21 12 ontwikkeling en overeenkomst Sleepseweg 2 Oostvoorne voorstel
Tekst van het document
Raadsvoorstel 2021
Rockanje, 23 november 2021
Nr. 31553-2021 Raadsvergadering van 22 december 2021 Aan Agendanummer 9a Onderwerp Ontwikkeling en overeenkomst Sleepseweg 2 Oostvoorne
de gemeenteraad
1. Gevraagd besluit Geen bedenkingen kenbaar te maken tegen de benodigde overeenkomst voor de ontwikkeling van locatie Sleepseweg 2 in Oostvoorne. 2. Begrotingsprogramma, relatie met eerdere besluiten Er is geen relatie met eerdere besluiten. 3. Aanleiding Al enige tijd vinden gesprekken plaats met de eigenaar van het perceel Sleepseweg 2 in Oostvoorne. De eigenaar heeft de gemeente verzocht het vlak met de bestemming ‘Wonen’ op het perceel te vergroten. De gemeente is bereid om de gevraagde planologische maatregel in procedure te brengen onder de voorwaarde dat de eigenaar zich ten behoeve van de economische uitvoerbaarheid van de planologische wijziging bereid te verklaren de daaruit voortvloeiende planschade volledig aan de gemeente te compenseren. Ondertussen is overeenstemming bereikt over de benodigde planschadeovereenkomst. In dit voorstel wordt het vervolgtraject in kaart gebracht. 4. Argumenten Het perceel Sleepseweg 2, 3233LW Oostvoorne ligt in het bestemmingsplan “Omgevingsplan Buitengebied Westvoorne” en heeft hierin twee bestemmingen: Wonen en Algemeen grondgebruik. Het bebouwingsgebied ten behoeve van de bestemming Wonen is beperkt tot het kadastrale perceel C 21 (1.160 m²). Het kadastrale perceel C 1514 (2.970 m²) heeft de bestemming Algemeen grondgebruik.
De omvang van het bebouwingsgebied is te verklaren uit de kadastrale situatie uit het verleden maar is inmiddels enigszins onlogisch en bovendien relatief klein. Het verzoek is dan ook om een beperkte verruiming van het bebouwingsgebied toe te staan waarmee de aanwendingsmogelijkheden van het perceel aanzienlijk kunnen worden vergroot. Doordat het bebouwingsgebied beperkt is tot het perceel C 21 kan op de achterste strook van circa 10 meter achter de woning niet worden gebouwd en zelfs niet als tuin worden gebruikt. Hierdoor heeft de achtertuin van de woning (gemeten vanaf de achtergevel) een diepte van slechts 8 meter. Dat is voor een woonperceel in het buitengebied behoorlijk beperkt. Dit heeft dan ook nadelige gevolgen voor de bouw- en gebruiksmogelijkheden op de gronden achter de woning.
1
Achterop het perceel (op de gronden met de bestemming Algemeen Grondgebruik) staan een tuinhuisje en een kippenren. Voor deze bebouwing is geen vergunning verleend. Als het bebouwingsgebied kan worden vergroot met de achterste strook van 10 meter achter de woning en een strook van 10 meter aan de zijkant van de woning (gemeten vanaf de grens van C 21), komt alle bestaande bebouwing binnen het bebouwingsgebied te liggen en wordt de bruikbaarheid van de direct achter en naast de woning gelegen gronden, met een relatief kleine ingreep, aanzienlijk verbeterd. Het bestaande bebouwingsgebied heeft een oppervlakte van 1.160 m². Met de voorgestelde verruiming wordt het bebouwingsgebied vergroot tot circa 1.800 m². Een dergelijke oppervlakte voor een bebouwingsgebied ten behoeve van wonen is niet ongebruikelijk in het buitengebied. Zo hebben de bebouwingsgebieden van meest nabijgelegen woningen hebben oppervlakten van respectievelijk 1.400 m² (Sleepseweg 3), 1.500 m² (Sleepseweg 1) en zelfs 3.600 m² (Katteweg 3). Nieuwe woonkavels in het buitengebied (zoals in het kader van de Ruimte voor Ruimte regeling) hebben ook vaak een omvang van circa 3.500 m². Met de voorgestelde verruiming van het bebouwingsgebied blijft er sprake van een relatief compact bebouwingsgebied. Hierdoor blijft geconcentreerd bouwen op het perceel gegarandeerd.
Gelet op de lage bebouwingsdichtheid in de polder Oosterland en de relatief grote onderlinge afstand tussen de woonpercelen, leidt een verruiming van het bebouwingsgebied niet tot nadelige gevolgen voor omwonenden. Gelet op de beperkte omvang én de ligging ervan heeft de verruiming bovendien ook geen nadelige gevolgen voor de bezonningsituatie en/of de gebruiksmogelijkheden van de omliggende agrarische gronden. De voorgestelde verruiming heeft dan ook geen nadelige gevolgen voor de kwaliteit van de leefomgeving van omliggende functies. Voor de daadwerkelijke herontwikkeling is een ruimtelijke procedure benodigd. Besloten is om de herontwikkeling te verwerking in de eerste algehele herziening van het omgevingsplan Buitengebied. Ondertussen is overeenstemming bereikt over de benodigde overeenkomst. Met het sluiten van de overeenkomst wordt het risico op planschade aan de initiatiefnemer doorgelegd, worden afspraken gemaakt inzake de ruimtelijke kwaliteit en is de initiatiefnemer een exploitatiebijdrage verschuldigd voor de uit te voeren ambtelijke werkzaamheden om het bestemmingsplan op dit punt aan te passen. Artikel 160 Gemeentewet schrijft voor dat het sluiten van overeenkomsten een bevoegdheid van het college is.
Wel bepaald artikel 169 lid 4 Gemeentewet dat de gemeenteraad ‘wensen en bedenkingen aan het college mee moet kunnen geven voordat de overeenkomst definitief gesloten wordt. Daarom wordt dan ook bijgevoegd raadsvoorstel en raadsbesluit aan uw gemeenteraad voorgelegd waarin wordt voorgesteld, na bespreking van de overeenkomsten in de commissie, geen bedenkingen kenbaar te maken. 5. Duurzaamheid Aan dit voorstel zijn geen specifieke duurzaamheidsaspecten verbonden. 6. Regionale afstemming Het aspect regionale afstemming is niet van toepassing. Het omgevingsplan Buitengebied Westvoorne is in gezamenlijkheid met de gemeente Brielle opgesteld. Zowel de gemeente Brielle als de gemeente Westvoorne zijn ondertussen gestart met de voorbereidende werkzaamheden voor de eerste herziening van het Omgevingsplan Buitengebied. Ook in dit traject zal de aansluiting weer zo veel mogelijk worden gezocht. 7. Kosten, baten en dekking
De initiatiefnemer is eigenaar van de gronden in het plangebied. In de exploitatie overeenkomst zijn alle noodzakelijk afspraken over kostenverhaal vastgelegd. In de overeenkomst is vastgelegd dat eventuele planschade ook op de initiatiefnemer wordt verhaald. Eventuele legeskosten dient de initiatiefnemer later alsnog te betalen. 8. Communicatie De initiatiefnemer wordt schriftelijk geïnformeerd over het besluit. 9. Toelichting Het betreft hier het sluiten van diverse overeenkomsten. Dit is niet gemandateerd. Artikel 160 Gemeentewet schrijft voor dat het sluiten van overeenkomsten een bevoegdheid van het college is. Wel bepaald artikel 169 lid 4 Gemeentewet dat de gemeenteraad ‘wensen en bedenkingen’ aan het college mee moet kunnen geven voordat de overeenkomst definitief gesloten wordt. Om die reden wordt voorgesteld bijgevoegd raadsbesluit en raadsvoorstel aan de gemeenteraad voor te leggen. 10. Adviezen De commissie GG/M heeft unaniem instemmend geadviseerd. Burgemeester en wethouders van Westvoorne, de wnd. secretaris, de burgemeester, P.A van der Wurff P.E. de Jong