CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

21 11 Meergeneratiewoningen 2.1 Oplegnotitie bijzondere woonvormen

Commissie GG & Milieu 8 november 2021, gemeente WestvoorneBij agendapunt: Meergeneratiewoningen1.309 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Oplegnotitie Bijzondere woonvormen Mei 2021

Inleiding Aanleiding Middels een aantal moties1 die de afgelopen jaren zijn ingediend wordt het college onder andere verzocht bijzondere woonvormen mogelijk te maken. Een aantal bijzondere woonvormen, waar uw raad specifiek naar heeft gevraagd, is reeds middels discussienota aangeboden. Op dit moment ligt de discussienota Meergeneratiewoningen ter bespreking aan u voor. Elke woonvorm heeft specifieke kenmerken. Daarmee heeft elke bijzondere woonvorm de potentie om een ander doel te dienen. Zo kan het een antwoord vormen op de vergrijzing, of de overspannen woningmarkt. Het kan ingezet worden om te luisteren naar de specifieke woonwensen van inwoners of ruimte bieden om nichemarkten te bedienen. Er zijn veel bijzondere vormen van woningbouw. Mantelzorgwoningen Het (deeltijds) bewonen van een mantelzorgwoning stelt de mantelzorger in staat nabij mantelzorg te verlenen. Onder mantelzorg wordt verstaan: intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, maar die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande sociale relatie en die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt.

Zo’n woning kan ontstaan door het plaatsen van een mantelzorgunit, het aanbouwen aan de bestaande woning, het oprichten van een bijgebouw of het gebruiken van een bestaand bijgebouw. De mantelzorg moet worden aangetoond middels een ondertekende verklaring van de huisarts. Wanneer deze verklaring binnen is, dan wordt actief het gesprek aangegaan met de initiatiefnemer over de mogelijkheden. Op basis van deze beoordeling wordt uiteindelijk duidelijk of het bieden van mantelzorg mogelijk is en of hiervoor een omgevingsvergunning moet worden aangevraagd of dat het als vergunningsvrij wordt aangemerkt. Pré-mantelzorgwoningen Eerder is uw raad reeds geinformeerd over pré-mantelzorgwoningen. Dat is een woning die ter voorbereiding op de mantelzorg alvast wordt geplaatst en/ of in gebruik wordt genomen. Op dat moment is er nog geen sprake van mantelzorg. De verwachting is dat de mantelzorgbehoefte in de toekomst wel ontstaat. Deze mensen komen te wonen bij mensen die ook uitdrukkelijk bereid zijn in de toekomst de mantelzorg te verlenen. Meergeneratiewoningen Hiermee wordt een duurzame woonvorm bedoelt waarbij er meer dan één generatie in de woning woont. Meergeneratiewoningen zijn dus woningen die onder één dak huisvesting bieden aan meerdere generaties, meestal uit een familie. Meergeneratiewoningen zijn er in verschillende vormen, met verschillende kenmerken.

Zo kunnen de verschillende bewoners één huishouden vormen, maar ook gescheiden van elkaar een huishouding voeren. De discussienota hierover ligt samen met deze oplegnotitie aan u voor. Seniorenhoven Het uitgangspunt van een seniorenhof is dat sprake is van een sociaal maatschappelijk component, dat een sterke ontwikkeling van het nabuurschap faciliteert. Er is nadrukkelijk 1 10-2019, 12-2020, 13-2020, 14-2020, 03-2021

niet alleen sprake van een aantal geclusterde seniorenwoningen. De intentie is dat de bewoners van een woonhof voor elkaar klaar staan en daar waar mogelijk helpen en ondersteunen. Wel is het een vrijblijvende gemeenschap waar je van elkaars kennis/kunde en gezelschap profiteert. Dit is ideaal voor de moderne senior die zelfstandig wil blijven, en die steeds minder op mantelzorg en kinderen kan terugvallen. De stedenbouwkundige invulling of verschijningsvorm kan verschillen van een hofje, tot gestapelde varianten. U leest hier meer over in de ‘Discussienotitie woonhoven in Westvoorne’ van januari 2021. Tiny houses Er worden in Nederland steeds meer tiny houses ontwikkeld. Anders dan dat veel partijen denken, zijn tiny houses geen goed antwoord op de overspannen koopwoningmarkt. In de basis zijn tiny houses een duur woonproduct. Dat komt doordat er een grote kavel nodig is voor een klein aantal m2 woonoppervlak. Vanuit de gedachte om veel starters te helpen is het veel efficiënter en effectiever om diezelfde kavel in te zetten voor een rijtje eengezinswoningen. Of, voor één- en tweepersoonshuishoudens: kleine appartementen en beneden/bovenwoningen (bebo’s). Dan kunnen enerzijds de grondkosten over meerdere woningen verdeeld worden (waardoor ze goedkoper worden), maar ook worden de schaarse grondposities zo goed mogelijk gebruikt.

Voor de mensen die graag een tiny house willen bewonen vanuit een levensbeschouwelijk oogpunt kan de woonvorm wél een goed antwoord zijn. Zij zoeken vaak een tiny house dat autarkisch is – onafhankelijk van de omgeving en zelfvoorzienend. De levensfilosofie van deze mensen gaat over vrijheid, ‘ontspullen’, vrij leven van financiële zorgen, eigen groente verbouwen, etc. Voor deze vorm is het voor te stellen dat er bijvoorbeeld ruimte vrijgemaakt wordt op tijdelijke locaties, zoals braakliggende terreinen waar pas over zo’n 10 jaar gebouwd zal worden. Naast bijzondere woonvormen zijn er ook bijzondere ontwikkelvormen. Woonwensen zijn persoonlijk. De meeste ontwikkelende partijen werken vooral met standaard woonproducten. Zij noemen dat hun ‘conceptwoningen’. Die zijn op voorhand compleet uitgedacht op basis van de gemiddelde woonwens en de meest (kosten-) efficiënte bouwwijze en -materialen. Dit sluit zelden 100% op elkaar aan, maar is voor de meeste inwoners een prima woonproduct. Het komt voor dat mensen zelf meer invloed willen hebben op hun toekomstige woning, bijvoorbeeld omdat ‘de markt’ hun woonwensen niet bedient. Voor hen zijn er een aantal opties: Particulier opdrachtgeverschap (PO) Bij PO is een particulier persoon de opdrachtgever, in plaats van de projectontwikkelaar. Deze particulier zit als het ware op de regiestoel.

Hij geeft opdracht voor het ontwerp van de woning aan een architect. Hij bouwt niet zelf de woning, maar geeft daarvoor opdracht aan een aannemer. Feitelijk zit de particulier op de stoel van de projectontwikkelaar, waarbij deze zich laat begeleiden door een procesbegeleider, die ook expertise over het bouwproces inbrengt. PO vindt plaats op een vrije kavel: één huishouden bouwt de woning geheel naar eigen wens op één kavel. Collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO) Anders dan bij PO, gaat het bij CPO om een groep (een collectief) van particulieren. Daarbij gaatdeze hele groep particulieren op de stoel van de projectontwikkelaar zitten. Samen hakken zij knopen door, waarbij zij leunen op elkaars expertises. Ook bij CPO is het raadzaam een procesbegeleider in te schakelen.

Mede-opdrachtgeverschap (MO) Voor mensen die de opdrachtgeverrol voor zichzelf te groot vinden, maar wel behoefte hebben aan een bijzondere woonvorm die niet door ‘de markt’ – de reguliere projectontwikkelaars – opgepakt wordt, is MO wellicht een optie. Daarbij neemt een groep particulieren samen met een professionele organisatie het voortouw om woningen te ontwikkelen. Deze organisaties doen dat vaak vanuit een maatschappelijke overtuiging en hebben financieel rendement niet op de eerste plek staan. De rol van de particulieren is hierbij kleiner, maar de invloed is een stuk groter dan bij reguliere projectontwikkeling. Ook bij deze ontwikkelvorm is de reguliere projectontwikkelaar niet betrokken. Een bekend voorbeeld van MO in relatie tot bijzondere woonvormen zijn de Knarrenhoven van Stichting Knarrenhof. Welk doel wil de raad middels een bijzondere woonvorm behartigen? Volgens de huidige werkwijze bedienen we uw raad op dit moment per woonvorm. We bieden u per onderwerp een discussienota aan, waarbij globaal de (on-) mogelijkheden onderzocht worden. Het is voor te stellen dat we een stap terug doen in de discussie en eerst onderzoeken wat de aanleiding is om achter een bijzondere woonvorm te staan.

Met andere woorden: voor welk probleem proberen we middels bijzondere woonvormen een oplossing te vinden? Door dat helder te krijgen kan de ambtelijke organisatie beter informeren en adviseren op de mogelijkheden. Bijzondere woonvormen worden gekenmerkt door een extra component. Bij tiny houses is dat duurzaamheid, bij knarrenhoven en meergeneratiewoningen is dat zelfredzaamheid. Er moet worden nagedacht hoe deze componenten worden vastgelegd en gewaarborgd voor de toekomst. Het Volkshuisvestelijk kader biedt reeds ruimte voor ambitieuze initiatieven. Daarin bevindt zich een toetsingsmatrix waarmee nieuwe initiatieven op het ambitieniveau getoetst kunnen worden. Daarmee wordt de beperkte ambtelijke capaciteit ingezet op de initiatieven die het meest aansluiten bij wat Westvoorne nodig heeft. Woningbouwinitiatieven die onvoldoende ambitie tonen worden teruggestuurd naar de tekentafel, of komen op ‘de stapel’ terecht. Ze worden wel geholpen, maar pas nadat alle woningbouwinitiatieven die wél aansluiten bij de behoefte in gang gezet zijn. Hiermee komen de beleidsdoelen, waaronder het bouwen van ‘bijzondere’ woonproducten voor specifieke doelgroepen – beter in zicht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10711439/1