CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

22 10 Drenkeling fase 2a concept exploitatieovereenkomst incl bijlagen

Gemeenteraad 19 oktober 2022, gemeente WestvoorneBij agendapunt: Drenkeling fase 2a19.266 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De Gemeenteraad een besluit tot goedkeuring van de inhoud van de Overeenkomst heeft genomen; en

3.

De Overeenkomst rechtsgeldig door Partijen is ondertekend.

16.2

De Overeenkomst eindigt hetzij nadat Partijen alle verplichtingen uit hoofde van deze Overeenkomst zijn nagekomen, hetzij na ontbinding van de Overeenkomst als bedoeld in dit artikel en/of artikel 12 van de Overeenkomst.

16.3

Deze Overeenkomst kan door elk van Partijen worden ontbonden, indien het Bestemmingsplan niet binnen drie (3) jaar na ondertekening van de Overeenkomst is vastgesteld door de Gemeenteraad, tenzij er op dat moment (drie (3)) jaar na ondertekening van de Overeenkomst) concreet zicht bestaat op dat het Bestemmingsplan alsnog binnen afzienbare tijd wordt vastgesteld.

16.4

De overeenkomst kan door de Gemeente zonder rechterlijke tussenkomst worden ontbonden in geval de Ontwikkelaar in staat van faillissement wordt verklaard, surséance van betaling heeft gekregen, of om andere redenen in haar bevoegdheden om rechtshandelingen te verrichten worden beperkt, zodanig dat de voortgang van het project overeenkomstig de Planning naar het oordeel van de Gemeente in gevaar komt. De voortgang van het Project wordt geacht niet in gevaar te zijn indien de curator binnen veertien (14) dagen na zijn aanstelling schriftelijk verklaart te zullen handelen overeenkomstig de in de Overeenkomst vastgelegde afspraken.

16.5

In geval van ontbinding van de Overeenkomst als bedoeld in lid 4 van dit artikel vervallen van rechtswege alle door of in opdracht van de Ontwikkelaar vervaardigde plannen, bestekken, andere uitvoeringsbescheiden en overige gegevens inclusief de daarop aan de Ontwikkelaar toekomende intellectuele eigendomsrechten betreffende het Project om niet in eigendom aan de Gemeente.

16.6

Partijen zullen zich inspannen te voorkomen dat de in lid 3 en lid 4 van dit artikel bedoelde ontbindende voorwaarden worden vervuld, met behoud van de publiekrechtelijke verantwoordelijkheden van de Gemeente.

16.7

Ingeval sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 268 van de Gemeentewet, kan geen sprake zijn van een door de Gemeente op een toerekenbare wijze tekortschieten in de uitvoering van de uit de Overeenkomst voortvloeiende verplichtingen. Tevens is de Gemeente dan niet aansprakelijk voor de daardoor voor de Ontwikkelaar of door de Ontwikkelaar ingeschakelde derden ontstane nadelen c.q. schade. Wel treden Partijen in dat geval in overleg, teneinde adequate oplossingen te vinden voor de alsdan ontstane situatie met inachtneming van elkaars gerechtvaardigde belangen.

16.8

Ontbinding van de Overeenkomst zoals bedoeld in lid 3 en lid 4 van dit artikel bevrijdt de Partijen van alle uit de Overeenkomst voortvloeiende verbintenissen, onverminderd het bepaalde in artikel 8 lid 10 van de Overeenkomst.

16.9

Geen van Partijen kan aanspraak maken op schadevergoeding of andere vormen van (geldelijke) compensatie in geval van ontbinding van de Overeenkomst als bedoeld in dit artikel, onverminderd het bepaalde in artikel 8 lid 10 van deze Overeenkomst.

16.10 Ontbinding van de Overeenkomst zoals bedoeld in dit artikel wordt gedaan door middel van de toezending van een daartoe strekkende mededeling aan de andere Partij op een wijze als voorzien in artikel 14 van de Overeenkomst.

21

Onverbindend concept, alleen bestemd voor discussiedoeleinden, onder voorbehoud goedkeuring B&W en gemeenteraad. d.d. 13 september 2022 Artikel 17 17.1

Onvoorziene omstandigheden

Indien één van Partijen van mening is dat de omstandigheden waaronder de Overeenkomst is aangegaan, zich zodanig hebben gewijzigd dat van die Partij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid geen ongewijzigde nakoming van de Overeenkomst mag worden verwacht, dan wel dat sprake is van onvoorziene omstandigheden, treden Partijen met elkaar in overleg. Zij zullen daarbij trachten een aanvaardbare oplossing te vinden voor de gerezen problemen, rekening houdend met hun wederzijdse positie en belangen, en bezien of zij tot een aanpassing van deze Overeenkomst of de in de bijlagen bij de Overeenkomst opgenomen afspraken kunnen komen.

Artikel 18

Slotbepalingen

18.1

Wijzigingen van de Overeenkomst, inclusief de daarbij behorende Bijlagen, gelden slechts indien deze op schrift zijn gesteld en door Partijen rechtsgeldig zijn ondertekend.

18.2

Op de Overeenkomst is Nederlands recht van toepassing.

18.3

Op de in de Overeenkomst genoemde termijnen is het bepaalde in de Algemene Termijnenwet van toepassing.

18.4

Partijen zullen geschillen, die naar aanleiding van de Overeenkomst mochten ontstaan, van welke aard en omvang ook, daaronder mede begrepen die, welke slechts door één der Partijen als zodanig worden beschouwd, in onderling overleg trachten op te lossen.

18.5

Alle geschillen die niet overeenkomstig het bepaalde in lid 4 van dit artikel kunnen worden opgelost zullen bij uitsluiting worden beslecht door de bevoegde rechter te Rotterdam.

18.6

De Overeenkomst bevat al hetgeen Partijen zijn overeengekomen met betrekking tot de realisatie van het Project.

18.7

De tussen de Ontwikkelaar en de Gemeente in januari/februari 2021 gesloten intentieovereenkomst komt voor wat betreft de afspraken tussen de Ontwikkelaar en de Gemeente in de intentieovereenkomst met ondertekening van de Overeenkomst integraal te vervallen. Partijen komen uitdrukkelijk overeen dat dit artikellid zijn werking behoudt in geval van het vervallen of ontbinden van de Overeenkomst.

18.8

In geval van het ontbinden van de Overeenkomst treden Partijen met elkaar in overleg om te bezien of het Project op een andere wijze kan worden gerealiseerd.

ALDUS OVEREENGEKOMEN, in tweevoud opgemaakt en ondertekend te Rockanje d.d. [datum],

___________________

_________________________

22

Onverbindend concept, alleen bestemd voor discussiedoeleinden, onder voorbehoud goedkeuring B&W en gemeenteraad. d.d. 13 september 2022 Gemeente Westvoorne

23

Q Bijlage: Communicatieplan

De onderhavige bijlage bestaat uit het communicatieplan voor de ontwikkeling van Drenkeling fase 2A. Dit communicatieplan is in overleg tussen de gemeente Westvoorne en opgesteld. In het communicatieplan wordt beschreven welke manier van communicatie en participatie wordt toegepast en hoe de verantwoordelijkheden daarbij worden verdeeld.

1. COMMUNICATIE/PARTICIPATIE TIJDENS BESTEMMINGSPLANPROCEDURE Interactie met stakeholders In project Drenkeling, fase 2a zijn meerdere belangrijke stakeholders (zoals: grondeigenaren, projectontwikkelaars, overlegpartners en omwonenden) die verschillende en soms tegenstrijdige belangen hebben. Daarnaast zijn er belangrijke thema’s die tegen elkaar moeten worden afgewogen, zoals woningbouw, natuurlijke inpassing, dorpskarakter en verkeersveiligheid. De gemeente heeft de publieke taak om deze afwegingen te maken en is daarom verantwoordelijk voor de afstemming en communicatie met de stakeholders en participanten. Niveau van participatie Gezien de complexiteit van - en tegenstrijdige belangen in - het project is het niveau van participatie met omwonenden gesteld op raadplegen. Raadplegen is de tweede trap op de participatieladder en gaat verder dan informeren. De gemeente bepaalt bij raadplegen grotendeels zelf de agenda, maar ziet betrokkenen als gesprekspartners bij de ontwikkeling van beleid. De gemeente is niet verplicht iets te doen met de uitkomsten van deze gesprekken. Maar als betrokkenen een inspraakreactie indienen met steekhoudende argumenten of goede ideeën dan worden deze indien mogelijk verwerkt. Participatie/communicatie-momenten De participatie-momenten worden gekoppeld aan de stappen die worden genomen in de formele ROprocedure.

Bijvoorbeeld de wettelijk voorgeschreven inspraak bij het opstellen van bestemmingsplannen. Ook de communicatie rondom dit project is hieraan gekoppeld. Een eerste moment van raadplegen heeft plaatsgevonden tijdens de terinzagelegging van het voorontwerp bestemmingsplan in kwartaal 2 van 2021. Inspraakreacties van omwonenden zijn verwerkt en hebben geleid tot een aangepast plan. Planning voor ontwerp bestemmingsplan Het bestemmingsplan voor Fase 2a gaat eind kwartaal 3 2022 in procedure. Gekoppeld aan de looptijd van de procedure zal de gemeente een informatieavond organiseren. Bij deze informatieavond zal worden verteld op welke wijze de inspraakreacties op het voorontwerp zijn verwerkt in het nieuwe, voorliggende plan. De gemeente is niet verplicht iets te doen met eventuele reacties op deze avond. Maar als betrokkenen een zienswijze indienen tijdens de terinzagelegging van het ontwerp bestemmingsplan met steekhoudende argumenten of goede ideeën dan worden deze (indien mogelijk) verwerkt. Nadat het ontwerp bestemmingsplan is vastgesteld zal de gemeente de publicatie en bekendmaking daarvan verzorgen en is de publieke taak van de gemeente vervult.

2. ALGEMEEN DIGITAAL COMMUNICATIEPLATFORM De gemeente biedt informatie over het project Drenkeling op een projectpagina binnen de gemeentelijke website. Bedoeling is om het betreffende deel van de gemeentelijke website over het project Drenkeling in te zetten als een gebruikersvriendelijk portaal met de volgende onderdelen: ⎯ Newsfeed die regelmatig up to date wordt gehouden; o Stand van zaken procedure bestemmingsplan o Planningsupdates (vervolgtrajecten, wijzigingen) ⎯ Digitale inzage in het stedenbouwkundig plan; ⎯ Verwijzingen naar sites en contactgegevens van ontwikkelende partijen; ⎯ Verwijzingen naar sites voor te verkopen woningen; ⎯ Archief met de (digitale) nieuwsbrieven; ⎯ Contactformulier;

3. COMMUNICATIE TIJDENS UITVOERING Tot slot is de communicatie tijdens de uitvoering naar omwonenden de verantwoordelijkheid van de uitvoerende partijen. De communicatie wordt onderling afgestemd en iedere partij informeert niet alleen omwonenden maar ook de gemeente en andere betrokken ontwikkelaars. Deze informatie betreft ten minste de aard en planning van werkzaamheden. Ook is er aangegeven hoe de ontwikkelaar of aannemer is te bereiken voor meer informatie of bijvoorbeeld het melden van schade of overlast.

Planning Drenkeling fase 2a Gemeente Westvoorne 17-8-2022

Planning Collegebesluit 20 september Anterieure exploitatieovereenkomst Grondexploitatie Drenkeling fase 2A Projectplan Drenkeling fase 2A Collegebesluit 5 juli (knip bestemmingsplan) Raadsvergadering Collegebesluit 20 september, nieuwsbrief bespreken in raadsvergadering Vaststelling GREX en anterieure overeenkomst Bestemmingsplan Collegebesluit ontwerp bestemmingsplan Ter inzagelegging ontwerp bestemmingsplan Collegebesluit vaststelling Bestemmingsplan Raadbesluit vaststellen Bestemmingsplan Publicatie en levering Bestemmingsplan * De anterieure overeenkomst moet getekend zijn voordat het ontwerp bestemmingsplan ter inzage kan

20-sep-22 07-sep-22 07-sep-22 07-sep-22 07-sep-22 19-okt-22 19-okt-22 19-okt-22 10-nov-22 09-dec-22 feb-23 mrt-23 mrt-23

Verantwoording

Titel

:

Auteur(s)

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Openbare Ruimte Gemeente Westvoorne :

J. Overbeeke

Datum uitgave :

14 maart 2019

Versie

2019-01

:

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

Inhoud: Verantwoording ...................................................................................................... 2 1 Algemeen ............................................................................................................ 4 2 Grondwerk ........................................................................................................... 6 3 Riolering .............................................................................................................. 8 4 Drainage ............................................................................................................ 10 5 Oppervlakte water ............................................................................................. 11 6 Afwatering verharding ....................................................................................... 12 7 Wegfunderingen ............................................................................................... 13 8 Verhardingen ..................................................................................................... 13 9 Groenvoorzieningen .......................................................................................... 15 10 Verkeersborden ...............................................................................................

19 11 Straatmeubilair ................................................................................................ 20 12 Speelruimte ..................................................................................................... 20 13 Brandkranen .................................................................................................... 21 14 Openbare verlichting ....................................................................................... 22 15 Afvalinzameling ............................................................................................... 23 16 Nutsvoorzieningen ........................................................................................... 24

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

1 Algemeen 1.1 Dit Programma van Eisen (PvE) is bepalend voor de inrichting van de openbare ruimte in de gemeente Westvoorne. De ontwikkelaar verplicht zich op de tekeningen, in het bestek en in de uitvoering de aanwijzingen en voorwaarden uit deze PvE te verwerken. Dit PvE maakt deel uit van de overeenkomst over grondexploitatie zoals bedoeld in artikel 6.24 Wet ruimtelijke ordening. 1.2 Het teamhoofd van de team wegen en riolering van de gemeente Westvoorne vertegenwoordigt de gemeente Westvoorne in alle zaken die betrekking hebben op de uitvoering van de werkzaamheden volgens dit PvE. Het teamhoofd wijst de planbegeleider aan en stelt de ontwikkelaar daarvan in kennis. 1.3 Voor het ontwerp, de uitvoering en het onderhoud van de werkzaamheden in het kader van dit PvE blijft de ontwikkelaar als ontwerpende aannemer in de zin van de UAV verantwoordelijk, totdat de gereedgekomen en goedgekeurde werken, aan het einde van de onderhoudsperiode in eigendom, beheer en onderhoud zijn overgedragen aan de gemeente. Wegen waarover geen bouwverkeer meer plaats vindt worden, na proces-verbaal van opneming en voor de officiële overdracht, vrijgegeven voor openbaar verkeer. Bij eventuele schade, niet veroorzaakt door verborgen gebreken, aan deze wegen zal de gemeente Westvoorne de veroorzaker hierop aanspreken.

1.4 Alles wat in dit document is bepaald en de daaraan verbonden kosten en verplichtingen voor voorbereiding en realisatie zijn voor rekening en risico van de ontwikkelaar. 1.5 Indien op en/of in de nabijheid van het werkterrein reeds woningen zijn bewoond, is de ontwikkelaar verplicht alles in het werk te stellen om de veiligheid van de bewoners te garanderen, schade aan hun bezittingen te voorkomen en overlast te beperken. De woningen moeten altijd bereikbaar blijven. 1.6 De ontwikkelaar is verplicht maatregelen te treffen om overlast voor omwonenden te voorkomen, zoals maatregelen bouwverkeer, tijdelijke wegafzettingen, verkeersomleidingen (conform CROW publicatie 96B) en verkeersmaatregelen, tegengaan van verstoring van de waterhuishouding, tegengaan van verspreiding resp. opruimen van bouwmaterialen en zwerfvuil 1.7 De, zowel binnen als buiten het werkterrein, aanwezige gebouwen, verhardingen, rioolleidingen, beschoeiingen, beplantingen, bouwroute en dergelijke zullen in opdracht en voor rekening van de ontwikkelaar vóór aanvang van de bouwactiviteiten door een ter zake kundig bureau, worden opgenomen op de aanwezigheid van vervuiling, beschadigingen of gebreken. De bevindingen dienen in een rapportage en op foto’s worden vastgelegd. De transportroute dient voorafgaand aan de start van de werkzaamheden door de gemeente Westvoorne te zijn vastgesteld.

1.8 Schade aan de wegen, die een direct verband hebben met de ontwikkeling van het nieuwbouwproject, is voor rekening van de projectontwikkelaar. De nulsituatie van de wegen wordt vastgelegd (zie 1.7). De ontwikkelaar blijft verantwoordelijk voor de verkeersveiligheid op nog niet vrijgegeven wegen tijdens de bouwwerkzaamheden; 1.9 Op dit werk zijn van toepassing de Standaard RAW Bepalingen, vastgesteld in oktober 2015, hierna te noemen 'Standaard 2015', uitgegeven door de Stichting CROW; Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

1.10 Voor dit werk dient een RAW-bestek met Bouw- en Woonrijpmaak tekeningen te worden opgesteld, inclusief de daarbij behorende dwarsprofiel- en detailtekeningen. Deze dienen ter goedkeuring te worden overgelegd aan de gemeente; 1.11 De ontwikkelaar moet een digitale revisie aanlevering van planuitwerking (AutoCad2016) DWG-formaat met voor het beheer van de openbare ruimte relevante detailgegevens, zoals gegevens over rioleringen, drainage, verhardingen, groenvoorzieningen (soorten, oppervlak e.d.) en inrichtingselementen. De tekening dient digitaal, op coördinaten op basis van het rijksdriehoekstelsel worden ingeleverd; 1.12 Tijdens de bouwperiode dient er een degelijke bouwweg te liggen uitgevoerd in puingranulaat. Dit blijft dan bouwweg waar alleen de bouwer gebruik van maakt. Voor de oplevering van de woningen moet de betreffende fase woonrijp gemaakt worden zodat de bewoners de nieuwe woning goed kunnen bereiken. 1.13 De ontwikkelaar draagt zorg voor het tijdig aanvragen van alle overheidstoestemming, hieronder zijn begrepen vergunningen, ontheffingen en vrijstellingen of welke andere noodzakelijke privaat- of publiekrechtelijke toestemming dan ook nodig zijn voor of in verband met de voorbereiding, uitvoering en voltooiing van alle in de overeenkomsten genoemde en daarmee verband houdende aanleg en bouwactiviteiten, tenzij uitdrukkelijk anders is vermeld.

Eisen van politie, brandweer, ambulance en hulpdiensten moeten altijd worden opgevolgd. 1.14 Specifiek voor deze grondexploitatie c.q. planontwikkeling geldt dat alle materialen, voorzieningen en/of straatmeubilair overeen dient te komen met de gekozen materialen tijdens de ontwikkeling en aanleg van de openbare ruimte in Landgoed Drenkeling in fase I tenzij specifiek is aangegeven dat hiervan wordt afgeweken.

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

2 Grondwerk 2.1 In verband met de hoogte ligging van de omliggende percelen en het te graven oppervlaktewater en cunetten is er geen sprake van een gesloten grondbalans. De uitkomende overtollige grond dient afgevoerd te worden volgens de richtlijnen van het bouwstoffenbesluit naar een erkende verwerkingsinrichting. De gemeente Westvoorne heeft geen verwerkingslocatie. De ontwikkelaar stelt een grondbalans op. De ontwikkelaar is verantwoordelijk voor de grondbalans. Aan- of afvoer van grond is voor rekening van de ontwikkelaar. 2.2 De wijze van uitvoering van grondwerk dient te zijn afgestemd op het realiseren van onderstaande eisen. Door middel van berekeningen moet door de ontwikkelaar in de voorbereidingsfase worden aangetoond dat aan de eisen wordt voldaan. De berekeningen moeten ter toetsing aan de planbegeleider worden overlegd. Eisen ten aanzien van restzetting zijn: • vanaf de start van de woningbouwactiviteiten (= einde bouwrijp maken) dienen de restzettingen onder de woningen en ter plaatse van verhardingen beperkt te blijven tot maximaal 0,10 m over een periode van 30 jaar; • ter plaatse van tuinen en andere groenvoorzieningen zijn restzettingen na de bouwrijpfase tot maximaal 0,20 m acceptabel over een periode van 30 jaar.

2.3 Voordat grasland wordt opgehoogd of afgegraven, dient het terrein te worden gemaaid, de zoden moeten kapot gefreesd worden en de overige begroeiing dient verwijderd te worden; 2.4 De ontwikkelaar moet maatregelen treffen om overlast als gevolg van stuifzand te voorkomen; 2.5 Het te leveren zand moet voldoen aan de eisen die, overeenkomstig Standaard 2020 , worden gesteld aan het gebruiksdoel. Bij hergebruik van zand dient de ontwikkelaar eveneens aan te tonen dat het zand voldoet aan de eisen overeenkomstig het gebruiksdoel. Het chloridengehalte van zand mag niet meer zijn dan de eis die door de waterkwaliteitsbeheerder (bevoegd gezag) wordt gesteld. Leveren grond en zand conform bouwstoffenbesluit, classificatie overal toepasbaar; 2.6 Toe te passen zand, vrijkomend uit het werk, dat voor een andere toepassing wordt aangewend moet geschikt zijn voor die toepassing (voorbeeld: ophoogzand niet geschikt als straatzand). Een grondstromenadministratie wordt verlangd. Bij aan- en afvoer worden partijkeuringen verlangd. Kosten voor aanvoer, verwerving en keuring grond, komen ten laste van de ontwikkelaar. 2.7 In het kader van het gemeentelijk beleid “Duurzaam Bouwen” dienen de materialen die toegepast worden in de openbare ruimte het meest milieu vriendelijk te zijn. Hierbij dient er bij gelijkwaardigheid een afweging gemaakt te worden tussen duurzaamheid en kwaliteit.

gekozen te worden, die het meest milieu vriendelijk zijn bij gelijkwaardigheid in duurzaamheid en kwaliteit. Een gemotiveerde keuze voor het toepassen van de materialen moet ter toetsing aan de planbegeleider worden voorgelegd. De toe te passen materialen worden getoetst aan de meest recente versie van het “Nationaal pakket duurzaam bouwen GWW”. (te bestellen via www.CROW.nl of te downloaden via de site www.dubocentrum.nl),

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

2.8 Bouwstoffen, die drie maanden voor de dag van aanbesteding leverbaar zijn met: • KOMO-productcertificaat of KOMO-attest met productcertificaat; • BDA-certificaat; • SKO-certificaat; • KIWA-keur; • KEMA-keur; • Gastec QA-merk; • SVC-certificaat; Alle Leveringen met deze kwaliteitsverklaringen 2.9 Het transport, de opslag en de verwerking van de bouwstoffen dienen te geschieden overeenkomstig de voorschriften in de desbetreffende normen, ontwerpen, PvE en beoordelingsrichtlijnen, dan wel overeenkomstig de richtlijnen opgenomen in de KOMOcertificaten van de betreffende bouwstoffen. Overigens moet de ontwikkelaar de aanwijzingen van de leverancier en/of van de planbegeleider voor het vervoeren, lossen en/of opslaan van de materialen opvolgen. 2.10 De planbegeleider heeft het recht alle proeven te nemen, ook van onder certificaat geleverde materialen en van de reeds samengestelde delen en de al of niet goedkeuring van het geleverde van de daarvoor verkregen resultaten afhankelijk te stellen. De ontwikkelaar stelt hiertoe de nodige monsters beschikbaar. 2.11 Alle afschriften van keuringsrapporten dienen aan de planbegeleider te worden overlegd. De keuringskosten komen ten laste van de ontwikkelaar

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

3 Riolering 3.1 Ten behoeve van de aanleg van het rioolstelsel dient de ontwikkelaar zicht te houden aan het rioolplan welke door de gemeente Westvoorne ter beschikking wordt gesteld. De gemeente Westvoorne ontwerpt een compleet rioolstelstel waarbij er een integrale afstemming plaats vindt tussen de onderlinge strengen op de verschillende percelen met de daarbij behorende eigenaren. Hierbij wordt tevens gekeken naar de dimensionering van het gehele rioolstelsel voor de totale ontwikkeling. Het aan te leggen rioolstelsel moet een gescheiden rioolsysteem zijn. Het DWA riool dient zo veel als mogelijk gesitueerd te worden onder de aan te leggen wegen en aan te sluiten op het bestaande riool. Het HWA riool dient uitgevoerd te worden als IT of DT riool en af te voeren naar een nabij gelegen waterduikersysteem of oppervlakte water. 3.2 Het Voorgeschreven type rioolstelsel is een gescheiden stelsel. Het rioolstelsel dient in hoofdzaak te bestaan uit: -

-

-

-

Een stelsel van leidingen en putten voor het verzamelen en afvoeren van vuilwater droogweerafvoer, verder genoemd DWA-riool, en een stelsel van leidingen en putten voor het verzamelen en afvoeren van regenwater (verder genoemd RWA-riool) te gebruiken materialen: DWA-riool,. Minimale diameter Ø315 mm;  diameter buizen t/m Ø400 mm in PVC, grotere diameters (gewapend) betonbuizen  Stijfheidsklasse SN 8  Kleur: Oranjebruin RWA-riool, uitvoeren als IT/DT riool. Minimale diameter Ø315 mm;  PP buis  Stijfheidsklasse SN 8  Fabrikaat Frankische (O.G)  Type: Perforbuis GN RBK omhuld met waterdoorlatend geotextiel vlgs. BRL. 52250 – geribbelde buis.  Kleur: Groen inspectieputten DWA uitvoeren in kunststof met bolle bodem en stroomprofiel. Nominale middellijn 800mm. Inspectieputten RWA (IT /DTriool) uitvoeren in kunststof met 30 cm zandvang. Nominale middelllijn 800 mm.

putrand type TBS 313-VEPRO, zwaar verkeer met een dagmaat 520 mm en een randhoogte van 240 mm; ontstoppingsput PE op de perceelsgrens op particulier terrein, diameter Ø315 mm met deksel; DWA-huisaansluitingen: oranjebruine PVC-buizen, klasse SN8, diameter Ø125 mm; RWA-huis- en kolkaansluitingen: grijze PVC-buizen, klasse SN8, minimale diameter Ø125 mm; huisaansluitingen ter hoogte van verlaten woning voorzien van flexibele aansluiting (polderstuk); standleidingen op de hoofdriolering voorzien van een PVC expansiestuk.

3.3. Het RWA riool kan via uitstroombak/taludbak rechtstreeks op de singel lozen;

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

3.4. indien een rioolgemaal nodig is wordt door de gemeente Westvoorne het PvE rioolgemalen ter beschikking gesteld voor het leveren en aanleggen van een rioolgemaal met pompen, automatisering, besturingseenheid en persleiding; 3.5. Riolen moeten zodanig diep worden gelegd dat deze, gerekend ten opzichte van de bovenkant van de buis, minimaal een dekking hebben van 1,25 m. Effecten op de grondbalans van alternatieve aanvullingen (materialen), zijn voor rekening van de ontwikkelaar; 3.6. Op het DWA-riool mag geen drainageleidingen worden aangesloten. Indien het een gescheiden stelsel betreft is het toegestaan de drainage op het RWA-riool aan te sluiten, als sprake is van schoon water (ontwikkelaar toont dit aan en de planbegeleider moet schriftelijk akkoord gaan); 3.7. Het werk in den droge uitvoeren. Bij toepassen van bemaling dient de ontwikkelaar rekening te houden met de eisen inzake waterhuishouding en zijn verplichtingen inzake vergunningen; 3.8. De uitmondingen van de hemelwaterriolering op het open water voorzien van een door de planbegeleider, dan wel door de verantwoordelijke instantie, goed te keuren uitmondingsconstructie. De constructie moet zodanig zijn dat vuil niet kan indrijven, beschadiging tijdens onderhoud wordt voorkomen en de bodem van de watergang niet uitspoelt; 3.9.

De hoogte van inspectieputten type Mikz-Moduul Martens (of gelijkwaardig) zodanig kiezen dat daarop de inspectierand kan worden geplaatst met een stelmogelijkheid van min 30 cm. en max. 40 cm. door middel van steens metselwerk, of het toepassen van betonnen stelringen. Binnenkant metselwerk afsmeren met specie. 3.10. Per woning een afzonderlijke aansluiting met ontstoppingsputjes, voor zowel DWA als RWA, op het rioolstelsel; 3.11. Inspectieputkoppen DWA riool in de rand voorzien van opschrift VW, Inspectieputkoppen RWA riool in de rand voorzien van opschrift HW of bij infiltratieriolering IW; 3.12. Alle rioolsleuven aanvullen met ophoogzand (onder putten en buizen 100 mm grondverbetering toepassen) en verdichten conform verdichtingseisen. Alle Infiltratiebuizen rondom aanvullen met 30 cm drainzand; 3.13. In aanvulling op de Standaard RAW bepalingen 2020 één maand voor overdracht: hoofdrioleringen en duikers met hoge druk reinigen hoofdrioleringen en duikers inspecteren met een panoramo-inspectie; en bij overdracht aan gemeente verstrekken; 3.14. Voor of bij de overdracht van alle rioolstelsels, inclusief huis- en kolkaansluitingen, revisietekeningen 1:500 verstrekken aan gemeente: in RD-stelsel op x-, y- en z-coördinaten analoog en digitaal (AutoCad2016(dwg)-format); inclusief gegevens zoals:  BOB’s  Diameter  Onderscheid in HWA / VWA en of IT riool  Materialisering

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

3.15. Geen uitlogende materialen toepassen of zware metalen (lood, zink en koper) in goten en afvoerbuizen, hemel- en grondwaterafvoeren; 3.16. De verbindingen van de kunststofbuizen onderling moet geschieden door middel van een mof met rubbermanchetten. Buiseinden en moffen moeten tijdens het verwerken schoon zijn. De verbinding van de betonbuizen onderling moet geschieden met rubberringen, behorende bij de betreffende betonbuizen; 3.17 De maximale hoekverdraaiing van de leidingen moet voor pvc en betonnen leidingen voldoen aan het gestelde in NEN 7035 (betonnen rioolputten en rioolputbuizen). Aansluitingen op gebouwen en aansluitingen op onderheide putten dienen door middel van flexibele aansluitingen te worden uitgevoerd;

4 Drainage 4.1. Blokdrainage aanleggen op bouwpercelen. Deze drainage kan via een controle putje op de erfgrens aangesloten worden op het IT riool, of naar openwater; 4.2. Drainage van minimale diameter Ø80 mm, omwikkeld met polypropyleen, incl. benodigde hulpstukken; 4.3. Per woonblok een ontstoppingsput van polyester; minimale diameter Ø600 mm; putrand type TBS 313, zwaar verkeer, dagmaat 520 mm en randhoogte van 240 mm met opschrift DRAIN in rand putkop; 4.4 Drainages vanaf de ontstoppingsputten rechtstreeks afvoeren met een PVC-leiding minimale diameter Ø125 mm op het oppervlaktewater of hemelwaterriool; 4.5. Afvoeren door de beschoeiing heen voeren en onderwater uit laten komen; 4.6. Voor of bij de overdracht van alle rioolstelsels, inclusief huis- en kolkaansluitingen, revisietekeningen 1:500 verstrekken aan gemeente: in RD-stelsel op x-, y- en z-coördinaten analoog en digitaal (AutoCad2016(dwg)-format)); inclusief gegevens zoals:  BOB’s  Diameter  Onderscheid in HWA / VWA en of IT riool  Materialisering  Etc. 4.7. In aanvulling op de Standaard RAW bepalingen 2020 één maand voor overdracht: - drainage met (hoge) druk reinigen.

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

5 Oppervlakte water 5.1. De ontwikkelaar vraagt vooraf goedkeuring aan het waterschap Hollandse delta en de gemeente Westvoorne voor ontwerp en aanleg waterpartijen; 5.2 Beschoeiing conform de gestelde eisen/voorwaarden; a. In aanvulling op de Standaard RAW Bepalingen 2020 dienen de beschoeiingen, zo wel in het horizontale als verticale vlak, geen grotere afwijkingen te vertonen dan 20 mm. b. De te realiseren grondkeringen, anders dan de standaardbeschoeiingen, behoeven vooraf de goedkeuring van de Gemeente. c. De beschoeiingen behoren bij het aangrenzende perceel en behoren derhalve door de zakelijk gerechtigde(n) daarvan te worden onderhouden. 5.3. Oeverinrichting, uitvoeren conform stedenbouwkundig plan: Beschoeiing: 100 % gerecycled Kunststof HDPE beschoeiing (HIP- type Gouda) Kopschot: materiaal billinga, gezaagd en geschaafd, 20x200 mm. Afdeklat: materiaal billinga, gezaagd en geschaafd, 28x145 mm. Palen: azobé (FSC-keurmerk), 0,06x0,06x2,50 m Materiaal bevestigingsmiddelen: roestvast staal. Detail A. Natuurvriendelijke oever. Detail B. Waterpeil nieuw te graven singels is in het gehele nieuwbouwplan -0.75 Nap. Hoogte bestrating woonrijpfase: …… Nap. Waterpeil singels - 0.75 Nap. Conform het peilbesluit WSHD.

Indien van toepassing, het leveren en aanleggen van een waterdicht geomembraam HDPE ter voorkoming van kwelwater uit de dieper gelegen grondlagen in het watersysteem. Het geomembraam dient afgeschermd te worden met een kleiige deklaag van ca. 1,00 – 1,50 meter, e.e.a. conform de vereisten vanuit het Waterschap Hollandse Delta. 5.3. Aanbrengen (meerdere) te waterlaadplaatsen op gronddammen en langs rijweg voor varend onderhoud, uitvoeren in Grasbetontegels en inzaaien; 5.4. Aanbrengen van wadi’s (glooiend) door profilering van het maaiveld zodat er hemelwater geborgen, vastgehouden en vertraagd afgevoerd kan worden. Indien mogelijk zodanig profileren dat de wadi’s afvoeren naar de te maken waterpartijen. 5.5. Duikerverbinding door gronddammen, buizen uitvoeren van gewapend beton, diameter in overeenstemming met eisen waterschap met eventueel een inspectieput;  Eén maand voor overdracht uitvoeren van diepte/profielmetingen in aangelegde waterpartijen, indien nodig op gewenste diepte en profiel brengen volgens watertoets waterschap Hollandse delta. 5.6. Gedurende de planrealisatie mag de huidige waterhuishoudkundige situatie ter plaatse van bestaande bebouwing niet wijzigen. De ontwikkelaar verricht voorafgaande aan de uitvoering voldoende metingen om inzicht te krijgen in de bestaande grondwaterfluctuaties.

De ontwikkelaar rapporteert zijn bevindingen tijdig aan de planbegeleider. Indien de werkzaamheden invloed hebben op de waterhuishoudkundige situatie, dient de ontwikkelaar maatregelen te nemen die de wijziging ongedaan maakt en zo nodig de werkzaamheden te staken, totdat de waterhuishoudkundige situatie zich hersteld heeft.

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

6 Afwatering verharding 6.1 Indien er naast de rijbaan/voetpad een singel komt dient het hemelwater, wat valt in de openbare ruimte, via natuurlijk verloop via de bermen af te wateren naar de singel. Indien er geen singel ligt zal de afvoer van hemelwater plaats vinden via een IT stelsel die door de ontwikkelaar aangelegd moet worden . Alle verhardingen voorzien van een afwatering met straat- of trottoirkolken. Bij de oplevering dienen de kolken vrij van vervuilingen te zijn en de kolken moeten zijn voorzien van stankschermen; 6.2. Maximale afstanden tussen de trottoir- en/of straatkolken, zandvangers h.o.h. zijn: - rijweg : tweezijdig, maximale afstand 16.00 meter - fietspad : éénzijdig, maximale afstand 18.00 meter - parkeerplaats : tweezijdig, maximale afstand 15.00 meter - achterpaden : in as pad, maximale afstand 18.00 meter - lijngoten, zandvangers: in trottoir, maximale afstand 25,00 meter Bij beëindiging van een rijweg, parkeerplaats, voetpad, achterpad enz. mogen de afstanden maximaal de helft bedragen van bovengenoemde maximale afstanden; 6.3. Alle straat- en trottoirkolken aansluiten op het RWA-riool; 6.4. Kolkaansluitingen: grijze PVC-buizen, klasse SN8, diameter Ø125 mm, te gebruiken hulpstukken voor bochten: 2 X 45 gr. hulpstuk.; 6.5. Bij de kolkaansluitingen de standleiding op de hoofdriolering voorzien van een expasiestuk; 6.6.

Toe te passen typen zandvang kolken beton met gietijzercombinatie met zij-inlaat: - straatkolken in rijwegen : TBS, type STR 9737 met ES-vergrendeling - straatkolken in tegelpaden : TBS, type STR 9301 met ES-vergrendeling - trottoirkolken : TBS, type TRK 4717 met ES-vergrendeling - trottoir geleide kolken : TBS, type TRK 2020 met ES-vergrendeling; - zandvang voor sleuf/lijn afwatering in trottoir : ACO, type K 200 multipoint

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

7 Wegfunderingen 7.1. De funderingsconstructie van verhardingen binnen het werkterrein moet aan onderstaande opbouw voldoen:  Afhankelijk van ondergrond, verkeersintensiteit, situatie (zoals verkeersdrempels, versmallingen) e.d. een minimale fundering van 300mm ophoogzand met daarboven 300 mm puingranulaat (0/31,5 mm) met straatlaag van min. 50 mm brekerzand; 1. Aanbrengen puingranulaat 0,45 m1 door / voorbij voorkant trottoir(opsluit)band; 2. Onder parkeervakken minimale fundering van 250 mm puinganulaat (0/31,5mm) met straatlaag van min. 50 mm brekerzand; 3. Onder voetpaden minimale fundering van 500 mm straatzand. Kabels en leidingstroken geheel vullen met straatzand.

8 Verhardingen 8.1 Het ontwerp afstemmen op de inrichting van het van toepassing zijnde 30 km/uur gebied. Het ontwerp moet voldoen aan het gestelde in de Handleiding Startprogramma Duurzaam Veilig; 8.2. Toe te passen materialen zijn: - rijweg: betonklinkers keiformaat, dik 80 mm, keperverband met bisschopmutsen, kleurechte deklaag, kleur: mangaan 940.09(Giverbo of gelijkwaardig) De te kiezen leverancier van de materialen is vrij ter keuze van de projectontwikkelaar. De gemeente ontvangt voor goedkeuring eerst een monster van de materialen. - parkeervakken: Vak markering 2 typen stenen: 1. Betonklinkers keiformaat, dik 80mm, elleboogverband kleur mangaan 940.09 (Giverbo of gelijkwaardig); 2. Straatbakstenen lingeformaat met splintervrije kop zonder afstandhouders, streklaag, rollaag, strekklaag (rollaag - streklaag tussen 2 parkeervakken in, kleur Limousin (Huwa van der Sanden of gelijkwaardig) De te kiezen leverancier van de materialen is vrij ter keuze van de projectontwikkelaar. De gemeente ontvangt voor goedkeuring eerst een monster van de materialen - Insteek parkeervakken. Detail D. - Langsparkeervakken naast weg. Detail E. - Parkeervak opgenomen in voetpad. Detail F. - trottoir: Straatbakstenen lingeformaat met splintervrije kop zonder afstandhouders, diagonaal halfsteensverband, kleur Limousin (Huwa van der Sanden of gelijkwaardig).

Langs de opsluitingen dient er een streklaag aangebracht te worden, De te kiezen leverancier van de materialen is vrij ter keuze van de projectontwikkelaar. De gemeente ontvangt voor goedkeuring eerst een monster van de materialen - trottoirbanden: Trottoir dient verhoogt aangelegd te worden t.o.v. de rijbaan. Trottoirband 180/200x250 mm, kleur grijs, doorlopend hol en dol met streklaag van straatbakstenen, lingeformaat, kleur Limousin. overige: hulpstukken uitwendig 90gr. hoekblok (kaasblok), inwendig 90gr.hoekstuk;

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

- opsluitbanden:

langs voetpaden: beton, 60x200 mm, kleur grijs, hol en dol overige: beton, 100x200 mm, kleur grijs, doorlopend hol en dol; - boomkransen: beton, woonerfboomkrans type G150x150x27,5cm, kleur grijs, doorlopend hol en dol. Detail F. - symbooltegels: beton, dubbelklinker, dik 80 mm, kleur zwart, voorzien van 5 mm dikke witte pvc-letters, door een tapse vorm vast verankerd in het beton. Toepassen mindervalide-tegel bij iedere mindervalide oprit. Overige symbooltegels toepassen in overleg met de gemeente Westvoorne. - Afschot percentage’s Rijweg: 3% Trottoir: 2% Parkeervakken: 2% 8.3 .Minimale maatvoering:  rijbaan / trottoirs / achterpaden / inritten: - rijbaan (met haaks parkeren beide zijden) : 6.00 meter - rijbaan (parkeren niet toegestaan) : 5.00 meter - fietspaden : 3,50 meter - achterpaden : 1.50 meter - trottoirs met kabel-/leidingstrook : 1,90 meter* Detail G. (inclusief opsluitband) - trottoir zonder kabel- leidingstrook : 1,50 meter (inclusief opsluitband en geleideband) - inritten enkel/dubbel : min. 4.50 meter (* inclusief kantopsluiting)  parkeren (parkeernorm conform meest recente uitgave CROW publicatie 381 en/of de ASVV) - afmetingen langs parkeren op voetpad: 2.00 x 5.50 meter - afmetingen haaks parkeren: min. 2.50 x 5.00 meter 8.4. Langs groenstrook en op puinfundering toepassen stelspecie en langs groenstrook steunrug van stampbeton; 8.5.

Aanleg van op- en afritten voor mindervaliden aan weerszijden van de rijweg bij een kruising of aansluiting van rijwegen, 8.6. Aanleg van voorzieningen (drempels, versmallingen, plateaus, punaises e.d.) in het kader van Duurzaam Veilig; 8.7 Aanleg van aanbiedplaatsen huishoudelijk afval (minicontainers) met symbooltegel, beton, dubbelklinker, dik 80 mm, kleur zwart, voorzien van 5 mm dikke witte pvcletters, door een tapse vorm vast verankerd in de beton; 8.8 In aanvulling op de Standaard RAW Bepalingen 2020 zorgen voor: - inwassen van alle klinkerverhardingen met schoon gecertificeerd brekerzand - onkruidvrij zijn van alle verhardingen bij overdracht;

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

9 Groenvoorzieningen 9.1 Algemeen/Biodiversiteit Door de bevolkingsgroei en toenemende bebouwing staat de biodiversiteit onder druk. Het behouden en creëren van biodiversiteit in onze gemeente is de basis voor het ecosysteem op het gebied van klimaat, luchtkwaliteit en waterhuishouding. Daarmee heeft een rijke biodiversiteit ook een positief effect op het leven en welzijn van de bewoners in de dorpen. Om nog meer biodiversiteit binnen onze gemeente te creëren, moet er bij nieuwbouwplannen gebruikt gemaakt van diverse soorten bomen en beplantingstypen die bijen, vlinders, insecten en vogels aantrekken. Hiermee willen we een grotere biodiversiteitwaarde behalen, een langere bloeitijd en daardoor meer kleur in de kernen. 9.2 Op basis van het inrichtingsplan moet door de ontwikkelaar een beplantings- en straatbomenplan worden opgesteld, voorzien van een gespecificeerde staat naar soort, maat, kwaliteit, aantal en plantverband. Het straatbomenplan dient gelijktijdig met het verlichtingsplan te worden opgesteld. Het beplantings- en straatbomenplan wordt door de ontwikkelaar ter toetsing aan de planbegeleider overlegd. 9.3 Met de plaatsbepaling van beplanting dienen onderstaande richtlijnen in acht genomen te worden: Tussen bomen onderling: Bomen van de 1e grootte: 12 -15 m. Bomen van de 2e grootte: 8 - 10 m. Bomen van de 3e grootte: 6 - 8 m.

Afstand tussen bomen en gevels: Bomen van de 1e grootte: Bomen van de 2e grootte: Bomen van de 3e grootte:

7,00 m. 5,00 m. 2,50 m.

Tussen bomen en lichtmasten: Bomen van de 1e grootte: Bomen van de 2e grootte: Bomen van de 3e grootte:

6,00 m. 4,00 m. 3,00 m.

Tussen bomen en ondergronds verkeer: Bomen van de 1e grootte: Bomen van de 2e grootte: Bomen van de 3e grootte:

1,75 m. 1,25 m. 1,00 m.

9.4 Het planten van bomen in verharding moet zoveel mogelijk voorkomen worden. Als bomen in verharding worden geplant moet aan de onderstaande eisen voldaan worden. Om bomen in verharding een groeikans te geven voor de toekomstige jaren is als uitgangspunt genomen dat de ondergrondse ruimte wordt ingevuld met een bomenzand of bomengranulaat, afhankelijk van de belasting. Wanneer bomenzand of bomengranulaat: Het verschil tussen bomenzand en bomengranulaat ligt in de verkeersbelasting. Bomenzand kan een beperkte verkeersbelasting aan. De toepassing van bomenzand vindt voornamelijk plaats onder trottoirs, (speel)pleinen met een lage belasting. Bomengranulaat kan zwaarder worden belast. Dit is toepasbaar onder parkeerstroken, fietspaden en straten. Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

Grootte ondergrondse groeivoorziening locatie 1e grootte Woonstraten 10 m3

2e grootte 8 m3

3e grootte 8 m3

ontsluitingswegen

10 m3

8 m3

8 m3

Hoofdverkeersweg

15 m3

10 m3

10 m3

Pleinen

20 m3

10 m3

10 m3

Daarnaast gelden de volgende uitgangspunten: 1. De ondergrondse ruimte mag alleen afgedekt worden met een “open elementverharding”. Het is niet toegestaan een puinfundering onder deze verharding aan te brengen. 2. Bij bomen in parkeerstroken bescherming aanbrengen tegen aanrijden. 3. De verharding rondom een boom dient te worden opgesloten door middel van een boomkransband met een minimale afmeting van 1,5 x 1,5 m. 4. De boomkransband verhoogd aanbrengen (15 mm). De afstand tussen boom en trottoirband bedraagt minimaal 0,75 meter. 9.5 De beplanting moet aan de volgende eisen voldoen: Bomen: • Bomen moeten een minimale stamomvang hebben van 20-25 en minimaal viermaal verplant zijn op de kwekerij. • Stamhoogte minimaal 1,80 m. • Vertakking in de kroon is regelmatig verdeeld. • Doorsnede wortelgestel moet ten minste vijfmaal de stamomtrek zijn (stamomtrek op 1 m vanaf de wortelhals gemeten). Algemeen plantmateriaal: • Het wortelstelsel moet goed vertakt en ontwikkeld zijn met voldoende haarwortels (dunner dan 1 mm). • Soortecht. • Alle beplanting moet van eerste kwaliteit zijn. Bosplantsoen: • Bosplantsoen van loof- en naaldhout moet voldoen aan NEN 7412 (Bos- en haagplantsoen: eisen, criteria en leveringsvoorwaarden). Voor loofhoutsoorten die niet voorkomen in tabel 1 (lengte en bijbehorende wortelhalsdiameters) is de volgende eis van toepassing: een minimum lengte van 50 cm.

en voor de lengte/diameter verhouding een minimale diameter aan de wortelhals gemeten die in millimeters gelijk is aan 1/10 van de lengte in centimeters gemeten. • Bosplantsoen moet binnen de voorgeschreven kwaliteit een regelmatige spreiding hebben tussen de aangegeven minimum en maximale maten. Plantmateriaal van boomvormende soorten moet een doorgaande spil hebben zonder sterke krommingen. 9.6 Het aangelegde groen blijft gedurende één groeiseizoen na de oplevering bij de projectontwikkelaar in onderhoud. Op het moment van overdracht dient te allen tijde aan onderstaande eisen te worden voldaan.

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

Algemeen: • Verwijderen zwerf- en grofvuil, intensiteit bepaald door kwaliteitsniveau “intensief”, de esthetische kwaliteit van het totale werkterrein mag niet aangetast worden. • Vrijkomende materialen verzamelen en afvoeren. • Beschadigingen en spoorvorming mogen niet aanwezig zijn. • Bij oplevering dienen bomen, boompalen, heesters recht te staan. • Onderhoud is gericht op kwalitatief goede groenvoorziening (ziektevrij en een goede vitaliteit) en na overdracht minder dan 1% uitval. Bomen: • Boompaalcontrole. • Goed gezond, goed gevormd en geen scheefstand. Onkruidbeheersing in beplanting: • Kwaliteitsniveau A, ook bij boomspiegels en haagvoeten. (Standaard 2015). Onkruidbeheersing in verharding: • Chemische onkruidbestrijding niet toegestaan.. • Kwaliteit verhardingsoppervlak mag niet worden aangetast als gevolg van onkruidbestrijding. • Kwaliteitsniveau A (hoogte begroeiing op verharding maximaal 5 mm, bedekkingsgraad voegen kleiner dan 2% bedekking per 100 m2 ( CROW ) /of vrij van onkruid. en max 10 stuks onkruid per 100m2; • onkruidbeheersing rondom obstakels, zowel preventief als onkruidbestrijding max. 10 cm hoogte rond obstakels. Gazon: • Gazon A. Gazons in de periode 1 april - 1 november maaien met een gemiddelde frequentie van eens per 10 dagen.

(inclusief maaien rondom bomen en obstakels in dezelfde frequentie als maaien) • De graskanten langs de verhardingen, beplanting, boomspiegels en obstakels dienen afgewerkt te zijn. Hagen: • De hagen tweemaal knippen per groeiseizoen. 9.7 Uitvoering 9.7.1 Minimaal vier werkweken voordat plantmateriaal wordt aangebracht stelt de ontwikkelaar, de planbegeleider in staat het plantmateriaal te keuren. 9.7.2 Bij overdracht dient het plantvak, spoorvrij, vrij van ingesloten laagten, grond circa 10 mm onder verhardingsniveau, indringingsweerstand 1,0 tot maximaal 1,5 MPa. Met betrekking tot gazons is van toepassing: spoorvrij, vrij van ingesloten laagten, indringingsweerstand 1,0 tot maximaal 1,5 MPa, bedekkingsgraad minimaal 95%, goed aangesloten aan verhardingen, beschoeiingen, plantvakken, etc. en goed drainerend. 9.7.3 Ter plaatse van te planten bomen in gazons en plantvakken tot een diepte van 1,20 m of tot 0,1 m boven de gemiddelde grondwaterstand de grond spitten, zodanig dat er een doorwortelbare ruimte is van: • voor bomen van de 1e categorie: 40 m3; • voor bomen van de 2e categorie: 25 m3; • voor bomen van de 3e categorie: 10 m3. Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

De grond moet voor 100% bestaan uit teelgrond, die voldoet aan de eisen, zoals genoemd in de Standaard voor bomen in de open grond 9.7.4 Rondom bomen in verharding moeten woonerfboomkransen, beluchtingstegels en drains worden aangebracht. De boomspiegels als volgt afwerken: • boomrooster, passend bij boommaat in volgroeide situatie; • bomen die door hun locatie gevaar lopen om aangereden te worden voorzien van een bescherming ter toetsing van de planbegeleider. • boomvak voorzien van een flexibele ringdrain diameter Ø65mm met twee hard PVC beluchtingskokers met kous diameter Ø155mm met rond stalen deksel en opening diameter Ø65mm onderzijde koker voor aanbrengen ringdrain; 9.7.5 De te planten zware bomen ondergronds verankeren (anders gewoon boompalen), of verankeren op de kluit en/of ondersteunen door boompalen (2 per boom) met Boomband. De boom voorzien van een beluchtingssysteem en voorziening voor het geven van water. 9.7.6 Plantvakken In aanvulling op de Standaard RAW Bepalingen 20150: - diepspitten tot 0,60 m voor inplanten groenvoorzieningen en inzaaien gazons - na diepspitten de grond cultiveren/eggen tot 0,30 m diepte - alle groenvoorzieningen verbeteren met een laag compost (minimaal 0,15 m) - compost doorwerken in de gespitte grondlaag 9.7.7 De projectontwikkelaar dient voorzorgsmaatregelen te treffen ter bescherming van bestaande bomen.

Handelen volgens folder boombescherming Nederland; 9.7.8 Ten behoeve van het gemeentelijk groenbeheersysteem moeten revisietekeningen volgens de gemeentelijke standaard worden vervaardigd en hoeveelhedenstaten worden ingevuld. Deze gegevens moeten voor de oplevering worden verstrekt.

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

10 Verkeersborden 10.1 De ontwikkelaar stelt een verkeersbordenplan op, aan de hand van de definitieve inrichtingstekening, met een lijst van alle verkeersborden en maatregelen en levert dat ter goedkeuring in bij de planbegeleider. Dit verkeersplan is conform RVV 1990. 10.2 De ontwikkelaar levert alle verkeersborden, straatnaamborden en bevestigingsmaterialen ten behoeve van het project van het type/merk: POL Heteren DOR/Ultimate Signing. De levering conform goedgekeurd verkeersbordenplan en conform de kwaliteitseisen van de gemeente Westvoorne. Plaatsen van verkeersborden en straatnaamborden conform besluiten gemeente en conform RVV 1990; 10.3 kwaliteitseisen verkeerborden: In het inrichtingsplan alle benodigde verkeersborden:  met dubbel omgezette rand minimaal 2 mm, volgens de richtlijnen van de RVV 1990 aanbrengen.  Verkeersborden retro reflecterend klasse 3 , Daimond grade uitvoeren;  Bevestigingsbeugels moeten zijn van aluminium en voorzien van één scharnier.  Palen Ø48 mm. moeten zijn gegalvaniseerd, hals versterkt, vervaardigd uit één stuk (getrokken paal) en voorzien van een thermisch verzinkt grondanker. De lengte (min. 3,60 m) afstemmen op het aantal en het formaat van de aan te brengen verkeersborden.

10.4 Zo mogelijk verkeersborden gecombineerd bevestigd op flespalen / buispalen of lichtmasten (roestvrijstalen bevestigingsband (bij gecoate lichtmasten dient het RVS bevestigingsband bevestigd te zijn op een rubberen ondergrond). Per lichtmast maximaal twee borden; 10.5 In overleg met de planbegeleider moeten straatnaamborden worden aangebracht op de gevels. Indien dit niet mogelijk is moeten de straatnaamborden op lichtmasten of aparte palen aangebracht worden. 10.6 Afkoop leveren en aanbrengen verkeersborden, straatnaamborden behoort tot de mogelijkheden.

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

11 Straatmeubilair 11.1Zitbanken, afvalbakken in overleg met planbegeleider. Dit varieert per woonkern. 11.2 Afzetpalen in bochten: KLP, type diamantkoppalen 1,40 meter, zwart kunststof, met reflectorband en holle kern; 11.3 Boombeschermers, toepassen t.p.v. bomen tussen parkeervakken: Velopa, type Corona, model P, hoogte 1500mm, kleur RAL 7016 (antraciet) 11.4 Afkoop leveren en aanbrengen straatmeubilair behoort tot de mogelijkheden.

12 Speelruimte 12.1 Er dient 1 speeltuin aangelegd te worden. Doelgroep(en) en voorzieningen in overeenstemming met het gemeentelijk speelruimtebeleidsplan en in overleg met toekomstige bewoners. Doelgroep 2-12 jaar is waarschijnlijk de beste keuze gezien het woningaanbod. De voorkeur gaat uit naar natuurlijke spelen. Het speelplan opstellen met burgerparticipatie van de nieuwe bewoners van de wijk. Het plan ter goedkeuring voorleggen aan de planbegeleider. 12.2 Eisen ondergrond veilige valdemping Niet alleen speeltoestellen dienen veilig te zijn, ook de ondergrond moet aan bepaalde veiligheidseisen voldoen. Tot 60 cm valhoogte hoeft u geen schokdempende bodemmaterialen toe te passen. Dit geldt echter niet voor draaitoestellen en veertoestellen; hier moet de ondergrond valdempende eigenschappen hebben voor een valhoogte van 1m. Tot 1 m hoogte volstaat een natuurlijke bodem (aarde) Gras mag u in de meeste gevallen toepassen voor toestellen met een valhoogte tot 1,50 m zonder dat u de valdempende eigenschappen ervan hoeft aan te tonen. Gras ontleent overigens zijn valdempende waarde aan de wortel. Synthetische valondergronden dienen te zijn voorzien van een certificaat conform norm EN 1176. In principe geldt er een HIC waarde die 1000 niet mag overschrijden.

Losse materialen zoals houtsnippers, houtschors, zand en grind mag u toepassen conform de richtlijnen van de informatieve tabel in het document: 2018_veiligheidseisen voor valzones en ondergronden In principe geldt er een HIC waarde die 1000 niet mag overschrijden. Norm EN 1176-1 geeft een informatieve tabel voor ondergronden die zonder testen kunnen worden toegepast: Materiaal Bovengrond van aarde Gras Boomschors 20 - 80 mm Boomschors 20 - 80 mm Houtsnippers 5 tot 30 mm Houtsnippers 5 tot 30 mm Schoon rivierzand of grind 0,25 - 8 mm Schoon rivierzand of grind 0,25 - 8 mm Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

Laagdikte ----20 cm + 10 cm * 30 cm + 10 cm * 20 cm + 10 cm * 30 cm + 10 cm * 20 cm + 10 cm * 30 cm + 10 cm *

Maximale valhoogte 1,00 meter 1,50 meter 2 meter ** 3 meter ** 2 meter ** *** 3 meter ** *** 2 meter 3 meter versie d.d. 16 juni 2022

* 10 cm hoger i.v.m. wegspelen van het materiaal ** Tussenliggende waarden kunnen rechtlijnig geïnterpoleerd worden *** Gecertificeerd los bodemmateriaal wordt toegepast conform de voorschriften van de leverancier

12.3 Het speelterrein afschermen met een hekwerk met toegangspoort, 120 cm hoog vanaf de grond. kleur: 7016 (antraciet), ruimte tussen de spijlen moet tussen de 45 – 89 mm liggen; 12.4 Zorg ervoor dat ouders op een bankje kunnen zitten als ze toezicht willen houden op hun kind, en zorg dat er een afvalbak aanwezig is. Keuze bank en afvalbak gelijkwaardig aan:  Banken: In overleg met de gemeente  Afvalbakken: Bammens, type Omnipole 55L met deksel, kleur RAL 7016 (antraciet), Plaatsen op buispaal 76 mm met grondanker 12.5 Afkoop leveren en aanbrengen speelplaatsen (speeltoestellen) behoort tot de mogelijkheden. 12.6 Alle speeltoestellen met de daarbij behorende valondergronden dienen het veiligheidskeurmerk te hebben en te voldoen aan de Europese veiligheidsnormen NEN (NENEN 1176 en NEN-EN 1177 NEN Connect pakket veilig speeltoestel) en TüV. Toestellen zonder keurmerk moeten apart gekeurd worden. Verwezen wordt naar het "Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen". De toe te passen (val-)ondergronden dienen te zijn afgestemd met het betreffende speeltoestel. Ondergrond moet van duurzaam materiaal zijn. Aan materialen worden de volgende eisen gesteld: veilig, duurzaam, onderhoudsarm en milieuvriendelijk.

13 Brandkranen 13.1 In het inrichtingsplan, in overleg met de VRR en/of de brandweer, brandkranen opnemen conform de richtlijnen van de publicatie “De omgeving van een brandveilig gebouw”. De kosten voor het aanbrengen van brandkranen door het waterleidingbedrijf zijn voor rekening van de ontwikkelaar; 13.2 Levering en plaatsing door lokaal waterleidingbedrijf (Evides); 13.3 Op minder dan 10 m. afstand van een brandkraan dient een aanduidingsbordje conform NEN 1184 op de gevel te worden aangebracht of op een paaltje te worden aangegeven.

Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

14 Openbare verlichting 14.1 De projectontwikkelaar stelt een verlichtingsplan op, overeenkomstig de uitgangspunten van de gemeente. Het plan, inclusief de benodigde componenten t.a.v. het functioneren van de openbare verlichting moet ter toetsing aan de planbegeleider overlegd worden. 14.2 Het toepassen van openbare verlichting heeft als doel om de veiligheid te vergroten. Dit kan in het kader van verkeersveiligheid worden gezien. Ook de sociale veiligheid kan worden vergroot door het plaatsen van verlichting. Door het ontbreken van verlichting wordt vaak een onveilig gevoel opgeroepen. Door het plaatsen van verlichting kan dit gevoel worden verkleind zo niet volledig worden weggenomen. Het ontwerp van openbare verlichting binnen de gemeente Westvoorne moet voldoen aan de meeste recente versie van: - Nederlandse Praktijkrichtlijn openbare verlichting NPR13201; Daarnaast dient er in het kader van lichthinder de publicatie: “Richtlijn lichthinder van de NSVV 2017” toegepast te worden 14.3 In combinatie met beplanting dient een deugdelijk verlichtingsplan te worden opgesteld. De plaatsing van de lichtmasten dient goed te worden afgestemd op aanwezige en/of te planten bomen in het kader van een beplantingsplan. De gelijkmatigheid en veiligheid van inritten en beplanting dienen te worden getoetst aan de NPR 13201-1.

14.4 Het programma van eisen heeft betrekking op het bovengrondse deel van de verlichtingsinstallatie. Het ondergrondse deel valt onder de verantwoordelijkheid van Stedin. De bovengrondse installatie is eigendom van de gemeente. 14.5 De kwaliteit van de openbare verlichting moet voldoen aan de richtlijn van de Nederlandse Stichting Voor Verlichtingskunde en het NEN, de NPR13201-1. De in nieuwe installaties toe te passen materialen dienen te voldoen aan de Europese Richtlijnen. De materialen dienen te zijn voorzien van het CE-keurmerk. 14.6 Lichtmasten en armaturen dienen altijd gekozen te worden in overleg met de planbegeleider . Hierbij wordt aandacht besteed aan doelmatigheid, duurzaamheid en bestendigheid tegen vandalisme. Bij nieuwe projecten dienen de volgende materialen te voldoen aan:  Het grondstuk wordt beschermd d.m.v. kunststof of bekleding tot 200 mm. boven het maaiveld.  Het inspectieluikje bevindt zich op minimaal 500 mm. boven het maaiveld.  Een mast dient minimaal 40 jaar mee te gaan, uitgaande van normaal onderhoud.

 Mast: conische aluminium lichtmast, lichtpunthoogte minimaal 400 cm tenzij het wegprofiel / de gemeente anders vereist; Binnen de planontwikkeling dienen de volgende armaturen te voldoen aan:  Armatuur: KIO armatuur DC ready met DC driver, inclusief radar techniek voor het dynamisch dimmen van de verlichting;  Armatuur dient voorzien te zijn een OWLET voor het beheer op afstand  De toe te passen armaturen hebben een dichtheid van minimaal IP 65, met uitzondering van sommige decoratieve armatuurtypes.  Een armatuur en de driver dient minimaal 20 jaar mee te gaan, uitgaande van normaal onderhoud.  De gekozen armaturen moeten zodanig zijn uitgevoerd, dat ze gemakkelijk te openen zijn t.b.v. het vervangen van lampen en overig onderhoud.  Kleur: AKZO 900 Algemene Uitvoeringsvoorschriften Westvoorne

versie d.d. 16 juni 2022

Montage en plaatsing licht masten:  Indien één of meerdere wandarmaturen of masten in een achterpad worden gevoed d.m.v. een secundaire aansluiting uit de dichts bijstaande lichtmast, dan dient deze afgaande aansluiting te worden gezekerd in die lichtmast. Dit houdt in dat er in de mast, waaruit wordt afgetakt, een meervoudig zekeringskastje wordt gemonteerd.  Indien een wandarmatuur wordt toegepast, dan dient dit armatuur te worden gezekerd. In principe d.m.v. een op- of in te bouwen aansluitkastje. Indien dit niet mogelijk is, dan in het armatuur een zekeringskastje opnemen.  De plaats van lichtmasten moet zodanig gekozen worden, dat de masten zo goed mogelijk beschermd staan tegen aanrijden. Er voldoende afstand is tussen mast en belendende bomen. Er zo weinig mogelijk overlast is naar aangrenzende panden door ongewenste lichtinval. Naar aanleiding van “Buurtveiligheid”: Indien er een lichtmast ter hoogte van een uitmonding van een achterpad staat, fungeert deze daar als richt- en lichtpunt.  Plaatsing lichtmasten conform plan dat vooraf moet zijn goedgekeurd door CityTec;  Het plaatsen en aansluiten van verlichting dient te geschieden door of onder verantwoordelijkheid van het energiebedrijf.

Alle kosten, voortvloeiende uit het leggen van de kabels, het plaatsen van lichtmasten en het aansluiten ervan op het kabelnet voor openbare verlichting zijn voor rekening van de ontwikkelaar, inclusief de kosten van de daarvoor benodigde materialen.  Het tijdstip van plaatsen en aansluiten van de verlichting dient in onderling overleg tussen de ontwikkelaar, het energiebedrijf en de planbegeleider te worden vastgesteld.  De verlichtingselementen dienen compleet, overeenkomstig de eisen van het energiebedrijf en goed functionerend te worden overgedragen.  Er mag geen (onevenredige) lichthinder plaats vinden in relatie tot spreiding van het licht in gebouwen en/of particuliere percelen (publicatie: Richtlijn lichthinder van de NSVV 2017)  Binnen deze ontwikkeling dient er een DC netwerk aangelegd te worden in de vorm van een ringleiding. Alle gerelateerde zaken in relatie tot de aanleg van het DC netwerk zijn voor rekening voor de ontwikkelaar. Hierbij o.a. te denken aan de aanvraag voor een vast bemeterde aansluiting, leveren en aanbrengen schakelkasten, alle benodigde aansluitingen etc.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11914540/1