Voorstel tot vaststelling van de Zienswijze ontwerp-meerjarenbegroting 2023-2026, inclusief herziene begroting 2022 en financieel jaarbericht VRH 2021
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
ONDERWERP
Zienswijze ontwerp-meerjarenbegroting 2023-2026, inclusief herziene begroting 2022 en financieel jaarbericht VRH 2021. AANLEIDING
Op 8 april jl. heeft het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Haaglanden (AB-VRH) besloten de volgende financiële stukken door te geleiden naar de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten: Ter zienswijze de ontwerp-meerjarenbegroting 2023-2026, inclusief herziene begroting 2022. Ter kennisname de kaderbrief begroting 2023-2026 en het financieel jaarbericht VRH 2021, inclusief het accountantsverslag. De ontwerp-meerjarenbegroting 2023-2026 wordt, conform artikel 35 van de Wet Gemeenschappelijke regelingen (WGr), door het Dagelijks Bestuur van de VRH (DB-VRH) ter zienswijze aan de gemeenteraad aangeboden. De gemeenteraad heeft tot uiterlijk 10 juni 2022 de tijd om haar zienswijze kenbaar te maken. In de begroting gaat de VRH in op de beleidsmatige ontwikkelingen, de prestatie-indicatoren, en de financiële gevolgen van het beleid. Daarnaast wordt, op grond van artikel 34 van de WGr, de kaderbrief begroting VRH 2023-2026 en de jaarrekening 2021, inclusief het accountantsverslag, ter kennisname aangeboden. De kaderbrief bevat algemene financiële en beleidsmatige kaders van de VRH-begroting. DOELSTELLING
Het vaststellen van de zienswijze op de ontwerp-meerjarenbegroting 2023-2026, inclusief de herziene begroting 2022 en de gemeenteraad in kennis te stellen van de kaderbrief begroting VRH 2023-2026 en de jaarrekening 2021, inclusief het accountantsverslag. ARGUMENTATIE
1.1. De VRH heeft de kaderbrief van de Haaglanden gemeenten overgenomen. Het bestuur van de VRH heeft de kaders die zijn meegegeven door de wethouders in de ‘kaderbrief begroting 2022 gemeenschappelijke regelingen’ volledig overgenomen bij de behandeling van de ontwerp-meerjarenbegroting 2023-2025. 1.2.
De VRH blijft zich inzetten op het waarborgen van de fysieke veiligheid en nieuwe en lopende ontwikkelingen. Brandweer Brandweer Haaglanden heeft in 2020 het meerjarenbeleidsplan ‘Verantwoord doorontwikkelen’ voor de duur van vijf jaar vastgesteld. Maatschappelijk gezien vinden op hoog tempo ontwikkelingen plaats die leiden tot nieuwe risico’s en een veranderende hulpvraag vanuit de PAGINA 1 VAN 7
RAADSVOORSTEL
samenleving. In het meerjarenbeleidsplan zijn de maatschappelijke ontwikkelingen verdeeld over drie thema’s; verdichting, energietransitie en duurzame inzetbaarheid. Om ervoor te zorgen dat deze maatschappelijke ontwikkelingen verantwoord kunnen plaatsvinden, wordt ingezet op de doorontwikkeling van materieel en procedures én het blijven investeren in de ontwikkeling van kennis. Het is noodzakelijk om deze koers voort te zetten, om een brandweer van waarde te blijven in een brede maatschappelijke context en brandweerzorg op niveau te kunnen blijven continueren. De afgelopen periode is met betrekking tot verdichting en energietransitie geïnvesteerd in het verder in kaart brengen van de regionale risico’s. Dit betekent voor verdichting dat in eerste instantie is onderzocht welke effecten het verdichten van de regio heeft én welke factoren hiervan voor (het werk van) de brandweer van belang zijn. Onderscheid is gemaakt in fysieke, infrastructurele en sociale effecten, zoals de verscheidenheid aan verdichte bebouwing, de toename van verkeer en vervoer, segmentatie en fragmentatie en de toename van kwetsbare personen. De komende jaren zullen in het teken staan van het maken van de vertaalslag van deze risico’s naar het werk van de brandweer; op welke wijze moet en kan de brandweer zich aanpassen aan de effecten die de verdichting met zich meebrengt.
Op het gebied van het thema energietransitie is reeds gestart met het maken van de vertaalslag van landelijke doelen naar regionale ambities. De focus ligt op het structureel borgen van veiligheid in een veranderende wereld, de transitie van energietransitie als nieuwe ontwikkeling naar ‘business as usual’ en het zijn van een professionele kennispartner. Dit betekent voor de Veiligheidsregio Haaglanden dat we volop inzetten om zowel in de adviseursrol als in de daadwerkelijke incidentbestrijding ‘up-todate’ te blijven als het gaat om ontwikkelingen binnen de energietransitie. Het aanhouden van COVID-19 heeft daarnaast al gedurende enige tijd invloed op de brandweer. Binnen de organisatie hebben fasen van lockdown en fasen van heropstart elkaar afgewisseld. Ook de komende periode zal de coronapandemie nog vragen om continue flexibiliteit van de organisatie. De VRH zal ook in deze periode investeren om in het kader van risicobeheersing een prominente gesprekspartner en adviseur van de gemeenten te blijven. Het Regionaal Uitvoeringsprogramma Risicobeheersing blijft het handvat voor de gemeenten voor de activiteiten op dit vakgebied. Aankomende wet- en regelgeving beïnvloedt de uitvoeringspraktijk voor de afdeling Risicobeheersing. Met name de op komst zijnde Omgevingswet is van invloed op het proces, de instrumenten en tot op zekere hoogte ook op de risicobeheersingstaken.
Het programma Omgevingsrechtproof Risicobeheersing geeft verdere invulling aan alle randvoorwaarden die voor de afdeling Risicobeheersing noodzakelijk zijn om te werken met de nieuwe wetgeving. De speerpunten: de adviesrol nieuwe stijl, informatievoorziening en de borging in beleid, geven richting aan de opgave. Voor de informatievoorziening gaat de afdeling door met de implementatie en de aansluiting op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het DSO ondersteunt de interactie tussen overheid en samenleving. Het bestaat in ieder geval uit: a) publicatie van omgevingsdocumenten, b) informatie op de kaart over fysieke omgevingskwaliteit en van toepassing zijnde regels, c) informatie over meldings- en vergunningsplicht voor een specifieke activiteit op een specifieke locatie, en d) een digitaal loket voor vergunningaanvragen en meldingen.
PAGINA 2 VAN 7
RAADSVOORSTEL
Verdichting in de steden is regionaal en lokaal in ontwikkeling. Dit resulteert in bouwwerken die dichter op elkaar staan, hoogbouw, complexe inrichting en functiemenging. De energietransitie ontwikkelt in een dermate tempo dat veiligheidsmaatregelen in regelgeving ongelijklopen/ achterlopen op dit tempo. De energietransitie en verdichting is topprioriteit voor de brandweer en daarmee voor risicobeheersing. Gevolgen worden gemonitord, onderzocht en ondergebracht in de veiligheidsadvisering. Deze advisering vindt in toenemende mate risicogericht plaats. Daarmee worden de risico’s geduid en de gemeenten en initiatiefnemers geadviseerd verder te kijken dan het minimale regelgevingsniveau. Dit zodat de brandweer bij een incident in deze complexere omgeving- en bouwwerken niet voor een onmogelijke taak komt te staan en de gebruikers veilig kunnen ontvluchten. Rampenbestrijding en crisisbeheersing In regionaal verband werken de brandweer, de GHOR, de gemeenten en de Politie Eenheid Den Haag projectmatig en flexibel samen op het gebied van rampenbestrijding en crisisbeheersing. Door regionaal samen te werken, wordt ervoor gezorgd dat de hulpdiensten en gemeenten zo effectief mogelijk reageren op een ramp of crisis.
Ter voorbereiding op de incidenten en crises die een multidisciplinair en veelal grootschalig optreden vergen, beschikt de VRH over een Regionaal Risicoprofiel, een Beleidsplan Rampenbestrijding en Crisisbeheersing en een Regionaal Crisisplan. De nieuwe beleidsperiode van deze plannen zal in 2023 starten. De (geactualiseerde) plannen zullen in 2023 aan het Algemeen Bestuur worden aangeboden. In het beleid wordt rekening gehouden met ontwikkelingen in de samenleving en binnen het vakgebied. De samenleving wordt steeds complexer en dit vraagt een grote mate van veerkracht van de functionarissen en de crisisorganisatie. Goede samenwerking kan het effect van een ramp of crisis beperken en bijdragen aan de continuïteit van de samenleving. Daarom heeft de veiligheidsregio samenwerking hoog in het vaandel staan, vanuit ieders verantwoordelijkheid. De regionale samenwerking zorgt er daarnaast voor dat de voorbereiding blijft aansluiten op het reguliere werk van de hulpdiensten. Wanneer de situatie daarom vraagt, wordt deze samenwerking uitgebreid naar andere crisispartners. In navolging van de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s, zal het kabinet – met behoud van het goede – een toekomstbestendig, samenhangend stelsel voor de crisisbeheersing en brandweerzorg realiseren.
Als een gevolg van de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s en allerhande maatschappelijke ontwikkelingen is het waarschijnlijk dat de druk op de multisamenwerking en crisisbeheersing zal toenemen. Dit zal gevolgen hebben voor de hoeveelheid en invulling van het werk. Deze ontwikkelingen worden op de voet gevolgd. GHOR De GHOR is integraal onderdeel van het systeem van veiligheidszorg in Nederland. Voor een goede hulpverlening moet zij zorg dragen voor een effectieve en efficiënte samenwerking tussen de zorgketen en de fysieke veiligheidspartners: brandweer, politie en gemeenten. Deze publieke taak wordt uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van het Openbaar Bestuur en het opperbevel van de burgemeester (lokale rampen en crises) of de voorzitter van de Veiligheidsregio (bovenlokale rampen en crises). Hiermee is de GHOR hét aanspreekpunt voor het Openbaar Bestuur bij kwesties op het gebied van opgeschaalde acute en publieke zorg. De GHOR houdt overzicht over de partijen die hierin een rol spelen, monitort zorgcontinuïteit in de regio en coördineert bij zorgschaarste. Zij doet dit met oog voor het belang van de groep. De GHOR heeft hiermee een publieke taak in de semi-publieke omgeving van de gezondheidszorg. PAGINA 3 VAN 7
RAADSVOORSTEL
De samenleving verandert snel en is complexer aan het worden. Dit geeft uitdagingen die invloed hebben op de wijze waarop de GHOR denkt invulling te geven aan haar opdracht. Belangrijk, het komende jaar, voor de positie van de GHOR zijn de uitkomsten van de evaluatie Wet Veiligheidsregio’s. Op dit moment is het kabinetsstandpunt met betrekking tot de conclusies van de evaluatiecommissie nog niet bepaald en is men in afwachting van wat ook de evaluatie van de Covid crisis ons gaat leren over de rol en de positie van de GHOR bij een dergelijke crisis. Om flexibel te kunnen reageren op wat zich voordoet, is het noodzakelijk dat reeds proactief, in de koude fase, geïnvesteerd wordt in relevante netwerken, zodat stevige relaties zijn opgebouwd. De GHOR gaat het netwerkmanagement dan ook verder vormgeven en uitbreiden de komende beleidsperiode. Met het thema “verbreden van het netwerk” richt de GHOR zich de komende jaren op het aansluiten bij bestaande en nieuwe netwerken, het vormen van nieuwe samenwerkingsverbanden en het verrichten van onderzoek naar dynamische samenwerkingsverbanden over (regio)grenzen heen.
Vanuit het feit dat de maatschappij digitaliseert en er een overload aan data op instellingen af komt, is het de ambitie van de GHOR om deze data om te zetten in bruikbare integrale informatie die tijdens crisis of gebruikt wordt bij de sturingsvraagstukken of prospectief inzicht biedt. De COVID-19 crisis heeft de behoefte aan een 24/7 actueel en gedeeld geneeskundig beeld meer dan bevestigd. Met het thema “de GHOR creëert een actueel en gedeeld (geneeskundig) beeld” heeft de GHOR als doel te groeien naar een informatieknooppunt door aan te sluiten op bestaande en toekomstige informatiesystemen in de zorg en veiligheidsregio’s om zodoende een actueel en gedeeld geneeskundig beeld te creëren en proactief te monitoren en waar mogelijk te sturen. Daarnaast kan het omzetten van data naar een voorspellende waarde voor belangrijke stakeholders inzicht verschaffen om uitspraken te kunnen doen over mogelijke scenario’s en trends. Meldkamers (GnkM en MKB) Het Transitieakkoord (TA) ‘Meldkamer van de Toekomst’ uit 2013 is nu in de eindfase beland. De LMS zal in de ‘bouwplaats’ periode (2020 – 2022) de gezamenlijke meldkamers verder gestalte geven. Gedurende die tijd zullen de rafelranden als gevolg van de overgang verder worden afgehecht. In dit kader zal de meldkamer in 2022 starten met de overgang naar het LMS-platform en zal helder worden wat de VRH-opschalingsruimten gaan kosten.
Er lopen nu een aantal projecten zoals herinrichting van de 9e verdieping. De VRH heeft middelen gereserveerd voor zowel de afhechting van de rafelranden als voor het optimaliseren van de meldkamerfunctie. Met de overdracht van het beheer zijn afspraken gemaakt om zaken als gezag en governance te waarborgen. Deze afspraken zijn vastgelegd in de regeling hoofdlijnen beleid en beheer meldkamers, die samen met de wet Wijziging meldkamers geldt vanaf 1 juli 2020. Sinds 1 januari 2021 is de nieuwe Wet ambulancevoorzieningen in werking getreden. Op dit moment voert de geneeskundige meldkamer van de VRH meldkamertaken uit in opdracht van de (coöperatie) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Haaglanden. De afspraken over deze uitvoering zijn vastgelegd in een Service Level Agreement (SLA). Feitelijk fungeert de VRH hiermee als onderaannemer van het RAV. Als gevolg van de nieuwe Wet ambulancevoorzieningen is het voor RAV’s echter niet meer toegestaan om voor de meldkamerfunctie een onderaannemer in te schakelen. De RAV en VRH hebben uitgesproken dat de huidige uitvoering van de PAGINA 4 VAN 7
RAADSVOORSTEL
meldkamertaak wordt gecontinueerd totdat een oplossing is bereikt. Aan deze oplossing wordt thans gezamenlijk gewerkt, waarbij het VRH-bestuur belang hecht aan publieke borging en een multidisciplinaire organisatie van de geneeskundige meldkamerfunctie. In dit kader wordt verkend of de VRH lid kan worden van de coöperatie RAV Haaglanden. Gemeentelijke crisisbeheersing De evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s heeft geleid tot een aantal aanbevelingen die ook de gemeentelijke crisisbeheersing raken. Landelijk wordt de uitwerking van deze aanbevelingen vormgegeven in het programma ‘Versterking Crisisbeheersing en Brandweerzorg’, dat wordt geleid door het ministerie van JenV en een project ‘Uniform kwaliteitsniveau Bevolkingszorg’ dat hier aan gekoppeld is. In 2023 zal duidelijk worden wat de definitie wordt van gemeentelijke crisisbeheersing in relatie tot bevolkingszorg, welke prestaties geformuleerd worden t.a.v. uniformiteit en kwaliteit en hoe dit zijn beslag zal krijgen in voorstellen tot aanpassing van de Wet. De uitwerking en implementatie van regionale visie op gemeentelijke crisisbeheersing gaat daarnaast onverminderd voort. Waar nodig en mogelijk zal de verbinding met de landelijke trajecten gelegd worden. 1.3. De VRH heeft een informatieplicht richting de gemeenteraden.
In artikel 34 lid b van de WGr is de informatieplicht van het Dagelijks- en Algemeen Bestuur van de VRH aan de gemeenteraden vastgelegd. Voor 15 april moet de VRH de deelnemende gemeenteraden in kennis stellen van de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening. RISICO’S EN KANTTEKENINGEN
1.1. Blijvende aandacht voor ontwikkelingen rondom vrije instroom van brandweervrijwillgers. Brandweervrijwilligers zijn in Westland onmisbaar. Zij zijn nodig voor het borgen van de slagkracht die nodig is voor de bestrijding van grote en langdurige incidenten. De VRH hecht er aan de brandweerzorg in Haaglanden te blijven verzorgen door een beroepsbezetting in combinatie met vrije-instroomvrijwilligers. De beschikbaarheid van de vrijwilligers in de dagsituatie wordt een steeds grotere uitdaging. Om de paraatheid te kunnen blijven garanderen wordt het verloop van de vrijwilligers permanent gemonitord en daar waar mogelijk beïnvloed. Naast wervingscampagnes wordt ook het bedrijfsleven actief benaderd. Zij kunnen medewerkers stimuleren toe te treden tot de brandweer om zodoende de beschikbaarheid te vergroten. Daarnaast zijn vier posten opgeleid om te werken met variabele voertuigbezetting en wordt dagdienstpersoneel opgeleid als brandweervrijwilliger om overdag vanuit de Westlandse kazernes in de voertuigbezetting te kunnen voorzien. Dit vergroot onze flexibiliteit. Desalniettemin blijft de werving een belangrijk aandachtspunt. 1.2.
Bezuinigingsmogelijkheden worden onderzocht waarbij rekening wordt gehouden met
kostenstijgingen en inflatie. Verschillende gemeenteraden hebben in de vorige beleidscyclus aangedacht gevraagd om bezuinigingsmogelijkheden te onderzoeken. Het bestuur van de VRH heeft aangegeven dit inzichtelijk te maken. Deze toezegging is ook opgenomen in de kaderbrief. Het bestuur van de VRH zal later dit jaar de eventuele mogelijkheden bespreken waarbij nadrukkelijk wordt gekeken naar de toekomstige prijsontwikkeling vanwege de huidige geopolitieke verhoudingen. Dit jaar wordt tevens de verdeelsleutel geevalueerd. Een eventuele aanpassing van het PAGINA 5 VAN 7
RAADSVOORSTEL
verdeelmodel zal mogelijk een effect hebben voor de bijdrage van Westland vanaf 2024 en verder.
FINANCIËN
De inwonerbijdrage voor de VRH gaat omhoog van €65,76 (herziene begroting 2022) naar €67,23 in 2023. Daarmee komt de totale bijdrage voor de gemeente Westland in 2022 uit op €7.324.000. Voor 2023 en daaropvolgende jaren bedraagt de bijdrage €7.563.000. De trendsystematiek voor de VRH is volledig in lijn met de kaderbrief voor gemeenschappelijke regelingen van de gemeenten. Een bedrag van €0,15 per inwoner voor de post onvoorzien wordt niet op voorhand in rekening gebracht. Op basis van de ontwerp-begroting 2023-2026 staat in onderstaand schema deelnemersbijdrage wijzigt ten opzichte van de begroting 2022-2025 van de VRH:
hoe
de
bedragen x €1.000
Gemeente Westland Begroting 2022 Trend 2022 (1e actualisatie) Trend 2023 (1e actualisatie) Areaal 2023 (1e actualisatie) Totaal
2022
2023
2024
2025
7.171 153
7.171 153 164 75 7.563
7.171 153 164 75 7.563
7.171 153 164 75 7.563
7.324
Dekking Het effect van (de aanpassing van de) trend 2022 wordt bij de 1e actualisatie 2022 structureel verwerkt in de gemeentebegroting. Het effect van de trend 2023 zal structureel worden verwerkt bij de 1e actualisatie 2023. De dekking van de trend zal gezocht worden in de stelpost loon- en prijsindexatie. Jaarrekening 2021 Het financieel resultaat bedraagt €1,3 mln. voordelig. Besloten is om hiervan €0,9 mln. terug te betalen aan de deelnemende gemeenten. Voor Westland is dit een bedrag van afgerond €72.000. Dit voordeel zal via de 1e Actualisatie 2022 in de begroting verwerkt worden. EXTERN OVERLEG
Het raadsvoorstel is tot stand gekomen in samenwerking met: -
De VRH;
VERVOLGTRAJECT
De zienswijze wordt betrokken bij de definitieve vaststelling van de ontwerp-meerjarenbegroting 2023-2026 VRH in de vergadering van respectievelijk het DB-VRH van 24 juni 2022 en het ABVRH van 8 juli 2022. Vervolgens wordt de definitieve begroting aangeboden aan de Gedeputeerde PAGINA 6 VAN 7
RAADSVOORSTEL
Staten van de Provincie Zuid-Holland. De definitieve begroting wordt tevens ter kennisname aan de gemeenteraden toegezonden.
Burgemeester en wethouders van Westland, de secretaris,
de burgemeester,
A.C. Spindler
B.R. Arends
PAGINA 7 VAN 7
RAADSBESLUIT
De raad van de gemeente Westland; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 19 april 2022, met de volgende bijlage(n):
Raadsvoorstel en concept-raadsbesluit (22-0100440) Zienswijze van de gemeenteraad op de concept-meerjarenbegroting VRH 2023-2026 (220100633) Financiële stukken ter doorgeleiding naar de gemeenteraad: 1. Aanbiedingsbrief (22-0101463) 2. Kaderbrief VRH 2023-2026 (22-0101465) 3. Ontwerp-meerjarenbegroting VRH 2023-2026 (inclusief herziene begroting 2022) (22-0101466) 4. Jaarrekening VRH 2021 (22-0101469) 5. Accountantsverslag VRH 2021 (22-0101471)
gelet op het bepaalde in artikel 35 van de Wet Gemeenschappelijke regelingen; gehoord het advies van de commissie bestuur van 11 mei 2022 en gehoord de beraadslagingen van onderhavige vergadering;
besluit: 1.
2.
Middels bijgevoegde brief een zienswijze in te dienen, waarmee de raad van de gemeente Westland akkoord gaat met de ontwerp-meerjarenbegroting VRH 2023-2026, inclusief de herziene begroting 2022. Kennis te nemen van de bijgevoegde financiële berichtgeving van de VRH (kaderbrief VRH 2023-2026 en het financieel jaarbericht VRH 2021, inclusief accountantsverslag).
Aldus besloten door de raad in zijn openbare vergadering van 24 mei 2022,
de griffier,
de voorzitter,
A.P.M.A.F. Bergmans
B.R. Arends
PAGINA 1 VAN 1