Bestemmingsplan Gemeentekantoor Monster_Bijlagen
Tekst van het document
GEMEENTEKANTOOR MONSTER bestemmingsplan NL.IMRO.1783.MONKERNGMTKNTRpbp-VA01 vastgesteld
Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9 Bijlage 10 Bijlage 11 Bijlage 12 Bijlage 13 Bijlage 14 Bijlage 15 Bijlage 16
Nota van beantwoording vooroverlegreacties Nota van beantwoording inspraakreacties Vormvrije m.e.r.-beoordeling Bezonningsstudie Onderzoek bedrijven & milieuzonering en externe veiligheid Akoestisch onderzoek Waterstudie Bodemonderzoek Aanvullend bodemonderzoek Eco-effectscan Ecologisch onderzoek Stikstofdepositieberekening Archeologisch bureauonderzoek Archeologisch proefsleuvenonderzoek Nota van beantwoording zienswijzen Staat van wijzigingen
Bijlagen bij de regels Bijlage 1
BP wonen hoofdkern Monster
1
NOTA VAN BEANTWOORDING REACTIES 3.1.1 BRO OVERLEG BESTEMMINGSPLAN " Gemeentekantoor Monster"
1.
Instantie
Reactie
Beantwoording
Provincie Zuid-Holland
Op grond van de informatie die u heeft gegeven blijkt dat het plan niet strijdig is met provinciale
Niet van toepassing.
belangen, het plan hoeft niet te worden opgestuurd naar de provincie Zuid -Holland. 2.
Hoogheemraadschap van
In het plan is het waterbelang nog onvoldoende
De waterparagraaf is voorafgaand a an de
Delfland
geborgd en is nog onvoldoende invulling gegeven aan de uitgangspunten van goed waterbeheer,
terinzage legging van het ontwerp bestemmingplan met het Hoogheemraadschap van Delfland
zoals vermeld in de Handreiking watertoets voor gemeenten. De meest actuele versie van deze
afgestemd.
handreiking is te vinden op onze website. www.hhdelfland.nl/regelen/watertoets -ruimtelijkeplannen/. Wij verzoeken u onderstaande aanpassingen op de volgende thema’s op de verbeelding en in de regels en de toelichting te maken. 1. Paragraaf 3.7.2 en 3.7.3, thema Watertoets: Zoals al in de conclusie van paragraaf 3.7.3 wordt aangegeven, zijn de effecten op de verschillende waterbelangen nog niet inzichtelijk gemaakt. Wij vragen u nadrukkelijk het ontwerpbestemmingsplan met ons af te stemmen. 2. Delfland en de gemeente Westland hebben zich met de ondertekening van het “Convenant klimaatadaptief bouwen” gecommitteerd, om de huidige bouwopgave klimaatadaptief te ontwikkelen: verminderen van de kans op wateroverlast, hittestress, droogte en bodemdaling en vergroten van de biodiversiteit, zie ook
https://bouwadaptief.nl/ . Uit de daarvoor opgestelde Minimale Eisen hebben diverse aspecten een directe relatie met de waterhuishouding. Wij verzoeken u dan ook om deze in het plan te verwerken en in de toelichting op te nemen, op welke manier invulling aan het Convenant klimaatadaptief bouwen gegeven wordt. Naast advisering in het kader van de watertoets over dit bestemmingsplan kan het zo zijn, dat een watervergunning of melding nodig is. Voor meer informatie over deze watervergunning of melding verwijzen wij u naar www.hhdelfland.nl/regelen/vergunning -aanvragen/. 3.
Veiligheidsregio Haaglanden
In de notitie ‘Advisering EV – Veiligheidsregio Haaglanden - invulling van de adviesrol bij
De notitie is als bijlage toegevoegd aan de toelichting van het bestemmingsplan. De reactie
ruimtelijke plannen’, versie 2.3 van 11 mei (zie bijlage) is de werkwijze beschreven van de VRH
wordt verder voor kennisgeving aangenomen. Bij de verdere invulling (omgevingsvergunning) zal het
voor de ontwikkelingen die in het kader van externe veiligheid door de VRH van een specifiek advies
aspect incidentbestrijding door hulpdiensten worden opgepakt.
worden voorzien. Deze notitie is afgestemd met de gemeenten. De ontwikkeling waar het adviesverzoek betrekking op heeft, valt wel onder één van de categorieën ontwikkelingen uit de notitie. Echter is het aantal vervoersbewegingen met giftige vloeistoffen en brandbare gassen over de N211 zeer beperkt waardoor een verwijzing naar de notitie met bijhorende maatregelen volstaat. In verband met de aanwezigheid van onderstaande risicobron wordt verwezen naar de notitie. Risicobron:
•
N211 (Emmastraat) op circa 120 meter ten
zuiden van het plangebied Voor de afweging ove r de eventueel te treffen maatregelen kan gebruik worden gemaakt van de in de notitie opgenomen maatregelen voor: • Transport gevaarlijke stoffen weg – giftige vloeistoffen • Transport gevaarlijke stoffen weg - brandbare gassen Incidentbestrijding door hulpdiensten Zowel voor de bereikbaarheid en bestrijdbaarheid van ‘dagelijkse incidenten’, zoals brand of wateroverlast, als voor calamiteiten op het gebied van externe veiligheid, is het van belang dat de bereikbaarheid voor de hulpdiensten en bluswatervoorzieningen voldoende zijn. De bereikbaarheid van en bluswatervoorzieningen binnen het plangebied zijn afhankelijk van hoe het appartementencomplex gepositioneerd en ingedeeld wordt. Uit de meegestuurde documenten is dit nog niet duidelijk op te maken. Gead viseerd wordt daarom om hierover contact op te nemen met de risicobeheerder in de wijk . Het is belangrijk dat bij de verdere uitwerking van het plangebied ook specifiek wordt gekeken naar de brandveiligheid. Voor vragen met betrekking tot brandveiligheid kunt u contact opnemen met risicobeheersing@vrh.nl 4.
Tennet
Binnen de grenzen van dit plan heeft TenneT (na een eerste beoordeling) noch bovengrondse -, noch ondergrondse hoogspanningsverbindingen in beheer.
De reactie wordt voor kennisgeving aangenomen.
Wij hebben dan ook geen opmerkingen op genoemd plan en wensen u veel succes bij de verdere uitwerking hiervan.
NOTA VAN BEANTWOORDING INSPRAAKREACTIES B ESTEMMINGSPLAN "Gemeentekantoor Monster - voorbereidingsfase bestemmingsplan "
1.
Indiener
Reactie
Beantwoording
21-0291206, ontvangen op 11
Reclamant geeft aan dat de nieuwe bebouwing aan
Het klopt dat het nieuwe appartementencomplex
oktober 2021.
de zijde van appartementencomplex de Geuzenburght wordt gebouwd. Hierdoor wordt
een andere vorm en massaopbouw heeft dan het voormalig gemeentekantoor. Er is gekozen voor het
volgens reclamant de openheid, zoals deze was ten tijde van het reeds gesloopte gemeentehuis,
creëren van een wand richting de openbare ruimte van maximaal 4 bouwlagen hoog aan de westzijde
volledig teniet gedaan. Het deel van de Choorstraat richting Kloosterlaan zal geheel ingebouwd
van het bouwperceel. Daarnaast wordt er rekening gehouden met het realiseren van een passend
aanvoelen en het gevoel van een donkere steeg wordt versterkt. Hierdoor zal ook een gevoel van
straatprofiel tussen het appartementencomplex de Geuzenburght en het nieuwe
onveiligheid ontstaan. Reclamant vraagt hier bij het definitieve ontwerp rekening mee te houden.
appartementencomplex. Dit is zeker geen steeg, maar een profiel waar zowel ruimte voor doorstroming (auto’s en voetgangers) als te parkeren auto’s en bomen worden gerealiseerd. Voor wat betreft het onveiligheidsgevoel wordt er met name aandacht besteed aan zowel entrees als verblijffuncties in woningen aan deze zijde van de straat. Dit draagt bij aan de sociale cohesie en levendigheid in de straat.
Volgens reclamant is het onduidelijk waar de parkeerplaatsen voor bewoners gerealiseerd
In de planregels van het bestemmingsplan is opgenomen dat minimaal één parkeerplaats per
worden. Indien de parkeerplaatsen ter plaatse van de W op de planverbeelding worden gerealiseerd
appartement op het binnenterrein gerealiseerd moet worden. Daarnaast worden extra openbare
vraagt reclamant het gebouwdeel met een hoogte van 13 meter om te draaien om de leefbaarheid uit
parkeerplaatsen gerealiseerd om te voorzien in het overige deel van de parkeernorm.
bovenstaande punt te verbeteren. Het programma voor deze locatie is bepaald aan de hand van het amendement 13-B, welke in de raad van 21 mei 2019 is behandeld. Er zijn meerdere massastudies bekeken voordat de opzet van het huidige bouwvlak tot stand is gekomen. Eén van de randvoorwaarden uit het amendement is dat er
parkeren op maaiveld onder het gebouw wordt gerealiseerd. Omdat de huidige parkeerplaatsen in de openbare ruimte in de omgeving ook behouden blijven, is het wenselijk om de nieuwe parkeerplaatsen (voor de bewoners van het appartementencomplex) uit het zicht te realiseren, zodat de ‘auto’ niet nog meer domineert en er meer mogelijkheden zijn om de openbare ruimte in dit gebied te verbeteren. Dit is een van de factoren waarom het appartementencomplex op deze manier georiënteerd is en de parkeerplaatsen op een binnenterrein, achter de woningen, gerealiseerd worden. Reclamant geeft aan dat voor ieder te bouwen woning één parkeerplaats gerealiseerd zal worden.
In de planregels van het bestemmingsplan staat opgenomen dat de ontwikkeling moet voldoen aan
Reclamant wil weten of er een verplichting zal komen voor betreffende bewoners om deze
de beleidsregel ‘Parkeernormering gemeente Westland’. Per appartement zal minimaal één
parkeerplaatsen te gebruiken of dat deze parkeerplaatsen apart bij te huren zijn. Reclamant
parkeerplaats op het binnenterrein gerealiseerd worden, de overige parkeerp laatsen worden
geeft aan dat de laatste optie zorgt voor mogelijk extra parkeerhinder omdat bewoners dan op
gerealiseerd in het openbaar gebied.
openbaar terrein gaan parkeren.
Met de ontwikkelende partij is in de anterieure overeenkomst opgenomen dat de huurprijzen inclusief één parkeerplaats zijn. De parkeerplaatsen behorende bij de appartementen kunnen dus niet los verhuurd worden. Hierdoor is het terrein afsluitbaar en blijft het beheer en eigendom van de ontwikkelende partij.
Momenteel zijn er tijdelijke parkeerplaatsen
De tijdelijke parkeerplaatsen zijn zoals aangegeven
aangelegd waar volgens reclamant dankbaar gebruik van gemaakt wordt. Deze parkeerp laatsen
een tijdelijke oplossing en worden niet meegenomen in het voorliggende bestemmingsplan. Wel komen in
liggen op een acceptabele loopafstand en liggen daarnaast goed in het zicht en licht. Het
het nieuwe straatprofiel weer openbare parkeerplaatsen terug. Dit zijn echter minder
achtergelegen parkeergebied is volgens reclamant ver lopen vanaf de voordeur en erg donker door
parkeerplaatsen dan in de tijdelijke sit uatie. De te realiseren extra openbare parkeerplaatsen worden
hoge bomen en slechte verlichting. Reclamant wil graag dat de tijdelijke parkeervoorzieningen worden
gerealiseerd om te voorzien in een deel van de parkeernorm, maar mogen door een ieder worden
omgezet naar een permanente parkeervoorziening.
gebruikt (openbaar toegankelijk). Daarbij is het de verwachting dat met de realisatie van de woningen de sociale veiligheid van de openbare ruimte zal vergroten. De gemeente Westland is daarnaast voornemens om de inrichting van het openbaar gebied te verbeteren. Hiervoor zal een apart traject gestart worden, welke geen onderdeel uitmaakt van voorliggende bestemmingsplanprocedure. De slechte verlichting zal worden meegenomen als aandachtspunt voor het verbeteren van de openbare ruimte.
Reclamant geeft aan dat in diverse plannen naar
Per woning zal er 1 parkeerplaats komen op het
voren komt dat er enkele langsparkeervakken langs de nieuw te bouwen woningen worden aangelegd.
eigen terrein. De te realiseren extra openbare parkeerplaatsen worden gerealiseerd om te
Het is nog niet bekend hoe de parkeerplaatsen van de nieuwe woningen bereikt kunnen worden.
voorzien in het overige deel van de parkeernorm dus in principe is het ook niet bezwaarlijk als deze
Reclamant is bang dat een eventueel hek/slagboom zal zorgen voor minder gebruik van de
parkeerplaatsen ook door bewoners van het complex of hun bezoekers worden gebruikt.
achterliggende parkeerplaatsen en meer gebruik van de langsparkeervakken.
Uiteraard is het zonde voor de omgeving als het binnenterrein niet optimaal wordt gebruikt. Het binnenterrein zal naar verwachting inderdaad afgesloten zijn. Als het terrein afgesloten wordt, is het naar verwachting met een systeem dat bewoners automatisch toelaat, dus dat vormt geen
belemmering voor het gebruik. Het afsluiten van het terrein zorgt voor een veiligere en dus interessantere parkeerplek. Voor veruit de meeste woningen in het complex geldt bovendien dat de afstand van deze parkeerplaatsen op het binnenterrein tot de entree niet ongunstiger is dan van de te realiseren openbare parkeerplaatsen, dus dat zal ook geen belemmering voor het gebruik vormen. Reclamant vraagt zich af hoe de bijbehorende parkeerplaatsen te bereiken zijn. Dit kan namelijk
Een verkeersveilige ontsluiting van de parkeerplaatsen is goed mogelijk. De
volgens reclamant van invloed zijn op de veiligheid.
daadwerkelijke bouwtekeningen van de nieuwe woningen en achtergelegen parkeervoorziening komt bij de bestemmingsplanprocedure thans niet aan de orde. Bij een aanvraag omgevingsvergunning zal onder andere de bereikbaarheid van de parkeerplaatsen worden getoetst op verkeersveiligheid.
Er gaat 80% sociale huur gebouwd worden. Reclamant vraagt bevestiging of de woningen
De woningen worden bij aanvang van verhuur ingezet voor de doorstroming binnen Westland. Wat
bestemd zijn voor huidige Westlandse inwoners die een status als starter of oudere hebben. Reclamant
betekent dat er lokaal wordt toegewezen. De senioren woningen worden toegewezen aan
geeft aan dat als de regio Haaglanden mag beslissen, dit ten koste gaat van Westlandse
senioren en de starterswoningen aan starters. Verder komt het eigendom van de woningen bij de
woningzoekenden. Reclamant vraagt zich tevens af of asielzoekende medemensen straks voorrang
corporatie te liggen en worden zij verantwoordelijk voor het onderhoud. Dat betekent ook dat de
krijgen.
huurders niet zomaar iets aan de woning mogen veranderen.
Reclamant geeft aan dat verpaupering op de loer
Indien reclamant meent schade te ondervinden door
ligt waardoor waardevermindering van de bestaande woningen zal optreden.
het bestemmingsplan, dan kan - na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan – een verzoek om planschade worden ingediend. De
vermeende planschade is echter geen ruimtelijke afweging. Reclamant geeft aan dat in de bezonningsstudie de
De gemeente Westland hanteert bij nieuwe
meetpunten februari, juni en oktober met enkele tijden zijn opgenomen en vraagt zich af of de
ontwikkelingen de zogenaamde lichte TNO norm. Deze norm gaat uit van drie peildatums, namelijk 19
andere maanden en tijden ook gemeten worden.
februari, 21 juni en 21 oktober. Op basis van deze peildatums moet de gemeente beoordelen of onevenredige hinder optreedt. Er wordt bij de lichte TNO norm uitgegaan van minimaal 2 uur zon per dag, op het midden van de binnenkant van vensterbank van de woonkamer.
Reclamant geeft daarnaast aan dat de afbeelding
Bij een bezonningsstudie worden de maximale
van het gesloopte gemeentehuis niet klopt op de afbeeldingen. Reclamant heeft sterk het vermoeden
mogelijkheden uit de oude planologische situatie (bestemmingsplan “Kern Monster”) vergeleken met
dat diverse perioden en juiste weergave ongunstiger uitkomen dat de nu getoonde bezonningsstudie. Dit
de maximale mogelijkheden uit de nieuwe planologische situatie (ontwerp bestemmingsplan
gevoel wordt versterkt daar er een veel groter oppervlak met een hoogte van 13 meter wordt
“Gemeentekantoor Monster”). Het gebouw op de verbeelding betreft dus niet het daadwerkelijke
gebouwd, welke ook nog aan de zijde van bestaande bebouwing is gesitueerd. Indien de
gesloopte gemeentehuis maar de maximale mogelijkheden van het bestemmingsplan. Dat
bezonningsstudie ongunstiger uitpakt zal dit volgens reclamant tot waardevermindering van
betekent dat de bouwmogelijkheden ruimer waren dan hoe het gemeentekantoor destijds is gebouwd.
diverse bestaande woningen leiden. De nieuwe bouwmogelijkheden zijn vastgelegd in het voorliggende bestemmingsplan “Gemeentekantoor Monster”. Bij verdichting en transformaties binnen de kern is het niet altijd mogelijk en/of wenselijk om dezelfde bouwmassa’s terug te bouwen. De nieuwe bouwmoge lijkheden voor het appartementencomplex zijn bepaald door stedenbouwkundige ruimtelijke randvoorwaarden en zijn passend binnen de geldende lichte TNO norm.
2.
21-0293224, ontvangen op 12
Reclamant heeft tijdens eerdere bijeenkomsten en
Het woningbouwprogramma voor deze locatie is
oktober 2021.
werkgroepen aangegeven graag koopappartementen op de bestemming te zien. Hier is geen gehoor aan
bepaald aan de hand van het amendement 13-B, welke in de raad van 21 mei 2019 is behandeld. In
gegeven omdat er nu sociale huurwoningen komen. Reclamant wenst alsnog koopappartementen te zien
het amendement staat aangegeven dat er circa 40 (sociale en midden segment) huur en betaalbare
omdat er in de buurt ook alleen koopwoningen aanwezig zijn.
koop appartementen voor onder meer starters en senioren gerealiseerd moeten worden. Het voorgestelde woonprogramma past binnen de Woonvisie. Ook past het binnen het recent onder tekende tussenakkoord “Samen werken aan een solide woningmarkt 2021 - 2030” waar in wordt gestreefd naar voldoende woningen en vooral naar voldoende en verspreidde woningvoorraad voor alle doelgroepen. Het programma van de ontwikkelende partij bestaat uit 39 huurwoningen. Hiervan zijn er op dit moment 5 betaalbaar laag (maximale huur is €633,25, 1e aftoppingsgrens), 9 betaalbaar hoog (maximale huur is €678,66, 2e aftoppingsgrens), 19 sociaal duur (maximale huur is €763,47, liberalisatiegrens) en 6 midden huur (maximale huur is €976,00, midden huurgrens Haaglanden). waarvan 5 betaalbaar laag, 9 betaalbaar hoog, 19 sociaal duur en 6 midden huur . Het plan wijkt af van het amendement (13B d.d. 21 mei 2019) wat betreft de koopwoningen. Omdat het om een minimaal aantal gaat (2 woningen) heeft dit weinig consequenties. De afwijking past dan ook binnen de Woonvisie en sluit ook goed aan op het eerdergenoemde tussenakkoord. De gemeente streeft naar diversiteit in de wijken. Het woningbouwprogramma zal niet aangepast worden naar koopappartementen.
Reclamant ziet voorliggend plan als waarde
Indien reclamant meent schade te ondervinden door
verminderend voor de bestaande woningen.
het bestemmingsplan, dan kan - na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan – een verzoek om planschade worden ingediend. De vermeende planschade is echter geen ruimtelijke afweging.
Reclamant heeft in de buurt last gehad van
De hangjeugd was vooral vanwege het feit dat er
hangjeugd en het dealen van drugs. Reclamant is bang dat sociale huurwoningen de buurt niet in
een achterkant was waar jongeren goed k onden hangen zonder gezien te worden. Deze achterkant
positieve zin bevordert. Reclamant ervaart minder overlast sinds het gemeentehuis weg is.
verdwijnt waardoor dit wordt opgelost. Overlast door hangjeugd en drugs is overigens geen ruimtelijk aspect dat bij de bestemmingsplanprocedure aan de orde komt, dit is een zaak voor de politie. De zorgen van overlast zijn bij de gemeente bekend en ook benoemd in de Visie Centrum Monster. De herontwikkeling van het voormalig gemeentekantoor betreft het toevoegen van woningen op deze locatie (ook op maaiveld). Hierdoor zal er sociale controle zijn op de aangrenzende openbare ruimte en het veiligheidsgevoel worden vergroot.
Volgens reclamant is eerder aangegeven dat er
Het klopt dat we in eerste instantie gekeken hebben
koopappartementen zouden komen om de doorstroom van bestaande koopwoningen te
naar het toevoegen van koopwoningen. Het amendement van de raad gaf ook aan om dit te
bevorderen.
onderzoeken. Uit dit onderzoek kwam al snel naar voren dat het aantal koopwoningen in het project zeer laag zou zijn en ook dat deze koopwoningen moeilijk te combineren waren met de sociale huur en de middenhuur woningen wanneer een corporatie de opdracht krijgt voor de herontwikkeling. Dit heeft geresulteerd in een besluit om geen koopwoningen
aan het plan toe te voegen. Doel van het amendement, namelijk: betaalbare woningen voor senioren en starters, beschikbaar stellen blijft van kracht, maar dan zonder die geringe betaalbare koopwoningen. Reclamant ziet graag dat er mensen uit de gemeente Westland in de nieuwe ap partementen
Doorstroming binnen de kern is erg belangrijk. Om deze reden worden de woningen verhuurd onder de
komen wonen in plaats van mensen uit Den Haag. Dit om de oudere en jongere Westlanders door te
noemer lokaal maatwerk, wat inhoudt dat deze woningen in eerste instantie worden verhuurd aan
kunnen laten stromen of een woning te kunnen bieden, aangezien de woningen nu enorm schaars
mensen uit de kern Monster en in tweede instantie aan inwoners uit heel Westland. Dit ten behoeve
zijn.
van de doorstroming en lokale kansen.
Reclamant geeft aan dat de bestemming zeer geschikt is voor jongere en oudere mensen. Door de
Wij zijn het eens met de reclamant, de doelgroep voor de toekomstige appartementen is dan ook
winkels in de nabije gelegenheid is de bestemming zeer geschikt voor mensen die slechter te been zijn.
starters en senioren. Dit is ook in uitvoering van het Amendement, waarin deze doelgroep is benoemd voor deze locatie.
Reclamant vindt het erg belangrijk dat de tekeningen van de nieuwbouw in en vroeg stadium
De daadwerkelijke bouwplannen zijn pas bekend bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning. In het
worden gedeeld. Reclamant vraagt zich onder andere af of en waar er balkons komen.
ontwerp bestemmingsplan zijn balkons buiten de bestemming ‘Wonen’ niet toegestaan. Eventuele balkons moeten dus binnen het bouwvlak gerealiseerd worden.
Reclamant vraagt zich af of er voldoende rekening
Er is weliswaar niet uitgesloten dat het bouwplan
wordt gehouden met de privacy van de buurtbewoners.
tot enige afname van uitzicht, lichtinval en privacy bij de woningen van de reclamant zal leiden, maar dit zal niet tot een onaanvaardbare woonsituatie leiden. Daarbij is het van belang dat de woningen in een stedelijke omgeving staan, waarbij een woonsituatie die vrij is van enige inkijk nu eenmaal niet kan worden gegarandeerd. Verder bestaat er
volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geen blijvend recht op vrij uitzicht (zie bijvoorbeeld de uitspraak van 24 augustus 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR5649). Er is dan ook geen sprake van een onevenredige belangenafweging. Stedenbouwkundig is er wel gekeken naar de effecten van de nieuwe bouwmogelijkheden op de omgeving. Onder andere privacy en bezonning zijn meegenomen in de afweging van de ruimtelijke randvoorwaarden. De voorliggende bouwmogelijkheden zijn ruimtelijk acceptabel bevonden. Reclamant vraagt wat de straatnaam gaat worden
Het toewijzen van een straatnaam is geen aspect
en geeft aan dat Choorstraat niet gewenst is.
dat bij het bestemmingsplan aan de orde komt. Straatnamen worden bepaald door de straatnaamcommissie. Dit vindt pas plaats bij de omgevingsvergunning.
Reclamant ziet graag voldoende
Het plan zal op zichzelf voldoen aan de geldende
parkeergelegenheid voor de nieuwe appartementen en de mensen in de omgeving. Reclamant geeft aan
parkeernormering. Per woning wordt 1 parkeerplaats op het binnenterrein gerealiseerd en
dat er nu al te weinig parkeerplaatsen aanwezig zijn, ondanks de gerealiseerde tijdelijk e
voor het voorzien in het overig deel van de parkeerbehoefte worden extra openbare
parkeerplaatsen. De vrijgekomen parkeerruimtes rondom het centrum, kerk en voormalige
parkeerplaatsen gerealiseerd. Dit beteken t dat de parkeerdruk als gevolg van de ontwikkeling niet zal
gemeentehuis zijn niet voldoende voor het winkelend publiek en de al bestaande woningen
toenemen.
omdat meerdere straten last hebben van een tekort aan parkeerplaatsen.
Mocht er daarnaast vanuit de historie een tekort aan parkeerplaatsen zijn, dan hoeft, conform vaste jurisprudentie, een ontwikkelende partij dit historisch tekort niet op te lossen . Per saldo zal de situatie ten opzichte van de voormalige situatie
echter wel verbeteren. Dit omdat de gebruikers van het voormalige gemeentekantoor gebruik maakten van parkeerplaatsen in de omgeving en dit gebruik met deze ontwikkeling komt te vervallen. Reclamant geeft aan dat er weinig
De ruimte in het Westland is schaars. Er is dan ook
groenvoorzieningen in de wijk aanwezig zijn. Reclamant ziet graag dat het bestaande groen
een toenemende noodzaak om te kiezen tussen conflicterende belangen om voldoende ruimte te
aanwezig blijft en dat er extra groenvoorzieningen bij komen.
creëren voor de diverse vormen van wonen, groen, maatschappelijke voorzieningen en dergelijke. Naast de wens van het realiseren van meer groen is de druk op de Westlandse woningmarkt groot. Er ligt een aanzienlijke huisvestingsopgave, waardoor hoger bouwen in sommige gevallen noodzakelijk is.
Reclamant geeft aan dat het gemeentehuis wat naar
Gezien vanuit de Choorstraat (dus niet vanuit de
achter stond gebouwd. In verband met verkeersveiligheid vraagt reclamant om d it terug te
weg tussen de Geuzenburght en het nieuwe appartementencomplex) is de bouwgrens van het
brengen bij het nieuwe ontwerp. De Choorstraat is een erg druk punt met veel verkeer van school,
nieuwe appartementencomplex gelegen op dezelfde grens als de bouwgrens van het voormalig
kinderdagverblijven en Noviteit.
gemeentekantoor. Dat betekent dat het gebouw niet dichter op de Choorstraat komt te staan en dat er een verspringing blijft tussen de woning Cho orstraat 67 en het nieuwe appartementencomplex. De voorgevel van het voormalig gemeentekantoor lag ook iets terug ten opzichte van de gevel van de woning Choorstraat 67. Ter verduidelijking is de situatie afgebeeld in bijlage 1.
Bijlage 1
V e r b e e l d i n g v o o r ma l i g g e me e n t e k a n t o o r . In de Choorstraat blijf de afstand (pijlen) tussen de bebouwing hetzelfde, dus het nieuwe appartementen complex (gele stip) m ag even ver staan als het voormalig gemeentekantoor (rode stip). Op de kruising van de Choorstraat en de straat tussen de Geuzenb urght en het nieuwe appartementencomplex wordt overzichtelijker. In deze straat stond een deel van het gemeentekantoor dichter op de stoep (rode pijl tot stoep) dan het nieuwe appartementen complex. Het nieuwe appartemeneten complex zal binnen het licht g eel gekleurde bouwvlak moeten vallen, de gele pijl laat zien dat het straatprofiel op dat punt dus breder wordt dan in de oude situatie (zie rode pijl tot voormalig gemeentekantoor).
Vormvrije m.e.r.- beoordeling voor bestemmingsplan Gemeentekantoor Monster
1.
Inleiding
1.1.
Aanleiding
Op 22 september 2020 heeft de gemeenteraad de gebiedsvisie voor het centrum van Monster vastgesteld. Door de verhuizing van de gemeentekantoren in de diverse dorpen naar de twee nieuwe kantoren in Naaldwijk, is het voormalige gemeentekantoor in Monster leeg komen te staan. In de vastgestelde visie is onder andere de herontwikkeling van het gemeentekantoor Monster opgenomen. Het voormalige gemeentekantoor is gesloopt en met voorliggend bestemmingsplan wordt de realisatie van een nieuw woningbouwcomplex mogelijk gemaakt.
Figuur 1.1 locatie voormalig gemeentekantoor Monster. Om dit plan te kunnen realiseren is een nieuw actueel juridisch-planologisch kader nodig. Ten behoeve van het hiervoor opgestelde bestemmingsplan “Gemeentekantoor Monster” wordt een vormvrije m.e.r.-beoordeling opgesteld. De vormvrije m.e.r.-beoordeling heeft als doen om te toetsen of de voorgenomen ontwikkeling zorgt voor mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen. 1.2.
Waarom een vormvrije m.e.r.-beoordeling?
De procedure van een milieueffectrapportage (m.e.r.) is bedoeld om het milieubelang vroegtijdig en volwaardig in de plan- en besluitvorming in te brengen. Een m.e.r. is altijd gekoppeld aan een besluit, bijvoorbeeld een bestemmingsplan of structuurvisie. Het centrale onderdeel van een m.e.r. is het milieueffectrapport (MER) waarin de milieueffecten geanalyseerd en beoordeeld worden ten opzichte van de referentiesituatie. Deze m.e.r.procedure is van toepassing bij activiteiten waarvan reeds vast staat dat er mogelijke
belangrijke nadelige milieugevolgen optreden. Deze activiteiten met bijbehorende drempelwaarden staan weergegeven in onderdeel C van het Besluit m.e.r. (dit geldt eveneens voor activiteiten uit onderdeel D waar een plan voor nodig is). Naast het direct uit moeten voeren van een m.e.r. zijn in het Besluit m.e.r. ook activiteiten met bijbehorende drempelwaarden aangegeven waarvoor eerst beoordeeld moet worden of sprake is van mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen. Deze activiteiten en drempelwaarden staan benoemd in onderdeel D van het Besluit m.e.r. Voor deze activiteiten dient een zogenaamde m.e.r.-beoordeling uitgevoerd te worden. De voorgenomen activiteit is opgenomen in onderdeel D onder categorie D11.2. In het Besluit milieueffectrapportage staat onder categorie D.11.2 opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijke ontwikkeling m.e.r.-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op minimaal 2000 woningen of 100 hectare. De beoogde ontwikkeling voorziet in de realisatie van maximaal woningen en blijft ruim onder de drempelwaarde. Dit betekent dat kan worden volstaan met een zogenaamde ‘vormvrije m.e.r.beoordeling’. Voorliggend document bevat deze beoordeling. Categorie D.11.2 Besluit milieueffectrapportage
1.3.
Wat houdt een m.e.r.-beoordeling in?
Voor het toetsen of sprake is van mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen bestaan bepaalde inhoudelijke vereisten. Deze inhoudelijke vereisten staan benoemd in bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r.. In deze richtlijn staan een aantal aspecten waaraan de voorgenomen activiteiten in een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan getoetst worden: - Kenmerken van het project; - De plaats van het project; - De kenmerken van de potentiële milieueffecten. 1.4.
Leeswijzer
Dit rapport volgt de indeling van bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r. Hoofdstuk 2 beschrijft de plaats het project en hoofdstuk 3 de kenmerken van het project. In Hoofdstuk 4 worden de verwachte effecten voor de verschillende milieueffecten toegelicht. Ten slotte geeft dit rapport in hoofdstuk 5 de conclusie weer.
Selectiecriteria Europese richtlijn 1. Kenmerken van de projecten Bij de kenmerken van de projecten moet in het bijzonder in overweging worden genomen: ▪ de omvang van het project, ▪ de cumulatie met andere bestaande en/of goedgekeurde projecten, ▪ het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, ▪ de productie van afvalstoffen, ▪ verontreiniging en hinder, ▪ risico van ongevallen, met name gelet op de gebruikte stoffen of technologieën, ▪ de risico’s voor de menselijke gezondheid. 2. Plaats van de projecten Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de projecten van invloed kunnen zijn moet in het bijzonder in overweging worden genomen: ▪ het bestaande en goedgekeurde landgebruik, ▪ de relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied, ▪ het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden: o wetlands, oeverformaties, riviermondingen, o kustgebieden en het mariene milieu, o berg- en bosgebieden, o reservaten en natuurparken, o gebieden die in de wetgeving van de lidstaten zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; o speciale beschermingszones, door de lidstaten aangewezen krachtens Richtlijn 2009/147/EG en Richtlijn 92/43/EEG, o gebieden waarin de bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden
overschreden, o gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid, o landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang. 3. Kenmerken van het potentiële effect Bij de potentiële aanzienlijke effecten van het project moeten in samenhang met de criteria van de punten 1 en 2 in het bijzonder in overweging worden genomen: ▪ het bereik van het effect (geografische zone en grootte van de getroffen bevolking), ▪ de aard van het effect, ▪ het grensoverschrijdende karakter van het effect, ▪ de intensiteit en complexiteit van het effect, ▪ de waarschijnlijkheid van het effect, ▪ de verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect, ▪ de cumulatie van effecten met de effecten van andere bestaande en/of goedgekeurde projecten, ▪ de mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen.
2.
Plaats van het project
2.1.
Plaats van het project
De locatie van het voormalig gemeentekantoor Monster is gelegen in de kern van Monster. Het plangebied is gelegen aan de Choorstraat en wordt omsloten door woningbouw, openbaar groen en parkeervoorzieningen. Het perceel is kadastraal bekend als MSR00, sectie G, nummer 8824.
Figuur 2.1 Ligging Plangebied Binnen het plangebied zijn, voor het van kracht worden van het bestemmingsplan Gemeentekantoor Monster, de volgende planregimes van kracht: • het bestemmingsplan "Kern Monster", vastgesteld op 25 juni 2013. Op basis van dit bestemmingsplan had het perceel de enkelbestemmingen 'Maatschappelijk', ‘Groen’ en ‘Verkeer-Verblijfsgebied’ en dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3'. De maximale bouwhoogte bedraagt 10 meter. Op het perceel geldt de aanduiding ‘specifieke vorm van maatschappelijk – 1’ (sm-1) waardoor uitsluiten overheidsvoorzieningen of kantoorfuncties zijn toegestaan. • Het "paraplubestemmingsplan Parkeernormen", vastgesteld op 20 februari 2018. • Het “Paraplubestemmingsplan Wonen Westland”, vastgesteld op 1 september 2020. • Het “Paraplubestemmingsplan Horeca/Hotel Westland", vastgesteld op 13 april 2021. 2.2.
Gevoelige gebieden in en nabij het plangebied
Natura-2000 Het plangebied is niet gelegen in en grenst niet aan gebieden beschermd door de Natuurbeschermingswet. Het dichtstbijzijnde Natura-2000 gebied betreft het gebied Solleveld & Kapittelduinen, gelegen op een afstand van circa 800 meter van het plangebied. Andere Natura 2000-gebieden liggen op grotere afstand.
Figuur 2.2 Bestaande situatie beschermde natuurgebieden. Archeologie Op basis van de archeologische waarden- en beleidskaart van de gemeente Westland kan geconcludeerd worden dat het plangebied een verwachtingszone II heeft. De vrijstellingsgrens die gehanteerd wordt voor deze zone is maximaal 250 m² met een ontgravingsdiepte van maximaal 50 cm onder het maaiveld. In het plangebied zijn geen elementen aanwezig die cultuurhistorisch waardevol zijn, zoals beschermde monumenten.
Figuur 2.3 Uitsnede archeologische verwachtingskaart.
3.
Kenmerken van het project
3.1.
Omvang van het project
Het voormalig gemeentekantoor Monster is een projectgebied van circa 3600 m². De sloop van het voormalige gemeentekantoor creëert ruimte voor verdichting in het centrum. Hierna zal realisatie van maximaal 40 appartementen voor starters en senioren plaatsvinden op deze locatie. Het vergroten van de woonmogelijkheden in het centrum draagt bij aan de behoefte en zal op een ruimtelijk aanvaardbare manier moeten worden ingepast door de ontwikkelaar. Door het toevoegen van woningen op deze locatie (vanaf maaiveld) zal er sociale controle zijn op aangrenzende openbare ruimte en het veiligheidsgevoel worden vergroot. Onderstaande verbeelding geeft een voorbeeldverkaveling weer.
Figuur 3.1 Voorbeeld verkaveling. 3.2.
Stedenbouwkundig
De herontwikkelingslocatie is gelegen in het centrum van Monster tussen de Choorstraat en de Kloosterlaan/ het voormalige kloosterterrein. De kern heeft een radiale structuur met de kerk als monumentaal middelpunt en hoog bebouwingsaccent . Deze radialen hebben als belangrijk kenmerk dat de wanden aaneengebouwd zijn met wisselende rooilijn en individualiteit van de panden.
Aan de noordzijde van de plangrens ligt de Choorstraat. De Choorstraat kenmerkt zich als historisch lint met in dit deel kleine verspringingen in de voorgevelrooilijnen. Het afmaken van het lint is wenselijk met passende bebouwing aan de straat en aandacht voor het dorpse karakter. De bouwhoogte van de bestaande bebouwing varieert van 1 laag met kap tot 2 lagen en een kap, waarbij de hoogste bebouwing over het algemeen aan de centrumzijde (noordwestzijde) van de straat ligt. De locatie ligt tussen enerzijds een eengezinswoning van 2 bouwlagen en anderzijds een appartementencomplex (Geuzen Burght) waarbij de bouwhoogte bestaat uit 2 bouwlagen plus een 3e bouwlaag met steil dakvlak en een terugliggende 4e laag. Voor de herontwikkelingslocatie zal aan deze zijde van het appartementencomplex 2 bouwlagen plus een (langs-)kap worden aangehouden, net zoals de woningen die aan de noordzijde van de straat liggen. Aan de oostzijde grenst de woning Choorstraat 69, dit is de eengezinswoning van 2 bouwlagen hoog, met een tuin. Hier dient rekening te worden gehouden met enige mate van privacy, bezonning en een goede aansluiting op het perceel en pand.
Mede vanwege deze redeneringen, maar ook voor een goede aansluiting aan de westzijde (straatwand) is gekozen voor een open bouwblok waarvan het ruimtelijk acceptabel is om het deel van het nieuwe appartementencomplex, gelegen langs de woning Choorstraat 69, te beperken tot 2 lagen met een kap en niet te diep het gebied in te laten lopen. De aan de zuidzijde grenzende openbare ruimte wordt door de gemeente opgewaardeerd. Aandacht voor een goede aansluiting en overgang van privé naar openbaargebied is hier belangrijk. Behoud en versterking van het groene karakter aan deze parkzijde draagt bij aan de keuze voor sloop en nieuwbouw op deze locatie, waarbij qua massa een maximale bouwhoogte van 4 bouwlagen ruimtelijk aanvaardbaar is. Aan de westzijde wordt door de gemeente een nieuw straatprofiel gerealiseerd (Kloosterlaan). De oriëntatie van het gebouw is gericht op de straat, dus zowel naar de noordzijde als de westzijde. Net als de oriëntatie dienen ook de entrees in de plint aan de straatzijde te worden gerealiseerd. Zowel aan de zuidzijde als grotendeels aan de westzijde is de maximale bouwhoogte van 4 bouwlagen ruimtelijk acceptabel, omdat het appartementencomplex daar diep de openbare ruimte insteekt en er een begeleidende straatwand richting het openbaar gebied ontstaat.
Er dient wel aandacht te worden besteed aan de hoek van de Choorstraat, waar de maximale bouwhoogte van de Choorstraat (2 lagen plus kap) leidend is. Het parkeren wordt grotendeels opgelost achter het appartementencomplex, zodat deze parkeerplekken uit het straatbeeld worden gehouden. De parkeerplaats is bereikbaar via de westzijde van het appartementencomplex (Choorstraat, tussen nieuw en huidig appartementencomplex de Geuzen Burght). Voor elke appartement is ten minste één parkeerplek op dit binnenterrein gerealiseerd. Daarnaast zullen ca. 17 parkeerplekken in de openbare ruimte (o.a. in het nieuwe straatprofiel aan de westzijde van het appartementencomplex) worden gerealiseerd, behorende bij de totale parkeernorm. 3.3.
Verkeersaspecten
Vanuit het oogpunt van verkeer is het initiatief beoordeeld op de aspecten parkeernormering, verkeersgeneratie en verkeerstechnische inrichting. Parkeren Per woning zal minimaal één parkeerplaats op het binnenterrein van het appartementencomplex gerealiseerd worden. Bij deze ontwikkeling kunnen in totaal 17 openbare parkeerplaatsen aan de parkeernorm worden toegerekend. Van deze 17 parkeerplaatsen worden 12 parkeerplaatsen door de gemeente aan de westzijde van het nieuwe complex in een nieuw straatprofiel gerealiseerd. De andere 5 openbare parkeerplaatsen worden op de locatie van de voormalig fietsenstalling eveneens gerealiseerd door de gemeente. De kosten hiervoor komen voor rekening van de ontwikkelaar. Er zal ook ruimte worden gemaakt voor fietsenparkeerplaatsen voor bezoekers. Verkeersgeneratie De voormalige situatie genereerde op basis van de kengetallen ongeveer 385 mvt/etmaal. Voor de nieuwe situatie geldt een verkeersaantrekkende werking van ongeveer 150 – 175
mvt/etmaal. Dit is beduidend minder dan in de voormalige situatie. Vanuit het aspect verkeersaantrekkende werking is voorliggende ontwikkeling dan ook niet bezwaarlijk.
4.
Kenmerken van de milieueffecten
In dit hoofdstuk worden de belangrijkste milieueffecten van de beoogde ontwikkeling beschreven. Het is gebruikelijk de milieueffecten van de beoogde situatie te vergelijken met de referentiesituatie. De referentiesituatie bestaat uit de huidige situatie inclusief de effecten van ontwikkelingen in de omgeving waarvan de realisatie zeker is (autonome ontwikkelingen). In het plangebied is uitgegaan van de voormalige schoollocatie De Schakel. 4.1.
Bedrijven en milieuzonering
Door Aqua-Terra Nova is op 26 augustus 2021 een onderzoek bedrijven en milieuzonering en externe veiligheid uitgevoerd. Bij het toevoegen van een milieugevoelige functie, in dit geval maximaal 40 woningen, moet gekeken worden naar de invloed van en de invloed op de omliggende functies. Dit gebeurt op basis van de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering. Hieruit blijkt dat bij woningen geen sprake is van een milieuzone ten opzichte van anderen. De woningen zelf kunnen echter wel beïnvloed worden door milieuhinder van omliggende functies. Omdat het plangebied is gelegen in het centrum van Monster waar verschillende functies naast elkaar liggen, is sprake van 'gemengd gebied'. Binnen een straal van 100 meter van het plangebied is nagegaan welke bedrijfsactiviteiten zijn bestemd. Binnen een straal van 100 meter rondom het bouwvlak wonen in het plangebied zijn alleen bedrijven en maatschappelijke functies t/m milieucategorie 2 aanwezig en bestemd (bestemming "bedrijf " en "Maatschappelijk"). Geconcludeerd wordt dat bij één locatie de richtafstand voor milieucategorie 2 deels over het plangebied is gelegen, namelijk de bestemming "Maatschappelijk" zonder bouwvlak. Maatschappelijke functies kunnen afhankelijk van de aard worden ingedeeld in milieucategorie 1 of 2.
Het terreingedeelte dat gelegen is binnen 10 meter van het bouwvlak “wonen” in het plangebied is in gebruik als groenstrook behorend bij de woonlocatie Kruithoff voor mensen met een verstandelijke beperking. Het dichtstbijzijnde woongebouw van woonlocatie Kruithoff is gelegen op meer dan 10 meter van het van het bouwvlak “wonen”. Voor deze woonlocatie geldt geen richtafstand voor gemengd gebied. Conclusie Geconcludeerd wordt dat er in de bestaande situatie geen richtafstanden over het plangebied zijn gelegen. Maatschappelijke activiteiten en bedrijfsactiviteiten in de omgeving van het plangebied zullen niet leiden tot een aantasting van een goed woon- en leefklimaat bij de woningen in het plangebied. Omgekeerd zal de realisatie van de nieuwe appartementen geen extra belemmering vormen voor de omliggende bedrijven en maatschappelijke functies. Voor dit aspect worden geen belangrijke nadelige milieugevolgen verwacht. 4.2.
Geluid
Door Aqua-Terra Nova is op 16 augustus 2021 een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. Uit de rekenresultaten blijkt dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet wordt overschreden door de Emmastraat (na aftrek van 5 dB op grond van artikel 110 van de Wet geluidhinder). Woningbouw op de locatie is dus mogelijk. Er hoeft geen besluit Hogere Waarden te worden aangevraagd. De geluidsbelasting die veroorzaakt wordt door de Choorstraat ligt echter op enkele gevels wel hoger dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Omdat de Choorstraat een 30 km/uur-weg betreft heeft deze weg geen zone op grond van de Wet geluidhinder. De geluidsbelasting van de Choorstraat hoeft daarom niet getoetst te worden. Omdat de geluidsbelasting vanwege de Choorstraat wel hoger ligt dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB, wordt geadviseerd om in het kader van het Bouwbesluit een onderzoek uit te voeren naar de geluidwering van de gevels. Bij dit onderzoek dient uitgegaan te worden van de cumulatieve geluidsbelasting zonder toepassing van de aftrek op grond van artikel 110 Wet geluidhinder.
Conclusie Er dient bij de omgevingsvergunning een rapport geluidwering gevels te worden aangeleverd, waarin aangetoond wordt dat aan de eisen t.a.v. de karakteristieke geluidwering van het Bouwbesluit wordt voldaan. Voor het aspect geluid worden geen belangrijke nadelige milieugevolgen verwacht. 4.3.
Luchtkwaliteit
In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt bij het opstellen van een ruimtelijke onderbouwing rekening gehouden met de luchtkwaliteit. Het toetsingskader voor luchtkwaliteit wordt gevormd door hoofdstuk 5, titel 5.2 van de Wet milieubeheer. De grenswaarden zijn in onderstaande tabel weergegeven.
Stof stikstofdioxide (NO2) fijn stof (PM10)1)
Toetsing van jaargemiddelde concentratie
Grenswaarde 60 ìg/m³
jaargemiddelde concentratie jaargemiddelde concentratie jaargemiddelde concentratie
40 ìg/m³ 48 ìg/m³ 40 ìg/m³
24-uurgemiddelde concentratie 24-uurgemiddelde concentratie
max. 35 keer p.j. meer dan 75 ìg/m³ max. 35 keer p.j. meer dan 50 ìg/m³
Geldig 2010 t/m 2014 vanaf 2015 vanaf 11 juni 2011 vanaf 11 juni 2011
Het woningbouwproject kan worden aangemerkt als woningbouwlocatie zoals bedoeld in het Besluit Niet In Betekenende Mate bijdragen. De voorwaarde hiervoor is dat het plan niet meer dan 1.500 woningen bij één ontsluitingsweg omvat. Gezien de aard en de omvang van voorliggend woningbouwproject met maximaal 40 woningen, is het dus uitgesloten dat het bouwplan leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit. Conclusie Voor het aspect luchtkwaliteit worden geen belangrijke nadelige milieugevolgen verwacht. 4.4.
Externe veiligheid
Bij ruimtelijke plannen dient ten aanzien van externe veiligheid naar verschillende aspecten te worden gekeken, namelijk bij bedrijven waar activiteiten plaatsvinden die gevolgen hebben. Risicovolle inrichtingen Met behulp van de risicokaart is gekeken of in de directe omgeving van het perceel risicovolle inrichtingen aanwezig zijn. Het plangebied is gelegen buiten het invloedsgebied van risicovolle inrichtingen. De aanwezigheid van risicovolle activiteiten binnen inrichtingen (Bevi-inrichtingen) vormt geen belemmering voor de ontwikkelingen in het plangebied. Binnen het plangebied zelf wordt geen vestiging van nieuwe bedrijven die onder het Bevi vallen mogelijk gemaakt. Vervoer gevaarlijke stoffen De planlocatie bevindt zich op 104 meter afstand van een provinciale weg die is vrijgesteld voor het transport van gevaarlijke stoffen in bulk (N211). Conform het Bevt moet er onderzoek plaatsvinden naar het groepsrisico wanneer een ontwikkeling zich binnen 200 meter van deze route plaatsvindt. Langs de N211 is geen PR=10-6 contour aanwezig. De normen voor het plaatsgebonden risico vormen geen belemmering voor de planlocatie. Een verantwoording van het groepsrisico voor de N211 is op grond van artikel 8 van het Bevt niet vereist (groepsrisico is lager dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde).
Op grond van artikel 7 van het Bevt moet wel worden in gegaan op: • de mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp op de N211, en;
•
voor zover het plan of de vergunning betrekking heeft op nog niet aanwezige kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten: de mogelijkheden voor personen om zich in veiligheid te brengen indien zich op de N211 een ramp voordoet. Deze aspecten zijn beschouwd in paragraaf 4.7.4 van het rapport "Onderzoek Bedrijven en Milieuzonering en Externe Veiligheid locatie gemeentekantoor Monster" van 26 augustus 2021. Buisleidingen In de omgeving van het plangebied bevindt zich 1 hoge druk buisleiding van de NAM. Buisleiding NM 412041 (44 bar, 3 inch) heeft een invloedsgebied van 38 meter en is gelegen op ca. 650 meter van het plangebied. Het plangebied is gelegen buiten het invloedsgebied van buisleiding NM 412041. De aanwezigheid van buisleidingen met gevaarlijke stoffen vormt geen belemmering voor de ontwikkelingen op de planlocatie. Conclusie Voor het aspect externe veiligheid worden geen belangrijke nadelige milieugevolgen verwacht. 4.5.
Water
Bij ruimtelijke plannen dient ten aanzien van water naar verschillende aspecten worden gekeken, namelijk naar veiligheid en waterkeringen, waterkwantiteit, watersysteemkwaliteit en ecologie, onderhoud en bagger, bodem en grondwater. Uit de legger van het Hoogheemraadschap blijkt dat er in en rondom het plangebied geen waterkeringen aanwezig zijn waardoor het plangebied ook niet is gelegen binnen een beschermingszone. Het hoogheemraadschap hanteert het stand‐stil principe. Dit houdt in dat een (ruimtelijke) ontwikkeling niet mag leiden tot een verslechtering van het watersysteem en er bij toename aan verhard oppervlak extra watercompensatie nodig is. Voor het planvoornemen aan de Choorstraat 41 in Monster is door Aqua-Terra Nova op 9 augustus 2022 onderzocht of door de wijzigingen op locatie en de mogelijke toevoeging van verharding watercompenserende maatregelen getroffen dienen te worden. Gelet op de uitkomst van de watersleutel van het Hoogheemraadschap van Delfland dient er in totaal 175 m2 oppervlaktewater gecompenseerd te worden.
Dit wordt op de volgende drie manieren gedaan: • De ontwikkelaar graaft 17 m² op het aangrenzende perceel • De gemeente graaft 100 m² open water in het Prinsenbos in Naaldwijk, dat binnen hetzelfde peilgebied ligt • De compensatie die berekend is met de watersleutel (58 m² / 17,1 m³) wordt ingevuld door middel van het toepassen van waterbergende fundering onder een aantal parkeerplaatsen Het plangebied ligt niet in de beschermings- of kernzone van een oppervlaktewater en niet in de nabijheid van een waterkering. Vanuit het Hoogheemraadschap is eerder al ingegaan op de compensatie. Vanuit de reactie zijn de bovenstaande compensatieregelingen voorgesteld. Geadviseerd wordt om deze compensatieregelingen uit te voeren. Daarnaast dient een vergunning te worden aangevraagd voor het dempen en graven van water. Rekening houdend met bovenstaande maatregelen is het plan uitvoerbaar. Conclusie Er worden voor het aspect water geen belangrijke negatieve milieugevolgen verwacht.
4.6.
Bodem
Door Ingenieursbureau Mol is op 8 januari 2018 een verkennend bodemonderzoek aan de Choorstraat 41 in Monster uitgevoerd. Op basis van de resultaten van het verkennend onderzoek wordt het volgende geconcludeerd: • de bovengrond is plaatselijk licht verontreinigd met kwik en lood; • de ondergrond is niet verontreinigd met de onderzochte parameters; • het grondwater is licht verontreinigd met barium en kwik. De hypothese onverdacht ten aanzien van het voorkomen van bodemverontreiniging wordt verworpen. Echter, de onderzoeksresultaten geven geen aanleiding tot het instellen van verder onderzoek. De resultaten benaderen geenszins de toetsingswaarde voor nader onderzoek. Conclusie Het bodemonderzoek is positief beoordeeld door de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH). Er worden voor het aspect bodem geen belangrijke negatieve milieugevolgen verwacht. 4.7.
Ecologie
Met de Wet natuurbescherming zijn alle bepalingen met betrekking tot de bescherming van natuurgebieden en dier- en plantensoorten samengebracht in één wet. De Wnb implementeert diverse Europeesrechtelijke regelgeving, zoals de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn in de Nederlandse wetgeving. Door Aqua-Terra Nova is in juni 2017 een eco-effectenscan uitgevoerd. Op basis van een locatiebezoek en een literatuurstudie is geïnventariseerd welke beschermde soorten er in het plangebied aanwezig kunnen zijn. Aan de hand van de projectbeschrijving is getoetst of de geplande activiteiten in strijd kunnen zijn met de Wet natuurbescherming. Gebiedsbescherming Het plangebied bevindt zich op circa 800 meter van het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied 'Solleveld & Kapittelduinen. In het kader van stikstof is door Aqua-Terra Nova op 20 maart 2023 een onderzoek uitgevoerd. Op basis van de berekeningen kan gesteld worden dat er geen stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jaar door het project plaats vindt op de nabij gelegen Natura 2000-gebieden. Het is niet noodzakelijk om voor dit project vervolgstappen te nemen ten behoeve van de stikstofdepositie. Er is geen vergunning voor stikstofdepositie in het kader van de Wet natuurbescherming nodig voor dit project.
Soortenbescherming Uit de eco-effectscan zijn de volgende resultaten naar voren gekomen: • Vanwege de mogelijke aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen is nader onderzoek naar de daadwerkelijke aanwezigheid van verblijfplaatsen en de functie van het plangebied voor vleermuizen noodzakelijk. Nader soortenonderzoek Door Aqua-Terra Nova is op basis van de eco-effectenscan ook een soortgericht onderzoek uitgevoerd. Op basis van het onderzoek kan het volgende geconcludeerd worden: Vleermuizen • De geplande werkzaamheden hebben een negatief effect op vaste verblijfplaatsen en de functionele leefomgeving van vleermuizen; • In het kantoorgebouw zijn drie paarverblijfplaatsen van de ruige dwergvleermuis aanwezig; • In het kantoorgebouw zijn drie zomerverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aanwezig; • In het kantoorgebouw zijn twee paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aanwezig; • In de omgeving van het kantoorgebouw zijn vier baltslocaties van de gewone dwergvleermuis aanwezig. Deze paarverblijfplaatsen vallen buiten het plangebied;
• •
Uit het onderzoek is gebleken dat er essentiële vliegroute van de gewone dwergvleermuis en de ruige dwergvleermuis aanwezig is van en naar de verblijfplaatsen; Binnen het plangebied is een essentieel foerageergebied aanwezig voor de gewone dwergvleermuis.
Overige soorten • Het optreden van negatieve effecten op de overige (strikt) beschermde soorten in het plangebied is uitgesloten. De zorgplicht is te allen tijde van kracht. Vervolgstappen algemeen: Op basis van het onderzoek zijn de volgende vervolgstappen noodzakelijk: • Het opstellen van mitigerende maatregelen om verstoring van de gewone dwergvleermuis en de ruige dwergvleermuis tijdens uitvoering van de werkzaamheden te voorkomen; • Het aanvragen van een ontheffing in het kader van de Wet Natuurbescherming of Verklaring van geen Bedenkingen conform de Omgevingsvergunning voor verstoring van de gewone dwergvleermuis en de ruige dwergvleermuis is noodzakelijk. Hiervoor dient er een activiteitenplan opgesteld te worden. In dit activiteitenplan wordt de situatie uitgelicht en wordt aangegeven welke maatregelen en werkzaamheden plaatsvinden. Dit document wordt beoordeeld door de Omgevingsdienst en geldt als onderbouwing voor de ontheffingsaanvraag; • Zorgvuldige omgang van de aanwezige beschermde soorten op korte en lange termijn dient gewaarborgd te worden middels een ecologisch werkprotocol; • De verblijfplaatsen mogen, zolang er geen ontheffing is, niet aangetast worden; • De ecoloog wordt betrokken bij het ontwerp van de nieuwbouw.
Vervolgstappen vleermuizen: • Het nemen van mitigerende maatregelen voor verstoring van de aanwezige baltsverblijfplaatsen en zomerverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis en de ruige dwergvleermuis vooraf, tijdens en na uitvoering van de werkzaamheden; • Voor tijdelijke mitigatie voor de aangetroffen baltsverblijfplaatsen moeten 1:4 platte vleermuiskasten opgehangen worden in de directe omgeving van de huidige paarverblijfplaatsen (5 x 4); • De vleermuiskasten voor de baltsverblijfplaatsen hebben een vereiste gewenningsperiode van zes maanden vooraf aan de start van het paarseizoen. Dit houdt in dat de tijdelijke vleermuiskasten op korte termijn maar voor februari 2018 opgehangen moeten worden; • Voor tijdelijke mitigatie voor de aangetroffen zomerverblijfplaatsen moeten in totaal 12 (3 x 4) vleermuiskasten opgehangen worden in de directe omgeving van de huidige zomerverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis; • De vleermuiskasten voor de zomerverblijfplaatsen hebben een vereiste gewenningsperiode van drie maanden (waarbij alleen de maanden april tot en met oktober meetellen); • De vleermuiskasten moeten voldoen aan de eisen voor de gewone dwergvleermuis die gesteld worden in het Kennisdocument(18); • De geplaatste kasten dienen niet extra verlicht te worden met kunstlicht.
Als er kunstlicht geplaatst wordt moet dit zo afgesteld zijn dat de vleermuiskasten niet verlicht worden; • Het ophangen van de tijdelijke vleermuiskasten dient in samenspraak met een ecoloog afgestemd te worden; • In de nieuwe situatie dienen op de lange termijn voldoende alternatieve verblijfplaatsen voor de gewone dwergvleermuis aanwezig te zijn. Conclusie Op 7 augustus 2020 is de ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming Soortenbescherming verleend. Mits de maatregelen uit het nader onderzoek worden uitgevoerd zijn er voor dit aspect geen belangrijke nadelige milieugevolgen te verwachten.
4.8.
Cultuurhistorie en archeologie
Cultuurhistorie Ter plaatse van het plangebied zijn geen cultuurhistorisch waardevolle objecten aanwezig. Ook in de directe nabijheid zijn geen waardevolle objecten aanwezig. Het planvoornemen heeft dan ook geen nadelige invloed op cultuurhistorische waarden. Archeologie Voor het bouwplan is een bureauonderzoek en archeologisch proefsleuvenonderzoek uitgevoerd door Archeologie Delft. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat er een middelhoge verwachting geldt voor archeologische resten uit het Neolithicum tot en met de Late Middeleeuwen en een hoge verwachting voor archeologische resten uit de Nieuwe tijd. Uit het proefsleuvenonderzoek blijkt dat de top van de bouwvoor over het hele plangebied was verdwenen. In ieder geval zijn daarbij ook sporen van de bebouwing uit de tweede helft van de 19e en de eerste helft van de 20e eeuw verdwenen. De resten van een tuinvijver, een waterput en een tuinmuur zijn vermoedelijk deel van de achtertuinen van de huizen die in de tweede helft van de 19e eeuw aan de Choorstraat stonden. Het zuidelijke deel van terrein werd vanaf de 17e tot en met de eerste helft van de 20e eeuw intensief gebruikt voor de tuinbouw. Sporen uit de Late Middeleeuwen zijn niet aangetroffen. Twee paalsporen in put 4 zouden laatmiddeleeuws of ouder kunnen zijn.
Het ontbreken van vondsten en sporen van meerdere paalkuilen en greppels maakt het niet aannemelijk dat de twee paalkuilen onderdeel zijn van een erf. De strandwal heeft in het plangebied een dikte van circa 1,5 m. In het boringen en de verdiepte profielkolom zijn in de strandwal geen vegetatiehorizonten of mogelijke bewoningsniveau ’s aangetroffen. De Gantellaag onder de strandwal bestaat uit matig siltige klei met rietresten. Aan de noordkant van het plangebied lag deze laag 25 cm dieper en bestond uit venige klei. Op basis van het ontbreken van sporen van gebouwresten uit de Nieuwe tijd, het ontbreken van meer sporen en vondstmateriaal uit de Late Middeleeuwen en het ontbreken van een potentieel Ijzertijd - bewoningsniveau is geen sprake van behoudenwaardige vindplaatsen en is het advies om het terrein tot onbeperkte diepte vrij te geven voor graafwerk. Het onderzoek is enkel ter plaatse van het voormalige gemeentekantoor uitgevoerd. De gronden buiten het voormalig gemeentekantoor behouden met het bestemmingsplan de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie – 3’. Conclusie Voor het aspect cultuurhistorie en archeologie worden geen belangrijke nadelige milieugevolgen verwacht.
5.
Conclusie
Uit de voorliggende vormvrije m.e.r.-beoordeling blijkt dat er in het plangebied geen bijzondere omstandigheden zijn die zouden kunnen leiden tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu ter plaatse. Voor de meeste milieuaspecten geldt dat er geen effecten optreden, dan wel dat deze effecten met mitigerende maatregelen worden beperkt. Omdat er, mits de mitigerende maatregelen worden uitgevoerd, geen nadelige milieugevolgen verwacht worden hoeft er geen volledige m.e.r.-procedure doorlopen te worden.
Bezonningsstudie Choorstraat 41, Monster
Huidige bebouwingsmogelijkheden uit het nu geldende bestemmingsplan
Beoogde nieuwe massa volgens het voorontwerp bestemmingsplan
24-08-2021
Tekeningenlijst Onderdeel 19 februari,(wt) 09.00 uur 19 februari,(wt) 11.00 uur 19 februari,(wt) 12.00 uur 19 februari,(wt) 13.00 uur 19 februari,(wt) 14.00 uur 19 februari,(wt) 15.00 uur 19 februari,(wt) 16.00 uur 19 februari,(wt) 17.00 uur 19 februari,(wt) 18.00 uur 19 februari,(wt) 19.00 uur 21 juni,(zt) 06.00 uur 21 juni,(zt) 09.00 uur 21 juni,(zt) 11.00 uur 21 juni,(zt) 12.00 uur 21 juni,(zt) 13.00 uur 21 juni,(zt) 14.00 uur 21 juni,(zt) 15.00 uur 21 juni,(zt) 16.00 uur 21 juni,(zt) 17.00 uur 21 juni,(zt) 18.00 uur 21 juni,(zt) 19.00 uur 21 juni,(zt) 20.00 uur 21 oktober,(zt) 09.00 uur 21 oktober,(zt) 11.00 uur 21 oktober,(zt) 12.00 uur 21 oktober,(zt) 13.00 uur 21 oktober,(zt) 14.00 uur 21 oktober,(zt) 15.00 uur 21 oktober,(zt) 16.00 uur 21 oktober,(zt) 17.00 uur 21 oktober,(zt) 18.00 uur 21 oktober,(zt) 19.00 uur Conclusie
Formaat
Datum
A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3 A3