SVH Halfjaarmonitor 2021-1 kerngegevens (21-0300823)
Tekst van het document
í— «K-,
Ui Twa-, .ui C 571.09
4*
Gondel kade 249
ftiå m
t 490.76
van Ostadclaan 12
3 B C 655.66
■MW
Justus van Effenhove 147
I HJ
■BHİ
Afsprakenmonitor regio Haaglanden
> Halfjaarmonitor 2021-1
i ,3sn C 674.66
jwr ü*
Gravin Juliana van Stolberglaan 615
HALFJAARMONITOR 2021-1
Foto's kaft: advertenties Woonnet Haaglanden, 21-7-2021
02
Halfjaarmonitor 2021-1
Uitgevoerd in opdracht van
Vereniging Sociale Verhuurders Haaglanden
14 september 2021 > rapport 2021-11
Analyse
Explica
> Linker Rottekade 292 > 3034 CV Rotterdam
www.explica.nl > e. info@explica.nl > t. 010 2236820
03
HALFJAARMONITOR 2021-1
04
Inhoudsopgave 1
Inleiding
7
2
Regionale prestatieafspraken
9
3
Huisvestingsverordening
17
4
Rijksbeleid
23
A
Tabellenbijlage
25
B
Begrippenlijst
31
C
Definities hoofdstuk 2
36
D
Definities hoofdstuk 3
38
05
HALFJAARMONITOR 2021-1
HOOFDSTUK
1
Inleiding De gemeenten in de regio Haaglanden en de vereniging Sociale Verhuurders Haaglanden (SVH) hebben prestatieafspraken gemaakt voor de periode 2015-2018. Door de genoemde partijen wordt gewerkt aan een nieuwe set prestatieafspraken. De huidige afspraken worden gemonitord tot er een nieuwe set aan afspraken gereed is. Daarnaast leidt ook de Huisvestingsverordening tot een aantal afspraken op de sociale huurmarkt. Met ingang van 1 juli 2019 geldt een nieuwe Huisvestingsverordening. In de voorliggende rapportage over de eerste helft van 2021 laten we zien in hoeverre de prestatieafspraken1 2in deze periode zijn waargemaakt en in hoeverre aan de geldende Huisvestingsverordening wordt voldaan.
De verwachting is dat in 2021 een Regioakkoord op tafel ligt met Nieuwe Woningmarkt Afspraken. Als voorschot op deze afspraken is in de bijlage van deze halfjaarmonitor al een tabel opgenomen over het aandeel toewijzingen van zelfstandige sociale huurwoningen aan de primaire doelgroep en de niet-primaire-doelgroep.
De herziene Woningwet 2015 stelt toewijzingsregels voor de woningcorporaties. Het gaat dan om de toewijzing van sociale huurwoningen aan de EU-doelgroep en de toewijzing van betaalbare huurwoningen aan de huurtoeslagdoelgroep. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op deze regels.
1 Het betreft de verhuringen met een datum huuringang in de eerste helft van 2021, voor zover deze door de corporaties voor 14 juli 2021 zijn verwerkt. Woningen van Mooiland, Omnia Wonen en Woonzorg Nederland die via Woonnet Haaglanden worden aangeboden, maken geen deel uit van de prestatieafspraken en blijven in hoofdstuk 2 van deze rapportage dan ook buiten beschouwing. In hoofdstuk 3 over de HVO komen deze verhuringen wel aan bod. In sommige tabellen staan ook cijfers over het voorgaande jaar. Deze cijfers komen overeen met de cijfers uit de jaarmonitor over het betreffende jaar. Dit betekent dat eventuele later verwerkte verhuringen daarin niet zijn meegenomen. 07
HALFJAARMONITOR 2021-1
HOOFDSTUK
Regionale prestatieafspraken Artikel 3 Ontwikkeling woningvoorraad
2
lid 1A Afspraken regionale voorraadontwikkeling
Om de financiële ruimte te vergroten zodat deze mede aangewend kan worden voor het betaalbaar houden van de sociale voorraad, verkopen corporaties regionaal in de totale werkingsperiode van de regionale prestatieafspraken, maximaal 10.000 sociale huurwoningen in 4 jaar aan zittende huurders of bij leegkomen.
Wanneer de financiële situatie of (wijzigend) Rijksbeleid een hoger aantal te verkopen woningen vereist, treedt SVH opnieuw in overleg met de gemeenten.
De tabel met betrekking tot de verkopen komt alleen terug in de rapportage over het gehele jaar.
09
HALFJAARMONITOR 2021-1
Artikel 3 Ontwikkeling woningvoorraad
lid 1D Monitoren voorraadontwikkeling Partijen monitoren de regionale en lokale afname van de woningvoorraad bij corporaties door verkoop, toename door nieuwbouw en de ontwikkeling van de sociale en de betaalbare voorraad regionaal en per gemeente. Indien de afname van de sociale voorraad door de afspraken over het huurbeleid in de vrijkomende voorraad en het maximaal aantal te verkopen woningen, groter wordt dan de verwachte berekende omvang van de voorraad 31-12-2018 (131.000 sociale huurwoningen waarvan 104.000 in het betaalbare segment) gaan partijen regionaal opnieuw in gesprek om deze ontwikkeling te bespreken en eventueel aanvullende regionale prestatieafspraken te maken.
lid 2 Ruimtelijke spreiding en lokale voorraadontwikkeling Bij een verandering (afname of toename) van de sociale en betaalbare voorraad in Haaglanden is het principe van de ongedeelde regio het uitgangspunt, (lokale) armoedeconcentraties zijn ongewenst. Elke deelnemende gemeente is en blijft in staat om zijn bouwsteen te leveren (voortkomend uit de specifieke opbouw van de regionale voorraad) aan de oplossing in de behoefte van het geheel op de sociale regionale woningmarkt.
Corporaties hebben in 2015 inzicht gegeven in de verwachte aantallen te verkopen en de ontwikkeling van de sociale en de betaalbare voorraad per gemeente. Bij een meer dan gemiddelde afname bij een of meerdere gemeenten, gaan partijen opnieuw aan tafel om deze ontwikkeling te bespreken en eventueel aanvullende prestatieafspraken te maken.
Jaarlijks vindt monitoring plaats van de lokale voorraadontwikkeling.
De tabel met betrekking tot de voorraadontwikkeling komt alleen terug in de rapportage over het gehele jaar.
10
Artikel 3 Ontwikkeling woningvoorraad lid 1B Sociale huurvoorraad
Om de beschikbaarheid van betaalbare woningen (zelfstandig) voor woningzoekenden met lage inkomens (primaire doelgroep) te garanderen, maken partijen met betrekking tot de vrijkomende voorraad de volgende afspraken: >
Corporaties houden bij vrijkomen regionaal minimaal 70X van de zelfstandige sociale huurwoningen (die voor verhuur bestemd blijven) "betaalbaar”. Onder "betaalbaar” wordt verstaan een subsidiabele huur die eventueel door een energiecorrectie1 onder de tweede aftoppingsgrens van de Huurtoeslag valt.
>
Corporaties houden bij vrijkomen regionaal minimaal 85X van de zelfstandige woningen (die voor verhuur bestemd blijven) "sociaal”. Wanneer de financiële situatie of (wijzigend) Rijksbeleid een hoger aantal te liberaliseren woningen vereist, treedt de SVH opnieuw in overleg met de gemeenten. Onder "sociaal” wordt verstaan een huur die onder de Rijksregelgeving m.b.t. de definiëring van de sociale huurvoorraad van corporaties valt.
1 De invoering van de passendheidstoets per 1 januari 2016 heeft de mogelijkheden om een energiecorrectie toe te passen beperkt.
Tabel 2.1
Vrijkomend aanbod van zelfstandige woningen (85%-afspraak sociale verhuringen), eerste helft 2021 (en 2020)
-
Tabel 2.2
2020
2021-1
verhuringen via WBS
7.671
4.126
verhuringen buiten WBS (vrije sector)
518
286
totaal meetellend voor 85%-afspraak
8.189
4.412
verhuringen onder vrije-sectorgrens
7.518
4.025
totaal verhuurd binnen 85%-afspraak
91,807o
91,207o
Voor de berekening van de 85%-afspraak tellen alle verhuringen van zelfstandige woningen mee. Dit betreft ook de verhuringen die niet via WBS zijn gegaan. De sociale verhuringen zijn de verhuringen van zelfstandige woningen met een netto huurprijs onder de vrijesectorgrens (C752,33; prijspeil 2021)
Vrijkomend aanbod van zelfstandige woningen onder de vrijesectorgrens (70%-afspraak betaalbare verhuringen), eerste helft 2021 (en 2020)
-
11
toewijzing vrijkomend aanbod - 85%-afspraak
toewijzing vrijkomend aanbod - 70%-afspraak
2020
2021-1
verhuringen onder vrije-sectorgrens
7.518
4.025
verhuringen onder hoogste aftoppingsgrens (subsidiabele huur)
5.723
3.085
totaal verhuurd binnen 70%-afspraak
76,107o
76,607o
Voor de berekening van de 70%-afspraak tellen alle verhuringen van zelfstandige woningen met een netto huurprijs tot de vrijesectorgrens (C752,33; prijspeil 2021) mee. De betaalbare verhuringen zijn de verhuringen van zelfstandige woningen met een subsidiabele huurprijs tot de hoge aftoppingsgrens (C678,66; prijspeil 2021)
HALFJAARMONITOR 2021-1
Artikel 2 Positie woningzoekenden lid 1 Posities van woningzoekenden Partijen spreken af de posities van groepen woningzoekenden op de woningmarkt zorgvuldig te monitoren. Deze monitoring gebeurt via de wachttijdenmonitor. Indien gesignaleerd wordt dat de positie van een bepaalde groep woningzoekenden significant afwijkt óf zich sterk negatief ontwikkelt, treden partijen lokaal of (sub)regionaal in overleg over de vraag of en op welke wijze hierop kan worden ingegrepen.
Tabel 2.3
Wachttijdenmonitor (mediane inschrijfduur in maanden), eerste helft 2021
leeftijd
2020
2021-1
verandering
18-22 jaar
47
47
1X
23-26 jaar
76
75
0X
27-54 jaar
82
83
1X
55-64 jaar
42
44
5X
65-74 jaar
44
56
25X
75 jaar en ouder
34
49
43X
1 persoon
72
73
0X
2 personen
70
70
0X
3 personen
69
75
8X
4 personen
76
84
9X
5 personen
90
84
-7X
6 en meer personen
84
109
-
doorstromer
57
64
12X
starter
79
80
0X
primaire doelgroep
71
73
3X
- waarvan minima
69
69
0X
aantal personen
doorstromer/starter
inkomen
- waarvan ov. primair
74
81
9X
middeninkomens
74
75
2X
totale EU-doelgroep (pri+sec)
72
74
2X
gemeente
-
12
Delft
65
65
1X
Den Haag
71
75
5X
Leidschendam-Voorburg
67
70
5X
Midden-Delfland
84
96
15X
Pijnacker-Nootdorp
89
74
-17X
Rijswijk
81
85
5X
Wassenaar
68
65
-5X
Westland
70
59
-16X
Zoetermeer
84
84
0X
totaal
72
74
2X
Verhuringen via woon-Zinschrijfduur, uitgezonderd studentenwoningen, onzelfstandige woningen, vrijesectorwoningen en hoge inkomens (boven grens 1,5 maal meerpersoons primaire doelgroep). In de eerste helft van 2021 zijn er 2.437 toewijzingen via woon-Zinschrijfduur. Hiervan tellen er 2.303 mee in deze tabel. Bij 5-9 waarnemingen is de waarde in grijs en tussen haken weergegeven.
Tabel 2.4
Wachttijdenmonitor (mediane inschrijfduur in maanden) per gemeente, eerste helft 2021
O)
jū o o M
46 ra r 79
47
leeftijd
ĆL
Rijswijl
a) ŝ
c a) o
Middel
O
Delft
a)
totaal
-O
a ŝ
18-22 jaar
46
48
(45)
-
-
50
-
23-26 jaar
72
78
(84)
-
-
-
-
27-54 jaar
73
83
87
101
97
92
71
82
94
83
55-64 jaar
35
41
50
(139)
(55)
65
-
34
93
44
65-74 jaar
30
61
37
(126)
(29)
114
(21)
37
91
56
75 jaar en ouder
(16)
36
16
-
-
(90)
(36)
87
50
49
71
74
54
73
56
82
54
51
78
73
66
70
70
79 87 (68) r 97 I™ r 75
75
U oo "O ’a)
U O
oo oo
75
aantal personen 1 persoon 2 personen
64
73
69
123
(92)
82
(43)
3 personen
50
77
75
(119)
(85)
(72)
67
4 personen
60
82
(89)
-
-
90
(89)
5 personen
61
99
(72)
-
-
(130)
-
6 en meer personen
-
-
-
-
-
-
-
-
-
109
doorstromer
53
60
55
93
65
75
55
58
85
64
starter
73
80
83
106
92
89
76
76
83
80
primaire doelgroep
69
73
62
105
(102)
84
67
56
86
73
- waarvan minima
68
68
69
102
-
58
59
44
82
69
- waarvan ov. primair
71
80
53
105
(111)
99
(71)
79
96
81
84 84
doorstromer/starter
inkomen
-
13
middeninkomens
57
78
83
55
77
99
60
67
73
75
totale EU-doelgroep (pri+sec)
67
75
70
95
69
85
65
59
86
74
totaal
65
75
70
96
74
85
65
59
84
74
Verhuringen via woon-/inschriļfduur, uitgezonderd studentenwoningen, onzelfstandige woningen, vrijesectorwoningen en hoge inkomens (boven grens 1,5 maal meerpersoons primaire doelgroep). In de eerste helft van 2021 zijn er 2.437 toewijzingen via woon-Zinschrijfduur. Hiervan tellen er 2.303 mee in deze tabel. Bij minder dan 5 waarnemingen wordt de inschrijfduur niet weergegeven; bij 5-9 waarnemingen in grijs en tussen haken.
HALFJAARMONITOR 2021-1
Artikel 3 Ontwikkeling woningvoorraad Lid 4 Voorwaarden verkochte sociale huurwoningen
Verkoop van sociale huurwoningen vindt plaats onder de volgende voorwaarden: >
De corporatie legt de betreffende gemeente tijdig de verkoopplannen voor.
>
Gemeenten spannen zich in om de procedures bij de verkoop van woningen van de SVHcorporaties soepel te laten verlopen.
>
Bij complexgewijze verkoop van sociale huurwoningen worden deze complexen in eerste instantie onder de aandacht gebracht van toegelaten instellingen die werkzaam zijn in de regio Haaglanden.
>
Te verkopen individuele huurwoningen worden in eerste instantie onder de aandacht gebracht van zittende huurders, die gezien hun inkomen in staat zijn een woning te kopen
>
Om verkoop onder woningzoekenden met een inkomen tot de lage middeninkomensgrens te bevorderen: *
worden te verkopen woningen indien mogelijk geadverteerd op de regionale woon-
*
wordt onderzocht of het mogelijk is op de regionale woonruimteverdeling-website informatie
ruimteverdeling-website;
te plaatsen waarmee hypotheeklasten en huurprijs vergeleken kunnen worden.
Corporaties geven jaarlijks inzicht in de inkomensgroepen waartoe de kopers van voormalige sociale huurwoningen behoren
De tabel met betrekking tot de verkopen komt alleen terug in de rapportage over het gehele jaar.
14
Tabel 2.5
Wachttijden en overige indicatoren naar kenmerken van het huishouden, eerste helft 2021
inschrijfduur totaal
inschrijfduur starters
inschrijfduur doorstromers
niet geslaagc via WID
slaagkans
geslaagden (slaagkans)
categorie starter
80
80
-
doorstromer
64
-
64
1 persoon
73
79
2 personen
70
79
3 personen
75
79
4 personen
84
5 personen
84
6 en meer personen
huishoudenomvang
m m
1 6,2/ 34/ L 8,0/
2.269
1
2.467
49/
7,3/
1.809
52
44/
59
43/
6,2/
695
73
33/
6,3/
472
89 (73) 1
79
37/
5,9/
245
87
44/
109
-
129
t/m 22 jaar
47
48
23-26 jaar
75
77
27-34 jaar
83
90
35-44 jaar
83
87
75
45-54 jaar
84
90
44
t 70/ r 10,2/
6,9/
131 68
leeftijd
i i
28
62/
6,6/
482
46
50/
4,9/
469
58
38/
i 40/ i
5,5/
820
6,1/
691
82
42/
6,4/
502
39
47
32/
(L 10,9/
529
47
59
34/
15,9/
380
49
65
45
52/
20,3/
204
primaire doelgroep
73
77
65
48/
6,7/
3.049
- waarvan minima
69
73
61
51/
7,3/
2.332
- waarvan ov. primair
81
81
77
35/
5,3/
717
55-64 jaar 65-74 jaar 75 jaar of ouder
m m
56
m
m
m
EU-doelgroep
i
ov. middeninkomen
75
83
63
26/
7,8/
918
EU-doelgroep (totaal)
74
80
64
43/
68/
3.914
primaire doelgroep, ^3
47
48
28
63/
7,0/
479
primaire doelgroep, 23-54, 1-2p
82
84
66
50/
5,5/
1.271
88 (112) 1
79
41/
5,5/
441
102
105
indeling in doelgroepen
primaire doelgroep, 23-54, 3-4p
82
primaire doelgroep, 23-54, 5+p
102
primaire doelgroep, 55+
46
41
secundaire doelgroep, 55-, 1-2p
84
87
15
50
i 34/ i 12,2/
753
64
19/
4,8/
373
68
73
61
20/
t 8,4/
171
56
56
34/
17,5/
321
hoger inkomen
-
88
51
49/
totaal
74
80
64
43/
secundaire doelgroep, 55+
-
6,6/
56
secundaire doelgroep, 55-, 3+p
-
m
67/
m
m i
6,6/
111
6,9/
4.078
In de eerste helft van 2021 zijn er 2.437 toewijzingen via woon-Zinschrijfduur. Hiervan tellen er 2.303 mee in deze tabel. In deze tabel tellen alleen de verhuringen van RPA-corporaties mee. Bij minder dan 5 waarnemingen wordt de inschrijfduur niet weergegeven; bij 5-9 waarnemingen in grijs en tussen haken.
HALFJAARMONITOR 2021-1
HOOFDSTUK
Huisvestingsverordening Artikel 2:1 Reikwijdte
1.
De artikelen in dit hoofdstuk zijn van toepassing op woonruimten met een huurprijs beneden de huurpriļsgrens én op middeldure woonruimten.
2.
Dit hoofdstuk is niet van toepassing op: a. woonruimten, bestemd voor inwoning; b. onzelfstandige woonruimten; c.
woonruimten verhuurd op basis van een campuscontract;
d. woonruimten waarvoor burgemeester en wethouders een vergunning als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet hebben verleend.
In de eerste helft van 2021 zijn er 4.268 woningen verhuurd via WBS. Voor de prestatieafspraken (hoofdstuk 2) tellen de zelfstandige woningen mee (exclusief de verhuringen van Mooiland, Omnia Wonen en Woonzorg Nederland). Voor de HVO tellen - naast de onzelfstandige woningen - ook de vrijesector verhuringen en campuscontracten niet mee. In totaal gaat het bij de HVO om 3.948 verhuringen, inclusief de verhuringen van Mooiland, Omnia Wonen en Woonzorg Nederland.
De rangorde van selectie van woningzoekenden is overeenkomstig artikel 'Volgordebepaling woningzoekenden' in de Huisvestingsverordeningen van de negen regiogemeenten. Toelichting op het lokaal maatwerk staat vermeld in artikel 'regionale binding en lokaal maatwerk'.
In tabel 3.1 is weergegeven hoe de woningen zijn aangeboden; in tabel 3.2 staat in hoeverre de woningen via een advertentie zijn aangeboden.
Sociale verhuringen binnen HVO Tabel 3.1
Sociale verhuringen binnen HVO, eerste helft 2021
sociale verhuringen binnen HVO
2021-1
verhuringen via WBS -102
af: verhuringen onzelfstandige eenheden
-93
af: bemiddeling campuscontract
-125
totaal sociale verhuringen binnen HVO
17
4.268
af: verhuringen vrijesector
3.948
HALFJAARMONITOR 2021-1
Tabel 3.2
Overzichtstabel van de basis voor verhuring, eerste helft 2021 (en 2020)
basis voor verhuring
2020 TO
2021-1 (/)
via urgentie
15/
13/
514
via lokaal/regionaal maalwerk
17/
13/
494
via woonVinschrijfduur
52/
61/
2.402
via overige bemiddeling
13/
10/
401
via loting
2/
3/
105
via direct te huur
0/
0/
15
via leefstijl en diversen
0/
0/
17
100/
100/
3.948
totaal
Tabel 3.3
Overzichtstabel van de basis voor verhuring, wel of niet geadverteerd, eerste helft 2021
basis voor verhuring
geadverteerd
niet-geadverteerd
235
279
514
0
206
206
- waarvan overig
235
73
308
via urgentie - waarvan statushouders
-
via lokaal maatwerk
293
83
376
113
5
118
via woonVinschrijfduur
2.402
0
2.402
via overige bemiddeling
0
401
401
via loting
105
0
105
via direct te huur
15
0
15
via leefstijl en diversen
17
0
17
3.180
768
3.948
Omkaderd is aanbodmodel
Verhuringen via urgentie, eerste helft 2021 (en 2020)
via urgentie
-
18
totaal
via regionaal maatwerk
totaal
Tabel 3.4
2021-1
aantal 2020
0/ 2020
aantal 2021-1
X 2021-1
medisch
129
12/
67
13/
sociaal
240
21/
91
18/
sociaal/medisch
34
3/
16
3/
stadsvernieuwing
322
29/
47
9/
statushouders
244
22/
206
40/
overig
148
13/
87
17/
totaal via urgentie
1.117
100/
514
100/
Verhuringen aan statushouders worden gerekend tot verhuringen via urgentie, ook indien sprake is van bemiddeling
totaal
relatief (7)
Zoetermeer
Westland
Wassenaar
Rijswijk
Pijnacker-Nootdorp
O Q
Midden-Delfland
regel lokaal maalwerk
Leidschendam-Voorburg
Verhuringen via lokaal maatwerk, per gemeente, eerste helft 2021
Den Haag
Tabel 3.5
10
37
3
17
vrijmaken grote woningen
4. doorstr. uit grote won. ^ VS of niet-EGW ^VS ^0m2 17. doorstroming 55+ uit EGW of flat zonder lift)
10 3
vrijmaken overige woningen
18. doorstroming van scheefwoners
-
6. doorstr. uit betaalbare corporatiewoning ^ duurder
-
1. doorstroming uit goedkope woningen
4
4
2. doorstroming uit goedkoop ^ VS of niet-EGW^VS 3. doorstroming uit sociale huurwoning
32
5
17
17
17
57
1
38
107
7
27
bevorderen slaagkans / sociale cohesie
7. voorrang binnen eigen wijk/kern
1
3
3
8. voorrang voor minima ^ goedkoop
-
9. doorstroming 55+ uit EGW ^ sen.won.
-
10. doorstroming 65+ uit corp.won. ^ niet-EGW
-
11. voorrang voor starters
10
12
4
12. voorrang voor < 23 jaar ^ goedkoop
11
14. voorrang voor 3+M+ kinderen
3
15. voorrang onder aftoppingsgrens 16. voorrang eigen inwoners (excl. seniorenwoningen)
23
Voorrang voor starters (Haags lotingmodel)
5
15
66
26
51
hardheidsclausule B&W
2
1
doorschuiven
3
42
1
15
15
79
1
15
lokale beleidsruimte, maatwerk
doorstroming lokaal maatwerk
4
uitstroom uit tijdelijke huisvesting
-
19
8
5
34
17 327
21
29
1
32
91
51
verhuringen HVO 2021-1
483
1.969
275
percentage lokaal maatwerk
707o
507o
197
16
51
147
293
787
3
17
1
7
27
6
6
27
4
17
8
23
67
4
17
2
totaal lokaal maatwerk
-
2
3 1
3
121
1
1
37
2
groepswonen
seniorenmakelaar
77
11
12
51
subtotaal via advertentie
26
36
107
15
22
44
376
1007
288
74
207
497
3.948
317
207
117
907o
107
17
88
74
81
227
217
'VS' betekent vrije sector. 'EGW' betekent eengezinswoning. De categorieën lokaal maatwerk staan toegelicht in de Begrippenlijst, onder het kopje 'Lokaal maatwerk'.
HALFJAARMONITOR 2021-1
Tabel 3.5a
Verhuringen via regionaal maatwerk, per gemeente, eerste helft 2021
E? Z)
11
2
1
subtotaal via advertentie
7
50
10
2
bemiddeling doorstroming regionaal maatwerk
7 2
1 3
1
5
5
a) V) V) o
9
-
4
ĴŪ 0)
O N
totaal
4
U O .c. CL
Riļswiļl
8
voorrang grote huishoudens die klein wonen
o V) a) 5 2
Midde
X c a) a 39
U V) "O 'a)
voorrang kleine huishoudens die groot wonen
a) û 3
regel regionaal maalwerk
Tabel 3.5b
l
-Q
0) B 0)
23
88
0/
4
25
0/
27
113
0/
1
5
0/ 0/
totaal regionaal maatwerk
7
54
10
2
5
9
-
3
28
118
verhuringen HVO 2021-1
483
1.969
275
74
81
288
74
207
497
3.948
percentage regionaal maatwerk
1,4/
2,7/
3,6/
2,7/
6,2/
3,1/
0,0/
1,4/
5,6/
3,0/
Verhuringen via regionaal maatwerk, per gemeente, naar gemeente van herkomst, eerste helft 2021
vestigingsgemeente C Q)
20
6
totaal
0
45
Zoetermeer
1
2
Westland
Leidschendar
3
Den Haag
u o c S
Wassenaar
Den Haag
Delft
o z Riļswiļk
herkomstgemeente
Delft
O)
'a) c "S 0) T3 c o o
1
0
0
0
0
0
5
60/
0
2
4
0
1
6
66
68/
0) a ć 0) T3 T3 s
fe
Leidschendam-Voorburg
0
0
1
0
0
0
0
0
0
1
100/
Midden-Delfland
0
0
0
1
0
0
0
0
0
1
100/
Piļnacker-Nootdorp
0
2
2
0
2
0
0
0
0
6
33/
Riļswiļk
0
1
0
0
1
2
0
0
1
5
40/
Wassenaar
0
1
0
0
0
0
0
0
0
1
0/
Westland
2
1
0
0
0
3
0
2
0
8
25/
Zoetermeer
0
3
1
0
0
0
0
0
19
23
83/
buiten Haaglanden
0
0
0
0
0
0
0
0
2
2
0/
totaal
7
54
10
2
5
9
0
3
28
118
64/
Tabel 3.6
Verhuringen via overige bemiddeling uitgesplitst, eerste helft 2021
aí a
-Q
bemiddelingen meegeteld bij regulier
9
80
0
0
10
1
0
1
13
114
campuscontract
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
studentenwoning
0
15
0
0
0
0
0
0
0
15
coöptatie
1
2
0
-
1
-
0
0
-
4
tijdelijke verhuur
0
6
0
0
0
0
0
0
0
6
vrije sector
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
directe verhuur
2
9
0
0
0
0
0
0
0
11
groepswonen
1
22
0
-|
7
-|
0
0
-|
30
alsnog via bemiddeling verhuurd
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
doorschuiving
-|
-|
-
-
0
0
0
-
-
0
woningruil
5
26
0
0
2
1
0
1
13
48
18
164
29
2
2
21
3
8
40
287
stichtingen, instellingen, convenanten
16
141
28
2
0
21
0
0
34
242
miva-vwg
0
1
0
0
2
0
2
2
2
9
herstructureringskandidaat
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
bo claim
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
directiebesluit
2
22
1
0
0
0
1
6
4
36
bemiddeling urgentie direct/na afloop
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
totaal via overige bemiddeling
27
244
29
2
12
22
3
9
53
401
totaal aantal verhuringen
483
1.969
275
74
81
288
74
207
497
3.948
percentage via overige bemiddeling
6X
12X
11X
3X
15X
8X
4X
4X
11X
m
bemiddelingen meegeteld bij voorrang
-
21
'-' betekent niet van toepassing in de betreffende gemeente; telt in deze gemeente als lokaal maatwerk. Exclusief urgenties.
HALFJAARMONITOR 2021-1
Tabel 3.7
Verhuringen aan huishoudens met een urgentiestatus, naar gemeente van vestiging, eerste helft 2021
medisch
sociaal
sociaal/medisch
stadsvernieuwing
statushouders
overig
subtotaal via urgentie
niet via urgentie
totaal
toewijzing via urgentie
1
3
3
3
32
29
71
412
483
Den Haag
40
43
2
33
100
27
245
1.724
1.969
vestigingsgemeente Delft
22
Leidschendam-Voorburg
4
6
1
0
11
5
27
248
275
Midden-Delfland
1
3
1
0
5
0
10
64
74
Pijnacker-Nootdorp
0
0
1
0
7
0
8
73
81
Rijswijk
6
7
1
3
14
9
40
248
288
Wassenaar
0
4
0
0
8
1
13
61
74
Westland
1
2
1
2
12
4
22
185
207
Zoetermeer
14
23
6
6
17
12
78
419
497
totaal
67
91
16
47
206
87
514
3.434
3.948
totaal 2020
129
240
34
322
244
148
1.117
6.185
7.302
HALFJAARMONITOR 2021-1
HOOFDSTUK
4 Rijksbeleid Toewijzen betaalbare woningen aan de huurtoeslagdoelgroep
Corporaties zijn verplicht om minimaal 95/ van de huishoudens met een jaarinkomen dat valt binnen het norminkomen van de huurtoeslag, passend toe te wijzen in een woning met een kale huur tot en met de aftoppingsgrens.
Figuur 4.1
Passendheidstoets (95%)í eerste helft 2021
97,5?.
passendheid (95/)
Tabel 4.1
Passendheidstoets (95%) per corporatie, eerste helft 2021
corporatie
passend
niet-passend
totaal
“/o passend
149
3
152
98,00Zo
De Goede Woning
165
2
167
98,8/
Haag Wonen
328
2
330
99,4/
Rijswijk Wonen
146
3
149
98,0/
Arcade Wonen
Rondom Wonen
26
2
28
92,9/
Staedion
727
19
746
97,5/
Stichting DUWO
23
0
23
100,0/
Vestia
618
23
641
96,4/
Vidomes
382
21
403
94,8/
Wassenaarsche Bouwstichting
36
0
36
100,0/
Wbv. St. Willibrordus
22
0
22
100,0/
Wonen Midden-Delfland
62
0
62
100,0/
Wonen Wateringen
21
2
23
91,3/
Woonbron Delft
120
0
120
100,0/
WoonInvest
146
1
147
99,3/
2
0
2
100,0/
Mooiland
3
0
3
100,0/
Omnia Wonen
10
0
10
100,0/
2986
78
3064
97,5/
Woonzorg Nederland
totaal
24
Toewijzen sociale huurwoningen aan de sociale doelgroep
80/ van de toewijzingen van woningen met een huur tot de vriļesectorgrens (i752,33; prijspeil 2021) moet toegewezen worden aan huishoudens met een inkomen tot de EU-grens (grens secundaire doelgroep, İ40.024; prijspeil 2021). Daarnaast is er ruimte om maximaal 10/ van deze woningen toe te wijzen aan huishoudens met een inkomen tussen de EU-grens en de EU+grens (İ44.655; prijspeil 2021). Maximaal 10/ mag toegewezen worden aan huishoudens met een inkomen boven de EU+grens. Bij de 10/ vrije ruimte gelden wel bepaalde voorrangsregels.
Figuur 4.2
Toewijzing Europa, eerste helft 2021
0/
m
20/
30/
40/
50/
60/
70/
80/
90/
100/
doelgroep EU (minimaal 80/) doelgroep secundair+ (maximaal 10/) hogere inkomens (maximaal 10/)
Tabel 4.2
i
l,2%
Toewijzing Europa per corporatie, eerste helft 2021
corporatie
EU-doelgr. ^80/1
EU tot EU+ k10/) aantal
Z
hoger ink. k10/)
aantal
Z
Arcade Wonen
243
98/
3
De Goede Woning
182
93/
10
Haag Wonen
382
93/
20
Rijswijk Wonen
212
94/
12
Rondom Wonen
37
88/
Staedion
910
Stichting DUWO
33
Vestia
868
98/
9
1/
6
Vidomes
496
95/
18
3/
10
Wassenaarsche Bouwstichting
52
96/
2
4/
0
Wbv. St. Willibrordus
28
93/
2
7/
0
Wonen Midden-Delfland
79
93/
3
4/
3
4/
Wonen Wateringen
31
100/
0
0/
0
0/
Woonbron Delft
189
96/
8
4/
0
0/
WoonInvest
172
96/
4
2/
3
2/
Woonzorg Nederland
3
100/
0
0/
0
0/
Mooiland
27
84/
4
13/
1
Omnia Wonen
12
92/
1
8/
0
3.956
96/
119
3/
51
totaal
25
95,9^ rn 2,9%
aantal
Z
1/
1
0/
5/
3
2/
5/
8
2/
5/
1
0/
2
5/
3
97/
21
2/
100/
0
0/
buiten EUnorm
totaa huish.
rechtsp.
18
265
0
22
217
0
0
410
23
8
233
1
7/
1
43
0
12
1/
0
943
4
0
0/
0
33
0
1/
0
883
0
2/
18
542
7
0/
8
62
1
0/
0
30
2
1
86
0
3
34
2
14
211
0
6
185
2
0
3
0
3/
1
33
0
0/
0
13
0
1/
100
4.226
42
HALFJAARMONITOR 2021-1
BIJLAGE
Tabellenbijlage Tabel A1
Sociale verhuringen (85%-afspraak) per corporatie, eerste helft 2021
verhuurd WBS
ov. VS
verhuurd totaal
verhuurd sociaal
857afspraak
Arcade Wonen
265
0
265
247
93,20Zo
De Goede Woning
217
0
217
195
89,907o
Haag Wonen
432
0
432
432
100,07»
Rijswijk Wonen
234
0
234
225
96,27o
corporatie
Rondom Wonen
43
0
43
42
97,77
Staedion
891
90
981
891
90,87
Stichting DUWO
33
0
33
33
100,07
Vestia
860
196
1.056
860
81,47
Vidomes
539
0
539
521
96,77
Wassenaarsche Bouwstichting
61
0
61
53
86,97
Wbv. St. Willibrordus
32
0
32
32
100,07
Wonen Midden-Delfland
86
0
86
85
98,87
Wonen Wateringen
36
0
36
33
91,77
Woonbron Delft
210
0
210
196
93,37
WoonInvest totaal
Tabel A2
187
0
187
180
96,37
4.126
286
4.412
4.025
91,27
Sociale verhuringen zelfstandige woningen (85%-afspraak) per gemeente, eerste helft 2021
verhuurd WBS
ov. VS
verhuurd totaal
verhuurd sociaal
857afspraak
502
46
548
483
88,17
gemeente Delft Den Haag
26
2.079
165
2.244
2.068
92,27
Leidschendam-Voorburg
279
0
279
275
98,67
Midden-Delfland
75
0
75
74
98,77
Pijnacker-Nootdorp
74
11
85
73
85,97
Rijswijk
300
9
309
288
93,27
Wassenaar
82
0
82
74
90,27
Westland
226
2
228
207
90,87
Zoetermeer
509
53
562
483
85,97
totaal
4.126
286
4.412
4.025
91,27
Tabel A3
Sociale verhuringen zelfst. woningen (85%-afspraak) per gemeente, per corporatie, eerste helft 2021
gemeente
Delft
Den Haag
LeidschendamVoorburg
Midden-Delfland
Pijnacker-
Rijswijk
Wassenaar
Westland
Zoetermeer
Haaglanden
27
corporatie
verhuurd
verhuurd totaal
verhuurd sociaal
8570afspraak
WBS
ov. VS
Staedion
0
2
2
0
0,07
Stichting DUWO
33
0
33
33
100,07
Vestia
130
44
174
130
74,77
Vidomes
129
0
129
124
96,17
Woonbron Delft
210
0
210
196
93,37
Delft
502
46
548
483
88,17
Arcade Wonen
96
0
96
94
97,97
Haag Wonen
432
0
432
432
100,07
Rijswijk Wonen
2
0
2
2
100,07
Rondom Wonen
1
0
1
1
100,07
Staedion
853
75
928
853
91,97
Vestia
632
90
722
632
87,57
Vidomes
9
0
9
5
55,67
WoonInvest
54
0
54
49
90,77
Den Haag
2.079
165
2.244
2.068
92,27
Staedion
1
0
1
1
100,07
Vidomes
144
0
144
142
98,67
Wassenaarsche Bouwstichting
1
0
1
1
100,07
WoonInvest
133
0
133
131
98,57
Leidschendam-Voorburg
279
0
279
275
98,67
Wonen Midden-Delfland
75
0
75
74
98,77
Midden-Delfland
75
0
75
74
98,77
Rondom Wonen
42
0
42
41
97,67
Staedion
32
11
43
32
74,47
Pijnacker-Nootdorp
74
11
85
73
85,97
Rijswijk Wonen
232
0
232
223
96,17
Staedion
5
0
5
5
100,07
Vestia
0
9
9
0
0,07
Vidomes
63
0
63
60
95,27
Rijswijk
300
9
309
288
93,27
Wassenaarsche Bouwstichting
50
0
50
42
84,07
Wbv. St. Willibrordus
32
0
32
32
100,07
Wassenaar
82
0
82
74
90,27
Arcade Wonen
169
0
169
153
90,57
Staedion
0
2
2
0
0,07
Wassenaarsche Bouwstichting
10
0
10
10
100,07
Wonen Midden-Delfland
11
0
11
11
100,07
Wonen Wateringen
36
0
36
33
91,77
Westland
226
2
228
207
90,87
De Goede Woning
217
0
217
195
89,97
Vestia
98
53
151
98
64,97
Vidomes
194
0
194
190
97,97
Zoetermeer
509
53
562
483
85,97
4.126
286
4.412
4.025
91,27
HALFJAARMONITOR 2021-1
Tabel A4
Betaalbare verhuringen zelfstandige woningen (70%-afspraak) per corporatie, eerste helft 2021
corporatie
waarvan betaalbaar
70%-afspraak
Arcade Wonen
247
151
61/T/o
De Goede Woning
195
173
88,70Zo
Haag Wonen
432
342
79,2/
Rijswijk Wonen
225
159
70,7/
Rondom Wonen
42
32
76,2/
Staedion
891
738
82,8/
Stichting DUWO
33
23
69,7/
Vestia
860
593
69,0/
Vidomes
521
447
85,8/
Wassenaarsche Bouwstichting
53
39
73,6/
Wbv. St. WiMibrordus
32
22
68,8/
Wonen Midden-Delfland
85
68
80,0/
Wonen Wateringen
33
27
81,8/
Woonbron Delft
196
126
64,3/
WoonInvest
180
145
80,6/
4.025
3.085
76,6/
totaal
Tabel A5
verhuurd sociaal
Betaalbare verhuringen zelfstandige woningen (70%-afspraak) per gemeente, eerste helft 2021
gemeente Delft
waarvan betaalbaar
70%-afspraak
483
348
72,0/
2.068
1.613
78,0/
Leidschendam-Voorburg
275
234
85/T/o
Midden-DelHand
74
59
79,7/
Pijnacker-Nootdorp
73
43
58,9/
Den Haag
Rijswijk
288
215
74,7/
Wassenaar
74
51
68,9/
Westland
207
126
60,9/
Zoetermeer totaal
28
verhuurd sociaal
483
396
82,0/
4.025
3.085
76,6/
Tabel A6
Betaalbare verhuringen (70%-afspraak) per gemeente, per corporatie, eerste helft 2021
gemeente
Delft
Den Haag
LeidschendamVoorburg
Midden-Delfland
PijnackerNootdorp
Rijswijk
Wassenaar
Westland
Zoetermeer
Haaglanden
29
corporatie
verhuurd sociaal
waarvan betaalbaar
70%-afspraak
Staedion
0
0
-
Stichting DUWO
33
23
69,70Zo
Vestia
130
99
76,207o
Vidomes
124
100
80,6*70
Woonbron Delft
196
126
64,3*7»
Delft
483
348
72,0*7»
Arcade Wonen
94
71
75,57
Haag Wonen
432
342
79,2*7»
Rijswijk Wonen
2
2
100,07
Rondom Wonen
1
0
0,07
Staedion
853
721
84,57
Vestia
632
437
69,17
Vidomes
5
2
40,07
WoonInvest
49
38
77,67
Den Haag
2.068
1.613
78,07
Staedion
1
1
100,07
Vidomes
142
126
88,77
1
0
0,07
Wassenaarsche Bouwstichting WoonInvest
131
107
81,77
Leidschendam-Voorburg
275
234
85,17
Wonen Midden-Delfland
74
59
79,77
Midden-Delfland
74
59
79,77
Rondom Wonen
41
32
78,07
Staedion
32
11
34,47
Pijnacker-Nootdorp
73
43
58,97
Rijswijk Wonen
223
157
70,47
Staedion
5
5
100,07
Vidomes
60
53
88,37
Rijswijk
288
215
74,77
Wassenaarsche Bouwstichting
42
29
69,07
Wbv. St. Willibrordus
32
22
68,87
Wassenaar
74
51
68,97
Arcade Wonen
153
80
52,37
Wassenaarsche Bouwstichting
10
10
100,07
Wonen Midden-Delfland
11
9
81,87
Wonen Wateringen
33
27
81,87
Westland
207
126
60,97
De Goede Woning
195
173
88,77
Vestia
98
57
58,27
Vidomes
190
166
87,47
Zoetermeer
483
396
82,07
4.025
3.085
76,67
HALFJAARMONITOR 2021-1
Tabel A7
Wachttijdenmonitor (mediane inschrijfduur in maanden) naar woningkenmerken, eerste helft 2021
O) D
jū a) r3
totaal
-
Westiani
Pijnacke
-
c a)
-
(42)
45
O I c a) o
1 kamer
63
42
-
2 kamers
51
65
47
74
(77)
48
15
37
67
59
3 kamers
80
80
88
(138)
63
90
59
64
95
82
4 kamers
51
75
73
127
(93)
84
74
77
95
75
5 kamers
71
84
-
-
-
(111)
-
(58)
51
80
6 kamers of meer
-
-
-
-
-
-
-
-
-
(50)
69
64
46
74
(94)
49
54
35
66
61
Rijswijk
kamers
Delft
-C u oo "O 'a)
Midden-
-O
oo oo
a ŝ
-
-
E
oppervlakte tot 50 m2 50-65 m2
71
80
75
119
75
89
65
78
91
80
65-80 m2
53 ĩ (70)
77
90
(135)
67
89
85
58
96
77
89
-
-
-
99
-
(104)
86
89
53
50
48
-
-
50
-
-
52
51
onder lage aftoppingsgrens
68
79
69
113
(56)
85
21
54
88
77
onder hoge aftoppingsgrens
72
82
80
(35)
(141)
99
67
94
110
83
onder vrijesectorgrens
62
75
99
(135)
65
106
54
64
73
71
flat met lift
49
64
53
-
55
84
(78)
78
77
66
vanaf 80 m2 netto huurprijs onder kwaliteitskortingsgrens
woningtype
-
30
portiekwoning
74
79
78
-
-
80
-
(43)
(94)
78
eengezinswoning
77
104
102
129
(85)
132
70
73
99
95
-
-
-
55
73
75
30
(100)
36
benedenwoning
75
81
(34)
-
seniorenwoning
29
38
44
(39)
-
-
21
maisonnette
77
84
-
-
-
-
-
(82)
82
82
flat zonder lift
75
(83)
(116)
(77)
-
(59)
-
73
77
HAT-woning
67
67
-
-
-
-
-
-
51
67
totaal
65
75
70
96
74
85
65
59
84
74
Verhuringen via woon-Zinschrijfduur, uitgezonderd studentenwoningen, onzelfstandige woningen, vrijesectorwoningen en hoge inkomens (boven grens 1,5 maal meerpersoons primaire doelgroep). In de eerste helft van 2021 zijn er 2.437 toewijzingen via woon-Zinschrijfduur. Hiervan tellen er 2.303 mee in deze tabel. Bij minder dan 5 waarnemingen wordt de inschrijfduur niet weergegeven; bij 5-9 waarnemingen in grijs en tussen haken.
Tabel A8
Aandeel toewijzingen zelfstandige sociale huurwoningen aan primaire doelgroep en hogere inkomens, per gemeente, eerste helft 2021
aan primaire doelgroep
niet aan primaire doelgroep
Delft
334
149
483
69,2/
Den Haag
1.633
461
2.094
78,0/
gemeente
Tabel A9
, , , totaal
“/o aan primaire doelgroep
Leidschendam-Voorburg
215
60
275
78,2/
Midden-Delfland
53
21
74
71,6/
Pijnacker-Nootdorp
34
47
81
42,0/
Rijswijk
204
84
288
70,8/
Wassenaar
50
24
74
67,6/
Westland
119
88
207
57,5/
Zoetermeer
369
128
497
74,2/
totaal
3.011
1.062
4.073
73,9/
Aandeel toewijzingen zelfstandige sociale huurwoningen aan primaire doelgroep en hogere inkomens, per corporatie, eerste helft 2021
corporatie
niet aan primaire doelgroep
totaal
/o aan primaire doelgroep
Arcade Wonen
152
95
247
61,5/
De Goede Woning
167
28
195
85,6/
Haag Wonen
352
80
432
81,5/
Rijswijk Wonen
149
76
225
66,2/
Rondom Wonen
28
14
42
66,7/
Staedion
694
197
891
77,9/
Stichting DUWO
23
10
33
69,7/
Vestia
618
242
860
71,9/
Vidomes
400
121
521
76,8/
Wassenaarsche Bouwstichting
35
18
53
66,0/
Wbv. St. Willibrordus
24
8
32
75,0/
Wonen Midden-Delfland
62
23
85
72,9/
Wonen Wateringen
25
8
33
75,8/
Woonbron Delft
119
77
196
60,7/
WoonInvest
148
32
180
82,2/
Woonzorg Nederland
2
1
3
66,7/
Mooiland
3
29
32
9,4/
Omnia Wonen
10
3
13
76,9/
3.011
1.062
4.073
73,9/
totaal
31
aan primaire doelgroep
HALFJAARMONITOR 2021-1
BIJLAGE
B Begrippenlijst Aanbiedingsgraad Het gemiddeld aantal keren dat een woning wordt aangeboden, inclusief de geslaagde aanbieding. Acceptatiegraad Het aantal acceptaties gedeeld door het totale aantal keren dat een woning wordt aangeboden, inclusief de geslaagde aanbieding. De acceptatiegraad geeft het percentage van de aanbiedingen dat tot een verhuring leidt. Betaalbare verhuringen (70%-afspraak) In regionaal verband is de afspraak gemaakt om minimaal 70X van de sociale verhuringen (zie onder 'sociale verhuringen') te verhuren met een subsidiabele huur die onder de hoge aftoppingsgrens ligt. Doorstromers Met ingang van 1 juli 2019 is de regel voor doorstromers gewijzigd. Alleen woningzoekenden die een zelfstandige huurwoning in de regio Haaglanden bewonen en deze woning bij verhuizing leeg achterlaten, worden gezien als doorstromers. Woningzoekenden die in koopwoning in de regio Haaglanden wonen of buiten de regio Haaglanden wonen, worden gezien als starter. Dit betekent dat voor deze groepen woningzoekenden de woonduur niet meer meetelt bij het bepalen van de woon-Anschrijfduur. Deze verandering gaat in voor woningzoekenden die zich vanaf 1 juli 2019 inschrijven of hebben ingeschreven. Woningzoekenden die woonachtig zijn in een koopwoning in de regio of buiten de regio wonen en al voor 1 juli 2019 stonden ingeschreven, mogen nog twee jaar de status van doorstromer behouden.
Dit betekent dat voor deze groepen woningzoekenden nog twee jaar lang de woonduur (tot een maximum van 60 maanden) meetelt bij het bepalen van de woon-Anschrijfduur. Druk op het gemeentelijk aanbod Het aantal woningzoekenden zonder aanbieding, gedeeld door het aantal woningzoekenden dat een aanbieding heeft gekregen. Het betreft woningzoekenden die (minimaal een maal) gereageerd hebben in een gemeente. EU-doelgroep Woningcorporaties moeten jaarlijks ten minste 80X van de vrijkomende sociale huurwoningen toewijzen aan de EUdoelgroep (Europagrens). Daarnaast mogen woningcorporaties jaarlijks maximaal 10X van de sociale huurwoningen toewijzen aan huishoudens met een inkomen boven de Europagrens en onder de Europagrens-plus. De (maximaal) 10X vrijkomende sociale huurwoningen die overblijft, mogen woningcorporaties vrij toewijzen. Daarbij moeten zij voorrang geven aan huishoudens die in de gemeentelijke huisvestingsverordening (als die er is) staan2. Daarna moeten zij voorrang geven aan: 1.
huishoudens die dringend woonruimte nodig hebben vanwege gezondheid, veiligheid, sociale factoren, overmacht of calamiteiten;
2.
huishoudens die (met toestemming van de corporatie) woningen met elkaar ruilen;
3.
medehuurders die (met toestemming van de corporatie) huurder worden.
Voor de grenswaarden zie 'Inkomensgrenzen' in deze bijlage. De 80-10-10-regel gold tot 1 januari 2021, maar is verlengd. Geslaagde woningzoekenden
Woningzoekenden die daadwerkelijk in een jaar een woning huren worden gerekend tot de geslaagde woningzoekenden. Het aantal geslaagde woningzoekenden is gelijk aan het aantal verhuringen.
2 Woningwet 2015. 32
Huurgrenzen
De huurgrenzen zijn in bijgaande tabel weergegeven. huurgrenzen
2016
2017
2018
2019
2020
2021
kwaliteitskortingsgrens
Ê 409,92
Ê 414,02
Ê 417,34
Ê 424,44
Ê 432,51
Ê 442,46
aftoppingsgrens (1-2 personen)
Ê 586,68
Ê 592,55
Ê 597,30
Ê 607,46
Ê 619,01
Ê 633,25
aftoppingsgrens (3 en meer personen)
Ê 628,76
Ê 635,05
Ê 640,14
Ê 651,03
Ê 663,40
Ê 678,66
liberaliseringsgrens
Ê 710,68
Ê 710,68
Ê 710,68
Ê 720,42
Ê 737,14
Ê 752,33
Inkomensgrenzen
In de eerste tabel zijn de grenswaarden voor minima (uit de huurtoeslagtabel) opgenomen. De inkomensgrenzen voor de doelgroep (primaire doelgroep) zijn in de tweede tabel weergegeven. De derde tabel geeft de grenswaarden voor de (lage) middeninkomens. In de vierde tabel staat de inkomensgrens voor de Europa-doelgroep. Vanaf 2011 wordt gewerkt met de fiscale jaarinkomens. Inkomensgrenzen minima
2016
2017
2018
2019
2020
2021
eenpersoons
ê 15.400
Ê 15.675
Ê 15.925
Ê 16.300
Ê 16.650
Ê 16.950
eenpersoonsouderen
ê 16.900
Ê 17.075
Ê 17.325
Ê 17.875
Ê 18.350
Ê 18.775
meerpersoons
Ê 19.925
Ê 20.275
Ê 20.600
Ê 21.100
Ê 21.575
Ê 22.000
meerpersoonsouderen
Ê 22.625
Ê 22.850
Ê 23.200
Ê 23.900
Ê 24.475
Ê 25.025
Inkomensgrenzen primaire doelgroep
2016
2017
2018
2019
2020
2021
ê 22.100
Ê 22.200
Ê 22.400
Ê 22.700
Ê 23.225
Ê 23.725
eenpersoonsouderen
ê 22.100
Ê 22.200
Ê 22.375
Ê 22.675
Ê 23.175
Ê 23.650
meerpersoons
Ê 30.000
Ê 30.150
Ê 30.400
Ê 30.825
Ê 31.550
Ê 32.200
meerpersoonsouderen
Ê 30.050
Ê 30.175
Ê 30.400
Ê 30.800
Ê 31.475
Ê 32.075
eenpersoons
2016
2017
2018
2019
2020
2021
eenpersoons
Inkomensgrenzen middeninkomens
Ê 33.150
Ê 33.300
Ê 33.600
Ê 34.050
Ê 34.838
Ê 35.588
eenpersoonsouderen
Ê 33.150
Ê 33.300
Ê 33.563
Ê 34.013
Ê 34.763
Ê 35.475
meerpersoons
Ê 45.000
Ê 45.225
Ê 45.600
Ê 46.238
Ê 47.325
Ê 48.300
meerpersoonsouderen
Ê 45.075
Ê 45.263
Ê 45.600
Ê 46.200
Ê 47.213
Ê 48.113
Inkomensgrens Europa
2016
2017
2018
2019
2020
2021
Europagrens (secundaire doelgroep)
ê 35.739
Ê 36.165
Ê 36.798
Ê 38.035
Ê 39.055
Ê 40.024
Europagrens-plus (secundair)
Ê 39.874
Ê 40.349
Ê 41.056
Ê 42.436
Ê 43.574
Ê 44.655
Inschrijfduur
De wachtduur of de (zuivere) inschrijfduur is de verstreken tijd sinds de inschrijfdatum. Voor starters is de (zuivere) inschrijfduur gelijk aan de woon-Zinschrijfduur. Om de invloed van incidentele uitschieters te vermijden wordt niet met het gemiddelde, maar met de mediaan gerekend (de middelste waarde uit de gesorteerde reeks). De inschrijfduur wordt weergegeven in maanden. Bij een doorstromer begint de inschrijfduur na een verhuizing opnieuw te tellen. Kans op een woning
De kans op een woning wordt berekend door het aantal geslaagde woningzoekenden binnen het geadverteerde woningaanbod te delen door het aantal reagerende woningzoekenden op het geadverteerde woningaanbod. De kans op een woning lijkt sterk op de slaagkans, met dien verstande dat alleen het geadverteerde aanbod in de berekening wordt meegenomen. Op dit aanbod kunnen regulier woningzoekenden reageren. Doordat minder verhuringen meegeteld worden, is de kans op een woning iets lager dan de gewone slaagkans. Lokaal maatwerk (voorheen lokale beleidsruimte)
In het kader van het lokaal maatwerk worden bij de reguliere (geadverteerde) woonruimteverdeling de navolgende categorieën onderscheiden:
33
HALFJAARMONITOR 2021-1
1.
Bevordering doorstroming uit blijvend goedkope corporatiewoningen bij reactie op woningen die niet goedkoop zijn.
2.
Bevordering doorstroming uit blijvend goedkope corporatiewoningen bij reactie op een eengezinswoning
3.
Bevordering doorstroming uit corporatiewoningen onder de vrije-sectorgrens.
in de vrije-sector of op overige woningtypes die niet goedkoop zijn. 4.
Bevordering doorstroming uit aangewezen grote corporatiewoningen bij reactie op een kleine nieteengezinswoning met een huurprijs tot de vrije-sectorgrens.
5.
Bevordering doorstroming uit aangewezen grote corporatiewoningen bij reactie op een vrije-sector woning.
6.
Bevorderen doorstroming uit blijvend betaalbare woningen bij reactie op dure woningen.
7.
Slaagkans binnen wijk bevorderen: voorrang voor starters en doorstromers binnen aangewezen wijken. Dit betreft in Wassenaar de wijk Kerkehout en in Leidschendam betreft het Stompwijk en Duivenvoorde/Prinsenhof.
8. 9.
Slaagkans voor minima bevorderen bij reactie op goedkope woningen. Bevordering doorstroming uit EGW voor 55-plussers bij reactie op woningen die voor senioren bestemd zijn.
10.
Bevordering doorstroming uit corporatiewoningen voor 65-plussers bij reactie op een woning niet zijnde een eengezinswoning.
11.
Slaagkans van starters bevorderen bij reactie op een passende woning.
12.
Slaagkans van jongeren tot 23 jaar bevorderen bij reactie op een passende goedkope woning.
13/14 Slaagkans van gezinnen met minimaal 3/4 kinderen bevorderen naar woningen geschikt voor minimaal 4 personen. 15.
Slaagkans primaire doelgroep bevorderen (netto huur onder betreffende aftoppingsgrens).
16.
Voorrang voor eigen inwoners (excl. seniorenwoningen).
17.
Doorstroming van 55-plussers uit een eengezinswoning of een flat zonder lift.
18.
Doorstroming van scheefwoners.
Naast bovenstaande voorrangsregels vallen in een aantal gemeenten bij bemiddelingen diverse categorieën onder lokaal maatwerk. Of een lokaalmaatwerkregel in een gemeente worden toegepast en in welke mate, is te zien in diverse tabellen (zie hoofdstuk 3 van de (half)jaarmonitor). Middeninkomens
Zie 'Inkomensgrenzen' voor de afbakening van deze inkomensgroep. Tot deze groep behoren de huishoudens met een inkomen tussen de grenzen voor de primaire doelgroep en anderhalf maal die grenzen. Minima (huurtoeslagtabel)
Zie 'Inkomensgrenzen' voor de afbakening van deze inkomensgroep. Mutatiegraad
De mutatiegraad is berekend als de verhouding tussen de verhuringen (van zelfstandige woningen) en de voorraad op 1 januari van het jaar, uitgedrukt in een percentage van de voorraad dat verhuurd is in de periode. Uitgangspunt - ook voor de woningkenmerken zoals de huurprijs - is de situatie per 1 januari, zoals opgenomen in het voorraadbestand. Nieuwbouwverhuringen tellen hierdoor niet mee bij de mutaties. Doordat niet alle vrijkomende woningen te huur aangeboden worden zal de op deze manier berekende mutatiegraad kunnen afwijken van de door de corporaties berekende mutatiegraad. Primaire doelgroep (voorheen HT-doelgroep, daarvoor BBSH-doelgroep)
Indeling van huishoudens naar inkomen, leeftijd en huishoudomvang volgens passend toewijzen. Indien één van deze kenmerken ontbreekt wordt een woningzoekende ingedeeld als "niet in te delen”. Voor de grenswaarden zie 'Inkomensgrenzen' in deze bijlage. Reagerende woningzoekenden
Voor de telling van het aantal reagerende woningzoekenden wordt het verhuurde aanbod in een (half) jaar (op basis van datum van huuringang) als uitgangspunt genomen. Op basis van de goede reacties op alle advertenties ten behoeve van de betreffende verhuring die woningzoekenden hebben ingestuurd, wordt nagegaan hoeveel reagerende woningzoekenden op het verhuurde aanbod hebben gereageerd.
34
Reacties
Het gemiddeld aantal reacties op een woningadvertentie dat op de sluitingsdatum van de editie voldoen aan de in de advertentie gestelde eisen. De reacties met een foutindicatie worden buiten beschouwing gelaten. Reacties op nieuwbouwadvertenties worden eveneens buiten beschouwing gelaten. Regionaal maatwerk
Naast lokaal maatwerk wordt ook regionaal maatwerk als voorrangsregel toegepast. Reguliere verhuringen
Zie 'Verhuurcategorie' Slaagkans (reële)
De slaagkans wordt berekend door het aantal verhuringen te delen door het aantal woningzoekenden dat minimaal één goede reactie heeft ingezonden op het verhuurde aanbod, aangevuld met de woningzoekenden die zijn geslaagd zonder minimaal één goede reactie in te dienen. Bij het berekenen van de reële slaagkans in een gemeente worden de reacties van de woningzoekenden fractioneel meegeteld in de verschillende gemeenten. Zo wordt gezorgd dat alle woningzoekenden eenmaal meetellen. De slaagkansen over een half jaar zijn niet vergelijkbaar met de slaagkansen over een heel jaar. Dit komt vooral doordat woningzoekenden die in een heel jaar op huuraanbod reageren, veelal ook in de eerste helft van het jaar al op huuraanbod hebben gereageerd. Daardoor is het aantal woningzoekenden over een heel jaar niet twee keer zo hoog als over een half jaar. De berekening van de slaagkans is alleen gebaseerd op verhuringen onder de vrije-sectorgrens. Verhuringen aan rechtspersonen worden buiten beschouwing gelaten. Slaagkansberekening (reële slaagkans)
Geslaagde kandidaten/ (reagerende woningzoekenden + bemiddelde woningzoekenden zonder reactie) x 100 = reële slaagkans Sociale verhuringen (85%-afspraak)
In regionaal verband is de afspraak gemaakt om minimaal 85X van de vrijkomende zelfstandige woningen die voor verhuur bestemd blijven te verhuren met een netto huurprijs die onder de vrije-sectorgrens ligt. S tarters
Met ingang van 1 juli 2019 is de regel voor doorstromers gewijzigd. Alleen woningzoekenden die een zelfstandige huurwoning in de regio Haaglanden bewonen en deze woning bij verhuizing leeg achterlaten, worden gezien als doorstromers. Alle andere woningzoekenden worden gezien als starters. Deze verandering gaat in voor woningzoekenden die zich vanaf 1 juli 2019 inschrijven of hebben ingeschreven. Woningzoekenden die woonachtig zijn in een koopwoning in de regio of buiten de regio wonen en al voor 1 juli 2019 stonden ingeschreven, mogen nog twee jaar de status van doorstromer behouden. Urgentie (aan en via)
Bij regulier (dus via een advertentie) aangeboden woningen is de sluitingsdatum van de urgentie en de geldigheidstermijn van de urgentie tezamen met het zoekprofiel maatgevend voor het al dan niet via urgentie verkrijgen van een woning. Omdat bij bemiddelingen niet duidelijk is wat de reactiedatum is wordt daar een verhuring met een huuringangsdatum die binnen een termijn van 90 dagen na de afloopdatum van de urgentie nog als via urgentie toegewezen beschouwd. Ook hier wordt rekening gehouden met het zoekprofiel. Bij verhuringen aan urgenten wordt niet gelet op het zoekprofiel en worden verhuringen met huuringang binnen de termijn van de urgentie ook meegenomen. Uiteraard vallen alle verhuringen via urgentie ook onder de categorie toewijzing "aan urgenten”. Verhuringen
Betreft het aantal verhuurde woningen in de onderzochte periode, op basis van de datum van huuringang. De verhuringen in de rapportage hebben betrekking op de verhuringen van de sociale verhuurders die bij de SVH zijn aangesloten. Het aantal verhuringen is gelijk aan het aantal geslaagde woningzoekenden. Naamswijzigingen en omzettingen van tijdelijke naar reguliere huurcontracten die verantwoord zijn in WBS, worden niet meegeteld bij de verhuringen.
35
HALFJAARMONITOR 2021-1
Verhuurcategorie
Indeling van de verhuringen in regulier, voorrang en lokaal en regionaal maatwerk: Regulier:
Verhuringen aan 'gewone' woningzoekenden op basis van inschrijfduur, loting of direct te
Voorrang:
Verhuringen aan woningzoekenden met een (sociaal/medisch/SV-ļ urgentie of specifieke
huur inclusief vrije-sector, studentenwoning of een groepswoning; doelgroepen zoals statushouders of uit instellingen via bemiddeling door een corporatiemedewerker; Lokaal maatwerk:
Verhuringen aan woningzoekenden die in de toewijzing in hun eigen gemeente voorrang hebben gekregen op basis van lokaal vastgestelde voorrangsregels, exclusief verhuringen die bij regulier/voorrang opgenomen zijn.
Regionaal maatwerk:
Verhuringen aan woningzoekenden die in de toewijzing voorrang hebben gekregen op basis van economische of maatschappelijke binding aan de regio, ter bestrijding van regionale of lokale knelpunten in de woonruimteverdeling, exclusief verhuringen die bij regulier/voorrang opgenomen zijn.
Voorrang
Verhuringen met voorrang zijn verhuringen aan woningzoekenden met een urgentie, of aan specifieke doelgroepen zoals statushouders of uit instellingen via bemiddeling door een corporatiemedewerker Wachtduur ^zuivere inschrijfduur)
De wachtduur of de (zuivere) inschrijfduur is de verstreken tijd sinds de inschrijfdatum. Voor starters is de (zuivere) inschrijfduur gelijk aan de woonVinschrijfduur. Vanaf 2015 wordt in tabellen de mediane waarde weergegeven in plaats van het gemiddelde. Wachtrij
Aantal zoekers gedeeld door het aantal geslaagde woningzoekers. Ook wel bekend als de "omgekeerde slaagkans”. Weigeringen
Woningzoekenden kunnen aangeboden woningen weigeren. Dit kan te maken hebben met bijvoorbeeld kenmerken van de woning of van de buurt. Ook de verhuurder kan een woning bij nader inzien weigeren te verhuren. In de rapportage wordt uitgegaan van het netto aantal weigeringen, tenzij is vermeld dat het om de brutoweigeringen gaat. De netto-weigeringen worden op basis van de bruto-weigeringen berekend met dien verstande dat weigeringen van mensen met een hoger rangnummer dan degene die de woning heeft geaccepteerd buiten beschouwing worden gelaten. Woninglabeling
Bij advertenties kunnen voorwaarden worden toegevoegd. Woningen kunnen worden gelabeld naar inkomen, aantal verhuizende personen en leeftijd. Woonduur doorstromers
Het aantal jaren dat een doorstromer op het laatste woonadres heeft gewoond. Woon-Zinschrijfduur
Voor starters die zich inschrijven is de inschrijfdatum de start van de woon-Anschrijfduur. Bij doorstromers wordt maximaal 5 jaar van de woonduur opgeteld bij de inschrijfduur. Met het inwerking treden van de nieuwe Huisvestingsverordeningen per 1 juli 2019 is de regel voor doorstromers gewijzigd. Alleen woningzoekenden die een zelfstandige huurwoning in de regio Haaglanden bewonen en deze woning bij verhuizing leeg achterlaten, worden gezien als doorstromers. Deze verandering gaat in voor woningzoekenden die zich vanaf 1 juli 2019 inschrijven of hebben ingeschreven. Zoekduur vanaf eerste reactie
Het aantal maanden dat is verstreken vanaf de eerste reactie. In tabellen wordt de mediane zoekduur per groep weergegeven.
36
BIJLAGE
C Definities hoofdstuk 2 In hoofdstuk 2 worden de regionale prestatieafspraken gemonitord. Deze afspraken zijn gemaakt tussen negen gemeenten (Delft, Den-Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Wassenaar, Westland en Zoetermeer) en vijftien woningcorporaties in de regio Haaglanden (Haag Wonen, Woonbron Delft, Stichting DUWO, Rijswijk Wonen, De Goede Woning, Vestia, WoonInvest, Wonen Wateringen, Staedion, Wassenaarsche Bouwstichting, Woningbouwvereniging St. Willibrordus, Vidomes, Rondom Wonen, Wonen MiddenDelfland en Arcade Wonen). Sociale huurvoorraad
De sociale huurvoorraad betreft alle zelfstandige woningen in de 9 genoemde gemeenten met een netto huurprijs tot de vrijesectorgrens, die in bezit zijn van de vijftien genoemde corporaties. Dit is inclusief zelfstandige studentenwoningen. Woningen in bezit van andere corporaties worden niet meegeteld, ook niet als deze woningen wel in beheer zijn van een van de vijftien corporaties. Woningen van een van de vijftien corporaties die verkocht zijn onder voorwaarden (waaronder bijvoorbeeld Koopgarant), worden eveneens niet meegerekend bij de sociale huurvoorraad. Betaalbare huurvoorraad
De betaalbare huurvoorraad betreft alle zelfstandige woningen in de 9 gemeenten van de vijftien corporaties met een subsidiabele huurprijs onder de aftoppingsgrens voor 3- en meerpersoonshuishoudens (ook wel 'hoge' of 'tweede' aftoppingsgrens genoemd). Dit is inclusief zelfstandige studentenwoningen. Woningen in bezit van andere corporaties worden niet meegeteld, ook niet als woningen wel in beheer zijn van een van de vijftien corporaties. Woningen van een van de vijftien corporaties die verkocht zijn onder voorwaarden (waaronder bijvoorbeeld Koopgarant), worden eveneens niet meegerekend bij de sociale huurvoorraad. Verkopen
In de regionale prestatieafspraken is afgesproken dat de vijftien corporaties tezamen niet meer dan 10.000 huurwoningen verkopen in de periode 2015-2018 (4 jaar). De verkoop van woningen kan plaatsvinden aan zittende huurders of bij leegkomst aan andere geïnteresseerden. Eventuele complexgewijze verkopen zijn niet meegenomen in de aantallen. Voorraadontwikkeling
De voorraadontwikkeling geeft de ontwikkeling van de corporatievoorraad in de genoemde periode weer en wordt alleen in de jaarrapportage weergegeven. De voorraadontwikkeling wordt als volgt berekend. De startsituatie is de voorraad per 1 januari van het jaar. De nieuwbouw wordt vastgesteld op grond van de nieuwbouwverhuringen in het betreffende jaar. De gegevens hiervoor zijn afkomstig uit het woningmatchingsysteem (WBS). De aantallen verkopen aan particulieren in het betreffende jaar worden door de corporaties aangeleverd, evenals de aantallen gesloopte woningen in het betreffende jaar. De huurprijsmutaties worden gebaseerd op het verschil tussen de huur in voorraadbestand aan het begin van het jaar en aan het begin van het jaar daarop. Overige mutaties zijn alle mutaties die niet onder voorgaande kopjes vallen. Dit kunnen bijvoorbeeld teruggekochte woningen zijn, woningen die in of uit beheer zijn genomen of correcties op een eerder aangeleverd bestand. De eindsituatie geeft de voorraad per 1 januari van het opvolgende jaar weer. Sociale verhuringen (85%-afspraak)
Deze afspraak heeft betrekking op alle zelfstandige woningen met een netto huurprijs tot de vrijesectorgrens, die in de genoemde periode door de vijftien corporaties in de 9 gemeenten zijn verhuurd. Dit aantal wordt voor de 85%afspraak gerelateerd aan alle zelfstandige woningen van de vijftien corporaties die in dezelfde periode zijn verhuurd, dus inclusief de woningen met een huurprijs boven de vrijesectorgrens en inclusief de woningen die buiten het woningmatchingsysteem (WBS) om zijn verhuurd.
37
HALFJAARMONITOR 2021-1
Betaalbare verhuringen (70%-afspraak)
Deze afspraak heeft betrekking op alle zelfstandige woningen met een subsidiabele huurprijs tot de hoge aftoppingsgrens, die in de genoemde periode door de vijftien corporaties zijn verhuurd. Dit aantal wordt voor de 70%-afspraak gerelateerd aan alle zelfstandige woningen van de vijftien corporaties met een netto huur tot de vrijesectorgrens die in dezelfde periode zijn verhuurd. Verhuringen buiten WBS
Door een aantal corporaties worden (ook) vrijesectorwoningen verhuurd buiten het woningmatchingsysteem (WBS) om. Om het totaal aantal verhuringen van zelfstandige woningen door de vijftien corporaties in beeld te kunnen brengen, wordt ook informatie opgevraagd bij deze corporaties van de woningen die buiten WBS om zijn verhuurd. Wachttijd
De wachttijd is de verstreken tijd tussen de inschrijving als woningzoekende en de datum huuringang. Voor het bepalen van de benodigde wachttijd worden alleen de verhuringen van zelfstandige woningen meegeteld, die op basis van woonVinschrijfduur zijn verhuurd. Dit betekent dat verhuringen waarbij sprake is geweest van bemiddeling niet meetellen. Daarnaast blijven de onzelfstandige woningen, de studentenwoningen en de vrijesectorwoningen buiten beschouwing. Ook verhuringen aan hoge inkomensgroepen (boven 1,5 maal de huurtoeslaggrens voor meerpersoonshuishoudens) worden niet bij de berekening voor de wachttijd meegenomen. Mediane wachttijd
Om de invloed van uitschieters in de wachttijd naar boven en beneden te vermijden, wordt niet met de gemiddelde wachttijd, maar met de mediane wachttijd gerekend. De mediaan is de middelste waarde in de gesorteerde reeks. Bij de wachttijd betekent dit dat 5070 van de geslaagden via woonVinschrijfduur een kortere wachttijd heeft dan de mediane waarde en 507 een langere wachttijd.
38
BIJLAGE
Definities hoofdstuk 3 In hoofdstuk 3 worden onder andere onderdelen uit de gemeentelijke huisvestingsverordeningen (HVO) gemonitord, die betrekking hebben op de toewijzing van woonruimte. Aantal verhuringen
In het begin van hoofdstuk 3 worden alle verhuringen in de betreffende periode via Woonnet Haaglanden in beeld gebracht. Daar waar wordt ingezoomd op de HVO worden studentenwoningen en onzelfstandige woningen buiten beschouwing gelaten. Als dit het geval is, dan wordt dit vermeld bij de betreffende tabellen. De reikwijdte van de HVO is beperkt tot woonruimte met een huurprijs beneden de huurprijsgrens, in gemeente Den Haag en Zoetermeer is dit aangevuld met middeldure woningen (Artikel 2:1). Uitgezonderd zijn: a.
woonruimten, bestemd voor inwoning;
b.
onzelfstandige woonruimten;
c.
woonruimten verhuurd op basis van een campuscontract;
d.
tijdelijke verhuringen onder de Leegstandwet.
Aanbiedingswijze
De corporaties kunnen kiezen uit verschillende aanbiedingsmodellen om een vrijkomende huurwoning aan te bieden. Een belangrijk deel van het vrijkomend aanbod wordt via een advertentie aangeboden. Daarbij zijn er verschillende aanbiedingsmodellen mogelijk. Woningen die niet via een advertentie worden aangeboden, worden direct bemiddeld. Dit kan bijvoorbeeld bij specifieke doelgroepen, zoals bijvoorbeeld grote gezinnen, maar ook bij statushouders.
verhuringen
4
4
advertentie
geen advertentie
aanbodmodel
-
- op grond van lokaal maalwerk - op grond van regionaal maalwerk - op grond van woonVinschrijfduur
op grond van urgentie
4--
zie tabel 3.3
- op grond van urgentie -
op grond van lokaal maatwerk M - -
zie tabel 3.5
bemiddeling
- op grond van urgentie - op grond van lokaal maatwerk - op grond van regionaal maatwerk - op grond van ov. bemiddeling
model loting
- op grond van loting model direct te huur
Lokaal maatwerk
Maximaal 25X van de jaarlijks vrijkomende woonruimte kan met voorrang worden toegewezen om lokale knelpunten op de woningmarkt op te lossen. Dit wordt lokaal maatwerk genoemd. Het lokaal maatwerk is op gemeenteniveau afgestemd en vastgesteld door de gemeenteraad in de Huisvestingsverordening. De afspraken over welke woningen meetellen bij het lokaal maatwerk verschillen per gemeente. Onzelfstandige woningen, studentenwoningen en vrijesectorhuurwoningen vallen niet onder de gemeentelijke huisvestingsverordeningen. In een zestal gemeenten vallen ook tijdelijke verhuringen met een huurprijs onder de vrijesectorgrens niet onder de gemeentelijke huisvestingsverordeningen. Het gaat om de gemeenten Delft, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Westland en Zoetermeer. Voor de overige drie gemeenten (Den Haag, Leidschendam-Voorburg en Wassenaar) geldt dat tijdelijke verhuringen van met een netto huurprijs tot de vrijesectorgrens wel onder de gemeentelijke verordening vallen.
39
HALFJAARMONITOR 2021-1
Regionaal maatwerk
Maximaal 50X van de jaarlijks vrijkomende woonruimte kan met voorrang worden toegewezen aan woningzoekenden die economisch of maatschappelijk gebonden zijn aan de regio ter bestrijding van regionale en lokale knelpunten in de woonruimteverdeling. Het regionaal maatwerk is op regionaal niveau afgestemd en in alle 9 verordeningen opgenomen. Het gaat om 3 regionaal maatwerkregels: a.
grote gezinnen die doorstromen binnen de regio en een corporatiewoning achterlaten kunnen met voorrang in aanmerking komen voor woonruimten gelijk aan of groter dan 80 m2 woonoppervlakte;
b.
huishoudens die een corporatiewoning achterlaten met een woonoppervlakte groter of gelijk aan 65 m2 bij een eengezinswoning en groter of gelijk aan 80 m2 voor overige woningtypen, kunnen met voorrang in aanmerking komen voor woonruimten kleiner dan 80 m2 die niet zijn gekenmerkt als eengezinswoning;
c.
doorstromers binnen de regio die een schaarse grote corporatiewoning achterlaten, welke is gelabeld voor een groter huishouden, kunnen met een maximum van 5X van het vrijkomende aanbod direct worden bemiddeld naar een "niet eengezinswoning” kleiner dan 80 m2 en een huur tot en met de huurprijsgrens die gelabeld is voor een kleiner passend huishouden.
40