bijlage regels (21-0215486)
Tekst van het document
iit*9
Him JJ
W.'jíJ
OMGEVINGSPLAN DORPSCENTRUM POELDIJK bestemmingsplan NL.IMRO.1783.OPCTRMPOE-VA01 vastgesteld
GEMEENTE
vrW/ r
^ V
".rif
Kŕl-u-c.ř- -' "V
J UİİÉİ w ** -AWį” “
;
J
- -v"M V*ijý1 í Tiìli '
*^
j
Bijlagen bij de regels
3
4
Inhoudsopgave
Bijlagen bij de regels
3
Bijlage 1
Begripsbepalingen
6
Bijlage 2
Meet- en rekenbepalingen
15
Bijlage 3
Kaart Hoofdwinkelstraten Poeldijk
18
Bijlage 4 Bijlage 5
Staat van Bedrijfsactiviteiten'functiemenging' Staat van Horeca activiteiten
20 26
5
Bijlage 1 Begripsbepalingen
6
Bijlage 1 Begripsbepalingen 1. Aanbouw: een aparte ruimte die via het hoofdgebouw toegankelijk is en ruimtelijk ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 2. Aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of een figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 3. Aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 4. Aan-huis-gebonden onderneming: een onderneming welke gevestigd is of kan zijn in een woning en die toebehoort aan een natuurlijk persoon, welke in de betreffende woning woont en die geen personeel in dienst heeft, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en de onderneming de ruimtelijke uitstraling van de woonfunctie niet aantast. 5. Achtererf: de gronden die behoren bij het hoofdgebouw en gelegen zijn achter de achtergevel van het hoofdgebouw of achter een denkbeeldige lijn in het verlengde daarvan. 6. Achtergevel: een van de weg afgekeerde gevel van een hoofdgebouw die parallel of nagenoeg parallel loopt aan de voorgevel, niet zijnde een zijgevel. 7. Agrarisch bedrijf: een bedrijf, gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, nader te onderscheiden in: a.
akker- en vollegrondstuinbouw: de teelt van gewassen op open grond, daaronder begrepen bosbouw en fruitteelt; b. grondgebonden veehouderij: het houden van melk- en ander vee (nagenoeg) geheel op open grond; c. glastuinbouw: de teelt van gewassen (nagenoeg) geheel met behulp van kassen. 8. Afvalinzamelsysteem: al dan niet geheel of gedeeltelijk onder peil gelegen bouwwerken/voorzieningen ten behoeve van de inzameling van huishoudelijk afval, glas en dergelijke. 9. Antennedrager: een antennemast of andere constructie bedoeld voor de bevestiging van een antenne. 10. Antenne-installatie: installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in de één of meer techniekkasten opgenomen apparatuur, met daarbij behorende bevestigingsconstructie. 11. Arbeidsmigranten: Een persoon die vanwege economische motieven (tijdelijk) naar gemeente Westland komt om een inkomen te verwerven middels Greenport gerelateerde werkzaamheden. 12. Archeologisch deskundige: de gemeentelijke archeoloog, de provinciale archeoloog of een andere op het gebied van de archeologie deskundige adviseur. 13. Archeologisch onderzoek: onderzoek verricht door of namens een dienst of instelling die over een opgravingsvergunning beschikt. 14. Archeologische waarde: de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende overblijfselen uit oude tijden. 15.
Bebouwde kom: de bebouwde kom of kommen waarvan gedeputeerde staten de grenzen hebben vastgesteld overeenkomstig artikel 27, tweede lid van de Wegenwet; 16. Bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 17. Beschermingszone: aan een waterstaatswerk grenzende zone, waarin ter bescherming van dat werk voorschriften en beperkingen kunnen gelden. 18. Bedrijf: een onderneming gericht op het vervaardigen, bewerken, installeren of inzamelen en verhandelen van goederen. 19. Bedrijfswoning: een woning bij een bedrijf, die bestemd is voor bewoning door (het huishouden van) de ondernemer of door bij dat bedrijf werkzaam personeel. 20. Bedrijfsvloeroppervlak: de totale vloeroppervlakte van alle bouwlagen van een bedrijf met inbegrip van alle daartoe behorende ruimten, waaronder ontvangsthal, dienstruimten en magazijnen. Niet inbegrepen zijn inpandige dienstwoningen en gebouwde
21.
22.
23. 24. 25. 26. 27. 28. 29.
30.
31.
32. 33.
34. 35. 36.
37.
38.
39. 40.
41.
parkeervoorzieningen voor personenauto's. Wat betreft inpandige parkeerruimte valt een overdekte stallingsruimte voor een busje of een vrachtwagen wel hieronder. Bed Ä breakfast: een kleinschalige overnachtingsaccommodatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en veelal kortdurend verblijf met het serveren van ontbijt. Een bed & breakfast is gevestigd in een woning, niet zijnde vrijstaand bijgebouw, en wordt gerund door de eigenaar/ gebruiker van de betreffende woning. Onder een bed en breakfast voorziening wordt niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid of permanente kamerverhuur. Bestaande bouwwerken: bouwwerken, die op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan tot stand zijn gekomen of tot stand zullen komen met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak. Bestemmingsplan: zie begrip Omgevingsplan Bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. Bestelauto: motorvoertuig, bestemd voor het vervoer van goederen, waarvan de toegestane maximum massa niet meer bedraagt dan 3500 kg. Bevi-inrichtingen: bedrijven zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen.
Bevoegd gezag: bevoegd gezag zoals bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Bijbehorend bouwwerk: Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak. Boom: een houtachtig, opgaand gewas met doorgaande stam, zowel levend als afgestorven, met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 5 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van meerstammigheid geldt de dwarsdoorsnede van de dikste stam; Bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. Bouwgrens: de grens van een bouwvlak. Bouwlaag: een doorlopend gedeelte van een gebouw dat wordt begrensd door vloeren of balklagen die op gelijke hoogte of bij benadering gelijke hoogte liggen. Het dient hierbij te gaan om horizontale bouwlagen. Bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. Bouwperceelgrens: de grens van een bouwperceel. Bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.
Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. Bouwwijze: de wijze waarop het op een bouwperceel gelegen hoofdgebouw al dan niet is verbonden met het hoofdgebouw op een aansluitend bouwperceel; dit kan zijn: vrijstaand, twee-aaneen of aaneengebouwd. Boveninsteek: de snijlijn van het maaiveld en het beloop van een watergang. Bijgebouw: een (vrijstaand of aan een hoofdgebouw aangebouwd) gebouw welke geen rechtstreekse toegang tot het hoofdgebouw heeft, dat in functioneel en bouwkundig opzicht te onderscheiden is van en ruimtelijk ondergeschikt is van respectievelijk aan het hoofdgebouw. Consumentenvuurwerk: vuurwerk dat is bestemd voor particulier gebruik.
42.
43. 44. 45.
46.
47.
48.
49.
50.
51.
52.
53. 54.
55. 56. 57.
Cultuurhistorische waarde: het cultuurpatroon van een gebied, dat kenmerkend is voor het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis van de gronden gemaakt heeft, zoals onder meer tot uitdrukking komend in de kavelindeling, de waterhuishouding, het bodemreliëf, de graften, de wallen en de beplanting en bebouwing, archeologische waarden zijn hierdoor mede begrepen. Dakkapel: een constructie, welke ondergeschikt is aan het dakvlak, ter vergroting van een gebouw, die vrij ligt in het hellend dakvlak. Daknok: hoogste punt van een schuin dak. Dakopbouw: een toevoeging aan het dakvlak van een bouwmassa die niet vrij in het dakvlak ligt, maar ten minste de nok- of gootlijn of zijkant van het dakvlak raakt van het betreffende gebouw/de betreffende woning. Het plaatsen van een dakopbouw gaat ten koste van de karakteristiek van het profiel van het gebouw/ de woning. Dakterras: een buitenruimte, behorende bij het gebruik van het hoofdgebouw dat bovenop het gehele of een gedeelte van een hoofdgebouw, aanbouw of uitbouw is gesitueerd. Detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.
Detailhandel in volumineuze goederen: detailhandel in de volgende categorieën: a. detailhandel in brand- en explosiegevaarlijke goederen; b. detailhandel in volumineuze goederen, zoals auto's, boten en caravans, grove bouwmaterialen, keukens, sanitair; c. tuincentra en bouwmarkten. Dienstverlening: het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, zoals reisen uitzendbureaus, kapsalons, pedicures, wasserettes, makelaarskantoren en bankfilialen. Duurzaam gemeenschappelijke huishouding: een vaste groep van personen tussen wie een band bestaat die het enkel gezamenlijk bewonen van bepaalde woonruimte te boven gaat en die de bedoeling heeft om bestendig voor onbepaalde tijd een huishouden te vormen. Er dient ook sprake te zijn van een samenlevingswens tussen de personen die niet overwegend wordt bepaald door de beslissing om de betrokken woonruimte te delen. Duurzame energievoorzieningen: bouwwerken, maatregelen, voorzieningen voor de opwekking van duurzame energiebronnen, zoals: zonnepanelen en warmte-koud opslag, met uitzondering van grootschalig gebruik van zonne-energie en indak zonnepanelen.
Ecologische verbindingszone: een verbinding, of onderdeel van een verbinding, tussen gebieden die onderdeel uitmaken van een netwerk van natuurgebieden van internationaal of nationaal belang dat strekt tot de veiligstelling van ecosystemen met de daarbij behorende soorten. Energiedragers en opslagsystemen: opslag van energie in de vorm van elektriciteit in energiedragers, zoals een energieopslagsysteem, ook wel buurtbatterijen genoemd. Erf: al dan niet bebouwde gronden die bij de hoofdmassa horen, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en voor zover een bestemmingsplan of beheersverordening van toepassing is, deze inrichting niet verbieden. Gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. Geothermie: Het ophalen van warmte uit de aarde wordt geothermie. Geluidshinderlijke inrichtingen: bedrijven in de zin van artikel 41 van de Wet geluidhinder en artikel 2.4 van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer.
58.
59.
60. 61. 62. 63.
64. 65.
66.
67.
68. 69. 70. 71. 72. 73.
74.
75.
Gemeentelijk monument: onroerend monument, dat overeenkomstig de bepalingen van de gemeentelijke monumentenveordening als beschermd gemeentelijk monument is aangewezen; Groenvoorzieningen: groenscherm(en) van opgaande beplanting, berm-beplantingen en andere beplantingen voor openbaar of particulier gebruik welke beplanting in planologisch opzicht een ruimtelijk structurerend effect hebben. Grootschalig gebruik van zonne-energie: het gebruik van zonne-energie voor meer dan één huishouden. Hakhout: één of meer bomen of boomvormers, die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen. Handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen. Hoofdgebouw: een gebouw dat op een bouwperceel door zijn aard, constructie of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken exclusief de aan- en uitbouwen of bijgebouwen. Hoofdwatergang: primair water als bedoeld in de “Leggerkaart Wateren” van het Hoogheemraadschap van Delfland. Horeca: het bedrijfsmatig verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het bedrijfsmatig exploiteren van zaalaccommodatie en/of het bedrijfsmatig verstrekken van nachtverblijf, uitsluitend in de vorm van een hotel.
Horecabedrijf: een bedrijf dat in hoofdzaak is gericht op het bedrijfsmatig verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het bedrijfsmatig exploiteren van zaalaccommodatie en/of het bedrijfsmatig verstrekken van nachtverblijf, uitsluitend in de vorm van een hotel. Hotel: een bedrijf dat in hoofdzaak bestaat uit het verstrekken van kortstondig nachtverblijf, waarbij passende voorzieningen als roomservice, dagelijkse schoonmaak en beddenopmaak en de verstrekking van consumpties en maaltijden in een restaurant (ook voor niet overnachtenden) aanwezig zijn, waarbij er geen keukens op de kamers aanwezig zijn en de mogelijkheid bestaat bij een receptie per dag een kamer te kunnen reserveren en betalen. Onder een hotel voorziening wordt niet verstaan een appartementenhotel en/of overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid of permanente kamerverhuur. Houtopstand: één of meer bomen of boomvormers, of andere houtachtige gewassen; Huishouden: een alleenstaande of twee of meer personen die een duurzaam gemeenschappelijke huishouding (willen) voeren. Indak zonnepanelen: zonnepanelen die in het dak worden geïntegreerd; Jongerencentrum: een voorziening ten behoeve van de dagopvang van minderjarige personen.
Kandelaberen: een snoeitechniek waarbij de takken van een boom afgezaagd worden waardoor de boom het uiterlijk van een kandelaar krijgt. Kamerbewoning: Onzelfstandige woonvorm waarbij een pand door meerdere personen die geen duurzame gemeenschappelijke huishouden vormen wordt bewoond, en waarbij sprake is van woonruimtes waarbij afzonderlijke huishoudens afhankelijk zijn van één of meer gedeelde wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte. Kamerverhuurbedrijf: het geheel van onzelfstandige woonruimten die bedrijfsmatig wordt verhuurd aan derden. Hiervan is sprake als een substantieel inkomen wordt verworven met de bedrijfsmatige activiteit en minimaal 600Zo van de oppervlakte van het hoofdgebouw wordt benut ten behoeve van kamerverhuur. Kamerwoning: Een wooneenheid die geen eigen afsluitbare toegang vanaf de openbare weg heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen buiten de woonruimte."
76. 77. 78. 79.
80. 81. 82.
83.
84.
85.
86.
87.
88. 89. 90.
91. 92. 93. 94.
95.
Kantoor: het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen. Kap: een constructie van uitsluitend één of meer hellende dakvlakken met een helling van meer dan 20 en minder dan 65 graden. Karakteristiek: panden, niet zijnde gemeentelijk monument, met een cultuurhistorische waarde. Kerkelijk monument: onroerend monument, dat eigendom is van een kerkgenootschap, kerkelijke gemeente of parochie of van een kerkelijke instelling en dat uitsluitend of voor een overwegend deel wordt gebruikt voor de uitoefening van de eredienst. Klimaatadaptatie: bouwwerken, maatregelen, voorzieningen die de kwetsbaarheid voor klimaatverandering verminderen; Knotten: het verwijderen van alle reeds gevormde scheuten. De plaats waar deze scheuten ontsprongen zijn wordt steeds dikker en wordt de ‘knot’ genoemd. Kunstwerken: bouwwerken, geen gebouwen zijnde van weg- en waterbouwkundige aard, zoals bruggen, viaducten, duikers, keerwanden, beschoeiingen, kademuren en dergelijke; Laad- en losruimte: dat gedeelte van het bedrijf waar het laden en lossen van producten plaats vindt (bijvoorbeeld in de vorm van een dockshelter), hieronder niet begrepen een laad- en loskuil.
Laadpaal: voorziening met een of meer oplaadpunten, inclusief alle daarbij behorende en achterliggende installaties, en waarmee een elektrisch voertuig van stroom kan worden voorzien; Maatschappelijke voorziening: educatieve, sociaal-medische, sociaal-culturele voorzieningen en voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening, als ook ondergeschikte detailhandel en horeca in combinatie met en ten dienste van deze voorzieningen. Monetaire boomwaarde: de financiële waarde van een boom of houtopstand, zoals getaxeerd volgens de actuele richtlijnen van Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen. Monumentencommissie: door het college ingestelde commissie, met als taak het college op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de monumentenverordening en het monumentenbeleid. Motorfiets: motorvoertuig op twee wielen, al dan niet met zijspan- of aanhangwagen. NEN: door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm, zoals deze luidde op het moment van vaststelling van het plan. Nutsvoorzieningen: voorzieningen ten behoeve van telecommunicatie en de gas-, water- en elektriciteitsdistributie alsmede soortgelijke voorzieningen van openbaar nut, waaronder in ieder geval worden begrepen transformatorhuisjes, pompstations, gemalen, telefooncellen en zendmasten.
Omgevingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. Oorspronkelijke achtergevel: de achtergevel van het oorspronkelijk vergunde hoofdgebouw. Openbare ruimte: een voor het publiek toegankelijke plaats, waaronder begrepen de weg als bedoeld onder weg; Openbaar toegankelijk gebied: weg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar water en andere openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen door langzaam verkeer. Oppervlakteverharding. In dit plan wordt onder oppervlakteverharding verstaan verharding aangebracht direct aangebracht op de bodem. Bijvoorbeeld verharding als onderdeel van dakbedekking wordt hier niet toe gerekend.
96.
97.
98. 99.
100.
101. 102.
103.
104. 105. 106.
107.
Overkapping: een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een gesloten dak en met aan ten hoogste één zijde een gesloten wand en welke ruimtelijk ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. Peil: a. voor gebouwen die onmiddellijk aan de weg grenzen: de hoogte van die weg; b. in andere gevallen en voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld, waarbij plaatselijke, niet bij verdere verloop van het terrein passende ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw ervan buiten beschouwing blijven. Het bouwwerk wordt gemeten aan de kant waar het aansluitend afgewerkt maaiveld het hoogst is. Personenauto: personenauto als bedoeld in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen. Plan: het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte ‘Omgevingsplan Dorpscentrum Poeldijk’ met identificatienummer NL.IMRO.1783-OPCTRMPOE-VO01 van de gemeente Westland Praktijkruimte: De beroepsmatige- of bedrijfsmatige werkruimte ten behoeve van vrije beroepen, zoals medische, para-medische, administratieve en daarmee gelijk te stellen werkzaamheden.
Rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht; Recreatie-inrichtingen: een bedrijf dat in zijn algemeenheid gericht is op het bedrijfsmatig gelegenheid bieden van recreatie-activiteiten; de volgende specifieke vormen worden onder recreatie-inrichting begrepen: a. dansscholen en andere inrichtingen die geheel of gedeeltelijk zijn ingericht of worden gebruikt voor het dansen en waarbij het accent ligt op het lesgeven; b. sportscholen en fitnesscentra, alsmede andere gebouwen die geheel of gedeeltelijk zijn ingericht of worden gebruikt voor het beoefenen van sport; c. sauna's, badinrichtingen en dergelijke; d. inrichtingen die geheel of gedeeltelijk zijn ingericht of worden gebruikt voor het houden van recreatieve bijeenkomsten; e. naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven; onder recreatie-inrichtingen worden niet begrepen inrichtingen waarin drie of meer speelautomaten voor gebruikt ter plaatse zijn opgesteld. Seksinrichting: een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of daarmee naar de aard en omvang vergelijkbare activiteiten, in de vorm van seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden.
Onder seksinrichting wordt in ieder geval begrepen een prostitutiebedrijf, een erotische massagesalon, een seksbioscoop of sekstheater, een sekswinkel, een seksautomatenhal en een seksclub of parenclub al dan niet in combinatie met elkaar. Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging': de Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging' die van deze regels onderdeel uitmaakt. Staat van Horeca-activiteiten: de Staat van Horeca-activiteiten die van deze regels deel uitmaakt. Straatmeubilair: bouwwerken ten behoeve van al dan niet openbare (nuts)voorzieningen, zoals verkeersgeleiders, verkeersborden, informatieborden, zitbanken, bloembakken, telefooncellen, abri's, kunstwerken, bushaltes, speeltoestellen, fietsenrekken en draagconstructies voor reclame; kleinschalige bouwwerken ten behoeve van (openbare) nutsvoorzieningen met een inhoud van ten hoogste 50 m3 en een bouwhoogte van ten hoogste 3 m, waaronder begrepen voorzieningen ten behoeve van telecommunicatie, energievoorzieningen en brandkranen; afvalinzamelsystemen en hiermee gelijk te stellen bouwwerken. Standplaats: het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen of het anderszins
108.
109. 110. 111. 112. 113.
114.
115. 116.
117. 118. 119. 120. 121.
122.
123. 124.
125. 126. 127.
128.
aanbieden van goederen en diensten, gebruikmakend van fysieke middelen zoals een kraam, een wagen of een tafel. Uitbouw: uitbreiding van een ruimte in het hoofdgebouw tot buiten het bestaande oorspronkelijke hoofdgebouw (bijvoorbeeld erker) en welke ruimtelijk ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. Vaarcategorie: er worden in het vaarwegenstelsel 3 vaarcategorieën onderscheiden waarvoor verschillende doorvaartcriteria gelden zoals opgenomen in de Keur Delfland. Vaartuigen: alle vaartuigen, daaronder mede verstaan drijvende werktuigen, alsmede woonschepen, glijboten en ponten. Vaarweg: dat deel van de boezemwatergang dat bevaren mag en kan worden en onderdeel uitmaakt van het Westlandse vaarwegenstelsel. Voertuigen: alle voertuigen als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. Voldoende parkeergelegenheid: parkeergelegenheid voor personenauto's, bestelauto's, motorfietsen en driewielige motorvoertuigen, waarvan het aantal parkeerplaatsen en de omvang daarvan voldoet aan de beleidsregel 'Parkeernormering gemeente Westland', zoals die geldt ten tijde van de vaststelling van dit Omgevinsplan en - indien deze beleidsregel gedurende de planperiode wordt gewijzigd - aan die wijziging.
Voorerf: de gronden die behoren bij het hoofdgebouw en gelegen zijn voor de, met een figuur op de planverbeelding aangegeven, voorgevel van dat hoofdgebouw of voor een denkbeeldige lijn in het verlengde daarvan. Voorgevel: de naar de weg gekeerde zijde of aan de voorzijde van een gebouw gelegen gevel en/of waar deze op de planverbeelding is aangegeven met een gevellijn. Voorgevelrooilijn: de lijn welke kan worden getrokken in het verlengde van de naar het openbare gebied gekeerde gevel(s) van de hoofdbebouwing en/of daar waar deze op de planverbeelding met een figuur is aangegeven. Warmte-koude-opslag: een bodemenergiesysteem, waarbij grondwater wordt onttrokken en opgewarmd grondwater na gebruik terug in de bodem geïnfiltreerd; Waterbassin: een waterreservoir voor de opvang en berging van water, gevormd door een aarden wal. Waterberging: een berging voor het bergen en opslaan van water. Watergang: watergang als bedoeld in de ‘Legger Wateren’ van het Hoogheemraadschap van Delfland. Waterhuishoudkundige voorzieningen: voorzieningen, die het waterhuishoudkundige belang dienen, waaronder voorzieningen voor waterberging, -aanvoer en -afvoer, zoals watergangen, waterlopen en waterpartijen, kunstwerken, onderhoudsstroken ten behoeve van het beheer en onderhoud van een watergang of waterloop.
Waterkering: kunstmatige, of natuurlijke hoogte of gedeelten daarvan, of hoge gronden, eventueel met ondersteunende kunstwerken die een waterkerende of mede een waterkerende functie hebben. Waterstaatswerk: oppervlaktewaterlichaam, bergingsgebied, waterkering, of ondersteunend kunstwerk. Watersysteem: samenhangend geheel van een of meer oppervlaktewaterlichamen en grondwaterlichamen met bijbehorende bergingsgebieden, waterkeringen en ondersteunende kunstwerken. Watersilo: een bouwwerk voor de opvang en bewaring van water. Waterstoftoepassingen: energievoorzieningen met toepassing van waterstof. Waterstof: energie met gebruik van een chemisch element en een kleur - en smaakloos niet-metaal dat bij kamertemperatuur een zeer brandbaar gas is, met symbool H en atoomnummer 1. Watertank: een gesloten ruimte of bouwwerk voor de berging van water ten behoeve van de energievoorziening van het glastuinbouwbedrijf.
129. 130. 131. 132. 133. 134.
135. 136.
Weg: wegen als bedoeld in artikel 1, eerste lid onder b van de Wegenverkeerswet 1991. Werk: een constructie, geen gebouw of bouwwerk zijnde. Werken: alle door menselijk toedoen ontstane of te maken constructies met toebehoren, niet zijnde waterstaatswerken. Wonen: het gehuisvest zijn in een woning. Woning: een complex van ruimten, dat blijkens de indeling en inrichting bestemd is voor de huisvesting van één huishouden. Woongroep: Een groep van twee of meer meerderjarige personen die de bedoeling hebben om bestendig, voor onbepaalde tijd, een met een gezinsverband vergelijkbaar samenlevingsverband met elkaar aan te gaan. Een woongroep is georganiseerd in een formele rechtspersoon (opgericht bij notariële akte en met inschrijving bij de Kamer van Koophandel) en beschikt over een gezamenlijke rekening waarvan de vaste lasten worden betaald. Bij nieuwbouw van een woning voor een woongroep is er sprake van een initiatiefgroep waarvan de leden het recht van eerste bewoning krijgen. Elke vorm van bedrijfsmatige kamerverhuur valt hier niet onder. Woonschepen: schepen uitsluitend en hoofdzakelijk als woning gebezigd of tot woning bestemd. Zijerf: de gronden die behoren bij het hoofdgebouw en gelegen zijn aan de zijkant(en) van dat hoofdgebouw tussen de denkbeeldige lijnen in het verlengde van de voor- en achtergevel.
Bijlage 2 Meet- en rekenbepalingen
15
Bijlage 2 Wijze van meten Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 1. Afstand: de loodrechte afstand tussen bouwwerken onderling en de afstand van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar deze afstand het kleinst is. 2. Bouwhoogte van een antenne-installatie: a. ingeval van een vrijstaande (schotel)antenne-installatie: tussen het peil en het hoogste punt van de (schotel)antenne-installatie; b. ingeval van een op of aan een bouwwerk gebouwde (schotel)antenne-installatie: tussen de voet van de (schotel)antenne-installatie en het hoogste punt van de (schotel)antenne-installatie. 3. Bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 4. Breedte, lengte en diepte van een bouwwerk: tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels en het hart van de scheidsmuren. 5. Dakhelling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 6. Diepte van een aanlegsteiger: de afstand tussen de boveninsteek van het water en het deel van de aanlegsteiger dat daar het verst vanaf gelegen is, gemeten vanuit de oeverlijn 7.
Doorvaartbreedte (dvb): de minimale breedte onder een kruisend kunstwerk over een vaarweg die bij Delflands peil (-0,43 m NAP) volledig door schepen behorende tot de aan die vaarweg toegewezen vaarcategorie kunnen worden benut, gemeten loodrecht op de vaarwegas.
8.
9. 10. 11.
12. 13.
Doorvaarthoogte (dvh): de minimale hoogte onder een kruisend kunstwerk over een vaarweg die bij Delflands peil (-0,43 m NAP) volledig door schepen behorende tot de aan die vaarweg toegewezen vaarcategorie kunnen worden benut, gemeten tussen waterpeil en het laagste punt onderkant kunstwerk. Goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. Hoogte van een windturbine: vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine. Inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. Lengte van een aanlegsteiger: de afstand tussen de boveninsteek van het water en het deel van de aanlegsteiger dat daar het verst vanaf gelegen is. Oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
Bijlage 3 Kaart Hoofdwinkelstraten Poeldijk
18
M
Hoofdcentrum
GEMEENTE WESTLAND Postadres: Postbus 150 2670 AD Naaldwijk
Tel: (0174) 140174 Fax:(0174)673 600 www.gemeentewestland.nl
Cluster Beleid
rr* tl GEMEENTE WEST LAND
Hoofdcentrum Poeldijk
Bezoekadres: Laan van de Glazen Stad 1 2672 TA Naaldwijk Datum BGT 02-03-20
Schaal
1 :1000
Getekend
Datum
04-03-20
Gewijzigd
LH
Formaat Dossier
A4
Status Tek. Nr.
wonen-PO
Bijlage 4 Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging'
20
Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging'
Lijst van afkortingen in de Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging' < > = cat. e.d. kl. n.e.g.
niet van toepassing of niet relevant kleiner dan groter gelijk aan categorie en dergelijke klasse niet elders genoemd
o.c. p.c. p.o. b.o. v.c. u d w j
opslagcapaciteit productiecapaciteit productieoppervlak bedrijfsoppervlak verwerkingscapaciteit uur dag week jaar
SBI-CODE 1993 nummer
CATEGORIE
OMSCHRIJVING
01
-
014
0
Dienstverlening ten behoeve van de landbouw:
014
2
- algemeen (onder andere loonbedrijven), b.o < 500 m2
B1
014
4
-
B1
15
-
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN
151
0
Slachterijen en overige vleesverwerking:
151
6
- vleeswaren- en vleesconservenfabrieken, p.o. < 200 m2
B2
1552
2
Consumptie-ijsfabrieken, p.o. < 200 m2
B1
1581
1
Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen, chargeovens, v.c. < 7.500 kg meel/week
B1
1584
0
Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk:
1584
3
- cacao- en chocoladefabrieken, vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 200 m2
B1
1584
6
- suikerwerkfabrieken zonder suiker branden, p.o. < 200 m2
B1
1593 t/m 1595 17
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING TEN BEHOEVE VAN DE LANDBOUW
plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven, b.o. < 500 m2
Vervaardiging van wijn, cider en dergelijke -
B1
VERVAARDIGING VAN TEXTIEL
174, 175
Vervaardiging van textielwaren
B2
176, 177
Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen
B2
18
-
VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT
181
Vervaardiging kleding van leer
B2
182
Vervaardiging van kleding en -toebehoren (exclusief leer)
C
20
-
HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK EN DERGE LIJKE
203, 204, 205
1
Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2
205 22
Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken
B2 B1
-
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUCTIE VAN OPGENOMEN MEDIA
2223
A
Grafische afwerking
A
2223
B
Binderijen
B1
2224
Grafische reproductie en zetten
B1
2225
Overige grafische activiteiten
B1
223
Reproductiebedrijven opgenomen media
A
2222.6
24
Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen
0
VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUCTEN
2442 2442
2
- verbandmiddelenfabrieken
26
-
VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUCTEN
B1
Farmaceutische productenfab rieken: C
2612
Glas-in-lood-zette rij
B1
2615
Glasbewerkingsbed rijven
B2
262, 263
0
Aardewerkfabrieken:
262, 263
1
- vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW
267
0
Natuursteenbewerkingsbedrijven:
267
2
- indien p.o. < 2.000 m2
B2
Slijp- en polijstmiddelen fabrieken
B2
2681
B1
SBI-CODE 1993 nummer
CATEGORIE
OMSCHRIJVING
-
VERVAARDIGING VAN PRODUCTEN VAN METAAL (EXCLUSIEF MACHINES/TRANSPORT MIDDELEN)
281
1a
- gesloten gebouw, p.o. < 200 m2
B2
284
B1
Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen en dergelijke, p.o. < 200 m2
B2
2852
2
Overige metaalbewerkende industrie, inpandig, p.o. < 200 m2
B2
287
B
Overige metaalwarenfabrieken n.e.g.; inpandig, p.o. < 200 m2
B2
30
-
VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS
30
A
Kantoormachines- en computerfabrieken
33
-
VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN
33
A
Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten en dergelijke
36
2
VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G.
28
361
B1
B1
Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2
A
Fabricage van munten, sieraden en dergelijke
B1
363
Muziekinstru mente nfab rieken
B1
3661.1
Sociale werkvoorziening
B1
362
40
C0
PRODUCTIE EN DISTRIBUTIE VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER
40 40
C1
-
40
D0
Gasdist rib utiebed rij ven:
40
D3
- gas: reduceer-, compressor-, meet- en regelinstallaties categorie A
A
40
D4
- gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), categorie B en C
B1
40
E0
Warmtevoorziening si nstallaties, gasgestookt:
40
E2
- blokverwarming
41
B0
WINNING EN DISTRIBUTIE VAN WATER
41 41
B1
-
Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen: < 10 MVA
B1
B1
Waterdistributiebedrijven met pompvermogen: < 1 MW
B1
45
-
BOUWNIJVERHEID
45
3
Aannemersbedrijf of bouwbedrijf met werkplaats, b.o. < 1.000 m2
B1
453
Bouwinstallatie algemeen (exclusief spuiterij)
B1
453
Elektrotechnische installatie
B1
50
-
501, 502, 504
HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS Handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven (exclusief plaatwerkerij of spuiterij)
B1
Autobeklederijen
A
5020.5
Autowasserijen
B1
503, 504
Handel in auto- en motorfietsonderdelen en -accessoires
B1
5020.4
51
B
-
GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING
5134
Groothandel in dranken
C
5135
Groothandel in tabaksproducten
C
5136
Groothandel in suiker, chocolade en suikerwerk
C
5137
Groothandel in koffie, thee, cacao en specerijen
C
514
Groothandel in overige consumentenartikelen
C
5148.7
0
Groothandel in vuurwerk en munitie:
SBI-CODE 1993 nummer
CATEGORIE
OMSCHRIJVING
C
5148.7
1
- consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton
5153
0
Groothandel in hout en bouwmaterialen:
5153
1
- algemeen
C
5153
2
- indien b.o. < 2.000 m2
B1
5153.4
4
Zand en grind:
5153.4
6
-
5154
0
Groothandel in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur:
5154
1
- algemeen
C
5154
2
- indien b.o. < 2.000 m2
B1
5156
Groothandel in overige intermediaire goederen
C
5162
Groothandel in machines en apparaten, opp >= b.o. 2.000 m2, exclusief machines voor de bouwnijverheid
C
5162
Groothandel in machines en apparaten, opp < 2.000 m2, exclusief machines voor de bouwnijverheid
B1
517
Overige groothandel (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden en dergelijke)
C
52
2
-
527 60
-
603 63
-
6321 64
-
71
C
Pomp- en compressorstations van pijpleidingen
B1
DIENSTVERLENING TEN BEHOEVE VAN HET VERVOER B1
POST EN TELECOMMUNICATIE Post- en koeriersdiensten
-
B1
Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks), b.o. < 1.000 m2
Caravanstalling
641
A
VERVOER OVER LAND Taxibedrijven
1
B1
REPARATIE TEN BEHOEVE VAN PARTICULIEREN Reparatie ten behoeve van particulieren (exclusief auto's en motorfietsen)
6022 6024
indien b.o. < 200 m2
C
VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE GOEDEREN
711
Personena utoverhuurbed rijven
B2
712
Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (exclusief personenauto's)
C
713
Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen
C
72
-
COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE
72
A
Computerservice- en informatietechnologiebureaus en dergelijke
A
72
B
Datacentra
B1
73
-
SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK
732 74
Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek -
A
OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING
7481.3
Foto- en filmontwikkelcentrales
C
7484.4
Veilingen voor huisraad, kunst en dergelijke
A
90 9001
MILIEUDIENSTVERLENING B
Rioolgemalen
93
-
OVERIGE DIENSTVERLENING
9301.3
A
Wasverzend in richting en
B1
B1
SBI 93/SvB f oktober 2010
Bijlage 5 Staat van Horeca activiteiten
26
Staat van Horeca-activiteiten
Categorie 1: ‘lichte horeca’ Horeca bedrijven die, gelet op hun activiteiten en de aard van de omgeving, overwegend overdag en ’s avonds zijn geopend. Dit hoofdzakelijk voor de verstrekking van etenswaren, maaltijden en dranken al dan niet in combinatie met het tegen vergoeding verstrekken van nachtverblijf. Hierdoor veroorzaken zij slechts beperkte hinder voor omwonenden. Binnen deze categorie worden de volgende subcategorieën onderscheiden: la. aan detailhandel verwante horeca: -
broodjeszaak, crêperie, croissanterie; cafetaria, koffiebar, theehuis; lunchroom; ijssalon; snackbar; traiteur.
lb. overige lichte horeca: -
hotel; hotel-restaurant; bistro; kookstudio; poffertjeszaak/pannenkoekenhuis; restaurant (zonder bezorg- en/of afhaalservice);
lc. bedrijven met relatief grote verkeersaantrekkende werking: -
bedrijven genoemd onder 1a en 1b met een vloeroppervlak van meer dan 400 m2.
Categorie 2: ‘middelzware horeca’ Bedrijven die, gelet op hun activiteiten en de aard van de omgeving, overwegend ook delen van de nacht zijn geopend en/of een bezorgingsfunctie hebben. Dit hoofdzakelijk voor verstrekking van dranken en etenswaren en maaltijden. Hierdoor kunnen zij aanzienlijke hinder voor omwonenden veroorzaken: -
shoarmazaak/grillroom; restaurant met bezorg- en/of afhaalservice; bar, bierhuis, café, pub; biljartcentrum; café-restaurant, eetcafé; zalenverhuur (zonder regulier gebruik t.b.v. feesen en muziek-Zdansevenementen).
Categorie 3: ‘zware horeca’ Bedrijven die voor een goed functioneren ook ’s nachts geopend zijn. Dit hoofdzakelijk voor de verstrekking van dranken al dan niet in combinatie met etenswaren en maaltijden en die tevens een groot aantal bezoekers aantrekken en daardoor grote hinder voor de omgeving met zich mee kunnen brengen: -
bar-dancing; dancing; discotheek; nachtclub; zalenverhuur/partycentrum (regulier gebruik t.b.v. feesten en muziek-Zdansevenementen).
l Li,LULL]-. IIIEL1LLL
....
Postadres: Postbus 150, 3670 AD Naaldwijk Bfřřŕekadres: Vťjrdliaan 7, 2671 Vw Naaldwijk T 14 0174 F (0174) 673 6Û0
E ļŞflöOgsnnMntewesţlsnd-nl WESTLAND
I www.gemGentewestland.iil
, V'. V;:,;-' , f í--. ui
/JTS
i/fe'
'ľ-
r
*
ŗ4Ç
\ s.
'J
■'ļi' ^ 7
7**4.
1
-K
:W
y™
,.íļ
' JļĮ
üįf
ŠMPŴ 4 ^3-M 1LJL rf‘^ o \ nri
Ai