memo raad inzake BP Westmade Noord
Tekst van het document
Memo | Ruimte AAN
:
De leden van de cie. Ruimte
VAN
:
B.P.M. van der Stee
C.C.
:
DATUM
:
8 juli 2022
BETREFT
:
Bestemmingsplan Westmade Noord
Corsa 22-2179104
Inleiding Op 26 mei 2020 heeft uw raad het bestemmingsplan Westmade-Noord vastgesteld. Het bestemmingsplan Westmade Noord biedt een juridisch-planologisch kader voor de ontwikkeling van een nieuw woongebied met maximaal 500 woningen met bijbehorende groen-, water- en verkeersvoorzieningen. Omwonenden en de Algemene Vereniging van Natuurbescherming zijn tegen de vaststelling in beroep gegaan. De omwonenden zijn bijna zonder uitzondering bewoners die direct uitzien op het plangebied met adressen aan de Haagweg, De Max Euweweg en Plaats Langeveld. Enkele bewoners van de Haagweg zijn wat verder van het plangebied wonend en kijken uit op het toekomstige plangebied Westmade-Zuid. Vanwege de complexiteit van het bestemmingsplan heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna; Afdeling) de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (hierna: STAB)1 verzocht een onderzoek in te stellen naar de gevolgen van het plan, voor zover dit nodig is voor de behandeling van de beroepsgronden die betrekking hebben op verkeer, geluid, Natura 2000 (stikstof), luchtkwaliteit en stank. Eind oktober 2021 heeft de STAB haar definitieve verslag afgerond en verzonden aan de Afdeling. De Afdeling heeft de gemeente en de appellanten in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken een zienswijze in te dienen tegen dit verslag van de STAB.
Op 18 november 2021 hebben wij van de gelegenheid gebruik gemaakt en een zienswijze ingediend bij de Afdeling. Op 3 maart 2022 heeft de zitting van het beroep bij de Afdeling plaatsgevonden. Op 6 juli 2022, heeft de Afdeling een tussenuitspraak gepubliceerd.
verkeersveiligheid, verkeersverdeling, parkeren, geluid, luchtkwaliteit, water en natuur-
De Afdeling concludeert als volgt:
ALG HS 002
‘64.
Gelet op wat hiervoor onder 49.2 en 51.3 is overwogen, heeft de raad zijn standpunt over de gevolgen van het bestemmingsplan voor het Natura 2000-gebied "Solleveld &
De STAB is een onafhankelijke en onpartijdige deskundige op het gebied van fysieke leefomgeving. De STAB levert uitsluitend advies aan de (bestuurs)rechter, en alleen op diens verzoek. 1
1
*22-0179104*
soortenbescherming) niet slagen in hun beroep. De enige uitzondering hierop betreft de uitgangspunten waarop de stikstofberekeningen zijn gebaseerd.
22-0179104
Tussenuitspraak Uit de uitspraak blijkt dat appellanten op bijna alle beroepsgronden (o.a. verkeer,
Kapittelduinen" onvoldoende onderzocht en gemotiveerd. De Afdeling ziet in het belang bij een spoedige beëindiging van het geschil aanleiding om met toepassing van artikel 8:51d van de Awb de raad op te dragen het geconstateerde gebrek in het bestreden besluit te herstellen. De raad moet dit doen binnen de in de beslissing van deze uitspraak genoemde termijn. 65.
De raad moet onderzoeken of het bestemmingsplan leidt tot een toename van de stikstofdepositie ten opzichte van de referentiesituatie om toereikend te kunnen motiveren dat het bestemmingsplan geen significante gevolgen zal hebben voor het Natura 2000gebied "Solleveld & Kapittelduinen" of een gewijzigd of nieuw besluit nemen. De raad kan dit doen door met inachtneming van overweging 51.3 de referentiesituatie, uitgaande van de zeven glastuinbouwbedrijven die in het eerste stikstofonderzoek zijn meegenomen, nauwkeuriger in kaart te brengen. Als de raad met inachtneming van overweging 49.2 alsnog motiveert dat de activiteiten van de in het plangebied aanwezige zes glastuinbouwbouwbedrijven die in het tweede stikstofonderzoek bij de referentiesituatie zijn betrokken, daarbij ook betrokken mochten worden, zal de raad vervolgens ook moeten motiveren van welke emissies (emissies van de kassen en emissies als gevolg van verkeersbewegingen) van die zes bedrijven wordt uitgegaan. De Afdeling stelt hiervoor een termijn. Afdeling 3.4 van de Awb hoeft bij de voorbereiding van een gewijzigd of nieuw besluit niet opnieuw te worden toegepast.
66.
In de einduitspraak zal worden beslist over de proceskosten en de vergoeding van het betaalde griffierecht’.
De volledige uitspraak kunt u hier nalezen: https://www.raadvanstate.nl/uitspraken/@131830/202004372-1-r3/#highlight=Westmade%20Noord Vervolgtraject Voor deze aanvullende motivatie hebben wij maximaal 16 weken de tijd. Uiterlijk 26 oktober 2022 moet een aanvullende motivatie-onderbouwing bij de Afdeling en de appelanten worden ingediend. De aanvullende onderzoeken zijn uitgezet en we verwachten u uiterlijk in oktober hierover te kunnen informeren. Voorlopige planning 16 weken de tijd om een aanvullende motivatie in te dienen
uiterlijk 26 oktober 2022 – of zoveel
eerder als mogelijk is. Indien we eerder kunnen reageren kunnen we tijd winnen. Uiteraard is een gedegen reactie het belangrijkste. 4 weken zienswijzen termijn 4 weken reactie termijn wat de RvS voornemens is te doen 6 weken uitspraak RvS nieuwe zitting of afdoen
uiterlijk 23 november 2022 uiterlijk 21 december 2022 uiterlijk 1 februari 2023
De periode na indiening aanvullende motivatie is 14 weken. Indien een extra zitting noodzakelijk is, dan zal dit meer tijd in beslag nemen.
22-0179104
2