CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel

Commissie Bestuur en Economie 8 juni 2023, gemeente WestlandBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling van de zienswijze ontwerp-meerjarenbegroting 2024-2027, inclusief herziene begroting 2023 en financieel jaarbericht VRH 20223.020 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL

ONDERWERP

Zienswijze ontwerp-meerjarenbegroting 2024-2027, inclusief herziene begroting 2023 en financieel jaarbericht Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) 2022.

AANLEIDING

Op 14 april jl. heeft het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Haaglanden (AB-VRH) besloten de volgende financiële stukken door te geleiden naar de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten: Ter zienswijze: • de ontwerp-meerjarenbegroting 2024-2027, inclusief herziene begroting 2023. Ter kennisname: • de kaderbrief begroting 2024-2027 en het financieel jaarbericht VRH 2022, inclusief het accountantsverslag. De ontwerp-meerjarenbegroting 2024-2027 wordt, conform artikel 35 van de Wet Gemeenschappelijke regelingen (WGr), door het Dagelijks Bestuur van de VRH (DB-VRH) ter zienswijze aan de gemeenteraad aangeboden. De gemeenteraad heeft tot uiterlijk 1 augustus 2023 de tijd om haar zienswijze kenbaar te maken. In de begroting gaat de VRH in op de beleidsmatige ontwikkelingen, de prestatie-indicatoren en de financiële gevolgen van het beleid. Daarnaast worden, op grond van artikel 34 van de WGr, de kaderbrief begroting VRH 2024-2027 en de jaarrekening 2022, inclusief het accountantsverslag, ter kennisname aangeboden. De kaderbrief bevat algemene financiële en beleidsmatige kaders van de VRH-begroting.

DOELSTELLING

Het uitbrengen van een zienswijze op de ontwerp-meerjarenbegroting 2024-2027 van de VRH, inclusief de herziene begroting 2023.

ARGUMENTATIE

1.1. De VRH heeft de kaderbrief van de Haaglanden gemeenten overgenomen. De gemeenteraad kan op grond van art. 35 Wgr een zienswijze over de ontwerpbegroting van de GR indienen. De begrotingsstukken geven een helder beeld van de taken en doelen van de VRH en de daaraan verbonden kosten. Het bestuur van de VRH heeft de kaders die zijn meegegeven door de Haaglanden-gemeenten in de ’kaderbrief begroting 2023 gemeenschappelijke regelingen’ volledig overgenomen bij de behandeling van de ontwerpmeerjarenbegroting 2024-2027.

1.2. De VRH blijft zich inspannen om de fysieke veiligheid te waarborgen, rekening houdend met lopende en nieuwe ontwikkelingen. Brandweer Brandweer Haaglanden heeft in 2020 het meerjarenbeleidsplan ’Verantwoord doorontwikkelen’ voor de duur van vijf jaar vastgesteld. Maatschappelijk gezien vinden op hoog tempo ontwikkelingen plaats die leiden tot nieuwe risico’s en een veranderende hulpvraag vanuit de samenleving. In het meerjarenbeleidsplan zijn de maatschappelijke ontwikkelingen vertegenwoordigd door drie thema’s; verdichting, energietransitie en duurzame inzetbaarheid. Om ervoor te zorgen dat deze maatschappelijke ontwikkelingen verantwoord kunnen plaatsvinden, wordt ingezet op de doorontwikkeling van materieel en procedures én het blijven investeren in de ontwikkeling van kennis. Het is noodzakelijk om deze koers voort te zetten, om een brandweer van waarde te blijven in een brede maatschappelijke context en brandweerzorg op niveau te kunnen blijven continueren. Duurzame inzetbaarheid is een van de speerpunten waaraan wordt gewerkt: het op een veilige en gezonde wijze inzetbaar blijven, ook voor de operationele functies. Verdichting in de steden is regionaal en lokaal in ontwikkeling. Dit resulteert in bouwwerken die dichter op elkaar staan, hoogbouw, complexe inrichting en functiemenging.

De energietransitie ontwikkelt in een dermate tempo dat veiligheidsmaatregelen in regelgeving ongelijklopen/ achterlopen op dit tempo. De afgelopen periode is met betrekking tot verdichting en energietransitie geïnvesteerd in het verder in kaart brengen van de regionale risico’s. Dit betekent voor verdichting dat in eerste instantie is onderzocht welke effecten het verdichten van de regio heeft én welke factoren hiervan voor (het werk van) de brandweer van belang zijn. Onderscheid is gemaakt in fysieke, infrastructurele en sociale effecten, zoals de verscheidenheid aan verdichte bebouwing, de toename van verkeer en vervoer, segmentatie en fragmentatie en de toename van kwetsbare personen. De komende jaren zullen in het teken staan van het maken van de vertaalslag van deze risico’s naar het werk van de brandweer; op welke wijze moet en kan de brandweer zich aanpassen aan de effecten die de verdichting met zich meebrengt. Op het gebied van het thema energietransitie is reeds gestart met het maken van de vertaalslag van landelijke doelen naar regionale ambities. De focus ligt op het structureel borgen van veiligheid in een veranderende wereld, de transitie van energietransitie als nieuwe ontwikkeling naar ’business as usual’ en het zijn van een professionele kennispartner.

Dit betekent voor de Veiligheidsregio Haaglanden dat volop wordt ingezet om zowel in adviseursrol als in de daadwerkelijke incidentbestrijding ’up-to-date’ te blijven als het gaat om ontwikkelingen binnen de energietransitie. De adviseursrol vindt hierbij in toenemende mate risicogericht in plaats van regelgericht plaats. Deze ontwikkeling is nodig omdat de wet- en regelgeving niet gelijkloopt met de ontwikkelingen en daardoor niet altijd in voldoende mate de (brand-)veiligheid of een (veilige) brandweerinzet waarborgen. De brandweer zal ook in deze periode investeren om in het kader van risicobeheersing een prominente gesprekspartner en adviseur van de gemeenten te blijven. Het Regionaal Uitvoeringsprogramma Risicobeheersing blijft het handvat voor de gemeenten voor de activiteiten op dit vakgebied. Aankomende wet- en regelgeving beïnvloedt de uitvoeringspraktijk voor Risicobeheersing. Met name de op komst zijnde Omgevingswet is van invloed op het proces, de instrumenten en tot op zekere hoogte ook op de risicobeheersingstaken. Het programma Omgevingsrechtproof Risicobeheersing geeft verdere invulling aan alle randvoorwaarden die voor Risicobeheersing noodzakelijk zijn om te werken met de nieuwe wetgeving. De speerpunten ’adviesrol nieuwe stijl, informatievoorziening en de borging in beleid’ geven richting aan de opgave.

Voor de informatievoorziening wordt doorgegaan met de implementatie en de aansluiting op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het DSO ondersteunt de interactie tussen overheid en samenleving. Het bestaat in ieder geval uit: a) publicatie van omgevingsdocumenten, b) informatie op de kaart over fysieke omgevingskwaliteit en van toepassing zijnde regels, c) informatie over meldings- en vergunningsplicht voor een specifieke activiteit op een specifieke locatie, en d) een digitaal loket voor vergunningaanvragen en meldingen. Rampenbestrijding en crisisbeheersing

In regionaal verband zetten de brandweer, de GHOR, de gemeenten en de Politie Eenheid Den Haag zich samen in voor de veiligheid van iedereen die in Haaglanden woont, werkt of de regio bezoekt. De regio Haaglanden heeft bijzondere kenmerken en dit profiel stelt bijzondere eisen aan het werk en daarmee aan de organisatie en mensen. De verantwoordelijkheid voor goede multidisciplinaire samenwerking is een gezamenlijke. Door regionaal samen te werken, wordt ervoor gezorgd dat de hulpdiensten en gemeenten zo effectief mogelijk reageren op een ramp of crisis. Als basis voor de voorbereiding op de incidenten en crises die een multidisciplinair en veelal grootschalig optreden vergen, beschikt de VRH over een regionaal risicoprofiel, een beleidsplan Rampenbestrijding en Crisisbeheersing en een regionaal crisisplan. Deze plannen zijn geactualiseerd en begin 2023 aangeboden aan het Algemeen Bestuur ter vaststelling. De huidige beleidsperiode van deze plannen loopt tot en met 2026. Het individuele vakmanschap van de disciplines vormt een stevig fundament voor de multidisciplinaire samenwerking. Diverse ontwikkelingen hebben effect op de risico’s in de regio en daarmee op het dagelijks werk en de multidisciplinaire samenwerking.

Om de kwaliteit van het werk te blijven garanderen moet de veiligheidsregio blijven inspelen op (toekomstige) maatschappelijke trends, ontwikkelingen en wijziging van wet- en regelgeving. Dit wordt gedaan door te blijven bouwen aan het fundament en zich te richten op het versterken van de continuïteit, effectiviteit en veerkracht. In navolging van de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s zijn landelijk bestuurlijke afspraken gemaakt om de crisisbeheersing en de informatiepositie te versterken. Onderdeel van deze afspraken is de geleidelijk opbouwende structurele toevoeging in de brede doeluitkering rampenbestrijding (BDUR). De VRH ontvangt in dit kader ingaande 2023 € 1,6 mln. extra BDUR (ca. 1,4% van de VRH-begroting) specifiek bestemd voor de versterking van de (toekomstige) crisisbeheersing en de informatiepositie. Zowel landelijk als regionaal wordt momenteel bezien hoe de beoogde versterking kan worden vertaald naar de praktijk, en waarvoor de extra rijksgelden – zowel landelijk als regionaal – kunnen worden aangewend. Leidend hierbij is dat de versterking recht moet doen aan de uitdagingen waarvoor zowel de nationale als de regionale crisisbeheersing gesteld staan. Door het Rijk is ten aanzien hiervan nadrukkelijk aangegeven dat het niet de bedoeling is dat de gemeentelijke bijdragen aan veiligheidsregio’s – als effect van de ophoging van de BDUR – worden verlaagd.

GHOR De GHOR is integraal onderdeel van het systeem van veiligheidszorg in Nederland. Voor een goede hulpverlening moet zij zorg dragen voor een effectieve en efficiënte samenwerking tussen de zorgketen en de fysieke veiligheidspartners: brandweer, politie en gemeenten. Deze publieke taak wordt uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van het Openbaar Bestuur en het opperbevel van de burgemeester (lokale rampen en crises) of de voorzitter van de Veiligheidsregio (bovenlokale rampen en crises). Hiermee is de GHOR hét aanspreekpunt voor het Openbaar Bestuur bij kwesties op het gebied van opgeschaalde acute en publieke zorg. De GHOR houdt overzicht over de partijen die hierin een rol spelen, monitort zorgcontinuÏteit in de regio en coördineert bij zorgschaarste. Zij doet dit met oog voor het belang van de groep. De GHOR heeft hiermee een publieke taak in de semipublieke omgeving van de gezondheidszorg. De samenleving verandert snel en is complexer aan het worden. Dit geeft uitdagingen die invloed hebben op de wijze waarop de GHOR denkt invulling te geven aan haar opdracht. Belangrijk, het komende jaar, voor de positie van de GHOR zijn de wijzigingen in de Wet Veiligheidsregio’s. Afgelopen jaar is de contourennota Versterking Crisisbeheersing en Brandweerzorg uitgekomen met daarin op hoofdlijnen beschreven de positie van de GHOR en DPG in het landschap van crisisbeheersing.

Daarin wordt beschreven dat Geneeskundige hulpverlening in het kader van de rampenbestrijding en crisisbeheersing en de voorbereiding daarop een wezenlijk onderdeel zijn van de publieke veiligheidstaken. De GHOR, als onderdeel van de veiligheidsregio en onder aansturing van de DPG, vervult hierin een onafhankelijke en noodzakelijke regiefunctie. De GHOR en de DPG zijn en blijven -anders dan de evaluatiecommissie adviseertdan ook een essentieel onderdeel van de publieke veiligheid. Het gaat hierbij niet alleen om de rol van de GHOR/DPG tijdens rampen en crises, maar ook bij de voorbereiding daarop. Ten slotte is een belangrijk uitgangspunt dat is opgenomen in de Contourennota dat er samenhang moet zijn tussen de drie wettelijke kaders

waar de DPG-rol op de GHOR is omschreven (WPG-WVr-AMvB Acute Zorg). Op dit moment wordt er gewacht op vervolgstappen van het kabinet met betrekking tot consultaties op de contournota, die zal leiden tot een vernieuwing van de Wet Veiligheidsregio’s. Thema’s voor de volgende beleidsperiode Om flexibel te kunnen reageren op wat zich voordoet, is het noodzakelijk dat reeds proactief, in de koude fase, geïnvesteerd wordt in relevante netwerken, zodat stevige relaties zijn opgebouwd. De GHOR gaat het netwerkmanagement dan ook verder vormgeven en uitbreiden de komende beleidsperiode. Met het thema "verbreden van het netwerk" richt de GHOR zich de komende jaren op het aansluiten bij bestaande en nieuwe netwerken, het vormen van nieuwe samenwerkingsverbanden en het verrichten van onderzoek naar dynamische samenwerkingsverbanden over (regio)grenzen heen. Vanuit het feit dat de maatschappij digitaliseert en er een overload aan data op instellingen af komt, is het de ambitie van de GHOR om deze data om te zetten in bruikbare integrale informatie die tijdens crisis of gebruikt wordt bij de sturingsvraagstukken of prospectief inzicht biedt. De verandering in soorten crises, zoals de COVID-19 crisis en (vluchtelingen)opvangcrises, heeft de behoefte aan een 24/7 actueel en gedeeld geneeskundig beeld meer dan bevestigd.

Met het thema "de GHOR creëert een actueel en gedeeld (geneeskundig) beeld" heeft de GHOR als doel te groeien naar een informatieknooppunt door aan te sluiten op bestaande en toekomstige informatiesystemen in de zorg en veiligheidsregio’s om zodoende een actueel en gedeeld geneeskundig beeld te creëren en proactief te monitoren en waar mogelijk te sturen. Landelijk is dit dan ook een onderwerp dat hoog op de beleidsagenda staat, dan in de vorm van meer en beter informatie-uitwisseling tussen Rijk en regio’s (KCR2, Knooppunt Coördinatie Regio Rijk). Dit geldt niet alleen voor de GHOR maar voor de hele VRH. Daarnaast kan het omzetten van data naar een voorspellende waarde voor belangrijke stakeholders inzicht verschaffen om uitspraken te kunnen doen over mogelijke scenario’s en trends. Meldkamer (GnmK en MKB) Het Transitieakkoord (TA) ’Meldkamer van de Toekomst’ uit 2013 is nu in de eindfase beland. De LMS zal in de ’bouwplaats’ periode (2020 – 2022) de gezamenlijke meldkamers verder gestalte geven. Gedurende die tijd zullen de rafelranden als gevolg van de overgang verder worden afgehecht. In dit kader is de meldkamer in 2022 gestart met de overgang naar het LMSplatform. Naar verwachting zal de overgang in 2024 zijn gerealiseerd en zal helder worden wat de VRH-opschalingsruimten gaan kosten.

Er loopt een aantal projecten, zoals herinrichting van de 9e verdieping met opschalingsruimtes. De VRH heeft middelen gereserveerd voor zowel de afhechting van de rafelranden als voor het optimaliseren van de meldkamerfunctie. In dit kader krijgt bij de GnkM het ambulance coördinatie centrum vorm. Met betrekking tot de MKB hebben de veiligheidsregio’s Haaglanden en Hollands Midden een convenant afgesloten over de intensivering van de samenwerking in de gezamenlijke brandweermeldkamer. Bij de producten is dit nader toegelicht. Sinds 1 januari 2021 is de nieuwe Wet ambulancevoorzieningen in werking getreden. Op dit moment voert de geneeskundige meldkamer van de VRH meldkamertaken uit in opdracht van de (coöperatie) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Haaglanden. De afspraken over deze uitvoering zijn vastgelegd in een Service Level Agreement (SLA). Feitelijk fungeert de VRH hiermee als onderaannemer van het RAV. Als gevolg van de nieuwe Wet ambulancevoorzieningen is het voor RAV’s echter niet meer toegestaan om voor de meldkamerfunctie een onderaannemer in te schakelen. De RAV en VRH hebben uitgesproken dat de huidige uitvoering van de meldkamertaak wordt gecontinueerd totdat een oplossing is bereikt.

Aan deze oplossing wordt thans gezamenlijk gewerkt, waarbij het VRH-bestuur belang hecht aan publieke borging en een multidisciplinaire organisatie van de geneeskundige meldkamerfunctie. Gemeentelijke crisisbeheersing/bevolkingszorg

De evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s heeft geleid tot een aantal aanbevelingen die ook de gemeentelijke crisisbeheersing raken. Landelijk wordt de uitwerking van deze aanbevelingen vormgegeven in het programma ’Versterking Crisisbeheersing en Brandweerzorg’, dat wordt geleid door het ministerie van JenV en een project ’Uniform kwaliteitsniveau Bevolkingszorg’ dat hier aan gekoppeld is. In 2023 zal duidelijk worden wat de definitie wordt van gemeentelijke crisisbeheersing in relatie tot bevolkingszorg, welke inputindicatoren geformuleerd worden t.a.v. uniformiteit en kwaliteit en hoe dit zijn beslag zal krijgen in voorstellen tot aanpassing van de Wet. De uitwerking en implementatie van regionale visie op gemeentelijke crisisbeheersing gaat daarnaast onverminderd voort. Waar nodig en mogelijk zal de verbinding met de landelijke trajecten gelegd worden. 2.1 De VRH heeft een informatieplicht richting de gemeenteraden. In artikel 34 lid b van de WGr is de informatieplicht van het Dagelijks en Algemeen Bestuur van de VRH aan de gemeenteraden vastgelegd. De VRH moet de deelnemende gemeenteraden in kennis stellen van de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening.

RISICO’S EN KANTTEKENINGEN

1. Blijvende aandacht voor ontwikkelingen rondom vrije instroom van brandweervrijwilligers is noodzakelijk. Brandweervrijwilligers zijn in Westland een onmisbare schakel. Zij zijn nodig voor het borgen van de slagkracht die nodig is voor de bestrijding van grote en langdurige incidenten zowel in de eigen gemeente als elders in de veiligheidsregio. De VRH hecht er aan de brandweerzorg in Haaglanden te blijven verzorgen door een beroepsbezetting in combinatie met vrije-instroomvrijwilligers. De beschikbaarheid van de vrijwilligers in de dag-situatie wordt een steeds grotere uitdaging. Om de paraatheid te kunnen blijven garanderen wordt het verloop van de vrijwilligers permanent gemonitord en daar waar mogelijk beïnvloed. Naast wervingscampagnes wordt ook het bedrijfsleven actief benaderd. Zij kunnen medewerkers stimuleren toe te treden tot de brandweer om zodoende de beschikbaarheid te vergroten. Daarnaast zijn vier posten opgeleid om te werken met variabele voertuigbezetting en wordt dagdienstpersoneel opgeleid als brandweervrijwilliger om overdag vanuit de Westlandse kazernes in de voertuigbezetting te kunnen voorzien. Dit vergroot onze flexibiliteit. Gezien de landelijke terugloop in aantallen vrijwilligers onderkent de VRH dat ondanks de inspanningen de werving niet volledig zal slagen. 2. Het onderzoek tot bezuinigingsmogelijkheden heeft niet tot besparingen geleid.

In de door de gemeenteraad ingediende zienswijze op de begroting 2023 is de VRH gevraagd te onderzoeken hoe in de begroting en meerjarenramingen besparingen gevonden konden worden. Het bestuur van de VRH heeft in 2022 eventuele bezuinigingsmogelijkheden onderzocht. Dit heeft niet tot besparingen geleid. In de kaderbrief begroting 2024 van de VRH is een toelichting hierop gegeven.

FINANCIËN

Het indienen van een zienswijze heeft geen directe financiële gevolgen. De ontwerpmeerjarenbegroting 2024-2027 is in overeenstemming met de kaders van de gemeentelijke Kaderbrief begroting 2024 gemeenschappelijke regelingen.

De inwonerbijdrage voor de VRH gaat omhoog van € 69,74 (herziene begroting 2023) naar € 70,75 in 2024. Daarmee komt de totale bijdrage voor de gemeente Westland in 2023 uit op € 7.713.000. Voor 2024 en daaropvolgende jaren bedraagt de bijdrage € 8.136.000. De trendsystematiek voor de VRH is volledig in lijn met de kaderbrief voor gemeenschappelijke regelingen van de gemeenten. Een bedrag van ruim € 0,15 per inwoner voor de post onvoorzien wordt niet op voorhand in rekening gebracht. Op basis van de ontwerpbegroting 2024-2027 staat in onderstaand schema hoe de deelnemersbijdrage wijzigt ten opzichte van de begroting 2023-2026 van de VRH:

Het effect van (de aanpassing van de) trend 2023 wordt bij de 1e Voortgangsrapportage 2023 structureel verwerkt in de gemeentebegroting. Het effect van de trend 2024 zal structureel worden verwerkt bij de 1e Voortgangsrapportage 2024. De dekking van de trend zal gezocht worden in de stelpost loon- en prijsindexatie. Jaarrekening 2022 Het financieel resultaat bedraagt € 3,6 mln. voordelig. Besloten is om hiervan € 1,7 mln. terug te betalen aan de deelnemende gemeenten. Dit voordeel zal via de 2e Voortgangsrapportage 2023 in de begroting verwerkt worden. Vanuit het resultaat 2022 wordt een bestemmingsreserve van € 1,7 mln. gevormd ter dekking van de meerkosten in 2023 als gevolg van het (principe-) arbeidsvoorwaardenakkoord.

COMMUNICATIE

N.v.t.

EXTERN OVERLEG

Het raadsvoorstel is tot stand gekomen in samenwerking met de VRH. VERVOLGTRAJECT

De zienswijze wordt aangeboden voor behandeling in de raadscyclus van juni. De zienwijze wordt betrokken bij de definitieve vaststelling van de ontwerp-meerjarenbegroting 2024-2027 VRH in de vergadering van respectievelijk het DB-VRH van 25 augustus 2023 en het AB-VRH van 8 september 2023. Vervolgens wordt de definitieve begroting aangeboden aan de Gedeputeerde Staten van de Provincie Zuid-Holland. De defini-

tieve begroting wordt tevens ter kennisname aan de gemeenteraden toegezonden.

Burgemeester en wethouders van Westland, de secretaris,

de burgemeester,

A.C. Spindler

B.R. Arends

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=6b855535-0b2a-4c93-8411-6115378a6ec4