CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

09 Vaststelling bestemmingsplan Fazantenlaan Oostvoorne besluit

Commissie GG & Milieu 5 september 2022, gemeente WestvoorneBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Fazantenlaan Oostvoorne13.398 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het is aan de aanvrager van de omgevingsvergunning om in dat aan te tonen dat er voorzien wordt in voldoende parkeerbehoefte. Om dit te borgen, kent het bestemmingsplan artikel 12, lid 1. Hiermee is voldoende geborgd dat er voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd zullen worden. In de planregels wordt het parkeren mogelijk gemaakt binnen Wonen, Verkeer en Tuin. Uit de voorlopige ontwerpen die tot nu toe beschikbaar zijn, is gebleken dat er (ook bij maximale invulling met 71 woningen) voldoende ruimte is om het benodigde aantal parkeerplaatsen op passende wijze te realiseren. Overigens is de parkeerbalans in het ontwerp-bestemmingsplan nog gebaseerd op het aantal van 76 nieuwe woningen waar eerder sprake van was. Gelet op de regels van het ontwerp-bestemmingsplan, kunnen er maximaal 71 woningen gerealiseerd worden. Om die reden is de parkeerbalans in paragraaf 4.11 bijgesteld. r. Bij het bepalen of er bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voldoende parkeerplaatsen in het plan zijn opgenomen conform artikel 12 lid 1, worden de private parkeerplaatsen (op de woonkavels) conform het gemeentelijk parkeerbeleid meegeteld. Dit is naar aanleiding van deze zienswijze ook in de verkeersparagraaf benoemd. Communicatie gemeente(-raad) s. Het is aan de initiatiefnemer en gemeente om de omgeving op de hoogte te stellen van de ontwikkelingen.

Initiatiefnemer heeft via bewonersbrieven, zowel per post als per mail, belangrijke informatie gecommuniceerd. Ook zijn er per mail tussentijdse updates gedeeld aan alle aanwonenden die eerder per mail contact hebben opgenomen. Eind april hebben alle direct aanwonenden van het plangebied een uitnodiging ontvangen voor een persoonlijk gesprek waarin het plan toegelicht werd en vragen zijn beantwoord. Dit gesprek heeft met het overgrote deel van de direct aanwonenden plaatsgevonden. Verder heeft de initiatiefnemer websites opgezet met informatie over het project: https://fazantenlaan.gebiedsmanagers.nl/ en https://www.zwaluwhofoostvoorne.nl/. Daarnaast heeft de gemeente met de publicatie van het voorontwerpen ontwerpbestemmingsplan ook een bijdrage aan de communicatie geleverd. Gelet op bovenstaande, is de gemeenteraad van mening dat er in het kader van het bestemmingsplan en de ontwikkeling voldoende mogelijkheden zijn geboden om informatie over het plan in te winnen en vragen en reacties daarop kenbaar te maken. t. Het is de gemeenteraad op basis van de zienswijze niet duidelijk waarom en met welk doel een oplegnotitie benodigd zou zijn. Gelet op de motivering in de toelichting van

het bestemmingsplan en de aanvullingen die daar aan gedaan zijn gelet op de beantwoording uit deze Nota van zienswijzen, is de gemeenteraad van mening van het plan voldoende en duidelijk is onderbouwd. u. Gelet op de beantwoording onder t, is de gemeenteraad van mening dat bij dit bestemmingsplan voldoende mogelijkheden zijn geboden om informatie over het plan in te winnen en vragen en reacties daarop kenbaar te maken. Water v. De beoordeling van de waterparagraaf heeft plaatsgevonden door het waterschap. Gelet op hun zienswijze (opgenomen als zienswijze 25 in deze Nota) is deze paragraaf op onderdelen aangevuld. Wel wordt gewezen op het feit dat het bestemmingsplan enkel de ruimtelijk relevante zaken regelt, terwijl de technische uitwerking van het watersysteem, separaat via watervergunningen wordt beoordeeld. In dat verband kan wel worden aangegeven dat voor de benodigde watervergunning een afzonderlijk ‘waterhuishoudkundig plan is opgesteld’. Dit is in nauwe samenwerking tussen de gemeente, initiatiefnemer en Waterschap Hollandse Delta tot stand gekomen. Het complete watersysteem zoals uitgewerkt, is hydraulisch doorgerekend door het waterschap en daaruit blijkt dat het systeem voldoet om goed waterbeheer toe te kunnen passen. Het waterhuishoudkundig plan wordt nog op onderdelen afgerond en is om die reden nog niet integraal bij het bestemmingsplan op te nemen.

Dit maakt ook dat de watervergunning nog moet worden aangevraagd, wat voor dit stadium niet ongebruikelijk is. Het watersysteem en de toe te passen maatregelen worden dan formeel getoetst. Ten opzichte van het ontwerp-bestemmingsplan is aan de toelichting van het bestemmingsplan wel een beschrijving op hoofdlijnen toegevoegd van het watersysteem. w. Zoals uit de beantwoording van punt v blijkt, is er een waterhuishoudkundig plan opgesteld, waarbij ook het waterschap betrokken is. Het daarin uitgewerkte watersysteem is door het waterschap Hollandse Delta doorgerekend. Daaruit blijkt dat het systeem voldoet om goed waterbeheer toe te kunnen passen. De waterparagraaf is aangevuld met een beschrijving op hoofdlijnen daarvan. x. Voor dit punt wordt verwezen naar de beantwoording onder punt v en w. De formele toetsing van dit aspect vindt verder plaats in het kader van de aanvraag, toetsing en verlening van de benodigde watervergunning voor het project.

Conclusie Gelet op de beantwoording leidt de zienswijze tot wijziging van het bestemmingsplan: - de beleidstoets is aangevuld, om de samenhang met het plan Patrijzenlaan ten aanzien van het woningbouwprogramma te duiden; - de verkeersparagraaf is aangevuld om de samenhang met het plan Patrijzenlaan en het meetellen van parkeren op eigen terrein te duiden en is aangepast met een berekende verkeersgeneratie en parkeerbalans op basis van maximaal 71 woningen; - de ecologieparagraaf is aangevuld met de conclusies uit de laatste onderzoeken die in het kader van de benodigde ontheffingsaanvraag (van de Wet natuurbescherming) zijn uitgevoerd; - de bijlagen bij de toelichting zijn aangevuld met de laatste onderzoeken die in het kader van de benodigde ontheffingsaanvraag (van de Wet natuurbescherming) zijn uitgevoerd. - De waterparagraaf is aangevuld met een beschrijving op hoofdlijnen van het watersysteem, waarvoor eveneens een bijlage aan de toelichting van het bestemmingsplan is toegevoegd met nadere informatie over dat punt.

Reclamant 8 t/m 13, zienswijzen allen ontvangen op 21 februari 2022 Zienswijze Deze 6 separate zienswijzen zijn allen identiek aan de zienswijze die als zienswijze 6 is behandeld. Beantwoording De beantwoording als opgenomen bij zienswijze 6 is eveneens van toepassing op zienswijzen 8 t/m 13. Conclusie Gelet op de beantwoording leidt de zienswijze tot wijziging van het bestemmingsplan: - de verkeersparagraaf is aangevuld om de samenhang met het plan Patrijzenlaan te duiden. - De waterparagraaf is aangevuld met een beschrijving op hoofdlijnen van het watersysteem, waarvoor eveneens een bijlage aan de toelichting van het bestemmingsplan is toegevoegd met nadere informatie over dat punt. Reclamant 14 t/m 19, zienswijzen allen ontvangen op 21 februari 2022 Zienswijze Deze 6 separate zienswijzen zijn allen identiek aan de zienswijze die als zienswijze 7 is behandeld. Beantwoording De beantwoording als opgenomen bij zienswijze 7 is eveneens van toepassing op zienswijzen 14 t/m 19.

Conclusie Gelet op de beantwoording leidt de zienswijze tot wijziging van het bestemmingsplan: - de beleidstoets is aangevuld, om de samenhang met het plan Patrijzenlaan ten aanzien van het woningbouwprogramma te duiden; - de verkeersparagraaf is aangevuld om de samenhang met het plan Patrijzenlaan en het meetellen van parkeren op eigen terrein te duiden en is aangepast met een berekende verkeersgeneratie en parkeerbalans op basis van maximaal 71 woningen; - de ecologieparagraaf is aangevuld met de conclusies uit de laatste onderzoeken die in het kader van de benodigde ontheffingsaanvraag (van de Wet natuurbescherming) zijn uitgevoerd; - de bijlagen bij de toelichting zijn aangevuld met de laatste onderzoeken die in het kader van de benodigde ontheffingsaanvraag (van de Wet natuurbescherming) zijn uitgevoerd. - De waterparagraaf is aangevuld met een beschrijving op hoofdlijnen van het watersysteem, waarvoor eveneens een bijlage aan de toelichting van het bestemmingsplan is toegevoegd met nadere informatie over dat punt. Reclamant zienswijzen 20 t/m 22 allen ontvangen op 21 februari 2022 Zienswijze Deze 3 separate zienswijzen zijn allen identiek aan de zienswijze die als zienswijze 6 en 7 zijn behandeld. Beantwoording

De beantwoording als opgenomen bij zienswijze 6 en 7 zijn eveneens van toepassing op zienswijzen 20 t/m 22. Conclusie Gelet op de beantwoording leidt de zienswijze tot wijziging van het bestemmingsplan: - de beleidstoets is aangevuld, om de samenhang met het plan Patrijzenlaan ten aanzien van het woningbouwprogramma te duiden; - de verkeersparagraaf is aangevuld om de samenhang met het plan Patrijzenlaan en het meetellen van parkeren op eigen terrein te duiden en is aangepast met een berekende verkeersgeneratie en parkeerbalans op basis van maximaal 71 woningen; - de ecologieparagraaf is aangevuld met de conclusies uit de laatste onderzoeken die in het kader van de benodigde ontheffingsaanvraag (van de Wet natuurbescherming) zijn uitgevoerd; - de bijlagen bij de toelichting zijn aangevuld met de laatste onderzoeken die in het kader van de benodigde ontheffingsaanvraag (van de Wet natuurbescherming) zijn uitgevoerd. - De waterparagraaf is aangevuld met een beschrijving op hoofdlijnen van het watersysteem, waarvoor eveneens een bijlage aan de toelichting van het bestemmingsplan is toegevoegd met nadere informatie over dat punt.

Reclamant 23, zienswijze ontvangen op 21 februari 2022 Zienswijze a. Reclamant merkt op dat sprake is van een vermindering van het maximumaantal woningen van 76 naar 71. Opvallen daarbij is dat de afname ten koste gaat van de woningen voor lagere inkomens. Reclamant vraagt zich af of deze wijziging nog wel in overeenstemming is met het beleid om nieuwbouw in overeenstemming te laten zijn met de lokale vraag en de bevolkingsopbouw. Reclamant merkt daarbij op dat in een bestemmingsplan niet kan worden vastgelegd of de te bouwen woningen in particulier bezit komen of verhuurd worden. Het kan dus zijn dat alle woningen verkocht worden en er geen enkele huurwoning wordt toegevoegd. Het bestemmingsplan zou in een nadere motivering op dit punt moeten voorzien. b. Door reclamant word opgemerkt dat in het kader van een goede ruimtelijke onderbouwing en het onderzoeken of er wel gebouwd wordt conform de behoefte en de Woonvisie, de met de initiatiefnemer gemaakte afspraken nader geopenbaard moeten worden. c. Volgens reclamant zouden de woningtype indeling zoals opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd moeten worden. Zo zou sprake kunnen zijn van een betere verdeling van verkeerstoename in het plangebied. d. Reclamant geeft aan dat ten noorden van reclamant het bestemmingsplan Patrijzenlaan in procedure is.

Bij de vaststelling zouden de ontwikkelingen samengenomen moeten worden voor een juiste beoordeling van de verkeersafwikkeling. e. Tevens geeft reclamant aan dat men zich zorgen maakt over de mogelijkheid dat er een nieuwe ontsluitingsweg gerealiseerd worden vanuit het plangebied richting het westen langs het perceel van reclamant. f. Reclamant merkt op dat sprake is van een tekort aan parkeerplaatsen en het bestemmingsplan daarom in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. g. In het stedenbouwkundig plan zijn parkeerplaatsen ingetekend achter het huis van reclamant aan de Patrijzenlaan 61. Reclamant vraagt om op de verbeelding de bestemming ‘Groen’ op te nemen, waar nu ‘Verkeer’ is opgenomen, ter plaatse van de geprojecteerde parkeerplaatsen in het stedenbouwkundig plan. h. Verzocht wordt om een maximale oppervlakte of inhoud van de te realiseren woningen op te nemen in het bestemmingsplan. Daarnaast wordt verzocht om de bepaling voor dakopbouwen in artikel 7.2.1, onder e, (over de volle breedte van het dak) te laten vervallen. i. Reclamant verzoekt de gemeente om de definitie dan wel de nadere voorwaarden van een beroepsmatige activiteit of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit aan te passen in die zin dat minder grote en/of overlast gevende beroepen of bedrijven mogelijk zijn. j.

Reclamant merkt op dat het bestemmingsplan nog geen enkele zekerheid biedt over hoe ter plaatse van het perceel van de reclamant de erfgrens ingevuld wordt. Reclamant verzoekt de gemeente hierover om duidelijkheid. k. Reclamant verzoekt de gemeente om ter plaatse van de erfgrens van zijn perceel de bestemming te wijzigen van Verkeer naar Groen of Water en daaraan de toezegging te koppelen dat die bestemming ook daadwerkelijk zal worden verwezenlijkt. l. Reclamant merkt op dat er twijfel is over de juistheid van de ecologische toelichting op het bestemmingsplan er dient nader onderzoek te worden uitgevoerd waaruit kan blijken dat de bomensingel behouden moet blijven. Dit heeft gevolgen voor het voorliggende bestemmingsplan. De stelling dat het bestemmingsplan kan worden vastgesteld zonder dat duidelijk is of er een WNB-ontheffing noodzakelijk is wordt bestreden. m. Er moet, voor vaststelling van de plannen ‘Patrijzenlaan’ en ‘Fazantenlaan’, duidelijkheid komen of het gepresenteerde watersysteem voldoet. Reclamant stelt dat de droge waterberging niet als compensatie kan dienen. Beantwoording

a. Waar het de woningtypen en prijsklassen betreft, ziet de gemeente het plan Fazantenlaan en het naastgelegen plan Patrijzenlaan, waarvoor het bestemmingsplan parallel wordt voorbereid, als één gebiedsontwikkeling. Het woningbouwprogramma van beide plannen samen vormt een gedifferentieerd aanbod in woningtypen en prijsklassen. Het is om praktische redenen geweest dat voor beide ontwikkelingen een afzonderlijk bestemmingsplan is opgesteld. Het plan Patrijzenlaan omvat daardoor uitsluitend sociale huurwoningen, waar het plan Fazantenlaan uitsluitend woningen uit het middeldure en dure segment omvat. Het laten vallen van 5 woningen uit het plan Fazantenlaan tussen de voorontwerp- en ontwerpfase, had te maken met de vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming (stikstofdepositie) en het creëren van meer ruimte voor groen en water binnen het plan. Met deze aanpassing, zijn verschillende typen woningen komen te vervallen. Van het goedkope segment (d.w.z. tot € 250.000,-) is er met deze aanpassing 1 woning komen te vervallen. Parallel aan dit plan, wordt tevens het naastgelegen plan Patrijzenlaan voorbereid waarin 42 sociale huurwoningen worden gerealiseerd. Ook met de wijzigingen die tijdens de voorbereiding van het plan Fazantenlaan aan het woningbouwprogramma zijn doorgevoerd, blijft er sprake van een voldoende, divers aanbod aan woningtypen en prijsklassen.

Ten opzichte van het ontwerp-bestemmingsplan is de samenhang tussen beide plannen en de daarin opgenomen woningbouwprogramma’s nader omschreven. b. Het bestemmingsplan heeft ‘slechts’ tot doel de uitvoerbaarheid van het plan aan te tonen. Met betrekking tot dit specifieke punt, is om die reden in het bestemmingsplan inzichtelijk gemaakt dat de 71 beoogde woningen passen binnen de behoefte uit de Woonvisie en de regionale woningbouwafspraken. Hiermee is de uitvoerbaarheid op dit punt aangetoond. De borging tussen gemeente en initiatiefnemer over het specifieke woningbouwprogramma en de verdeling van woningtypen en prijsklassen binnen dit project, vindt plaats in onderlinge overeenkomsten. Op 24 november 2021 heeft de gemeenteraad de concept-exploitatieovereenkomst behandeld, die nadien ook is ondertekend. Daarmee is ook het stedenbouwkundig plan – met als onderdeel daarvan de woningtypen en -verdeling - vastgelegd dat binnen de kaders van dit bestemmingsplan wordt gerealiseerd. Met het aantonen van de behoefte in het bestemmingsplan en het borgen van het stedenbouwkundig plan in de onderlinge overeenkomst met de initiatiefnemer, ziet de gemeente geen aanleiding het bestemmingsplan op dit punt verder aan te vullen. c. De gemeente verwacht geen knelpunten op het gebied van verkeer, zowel binnen als buiten het plangebied.

Dit blijkt ook uit de verkeersparagraaf in het bestemmingsplan, die overigens (mede naar aanleiding van punt d en anderen zienswijzen) nog nader is aangevuld. De veronderstelling dat in dit verband de woningtypenverdeling binnen het plangebied aangepast zou moeten worden, deelt de gemeente niet. d. In de verkeersparagraaf wordt inderdaad niet ingegaan op het extra verkeer als gevolg van de ontwikkeling Patrijzenlaan, waarvoor de planologische procedure gelijktijdig loopt met het bestemmingsplan Fazantenlaan. Gelet hierop, en gelet op de samenhang in verkeerseffecten die van deze beide plannen verwacht kan worden, is de verkeersparagraaf aangepast. Er is een beter totaalbeeld gegeven van beide ontwikkelingen samen en de effecten daarvan op de bestaande wegenstructuur e. Vanuit het plan Fazantenlaan, is een langzaam verkeersroute / calamiteitenroute gepland die aansluit op de nieuwbouw van het plan Patrijzenlaan. Dit is meer noordelijk dan langs het perceel van reclamant. Gelet op de bestemmingen die zich langs het perceel van reclamant bevinden, is een doorgaande verkeersverbinding bovendien niet mogelijk waar het gaat om autoverkeer. Daarbij is gekeken naar (de combinatie van) dit nieuwe bestemmingsplan, de huidige bestemmingsplannen en het plan Patrijzenlaan waarvan de vaststelling parallel aan het plan Fazantenlaan wordt voorbereid. f.

Met artikel 12 van de planregels van het bestemmingsplan is geborgd dat bij de bouw van de woningen ook voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd dienen te worden, op

basis van de dan geldende beleidsregel. Op grond daarvan kan enkel een omgevingsvergunning worden afgegeven als ook inzichtelijk is dat er voldoende parkeervoorzieningen gerealiseerd worden en waar. De verkeersparagraaf ging in dit geval nog uit van 76 woningen, waar het bestemmingsplan eerder op gericht was. Deze is aangepast naar een parkeerbalans op basis van de nu beoogde, en maximaal toegestane, 71 woningen. Uit de tekeningen van de initiatiefnemer die bij het tot stand komen van het bestemmingplan zijn beoordeeld, is gebleken dat er voldoende ruimte is om de benodigde parkeerplaatsen te realiseren en zodoende aan Artikel 12 te voldoen. De haalbaarheid van het plan is daarmee op dit punt voldoende aangetoond. g. Gelet op het benodigde aantal parkeerplaatsen binnen het plangebied voor de nieuwe woningen, is het niet mogelijk deze strook om te zetten in Groen. h. De gemeente Westvoorne hanteert een vaste systematiek bij de woonbestemming die zij in haar bestemmingsplannen zo uniform mogelijk toepast. Voor de vrijstaande woningen betekent dit dat er een maximum oppervlakte is vastgelegd zoals verzocht door reclamant. Voor de overige woningtypen is een maximumdiepte vastgelegd.

Samen met andere voorgeschreven maatvoeringen zoals afstand tot perceelsgrenzen, maximum bebouwingspercentage voor het zij- en achtererf en maximum goot- en bouwhoogten, zijn de bebouwingsmogelijkheden voldoende ingekaderd. De gemeente ziet geen aanleiding hier nadere regels voor op te nemen. Dit laatste geldt eveneens voor de mogelijkheden voor een dakopbouwen, die in overeenstemming is met de mogelijkheden voor dakopbouwen elders in de gemeente. i. Ook de mogelijkheden voor beroep- en bedrijf aan huis en de daaraan verbonden voorwaarden, zijn overeenkomstig de systematiek die de gemeente Westvoorne hanteert bij de woonbestemming. De mogelijkheden die geboden worden, zijn in overeenstemming met de mogelijkheden die elders in de gemeente van toepassing zijn. De gemeente ziet geen specifieke aanleiding, waarom voor de hier beoogde nieuwe woningen een afwijkende regeling zou moeten gelden. j. Op basis van het bestemmingsplan is te herleiden dat naast het erf van reclamant de bestemmingen Groen, Water en Verkeer voorkomen. Deze zijn al vrij gedetailleerd ingetekend, waarmee ook de wijze van inrichting al redelijk duidelijk is. Dat neemt niet weg dat reclamant gelijk heeft waar het de opmerking betreft dat niet vast staat hoe de erfgrens bij zijn perceel ingevuld wordt. Hierover treedt initiatiefnemer met reclamant in overleg om gezamenlijk tot een passende inrichting te komen. k.

In lijn met de beantwoording onder punt g, is geen aanpassing gedaan aan de bestemming Verkeer ter plaatse. l. De gemeente en initiatiefnemer hebben in het kader van het bestemmingsplan uitvoerig ecologisch onderzoek uit laten voeren. Bij deze onderzoeken is het gebruikelijk dat de conclusie van een onderzoek, vervolgens aanleiding geven tot meer specifiek vervolgonderzoek. De onderzoeken die op het moment van publicatie van het ontwerp-bestemmingsplan beschikbaar waren, leidden inderdaad nog niet tot een sluitende conclusie over de haalbaarheid van het plan. Op dat moment vonden er immers nog vervolgonderzoeken plaats. Inmiddels is deze onderzoeksopgave afgerond en is de haalbaarheid van het plan en van de benodigde ontheffing van de Wet natuurbescherming voldoende in beeld gebracht. Het bevoegd gezag voor deze ontheffingsaanvraag is de Omgevingsdienst Haaglanden, die de ontheffingsaanvraag momenteel in behandeling heeft en wat een separate procedure betreft. Met deze instantie heeft afstemming plaatsgevonden bij het afronden van de onderzoeken, onder meer in de vorm van een veldbezoek om specifieke vragen c.q. aandachtspunten met ze te bespreken. De ecologieparagraaf van het bestemmingsplan is om die reden aangevuld met de meest actuele conclusies en de onderzoeksrapporten die niet eerder beschikbaar waren, zijn als bijlagen aan het bestemmingsplan toegevoegd. m.

De uitwerking van het watersysteem heeft plaatsgevonden in nauwe samenwerking tussen de gemeente, initiatiefnemer en Waterschap Hollandse Delta. Dit is beschreven in het waterhuishoudkundig plan. Het complete watersysteem zoals uitgewerkt is

hydraulisch doorgerekend door het waterschap en daaruit blijkt dat het systeem voldoet om goed waterbeheer toe te kunnen passen. Het waterhuishoudkundig plan wordt nog op onderdelen afgerond en is om die reden nog niet integraal bij het bestemmingsplan op te nemen. Dit maakt ook dat de watervergunning nog moet worden aangevraagd, wat overigens niet ongebruikelijk is. Het watersysteem en de toe te passen maatregelen worden dan formeel getoetst. Ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan is aan de toelichting van het bestemmingsplan wel een beschrijving op hoofdlijnen toegevoegd van het watersysteem. Specifiek met betrekking tot het punt van de droge waterberging, geldt dat dit op verzoek van Waterschap Hollandse Delta is gedaan. In dit gebied maakt een droge berging het gebied robuuster dan een vijverpartij. Bij piekbuien wordt de droge berging ingezet om water te bergen.

Conclusie Gelet op de beantwoording leidt de zienswijze tot wijziging van het bestemmingsplan: - de beleidstoets is aangevuld, om de samenhang met het plan Patrijzenlaan ten aanzien van het woningbouwprogramma te duiden; - de verkeersparagraaf is aangevuld om de samenhang met het plan Patrijzenlaan te duiden en is aangepast met een parkeerbalans op basis van maximaal 71 woningen; - de ecologieparagraaf is aangevuld met de conclusies uit de laatste onderzoeken die in het kader van de benodigde ontheffingsaanvraag (van de Wet natuurbescherming) zijn uitgevoerd; - de bijlagen bij de toelichting zijn aangevuld met de laatste onderzoeken die in het kader van de benodigde ontheffingsaanvraag (van de Wet natuurbescherming) zijn uitgevoerd. - De waterparagraaf is aangevuld met een beschrijving op hoofdlijnen van het watersysteem, waarvoor eveneens een bijlage aan de toelichting van het bestemmingsplan is toegevoegd met nadere informatie over dat punt.

Reclamant 24, zienswijze ontvangen op 15 februari 2022 (Havenbedrijf Rotterdam N.V.) Zienswijze a. In het hogere waardenbesluit ontbreekt een kaartbeeld waaruit duidelijk wordt voor welke woningen precies de hogere waarden verleend worden. Het havenbedrijf verzoekt dit toe te voegen aan het definitieve besluit. b. De gebiedsaanduiding 'geluidzone - industrie' is opgenomen op de verbeelding. Reclamant merkt op dat hier geen planregel aan verbonden is en verzoekt de volgende plan regel op te nemen en te koppelen aan deze aanduiding: 'De bouw van geluidgevoelige objecten binnen de aangegeven gebiedsaanduiding 'GeluidzoneIndustrie' is uitsluitend toegestaan indien voldaan kan worden aan de in de Wetgeluidhinder gestelde normen of de verleende hogere waarden.’ c. Uit de stukken blijkt dat de geluidwering wordt afgestemd op de gecumuleerde geluidbelasting. Reclamant verzoekt aan te geven per (groep van) woning(en) hoe hoog de gecumuleerde geluidbelasting is. Beantwoording a. Het is niet noodzakelijk een kaartbeeld mee te geven. Het hogere waardenbesluit wordt genomen voor alle 71 woningen in het plangebied. Het definitieve besluit behoeft geen aanpassing. b. Het klopt dat geen planregel verbonden is aan de aanduiding ‘geluidszone – industrie’. De voorliggende bepaling wordt al jaren op deze manier, en altijd zonder opmerkingen, opgenomen.

De gemeente heeft daarom de voorkeur om de opgenomen bepaling gelijk te houden aan onze andere bestemmingsplan. Het is wat de gemeente betreft dan ook niet nodig om het bedoelde verbod (op geluidgevoelige objecten) op te nemen. Het bestemmingsplan staat immers enkel woningen toe binnen de bouwvlakken waar akoestisch onderzoek naar is gedaan. Daarnaast kent het bestemmingsplan een bepaling dat maximaal 42 woningen mogen worden gebouwd, waarmee aangesloten wordt bij het hogere waardenbesluit. Dit maakt dat het bestemmingsplan geen andere geluidsgevoelige objecten mogelijk maakt, waar het door het Havenbedrijf bedoelde verbod betrekking op zou hebben. Aanpassing van het bestemmingsplan is om die reden niet nodig. c. Paragraaf 4.4. van het akoestisch onderzoek gaat op dit onderwerp in. De conclusie is dat het merendeel van de woningen kan volstaan met de minimaal vereiste geluidwering van 20 dB om aan de vereiste binnenwaarde uit het Bouwbesluit 2012 van 33 dB te voldoen. Voor de woningen waarvoor extra geluidisolatie benodigd is, is een gecumuleerde geluidbelasting van 57 dB berekend op de rand van het bouwvlak. Overigens is bij het nalezen van paragraaf 4.4. gebleken dat in tabel 4.1. per abuis twee maal drie woningen genoemd worden, waar uitsluitend sprake is van drie woningen met een gecumuleerde geluidbelasting in de categorie 55-60 dB.

Verder wordt in deze paragraaf, onder tabel 4.1, gesproken over een viertal woningen, waar van een drietal woningen gesproken moet worden. Deze twee punten zijn tekstueel aangepast in het onderzoek. Conclusie Gelet op de beantwoording leidt de zienswijze tot een wijziging van het bestemmingsplan: - In het akoestisch onderzoek zijn tabel 4.1 en paragraaf 4.4 aangepast zodat deze betrekking hebben op drie woningen.

Reclamant 25, vooroverlegreactie ontvangen op 25 januari 2022 (Waterschap Hollandse Delta) Zienswijze a. In de toelichting is het Waterbeheerprogramma (WBP) (2016-2021) opgenomen. Inmiddels is het ‘waterbeheerplan 2022-2027’ vastgesteld. Het waterschap verzoekt het nieuwe waterbeheerplan in de stukken te verwerken. b. In de tekst bij waterkwantiteit staat een berekening met betrekking tot de watercompensatie van 2 aparte bouwplannen ‘Fazantenlaan’ en ‘Patrijzenlaan’. Deze hoeveelheden zullen in details met watervergunning(en) vastgelegd moeten worden. Dat wil zeggen dat in de beide aanvragen watervergunning naar de beide projecten verwezen moet worden. Ook zal dit vastgelegd moeten worden in de waterbank, zolang de beide aanvragen nog niet zijn afgerond. c. Het waterschap geeft daarnaast een aantal adviezen en wijst op een aantal verantwoordelijkheden voor de initiatiefnemer, onder andere met betrekking tot de inrichting en werken waarvoor een vergunnings- of meldingsplicht geldt. Beantwoording a. Het klopt dat in het ontwerpbestemmingsplan nog abusievelijk werd gesproken over het Waterbeheerprogramma (WBP)(2016-2021). In de plantoelichting van het definitieve bestemmingsplan wordt alsnog ingegaan op het actuele Waterbeheerplan. b. De gemeente zal erop toezien dat dit gebeurt en dit ook communiceren met de initiatiefnemers van beide projecten. c.

De gemeente communiceert deze adviezen en verantwoordelijkheden met de initiatiefnemer, zodat deze hier tijdens de uitvoering van het plan rekening mee kan houden. Conclusie Gelet op de beantwoording leidt de zienswijze tot een wijziging van het bestemmingsplan: - de waterparagraaf in het bestemmingsplan is aangepast.

Ambtshalve wijziging Naast de wijzigingen naar aanleiding van ingediende zienswijzen, is tevens onderstaande ambtshalve wijziging in het plan doorgevoerd: - de toegestane goothoogte voor erfbebouwing (geen overkapping zijnde), geregeld in art. 7.2.1 onder h, is gewijzigd van 3 m in 3,3 m. Redenen om hiermee in te stemmen zijn de beperkte omvang van deze wijziging (30 cm), het feit dat de toegestane bouwhoogte voor deze erfbebouwing 5 m bedraagt en daarmee ruimtelijk meer bepalend is dan de extra 30 cm aan toegestane goothoogte en het feit dat deze ruimere maatvoering anders achteraf ook toegestaan had kunnen worden via artikel 11.1 onder b, welke extra procedure nu voorkomen wordt met deze ambtshalve wijziging.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11757899/2