Voorstel tot vaststelling van het Subsidiebeleid en de algemene Subsidieverordening 2024
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
ONDERWERP
Vaststelling Subsidiebeleid en Algemene Subsidieverordening 2024 AANLEIDING
Dit raadsvoorstel gaat over de vaststelling het Subsidiebeleid Westland (bijlage 1) en de Algemene Subsidieverordening Westland 2024 (bijlage 2). De voorontwerpen van beleid en verordening zijn vastgesteld in het college van 6 juni 2023. Uw raad is op 15 juni bij raadsinformatiebrief geïnformeerd over alle aspecten van het Subsidiebeleid en de Algemene Subsidieverordening 2024 (ASV2024, voorontwerp-fase). Op 6 september 2023 zijn de voorontwerpen met uw raad besproken tijdens een raadsinformatiebijeenkomst. Op 19 september 2023 heeft het college het ontwerp van de stukken vastgesteld en deze voor de periode van 25 september t/m 23 oktober vrij gegeven voor inspraak. Uw raad is op 21 september bij raadsinformatiebrief geïnformeerd over de wijzigingen die doorgevoerd zijn naar aanleiding van de bespreking van 6 september wat geresulteerd heeft in het ontwerpbeleid en het ontwerp van de algemene subsidieverordening. Beide "ontwerpen" zijn als bijlage bij de raadsinformatiebrief van 21 september 2023 aan uw raad verstrekt. Dit voorstel gaat uitsluitend in op de inhoudelijke wijzigingen in beleid en ASV2024 als gevolg van de inspraakperiode en op wijzigingen als gevolg van voortschrijdende inzicht. De informatie die al met u gedeeld is in de raadsinformatiebrieven van 15 juni en 21 september 2023 worden in voorliggend raadsvoorstel niet herhaald. DOELSTELLING
Besluitvorming over het Subsidiebeleid Westland en de ASV2024 Westland. ARGUMENTATIE
1.1 Dit is het eindresultaat waarin de zienswijzen waar mogelijk en voor zover wenselijk zijn verwerkt Er zijn in twee bijeenkomsten door de subsidiepartners mondeling zienswijzen ingediend: tijdens een bijeenkomst op 9 september 2023 met de systeempartners en tijdens een bijeenkomst op 10 september 2023 met andere subsidiepartners en huurders van gemeentelijk vastgoed. Daarnaast zijn er zienswijzen schriftelijk ingediend (zie bijlagen 3 a t/m e). De zienswijzen zijn verwerkt in de nota van beantwoording (zie bijlage 4). De zienswijzen hebben geleid tot de volgende wijzigingen in de vertaling naar het subsidiebeleid en de algemene subsidieverordening 2024:
• Bij de indexatie van de subsidieplafonds wordt als uitgangspunt genomen de consumenten prijs- index (CPI) van het jaar voorafgaand aan de subsidieaanvraag. Dit betekent dat bij een subsidieaanvraag voor het jaar 2025 de CPI over 2023 wordt gebruikt voor de indexering van de subsidieplafonds. Dit is een uitgangspunt dat aansluit bij de manier van begroten van de gemeente. Het college kan hier echter op basis van de ASV van afwijken als daar aanleiding toe is. Dit is op deze manier in beleid
en ASV2024 verwerkt. In het ontwerpbeleid was de index over het subsidiejaar genoemd. Die is op het moment van aanvraag echter niet inzichtelijk. Subsidies worden niet geÏndexeerd. Dat blijft hetzelfde als in het ontwerpbeleid. De CPI zoals hier geschetst, biedt de subsidiepartners echter wel een handvat voor hun berekeningen voor de hoogte van de aanvraag. • Daar de CPI over het voorgaande jaar rond 10 januari van het jaar van aanvraag bekend is, worden de regelingen per 1 februari open gesteld voor zover dit regelingen ten aanzien van een jaarsubsidie betreffen. Hieraan voorafgaand worden in de loop van januari de subsidieplafonds - onder voorbehoud vaststelling begroting - per regeling door het college vastgesteld. De reden hiervoor is dat bij het openstellen van een regeling het subsidieplafond bekend moet zijn. Bij het openstellen wordt dan aangegeven dat het onder "voorbehoud vaststelling begroting" is. De aanvraagtermijn voor jaarsubsidies voor het volgende jaar is van 1 februari - 1 mei. De subsidieaanvragen worden gebundeld in een subsidieprogramma en voor het zomerreces ter besluitvorming voorgelegd aan het college. Het college verleent - onder voorbehoud vaststelling begroting - de subsidies en het streven is voor 15 oktober de beschikkingen te versturen. • In het beleid is het begrip "systeempartner" verhelderd.
Het is voor partijen niet mogelijk om zich in te schrijven als systeempartner. Uw raad bepaalt de systeempartners voor een periode van 4 jaren. • De zienswijze van de culturele systeempartners dat subsidiebedragen van systeempartners geÏndexeerd zouden moeten worden, is niet overgenomen. Subsidiepartners kennen hun eigen branche het best en zijn in staat een goede subsidieaanvraag voor het volgend jaar in te dienen. Wij bieden zoals gezegd met de CPI - over het jaar voorafgaand aan de aanvraag - een handvat voor de berekeningen. • De eerste periode van 4 jaren is in het beleid omgezet naar 2025 t/m 2028. Dit in plaats van deze bestuursperiode 2022 - 2026 zoals in het ontwerpbeleid aangegeven. Hoewel het subsidiebeleid en de ASV2024 per 1 januari 2024 van kracht wordt, start met het subsidiejaar 2025 de uitvoering. Vandaar dat een eerste periode van 2025 t/m 2028 voor de hand ligt. • De bepaling over het maximaal eigen vermogen voor systeempartners is aangepast. In de ASV2024 is opgenomen dat een systeempartner mag beschikken over bestemmingsfondsen die derden hebben bestemd voor een bepaald doel en waarover de systeempartner niet vrij kan beschikken. De hoogte van het maximaal eigen vermogen is bepalend voor het wel of niet in aanmerking komen voor de gehele subsidie.
Indien noodzakelijk kunnen er maatwerkafspraken over het eigen vermogen gemaakt worden in het vierjarenplan dat de systeempartner opstelt en afstemt met de gemeente. Deze afspraken worden dan jaarlijks vastgelegd in de subsidiebeschikking.
• Op basis van voortschrijdend inzicht is de juridische verankering van het "subsidieregister" verhelderd. Artikel 3.3 van de Wet open overheid (Woo) "Actieve openbaarmaking in de vorm van overzichten" is toegepast. Op dit moment is het nog een beleidskeuze die we maken om een openbaar en actueel subsidieregister bij te houden. Het artikel in de Woo dat de gemeente verplicht stelt verstrekte subsidies openbaar te maken is nog niet van kracht, maar de verwachting is wel dat dit binnenkort het geval zal zijn. Hierop anticiperend is het praktischer, efficiënter en effectiever dat door middel van een subsidieregister te doen dan door individuele publicaties. Deze beleidskeuze betekent ook dat op de grond van de Woo het register om de twee weken wordt geactualiseerd. Zienswijzen van systeempartners dat er slechts één keer per vier jaar een subsidieaanvraag zou moeten worden ingediend en één keer per vier jaar verantwoording zou moeten worden afgelegd, zijn niet gehonoreerd. Ook de gemeente heeft een meerjarenbegroting maar actualiseert ieder jaar de deze begroting waarbij de begroting voor het volgend kalenderjaar door de raad wordt vastgesteld. De andere jaren zijn een doorkijk. Zeker gezien de koppeling met de gemeentebegroting is het niet aan te raden om de jaarlijkse aanvraag en vaststelling voor de systeempartners af te schaffen. Systeempartners vragen ieder jaar een
behoorlijk bedrag aan. Daar mag een goede jaarlijkse onderbouwing aan ten grondslag liggen. De zienswijze van de culturele systeempartners dat subsidiebedragen van systeempartners geÏndexeerd zouden moeten worden, is niet overgenomen. Subsidiepartners kennen hun eigen branche het best en zijn in staat een goede subsidieaanvraag voor het volgend jaar in te dienen. Wij bieden zoals gezegd met de CPI - over het jaar voorafgaand aan de aanvraag - een handvat voor de berekeningen. Ook het verzoek om separate regelingen voor systeempartners in het leven te roepen of systeempartners te verbijzonderen door middel van begrotingssubsidies is niet overgenomen. Het college moet binnen de subsidieplafonds een afweging kunnen maken. Dat gaat niet als alles al is vastgelegd. Dit houdt ook in dat systeempartners dicht bij hun bestaansrecht moeten blijven. Er is dus geen sprake van een vanzelfsprekendheid dat een systeempartner subsidie-technisch een deel van het maatschappelijk veld kan overnemen als die ambitie er is. Wel zal er per systeempartner binnen een regeling een subsidieplafond worden bepaald. Dat zegt nog niets over de hoogte van de toe te kennen subsidie. Ook de zienswijze dat er invulling gegeven moet worden aan het begrip "redelijke termijn" - opgenomen in de Algemene wet bestuursrecht voor de afbouw van een subsidierelatie - wordt niet gevolgd.
Dat is maatwerk voor zover het aan de orde mocht zijn. 1.2 Besluitvorming over het Subsidiebeleid en de Algemene Subsidieverordening 2024 is een raadsbevoegdheid Besluitvorming over het Subsidiebeleid en Algemene Subsidieverordening is een bevoegdheid van uw raad. Als uw raad het beleid en verordening niet zou vaststellen dan wordt de bestaande situatie gecontinueerd, dat wil zeggen zonder subsidiebeleid en met de ASV2016. 2. Deze organisaties vormen de ruggengraat van de Westlandse maatschappelijke infrastructuur. In voorliggend beleid wordt bepaald dat de systeempartners voor een periode van 4 jaren door uw raad worden aangewezen. Dit is opgenomen omdat met het aanwijzen bepaald wordt welke subsidiepartners gezien worden als de "ruggengraat" van de sociaal-maatschappelijke infrastructuur. Dat is een beleidsmatige uitspraak die aan uw raad ter besluitvorming is. Ook komt een groot deel van de subsidies ten goede aan de systeempartners. 3. Dit betreft een bevoegdheid van de raad Besluitvorming over het subsidiebeleid en de ASV2024 is een bevoegdheid van uw raad. Dit betekent ook dat de beantwoording van de zienswijzen een bevoegdheid van de raad is. Het college draagt zorg voor het versturen van de nota van beantwoording. RISICO’S EN KANTTEKENINGEN
Kanttekening: Er zijn een aantal door de raad vastgestelde verordeningen die vooralsnog van kracht blijven De volgende door de raad vastgestelde verordeningen blijven naast de ASV2024 van kracht: - Subsidieverordening compensatie OZB-heffing sportverenigingen Westland 2020 - Subsidieverordening compensatie OZB-heffing vrijwilligersorganisaties Westland 2020 - Subsidieverordening gemeentelijke monumenten Westland 2007 - Verordening subsidie oud papier Westland - Verordening subsidiering godsdienstonderwijs en levensbeschouwelijk vormingsonderwijs Westland 2007
Deze verordeningen staan op gelijk niveau als de ASV2024 maar zouden eigenlijk ondergebracht moeten worden in de nadere regels. In de loop van 2024 wordt de raad voorgesteld om deze verordeningen in te trekken en om te zetten naar nadere regels. FINANCIËN
Het subsidiebeleid en de ASV2024 hebben geen financiële consequenties voor de gemeente. Het nieuwe beleid werkt net als in de hedendaagse praktijk met subsidieregelingen, bijbehorende subsidieplafonds en budgetten. Budgetten voor het verlenen van subsidies worden net als nu het geval is, door de raad in de begroting geaccordeerd. Het huurprijzenbeleid maakt geen deel uit van het subsidiebeleid. Eventuele financiële consequenties van het huurprijzenbeleid komen aan de orde bij de ontwikkeling van en bestuurlijke besluitvorming over dit beleid. EXTERN OVERLEG
Deze nota is tot stand gekomen door een samenwerking tussen de clusters Beleid (beleidsmatig en juridisch), Bedrijfsvoering (juridisch en financieel), Ruimte (vastgoed) en Control. Daarnaast is er inspraak geweest van de subsidiepartners en de huurders van gemeentelijk vastgoed. VERVOLGTRAJECT
Subsidiebeleid en Algemene Subsidieverordening 2024 treden in werking per 1 januari 2024. Besluitvorming over de nadere regels is in het college voorzien op 19 december 2023. Burgemeester en wethouders van Westland, de secretaris,
de burgemeester,
M.L.M. Weerts
B.R. Arends