Toelichting vaststelling (21-0358355)
Tekst van het document
©- i@ jicj-i;
IjJm JJ
-'/Ww
W.'jíJ
WAELPOLDER bestemmingsplan NL.IMRO.1783.ONWWAELPOLDERpbp-VA01 vastgesteld
GEMEENTE
vrW/ r V-*
^ V yļļlţiţí^yļ^iŗ ^
s-r-
".rif
Kŕl-u-c.ř- -' yp'y^
J UİİÉİ
jrf1 -
V* Jý 11 TMÌli '
j
"V
Toelichting
3
4
Inhoudsopgave
Toelichting Hoofdstuk 1
Inleiding
3 6
1.1
Aanleiding
6
1.2
Ligging plangebied
7
1.3
Geldend bestemmingsplan
8
1.4
Leeswijzer
9
Hoofdstuk 2
Gebiedsvisie
10
2.1
Beleidskader
10
2.2
Ruimtelijk-functionele structuur
19
2.3
Gebiedsvisie Waelpolder
25
Hoofdstuk 3
Onderzoek
30
3.1
Vormvrije m.e.r.-beoordeling
30
3.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
30
3.3
Bedrijven en milieuzonering
33
3.4
Geluid
36
3.5
Luchtkwaliteit
39
3.6
Externe veiligheid
42
3.7
Water
49
3.8
Bodem
62
3.9
Ecologie
62
3.10
Cultuurhistorische aspecten
68
Hoofdstuk 4
Juridische planbeschrijving
70
4.1
Planvorm
70
4.2
Bestemmingsregeling
72
Hoofdstuk 5
Uitvoerbaarheid
75
5.1
Economische uitvoerbaarheid
75
5.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
75
5
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Het woningbouwproject Waelpolder is gelegen in 's Gravenzande (gemeente Westland) en maakt deel uit van een groter gebied Waelpark. Dit grotere woningbouwplan (voorheen Poelpolder) kent een lange geschiedenis en is gestart voor 2009. In 2009 is het stedenbouwkundige plan voor de Poelpolder in s-Gravenzande vastgelegd in het masterplan Het Nieuwe Water, een langgerekt gebied aan de rand van s-Gravenzande. Vanwege de veranderde (markt-)omstandigheden en de financiële onhaalbaarheid heeft ONW in overleg met de gemeente Westland besloten om het masterplan voor Het Nieuwe Water (HNW) drastisch aan te passen. In 2015 is het (nieuwe) Masterplan Waelpark opgesteld. De ecologische verbindingszone als onderdeel van het Nationaal Natuurwerk (voorheen de Ecologische hoofdstructuur) loopt van noord naar zuid door het gehele gebied. Deze zone is kwalitatief en kwantitatief sterk verbeterd door het minimaliseren van obstakels en garanderen van een obstakelvrije minimale breedte. De grote oppervlakten aan boezemwater zoals opgenomen was in het plan 'Het Nieuwe Water' zijn in dit plan komen te vervallen. Daarvoor in de plaats is er meer ruimte voor groen in de woonomgeving en meer ruimte voor woningbouw, inclusief bijbehorende voorzieningen zoals spelen, wegen en parkeren.
Het doel van dit bestemmingsplan is het juridisch-planologisch mogelijk maken van de realisatie van maximaal 720 nieuwbouwwoningen met bijbehorende voorzieningen, een basisschool, zorg en van een ecologische verbindingszone in het glastuinbouwgebied van de Poelpolder.
ft
'mm.
-
I
ť-
r w .ń
A.:}
İKÍSbí
6
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied is gelegen tussen de Nieuwe Vaart en de Poelkade, ten zuiden van het bestemmingsplan Rijnvaart en ten noorden van Dijckerwaal fase 1 en 2.
-f 4- 4 4 4- -Rj, 4 4
4444444444444 41 44444444444444 44444444444-K ’vPŵl: 444444444 44 4 4 4 + + + + 4 + + + + + WÍ.+ + 4 + 4-, 4 4 4 4 44-HŴ4'' 4 4 4 4 4',4'ìŵ 4 4 4 4 4 4 41 4 4 4 4 'N- 4 4 4 4 4 4 4 4 +X+ 4 4 4 4\YH 4 4 4 4 4 4 4 4\4 4 4 4 f 4 i4\4 4 4 4 4 4 4 4 44444444 44444444 4\f44444444 Vv 4 4 4""
4 4 Sľiīg
4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 444444444 H- 4\4 444 4 4444 4 4 4 4 4 4 4 c4 4 4-4 4 4' 4 4 4 \ 4 4 4 4 4 4-4' l4 4 4^4 4^,
4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 44444444 4 4 4 4 4 4 4 4 4 ■^4444-1-444 4! 4 4 4 4 4 4 ■r4 4 4 4 4 + 4 4-' 4,, .-4'--4 44 4 4 4 4'’ 4jį?ŕj 4 4 4 4 4 4 4 4"" 4^4 4
4 4 4 '4 4 4 + 4
4 4 44 4 4 4 4ŗ4' 4,
4 4 4
7
1.3
Geldend bestemmingsplan
-•CV". F '
Binnen het plangebied was, voor het van kracht worden van dit bestemmingsplan, het bestemmingsplan Het Nieuwe Water (vastgesteld op 26 mei 2009) van toepassing. Het plangebied had de bestemming Woondoeleinden en uit te werken Woongebied, park en water. Binnen het plangebied zijn tevens van toepassing: -"Paraplubestemmingsplan Wonen Westland" (vastgesteld 2020-09-01); -"Paraplubestemmingsplan Parkeernormen" (vastgesteld 2018-02-20).
8
1.4
Leeswijzer
Het bestemmingsplan "Waelpolder" bestaat uit een toelichting, planregels en een planverbeelding. De toelichting is als volgt opgebouwd. In Hoofdstuk 2 komt de gebiedsvisie aan de orde. Hierin wordt de ruimtelijke en functionele hoofdstructuur van het plangebied beschreven met aandacht voor cultuurhistorisch waardevolle elementen, overige ruimtelijke kwaliteiten, aanwezige knelpunten en te verwachte ontwikkelingen. Dit tezamen leidt tot een beschrijving van de gemeentelijke visie op het gewenste behoud en beheer van de ruimtelijke kwaliteit in het plangebied. In Hoofdstuk 3 wordt onderzoek op het gebied van milieu, ecologie, archeologie en cultuurhistorie en water behandeld. In Hoofdstuk 4 wordt dieper ingegaan op de planvorm en de achtergrond bij de regels die zijn opgenomen voor de verschillende bestemmingen. Tot slot wordt in Hoofdstuk 5 ingegaan op het de economische en de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.
9
Hoofdstuk 2 2.1
Gebiedsvisie
Beleidskader
De beleidscontext voor de visie op het plangebied wordt gevormd door gemeentelijke, regionale, provinciale en landelijke beleidsrapportages. In dit hoofdstuk is het relevante beleid samengevat. Het hier samengevatte beleidskader is niet uitputtend. In de toelichting wordt op een aantal plaatsen verwezen naar specifiek beleid of beleidsnotities die niet in deze paragraaf worden behandeld. Tot slot wordt in dit hoofdstuk een beschrijving gegeven van de visie op het plangebied. Deze visie is gericht op het behoud en beheer van de ruimtelijke kwaliteit. 2.1.1
Gemeentelijk beleid
Omgevingsvisie 2.0: Visie op Westland Op 8 december 2020 heeft de gemeenteraad de Omgevingsvisie 2.0: Visie op Westland vastgesteld. De Omgevingsvisie gaat onder andere in op de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed. De Omgevingsvisie is breder dan alleen de fysieke leefomgeving; ook onderwerpen als gezondheid, veiligheid en duurzaamheid moeten onderdeel uitmaken van de visie. De Omgevingsvisie geeft weer waar we met Westland naartoe willen en bindt de gemeente aan haar eigen voornemens en ambities. De Omgevingsvisie werkt door in het (later nog op te stellen) omgevingsprogramma, waarin beleidsvoornemens en maatregelen staan die dienen om de doelen in de leefomgeving te bereiken. De Omgevingsvisie geeft ook richting aan het ontwikkelen van het omgevingsplan. Hierin worden de algemene regels en vergunningsplichten vastgelegd die bindend zijn voor burgers en bedrijven (bestemmingsplannen en verordeningen worden hiermee vervangen). De belangrijkste opgave is het verhogen van de leefkwaliteit in Westland, waarbij het sociaal-maatschappelijke en economische belang van het tuinbouwcluster niet uit het oog wordt verloren. De oorspronkelijke structuren in het landschap moeten behouden blijven, net als de gemeenschapszin in de dorpen. Westland wil een groenere, gezonde en aantrekkelijke gemeente zijn.
Met een people - planet - profit benadering, vindt vergroening plaats langs de belangrijke groene verbindingen en in de wijken, terwijl initiatiefnemers en ontwikkelaars worden gevraagd groeninclusief te ontwerpen en in te richten. Een klimaatbestendig beleid wordt doorgevoerd in ruimtelijke inrichting, nieuwbouw en verkeersmaatregelen. Bodemwarmte moet worden benut en er wordt aangesloten op warmtenetten in de regio. Betere bereikbaarheid en een toonaangevende rol op het gebied van kennis, innovatie en duurzaamheid in de Greenport blijven een belangrijke rol spelen. De autonome groei van inwoners wordt geaccommodeerd door het invullen van de zachte plannen voor woningbouw in combinatie met inbreiding door bv. hoger te bouwen. De kwaliteit van de omgeving wordt verbeterd met een groen/blauwe inrichting (groene daken, beleefbaar groen en waterberging) om hittestress en wateroverlast tegen te gaan. Voor 2040 wordt één vierkante meter groen per huishouden extra gerealiseerd, voor nieuwbouwprojecten geldt een norm van 50 m2 verblijfsgroen per woning. Bij projectontwikkeling worden zoveel mogelijk de minimale eisen uit het Convenant Klimaatadaptief Bouwen gehanteerd en is het uitgangspunt dat niet langer gebruik wordt gemaakt van fossiele brandstoffen. Het woningaanbod moet aansluiten uit bij de Westlandse behoeften en economisch verbondenen.
Westland wil meer dan 8000 woningen realiseren, waarvan een grote opgave betaalbaar wonen. Er ligt ook een opgave voor de huisvesting van (tijdelijke) arbeidsmigranten. Het duurzaam glastuinbouwgebied behoudt voldoende kritische massa om een innovatieve glastuinbouwgemeente te blijven, maar het toevoegen van beleefbaar groen mag ten koste gaan van glastuinbouw. De glastuinbouw produceert in de toekomst circulair, wordt energieneutraal en klimaatadaptief. Om de modernisering en herstructurering op gang te brengen moet er letterlijk ruimte
10
worden gemaakt, bv. door het uitplaatsen van (bedrijfs)woningen naar de dorpen. Integrale gebiedsplannen moeten betaalbaar en met voldoende draagvlak gerealiseerd kunnen worden. Langs de kust is een strand dat uitblinkt in rust en ruimte met een goede balans tussen natuur en recreatie. Daarnaast wil Westland sluitende recreatieve netwerken creëren voor verschillende gebruiksgroepen d.m.v. robuuste groen-blauwe aders. Er wordt ingezet op een hoogwaardige OV verbinding tussen Den Haag en de Hoekse Lijn richting Delft. Bepaalde bedrijventerreinen kunnen uitbreiden, in de kernen worden (compacte) kernwinkelgebieden aangewezen. Rond 2030 zijn grote ingrepen nodig om de infrastructuur op orde te houden (vrijliggend logistiek netwerk, ongelijkvloerse kruispunten), er komt een verkenning naar de mogelijkheden voor lightrail. Het fietsnetwerk binnen en van/naar Westland wordt verbeterd met o.a. metropolitane fietspaden. Vrachtverkeer krijgt wellicht hubs en goede doorstroming naar de A4/A20 blijft een belangrijk aandachtspunt. Natuurgebieden (Natura 2000 en het Natuur Netwerk Nederland) moeten robuust, veerkrachtig, aaneengesloten en beleefbaar worden gemaakt. Voor 2030 zijn ontbrekende zones en schakels in ecologische verbindingen ingevuld, zodat de biodiversiteit bevorderd wordt. De waterkwaliteit moet worden verbeterd en er komt meer ruimte voor het vasthouden van water.
Dit vraagt ook inspanningen van de glastuinbouw om meer circulair te worden, minder grondwater te onttrekken en water te bergen. De toekomstkaart van Westland:
JĮL/1
J
Verkeer- en vervoerbeleid Op 10 december 2019 is de Mobiliteitsvisie Duurzaam Bereikbaar Westland vastgesteld door de gemeenteraad. Het gemeentelijk mobiliteitsbeleid was tot de vaststelling van deze Mobiliteitsvisie gebaseerd op het Westlands Verkeer- en Vervoerplan 2005-2015 (WVVP) en de Structuurvisie Westland 2025. Veel van de in het WVVP opgenomen doelstellingen en uitvoeringsprogramma's zijn gerealiseerd, dan wel waren aan herziening toe. Na vaststelling van de Mobiliteitsvisie is het WVVP komen te vervallen.
11
Er komt steeds meer verkeer in Westland. Om ervoor te zorgen dat we nu en in de toekomst nog vlot tussen dorpen en van dorp naar steden kunnen reizen, maken we plannen en nemen we maatregelen. De volgende mobiliteitsdoelen zijn opgenomen in de Mobiliteitsvisie 2040: "
Logistieke bereikbaarheid;
" "
De auto minder dominant; Volwaardige alternatieven voor de auto;
"
Westland verkeersveilig;
"
Duurzaam Bereikbaar Westland.
Beleidsregel Parkeernormering gemeente Westland 2018 In de vergadering van burgemeester en wethouders van 16 januari 2018 is de 'Beleidsregel Parkeernormering gemeente Westland 2018' vastgesteld. Hiermee vervalt de verwijzing naar het WVVP. In het beleid is de parkeernormering van de gemeente Westland geactualiseerd en in overeenstemming gebracht met de meest recente kerncijfers van het CROW (landelijke richtlijnen). Beleidsnotitie conventionele explosieven in het Westland In de beleidsnotitie conventionele explosieven in het Westland wordt beschreven hoe om moet worden gegaan met diepte werkzaamheden op locaties die mogelijk conventionele explosieven bevatten. De basis voor het gemeentelijk beleid voor het opsporen van explosieven is de explosieven risicokaart. Deze kaart geeft een eerste indicatie van het mogelijke gevaar van diepte werkzaamheden op bepaalde locaties in het Westland. In het projectgebied zijn geen mogelijke vindplaatsen van conventionele explosieven aanwezig. Handhaven op maat Op 17 november 2015 hebben burgemeester en wethouders van Westland de beleidsnota 'Handhavingsbeleid, integrale handhaving Wabo taken' vastgesteld. Hierin zijn de doelen en richting voor milieuhandhaving en bouw- en woningtoezicht beschreven. De naleving van wet- en regelgeving is daarbij een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente, burgers en bedrijven.
De wet- en regelgeving zijn bedoeld om kwaliteit, veiligheid en leefbaarheid binnen de leefomgeving te beschermen en bevorderen en dat is in ieders belang. Dit draagt bij aan een prettige woon-, werk- en leefomgeving voor de burgers en ondernemers van de Gemeente Westland. De handhaving van de regelgeving vervat in dit plan is een bevoegdheid van burgemeester en wethouders. Het gaat daarmee vooral om de planregels inzake het bouwen en het gebruik van gronden en bouwwerken. Een aantal vormen van gebruik wordt specifiek aangeduid als strijdig met de bestemming, zodat handhavend optreden hiertegen eenduidig mogelijk te maken. Uiteraard betreft het hier een niet-limitatieve opsomming. Handhaving van dit plan is van belang om de ruimtelijke kwaliteit en de leefbaarheid er van in stand te houden. Daarnaast heeft handhaving uiteraard ook een belangrijke functie in het kader van de rechtszekerheid en rechtsgelijkheid. De planregels in dit plan zijn voldoende duidelijk, concreet en toepasbaar om te kunnen handhaven. Handhaving van het plan zal in de praktijk primair plaatsvinden via de bestemmingsplantoets in het kader van de omgevingsvergunning en door feitelijk toezicht op de aanwezigheid van bouwwerken en op gebruiksactiviteiten. Binnen de gemeente heeft het team bouw- en woningtoezicht van de afdeling Ruimte, Omgeving en Veiligheid hierin een centrale taakstelling.
Bij gebleken strijdigheid met het plan wordt, afhankelijk van de prioriteitsstelling, een handhavingstraject ingezet. Woonvisie De Woonvisie Westland 2020-2030 is een actualisatie van de Woonvisie van 2016 en richt zich op het deelonderwerp "wonen" van de Ontwerp-Omgevingsvisie Westland. De Woonvisie is vastgesteld in juli 2020. De Omgevingsvisie van gemeente Westland vormt de rode draad voor de ruimtelijke plannen en woningbouwplannen in Westland de komende jaren. Onze focus blijft op het tuinbouwcluster liggen, maar we zoeken daarin een betere balans met de leefomgeving. Westland wil een groenere, gezonde en aantrekkelijke gemeente zijn. In de toekomst ligt de drijfveer bij bouwen in het creëren van maatschappelijke meerwaarde. Westland werkt aan een beheersbare groei van het aantal woningen,
12
zodat het aanbod aansluit bij de behoeften van de Westlandse bevolking en mensen die economisch verbonden zijn met de gemeente. Het woonmilieu in Westland is onderscheidend ten opzichte van de omliggende steden en sluit aan bij het dorpse leefklimaat. De woningmarkt is continu in beweging. Dit verdraagt geen strak gedetailleerd programma, maar een kader voor beslissingen. De Woonvisie biedt het kader voor besluiten over programma's, inzet van middelen en capaciteit en geeft richting aan het handelen van de gemeente en haar partners. De Woonvisie is in overleg met de woningcorporaties, huurdersorganisaties, zorgorganisaties, uitzenders en tuindersorganisaties tot stand gekomen. Prioriteiten en uitgangspunten van de Woonvisie De "Woonvisie Westland 2020-2030" geeft de prioriteiten, uitgangspunten en visie hoe Westland er in 2030 uit moet zien op het gebied van (zorg)wonen en huisvesting arbeidsmigranten. De hoofdthema's van Woonvisie zijn: Betaalbaarheid »
* * *
doelgroepen die aangewezen zijn op betaalbare woningen (starters, gezinnen, ouderen, zorgbehoevenden, corporatiedoelgroepen, middeninkomens, arbeidsmigranten, vergunningshouders, woonwagenbewoners); grootte en differentiatie sociale woningvoorraad; woonlasten; gevolgen verkoop Vestia-woningen.
Doorstroming en wooncarrière » bevorderen doorstroming; « senioren (doorstroming vanuit sociale eengezinswoning); * slaagkansen inwoners Westland. Nieuwe bouwambitie * * * » « * * *
behoud karakter kernen; vergroening en verduurzaming; huisvestingsoplossingen buiten de kernen; wonen met zorg: levensloopgeschiktheid Z aanpasbaarheid; programma voor nieuwe projecten/locaties: 30-5-20-45*; herbestemming maatschappelijk vastgoed; flexwonen; huisvesting arbeidsmigranten, ook buiten kernen en op percelen glastuinbouwbedrijven.
(*) 3007o sociale huur, 507o goedkope koop, 2007o middeldure koop of huur, 4507o duurdere koop Het woningbouwprogramma voor Waelpolder voldoet niet aan de Woonvisie 2020-2030. Met de Ontwikkelingsmaatschappij Het Nieuwe Westland (ONW) zijn in 2015 (aangevuld in een addendum in 2018) separate afspraken gemaakt om dit gebied te ontwikkelen. Het woningbouwprogramma voor voorliggend bestemmingsplan is contractueel vastgelegd tussen gemeente en ontwikkelaar en is opgenomen in de grondexploitatie. Woningbouwimpuls In 2019 heeft het kabinet aangekondigd om f 1 miljard beschikbaar te stellen voor de bouw van betaalbare woningen, de zogenoemde Woningbouwimpuls. Het besluit van het kabinet vormde voor het college van burgemeester en wethouders begin 2020 aanleiding om, onder voorbehoud, het woningbouwproject Waelpolder als één van de mogelijke projecten binnen Westland, aan te melden voor deze bijdrageregeling. De gemeente Westland heeft voor de eerste tranche woningbouwimpuls 2020 een subsidieaanvraag ingediend en verkregen. Hierdoor kan worden voorzien in een groter aantal woningen, waarbij een divers samengesteld aantal doelgroepen kan worden bereikt.
13
Voor Waelpolder waren er initieel ca 600 woningen voorzien, waarvan is afgesproken dat 20Z wordt gerealiseerd in de sociale sector (120 woningen) en 80Z vrije sector (480 woningen). Met de verkregen subsidie zullen in het plan 20 0Zo in het sociale segment ^ 4 sociale huurwoningen uit het plan Gantel de Baak) en 30 Z in het betaalbare segment ^ NHG grens) worden gerealiseerd. In het bestemmingsplan kunnen maximaal 720 woningen worden gerealiseerd. Voor de invulling van het woonprogramma in Waelppolder zijn met Ontwikkelingsmaatschappij Het Nieuwe Westland (ONW) afspraken gemaakt. Deze afspraken sluiten niet aan op hetgeen in de Woonvisie is opgenomen. In de samenwerkingsovereenkomst met ONW is namelijk de verplichting opgenomen voor het realiseren van slechts 120 betaalbare woningen (mix sociale en bereikbare woningen 20Z). De Woonvisie gaat uit van 30Z sociale huur, 5Z goedkope koop, 20Z middeldure koop of huur, 45Z duurdere koop. Met de verkregen subsidie in het kader van de woningbouwimpuls wordt nog steeds niet voldaan aan de Woonvisie, maar met de 50Z betaalbare en sociale woningen voorziet dit ruimschoots in de behoefte. Beleid en beleidsregels voor opslag en verkoop van consumentenvuurwerk in Westland In deze Nota wordt aangegeven dat het wenselijk is een goede ruimtelijke spreiding van de verkooppunten van consumentenvuurwerk te bewerkstelligen.
Doel bij een ruimtelijke benadering is het bereiken van een gelijkmatige spreiding van (kleine) bedrijven voor verkoop en opslag van consumentenvuurwerk over Westland, om op deze wijze straathandel en vuurwerktoerisme zoveel mogelijk te voorkomen. Daarbij moet er binnen elk verzorgingsgebied sprake zijn van voldoende (vuurwerk)aanbod om de lokale markt te voorzien en zodoende illegale handel in principe overbodig te maken en te voorkomen. Het uitgangspunt voor opslag en verkoop van consumentenvuurwerk van de gemeente Westland is: Ruimte bieden aan ondernemers voor opslag en verkoop van consumentenvuurwerk met inachtneming van veiligheid en milieuregelgeving onder voorwaarde van een goede ruimtelijke spreiding. Met daarbij de volgende randvoorwaarden: * * * * « * * *
in de gemeente Westland wordt alleen consumentenvuurwerk opgeslagen. Opslag en verkoop van professioneel vuurwerk is niet toegestaan; iedere vestiging van opslag en verkoop van consumentenvuurwerk zal worden getoetst aan voldoende ruimtelijke spreiding in de gemeente Westland; in de gemeente Westland worden maximaal 18 vestigingen voor opslag- en verkooppunten van consumentenvuurwerk toegestaan; opslag tot en met 1.000 kg is beperkt toegestaan in de dorpskernen; nieuwe vestiging in dorpskernen is niet toegestaan; de vestiging van bedrijven met een opslag tot en met 10.000 kg heeft de voorkeur in gebieden waar een bedrijfsbestemming geldt of in tuincentra; opslag boven de 10.000 kg consumentenvuurwerk is uitgesloten; bestaande bedrijven in strijd met deze uitgangspunten mogen de activiteiten voortzetten.
In de planregels van het voorliggende bestemmingsplan is opgenomen dat opslag en verkoop van consumentenvuurwerk niet is toegestaan.
2.1.2
Regionaal beleid
Metropoolregio Den Haag-Rotterdam In de metropoolregio Rotterdam Den Haag werken 23 gemeenten samen aan het verbeteren van de bereikbaarheid en het vernieuwen van de economie. Daarmee versterken ze onder meer de (internationale) concurrentiepositie van de regio. Met elkaar vormen deze 23 gemeenten het bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). Voor het overleg tussen de 23 gemeenten en het nemen van besluiten kent de MRDH de volgende besturen en commissies: het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de bestuurscommissie Vervoersautoriteit (Va), de bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat (EV) en de voorzitter. Met 23 gemeenten, 2,3 miljoen mensen, 1,2 miljoen banen met werk voor 13,5Z van de Nederlanders en een bijdrage van 15Z aan het BNP is de metropoolregio een regio die er toe doet. Voor een grootstedelijke regio waar het goed wonen, werken en recreëren is, heeft de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) zichzelf twee belangrijke ambities gesteld: het vernieuwen van economie en het
14
verbeteren van de bereikbaarheid. Het Rijk gaf de Metropoolregio Rotterdam Den Haag de status van vervoerregio. En daarmee ook wettelijke taken rond verkeer en vervoer. Aan het begin van elke nieuwe bestuursperiode (elke vier jaar) stelt het bestuur een regionale strategische agenda vast, van waaruit de regionale vraagstukken worden opgepakt. De huidige strategische agenda loopt tot en met 2022.
2.1.3
Provinciaal beleid
Het omgevingsbeleid Zuid-Holland is op 1 april 2019 in werking getreden. In het Omgevingsbeleid is al het bestaande provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving samengevoegd in een Omgevingsvisie en een Omgevingsverordening. Omdat onderdelen uit het Programma ruimte naar het visiedeel zijn omgezet, is het resterende deel hiervan nu onderdeel van het Omgevingsbeleid. Met het Omgevingsbeleid van Zuid-Holland streeft de provincie naar een optimale wisselwerking tussen gewenste ruimtelijke ontwikkelingen en een goede leefomgevingskwaliteit. Hieraan wordt richting gegeven door het maken van samenhangende beleidskeuzes, die volgen uit provinciale opgaven en belangen. Deze beleidskeuzes werken door naar uitvoeringsprogramma's en naar regels in de provinciale verordening. Het geheel aan bestaande beleidskeuzes, inclusief de doorwerking naar programma's en verordening, vormt het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving. Introductie op het omgevingsbeleid: de ruimtelijke hoofdstructuur Zuid-Holland wil slim en schoon zijn. Klimaatverandering heeft in het laaggelegen deltagebied grote ruimtelijke, economische en sociale gevolgen. Als open economie is Zuid-Holland gevoelig voor gevolgen van globalisering. De segregatie neemt toe. De energie-intensieve economie heeft, zoals ook benoemd in het klimaatakkoord van Parijs, alleen toekomst als wordt overgegaan tot verduurzaming.
De provincie ziet zes richtinggevende ambities in de fysieke leefomgeving: naar een klimaatbestendige delta, naar een nieuwe economie (the next level), naar een levendige meerkernige metropool, energievernieuwing, best bereikbare provincie en gezonde en aantrekkelijke leefomgeving. Belangrijk om de ambities waar te kunnen maken zijn innovatieve oplossingen voor waterberging en het voorkomen van hittestress, de overstap van een fossiele naar een circulaire economie, het uitbreiden van warmtenetten, een forse woningopgave en de verduurzaming van woningen, vitale kernen, het aanpakken van verkeersknelpunten, het versterken van openbaar vervoer en gebruik van de fiets en de kwaliteit van de leefomgeving versterken door natuur, water, recreatie, cultureel erfgoed en economie in samenhang te bezien. De ruimtelijke hoofdstructuur toont de essentie en de samenhang van verschillende ruimtelijke beleidskeuzes uit de Omgevingsvisie.
15
Pŕ.? * » *fl
ê*** * t*M HL
«
*
* m * I
i*l*
f til
M* l»«l
'* « * * * t* 't******* k.' m * m A *
.I t I
* *
b
\4T]
« ' «
»
f
*
4 **J i
«•'4 «i
imii
I * V * * *
o*r.
.
«•41
» t I * « * - -
If 11 r i «Ml* i IIf *11t
*r '
Mi i
*
H W •W , *
• ■•m
* #******* ril . *« *4*« »#M**«* * «M*l* *B**B**B ■jįé.ii Jim# ,ŵ fll IMI
Bm
«M
İ ft a É 'V I t 4
•• MM l*«M *M*M m »«wmę Alt
śfàTnSA
De ruimtelijke hoofdstructuur Gemeente Westland laat zich kenmerken door de glastuinbouw (Greenport Westland) omringd door kust, natuur en stedelijk groen met daarbinnen woonkernen en logistieke overslagpunten. Naaldwijk is als regiokern aangewezen. Wateringen behoort tot de stedelijke agglomeratie. Nabij de vestiging van Flora Holland is een kenniscentrum aangegeven. Wat betreft mobiliteit is een (boven) regionale HOV-net busroute voorzien van Den Haag, via Naaldwijk naar Maassluis, alwaar op het HOV-net kan worden aangesloten richting Rotterdam. De greenport wordt benoemd als volwassen cluster dat tot de wereldtop behoort. Deze positie moet behouden blijven en waar mogelijk versterkt worden. Er wordt gestreefd naar synergie van mainport Rotterdam en de greenports. De groene ruimte heeft intrinsieke waarde en het kustlandschap vormt mede de grondslag voor de identiteit van de bebouwde en groene ruimte. De provincie zet in op de groenblauwe structuur om groene kwaliteiten binnen en buiten stedelijk gebied te versterken en de samenhang tussen parken, recreatiegebieden, natuurgebieden en agrarisch landschap te vergroten. Omgevingsverordening Regels aangaande bestemmingsplannen bv.
met betrekking tot ruimtelijke kwaliteit, de ladder voor duurzame verstedelijking en voor ruimtelijke ontwikkelingen als stedelijke ontwikkelingen, kantoren, bedrijven, detailhandel, glastuinbouwgebied, infrastructuur, veiligheid, natuur en cultureel erfgoed zijn opgenomen in de Omgevingsverordening. De regels zijn van overeenkomstige toepassing op ruimtelijke initiatieven waarvoor een zogenaamde 'grote buitenplanse afwijking' wordt doorlopen. Op grond van de regels die zijn gesteld voor natuur, is voor Westland het volgende gebied aangewezen als ecologische verbindingen binnen het Natuurnetwerk Nederland:
16
Programma Ruimte Een intensiever gebruik van steden en dorpen vergroot het draagvlak voor openbaar vervoer. Andersom kan de capaciteit op het infrastructuurnetwerk helpen om keuzes te maken waar en wanneer er verdicht en geconcentreerd kan worden. De provincie streeft er naar de agglomeratiekracht te vergroten. Stedelijke ontwikkelingen buiten bestaand stads- en dorpsgebied (BSD). Op de kaart 'woningbouwlocaties, bedrijventerreinen en andere stedelijke ontwikkelingen' (ook wel genoemd: '3ha kaart') zijn nog te ontwikkelen locaties voor deze doeleinden groter dan 3 ha buiten BSD opgenomen. Als een locatie hier is opgenomen, betekent dit dat de provincie op hoofdlijnen geen bezwaar heeft tegen de betreffende ontwikkeling.
Woningbouwlocatie», bedrijventerreinen en andere stedelijke ontwikkelingen groter dan 3 hectare tfte ntet v.axwn aan de MM* tón BSO n de Ornpevtngwerorderv'ig
f
'Abri ngbouwlocabes '
3 tot «1 mei ft hectare
*
S tot tfi mei 24 nectar*
*
ft Ki en nwt ie fcxbrú
®
39 toten n»et66 hectare
9
07 lol «n mal 320 rwctarė
Bedrijventerrein harce capaciteit *
3 tot an m*i 0h«:iať*
*
6tot«i mei ^0 hKtm
A
11 H eniw4 31 h«ta*ŕ
A
22 ki tri met 45 h« lare
A
4ŭ 1çE rn mrt ŞŞ h« tore
Bedrijventerrein zachte eapacit* 1
*
3 tot en mei ihecttf c
*
Ė tor mí m*i rû w.rjv*
*
11 d Ěft ñì«21 FWCülŕ
A
7ĩ tol en n»«t45 hectare
A
46 tol en n»«t 99 hectare
Andere s-teoeijfce ontwikneirgen *
3 tot mi rwt S hectare
*,
6 »ī M
10 iwcun
*r 11 ter! ŕnmelîlhŕthiŕ CVŨHį Stodaii m dorpen
Uŵlpr
F
1 Pnřńncicgncnļ
17
Woningbouwlocaties, bedrijventerreinen en andere stedelijke ontwikkelingen (3 ha kaart). Op de kaart zijn, indicatief, woningbouwlocaties weergegeven die gelegen zijn buiten het bestaand stads- en dorpsgebied en meer dan 3 hectare groot zijn. Op de kaart staat zowel harde als zachte capaciteit buiten BSD. Met deze toevoeging wordt invulling gegeven aan bestuurlijke continuïteit. Met deze toevoeging wordt invulling gegeven aan bestuurlijke continuïteit. Het plangebied - onderdeel van Waelpark - is zowel op de kaart als bijbehorende tabel 1 opgenomen als woningbouwlocatie in het Programma ruimte. Tabel 1 Woningbouwlocaties gemeente
plaats
naam locatie
Westland
De Lier
Mo lens loot
Westland
iKwintsheut
Holle Watering
Westland
Monster
De Duinen
Westland
~ î----------Monster
Monster noord
Westland
Monster
West made
Westland
■Poeldijk
Poeldijk Westhũf
Westland
's-Gravenzande
Poelkade! Het Nieuwe Water
Westland
's-Gravenzande
Wae I pa rk/W aeipoide r
Westland
Waterin
Erasmuszone t Wippolder
2.1.4
;o opp in ha
Rijksbeleid
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte 8, AMvB ruimtelijke ordening Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar & veilig. Daar streeft het Rijk naar met een aanpak die ruimte geeft aan regionaal maatwerk, de gebruiker voorop zet, investeringen scherp prioriteert en ruimtelijke ontwikkelingen en infrastructuur met elkaar verbindt. Een actualisatie van het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid is daarvoor nodig. De verschillende beleidsnota's op het gebied van ruimte en mobiliteit zijn gedateerd door nieuwe politieke accenten en veranderende omstandigheden zoals de economische crisis, klimaatverandering en toenemende regionale verschillen onder andere omdat groei, stagnatie en krimp gelijktijdig plaatsvinden. De structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geeft een nieuw, integraal kader voor het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en is de 'kapstok' voor bestaand en nieuw rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. Doelen In de structuurvisie Infrastructuur en Ruimte formuleert het Rijk drie hoofddoelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar & veilig te houden voor de middellange termijn (2028): * * «
het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland; het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en
18
cultuurhistorische waarden behouden zijn. Het Westland is op de kaart van de nationale ruimtelijke hoofdstructuur aangewezen als Greenport.
NATIONALE RUIMTELIJKE HOOFDSTRUCTUUR Hel vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland O Stedelijke regio met topeectorer»
CS Mainport Schiphol Mainport Rotterdam Brainport Zuidoost Nederland
Greenpcrt Zuidas Stad van internationaal reent, vrede en veiligheid Ô
HSL ACE station
O
Ovarija luchthavan van nationaal balang
O
Zeehaven van nationaal belang
0
Blnnanhevan van nationaal balang
Figuur - Uitsnede kaart nationale ruimtelijke hoofdstructuur Nationale belangen De structuurvisie Infrastructuur en Ruimte is vertaald in de AMvB ruimtelijke ordening. De AMvB omvat alle ruimtelijke rijksbelangen die juridisch doorwerken op het niveau van bestemmingsplannen. Het gaat om kaders voor onder meer het bundelen van verstedelijking, de bufferzones, nationale landschappen, de Ecologische Hoofdstructuur, de kust, grote rivieren, militaire terreinen, mainportontwikkeling van Rotterdam en de Waddenzee. Met de AMvB Ruimte maakt het Rijk proactief duidelijk waar provinciale verordeningen en gemeentelijke bestemmingsplannen aan moeten voldoen. Uit de regels en kaarten behorende bij de AMvB kan worden afgeleid welke aspecten relevant zijn voor het ruimtelijke besluit. Voor het projectgebied zijn geen nationale belangen in het geding. 2.1.5
Conclusie
De ontwikkeling voor Waelpolder is in overeenstemming met de beleidskaders van de verschillende overheden.
2.2
Ruimtelijk-functionele structuur
2.2.1
Ruimtelijke aspecten
Het plangebied Waelpolder is onderdeel van de grotere ontwikkelingslocatie Waelpark (voorheen Het Nieuwe Water) die begrensd wordt door het verlengde van de Gantel, de Poelwatering, de Naaldwijkseweg en de Nieuwe Vaart (het gebied van de Poelpolder). Voor dit gehele gebied is een masterplan met een onderliggend verkeersrapport opgesteld dat op 18 februari 2015 door de raad van gemeente Westland is vastgesteld. Het gebied dat het masterplan omvat wordt ontwikkeld voor de bouw van woningen, de aanleg van een ecologische verbindingszone, de aanleg van een nieuwe waterverbinding op boezempeil en maatschappelijke voorzieningen. Een belangrijke opgave is het integreren van de verschillende ruimte vragende onderdelen tot een aantrekkelijk woonmilieu. Bepalende ruimtelijke factoren daarbij zijn de
19
vorm van de locatie (lang en smal) en de context (situering en te handhaven elementen). Deze vragen om een zorgvuldige positionering van de verschillende ruimte vragende onderdelen. Bepalende factoren van proces en tijd zijn de gefaseerde ontwikkeling, met een vooralsnog onzeker tijdpad en het vraag gestuurd ontwikkelen, waarbij aantallen en typen woningen door de marktvraag worden bepaald.
Ecozone
2.2.2
Verkeer
Op 8 maart 2021 is door Goudappel Coffeng (zie Bijlage 1 Verkeersonderzoek) een onderzoek naar de verkeerssituatie in en rondom Waelpolder opgeleverd. Daarnaast is voor dit deelproject Waelpolder ook de vraag wat het maximaal aantal te bouwen woningen kan zijn, zonder dat er grootschalige aanpassingen noodzakelijk zijn aan de omliggende wegenstructuur. Voor de herziening van de verkeersrapportage zijn de berekeningen uitgevoerd met het meest recente verkeersmodel (V-MRDH 2.6). Met dit verkeersmodel zijn de verwachte intensiteiten voor 2030Hoog berekend. Er zijn een tweetal varianten onderzocht: 1. Variant 1, waarbij circa 1.400 woningen in Waelpark worden gerealiseerd, waarvan circa 620 woningen in Waelpolder; 2. Variant 2, waarbij circa 720 woningen in Waelpolder gerealiseerd worden. Dit betreft het 'worst case'f-scenario qua effecten op het omliggende wegennet. Verkeersverbindingen algemeen Uit onderzoek naar de verkeersintensiteiten is gebleken dat het verkeer van en naar Waelpolder zich voornamelijk in zuidoostelijke richting afwikkelt. De bouw van nieuwe woningen in Waelpolder betekent dat het verkeer zowel via de noordkant via de Rijnvaartweg als via de zuidkant via de Dijckerwaal zich verspreid. De grootste stroom verkeer is echter duidelijk zichtbaar zuidwaarts van Waelpolder georiënteerd.
Daarbij kiest het merendeel van dit verkeer de route via de Laan van de HH Lambertus naar de N220 (Maasdijk) om richting de A20 te rijden. Het andere deel van het verkeer vanuit Waelpolder zuidwaarts, rijdt via de Galgeweg, en verspreidt zich vervolgens naar Naaldwijk en de Westlandroute (N222).
20
Galgeweg - Kruisbroekweg - Vierschaar Uit de kruispuntanalyses is gebleken dat de huidige enkelstrooksrotonde Galgeweg Kruisbroekweg - Vierschaar (nabij Naaldwijk) in de autonome situatie al zwaar belast is. Om die reden is het noodzakelijk dat de capaciteit van deze rotonde wordt vergroot voor een acceptabele verkeersafwikkeling in de toekomst. Voor rotonde Kruisbroekweg - Galgeweg - Vierschaar is een aantal alternatieve rotondevormen onderzocht. Aangezien deze rontonde al in de autonome situatie zwaar belast is, kent de aanpassing van deze rotonde een eigen traject. Deze mogelijke aanpassing van de rotonde zal separaat plaatsvinden. Galgeweg (N467) - Opstalweg Dit kruispunt ligt net ten oosten van het Waelpark en is samen met de rotonde bij de Kruisbroekweg een belangrijke ontsluitingsweg voor Naaldwijk en ‘s-Gravenzande.
W|
íSf.íi. Ik' r-*.-'
Rotonde Naaldwijkseweg (N467) - Heenweg - Dijckerwaal Dit kruispunt is gelegen direct ten zuiden van de ontwikkeling van Waelpark. In 2019 is deze aansluiting omgebouwd tot rotonde, rekening houdend met de ontwikkeling van woningen in de Waelpark.
21
Rotonde Maasdijk (N220) - Laan van de HH Lambertus Dit kruispunt ligt verder ten zuiden van Waelpark. De Laan van HH Lambertus wordt gebruikt door verkeer dat vanaf Waelpolder richting de N220 (Maasdijk) wil. Op de Laan van de HH Lambertus is er in het verkeersmodel namelijk voornamelijk sprake van linksafslaand verkeer (richting de Maasdijk oost).
J-X-
De Galgeweg (N467) - Opstalweg , de rotonde Naaldwijkseweg (N467) - Heenweg - Dijckerwaal en de rotonde Naaldwijkseweg (N467) - Heenweg - Dijckerwaal hebben voldoende capaciteit om de toename van het verkeer te verwerken als gevolg van de nieuwbouw in Waelpolder met extra woningen. Ontsluiting voor gemotoriseerd verkeer Het plangebied wordt ontsloten via een centrale verzamelweg (30 km/h). Daarbij kan het verkeer het plangebied zowel vanuit noordelijke als zuidelijke richting bereiken. Ontsluiting voor langzaam verkeer In het Masterplan Waelpark is in de uitwerking voor de fietsroute Arendsduin - Staelduin gekozen voor
22
een fietsroute over de Nieuwe Vaart in plaats van een route via de Poelkade. De volgende overwegingen hebben daarbij een rol gespeeld. De aanleg van een nieuw fietspad langs Het Nieuwe Water ten zuiden van de Naaldwijkseweg lijkt (zeker op korte termijn) niet realistisch. Voor de aanleg van een fietspad richting het Staelduinsebos langs Het Nieuwe Water moeten woningen en percelen worden aangekocht. Daarnaast moeten veilige kruisingen met de Naaldwijkseweg en de Maasdijk worden gerealiseerd. In de huidige situatie is de fietsverbinding al aanwezig via de Heenweg. Met de aanleg van de nieuwe ontsluitingsweg Teylingen met vrijliggend fietspad en de aanleg van de rotonde Heenweg wordt hier een directe en verkeersveilige fietsroute gerealiseerd. Een andere overweging om niet de fietsroute via de Poelkade te situeren, zijn de ruimtelijke mogelijkheden om een overzichtelijke en verkeersveilige oversteek te creëren op het kruispunt Poelkade - Poelmolenweg - Rijnvaartweg. In de huidige situatie ontbreekt hiervoor de benodigde ruimte. Op het kruispunt Nieuwe Vaart - Rijnvaartweg zijn wel mogelijkheden aanwezig om een veilige oversteek te realiseren. De verharding van de Nieuwe Vaart bestaat op dit moment uit klinkers. Voor het realiseren van een comfortabele fietsroute is een inrichting als fietsstraat aan te bevelen.
Het vervolg van de hoofdfietsroute richting Arendsduin verloopt in het masterplan via de Maesemundeweg, Poelmolenweg en via de nieuw aangelegde fietsbrug naar de Enthovenlaan. Ten noorden van de ‘s-Gravenzandsevaart kan men dan via de Rusthovenlaan of via de nieuwe fietspaden in het te ontwikkelen gebied van Poelzone-noord en Groene Schakel naar Arendsduin fietsen. In het noordelijk deel van Waelpark is in het masterplan rekening gehouden met een aangepaste fietsverbinding langs de ‘Plas van Alle winden' met nieuwe fietsbruggen over de 's-Gravenzandsevaart, en de fietsroute langs de Rijnvaartweg. Met de aanleg van deze fietspaden en nieuwe fietsbruggen wordt ook de hoofdfietsroute ‘Gantelroute‘ uit het Westlands verkeer en vervoersplan (WVVP) gerealiseerd. De in het WVVP vastgelegde fietsroute via de Kleine Achterweg - De Korenbloem is niet specifiek opgenomen in het masterplan van Waelpark. Met het realiseren van een verbinding tussen de Korenbloem en Teylingen met fietsbruggen over de Poelwatering en Nieuwe Vaart wordt voldaan aan de visie van het WVVP. Voor een goede ontsluiting en bereikbaarheid van het openbaar vervoer zijn directe fietsroutes vanuit Waelpark naar de bushalten noodzakelijk. Dit betekent dat ook de oost-westfietsverbindingen gewenst zijn ter hoogte van de Edisonstraat en Boomgaardspad - Dijckerwaal.
23
.
i ļţlf ļ
\*
V'/A » yjk ļsţ.'\ i? 7 jŵ
ä*\ŵ
s\v. raat».' 4*\».
Y*s«ääŕ ' - s-%. r I
\
Gewenste hoofdfietsstructuur Waelpark en halten openbaar vervoer Ontsluiting voor openbaar vervoer Uit overleg met de MRDH en de vervoerder EBS blijkt dat een busverbinding door het nieuwe woongebied Waelpark niet tot de mogelijkheden behoort. De kosten voor een dergelijke busverbinding zijn te hoog en zal ten koste gaan van bestaande halten op de Naaldwijkseweg en de Koningin Julianaweg (bijvoorbeeld halte Heliotroop - zwembad). De nieuw te bouwen woningen in Waelpark liggen op enkele woningen na niet op loopafstand van de bestaande bushalten. Realisatie en verkeerssituatie rondom basisschool Aandachtspunt van een school in Waelpolder is de verkeersafwikkeling rond de school. Naast de mogelijkheid om de school te bereiken via de aan te leggen ontsluitingsweg die centraal in Waelpolder is gesitueerd, zijn extra kindvriendelijke routes nodig. Om te bevorderen dat kinderen zo veel als mogelijk te voet en per fiets (begeleid) naar school gaan is het gewenst dat er voldoende veilige en autoluwe routes rondom de basisschool gerealiseerd worden. Met betrekking tot verkeersveiligheid is het gunstig dat de doorfietsroute aan de zijde van de Nieuwe Vaart komt te liggen. Dit is gunstig voor de
24
verkeersveiligheid van kinderen die per fiets of te voet naar de basisschool gaan, zij hebben zodoende een autovrije route om de school te bereiken. Verkeersintensiteit De toekomstige verkeersintensiteiten van de wegen binnen het plangebied van Waelpark blijven onder de toelaatbare bovengrens van 6.000 mvt/etm voor erftoegangswegen. Dit betekent dat alle woonstraten in het plangebied een maximumsnelheid van 30 km/h kunnen krijgen. Op hele smalle woonstraten waar men elkaar niet kan passeren, zoals de Nieuwe Vaart en Poelkade, is een intensiteit van circa 2.000 mvt/etm toelaatbaar. Deze waarde wordt nergens overschreden. Parkeren Op grond van artikel 23.4 van de planregels is middels een voorwaardelijke verplichting het gebruik van de gronden slechts toegestaan als er sprake is van voldoende parkeergelegenheid als bedoeld in de beleidsregel 'Parkeernormering gemeente Westland'. Hieraan zal dan ook worden getoetst bij het indienen van de aanvragen om omgevingsvergunning voor het bouwe. Hiermee is geborgd dat er te zijner tijd voldoende parkeergelegenheid zal worden gecreëerd.
2.3
Gebiedsvisie Waelpolder
2.3.1
Algemeen
Het plangebied Waelpolder is een onderdeel van het gebied Waelpark, een woningbouwlocatie ten oosten van de kern 's Gravenzande. Het gebied ligt tussen de in realisatie zijnde plangebieden Rijnvaart in het noorden en Dijckerwaal in het zuiden.
25
#^ü
2.3.2
Typering gebied
De stedenbouwkundige structuur van het plangebied Waelpolder is ontleend aan de landschappelijke structuur van het gebied. Het historische krekenlandschap wordt gekenmerkt door meerdere smalle watergangen. Deze watergangen komen o.a terug in de ecologische zone die dwars door Waelpolder zijn plek zal vinden van noord naar zuid (aansluiten op de andere deelgebieden). Maar ook gaan er vanuit de ecozone watergangen het gebied in. De ecozone is een onderdeel van de ecologische verbinding van Staalduin naar Arendsduin (2005). In het zuiden is de ecozone een onderdeel van een verbrede groenzone. Deze groenzone fungeert tevens als buffer naar het bedrijventerrein aan de andere zijde van de Nieuwe Vaart. De watergangen met taluds, (verbrede)ecozone en de ontsluitingsweg vormen de omlijsting van de verschillende ontwikkelvelden. Op deze manier is een kwalitatieve basis gelegd voor de toekomstige woonwijk, waarbij de groen- en waterstructuur beleefbaar zijn door de hele wijk.
26
2.3.3
Stedenbouwkundige randvoorwaarden
Voor het plangebied is een Stedenbouwkundig Programma van Eisen (zie Stedenbouwkundig plan) opgesteld. Waelpolder zal worden ontwikkeld in een tijd waarin verschillende maatschappelijke tendensen actueel zijn. Trefwoorden daarvan zijn duurzaam, klimaatadaptief, innovatie op het gebied van energie en mobiliteit. Ook betaalbaar en sociaal segment zijn terugkerende onderwerpen in discussies en presentaties. Het SPvE beoogd richting te geven aan het realiseren van deze ambities,zonder de mogelijkheden van meer traditionele ontwikkelingen uit het oog te verliezen. Het SPvE bevat vooral richtlijnen en spelregels ter stimulering van ontwikkelingsvormen die aan de gestelde ambities tegemoet komen. Daarbij passen geen specifiek architectonische stijlkenmerken maar wel zorgvuldige vormgegeven overgangen van landschap - stedenbouw en architectuur. Voor de inrichting van de afzonderlijke ontwikkelvelden worden spelregels opgesteld in een kavelpaspoort. Deze spelregels richten zich met name op de overgang van de openbare ruimte en het particulier eigendom. Het geeft richting aan ontwikkelen bouwinitiatieven op verschillende aspecten, zoals de kavelinrichting, beplanting, bebouwingstypen en materiaal toepassing.
Binnen de ontwikkelvelden worden de woningen zo gepositioneerd dat ze met de voorkant van de woning/bebouwing naar de straat of het openbaar groen (eventueel met fiets of wandelpad) zijn georiënteerd. Dus geen achterkanten van woningen naar openbaar groen. Het groen in de wijk moet beleefbaar en bereikbaar zijn voor de hele wijk. Daarnaast worden het groen in de woonvlekken (35m2 per woning) en de ecologische kwaliteit van de woonvlekken zelf zoveel mogelijk gebruikt om de ecologische zone te versterken. De kavelpaspoorten worden gehanteerd als kwaliteitstoets bij de ontwikkeling van de plannen. 2.3.4
Ecologische zone
De ecologische verbindingszone in het plangebied van masterplan Waelpark loopt van noord naar zuid, is minimaal 25 meter breed en bestaat zoveel mogelijk uit plas-draszone, ecologisch groen en water. De bestaande Molensloot(polder) heeft een wisselende breedte en zal de kern vormen van de ecologische verbindingszone. Deze zone krijgt plaatselijk meer breedte door het eraan koppelen van bestaand groen en nieuw aan te leggen wijk- en buurtgroen in de nabijheid van deze zone. 2.3.5
Woonmilieus
Bij de verdeling van de woning typologieën over het plangebied wordt gekeken naar de omliggende structuur. De randen van het plangebied, aan de Nieuwe vaart en de Poelkade, zullen vooral bestaan uit grondgebonden woningen. In het midden van het gebied aan de ecologische verbindingszone en hoofdontsluiting zal plaats zijn voor gestapelde woningbouw. Ieder ontwikkelveld heeft een ander woningtype, zo ontstaat er een gedifferentieerde woonwijk, met een diversiteit aan woonsferen en leefstijlen. Dit kan zijn vrijstaand of twee aaneen gebouwde kapwoningen, rijwoningen, woningen in een gesloten bouwblok, gestapelde woningen of een mengeling van woningtypen. In de plannen voor Waelpolder is oorspronkelijk rekening gehouden met de bouw van circa 600 woningen. Met de woningbouwimpuls ontstond de mogelijkheid een substantieel aantal betaalbare woningen te realiseren. Bij een percentage van 500Zo betaalbare woningen is het noodzakelijk meer woningen te bouwen dan de beoogde 600. In het gehonoreerde plan zijn dat er maximaal 720 geworden. Bij een dergelijke verandering, meer woningen in dezelfde ruimte, is gestapelde bouw onvermijdelijk. De gestapelde bouw wordt afgewisseld met grondgebonden woningen. Naast sociale en betaalbare woningen, bevat het plan ook (middel)dure en luxe woningen. Daarmee ontstaat een gemengde woonwijk.
Het plan bevat diverse bouwvolumes van vier tot zes lagen, incidenteel zeven lagen. Voor de hoogbouw binnen de bestemming Woongebied 2 en Woongebied 3, waarvan de ligging binnen het plangebied in grote mate bekend is, is een bezonningsonderzoek uitgevoerd (zie hiervoor Bezonning gestapelde woningen plangebied) van bezonning aanvaardbaar is. Omdat nog niet duidelijk is waar de overige hoogbouw exact komt te liggen, is binnen de bestemming Gemengd een verplichting in de regels opgenomen om een bezonningsonderzoek te laten uitvoeren. De aanvaardbaarheid van die bebouwing moet uit een bezonningsonderzoek blijken ten tijde van de omgevingsvergunning aanvraag. In het stedenbouwkundig plan voor Waelpolder is een hoogte-accent opgenomen van circa 50 meter hoog. Dit hoogte-accent bestaat uit een slanke woontoren en is zodanig gepositioneerd dat het een
27
landmark vormt in zijn omgeving en tegelijkertijd rekening houdt met schaduwwerking ten opzichte van de directe omgeving (zie Bezonningsonderzoek woontoren). Het gaat om een toren van 32 woningen, met twee woningen per verdieping. Derhalve is de toren weliswaar zestien lagen hoog, maar blijft slank. Een dergelijk volume vraagt om een zorgvuldige inpassing met betrekking tot hinder van schaduw en zicht. De toren is gepland aan de zuidwestpunt van Waelpolder, deelgebied 6. Dit is de beste plek binnen het plangebied, dat wil zeggen de plek die de minste hinder geeft. Deze plek is goed zichtbaar vanaf de brug naar Dijckerwaal en staat in het verlengde van de door het plan lopende ecologische verbindingszone. Op deze plek aan het water is rondom ruimte en, door de ecologische verbindingszone, afstand tot toekomstige bebouwing. Het gebouw is nadrukkelijk bedoeld voor appartementen in het luxe segment. Juist het uitzicht over het Westland en de kust/zee, maken deze woningen tot een uniek product. Op een relatief beperkt oppervlakte wordt het mogelijk deze doelgroep te bedienen. Hierdoor blijft er meer ruimte over binnen Waelpolder om betaalbare woningen te realiseren. Overigens is in de Omgevingsvisie aangegeven dat binnen Waelpark een hoogte van meer dan 10 lagen mogelijk is, als voldaan wordt aan een goed geborgde kwalitatieve openbare ruimte.
Gezien de 35m2 openbaar groen per huishouden en de ecozone die gerealiseerd wordt, is hier zeker sprake van.Het gebouw is gepositioneerd op een unieke en betekenisvolle plek: de “hoek” van het plangebied, waar twee boezemvaarten bij elkaar komen en naast de ecologische zone. Boezemvaarten zijn de dragers van het Westland. Daar wordt een nieuwe drager aan toegevoegd namelijk de ecologische zone tot aan de kust. Ten slot markeert dit punt de historische loop van de Atlantic Wall. Ruimtelijk onderscheidt het landmark zich door hoogte, slankheid en positie. Voor de appartementengebouwen binnen de bestemming Woongebied 2 en Woongebied 3 een windonderzoek verricht (zie hiervoor Windklimaatonderzoek). Hieruit komt naar voren dat het gebied met bebouwing voor wat betreft het aspect wind erop vooruitgaat. In de bestaande (zonder bebouwing) situatie is er sprake van een matig tot slecht windklimaat. In de situatie dat volgens de maximale bouwmogelijkheden van het bestemmingsplan en in de uitgewerkte geplande situatie wordt gebouwd, is er sprake van een matig tot goed windklimaat. In het windklimaatonderzoek wordt uitgegaan van een kale vlakte zonder bebouwing of beplanting. Het windklimaat wordt binnen de bestemming Natuur en Groen verbeterd door het planten van struiken en bomen.
Rond de hoogbouw in het zuidwesten kan op dit moment geen goed beeld worden geschetst, aangezien nog niet precies duidelijk is hoe het plan eruit zal zien. Uit de resultaten van het windklimaatonderzoek komt naar voren dat een woontoren met afschermende maatregelen ter plaatse mogelijk is. Binnen de bestemming Woongebied - 3 is in de planregels een bepaling opgenomen dat voor een gebouw met een bouwhoogte van 30m of hoger bij de omgevingsvergunningaanvraag voor het bouwen middels een windklimaatonderzoek moet worden aangetoond dat er sprake is van een aanvaardbaar windklimaat.
2.3.6
Groen
Het groen in de woonvlekken en de ecologische kwaliteit van de woonvlekken wordt zelf zoveel mogelijk gebruikt om de ecologische verbindingszone te versterken. In het masterplan Waelpark is vanuit de afspraken in de samenwerkingsovereenkomst een groennorm (oppervlakte aan beschikbaar gebruiksgroen binnen de directe woonomgeving) gehanteerd van 35 m2 groen per woning. Een deel van dit groen (7m2) wordt in de directe omgeving van de woning gerealiseerd. Het resterende deel wordt in het plangebied Waelpolder toebedeeld aan groene lobben vanuit de ecologische verbindingszone de woonvlekken in. Daarmee worden robuustere groenpartijen gerealiseerd aan de ecologische verbindingszone. De ecologische verbindingszone bedraagt omgerekend naar 720 woningen ook nog eens 36 m2 groen per woning, zodat het totaal aan groen - inclusief de ecologische verbindingszone uitkomt op 71 m2 groen per woning. 2.3.7
Wijkontsluiting
De ontsluitingsweg loopt ook van noord naar zuid door het gebied als doorgaande verbinding naar Rijnvaart en Dijckerwaal. Op deze manier is Waelpolder toegankelijk via de Rijnvaartweg in het Noorden en de Dijckerwaal (rotonde Heenweg) in het zuiden. Bij de breedte van de hoofdontsluiting is rekening gehouden met de aanleg van een warmtenet. De woningen die ten westen van de ecologische verbindingszone worden gerealiseerd zullen een eigen ontsluiting krijgen in aansluiting op de weg naast de ecologische verbindingszone in Rijnvaart, vanuit het
28
deelgebied aan de Nieuwe Vaart. Op deze manier wordt de weg de Nieuwe vaart zo min mogelijk belast met extra autoverkeer van de nieuwe woningen. De fietspaden in het gebied zullen worden gekoppeld aan de groen en waterstructuur. 2.3.8
Spelen
Binnen de ontwikkelvelden is er ruimte voor het spelen. Speelplekken voor de allerkleinste (0-6 jaar) worden dicht bij huis gerealiseerd en voor de 7-12 jarige in de buurt. Voor kinderen in de leeftijdscategorie 12-18 wordt een speelplek in Waelbos binnen het plangebied Rijnvaart gerealiseerd. In totaal wordt er 3Zo van het woongebied als spelen ingericht, waarvan 1,5Zo in groen mag komen en 1,50Zo in uitgeefbaargebied.
29
Hoofdstuk 3 3.1
Onderzoek
Vormvrije m.e.r.-beoordeling
Doordat artikel 2 lid 5 aanhef en onder b Besluit m.e.r. sinds 7 juli 2017 het bevoegd gezag verplicht om de artikelen 7.17, 7.17 leden 1 - 4, 7.18, 7.19 leden 1 en 2 en 7.20a Wet milieubeheer toe te passen, is het bevoegd gezag verplicht om een beslissing te nemen over de vraag of bij de voorbereiding van het bestemmingsplan een milieueffectrapport moet worden gemaakt. Bepalend voor het antwoord op die vraag is of de betrokken activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. Door het bevoegd gezag is op 28 september 2021 een besluit genomen om geen milieueffectrapportage op te stellen voor het bestemmingsplan 'Waelpolder'. Uit de opgestelde vormvrije m.e.r.-beoordeling (zie bijlage Vormvrije m.e.r.-beoordeling) blijkt namelijk het volgende: Uit de vormvrije m.e.r.-beoordeling blijkt dat geen sprake is van bijzondere omstandigheden ten aanzien van kenmerken en locatie van het plan, die zouden kunnen leiden tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu ter plaatse. Voor de meeste milieuaspecten geldt dat er geen effecten optreden, dan wel dat deze effecten met mitigerende maatregelen worden beperkt.
Geconcludeerd wordt dat er, mits de mitigerende maatregelen in het bestemmingsplan worden geborgd en worden uitgevoerd , er geen belangrijke nadelige milieugevolgen verwacht worden die zouden moeten leiden tot het doorlopen van een m.e.r.-procedure en het opstellen van een milieueffectrapport (MER) voor de onderhavige ontwikkelingen.
3.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
3.2.1
Wettelijk kader
In deze paragraaf is het bestemmingsplan getoetst aan de ladder voor duurzame verstedelijking als neergelegd in artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening en als verder aangevuld in artikel 2.1.1 van de Verordening ruimte 2014 van de provincie Zuid-Holland. De ladder voor duurzame verstedelijking is op 1 juli 2017 vereenvoudigd. Op grond van het nieuwe artikel 3.1.6, tweede lid, moet in de toelichting van een bestemmingsplan, dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, de behoefte aan die ontwikkeling worden beschreven. Indien de nieuwe stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het bestaand stedelijk gebied, dan moet de behoefte op grond van een goede ruimtelijke ordening worden gemotiveerd. De provincies mogen deze wettelijke regel aanvullen. Deze aanvulling mag echter niet in strijd zijn met het doel van de regel, namelijk vereenvoudiging van de ladder zoals die vóór 1 juli 2017 luidde en daarmee het loslaten van de norm "actuele regionale" behoefte en de drie treden van de ladder. De provinciale regeling in artikel 2.1.1 van de Verordening ruimte 2014 bevat nog wel de drie treden van de ladder. Gelet op bovenstaande uitleg van de aanvullingsbevoegdheid van provincies, hoeft aan artikel 2.1.1 niet te worden getoetst voor zover deze regels in strijd zijn met - het doel van - de wijziging van de wettelijke regeling. 3.2.2
Preliminaire toets
Bij de beoordeling of de ladder voor duurzame verstedelijking moet worden toegepast, moet eerst nagegaan worden of er met woningbouwplan Waelpolder sprake is van een stedelijke ontwikkeling en of dit plan een nieuwe stedelijke ontwikkeling betreft. Met het bestemmingsplan wordt een stedelijke ontwikkeling mogelijk gemaakt, namelijk woningbouw. Het, woningbouwplan Waelpolder vormt een onderdeel van het totale woningbouwproject Waelpark.
30
Het plangebied Waelpolder- onderdeel van Waelpark - is opgenomen als woningbouwlocatie in het Programma ruimte. Met het bestemmingsplan wordt een stedelijke ontwikkeling, namelijk woningbouw, mogelijk gemaakt. Het daarin mogelijk gemaakte woningbouwplan Waelpolder vormt een onderdeel van het totale woningbouwproject Waelpark . Volgens het bestemmingsplan Het Nieuwe Water, dat op 26 mei 2009 door de raad van de gemeente Westland was vastgesteld, was in de Poelpolder, dus ook op het plangebied van onderhavig bestemmingsplan, woningbouw mogelijk. Het bestemmingsplan Waelpolder vormt een gedeeltelijke actualisering en een uitbreiding van het woningbouwproject dat op grond van voornoemd bestemmingsplan reeds mogelijk was. Met het masterplan Waelpark, dat het masterplan Het Nieuwe Water heeft vervangen, is het woningbouwproject aangepast aan de meest recente ontwikkeling op de woningmarkt en aan de actuele, kwantitatieve en kwalitatieve, woningbehoefte in de regio. Gelet op deze feiten kan gesproken worden van een onbenutte planologische mogelijkheid, omdat het bestemmingsplan Het Nieuwe Water al voorzag in de bouw van 600 woningen voor Waelpolder. In het kader van een ander bestemmingsplan voor het woningbouwproject Waelpark is dit bevestigd in de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 24 februari 2016 (201506618/1/R6).
Het bestemmingsplan voorziet in een uitbreiding van de stedelijke ontwikkeling ten opzichte van het vorige planregime met circa 120 woningen. Gelet op deze uitbreiding en de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan is de ladder voor duurzame verstedelijking in dit bestemmingsplan toegepast. 3.2.3
Motivering van de behoefte aan ontwikkeling
Deze ontwikkeling voorziet voor een deel in de bouw van betaalbare en sociale woningen, waardoor wordt voorzien in de behoeft van de doelgroepen die op deze betaalbare woningen zijn aangewezen (starters, gezinnen, ouderen, corporatiedoelgroepen en middeninkomens). In heel Nederland is een tekort aan woningbouw en met name aan woningen in het sociale segment en in de categorieën goedkope en middeldure koop (tot NHG-grens). Een deel van de in Waelpolder te realiseren woningen zal binnen deze categorieën vallen. Onderhavige ontwikkeling voorziet daarmee de behoefte aan deze woningen een gegeven is. Aanvullend op het reeds bestaande inzicht wat betreft woningbehoefte in de gemeente Westland, heeft ONW recent (eind mei 2020) een markttoets inclusief een doelgroepenanalyse laten uitvoeren door het adviesbureau Stec (zie hiervoor Bijlage 5 markttoets) teneinde het programma binnen Waelpolder daarop zoveel mogelijk af te stemmen. Het adviesbureau heeft is haar rapport aangegeven, dat vanuit de marktvraag binnen Westland, het plan Waelpolder met name kansrijk is voor jonge gezinnen en stellen tot 65 jaar (64Zo) en 65-plus huishoudens (15-20Zo).
Van deze kansrijke huishoudens gaat ca 75-800Zo uit naar woningen in het betaalbare segment: - 30-35Z sociale huur - 10-15Z vrije sector huur - 50-55Z betaalbare koop í f 310.000 Woonstrategie Westland De Woonstrategie Westland bestaat uit een herijking van de Woonvisie en een Uitvoeringsprogramma. In het Uitvoeringsprogramma zit de actuele woningprogrammering, een afwegingskader voor uit te werken plannen en bijbehorende uitvoeringsagenda voor de komende jaren. Het actuele woningprogramma geeft inzicht in het 'laadvermogen' van de plannen in de kernen en een aanduiding van de 'hardheid' ervan. Het woonprogramma is verdeeld in harde en zachte projecten. Voor harde projecten geldt dat ze in een grondexploitatie zijn opgenomen of dat er een contract is met een ontwikkelende partij of samenwerkende partij is. Alle andere potentiële woningbouwprojecten zijn benoemd als zachte plannen.