CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

nota van beantwoording zienswijzen hotel Honderdland nabij 10 (kavel 50 c/g) - geanonimiseerd (22-0013731)

Gemeenteraad 15 februari 2022, gemeente WestlandBij agendapunt: Voorstel tot weigering van de omgevingsvergunning en verklaring van geen bedenkingen hotel Honderdland Noord nabij 10 (kavel 50 c/g) te Maasdijk3.534 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NOTA VAN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN weigering verklaring van geen bedenkingen en omgevingsvergunning W-AV-2020-1904 Indiener 1.

■L

Reactie

Beantwoording

Westbrick heeft moeten ervaren dat de hotelaanvraag niet

In tegenstelling tot hetgeen naar voren wordt gebracht,

met bereidwilligheid wordt behandeld door het college,

was het college geen voorstander van een logiesgebouw

terwijl NL Jobs door het college geen duimbreed in de weg

voor arbeidsmigranten van NL Jobs. De aanvraag van

is gelegd om een logiesgebouw voor arbeidsmigranten te

NL Jobs is beoordeeld als zijnde in strijd met het

mogen bouwen.

bestemmingsplan, reden waarom het college op 19 februari 2019 de raad heeft voorgesteld een ontwerp verklaring van geen bedenkingen voor een logiesgebouw voor arbeidsmigranten te weigeren. De raad heeft toen echter besloten de ontwerp verklaring van geen bedenkingen wel te verlenen. U heeft in het kader van die procedure ook een zienswijze ingediend. Overigens gold op het moment dat de gemeenteraad besliste op de verklaring van geen bedenkingen voor NL Jobs nog het bestemmingsplan Honderdland fase 2, niet het bestemmingsplan Honderdland fase 2, 1e herziening.

Ondanks vragenlijsten en een gesprek met de wethouder

De vragenlijsten en het gesprek zijn onderdeel geweest

deelt de gemeente bij brief van 20 januari 2021 mee dat de

van de overwegingen omtrent het toekomstige gebruik

aanvraag complex is en wordt bij brief van 26 januari 2021

van het aangevraagde bouwwerk. Gelet op alle

medegedeeld dat “ het aannemelijk is dat het gebruik van het

argumenten zoals opgenomen in het raadsvoorstel- en

aangevraagde gebouw niet als hotel zal plaatsvinden” en

besluit en de daarbij behorende bijlagen, luidde het

dat daarom een grote buitenplanse afwijking van het

besluit dat het aannemelijk is dat het gebruik van het

bestemmingsplan nodig is, waarvoor een wettelijke

aangevraagde gebouw niet (alleen) als hotel zal

beslistermijn van maar liefst zes maanden geldt.

plaatsvinden.

Ten onrechte veronderstelt het college (en de raad op voorstel van het college) dat Westbrick met deze vergunningaanvraag geen hotel, maar een logiesgebouw voor arbeidsmigranten beoogt te realiseren: De stelling dat ' niet uitgesloten zou zijn ’ dat het

College en raad zijn zich ervan bewust dat alleen

hotelgebouw zal worden gebruikt voor het verschaffen van

twijfels over het voorgenomen gebruik niet voldoende

logies aan arbeidsmigranten, is niet alleen ongegrond, maar

zijn om op grond hiervan een omgevingsvergunning te

ook juridisch irrelevant. Er mogen niet alleen twijfels

weigeren. Volgens de jurisprudentie is het criterium op

bestaan over het voorgenomen gebruik (ABRvS 2 nov. 2016,

grond waarvan een omgevingsvergunning geweigerd kan

ECLI:NL:RVS:2016:2876), ook de enkele omstandigheid dat

worden: het concrete, beoogde gebruik van een

de bouwkundige indeling of eigenschappen van het

bouwwerk, indien op grond van de bouwkundige

aangevraagde bouwplan op zichzelf niet alleen een

inrichting of anderszins redelijkerwijs valt aan te nemen

hotelfunctie mogelijk maakt, betekent niet dat redelijkerwijs

dat dit gebruik uitsluitend of mede betrekking heeft op

valt aan te nemen dat het gebouw (mede) zal worden

andere doeleinden dan die, waarin de bestemming

gebruikt als logiesgebouw voor arbeidsmigranten (zie

voorziet (ABRvS 1 3 juli 2005,

ABRvS 13 nov. 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1912, ABRvS 1

ECLI:NL:RVS:2005:AT9246). Een bouwwerk moet in

aug. 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2583, ABRvS 20 mrt. 2019,

strijd met de bestemming worden geoordeeld indien

ECLI:NL:RVS:2019:858);

redelijkerwijs valt aan te nemen dat dat het bouwwerk uitsluitend of mede zal worden gebruikt voor andere doeleinden dan die waarin de bestemming voorziet (o.a. ABRvS 2 nov. 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2876). Bij de beoordeling van de aanvraag moet ervan worden uitgegaan dat het bouwwerk zal worden gebruikt op de wijze als omschreven in de aanvraag, tenzij redelijkerwijs valt aan te nemen dat het bouwwerk uitsluitend of mede voor andere doeleinden zal worden gebruikt (ABRvS 7 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:761 ). Artikel 3:2 Awb vereist een zorgvuldige voorbereiding, zodat gelet op de voorgeschiedenis dan ook niet volstaan kan worden met de constatering dat een hotelbedrijf voldoende uit de aanvraag en bouwtekeningen blijkt, er moet goed onderzoek naar het gebruik plaatsvinden (vgl. Rb. Midden-Nederland, 26 aug. 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:3535). Niet alleen de aanvraag is van belang, ook naar andere feiten en omstandigheden moet gekeken worden (ABRvS 20 mrt. 2019, ECLI:NL:RVS:201 8: 858). Het onderzoek kan dan resulteren in concrete aanwijzingen op grond waarvan redelijkerwijs valt aan te nemen dat het beoogde gebruik in strijd is met het bestemmingsplan (ABRvS 1 aug. 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2583). Het feit dat een bestemming nog wel verwezenlijkt zou kunnen worden is niet doorslaggevend als het beoogde gebruik in strijd is met de bestemming (ABRvS 30 aug. 2017,

ECLI:NL:RVS:2017:231 1 ). Het college en de raad stoelt zijn argumentatie niet alleen op de ingediende bouwtekeningen, maar ook op overige feiten en omstandigheden, waardoor sprake is van concrete aanwijzingen op grond waarvan redelijkerwijs valt aan te nemen dat het aangevraagde gebouw (mede) ten behoeve van logies voor arbeidsmigranten zal worden gebruikt. Er wordt maar zelden aangenomen dat er concrete

Handhaving is het sluitstuk van een goede ruimtelijke

aanwijzingen zijn op grond waarvan redelijkerwijs valt aan

ordening. Als uit een aanvraag om omgevingsvergunning

te nemen dat het beoogde gebruik anders zal zijn dan in de

en overige feiten en omstandigheden redelijkerwijs moet

aanvraag is opgegeven. Mocht het vergunde bouwwerk

worden aangenomen dat een bouwwerk in strijd met het

uiteindelijk in strijd met het bestemmingsplan worden

bestemmingsplan zal worden gebruikt, moet de

gebruikt, dan kan het college handhavend optreden. Ook

omgevingsvergunning geweigerd worden. Dat de lat

daarom ligt de laat erg hoog, vgl. ABRvS 1 aug. 2018,

hierbij door de Afdeling hoog wordt gelegd, spreekt voor

ECLI:NL:RVS:2018:2583;

zich. Voor de vraag of er sprake is van gebruik van een bouwwerk als logiesgebouw voor arbeidsmigranten of als hotel, wordt in de jurisprudentie gekeken naar het totaalbeeld, bv. ABRvS 14 mrt. 2018, ECLI:NL:RVS:2018:823. Uit het totaalbeeld dat volgt uit de aanvraag en de feiten en omstandigheden hieromtrent zijn college en raad van oordeel dat redelijkerwijs moet worden aangenomen dat het aangevraagde bouwwerk niet (alleen) als hotel gebruikt zal worden, maar (ook) ten behoeve van logies voor arbeidsmigranten. In navolging van de zienswijze worden verschillende elementen uit dit totaalbeeld nogmaals gewogen en besproken.

Ook het gegeven dat de statutaire doelstelling van

In de aangehaalde uitspraak komt de Afdeling tot het

Westbrick zoals omschreven in het handelsregister van de

oordeel dat in dat geval de inschrijving bij de KvK van

KvK niet over horeca-activiteiten spreekt, levert geen

een locatie elders niet de conclusie rechtvaardigt dat

concrete aanwijzing op, dit volgt bv. uit ABRvS 26 juli 2017

redelijkerwijs moet worden aangenomen dat strijdige

ECLI:NL:RVS:2017:2019. Hetzelfde geldt voor het feit dat

activiteiten uitgeoefend zullen worden. Echter, in

Westbrick niet eerder een hotel heeft ontwikkeld of

samenhang met andere feiten en omstandigheden is de

geëxploiteerd. Westbrick is een professionele ontwikkelaar

statutaire doelstelling wel van belang. Uit de uitspraak

van allerlei vastgoed. Het is geen rechtsnorm dat een hotel

van ABRvS 6 juni 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1829 volgt

alleen mag worden ontwikkeld door een bedrijf dat dat al

dat de statutaire doelstelling van belang kan zijn bij de

eerder heeft gedaan. Westbrick heeft overigens ook niet

bepaling op welke wijze invulling zal worden gegeven

eerder een logiesgebouw voor arbeidsmigranten ontwikkeld;

aan een perceel (r.o. 3.3). Bij de KvK is voor Westbrick aangegeven dat de activiteiten bestaan uit vastgoedmanagement, winkels voor woninginrichting, opslag (in distributiecentra), bouwmarkten en supermarkten. Dit heeft niets met horeca van doen. Ook in de statuten van de BV zijn allerlei (handels)activiteiten als doel benoemd, maar geen enkele met betrekking tot horeca of meer specifiek het exploiteren van een hotel. Tijdens het gesprek met de wethouder is aangegeven dat Westbrick investeerder is in het hotel, terwijl de exploitatie samen met Event hotels plaats zal vinden. Van die samenwerking is echter nog niets gebleken (zie ook verderop).

Het gegeven dat Westbrick liever een logiesgebouw voor

De verklaring van een aanvrager speelt een rol in de

arbeidsmigranten had gerealiseerd levert eveneens geen

beoordeling van de vraag omtrent het toekomstige

concrete aanwijzing op, op grond waarvan redelijkerwijs valt

gebruik van een bouwwerk, zie bv. ABRvS 8 april 2020,

aan te nemen dat het aangevraagde bouwwerk niet als hotel

ECLI:NL:RVS:2020:1018. De directeur van Westbrick

zal worden gebruikt, dat daarvoor nog juridische procedures

heeft in een gesprek met de wethouder verklaard dat het

lopen maakt dat niet anders, bij wet gegeven

hotel niet gebruikt zal worden door arbeidsmigranten. In

bezwaarmogelijkheden mogen niet van overheidswege

de schriftelijke beantwoording op gestelde vragen wordt

worden gefrustreerd of bestraft (ABRvS 7 maart 2018,

evenwel gesteld dat er geen huisvesting plaats zal

ECLI:NL:RVS:2018:761, ABRvS 8 april 2020,

vinden van arbeidsmigranten als gedefinieerd in het

ECLI:NL:RVS:2020:1018);

bestemmingsplan. Dat wekt de indruk dat wellicht gezocht zal worden naar een lacune in de definities om mogelijk toch een bepaalde vorm van huisvesting van arbeidsmigranten mogelijk te maken. Temeer omdat in de schriftelijke verklaring eveneens is opgenomen dat Westbrick het liefste een logiesgebouw voor arbeidsmigranten zou realiseren. Ook dit geldt als een verklaring die een rol moet spelen bij de beoordeling van het toekomstige gebruik.______________________________

Event Hotels is wel degelijk een professionele

Het feit dat er geen concreet zicht is op verlening van

hotelexploitant en (mede)eigenaar en exploitant van ca. 140

de vergunning betekent niet dat niet al een intentie

hotels in verschillende Europese landen, zie

overeenkomst met Event Hotels gesloten zou kunnen

www.eventhotels.com. Er is nog geen overeenkomst omdat

zijn. Event Hotels is in ieder geval een boekingsplatform

er geen concreet zicht is op verlening van de vergunning;

voor hotels in Nederland, Duitsland en Italië. Het betreft vooral hotels van ' merken ’ als Radisson, Pullman, Mercure, Ibis en Bilderberg. Het is lastig te achterhalen of Event Hotels de hotels ook in eigendom heeft en/of voor eigen rekening exploiteert. Wat hier ook van zij, feit is dat niets van een eventuele samenwerking met Event Hotels gebleken is behalve de intentie van de aanvrager om een franchise Z samenwerkingsovereenkomst te sluiten (om samen te exploiteren). Gelet op de inschrijving bij de KvK, de statutaire doeleinden en het gebrek aan enige ervaring op het gebied van hotelexploitatie, is het niet aannemelijk dat Westbrick dit werkelijk alleen zal kunnen of willen.

De kamers in het hotel zijn niet ongebruikelijk ruim voor een

Uiteraard zijn er hotels die grotere kamers in hun

hotel. Vanwege de module bouw hebben de kamers een

aanbod hebben, maar een standaardmaat van ca. 45 m2

standaardmaat van 40 m2. Standaardkamers van bv. Van

voor een hotelkamer is groot. Bij vergelijking met de

der Valk zijn 34 m2, maar er zijn ook grotere kamers tot 64

overige hotels in Westland zijn de kamers bijna

m2. De grootte van de kamers maakt ze geschikt voor de

tweemaal zo groot (Fletcher hotel Ter Heijde, ca. 23 m2,

zakelijke markt en toeristen (gezinnen);

Fletcher hotel Naaldwijk, ca. 26 m2, St. Vincent Poeldijk, ca. 20 m2, De Gravin ’ s-Gravenzande ca. 20 m2). Een kamer van 35 m2 geldt in laatstgenoemde als ' superior suite ’. Voor de huisvesting van arbeidsmigranten op de locatie Elsenbosch in Naaldwijk zijn wel kamers van ca. 45 m2. Omdat de kamers in het aangevraagde bouwwerk ruimte hebben voor een living, zitgedeelte, slaapkamer, douche met toilet en voldoende kastruimte zijn ze in ieder geval uitermate geschikt voor ' short stay ’ (niet zijnde kortstondig verblijf).

Westbrick heeft op vragen daartoe aangegeven dat sprake

Westbrick heeft in de schriftelijke vragen aangegeven

zal zijn van kortstondig verblijf en dat het verblijf kan

dat het om kortstondig verblijf zal gaan van zakelijke

varieren van één dag tot enkele weken. Westbrick heeft dus

gasten t/m toeristen en geen arbeidsmigranten als

niet gezegd dat gasten enkele weken tot enkele maanden

gedefinieerd in het bestemmingsplan. Het verblijf kan

verblijven, zoals beschreven in de uitspraak van de ABRvS

vanwege de brede doelgroep variëren van één dag tot

13 aug. 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3017. Er zijn geen

enkele weken. Gevraagd naar het formaat van de

uitspraken dat als de verblijfsduur varieert van één dag tot

kamers stelt Westbrick: “ De kamers hebben een wat

enkele weken er geen sprake (meer) zou zijn van een hotel,

grotere afmeting zodat er meerdere gasten (max. twee

ook niet de uitspraak ABRvS 19 sept. 2018,

volwassen personen) in kunnen verblijven en/of omdat

ECLI:NL:RVS:2018:3029. Ook als er af en toe gasten zijn

het verblijf tot een paar weken kan duren en er dan vaak

die wel langdurig in het hotel verblijven, blijft er sprake van

behoefte is aan een soort mini appartement.” Het

een hotel (ABRvS 14 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:823);

college, noch de raad stellen dat Westbrick gesteld zou hebben dat de gasten enkele weken tot enkele maanden in het bouwwerk zouden verblijven, gesteld is dat Westbrick aangeeft dat gasten enkele weken zouden kunnen verblijven. Een verblijf voor enkele weken is reeds niet aan te merken als kortstondig, dit volgt uit de uitspraak ABRvS, 13 aug. 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3017. Dat er incidenteel een gast langer zou verblijven maakt inderdaad niet dat er geen sprake zou zijn van een hotel, maar gelet op de grootte van de kamers en de uitspraken van Westbrick zal het geen incident zijn dat langdurig verblijf (voor enkele weken) plaats zal vinden. Dat is in strijd met het bestemmingsplan. In zijn uitspraak van 19 sept. 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3029 laat de Afdeling het oordeel van de rechtbank dat op grond van de omvang en inrichting van de appartementen en de verklaringen van de aanvrager langdurig verblijf tot de mogelijkheden behoort en kennelijk ook feitelijk is beoogd, in stand. Ook hier stelt de Afdeling dat het om verblijf van korte duur moet gaan (niet zijde verblijf van enkele weken). Overigens lijkt de locatie Honderdland voor toeristen (of zakelijke gasten) niet de meest aantrekkelijke om te verblijven, aangezien het gelegen is tussen een__________

bedrijventerrein en een grote doorgaande weg zonder aantrekkelijke buitenruimte. Op het huidige bedrijventerrein Honderdland zijn problemen met geluidhinder van bedrijven t.o.v. woningen. Het hotel zou op ongeveer 35 meter van categorie 3.2 bedrijvigheid en op ongeveer 100 meter van categorie 4.2 bedrijvigheid komen. Een hotel aan de kust of in een dorpskern met voorzieningen ligt dan meer voor de hand. De bouwaanvraag van Westbrick voorziet wel in een

Op de bouwtekening is niet aangegeven dat het een

restaurant, op de bouwtekening is een open keuken

restaurant betreft, maar is een aanduiding

ingetekend, met een eetgelegenheid van 10 tafels en 40

“recreatieruimte Z foyer met open keuken” opgenomen.

stoelen. 40 eetplaatsen op 94 mogelijke gasten is niet krap,

Op de schriftelijke vragen heeft Westbrick aangegeven

omdat veel hotelgasten elders eten, terwijl niet iedereen

dat er een restaurant komt waar men tegen betaling

gelijktijdig aan tafel zal gaan. Volgens de planregels van het

maaltijden en niet alcoholische dranken kan krijgen en

bestemmingsplan Honderdland fase 2, 1e herziening gaat

dat het restaurant ook toegankelijk is voor passanten.

het om het verstrekken van logies (per nacht) in combinatie

Een aanduiding “recreatieruimte / foyer met open

met de nevenactiviteit het verstrekken van maaltijden en

keuken” komt hier niet mee overeen, het zou bv. het

dranken voor consumptie ter plaatse. Dat hoeft niet perse

opwarmen van eigen maaltijden niet uitsluiten (er is ook

een restaurant te zijn, maar kan ook roomservice,

niet voorzien in afzuiging). In de uitspraak van 13 aug.

selfservice of take away zijn. Een restaurant is niet verplicht

2014, ECLI:NL:RVS:2014:3017 komt naar voren dat

op grond van uitspraken van de ABRvS (13 aug. 2014,

gelet op hetgeen in het normale spraakgebruik onder

ECLI:NL:RVS:2014:3017) en het verstrekken van maaltijden

“hotelbedrijf” wordt begrepen moet worden uitgegaan

evenmin (ABRvS 20 maart 201 3,

van verblijf van korte duur en dat verzorging wordt

ECLI:NL:RVS:2013:BZ4961). Een bar is evenmin vereist en

aangeboden zoals roomservice en verstrekking van

wat op de menukaart staat is niet relevant;

consumpties en maaltijden. Uit de uitspraak van 20 maart 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ4961 blijkt ook dat de verstrekking van maaltijden normaal onderdeel is van een hotelbedrijf. Op grond van het geldende bestemmingsplan moeten in ieder geval maaltijden en dranken voor consumptie ter plaatse (kunnen) worden verstrekt. Dat betekent dat er een restaurantfunctie en een bar aanwezig moeten zijn. Consumptie ter plaatse betekent ter plaatse waar de maaltijden bereid worden, niet elders in het gebouw of op de kamer, daar is________

roomservice voor. In vergelijking met de andere Westlandse hotels valt op dat het ' restaurant ’ klein is. Een restaurant is een belangrijk onderdeel van de hotelfunctie. In een zaak waarin geen bar en restaurant aanwezig waren waar tegen vergoeding spijzen en/of dranken werden verstrekt, oordeelde de Afdeling dat dit er mede toe leidde dat het gebruik niet aan te merken was als een hotel (ABRvS 16 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:738). Wat ook opvalt is dat Westbrick aangeeft dat in het 'restaurant’ maaltijden en niet-alcoholische dranken verkrijgbaar zouden zijn. Dat is gebruikelijker voo r een “ logiesgebouw voor arbeidsmigranten” dan voor een regulier hotel. Het is evident dat roomservice, dagelijkse schoonmaak en

In zijn uitspraak van 1 4 maart 201 8,

opmaak van bedden niet verplicht hoeven te zijn om te

ECLI:NL:RVS:2018:823 overweegt de Afdeling dat bij

kunnen spreken van een hotel. Een hotelgast mag zelf

een hotelbedrijf passende voorzieningen als

bepalen of zijn bed opgemaakt wordt of dat gebruik gemaakt

roomservice, dagelijkse schoonmaak en beddenopmaak

wordt van roomservice. Westbrick heeft positief geantwoord

van belang zijn om te kunnen oordelen of inderdaad

op de vraag of er sprake is van dagelijkse schoonmaak,

sprake is van een hotel. Het gaat er dan niet om dat het

maar gasten hoeven niet dagelijks te dulden dat de kamer

alleen maar wordt aangeboden, maar dat het ook wordt

wordt schoongemaakt (denk aan bordjes als ' no cleaning

uitgevoerd. Waar in een hotel passende voorzieningen

today'). Uit de uitspraak ECLI:NL:RVS:2013:BZ4961 volgt

standaard zijn, draait Westbrick de situatie om: het

dat schoonmaak of roomservice niet verplicht zijn, terwijl uit

opmaken van bedden is mogelijk ‘ als de gast dat wil. ’

de uitspraak ECLI:NL:RVS:2014:3017 volgt dat dit alleen

Dat duidt erop dat geen sprake zal zijn van een regulier

maar hoeft te worden aangeboden.

hotel. Alles overwegende blijkt uit de aanvraag, de overgeleverde andere informatie en overige feiten en omstandigheden dat redelijkerwijs moet worden aangenomen dat dit bouwwerk niet (alleen) als hotel gebruikt zal worden.

Twijfels over het voorgenomen gebruik zijn ontoereikend om

College en raad hebben onderschreven dat alleen

aan te mogen nemen dat het gebruik (mede) zal worden

twijfels niet voldoende zijn, dat is ook niet het geval, het

gebruikt als logiesgebouw voor arbeidsmigranten (ABRvS 2

besluit de omgevingsvergunning te weigeren vanwege

nov. 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2876). Het raadsbesluit van

strijdig gebruik, is gebaseerd op zorgvuldig onderzoek

16 fibiuaii 2021 (de ontwiipiiiklaiing van geen

en weging van diverse feiten en omstandigheden. Dat er

bidinkingin) is genomen met een relatief kleine

geen unanimiteit in de gemeenteraad was voor de

mllldllhlid van 23 tegen 16 stemmen. Ei is derhalve

beslissing doet hier niets aan af.

verdeeldheid (en dus twijfel) in de raad, zodat reeds hierom geen juridische grondslag bestaat om Westbrick de gevraagde vergunning voor een hotel te onthouden. In het ontwerpbesluit staat vermeld dat niet getoetst is aan

Vooralsnog is verdere toetsing van de aanvraag niet

het Bouwbesluit, de bouwverordening en de redelijke eisen

noodzakelijk of wenselijk vanwege de strijdigheid met

van welstand en dat de vergunningaanvraag wat betreft de

het bestemmingsplan.

activiteit aanleggen van een weg niet is getoetst aan de APV. Dat een vergunningaanvraag al wegens strijd met het bestemmingsplan wordt geweigerd, is geen reden om niet aan voornoemde regelgeving te toetsen. Vanuit een oogpunt van procesefficiency ligt het in de rede dat het college zich in zo' n vroeg mogelijk stadium uitspreekt. Ei is voor een eerdere vergunningaanvraag al een positief welstandsadvies verstrekt en het huidige bouwplan is in samenspraak met de supervisor opgesteld en ingediend, zodat Westbrick erop mag vertrouwen dat het plan in overeenstemming is met de redelijke eisen van welstand, stedenbouwkundige bepalingen van de bouwverordening en de APV. Het aangevraagde bouwplan zou nog in strijd zijn met een

Zie hierboven.

aantal andere onderdelen van het bestemmingsplan: een talud/groenstrook/haag is stedenbouwkundig nog niet akkoord, 1 van de 72 parkeerplaatsen zou niet goed bereikbaar zijn, het gebouw zou breder moeten zijn, de ondergrondse kelder verder van de weg af gesitueerd en de ondergrondse parkeerkelder mag niet buiten de contour van het bovengrondse gebouw treden. Met eventuele afwijkingen van het bestemmingsplan zou het college in moeten stemmen, omdat het plan in samenspraak met de supervisor tot stand is gekomen. Mocht dat anders zijn, dan ligt het in de rede dat het college zich zo daarover in een zo vroeg mogelijk stadium uitspreekt. 2.

Het gaat alle proporties te buiten indien het kleinste dorp in

Deze zienswijze heeft waarschijnlijk betrekking op een

Westland een tweede hotel voor arbeidsmigranten zou

andere aanvraag. Reclamanten zijn kennelijk niet op de

krijgen.

hoogte dat het in casu de weigering van een hotel betreft.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=6cabbc1e-9ce6-47b3-bdca-78b95a95e4c4