06 Voorontwerp Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma bijlage 1
Tekst van het document
Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma
Datum Status
20 mei 2022 Voorontwerp
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Pagina 2 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Colofon
Projectnaam
Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma
Projectnummer
51008499
Versienummer
20 mei 2022
Locatie
Gemeenten Rotterdam en Westvoorne
Identificatienummer
NL.IMRO.0000.EZKip22NozIJverG.1000
Projectleiding
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
Projectteam
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Sweco Nederland B.V.
Auteur
Sweco Nederland B.V.
Pagina 3 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Pagina 4 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Vaststellingsbesluit Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma Besluit tot vaststelling van het inpassingsplan “Net op zee IJmuiden Ver Gamma” (gemeenten Rotterdam en Westvoorne) De minister voor Klimaat en Energie en de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening; overwegende, dat het ten behoeve van de aanleg van het Net op zee IJmuiden Ver Gamma in de gemeenten Rotterdam en Westvoorne noodzakelijk is een planologische regeling als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro) te treffen; dat op grond van artikel 20a en 20ca van de Elektriciteitswet 1998 de rijkscoördinatieregeling van toepassing is, zodat op de realisatie van dit project artikel 3.35, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro) van toepassing is en de planologische regeling wordt vormgegeven in de vorm van een inpassingsplan als bedoeld in artikel 3.28 Wro; dat op dit besluit de Crisis- en herstelwet van toepassing is; dat het realiseren van windenergie op zee essentieel is voor het behalen van de doelstellingen voor het klimaat en de opwekking van duurzame energie zoals vastgelegd in de Klimaatwet, uitgewerkt in het Klimaatplan 2021-2030 en het op 28 juni 2019 vastgestelde Klimaatakkoord, te weten een toename van windenergie op zee naar minimaal 49 miljard kWh per jaar in 2030; dat hiertoe op basis van de Routekaart 2030 onder andere het operationeel
windvermogen op zee wordt opgeschaald naar 11,5 GW in 2030; dat in het Programma Noordzee 2022-2027 het gebied IJmuiden Ver (noord) is opgenomen als windenergiegebied; dat dit nieuwe verbindingen van windturbines op zee met het landelijk hoogspanningsnet vereist; dat in het Energieakkoord is afgesproken dat er, waar dit efficiënter is dan een directe aansluiting van windparken op het landelijke hoogspanningsnet, een Net op zee komt; dat hierbij eveneens is afgesproken dat over de vormgeving en randvoorwaarden van dit Net op zee een besluit zal worden genomen door het kabinet dat zo nodig in wetgeving wordt verwerkt, zodat de nieuwe windparken tijdig kunnen worden verbonden met het landelijk net; dat TenneT TSO B.V. (hierna: TenneT) bij wet is aangewezen als netbeheerder op zee ter realisatie van deze doelstellingen uit het Energieakkoord (wijziging van de Elektriciteitswet 1998, tijdig realiseren doelstellingen Energieakkoord; Staatsblad 2016, 116); dat het kabinet op 28 maart 2018 de Tweede Kamer heeft bericht het gebied IJmuiden Ver te ontwikkelen (kamerstuk 33 561, nr. 42); Pagina 5 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
dat, gelet op artikel 3.28, eerste lid, van de Wro, Provinciale Staten van ZuidHolland en de gemeenteraden van Rotterdam en Westvoorne zijn gehoord over het voornemen tot vaststelling van het inpassingsplan; dat omtrent het voornemen overleg als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (hierna: Bro) is gepleegd met de uitvoeringsdiensten van het Rijk (Rijkswaterstaat en RCE) en Waterschap Hollandse Delta, en andere overlegpartners die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn; dat met het oog op de financiële uitvoerbaarheid van het inpassingsplan mede op grond van artikel 6.4a van de Wro een overeenkomst is gesloten met TenneT omtrent het verhaal van kosten van grondexploitatie, planschade daaronder begrepen; dat het daarom gelet op het bepaalde in artikel 6.12, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wro in samenhang met artikel 6.2.1a van het Bro niet verplicht is een exploitatieplan vast te stellen; dat bij de vaststelling gebruik is gemaakt van de ondergrond met de bestandsnaam NL.IMRO.0000.EZKip22NozIJverG.3000.dxf; dat het ontwerp van het onderhavige besluit met de bijbehorende regels en bijlagen en daarop betrekking hebbende stukken, als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0000.EZKip22NoZIJverG.2000, van [DATUM], tot en met [DATUM], voor eenieder ter
inzage heeft gelegen; dat gedurende deze termijn PM unieke zienswijzen zijn ingediend; dat een aantal van deze zienswijzen aanleiding heeft gegeven de toelichting bij het inpassingsplan aan te passen, ten opzichte van het ontwerp daarvan, van welke wijzigingen in de bijlage bij dit besluit een overzicht wordt gegeven; onder verwijzing naar het milieueffectrapport Net op zee IJmuiden Ver Gamma, het toetsingsadvies over het milieueffectrapport van de Commissie voor de milieueffectrapportage d.d. [DATUM], de antwoordnota vooroverlegreacties inpassingsplan, de antwoordnota zienswijzen en de toelichting bij het inpassingsplan, waarin een motivering van het te nemen besluit, alsmede een uitgebreide beschrijving van het inpassingsplan en de hieraan ten grondslag liggende onderzoeken, zijn opgenomen;
Pagina 6 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
gelet op het bepaalde in de artikelen 3.28 en 3.35 van de Wro en artikel 20a en 20ca van de Elektriciteitswet 1998 ten behoeve van het project Net op zee IJmuiden Ver Gamma; BESLUITEN
Artikel 1 Het Inpassingsplan ‘Net op zee IJmuiden Ver Gamma met identificatienummer NL.IMRO.0000.EZKip22NoZIJverG.3000 wordt vastgesteld. Artikel 2 Er wordt geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 Wro vastgesteld.
w.g. [DATUM] Minister voor Klimaat en Energie R.A.A. Jetten
w.g. [DATUM] Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke ordening H.M. de Jonge
Pagina 7 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Pagina 8 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Toelichting
Pagina 9 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Pagina 10 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Inhoud toelichting
1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7
Inleiding—15 Aanleiding—15 Het project—16 Nut en noodzaak—18 Vigerende bestemmingsplannen en beheersverordening—19 Juridisch kader—20 Relatie met de milieueffectrapportage (m.e.r.)—22 Leeswijzer—22
2 2.1 2.2 2.3 2.4
Projectbeschrijving—23 Inleiding—23 Hoogspanningstracé op zee—25 Hoogspanningstracé op land—28 Converterstation—30
3 3.1 3.2 3.3 3.4
Ruimtelijk beleidskader—33 Rijksbeleid—33 Provinciaal beleid—40 Gemeentelijk beleid—41 Beleid waterschap—45
4 4.1 4.2
M.e.r.-procedure—47 Inleiding—47 M.e.r.-procedure—47
5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12
Onderzoek Milieu en Waarden—49 Inleiding—49 Natura 2000—49 Soortenbescherming—61 Natuurnetwerk Nederland—64 Landschap, cultuurhistorie en aardkunde—66 Bodem en water—69 Archeologie—73 Geluid—76 Veiligheid—78 Magneetvelden—81 Ruimtegebruik—81 Bouwhinder—85
6 6.1 6.2
Juridische planbeschrijving—87 Toelichting op de bestemmingsregeling—87 Beschrijving per bestemming—89
7 7.1 7.2 7.3 7.4 7.5 7.6
Uitvoerbaarheid—91 Inleiding—91 Economische uitvoerbaarheid—91 Schadebeleid—91 Maatschappelijke uitvoerbaarheid—92 Procedurele uitvoerbaarheid—94 Conclusie—94 Pagina 11 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
8 8.1 8.2 8.3 8.4 8.5
Overleg en zienswijzen—95 Inleiding—95 Voorbereidings-/overlegfase—95 Ontwerpfase—95 Vaststellingsfase—96 Procedure m.e.r.—96
Bijlagen (worden toegevoegd bij ontwerp) 1. Milieueffectrapportage – Samenvatting en Deel A 2. Milieueffectrapportage - Bijlagen deel A 3. Milieueffectrapportage - Deel B 4. Milieueffectrapportage – Bijlagen deel B
Pagina 12 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Pagina 13 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Pagina 14 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
1
Inleiding
1.1
Aanleiding De minister voor Klimaat en Energie en de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening regelen de aanleg van een ondergrondse hoogspanningsverbinding van het windenergiegebied IJmuiden Ver naar het converterstation op de Maasvlakte in een inpassingsplan (ook wel afgekort tot IP)1. Deze toelichting bevat de motivering van het besluit en is daarnaast de toelichting op de wijze van regelen.
Figuur 1.1: Globaal overzicht ligging Net op zee IJmuiden Ver Gamma
1
Een inpassingsplan heeft dezelfde juridische status als een bestemmingsplan, maar wordt in dit geval vastgesteld door het Rijk. Pagina 15 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
In 2020 is gebleken dat met het aansluiten van de reeds geplande windparken op zee uit de routekaart 2030 de doelstellingen voor 2030 uit het Klimaatakkoord niet worden gehaald. Bovendien zijn in april 2021 de Europese doelstellingen voor CO 2reductie in 2030 aangescherpt. Om de aangescherpte doelstellingen te bereiken, is het aan land brengen ('aanlanden') van extra windenergie op zee nodig. Windenergiegebied IJmuiden Ver ligt ter hoogte van IJmuiden op geruime afstand uit de kust in de Noordzee. Het is een groot windenergiegebied. Net op zee IJmuiden Ver Gamma is de derde ondergrondse hoogspanningsverbinding vanuit windenergiegebied IJmuiden Ver. Er zijn al vergevorderde plannen voor twee verbindingen vanuit dit gebied naar land: Net op zee IJmuiden Ver Alpha (met een aansluiting op het landelijke hoogspanningsnet in het Sloegebied nabij Borssele) en Net op zee IJmuiden Ver Beta (met een aansluiting op de Maasvlakte). Deze twee projecten zijn al verder in het proces van ruimtelijke besluitvorming. De ontwerpbesluiten van deze projecten zijn in december 2021 (Net op zee IJmuiden Ver Beta) en januari 2022 (Net op zee IJmuiden Ver Alpha) gepubliceerd.
Het Net op zee IJmuiden Ver Gamma maakt het mogelijk om uiterlijk in 2029 een vermogen van 2 gigawatt (2 GW) aan duurzame energie aan te sluiten op land en draagt zodoende bij aan het behalen van de (aangescherpte) klimaatdoelstellingen. Het beoogde tracé van Net op zee IJmuiden Ver Gamma loopt vanuit het noordelijk deel van het windenergiegebied naar de Maasvlakte. Door de parallelligging met Net op zee IJmuiden Ver Beta ontstaan synergievoordelen, zoals minder ruimtebeslag op land en op zee door het kabeltracé, lagere onderzoeklasten, inkoopvoordeel, standaardisatievoordeel en voordeel door kennisontwikkeling. Mede hierdoor is het mogelijk om Net op zee IJmuiden Ver Gamma uiterlijk in 2029 te realiseren. TenneT TSO B.V. (hierna: TenneT) zal als netbeheerder deze verbinding realiseren en beheren. 1.2
Het project De windturbines in het windenergiegebied IJmuiden Ver worden direct aangesloten op een converterplatform (hierna ‘platform’) in het windenergiegebied. Het platform wordt met 525 kilovolt (kV)-gelijkstroomkabels aangesloten op een converterstation op land. In dit converterstation wordt de 525kV gelijkstroom omgezet in 380kV wisselstroom. Vervolgens gaat de elektriciteit via wisselstroomkabels van het converterstation naar het landelijke hoogspanningsnet. In figuur 1.2 zijn de onderdelen van het Net op zee IJmuiden Ver Gamma schematisch weergegeven.
Figuur 1.2: Onderdelen project Net op zee IJmuiden Ver Gamma, aangeduid met vlak binnen blauwe stippellijn
Pagina 16 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Het project bestaat uit de volgende hoofdonderdelen: • Een platform op zee voor de aansluiting van de windturbines en het omzetten van 66kV-wisselstroom (afkomstig van de windturbines) naar 525kVgelijkstroom; • Een kabeltracé voor transport van 525kV-gelijkstroom op zee; • Een ondergronds kabeltracé voor transport van 525kV-gelijkstroom op land naar een converterstation; • Een converterstation op land voor het omzetten van 525kV-gelijkstroom naar 380kV-wisselstroom; • Een ondergronds kabeltracé (380kV-wisselstroom) van het converterstation naar het hoogspanningsstation Amaliahaven dat onderdeel zal uitmaken van het landelijk hoogspanningsnet. Het inpassingsplan heeft betrekking op het deel van het project dat in het gemeentelijk ingedeeld gebied is gelegen. Dit betreft het hoogspanningstracé tot circa 2 kilometer uit de kust 2, het hoogspanningstracé op land, de realisatie van het converterstation op de Maasvlakte en de hoogspanningsverbinding vanaf het converterstation naar het toekomstige 380kV-hoogspanningsstation Amaliahaven. Het toekomstige 380kV-hoogspanningstation Amaliahaven, dat onderdeel gaat uitmaken van het landelijk hoogspanningsnet, is niet voorzien in dit inpassingsplan. Hiervoor wordt een separate procedure doorlopen.
Volgens de huidige planning is het hoogspanningsstation Amaliahaven gereed in het vierde kwartaal van 2025, ruim voordat het Net op zee IJmuiden Ver Gamma gereed dient te zijn in 2029. Omdat het ontwerp van dit inpassingsplan voor inwerkingtreding3 van de Omgevingswet ter inzage ligt, is het instrumentarium van de Wet ruimtelijke ordening van toepassing in plaats van een projectbesluit op grond van de Omgevingswet. 1.2.1
Ligging plangebied Het inpassingsplan reikt tot circa 2 kilometer uit de kust, daarbinnen ligt het gemeentelijk ingedeelde gebied. Voor het deel dat verder uit de kust gelegen is, wordt geen inpassingsplan opgesteld. De ruimtelijke afweging voor dit deel (dus buiten gemeentelijk ingedeeld gebied) vindt plaats in de watervergunning. Voor het gehele tracé (binnen en buiten gemeentelijk ingedeeld gebied) zijn uitvoeringsbesluiten nodig4. Het plangebied is gelegen op grondgebied van de gemeenten Rotterdam en Westvoorne en is voor dit inpassingsplan in twee delen te verdelen, een onshore (land) en offshore (zee) gedeelte5: • onshore: het tracé vanaf het aanlandingspunt via het converterstation, naar het toekomstige 380kV-hoogspanningsstation Amaliahaven op de Maasvlakte. • offshore: vanaf de grens van het gemeentelijk ingedeelde gebied voor de kust van de Maasvlakte tot aan het aanlandingspunt;
2
3 4 5
Het gemeentelijk ingedeelde gebied ligt vast in de Wet regeling provincie- en gemeentegrenzen langs de Noordzeekust van de gemeente Den Helder tot en met de gemeente Sluis en wijziging van de FinanciëleVerhoudingswet 1984 (Stb. 1990, 553). Ter hoogte van de aanlanding ligt de grens op circa 2 kilometer uit de kust. 1 januari 2023 Het gaat daarbij in het bijzonder om vergunningen en ontheffingen op grond van de Waterwet, de Wet natuurbescherming en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. ‘Onshore’ is het gedeelte van het tracé dat op land wordt aangelegd. ‘Offshore’ is het gedeelte van het tracé dat op zee wordt aangelegd. Dit inpassingsplan voorziet alleen in het offshore gedeelte dat binnen gemeentelijk ingedeeld gebied is gelegen, dus dicht bij land (ook wel ‘nearshore’ genoemd). Pagina 17 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
1.3
Nut en noodzaak Met het Net op zee IJmuiden Ver Gamma wordt de door windenergie duurzaam opgewekte stroom in het windenergiegebied IJmuiden Ver aangesloten op het landelijke hoogspanningsnet. Er zijn twee belangrijke redenen voor het opwekken van duurzame energie. De eerste is het tegengaan van klimaatverandering als gevolg van te veel uitstoot van broeikasgassen waaronder CO2. De tweede reden is dat door zelf duurzame energie op te wekken, Nederland minder afhankelijk wordt van de import van fossiele energie. Met het ondertekenen van het VN-klimaatakkoord van Parijs (2016) heeft de Nederlandse regering zich gecommitteerd aan een vergaande vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Het doel van het VN-Klimaatakkoord is om het opwarmen van de aarde te beperken tot ruim onder de 2 graden, ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. Het verduurzamen van de energievoorziening is een belangrijk onderdeel van de reductie van broeikasemissies. Voor Nederland is de realisatie van wind op zee een groot onderdeel voor het realiseren van de nationale bijdrage aan de doelen van het Klimaatakkoord van Parijs. In 2019 is de Klimaatwet in Nederland aangenomen. Het hoofddoel van de Klimaatwet is het bereiken van een 95% reductie van de CO2-uitstoot in 2050 ten opzichte van 1990 (artikel 2 lid 1 Klimaatwet).
Om de doelstelling voor 2050 te realiseren is in de wet een tussendoelstelling opgenomen voor 2030. In 2030 moet de uitstoot van broeikasgassen met 49% verminderd zijn ten opzichte van 1990 (artikel 2 lid 2 Klimaatwet). Op 27 maart 2018 is in de ‘Routekaart 2030’ de ontwikkeling van windenergie op zee tot 2030 uiteengezet. Het windenergiegebied IJmuiden Ver maakt onderdeel uit van deze Routekaart 2030. In deze routekaart is aangegeven dat vanwege de grote totale omvang van de beoogde windparken en de grote afstand tot de kust hiervoor een nieuw aansluitconcept nodig is. Daarom wordt IJmuiden Ver aangesloten met behulp van gelijkstroom. De omvang van het windenergiegebied (kavel) en de aansluiting van TenneT zijn op elkaar afgestemd wat leidt tot efficiëntie en kostenbesparing. Meerdere recente ontwikkelingen maken de realisatie en aansluiting van extra windenergie op zee voor 2030 noodzakelijk (versnellingsopgave). Dit zijn onder meer: • In 2020 is gebleken dat de huidige plannen niet genoeg opleveren om de Nederlandse doelstelling uit het Klimaatakkoord voor windenergie op zee in 2030 te halen. Voor het bereiken van 49 procent CO2-reductie in 2030 ten opzichte van 1990 is er aanvullend 0,7 GW windenergie op zee nodig. • Industriële clusters laten in hun verduurzamingsopgave een toegenomen behoefte aan elektrificatie zien.
De vraag naar duurzame elektriciteit wordt daardoor hoger dan eerder werd verwacht. • In het landelijke coalitieakkoord (15 december 2021) is de CO2reductiedoelstelling voor 2030 aangescherpt van 49% naar 55%. Het coalitieakkoord zet onder andere in op extra wind op zee als belangrijk instrument om de doelstelling te realiseren. • In de Tweede Kamer brief van 22 februari 2021 wordt een wetswijziging met aanscherping aangekondigd van 49% naar 55% in lijn met het landelijke coalitieakkoord. Er zijn hierdoor in en na 2030 extra windparken en netten op zee nodig. Tot en met 2030 is extra ruimte nodig voor 10,7 GW windenergie op zee. Dit gebeurt door de Pagina 18 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
aanwijzing van nieuwe windenergiegebieden en het benutten van de resterende ruimte in aangewezen windenergiegebieden. Het Programma Noordzee is hiervoor het beleidsinstrument. In het Programma Noordzee 2022-2027 is onder andere het gebied IJmuiden Ver (noord) opgenomen als windenergiegebied. In de Verkenning aanlanding wind op zee (VAWOZ) zijn kansrijke opties onderzocht voor aansluitingen tussen windenergiegebieden en aansluitlocaties op land. Net op zee IJmuiden Ver Gamma is als meest kansrijke ontsluiting voor het windenergiegebied IJmuiden Ver (noord) aangemerkt. Het tracé loopt daarbij parallel aan het Net op zee IJmuiden Ver Beta, daarmee zijn versnellings- en synergievoordelen te behalen. Om deze voordelen optimaal te benutten is gekozen om in april 2021 te starten met de procedure voor Net op zee IJmuiden Ver Gamma. Om aan de duurzame energiedoelstellingen te voldoen en een tijdige realisatie van de windparken te kunnen faciliteren, dient het Net op zee IJmuiden Ver Gamma in 2029 in bedrijf te zijn. In het ontwikkelkader windenergie op zee is als indicatieve opleverdatum het vierde kwartaal 2029 opgenomen6. 1.4
Vigerende bestemmingsplannen en beheersverordening Het tracé van de hoogspanningsverbinding strekt zich uit over de gemeenten Rotterdam en Westvoorne. De converterstationslocatie is gelegen binnen de gemeente Rotterdam. Met dit inpassingsplan wordt door middel van het toevoegen van een dubbelbestemming aan de bestemmingen in de vigerende bestemmingsplannen de planologisch-juridische grondslag gelegd voor de nieuwe hoogspanningsverbinding. Ter plaatse van het converterstation is een enkelbestemming opgenomen in dit inpassingsplan waarmee de huidige bestemming wordt wegbestemd. De huidige bestemming (‘Bedrijf – 6’) uit het bestemmingsplan ‘Maasvlakte 2’ laat ter plaatse uiteenlopende bedrijfsmatige activiteiten en bebouwing toe, waaronder railterminals, op- en overslag, distributieactiviteiten en havengerelateerde activiteiten. Deze bestemming wordt vervangen door een specifieke bestemming voor het converterstation.
6
Ontwikkelkader windenergie op zee, Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, 20 mei 2020 Pagina 19 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Voor de gronden waarop het inpassingsplan betrekking heeft, zijn diverse bestemmingsplannen van kracht. Deze zijn in onderstaande tabel aangegeven. Gemeente
Naam plan
Datum vaststelling
Rotterdam
Maasvlakte 1
23 april 2015
Parapluherziening parkeernormering Rotterdam
14 december 2017
Parapluherziening biologische veiligheid
14 juni 2018
Maasvlakte 2 (2018)
28 augustus 2018
Zeegebied Westvoorne 2013
25 juni 2013
Westvoorne
Tabel 1.1: Overzicht vigerende bestemmingsplannen
Naast de in de tabel genoemde bestemmingsplannen is in het plangebied sinds 16 februari 2022 het Voorbereidingsbesluit hyperscale datacenters van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van toepassing. Dit voorbereidingsbesluit geldt voor heel Nederland en verbiedt het gebruik van gronden en bouwwerken zodanig te wijzigen dat een hyperscale datacenter opgericht kan worden. Voorliggend inpassingsplan voorziet daar niet in, waardoor het voorbereidingsbesluit niet relevant is voor het inpassingsplan. Tevens zijn in en nabij het plangebied twee plannen in procedure c.q. in voorbereiding. Het betreft het rijksinpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Beta en het bestemmingsplan Hoogspanningsstation Amaliahaven 380kV van de gemeente Rotterdam. 1.5
Juridisch kader
1.5.1
Instrument inpassingsplan Op grond van artikel 3.28 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) heeft het Rijk de bevoegdheid om inpassingsplannen vast te stellen. Een inpassingsplan heeft dezelfde juridische status als een bestemmingsplan, maar wordt in dit geval vastgesteld door het Rijk (minister voor Klimaat en Energie en de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening). In een inpassingsplan wordt de bestemming van de betrokken gronden bindend bepaald. De wettelijke procedure voor vaststelling van het inpassingsplan is gelijk aan de procedure voor de vaststelling van een bestemmingsplan. Het inpassingsplan maakt na vaststelling deel uit van het gemeentelijke bestemmingsplan. Dat het besluit over de ruimtelijke inpassing van het Net op zee IJmuiden Ver Gamma wordt genomen in de vorm van een rijksinpassingsplan, volgt uit artikel 20a en 20ca van de Elektriciteitswet 1998. Naar verwachting treedt per 1 januari 2023 de Omgevingswet in werking. Op dat moment is het onderhavige inpassingsplan nog in procedure. Voor deze situaties is op grond van hoofdstuk 11 van de Invoeringswet Omgevingswet overgangsrecht van toepassing. Ingevolge dit overgangsrecht worden lopende procedures volgens het oude recht afgewikkeld, voor zover het ontwerp inpassingsplan voor inwerkingtreding van de Omgevingswet ter inzage is gelegd.
Dit betekent dat voor dit inpassingsplan alle relevante inhoudelijke en procedurele regels gelden die voor inwerkingtreding van de Omgevingswet gelden.
1.5.2
Rijkscoördinatieregeling Voor de aanleg en instandhouding van het Net op zee IJmuiden Ver Gamma is dus een inpassingsplan noodzakelijk. Daarnaast zijn allerlei uitvoeringsbesluiten (vergunningen, ontheffingen, meldingen e.d.) vereist om tot daadwerkelijke Pagina 20 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
realisatie van het Net op zee IJmuiden Ver Gamma te komen. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan omgevingsvergunningen, ontheffingen op grond van de Wet natuurbescherming en de vergunningen op basis van de Waterwet. Uit artikelen 20c en 20ca van de Elektriciteitswet 1998 volgt dat voor de besluitvorming over de aanleg of uitbreiding van het Net op zee, niet alleen een inpassingsplan wordt vastgesteld (de planologische module) maar ook de uitvoeringsmodule van de Rijkscoördinatieregeling (RCR) wordt gebruikt. Deze is opgenomen in artikel 3.35 eerste lid, onder c, van de Wro en houdt in dat de besluitvorming ten aanzien van het inpassingsplan en de uitvoeringsbesluiten gecoördineerd wordt voorbereid en bekendgemaakt. Dit betekent dat de minister voor Klimaat en Energie samen met de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening het bevoegd gezag is ten aanzien van het inpassingsplan en deze vaststelt én dat de minister voor Klimaat en Energie de besluitvorming omtrent de uitvoeringsbesluiten coördineert. Bij de toepassing van de RCR worden de besluiten voorbereid met toepassing van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure als bedoeld in afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht en de bijzondere procedurele regels in artikel 3.31, derde lid, Wro.
De regeling maakt een gezamenlijke kennisgeving en terinzagelegging van de ontwerpbesluiten (artikel 3.31, derde lid, onder b, in samenhang met artikel 3.35, vierde lid, Wro) en gelijktijdige bekendmaking van de besluiten (artikel 3.32 in samenhang met artikel 3.35, vierde lid, Wro) mogelijk. Op het ontwerpinpassingsplan en de ontwerp-uitvoeringsbesluiten kan eenieder zienswijzen naar voren brengen. Vervolgens wordt het inpassingsplan door de minister voor Klimaat en Energie en de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening vastgesteld. De bevoegdheid om de uitvoeringsbesluiten te nemen, blijft in beginsel bij de wettelijk bevoegde bestuursorganen. Echter, de minister voor Klimaat en Energie kan, in samenspraak met de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening of een andere minister die bij dat besluit betrokken is, zelf een beslissing op een aanvraag nemen als het bevoegde bestuursorgaan niet (tijdig) beslist of een beslissing neemt die naar het oordeel van deze ministers wijziging behoeft. Na de besluitvorming worden het inpassingsplan en de uitvoeringsbesluiten wederom tegelijk ter inzage gelegd, zodat beroepsgerechtigden gelegenheid hebben beroep in te stellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS). Ook de beroepsprocedure verloopt verder gecoördineerd (artikel 3.35 Wro).
Uitvoeringsbesluiten die niet gelijktijdig met dit inpassingsplan worden genomen, kunnen te maken krijgen met gewijzigde wet- en regelgeving, met name als gevolg van de inwerkingtreding van de Omgevingswet. 1.5.3
Crisis- en herstelwet Gelet op het feit dat er sprake is van ‘ontwikkeling en verwezenlijking van werken en gebieden krachtens afdeling 3.5 Wro’ is op grond van het bepaalde in artikel 1.1 lid 1 onder a in samenhang met artikel 2.1 van bijlage I van de Crisis- en herstelwet (Chw), de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit zorgt er onder meer voor dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een termijn van 6 maanden heeft voor het doen van een uitspraak op een beroep, dat een niet tot de centrale overheid behorende overheid (rechtspersoon of bestuursorgaan) niet tegen het inpassingsplan en de uitvoeringsbesluiten in beroep kan gaan en dat het beroepsschrift meteen de gronden van beroep moet bevatten (het indienen van een pro forma beroepschrift is niet mogelijk en leidt tot niet-ontvankelijkheid van het beroep). Pagina 21 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
1.6
Relatie met de milieueffectrapportage (m.e.r.) Het tracé en de locatie van het converterstation voor het Net op zee IJmuiden Ver Gamma is in de voorbereiding op dit inpassingsplan onder andere op basis van informatie uit de m.e.r.-procedure bepaald. Het doel hiervan is om het milieubelang een volwaardige rol te geven in de afweging ten aanzien van het tracé en de locatie van het converterstation. Op grond van categorie D24.2 van het Besluit m.e.r.7 is de vaststelling van een inpassingsplan voor de aanleg van een ondergrondse hoogspanningsleiding m.e.r.beoordelingsplichtig wanneer die verbinding over een lengte van 5 km of meer (tot 3 nautische mijl uit de kust) door (nader in het Besluit m.e.r. aangeduid) gevoelig gebied loopt en het spanningsniveau van die verbinding 150kV of meer is. Ook is het project mogelijk m.e.r.-beoordelingsplichtig op grond van categorie D15.2 in verband met de grondwateronttrekking voor de aanleg. Bovendien is een Passende Beoordeling noodzakelijk omdat significante effecten op Natura 2000-gebieden bij het realiseren van het project niet op voorhand uit te sluiten zijn. Omdat een Passende Beoordeling nodig is, dient op grond van art. 7.2a Wet milieubeheer verplicht een Milieueffectrapport (MER) te worden opgesteld. Het resultaat van de m.e.r.-procedure is het MER waarin de effecten op het milieu van het Net op zee IJmuiden Ver Gamma staan beschreven.
De m.e.r.-procedure is beschreven in hoofdstuk 4. Milieueffecten zijn effecten op zowel de mens (leefomgeving, ruimtegebruik en gebruiksfuncties) als de omgeving (bodem, water, natuur, archeologie, landschap en cultuurhistorie). Het MER is als bijlage 1 tot en met 4 bij de toelichting gevoegd.
1.7
Leeswijzer Dit inpassingsplan bestaat uit de verbeelding (plankaart), het vaststellingsbesluit, de regels en de toelichting. De bestemmingen zijn geometrisch bepaald en worden digitaal verbeeld en vastgesteld. Daarnaast zijn de bestemmingen voorzien van planregels ten aanzien van bouwen en gebruik. Deze regels bepalen de randvoorwaarden waarbinnen het project Net op zee IJmuiden Ver Gamma kan worden gerealiseerd. De toelichting dient als onderbouwing van het plan en kent geen rechtstreeks bindende werking. In de toelichting komen de onderdelen terug zoals vereist op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro): na dit inleidende hoofdstuk volgt in hoofdstuk 2 de beschrijving van het project. In hoofdstuk 3 wordt vervolgens ingegaan op de geldende (ruimtelijke) beleidskaders. Hoofdstuk 4 gaat in op de m.e.r.-procedure. In hoofdstuk 5 komen de omgevingsaspecten aan bod; in dit hoofdstuk worden de resultaten van het MER en diverse aanvullende onderzoeken beschreven. Hoofdstuk 6 bevat de toelichting op het juridische plangedeelte (regels en verbeelding). Hoofdstukken 7 en 8 bieden ten slotte inzicht in respectievelijk de financieel-economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het project.
7
Op grond van artikel 7.2, eerste lid, onder a Wet milieubeheer in samenhang met artikel 2, eerste lid Besluit op de milieueffectrapportage en onderdeel D 24.2 van de bijlage bij dat besluit.
Pagina 22 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
2
Projectbeschrijving
2.1
Inleiding Het Net op zee IJmuiden Ver Gamma loopt vanaf het platform IJmuiden Ver Gamma in Windenergiegebied IJmuiden Ver naar de aanlanding bij de Maasvlakte. Vervolgens gaat het tracé naar het converterstation op de Maasvlakte en via een ondergrondse 380kV-verbinding (die deel uitmaakt van het project) naar het nieuw te realiseren hoogspanningsstation Amaliahaven (dat geen deel uitmaakt van het project).
IJmuiden Ver Alpha en Beta Vanuit het windenergiegebied IJmuiden Ver worden reeds twee aansluitingen op het landelijk hoogspanningsnet voorzien. Met het project Net op zee IJmuiden Ver Alpha wordt 2 GW aangesloten op hoogspanningsstation Borssele. Met het project Net op zee IJmuiden Ver Beta wordt op de Maasvlakte aangesloten op het landelijke hoogspanningsnet. Voor beide projecten wordt een zelfstandige RCR (Rijkscoördinatieregeling)- en m.e.r.(milieueffectrapportage)procedure doorlopen. Er vindt afstemming tussen beide projecten plaats. Bij raakvlakken zijn beide projecten in gezamenlijkheid bekeken. IJmuiden Ver Gamma Om de klimaatdoelstellingen voor 2030 te kunnen halen is versnelling van windenergie op zee nodig. Voor deze versnelling is gekeken of, en zo ja welke kansrijke mogelijkheden er zijn om projecten te starten om uiterlijk in 2030 extra wind van zee aan te landen. Uit de eerste resultaten van deze versnelling is gebleken dat de meest kansrijke optie is om vanuit het noordelijke deel van windenergiegebied IJmuiden Ver 2GW naar de Maasvlakte te brengen: Net op zee IJmuiden Ver Gamma. De besluitvorming over het Net op zee IJmuiden Ver Gamma is voorzien na besluitvorming over Net op zee IJmuiden Ver Beta en Net op zee IJmuiden Ver Alpha.
Voor het project Net op zee IJmuiden Ver Gamma heeft in het najaar van 2021 een concept notitie reikwijdte en detailniveau ter inzage gelegen, deze is in december 2021 definitief vastgesteld.
Het project bestaat uit de volgende hoofdonderdelen: • Een platform op zee voor de aansluiting van de windturbines en het omzetten van 66kV-wisselstroom (afkomstig van de windturbines) naar 525kV-gelijkstroom; • Een kabeltracé voor transport van 525kV-gelijkstroom op zee; • Een ondergronds kabeltracé voor transport van 525kV-gelijkstroom op land naar een converterstation; • Een converterstation op land voor het omzetten van 525kV-gelijkstroom naar 380kV-wisselstroom; • Een ondergronds kabeltracé (380kV-wisselstroom) van het converterstation naar het hoogspanningsstation Amaliahaven dat onderdeel zal uitmaken van het landelijk hoogspanningsnet. Het inpassingsplan maakt enkel het project binnen het gemeentelijk ingedeelde gebied (circa 2 kilometer uit de kust) mogelijk en dus niet het offshore platform en grote delen van het kabelsysteem op zee. Daarnaast voorziet het inpassingsplan niet Pagina 23 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
in het nieuw te realiseren 380kV-hoogspanningsstation Amaliahaven op de Maasvlakte.
Figuur 2.1: Overzicht plangrens van het inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma, met daarbij aangegeven de locatie van het converterstation en tevens de gemeentegrenzen.
Pagina 24 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
2.2
Hoogspanningstracé op zee De windturbines in het noordelijke deel van het windenergiegebied IJmuiden Ver worden direct aangesloten op een platform. Het platform ligt in het windenergiegebied. Het platform wordt met 525 kilovolt (kV)-gelijkstroomkabels (op zee en op land) aangesloten op een converterstation op land. Vanwege de grote afstand tussen windenergiegebied IJmuiden Ver en de Maasvlakte en het vermogen van 2 GW van deze verbinding is gekozen voor een gelijkstroomverbinding (DC).
Keuze voor gelijkstroom Er is gekozen voor transport van de elektriciteit met een gelijkstroomverbinding met een capaciteit van 2.000 MW (2 GW). Bij een gelijkstroomverbinding zijn transportverliezen een stuk lager dan met het gebruik van wisselstroom kabels. De kabels hebben een spanningsniveau van 525kV (525.000 Volt). Deze vorm van kabelverbinding heeft minder kabels (en daarmee lagere kosten) en een kleiner ruimtebeslag dan nodig zou zijn bij een wisselstroomverbinding. Ook zijn minder brede tracés op land nodig, waardoor effecten kunnen worden beperkt.
Het kabeltracé bestaat uit een samenstel van vier kabels. Dit zijn twee zogenoemde HVDC (High Voltage Direct Current) hoogspanning gelijkstroom kabels, waarvan één van de kabels fungeert als de plus (+) pool en de tweede als de min (-) pool. Deze twee kabels liggen tegen elkaar aan. De derde kabel is de zogenoemde metallic return. Deze transporteert de reststroom die ontstaat door onbalans in het voltage. Daarnaast kan de metallic return fungeren als back-up kabel in onderhoudssituaties. Dan kan er tussen één van de polen en de metallic return op half vermogen (1 GW) elektriciteitstransport plaatsvinden. De vierde kabel van de bundel is de glasvezelkabel die wordt aangelegd voor communicatie tussen het platform en het landstation. Al deze kabels zijn kabels met een enkele geleider (single core) met een afzonderlijke mechanische bescherming. De metallic return en de glasvezelkabel liggen direct bij of op enkele meters (maximaal 5 m) afstand van de plus- en de minpool. Figuur 2.3 laat de beide configuraties zien. De configuratie heeft geen gevolgen voor de corridorbreedte. Vanaf het platform IJmuiden Ver Gamma loopt het kabeltracé in de zeebodem naar de kust (Maasvlakte). Aan weerszijde van de kabels is een onderhoudszone van 500 meter nodig. De onderhoudszone is een zone waar geen andere ruimtelijke ingrepen gewenst zijn, zonder beoordeling van de impact op de verbinding.
De corridorbreedte is het totaal van de onderhoudszone en de kabels. In principe is dit, ongeacht de kabelconfiguratie, 1.000 meter (zie figuur 2.2), maar in specifieke situaties kan dit worden teruggebracht. Dit is bijvoorbeeld het geval bij parallelligging en nabij de kust. Aangezien het inpassingsplan alleen het zeetracé nabij de kust bevat, is de onderhoudszone in het inpassingsplan kleiner.
Pagina 25 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
(1x4)
Figuur 2.2: Corridorbreedte van één kabeltracé op zee (met links de 1x4 kabelconfiguratie en rechts de 2x2 kabelconfiguratie)
Corridorbreedte: minder ruimtebeslag bij parallelligging Bij parallelligging van twee of meer tracés op zee kunnen de onderhoudszones van verschillende verbindingen gecombineerd worden; dit is onafhankelijk van de keuze van de kabelconfiguratie. De totale breedte van de corridor is daardoor bij parallelligging smaller dan de som van aparte verbindingen. Bij individuele ligging van de tracés voor Net op zee IJmuiden Ver Alpha, Beta en Gamma zou dit leiden tot een ruimtebeslag van 3.000 meter (3 x 1.000 m) breed. Bij parallelligging is voor twee tracés een corridorbreedte van 1.200 meter nodig en voor drie tracés 1.400 meter (zie figuur 2.3). (1x4)
Figuur 2.3: Breedte corridor op zee bij parallelligging van drie kabeltracés (met links de 1x4 kabelconfiguratie en rechts de 2x2 kabelconfiguratie)
Smallere corridor nearshore Op ongeveer 2 km uit de kust ligt de gemeentegrens van de gemeente Rotterdam. Op verzoek van het Havenbedrijf Rotterdam wordt binnen dit gemeentelijk ingedeeld gebied (hierna ‘nearshore’) een smallere corridorbreedte voor de kabel gehanteerd. De corridorbreedte nearshore van één tracé bedraagt 200 m en voor Net op zee IJmuiden Ver Beta en Gamma samen gaat het om 260 tot 300 m, zie ook figuur 2.4.
Pagina 26 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Figuur 2.4: Corridorbreedte nearshore bij parallelligging van Net op zee IJmuiden Ver Gamma en Net op zee IJmuiden Ver Beta
Aanleg Bij de aanleg en het gebruik van de hoogspanningsverbinding op zee is een belangrijk aandachtspunt dat scheepvaart zo min mogelijk hinder mag ondervinden van de verbinding, zeker daar waar het scheepvaartroutes betreffen. Bovendien dient voorkomen te worden dat de verbinding beschadigd raakt door oorzaken van buitenaf, zoals ankeren. De verbinding op zee wordt op de zeebodem in ieder geval met een gronddekking van één meter aangelegd en dichter bij de kust een gronddekking van drie meter. Daar waar het tracé vaargeulen passeert, gelden specifieke voorschriften voor de diepteligging. Dit om schade aan de verbinding en beperkingen voor de omgeving te voorkomen. Deze voorwaarden worden vastgelegd in de watervergunning. Er zijn twee hoofdvarianten voor aanleg. De eerste is gelijktijdig leggen en begraven (Simultaneous Lay and Burial (SLB)) waarbij de verbinding wordt gelegd en begraven in één operatie. De tweede is begraven na leggen (Post Lay Burial (PLB)) waarbij de verbinding eerst op de zeebodem wordt gelegd en in een tweede gang wordt begraven. Afhankelijk van de diepte waarop de verbinding gelegd moet worden (wordt vooral bepaald door actieve zones en/of zandgolven), moet er naast trenchen (begraven) ook gebaggerd worden. Tot circa 2,5 meter diepte wordt er getrenched, dit kan met behulp van o.a. spuitlansen en ploegen.
Voor grotere dieptes wordt over het algemeen eerst een sleuf in de bodem gebaggerd of wordt ter plaatse van een zandgolf deze vlak getrokken. Hierna wordt het laatste deel alsnog getrenched. Er is inmiddels (vanuit andere projecten zoals NorNed, BritNed en projecten van TenneT in Duitsland) veel bekend over de mogelijkheden en voor- en nadelen van de verschillende aanlegmethoden. Afhankelijk van de aanlegdiepte is de verwachte en onderzochte aanlegmethode het baggeren van zandgolven en/of het baggeren van de actieve zone en het trenchen onder de actieve zone. De actieve zone is een zandlaag die mobiel is onder invloed van stroming.
Pagina 27 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
2.3
Hoogspanningstracé op land Aanlanding Het tracé landt aan de zuidzijde van de Maasvlakte aan. De verbinding komt ten zuidwesten van de Slufter aan land via de aanlandingszone voor de aanleg van kabels en (buis)leidingen. Het tracé Het tracé gaat over land naar de locatie van het converterstation op de Maasvlakte. Het tracé gaat ten zuiden van de Slufter langs hetzelfde tracé als de BritNed verbinding en de Net op zee IJmuiden Ver Beta verbinding; langs de Noordzeeboulevard en de N15. Vervolgens gaat het tracé langs de Dardanellenstraat naar de locatie van het converterstation. Aanleg Ook bij het tracé op land is een gebundelde aanleg het uitgangspunt. Het kabeltracé op land kan in open ontgraving, met gestuurde boringen (Horizontal Directional Drilling (HDD)) of geperste boringen worden aangelegd. Open ontgraving is de standaard en heeft de voorkeur. Vanwege de beperkte beschikbare ruimte is er voor de kabelconfiguratie op de Maasvlakte maatwerk toegepast met een smalle belemmerende strook. De belemmerende strook is bij open ontgraving 6 meter breed en in geval van een boring 16 meter breed. De gezamenlijke belemmerende strook van Net op zee IJmuiden Ver Beta en Gamma is in geval van open ontgraving 9,8 meter, bij boringen gaat het om een strook van 22 meter breed en voor de persboring onder het spoor om een strook van 38 meter breed.
Zie ook figuur 2.5 en figuur 2.6 voor de weergave van de (gezamenlijke) belemmerende strook bij open ontgraving en boring of persing. In het inpassingsplan is de (tijdelijke) corridor voor de tracering vastgelegd in de regels en verbeelding. Hierbinnen wordt de definitieve kabelconfiguratie aangelegd.
Figuur 2.5: Belemmerende strook Net op zee IJmuiden Ver Gamma en Beta bij open ontgraving
Pagina 28 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Figuur 2.6: Belemmerende strook Net op zee IJmuiden Ver Beta en Gamma bij boringen en persingen
Pagina 29 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
380kV-wisselstroom tracé: aansluiting converterstation op 380kV-station Amaliahaven Het converterstation wordt met 380kV-wisselstroomkabels op een 380kVhoogspanningsstation aangesloten. Deze verbinding gaat over eigen terrein van TenneT van het converterstation van Net op zee IJmuiden Ver Gamma naar het nog te realiseren 380kV-hoogspanningsstation Amaliahaven.
2.4
Converterstation Voor Net op zee IJmuiden Ver Gamma is een converterstation nodig. In het converterstation wordt de 525kV-gelijkstroom omgezet naar 380kV-wisselstroom. Dat is nodig omdat het landelijk hoogspanningsnet op 380kV-wisselstroom wordt bedreven. Het converterstation bestaat onder andere uit converters8 (omvormers), reactoren9, transformatoren10 en 380kV-schakelvelden11. De converters en reactoren staan inpandig, de transformatoren en de schakelvelden buiten.
Figuur 2.7: Impressie van het converterstation
8 Het omzetten van gelijkstroom naar wisselstroom en vice versa. 9 Hiermee wordt het blindvermogen dat door de kabel wordt opgewekt, gecompenseerd. 10 Hiermee worden elektriciteitsnetten van verschillende spanningsniveaus verbonden. 11 Hiermee worden de diverse netelementen (kabels, transformatoren, reactoren, etc.) op een veilige en onderhoudbare manier verbonden aan het landelijke net. Hiermee kunnen elektrische fouten ook op een juiste manier worden afgeschakeld. Pagina 30 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Figuur 2.8: Locatie en indicatieve lay-out van het converterstation, in de nabijheid van het toekomstige converterstation Beta en 380kVhoogspanningsstation Amaliahaven
Pagina 31 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
De benodigde oppervlakte voor het converterstation is circa 4 hectare. Het converterstation bestaat onder andere uit converters (omvormers), reactoren, transformatoren en 380kV-schakelvelden. De converters en reactoren staan inpandig, de transformatoren en de schakelvelden buiten. De hoogte van de gebouwen (hallen) bedraagt maximaal 25 meter. Bepaalde werkruimtes voor Net op zee IJmuiden Ver Gamma kunnen gecombineerd worden met die van Net op zee IJmuiden Ver Beta. Dit leidt tot iets minder ruimtebeslag. In de nabijheid van het converterstation is een toekomstig nieuw 380kVhoogspanningsstation voorzien (station Amaliahaven) dat onderdeel wordt van het landelijk hoogspanningsnet. Dit nieuwe station is geen onderdeel van dit inpassingsplan. Het station is onder meer nodig vanwege voorziene ontwikkelingen op de Maasvlakte, zoals de aansluiting van elektrolysers voor de productie van waterstof. Net op zee IJmuiden Ver Gamma zal op dit nieuwe 380kVhoogspanningsstation aansluiten. Aanleg Op de locatie voor het converterstation komt een aantal bouwwerken, installaties en aansluitingen van het kabelsysteem. Daarvoor is de aanleg van funderingen noodzakelijk. Daarnaast vindt de nodige bestrating plaats ten behoeve van de wegen op het terrein en de ontsluiting van het converterstation.
De schakeltuin wordt afgewerkt met een grasmengsel met slechts lokaal bodemversterking waar dit nodig is voor beheer en onderhoud. Op die plaatsen waar de bodem wordt versterkt, wordt dit afgewerkt met vlakke grasblokken/grastegels.
Pagina 32 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
3
Ruimtelijk beleidskader
3.1
Rijksbeleid
3.1.1
Energieakkoord voor duurzame groei, 2013 In het Energieakkoord voor duurzame groei (kortweg: Energieakkoord)12 is met de betrokken partijen een pakket aan maatregelen afgesproken om te komen tot een toename van het aandeel van hernieuwbare energieopwekking naar 14% in 2020 (deze doelstelling komt voort uit de Europese richtlijn voor hernieuwbare energie) en een verdere stijging van dit aandeel naar 16% in 2023. Onderdeel van dit pakket is de bouw van grootschalige windmolenparken in de Noordzee. Afgesproken is dat 4.450 MW aan windvermogen op zee operationeel is in 2023.
3.1.2
Nationaal Waterplan 2009-2015 en Structuurvisie Windenergie op Zee In het Nationaal Waterplan 2009-201513 zijn de windenergiegebieden Borssele en IJmuiden Ver aangewezen. Met de Rijksstructuurvisie Windenergie op Zee14 zijn aanvullend de windenergiegebieden Hollandse Kust en Ten noorden van de Waddeneilanden aangewezen. De keuze voor deze gebieden is gemaakt op basis van een zo ‘conflictvrij’ mogelijke uitwerking, voor zover het de belangen voor scheepvaart, het mariene ecosysteem, olie en gas, defensie en luchtvaart betreft.
3.1.3
Wijziging Elektriciteitswet 1998 (tijdig realiseren doelstellingen Energieakkoord) De taak om het Net op zee aan te leggen, inclusief de randvoorwaarden die daarbij horen en de regulering rond het Net op zee, is opgenomen in de Wet van 23 maart 2016 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 (tijdig realiseren doelstellingen Energieakkoord; Staatsblad 2016, 116). In deze wet is TenneT aangewezen als netbeheerder op zee en daarmee verantwoordelijk voor de netaansluiting van de offshore windparken. Het nieuwe uitgiftesysteem inclusief het aanwijzen van TenneT als netbeheerder op zee is op vele fronten beter dan het realiseren van individuele aansluitingen. Immers door de investeringen in infrastructuur op zee bij TenneT te bundelen ontstaan synergievoordelen, zoals voordelige financiering, inkoopvoordeel, standaardisatievoordeel en voordeel door kennisontwikkeling. TenneT werkt daarbij samen met alle relevante partijen.
3.1.4
Energierapport en energieagenda Het Energierapport15 van januari 2016 benoemt de belangrijkste uitkomsten van het in december 2015 gesloten internationale klimaatakkoord en geeft een integrale visie op de toekomstige energievoorziening van Nederland tot 2050. Het kabinet stelt voor de transitie naar duurzame energie drie uitgangspunten centraal: 1) aansturen op CO2-reductie; 2) verzilveren van de economische kansen die de energietransitie biedt en 3) integreren energie in het ruimtelijk beleid. De hoofdlijnen van het Energierapport zijn uitvoerig besproken in de Energiedialoog16. De uitkomsten van de dialoog zijn bouwstenen geweest voor de
12 Energieakkoord voor duurzame groei, kamerstuk 30196, nr. 202. 13 Nationaal Waterplan 2009-2015, 22 december 2009. 14 Kamerstukken II, 2014/15, 33 561, nr. 11. 15 Energierapport “Transitie naar duurzaam”, kamerstuk 31510, nr. 50. 16 Energiedialoog, Kamerstuk 30196, nr. 484. Pagina 33 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
Energieagenda17 die op 12 december 2016 is aangeboden aan de Tweede Kamer. Met deze agenda beoogt het kabinet een helder en ambitieus perspectief te schetsen richting 2030 en 2050. In de Energieagenda wordt tevens ingegaan op de verdere ontwikkeling van windenergie op zee. In de Energieagenda is de voorbereiding van een routekaart windenergie op zee voor de periode tot 2030 aangekondigd. Voor deze routekaart wordt verwezen naar paragraaf 3.1.6. 3.1.5
Routekaart 2023 In de Routekaart windenergie op zee 2023 (hierna Routekaart 2023)18 is uiteengezet op welke wijze ongeveer 4,5 gigawatt (GW) aan windvermogen op zee operationeel is in 2023. De Routekaart 2023 geeft aan dat er circa 1 GW gerealiseerd is en dat er nog circa 3,5 GW gerealiseerd moet worden. Een belangrijk onderdeel hiervan is het werken met de aansluiting van kavels van windenergie op een systeem met standaardplatforms van TenneT van 700 MW, omdat dit leidt tot efficiëntie en kostenbesparing. Er is besloten de 3,5 GW te realiseren in de drie windenergiegebieden Borssele, Hollandse Kust (zuid) en Hollandse Kust (noord). In Borssele en Hollandse Kust (zuid) worden in beide gebieden twee windparken van 700 MW gerealiseerd, in Hollandse Kust (noord) wordt één windpark van 700 MW gerealiseerd. Daarbij is besloten dat het windenergiegebied Borssele als eerste, Hollandse Kust (zuid) als tweede en Hollandse Kust (noord) als derde project gerealiseerd gaat worden. Inmiddels is een deel van de kavels gerealiseerd (Borssele I tot en met IV) en worden de overige kavels in Hollandse Kust (zuid) en Hollandse Kust (noord) gerealiseerd danwel voorbereid.
3.1.6
Routekaart 2030 Op 28 maart 2018 zijn in een kamerbrief de hoofdlijnen voor een nieuwe routekaart windenergie op zee (vanaf nu Routekaart 2030)19 uiteengezet. Het kabinet wil een volgende stap zetten in de verdere realisatie van windenergie op zee voor de periode 2024 tot en met 2030, en een start maken met de voorbereiding daarvan. Het regeerakkoord (2017) bevat de opgave om in 2030 door middel van windenergie op zee een extra reductie van de CO2-uitstoot te realiseren. Deze opgave vertaalt zich in een totale omvang van de windparken op zee van circa 11,5 GW in 2030. Rekening houdend met de bestaande windparken (circa 1 GW) en de te realiseren windparken uit de routekaart 2023 (circa 3,5 GW), betekent dit dat tussen 2024 en 2030 windparken bij moeten komen met een gezamenlijk vermogen van circa 7 GW; dit gaat uit van een uitrol van circa 1 GW per jaar. De reden om een routekaart windenergie op zee 2030 op te stellen is tweeledig: • Allereerst is continuïteit in de realisatie van windenergie op zee belangrijk voor het tijdig halen van de bovengenoemde opgave. Om in 2024 of 2025 het eerste windpark in gebruik te kunnen nemen, is het noodzakelijk om in 2020 dan wel 2021 voor de betreffende kavel(s) een tender uit te schrijven.
• Daarnaast is vroegtijdige duidelijkheid over realisatie van windparken op zee noodzakelijk voor het bieden van marktperspectief en het vasthouden van het vertrouwen van windparkontwikkelaars. Dit leidt tot kostenverlaging en investeringsbereidheid.
17 Energieagenda “Naar een CO2-arme energievoorziening”, kamerstuk 31510, nr. 64. 18 Ministerie van Infrastructuur en Milieu en ministerie van Economische Zaken, Routekaart voor windenergie op zee, brief d.d. 26 september 2014, kamerstuk 33561, nr. A/11. 19 Ministerie Economische Zaken en Klimaat, Routekaart windenergie op zee 2030, brief d.d. 27 maart 2018, Kamerstuk 33561, nr. 42. Pagina 34 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
De routekaart 2030 gaat uit van het realiseren van windparken in de onderstaande achtereenvolgende gebieden: • 1,4 GW in het gebied Hollandse Kust (west); • 0,7 GW in het gebied Ten noorden van de Waddeneilanden; • circa 4 GW in het gebied IJmuiden Ver.20 Alle bovengenoemde windenergiegebieden zijn aangewezen in de Structuurvisie Wind op Zee (zie paragraaf 3.1.2). In figuur 3.1 zijn ze op kaart aangeduid.
Figuur 3.1: Routekaart windenergie op zee. Bestaande windparken (in rood), windenergiegebieden van de routekaart 2023 (in blauw), windenergiegebieden van de routekaart 2030 (in groen) en overige al aangewezen windenergiegebieden (in geel).
20 Over de resterende 0,9 GW zal het kabinet op een later tijdstip een besluit nemen. Pagina 35 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
3.1.7
Kaderrichtlijn Mariene Strategie De Europese Kaderrichtlijn Mariene Strategie (KRM) heeft tot doel het beschermen en herstellen van de Europese zeeën en oceanen en duurzaam gebruik te bevorderen. De KRM verplicht elke Europese lidstaat tot het vaststellen van een mariene strategie. Deze strategie moet gericht zijn op bescherming, behoud en herstel van het mariene milieu (een goede milieutoestand) waarbij tevens een duurzaam gebruik van de Noordzee wordt gegarandeerd. De lidstaten moeten de nodige maatregelen treffen om in hun mariene wateren deze ambitie te bereiken. Zij moeten daarbij samenwerken als EU-lidstaten en met andere landen in hun mariene regio. De kaderrichtlijn beveelt aan om daarbij zoveel mogelijk gebruik te maken van bestaande regionale zeeconventies. Nederland heeft de doorwerking van de richtlijn in 2010 opgenomen in het Waterbesluit onder de Waterwet.
3.1.8
Nationaal Water Programma 2022-2027 In het Nationaal Water Programma 2022-2027 beschrijft de Rijksoverheid de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid en de uitvoering ervan. Eén van de onderdelen is het Programma Noordzee 2022-2027. Dit programma gaat over de ruimtelijke indeling van de Noordzee. Het Programma Noordzee is het beleidsinstrument om de ruimte op de Noordzee voor alle gebruikers en functies, zoals visserij, natuur, scheepvaart en windenergie vast te leggen. Het gebied IJmuiden Ver (noord) is hierin herbevestigd als windenergiegebied. Net op zee IJmuiden Ver Gamma ontsluit dit windenergiegebied.
3.1.9
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (ook wel Barro) is op 30 december 2011 in werking getreden en nadien aangevuld. Het Barro vormt een wettelijk kader waaraan ruimtelijke plannen van lagere overheden dienen te voldoen. Naast algemene regels betreffende het opstellen van een bestemmingsplan of inpassingsplan, worden in het Barro ook nationale belangen gedefinieerd. Eén daarvan is de elektriciteitsvoorziening. Onder Titel 2.8 Elektriciteitsvoorziening zijn bepalingen opgenomen ten aanzien van de landelijke elektriciteitsvoorziening. Windenergie is hier echter van uitgezonderd (art. 2.8.1 Barro). Daarom heeft deze titel geen betrekking op het onderhavige inpassingsplan. Overige nationale belangen zoals gedefinieerd in hoofdstuk 2, worden niet aangetast. Hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 5 van deze inpassingsplantoelichting.
3.1.10
Beleidsadvies inzake magneetvelden Elektromagnetische velden Elektrische en magnetische velden ontstaan bij het transport en het gebruik van elektriciteit. Het elektrisch veld is in dit kader verder niet van belang, omdat dit door een (geaarde) mantel die om de kabels heen zit wordt afgeschermd. Dat geldt niet voor magnetische velden. Verschillende soorten magneetvelden Elektriciteit kan met twee verschillende technieken door een kabel worden getransporteerd: met wisselstroom of met gelijkstroom. Wisselstroom wordt gebruikt om elektriciteit over relatief korte afstanden te verplaatsen. Gelijkstroom wordt gebruikt om elektriciteit over langere afstanden te verplaatsen, zoals bij het Net op zee IJmuiden Ver Gamma. Wisselstroom en gelijkstroom veroorzaken verschillende soorten magneetvelden. Een wisselstroom-magneetveld heeft een frequentie van 50 hertz, een gelijkstroom-magneetveld is statisch, met een frequentie van 0 hertz. Simpel gezegd: een wisselstroom-magneetveld gaat 50 keer Pagina 36 van 96
| Voorontwerp | Inpassingsplan Net op zee IJmuiden Ver Gamma |
per seconde aan/uit, een gelijkstroom-magneetveld staat constant aan. Het Net op zee IJmuiden Ver Gamma bestaat grotendeels uit een gelijkstroomtracé (het tracé tussen platform op zee en converterstation op land) en voor een stuk uit een wisselstroomtracé (het tracé tussen het converterstation op land en het 380kVstation). Huidig beleidskader AC-magneetvelden In Nederland wordt voor de blootstelling aan magnetische velden bij wisselstroom van 50 hertz de adviesgrenswaarde van 100 microtesla gehanteerd. Deze adviesgrenswaarde is gebaseerd op een Aanbeveling van de Europese Unie (1999/519/EG), waarin een referentieniveau van 100 microtesla voor bescherming van de bevolking is vastgelegd. Deze waarde wordt in Nederland volgens het RIVM op voor het publiek toegankelijke plaatsen nabij het hoogspanningsnet nergens overschreden, ook niet in de buurt van ondergrondse hoogspanningsverbindingen of hoogspanningsstations. Dit geldt ook voor onderhavig project. In 2005 is door de toenmalige Staatssecretaris van VROM een beleidsadvies met betrekking tot bovengrondse hoogspanningslijnen uitgebracht aan gemeenten en beheerders van het hoogspanningsnet (2005, ministerie van VROM SAS/2005183118).
Dit als vervolg op bevindingen van de Gezondheidsraad en het RIVM over wetenschappelijke onderzoeksresultaten en de onrust in de maatschappij over mogelijke gezondheidseffecten van hoogspanningslijnen. De kern van dit beleidsadvies – gebaseerd op het voorzorgprincipe – is dat nieuwe situaties waarbij kinderen langdurig worden blootgesteld aan magneetvelden van bovengrondse hoogspanningslijnen met een jaargemiddelde hoger dan 0,4 microtesla zoveel als redelijkerwijs mogelijk is, vermeden moeten worden. Dit komt erop neer dat het advies is om bij nieuwe situaties gevoelige bestemmingen (woningen, scholen, crèches en kinderopvangplaatsen) zo veel als redelijkerwijs mogelijk buiten de magneetveldzone van 0,4 microtesla te plaatsen. DC-magneetvelden De Nederlandse Rijksoverheid gaat voor DC-magneetvelden uit van een referentiewaarde van 40.000 microtesla zoals vastgelegd in Europese aanbeveling 1999/519/EG21 (beleidsadvies VROM, 2005). De blootstellingslimiet van 40.000 microtesla voor DC-magneetvelden is vele malen hoger dan de blootstellingslimiet voor AC-magneetvelden. Wetenschappelijk onderzoek laat geen verband zien tussen blootstelling aan DC-magneetvelden, zoals die bij hoogspanningslijnen, hoogspanningsstations en kabels voorkomen, en ziekten zoals kanker.
Daarom is er, in tegenstelling tot AC-magneetvelden, geen voorzorgsbeleid vanuit de Nederlandse rijksoverheid voor blootstelling aan DC-magneetvelden en is nader onderzoek niet nodig. Veldsterkten hoger dan 40.000 microtesla komen op voor publiek toegankelijke plaatsen bij het hoogspanningsnet van TenneT niet voor. De maximale veldsterkten van DC-magneetvelden die in dit project voor kunnen komen in de nabijheid van ondergrondse hoogspanningskabels en het converterstation van ongeveer 250 microtesla zijn meer dan 160 keer lager dan de blootstellinglimiet van 40.000 microtesla.
21 Aanbeveling van de Raad van de Europese Unie van 12 juli 1999 (1999/519/EG). Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen, L 199/59-70, 1999 Pagina 37 van 96