weer op het niveau van voor corona. Er is weer vaker gebruik gemaakt van het kindpakket; een geldbedrag bestemd voor bijvoorbeeld de kosten voor zwemlessen, lidmaatschappen, vakantiekamp, kosten die te maken hebben met school, kosten die te maken hebben met computers, uitjes en vakantiekamp. Daarnaast kan de gemeente indien nodig de kosten voor zwemdiploma A en de kosten voor de peuterspeelzaal vergoeden en een bijdrage geven voor een fiets wanneer uw kind naar de middelbare school gaat. Van de regeling bijzondere bijstand is veel gebruik gemaakt. Dit betreft een regeling waarbij de gemeente extra en bijzondere kosten kan vergoeden wanneer aan bepaalde omstandigheden wordt voldaan. 5. Duurzaamheid N.v.t. 6. Regionale afstemming Er is met de gemeente Brielle contact geweest over het afstemmen van onderdelen van de monitor. De monitor is in Brielle ingericht aan de hand van de financiële taakvelden zodat van een gelijke indeling geen sprake is. In de gemeente Hellevoetsluis wordt geen monitor opgesteld.
Wel is aan de gemeente Hellevoetsluis als uitvoerende organisatie voor wat betreft de Wmo en Jeugdwet op diverse punten om informatie gevraagd. 7. Kosten, baten en dekking N.v.t. 8. Communicatie U wordt verzocht de monitor sociaal domein 2021 ter bespreking te agenderen voor de commissie IZ. Daarnaast wordt de monitor ter informatie aangeboden aan de Adviesraad Sociaal Domein. 9. Toelichting N.v.t. 10. Adviezen De commissie IZ/M heeft unaniem instemmend geadviseerd. Burgemeester en wethouders van Westvoorne, de wnd. secretaris, de burgemeester, P.A van der Wurff P.E. de Jong