CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

21 11 06 brief college Huiselijk Geweld bijlage

Gemeenteraad 24 november 2021, gemeente WestvoorneBij agendapunt: Ingekomen stukken4.864 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Regionaal / Lokaal verbeterplan Geweld hoort nergens thuis 2021 - 2023 Gemeenten Brielle, Goeree-Overflakkee, Hellevoetsluis, Nissewaard en Westvoorne Inleiding In onze regio werken we al lange tijd aan de aanpak van Huiselijk Geweld en Kindermishandeling. Toch blijkt keer op keer dat we nog niet de gewenste duurzame resultaten bereiken. Een verbeterslag is nodig. De stuurgroep OGGZ+ heeft op 21 april jl. positief geadviseerd over het (boven)regionaal verbeterplan Geweld hoort nergens thuis (GHNT). Dit plan is nu verder uitgewerkt naar acties op het niveau van Voorne-Putten en Goeree-Overflakkee. Het plan, dat als bijlage is bijgevoegd, beslaat de periode 2021-2023. (Wettelijk) kader De opdracht voor gemeenten om huiselijk geweld en kindermishandeling te bestrijden ligt vast in de Wmo 2015 en de Jeugdwet. De gezamenlijke inspecties Toezicht Sociaal Domein, (waaronder de Inspectie Gezondheid en Jeugd) stellen dat gemeenten de regie moeten nemen bij de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling (februari 2021). Een handvat hiertoe is het door de VNG uitgebrachte kwaliteitskader ‘Werken aan veiligheid in lokale teams’. Zoals in de landelijke en regionale visie Geweld hoort nergens thuis is vastgelegd ligt de basis van de aanpak bij de lokale teams. Daaruit zijn drie prioriteiten afgeleid: 1. Voldoende en juiste expertise in het lokale veld. 2.

De aanpak is in de hele regio in de kern hetzelfde 3. We sturen op een integrale aanpak. De kosten voor het plan zijn in een afzonderlijk excel document gedetailleerd uitgewerkt. In dit plan zijn de kosten per onderdeel weergegeven. PRIORITEIT 1: IN HET LOKAAL VELD IS DE JUISTE EN VOLDOENDE EXPERTISE BESCHIKBAAR

1.1 Expertise van alle professionals

16 juni 2021

1

Professionals in het lokale veld Wmo en Jeugd voldoen aan minimale eisen: a. Werken volgens de meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling b. Professionals kunnen specifieke vormen van geweld signaleren en weten waar specialisten hierop te vinden zijn en hoe zij hulp kunnen inroepen c. Medewerkers hebben kennis over traumasensitief werken Wat willen we bereiken: a. Het aantal meldingen bij VT vanuit lokaal veld neemt toe.1 b. Specifieke vormen zoals seksueel geweld, ouderenmishandeling, schadelijke traditionele praktijken, complexe scheidingen, seksuele uitbuiting door ‘loverboys’, kinderen in kwetsbare opvoedsituaties, stalking worden eerder gesignaleerd en er wordt eerder hulp ingeroepen. Hierdoor vindt minder escalatie plaats. Specifiek neemt het aantal meldingen oudermishandeling bij VT toe en daalt het aantal geëscaleerde scheidingen en de vraag naar het bijbehorende hulpaanbod. c. Trauma bij kinderen en volwassenen wordt beter onderkend en er wordt vaker en eerder passende hulp ingezet. Uit de 0-meting blijkt dat dit niveau in alle gemeenten verbeterd moet worden. Gesignaleerd wordt dat borging van de expertise achterblijft. Eenmaal een training aangeboden hebben in het verleden, volstaat niet. Uit gesprekken met het werkveld blijkt dat een deel van de professionals te weinig kennis heeft van geweldsproblematiek in relaties, de geweldsspiraal en het hulpaanbod.

Hoe Wie is verantwoordelijk Wanneer 1. We beginnen bij de lokale (toegangs)teams. We leggen vast welke minimale expertise Beleidsmedewerkers, Tempo aanpassen aan alle medewerkers in het lokale team moeten hebben. In de 0-meting is eerder teamleiders/coördinatoren andere processen die de geïnventariseerd hoe het staat met de expertise. We maken afspraken met de lokale teams toegang betreffen, zoals de partners om de expertise in de lokale teams op het gewenste niveau te krijgen en doorontwikkeling maken een planning hiervoor. Het trainingsaanbod meldcode en regionaal ingang/toegang in trainingsaanbod (cafetariamodel) is beschikbaar als onderdeel van het reguliere Nissewaard en de opleidingsprogramma. samenwerking op Voorne

1

Dit lijkt misschien tegenstrijdig: enerzijds wil je door eerder signaleren en betere toerusting van het lokale veld dat huiselijk geweld minder escaleert en eerder lokaal opgelost wordt. Anderzijds heeft VT ook de rol van meldpunt en monitoring. Het blijft daarom van belang dat er bij VT gemeld blijft worden. Een toename van meldingen duidt op een verbeterde signaleringsbereidheid (en dus kennis en vaardigheden) bij zowel professionals als inwoners.

16 juni 2021

2

2.

We borgen dat deze expertise aanwezig is bij gemeentelijke uitvoerende medewerkers van de Wmo en Jeugdwet. De eisen opnemen in functieprofielen.

3.

Iedere gemeenten borgt intern expertise door het aanstellen van aandachtsfunctionarissen (AF) HGKM; we werken hierin regionaal samen: - Opstellen taakomschrijving - Gezamenlijke intervisie - Afstemmen wat betreft specialismen - Onderlinge vervanging We zorgen dat de AF bekend wordt in het werkveld. Gemeenten zorgen voor voldoende capaciteit. We sturen op borging van de gewenste expertise bij gesubsidieerde en ingekochte partijen: We inventariseren bij welke organisaties prioriteit ligt en gaan hierover in gesprek met hen. Met de grotere partijen (die in meerdere gemeenten actief zijn) doen we dit zoveel mogelijk als regiogemeenten gezamenlijk. We stellen een standaard tekst op die in de subsidie- en inkoopvoorwaarden opgenomen wordt. Het onderwerp wordt standaard onderdeel van de reguliere accountgesprekken. Professionele organisaties in (jeugd)gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang, maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp zijn al wettelijk verplicht de meldcode toe te passen. We ondersteunen regionaal met een trainingsaanbod meldcode. We stimuleren dat VT aansluit om hun werkwijze te verduidelijken en zo de meldingsbereidheid te vergroten. Tot en met 2023 vergoeden we een deel van de kosten van deze trainingen. Er komt een bovenregionaal aanbod via een cafetariamodel voor een introductie op specifieke geweldsvormen ten behoeve van signalering en traumasensitief werken.

4.

5.

6.

16 juni 2021

Teamleiders/coördinatoren lokale teams, personeelszaken Beleidsmedewerkers, Teamleiders/coördinatoren lokale teams; personeelszaken

4de kwartaal 2021

Beleidsmedewerkers, inkoopmedewerkers/ accounthouders

We volgen de lokale subsidieen inkoop cyclus om de gewenste expertise- en signaleringsvaardigheden waar nodig te verwerken in subsidie en inkoopcontracten.

Beleidsmedewerker centrumtaken

Doorlopend t/m 2023

Realisatie cafetariamodel bovenregionaal projectleider.

Cafetariamodel gereed medio 2021;

Taakomschrijving gereed:3de kwartaal 2021; Opleiding: 2021/2022 4de kwartaal: AF-en in alle gemeenten aangesteld.

3

7.

8. 9.

 In overleg met de aanbieders van de deskundigheidbevordering en de partners in het lokale veld maken we afspraken over een gezamenlijk programma in onze regio (dus niet per organisatie maar per gebied organiseren)  Tbv het (boven)regionaal aanbod zien wij een belangrijke inbreng weggelegd voor ervaringsdeskundigen  Aanbod is bij voorkeur geaccrediteerd (o.a. SKJ) Organisatie cafetariamodel op bovenregionaal niveau vraagt ook na 2021 inzet; dit zou ondergebracht kunnen worden bij CHG&K. Borging regionaal na 2023 bij beleidsmedewerker centrumtaken en lokale beleidsmedewerkers. We zorgen dat de expertise op niveau blijft en zich blijft vernieuwen. We bieden regionaal bijscholing en intervisie aan, met ondersteuning van gedragsdeskundigen We realiseren samen met lokale en regionale partners een netwerk van train-detrainers dat ook na 2023 blijft bestaan. We organiseren samen met Enver een echtscheidingsspreekuur voor professionals.

Afstemming beleidsmedewerker centrumtaken en lokale beleidsmedewerkers

Aanbod doorlopend t/m 2023

Gemeentelijke Aandachtsfunctionarissen Beleidsmedewerker Centrumtaken Trekker te benoemen

Netwerk staat 4de kwartaal 2023

We geven specifieke aandacht aan het onderwerp ouderenmishandeling: - AF ouderenmishandeling - We betrekken hierbij ook partners buiten het sociale domein, zoals banken en notarissen.

Trekker te benoemen

ntb

Ntb

1.2 Expertise van professionals die hulp bij HGKM bieden Professionals die hulp verlenen in casuïstiek HGKM hebben beschikking over de juiste kennis, houding en vaardigheden in het kader van systeemgericht werken, het voeren van casusregie en het zicht houden op veiligheid. Wat willen we bereiken:

16 juni 2021

4

In casussen huiselijk geweld en kindermishandeling wordt zoveel mogelijk stabiele veiligheid bereikt. Dat betekent dat minder ‘terugval’ plaatsvindt. Na afronding van de ondersteuning gebeurt het minder vaak dat een gezin opnieuw bij VT gemeld wordt. Uit de 0-meting blijkt dat hier bij alle gemeenten aandachtspunten liggen. Specifiek wordt gevraagd voor: - aandacht voor de afstemming met VT - eenduidigheid m.b.t. veiligheidsplannen en beoordelingen - systeemgerichte hulpverlening - gespreksvoering met kinderen - voeren van regie - betrekken van sociale steunstructuur 1. VT ondersteunt het lokale veld bij casuïstiek. We verbeteren de samenwerking met VT VT stelt een plan op. Plan gereed medio 2021. waardoor er meer ruimte is voor lokale teams voor sparren en consultatie. VT en Beleidsmedewerkers 4de kwartaal 2021: pilot in lokale teams werken vanaf het begin samen bij casuïstiek, onder meer door het zorgen voor aansluiting van onze regio? gezamenlijk voeren van gesprekken met de betrokkenen. VT zorgt voor de lokale teams. Start 1e kwartaal 2022. contactpersonen per gemeente/ regio. Gemeenten bieden VT de ruimte om wekelijks Projectleider IVH Jaarlijkse evaluatie een dagdeel op locatie te werken. De afspraken worden vastgelegd in processtappen en een contactenlijst. De wens is om deze afspraken te verbreden naar de Intensieve Casusregie, JBRR en JB-Plein. 2.

Het cafetariamodel (bovenregionaal) biedt scholing en training m.b.t. specifieke Beleidsmedewerker Cafetariamodel gereed geweldsvormen, specifieke doelgroepen, geweldsdynamiek in relaties en een centrumtaken; medio 2021; effectieve aanpak daarvan en gespreksvoering met kinderen. Beleidsmedewerkers en Programma We leggen de gewenste expertise vast in profielen voor de specialisten HGKM in de teamleiders/coördinatoren; deskundigheidsbevordering lokale teams. We maken gebruik van de profielen die de gemeente Rotterdam Medewerkers gereed: 4de kwartaal 2021, hiervoor opstelt en verwerken de wensen in de subsidie/inkoopafspraken met onze inkoop/accounthouders; start programma 1e kwartaal partners en in de functieprofielen van medewerkers die in gemeentelijke dienst zijn. personeelszaken 2022. (Inbedden regulier opleidingsprogramma); we

16 juni 2021

5

3.

Met behulp van de 0-meting (inventarisatie) bepalen we met onze partners welke aanbod van deskundigheidbevordering uit het cafetariamodel noodzakelijk is voor onze lokale teams. We maken afspraken met onze partners over het (gezamenlijk) scholen van medewerkers in de lokale teams. (Niet iedereen hoeft alle expertise te hebben, we kijken naar de gewenste expertise op individueel niveau/ op teamniveau/ lokaal- en regionaal niveau.) We maken afspraken met aanbieders over beschikbaarheid van expertise op het gebied van LVB, GGZ, verslaving en specifieke geweldsvormen; onder meer via bestaande expertiseteams en casusoverleggen en maken inzichtelijk voor het lokale veld waar deze expertise te vinden is. We maken gebruik van materiaal dat door ZVHRR en gemeente Rotterdam beschikbaar wordt gesteld om het lokaal veld te betrekken in aanpak van stalking. We stellen voor dat bijeenkomsten op niveau van Rotterdam Rijnmond wordt georganiseerd. Borging na 2023: mogelijk via ZVHRR of bij CHG&K

stemmen af op de lokale subsidie- en inkoop cycli.

Beleidsmedewerker centrumtaken.

1.3 Aanvullende acties gericht op inwoners Inwoners in onze regio kunnen signalen van hgkm beter herkennen en de drempel om hulp te vragen wordt verlaagd. Wat willen we hiermee bereiken: - HGKM wordt eerder gesignaleerd en vaker gemeld bij VT - Slachtoffers en plegers vragen eerder hulp - Het onderwerp wordt beter bespreekbaar - De druk op de Vrouwenopvang neemt af 1. We doen via steunpunt vrijwilligers (of vergelijkbare organisaties) een aanbod Beleidsmedewerkers meldcode voor vrijwilligersorganisaties die actief zijn binnen Wmo en Jeugd. Borging na 2023 bij steunpunten vrijwilligers

16 juni 2021

Bijeenkomsten in 2022 en 2023

2021 en 2022

6

2.

3.

We vergroten de signaleringsmogelijkheden en meldingsbereidheid bij het publiek door gerichte door publiekscampagnes/ voorlichtingsprogramma’s. Specifiek rondom de thema’s: - Ouderenmishandeling - Kindermishandeling - Geweld tegen vrouwen We sluiten aan bij landelijk en regionale campagnes (o.a. vanuit Geweld hoort nergens thuis en Veilig Thuis). We richten ons op een breed publiek en daarnaast gaan we in gesprek met het onderwijs om, samen met ervaringsdeskundige jongeren, een programma gericht op ‘gezonde relaties’ te ontwikkelen. Borging bij beleidsmedewerker centrumtaken en lokale beleidsmedewerkers i.s.m. afdelingen communicatie We willen beter gebruik maken van de expertise van ervaringsdeskundigen. We sluiten in onze regio aan bij het initiatief van VT om een pool van ervaringsdeskundigen op te zetten. We onderzoeken hoe de inzet van ervaringsdeskundigen er toe kan bijdragen dat slachtoffers en plegers van huiselijk geweld eerder hulp zoeken, bijvoorbeeld door gezamenlijk met Enver (een) pilot(s) te ontwikkelen. M.b.t. plegers sluiten we aan bij de resultaten van de bovenregionale pilots op dit onderwerp.

Regionale trekker benoemen; Lokale afdelingen Communicatie; Beleidsmedewerker centrumgemeente en lokale beleidsmedewerkers.

Jaarlijks: week tegen kindermishandeling; dag van ouderen mishandeling, Orange the World. Programma scholen: start met pilot schooljaar 2022/2023

Beleidsmedewerker centrumtaken en lokale beleidsmedewerkers; Eventueel een regionale trekker benoemen

Nog uit te werken.

Kosten

Subtotaal 1.1: expertise alle professionals Subtotaal 1.2: expertise specialisten Subtotaal 1.3:

16 juni 2021

2021 ureninzet activiteiten 28.000 73.900 10.000 16.000 14.500

2022 ureninzet activiteiten 32.000 73.875 12.000 10.500 32.000 182.000

2023 ureninzet activiteiten 32.000 57.525 12.000 10.500 32.000 182.000

7

Totaal koten onderdeel 1

54.000

88.400

76.000

266.375

Prioriteit 2 DE KERN VAN DE AANPAK OP LOKAAL NIVEAU IS HETZELDE IN DE HELE REGIO In het lokaal veld wordt overal vanuit dezelfde aanpak gewerkt, als het gaat om een aantal kernbegrippen. Wat willen we hiermee bereiken: - De kwaliteit van de lokale hulpverlening wordt versterkt - De lokale en (boven)regionale inzet van instellingen sluit op elkaar aan en versterkt elkaar. 1. We scholen de lokale teams in het werken volgens de visie op gefaseerde ketenzorg Bestuurders, managers, van Civil Care. Bestuurders, managers en teamleiders worden hierbij meegenomen. teamleiders/coördinatoren, We verwerken deze werkwijze in de werkprocessen. We verbinden dit het aan specialisten lokaal team. traject dat Veilig Thuis hierop doorloopt zodat VT medewerkers en lokale Beleidsmedewerkers. medewerkers ‘met een mond spreken’ en er ook duidelijke afspraken zijn wie verantwoordelijk is voor het opstellen en uitvoeren van veiligheidsplannen. We onderzoeken of hiervoor een train-de-trainerprogramma opgezet kan worden voor de borging op langere termijn en of dit bij VT ondergebracht kan worden. We zorgen dat deze visie in relevantie beleidsontwikkelingen vastgelegd wordt. 2.

Met het vaststellen van dit plan onderschrijven we de opdracht aan het lokale veld, Beleidsmedewerker inclusief definitie en uitgangspunten voor systeemgericht werken, regie en zicht op centrumtaken veiligheid in relatie tot de aanpak HGKM die in het kader van HGNT is ontwikkeld Beleidsmedewerkers; (zie bijlagen). Teamleiders/coördinatoren; We voeren het bovenregionaal te ontwikkelen veiligheidsplan in. Specialisten lokale teams We borgen deze uitgangspunten door deze op te nemen in relevante beleidsplannen (ICR, IVH). en vast te leggen bij inkoop- en subsidievoorwaarden. 3. CJG’s goede aandachtsfunctionarissen en zijn, evenals het onderwijs belangrijke Beleidsmedewerkers partners. Niet alleen bij het signaleren van kindermishandeling maar zij kunnen ook

16 juni 2021

76.000

250.025

Trainingen afgrond 3de kwartaal 2021. Verbinding met VT: ntb Borging: 2022.

Veiligheidsplan: verspreiding en training: 3de kwartaal 2021 tot 2de kwartaal 2022; Borging: volgens subsidie- en inkoopcycli.

2022/2023

8

een rol spelen bij het monitoren van de veiligheid. We gaan met de partners in gesprek hoe we deze rol kunnen versterken. 4.

Voor meervoudige complexe en structureel onveilige problematiek werken we met Multifocus in intensieve casusregie. We bepalen in welke casuïstiek regie volgens Multifocus nodig is. We stemmen deze aanpak regionaal af op de Intensieve Vrijwillige Hulpverlening en AVE aanpak (Voorne). We organiseren regionale intervisie.

Beleidsmedewerker centrumtaken; projectleider IVH

5.

We onderzoeken welke inzet er structureel nodig is om effectief te kunnen werken in HGKM casuïstiek en wat dit betekent voor de organisatie van het werk. Werken met Multifocus vraagt bij de start van een casus extra inzet. De verwachting is dat er minder inzet nodig op langere termijn, doordat de problematiek duurzaam wordt aangepakt. Ook de grotere expertise, lokaal en het gegeven dat er meer samenhang in de aanpak wordt aangebracht, zou als effect moeten hebben dat op den duur efficiënter gewerkt kan worden. Dit vraagt ook om waar nodig werkprocessen en rollen aan te passen. We stellen middelen beschikbaar om lokaal gedurende de periode 2021-2023 met de methodiek multifocus voor de ICR te implementeren en monitoren op de effecten voor de individuele casussen en volgen de benodigde ureninzet. We zetten hierbij ondersteuning van een extern onderzoeker in. We evalueren eind 2022 en in 2023 nemen de gemeenten een besluit over de lokale inzet na 2023.

Beleidsmedewerker centrum gemeente met lokale beleidsmedewerkers; teamleiders/coördinatoren lokale teams; Intensief casusregisseurs.

2. De kern van de aanpak is overal hetzelfde

16 juni 2021

Start intervisie 1e kwartaal 2021 3de kwartaal: 2de opleiding afgerond en in ieder lokaal team minimaal een intensief casusregisseur opgeleid. Evaluatie 4de kwartaal 2022. 1e kwartaal 2023: advies m.b.t. capaciteit en werkwijze op lokaal / regionaal niveau. 2de – 4de kwartaal: besluitvorming

2021

2022

2023

ureninzet activiteiten

ureninzet activiteiten

ureninzet activiteiten

9

Totaal onderdeel 2

5.000

76.000

10.000

150.000

8.000

148.000

Prioriteit 3 DE AANPAK IN HET LOKAAL VELD MAAKT ONDERDEEL UIT VAN EEN REGIONALE, INTEGRALE AANPAK Het vastleggen van de gezamenlijke uitgangspunten en afspraken maken over de samenwerking lokaal / (boven)regionaal. Wat willen we bereiken: - Het lokaal veld is zodanig binnen de regionale, integrale aanpak gepositioneerd dat het over de juiste informatie en bevoegdheden beschikt om daadwerkelijk als basis te kunnen functioneren. - Ook na de projectperiode 21-23 zijn de afspraken en verbeterpunten geborgd binnen beleid en uitvoering 1. De colleges van B&W van de regiogemeenten stellen met dit verbeterplan Bovenregionaal projectleider voor 2021-2023 tegelijkertijd de uitgangspunten zoals in dit verbeterplan opgenomen 2022 (inclusief de bijlagen) vast. We verwerken deze visie in relevante beleidsdocumenten binnen en buiten het sociaal domein. Beleidsmedewerker centrumtaken, beleidsmedewerkers regio; 2. We leggen, zo mogelijk (boven)regionaal de samenwerkingsafspraken en managers/ bestuurders; werkprocessen vast met onze partners, op zo’n manier dat partijen met elkaar en niet na(ast) elkaar werken in casuïstiek HGKM: regionale expertise is beschikbaar in het lokaal veld, en het lokaal veld wordt betrokken bij casuïstiek waarin het een rol heeft of gaat krijgen. 3.

We ontwikkelen, zo mogelijk (boven)regionaal met uitvoerende partijen een structuur om te sturen op een effectieve, systeemgerichte en gelijktijdige samenwerking in casuïstiek HGKM met een overbrugging van de scheidingen tussen jeugd & volwassenen, zorg & veiligheid en vrijwillig & verplicht kader. MONITORING & EVALUATIE

16 juni 2021

10

1. 2 3 4

Monitoring acties uit dit verbeterplan (waaronder mate van regie, systeemgericht werken en zicht op veiligheid) Jaarlijkse uitvoering zelfscan lokaal veld ten behoeve van monitoring stand van zaken op verbeterpunten Up-to-date houden van het cafetariamodel Uitkomsten monitoring en zelfscan stapsgewijs en afhankelijk van lokale situatie verwerken in lokaal beleid en acties.

3. Regionale, integrale sturing, inclusief monitoring Totaal onderdeel 3

Totaal 1-3 uren inzet plus activiteiten

Regionale en lokale projectleiding organiseren Teamleiders/ coördinatoren; beleidsmedewerkers Beleidsmedeweker centrumtaken, lokale beleidsmedewerkers

Half-jaarlijks: Eind 2021, 2022, 2023 Continu Jaarlijks

2021

2022

2023

ureninzet activiteiten 8.000

ureninzet activiteiten 28.000

ureninzet activiteiten 28.000

2021 231.400

2022 530.375

2023 510.025

Bijlagen: 1. Checklist benodigde expertise lokaal veld 2. Eenduidige invulling kernaspecten HGKM

16 juni 2021

11

Bijlage 1: benodigde expertise in het lokaal veld Kennis, houding en vaardigheden waar alle professionals in het lokaal veld over moeten beschikken a) Zijn in staat te werken met de Meldcode Huiselijk geweld en Kindermishandeling b) Zijn in staat geweld te signaleren, inclusief specifieke geweldsvormen (onder andere seksueel geweld, schadelijke traditionele praktijken, ouderenmishandeling, ex-partnerstalking), risicofactoren en specifieke risicogroepen (onder andere ouders met GGZ-problematiek, LVB) c) Hebben toegang tot aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld en kindermishandeling d) Zijn in staat geweld te bespreken met alle betrokkenen (kinderen en volwassenen, waaronder ook ouderen) e) Zijn in staat systeemgericht te werken Kennis, houding en vaardigheden waar professionals die hulp verlenen in casuïstiek HGKM over moeten beschikken in het kader van systeemgericht werken, het voeren van casusregie en het zicht houden op veiligheid Zorg ervoor dat die professionals in de lokale (wijk)teams aan wie Veilig Thuis gezinnen/huishoudens overdraagt, beschikken over: a) basiskennis van geweldsdynamiek en risicofactoren (incl.

patroonherkenning) b) basiskennis van alle specifieke geweldsvormen (onder andere seksueel geweld, schadelijke traditionele praktijken, ouderenmishandeling), risicofactoren en specifieke risicogroepen (onder andere ouders met GGZ-problematiek, LVB) c) basiskennis op het gebied van de problematiek en risicofactoren die vaak samenhangen met huiselijk geweld en kindermishandeling, o.a. LVB-, GGZ- en verslavingsproblematiek d) mogelijkheden om GGZ-professionals te consulteren bij GGZ-, verslavings- of LVB-problematiek (bijvoorbeeld via een GGZ- of FACT-team) e) basiskennis van familie- en jeugdrecht (met name gezag en erkenning) f)

kennis van hoe de samenwerking tussen hen en Veilig Thuis verloopt en wat zij daarin van Veilig Thuis mogen verwachten

Zorg ervoor dat die professionals in de lokale (wijk)teams aan wie Veilig Thuis gezinnen/huishoudens overdraagt, in staat zijn: a) een veiligheidsbeoordeling te maken van het gezin/huishouden (dan wel: aan te sluiten bij de veiligheidsbeoordeling door Veilig Thuis) b) veiligheidsplannen op te stellen, de door Veilig Thuis geformuleerde veiligheidsvoorwaarden hierin te vertalen, en het veiligheidsplan uit te voeren c) geweld te bespreken met alle betrokkenen (kinderen en volwassenen, waaronder ook ouderen)

16 juni 2021 12

d) outreachend aan te sluiten bij gezinnen/huishoudens en te ondersteunen bij de formulering van de hulpvraag e) regie te voeren op het opstellen en uitvoeren van hulpverlenings- en herstelplannen f)

de sociale steunstructuur van het gezin/huishouden te betrekken en te ondersteunen in het zorgen voor acute veiligheid en het wegnemen van de oorzaken van onveiligheid

g) tijdig systeemgerichte (gespecialiseerde) hulpverlening in te zetten (of toe te leiden) voor alle leden van het gezin/huishouden op het gebied van de problematiek die vaak (direct of indirect) samenhangt met huiselijk geweld en kindermishandeling, o.a. LVB-, GGZ- en verslavingsproblematiek, maar ook huisvesting en inkomen h) tijdig systeemgerichte (gespecialiseerde) hulp in te zetten (of daar naar toe te leiden) voor alle leden van het gezin/huishouden, om te herstellen van de gevolgen van het geweld (bijvoorbeeld traumabehandeling) i) contact te houden met alle betrokken professionals bij het gezin/huishouden (o.a. huisarts, GGZ, school/kinderopvang, politie, verslavingszorg, vrouwenopvang, CSG, GI, RvdK, Reclassering etc.) j) gezinnen/huishoudens te ondersteunen in het voeren van regie op de uitvoering van een veiligheids-, hulpverlenings- en herstelplan (ook wel (casus)regie genoemd).

1

16 juni 2021 13

Bijlage 2: eenduidige invulling kernaspecten aanpak HGKM REGIE Regie in casuïstiek HGKM is regie op de casus én regie op het proces. Bij voorkeur worden deze niet uit elkaar gehaald maar voert één regisseur beide uit. Hierop wordt een uitzondering gemaakt als een doorbraak nodig is. Regie op de casus: Contactleggen en motivatie voor hulp genereren op een manier die passend is bij de specifieke doelgroep. Motivatie voor hulp moet blijvend worden uitgevraagd en gemonitord. Centrale contactpersoon voor cliënten, incl. grenzen stellen en ingrijpen, maar ook steunend voor cliënten. Het systeemgericht in kaart brengen van de problematiek, het maken van een risico-inschatting, het inschatten zelfredzaamheid en dat met onderliggende oorzaken samenbrengen in een integrale probleemanalyse. Coördinatie op gefaseerde ketensamenwerking: totstandkoming en uitvoering van een veiligheidsplan, hulpverleningsplan en herstelplan waarbij het plan bekend is bij en ondersteund wordt door de cliënten. Vertalen naar één simpel plan voor het gezin (‘op de koelkast’). Het toeleiden van cliënten naar zorg en ondersteuning. Periodiek evalueren van de kwaliteit en het effect van de zorg en ondersteuning, de veiligheid bewaken en ingrijpen waar nodig. Werkt hiervoor samen met zowel de cliënten als het (professionele en informele) netwerk daaromheen.

Integraal onderdeel daarvan: regie op het proces Op elkaar afstemmen van de activiteiten van ketenpartners die nodig zijn om het afgesproken resultaat te bereiken, over de grenzen van organisaties, disciplines en domeinen heen. Afspreken van navolgbare processtappen: met cliënten en met ketenpartners. Opschalen/escaleren/doorbraak realiseren als het vastloopt. Monitoren van het verloop van hulp/interventies en de samenwerking daaromtrent op vooraf afgesproken resultaten, zonder daarin beperkt te worden door vastgestelde termijnen van inzet. De basis ligt in het samen met cliënten en uitvoerende professionals opgestelde veiligheids-, hulpverlenings- en herstelplan. Dat biedt de kaders die de regisseur bewaakt.

Randvoorwaarden voor regie:

Bestuurlijk commitment aan de invulling van regie, niet alleen bij de gemeenten maar gedeeld door alle betrokken ketenpartners. Gebaseerd op een gezamenlijk doel voor de aanpak van HGKM dat de

16 juni 2021 14

     

positionering van de regisseur als centrale persoon in de hulpverlening in een casus faciliteert; en dat leidt tot bereidheid bij partners om samen te werken met de regisseur, los van formeel mandaat en zeggenschap. Een competentieprofiel (regie voeren vereist specifieke kennis en competenties). Voldoende tijd voor de regisseur. Continuïteit: een regisseur is langdurig betrokken (zo lang de casus daar om vraagt) en regie is niet persoonsafhankelijk (een gelijke invulling van regie binnen het lokaal veld en in de regio draagt daar aan bij). Duidelijkheid over welk soort casuïstiek regie noodzakelijk is. Samenwerkingsafspraken, incl. afspraken over informatie-uitwisseling. Mandaat om snel en rechtstreeks benodigde hulpverlening in te kunnen zetten, binnen daaraan te stellen nadere kaders.

SYSTEEMGERICHT WERKEN Definitie De aanpak is gericht op alle leden van het (gezins-)systeem (dat hoeft niet zozeer in aanwezigheid van alle leden (bijvoorbeeld als iemand niet mee werkt), maar wel met inachtneming van alle leden (oog hebben voor iedereen). De aanpak is gericht op de interactie (relatiedynamiek en onderliggende patronen) en wederkerigheid tussen deze personen en op de wisselwerking tussen beïnvloedbare individuele factoren en omgevingsfactoren. Bij het opstellen van een systeemgericht plan wordt bij ieder doel de vraag gesteld welk effect het behalen daarvan zal sorteren op de mate van veiligheid binnen het systeem/de gezinsrelaties (3 soorten resultaten passend bij de 3 fasen). Hulpvragen en daaraan gekoppelde trajecten worden met elkaar verbonden en op elkaar afgestemd vanaf de analysefase tot en met de nazorg.

Randvoorwaarden voor systeemgericht werken:  Een gezamenlijk en gedragen veiligheidsplan, hulpverleningsplan en herstelplan (en dus: eenzelfde format daarvoor).  Informatie-uitwisseling met daarbij aandacht voor doelbinding en voor welke informatie in dat kader gedeeld moet worden en waarom. De directbetrokkenen moeten daar in worden meegenomen, waarbij het belangrijk is om in eerste instantie via een meervoudig partijdige houding te werken aan een gedeeld plan, en vervolgens uit te werken waarom welke informatie in dat kader gedeeld moet worden. Als directbetrokkenen niet meewerken aan informatiedelen, moet worden onderzocht wat nodig is om te delen in geval van onveiligheid.  Eén centrale regisseur die gedurende het gehele traject van probleemanalyse tot en met nazorg betrokken is (zie definitie regie) en duidelijke afspraken over wie deze regierol vervult.  Het wegnemen van financiële drempels voor integraal werken.  Om hulp goed (en verschillende trajecten gelijktijdig) op elkaar te kunnen laten aansluiten is het nodig om snel de juiste hulp in te kunnen zetten, zonder wachtlijsten.

16 juni 2021 15

Een gedeelde focus bij alle uitvoerend professionals op het systeem (en dus niet primair jeugd of volwassenen, primair vrijwillig of gedwongen kader), ongeacht de eigen (wettelijke) taak, hetgeen zich uit in gelijktijdig samen aan de casus werken en gezamenlijk leren. Partijen die als primaire taak de focus op één lid van het systeem hebben (zoals reclassering, GGZ, jeugdbescherming) krijgen en nemen een rol als onderdeel van het gehele plan. De regisseur ziet daarop toe.

16 juni 2021 16

ZICHT OP VEILIGHEID Veiligheid volgens Vogtländer & Van Arum (naar Turnell): De aanwezigheid van krachten die hebben laten zien voldoende en gedurende langere tijd te beschermen tegen het gevaar. Het gevaar bestaat uit de feitelijke onveilige gebeurtenissen die zich hebben voorgedaan en waarover zorg is dat ze zich herhalen. o Directe veiligheid: veiligheid op de korte termijn; geweld stoppen en slachtoffers beschermen. o Stabiele veiligheid: veiligheid op de lange termijn; als betrokken partijen met elkaar, met tussenpozen, meerdere malen oordelen dat de veiligheid in het systeem goed genoeg is.

Definitie Risico-inschatting: de veiligheidsrisico’s en ontwikkelingsbedreigingen worden voor alle betrokkenen aantoonbaar en tijdig ingeschat. De veiligheidsinschatting is gemaakt op basis van de volledige problematiek/hulpvraag. Risico-inschatting vindt niet één keer plaats, maar wordt periodiek herhaald en heeft een plek in elke fase van de gefaseerde ketensamenwerking. Naast aandacht voor fysieke veiligheid is er ook aandacht voor emotionele veiligheid. Er wordt hierbij gekeken naar het hele systeem, jeugd en volwassenen. Passende maatregelen: de professional bewaakt of de directe veiligheid wordt gerealiseerd en neemt passende maatregelen als hier onvoldoende zicht op is of wanneer dit onvoldoende gebeurt. Bij situaties van zorgmijding of afhaken van het hulpverleningsproces wordt door de professional afgewogen welke maatregelen ingezet moeten worden om de veiligheid te kunnen waarborgen, waar nodig via escalatie. Veiligheidsplan: er is door betrokken partijen gezamenlijk, en samen met cliënten en hun sociaal netwerk, een veiligheidsplan opgesteld dat voldoet aan de eisen in het handelingsprotocol van Veilig Thuis en voor cliënten duidelijk en haalbaar is (het ‘goed genoeg’ uit de definitie hierboven is daar concreet in gemaakt). Hierin is met duidelijke afspraken vastgelegd wie waarvoor verantwoordelijk is en wanneer aan wie gerapporteerd wordt.

Alle betrokken partijen onderschrijven het plan en de casusregisseur bewaakt de uitvoering. Er zijn afspraken met professionals en/of het sociale netwerk om zicht te houden op de veiligheid. De doelen in het veiligheidsplan zijn geprioriteerd. Zorg & ondersteuning: tijdens de evaluatie van de zorg en ondersteuning wordt op een gestandaardiseerde wijze vastgesteld of de veiligheidsrisico’s verminderd of beperkt zijn en of er sprake is van directe veiligheid. Daarbij wordt input van andere professionals en het netwerk afgewogen en proactief verzameld. Monitoren van veiligheid: gedurende de hulp aan onveilige huishoudens wordt doorlopend toezicht gehouden op de actuele veiligheid en op de effecten van de hulp. Dit zet zich voor tijdens de nazorg na afronding van de hulp.

16 juni 2021 17

Randvoorwaarden voor zicht op veiligheid:  Eenzelfde, systeemgericht begrip van het concept ‘veiligheid’ in relatie tot HGKM.  Een eenduidig instrumentarium voor het meten van veiligheid in systemen waarin sprake is van HGKM, gebaseerd op begrip van wat de op dit moment gehanteerde instrumenten meten.  Informatie-uitwisseling.  Een systeemgerichte aanpak waarbij betrokken partijen gezamenlijk aan hetzelfde doel en plan werken en een casusregisseur die de veiligheid bewaakt (zie definitie regie).  Actieve screening op veiligheid als onderdeel van nazorg na afronding van hulp in goede samenwerking tussen Veilig Thuis en het lokaal veld.  Een werkwijze voor het in onderling overleg bepalen van wat ‘goed genoeg’ is vanuit zowel het perspectief van jeugd als van volwassenen.

16 juni 2021 18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10778359/1